CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Detailhandelsvisie 2030

Raadsvergadering 15 april 2025, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Detailhandelsvisie 2030 - Van bezoek naar belevenis30.793 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Van bezoek naar belevenis

Inhoud Inhoudsopgave

03

Voorwoord

06

Inleiding

07

Samenvatting beleid

17

Samenvatting analyse

35

Algemene beleidskaders

49

Beleid op onderdelen De detailhandelsstructuur Buurt- en wijkcentra Supermarkten Radialen Perifere detailhandel Automotive concentreren en behouden Kringloop- en tweedehandswinkels Trafficlocaties Afhaal- en bezorgeconomie Tankstations

59 61 62 65 70 70 75 77 78 78 80

Winkelopeningstijden Warenmarkten Hoekpanden Placemaking De toegevoegde waarde van een BIZ Duurzaam, Circulair en Toekomstbestendige detailhandel Transformatie winkelgebieden: Ondersteuning en stimulering Toegankelijkheid in winkelgebieden Nachtwinkels Stichting Middenstands- en Bedrijfshuisvesting Kleinschalige winkel gebonden festiviteiten Ondersteunende horeca-activiteiten in winkels voor meer beleving Bureau Binnenstad Eindhoven

Beleid per gebied Stadsdeel centrum Stadsdeel Stratum Stadsdeel Tongelre Stadsdeel Woensel-Noord Stadsdeel Woensel-Zuid Stadsdeel Strijp Stadsdeel Gestel

80 81 82 83 85 87 91 93 95 96 97 99 100 103 107 111 121 127 141 152 161

Definitie ‘Belevenis’ volgens Van Dale

be·le·ve·nis (de; v; meervoud: belevenissen) 1. de dingen die je beleeft; lotgeval, avontuur

Van bezoek naar belevenis

04

Eindhoven staat niet stil. Sterker nog: we staan voor een groei die bepalend en juist ook cruciaal is voor de toekomst van onze stad én bovenal voor de toekomst van onze kinderen en kleinkinderen. Eindhoven is een stad die meespeelt op het wereldtoneel en cruciaal is voor de positie van Nederland in de wereld. Hier worden de oplossingen voor de grote vraagstukken niet alleen bedacht, maar ook gemaakt. Denk alleen al aan digitalisering, gezondheid, mobiliteit en duurzaamheid. We ademen vooruitgang, samenwerking en innovatie. Maar we zijn ook nog steeds die echte Brabantse stad; gemoedelijk, gastvrij en laagdrempelig, bijna dorps. En dat willen we graag zo houden. Gewoon gezellig! Deze combinatie maakt Eindhoven namelijk uniek. Een identiteit die stroomt door de aderen van onze stad, ondernemers en inwoners. Met een groeiend aantal inwoners en bezoekers, veranderen uiteraard de wensen en behoeften. Het is dan ook essentieel dat de voorzieningen en het winkelaanbod in de stad en in onze wijkwinkelcentra meegroeien, zowel in diversiteit als in toegankelijkheid. Daarnaast is te zien dat de retailmarkt en detailhandel in een razend tempo veranderen en dat heeft uiteraard een impact op de rol van onze winkelgebieden. In Eindhoven kunnen zowel de lokale winkeliers als grote internationale concepten landen.

Dit willen we met de ontwikkelingen die ons staan te wachten niet alleen verder versterken, we staan juist ook klaar om een volgende stap naar de toekomst te zetten. Dat vraagt om een sterke visie op lokaal ondernemerschap, die breed gedragen wordt door onze ondernemers en die aansluit bij de ambities van onze stad en de behoeften van morgen. Dit is het juiste moment om een nieuwe detailhandelsvisie voor Eindhoven te presenteren. In de afgelopen jaren hebben we een significante transitie doorgemaakt in hoe we consumeren en winkelen. Digitalisering en opkomende technologieën spelen hierin natuurlijk een rol. Factoren die tal van mogelijkheden brengen, maar ook zorgen voor een veranderende positie van fysieke winkels. Waar het winkelbezoek vroeger draaide om een snelle aankoop, zien we nu de behoeften aan een compleet nieuwe dynamiek: van een ‘plek om te kopen’ naar een ‘plek om te verblijven, te ontmoeten en te ervaren’. Winkelen draait steeds meer om beleving. Bezoekers komen naar Eindhoven voor de sfeer, cultuur, gemoedelijkheid en gastvrijheid die we als stad te bieden hebben. Een transformatie die maatwerk vereist en waarbij we rekening houden met de unieke behoeften van verschillende wijken en winkelgebieden in de stad, zoals de binnenstad, Strijp-S, WoensXL, maar net zo goed de wijkwinkelcentra.

Voorwoord Stijn Steenbakkers

Wethouder Brainport, economie, onderwijs, KnoopXL en Eindhoven-Noordwest.

Onze winkelgebieden, groot en klein, zijn namelijk de kloppende harten van onze wijken en buurten. Ze zijn niet alleen plekken waar men boodschappen doet, maar ook ontmoetingsplaatsen waar inwoners samenkomen. Deze plekken zorgen voor verbinding. Om onze samenleving nu en in de toekomst draaiende te houden, hechten we waarde aan ruimte voor ondernemerschap en willen we Eindhovense ondernemers stimuleren om te denken in kansen, mogelijkheden en innovatieve concepten. Met de nieuwe detailhandelsvisie die voor u ligt, geven wij hier vorm aan. Het biedt een helder kader waarin we samen met ondernemers bouwen aan toekomstbestendige, duurzame en aantrekkelijke winkelgebieden die niet alleen functioneel zijn, maar ook inspireren en verbinden. Voor nu is er voldoende papier geproduceerd en gaat het vooral om DOEN! Ik kijk ernaar uit om deze visie samen tot werkelijkheid te brengen.

Van bezoek naar belevenis

06

Aanleiding De vorige Detailhandelsnota Eindhoven dateert uit 2015. Inmiddels is de nieuwe Regionale Detailhandelsvisie Stedelijk Gebied Eindhoven (2023) vastgesteld door alle gemeenteraden van de regio, inclusief die van Eindhoven. Naar aanleiding hiervan en de hierna genoemde context is onze gemeentelijke detailhandelsnota geactualiseerd.

Van bezoek naar belevenis

08

Veranderend koopgedrag Tegelijkertijd wordt het koopgedrag van de consument steeds diffuser. We zijn op zoek naar beleving, verrassing, maar ook gemak- en efficiëntie. En het liefst in de buurt en wijk, dicht bij huis. De vraag is hoeveel winkels Eindhoven nog kan toevoegen? Waar is behoefte aan? En waar niet (meer)? Dit is niet alleen een kwantitatieve vraag in m² wvo, maar ook een kwalitatieve vraag. Hoe ontwikkelt de schaalvergroting zich bij supermarkten? Is er ook sprake van schaalverkleining? Wat zijn vestigingseisen? De situering? En hoe verhoudt het winkelaanbod zich tot andere publieksvoorzieningen? Wat is de toekomstige functie en meerwaarde van winkels in de totale voorzieningenstructuur van onze stad? Wat is de toekomst van perifere winkelgebieden en autoshowrooms? Internet blijft een belangrijk aankoopkanaal. Toch zijn daar ook grenzen aan, aangezien de online bestedingen in diverse sectoren, zoals media en doe-het-zelf een plafond hebben bereikt. De afhaal- en bezorgeconomie heeft de laatste jaren een vlucht genomen, wat soms leidt tot negatieve effecten op de omgeving. De vraag is hoe het nieuwe evenwicht eruitziet en hoe Eindhoven daar ruimtelijk-functioneel op moet inspelen. Uniciteit van de Eindhovense wijken De Eindhovense binnenstad is sterk in ontwikkeling en heeft steeds meer te bieden.

Er is een echte verschuiving zichtbaar van ‘place to buy’ naar ‘place to stay’. De vraag is wat deze ontwikkeling betekent voor de wijk- en stadsdeelcentra. Denk alleen al aan de positie van winkelcentrum WoensXL, het toekomstige Stadshart Woensel. Enerzijds streeft Eindhoven algemene beleidsdoelen na, zoals concentratie van winkels in winkelgebieden en het onder controle houden van leegstand, maar de ervaring leert ons inmiddels dat er meer ruimte moet zijn voor maatwerk. Er bestaan grote verschillen in opgaven tussen wijken en winkelgebieden, van groei tot krimp.

Foto: Boulevard Zuid - Wouter Van Grinsven

Demografische transitie betekent nieuwe behoefte Sinds 2015 is er veel veranderd in Eindhoven en omgeving. We zijn veel sterker gegroeid en geïnternationaliseerd dan voorzien was in 2015. De bevolkingsprognoses laten zien dat Eindhoven rond 2040 doorgroeit naar een stad van ruim 290.000 inwoners. Dit betekent een toenemende druk op de ruimte van onder andere woon-, werk-, en winkelfuncties. De vele grootschalige gebiedsontwikkelingen geven hier invulling aan. Dit leidt in sommige wijken/buurten tot extra behoefte aan bijvoorbeeld dagelijkse winkelvoorzieningen. Dit moet in het nieuwe detailhandelsbeleid worden afgewogen binnen de totale detailhandelsstructuur.

Van visie naar beleid De Detailhandelsvisie 2030 vormt de leidraad voor de toekomstige ontwikkeling van de detailhandel in Eindhoven en biedt een richtinggevend kader voor alle betrokken partijen. De visie schetst het gewenste toekomstbeeld van de detailhandel in Eindhoven. Het is een strategisch en inspirerend document dat antwoord geeft op de vraag hoe de stad in 2030 wil functioneren op het gebied van detailhandel. De visie richt zich op de grotere lijnen en lange termijn: het versterken van winkelgebieden als levendige ontmoetingsplekken, het bevorderen van duurzaamheid en het inspelen op trends, zoals digitalisering en veranderend consumentengedrag. Het gaat hierbij niet om specifieke maatregelen, maar om een beeld dat richting geeft aan alle beslissingen en ontwikkelingen binnen het detailhandelslandschap. Het beleid daarentegen vertaalt deze visie naar concrete maatregelen en acties. Het is operationeel van aard en biedt handvatten voor de dagelijkse praktijk. Hierin worden duidelijke richtlijnen vastgesteld, zoals hoe winkelgebieden concreet ondersteund worden, hoe nieuwe vestigingen worden gereguleerd, en welke criteria worden gehanteerd voor transformatie van leegstand. Het beleid bepaalt de kaders waarbinnen de visie wordt uitgevoerd, met aandacht voor de juridische, ruimtelijke en economische implicaties.

Door dit onderscheid te maken, waarborgt de Detailhandelsvisie een heldere structuur waarin de lange termijndoelen niet worden vertroebeld door de operationele details. Tegelijkertijd biedt het beleid voldoende concrete richtlijnen om de visie daadwerkelijk te realiseren. Dit voorkomt verwarring en stelt alle betrokkenen in staat om hun rol en verantwoordelijkheden binnen dit proces beter te begrijpen.

Van bezoek naar belevenis

010

Status onder de omgevingswet Het detailhandelsbeleid is een thematisch c.q. sectoraal beleidskader dat geldt voor het gehele grondgebied van de gemeente Eindhoven. In feite is dit herijkte detailhandelsbeleid een uitwerking van de omgevingsvisie. De oude detailhandelsnota is door de raad vastgesteld. Ook is het een uitwerking van de Regionale Detailhandelsvisie SGE door de raad vastgesteld. Dit herijkte detailhandelsbeleid van Eindhoven is daarmee wederom voorgelegd aan zowel het college als de raad. Het is daarmee een regulier ‘beleidsdocument’ zonder de (formele) status van ‘Programma’ onder de omgevingswet.

De toekomst: lef en durf Tot slot zien we nog vele andere trends die van invloed zijn op de detailhandelsstructuur in Eindhoven. Denk aan blurring, veranderingen in mobiliteit, duurzaamheid, perifere ontwikkelingen en schaalvergroting (en – verkleining). Geheel passend bij het progressieve karakter van de oude detailhandelsnota, dient de herijkte nota eveneens lef en durf uit te stralen met als doel de uitdagingen van de toekomst aan te kunnen. Bovendien dienen de herijkte uitgangspunten voor detailhandel aansluiting te vinden bij flankerende beleidskaders, zoals onder meer afkomstig uit de omgevingsvisie, het masterplan mobiliteit, Koers sociaal 2040 en het regionale detailhandelsbeleid. De detailhandel is volop in beweging en consumenten verwachten steeds meer flexibiliteit en gemak in hun winkelervaring. Een belangrijke ontwikkeling binnen deze dynamiek is omnichannel retail, een strategie waarbij fysieke winkels, online platforms, mobiele applicaties en andere verkoopkanalen volledig geïntegreerd worden. Het doel van omnichannel is om klanten een naadloze, consistente en gepersonaliseerde winkelervaring te bieden, ongeacht het kanaal dat zij gebruiken.

De Detailhandelsvisie 2030 staat niet op zichzelf, maar is nauw verweven met de bredere stedelijke strategie zoals vastgelegd in de omgevingsvisie. Deze omgevingsvisie biedt een integraal kader voor de fysieke leefomgeving van de stad De omgevingsvisie beschrijft de volgende integrale ambitie voor Eindhoven: Eindhoven is de stad waar de toekomst gemaakt wordt met een goede balans tussen onze unieke economie, ecologie en welzijn. Deze ambitie is onderverdeeld in vier deelambities die samen de hoofdambitie vormen. Deze deelambities zijn; Eindhoven als toekomstbestendige stad, Eindhoven als stad voor iedereen, Eindhoven als hart van de Brainportregio en Eindhoven als stad in ontwikkeling. De detailhandel speelt een essentiële rol in het verwezenlijken van deze ambitie door als verbindend element te functioneren tussen de stedelijke opgaven en het dagelijks leven van inwoners, ondernemers en bezoekers.

Omnichannel retail verschilt wezenlijk van traditionele multichannelstrategieën, doordat het niet alleen meerdere verkoopkanalen aanbiedt, maar deze ook volledig op elkaar afstemt. Dit betekent dat klanten bijvoorbeeld een product online kunnen bestellen, in de winkel kunnen afhalen of retourneren, en daarbij toegang hebben tot consistente informatie over prijzen, beschikbaarheid en persoonlijke aanbiedingen. Deze integratie verhoogt de gebruiksvriendelijkheid en versterkt de merkbeleving, wat bijdraagt aan klanttevredenheid en loyaliteit.

In de omgevingsvisie wordt sterk ingezet op verdichting nabij HOV-structuren, stads(deel)centra en wijk- en buurtcentra, waarbij functies zoals mobiliteit, wonen, werken, recreëren en voorzieningen, waaronder winkelen op slimme wijze worden gecombineerd. De Detailhandelsvisie draagt hieraan bij door winkelgebieden te concentreren in centra die goed bereikbaar zijn. Dit sluit aan bij het streven naar een efficiënte inrichting van de stad, waarin voorzieningen dicht bij de inwoners liggen en het autoverkeer wordt teruggedrongen.

In de toekomst zal omnichannel retail een steeds grotere rol spelen in de detailhandel. Consumenten verwachten een winkelervaring die naadloos overgaat van het ene kanaal naar het andere, en die hen flexibiliteit biedt om te winkelen waar, wanneer en hoe zij willen. Fysieke winkels blijven belangrijk, maar zullen steeds vaker dienen als een aanvulling op de online ervaring, bijvoorbeeld als showroom, afhaalpunt of plek voor gepersonaliseerde diensten. Omnichannel biedt ook kansen voor lokale en regionale detailhandel om hun concurrentiepositie te versterken door in te spelen op deze veranderende consumenteneisen.

Foto: Jolijn Ali - ‘t Kaaswinkeltje

Daarnaast ondersteunt de Detailhandelsvisie de doelstellingen op het gebied van sociale inclusiviteit en nabijheid. In lijn met de omgevingsvisie wordt ernaar gestreefd dat alle inwoners binnen 15 minuten lopen of fietsen toegang hebben tot basisvoorzieningen, zoals supermarkten en buurtwinkels. Dit bevordert niet alleen de leefbaarheid van wijken, maar versterkt ook de sociale cohesie door winkelgebieden te ontwikkelen als ontmoetingsplekken. De Detailhandelsvisie draagt bij aan de ambitie van Eindhoven om als economische wereldspeler een aantrekkelijk vestigingsklimaat te bieden. De ontwikkeling van bruisende winkelgebieden met een breed en gevarieerd aanbod ondersteunt het economische profiel van de stad als innovatief en vooruitstrevend. Door de detailhandel te koppelen aan de economische toplocaties en stedelijke centra, wordt de internationale allure van de stad verder versterkt. Kortom, de Detailhandelsvisie is niet alleen een uitwerking van specifieke doelen voor de detailhandel, maar ook een instrument dat bijdraagt aan de bredere stedelijke ambities.

Van bezoek naar belevenis

012

Foto: Richard Maas - Richard Maas Tweewielers

Deze visie is tot stand gekomen in samenwerking met adviesbureau BRO. In een separaat analyserapport d.d. 8 november 2024 is inzicht gegeven in de belangrijkste aanbod- en leegstandsontwikkelingen, de koopstromen, de consumentenbeoordeling, trends en de behoefteramingen (distributieplanologisch onderzoek, DPO). Ook is als bijlage bij het analyserapport per winkelgebied een factsheet opgenomen met daarin de belangrijkste feiten en cijfers anno 2024. De bijlage van het analyserapport bevat ook een eerder door BRO uitgevoerde analyse en advies met betrekking tot de automotive in Eindhoven en regio. Participatie: Samenwerken aan een Toekomstbestendige Detailhandelsvisie De totstandkoming van zowel de analyse als de Detailhandelsvisie Eindhoven 2030 is het resultaat van een uitgebreid participatieproces met diverse belanghebbenden. Naast inzichten uit het Koopstromenonderzoek 2021 en analyses door BRO, zijn er diepgaande gesprekken gevoerd met de Federatie van de Detailhandel Eindhoven (FOE), de Stichting Detailhandelsplatform Binnenstad Eindhoven (SDBE), lokale ondernemers, supermarktorganisaties, makelaars, vastgoedeigenaren, Eindhoven Toegankelijk en de Regionale AdviesCommissie Detailhandel (RACD). Deze brede betrokkenheid was cruciaal om de specifieke behoeften van verschillende wijken en stadsdelen vast te stellen.

Waarom een herijkt detailhandelsbeleid? Dit detailhandelsbeleid is hét primaire toetsingskader voor nieuwe detailhandelsinitiatieven in de gemeente Eindhoven. Het omgevingsplan wordt op termijn aangepast conform dit herijkte beleid. Daarnaast worden detailhandelsinitiatieven die momenteel niet passen binnen het omgevingsplan getoetst aan dit beleid om te bezien of er wel of geen medewerking wordt verleend via bijvoorbeeld een omgevingsplanwijziging of Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit (BOPA). De visie biedt daarmee houvast voor de gemeente, maar ook voor andere betrokken partijen, zoals (startende) ondernemers, winkeliersverenigingen, winkelketens en vastgoedeigenaren / beleggers. Het is een instrument om gewenste initiatieven te laten landen op de juiste plek en om ongewenste ontwikkelingen te voorkomen. Het nodigt marktpartijen uit om te investeren op de meest kansrijke locaties.

Participatiesessies boden een platform om thema’s zoals leegstand, duurzaamheid, mobiliteit, placemaking en toegankelijkheid te bespreken. Hieruit kwamen waardevolle aanbevelingen voort, zoals het verbeteren van parkeervoorzieningen en bereikbaarheid, het moderniseren van vastgoed en het bevorderen van vergroening en toegankelijkheid in winkelgebieden. De samenwerking met Eindhoven Toegankelijk benadrukte het belang van inclusieve winkelomgevingen, terwijl de RACD bijdroeg aan de regionale afstemming van detailhandelsontwikkelingen. Deze participatieve benadering onderstreept het streven naar maatwerk en flexibiliteit per wijk, met oog voor de unieke dynamiek van Eindhoven. Door de betrokkenheid van bewoners, ondernemers en andere partijen blijft de visie actueel en afgestemd op de behoeften van een groeiende en diverse stad. Deze aanpak heeft geleid tot een breed draagvlak en een gedeelde verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de visie, waarbij samenwerking en inclusiviteit centraal staan.

Van bezoek naar belevenis

014

Branchering binnen de Europese Dienstenrichtlijn Dit detailhandelsbeleid is hét primaire toetsingskader voor nieuwe detailhandelsinitiatieven. De Europese Dienstenrichtlijn biedt een belangrijk kader voor het bevorderen van vrij verkeer van diensten binnen de Europese Unie. Deze richtlijn verbiedt het opleggen van vestigingseisen die specifiek gebaseerd zijn op economische criteria, zoals het reguleren van concurrentie of het bevoordelen van bepaalde typen ondernemers. Dit betekent dat gemeenten geen juridische beperkingen kunnen opleggen om branches zoals lokale ondernemingen voorrang te geven op andere ondernemingen puur op economische gronden. Hoewel de Dienstenrichtlijn het onmogelijk maakt om juridische instrumenten te gebruiken voor economische branchering, zijn er alternatieve methoden beschikbaar om gewenste ontwikkelingen te stimuleren. Een van de meest effectieve manieren is het gebruik van zachte instrumenten zoals matchmaking. Hiermee kunnen gemeenten actief een rol spelen in het samenbrengen van vastgoedeigenaren en ondernemers die passen bij de visie voor specifieke winkelgebieden. Dit biedt een laagdrempelige en flexibele manier om branches te bevorderen die bijdragen aan een onderscheidend en toekomstgericht winkelaanbod. Daarnaast kunnen gemeenten convenanten en samenwerkingsafspraken aangaan met marktpartijen en andere stakeholders.

Deze afspraken kunnen worden gebruikt om gezamenlijke doelstellingen te realiseren, zoals het bevorderen van circulaire bedrijvigheid of het ondersteunen van duurzame ondernemersinitiatieven. Hoewel deze aanpak niet juridisch bindend is, kan een goede samenwerking leiden tot een gezamenlijke inzet voor een aantrekkelijk en divers winkelgebied. Verder biedt gemeentelijk beleid ruimte om via stimuleringsregelingen, zoals subsidies of belastingvoordelen, specifieke ondernemersprofielen te ondersteunen. Dit kan bijvoorbeeld gelden voor circulaire of duurzame concepten die aansluiten bij bredere stedelijke doelen, zoals vergroening of klimaatadaptatie. Het is echter belangrijk dat dergelijke maatregelen niet in strijd zijn met de uitgangspunten van de Dienstenrichtlijn en niet leiden tot concurrentievervalsing.

Van bezoek naar belevenis

016

samenvatting beleid Veel continuering van bestaand beleid Ondernemers en vastgoedeigenaren benadrukken het belang van een betrouwbare overheid. Een overheid die keuzes maakt die niet om de zoveel jaren structureel wijzigen. Deze detailhandelsnota is een actualisatie van de nota uit 2015. Veel beleidskeuzes en uitgangspunten zijn gecontinueerd en vinden raakvlakken met flankerend beleid en visies. Denk aan uitgangspunten zoals het concentreren van detailhandel in winkelgebieden, het terughoudend omgaan met detailhandel op bedrijventerreinen en het faciliteren van vernieuwing en dynamiek binnen de beleidsmatige hoofdstructuur.

Van bezoek naar belevenis

018

Wijkwinkelcentra vervullen een essentiële functie in het stedelijk weefsel van Eindhoven. Ze fungeren niet alleen als plekken voor dagelijkse boodschappen, maar ook als sociale ontmoetingsplaatsen die de cohesie binnen buurten versterken. Daarnaast dragen ze bij aan de lokale economie door werkgelegenheid te bieden en de leefbaarheid van wijken te bevorderen. Echter, uit een analyse van BRO blijkt dat veel buurt- en wijkcentra in Eindhoven kampen met structurele problemen die hun functioneren belemmeren. Deze omvatten onder andere te kleine supermarkten, beperkte en kwalitatief matige parkeervoorzieningen, ongunstige bereikbaarheid, verouderd vastgoed en een stenige, verouderde openbare ruimte. Bovendien worden deze gebieden vaak als onveilig ervaren, is er sprake van zwerfafval en is de onderhoudsstaat matig. Deze bevindingen worden ondersteund door een rapport van Locatus, waarin wordt gesteld dat wijkwinkelcentra steeds minder gericht zijn op puur winkelen en meer op ontspanning. Het pure detailhandelsaanbod wordt steeds meer gedomineerd door dagelijks aanbod, terwijl traditionele winkels zoals sport- en speelgoedzaken langzaam verdwijnen. In Eindhoven zijn er initiatieven genomen om deze uitdagingen aan te pakken.

Zo heeft de gemeente ruim 1,7 miljoen euro uitgetrokken om lokale ondernemers in de binnenstad en wijkwinkelcentra te ondersteunen, met als doel deze gebieden gezond en aantrekkelijk te houden.Daarnaast is er een plan ontwikkeld voor de herontwikkeling van winkelcentrum WoensXL en Kastelenplein, waarbij leegstaande winkels plaatsmaken voor woningen, horecagelegenheden en groen. Dit moet bijdragen aan een kwaliteitsimpuls voor het centrum. Om de vitaliteit van wijkwinkelcentra in Eindhoven te waarborgen, is het essentieel om samen met ondernemers en vastgoedeigenaren te werken aan het verbeteren van de randvoorwaarden. Dit omvat het moderniseren van vastgoed, verbeteren van parkeervoorzieningen en fietsenstallingen, verhogen van de veiligheid en het aantrekkelijker maken van de openbare ruimte. Door deze maatregelen kunnen wijkwinkelcentra hun belangrijke functie in de stad blijven vervullen. Voor een aantal locaties in de stad worden gebiedskaders gemaakt. In deze gebiedskaders wordt richting gegeven aan de toekomstige ontwikkeling in een gebied met betrekking tot bijvoorbeeld wonen, groen, voorzieningen, mobiliteit en leefbaarheid.

Verbeteren parkeren en bereikbaarheid. Parkeren en bereikbaarheid zijn met name voor alle winkelgebieden buiten de ring essentiële randvoorwaarden voor het economisch functioneren van de detailhandel. Met de toevoeging van woningen en vaak beperkte parkeercapaciteit neemt de druk op parkeren toe. Betaald parkeren is voor de dagelijkse boodschappen een drempel voor de consument om uit te wijken naar winkelgebieden waar je gratis (en makkelijk) kunt parkeren. Uit participatie en onderzoek blijkt dat het principe van ‘blauwe zones’ in buurt- en wijkcentra effectief is op die plekken waar de parkeerdruk het grootst is. Dit samenhangt met het al dan niet sturen op parkeercapaciteit via betaald parkeren. De busbereikbaarheid van de grotere wijkcentra is niet overal optimaal, zoals voor winkelcentrum Haagdijk en Trudoplein. Minimaal alle grotere wijkcentra zouden goed ontsloten moeten zijn op het busnetwerk van Eindhoven. Dit is met name van belang voor specifieke doelgroepen, zoals ouderen of mensen die geen auto hebben. In het Masterplan Mobiliteit van Eindhoven speelt duurzaamheid een centrale rol, waarbij een autoluwe stad een belangrijk uitgangspunt is. Door de groei van Eindhoven en toenemende parkeerdruk wordt betaald parkeren vanaf 2025 in het hele gebied binnen de ring ingevoerd.

Hierbij bestaat een risico voor het economisch functioneren voor wijkcentra, vooral als nabijgelegen locaties gratis parkeren aanbieden, bijvoorbeeld op eigen terrein. Dit kan ook weer extra vervoersbewegingen op gang brengen waarbij voor boodschappen met veel volume wordt uitgeweken naar andere centra waar dit nog niet is ingevoerd. Om de buurt- en wijkcentra te ondersteunen, wordt bij wijkwinkelcentra bij het invoeren van betaald parkeren een goede afweging gemaakt welk parkeertarief gehanteerd gaat worden voor het eerste uur of bijvoorbeeld de eerste 30 minuten. Er moet op dat moment een goede afweging gemaakt worden tussen het belang van de mobiliteitstransitie, het eerlijk speelveld met de winkels in het gebied binnen de Ring en de mogelijkheid voor mensen om kort boodschappen te kunnen halen die veel volume hebben of zwaar zijn. Het Masterplan Mobiliteit 2050 en de omgevingsvisie leggen de nadruk op het verminderen van autogebruik door het zorgen voor nabijheid van voorzieningen, het terugdringen van parkeerplaatsen en het stimuleren van lopen, fietsen en openbaar vervoer. Tegelijkertijd benadrukt de Detailhandelsvisie het belang van bereikbaarheid als essentiële randvoorwaarde voor het functioneren van winkelgebieden, ook om juist onnodige vervoersbewegingen te beperken.

Deze verschillende perspectieven kunnen tot spanningen leiden, omdat de economische vitaliteit van winkelgebieden deels afhankelijk is van goede autotoegang, vooral in buurt- en wijkcentra en voor perifere detailhandel. Voor veel bezoekers, zoals gezinnen, ouderen en klanten die grotere aankopen doen, blijft de auto een belangrijk vervoermiddel. Zonder adequate parkeervoorzieningen en een goede autotoegang kunnen winkelgebieden klanten verliezen aan locaties buiten Eindhoven, waar autovriendelijkheid en gratis parkeren aantrekkelijk zijn. Dit geldt met name voor doelgerichte bezoekers die niet eenvoudig overstappen op alternatieve vervoermiddelen. Tegelijkertijd dragen autovriendelijke winkelgebieden bij aan de leefbaarheid en de sociale inclusiviteit door ook toegankelijk te blijven voor mensen met mobiliteitsbeperkingen.

Van bezoek naar belevenis

020

Tegenover deze uitdagingen staan de kansen die het verminderen van autogebruik biedt. Het transformeren van winkelgebieden tot groene, aantrekkelijke verblijfsplekken sluit aan bij de wens om winkelgebieden meer te positioneren als ontmoetingsplekken waar bezoekers langer blijven. Dit ondersteunt de bredere stedelijke ambities van vergroening, duurzaamheid en een betere kwaliteit van leven. Deze spanningsvelden vragen om een zorgvuldige afweging tussen het behoud van economische toegankelijkheid en de transitie naar duurzamere mobiliteit, waarbij zowel de toekomstbestendigheid van de winkelgebieden als de leefbaarheid van de stad wordt gewaarborgd. Deze balans is van cruciaal belang om de stad Eindhoven zowel economisch vitaal als sociaal en ecologisch duurzaam te houden. Schoon, heel en veilig als basis voor een gezonde detailhandelsstructuur. Op basis van de gesprekken met zowel de Federatie van de Detailhandel Eindhoven (FOE) als de Stichting Detailhandelsplatform Binnenstad Eindhoven (SDBE) is duidelijk geworden dat winkelgebieden voor grote uitdagingen staan. Deze uitdagingen zijn niet alleen bedreigingen, maar bieden ook kansen om de detailhandelsstructuur te versterken en toekomstbestendig te maken. Hieronder wordt verder ingezoomd op enkele belangrijke aspecten, met specifieke aandacht voor de thema’s schoon, heel en veilig.

De veiligheid in winkelgebieden is een centrale uitdaging die direct van invloed is op het economisch functioneren van de detailhandel. Winkels worden steeds vaker geconfronteerd met criminaliteit, vandalisme en overlast, wat niet alleen leidt tot hogere kosten voor beveiliging, maar ook consumenten afschrikt. Een veilig winkelgebied is bovendien essentieel om zowel consumenten als ondernemers het vertrouwen te geven dat ze zich in een prettige en beschermde omgeving bevinden. De gastheren van Sfeerbeheer zijn met die reden ingezet in de winkelstraten om dit gevoel van veiligheid te versterken. Naast veiligheid speelt ook de verzorging van winkelgebieden een cruciale rol in het aantrekken van bezoekers en het versterken van de lokale economie. Onderzoek toont aan dat consumenten tot 10% meer uitgeven in schone winkelgebieden en dat ze 20% langer verblijven. Het tegengaan van zwerfafval en het investeren in de openbare ruimte, zoals goed onderhouden bestrating en groenvoorzieningen, draagt niet alleen bij aan een prettige winkelervaring, maar verhoogt ook het gevoel van veiligheid. Een omgeving die goed onderhouden is, straalt vertrouwen en kwaliteit uit, wat een positief effect heeft op zowel de beleving van bezoekers als de aantrekkingskracht van het gebied voor nieuwe ondernemers.

De gesprekken met de FOE en SDBE benadrukten ook het belang van het voorkomen van monocultuur in winkelgebieden. Het diversifiëren van het winkelaanbod is niet alleen belangrijk om een breder publiek aan te spreken, maar draagt ook bij aan de veiligheid. Gebieden met een divers winkelaanbod zijn minder vatbaar voor criminaliteit en ondermijning, omdat er meer toezicht en sociale controle is. Bovendien wordt een bredere mix van winkels aantrekkelijker voor consumenten, wat het gebied levendiger maakt en meer dynamiek creëert.

Door te investeren in veiligheid, schoonmaak en een goed onderhouden omgeving, creëren we een solide basis voor een gezonde en toekomstbestendige detailhandelsstructuur, waar zowel ondernemers als consumenten van profiteren. Verbeteren ruimtelijke uitstraling We hebben aandacht voor de modernisering van de openbare ruimte rondom buurt- en wijkcentra. Dit sluit naadloos aan bij onze ambities op het gebied van vergroening, verdichting en toegankelijkheid. In en rondom voorzieningen die veel publiek trekken of waar meer mensen met een beperking komen, is het extra van belang om te zorgen voor een voor iedereen toegankelijke omgeving. Het gaat dan om voorzieningen, zoals winkelcentra. Op deze locaties willen we een hoog kwaliteitsniveau en worden extra toegankelijkheidseisen aan de openbare ruimte gesteld met betrekking tot bijvoorbeeld bredere looproutes, (drempelloze) open afritten en kortere afstanden tussen bankjes waardoor kortere loopafstanden ontstaan. Kwalitatief hoogwaardige openbare ruimtes dragen bij aan de leefbaarheid en sociale cohesie van een wijk. Ze fungeren als ontmoetingsplekken voor buurtbewoners en bevorderen sociale interactie. Daarnaast verhogen goed ontworpen openbare ruimten de aantrekkingskracht van een gebied, wat niet alleen leidt tot een verbeterde kwaliteit van leven, maar ook tot meer economische activiteit.

Hierdoor worden wijkcentra levendiger en komen er meer bezoekers, wat de lokale economie stimuleert. Wij verwachten daarom dat vastgoedeigenaren ook hun steentje bijdragen aan het moderniseren en herontwikkelen van bestaand vastgoed. Deze visie toont aan waar op basis van de schouw, participerende observatie en flankerend onderzoek aandacht nodig is voor een opwaardering van de openbare ruimte. Dit betekent echter niet dat met deze constatering dit op de korte termijn planning staat en dat hier middelen voor beschikbaar zijn gesteld.

Foto: Kledingwinkel - Vielgut

schoon, heel en veilig. Van bezoek naar belevenis

022

Foto: Mike Verschuren - Eye Optics

Centrum Het centrum van Eindhoven bestaat uit verschillende kwartieren, zoals de binnenstad met het kernwinkelgebied, De Bergen, Knoop XL, Emmasingel en Van Abbe. Voor detailhandel is het primaire bezoekmotief recreatief winkelen. Stadsdeelcentrum Een stadsdeelcentrum is kleiner dan een centrumgebied, maar groter dan een wijkcentrum. Het heeft een overkoepelende verzorgingsfunctie voor een groot deel van de stad en bestaat uit een breed pakket aan voorzieningen. Voor detailhandel is het primaire bezoekmotief boodschappen doen in combinatie met efficiënt recreatief winkelen.

Priortering in investeringen en middelen gemeente Elk winkelgebied hebben we voorzien met een aanduiding, het handelingsperspectief (zie hoofdstuk 6). Het handelingsperspectief geeft de gewenste ontwikkelingsrichtingen aan. Dit is een signaal aan marktpartijen om duidelijkheid te geven over waar kansen liggen. Tegelijk geeft het aan waar vanuit de gemeente beleidsmatig de meeste prioriteit ligt. Let op: de toekomstige en wenselijke hoofdstructuur wijkt op sommige plekken af van de huidige situatie. Denk aan de schaalsprong van winkelgebieden, zoals de Haagdijk van wijkcentrum klein naar wijkcentrum groot maar ook de doorontwikkeling van Kastelenplein (Groots Gestel) en Woensxl (Stads-Hart Woensel) als stadsdeelcentra. Denk aan de wens om detailhandel terug te dringen, zoals aan de Boutenslaan, Limburglaan en AalsterwegZuid. Hierbij hebben we wel aandacht voor het feit dat deze goed scoren op fysieke toegankelijkheid. Denk verder aan het aanwijzen van zoekgebieden voor nieuw aanbod, zoals een gemakswinkel in Acht en een buurtcentrum in Knoop XL (ten noorden van het spoor). Denk aan herontwikkeling en krimp winkelfunctie, zoals het Kastelenplein, Eckart en WoensXL.

Wijkcentrum groot Een groot wijkcentrum heeft een wijkoverstijgende verzorgingsfunctie en bestaat doorgaans uit twee (complementaire) supermarkten en een breed pakket aan overige voorzieningen. Primaire bezoekmotief is boodschappen doen met aanvullend aankopen in frequent benodigde artikelen. Wijkcentrum klein Is vergelijkbaar met een wijkcentrum groot, echter kent een wijkcentrum klein minder winkels en is de verzorgingsfunctie uitsluitend gericht op de eigen wijk. Radialen Een radiaal is van oudsher een gebiedsontsluitingsweg tussen het centrum en het buitengebied van de stad. Deze radialen hebben ieder een eigen karakter en hebben een brede functiemix. Wat de radialen verbindt is het doelgerichte bezoek en het principe van ‘shop en go’.

Buurtcentrum Een buurtcentrum heeft primair een functie voor inwoners in de buurt en bestaat doorgaans uit één supermarkt met enkele overige voorzieningen, zoals een bakker, slager, kapper en snackbar. Buurtsteunpunt Er is geen sprake van een winkelconcentratie, maar van een (min of meer) solitaire supermarkt die een functie heeft in de detailhandelsstructuur. Grootschalige concentratie Een grootschalige concentratie bevat winkels die doelgericht worden bezocht, vaak grootschalig van aard zijn, volumineuze artikelen verkopen en daardoor niet inpasbaar zijn in de reguliere voorzieningenstructuur. Denk aan winkels in doe-het-zelf, wonen en tuin. Deze concentraties worden ook wel perifere concentraties of PDV-locaties genoemd. Bijzondere concentratie Winkelgebieden die niet tot een van de voorgaande categorieën behoren worden aangemerkt als bijzondere concentratie. Dit zijn winkelgebieden met een speciaal thema in een bijzondere context. Zoekgebieden Hier dient beleidsmatig gezocht te worden voor ruimte voor toevoeging van een buurtcentrum (Fellenoord) of een buurtsteunpunt (Kerkdorp Acht).

Van bezoek naar belevenis

024

Versterken Er ligt een kans om een sterkere positie te ontwikkelen binnen de toekomstige detailhandelsstructuur. Dit vraagt om aandacht voor aspecten zoals het winkelaanbod en omgevingsfactoren zoals uitstraling, bereikbaarheid en parkeergelegenheid. Het wordt aanbevolen om in overleg met betrokken partijen te onderzoeken welke investeringen of initiatieven nodig zijn om verdere groei of versterking mogelijk te maken. Tegelijkertijd is het belangrijk om oog te hebben voor gebieden waar afname van winkelruimte zich aandient. Stabilisatie De huidige situatie kan worden behouden, waarbij de nadruk ligt op kwalitatieve versterking van het bestaande winkelaanbod. Het is aan te raden om beperkt ruimte te geven aan schaalvergroting of vemieuwing sinitiatieven, mits deze bijdragen aan de kwaliteit van het winkelgebied. Daarnaast wordt gesignaleerd dat herinrichting van bijvoorbeeld openbare ruimte en parkeervoorzieningen ondersteunend kan zijn, maar dit vraagt om verdere afstemming met ondernemers en vastgoedeigenaren. Anders - Afbouwen In sommige winkelgebieden of delen daarvan lijkt de winkelfunctie minder toekomstbestendig. Het wordt aanbevolen om hier te overwegen hoe (gedeeltelijke) afbouw van het winkelaanbod het best kan worden vormgegeven. Dit kan betekenen dat een deel van het winkelgebied een andere functie krijgt of uit de strategische hoofdstructuur wordt gehaald.

Dit vraagt om een zorgvuldige afweging en overleg met alle betrokkenen. Anders - Herontwikkelen Er zijn winkelgebieden die, hoewel belangrijk binnen de hoofdstructuur, gebaat zijn bij herontwikkeling. Hierbij kan gedacht worden aan transformatie door bijvoorbeeld woningbouw of andere functies in de omgeving. Het wordt aanbevolen om de programmering van deze gebieden te heroverwegen, waarbij traditionele winkelfuncties gedeeltelijk worden vervangen door maatschappelijke voorzieningen en functies die aansluiten bij de behoeften van de wijk. Dit vraagt om een integrale aanpak en samenwerking met diverse partijen. Anders - Zoekgebieden In sommige gebieden wordt geadviseerd om ruimte te onderzoeken voor aanvullende functies, zoals een buurtcentrum (bijvoorbeeld in Fellenoord) of een buurtsteunpunt (zoals in Kerkdorp Acht). Dit kan bijdragen aan een versterking van de sociale en economische structuur in deze gebieden. Een verdere analyse is wenselijk om te bepalen waar en hoe dit het beste gerealiseerd kan worden.

Legenda Versterken Stabilisatie Anders - Afbouwen Anders - Herontwikkelen Anders - Zoekgebieden

Centrum 1. Centrum Eindhoven Stadsdeelcentrum 2. Stads-hart Woensel 8. Kastelenplein Wijkcentrum groot 3. Haagdijk 4. Boulevard-Zuid 5. Franz Leharplein 6. Woenselse Markt/ Kruisstraat 7. St. Trudoplein Wijkcentrum klein 9. Meerhoven 10. Vaartbroek 11. Nederlandplein 12. Cassandraplein 13. Ardechelaan Radialen 14. Aalsterweg 15. Geldropseweg

16. Hoogstraat 17. Leenderweg 18. Boschdijk Buurtcentrum 19. Eckart 20. Belgiëplein 21. Blixembosch 22. Mensfort 23. Biarritzplein 24. St. Petrus Canisiuslaan 25. Tongelresche Akkers 26. Generaal Coenderslaan 27. Roostenlaan Buurtsteunpunt 28. ‘t Karregat 29. Pagelaan 30. Doctor Cuyperslaan 31. Gerretsonplein 32. Lievendaalseweg 33. Celciusplein 34. Victoriapark 35. 18 Septemberplein

36. Boutenslaan 37. Bredalaan 38. Stratumsedijk 39. Aalsterweg-Zuid 40. Langdonkenstraat Grootschalige concentratie 41. Koopcentrum De Hurk 42. Kanaaldijk 43. Autowijk 44. Bisschop Bekkerslaan Bijzondere concentratie 45. Edisonstraat 46. Strijp-S 47. Limburglaan Zoekgebieden 48. Kerkdorp Acht 49. Fellenoord figuur 1: Beoogde hoofddetailhandelsstructuur, toekomstige situatie (2035) De gemeente Eindhoven een eigen definitie hanteert per type centrum op basis van de toekomstig wenselijke situatie. Dit kan dus afwijken van de huidige situatie én Locatus.

Van bezoek naar belevenis

026

aandacht, sturing & samenwerking

Concentreren en behouden automotive (ABC detailhandel) Specifiek voor detailhandel op het gebied van automotive en aanverwante vormen kiezen we mede op basis van het BRO advies uit 2022 voor behoud van concentratie op daarvoor aangewezen plekken, namelijk Autowijk, Kapelbeemd en aan de Boschdijk. De automotive sector is in transitie door de verschuiving van fossiel naar elektrisch rijden en het verdwijnen van de ‘tussenhandel’. Traditionele autoshowrooms en garages verdwijnen, maar er is ook behoefte aan ruimte voor nieuwe concepten. Behouden van de concentratiegebieden is belangrijk om ook in de toekomstige ruimtebehoefte te kunnen voorzien. Binnen deze concentratiegebieden is verbreding van het profiel wenselijk. Mobiliteit (in de breedte) staat centraal, denk naast de auto aan (elektrische) fietsen.

Meer sturing op maatvoering en definitie supermarkten Winkels in de dagelijkse sector, zoals supermarkten, vertegenwoordigen inmiddels ruim 50% van de totale detailhandelsomzet in Eindhoven. Supermarkten zijn zeer bepalend voor het functioneren van buurt- en wijk- centra, omdat dit de grootste trekkers zijn waar andere winkels en voorzieningen van profiteren. De analyse van BRO toont aan dat Eindhoven momenteel en tot 2035 te veel supermarktmeters heeft ten opzichte van het draagvlak. Er is sprake van overaanbod. Nieuwe solitaire supermarkten zijn niet gewenst, evenals supermarkten vanaf 2.000 m² wvo. Om meer grip te krijgen op supermarktontwikkelingen gaan we supermarkten vanaf 600 m² wvo vastleggen in het omgevingsplan. Zo borgen we het aantal supermarkten in winkelgebieden en daarmee de verzorgingsfunctie. Bestaande supermarkten in de hoofdstructuur krijgen de ruimte om te moderniseren. Relocatie en/of herstructurering is eveneens mogelijk, maar dit vraagt soms om maatwerk. Uitgangspunt is een versterking van de beleidsmatige hoofdstructuur.

Kleinschalige detailhandel mogelijk op trafficlocaties Trafficlocaties zijn locaties waar veel vervoersstromen en dus mensen samenkomen. Denk aan stations, ziekenhuizen, campussen, tankstations en mobiliteitshubs. Detailhandel op dergelijke locaties is denkbaar onder voorwaarden. De aard en omvang van deze detailhandel moet passen bij de functie van de locatie en het gebied en dient ondergeschikt te zijn aan de hoofdactiviteit. De detailhandel dient dus hoofdzakelijk gericht te zijn op de reizigers / forensen of werkers / studenten op de locatie. Een kleinschalige gemakswinkel is op dit soort plekken toe gestaan tot maximaal 250 m² wvo. Het vestigen van bezorg- en afhaal- punten op deze locaties is ook denkbaar. Voor trafficlocaties geldt dat vanwege de diversiteit in verschijningsvorm elk initiatief afzonderlijk beoordeeld wordt.

Behouden PDV-locaties, uitbreiden Meubelplein Ekkersrijt Uit de analyse van BRO blijkt dat er in Eindhoven relatief veel extra ruimtebehoefte ontstaat voor doelgerichte detailhandel, zoals woninginrichting, doe-het-zelf en tuin. Winkels in deze branches vragen veel ruimte en die is schaars. We kiezen er voor de bestaande perifere concentraties (PDV) te behouden voor winkels in uitsluitend ‘volumineuze artikelen’. Het betreft de locaties Koopcentrum De Hurk, Kanaaldijk en Bisschop Bekkerslaan. Voor Koopcentrum De Hurk ligt een opgave om de branchering aan te passen, zodat er enkel nog perifere detailhandel gevestigd is. Eventuele intensivering van het ruimtegebruik binnen deze locaties is wenselijk. De extra ruimtebehoefte kunnen we in Eindhoven niet elders opvangen. Bedrijventerreinen willen we vrijhouden voor bedrijven. Meubelplein Ekkersrijt (gemeente Son & Breugel) is regionaal aangewezen als opvanglocatie voor volumineuze detailhandel. Hier is in de Regionale Detailhandelsvisie SGE eerder al de keuze gemaakt om zowel kwantitatief als kwaliteit te versterken.

Foto: Viola Cennini - Viola’s patisserie

Behouden publieksfunctie radialen De radialen Aalsterweg, Leenderweg, Geldropseweg, Hoogstraat en Boschdijk zijn bijzondere elementen in de voorzieningenstructuur. Deze straten zijn historisch gezien de aanloopstraten richting het centrum met een mix van publieksgerichte voorzieningen. Transformatie naar ‘gesloten’ publieksfuncties, zoals wonen in de plint, is niet wenselijk. Herinvulling van winkelpanden met andere publieksfuncties die bijdragen aan een levendige en aantrekkelijke plint zijn uiteraard wel gewenst. Hetzelfde is van toepassing voor een aantal winkelstrips die vanuit de historie dienden als ontmoetingsplekken. Deze strips kunnen in het kader van de 15 minutenstad die bevorderlijk zijn voor sociale interactie waarbij transformatie naar wonen niet wenselijk is.

Aandacht voor de afhaal- en bezorgeconomie Eindhoven sluit wat betreft het beleid voor de afhaal- en bezorgeconomie aan bij het beleid van de Regionale Detailhandelsvisie SGE. Kort gezegd betekent dit dat afhaalpunten met een consument aantrekkende werking in principe in winkelgebieden thuishoren. Voor pure afhaalpunten zijn uitzonderingen denkbaar, zoals op trafficlocaties, zoals op campussen, bij tankstations, mobiliteitshubs of andere trafficlocaties. Webwinkels zonder consument aantrekkende werking zijn bedrijven en horen thuis op bedrijventerreinen. Voor bezorgconcepten geldt dat de aard van de activiteit passend moet zijn bij de locatie. Als sprake is van veel verkeersbewegingen, door fietsen/brommers, moet de locatie hier voor geschikt zijn. De randen van winkelgebieden en directe ontsluiting op fietspaden zijn denkbaar.

Van bezoek naar belevenis

028

Winkelopeningstijden verruimen We verruimen de openingstijden van winkels gedurende het gehele jaar waarbij op zon- en feestdagen winkels geopend mogen zijn van 09.00 uur tot 20.00 uur. Op 4 mei (Dodenherdenking) mogen winkels tot uiterlijk 19.00 uur geopend zijn. Hierbij sluiten we meer aan op andere grote gemeenten van een soortgelijke omvang. Deze strategische verruiming komt voort uit het streven naar een dynamische en klantgerichte detailhandel, waarin individuele ondernemers de vrijheid krijgen om hun concept, doelgroep en bedrijfsvoering op maat aan te passen. Dit is passend bij het internationale karakter van de stad. Deze flexibiliteit stelt ondernemers in staat om beter in te spelen op de behoeften en verwachtingen van hun klanten, en om zich aan te passen aan veranderende marktomstandigheden. Met deze stap willen we niet alleen de economische groei stimuleren, maar ook de diversiteit en vitaliteit van onze winkelgebieden versterken.

Beschermen hoekpanden Niet alle detailhandel buiten de winkelgebieden is onwenselijk. Een winkel, horecazaak of andere publieksfunctie met uitstraling op een strategische, locatie kan toegevoegde waarde hebben voor de omgeving en leefbaarheid. Deze hoekpanden, ook wel ‘corner stores’ genoemd, vallen vaak buiten de traditionele detailhandelsstructuur.Ze verdienen een beschermde status om hun historische en wijkgerichte functie te behouden. Historisch gezien hebben deze panden gediend als de locatie voor essentiële voorzieningen zoals kruideniers, bakkers en andere ambachtelijke winkels. Ze boden bewoners niet alleen gemak, maar versterkten ook de sociale cohesie binnen de wijken. Vandaag de dag, met de groeiende behoefte aan meer voorzieningen en levendigheid in woonwijken, is het belangrijk dat karakteristieke concepten hier kunnen blijven gedijen. Door beleidsmatig in te zetten op het behoud van de detailhandelsbestemming van deze hoekpanden en voorzieningenstructuren, streven we ernaar de unieke identiteit en levendigheid van onze wijken te versterken. Dit bevordert niet alleen de lokale economie, maar draagt ook bij aan een aantrekkelijk en divers winkelaanbod dat aansluit bij de behoeften van de inwoners. Het beschermen van cornerstores is daarom essentieel voor een duurzaam en veerkrachtig detailhandelsbeleid in Eindhoven.

Meer inzet van Placemaking Winkelgebieden die in herontwikkeling zijn, bieden een unieke kans om placemaking toe te passen. Deze gebieden hebben vaak te maken met leegstand, verouderde infrastructuur of veranderende consumentbehoeften. Door placemaking toe te passen, kunnen deze locaties worden getransformeerd tot dynamische ruimtes die aantrekkelijk zijn voor zowel bezoekers als investeerders. Dit wordt mogelijk gemaakt door de samenwerking tussen verschillende stakeholders, waaronder projectontwikkelaars, retailers en lokale beleidsmakers.

Samenwerking versterken via BIZ De oprichting van een Bedrijven Investeringszone (BIZ) in een centrumgebied in Eindhoven kan een krachtig middel zijn om gezamenlijke investeringen in de kwaliteit van de bedrijfsomgeving te bevorderen. Een BIZ biedt ondernemers en eigenaren de mogelijkheid om samen te werken aan het verbeteren van zaken zoals veiligheid, onderhoud en promotie, die verder gaan dan de reguliere gemeentelijke voorzieningen. In het geval van Eindhoven is het wenselijk dat een BIZ een combinatie omvat van zowel gebruikers (zoals winkeliers) als vastgoedeigenaren. Deze gezamenlijke aanpak zorgt voor een breder draagvlak en gedeelde verantwoordelijkheid voor de toekomst van het gebied. Het initiatief voor een BIZ moet echter altijd vanuit de ondernemers en eigenaren zelf komen, ondersteund door een duidelijk gedragen wens om samen te werken. In de basis stimuleren we BIZ vorming in gebieden waar we versterken en stabilisatie nastreven. Transformatie winkelgebieden: ondersteuning en stimulering De transformatie van winkelgebieden is een belangrijk onderdeel van de detailhandelsvisie van Eindhoven. Door de opkomst van online winkelen en leegstand worden winkelgebieden omgevormd tot multifunctionele centra met onder andere woningen, horeca en maatschappelijke voorzieningen.

De gemeente ondersteunt dit proces via een transformatieteam dat samenwerkt met vastgoedeigenaren en ondernemers. Naast transformaties richt de gemeente zich op het behoud en de versterking van bestaande winkelgebieden door het stimuleren van ondernemerschap en het verbeteren van de leefomgeving.

Inzetten op duurzaamheid De detailhandel in Eindhoven maakt een belangrijke transitie door naar een duurzaam, circulair en toekomstbestendig model. Dit vraagt om nauwe samenwerking tussen de gemeente, ondernemers, vastgoedeigenaren en bezoekers. Het doel is een detailhandelsklimaat dat niet alleen economische groei stimuleert, maar ook sociaal rechtvaardig en milieubewust is. Energiebesparing is een centrale pijler, met specifieke verplichtingen voor locaties met hoog energieverbruik en ondersteuning voor kleinere winkels via energiezuinige maatregelen. Tegelijkertijd stelt de Europese Richtlijn EPBD IV eisen aan utiliteitsgebouwen, zoals een minimaal energielabel vanaf 2030. De gemeente ondersteunt eigenaren met vroegtijdige informatie en begeleiding, zodat zij tijdig kunnen voldoen aan deze ambities. Circulariteit vormt een andere kern van deze transitie. De nadruk ligt op hergebruik, het minimaliseren van verspilling en het gezamenlijk verwerken van reststromen. Tools in ontwikkeling helpen mkb-ondernemers inzicht te krijgen in hun circulariteit en bieden praktische handvatten om doelen voor 2030 en 2050 te realiseren. Het clusteren van logistieke stromen en restverwerking biedt niet alleen operationele voordelen, maar versterkt ook de ecologische prestaties van bedrijven.

De gemeente stimuleert kleine ondernemers extra via programma’s zoals het SPUK Ontzorgingsprogramma, dat advies op maat en subsidies biedt voor verduurzaming en CO₂-reductie. Het Ondernemersloket speelt hierin een belangrijke rol

Van bezoek naar belevenis

030

Foto: Ruud Adriaans - Pinkie Patisserie

Door gezamenlijk op te trekken, bouwen we aan een winkelklimaat dat aantrekkelijk, duurzaam en toekomstbestendig is.

door ondernemers te begeleiden naar kennis, partners en financiële ondersteuning. Door het stimuleren van korte ketens, duurzame productie en fysieke winkels met meer beleving, werkt Eindhoven aan een detailhandel die ecologisch verantwoord, economisch krachtig en sociaal betrokken is. Deze integrale aanpak maakt Eindhoven klaar voor de uitdagingen en kansen van een duurzame toekomst. Toegankelijkheid in winkelgebieden Toegankelijkheid vormt een essentieel onderdeel van de detailhandelsvisie voor Eindhoven. Dit omvat zowel fysieke toegankelijkheid als sociale en digitale toegankelijkheid. Fysiek moeten voetpaden breed en obstakelvrij zijn, met goed geplaatste op- en afritten zodat mensen met een beperking, rolstoelgebruikers en ouderen zich gemakkelijk kunnen verplaatsen. Daarnaast is het belangrijk dat obstakels zoals reclameborden en fietsen geen hindernis vormen. Naast de fysieke toegankelijkheid is er aandacht voor digitale toegankelijkheid. Dit betekent dat winkels en voorzieningen hun informatie, zoals openingstijden en aanbiedingen, op een gebruiksvriendelijke manier digitaal beschikbaar stellen, zodat ook mensen met beperkingen hier eenvoudig toegang toe hebben. Sociaal

gezien moet de openbare ruimte uitnodigend zijn, met voldoende zitplaatsen en rustplekken, zodat iedereen, ongeacht mobiliteit, zich comfortabel kan verplaatsen en verblijven in winkelgebieden. Door voortdurend in te zetten op deze aspecten, creëert Eindhoven winkelgebieden die voor iedereen aantrekkelijk en toegankelijk zijn. Nachtwinkels In Eindhoven zijn momenteel vier vergunde nachtwinkels actief, die van groot belang zijn voor nachtwerkers, toeristen en bewoners die buiten reguliere openingstijden boodschappen willen doen. Vanaf 2025 wordt het aantal ontheffingen teruggebracht van 13 naar 7, volgens de Verordening Winkeltijden Eindhoven 2025. Dit beleid richt zich op het beperken van overlast en het beschermen van het woon- en leefklimaat. Nachtwinkels moeten aan strikte voorwaarden voldoen: ze mogen maximaal 250 m² groot zijn, verkopen hoofdzakelijk gesloten verpakte eet- en drinkwaren (zonder sterke drank) en moeten gevestigd zijn in de binnenstad of een stadsdeel-, wijk-, of buurtcentrum zoals opgenomen in deze visie. Bij meer aanvragen dan beschikbare ontheffingen wordt een loting gehouden.Hoewel het aantal mogelijke ontheffingen afneemt, blijven ze een waardevolle aanvulling op stedelijke voorzieningen, met economische en sociale voordelen zoals werkgelegenheid en verhoogde veiligheid in de nachtelijke uren.

Tegelijkertijd zorgt de nieuwe regelgeving voor een evenwicht tussen hun voordelen en de leefbaarheid van omliggende gebieden. Kleinschalige winkel gebonden festiviteiten Momenteel ontbreekt het in de stad aan een duidelijke regeling voor het organiseren van kleinschalige festiviteiten in winkels, zoals jubilea- of openingsfeesten. Deze evenementen, die bijdragen aan klantrelaties en de aantrekkingskracht van winkels, vallen buiten de bestaande kaders, waardoor ondernemers vaak vastlopen in onduidelijke en omslachtige regels. Tegelijkertijd is er een groeiende vraag naar eenvoudige en toegankelijke mogelijkheden om dergelijke evenementen te organiseren. Om hierin te voorzien, ontwikkelt de gemeente Eindhoven een meldingsformulier voor winkelgebonden evenementen, gecombineerd met een vereenvoudigde aanvraag voor een artikel 35-ontheffing. Hiermee kunnen ondernemers eenvoudig evenementen melden en zwak-alcoholische dranken schenken binnen een verantwoord kader. Dit verlaagt de administratieve lasten voor winkeliers en waarborgt naleving van de Alcoholwet. Deze aanpak biedt ondernemers meer vrijheid en ondersteunt een levendig en aantrekkelijk winkelklimaat. Het meldingsformulier en de ontheffing versterken niet alleen de winkelbeleving, maar dragen ook bij aan een bruisende en toekomstbestendige detailhandel in Eindhoven.

Van bezoek naar belevenis

032

Foto: Jan Verhagen - Van Piere

Ondersteunende horeca-activiteiten in winkels (‘blending’) Ondersteunende horecaactiviteiten in winkels (‘blending’) speelt in op de behoefte aan meer beleving in de detailhandel. Dit combineert winkelruimtes met kleinschalige horecavoorzieningen, zoals een koffiecorner in een boekenwinkel, om de klantbeleving te versterken. In Eindhoven wordt ondersteunende horeca gezien als een kans om winkelgebieden aantrekkelijker en toekomstbestendiger te maken. Onder duidelijke voorwaarden, zoals een beperking van de horecafunctie tot een bepaald percentage van het vloeroppervlak en het koppelen van openingstijden aan de hoofdactiviteit, kunnen ondernemers hun aanbod verrijken. Deze wijziging staat los van het schenken van alcohol in winkels (‘blurring’). Het schenken van alcohol in winkelruimtes is bij landelijke wetgeving ingeregeld in de Alcoholwet. Onderdeel van deze visie is het vaststellen van nadere regels voor ondersteunende horeca in winkels. Deze regels zijn opgesteld om duidelijke kaders te geven aan ondersteunende horeca in winkels, voor zover dit vergunningsvrij mag plaatsvinden waarbij het schenken van alcohol automatisch is uitgesloten.Deze kaders zorgen ervoor dat ondersteunende horeca, zoals een lunchroom bij Dille & Kamille of een koffiecorner in een boekenwinkel, vergunningsvrij kan worden gevestigd.

Dit betekent niet dat bijvoorbeeld een wijntje drinken bij de kapper wordt toegestaan. Dat is en blijft verboden op grond van de Alcoholwet. Met dit beleid stimuleert Eindhoven innovatie en klantgerichtheid in de detailhandel, terwijl de hoofdfunctie van winkels en een ordelijke stedelijke omgeving gewaarborgd blijven. Dit biedt ondernemers ruimte voor nieuwe initiatieven en versterkt de levendigheid van de stad. Bureau Binnenstad Eindhoven Bureau Binnenstad Eindhoven (BBE) speelt een cruciale rol in het versterken van Eindhoven als aantrekkelijke en toekomstbestendige winkelstad. Het bureau combineert een geïntegreerde aanpak met intensieve samenwerking tussen ondernemers, vastgoedeigenaren en de gemeente om een economisch vitale en uitnodigende binnenstad te ontwikkelen. Dit wordt bereikt via publiek-private samenwerking en diverse initiatieven zoals evenementen, vergroening en toegankelijkheidsverbeteringen. BBE draagt ook bij aan verduurzaming met projecten zoals de Klus & Coach-aanpak, die ondernemers ondersteunt bij energie- en CO₂besparing. Daarnaast is BBE verantwoordelijk voor gebiedsprofielen, die de unieke eigenschappen van verschillende stadsdelen in kaart brengen en fungeren als leidraad voor verdere ontwikkeling, zoals in de Spoorzone en het Victoriakwartier.

De ambities van BBE sluiten aan bij de Binnenstadsvisie en andere stedelijke plannen, met focus op thema’s zoals bereikbaarheid, vergroening, design en culturele programmering. Door in te spelen op trends zoals de veranderende rol van fysieke winkels en verduurzaming, draagt BBE bij aan een dynamische, gastvrije en innovatieve binnenstad die zowel nationaal als internationaal opvalt.

RUIMTE VOOR NIEUWE IDEEËN Van bezoek naar belevenis

034

Van bezoek naar belevenis

036

Het inwoneraantal en de diversiteit zal fors toenemen •

Voor de behoefteramingen is uitgegaan van 268.612 inwoners in 2035 op basis van verschillende bevolkingsprognoses, woningbouwplannen en ambities. Dit is een toename van het inwonertal van bijna 15% ten opzichte van de huidige situatie.

•

• De groei van het aantal inwoners in de gemeente Eindhoven tot 2040 wordt geschat op 20%. Hiermee zal Eindhoven een bevolking hebben van 293.570 inwoners. Uiteraard hangt deze groei sterk samen met de woningbouwontwikkeling en werkgelegenheid. De ambities in de Brainportregio zijn groot en het perspectief is zeer goed.

•

Meer woningen en inwoners betekent ook meer economisch draagvlak voor de bestaande detailhandel en in sommige situaties behoefte aan nieuwe detailhandel. Bovendien is ook in de algehele Brainportregio sprake van forse bevolkingsgroei, waar ook het bovenregionale winkelaanbod in Eindhoven van profiteert.

•

De bevolking van Eindhoven is divers. Deze diversiteit neemt alleen maar verder toe, met een accent op internationalisering. Meer diversiteit in de bevolkingssamenstelling en mensen met verschillende migratieachtergronden zal ook zijn weerslag hebben op de diversiteit in het winkelaanbod. Dit is ook al zichtbaar.

Leegstand daalt, maar blijft wel aandacht vragen

•

In de gemeente Eindhoven is al jaren sprake van een structurele trend: de leegstand daalt! Eind 2023 stonden er 171 publieksfuncties leeg, met een totale omvang van bijna 26.700 m² wvo. Dit is 6,0% van het totaal aantal panden en 4,8% van het totaal aantal m² wvo. Daarmee ligt de leegstand in de gemeente Eindhoven iets onder het landelijk niveau van respectievelijk 6,2% en 5,5%. Sinds de vorige detailhandelsvisie (eind 2016) is de omvang van de leegstand letterlijk gehalveerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15173689/3