CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

22bst00429 - Bijlage 1a - Paraplubestemmingsplan parkeren, kamerbewoning en woningsplitsing 2021

Raadsvergadering 24 mei 2022, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel met nadere toelichting en herzien ontwerp raadsbesluit Tot vaststelling paraplubestemmingsplan parkeren, kamerbewoning en woningsplitsing 202119.763 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Afkoopmogelijkheden

centrum

schil

restgebied

1. Plan voorziet in deelauto op vaste parkeerplaats (parkeerdruk ≤ 90%)

€ 250

€0

€0

2. P  lan voorziet in deelauto zonder vaste parkeerplaats (parkeerdruk > 90%)

€ 500

€ 250

€0

3. P  lan vangt (deel) parkeeropgave op in openbaar aanbod (parkeerdruk ≤90%)

€ 1.000

€ 1.000 (max. 10 pp)

€1.000 (max. 10 pp)

4. P  lan lost (deel) parkeeropgave op d.m.v. bijdrage aan stadsbrede alternatieve mobiliteitsoplossingen

€ 1.000

€ 2.500

€ 5.000

Tabel 1: Afkoopbedragen (per parkeerplaats) mobiliteitsfonds gemeente Eindhoven

2.2 Uitzondering toepassingskader Het college van burgemeester en wethouders verklaart de verplichte parkeernormen niet van toepassing in het volgende geval: ▪ Bij kleine (her)ontwikkelingen (geen woonfunctie) waarbij het verschil tussen de normatieve parkeerbehoefte van de oude functie en de nieuwe functie voor de totale ontwikkeling kleiner is dan 3 parkeerplaatsen.

2.3 Uitzonderlijke gebieden en situaties De gemeente Eindhoven kan bij bestuurlijk besluit in bijzondere gebieden of situaties afwijken van de geldende normen op basis van de bereikbaarheid en / of ruimtelijke situatie. De afwijkende parkeernorm zal in dat geval in het bestemmingsplan voor het betreffende ontwikkeling worden vastgelegd.

10 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 11

12 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

HET TOEPASSINGSKADER FIETSPARKEREN

3

Eindhoven heeft (ruimtelijke-)mobiliteitsambities en is met name in het centrum waar de ruimte schaars is, op zoek naar duurzame alternatieven voor autoverkeer. Hierbij wordt vooral ingezet op de fiets, het openbaar vervoer en het lopen. Om te waarborgen dat bij ontwikkelingen ook goede stallingsmogelijkheden voor de fiets worden gerealiseerd, zijn ook fietsnormen opgenomen in de nota parkeernormen. De systematiek voor fietsen is vergelijkbaar aan die van auto’s, maar is eenvoudiger. Dat komt door het feit dat fietsen minder plaats innemen en daardoor een veel kleiner ruimtebeslag hebben. Uitgangspunt is ook hier dat voorkomen moet worden dat fietsparkeeroverlast bij nieuwe planontwikkelingen ontstaat. Fietsers willen vaak wel netjes parkeren, als er op korte afstand maar plek voor hen is.

3.1 D  e toepassing van de fietsparkeernormen Bij het bepalen van de behoefte aan fietsparkeerplaatsen bij nieuwbouw, een verbouwing of functiewijziging wordt eveneens uitgegaan van ‘parkeernormen’. De parkeernormen voor fietsen zijn weergegeven in bijlage 6 en zijn gebaseerd op de CROW publicatie 317 ‘Kencijfers Parkeren en Verkeersgeneratie’. In tegenstelling tot het beschreven proces inzake de bepaling van de parkeeropgave voor autoparkeerplaatsen, hanteert de gemeente Eindhoven voor fietsparkeerplaatsen het uitgangspunt dat de fietsparkeeropgave geheel op eigen terrein dient te worden gerealiseerd. Deze fietsparkeerplaatsen dienen goed toegankelijk te zijn, nabij de entree (max. 25 m), op de begane grond. Bij niet grondgebonden complexen dient de fietsenstalling inpandig te worden gerealiseerd. Indien de fietsenberging op een verdieping wordt gerealiseerd, dient deze met een hellingbaan toegankelijk te zijn. De fietsenstalling dient te voldoen aan de eisen volgens de Stichting Fiets­parkeur (zie www.fietsparkeur.nl) en er dient rekening gehouden te worden met verschillende fietstypes zoals bakfietsen en elektrische fietsen . Indien nodig dient voor scootmobielen een aparte ruimte te worden opgenomen.

3.2 Uitzondering toepassingskader Het college van burgemeester en wethouders verklaart de verplichte fietsparkeernormen niet van toepassing in de volgende geval: ▪ Bij kleine (her)ontwikkelingen (woonfunctie) waarbij het verschil tussen de normatieve parkeerbehoefte van de oude functie en de nieuwe functie voor de totale ontwikkeling kleiner is dan 5 fietsparkeerplaatsen.

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 13

14 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

JURIDISCH KADER, INSTRUMENTEN VOOR STURING

4

4.1 Toetsing via bestemmingsplan en omgevingsvergunning Eindhoven wil nieuwe ontwikkelingen mogelijk maken en waarborgen dat voor goede mobiliteitsoplossingen gekozen wordt. Voorheen was de toetsing van de parkeernormen geregeld in de Bouwverordening. Een bouwvergunning werd getoetst aan de parkeernormen.Met ingang van 1 juli 2018 dienen parkeernormen opgenomen te worden in het bestemmingsplan. In 2018 is een paraplubestemmingsplan vastgesteld, waarbij de Nota Parkeernormen van toepassing is verklaard op alle bestemmingsplannen waarin de parkeernormen nog niet waren opgenomen. Voor alle nieuwe bestemmingsplannen geldt de verplichting om een parkeernorm voor te schrijven dan wel te verwijzen naar de Nota Parkeernormen.

4.2 Nota parkeernormen is een beleidsregel, toetsingskader In de Nota Parkeernormen wordt het parkeerbeleid voor planontwikkeling vastgelegd; parkeer- en stallingsruimten voor auto’s en fietsen. Structurele ruimte voor het parkeren van vrachtwagens, caravans en campers en andere vervoermiddelen zijn geen onderwerp van deze Nota. Het parkeren van deze categorieën voertuigen vindt in het algemeen plaats op privaat terrein en voor zover de openbare weg hiervoor gebruikt wordt, is dit geregeld in de Algemene Plaatselijke Verordening (hierna te noemen: APV). Deze nota heeft het karakter van een beleidsregel en wordt gebruikt bij de invulling van bevoegdheden op grond van de Wet ruimtelijke ordening (bestemmingsplan), de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (omgevingsvergunning) en de APV (evenementenvergunning). Er bestaan geen landelijk voorgeschreven normen voor parkeren. Wel zijn er landelijke richtlijnen voor de hoogte en het toepassen van parkeerkencijfers. Deze zijn opgenomen in de CROW publicatie 317 ‘Kencijfers Parkeren en Verkeersgeneratie’. De gemeente Eindhoven hanteert deze richtlijnen, in combinatie met haar eigen onderzoek en inzichten naar de parkeervraag als insteek voor een genuanceerde vaststelling van haar parkeernormen.

4.3 Juridische verankering mobiliteitscorrectie Deze nota wil behalve sturen op parkeernormen ook sturen op andere mobiliteitsoplossingen om daarmee de nieuwe parkeervraag en extra verkeersgeneratie zo veel mogelijk te beperken. De mogelijkheden hiervoor zijn beschreven in het toepassingskader Autoparkeren uit hoofdstuk 2. Het hiervoor ontwikkelde stappenplan is integraal onderdeel van de parkeernormensystematiek en dient door de initiatiefnemer onvoorwaardelijk te worden toegepast. De mobiliteitscorrectie die voortvloeit uit stap 3 van het stappenplan, wordt verrekend in de parkeeropgave die in het bestemmingsplan wordt vastgelegd. De gemeente is zelf actief met het realiseren van parkeerterreinen op afstand van het centrum. Hieraan kan een bijdrage worden geleverd via het mobiliteitsfonds. Andere oplossingen zijn de inzet van deelauto’s, deelfietsen en extra fietsenstallingen. Dit moet leiden tot meer maatwerk per locatie – in het bijzonder in het centrum van Eindhoven.

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 15

4.4 Samenvattend De gemeente streeft naar de aanleg van zo min mogelijk parkeervoorzieningen en zet maximaal in op duurzame mobiliteit. De wens is om zoveel mogelijk met deelauto’s te werken en fiets- en OV-gebruik te stimuleren en in te zetten op nieuwe mobiliteitsvormen (Mobility As A Service).In voorkomende gevallen is afkoop van de parkeeropgave mogelijk door een storting te doen in het mobiliteitsfonds, waaruit duurzame stadsbrede mobiliteitsvoorzieningen worden gefinancierd, zoals een stadsbreed autodeelnetwerk, deelfietsensysteem en smart hubs. Met deze geactualiseerde nota parkeernormen beschikt de gemeente voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen over een adequate juridische basis ten aanzien van parkeren.

4.5 Overgangsregeling De nota Actualisatie Parkeernormen treedt in werking op de dag nadat deze bekend zijn gemaakt. Er is een overgangsregeling van toepassing voor concept aanvragen omgevingsvergunning en initiatieven Intake, ingekomen vóór de inwerkingtreding van de geactualiseerde parkeernormen. Deze initiatieven kunnen tot een jaar na inwerkingtreding nog een beroep doen op de nota Parkeernormen 2016.

16 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

bijlagen

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 17

BIJLAGE

1 BEGRIPPENLIJST Begrip

Toelichting

BVO

Het bruto vloeroppervlak (BVO) is het totale bruto vloeroppervlak achter de voordeur wat nodig is voor de functie.

CROW

Kennisorganisatie op het gebied van infrastructuur, openbare ruimte, verkeer en vervoer.

Fietsparkeur

Stichting die normen vast stelt voor het beoordelen van fietsparkeersystemen en het FietsParKeurmerk verleent aan systemen die aan deze eisen voldoen. De Fietsersbond is één van de oprichters van FietsParKeur en nog steeds partner van de Stichting.

Laatste legale gebruik

Het gebruik inzake parkeren dat is vastgelegd in: een (omgevings) vergunning, inpassingsplan, beheersverordening, (wijziging/ uitwerking/ontheffing van) bestemmingsplan.

Normatieve parkeerbehoefte

De parkeerbehoefte waarbij nog geen rekening is gehouden met dubbelgebruik van parkeerplaatsen en de mobiliteitscorrectie.

Mobiliteitscorrectie

Andere invulling van de reguliere parkeerplaatsen benodigd voor de parkeerbehoefte door vormen van alternatieve vervoerswijzen of locaties nabij HOV.

Mobiliteitsplan

Een plan waarin een toelichting gegeven wordt aan de opgestelde parkeerbalans. In de toelichting staat bijvoorbeeld het gebruik van duurzame mobiliteit zoals deelauto’s, deelfietsen of de verwijzing naar P+R-terreinen of de afkoop via het mobiliteitsfonds.

Openbaar parkeeraanbod

Openbaar toegankelijke parkeervoorzieningen: straatparkeren, openbare parkeerterreinen en publieke parkeergarages

Parkeerbalans

Met een parkeerbalans wordt de (on)balans berekend tussen parkeervraag en parkeeraanbod binnen een bepaald gebied. Vaak valt de parkeervraag van functies niet samen in de tijd. Gecombineerd gebruik van parkeerplaatsen is dan mogelijk (dubbelgebruik)

Parkeerkencijfers

Parkeeropgave

Hulpmiddel voor ontwerpers om een orde van grootte uit te rekenen voor de parkeerbehoefte. De cijfers zijn gebaseerd op praktijk- of literatuurgegevens of onderbouwde bewerkingen hiervan. De uiteindelijk berekende parkeerbehoefte (na aftrek van dubbelgebruik van parkeerplaatsen en een mobiliteitscorrectie).

Parkeerplaats auto

Waar in deze Nota gesproken wordt over een parkeerplaats voor auto’s betreft het een ruimte conform de ‘NEN 2443: 2013 Parkeren en stallen van personenauto's op terreinen en in garages op terreinen en in garages’, publicatie Nederland Normalisatie-instituut, d.d. maart 2013, of de opvolger daarvan.

Parkeerplaats fiets

Waar in deze Nota gesproken wordt over een parkeerplaats voor fietsen betreft het een ruimte of voorziening, die voldoet aan de geldende wet- en (bouw)regelgeving.

POET-overzicht

Afkorting voor ‘Parkeren Op Eigen Terrein’. Overzicht met adressen die worden uitgesloten van een recht op een parkeervergunning of –ontheffingen en bezoekersregeling voor parkeren op de openbare weg.

18 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

BIJLAGE

2 BELEIDSKADERS

Onderstaande vastgestelde beleidsnota’s ligt ten grondslag aan deze geactualiseerde Nota Parkeernormen:

Eindhoven op weg De nota “Eindhoven op weg”, die op 19 november 2013 door de gemeenteraad is vastgesteld, vormt de basis voor het verkeers- en vervoersbeleid binnen de gemeente. De integrale visie op mobiliteit ‘Eindhoven op Weg’ (2013) wordt geactualiseerd. Met Eindhoven op Weg wordt gewerkt aan het realiseren van ruimtelijke- en duurzaamheidsdoelen én aan het oplossen en voorkomen van knelpunten die met mobiliteit samenhangen. Een belangrijke doelstelling van de visie om het stadscentrum te vrijwaren van hinder en overlast van het verkeer en het garanderen van een gezond woon- en leefmilieu (energieneutraal 2040), vraagt in navolging van de enorme verdichtingsopgave op korte termijn méér aandacht. Centraal daarbij staat het streven naar een autoluwe binnenstad, waarbij het autobezit wordt ontmoedigd en het aantal autobewegingen afneemt. Daarvoor in de plaats worden vormen van duurzame mobiliteit gestimuleerd: fietsen, wandelen, openbaar vervoer en het delen van voertuigen. Deze keuze heeft direct gevolgen voor het parkeerbeleid.

Nota parkeernormen 2016 en 2019 De uitgangspunten uit Eindhoven op weg inzake parkeernormen zijn meegenomen in de Nota Parkeernormen 2016, die is vastgesteld op 17 mei 2016. De Nota Parkeernormen 2016 vervangt de Nota parkeernormen uit 2012 en de bijbehorende Beleidsregels toepassing parkeernormen gemeente Eindhoven, die op 24 april 2014 is vastgesteld. Deze Nota Parkeernormen 2019 is een actualisatie van de Nota Parkeernormen 2016.

Coalitie akkoord 2018 – 2022: Evenwicht & energie In het coalitieakkoord is met betrekking tot mobiliteit het volgende opgenomen: “Onze stip op de horizon is een stad waar het doorgaand autoverkeer naar de Ring en de randen van de stad wordt verplaatst, inwoners en bezoekers worden gestimuleerd om zich te voet, met de fiets of het openbaar vervoer te verplaatsen en waar het centrum autoluw is. Daarmee zorgen we voor betere doorstroming en geven we een stevige kwaliteitsimpuls aan het centrum van de stad. We gaan voor een gezonde en leefbare binnenstad die we wél bereikbaar houden voor bestemmingsverkeer. Daar waar veranderende verkeersstromen de komende jaren tot nieuwe knelpunten leiden, nemen we flankerende maatregelen. Bij bereikbaarheidsvraagstukken redeneren we vanuit de gewenste kwaliteitsimpuls, luchtkwaliteit en leefbaarheid én vanuit economische ontwikkeling en de daarmee samenhangende groei van de stad. We hebben daarbij altijd oog voor de verkeersveiligheid van alle vervoersmodaliteiten.”

Nieuwe Ruimte 2013 Begin 2013 heeft de gemeenteraad het Plan van aanpak “Nieuwe ruimte” vastgesteld. Hierin is geanalyseerd dat een groot aantal ruimtelijke ontwikkelingen in de stad tegengehouden wordt door strikte toepassing van beleidsregels rondom de beleidsvelden groen, welstand en parkeren. Dit heeft verschillende oorzaken, maar rechtvaardigt de keuze om deze beleidsdocumenten als eerste op stedelijk niveau te herijken. In de huidige beleidsregels en parkeernormen zit onvoldoende flexibiliteit om af te kunnen wijken van de parkeernormen.

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 19

Gezonde stad Bij een beter leefklimaat horen onder andere een betere luchtkwaliteit, weinig geluidsoverlast en een slimme en gezonde inrichting van de stad. Schoner verkeer en vervoer helpen een stad gezonder te maken en zorgen daarmee voor een betere leefomgeving. Eindhoven is één van de pilotsteden van het programma Slimme en Gezonde Stad van het ministerie van I en M (nu Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat).

Klimaatverordening: emissievrije mobiliteit In de Klimaatverordening gemeente Eindhoven (2016) heeft de raad als ambitie vastgesteld om in 2030 55% minder CO2 uit te stoten dan in 1990 en in 2050 95% minder. De manier waarop we met mobiliteit omgaan is een randvoorwaarde in de verbindende transformatie tussen ruimtelijke ontwikkeling, klimaat, milieu, gezondheid, water en groen. In het steeds verder verdichtende stedelijke gebied is behoefte aan voldoende en aantrekkelijke leefruimte voor het toenemend aantal mensen dat er woont, verblijft of op bezoek komt.

Eindhoven Centraal Eindhoven Centraal (2016-2017) is een visie op het stadscentrum die is gericht op de ruimtelijk-economische structuurversterking vanuit het Brainport-perspectief. Het is complementair aan andere visies op het stadscentrum, zoals de Binnenstadvisie. De visie is opgebouwd rond vijf programma-lijnen en vijf cruciale gebieden. Deze visie wordt uitgewerkt in concrete projecten, waarin ook parkeren in het centrum aan bod komt. De grootste opgave voor de komende jaren is de ontwikkeling van de Internationale Knoop XL. Deze ontwikkeling zal met name rondom het station en het gebied Fellenoord plaatsvinden.

Binnenstadsvisie Eindhoven 2025 Voetgangers, fietsers en modern, duurzaam en snel openbaar vervoer geven we voorrang. Zo maken we de binnenstad minder gemotoriseerd en verbeteren we actief de luchtkwaliteit. We verbeteren de beloopbaarheid en verminderen barrières. Belangrijke wegen in de binnenstad richten we bijvoorbeeld opnieuw in. We hebben daarbij oog voor mindervaliden. We stimuleren elektrische mobiliteit en promoten actief gedeeld gebruik van voertuigen. Diverse voorzieningen in de binnenstad gaan dit ondersteunen. In Eindhoven Centrum fiets je makkelijk van A naar B. Met je eigen fiets of met één van de stads- of OV-fietsen. Je kunt voor je vervoer ook kiezen voor de elektrische zelfrijdende stadsbussen. Eindhoven wordt compact, overzichtelijk en bereikbaar. De uitstekende beloopbaarheid spoort aan tot ontmoeting, interactie en ontdekking. Een gezonde en vitale stad die stimuleert energie in je zelf naar boven te halen.

Agenda Deelmobiliteit Om de doelstellingen op gebied van bereikbaarheid en duurzaamheid te bereiken wil Eindhoven deelmobiliteit een volwaardige plek in de stad geven. Om voorbereid te zijn op de komst van deelmobiliteit en ontwikkelingen op dit terrein te stimuleren heeft Eindhoven de Agenda Deelmobiliteit opgesteld. Hierin zijn drie sporen benoemd hoe vanuit de gemeente om kan gaan met deelmobiliteit. In de Agenda kiest de gemeente voor een uitnodigende rol om verschillende vormen van deelmobiliteit tot stand te kunnen laten komen en houdt regie op uitrol, kwaliteit en ordening. Uiteindelijk moet dit leiden tot een samenhangend stadsbreed netwerk van deelmobiliteit dat zichtbaar, herkenbaar en voor iedereen toegankelijk moet zijn. Eindhoven kiest hierbij voor een adaptieve aanpak met een actieagenda waarin de activiteiten van de Agenda Deelmobiliteit zijn uitgezet.

20 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

BIJLAGE

3 TOELICHTING TOEPASSINGSKADER VOOR AUTO’S

In deze bijlage worden de stappen in het toepassingskader parkeren voor auto’s toegelicht. Zie voor rekenvoorbeelden bijlage 4. POET-overzicht (Parkeren Op Eigen Terrein) Bij nieuwe planontwikkelingen worden nooit parkeervergunningen en bezoekersregelingen voor parkeren op de openbare weg verstrekt. De adressen van de planontwikkeling worden toegevoegd aan het POET-overzicht. Het doel van dit POET-overzicht is dat wordt voorkomen dat gebruikers en/of bezoekers van dergelijke ontwikkelingen parkeren in het openbare gebied dat primair voor anderen bestemd is. De initiatiefnemer dient toekomstige bewoners in een nieuwe planontwikkeling hierover te informeren.

Stap 1: B  epaling normatieve parkeerbehoefte Zodra een ontwerp van een planontwikkeling zich daarvoor leent, levert de initiatiefnemer een onderbouwing (zie een rekenvoorbeeld bijlage 3) aan van de te verwachten parkeerbehoefte van de planontwikkeling op basis van de in deze Nota genoemde parkeernormen (zie bijlage 6). Bij het berekenen van de normatieve parkeerbehoefte zijn verschillende gegevens nodig (type functie, omvang, beoogd gebruik etc.). Het is van belang om zo concreet mogelijk te benoemen om wat voor een planontwikkeling het gaat en/of hoe het gebouw gebruikt zal gaan worden. Ook de omvang van de totale planontwikkeling moet worden aangegeven. Normen zijn gekoppeld aan functies Om een goede parkeerbalans op te kunnen stellen zijn de juiste invoergegevens nodig. Voor een planontwikkeling met grondgebonden woningen zijn dit bijvoorbeeld het aantal woningen per woningtype, voor hotels is dit het aantal kamers. Voor de meeste functies is de norm gebaseerd op het aantal vierkante meter bruto vloeroppervlakte (m2 bvo). Parkeernorm voor wonen De parkeernorm voor wonen is samengesteld uit en houdt rekening met: ▪ het gemiddeld autobezit per huishouden (inclusief gebruik van leaseauto’s); ▪ de verwachte groei van het autobezit; ▪ de niet-buurtgebonden voertuigen (‘bezoekers’).

Uit onderzoek blijkt dat het autobezit per huishouden sterk afhankelijk is van zaken als de oppervlakte van de woning, de locatie en het soort woning. De belangrijkste verschillen in autobezit zijn gelegen tussen grondgebonden woningen en niet-grondgebonden woningen. Daarnaast zijn er twee bijzondere typen woningen waarbij het autobezit significant afwijkt (naar beneden) van het gemiddelde: begeleidend wonen en kamers voor studenten.

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 21

Bij het bepalen van de parkeernorm voor wonen wordt daarom onderscheid gemaakt in de woningtypen van tabel 1. Type woning

Omschrijving

Niet-grondgebonden woning

Woning is onderdeel van een (gestapeld) gebouw en/of heeft een gezamenlijke entree.

Grondgebonden woning

Woning met rechtstreekse zelfstandige aansluiting op straatniveau.

Zelfstandige woonruimte met campuscontract

Zelfstandige woonruimte ten behoeve van studenten*

Onzelfstandige woonruimte (kamer-verhuur)

Onzelfstandige kamers met gezamenlijk gebruik keuken, leefruimte en/of sanitair.

Woonruimte voor begeleid wonen (verpleeg- en verzorgingstehuis)

Onzelfstandige of zelfstandige woonruimte. Vorm van begeleiding noodzakelijk. Bijvoorbeeld groepswonen of vervangend tehuis.

Tabel 1 Indeling woningtypen Eindhoven * zelfstandige woonruimte zonder campuscontract wordt gerekend als niet-grondgebonden woning.

Binnen de gemeente Eindhoven worden drie verschillende omvangtypes voor woningen aangehouden: - < 60m2 BVO - 60-120 m2 BVO - > 120m2 BVO Bezoekers In de normering is tevens het parkeren voor het bezoek aan de woningen opgenomen. Voor het bezoekersparkeren wordt gerekend met een norm van 0,1 parkeerplaatsen per woning in het centrum. In de schillen en het restgebied bedraagt de bezoekersnorm 0,3 parkeerplaats per woning. Indeling van de stad Binnen Eindhoven zijn drie verschillende zones met parkeernormen gedefinieerd. Daarom is het noodzakelijk om te bepalen in welke zone een plangebied ligt (zie bijlage 4). Bij nieuwbouw, verbouw en/of functiewijziging geldt het laatste legale gebruik Bij nieuwbouw, verbouw en/of functiewijziging wordt rekening gehouden met de normatieve parkeerbehoefte van de bestaande situatie. Relevant is welke extra capaciteit benodigd is, rekening houdend met de (wijziging van de) functie en de aanwezigheidspercentages. Uitgangspunt is dat de normatieve behoefte van het laatste legale gebruik (zie begrippenlijst bijlage 1) van de bestaande situatie in mindering wordt gebracht (reductie) op de te berekenen normatieve parkeerbehoefte van de nieuwe situatie. Als een gebouw of terrein meer dan vijf jaar ongebruikt is gebleven, wordt de parkeerbehoefte van de bestaande situatie geacht nihil te zijn.

Tijdelijk gebruik ter overbrugging van een permanent gebruik wordt (als het niet langer dan vijf jaar heeft geduurd) buiten beschouwing gelaten bij de beoordeling van het laatste legale gebruik. Het is ter beoordeling van de gemeente of er sprake is van tijdelijk gebruik.

Stap 2: Toets dubbelgebruik De parkeernorm geeft aan wat de parkeerbehoefte van een functie is. Wanneer binnen een planontwikkeling meerdere functies worden gebouwd, vallen de pieken in parkeerbehoefte van die functies niet altijd op hetzelfde moment. Bij woningen is de behoefte aan parkeercapaciteit bijvoorbeeld ’s avonds en ’s nachts maximaal, bij een bedrijf of kantoor zal die behoefte vooral overdag optreden. Dit noemen we de maatgevende momenten voor de parkeerbehoefte van die functies. Door het combineren van die functies kan een deel van de parkeercapaciteit mogelijk dubbel gebruikt worden. In derge-

22 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

lijke gevallen zijn daarom minder parkeerplaatsen nodig dan de complete optelsom van de parkeerbehoeftes. In eerste instantie moet gekeken worden welke parkeerplaatsen in aanmerking komen voor dubbelgebruik. Parkeerplaatsen die daar niet voor in aanmerking komen zijn bijvoorbeeld parkeerplaatsen voor bewoners op eigen terrein of parkeerplaatsen die worden verkocht of verhuurd aan specifieke gebruikers. Met de aanwezigheidspercentages per functiegroep per moment van de week wordt berekend wat de maatgevende parkeerbehoefte is. De hoogst opgetelde minimale parkeerbehoefte die hoort bij alle functies gezamenlijk is maatgevend. De aanwezigheidspercentages staan in bijlage 7.

Parkeeropgave (uitkomst van stap 1 en 2): De uitkomst van stap 1 en 2 is de theoretische parkeeropgave van het plan. De berekening van de theoretische parkeerbehoefte wordt naar boven afgerond op gehele getallen. Een parkeerbehoefte van 9,1 parkeerplaatsen heeft dus 10 parkeerplaatsen als uitkomst. In de volgende stappen wordt bepaald hoe aan de parkeeropgave beantwoord moet worden, waarbij het streven is zo min mogelijk nieuwe parkeerplaatsen te realiseren in het belang van de doelstellingen op het gebied van bereikbaarheid, vergroening en milieu.

Stap 3: Toepassen mobiliteitscorrectie De initiatiefnemer dient voor het centrum en de schil een mobiliteitsplan op te (laten) stellen om aan te tonen hoe hij gebruik gaat maken van de mobiliteitscorrectie; de reguliere parkeerplaatsen welke benodigd zijn voor de parkeerbehoefte worden dan op een andere manier ingevuld. Uitgangspunt van het mobiliteitsplan moet zijn dat er zo min mogelijk parkeerplaatsen worden gerealiseerd. Bijvoorbeeld omdat een collectief van opdrachtgevers voor een woningblok de ambitie heeft om een autovrij gebied te ontwikkelen en er daarom voor kiest om geen eigen auto’s te hebben, maar gebruik te maken van gezamenlijke deelauto’s. Of een bedrijvencomplex dat naast een goed openbaar vervoersknooppunt ligt en zich specifiek richt op bedrijven met medewerkers die zonder auto komen. De mobiliteits-correctie wordt op de normatieve parkeerbehoefte in mindering gebracht. De mobiliteitsoplossingen dienen een houdbaarheid van minimaal 10 jaar te hebben. De verantwoording van het mobiliteitsplan ligt bij de initiatiefnemer. In het mobiliteitsplan wordt aangetoond hoe de parkeerbehoefte wordt ingevuld. Dit kan door de parkeeropgave (deels) op te vangen door: 1. door te ontwikkelen vlakbij haltes van het HOV (Hoogwaardig Openbaar Vervoer) 2. door het inzetten van deelauto’s voor bewoners 3. de inzet van duurzaam alternatief vervoer.

Ad 1: HOV Voor een ontwikkeling in de directe nabijheid van een HOV-halte zijn de volgende correctiefactoren voor de parkeeropgave van toepassing: ▪ Binnen 800 m hemelsbreed van station Eindhoven Centraal: - 50% ▪ Binnen 400 m hemelsbreed van een HOV-halte en station Strijp S: - 25% Ad 2: deelauto Bij de ontwikkeling van een woonfunctie kan de parkeeropgave verlaagd worden met het volgende aantal parkeerplaatsen bij de inzet van deelauto’s: ▪ in het centrum vervangt één deelauto maximaal 10 parkeerplaatsen ▪ in de schillen vervangt één deelauto maximaal 7 parkeerplaatsen ▪ in het restgebied vervangt één deelauto maximaal 4 parkeerplaatsen De exacte reductie hangt, naast de locatie, af van het aantal woningen en de doelgroep. De ontwikkelaar dient te in het mobiliteitsplan te onderbouwen hoe de door hen bedachte mobiliteitsoplossing in praktijk gewaarborgd blijft voor een periode van minimaal 10 jaar.

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 23

Gebruikers van de nieuwe ontwikkeling komen in geen geval in aanmerking voor een parkeervergunning en/of bezoekersregeling (POET-overzicht). Ad 3: duurzame alternatieve mobiliteitsvoorzieningen De parkeeropgave kan ook verminderd worden als de ontwikkeling kan voorzien in een groter gebruik van alternatieve vervoersmogelijkheden. Gedacht kan worden aan de inzet van elektrische deelfietsen voor bewoners of personeel en MaaS-alternatieven (zie hoofdstuk 1). Dit is maatwerk per plan; de correctie op de parkeeropgave zal in onderling overleg wordt bepaald.

Stap 4: Gebruik van bestaande parkeervoorzieningen Omdat we alle bestaande parkeerplaatsen in de stad zo goed mogelijk willen benutten, kan de initiatiefnemer de parkeeropgave ook invullen met private of openbare parkeerplaatsen. Particuliere parkeervoorzieningen Indien particuliere parkeervoorzieningen, binnen de toegestane loopafstand (zie bijlage 4), capaciteit hebben om (een deel van) de parkeeropgave op te vangen, kan deze parkeercapaciteit worden gebruikt om (een deel van) de parkeeropgave te faciliteren. Het gaat hier om reeds bestaande private parkeerterreinen of -garages. Bijvoorbeeld door parkeercapaciteit te huren of te kopen op een aangrenzende locatie. Hiervoor geldt dat de parkeerlocatie binnen de toegestane loopafstand moet liggen en dat de parkeercapaciteit structureel (minimaal 10 jaar) beschikbaar moet zijn. Wanneer de mogelijkheid van benutting van private parkeerplaatsen er is, moet dit door de initiatiefnemer worden aangetoond. De initiatiefnemer dient daarbij bewijsstukken aan te leveren: ▪ een onderbouwing van het gebruik van de parkeerplaatsen (parkeerbezetting); ▪ een overeenkomst met daarop het overeengekomen gebruik van het aantal plaatsen en de eventueel daarbij behorende gebruikstijden. Deze overeenkomst dient te worden vastgelegd voor minimaal 10 jaar met een kettingbeding en boeteclausule voor (eventuele) rechtsopvolgers van de initiatiefnemer.

Openbare parkeervoorzieningen De initiatiefnemer dient voor gebruik van openbare parkeervoorzieningen te onderbouwen dat er in de directe omgeving van de ontwikkeling nog parkeercapaciteit beschikbaar is in de openbare ruimte (straatparkeerplaatsen, parkeerplaatsen op openbare parkeerterreinen of in niet afgesloten -garages). Het is essentieel dat deze parkeerplaatsen ook daadwerkelijk beschikbaar en toegankelijk zijn voor alle doelgroepen waarvoor ze zijn bedoeld én dat deze zich binnen de acceptabele loopafstand bevinden, mede om het beoogde dubbelgebruik te kunnen realiseren. De parkeerbezetting van de betreffende parkeerplaatsen mag inclusief het beoogde gebruik van de door de initiatiefnemer te realiseren functies, nooit hoger uitkomen dan 90%. Dit percentage houdt rekening met de gewenste leegstand van parkeerplaatsen zodat onnodig zoekgedrag wordt voorkomen en geen stagnatie van wachtende auto’s om te parkeren optreedt. De initiatiefnemer dient voor zijn rekening een onafhankelijk parkeeronderzoek uit te voeren om de mogelijkheid van het gebruik van beschikbare openbare parkeerplaatsen aan te tonen.

Dit parkeeronderzoek dient rekening te houden met: ▪ de maatgevende onderzoeksperiode (geen vakantie en/ of feestdagen); ▪ het maatgevend onderzoeksmoment (afhankelijk van de afwezigheidspercentage van de functies); ▪ aantal onderzoekmomenten (meerdere dagen en meerdere tijdstippen); ▪ eventuele aanwezigheid van belanghebbendenparkeren e.d.; ▪ maximale loopafstanden; ▪ actualiteit: bij voorkeur zo recent mogelijk maar in ieder geval niet ouder dan twee jaar Een onafhankelijke partij dient het parkeeronderzoek uit te voeren. Het is vervolgens aan de gemeente Eindhoven om aan te geven of de door de initiatiefnemer benoemde parkeerplaatsen geschikt en beschikbaar zijn om (een deel van) de parkeeropgave te faciliteren. De

24 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

gemeente heeft daarbij altijd het recht om het toekennen van bestaande overcapaciteit op openbare parkeerplaatsen als oplossing voor de parkeeropgave van de initiatiefnemer te weigeren. Hierbij wordt onder andere gekeken naar de relatie met andere (voorziene) planontwikkelingen, de ontwikkeling van het autobezit en de wens om te ontharden. In de schil en het restgebied staat de gemeente het gebruik van maximaal 10 openbare parkeerplaatsen toe bij een nieuwe planontwikkeling. Uit het parkeeronderzoek moet blijken of dit mogelijk is. Dit maximum is ingevoerd om andere ontwikkelingen ook mogelijk te kunnen maken. Vanwege de schaarste van de openbare ruimte moet een bijdrage worden geleverd in het mobiliteitsfonds. Zie stap 6. Gelet op het feit dat een nieuwe planontwikkeling altijd wordt opgenomen in het POET-overzicht worden nooit parkeervergunningen en bezoekersregelingen voor parkeren op de openbare weg verstrekt. Dit geldt dus ook als een plan niet of niet volledig voorziet in parkeren op eigen terrein maar de parkeeropgave oplost in bestaande openbare of private capaciteit in de directe omgeving.

Stap 5: Gebruik eigen terrein Als er geen mogelijkheden zijn om van bestaande parkeerplaatsen gebruik te maken, kan de parkeeropgave op eigen terrein of binnen de grenzen van het plangebied gerealiseerd worden. Bij grondgebonden woningen is vaak parkeerruimte op eigen terrein aanwezig, in de vorm van een garage, oprit of carport. Omdat deze voorzieningen niet altijd voor parkeren gebruikt worden, telt niet het volledig aantal parkeerplaatsen mee voor het bepalen van de parkeercapaciteit. In onderstaande tabel staan de berekeningsaantallen weergegeven van de parkeervoorzieningen op eigen terrein. Aan de hand hiervan kan de gecorrigeerde parkeercapaciteit van parkeren op eigen terrein worden bepaald.

Parkeervoorziening

Theoretisch aantal

Berekeningsaantal

Opmerkingen

Enkele oprit zonder garage

1

1,0

oprit min. 6,0 meter diep

Lange oprit zonder garage of carport

2

1,0

oprit min. 10,0 meter diep

Dubbele oprit zonder garage

2

2,0

oprit min. 5,0 meter breed

Garage zonder oprit (bij woning)

1

0,6

garage min. 6,0 meter diep

Garagebox (niet bij woning)

1

0,5

huur- of koopcontract

Garage met enkele oprit

2

1,2

oprit en garage ieder min. 6,0 meter diep

Garage met lange oprit

3

1,5

oprit min. 10,0 meter diep

Garage met dubbele oprit

3

2,0

oprit min. 5,0 meter breed

Tabel 2 Correctiefactoren parkeren op eigen terrein bij woningen

Stap 6: Afkoop via mobiliteitsfonds Als sprake is van afkoop wordt in een overeenkomst tussen gemeente en initiatiefnemer vastgelegd hoeveel parkeerplaatsen afgekocht worden. De afkoopsom wordt gestort in een mobiliteitsfonds waaruit duurzame mobiliteitsvoorzieningen worden gefinancierd (stadsbreed autodeelnetwerk, deelfietsensysteem, smart hubs etc.) De beoordeling of gebruik kan worden gemaakt van de mogelijkheden van de afkoopregeling ligt altijd bij de gemeente.

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 25

De gemeente Eindhoven kent de volgende afkoopmogelijkheden: 1.  Vaste parkeerplaats voor een deelauto voor bewoners in openbare ruimte (stap 3 i.c.m. stap 4) – met voldoende restcapaciteit De ontwikkelaar zorgt voor een deelauto. De deelauto wordt ingezet om de benodigde parkeerbehoefte van de nieuwe bewoners op te vangen. Uitgangspunt is dat alle bewoners in de omgeving ook gebruik mogen maken van deze deelauto. De deelauto krijgt een vaste plaats in de directe omgeving van de ontwikkeling. Uit een onafhankelijk parkeeronderzoek blijkt dat binnen de maximale loopafstanden van de nieuwe functie(s) de parkeerbezetting onder de 90% blijft met toevoeging van de deelauto. 2. Deelauto inzetten voor bewoners in openbare ruimte (stap 3 i.c.m. stap 4) – zonder voldoende restcapaciteit De ontwikkelaar zorgt voor een deelauto. De deelauto wordt ingezet om de benodigde parkeerbehoefte van de nieuwe bewoners op te vangen. Uitgangspunt is dat alle bewoners in de omgeving ook gebruik mogen maken van deze deelauto. De deelauto krijgt geen vaste plaats in de directe omgeving. Uit een onafhankelijk parkeeronderzoek blijkt dat binnen de maximale loopafstanden van de nieuwe functie(s) de parkeerbezetting boven de 90% is. Uitgangspunt gemeente is dat door toevoeging van een deelauto de parkeerbezetting in de toekomst zal gaan dalen.

3. Opvangen parkeerplaatsen in openbaar parkeeraanbod bij voldoende restcapaciteit (stap 4) Afkoop voor opvang van een (deel van de) parkeergave in het openbare aanbod is mogelijk op voorwaarde dat uit onafhankelijk parkeeronderzoek blijkt dat binnen de maximale loopafstanden van de nieuwe functie(s) de parkeerbezetting onder de 90% blijft met toevoeging van de benodigde parkeerbehoefte. Er worden geen vaste parkeerplaatsen toegewezen aan de ontwikkeling. Ook bij gebruik van deze afkoopmogelijkheid is geen aanspraak mogelijk op een parkeer- en/of bezoekersvergunning. In de schil en het restgebied staat de gemeente het gebruik van maximaal 10 openbare parkeerplaatsen toe bij een nieuwe planontwikkeling. Dit maximum is ingevoerd om andere ontwikkelingen ook mogelijk te kunnen maken. 4. Opvangen parkeerplaatsen door middel van stadsbrede alternatieve mobiliteitsoplossingen (stap 6) Uitgangspunt is dat extra parkeervoorzieningen worden gerealiseerd aan de rand van de stad waarmee de benodigde parkeerbehoefte kan worden opgevangen. De parkeerbehoefte in de stad wordt opgevangen met de inzet van een stadsbreed autodeelnetwerk, stadsbreed deelfietsensysteem of andere duurzame mobiliteitsontwikkelingen die door de gemeente worden gefaciliteerd. Er worden geen vaste parkeerplaatsen toegewezen aan de ontwikkeling. Het afkoopbedrag kan afhankelijk van de ontwikkellocatie verschillen.

In onderstaande tabel zijn de afkoopbedragen per parkeerplaats opgenomen. Afkoopmogelijkheden

centrum

schil

restgebied

1. Plan voorziet in deelauto op vaste parkeerplaats (parkeerdruk ≤ 90%)

€ 250

€0

€0

2. Plan voorziet in deelauto zonder vaste parkeerplaats (parkeerdruk > 90%)

€ 500

€ 250

€0

3. P  lan vangt (deel) parkeeropgave op in openbaar aanbod (parkeerdruk ≤90%)

€ 1.000

€ 1.000 (max. 10 pp)

€1.000 (max. 10 pp)

€ 1.000

€ 2.500

€ 5.000

4. Plan lost (deel) parkeeropgave op d.m.v. bijdrage aan stadsbrede alternatieve mobiliteitsoplossingen

Tabel 3 Afkoopbedragen (per parkeerplaats) mobiliteitsfonds gemeente Eindhoven

26 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

BIJLAGE

4 DRIE REKENVOORBEELDEN

Sinds 1 april 2019 is een online rekentool beschikbaar (www.parkeernota.eindhoven.nl) . Via eenvoudige stappen kan de huidige situatie en de nieuwe situatie worden ingevoerd, waarna de theoretische parkeerbehoefte inclusief eventueel dubbelgebruik automatisch wordt berekend.

Voorbeeld 1. Dubbelgebruik (Parkeerbehoefteberekening van een nieuwe ontwikkeling met dubbelgebruik) Verzameling invoergegevens In een planontwikkeling worden woningen, kantoren en een supermarkt gerealiseerd. Om de parkeerbehoefte te kunnen bepalen zijn de volgende gegevens nodig. Functie

aantal eenheid

grondgebonden woning > 120 m2 bvo

10

stuks

kantoor (zonder baliefunctie)

2.000

m2 bvo

wijkwinkelcentrum

2.000

m2 bvo

Berekening normatieve parkeerbehoefte In dit voorbeeld ligt het plangebied binnen de zone schil. In het onderstaande overzicht zijn de invoergegevens vermenigvuldigd met de parkeernormen die in deze zone gelden. Functie

aantal eenheid norm eenheid

aantal pp

grondgebonden woning > 120 m2 bvo 10

stuks

1,4

woning

14

kantoor (zonder baliefunctie)

2.000

m2 bvo

1,3

100 m2 bvo

26

wijkwinkelcentrum

2.000

m2 bvo

2,5

100 m2 bvo

50

Totaal

90

Voor dit plan is de normatieve parkeerbehoefte dus 90 pp. Berekening dubbelgebruik Nu de normatieve parkeerbehoefte is bepaald, wordt gekeken of verschillende doelgroepen op andere tijden gebruik kunnen maken van dezelfde parkeerplaatsen. Dit is de toets dubbelgebruik. Dit wil zeggen dat voor alle maatgevende momenten bepaald wordt of er voldoende parkeerplaatsen beschikbaar zijn voor de parkeerbehoefte op het betreffende moment. In de onderstaande tabel zijn de aanwezigheidspercentages per moment van de week voor de vier categorieën weergegeven (let op: bezoek van bewoners heeft andere maatgevende momenten dan bewoners).

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 27

Categorie

werkdag werkdag werkdag koop ochtend middag avond avond

werkdag zaternacht dag middag

zaterdag avond

zondag middag

grondgebonden 50% woning groot 2 (> 120 m bvo)

50%

90%

80%

100%

60%

80%

70%

bezoekers woningen

10%

20%

80%

70%

0%

60%

100%

70%

kantoor (zonder baliefunctie), bijv. administratief en zakelijk)

100%

100%

5%

5%

0%

0%

0%

0%

Wijkwinkelcentrum

30%

60%

70%

80%

0%

100%

0%

75%

In onderstaande tabel is met behulp van de aanwezigheidspercentages voor de verschillende tijdstippen de parkeerbehoefte berekend. Categorie

werkdag werkdag werkdag koop ochtend middag avond avond

grondgebonden 5,5 woning groot 2 (> 120 m bvo)

werkdag zaternacht dag middag

zaterdag avond

zondag middag

5,5

9,9

8,8

11

6,8

8,8

7,7

bezoekers woningen

0,3

0,6

2,4

2,1

0

1,8

3

2,1

kantoor (zonder baliefunctie), bijv. administratief en zakelijk)

26

26

1,3

1,3

0

0

0

0

Wijkwinkelcentrum

15

30

35

40

0

50

0

37,5

Totaal

46,8

62,1

48,6

52,2

11

58,4

11,8

47,3

Totaal (afgerond)

47

63

49

53

11

59

12

48

De hoogst opgetelde parkeernorm die hoort bij alle functies gezamenlijk is maatgevend. In dit voorbeeld is de werkdagmiddag het maatgevende moment met een totale parkeerbehoefte van alle drie de functies gezamenlijk met dubbelgebruik (afgerond) 63 parkeerplaatsen normatieve parkeerbehoefte – zonder dubbelgebruik: 90 parkeerplaatsen parkeeropgave met dubbelgebruik: 63 parkeerplaatsen

28 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

Voorbeeld 2. Toepassing mobiliteitscorrectie Wijzigen schoolgebouw in woningen en restaurant in schil met deels parkeren op eigen terrein Huidige situatie ROC-school met 500 leerlingen met norm 3,8 pp/100 leerlingen => 19 pp Gewenste situatie 250 niet-grondgebonden woningen < 60 m2 met norm 0,8 pp/won => 200 pp (waarvan 75 pp voor bezoekers) 600 m2 restaurant met norm 8,0 pp/100m2 bvo => 48 pp (waarvan 10pp personeel) Er is geen reductie mogelijk vanwege de verschillende aanwezigheidspercentages van de gewenste functie (woningen en restaurant) versus de bestaande functie (school). De totale nieuwe parkeerbehoefte zou 248 pp bedragen, maar vanwege dubbelgebruik is de parkeerbehoefte minimaal 188 pp. Er is een mobiliteitsplan aangeleverd, waarin is de volgende berekening is opgenomen: Stappen Stap 1 Stap 2 Stap 3

Stap 3

beschrijving

pp

Normatieve parkeerbehoefte Dubbelgebruik mogelijk

25%(25%*188 = 47)

47

1 deelauto vervangt in dit voorbeeld 5 pp (max=7), maar neemt ook 1 pp in beslag. Dus per saldo 4 pp aftrek

40

TOTAAL mobiliteitscorrectie

-87 pp Parkeeropgave

Stap 4 Stap 5

248 pp 188 pp

60 pp mogelijk door dubbelgebruik

Directe nabijheid van een HOV halte van 400 meter Inzet 10 deelauto’s (voor bewoners) op eigen terrein

Parkeerbalans

Huur 10 private pp voor medewerkers restaurant Beschikbare parkeerplaatsen op eigen terrein

= 101 pp

Huurovereenkomst voor 10 pp op nabijgelegen privaat terrein

10 pp 91 pp

De parkeerbalans komt hierdoor op 0 uit en de parkeerberekening is hierdoor akkoord. Het adres wordt toegevoegd aan de POET-lijst (Parkeren op eigen terrein). Dit betekent dat bij invoering van betaald parkeren, geen parkeervergunningen en bezoekersregelingen voor dit adres worden afgegeven. De ontwikkelaar dient hiermee rekening te houden bij verhuur of verkoop van de woningen. Indien er niet voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein zou zijn of andere parkeeroplossingen mogelijk waren, had van stap 6 (Afkopen parkeerbehoefte) gebruik gemaakt kunnen worden. Het restant parkeerbehoefte had dan afgekocht kunnen worden door een storting te doen in het mobiliteitsfonds. Vanuit het mobiliteitsfonds worden onder andere inzet deelauto’s gefinancierd.

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 29

Voorbeeld 3. Gebruik bestaande parkeercapaciteit Wijzigen kantoorpand in woningen in restgebied Stap 1 Bepalen parkeerbehoefte: Huidige situatie: 200m2 kantoren zonder baliefunctie met norm 1,4/100m2 bvo => 2,8 pp Gewenste situatie: 5 niet-grondgebonden woningen < 60 m2 met norm 1,0 pp/won => min. 5 pp (incl. 2 pp voor bezoekers) Er is geen reductie mogelijk vanwege de verschillende aanwezigheidspercentages van de gewenste functie (woningen) versus de bestaande functie (kantoren). De nieuwe parkeerbehoefte bedraagt dus min. 5 pp. Stap 2 Dubbelgebruik is niet van toepassing, aangezien de nieuwe bestemming uit 1 functie bestaat met eenzelfde aanwezigheidspercentage. Stap 3 Er is geen mobiliteitsplan opgesteld. Stap 4 Gebruik bestaande parkeerplaatsen: er zijn geen private parkeergelegenheden in de buurt die gehuurd kunnen worden. Als parkeeroplossing wordt voorgesteld om de 5 parkeerplaatsen af te wikkelen in de openbare ruimte. Hiervoor is een onafhankelijk parkeeronderzoek aangeleverd waarbij naar de parkeer­ capaciteit (aantal aanwezige parkeerplaatsen) en parkeerbezetting (aantal bezette parkeerplaatsen) is gekeken.

Hierbij is rekening gehouden met de maximaal aanvaardbare loopafstand van de nieuwe functie van de ontwikkeling (in dit geval wonen restgebied is 100m) en de maatgevende onderzoeksmomenten behorende bij deze functie (gebaseerd op de aanwezigheidspercentages van woningen). Parkeeronderzoek - resultaten

30 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

Uit dit aangeleverde parkeeronderzoek blijkt dat de gemiddelde parkeerbezetting (tabel totaal) binnen 100m maximaal 44% (86 pp van 195 pp zijn bezet) is. Indien de 5 benodigde pp worden toegevoegd in de openbare ruimte wordt de nieuwe parkeerbezetting 47% ((86+5) pp van de 195 zijn bezet) en blijft de parkeerbezetting onder de vereiste 90%. Dit betekent dat geen parkeeroverlast in de nabije omgeving ontstaat. Uitgangspunt is dat per ontwikkeling in het restgebied tot maximaal 10 pp in de openbare ruimte kan worden opgevangen, om overige ontwikkelingen in de nabije omgeving mogelijk te maken. Het adres wordt toegevoegd aan de POET-lijst (Parkeren op eigen terrein). Dit betekent dat bij invoering van betaald parkeren, geen parkeervergunningen en bezoekersregelingen voor dit adres worden afgegeven. De ontwikkelaar dient hiermee rekening te houden bij verhuur of verkoop van de woningen. Stap 5 Er hoeven geen parkeerplaatsen op eigen terrein te worden gerealiseerd. Stap 6 Mobiliteitsfonds. De openbare ruimte is schaars. Voor het gebruik van de openbare ruimte moet daarom betaald worden. Als naar de tabel met afkoop wordt gekeken, dan dient in dit geval 5 x € 5.000 = € 25.000 gestort te worden in het mobiliteitsfonds. Op basis van de kosten kan alsnog bepaald worden of een deelauto wordt ingezet voor de bewoners om op deze manier de kosten te verlagen.

De kosten voor het mobiliteitsfonds zouden dan 2x € 5.000 = € 10.000 bedragen (nl. 1 vaste pp deelauto voor bewoners en 2 pp voor bezoekers). Dit is niet verder uitgewerkt in dit rekenvoorbeeld.

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 31

32 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

BIJLAGE

5 OVERZICHTSKAART ZONE-INDELING

Centrum Het gebied begrensd door: Fellenoord, Boschdijk, Pastoor Petersstraat, Veldmaarschalk Montgomerylaan, Vincent van de Heuvellaan, John F. Kennedylaan, Prof. Dr. Dorgelolaan, Dommel, Vestdijk, Hertogstraat, P Czn Hooftlaan, Wal, Dommel, Edenstraat, Mauritsstraat, Vonderweg, Fellenoord. Schil De overige gebieden binnen de Ring Restgebied Ring en alles daarbuiten Opmerking: de scheidslijn tussen gebieden loopt over de as van de genoemde straten en wegen (ook in geval van de Ring).

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 33

BIJLAGE

6 LOOPAFSTANDEN Acceptabele loopafstanden tussen de parkeerplaats en het bestemmingsadres dienen als maat voor de situering van de parkeerplaatsen ten opzichte van de functies. De acceptatie van die loopafstand hangt af van de parkeerduur en van het motief van het bezoek van het bestemmingsadres. De acceptatie van loopafstanden vertoont marges, welke onder andere bepaald worden door: ▪ aantrekkelijkheid van de looproute ▪ parkeerregulering en prijsstelling ▪ concurrentiekracht van de alternatieven Voor de gemeente Eindhoven gelden de onderstaande maximaal acceptabele loopafstanden per functie: ▪ Wonen centrum tot 400 meter tot bestemming ▪ Wonen schil tot 200 meter tot bestemming ▪ Wonen restgebied tot 100 meter tot bestemming ▪ Werknemers tot 1000 meter tot bestemming ▪ Bezoekers overige functies tot 400 meter tot bestemming Als loopafstand wordt de hemelsbrede afstand van de (entree van een) bestemming tot de parkeerplaats gehanteerd. Parkeren op afstand Naast het aspect van de acceptabele loopafstanden speelt het te voeren parkeerbeleid een grote rol in de locatie van parkeerfaciliteiten. In het kader van het geïntegreerd parkeerbeleid worden steeds vaker parkeerfaciliteiten op een niet beloopbare afstand gerealiseerd.

Bij parkeren op afstand spelen de genoemde acceptabele maximale loopafstanden geen rol, maar gaat het om aspecten zoals: ▪ Frequentie en kwaliteit van het aanvullende vervoer ▪ Kwaliteit prijsfaciliteit ▪ Reistijdwinst ▪ Parkeerkosten

34 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

BIJLAGE

7 AANWEZIGHEIDSPERCENTAGES Functie

werkdag ochtend

werkdag middag

werkdag avond

koop avond

werkdag nacht

zaterdag zaterdag zondag middag avond middag

woningen bewoners

50%

50%

90%

80%

100%

60%

80%

70%

woningen bezoekers

10%

20%

80%

70%

0%

60%

100%

70%

kantoor /bedrijven

100%

100%

5%

5%

0%

0%

0%

0%

commerciële dienstverlening

100%

100%

5%

75%

0%

0%

0%

75%

supermarkt

30%

60%

40%

80%

0%

100%

40%

75%

bibliotheek

30%

70%

100%

70%

0%

75%

0%

0%

museum

20%

45%

0%

0%

0%

100%

0%

90%

bioscoop/theater/ podium/ etz

5%

25%

90%

90%

0%

40%

100%

40%

sociaal cultureel

10%

40%

100%

100%

0%

60%

90%

25%

sportfuncties binnen

50%

50%

100%

100%

0%

100%

100%

75%

sportfuncties buiten

25%

25%

50%

50%

0%

100%

25%

100%

hotel

75%

50%

90%

90%

100%

75%

100%

50%

café/bar/cafetaria

30%

40%

90%

85%

0%

75%

100%

45%

restaurant

30%

40%

90%

95%

0%

70%

100%

40%

sociaal medisch: arts / maatschappelijk / therapeut

100%

75%

10%

10%

0%

10%

10%

10%

ziekenhuis medewerkers

75%

100%

40%

40%

25%

40%

40%

40%

dagonderwijs

100%

100%

0%

0%

0%

0%

0%

0%

kiss & ride

100%

100%

0%

0%

0%

0%

0%

0%

avondonderwijs

0%

0%

100%

100%

0%

0%

0%

0%

Dit is een gedeelte van de aanwezigheidspercentages van alle functies. In de online rekentool: https://parkeernota.eindhoven.nl zijn deze percentages verwerkt in de parkeerberekeningen.

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 35

BIJLAGE

8A OVERZICHT PARKEERNORMEN CENTRUM Per functie is de parkeernorm weergegeven in aantallen parkeer¬plaatsen per eenheid. Tevens is het aandeel bezoekers aangegeven. Dit aandeel is reeds in de weergegeven parkeernormen opgenomen. Bij publieke voorzieningen moet minimaal 2% van de parkeerplaatsen worden uitgevoerd als algemene gehandicaptenparkeerplaats, waarbij naar boven wordt afgerond. De parkeernormen zijn ook te raadplegen in de online rekentool parkeernormen via: https://parkeernota.eindhoven.nl.

Wonen Niet-grondgebonden woningen klein (0 t/m 60 m2 bvo) Niet-grondgebonden woningen midden (60 tot 120 m2 bvo) Niet-grondgebonden woningen groot (groter dan 120 m2 bvo) Grondgebonden woning klein (0 tot en met 60 m2 bvo) Grondgebonden woning midden (60 tot 120 m2 bvo) Grondgebonden woning groot (> 120 m2 m2 bvo) Zelfstandige woonruimte met campuscontract Onzelfstandige woonruimte (kamervehuur) Woonruimte voor begeleid wonen (verpleeg- en verzorgingstehuis)

36 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

eenheid

parkeernorm aandeel bezoekers opmerkingen

per woning

0,5

0,1

per woning

0,7

0,1

per woning

0,8

0,1

per woning

0,8

0,1

per woning

0,9

0,1

per woning

1,0

0,1

per woning

0,2

0,1

per kamer

0,1

0,1

per wooneenheid

0,5

0,3

Werken

eenheid

parkeernorm aandeel opmerkingen bezoekers

Kantoor (zonder baliefunctie), bijvoorbeeld administratief en zakelijk Commerciële dienstverlening (kantoor met baliefunctie) Bedrijf arbeidsintensief/bezoekersextensief (industrie, laboratorium, werkplaats) Bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief (loods, opslag, transportbedrijf) Bedrijfsverzamelgebouw

per 100 m2 bvo

0,9

5%

per 100 m2 bvo

1,3

20%

per 100 m2 bvo

0,8

5%

per 100 m2 bvo

0,2

5%

per 100 m2 bvo

0,8

10%

Winkelen en boodschappen

eenheid

parkeernorm aandeel bezoekers opmerkingen

Kleine supermarkt (< 600 m2 bvo )

per 100 m2 bvo

2,2

89%

Middelgrote supermarkt (600 – 2500 m2 bvo)

per 100 m bvo

3,4

96%

Grote supermarkt (> 2500 m2)

per 100 m2 bvo

3,5

84%

Groothandel in levensmiddelen

per 100 m bvo

5,5

80%

Stadscentrum

per 100 m2 bvo

2,0

72%

2

2

Weekmarkt

per m kraam

0,2

85%

Kringloopwinkel

per 100 m2 bvo

0,9

89%

Bruin- en witgoedzaken

per 100 m bvo

4,5

92%

Woonwarenhuis/woonwinkel Meubelboulevard/woonboulevard/ winkelboulevard Outletcentrum

per 100 m2 bvo

1,3

91%

per 100 m2 bvo

1,6

93%

per 100 m2 bvo

7,8

94%

Bouwmarkt

per 100 m2 bvo

1,5

87%

Showroom (auto's, boten etc.)

per 100 m bvo

0,6

35%

Tuincentrum

per 100 m bvo

2,0

89%

Groencentrum

per 100 m2 bvo

2,0

89%

1

2

2 2

incl. oppervlakte buitenruimte incl. oppervlakte buitenruimte

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 37

parkeernorm aandeel bezoekers opmerkingen

Sport, cultuur en ontspanning

eenheid

Bibliotheek

per 100 m2 bvo

0,2

97%

Museum

per 100 m bvo

0,3

95%

Bioscoop

per 100 m2 bvo

2,2

94%

Filmtheater/filmhuis

per 100 m bvo

2,0

97%

Theater/schouwburg

per 100 m2 bvo

5,8

87%

Musicaltheater

per 100 m bvo

2,4

86%

Sociaal cultureel centrum/wijkgebouw

per 100 m2 bvo

2,0

90%

Casino, amusementshal

per 100 m bvo

5,2

86%

Bowlingcentrum

per bowlingbaan

1,0

89%

Biljart-/snookercentrum Dansstudio

per tafel per 100 m2 bvo

0,6 1,0

87% 93%

Fitnessstudio/sportschool

per 100 m2 bvo

1,0

87%

Fitnesscentrum

per 100 m2 bvo

1,2

90%

per 100 m2 bvo

2,0

99%

per 100 m2 bvo

1,2

96%

Sportzaal/gymlokaal

per 100 m bvo

0,8

94%

Tennishal

per 100 m2 bvo

0,2

87%

Squashhal

1,5

84%

13,0

95%

Stadion

per 100 m bvo per hectare netto terrein per zitplaats

0,04

99%

Wellnesscentrum (thermen, kuurcentrum, beautycentrum sauna, hammam) Sporthal

Sportveld

2

2

2

2

2

2

voorziening <1.500 m2 bvo voorziening >1.500 m2 bvo

Kunstijsbaan (kleiner dan 400 meter)

per 100 m bvo

0,9

98%

Indoorspeeltuin (kinderspeelhal, < 1500 m2)

per 100 m2 bvo

0,4

97%

Indoorspeeltuin (kinderspeelhal, > 1.500 m2)

1,0

98%

2,0

99%

2,0

99%

Volkstuin

per 100 m bvo per hectare netto terrein per hectare netto terrein per 10 tuinen

1,0

100%

Horeca en (verblijfs-)recreatie

eenheid

parkeernorm aandeel bezoekers opmerkingen

Pension

per 10 kamers

0,3

77%

Dierenpark Attractie- en pretpark

2

2

Hotel

per 10 kamers

1,1

80%

Café/bar/cafetaria

per 100 m2 bvo

3,0

90%

Restaurant

per 100 m bvo

4,0

80%

Discotheek

per 100 m2 bvo

4,0

99%

Evenementenhal/beursgebouw/ congresgebouw

per 100 m bvo

3,0

99%

38 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

2

2

Gezondheidszorg en sociale voorzieningen

eenheid

parkeernorm aandeel bezoekers opmerkingen

Penitentiaire inrichting

per behandelkamer per 100m2 bvo per behandelkamer per behandelkamer per behandelkamer per behandelkamer per behandelkamer per 100 m2 bvo per (deels) gelijktijdige plechtigheid per 10 cellen

1,4

37%

Religiegebouw

per zitplaats

0,1

0%

Onderwijs*

eenheid

parkeernorm aandeel bezoekers opmerkingen

per 100 m2 bvo

0,8

0%

excl. Kiss & Ride

per leslokaal per 100 leerlingen per 100 leerlingen2 per 100 leerlingen2 per 100 studenten2 per 100 studenten2 per 10 studenten2

0,5

0%

excl. Kiss & Ride

4,0

100%

2,3

11%

Bezoekers zijn leerlingen

3,2

7%

Bezoekers zijn leerlingen

6,3

72%

Bezoekers zijn studenten

9,7

48%

Bezoekers zijn studenten

3,0

95%

Bezoekers zijn studenten

Huisartsenpraktijk (-centrum) Apotheek Fysiotherapiepraktijk (-centrum) Consultatiebureau Consultatiebureau voor ouderen Tandartsenpraktijk (centrum) Gezondheidscentrum Ziekenhuis Begraafplaats/crematorium

Kinderdagverblijf/creche/peuterspeelzaal/buiten-schoolse opvang Basisonderwijs Kiss & ride Middelbare school ROC (regionaal opleidingscentrum) Hogeschool Universiteit Avondonderwijs

1,8

57%

2,0

45%

1,0

57%

1,0

50%

1,2

38%

1,3

47%

1,3

55%

1,3

29%

10,0

98%

*Met leerlingen en studenten wordt bedoeld het aantal ingeschreven leerlingen per jaargang, in de normering is rekening gehouden met aanwezigheidspercentages.

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 39

BIJLAGE

8B OVERZICHT PARKEERNORMEN SCHIL Per functie is de parkeernorm weergegeven in aantallen parkeer¬plaatsen per eenheid. Tevens is het aandeel bezoekers aangegeven. Dit aandeel is reeds in de weergegeven parkeernormen opgenomen. Bij publieke voorzieningen moet minimaal 2% van de parkeerplaatsen worden uitgevoerd als algemene gehandicaptenparkeerplaats, waarbij naar boven wordt afgerond. De parkeernormen zijn ook te raadplegen in de online rekentool parkeernormen via: https://parkeernota.eindhoven.nl.

Wonen

eenheid

parkeernorm aandeel bezoekers opmerkingen

Niet-grondgebonden woningen klein (0 t/m 60 m2 bvo) Niet-grondgebonden woningen midden (60 tot 120 m2 bvo) Niet-grondgebonden woningen groot (groter dan 120 m2 bvo) Grondgebonden woning klein (0 tot en met 60 m2 bvo) Grondgebonden woning midden (60 tot 120 m2 bvo) Grondgebonden woning groot (> 120 m2 bvo) Zelfstandige woonruimte met campuscontract Onzelfstandige woonruimte (kamervehuur) Woonruimte voor begeleid wonen (verpleeg- en verzorgingstehuis)

per woning

0,8

0,3

per woning

0,9

0,3

per woning

1,2

0,3

per woning

1,2

0,3

per woning

1,3

0,3

per woning

1,4

0,3

per woning

0,3

0,1

per kamer

0,2

0,2

per wooneenheid

0,5

0,3

40 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

Werken

eenheid

parkeernorm aandeel bezoekers opmerkingen

Kantoor (zonder baliefunctie), bijvoorbeeld administratief en zakelijk Commerciële dienstverlening (kantoor met baliefunctie) Bedrijf arbeidsintensief/bezoekersextensief (industrie, laboratorium, werkplaats) Bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief (loods, opslag, transportbedrijf) Bedrijfsverzamelgebouw

per 100 m2 bvo

1,3

5%

per 100 m2 bvo

1,6

20%

per 100 m2 bvo

1,3

5%

per 100 m2 bvo

0,3

5%

per 100 m2 bvo

1,0

10%

Winkelen en boodschappen

eenheid

parkeernorm aandeel bezoekers opmerkingen

Kleine supermarkt (< 600 m2 bvo )

per 100 m2 bvo

2,2

89%

Middelgrote supermarkt (600 – 2500 m bvo)

per 100 m bvo

3,4

96%

Grote supermarkt (> 2500 m2)

per 100 m2 bvo

3,5

84%

Groothandel in levensmiddelen

per 100 m bvo

5,5

80%

Stadscentrum Wijkwinkelcentrum (zoals Haagdijk, Trudoplein, Woenselse markt) Weekmarkt

per 100 m bvo

2,0

72%

per 100 m bvo

2,5

79%

per m1 kraam

0,2

85%

Kringloopwinkel

per 100 m2 bvo

0,9

89%

Bruin- en witgoedzaken

per 100 m bvo

4,5

92%

Woonwarenhuis/woonwinkel Meubelboulevard/woonboulevard/ winkelboulevard Outletcentrum

per 100 m2 bvo

1,3

91%

per 100 m2 bvo

1,6

93%

per 100 m2 bvo

7,8

94%

Bouwmarkt

per 100 m bvo

1,5

87%

Showroom (auto's, boten etc.)

per 100 m2 bvo

0,6

35%

Tuincentrum

per 100 m2 bvo

2,0

89%

Groencentrum

per 100 m2 bvo

2,0

89%

2

2

2 2 2

2

2

incl. oppervlakte buitenruimte incl. oppervlakte buitenruimte

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 41

Sport, cultuur en ontspanning

eenheid

parkeernorm

aandeel opmerkingen bezoekers

Bibliotheek Museum Bioscoop Filmtheater/filmhuis Theater/schouwburg Musicaltheater Sociaal cultureel centrum/wijkgebouw Casino, amusementshal Bowlingcentrum Biljart-/snookercentrum Dansstudio Fitnessstudio/sportschool

per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per bowlingbaan per tafel per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo

0,5 0,5 6,9 4,2 6,4 2,9 3,0 5,6 1,5 0,8 2,0 3,0

97% 95% 94% 97% 87% 86% 90% 86% 89% 87% 93% 87%

Fitnesscentrum

per 100 m2 bvo

3,5

90%

Sporthal Sportzaal/gymlokaal Tennishal Squashhal Zwembad overdekt

1,8 1,6 0,3 2,3 9,7

96% 94% 87% 84% 97%

9,1

99%

13,0

95%

0,05 1,1 1,8 0,5 1,2 1,8 3,0

99% 98% 98% 97% 98% 99%

3,0

99%

Volkstuin

per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bassin per 100 m2 bassin per hectare netto terrein per zitplaats per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per ligplaats per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per hectare netto terrein per hectare netto terrein per 10 tuinen

1,1

100%

Horeca en (verblijfs-)recreatie

eenheid

parkeernorm aandeel opmerkingen bezoekers

Pension Hotel Café/bar/cafetaria Restaurant Discotheek Evenementenhal/beursgebouw/ congresgebouw

per 10 kamers per 10 kamers per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo

0,7 1,9 4,0 8,0 10,0 4,0

Zwembad openlucht Sportveld Stadion Kunstijsbaan (kleiner dan 400 meter) Kunstijsbaan (400 meter) Jachthaven Indoorspeeltuin (kinderspeelhal, < 1500 m2) Indoorspeeltuin (kinderspeelhal, > 1.500 m2) Dierenpark Attractie- en pretpark

42 - ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN

77% 80% 90% 80% 99% 99%

voorziening <1.500 m2 bvo voorziening >1.500 m2 bvo

Gezondheidszorg en sociale voorzieningen

eenheid

parkeernorm aandeel opmerkingen bezoekers

Huisartsenpraktijk (-centrum)

2,2

57%

2,5 1,2

45% 57%

1,3

50%

1,5

38%

1,7

47%

1,6

55%

1,5 15,0

29% 98%

Penitentiaire inrichting Religiegebouw

per behandelkamer per 100m2 bvo per behandelkamer per behandelkamer per behandelkamer per behandelkamer per behandelkamer per 100 m2 bvo per (deels) gelijktijdige plechtigheid per 10 cellen per zitplaats

1,9 0,1

37% 0%

Onderwijs*

eenheid

parkeernorm aandeel opmerkingen bezoekers

Kinderdagverblijf/creche/peuterspeelzaal/buiten-schoolse opvang Basisonderwijs Kiss & ride

per 100 m2 bvo

1,0

0%

excl. Kiss & Ride

per leslokaal per 100 leerlingen per 100 leerlingen2 per 100 leerlingen2 per 100 studenten2 per 100 studenten2 per 10 studenten2

0,5 6,0

0% 100%

excl. Kiss & Ride

3,0

11%

Bezoekers zijn leerlingen

3,8

7%

Bezoekers zijn leerlingen

6,9

72%

Bezoekers zijn studenten

11,5

48%

Bezoekers zijn studenten

4,0

95%

Bezoekers zijn studenten

Apotheek Fysiotherapiepraktijk (-centrum) Consultatiebureau Consultatiebureau voor ouderen Tandartsenpraktijk (centrum) Gezondheidscentrum Ziekenhuis Begraafplaats/crematorium

Middelbare school ROC (regionaal opleidingscentrum) Hogeschool Universiteit Avondonderwijs

*Met leerlingen en studenten wordt bedoeld het aantal ingeschreven leerlingen per jaargang, in de normering is rekening gehouden met aanwezigheidspercentages

ACTUALISATIE NOTA PARKEERNORMEN - 43

BIJLAGE

8C OVERZICHT PARKEERNORMEN RESTGEBIED Per functie is de parkeernorm weergegeven in aantallen parkeer¬plaatsen per eenheid. Tevens is het aandeel bezoekers aangegeven. Dit aandeel is reeds in de weergegeven parkeernormen opgenomen. Bij publieke voorzieningen moet minimaal 2% van de parkeerplaatsen worden uitgevoerd als algemene gehandicaptenparkeerplaats, waarbij naar boven wordt afgerond. De parkeernormen zijn ook te raadplegen in de online rekentool parkeernormen via: https://parkeernota.eindhoven.nl.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11769874/1