CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

20220629 Beantwoording technische vragen Jaarstukken 2021

Raadsvergadering 12 juli 2022, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen jaarstukken 202118.800 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Beantwoording technische vragen jaarstukken 2021 d.d. 29 juni 2022 Jaarrekening (website)

https://eindhoven.jaarverslag-2021.nl/

Jaarrekening (pdf)

eindhoven.parlaeus.nl

Vraag Nr.

Pag. nr.

Onderwerp

Fractie Vraag

Antwoord

1

99

Cultuur

CDA

Het voordeel voor musea bij Google Grants is vervallen, waardoor met hetzelfde budget het bereik vermindert.

2

Cultuur

CDA

3

Cultuur

CDA

Welke verandering betrof het dat veranderde voorwaarden van de Google Grants en de beleidswijzigingen bij Google, Facebook en Twitter, direct leidden tot een lagere bezoekersaantal? Aantal digitale bezoeken zijn lager dan begroot en ook lager dan realisatie 2020. Een stijging zou in het corona tijdperk logisch zijn. Hoe komt het dat de digitale bezoeken achterlopen? Media; Studio040 website en app tonen een daling. Wat is hiervan de oorzaak en wat is er gedaan om deze daling om te zetten in een stijging?

Het meest bezocht op de website is de bezoekers gerelateerde informatie zoals openingstijden, entreeprijzen, adres. Tijdens sluiting zijn dat geen relevante data zodat we deze digitale bezoekers missen. Landelijk gezien is in 2020 de online nieuwsconsumptie door corona behoorlijk gestegen. Dat beeld zagen we ook bij onze lokale publieke omroep Studio040. In 2021 zien we bij de digitale nieuwsconsumptie bij de landelijke mediapartijen een beperkte daling. Het bereik van de website/app van Studio040 is in 2021 daarentegen behoorlijk gedaald. Volgens Studio040 is het aantal pageviews gedaald van 2,3 miljoen in 2020 naar 1,7 miljoen in 2021. De oorzaak daarvan is niet objectief vast te stellen. Een mogelijke verklaring is dat de coronacrisis in 2020 ook veel lokale maatregelen kende én dat lokale media zoals Studio040 een interessante nieuwsbron waren voor Eindhovenaren. In 2021 waren veel Nederlanders bij wijze van spreken ‘coronamoe’. De crises daarna, zoals Oekraïne, wooncrisis én stikstof zijn vooral landelijke crises en hebben een veel beperktere lokale component. Studio040 heeft gepoogd door met hun beperkte budgetten gericht online te adverteren het bereik weer te vergroten. Dat doen ze ook door het invoeren van pushmeldingen en het verbeteren van de vormgeving van de site/app. Het aantal pageviews voor de website en app is geen volledige weergave van het online bereik.

Het aantal volgers op sociale media (Facebook/Twitter) stijgt al vele jaren achter elkaar. Op YouTube is het aantal bekeken video's in 2021 juist met 32% gestegen ten opzichte van 2020 (van 1,3 miljoen naar 1,7 miljoen).

4

Cultuur

CDA

Openbaar groen; 5.7; nog veel winst te behalen op staat van groen. Doel in GBP is vervanging zoveel mogelijk inheemse plantensoorten. Is hieraan gestalte gegeven? Welk percentage inheemse plantsoorten staat er in het openbaar groen?

Aan deze ambitie of ontwikkelingsrichting in het GroenBeleidsPlan (GBP) wordt gestalte gegeven door deze aan de ontwerpers mee te geven. Wat voor beplanting ergens uiteindelijk wordt gekozen is van meer veel meer zaken afhankelijk dan deze ambitie. Ook wordt er bijvoorbeeld gekeken om beplanting toe te passen die beter bestand is tegen de extreme weersomstandigheden (vooral droogte). Het tempo wordt ook niet bepaald door dit doel maar door vervangingen die om technische of maatschappelijke redenen moeten plaatsvinden. Beplanting gaat zeker 20 jaar mee. Bomen gemiddeld 40 jaar. (Het zou kapitaalvernietiging zijn om door heel Eindhoven alle beplanting te gaan vervagen voor dit doel alleen). Er is een geleidelijke verschuiving gaande die vooral te zien is bij nieuw gerealiseerde projecten, zoals bijvoorbeeld bij de Vestdijk. Op dit moment is het niet mogelijk om een inzicht te geven van de percentages inheems/niet inheems, omdat dit niet als separate categorie van beplanting geregistreerd wordt.

Vraag Nr.

Pag. nr.

5

Onderwerp

Fractie Vraag

Antwoord

Cultuur

CDA

Om te weten hoe de biodiversiteit zich ontwikkelt in Eindhoven, wordt deze langdurig gemonitord door een extern bureau in opdracht van de gemeente Eindhoven. De beknopte jaarlijkse rapportage hiervan vormt de bron. Een volledige monitoringperiode bestaat uit 4 jaar (met uitgebreide 4-jaarlijkse rapportage) en omvat de soortgroepen planten, broedvogels, amfibieën, dagvlinders en libellen. We volgen hiermee langlopende trends die echter jaarlijks kunnen fluctueren afhankelijk van mondiale effecten en weersomstandigheden. In 2020 (einde 3e totale monitoringsronde) was op een aantal punten sprake van een duidelijke trend, zoals: - broedvogels lieten een structureel dalende trend zien. - dagvlinders lieten een stijgende trend zien. - bij de libellen waren er soorten die vooruitgingen en soorten die achteruitgingen. Momenteel zitten we in het 2e jaar van de 4e monitoring.

Biodiversiteit: Er wordt gesteld dat het goed gaat met de insectenstand. Uit welke bron komt dit statement? Er wordt melding gemaakt van vlinders (+) en libellen (-). Wat is de stand van zaken m.b.t. bijen en brijachtige zoals hommels?

In 2016 is de bijendiversiteit op 16 locaties in Eindhoven onderzocht. Uit deze nulmeting is gebleken dat 154 soorten wilde bijen in Eindhoven voorkomen. Het voorstel is om deze inventarisatie in 2023 te herhalen. 6

103

Erfgoed

CDA

Wat wordt verstaan onder projecten archeologie en hoe kunnen die aangeboden worden?

Archeologieprojecten worden niet aangeboden, maar dienen zich veelal aan doordat ruimtelijke werkzaamheden worden gepland/uitgevoerd, op terreinen met (vermoedelijke) archeologische waarde. Het begrote bedrag van lasten en baten van deze projecten (+/- € 48k) is abusievelijk blijven staan in de begroting 2021. Dit begrote bedrag komt voort uit een situatie waarin de gemeentelijke archeologische dienst als opdrachtnemer werkzaamheden verrichte voor gemeentelijke projecten en voor projecten van derden. In die situatie werden de kosten betaald door de opdrachtgever waardoor het totaalsaldo van baten en lasten 0 was. Inmiddels worden de onderzoeken door derden (commerciële instanties) gedaan. Om deze reden zijn de lasten en baten teruggebracht naar 0 in de begroting vanaf 2022.

7

103

Erfgoed

CDA

Zijn er in 2021 onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd (zo ja, welke?) of wordt alles nu opgespaard?

Nee het wordt niet opgespaard. In 2021 is voor € 997.000 aan onderhoud verricht aan 17 monumenten in de gemeentelijke vastgoedportefeuille. Variërend van bouwkundig, installaties, schilderwerk etc. De grootste in 2021 (x € 1000,=) waren: Parktheater (428); Catharinakerk (121); scouting Eindhovenseweg 33 (76); ateliergebouw Heezerweg 347 (54); Genneper Watermolen (52); Designhuis (47); Natlab (47). In de meeste gevallen worden de kosten geboekt op het inhoudelijke taakveld waar het betreffende pand aan gekoppeld is (er is geen taakveld Vastgoed).

8

107

Groen

CDA

Wie betaalt het Victoriapark nu precies? Was dat niet de ondernemer die de inrichting betaalt?

De aanleg van het Victoriapark en aangrenzende openbare ruimte kent verschillende dekkingsbronnen. Een deel wordt betaald door ontwikkelaar Lee Foolen (inclusief sloop LAC gebouw). Ook de overige ontwikkelaars in het gebied betalen middels de exploitatiebijdrage mee aan de inrichtingskosten van de openbare ruimte. De aanleg van de Gender wordt vanuit GRP en deels subsidie vanuit het waterschap bekostigd.

9

190

Organisatie en financiën

CDA

Zijn er nog huurinkomsten geweest voor gebruik steentjeskerk door Ruggeds vanaf eind 2021 ? Of is het om niet ter beschikking gesteld?

Nee, er is geen sprake van (ver)huur. Ruggeds betaalt wel een gebruiksvergoeding (via beheerder VPS leegstandsbeheer)

10

Arbeidsparticipatie

CDA

Er is een afname van 170 bijstandsmensen. Gezien de krapte op de arbeidsmarkt lijkt dit getal vrij klein. Is dit te verklaren?

Ondanks de coronacrisis hebben we het aantal inwoners dat afhankelijk is van een bijstandsuitkering weten te beperken. Toch was dit geen sinecure. We zagen in de afgelopen periode bij veel mensen die instroomden in de bijstand een toenemend zorgprofiel waarbij vaak sprake is van schulden, beperkte belastbaarheid en/of taalproblemen. Ook zijn bijstandsgerechtigden vaak niet rechtstreeks te plaatsen zonder goede begeleiding op de werkplek. Daarnaast spelen vaak praktische uitdagingen zoals de beschikking over kinderopvang. Ook zien we de arbeidsmarkt veranderen. Enerzijds zien we dat werkgevers niet meer het schaap met de vijf poten zoeken. Anderzijds constateren we dat onder meer door toenemende werkdruk werkgevers moeite hebben om nieuwe werknemers goed te begeleiden.

11

Arbeidsparticipatie

CDA

Competenties screening/beeld: welke oorzaken liggen er bij de niet gescreende mensen?

De mensen worden gescreend als deze een traject richting betaald werk ingaan (Participatiebedrijf) of waarbij activering aan de orde is (stichting WIJeindhoven). Ook worden mensen rechtstreeks naar betaald werk begeleid waardoor een screening niet aan de orde was.

Vraag Nr. 12

Pag. nr.

Onderwerp

Fractie Vraag

Antwoord

Milieu

CDA

Het rioolstelsel van Eindhoven is ontworpen uitgaande van een gebruikelijk ontwerpcriterium voor rioolstelsels in Nederland (een regenbui met een bepaalde herhalingstijd).

Er is sprake van wateroverlast, zeker na hevige regenval. Is het riool berekend op hevige regenval, zeker gezien de te verwachten klimaatveranderingen. Is er actie ondernomen na de wateroverlast en zo ja welke om te voorkomen dat Eindhoven in de toekomst vaker onder water staat?

Naast dit ontwerp zijn op basis van berekeningen en klachten locaties in beeld gebracht die gevoelig zijn voor extreme regenbuien als gevolg van klimaatverandering, zie de Eindhovense Klimaatatlas. Op basis van een maatschappelijke en kosten – baten afweging wordt afgewogen of voor deze locaties klimaatadaptatie maatregelen worden getroffen indien hier (her)inrichtingen van de openbare ruimte plaatsvinden (= principe van meeliften / werk met werk maken). Deze klimaatadaptatie maatregelen worden vervolgens in het Gemeentelijke Riolerings Plan benoemd en geprogrammeerd. Eind dit jaar leggen we het raadsvoorstel ter vaststelling van het GRP 2023-2026 aan de raad voor.

13

Milieu

CDA

Verzamelen afval; er wordt gesproken over ‘nieuwe overlast situaties’. Welke zijn dit en wat is er specifiek aan gedaan om deze te tackelen?

Met ‘overlast situaties’ wordt bedoeld; probleemgebieden waar veel bijzet voorkomt. Binnen de aanpak van bijzet wordt gebruik gemaakt van de zogeheten ‘hotspotlijst’, lees gebiedsgerichte projecten (bv. Woenselse Markt). Dit zijn probleemlocaties met veel bijzet en waar o.b.v. maatwerk de bijzet overlast integraal wordt aangepakt. Dit varieert van communicatie tot en met handhaving. Deze lijst is dynamisch en locaties worden o.b.v. prioriteit aangepakt Door steeds betere monitoring (continue proces binnen plan van aanpak bijzet inclusief periodieke rapportage door Cure) verbetert het inzicht in de aard en omvang probleemlocaties. Dit kan dus betekenen dat o.b.v. van dat inzicht “nieuwe locaties” ontstaan die voorts o.b.v. prioriteit worden aangepakt. Dit betekent niet dat deze locaties “voorheen” geen overlast van bijzet ondervonden.

14

Milieu

CDA

Bijzet ondergrondse containers: het percentage stijgt, maar toch wordt er gesproken over een aanpak dat haar vruchten afwerpt. Hoe verklaart u dit?

Het percentage verwijst naar de hoeveelheid waarin de basiskwaliteit bijzet behaald wordt. Dit betekent dat bij 80% van de containers nauwelijks tot geen bijzet wordt aangetroffen. Dit was in 2020 nog maar bij 75%. Hierin zien we dus een verbetering van 5% in de afname van aangetroffen bijplaatsingen.

15

Milieu

CDA

Inzameling verpakking (plastic/blik/tetra); om een goede indruk te krijgen van het succes en het effect van de huidige aanpak is vergelijking met omliggende gemeenten essentieel. Deze wordt gemist. In verpakking, hoeveel kg/inwoner wordt er ingezameld in Eindhoven en hoeveel in de omliggende gemeentes?

Op de website van het CBS (StatLine - Huishoudelijk afval per gemeente per inwoner (cbs.nl)) heeft u een overzicht van de hoeveelheid afval die in elke gemeente in Nederland wordt ingezameld. Hier staan zowel de cijfers voor het totaal huishoudelijk afval, restafval, GFT, papier, textiel, etc. Vergelijking met omliggende gemeentes heeft niet zo veel zin: naar aard (bv percentage hoogbouw), omvang en inzamelsysteem etc. is dit niet vergelijkbaar. Globaal gesteld loopt Eindhoven (in vergelijk met andere gelijksoortige gemeentes) beperkt achter m.b.t scheidingspercentage en hoeveelheid restafval per inwoner (ca. 205 kg/inw/jr fijn restafval). De vaststelling van de afvalstrategie 2021 is erop gericht om de hoeveelheid fijn restafval drastisch terug te dringen. I.v.m. met de uitrol en uitwerking van deze strategie in 2022/2023/à zullen de eerste effecten van deze strategie naar verwachting vanaf eind 2023 merkbaar zijn (in concrete cijfers).

16

Milieu

CDA

Milieubeheer: Doel 2025 is 150. In 2021 staan we op 481 kg/inw totaal/230 kg/inw restafval. Is het doel van 150 realistisch?

In Eindhoven ligt de hoeveelheid restafval/inwoner al jaren rond de 205 kg/inw/jr. Op 28 april 2021 heeft uw Raad ingestemd met de ‘Strategie gescheiden inzameling huishoudelijk afval’ April 2021, met doel te komen tot om een vermindering tot 150kg restafval/inwoner/jaar in 2025. Deze strategie is vastgesteld op basis van het onderzoek ‘Alternatieve afvalstrategie gemeente Eindhoven’ uitgevoerd door pwc strategy&. Dit onderzoek heeft aangetoond dat 150kg/inw/jr een realistische doelstelling is. De strategie wordt momenteel uitgewerkt en in meerdere jaren geïmplementeerd. Een mogelijk initiatief tot nascheiding zal nog verder bijdragen aan de reductie van restafval (<150kg/inw/jr).

Vraag Nr.

Pag. nr.

17

Onderwerp

Fractie Vraag

Antwoord

Milieu

CDA

Geluidshinder: er is een kleine daling te zien, maar dit loopt sterk achter op wat was begroot. Waar is het begrote getal op gebaseerd en waar komt het verschil tussen begroting en uiteindelijk resultaat vandaan?

Het gaat om een belevingswaarde. De waarde “Heeft last van minstens 1 vorm van geluidshinder” is afgenomen. Dit betreft m.n. overlast van buren en buurtbewoners. In 2021 is de geluidsbelasting van wegverkeer en vliegverkeer toegenomen. Het begrote getal is een langere termijn streefwaarde. Jaarlijks voeren we een aantal verbeterprojecten door m.b.t. wegverkeer, spoorweg en bedrijven (geluidssaneringen; autoluw maken, meer ruimte voor lopen/fietsen/HOV), waardoor de geluidsbelasting lokaal afneemt. Tegelijkertijd groeit de stad en is de economie booming. Waardoor er nieuw extra verkeer ontstaat. Op stadsgemiddeld niveau zijn de gerealiseerde verbeteringen beperkt van invloed.

18

P.148

Sociaal domein jeugdbescherming/jeugdreclassering

CDA

Waar ziet de transformatiebijdrage precies op? Levert deze in de toekomst iets op voor gem. Ehv? (evt. lastenverlaging/ meer capaciteit oid?)

De transformatiebijdrage ziet op de bestuurlijke opdracht die de samenwerkende 5 regio's in Brabant gaven aan JeugdBescherming Brabant, 1 van de 4 gecertificeerde instellingen (GI’s) voor gezinsvoogdij en jeugdreclassering in Brabant. De gemeenten en dus ook Eindhoven profiteren inmiddels van een betere (nog niet optimale) formatie-bezetting (bij JBB én andere GI's), van een betere registratie en sturing op normen (waardoor o.a. kinderen in beeld zijn die lang wachten op 2e lijns hulp tijdens de maatregel) e.d.

19

P.325

Sociaal domein - Saldireserve specifiek onderdeel coronamiddelen

CDA

saldireserve specifiek onderdeel coronamiddelen: tot wanneer is dit budget beschikbaar? Wordt niet uitgegeven budget ‘bewaard’ om in te zetten voor de specifieke doelgroep/ beleidsterreinen waarvoor deze middelen in eerste instantie voor bedoeld waren? Bijv. overgebleven TONK budget: later nog ingezet voor doelgroep ZZPers op het beleidsterrein van inkomensregelingen?

Aan de coronamiddelen die in de saldireserve specifiek zijn opgenomen is geen einddatum gekoppeld. De middelen zijn niet specifiek gelabeld naar oorsprong. De coronamiddelen worden ingezet voor corona ondersteunings- en herstelmaatregelen op basis van besluitvorming. Hiervoor ontvangt u van ons ieder kwartaal een voorstel. Op het moment dat de middelen niet meer nodig zijn, zullen we aan de Raad een voorstel doen om de coronareserve op te heffen.

20

P. 116

Sociaal domein - SMI

CDA

Is het aantal SMI toekenningen gedaald of is de gemiddelde duur van een SMI toekenning verminderd? Of is het een combinatie van beiden?

De beleidsregels hebben een boost gegeven aan de kwaliteit van de indicatiestelling. Door het bieden van een duidelijk kader, worden discussies over omvang en duur van plaatsing vooraf, maar ook bij een eventuele verlenging voorkomen. Dit geldt ook voor wat betreft eenduidigheid en helderheid in de aanvraagprocedure en indicatiestelling voor SMI- kinderopvang. In de beleidsregels is ook de aanvraagprocedure en indicatiestelling opgenomen. De SKJ (Stichting Kwaliteitsregister Jeugd) generalist kan de noodzaak van de SMI-kinderopvang beoordelen. Sinds 2019 is deze inhoudelijke beoordeling goed geborgd bij een kleine groep SKJ geregistreerde generalisten (ook wel SMI- specialisten genoemd) van WIJeindhoven met kennis en ervaring op het gebied van SMI. Deze selecte groep bepaalt de toegang tot de SMI-regeling en deze werkwijze heeft mogelijk tot een onderbesteding geleid in 2021.

21

P.145

Sociaal domein

CDA

Wat zijn landelijke producten van de zorg in de 2de lijn?

De VNG koopt zeer specialistische vormen van jeugdhulp landelijk in. Deze jeugdhulp is zo specialistisch en cruciaal dat dit niet op kleinere schaal georganiseerd kan worden. De tarieven voor deze zorg zijn landelijk bepaald. Voorbeelden van dit soort zorg zijn onder andere zeer specialistische behandelingen in de ggz, behandeling van eetstoornisproblematiek, opvang en ondersteuning bij eergerelateerd geweld en observatie in een gesloten setting.

22

P.140

Sociaal domein - intermurale gezinsopvang

CDA

Dient begroting tbv intramurale gezinsopvang incidenteel en/of structureel te worden bijgeraamd? Waarom is er gekozen voor het benutten van het budget overig geëscaleerde zorg ipv bijraming (incidenteel dan wel structureel)?

Het aantal dakloze gezinnen met kinderen dat wordt opgevangen fluctueert altijd enigszins. In de afgelopen periode lijkt de vraag structureel toegenomen. Om dit op te vangen moet de begroting voor intramurale gezinsopvang worden bijgeraamd. Het budget overige geëscaleerde zorg wordt normaliter ook gebruikt voor deze doelgroep.

23

p. 116

Sociaal domein

CDA

corona noodfonds ter behoud van de sociale infrastructuur: Waardoor is de gerealiseerde ondersteuning van welzijnsorganisaties achtergebleven bij de verwachtingen?

Het subsidiebudget van het corona noodfonds was gebaseerd op signalen uit de stad, door contractmanagers en financieel adviseurs opgehaald bij onze maatschappelijke welzijnspartners. Geconcludeerd kan worden dat de financiële consequenties van coronamaatregelen bij onze partners uiteindelijk tot minder financiële problemen heeft geleid dan op basis van de uitvraag eerder werd verwacht. Tevens heeft de zekerheid die geboden is aan partners in de stad - dat de gemeentemiddelen niet terug zal vorderen wanneer activiteiten niet uitgevoerd konden worden als gevolg van de RIVM maatregelen – geholpen.

Vraag Nr.

Pag. nr.

Onderwerp

Fractie Vraag

Antwoord

24

P. 124

Sociaal domein

CDA

De communicatiecampagne rondom de meedoenbijdrage bereikt meer inwoners, maar leidt niet tot meer verstrekkingen, waar ligt dat aan? Worden er wel meer aanvragen gedaan voor de meedoenbijdrage, maar leidt dit vervolgens dan tot meer afwijzingen nu de inwoner er toch niet voor in aanmerking komt? Daarnaast is er een stijging in het aantal huishoudens die gebruik maakt van deze regeling, maar wel een afname in het aantal verstrekkingen, waar ligt dit aan?

We zien dat in 2021 t.o.v. de jaren ervoor meer aanvragen zijn gedaan voor de Meedoenbijdrage (MDB). We zien ook dat er in 2021 meer afwijzingen zijn geweest t.o.v. de jaren ervoor. Waar dat exact aan ligt weten we niet. Aan de criteria van de MDB ligt het niet, deze zijn niet veranderd. Wat betreft de stijging huishoudens/afname verstrekkingen zijn we opnieuw in de cijfers gedoken en dienen we een correctie te maken: In 2021 zien we zowel een stijging in het aantal huishoudens, alsmede een stijging in het aantal verstrekkingen (unieke personen). Het bereik van de Meedoenbijdrage is derhalve zowel op huishoudniveau als op verstrekkingsniveau gestegen. In 2021 zijn de resultaten als volgt: 10.973 huishoudens hebben in totaal 15.518 verstrekkingen MDB ontvangen. Ter vergelijking: in 2020 betrof dat 10.466 huishoudens en 15.105 verstrekkingen.

25

P.211

Bezwaar en beroep

CDA

Hoe groot is de toename aantal ingediende bezwaar- en beroepschriften tov 2020? Hoe zit het met het aantal gegronde en ongegrond verklaarde bezwaarschriften tov 2020? Op welke beleidsterreinen is de meeste toename te zien? Zijn deze te linken aan specifieke beleidsregels/ specifieke bepalingen uit beleidsregels?

In de Jaarrekening 2021 is aangegeven dat nieuwe beleidsregels met grote impact voor bewoners van invloed zijn op het regulier aantal ingediende bezwaar- en beroepschriften. Het aantal bezwaar- en beroepschriften (inclusief voorlopige voorzieningen) is in 2021 (1623 procedures) incidenteel afgenomen ten opzichte van 2020 (2020) procedures. In 2020 werd de toename met name veroorzaakt door het aantal ingediende Tozo procedures (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers), als gevolg van de coronacrisis. De komende jaren verwachten we een toename van procedures met name als gevolg van wet- en beleidswijzigingen vanuit het sociaal- en ruimtelijk domein. De uitkomst van de bezwarenbehandeling ligt voor de jaren 2020 en 2021 ongeveer in dezelfde lijn: 50% ongegrond, 25% gegrond, 8% gedeeltelijk gegrond en 17% niet ontvankelijk of anders opgelost.

26

P. 52

Verkeer en Vervoer

CDA

Er zijn proeven gedaan met pop-up hubs op WoensXL en parkeerplaats Wolvendijk. Zijn daar cijfers over bekend?

Om vanuit elke windrichting een overstapmogelijkheid op deelvervoer te bieden zijn vanuit oostelijke en westelijke richting pop-up P+R’s geïnitieerd bij WoensXL en de carpoolplaats bij de Wolvendijk. Bij WoensXL zijn begin 2021 tijdelijk borden opgehangen om parkeren van deelvervoer bij de fietsenstalling te bevorderen en het parkeerterrein aan de Wolvendijk is recent heringericht om het een prettigere en aantrekkelijkere plek te maken voor overstap. Via social media en via de website hebben we hier eind 2020 op kleine schaal over gecommuniceerd i.v.m. de corona maatregelen. Ook met aanbieders hebben we afspraken gemaakt over het aanbod op deze locaties. Van de deelmobiliteit-aanbieders horen we dat beide locaties goed gebruikt worden, ondanks dat we hierover beperkt communiceren/stimuleren. Er zijn data beschikbaar, de analyse van deze data is onderdeel van de data-analyse die uitgevoerd wordt in het kader van de evaluatie van de aanpak deelmobiliteit. Er komt in 2022 meer informatie over gebruik van deelvervoer bij (pop-up) P+R’s.

27

P. 54

Verkeer en Voervoer

CDA

Het aantal scholen dat meedoet aan het BVL-Label, is fors minder dan begroot. Dit, omdat er 19 scholen tijdelijk of definitief zijn gestopt. Wat is de verklaring voor het stoppen van de scholen?

Redenen die genoemd worden door scholen om te stoppen met BVL zijn de administratieve lasten en het ontbreken van tijd/prioriteit.

28

P. 79

Onderwijs

CDA

Bij een aantal punten op deze pagina (%voortijdige schoolverlaters totaal VO en MBO, %jongeren in kwetsbare positie Uitgestroomd) is geen begrotingscijfer bekend, maar wordt aangegeven met: ntb Waardoor is dat cijfer nu niet bekend?

Cijfers zijn inmiddels bekend. - 2,58% Voortijdig schoolverlaters totaal (VO+MBO) - 67% jongeren in een kwetsbare positie uitgestroomd naar onderwijs jaar later - 10% jongeren in een kwetsbare positie uitgestroomd naar arbeidsmarkt jaar later.

29

p. 186

Bestuur en ondersteuning

CDA

Achteraf terugkijkend: waarom is in 2020 (was al een corona-jaar) begroot dat in 2021 een stijging van 15 procentpunt zou worden behaald ten aanzien van ‘aandeel telefonische klanten dat binnen 25 sec contact heeft’?

De norm in 2020 was 80% en is bijgesteld naar 75% voor 2021. Bij het begroten van de doelstelling 2021 medio 2020 is uitgegaan van het werkelijke aanbod in 2019 en het gerealiseerde service-level. Het service-level bedroeg 74,98%, waarmee 75% voor 2021 een reële doelstelling zou zijn. Als gevolg van de Corona maatregelen hebben we de dienstverlening op het Inwonersplein in de tweede helft van 2020 af moeten schalen. Bovendien werkten we bijna volledig op afspraak. Alleen strikt noodzakelijke zaken gingen door, zoals aangifte van geboorte en overlijden. Dit betekende dat een groot aantal klantvragen doorgeschoven werden naar 2021, wat leidde tot een enorme toename van het aantal calls. Bovendien heeft de aanbesteding van de nieuwe telefooncentrale vertraging opgelopen.

Vraag Nr.

Pag. nr.

Onderwerp

Fractie Vraag

Antwoord

30

p. 45

Veiligheid

CDA

Wat voor consequenties heeft het dat een advies over de borging van de aanpak (organisatorisch en beleidsmatig) niet is opgeleverd en dat op het gebied van veilig werken (nog) niet alle protocollen en werkwijzen zijn geactualiseerd?

Met het programma Weerbare overheid is inzicht verkregen in kwetsbaarheden van de bestuurlijke en ambtelijke organisatie tegen vormen van misbruik en oneigenlijk gebruik van de gemeentelijke organisatie en daaruit voortvloeiende veiligheids- en integriteitsrisico’s. De consequenties van het niet opleveren van het genoemde advies en het nog niet geactualiseerd zijn van alle protocollen en werkwijzen is, dat de basis op dit onderdeel nog onvoldoende op orde is. Expertise en kennis op het gebied van weerbaarheid zijn onvoldoende aanwezig en er heeft nog geen besluitvorming plaatsgevonden over het onafhankelijk positioneren van deze expertise en kennis binnen de gemeentelijke organisatie. Het is daardoor onvoldoende mogelijk om weerbaarheid duurzaam binnen de gemeentelijke organisatie in te bedden en er kan slechts reactief op worden ingezet. Ook in het onlangs door Berenschot gepubliceerde Peilstokonderzoek wordt aangegeven dat de basis nog onvoldoende op orde is. Zo is aangegeven dat sprake is van een niet goed functionerend politiek, bestuurlijk en ambtelijk samenspel, en – op punten – een gebrek aan wederzijds vertrouwen. Dit vergroot (bestaande) integriteit- en weerbaarheidsrisico’s.

31

p. 46

Veiligheid

CDA

Wat is de totale verklaring waarom 353.000 niet is besteed aan extra tijdelijke inzet van BOA’s? We lezen immers dat “een klein deel van de beschikbare fte’s niet ingevuld kon worden door arbeidskrapte”.

Van de 21 fte die wij tijdelijk extra konden inzetten op handhaving van de coronamaatregelen hebben wij door arbeidskrapte geen inhuur konden vinden voor een deel van het beschikbare geld, zodoende is een deel overgebleven.

32

p. 117

Samenkracht en burgerparticipatie

CDA

Er is 2021 408.000 euro aan budget overgehouden bij de subsidie gebiedsgericht werken. Hoe was in de jaren 2018, 2019 en 2020?

2018 2019 2020

€31.000 € 166.000 € 299.000

Voor 2021 geldt dat de aangepaste subsidieregeling gebiedsgericht werken in bestuurlijk aangewezen gebieden van kracht geworden. Nieuw in deze regeling is een innovatiebudget van € 100.000: de zogenaamde gebiedsgerichte uitvraag. Daarnaast is het proces rondom de waardebonnen gewijzigd. In tegenstelling tot voorgaande jaren hebben we dit jaar het budget voor de waardebonnen, à €350.000 niet uitgekeerd aan de bewonersorganisaties, maar met behulp van gebiedscommissies o.l.v. de gebiedscoördinator uitgereikt op basis van aanvragen uit de buurten. Daarnaast is er voor een aantal actiegebieden geen subsidie aangevraagd. Het jaar 2021 is intensief gebruikt om deze wijzigingen kenbaar en uitvoerbaar te maken in de stad. Ook hebben we erin geïnvesteerd om het proces rondom de wijzigingen in de subsidieregeling in te regelen en mensen op te leiden en te informeren. Na het eerste kwartaal hebben we een toename gezien van de aanvragen voor een waardebon. Desondanks en ook door de aanhoudende coronamaatregelen, zijn de beschikbare budgetten niet volledig aangevraagd. Dit leidt ertoe dat € 220.000 van het beschikbare budget voor de waardebonnen niet is opgevraagd. Echter zijn er wel ruim 100 aanvragen ingediend gedurende het jaar. De voorstellen voor de gebiedsgerichte uitvragen zijn in november geaccordeerd door het college.

Daardoor bleek het niet realistisch om de uitvoering nog in 2021 plaats te laten vinden en worden ze in 2022 uitgevoerd. Zo is het budget van € 100.000 in 2021 volledig onbenut gebleven, maar zijn deze aanvragen ten laste van het innovatiebudget van 2022 inmiddels beschikt. Per saldo hebben we € 408.000 budget overgehouden. 33

p. 191

Organisatie

CDA

Aangegeven wordt dat we geen kans zien om de gemeente brede taakstelling te behalen. Geldt dit ook voor de jaren 2022 en 2023?

Ja, dat is het huidige beeld. Er lijkt voor de komende tijd sprake van hoge inflatie (prijsstijgingen) en zoals bekend uit het peilstokonderzoek zit er geen rek in de organisatie en vraagt het daar bovenop extra inspanning om de organisatie fit te krijgen voor de toekomst.

34

n.v.t.

Algemeen

D66

Bij meerdere prestatie-indicatoren - vooral binnen het sociaal domein zijn de gegevens nog niet bekend. Wie is hiervoor verantwoordelijk en hoe wordt er gestuurd op tijdige aanlevering?

De indicatoren worden jaarlijks onder verantwoordelijkheid van het MT SD gereviseerd, bijvoorbeeld in het geval als databronnen gedurende het jaar niet meer beschikbaar blijken. De niet meer beschikbare Stimulansz Minimascan (zie pagina 124 jaarrekening) is hier een voorbeeld van. Daarnaast geldt dat we bij verschillende indicatoren afhankelijk zijn van de data van externe partijen zoals WIJeindhoven. De gesprekken over de aanlevering van deze data loopt, het doel is om deze informatie vanaf de volgende jaarrekening mee te nemen.

Vraag Nr.

Pag. nr.

Onderwerp

Fractie Vraag

Antwoord

35

52

Effect-indicatoren: Aantal ernstige verkeersongevallen

D66

Bij de ongeval-analyses wordt naar heel de gemeente gekeken. We spreken van een aandachtslocatie (soort hotspots) indien meer dan 3 geregistreerde ongevallen met letsel hebben plaatsgevonden op 1 locatie. Op basis van de ongevalcijfers 2019/2021 zijn dat momenteel 9 locaties: Dillenburgstraat, Hastelweg Muzenlaan, Orpheuslaan Boutenslaan, Hoogstraat, Keizer Karel V plein Boutenslaan, Gestelsestraat Barrierweg, Boschdijk Leenderweg. Leostraat, Piuslaan Anthony Fokkerweg, Boschdijk, Marathonloop Kruisstraat Bilderdijklaan, Elzentlaan, Jacob Catslaan, Paradijslaan

36

53

Effectindicatoren: % duurzaam vervoer in D66 de modal split

37

53

Effectindicatoren: % inwoners dat tevreden is over inrichting en onderhoud openbare ruitmte

D66

Uit Begroting 2021 (pagina 38) en Jaarrekening 2021 (pagina 52) staat de volgende terugkoppeling van deze effectindicator: Realisatie 2019: 130 Begroting 2020:113 Realisatie 2020:75 Begroting 2021: 104 Realisatie 2021: 107 Na een afname in 2020 (met strengere corona maatregelen) zien we in 2021 weer een stijging van het aantal ernstige verkeersongevallen. Was de daling destijds op elke plek in de stad even sterk te zien? En is de stijging nu op elke plek in de stad even sterk te zien? Wat zijn de hotspots? Hoe wordt het % duurzaam vervoer in de modal split precies gemeten? Gebeurt dit alleen in het centrum of ook in de verschillende wijken en buurten in de stad? Wat maakt het zo lastig de modal split te beïnvloeden? Uit Begroting 2021 (pagina 39) en Jaarrekening 2021 (pagina 53) staat de volgende terugkoppeling van deze effectindicator: Realisatie 2019: 73% Begroting 2020: >75% Realisatie 2020: 75% Begroting 2021: >75% Realisatie 2021: 67%

De modal split wordt gemeten op basis van de jaarlijkse inwonersenquête, die stadsbreed wordt uitgezet. De modal split is een verhoudingsgetal en zegt niets over absolute verschillen. Zo is het absoluut aantal fietsers in Eindhoven afgelopen jaren sterker gestegen dan het aandeel fiets in de modal split, doordat ook andere modaliteiten zijn gestegen. Verschuivingen in de modal split op stadsniveau vinden daarom geleidelijk plaats. Vooralsnog zijn de doelen realistisch. In 2019 was een lichte daling zichtbaar, in 2020 voldeden we (zo goed als) aan het doel (75%) in 2021 is het doel niet bereikt. Er is dus nog geen sprake van een verandering of ontwikkeling op langere termijn, waardoor we niet kunnen spreken over een structureel effect. De (on)tevredenheid over inrichting en onderhoud van de openbare ruimte kan per buurt of wijk verschillen. Via de Inwonersenquête 2021 – Openbare ruimte en Groen: Verdieping IE 2021 - Openbare Ruimte - Infogram: zijn de actuele cijfers te raadplegen.

Al twee jaar op rij blijken de gestelde doelen niet te realiseren. Is dit een tijdelijk of een structureel effect? Zijn de gestelde doelen wel realistisch? Is de (on)tevredenheid over de inrichting en onderhoud van de openbare ruimte overal of zijn er verschillen tussen wijken en buurten in de stad, bijv. t.o.v. het centrum? 38

54

Effectindicatoren: Aantal scholen met BVL-label

D66

Uit Begroting 2021 (pagina 39) en Jaarrekening 2021 (pagina 54) staat de volgende terugkoppeling van deze effectindicator: Realisatie 2019:44 Begroting 2020: 47 Realisatie 2020: 31 Begroting 2021: 50 Realisatie 2021: 38

Doelen blijken niet realistisch. Het aantal aangemelde BVL scholen ligt sinds 2018 ieder jaar rond de 40 scholen. Alleen het aantal scholen dat daadwerkelijk subsidie aanvraagt is afgenomen van 36 in 2018 naar 30 in 2021. Zij zijn echter nog wel aangemeld bij BVL en kunnen op elk moment weer aanhaken. Vaak wordt als reden om BVL (tijdelijk) stil te zetten aangegeven dat tijd/prioriteit ontbreekt. Dit was zeker in de corona-periode het geval.

Al twee jaar op rij blijken de gestelde doelen niet te realiseren. Is dit een tijdelijk of een structureel effect? Zijn de gestelde doelen wel realistisch? 39

54

Effectindicatoren: Aantal scholen met BVL-label

D66

“Doel was … definitief zijn gestopt” Wanneer gaan de 7 scholen die tijdelijk zijn gestopt met het behalen van het label alsnog het label behalen? Wat is de reden dat er 12 scholen definitief gestopt zijn of niet meedoen? Worden er nog pogingen ondernomen om hen later alsnog ‘aan boord’ te krijgen?

Zie ook antwoord op vraag 54. De zogenaamde ‘stille’ scholen (die tijdelijk zijn gestopt) kunnen op ieder moment weer instappen en indien nog nodig het label behalen (een aantal heeft het label wel al). Jaarlijks wordt een aantal ‘stille’ of niet aangemelde scholen (telefonische) benaderd of ze interesse hebben om (weer) mee te doen met BVL.

Vraag Nr.

Pag. nr.

Onderwerp

Fractie Vraag

40

54

Effect-indicatoren: Aantal km HOVbusbanen

D66

“In 2021 zijn er geen HOV-busbanen gerealiseerd” Uit Begroting 2021 (pagina 39) en Jaarrekening 2021 (pagina 54) staat de volgende terugkoppeling van deze effectindicator:

Antwoord Door prioritering in werkzaamheden en projecten is realisatie van HOV Geldropseweg buiten de Ring nog niet gerealiseerd. Daarnaast wordt er komende jaren gestart met realisatie HOV3 tussen Huizingalaan en Eindhoven Airport.

Realisatie 2019:23 Begroting 2020: 25 Realisatie 2020: 24 Begroting 2021: 25 Realisatie 2021: 24 Bij de begroting van 2020 en 2021 wordt gestreefd naar 25 km HOVbusbaan, bij de realisatie van 2020 en 2021 blijken we uit te komen op 24 km. Wat maakt het zo lastig om die laatste kilometer HOV-busbaan aan te leggen? Kunt u aangeven waar deze moet gaan komen? 41

54

Effect-indicatoren: Aantal vernieuwde verkeerslichten

D66

Uit Begroting 2021 (pagina 39) en Jaarrekening 2021 (pagina 54) staat de volgende terugkoppeling van deze effectindicator:

In 2021 hebben we door intensiveringsmiddelen meer verkeerslichten vernieuwd dan eerder jaren (15 om 11). Elk jaar verouderen er echter ook weer verkeerslichten, dit was nog niet goed verwerkt in de begroting.

Realisatie 2019:144 Begroting 2020: 167 Realisatie 2020: 136 Begroting 2021: 149 Realisatie 2021: 140 Al twee jaar op rij blijken de gestelde doelen niet te realiseren. Is dit een tijdelijk of een structureel effect? Zijn de gestelde doelen wel realistisch? 42

54

Effectindicatoren: Groot onderhoud bruggen, viaducten en tunnels (aantal)

D66

Uit Begroting 2021 (pagina 39) en Jaarrekening 2021 (pagina 54) staat de volgende terugkoppeling van deze effectindicator: Realisatie 2019: 9 Begroting 2020: 5 Realisatie 2020: 3 Begroting 2021: 5 Realisatie 2021: 3

43

57

(Verkeer, vervoer & waterstaat) Afwijking betreffende investering wegen

D66

44

85

kinderen/jongeren die voldoen aan beweegrichtlijnen

D66

45

124

Effectindicatoren : Instroom uitkeringen Participatiewet

D66

Al twee jaar op rij blijken de gestelde doelen niet te realiseren. Als verantwoording voor het afgelopen jaar wordt gegeven dat de voorbereiding i.v.m. complexiteit meer tijd heeft gekost. Is dit een tijdelijk of een structureel effect? Zijn de gestelde doelen wel realistisch? Welke subsidie is minder ontvangen dan gepland? Wat is hier de reden van?

De meting / vraagstelling bij de indicator “% Eindhovense kinderen/jongeren dat voldoet aan de beweegrichtlijnen” is veranderd waardoor het niet meer te vergelijken is. Wat was de oude vraagstelling, waarop het percentage van 76% is gebaseerd? Hoe kan goede preventie aan de poort ertoe leiden dat de instroom van bijstandsgerechtigde is gedaald? Met andere woorden: Wat gebeurt er aan preventieve maatregelen?

Het betreft de prestatie-indicator (aantal kunstwerken waar onderhoud aan uitgevoerd is). Voor het onderhoud aan civieltechnische kunstwerken blijft het aantal moeilijk in te schatten, aangezien het onderhoud complex is en er vooraf niet altijd bekend is wat er exact moet gebeuren (we kunnen niet in het kunstwerk kijken). We zien het opgegeven aantal als een streven en blijven eraan werken om het streefaantal voor dat jaar te behalen. Het heeft op dit moment geen invloed op de effectindicator voor de civieltechnische kunstwerken: deze voldoet aan het gestelde doel.

Voor investeringsprojecten geldt dat we per jaarschijf budgetten ramen. Door afwijkingen in planning kunnen verschillen ontstaan. Er is in 2021 minder subsidie ontvangen dan oorspronkelijk geraamd was. Het totaal te ontvangen subsidiebedrag blijft ongewijzigd en alleen het jaar waarin de subsidie daadwerkelijk wordt ontvangen wijkt af van de (initiële) raming. In 2021 was de vraagstelling: Op hoeveel dagen per week sport of beweegt uw kind minstens 1 uur? De beweegrichtlijn van kinderen/jongeren is ‘elke dag’. Door WIJeindhoven wordt gekeken of mensen bijvoorbeeld recht hebben op andere voorliggende voorzieningen zoals de WW of bijvoorbeeld rechtstreeks bemiddeld kunnen worden naar werk.

Vraag Nr.

Pag. nr.

Onderwerp

Fractie Vraag

Antwoord

46

124

Prestatie-indicatoren: % fraude onderzoeken

D66

We ontvangen meldingen van misbruik/oneigenlijk gebruik van bijstand. Op basis daarvan doen we een vooronderzoek. Als uit dit vooronderzoek blijkt dat diepgaander onderzoek nodig is, dan worden dit geprioriteerde signalen genoemd.

Wat zijn de voorbeelden van geprioriteerde signalen? Hoe wordt opsporing op discriminatoire gronden vermeden?

Discriminatore gronden worden vermeden doordat vastgelegd is dat de medewerkers niet geautoriseerd zijn om gegevens zoals geloof, cultuur, etniciteit etc. op te zoeken, op te vragen en vast te leggen. Deze gegevens hebben dan ook geen verdere invloed op onderzoek naar de rechtmatigheid van uitkeringen. 47

128

Uitvoering activiteiten beleidsplan Armoede & Schulden:

D66

“de projecten zijn gespreid….aan ons te binden’’ Is er voor de verwachte projecten genoeg capaciteit beschikbaar om het uit te voeren, of moeten deze mensen ook nog geworven worden?

Elk jaar maken we een jaarplanning, met daarin de uit te voeren activiteiten en begroting. In deze planning gaan we uit van de beschikbare capaciteit en financiële middelen. Als we meer activiteiten willen uitvoeren dan de beschikbare capaciteit toelaat, dan kiezen we er soms voor om extern te werven. Gedurende het jaar verandert de personele capaciteit (bijv. uitstroom, ziekte van collega's). Dat heeft invloed op de resultaten. Ook kunnen zich ontwikkelingen voordoen die prioriteit hebben, denk bijvoorbeeld aan energiearmoede. Per kwartaal bekijken we de jaarplanning in detail, en stellen we waar nodig bij.

48

130

Competenties en arbeidsmogelijkheden vaststellen:

D66

Ongeveer 10% van het zittend bestand is in beeld gebracht via Competensys.

49

132

Individuele studietoeslag:’’Een deel van…..een voordeel van 318.000’’

D66

“Om zo veel mogelijk eindhovenaren…. Wordt de talentenscan ingezet’’ Dit gaat over de nieuwe instroom. Hoeveel % van het zittend bestand is in beeld gebracht door het systeem van Competenties? Wat heeft de gemeente gedaan om deze regeling te communiceren?

50

132

Bijstand

D66

Waarom is de prestatie-indicator “aantal bijstandsgerechtigden waarvan de competenties in beeld zijn” niet gehaald?

Deze indicator gaat feitelijk over het aantal mensen dat in begeleiding naar werk is (door Participatiebedrijf) of actief in een activeringstraject is opgenomen door stichting WIJeindhoven. Deze mensen zijn 'actief' opgenomen in Competensys respectievelijk de Talentscan. Door de coronacrisis zijn er fysieke beperkingen geweest om van meer mensen de competenties goed in beeld te brengen.

51

136

WMO

D66

Het percentage inwoners dat de kwaliteit van de ondersteuning (WMO) goed vindt is in 2021 gedaald. Kunt u deze prestatie-indicator uitsplitsen tussen verschillende vormen van ondersteuning?

In het cliëntervaringsonderzoek WMO wordt de tevredenheid over verschillende voorzieningen uitgevraagd. Dat zijn de categorieën: huishoudelijke ondersteuning, hulpmiddelen, taxbus, beschermd wonen, dagbesteding en begeleiding. Het aantal inwoners dat hun oordeel over beschermd wonen, dagbesteding en begeleiding heeft gegeven is laag. Deze cijfers zijn daardoor minder representatief. Zie pagina 8 en 11 van de rapportage CEO WMO 2021 voor de uitgesplitste oordelen per ‘productcategorie’.

52

139

WMO

D66

“Meerkosten WMO (doeluitkering vrouwenopvang/maatschappelijke opvang).” Wat houdt de doeluitkering vrouwenopvang in?

Met ‘doeluitkering vrouwenopvang/maatschappelijke opvang’ wordt de ‘Decentralisatie uitkering Vrouwenopvang (DUVO)’ bedoeld. De DUVO wordt jaarlijks door het Rijk aan de 35 centrumgemeenten uitgekeerd t.b.v. de aanpak van alle vormen van geweld in afhankelijkheidsrelaties waaronder de vrouwenopvang maar ook kindermishandeling, seksueel geweld, ouderenmishandeling, loverboyproblematiek, etc.

53

150

Volksgezondheid & milieu

D66

“Ondanks dat we steeds meer geld uitgeven aan gezondheidszorg en ‘gezonde’ producten.” Wat wordt er bedoeld met ‘gezonde’ producten?

Het gaat hierbij om het gegeven dat er in algemene zin (landelijk) steeds meer aandacht is voor gezonde producten (biologisch, suikervrij e.d., groenten en fruit).

54

155

Prestatie-indicatoren: rioolvervanging in meters

D66

Uit Begroting 2021 (pagina 100) en Jaarrekening 2021 (pagina 155) staat de volgende terugkoppeling van deze prestatie indicator: Begroting 2020:5.400 Realisatie 2020: 5.005 Begroting 2021: 4.700 Realisatie 2021: 3.677

De uitvoering van het GRP t.a.v. vervangingen en aanpassingen aan waterstructuren verloopt goed, zij het dat een aantal grotere projecten later gestart zijn. Hiervoor zijn verschillende oorzaken aan te wijzen. Door integraal werken, aandacht voor klimaatadaptatie en toenemende complexiteit kennen projecten een langere voorbereidingstijd waardoor aanvullende onderzoeken en meer aandacht voor inspraak en communicatie nodig is. Circa 15% van het investeringsprogramma van het GRP is hierdoor vertraagd.

Al twee jaar op rij blijken de gestelde doelen niet te realiseren. Is het verschil tussen inschatting en daadwerkelijk ontwerp incidenteel of structureel van aard? Zijn de gestelde doelen wel realistisch?

Deze regeling is gepubliceerd op onze website. We maken de informatie zo toegankelijk mogelijk door onder andere een animatievideo die ook op de website staat. Verder informeren we onze samenwerkingspartijen, zodat zij belanghebbenden hier ook op kunnen wijzen.

Vraag Nr.

Pag. nr.

Onderwerp

Fractie Vraag

Antwoord

55

155

Prestatie-indicatoren: waterstructuur (in meters)

D66

De waterstructuren op maaiveld zijn volgens begroting gerealiseerd, maar hierbij zijn de aangelegde hemelwaterriolen bij opgeteld. Kunnen deze uitgesplitst worden naar maaiveld en hemelwaterriool ?

Circa 2610 m hemelwaterriool. Circa 500 meter watergangen.

56

155

Prestatie-indicatoren: afkoppelen verharding (in hectare)

D66

Uit Begroting 2021 (pagina 100) en Jaarrekening 2021 (pagina 155) staat de volgende terugkoppeling van deze prestatie indicator: Begroting 2020:5 Realisatie 2020: 7,7 Begroting 2021: 6 Realisatie 2021: 4,1

Afkoppelen van verhard oppervlak hangt samen met de aanleg van waterstructuren en vervangingsprojecten, omdat bij deze projecten wordt onthard. In 2021 is een aantal vervangings- en verbeteringsprojecten vertraagd waardoor er ook minder is afgekoppeld. Zie ook het antwoord op vraag 54.

In 2020 was er een positief verschil van 2,1, in 2021 een negatief verschil van 1,9. Wat maakt het verschil tussen de inschatting en daadwerkelijk ontwerp zo lastig in te schatten? Zijn de doelen / inschattingen wel realistisch? 57

157

Toelichting afwijking exploitatie: Regionale samenwerkingsverbanden

D66

“De in het GRP opgenomen middelen voor regionale samenwerkingsverbanden worden niet in voldoende mate besteed”. Wat is de reden dat de middelen voor regionale samenwerkingsverbanden niet voldoende besteed worden?

Bij de regionale samenwerkingsverbanden zijn we ook afhankelijk van de inzet (financieel en capaciteit) van onze waterpartners. Dit betreffen namelijk gezamenlijke onderzoeken, projecten, etc. Een aantal van de onderzoeken / projecten zijn vertraagd wegens ontbreken financiële middelen en capaciteit bij onze waterpartners in de samenwerkingsverbanden.

58

158

Effect-indicatoren: aandeel restafval

D66

Wij hebben de businesscase voor de NSI die in 2021 verder uitgewerkt zou worden nog niet mogen zien. Wanneer komt deze naar de raad? Wat voor gevolgen heeft het later/niet realiseren van een NSI voor de gestelde doelen? Wanneer zou de NSI uiterlijk gerealiseerd moeten zijn om de gestelde doelen te kunnen halen?

Op 9 juni 2022 hebben de nieuwe bestuurders van de deelnemende gemeenten de werkgroep opdracht gegeven om in Q4 van 2022 alle opties uitgewerkt te hebben zodat er dan een besluit genomen kan worden over een te volgen route. De huidige verbrandingscontracten lopen af in 2028. Het streven is om voor die tijd een nascheidingsinitiatief te realiseren. Het gestelde doel van 150kg/inw/jr in 2025 is nog zonder de aanwezigheid van nascheiding. De verwachting is dat nascheiding nog verder bijdraagt aan een vermindering van restafval (<150kg).

59

158

Effectindicatoren: behalen basiskwaliteit bijplaatsingen bij ondergrondse containers

D66

Uit Begroting 2021 (pagina 101) en Jaarrekening 2021 (pagina 158) staat de volgende terugkoppeling van deze prestatie indicator: Begroting 2020:95% Realisatie 2020: 75% Begroting 2021: 95% Realisatie 2021: 80%

Zie: 14. Het doel na opstarten plan van aanpak bijzet was minimaal 50% verbetering t.o.v. van 2020, met het uiteindelijke doel van 95%. Het is, zoals in vele gemeentes, een hardnekkig probleem: de verwachting is dat de komende jaren de actieve inzet van de aanpak bijzet nodig blijft.

60

158

Effectindicatoren: behalen basiskwaliteit bijplaatsingen bij ondergrondse containers

D66

Het doel is al een aantal jaren 95%, terwijl de realisatie telkens lager ligt. Zijn de doelen nog wel realistisch? Wat veroorzaakt het verschil? In hoeverre is bij de aanpak van bijzet afval aandacht voor mensen die de Nederlandse taal niet machtig zijn, mensen die niet kunnen lezen of niet (goed) digitaal vaardig zijn? (Met andere woorden: leggen wij/CURE voor alle inwoners op een heldere en begrijpelijke manier uit wat de bedoeling is en wat de gevolgen zijn als mensen bijzet afval plaatsen?)

Communicatie is een speerpunt bij het plan van aanpak bijzet. Inmiddels communiceert Cure via vele talen. U kunt dit o.a. zien op de website van Cure (Download waste information leaflets in your preferred language (cure-afvalbeheer.nl)) Daarnaast zijn de containers voorzien van stickers die door middel van tekst en pictogrammen de aanbiedregels aangeven. Duidelijk wordt gemaakt dat in geval van storing en dergelijke de inwoner de storing moet melden en het afval mee terug naar huis moet nemen. Bij gebieden waar veel bijzet voorkomt en dus op de zogeheten hotspotlijst staan, wordt extra gecommuniceerd over de negatieve gevolgen van bijzet (zwerfvuil, ongedierte, etc.).

Vraag Nr.

Pag. nr.

Onderwerp

Fractie Vraag

Antwoord

61

159

Prestatie-indicatoren: Omvang huishoudelijk restafval (kg/inwoner)

D66

Zie 16. Daarbij er zijn zeker verschillen per wijk of buurt (bv percentage hoogbouw): de cijfers zijn gebaseerd op de totale stad.

Uit Begroting 2021 (pagina 101) en Jaarrekening 2021 (pagina 159) staat de volgende terugkoppeling van deze prestatie indicator: Begroting 2020: 204 Realisatie 2020: 234 Begroting 2021: 200 Realisatie 2021: 230 In 2020 en 2021 lag de realisatie telkens zo’n 30kg/inwoner hoger dan het gestelde doel. Zijn de gestelde doelen nog wel realistisch? Is de afname van restafval overal in Eindhoven even sterk of zijn er verschillen per wijk/buurt ? “Curatief illegale stort (het opruimen van grof vuil, huishoudelijk afval en bedrijfsafval zoals matrassen, vuilniszakken groenafval etc., dat buiten de normale afvalinzameling wordt achtergelaten of gedumpt) laat een tekort zien. We zien een toename van illegale stort, mogelijk het gevolg van corona (mensen meer thuis). Lasten: 115.000” Zijn er nog andere redenen?

De exacte cijfers zijn per wijk nog niet inzichtelijk. De afvalstrategie richt zich nu vooral op de verbeteringen per categorie (hoogbouw, laagbouw etc.) die daar tav hoeveelheid restafval te behalen zijn. Na implementatie van de afvalstrategie ligt het in de lijn om dieper te monitoren op bv wijk, buurt en zo mogelijk straatniveau om verdergaande maatregelen te ontwikkelen.

62

160

Volksgezondheid & milieu

D66

63

161

Verbeteren woonsituatie

D66

“Status projectopdracht visie op Eindhovense ondergrond: het project is in uitvoering genomen (enige vertraging)” Waardoor is deze vertraging veroorzaakt?

Personeelsgebrek. De vertraging is ontstaan doordat er in de eigen organisatie geen capaciteit meer beschikbaar was. Er is met vertraging benodigde externe capaciteit ingeregeld.

64

161

Volksgezondheid en milieu

D66

“Het % inwoners dat last heeft van minstens één vorm van geluidhinder is afgenomen van 49% in 2020 naar 47% in 2021. De overlast van wegverkeer is verder toegenomen van 32% in 2020 naar 34% in 2021.” Waarom is het zoveel meer dan begroot (47% ipv 38%)?

De begrote waarde is een lange termijn streefwaarde. Het trendbeeld laat zien dat de beleving van geluidshinder wegverkeer gestaag toeneemt. Dat heeft alles te maken met de verdere verdichting van de stad en de florerende economie, waardoor er veel woon-werkverkeer, bouwverkeer, bevoorradingsverkeer e.d. is. Zie ook antwoord op vraag 17. In 2020 heeft de gemeenteraad besloten tot het instellen van een 0-emissiezone in het gebied binnen De Ring. Samen met het autoluw maken van de binnenstad wordt verwacht dat de geluidsbelasting zal afnemen en de hinderbeleving ook. In een relatief groot gebied met relatief veel inwoners zal dat naar verwachting een verbetering geven op het stadsgemiddelde niveau.

65

161

Volksgezondheid en milieu: % inwoners D66 dat last heeft van minstens één vorm van geluidshinder

Worden inwoners die last hebben van geluidshinder ook gewezen op het isolatieprogramma?

Ja, m.b.t. weg en railverkeer. Op het moment dat de saneringsaanpak zo ver is gevorderd (eerst de hoogst belast straten, daarna stapsgewijs de lager belaste straten). Dat gebeurt aan de hand van de vijf jaarlijkse regionale EU-verantwoording en het daaropvolgende Actieplan sanering. Momenteel wordt een volgende actualisatierapportage voorbereid. Verwachting in Q3 2022 naar college en in aansluiting daarop naar de raad.

66

162

Effect-indicatoren: Co2-uitstoot (% t.o.v. 1990, toelichting cijfers)

“De totale directe CO2 uitstoot is afgenomen van 118% in 2018 naar 113% in 2019. De directe uitstoot per inwoner is afgenomen van 98% in 2018 naar 94% in 2019”

De wijziging in het gebruik van de effectindicatoren in de jaarrekening ten opzichte van de begroting is onbedoeld. Beide effectindicatoren dienen gerapporteerd te worden. Data voor de indicatoren worden landelijk ingezameld en lopen altijd 2 jaar achter. Advies is in het vervolg beide indicatoren alsnog te rapporteren. De totale directe CO2 uitstoot is afgenomen van 118% in 2018 naar 113% in 2019. De directe uitstoot per inwoner is afgenomen van 98% in 2018 naar 94% in 2019. Tevens verwijzen we naar de klimaatbegroting die in september weer verschijnt tegelijk met de reguliere begroting.

D66

In de Begroting 2021 (pagina 103) wordt de effectindicator directe CO2 uitstoot per inwoner teruggekoppeld in de tabel, terwijl in de jaarrekening over 2021 de effectindicator totaal directe CO2 uitstoot wordt teruggekoppeld over 2020. Vanwaar deze wijziging van effectindicator? Is overwogen om beide indicatoren op te nemen i.p.v. deze trendbreuk te kiezen? 67

165

7.5 Begraafplaatsen en crematoria

D66

68

174

Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening & D66 Stedelijke Vernieuwing

Vooralsnog zijn er nog geen andere redenen bekend. De stijging is met name zichtbaar sinds corona (en de lockdowns). Meer thuis werken en thuis eten alsook thuis klussen lijkt te zorgen voor een stijging van afval. We blijven dit onderwerp de komende tijd monitoren.

Zijn er afgelopen jaar al voorbereidingen getroffen om nieuwe vormen van lijkbezorging (bijv. alkalische hydrolyse, ook wel ‘resomeren’ genoemd) mogelijk te maken? Hoeveel uitstoot zou dit onze gemeente jaarlijks schelen?

De gemeente beheert vier begraafplaatsen, maar geen crematoria. De overledene/ nabestaanden kiezen de vorm van lijkbezorging. De uitvoering daarvan ligt bij een uitvaartorganisatie in opdracht van de nabestaanden. Resomeren is wettelijk nog niet toegestaan. De verwachting is wel dat deze mogelijkheid in de nieuwe Uitvaartwet zal worden opgenomen.

Wat is de reden ervan dat er slechts in beperkte mate strategische grondaankopen zijn gedaan?

Strategische verwervingen laten zich lastig inschatten. Kansen kunnen zich plotseling voordoen; lopende onderhandelingen kunnen afketsen; er is sprake van lange doorlooptijden. De cijfers over 2021 geven een vertekend beeld. Dat jaar is ook de Wielewaal verworven, maar daarvoor is een apart krediet beschikbaar gesteld.

Vraag Nr.

Pag. nr.

69

Onderwerp

Fractie Vraag

Antwoord

179

D66

In de tabel staat het begrote saldo financiering à -1.375.000, die na de wijziging -2.147.000 is begroot, terwijl de realisatie 681.000 bedraagt. Wat heeft deze afwijking veroorzaakt?

De afwijking is toegelicht in de paragraaf financiering op pagina 221 (laatste alinea) en pagina 222. Bovenaan pagina 222 staat een tabel waarin in de rij ‘Renteresultaat op taakveld treasury’ de verschillen tussen primaire begroting (per saldo € 1,4 miljoen last) gewijzigde begroting (per saldo € 2,1 miljoen last) en realisatie (per saldo € 0,7 miljoen bate) zijn weergegeven. Op pagina 193/194 wordt dit per saldo voordelige afwijking van € 2,8 miljoen op het renteresultaat ten opzichte van de gewijzigde begroting verklaard als onderdeel van TV 0.5 treasury. Deze is met name het gevolg van a) lagere externe rentelasten (€ 2,5 miljoen) door minder investeringen in de afgelopen jaren, b) minder courtage voor banken en geldmakelaars doordat het niet nodig was om in 2021 lange financiering aan te trekken (€ 208.000) en c) de positieve rente op kasgeldleningen waardoor een niet begrote opbrengst is gerealiseerd (€ 205.000).

70

184

D66

In de tabel staan begrote lasten à 12.997.000, die later haast verdriedubbelen naar gerealiseerde lasten à 31.452.000. Hoe is dit grote verschil ontstaan?

Betreft een puur boekhoudkundige reden. We hebben € 18,1 miljoen inkomsten ontvangen uit de Regiodeal die op een ander taakveld in de begroting zijn opgenomen (taakveld 0.7, pagina 194, kolom begroting 2021, begrote baten). Deze middelen betalen we door aan de regio en dat wordt op dit taakveld verantwoord.

71

191

D66

In de tabel staan begrote lasten à 84.278.000, die dalen naar gerealiseerde lasten à 81.226.000. Hoe is dit grote verschil ontstaan?

Het verschil van € 2,9 miljoen tussen de begroting en realisatie is een combinatie van plussen en minnen van 16 elementen die in de tabel “toelichting afwijking exploitatie” worden uitgelegd. De drie grootste posten zijn het voordeel op de personeelslasten (€ 2,3 miljoen), het voordeel op de kapitaalasten ICT (€ 1,1 miljoen) en de reservering van de niet bestede middelen bedrijfsvoering (- € 2,9 miljoen).

72

193

D66

“Het voordelige renteresultaat is met name het gevolg van €2,542 miljoen lagere externe rentelasten door minder investeringen in de afgelopen jaren (…)” Waarom is er minder geïnvesteerd?

Naast lagere bestedingen in exploitatiesfeer, wordt minder geïnvesteerd dan begroot. Externe factoren zijn o.a. stikstofproblematiek en de prijsstijgingen in de afgelopen jaren. Interne factoren zijn o.a. het gebrek aan capaciteit om investeringen tijdig ten uitvoer te brengen.

139

58

Toelichting afwijking exploitatie: Onderhoud fietsenstalling 18 septemberplein

D66

Aanleiding voor het integraal onderzoek naar de fietsenstalling 18 septemberplein is dat sinds de ingebruikname van de kelder er problemen zijn met de constructie alsmede wateroverlast die ontstaat bij langdurige neerslag. Om een compleet beeld te krijgen is het onderzoek opgestart. Dit is momenteel nog lopende. Later dit jaar verwachten we hierover eerste conclusies.

140

175

Effectindicatoren: Aantal toegevoegde woningen (netto)

D66

We lezen dat wegens “diverse gebreken aan het 18 septemberplein”, waaronder de fietsenstalling, er een integraal onderzoek wordt opgestart om de gebreken aan te pakken, waardoor planmatig onderhoud is uitgesteld. Welke problemen doen zich voor op het 18 septemberplein en bij de fietsenstalling? Wanneer zijn de resultaten van dit onderzoek beschikbaar voor de raad? Uit Begroting 2021 (pagina 110) en Jaarrekening 2021 (pagina 175) staat de volgende terugkoppeling van deze effectindicator:

Zie antwoord op vraag 130

Realisatie 2019: 2.562 Begroting 2020: 2.500 – 3.000 Realisatie 2020: 1.540 Begroting 2021: 2.500 – 3.000 Realisatie 2021: 1.538 We zien dat de gestelde doelen al twee jaar op rij niet worden gehaald. Waar in het proces ontstaat de vertraging? Is dat overal op dezelfde plek of zit daar verschil in? Wat is er nodig om het proces vlotter te doorlopen of te vereenvoudigen? 141

176

Prestatie-indicatoren: Aantal opgeleverde woningen binnen de Ring

D66

Uit Begroting 2021 (pagina 110) en Jaarrekening 2021 (pagina 176) staat de volgende terugkoppeling van deze effectindicator: Realisatie 2019: 1.015 Begroting 2020: 1.021 Realisatie 2020: 723 Begroting 2021: 1.500 Realisatie 2021: 1.139 We zien dat de gestelde doelen al twee jaar op rij niet worden gehaald. Waar in het proces ontstaat de vertraging? Is dat overal op dezelfde plek of zit daar verschil in? Wat is er nodig om het proces vlotter te doorlopen of te vereenvoudigen?

Zie antwoord op vraag 130

Vraag Nr.

Pag. nr.

Onderwerp

Fractie Vraag

Antwoord

73

23

1.3 Financiële hoofdlijn

GL

Graag ontvangen we de tabel met iedere kolom onderverdeeld in structurele en incidentele budgetten.

Het onderscheid structureel/ incidenteel treft u aan in hoofdstuk 4. De tabel op pagina 320 laat in de kolom' rekening 2021' het rekeningresultaat zien uitgesplitst naar incidenteel en structureel. De tabel bovenaan op pagina 321 laat vervolgens de incidentele baten en lasten per programma zien met een toelichting op de grootste incidentele afwijkingen. Op pagina 327 en verder wordt op de structurele cijfers van de reserves ingezoomd.

74

24

1.3 financiële hoofdlijn (onderwijs)

GL

We lezen dat de middelen voor verbetering van de ventilatie van scholen na twee corona jaren nog niet gebruikt zijn en verderop dat daar wel op ingezet is. Hoe zit dit nu precies en hoe kan het dat (een deel van) deze middelen dus nog niet is gebruikt voor het bedoelde doel?

In 2021 zijn de voorbereidingen voor de Evangelische Basisschool Online en de Vrije Basisschool De Regenboog door de schoolbesturen gestart en de projecten zijn inmiddels in uitvoering. Schoolbestuur SKPO is gestart met de voorbereiding voor 4 scholen en zal voor 31 augustus 2022 starten met de uitvoering. Schoolbestuur SALTO heeft aangegeven toch geen gebruik te maken van de subsidie. De benodigde investering is voor hen te groot. De gemeentelijke financiën die niet gebruikt worden voor SALTO worden op een andere passende wijze ingezet. De niet gebruikte SUVIS subsidie zal aan het rijk worden geretourneerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11781194/1