20260526 08d analyse begrotingen 2027 Verbonden partijen - Bijlage Omnibuzz
Tekst van het document
Politiek
Strategisch
Proces
Personeel
ICT
Financieel
Kwaliteit
Afhankelijkheid leveranciers ICT Digitale dreigingen
Continuiteit risico tgv serverbeheer
Rekening houdend met de beheersmaatregelen die beschikbaar zijn om deze risico’s te mitigeren en de mate waarin de risico’s reeds in de eerdere begroting zijn doorgerekend, wordt de maximale impact geschat op € 760.000,-. Risicomanagement vormt onderdeel van de planning & control cyclus binnen Omnibuzz. In dit kader wordt regelmatig getoetst of de aanwezige weerstandscapaciteit afdoende is om de risico’s waarmee Omnibuzz geconfronteerd wordt af te dekken. Een overzicht van de kernrisico’s is opgenomen in de bijlagen vanaf pagina 50. De vaststelling is geldend totdat de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ opnieuw zal worden geactualiseerd.
17
Omnibuzz
De beleidsbegroting
Primo 2025 bedroeg het saldo van de algemene reserve € 725.949,–. In 2025 heeft een dotering plaatsgevonden van €1.700,- ten gunste van de 30 gemeente op basis van fiscale advisering inzake het JWV en LLV. Deze dotering vindt plaats op basis van de reeds gefactureerde winstopslag om zodoende de btw-systematiek te optimaliseren. Hiermee komt het saldo ultimo 2025 uit op € 727.649. Het saldo van de algemene reserve ligt hiermee binnen de in december 2023 vastgestelde bandbreedte. Geprognosticeerde balans 2026-1 Activa
31-dec-2025
31-dec-2026
Passiva
31-dec-2025
31-dec-2026
Vaste activa
€
€
Vaste passiva
€
€
Materiële vaste activa: Investeringen met een economisch nut Financiële vaste activa
Totaal vaste activa
Algemene reserve 291.785 -
291.785
223.568 -
Egalisatiereserve
-
-
41.371
35.246
Resultaat voor bestemming Wmo
767.753
-
Resultaat voor bestemming JWV
327.795
-
Resultaat voor bestemming LLV
503.124
-
Voorziening verlofsparen
80.340
103.599
2.448.032
866.494
1.916.812
2.157.808
592.693
691.015
223.568 Totaal vaste passiva Vlottende passiva
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar:
Netto-vlottende schulden: 9.982.302
7.170.073
727.649
Bestemmingsreserve
Vlottende activa
Uitzettingen in ‘s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
727.649
Overige schulden Overlopende passiva:
Overige vorderingen
570.557
468.800
Te betalen verplichtingen
Liquide middelen
978.856
814.761
Voorschotbedragen:
186.397
Overige Nederlandse overheidslichamen
Overlopende activa
127.039
6.993.001
5.148.282
Totaal vlottende activa
11.658.754
8.640.031 Totaal vlottende passiva
9.502.506
7.997.105
Totaal generaal
11.950.540
8.863.600 Totaal generaal
11.950.540
8.863.600
De vergelijkende cijfers per 31 december 2025 zijn overgenomen uit de concept jaarrekening 2025. Voor 2026 hebben wij voor de vlottende activa en vlottende passiva de cijfers begroot door een zo accuraat mogelijke inschatting van de balanspost te maken. Waar dit niet mogelijk was, zijn de cijfers begroot door het gemiddelde van de afgelopen drie jaren te nemen (exclusief incidentele posten).
18
Omnibuzz
De beleidsbegroting
Voor de gewijzigde begroting 2026-1 is het positieve resultaat 2025 € 1.598.671,- als incidenteel gezien en uit het gewogen gemiddelde van de afgelopen drie jaar gehaald. Het positieve resultaat vloeit via het resultaatvoorstel terug naar de gemeenten of wordt toegevoegd aan de algemene reserve of bestemmingsreserves. Het voorstel resultaatbestemming 2025 wordt ter goedkeuring voorgelegd aan het algemeen bestuur op 1juli 2027 en zal in de gewijzigde begroting 2027 worden verwerkt. Het eigen vermogen is begroot door een zo goed mogelijke inschatting te geven van de reserves en voorzieningen op basis van de nu bekende risico’s. Hierbij is rekening gehouden met de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ die is vastgesteld door het algemeen bestuur en met de huidige weerstandscapaciteit. 3.1.10 Kengetallen
In het kader van artikel 11 van het ‘Besluit begroting en verantwoording’ zijn de volgende kengetallen opgenomen:
› Netto schuldquote. › Solvabiliteitsratio. › Structurele exploitatieruimte. › Grondexploitatie. › Belastingcapaciteit. Kengetallen drukken de verhouding uit tussen bepaalde onderdelen van de begroting en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie. Onderstaand volgt een korte toelichting op de voorgeschreven kengetallen:
› De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. › De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin aan de financiële verplichtingen kan worden voldaan. › De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte er is om de eigen lasten te kunnen dragen of welke structurele stijging van de baten of daling van de lasten daarvoor nodig is.
› De grondexploitatie geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale baten (niet van toepassing voor Omnibuzz).
› De belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde (niet van toepassing voor Omnibuzz).
19
Omnibuzz
De beleidsbegroting
De uitkomsten van deze vijf kengetallen worden voor het begrotingsjaar 2026-1 weergegeven in de volgende tabel. Tabel Kengetallen Begroting jaar
Verloop van de Kengetallen
Kengetallen:
2024
2025
2026-1
Netto schuldquote
-4%
-6%
2,02%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
-4%
-6%
2,02%
Solvabiliteitsratio
16%
20%
9,78%
Structurele exploitatieruimte
2%
5%
0%
Grondexploitatie
nvt
nvt
nvt
Belastingcapaciteit
nvt
nvt
nvt
Om de kengetallen voor 2026-1 te bereken is de geprognosticeerde balans van 2026 als basis gebruikt. Voor 2024 (t-2) zijn de gerealiseerde cijfers uit de vastgestelde jaarrekening gebruikt. Voor 2025 zijn de cijfers uit de concept jaarrekening overgenomen. Omdat in 2025 de resultaatbestemming nog is opgenomen, ontstaat er een vertekend beeld, waardoor het verschil tussen de solvabiliteitsratio’s van 2024 en 2025 groter lijkt dan het daadwerkelijk is. De solvabiliteitsratio voor 2026-1 is 9,78%. Dit betekent dat voor 2026-1 9,78% van het totale vermogen uit eigen vermogen bestaat. Hoe hoger dit percentage, hoe beter. De uitkomst van de netto schuldquote is 2,02%. Dit komt omdat Omnibuzz relatief weinig vreemd vermogen heeft. De structurele exploitatieruimte bedraagt voor 2026-1 0%. De kengetallen grondexploitatie en belastingcapaciteit zijn voor Omnibuzz niet van toepassing. 3.1.11 Financiering
Treasury De financiering van Omnibuzz bestaat uit bijdragen van de deelnemende gemeenten. Omnibuzz maakt op dit moment geen gebruik van een kortlopende kasgeldlening. Indien er in de toekomst gebruik wordt gemaakt van een kortlopende kasgeldlening, zullen de hieraan eventueel verbonden kosten in de jaarrekening opgenomen worden als kapitaallasten. Vanuit de in 2018 gevormde bestemmingsreserve ‘ICT’ valt elke jaar het afschrijvingsdeel voor de in het jaar 2018 en 2019 geïnvesteerde activa vrij ter financiering van de afschrijvingslasten. In de gewijzigde begroting 2026-1 bedraagt dit afschrijvingsdeel € 6.125,-. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft aan tot welk bedrag korte financiering mogelijk is. Onder korte financiering wordt in de Wet FIDO verstaan 20
Omnibuzz
De beleidsbegroting
leningen met een rente typische looptijd korter dan één jaar. De kasgeldlimiet wordt bepaald als een percentage van het begrotingstotaal. Bij ministeriële regeling is dit percentage voor Omnibuzz vastgesteld op 8,2%. Concreet betekent dit dat de netto vlottende schuld per kwartaal de kasgeldlimiet niet mag overschrijden. Omnibuzz zal naar verwachting binnen de kasgeldlimiet blijven. Tabel Kasgeldlimiet (1) Vlottende schuld
(2) Vlottende middelen
(3) Netto vlottende schuld
Kwartaal 1 €
2.064.274 €
3.929.676 €
-1.865.402
Kwartaal 2 €
1.690.990 €
3.526.931 €
-1.835.940
Kwartaal 3 €
2.131.722 €
4.539.572 €
-2.407.850
Kwartaal 4 €
9.502.506 €
11.658.754 €
-2.156.248
(4) Gemiddelde van kwartalen €
3.847.373 €
5.913.733 €
-2.066.360
(6) Ruimte onder kasgeldlimiet €
2.066.360
(5) Berekening kasgeldlimiet (7) Omvang begroting per 1 januari 2025
€
(8) in procenten van de grondslag
34.021.260 8,2%
(5) = (7) x (8) Kasgeldlimiet:
€
2.789.743
Ruimte (+) / overschrijding (-) (6) + (5)
€
4.856.103
De (verwachte) netto vlottende schuld per kwartaal voor de kasgeldlimiet 2026 is berekend op basis van de realisatie Q1 t/m Q4 2025.. Renterisiconorm De renterisiconorm is direct gerelateerd aan het budgettaire risico en heeft als doel het renterisico bij herfinanciering te beheersen. De renterisiconorm houdt in dat de jaarlijks verplichte aflossingen en renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Schatkistbankieren Schatkistbankieren houdt in dat overtollige publieke middelen worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Hierdoor zal de Nederlandse staat minder geld hoeven te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. Decentrale overheden zullen op de deposito’s een rente vergoed krijgen die gelijk is aan de rentes die de Nederlandse staat betaalt bij leningen die ze op de markt aangaat. Voor decentrale overheden is het gevolg hiervan dat uitstaande beleggingen bij het vrijvallen niet kunnen worden herbelegd maar naar de rekening courant gaan. Daar kunnen ze hoogstens als deposito worden weggezet tegen de dan geldende rente op Nederlandse staatsobligaties. Er is sprake van een drempelbedrag dat Omnibuzz buiten de schatkist mag aanhouden. Voor Omnibuzz is het drempelbedrag vastgesteld op maximaal € 1.000.000,-. Het feitelijke bedrag is voor Omnibuzz rond de € 934.000,-. Dit saldo wordt daarmee niet als overtollig beschouwd.
21
Omnibuzz
De beleidsbegroting
De Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) De Europese eisen en afspraken over reductie van het begrotingstekort en de staatsschuld vormen de basis van de Wet Hof. De middellange termijndoelstelling is het op termijn verkrijgen van begrotingsevenwicht in stappen van 0,5% bbp per jaar. Omdat ook gemeenten, provincies, waterschappen en Gemeenschappelijke Regelingen bijdragen aan het begrotingstekort van de collectieve sector, bepaalt het wetsvoorstel dat niet alleen het Rijk maar ook de decentrale overheden zich moeten houden aan de doelstellingen uit het aangescherpte Stabiliteits- en Groeipact. Het EMU-saldo volgt uit de tabel: Omschrijving
2025 Jaarrekening x € 1.000
2026-1 Begroting x € 1.000
2027-0 Begroting x € 1.000
Vorig verslagjaar
Huidig begrotingsjaar
Volgend begrotingsjaar
1
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
1.574
0
0
2
Afschrijvingen ten laste van de exploitatie
56
56
50
3
Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie
0
0
0
4
Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd
28
0
0
5
Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4
0
0
0
6
Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord
0
0
0
7
Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan)
0
0
0
8
Baten bouwgrondexploitatie: Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord
0
0
0
9
Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen
0
0
0
10
Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten
0
0
0
11
Verkoop van effecten
a
Gaat u effecten verkopen? (ja/nee)
Nee
Nee
Nee
b
Zo ja, wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie
0
0
0
1.602
56
50
Berekend EMU-saldo
Het EMU-saldo wordt berekend door op het exploitatiesaldo de afschrijvingen, investeringen en mutaties van reserves te corrigeren. Omdat Omnibuzz kostenneutraal begroot, leiden eventuele investeringen in 2026 in materiële vaste ac22
Omnibuzz
De beleidsbegroting
tiva tot een mutatie in het EMU-saldo. Tevens drukken de afschrijvingen op de exploitatie, die conform de financiële uitgangspunten niet gedekt worden door de algemene reserve. Per saldo wordt hierdoor voor 2026 een EMU-saldo ad € 56.000,- begroot. 3.1.12 Bedrijfsvoering Sturingsprincipes
Sinds de totstandkoming van de Gemeenschappelijke Regeling Omnibuzz heeft Omnibuzz zich ontwikkeld tot een compacte en doelmatige organisatie. De organisatie is ingericht op basis van een aantal sturingsprincipes die behouden blijven. Daarnaast vraagt de groei en ontwikkeling van de organisatie om een aantal nieuwe sturingsprincipes. Omnibuzz hanteert de volgende principes bij de keuzes omtrent inrichting van de werkorganisatie: Kwaliteit en klantgerichtheid Kwaliteit en klantgerichtheid staan voorop bij alle inrichtingsvraagstukken. Dit uit zich naar alle betrokkenen, van klanten tot vervoerders en van gemeenten tot de Provincie Limburg. Professionaliteit Omnibuzz organiseert haar werkorganisatie op een professionele manier. Uitgangspunt hierbij is dat de organisatie-inrichting en -sturing faciliterend moeten zijn voor de medewerkers. Doelmatigheid De werkorganisatie wordt doelmatig ingericht. Dat wil zeggen dat binnen de geldende kwaliteitskaders en taakstelling een zo efficiënt mogelijke organisatie wordt ingericht.
Lerende organisatie Omnibuzz is een organisatie in groei en in ontwikkeling. Dit betekent dat processen, systemen en werkwijzen voortdurend worden geoptimaliseerd. Omnibuzz stimuleert haar medewerkers bij te dragen aan het principe van een lerende organisatie. Good governance De organisatie wordt ingericht op basis van de principes van good governance en met inachtneming van de bepalingen van de Wet ‘Gemeenschappelijke Regelingen’. Belastingdienst In 2017 heeft de Belastingdienst Omnibuzz vrijgesteld van de vennootschapsbelasting op basis van de dienstverleningsovereenkomsten-vrijstelling. In 2018 heeft de Belastingdienst het standpunt ingenomen dat Omnibuzz btw in rekening dient te brengen over de gemeentelijke bijdrage (vervoer 9%, overige kosten 21%). Dit heeft tot gevolg gehad dat de fiscale afhandeling van het ondernemershandelen in het kader van de vervoersbeweging van Omnibuzz per 1 april 2019 is teruggevallen naar de individuele gemeenten. 3.1.13 Bestuurlijke structuur
De bestuurlijke structuur wordt gevormd door een algemeen bestuur en een dagelijks bestuur. Het algemeen bestuur bestaat uit 30 leden met 38 stemmen. Het dagelijks bestuur wordt gevormd door een zevental leden:
› 4 leden vanuit Zuid-Limburg. › 3 leden vanuit Noord- en Midden-Limburg.
23
Omnibuzz
De beleidsbegroting
De directeur van Omnibuzz legt verantwoording af aan het dagelijks bestuur (DB) en het algemeen bestuur (AB). In de nadere uitwerking van de verordeningen van DB en AB alsmede de organisatie- en directieverordening is de relatie nader geregeld. 3.1.14 Structuur werkorganisatie
Omnibuzz staat onder aansturing van een éénhoofdige directie. De directeur legt verantwoording af aan het bestuur en geeft leiding aan de werkorganisatie. Binnen de werkorganisatie worden twee afdelingen onderscheiden die elk onder aansturing staan van een manager:
› Uitvoering, waaronder ritreservering en tactische regievoering. › Bedrijfsvoering, waaronder ICT, financiële administratie, finance & control en klantenservice. Naast deze afdelingen wordt een aantal staffuncties onderscheiden die onder aansturing van de directeur vallen. De afdelingsmanagers vormen samen met de directeur het managementteam. Het formatieoverzicht is in 2024 geactualiseerd en op 13 november 2024 door het dagelijks bestuur vastgesteld. Deze actualisatie heeft de hiernavolgende verwachte bezettingen tot gevolg. Afdeling uitvoering
De afdeling uitvoering kent de volgende verwachte bezetting: Functie
Fte
Manager uitvoering
1,00
Teamleider ritreservering
1,80
Supervisor
2,20
Medewerkers ritreservering
22,45
Regiemedewerkers
3,56
Consulent klantcontact
0,67
Afdeling uitvoering totaal
31,68
24
Omnibuzz
De beleidsbegroting
Afdeling bedrijfsvoering
De afdeling bedrijfsvoering zal naar verwachting de volgende bezetting in 2026 kennen: Functie
Fte
Manager bedrijfsvoering
0,9
Teamleider financiële administratie
1,00
Financieel medewerkers A
2,82
Financieel medewerkers B
0,83
Teamleider klantenservice
1,00
Medewerker klantenservice
7,10
Medewerker applicatiebeheer
0,67
Medewerker ICT
0,90
Medewerker LLV
1,33
Medewerker LLV/MijnOmnibuzz/KTO/projecten
1,00
Medewerker finance & control
0,90
Afdeling bedrijfsvoering totaal
18,45
25
Omnibuzz
De beleidsbegroting
Staffuncties
De staffuncties zien er naar verwachting als volgt uit: Functie
Fte
Directeur
1,00
HR beleidsadviseur
1,00
HR consulent
0,78
HR assistent
0,16
Adviseur projecten
4,80
Medewerker Officemanagement/Directiesecretaresse
0,72
Management assistent
0,67
Communicatieadviseur
0,50
Coördinator klachtenafhandeling
1,00
Medewerker klachtenafhandeling
0,89
Preventiemedewerker
0,10
Medewerker databeheer en -analyse
0,67
Afdeling staf totaal
12,29
De totale structurele bezetting van Omnibuzz is 62,72 fte. Hierin is 0,30 fte opgenomen voor invulling van de OR-activiteiten. Het verloop van de bezetting over de jaren is als volgt:
26
Afdeling
2026
2027
2028
2029
2030
Uitvoering
31,68
31,68
31,68
31,68
31,68
Bedrijfsvoering
18,45
18,45
18,45
18,45
18,45
Staf
12,29
12,29
12,29
12,29
12,29
OR
0,30
0,30
0,30
0,30
0,30
Externe expertise
0,00
0,00
0,00
0,00
0,00
Totaal
62,72
62,72
62,72
62,72
62,72
4
Financiële begroting
27
Omnibuzz
Financiële begroting
4. Financiële begroting 4.1
Financiële kaders
Ten opzichte van de begroting 2026-0 (goedgekeurd door het algemeen bestuur op 2 juli 2025) doet zich een aantal wijzigingen voor. Enerzijds vloeien deze wijzigingen voort uit het feit dat de financiële uitgangspunten kunnen worden ingevuld met meer recent cijfermateriaal. Anderzijds is er ook een aantal beleidsmatige wijzigingen die hun effect hebben op de begroting 2026-1. De financiële uitgangspunten voor de gewijzigde begroting 2026-1 zijn vastgesteld door het algemeen bestuur op 17 december 2025 en hieronder weergegeven: 1
2
3
4
5
28
Als uitgangspunt worden de gerealiseerde vervoerscijfers per gemeente in de periode één jaar voorafgaand aan het jaar waarop de begroting betrekking heeft (t-1) genomen. Uitgangspunt is het daadwerkelijk verreden aantal ritten en kilometers per gemeente. Voor de begroting 2026-1 is het uitgangspunt het gerealiseerde vervoersvolume in 2025 op gemeenteniveau. Op de vervoerscijfers zoals genoemd bij 1) wordt een generieke opslag van 5% toegepast om de toekomstige groei in de vervoersvraag binnen de begroting op te vangen. De individuele gemeentes hebben de mogelijkheid naar wens een alternatief opslagpercentage toe te passen om een hogere (of lagere) verwachte stijging van het vervoersvolume op gemeenteniveau (zie 2) op te vangen. Dit individueel opslagpercentage kan op maat worden ingerekend. Het vervoerstarief wordt geïndexeerd met de NEA-index voor 2026 (vastgesteld op 4,1%). Voor het vervoerstarief wordt gerekend met het voorcalculatorisch tarief 2026 op basis van de afgegeven tarieven in de vervoerscontracten, verhoogd met de NEA-index die geldt voor 2026. Het voorcalculatorisch tarief 2026 wordt bepaald op basis van het na-calculatorisch tarief voor 2025, voor het gerealiseerde deel van het vervoer 2025. Deze wordt
verhoogd met de NEA-index die geldt voor 2026 (4,1%). Voor de salaris- en loonkosten wordt een nieuwe inschatting gemaakt van de diverse kostencomponenten op basis van de meest actuele informatie. In de begroting 2026-1 zal gebruik worden gemaakt van het meest recente formatieplan. Indexatie van de salariscomponent gebeurt op basis van de meest actuele cao-informatie. De recente cao SGO 2025-2027 loopt tot 31 maart 2027. Hierin is voor 2026 een stijging van € 35,- bruto per maand gerekend en vanaf 1 juli 2026 een stijging van 1,25%. Deze zullen wij inrekenen in onze begroting. 7 De overheadkosten 2026 zijn gebaseerd op een zo goed mogelijke nieuwe inschatting van de diverse kosten componenten. Er wordt gewerkt met een indexpercentage gebaseerd op de schatting uit de MEV 2026 middellange termijnplanning van het Centraal Plan Bureau (CPB) zijnde 2,3%. 8 Alle vervoerskosten worden conform uitgangspunt uit de notitie ‘Afrekensystematiek’ op basis van daadwerkelijk gebruik met de deelnemende gemeenten afgerekend. 9 De afrekensystematiek voor de indirecte vervoerskosten (zoals loonkosten ritreservering en klantenservice) gebeurt op basis van het aantal ritten. In de begroting zal het aantal ritten uit 2025 opgenomen worden. Bij de afrekening wordt het gerealiseerde aantal ritten 2026 als basis genomen.
10 De afrekensystematiek voor de overheadkosten conform ‘notitie ‘overhead Commissie’ BBV/IV3) (bijvoorbeeld loonkosten staf en directie, facilitaire zaken) gebeurt op basis van het aantal inwoners (gebaseerd op CBS-gegevens peildatum 1-1-2026). 11 In de begroting wordt ervan uitgegaan dat de algemene reserve minimaal € 550.000,- bedraagt, conform de vastgestelde ‘Nota Reserves, Voorzieningen en Risicomanagement 2023’. 12 In de overheadkosten is een post onvoorzien opgenomen conform voorschrift BBV. Deze post wordt gesteld op € 50.000,-. 13 Alle bedragen zijn weergegeven exclusief btw. 6
Omnibuzz
Financiële begroting
Additionele uitgangspunten JWV (alleen voor gemeenten waarvoor dit van toepassing is): 1
2
3
4
5
6
Investeringen worden doorbelast middels de verdeelsleutel Wmo–JWV, op basis van het aantal geïndiceerde reizigers op 1 januari van het begrotingsjaar. Vervoerkosten worden bepaald middels toerekening kosten vervoerder aan betreffende gemeente: 1 gemeentelijk tarief per contractsoort. Per gemeente wordt na afloop van het jaar afgerekend op basis van realisatie en toeslagen (hoeveelheid). Verdeelsleutel interne doorbelasting Wmo–JWV: overheadkosten worden verdeeld op basis van het aantal geïndiceerde reizigers op 1 januari van het begrotingsjaar. Verdeelsleutel interne doorbelasting LLV-JWV: indirecte vervoerskosten worden op basis van het aantal ritten verdeeld, alleen voor noodzakelijke gezamenlijke kosten JWV en LLV (Bijvoorbeeld Smartwheels en klantenservice jeugdwetvervoer). Verdeelsleutels gemeenten binnen JWV: aantal kilometers voor verdeling vervoerskosten, aantal inwoners voor verdeling overheadkosten en aantal ritten voor verdeling indirecte vervoerkosten. Als uitgangspunt worden de gerealiseerde vervoerscijfers per gemeente in de periode één jaar voorafgaand aan het jaar waarop de begroting betrekking heeft (t-1) genomen. Uitgangspunt is het daadwerkelijk verreden aantal ritten
en kilometers per gemeente. Deze gegevens kunnen door gemeenten worden aangevuld op basis van actuele data. Voor de begroting 2026-1 is het uitgangspunt het gerealiseerde vervoersvolume in 2025 op gemeenteniveau. Additionele uitgangspunten leerlingenvervoer (LLV) (alleen voor gemeenten waarvoor dit van toepassing is): 1
2
3
4
Verdeelsleutel interne doorbelasting Wmo-LLV: overhead op basis van het aantal geïndiceerde reizigers op 1 januari van het begrotingsjaar. Verdeelsleutel gemeenten binnen LLV: kilometers voor directe vervoerskosten, inwoners voor overheadkosten en aantal ritten voor indirecte vervoerkosten. Vervoerkosten middels gewogen gemiddelde tarief vervoerders: 1 gemeentelijk tarief. Alle perceeltarieven tezamen leiden tot een gewogen gemiddeld tarief (basisprijs en toeslagen) voor de gemeenten, waarbij per gemeente op basis van realisatie en toeslagen (hoeveelheid) wordt afgerekend. Als uitgangspunt worden de gerealiseerde vervoerscijfers per gemeente in de periode één jaar voorafgaand aan het jaar waarop de begroting betrekking heeft (t-1) genomen. Uitgangspunt is het daadwerkelijk verreden aantal ritten en kilometers per gemeente. Voor de begroting 2026-1 is het uitgangspunt het gerealiseerde vervoersvolume in 2025 op gemeenteniveau.
29
Omnibuzz
Financiële begroting
Beleidsindicatoren Indicator
2026-1
Eenheid
Bron
0,055
fte per 1.000 inwoners
Eigen gegevens
Bezetting
0,055
fte per 1.000 inwoners
Eigen gegevens
Apparaatskosten
€ 3,01
kosten per inwoner
Eigen begroting
Externe inhuur
0,7%
kosten als % van totale loonsom
Eigen begroting
Overhead
9,84%
% van totale lasten
Eigen begroting
Formatie
Voor een toelichting op de beleidsindicatoren wordt verwezen naar 3.1.5 ‘Wat zijn de daarmee gepaard gaande programmakosten?’ op pagina 14. Tabel Overzicht van baten en lasten per taakveld Programma Wmo-vervoer
Baten
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
€
- €
Lasten
4.364.345 €
Saldo 4.364.345
6.6 Hulpmiddelen en diensten (Wmo)
€
- €
25.767.561 €
25.767.561
6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal (Jeugdwet)
€
- €
479.456 €
479.456
Algemene dekkingsmiddelen 0.5 Treasury
€
100.000 €
18.919 €
-81.081
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
€
4.364.345 €
- €
-4.364.345
6.6 Hulpmiddelen en diensten (Wmo)
€
25.730.355 €
- €
-25.730.355
6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal (Jeugdwet)
€
479.456 €
- €
-479.456
0.4 Overhead Wmo
€
3.278.343 €
3.278.343 €
-
0.4 Overhead JWV
€
8.187 €
8.187 €
-
0.4 Overhead LLV
€
60.573 €
60.573 €
-
€
- €
50.000 €
50.000
€
-6.125 €
-6.125
34.021.260 €
34.021.260 €
-
Overhead
Onvoorzien 0.8 Overige baten en lasten
Bestemmingsreserve ICT 0.10 mutaties reserve
Structureel saldo van baten en lasten
€
Toevoegingen aan de reserves
€
- €
- €
-
Onttrekkingen aan de reserves
€
- €
- €
-
Algemene reserve
€
- €
- €
-
Incidenteel saldo van baten en lasten
€
- €
- €
-
Structureel en reëel evenwicht
€
34.021.260 €
34.021.260 €
-
Voor een toelichting op de baten en lasten per taakveld wordt verwezen naar 3.1.5 ‘Wat zijn de daarmee gepaard gaande programmakosten?’ op pagina 14. 30
Omnibuzz
Financiële begroting
Tabel Baten en lasten per taakveld Begroting 2026-1
2026
Programma vervoer 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
€
4.364.345
6.6 Hulpmiddelen en diensten (Wmo)
€
25.767.561
6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal (Jeugdwet)
€
479.456
Algemene dekkingsmiddelen 0.5 Treasury
€
-81.081
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
€
-4.364.345
6.6 Hulpmiddelen en diensten (Wmo)
€
-25.730.355
6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal (Jeugdwet)
€
-479.456
0.4 Overhead Wmo
€
-
0.4 Overhead JWV
€
-
0.4 Overhead LLV
€
-
€
50.000
Overhead
Onvoorzien 0.8 Overige baten en lasten
Bestemmingsreserve ICT 0.10 Mutaties reserve
€
Structureel saldo van baten en lasten
€
Toevoegingen aan de reserves
€
-
Onttrekkingen aan de reserves
€
-
Algemene reserve
€
-
Incidenteel saldo van baten en lasten
€-
Structureel en reëel evenwicht
€
4.2
-6.125
34.021.260
34.021.260
Toelichting op de baten en lasten Wmo
Vervoerskosten en baten
Het vervoersvolume 2026-1 is gebaseerd op de gerealiseerde kilometers, de toeslagen laag en hoog en de meereizend OV-er in de periode 1 januari tot en met 31 december 2025, vermeerderd met een opslag van 5%, behalve voor de gemeenten Maastricht (0%), gemeente Valkenburg a/d Geul (2,5%) en gemeente Venlo (2,5%).
31
Omnibuzz
Financiële begroting
Tabel Vervoersvolume 2026-1 Gemeente
Kilometers 2025
Totaal aantal kilomeToeslagen km hoog ters 2026-1 (+ opslag) (+ opslag)
Opslag
Toeslagen km laag (+ opslag)
Meereizend OV-er (+ opslag)
Beek
83.548
5%
87.726
2.586
32.198
692
Beekdaelen
224.928
5%
236.174
4.087
58.108
1.308
Beesel
64.550
5%
67.778
4.823
22.027
387
Bergen
61.647
5%
64.729
342
12.167
179
Brunssum
251.996
5%
264.596
5.163
93.242
1.344
Echt-Susteren
243.307
5%
255.472
11.344
77.640
1.401
Eijsden-Margraten
189.696
5%
199.181
5.200
52.548
692
Gennep
76.579
5%
80.408
3.648
23.903
1.152
Gulpen-Wittem
128.104
5%
134.509
7.408
36.356
798
Heerlen
719.077
5%
755.030
16.710
213.449
5.120
Horst aan de Maas
184.492
5%
193.717
6.079
53.288
999
Kerkrade
481.946
5%
506.043
24.199
163.484
5.941
Landgraaf
376.167
5%
394.976
28.690
146.613
2.827
Leudal
165.540
5%
173.817
1.898
51.612
1.100
Maasgouw
145.276
5%
152.540
5.335
39.018
809
Maastricht
841.301
0%
841.301
51.072
326.695
6.373
Meerssen
164.784
5%
173.024
9.448
53.459
1.859
Nederweert
38.857
5%
40.800
177
7.733
89
Peel en Maas
176.629
5%
185.460
9.149
58.561
969
Roerdalen
81.436
5%
85.507
2.065
26.920
413
Roermond
194.460
5%
204.183
2.535
53.634
1.791
Simpelveld
62.215
5%
65.326
2.348
13.474
689
Sittard-Geleen
747.466
5%
784.840
40.992
242.323
5.448
Stein
104.923
5%
110.169
3.880
34.860
1.346
Vaals
81.176
5%
85.235
1.856
33.593
396
Valkenburg aan de Geul
164.396
2,5%
168.506
12.607
46.094
1.253
Venlo
321.315
2,5%
329.348
19.045
92.649
2.794
Venray
150.100
5%
157.605
7.705
53.273
1.134
Voerendaal
65.043
5%
68.295
612
21.000
528
Weert
119.245
5%
125.207
4.615
46.568
954
Totaal
6.710.197
6.991.499
295.620
2.186.490
50.784
In de tabel ‘Vervoersvolume 2026-1’ zijn de aantallen vervoersvolumes, opslagpercentages, toeslagen laag en hoog en de meereizend OV-er, waarmee in deze begroting wordt gerekend, weergegeven. Deze tabel vormt dan ook de basis voor de tabellen die op de volgende pagina’s staan. De basis voor de vervoerskosten bestaat uit het opstart- en kilometertarief. Het voorcalculatorisch opstarttarief is vast32
Omnibuzz
Financiële begroting
gesteld op € 5,80 (afgerond) en het voorcalculatorisch kilometertarief is € 2,- (afgerond). De financiële kaders worden in 4.1 ‘Financiële kaders’ op pagina 28 toegelicht. De tarieven worden vermenigvuldigd met het vervoersvolume uit ‘Tabel Vervoersvolume 2026-1’ op pagina 32. De eigen bijdrage voor klanten per 1 januari 2026 zijn per regio verdeeld. Onderstaand het overzicht van de tarieven per regio per zone:
› € 0,99: Gemeente Maastricht, gemeente Meerssen, gemeente Vaals en gemeente Valkenburg aan de Geul. › € 1,09: Gemeente Stein. › € 0,98: Overige gemeenten. Omnibuzz ontvangt de eigen bijdrage van de klanten middels facturatie. De ontvangen bijdrage van de klanten zal per kwartaal uitbetaald worden aan de gemeenten. Deze eigen bijdrage wordt sinds april 2019 niet meer via de begroting en jaarrekening van Omnibuzz verantwoord. De eigen bijdrage voor de meereizende OV-er bedraagt € 2,93/zone, exclusief btw. Deze bijdrage is kostenneutraal voor de gemeenten. Aangezien de gemeenten de opbrengsten begroten, worden de kosten niet door de begroting van Omnibuzz gedekt maar door de begroting van de gemeenten. Op de toeslagen is geen eigen bijdrage van toepassing.
33
Omnibuzz
Financiële begroting
Tabel Directe vervoerskosten 2026-1 Gemeente
Kilometerkosten Toeslagen hoog 2026-1
Toeslagen laag
Meereizend OV-er
Totaal excl. flexibel tarief
Flexibel tarief
Totaal incl. flexibel tarief
Beek €
238.726 €
1.770 €
7.669 €
2.027 €
250.193 €
5.875 €
256.068
Beekdaelen €
642.990 €
2.337 €
14.158 €
3.833 €
663.318 €
15.577 €
678.895
Beesel €
181.017 €
2.873 €
5.351 €
1.135 €
190.376 €
4.471 €
194.847
Bergen €
161.809 €
196 €
2.756 €
523 €
165.284 €
3.881 €
169.165
Brunssum €
748.663 €
3.230 €
22.920 €
3.938 €
778.751 €
18.287 €
797.038
Echt-Susteren €
694.278 €
6.673 €
18.580 €
4.104 €
723.636 €
16.993 €
740.629
Eijsden-Margraten €
544.528 €
3.315 €
12.990 €
2.027 €
562.860 €
13.218 €
576.078
Gennep €
228.219 €
2.388 €
5.784 €
3.375 €
239.766 €
5.630 €
245.397
Gulpen-Wittem €
360.746 €
4.309 €
8.748 €
2.338 €
376.141 €
8.833 €
384.973 2.373.989
Heerlen €
2.239.612 €
11.141 €
53.766 €
15.001 €
2.319.520 €
54.469 €
Horst aan de Maas €
511.712 €
3.695 €
12.917 €
2.926 €
531.250 €
12.475 €
543.725
Kerkrade €
1.522.428 €
15.898 €
41.191 €
17.407 €
1.596.924 €
37.500 €
1.634.424
Landgraaf €
1.155.589 €
17.596 €
36.646 €
8.282 €
1.218.112 €
28.605 €
1.246.717
Leudal €
455.031 €
1.114 €
11.972 €
3.224 €
471.340 €
11.068 €
482.409
Maasgouw €
403.007 €
3.095 €
9.223 €
2.369 €
417.693 €
9.809 €
427.502
Maastricht €
2.650.147 €
32.013 €
85.506 €
18.673 €
2.786.338 €
65.431 €
2.851.770
Meerssen €
478.998 €
5.786 €
12.983 €
5.445 €
503.212 €
11.817 €
515.029
Nederweert €
116.532 €
113 €
1.914 €
262 €
118.821 €
2.790 €
121.611
Peel en Maas €
478.976 €
5.663 €
14.044 €
2.840 €
501.522 €
11.777 €
513.299
Roerdalen €
232.140 €
1.227 €
6.309 €
1.209 €
240.885 €
5.657 €
246.541
Roermond €
642.891 €
1.804 €
14.060 €
5.249 €
664.004 €
15.593 €
679.597
Simpelveld €
182.081 €
1.391 €
3.207 €
2.018 €
188.697 €
4.431 €
193.128
Sittard-Geleen €
2.253.142 €
24.595 €
59.691 €
15.964 €
2.353.391 €
55.264 €
2.408.656
Stein €
305.610 €
2.324 €
8.585 €
3.944 €
320.463 €
7.525 €
327.988 238.545
Vaals €
222.788 €
1.308 €
7.815 €
1.160 €
233.072 €
5.473 €
Valkenburg aan de Geul €
460.882 €
7.473 €
11.205 €
3.670 €
483.230 €
11.348 €
494.578
Venlo €
1.021.507 €
12.263 €
24.080 €
8.187 €
1.066.037 €
25.034 €
1.091.071
Totaal
Venray €
458.391 €
4.664 €
13.235 €
3.323 €
479.613 €
11.263 €
490.876
Voerendaal €
186.339 €
392 €
4.997 €
1.547 €
193.275 €
4.539 €
197.814
Weert €
407.128 €
2.822 €
12.314 €
2.797 €
425.060 €
9.982 €
435.042
€
20.185.907 €
183.467 €
544.615 €
148.797 €
21.062.785 €
494.615 €
21.557.400
In de tabel ‘Vervoersvolume 2026-1’ zijn de aantallen vervoersvolumes, opslagpercentages, toeslagen laag en hoog en de meereizend OV-er, waarmee in deze begroting wordt gerekend, weergegeven. Deze vormt dan ook de basis voor de tabellen die op de volgende pagina’s staan. 34
Omnibuzz
Financiële begroting
4.2.1 Indirecte vervoerskosten
De indirecte vervoerskosten zijn alle kosten die verband houden met de uitvoering van het vervoer door Omnibuzz. De indirecte vervoerskosten bestaan bijvoorbeeld uit de loonkosten van de medewerkers van de ritreservering en van de klantenservice. Deze kosten worden tussen de gemeenten verdeeld op basis van het begrote aantal ritten. Tabel Indirecte vervoerskosten 2026-1 Gemeente
Aantal ritten
Verhouding ritten
Totaal
Beek
10.910
1,02% €
39.347
Beekdaelen
29.421
2,76% €
106.113
Beesel
7.838
0,73% €
28.270
Bergen
5.578
0,52% €
20.117
Brunssum
37.840
3,55% €
136.477
Echt-Susteren
31.609
2,96% €
114.005
Eijsden-Margraten
25.201
2,36% €
90.893
Gennep
11.621
1,09% €
41.915
Gulpen-Wittem
15.815
1,48% €
57.040
Heerlen
125.785
11,79% €
453.668
Horst aan de Maas
21.427
2,01% €
77.282
Kerkrade
87.990
8,25% €
317.354
Landgraaf
60.039
5,63% €
216.543
Leudal
18.517
1,74% €
66.784
Maasgouw
16.884
1,58% €
60.896
Maastricht
166.818
15,64% €
601.663
Meerssen
22.923
2,15% €
82.675
Nederweert
6.023
0,56% €
21.722
Peel en Maas
18.630
1,75% €
67.193
Roerdalen
10.539
0,99% €
38.011
Roermond
40.436
3,79% €
145.839
Simpelveld
8.867
0,83% €
31.982
Sittard-Geleen
117.838
11,05% €
425.008
Stein
14.702
1,38% €
53.026
Vaals
9.021
0,85% €
32.534
Valkenburg aan de Geul
21.357
2,00% €
77.028
Venlo
62.554
5,87% €
225.613
Venray
24.687
2,31% €
89.037
Voerendaal
8.577
0,80% €
30.936
Weert
27.020
2,53% €
97.452
Totaal
1.066.465
100,00% €
3.846.425
35
Omnibuzz
Financiële begroting
4.2.2 Overheadkosten
De totale overheadkosten, conform de definities van de ‘Notitie Overhead Commissie BBV/IV3 systematiek’, worden, naar rato van het aantal inwoners per gemeente, gedragen door de gemeenten. Het aantal inwoners wordt bepaald op basis van de cijfers van het CBS. Overheadkosten bestaan onder andere uit de loonkosten directie, management en staf, automatisering en facilitaire kosten. Tabel Overheadkosten 2026-1 Gemeente
Aantal inwoners
Verhouding inwoners
Totaal
Beek
16.143
1,43% €
47.541
Beekdaelen
35.915
3,18% €
105.769
Beesel
13.569
1,20% €
39.961
Bergen
13.038
1,15% €
38.397
Brunssum
27.481
2,43% €
80.931
Echt-Susteren
32.394
2,87% €
95.400
Eijsden-Margraten
26.346
2,33% €
77.589
Gennep
17.957
1,59% €
52.883
Gulpen-Wittem
13.944
1,23% €
41.065
Heerlen
87.754
7,76% €
258.435
Horst aan de Maas
44.805
3,96% €
131.950
Kerkrade
45.823
4,05% €
134.948
Landgraaf
36.838
3,26% €
108.487
Leudal
36.110
3,20% €
106.344
Maasgouw
24.381
2,16% €
71.802
Maastricht
126.017
11,15% €
371.119
Meerssen
18.453
1,63% €
54.344
Nederweert
17.537
1,55% €
51.646
Peel en Maas
45.819
4,05% €
134.936
Roerdalen
20.987
1,86% €
61.806
Roermond
61.439
5,44% €
180.937
Simpelveld
10.462
0,93% €
30.810
Sittard-Geleen
92.428
8,18% €
272.199
Stein
24.691
2,18% €
72.715
Vaals
10.114
0,89% €
29.786
Valkenburg aan de Geul
16.490
1,46% €
48.563
Venlo
104.201
9,22% €
306.871
Venray
45.104
3,99% €
132.831
Voerendaal
12.435
1,10% €
36.621
Weert
51.497
4,56% €
151.658
Totaal
1.130.172
100,00% €
3.328.343
In de begrotingswijziging 2026-1 zijn de geactualiseerde inzichten met betrekking tot benodigde mensen en middelen verwerkt 36
Omnibuzz
Financiële begroting
in de bedrijfsvoeringkosten. In paragraaf 4.3 ‘Analyse tweede begrotingswijziging 2026-1 ten opzichte van de eerste begrotingswijziging 2026-0 (Wmo)’ op pagina 40 zal een toelichting gegeven worden op de belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de begroting 2026. Tabel Eindresultaat Gemeente
2026-1
Beek
€
342.956
Beekdaelen
€
890.777
Beesel
€
263.078
Bergen
€
227.679
Brunssum
€
1.014.446
Echt-Susteren
€
950.034
Eijsden-Margraten
€
744.559
Gennep
€
340.195
Gulpen-Wittem
€
483.079
Heerlen
€
3.086.092
Horst aan de Maas
€
752.958
Kerkrade
€
2.086.726
Landgraaf
€
1.571.747
Leudal
€
655.537
Maasgouw
€
560.199
Maastricht
€
3.824.551
Meerssen
€
652.048
Nederweert
€
194.980
Peel en Maas
€
715.429
Roerdalen
€
346.358
Roermond
€
1.006.373
Simpelveld
€
255.920
Sittard-Geleen
€
3.105.863
Stein
€
453.729
Vaals
€
300.865
Valkenburg aan de Geul
€
620.169
Venlo
€
1.623.554
Venray
€
712.744
Voerendaal
€
265.371
Weert
€
684.152
Totaal
€
28.732.168
De tabel geeft het resultaat weer van de totale kosten en baten voor de gewijzigde begroting 2026-1 omtrent het Wmo- gedeelte. Het geeft per gemeente inzicht in de bijdrage die van de betreffende gemeente voor het begrotingsjaar 2026-1 gevraagd wordt. 37
Omnibuzz
Financiële begroting
4.2.3 Eindresultaat IV3 Tabel IV3 - 2026-1 Programma Wmo-vervoer overige kosten (Overhead, Onvoorzien)
Gemeente
6.6 Hulpmiddelen en diensten (Wmo)
Eindresultaat begroting 2026-1
Beek
€
295.415 €
47.541 €
342.956
Beekdaelen
€
785.008 €
105.769 €
890.777
Beesel
€
223.117 €
39.961 €
263.078
Bergen
€
189.282 €
38.397 €
227.679
Brunssum
€
933.515 €
80.931 €
1.014.446
Echt-Susteren
€
854.634 €
95.400 €
950.034
Eijsden-Margraten
€
666.971 €
77.589 €
744.559
Gennep
€
287.312 €
52.883 €
340.195
Gulpen-Wittem
€
442.014 €
41.065 €
483.079
Heerlen
€
2.827.657 €
258.435 €
3.086.092
Horst aan de Maas
€
621.007 €
131.950 €
752.958
Kerkrade
€
1.951.778 €
134.948 €
2.086.726
Landgraaf
€
1.463.260 €
108.487 €
1.571.747
Leudal
€
549.193 €
106.344 €
655.537
Maasgouw
€
488.397 €
71.802 €
560.199
Maastricht
€
3.453.433 €
371.119 €
3.824.551
Meerssen
€
597.704 €
54.344 €
652.048
Nederweert
€
143.334 €
51.646 €
194.980
Peel en Maas
€
580.493 €
134.936 €
715.429
Roerdalen
€
284.552 €
61.806 €
346.358
Roermond
€
825.436 €
180.937 €
1.006.373
Simpelveld
€
225.110 €
30.810 €
255.920
Sittard-Geleen
€
2.833.664 €
272.199 €
3.105.863
Stein
€
381.014 €
72.715 €
453.729
Vaals
€
271.079 €
29.786 €
300.865
Valkenburg aan de Geul
€
571.606 €
48.563 €
620.169
Venlo
€
1.316.683 €
306.871 €
1.623.554
Venray
€
579.913 €
132.831 €
712.744
Voerendaal
€
228.750 €
36.621 €
265.371
Weert
€
532.494 €
151.658 €
684.152
Totaal
€
25.403.825 €
3.328.343 €
28.732.168
Bovenstaande tabel geeft het resultaat weer van de totale Wmo-kosten en opbrengsten voor de gewijzigde begroting 2026-1. Het resulterende saldo per gemeente geeft inzicht in de bijdrage die van de betreffende gemeente voor het begrotingsjaar 2026-1 gevraagd wordt, uitgesplitst naar het programma Wmo-vervoer en het programma Wmo-vervoer overige kosten (overhead, onvoorzien) conform paragraaf 3.1.5 ‘Wat zijn de daarmee gepaard gaande programmakosten?’ op pagina 14. 38
Omnibuzz
Financiële begroting
4.2.4 Vergelijking eindresultaat IV3 Tabel Vergelijking IV3 6.6 Hulpmiddelen en diensten (Wmo)
Programma Wmovervoer overige kosten (Overhead, Onvoorzien)
Gemeente
Eindresultaat begroting Eindresultaat begroting Verschil 2026-1 2026-0
Beek
€
342.956 €
330.380 €
12.576 €
12.485 €
91
Beekdaelen
€
890.777 €
940.944 €
-50.167 €
-51.319 €
1.152
Beesel
€
263.078 €
271.465 €
-8.387 €
-8.842 €
455
Bergen
€
227.679 €
236.620 €
-8.942 €
-9.183 €
241
Brunssum
€
1.014.446 €
1.009.337 €
5.109 €
4.593 €
516
Echt-Susteren
€
950.034 €
894.835 €
55.199 €
54.065 €
1.134
Eijsden-Margraten
€
744.559 €
817.916 €
-73.356 €
-74.476 €
1.120
Gennep
€
340.195 €
370.110 €
-29.916 €
-30.857 €
941
Gulpen-Wittem
€
483.079 €
465.074 €
18.005 €
17.879 €
126
Heerlen
€
3.086.092 €
2.967.351 €
118.740 €
115.925 €
2.815
Horst aan de Maas
€
752.958 €
720.873 €
32.084 €
29.459 €
2.625
Kerkrade
€
2.086.726 €
1.983.438 €
103.288 €
101.197 €
2.091
Landgraaf
€
1.571.747 €
1.386.141 €
185.606 €
184.753 €
853
Leudal
€
655.537 €
672.437 €
-16.901 €
-17.777 €
876
Maasgouw
€
560.199 €
577.383 €
-17.184 €
-17.421 €
237
Maastricht
€
3.824.551 €
3.892.798 €
-68.247 €
-72.308 €
4.062
Meerssen
€
652.048 €
661.022 €
-8.974 €
-9.401 €
427
Nederweert
€
194.980 €
226.868 €
-31.888 €
-32.372 €
484
Peel en Maas
€
715.429 €
678.893 €
36.536 €
35.666 €
870
Roerdalen
€
346.358 €
360.207 €
-13.849 €
-14.813 €
964
Roermond
€
1.006.373 €
1.027.800 €
-21.427 €
-23.527 €
2.100
Simpelveld
€
255.920 €
213.554 €
42.366 €
41.559 €
807
Sittard-Geleen
€
3.105.863 €
2.997.877 €
107.986 €
105.932 €
2.055
Stein
€
453.729 €
433.995 €
19.734 €
19.025 €
709
Vaals
€
300.865 €
293.268 €
7.597 €
7.064 €
533
Valkenburg aan de Geul
€
620.169 €
673.695 €
-53.527 €
-54.012 €
485
Venlo
€
1.623.554 €
1.668.622 €
-45.068 €
-48.219 €
3.150
Venray
€
712.744 €
692.068 €
20.676 €
18.731 €
1.946
Voerendaal
€
265.371 €
267.907 €
-2.536 €
-2.403 €
-133
Weert
€
684.152 €
674.352 €
9.799 €
8.211 €
1.588
Totaal
€
28.732.168 €
28.407.233 €
324.935 €
289.616 €
35.320 39
Omnibuzz
4.3
Financiële begroting
Analyse tweede begrotingswijziging 2026-1 ten opzichte van de eerste begrotingswijziging 2026-0 (Wmo)
4.3.1 Analyse directe vervoerskosten Tabel Analyse directe vervoerskosten 2026-1
2026-0
Gemeente
Totaal
Totaal
Beek
€
256.068 €
245.601
€
10.467 €
484 €
6.150 €
3.834
Beekdaelen
€
678.895 €
721.205
€
-42.310 €
-69.871 €
16.304 €
11.258
Beesel
€
194.847 €
202.886
€
-8.039 €
-15.885 €
4.679 €
3.167
Bergen
€
169.165 €
177.381
€
-8.216 €
-15.047 €
4.063 €
2.769
Brunssum
€
797.038 €
791.150
€
5.888 €
-25.603 €
19.141 €
12.350
Echt-Susteren
€
740.629 €
694.524
€
46.105 €
17.477 €
17.786 €
10.841
Eijsden-Margraten
€
576.078 €
639.782
€
-63.704 €
-87.526 €
13.835 €
9.987
Gennep
€
245.397 €
269.914
€
-24.518 €
-34.624 €
5.893 €
4.213
Gulpen-Wittem
€
384.973 €
370.788
€
14.186 €
-847 €
9.245 €
5.788
Heerlen
€
2.373.989 €
2.275.765
€
98.224 €
5.688 €
57.012 €
35.524
Horst aan de Maas
€
543.725 €
517.098
€
26.627 €
5.497 €
13.058 €
8.072
Kerkrade
€
1.634.424 €
1.547.514
€
86.910 €
23.502 €
39.251 €
24.156
Landgraaf
€
1.246.717 €
1.080.442
€
166.274 €
89.528 €
59.881 €
16.865
Leudal
€
482.409 €
498.430
€
-16.022 €
-35.387 €
11.585 €
7.780
Maasgouw
€
427.502 €
442.942
€
-15.440 €
-32.621 €
10.267 €
6.914
Maastricht
€
2.851.770 €
2.905.693
€
-53.924 €
-44.492 €
-54.789 €
45.357
Meerssen
€
515.029 €
521.267
€
-6.237 €
-26.743 €
12.369 €
8.137
Nederweert
€
121.611 €
150.710
€
-29.098 €
-34.371 €
2.921 €
2.353
Peel en Maas
€
513.299 €
481.905
€
31.394 €
11.545 €
12.327 €
7.522
Roerdalen
€
246.541 €
261.207
€
-14.666 €
-24.664 €
5.921 €
4.077
Roermond
€
679.597 €
697.808
€
-18.211 €
-45.424 €
16.321 €
10.893
Simpelveld
€
193.128 €
158.333
€
34.795 €
27.685 €
4.638 €
2.472
Sittard-Geleen
€
2.408.656 €
2.313.460
€
95.196 €
1.239 €
57.845 €
36.113
Stein
€
327.988 €
313.398
€
14.590 €
1.821 €
7.877 €
4.892
Vaals Valkenburg aan de Geul Venlo
€
238.545 €
231.517
€
7.028 €
-2.314 €
5.729 €
3.614
€
494.578 €
540.480
€
-45.902 €
-54.339 €
- €
8.437
€
1.091.071 €
1.128.092
€
-37.022 €
-54.631 €
- €
17.609
Venray
€
490.876 €
473.721
€
17.155 €
-2.029 €
11.789 €
7.395
Voerendaal
€
197.814 €
199.865
€
-2.051 €
-9.921 €
4.751 €
3.120
Weert
€
435.042 €
429.964
€
5.078 €
-12.081 €
10.448 €
6.712
Totaal
€
21.557.400 €
21.282.840 €
274.560 €
-443.954 €
386.294 €
332.220
40
Verschil
Begroting baseren op realisatie 2025 i.c.m. addendum aanpassingen
Aangepast opslag-%
Prijseffect NEA-index (4,1% i.p.v. 2,5%)
Omnibuzz
Financiële begroting
Voor de begroting 2026-1 baseren wij het vervoersvolume op de realisatie van het voorgaande jaar (2025). Door deze systematiek te hanteren, sluit de begroting beter aan op de actualiteit op gemeenteniveau. Het totale vervoersresultaat is licht gestegen ten opzichte van begroting 2026-0. Deze stijging is voor een deel te wijten aan de hogere NEA-index (4,1%); in begroting 2026-0 was een NEA-index gehanteerd van 2,5%. Daarnaast ontstaat een deel van de stijging door het flexibel tarief. Tenslotte zorgt de opslag van 5% die wij hanteren voor een stijging van € 386.294,-. Het eindresultaat is een stijging van € 274.560,- op totaalniveau. Op gemeenteniveau zijn er echter nog verschillen te zien. Voor sommige gemeenten heeft deze begrotingswijziging een daling tot gevolg omdat de vervoersvraag zich de afgelopen jaren zeer divers heeft ontwikkeld. 4.3.2 Totaalanalyse (Wmo)
Op totaalniveau stijgen de kosten voor het Wmo-vervoer ten opzichte van de begroting 2026 met € 324.935,- naar € 28.732.168,-. Tegenover de eerdergenoemde stijging van het vervoersresultaat ad € 274.560,- stijgen de overheadkosten met € 35.319,- en de indirecte vervoerskosten stijgen met € 15.056,-. De overheadkosten stijgen per saldo met € 35.319,-. Dit is onder andere door de volgende punten te verklaren: 1 2 3
4
5
Hogere ICT-kosten € 35.000,- ten opzichte van begroting 2026-0, als gevolg van indexatie, toegenomen licentiekosten en cloudbeheer. Aanbesteding Wmo-vervoer was begroot in begroting 2027. De aanbesteding vindt echter plaats in 2026. Het effect hiervan bedraagt € 70.000,-. De loonstijging voor 2026, die in begroting 2026-1 verwerkt zit, hebben wij conform de cao-afspraken berekend op € 35,- per maand voor de eerste zes maanden en 1,25% verhoging voor de laatste zes maanden. Voor begroting 2026-0 was een stijging van 2% ingerekend. Dit levert echter een lichte daling op. Voor de begroting 2026-0 hebben wij voor onze overheadkosten, met uitzondering van de lonen, een gemiddelde indexatie gehanteerd van 3%. Voor begroting 2026-1 is deze gemiddelde indexatie op basis van de prijsstijgingen bij onze leveranciers op zo’n 2,4% uitgekomen. Ook dit zorgt voor een lichte daling. De begroting voorzag te ruim in de interne doorbelasting waardoor dit ook een daling veroorzaakt.
41
Omnibuzz
Financiële begroting
De indirecte vervoerskosten stijgen per saldo met € 15.056,-. Dit is onder andere door de volgende punten te verklaren: 1 2 3 4 5 6 7
8
9
4.4
De aanpassing van het systeem wegens de wijziging van de afrekensystematiek van zones naar kilometers € 7.000,-. Implementatiekosten voor een nieuw roosterprogramma € 10.000,-. Communicatiebudget dat een stijging laat zien in verband met sterk gestegen bezorgkosten en het toegankelijk maken van de klantenbrieven. ICT-kosten zoals benoemd onder overhead. Het Lidmaatschap van de VDVN is verdubbeld ten opzichte van begroting 2026-0 € 22.000,-. De verdeelsleutel van de doorbetasting Wmo-JWV valt voor begroting 2026-1 niet meer in de financiële uitgangspunten. De loonstijging voor 2026, die in begroting 2026-1 verwerkt zit, hebben wij conform de cao-afspraken berekend op € 35,- per maand de eerste zes maanden en 1,25% voor de laatste zes maanden. Voor begroting 2026-0 was een stijging van 2% ingerekend. Dit zorgt voor een lichte daling. Voor de begroting 2026-0 hebben wij voor onze indirecte vervoerskosten, met uitzondering van de lonen, een gemiddelde indexatie gehanteerd van 3%. Voor de begroting 2026-1 was de gemiddelde indexatie op basis van de prijsstijgingen bij onze leveranciers zo’n 2,4%. Dit zorgt voor een lichte daling. Het ORT-percentage was in 2026-0 nog niet bekend vanwege de lopende cao-onderhandelingen maar was wel voor het hele jaar begroot. Het percentage is nu bekend en naar beneden bijgesteld. Hierdoor valt de ORT € 39.000,- lager uit.
Toelichting op de baten en lasten jeugdwetvervoer
In deze begroting wordt het JWV wederom opgenomen. In 2022 zijn wij hiermee voor de gemeente Roermond gestart. Inmiddels zijn de gemeente Roermond, gemeente Nederweert, gemeente Weert aangesloten en per augustus 2025 zijn de gemeente Echt-Susteren en Maasgouw ook aangesloten. Dit vervoer behelst momenteel het vervoer van jeugdigen en valt daarom onder taakveld 6.72c ‘Jeugdhulp dagbesteding’. Op basis van de toelichtingen in de financiële uitgangspuntennotitie 2026-1 zullen achtereenvolgens de verdeling van de vervoerskosten en de verdeling van de interne doorbelasting van het Wmo-vervoer naar het JWV aan bod komen. 4.4.1 Verdeling vervoerskosten
Het vervoersvolume wordt gebaseerd op de gerealiseerde kilometers die in 2025 voor dit type vervoer gereden zijn, al dan niet aangevuld met de te verwachten ritten op basis van de door de deelnemende gemeenten aangeleverde informatie. Voor de gemeente Echt-Susteren, Maasgouw en Weert wordt 75% van begroting 2026-0 aangehouden. Voor Echt-Susteren en Maasgouw heeft er nog geen volledig jaar plaatsgevonden. Voor Weert was 2025 het eerste volledige jaar. De begrote vervoerskosten worden verhoogd met de NEA-index van 4,1%. Deze vervoerskosten worden verdeeld conform systematiek Wmo-vervoer.
42
Omnibuzz
Financiële begroting
Dit levert de volgende verdeling op: Tabel Vervoersvolume jeugdwetvervoer Gemeente
Aantal ritten
Aantal kilometers
Echt-Susteren
1.515
65.565
Maasgouw
339
6.552
Nederweert
820
13.247
Roermond
2.199
43.181
Weert
1.121
37.223
Totaal
5.994
165.768
Tabel Verdeling directe vervoerskosten Gemeente
Kilometers 2026
Toeslagen
Vervoersresultaat
Echt-Susteren
€
159.562 €
17.360 €
176.922
Maasgouw
€
17.617 €
- €
17.617
Nederweert
€
36.817 €
4.856 €
41.673
Roermond
€
115.791 €
25.763 €
141.554
Weert
€
92.915 €
5.174 €
98.089
Totaal
€
422.702 €
53.152 €
475.855
4.4.2 Verdeling indirecte vervoerskosten en overheadkosten
Naast de eerdergenoemde vervoerskosten, zijn er ook nog indirecte vervoerskosten en overheadkosten. De indirecte vervoerskosten bestaan voor het grootste deel uit de doorbelasting vanuit het leerlingenvervoer naar het JWV. Daarnaast worden er nog reguliere indirecte vervoerskosten begroot. De indirecte vervoerskosten worden hierbij verdeeld op basis van het aantal ritten per gemeente ten opzichte van het totaal aantal ritten. De overheadkosten bestaan uit een interne doorbelasting op basis van het aantal pashouders per gemeente ten opzichte van het totaal aantal pashouders. Deze interne doorbelasting leidt tot een vermindering van de lasten voor het Wmo-vervoer en dus tot een vermindering van de lasten voor de andere gemeenten. Daarnaast worden er nog reguliere overheadkosten begroot in verband met het JWV. Deze overheadkosten worden tussen de JWV-gemeenten verdeeld op basis van het aantal inwoners. De overheadkosten worden verdeeld op basis van het aantal pashouders per gemeente op 1 januari 2026 ten opzichte van het totaal aantal pashouders. Deze interne doorbelasting leidt tot een vermindering van de lasten voor het Wmo-vervoer en dus tot een vermindering van de lasten voor de andere gemeenten.
43
Omnibuzz
Financiële begroting
Tabel Verdeling indirecte vervoerskosten en overheadkosten Gemeente
Aantal ritten
Indirecte vervoerskosten
Verhouding inwoners
Overheadkosten
Echt-Susteren
25% €
910
17% €
1.416
Maasgouw
6% €
204
13% €
1.066
Nederweert
14% €
493
9% €
767
Roermond
37% €
1.321
33% €
2.686
Weert
19% €
674
28% €
2.252
Totaal
100% €
3.601
100% €
8.187
4.4.3 Bijdrage jeugdwetvervoer per gemeente
Bovenstaande kosten leiden tot de volgende totaalbijdragen per gemeente. Tabel Totaalbijdrage per gemeente Gemeente
Winstopslag
Echt-Susteren
€
200 €
179.448
Maasgouw
€
200 €
19.087
Nederweert
€
200 €
43.132
Roermond
€
200 €
145.762
Weert
€
200 €
101.214
Totaal
€
1.000 €
488.643
44
Bijdrage
Omnibuzz
4.5
Financiële begroting
Toelichting op de baten en lasten leerlingenvervoer (LLV)
In augustus 2024 zijn wij gestart met de uitvoering van het leerlingenvervoer. Dit doen wij voor de gemeenten EchtSusteren, Maasgouw, Nederweert, Roerdalen, Roermond en Weert. Tevens verzorgen wij voor de gemeente Roermond het gym- en zwemvervoer. Beide typen vervoer vallen onder taakveld 4.3 ‘Onderwijsbeleid en leerlingzaken’. Het vervoersvolume voor de begroting 2026-1 wordt gebaseerd op de realisatie van het voorgaande jaar, geëxtrapoleerd naar een heel jaar. Op basis van de toelichtingen in de financiële uitgangspuntennotitie 2026-1 zullen achtereenvolgens de verdeling van de vervoerskosten, de verdeling van de indirecte vervoerskosten en de verdeling van de overheadkosten aan bod komen. 4.5.1 Verdeling directe vervoerskosten leerlingenvervoer
Het totale vervoersvolume is, zoals gezegd, gebaseerd op het gerealiseerde volume van 2025. Dit volume is hieronder weergegeven. Tabel Vervoersvolume leerlingenvervoer Gemeente
Ritten
Verreden kilometers
Opslagen in kilometers
Aantal kilometer boven 50 kilometer
Aantal uren gym- en zwemvervoer
Echt-Susteren
48.267
756.664
15.226
19.692
-
Maasgouw
33.973
441.772
3.384
549
-
Nederweert
24.118
385.423
21.022
16.441
-
Roerdalen
38.213
404.465
7.236
13.239
-
Roermond
51.826
696.259
34.768
34.294
1.197
Weert
29.698
726.161
11.056
17.351
-
Totaal
226.095
3.410.744
92.692
101.566
1.197
Dit leidt tot de volgende vervoerskostentabel. De begrote directe vervoerskosten worden gebaseerd op het gerealiseerde vervoersvolume van 2025 en de afgesproken tarieven en vervolgens verhoogd met de NEA-index van 4,1%.
45
Omnibuzz
Financiële begroting
Tabel Verdeling directe vervoerskosten leerlingenvervoer Additionele kosten boven 50 kilometer
Gemeente
Ritten/ kilometers
Opslagen
Gym- en zwemvervoer
Totaal
Echt-Susteren
€
883.251 €
14.160 €
8.468 €
- €
905.879
Maasgouw
€
537.228 €
3.147 €
236 €
- €
540.611
Nederweert
€
448.162 €
19.550 €
7.070 €
- €
474.782
Roerdalen
€
518.305 €
6.729 €
5.693 €
- €
530.727
Roermond
€
840.314 €
32.334 €
14.746 €
75.746 €
963.140
Weert
€
785.806 €
10.282 €
7.461 €
- €
803.549
Totaal
€
4.013.065 €
86.204 €
43.673 €
75.746 €
4.218.688
4.5.2 Verdeling totale kosten leerlingenvervoer
De totale kosten voor het leerlingenvervoer zijn in onderstaande tabel weergegeven. Tabel Totale kosten leerlingenvervoer Directe vervoerskosten gym- en zwemvervoer
Gemeente
Directe vervoerskosten
Echt-Susteren
€
905.879 €
- €
200 €
30.839 €
9.423 €
946.340
Maasgouw
€
540.611 €
- €
200 €
21.706 €
7.092 €
569.609
Nederweert
€
474.782 €
- €
200 €
15.409 €
5.101 €
495.493
Roerdalen
€
530.727 €
- €
200 €
24.415 €
6.105 €
561.447
Roermond
€
887.394 €
75.746 €
200 €
33.113 €
17.872 €
1.014.325
Weert
€
803.549 €
- €
200 €
18.975 €
14.980 €
837.704
Totaal
€
4.142.942 €
75.746 €
1.200 €
144.456 €
60.573 €
4.424.918
Winstopslag
Indirecte vervoerkosten
Overheadkosten
Totaal
De indirecte vervoerskosten bestaan voor een groot gedeelte uit een interne doorbelasting van loonkosten vanuit het Wmo-vervoer. Het aantal fte is momenteel begroot op 1,33. Verder bestaan de indirecte vervoerskosten onder andere uit de kosten voor het gebruik en onderhoud van ritsystemen, advieskosten en een multi-inzetbaar budget van € 5,- per geïndiceerde reiziger. De doorbelasting van indirecte vervoerskosten aan het JWV levert een kleine meevaller op voor het leerlingenvervoer. De begrote overheadkosten bestaan volledige uit een interne doorbelasting vanuit het Wmo-vervoer, hetgeen per saldo een voordeel oplevert voor het Wmo-vervoer. Deze overheadkosten worden tussen de gemeenten verdeeld op basis van het aantal inwoners.
46
Omnibuzz
Financiële begroting
4.5.3 ‘Winstopslag’ jeugdwetvervoer en leerlingenvervoer
In tegenstelling tot het Wmo-vervoer, waar de gemeenten optreden als een btw-ondernemer met btw-belaste prestaties, treden gemeenten voor het leerlingenvervoer en het jeugdwetvervoer niet op als btw-ondernemer. Vanuit deze laatste positie zou Omnibuzz, als zij uitsluitend tegen kostprijs zou werken, btw-vrijgestelde prestaties verrichten voor de gemeenten. Om ervoor te zorgen dat Omnibuzz te allen tijde haar werkzaamheden met btw kan blijven uitvoeren, werken wij met een ‘winstopslag’. Dit betekent dat wij geen btw-schade aan de verhuurder hoeven te betalen en dat wij die schade niet als extra kostenpost aan de deelnemers in rekening brengen. Deze opslag bedraagt € 50,- per kwartaal per gemeente en zal worden toegevoegd aan de algemene reserve.
47
48
5
Bijlagen
49
Omnibuzz
Bijlagen
5. Bijlagen 5.1
Staat van geactiveerde kapitaaluitgaven 2026-1
Alle bedragen in €
Oorspronkelijk bedrag van de kapitaaluitgaven Vermeerde(aanschafringen in het fingswaarde) dienstjaar aan het begin van het dienstjaar
Verminderingen (anders dan door afschrijvingen of aflossingen) in het dienstjaar
Oorspronkelijk bedrag van de kapitaaluitgaven (aanschaffingswaarde) aan het einde van het dienstjaar
Totaal van de afschrijving/aflos% of andere sing op de maatstaf kapitaaluitvan afschrijgaven aan ving het begin van het dienstjaar
(Extra) afschrijvingen van het kapitaaluitgaven in het dienstjaar
(Extra) aflossingen op kapitaalverstrekking in het dienstjaar
Boekwaarde aan het begin van het dienstjaar
Boekwaarde aan het einde van het dienstjaar
Programma Wmo-vervoer Inventaris
68.336
-
-
68.336
10,00%
24.236
-
68.336
44.100
Hardware
25.567
27.728
-
53.295
33,33%
24.368
-
53.295
28.928
Inrichting en verbouwing
75.039
-
-
75.039
4,00%
4.398
-
75.039
70.641
Technische installaties
72.594
-
-
72.594
6,67%
8.266
-
72.594
64.328
Software
22.519
-
-
22.519
10,00%
6.949
-
22.520
15.571
Totaal
264.056
27.728
-
291.784
68.217
-
291.785
223.568
5.2
-
Staat van reserves 2026-1
Naam reserve, alle bedragen in €
Saldo aan het begin van het dienstjaar
Vermeerderingen wegens bijboeking van de rente
Overige vermeerderingen
Verminderingen van de reserve
Saldo einde van het dienstjaar
Bestemming van het resultaat tussentijds via begrotingswijziging
727.649
-
-
727.649
22.997
-
-
22.997
12.249
-
-
12.249
Bestemming Reserves na van het bestemming resultaat ultimo 2025 2025
Reserves Algemene reserve
727.649
-
-
Bestemmingsreserve Data-analyse
22.997
-
-
Bestemmingsreserve ICT
18.374
-
-
-
6.125
Voorzieningen Voorziening verlofsparen
80.340
Totaal Reserves
849.360
50
23.259 -
23.259
103.599 6.125
866.494
103.599 -
-
866.494
Omnibuzz
5.3
Bijlagen
Opbouw algemene reserve
Op 20 december 2023 heeft het algemeen bestuur ingestemd met de geactualiseerde nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’. De ingeschatte risico’s van de GR Omnibuzz zijn als volgt bepaald: 1 Economische kwetsbaarheid taxibedrijven
Het risico dat een van de vervoersbedrijven niet meer aan de vervoersvraag kan voldoen of zelfs failliet gaat waardoor de continuïteit van het vervoer in het gedrang komt. Dit kan ook leiden tot een inkooprisico omdat het vervoer opnieuw moet worden ingekocht. Risico
Kans 650.000
Benodigde weerstandcapaciteit 50%
325.000
2 Gebrek aan kennis omtrent nieuw doelgroepenvervoer
Het risico dat binnen Omnibuzz te weinig kennis aanwezig is omtrent de nieuwe activiteiten, zoals het leerlingenvervoer en de hiermee verbonden processen en de kans dat nieuwe medewerkers onvoldoende op de hoogte zijn van reeds bestaande processen en activiteiten. Dit kan leiden tot fouten, verkeerde inschattingen en financiële schade. Risico
Kans 200.000
Benodigde weerstandcapaciteit 30%
60.000
3 Afhankelijkheid leveranciers ICT
Binnen onze branche wordt er veel gebruikgemaakt van complexe, op maat gemaakte software, die niet alleen door Omnibuzz gebruikt wordt, maar ook door verscheidene vervoersbedrijven die als leverancier van Omnibuzz optreden. Als een van deze softwareleveranciers failliet gaat, kan dit grote gevolgen hebben, zowel voor onze vervoersbedrijven als voor Omnibuzz. Risico
Kans 750.000
Benodigde weerstandcapaciteit 20%
150,000
4 Digitale dreigingen
Omnibuzz is, net zoals vrijwel ieder ander bedrijf, in een bepaalde mate vatbaar voor digitale dreigingen van buitenaf. Dit kan in de vorm van phishingmails en virussen zijn of grootschalige hacks. Er zijn helaas talloze recente voorbeelden van bedrijven die slachtoffer zijn geworden en die zelfs losgeld hebben moeten betalen. Risico
Kans 750,000
Benodigde weerstandcapaciteit 30%
Totaal benodigde weerstandcapaciteit
225.000
760.000
51
Omnibuzz
52
Bijlagen
53
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt worden in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch of door fotokopieën, opname, of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Omnibuzz.
V1.00 - 202604
Begroting
2027
Meerjarenplan 2028-2030
Omnibuzz
Inhoud
1. Inleiding
1.
Inleiding__________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________3
2.
Omnibuzz_______________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________6
Voor u ligt de programmabegroting 2027 en het meerjarenperspectief 2028–2030 van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) Omnibuzz. Deze begroting bouwt voort op de realisaties en ontwikkelingen uit 2025 en 2026 en geeft richting aan de beleidsmatige keuzes en operationele uitvoering van het doelgroepenvervoer in de komende jaren.
2.1 Wie is Omnibuzz_ _______________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________ 6 2.2 Relevante ontwikkelingen_ _________________________________________________________________________________________________________________________________________________________ 7 2.3 Vervoersresultaat en wijziging afrekensystematiek vervoerders en klanten _ ___________________________________________________________________________ 8 2.4 Pijler 1: Kantelen van vervoer en OV-gebruik stimuleren__________________________________________________________________________________________________________ 9 2.5 Pijler 2: Het efficiënter organiseren van doelgroepenvervoer_ __________________________________________________________________________________________________ 9 2.6 Pijler 3: Omnibuzz als slimme organisatie _ ______________________________________________________________________________________________________________________________10
3.
De beleidsbegroting__________________________________________________________________________________________________________________________________________________ 14 3.1 Programma Omnibuzz-vervoer________________________________________________________________________________________________________________________________________________14 3.2 Paragrafen_ _______________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________18