20250218 06b Wegenbeleidsplan 2025-2028
Tekst van het document
53ONZE REFERENTIE: 2025-2028 - DATUM: 28 WEGENBELEIDSPLAN Gemeente Eijsden-Margraten NOVEMBER 202ONZE REFERENTIE: DATUM: 28 NOVEMBER 202WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028 28 NOVEMBER 2024
Gemeente Eijsden-Margraten
18 OKTOBER 2024
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
INHOUDSOPGAVE MANAGEMENTSAMENVATTING
4
1
INLEIDING
7
1.1
Aanleiding
7
1.2
Doelstelling
7
1.3
Scope
8
1.4
Leeswijzer
8
2
EVALUATIE WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024
9
3
KADERS
12
3.1
Wettelijk kader
12
3.2
Financieel kader
12
3.3
Beleidskader
14
3.3.1
Wegonderhoud
14
3.3.2
Karakteristieke gebieden
15
3.3.3
Beleidsuitgangspunten
16
3.3.4
Burgerparticipatie
16
3.4
Ontwikkelingen
18
3.4.1
Klimaatverandering
18
3.4.2
Veranderende wetgeving
18
3.4.3
Energietransitie
18
3.4.4
Circulaire economie
18
4
5
6
HUIDIGE SITUATIE
19
4.1
Omvang areaal
19
4.2
Kwaliteit areaal
21
4.3
Verloop kwaliteit
23
KOSTEN
24
5.1
Klein onderhoud
24
5.2
Groot onderhoud
24
5.3
Rehabilitatie
26
CONCLUSIE EN RISICO’S
27
6.1
Conclusies
27
6.1.1
Beleidskader
27 2 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
7
6.1.2
Financieel kader
27
6.2
Risico’s
28
6.2.1
Vorstschade
28
6.2.2
Toename vracht- en landbouwverkeer
28
6.2.3
PAK (Teerhoudend asfalt)/ Vervuilde funderingen
28
6.2.4
Uitstel onderhoud
29
6.2.5
Holle wegen
29
AANBEVELINGEN
30
BIJLAGE A – VERKLARENDE WOORDENLIJST
32
BIJLAGE B – TOELICHTING KADERS
35
BIJLAGE C – CROW WEGBEHEERSYSTEMATIEK
40
BIJLAGE D – INSPECTIESYSTEMATIEK
42
BIJLAGE E – ANALYSE KWALITEIT
45
BIJLAGE F – UITGANGSPUNTEN MEERJARENBEGROTING
48
BIJLAGE G – OVERZICHT TOEPASSEN BURGERPARTICIPATIE
52
3 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
MANAGEMENTSAMENVATTING Aanleiding De gemeente is verantwoordelijk voor een adequaat beheer van haar kapitaalgoederen, waaronder wegen, riolering, civiele kunstwerken, openbare verlichting en groen. Om invulling te geven aan deze opgave, wordt gebruik gemaakt van beleidsplannen en beheerplannen. Het huidige wegenbeleidsplan 2021-2024 is opgesteld in 2020 en is aan een actualisatie toe. De commissie BBV doet namelijk de aanbeveling om tenminste eenmaal in de vier jaar een integrale beleidsnota over het beleidskader onderhoud kapitaalgoederen door de raad te laten vaststellen en de hoofdlijnen daarvan jaarlijks in de begroting op te nemen in de paragraaf Onderhoud Kapitaalgoederen, zoals bedoeld in artikel 9, tweede lid, onder c van de BBV. Naast een actualisatie van het wegenbeleidsplan is er tevens een evaluatie van het vorige wegenbeleidsplan opgenomen. Werkwijze De gemeente heeft alle verhardingen die in beheer zijn, opgenomen in een CROW gecertificeerd beheersysteem. De gegevens in het beheersysteem zijn actueel, betrouwbaar en compleet en vormen de basis voor het uitvoeren van het beheer en onderhoud aan de verhardingen. De kwaliteit van de verhardingen is in 2023 door een extern gecertificeerd inspectiebureau in kaart gebracht. De resultaten van de inspectie zijn ingelezen in het beheersysteem en vervolgens getoetst aan de richtlijnen voor wegbeheer.
Indien er niet wordt voldaan aan de criteria, dan neemt het beheersysteem de betreffende locatie op in de meerjarenplanning en -begroting voor het uitvoeren van groot onderhoud. In het eerste planjaar staan alle locaties opgenomen, waarbij sprake is van achterstallig onderhoud (kwaliteitsniveau D). Binnen de gemeente is dit onderdeel van de werkvoorraad. Conclusies Aan de hand van de evaluatie van het vorige wegenbeleidsplan 2021-2024, het in beheer zijnde areaal, de inspectieresultaten en de daaruit voortvloeiende meerjarenbegroting zijn de volgende conclusies te trekken: •
•
Evaluatie: • Budget: • De periode 2012-2015 kenmerkt zich door bezuinigingen. • De periode 2017-2021 kenmerkt zich door het gestaffeld toewerken naar het jaarlijks benodigd budget. • In de jaren 2021-2024 is het beschikbare budget gelijk aan het geadviseerde benodigde budget. • In 2022 is er slechts 45% besteed van het beschikbaar budget als gevolg van capaciteitsproblemen binnen het ambtelijk apparaat door langdurige afwezigheid van de wegbeheerder. • Kwaliteit: Het effect van bovenstaande is terug te zien in de achteruitgang in de kwaliteit (inspectieresultaten 2023) ten opzichte van de inspectieresultaten in 2021 en tevens in de verhoging van de benodigde kosten, zoals ze nu zijn gepresenteerd in voorliggende wegenbeleidsplan 2025-2028. Beheerareaal: • Omvang: Het totale oppervlak van de te onderhouden wegen, parkeerstroken, voet- en fietspaden bedraagt circa 2.043.000 m2. Vergeleken met het vorige wegenbeleidsplan is het beheerareaal toegenomen met grofweg 180.000 vierkante meter. Dat is een toename van circa 10%. Dit betreft met name nieuwbouw, zoals de wegverhardingen in de bestemmingsplannen Poelveld (Eijsden) en Bloesemgaard (Margraten) en Karreweg (Sint Geertruid). • Circa 2/3 deel van het beheerareaal betreft asfaltverhardingen en 1/3 deel elementenverhardingen (zoals betontegel, betonstraatsteen, gebakken klinker).
• Circa 74% van de verhardingen zijn terug te vinden in de buurtontsluitingswegen en de woonstraten.
4 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
•
•
Kwaliteit: • Ambitieniveau: het gewenste kwaliteitsniveau is B. Voor de dorpscentra en de gebieden om de kerken geldt een hoger ambitieniveau (kwaliteitsniveau A). • Huidige kwaliteit: • Indien wordt gekeken naar het gehele areaal dat in beheer is bij de gemeente EijsdenMargraten dan heeft circa 73% een voldoende kwaliteit (A+/A), 14% is van matige kwaliteit (B) en 13% is onvoldoende (kwaliteitsniveau C en D). • De overall score betreft kwaliteitsniveau C. • De gemiddeld belaste wegen en de fietspaden liggen er goed bij (A+ en A). • Bij circa 9% van het totale beheerareaal is daarbij sprake van achterstallig onderhoud (kwaliteitsniveau D). Binnen de gemeente is dit onderdeel van de werkvoorraad. • Indien de omvang (m2) van de aan te pakken verharding wordt beschouwd dan valt op, dat de meeste winst is te behalen in het wegwerken van de onvoldoende kwaliteit (C en D) bij de buurtontsluitingswegen en de woonstraten die zijn uitgevoerd met een asfaltverharding. Kosten: Klein onderhoud Hieronder zijn de kosten voor klein onderhoud weergegeven. De kosten zijn bepaald als percentage (10%) van het jaarlijks gemiddelde cyclusbedrag voor de lange termijn voor groot onderhoud. 2025
2026
2027
2028
Gemiddeld
Benodigd
€ 390.271
€ 390.271
€ 390.271
€ 390.271
€ 390.271
Beschikbaar
€ 80.000
€ 80.000
€ 80.000
€ 80.000
€ 80.000
€ -310.271
€ -310.271
€ -310.271
€ -310.271
€ -310.271
Onderdeel
Verschil
Tabel 1 Kosten klein onderhoud: benodigd versus beschikbaar
Groot onderhoud Hieronder zijn de kosten voor groot onderhoud weergegeven. Ze zijn gebaseerd op de inspectieresultaten van 2023. 2025
2026
2027
2028
Gemiddeld
Benodigd
€ 6.029.720
€ 859.247
€ 3.902.713
€ 3.902.713
€ 3.673.598
Beschikbaar
€ 2.547.000
€ 2.547.000
€ 2.547.000
€ 2.547.000
€ 2.547.000
Verschil
€ -3.482.720
€ 1.687.753
€ -1.355.713
€ -1.355.713
€ -1.126.598
Onderdeel
Tabel 2 Kosten groot onderhoud: benodigd versus beschikbaar
Rehabilitatie Hieronder zijn de theoretisch jaarlijks gemiddelde kosten weergegeven voor rehabilitatie (vervanging inclusief fundering). 2025
2026
2027
2028
Gemiddeld
Benodigd
€ 5.102.542
€ 5.102.542
€ 5.102.542
€ 5.102.542
€ 5.102.542
Beschikbaar
€ 3.530.000
€ 3.530.000
€ 3.530.000
€ 3.530.000
€ 3.530.000
Verschil
€ -1.572.542
€ -1.572.542
€ -1.572.542
€ -1.572.542
€ -1.572.542
Onderdeel
Tabel 3 Kosten rehabilitatie: benodigd versus beschikbaar 5 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
Het benodigd budget voor rehabilitatie is van theoretische aard en houdt geen rekening met eerder geplande ingrepen in de zin van een reconstructie of herinrichting. Voor een grondige onderbouwing van deze ingreep, is het aan te raden om zorgvuldig onderzoek uit te voeren. Risico’s De volgende risico’s worden benoemd bij dit wegenbeleidsplan: • • • • •
Extra kosten als gevolg van vorstschades. Toename en het zwaarder worden van vracht- en landbouwverkeer. Teerhoudend asfalt. Uitstel van onderhoud. De holle wegen.
Aanbevelingen De eerder benoemde bevindingen resulteren in de volgende aanbevelingen: •
•
•
•
•
•
• • •
•
Voor het wegwerken van het achterstallig onderhoud is het noodzakelijk om conform de regelgeving van de BBV een voorziening Achterstallig onderhoud in te stellen. Achterstallig onderhoud waarmee onveilige situaties worden gecreëerd en waarbij sprake is van kapitaalvernietiging dient zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen een redelijke termijn hersteld te worden. Ter egalisatie van de kosten voor het groot onderhoud wordt geadviseerd een voorziening in te stellen. Voorwaarde daarbij is dat er een actueel beheerplan wegen aanwezig is of wordt opgesteld. Voor het levensduur verlengend onderhoud wordt geadviseerd om dit apart te registreren en te financieren, aangezien dit allen investeringen betreffen en daarmee volgens de regelgeving van de BBV moeten worden geactiveerd. Het verdient de aanbeveling om voor de daaraan gekoppelde kapitaallasten een bestemmingsreserve kapitaallasten te vormen. Een bestemmingsreserve kapitaallasten moet van voldoende omvang zijn om de kapitaallasten gedurende de gehele vastgestelde afschrijvingsperiode aan de reserve te kunnen onttrekken. Om te kunnen voldoen aan het ambitieniveau (kwaliteitsniveau B en kwaliteitsniveau A voor de bijzondere gebieden) is het van belang, dat achterstanden worden ingelopen en het beschikbaar budget voor klein onderhoud en groot onderhoud wordt verhoogd met jaarlijks gemiddeld € 310k en € 1,1 miljoen.
Er is tevens een tekort voor rehabilitatie, jaarlijks gemiddeld € 1,6 miljoen. Het budget dat nodig is voor rehabilitatie is echter louter theoretisch en houdt geen rekening met geplande reconstructies of herinrichtingen. Om deze rehabilitatie maatregel gedegen te onderbouwen, wordt het aanbevolen om nader onderzoek te doen waarbij de draagkracht wordt bepaald van de wegen inclusief een advies over de restlevensduur van de wegen. Daarna kan een vervangingsplan inzicht bieden in de vereiste vervangingen voor de komende jaren, inclusief het benodigde budget. Het percentage ter bepaling van de kosten voor klein onderhoud in lijn met de bandbreedtes van percentages uit de CROW-wegsystematiek toepassen. Aangezien de gemeente beschikt over een eigen dienst gaat de gemeente vooralsnog uit van de onderkant van de bandbreedte (gemiddeld 10%). Rekening houden met een opslagpercentage voor de kosten voor Voorbereiding, Administratie en Toezicht (18%). Bij het beschikbaar stellen van de benodigde budgetten niet uitgaan van zogenaamde “ingroeimodellen”. Areaaluitbreiding: Het verplicht opstellen van een beheerparagraaf bij een nieuw project of ontwerp, dat de consequenties voor het beheer en onderhoud inzichtelijk maakt. De uitvoering van het project vindt pas doorgang als daar ook structureel onderhoudsbudget tegenover staat.
Integraliteit: Zoeken naar de mogelijkheid om werk met werk te maken door afstemming met andere disciplines (riolering, verkeer, woningbouwcorporaties).
6 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
1
INLEIDING
1.1
Aanleiding
De gemeente is verantwoordelijk voor een adequaat beheer van haar kapitaalgoederen, waaronder wegen, riolering, civiele kunstwerken, openbare verlichting en groen. Om invulling te geven aan deze opgave, wordt gebruik gemaakt van beleidsplannen en beheerplannen, die als kaders dienen voor het beheer en onderhoud van de kapitaalgoederen. Daarnaast is in het Besluit, Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (hierna: BBV) vastgelegd, dat voor het beheer van de kapitaalgoederen meerjarenprogramma’s beschikbaar moeten zijn. Het vaststellen van beheerplannen is bij het toepassen van voorzieningen voor kapitaalgoederen bovendien een verplichting in het kader van het BBV. En daar hoort een actueel beleidsplan aan ten grondslag te liggen. Logischerwijs wordt eerst het beleid opgesteld en vervolgens doorgepakt naar het beheer, zoals hieronder ook aangegeven.
Figuur 1 Relatie Beleid-Beheer-Voorbereiding-Uitvoering
Het huidige wegenbeleidsplan 2021-2024 is aan een actualisatie toe. De commissie BBV doet namelijk de aanbeveling om tenminste eenmaal in de vier jaar een integrale beleidsnota over het beleidskader onderhoud kapitaalgoederen door de raad te laten vaststellen en de hoofdlijnen daarvan jaarlijks in de begroting op te nemen in de paragraaf Onderhoud Kapitaalgoederen, zoals bedoeld in artikel 9, tweede lid, onder c van de BBV.
1.2
Doelstelling
Het doel van dit beleidsplan is het leggen van een bestuurlijke, beheersmatige en financiële basis voor het beheer van het kapitaalgoed wegen voor de periode 2025-2028. Het beleidsplan dient antwoord te gegeven op de volgende vragen: • • •
Hoe is het de afgelopen periode vergaan? Evaluatie van het vorig wegenbeleidsplan 2021-2024. Wat hebben we in beheer? De omvang van het beheerareaal. Wat willen we bereiken? De ambities en de bijbehorende kaders (wetgeving, financiën, ambitie kwaliteitsniveau)1.
1 Uitgangspunt is dat de ambities niet opnieuw hoeven te worden vastgesteld.
7 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
• •
Voldoen we aan het ambitie kwaliteitsniveau? De huidige kwaliteit van het beheerareaal. Wat is er financieel nodig de komende 4 jaar om de ambities te kunnen realiseren? De werkvoorraad 2025-2028 om te komen van de huidige kwaliteit naar het ambitie kwaliteitsniveau.
1.3
Scope
Het wegenbeleidsplan richt zich op alle bij de gemeente Eijsden-Margraten in beheer zijnde verhardingen. Daarbij gaat het om klein onderhoud, groot onderhoud en rehabilitatie (vervanging) van de rijbanen, parkeerstroken en - vakken en voet- en fietspaden en pleinen uitgevoerd in een asfalt-, beton- en elementenverharding (klinkers en tegel). Buiten de scope van dit wegenbeleidsplan vallen: • Onverharde en half verharde veldwegen (wandelpaden, landwegen). • Onderhoud van bermen. • Reiniging (veegdienst). • Gladheidbestrijding. • Markeringen. • Herinrichtingen. • Reconstructies.
1.4
Leeswijzer
Hoofdstuk 1 gaat in op de aanleiding, doelstelling en scope van het wegenbeleidsplan. Hoofdstuk 2 evalueert het vorige beleidsplan. Hoofdstuk 3 beschrijft de wettelijke, financiële en beleidskaders. Ook worden in dit hoofdstuk voor wegbeheer relevante trends en ontwikkelingen aangestipt. Hoofdstuk 4 geeft een overzicht van de kwantiteit en kwaliteit van het wegenareaal. Hoofdstuk 5 geeft inzicht in de budgetbehoefte. Daarin is onder andere de werkvoorraad opgenomen om te kunnen komen tot het ambitieniveau. In bijlage A is een verklarende woordenlijst opgenomen. Naar de overige bijlagen wordt verwezen vanuit het Wegenbeleidsplan.
8 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
2
EVALUATIE WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024
Kwaliteit In de periode 2021-2024 is de kwaliteit in 2023 gemonitord om inzicht te krijgen of de werkelijke kwaliteit voldoet aan de ambities. Eind 2023 zijn de meest recente inspecties uitgevoerd. Onderstaande tabel en grafiek laten zien dat de kwaliteit de afgelopen planperiode achteruit is gegaan. Kwaliteit
CROW 380
2010
2016
2018
2019
2021
2023
Voldoende
A+/A
91%
75%
68%
72%
89%
72%
Matig
B
0%
7%
8%
10%
4%
14%
Onvoldoende
C
4%
5%
5%
12%
4%
4%
Achterstallig
D
5%
13%
19%
6%
4%
9%
Tabel 4 Kwaliteit verhardingen diverse jaren
Figuur 2 Kwaliteitsverloop verhardingen 2010-2023
Deze achteruitgang kan meerdere oorzaken hebben. Hieronder wordt een en ander toegelicht. Verloop beschikbare budgetten • De periode 2012-2015 kenmerkt zich door bezuinigingen. • De periode 2017-2021 kenmerkt zich door het gestaffeld toewerken naar het jaarlijks benodigd budget. • In de jaren 2021-2024 is het beschikbare budget gelijk aan het geadviseerde benodigde budget, maar in 2022 slechts 45% besteed van het beschikbaar budget als gevolg van capaciteitsproblemen binnen het ambtelijk apparaat door langdurige afwezigheid van de wegbeheerder.
9 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
Beschikbaar budget versus benodigd budget 2021-2024 Onderdeel
2021
2022
2023
2024
Totaal
Gemiddeld
Onderhoud
€ 819.000
€ 797.000
€ 797.000
€ 797.000
€ 3.210.000
€ 802.500
LDV
€ 500.000
€ 1.750.000
€ 1.750.000
€ 1.750.000
€ 5.750.000
€ 1.437.500
Rehabilitatie
€ 2.900.000
€ 3.530.000
€ 3.530.000
€ 3.530.000 € 13.490.000
€ 3.372.500
Totaal beschikbaar
€ 4.219.000
€ 6.077.000
€ 6.077.000
€ 6.077.000 € 22.450.000
€ 5.612.500
Totaal benodigd
€ 10.497.326
€ 4.685.958
€ 4.992.491
€ 3.202.414 € 23.378.189
€ 5.844.547
Verschil
€ -6.278.326
€ 1.391.042
€ 1.084.509
€ 2.874.586
€ -232.047
€ -928.189
Tabel 5 Verschil in benodigd budget en beschikbaar gesteld Wegenbeleidsplan 2021-2024
Als gevolg van succesvolle aanbestedingen en doeltreffende uitvoering van rehabilitatiewerken, is tot op heden geen aanvullend budget vereist geweest. Uitgaven versus beschikbaar budget 2021-2024 Onderstaande tabel laat de werkelijke uitgaven zien versus de beschikbare budgetten voor de verhardingen. Onderdeel
2021
2022
2023
2024
€ 813.127
€ 308.629
€ 685.463
Nnb
968.581
1.041.212
2.270.193
Nnb
2.986.882
1.395.547
3.813.960
Nnb
Totaal Uitgaven
€ 4.768.591
€ 2.745.388
€ 6.769.616
Nnb
Groot onderhoud
€ 819.000
€ 797.000
€ 797.000
€ 797.000
500.000
1.750.000
1.750.000
1.750.000
Rehabilitatie
2.900.000
3.530.000
3.530.000
3.530.000
Totaal Budget
€ 4.219.000
€ 6.077.000
€ 6.077.000
€ 6.077.000
Verschil Budget versus Uitgaven
€ -549.591
€ 3.331.612
€ -692.616
Nnb
Groot onderhoud Levensduur verlengend onderhoud Rehabilitatie
Levensduur verlengend onderhoud
Tabel 6 Uitgaven versus Budget 2021-2024
Uit deze tabel blijkt dat groot onderhoud met uitzondering van 2022 grotendeels conform planning is uitgevoerd. Sommige projecten hadden te weinig budget als gevolg van inflatie, terwijl bij andere projecten juist sprake was van een overschot. Daarnaast zijn er ook projecten uitgevoerd zonder een vooraf bepaald budget. Dit benadrukt de noodzaak van gestructureerd budgetbeheer en nauwkeurige financiële planning bij de uitvoering van toekomstige projecten.
10 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
Het groot onderhoud, levensduur verlengend onderhoud en de rehabilitaties hebben in 2022 een aanzienlijke achterstand opgelopen. Het beschikbaar budget is in 2022 namelijk voor slechts 45% besteed, met name door capaciteitsproblemen binnen het ambtelijk apparaat als gevolg van langdurige afwezigheid van de wegbeheerder. Maar ook door: • Langere voorbereidingstijd bij projecten die we nodig hebben om op de juiste wijze burgerparticipatie toe te passen. • Belemmerende factoren, waaronder de stikstofwet en natuur. Verder zijn in de periode 2021-2024 de prijzen voor materialen door inflatie c.q. de oorlog in Oekraïne enorm gestegen. Ter indicatie: Op basis van de CBS-indexering voor 2024 ten opzichte van 2020 zijn de prijzen voor gesloten verhardingen (asfalt en beton) met circa 47% gestegen. Voor de open verhardingen (elementen) is de prijsstijging circa 23%. Perioden
Open verharding
Gesloten verharding
2021 april
1,70%
13,50%
2022 april
8,70%
40,60%
2023 april
8,60%
-15%
2024 april
4,30%
7,60%
Totaal
23,30%
46,70%
Tabel 7 Prijsindex CBS 2024 (april) t.o.v. 20202
2 Ontwikkeling prijsindex ten opzichte van 1 jaar eerder. De prijsindex voor 2023 en 2024 zijn
voorlopige cijfers en nog niet definitief vastgesteld door CBS. 11 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
3
KADERS
De kaders geven de basis weer voor het beheer en onderhoud van de wegen op lange termijn. Ze zijn in dit wegenbeleidsplan als volgt gerangschikt: 1. Wettelijk kader. 2. Financieel kader. 3. Beleidskader.
3.1
Wettelijk kader
Het uitgangspunt is dat het beheer en onderhoud dient te worden uitgevoerd overeenkomstig het gestelde in de wettelijke kaders. De volgende wettelijke kaders zijn van invloed op het kapitaalgoed Wegen: • • •
• •
Grondwet: • Zorgplicht gericht op de bewoonbaarheid van het land. • Zorgplicht gericht op de bescherming en verbetering van het leefmilieu. Burgerlijk Wetboek: • Risicoaansprakelijkheid. • Schuldaansprakelijkheid. Omgevingswet: • Vereenvoudigen en harmoniseren van wet- en regelgeving met betrekking tot de fysieke leefomgeving, waaronder ruimtelijke ordening, bouwen, milieu en natuur. • Meer nadruk op integraal denken en handelen. • Samenwerking tussen verschillende partijen. • Betrekken van belanghebbenden bij besluitvorming. Wegenverkeerswet: • Waarborgen veiligheid weggebruiker. • Waarborgen functionaliteit van de wegen. Wegenwet: • Onderhoudsplicht voor de in beheer zijnde wegen. • Goed rentmeesterschap: instandhouden van het kapitaal, dat in de wegen is geïnvesteerd, door het tijdig plegen van onderhoud. • Verplichting tot het bezit van een wegenlegger voor de openbare wegen buiten de bebouwde kom.
In bijlage B zijn bovenstaande en overige wettelijke kaders afzonderlijk toegelicht.
3.2
Financieel kader
De financiële kaders zijn verwoord in de volgende vastgestelde stukken: • • • •
Financiële verordening gemeente Eijsden-Margraten 2023. Nota waarderen en afschrijven Eijsden-Margraten 2023 Nota reserves en voorzieningen Eijsden-Margraten 2023. Programmabegroting 2025-2028.
Programmabegroting 2025-2028 De programmabegroting bestaat uit drie onderdelen: 1. Programmabegroting. 2. Paragrafen. 3. Financiële begroting. De Programmabegroting bevat vijf programma's: 1. Kwaliteit van leven. 2. Landbouw, Landschap en Plattelandseconomie. 3. Duurzaamheid en Klimaatverandering. 12 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
4. Wonen en Leefomgeving. 5. Bestuur en dienstverlening. Per programma zijn de doelstellingen voor het komende jaar geformuleerd en de financiële vertaling ervan om dit te kunnen realiseren. Binnen het beleidsveld Openbare ruimte is er om meerdere redenen voldoende structurele aandacht voor de inrichting en onderhoud van de openbare ruimte: • • •
De openbare ruimte is het visitekaartje van de gemeente. Een geslaagde openbare ruimte verleidt om er te verblijven en te ontmoeten. Een plek waar inwoners en bezoekers zich thuis voelen.
Bepaling benodigd budget De uitgevoerde visuele inspectie en de uitgangspunten van de CROW Wegbeheersystematiek vormen de basis voor de onderhoudsplanning voor de komende jaren. Om het benodigde onderhoudsbudget voor de komende jaren te bepalen worden door een gecertificeerde weginspecteur de schadebeelden per wegvak in beeld gebracht. Afhankelijk van de aard en omvang van de schades wordt een maatregelenpakket en onderhoudstermijn bepaald. Het totaal aan maatregelen en termijnen resulteren in een meerjarenraming. De totaal geraamde onderhoudskosten variëren per planjaar, waarbij de eerste jaren meestal de hoogste bedragen laten zien. Daarnaast dienen wegen periodiek geheel te worden vervangen. Om als gemeenten financieel in balans te zijn, is het belangrijk jaarlijks voldoende investeringsbudget te reserveren voor reconstructie alsmede rehabilitatie. Het benodigde budget voor vervangingsinvestering wordt bepaald door per verhardingstype (asfalt, beton of elementen) en wegtype het oppervlak te vermenigvuldigen met de vervangingswaarde. Op basis van de technische levensduur wordt vervolgens het benodigde budget berekend. Het toepassen van hoogwaardige materialen als gebakken straatstenen of natuursteen is respectievelijk 25% en 100% duurder in aanschaf en verwerking dan in vergelijking met betonstraatstenen.
Omdat veel van deze gebieden al hoogwaardiger zijn ingericht en we enkel vervangen bij einde levensduur is de financiële impact beperkt. Of deze materialen toegepast kunnen worden is afhankelijk van de situatie en het gebruik van de weg. Beschikbaar budget In onderstaande tabel is het beschikbaar budget weergegeven. Onderhoudstype
Beschikbaar budget Ten laste van
Klein onderhoud
80.0003 Exploitatie
Groot onderhoud
797.000 Exploitatie
Onderhoud onverharde/ veldwegen
40.000 Exploitatie
Levensduur verlengend onderhoud
1.750.000 Kapitaallasten via exploitatie
Rehabilitaties
3.530.000 Kapitaallasten via exploitatie
Tabel 8 Beschikbaar budget
3 Betreft materiaal en inhuur
13 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
3.3
Beleidskader
De beleidskaders voor dit beleidsplan zijn verwoord in de volgende vastgestelde stukken: • • • •
Mobiliteitsvisie 2021-2030 Zuid-Limburg. Bestuursakkoord 2022-2026 Eijsden Margraten, Goed leven in elke kern. GVVP 2021. Wegenbeleidsplan 2021-2024: de aanwijzing van de gebieden met een hoger kwaliteitsniveau (A) als ambitieniveau.
Expliciet is de keuze gemaakt om de openbare ruimte primair goed te onderhouden. Hierbij wordt uitgegaan van een onderhoudsniveau van een zo genaamde B-kwaliteit, sober en doelmatig. Dat geldt voor wegen, bermen, groenvoorzieningen, fiets- en voetpaden. De dorpscentra en de gebieden om de kerken krijgen extra aandacht; hier geldt ambitieniveau A.
3.3.1
Wegonderhoud
De openbare ruimte is het visitekaartje van de gemeente. De inrichting ervan behoort in harmonie te zijn met de landschappelijke omgeving. Veel groen hoort daarbij, zowel in de kernen als de bedrijventerreinen. De openbare ruimte bestaat uit wegen, trottoirs, fietspaden, parkeerplaatsen, plantsoenen, gazons, hagen, solitaire bomen en bosplantsoenen. Omdat de waarde van het wegenareaal en ook het openbaar groen belangrijk is, wordt er geen onderscheid gemaakt in verschillende kwaliteitsniveaus. Zowel de wegen binnen en buiten de bebouwde kom als de wegen op bedrijventerreinen worden op B-kwaliteit (basiskwaliteit) onderhouden, sober en doelmatig. In paragraaf 3.3.2 wordt nader ingegaan op de karakteristieke gebieden. Bij het onderhouden van de verhardingen onderscheiden we drie type werkzaamheden, een en ander ook afhankelijk van de afschrijftermijnen van de kosten. De verschillende typen zijn onder te verdelen in: 1. Onderhoud a. Klein onderhoud: Hierbij worden gebreken aan de verharding hersteld. Met als doel de bestaande verharding veilig te houden. Vaak gaat het hier om ‘kleinere’ ad hoc reparaties, zoals reparatievakken in het asfalt en reparaties aan de elementenverharding. Het betreft werkzaamheden die door de eigen dienst worden uitgevoerd. b. Groot onderhoud: Dit betreft werkzaamheden om de weg in stand te kunnen houden om daarmee de beoogde levensduur te halen.
Voorbeelden van groot onderhoudsmaatregelen zijn het vervangen van asfaltdeklaag en het geheel herstellen van trottoirs. Deze reparaties volgen uit de visuele inspecties en worden uitbesteed. 2. Levensduur verlengend onderhoud De gemeente kenmerkt zich door veel ‘landschappelijke’ ontsluitingswegen, die de kernen met elkaar verbinden. Bij deze wegen ontbreekt vaak een goede fundering onder en langs de weg. Hierdoor tekenen zich op deze wegen diverse schadebeelden af, onder andere veel randschade en scheurvorming. Gezien de lengte en de omvang van de schadebeelden van deze wegen volstaat regulier onderhoud niet. Bij levensduur verlengend onderhoud wordt de bestaande verharding als basis gebruikt en wordt er een nieuwe asfaltconstructie en kantopsluiting aangebracht, zodat de weg weer minimaal 25 jaar mee kan. 3. Reconstructies en rehabilitatie Bij een reconstructie of rehabilitatie wordt de gehele constructieve opbouw van de weg aangepakt. Dit is in de regel het moment om te bekijken of andere disciplines zoals riolering, verkeer of andere maatschappelijke ontwikkeling aanleiding zijn tot een gehele verandering van de inrichting. Als de gehele inrichting wordt aangepakt, wordt gesproken van een reconstructie, blijft de inrichting gelijk maar vindt een technische vervanging van de constructie plaats spreken we over een rehabilitatie.
Beide maatregelen vallen in de categorie vervangingsinvestering omdat de constructieopbouw van de 14 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
weg met nieuw materiaal wordt aangepakt. Deze wegen worden op een termijn van 50 jaar afgeschreven.
3.3.2
Karakteristieke gebieden
De infrastructuur in Zuid-Limburgse dorpen kenmerkt zich door: • • • •
Het gebogen karakter van de wegen waarbij de natuurlijke lijnen zijn en worden gevolgd. Een lage verkeersdynamiek, met uitzondering van de oude Rijkswegen die als gebiedsontsluitingsweg dienen. De afwezigheid van trottoirs in bepaalde gebieden door de aanwezige lintbebouwing. De aanwezigheid van veldwegen en watervoerende holle wegen.
In de gemeente Eijsden-Margraten bevinden zich een aantal, van rijkswege dan wel door gemeentewege, beschermde dorpsgezichten. Daarnaast liggen in de verschillende dorpen diverse concentraties monumenten, die bijdragen aan het speciale karakter en uitstraling van de dorpen. Binnen de gemeente komen diverse karakteristiek gebieden voor. Daarvan zijn er 8 bestempeld als beschermd dorpsgezicht. Naast deze beschermde dorpsgezichten worden de twee centra onderscheiden (Eijsden en Margraten) en een aantal karakteristieke kernen. Deze laatste gebieden kenmerken zich door de monumentale of karakteristieke omgeving, waardoor de inrichting en het onderhoud van de openbare ruimte hier extra aandacht vraagt. Dit is de reden dat de raad extra aandacht heeft gevraagd bij het eventueel inrichten van deze gebieden. In een aantal documenten is beschreven welke uitstraling van de beschermde dorpsgezichten gewenst is. Daarbij moet worden gedacht aan beeldbepalend en beeld ondersteunend materiaal- en kleurgebruik. Er is niet specifiek beschreven, welke materialen er toegepast dienen te worden. Over het algemeen karakteriseren deze dorpsgezichten, of zouden zich moeten karakteriseren, door: • • • • •
De oorspronkelijke uitstraling van deze locaties, zowel door vormgeving als door kleurgebruik. De toepassing van gebakken bestratingsmateriaal en/ of natuursteen. De aanwezigheid van een smal voetpad of zelfs het ontbreken daarvan. Het verwijderen, verplaatsen of camoufleren van storend straatmeubilair. Het ontbreken van snelheidsbeperkende voorzieningen.
Het afgelopen decennium is op een groot aantal locaties deze authentieke uitstraling weer teruggebracht door deze locaties opnieuw in te richten en het gebruiken van hoogwaardige materialen. Voor de centrumgebieden en de overige karakteristieke kernen en gebieden ontbreken vastgestelde documenten. Tijdens de raadsconferentie van 14 december 2015 zijn deze gebieden in een raadsdialoog besproken. Daarbij is ook ingezoomd op de argumentatie waarom dit kenmerkende gebieden zijn. Voorbeelden zijn de Diepstraat in Eijsden en de Gen hof in Margraten. Voor de centrumgebieden van Eijsden en Margraten geldt dat deze recentelijk met hoogwaardige materialen zijn ingericht. Daarbij is onder andere gebruik gemaakt van gebakken bestratingsmaterialen en natuursteen. Daarmee sluiten deze gebieden qua materiaalgebruik aan bij de beschermde dorpsgezichten. De karakteristieke kernen en delen kennen een hoge mate van authenticiteit en eigenheid. De aanwezigheid van cultuurhistorische elementen en (rijks-)monumenten vraagt om een hoogwaardige inrichting en een hoger kwaliteitsniveau. Deze gebieden zijn deels al hoogwaardig ingericht met gebakken straatstenen en /of natuursteen. Er zijn, evenals bij de beschermde dorpsgezichten, ook locaties aan te duiden waar asfalt aanwezig is.
Voor alle benoemde gebieden geldt dat een karakteristieke uitstraling gewenst is en dat deze door een andere inrichting en materiaalgebruik is te realiseren. Nog niet alle aangewezen gebieden voldoen aan het beschreven beeld of er zijn uit praktisch oogpunt andere materialen toegepast. Het zogenaamde “omvormen” van deze locaties moet echter als een project worden gezien en, bij voorkeur, worden opgepakt op het moment dat de huidige verharding technisch aan vervanging toe is of wanneer er met een ander project kan worden meegelift (b.v. rioolvervanging of verkeerskundige herinrichting). 15 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
3.3.3 • • •
• • • •
Beleidsuitgangspunten
Het toepassen van de regelgeving BBV, notitie materiele vaste activa, bij het beheer en onderhoud van de verhardingen. Het Wegenbeleidsplan wordt voor 5 jaar vastgesteld, waarbij tussentijds de meerjarenplanning wordt geactualiseerd op basis van de resultaten van de laatste weginspectie. Door tweejaarlijks de globale visuele weginspectie uit te voeren en de meerjarenplanning te actualiseren wordt bereikt, dat de afwijking tussen de begroting, het daadwerkelijk uitgevoerde onderhoud en de ontwikkeling van de kwaliteit van het wegenareaal wordt verkleind. Daarmee is de gemeente meer in control op de ontwikkelingen van de kwaliteit van de wegverharding. Er vindt ook een klein onderhoudsinspectie plaats. Het werkpakket dat daaruit voortvloeit, wordt door de buitendienst opgepakt. Voor de uitvoering van de groot onderhoudsmaatregelen zijn meerjarige raamcontracten (asfalt en elementen) afgesloten. Waar mogelijk worden wegvakonderdelen samengevoegd tot wegvakken. Slijtlagen en oppervlakbehandelingen zijn niet gewenst binnen stedelijk gebied.
3.3.4
Burgerparticipatie
In het wegenbeleidsplan 2021-2024 is een eerste aanzet gedaan tot het onderdeel Burgerparticipatie. In deze paragraaf is daar nader op ingegaan. Visie4 •
Streven naar een inclusief en transparant participatieproces waarbij burgers actief worden betrokken bij besluitvorming en beleidsontwikkeling in de gemeente.
Doelen • • • •
Betrekken van burgers bij ontwikkeling en evaluatie van gemeentelijk beleid en projecten. Creëren van mogelijkheden voor inwoners om invloed uit te oefenen op besluitvorming. Versterken van relatie tussen gemeente en burgers door open dialoog en samenwerking. Stimuleren van actieve participatie van burgers en bevorderen van maatschappelijke betrokkenheid.
Randvoorwaarden Burgerparticipatie Om te bepalen of en in welke mate burgerparticipatie van toepassing is, zijn een aantal vragen geformuleerd. Als een van deze vragen negatief worden beantwoord is burgerparticipatie niet aan de orde. Het gaat om de volgende vragen: •
• • • •
Is er beleidsruimte voor participatie? • Is er voldoende juridische ruimte? • Is er een belemmering door bestaande wet- en regelgeving? • Zijn er keuzemogelijkheden/ alternatieven aanwezig? Is het onderwerp geschikt voor inwoners/ burgers? Is er voldoende tijd beschikbaar? Is het college en/of de raad bereid om een bijdrage te leveren? Is er ambtelijke capaciteit en budget beschikbaar?
Wegen gerelateerde onderdelen Vervolgens zijn de onderdelen in kaart gebracht waar mogelijk sprake kan zijn van burgerparticipatie. Het betreft de volgende onderdelen:
4 Participatieverordening Gemeente Eijsden-Margraten 2022
16 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
• • • • • • • • •
Klein onderhoud. Groot onderhoud. Levensduur verlengend onderhoud (LDV). Rehabilitatie/ reconstructie. Herinrichting/ omvorming. Gladheidsbestrijding. Boomwortelproblematiek. Vorst-dooi schades. Kwaliteitsniveau.
Participatieniveaus Om de rol en verantwoordelijkheid van de burger te kunnen duiden, zijn de volgende participatieniveaus benoemd: • • • • •
Meebeslissen: Bestuur en bewoners zoeken samen naar oplossingen en nemen gezamenlijk beslissingen. Coproduceren: Bestuur en inwoners bepalen samen de agenda, produceren gezamenlijk een plan en het resultaat weegt zwaar mee in de besluitvorming. Adviseren: Bestuur vraagt advies aan inwoners, zij kunnen problemen aankaarten en oplossingen aandragen. Raadplegen: Bestuur bepaalt de agenda en vraagt inwoners om mening of visie, zonder garanties voor verbintenissen. Informeren: Bestuur bepaalt de agenda en zorgt voor goede informatieverstrekking aan inwoners.
In bijlage G is een overzicht opgenomen, waarin de onderbouwing voor het wel of niet toepassen van burgerparticipatie is opgenomen. De conclusie daarbij is dat het veelal niet mogelijk is om inwoners te betrekken bij het juridisch c.q. financiële beleidsplan. In verband met onvoldoende juridische en beleidsruimte wordt in dit stadium burgerparticipatie dan ook afgeraden. Dit komt met name door de aanwezigheid van een aantal beperkende factoren, zoals landelijke wet- en regelgeving (zie paragraaf 3.1), financiële kaders (zie paragraaf 3.2) en eerder opgestelde beleidskaders (zie paragraaf 3.3). Zo is het uitgangspunt bij dit wegenbeleidsplan, dat de ambitieniveaus niet zullen worden bijgesteld. En daarnaast is de Raad in een eerder stadium betrokken geweest bij het bespreken, aanwijzen en vaststellen van de karakteristieke gebieden. Burgerparticipatie zal wel worden ingezet bij de voorbereiding en uitvoering van maatregelen voortvloeiend uit en in samenhang met het wegenbeleidsplan. Een en ander afhankelijk van de aard van de activiteit: • • •
•
Onderhoud: publicatie van de onderhoudswerkzaamheden in de lokale weekbladen en bezorging van bewonersbrieven. Levensduur verlengend onderhoud: voor dit onderdeel geldt op de participatieladder de term informeren. Aan de inrichting van de weg verandert niets, er wordt slechts onderhoud uitgevoerd waarbij de levensduur wordt verlengd. Rehabilitatie/ Reconstructies: voor dit onderdeel geldt op de participatieladder de term informeren. Aan de inrichting van de weg verandert niets. Het betreft hier vervanging waarbij mogelijk het profiel wordt aangepast zodat functie, vormgeving en gebruik van de weg goed op elkaar zijn afgestemd. Herinrichting/ Omvorming: organisatie van een tweetal inspraakavonden waarbij uitgebreid met de burgers in gesprek wordt gegaan. Tijdens de uitvoering wordt gestreefd naar steeds meer integraal omgevingsmanagement waarbij de bewoners geraadpleegd en geïnformeerd worden. Bij het opstarten van het project worden de burgers geraadpleegd om zodoende een gedragen definitief ontwerp te genereren. Als het ontwerp definitief is, worden de inwoners geïnformeerd over de planning, de fasering en wat het bouwteam is voor eventuele vragen tijdens de uitvoering. Raadsleden en commissieleden worden uitgenodigd voor inspraakavonden.
17 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
3.4
Ontwikkelingen
Het beheer van de openbare ruimte staat niet op zich, maar is continu in beweging door diverse uitdagingen en ontwikkelingen. De belangrijkste ontwikkelingen met raakvlakken voor het wegbeheer zijn hieronder kort beschreven, bedoeld om de effecten en/of kansen aan te stippen en indien mogelijk in te passen binnen de huidige onderhoud strategie of anders apart krediet voor aan te vragen.
3.4.1
Klimaatverandering
Het klimaat is aan het veranderen en leidt tot meer extremen. Het wordt natter, droger en warmer. Het (hemel) watersysteem en de afvalwaterketen moet de neerslag zo goed als mogelijk kunnen verwerken. Het besef groeit, dat dit niet meer uitsluitend met grotere rioolbuizen is op te vangen, maar dat een integrale aanpak noodzakelijk is. In het kader van klimaatadaptatie zal een afweging moeten worden gemaakt tussen het accepteren of beperken van schade door wateroverlast bij extreme buien. Vanuit het nationaal Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie zijn door gemeenten klimaatstresstesten uitgevoerd om te komen tot klimaatadaptatiestrategieën.
3.4.2
Veranderende wetgeving
Met het in werking treden van de Omgevingswet wordt de focus verschoven naar de fysieke omgeving boven de traditionele ruimtelijke ordening. Aspecten als leefbaarheid en gezondheid krijgen hierbij aanzienlijk meer aandacht bij het afwegen van belangen tussen mobiliteit, water, groen, bebouwing, en andere factoren.
3.4.3
Energietransitie
Met de verandering naar een aardgasloze samenleving zal een nieuwe ondergrondse energie infrastructuur ontstaan, waarbij ook afvalwater steeds meer leverancier wordt van energie en grondstoffen. Dit thema biedt kansen om de onder- en bovengrondse infrastructuur kostenefficiënt te vernieuwen/ klimaat adaptief in te richten en samen meerwaarde te creëren.
3.4.4
Circulaire economie
Circulaire economie draait om het minimaliseren van afval en het optimaal benutten van hulpbronnen door middel van hergebruik, recycling en herwaardering. De gemeente volgt deze ontwikkeling en binnen wegbeheer gaat het onder andere om het hergebruik van verwijderd asfalt en het terugbrengen in eenzelfde gang bij het vervangen van de deklaag.
18 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
4
HUIDIGE SITUATIE
De gemeente Eijsden-Margraten is een uitgestrekt platteland met een karakteristiek landschap. Gelegen in het Heuvelland, Plateau en Maasdal maakt het deel uit van de groene corridor tussen Maastricht, Aken en Luik. De gemeente omvat 15 kerkdorpen en daarnaast ook 20 gehuchten en buurtschappen. Met zijn diverse en pittoreske kernen, de typerende natuurlijke schoonheid van Zuid-Limburg, en uitgestrekte landelijke gebieden met kilometers aan fiets- en wandelpaden, biedt de gemeente en haar omgeving een ideale setting voor wandelaars en fietsers. Dit vereist een specifieke benadering van het beheer en de inrichting van de openbare ruimte, waarbij rekening wordt gehouden met het landschap, wandelaars, fietsers, landbouwverkeer en de unieke kenmerken van de gebieden.
4.1
Omvang areaal
Om het beheer en onderhoud van de wegen binnen de gemeente op een verantwoorde manier te plannen, gebruikt de gemeente onder andere een beheersysteem. Het systeem is voor het wegbeheer voorzien van het landelijk CROW Keurmerk, waarmee is gegarandeerd dat het beheersysteem de wegbeheersystematiek (CROW-publicatie 147 – Wegbeheer) en bijbehorende berekeningen goed toepast. Jaarlijks vindt er een actualisatie plaats van het beheersysteem, inspecties en mutaties van de BGT. Met deze activiteiten kan worden gesteld dat het beheersysteem actueel, betrouwbaar en compleet blijft. Areaal per verhardingstype In tabel 8 is het beheerareaal weergegeven onderverdeeld naar verhardingstype. Oppervlak
Percentage
[m2]
[%]
Asfalt
1.286.377
63%
Beton
45.764
2%
Elementen
710.782
35%
2.042.923
100%
Verhardingstype
Totaal Tabel 9 Omvang beheerareaal per verhardingstype [m2; %]
Het totale oppervlak van de te onderhouden wegen, parkeerstroken, voet- en fietspaden is circa 2.043.000 vierkante meter. Vergeleken met het vorige wegenbeleidsplan is het beheerareaal toegenomen met grofweg 180.000 vierkante meter. Dat is een toename van circa 10%. Dit betreft met name nieuwbouw zoals de wegverhardingen in de bestemmingsplannen Poelveld (Eijsden) en Bloesemgaard (Margraten) en Karreweg (Sint Geertruid). Circa 2/3 deel van het beheerareaal bestaat uit een asfaltverharding. Dit is gezien het karakter van een plattelandsgemeente en de daaraan gerelateerde wegen in het buitengebied begrijpelijk. Echter ook vele wegen met een gebruiksfunctie “weg in woongebied” zijn in asfalt uitgevoerd.
19 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
Areaal per wegtype Het beheerareaal kan ook opgedeeld worden in wegtype. Oppervlak
Percentage
[m2]
[%]
Gebiedsontsluitingsweg
62.830
3
4 - Licht belaste weg
Buurtontsluitingsweg
714.619
35
5 - Weg in woongebied
Woonstraten/ parkeervakken
799.229
39
6 - Weg in verblijfsgebied
Voetpaden/ trottoirs
354.626
17
7 - Fietspaden
Fietspaden
111.619
6
2.042.923
100
Wegtype
Indicatie Gebruiksfunctie
3 - Gemiddeld belaste weg
Totaal Tabel 10 Beheerareaal per wegtype
In onderstaande figuur is de verdeling gevisualiseerd weergegeven.
Figuur 3 Beheerareaal per wegtype
Binnen de gemeente heeft 39% van het beheerareaal heeft de functie weg in woongebied, 35% de functie van licht belaste weg, en 17% de functie van weg in verblijfsgebied. Slechts 6% van het areaal is aangemerkt als fietspad. Het gaat hierbij om verhardingen welke als een apart onderdeel gezien worden, de zogenaamde vrijliggende fietspaden. Doorgaans komt de fietsfunctie tot uitdrukking in fietssuggestiestroken, als onderdeel van de rijbaan. Het aandeel van de gemiddeld belaste wegen in het totale beheerareaal is slechts 3%.
20 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
Figuur 4 Beheerareaal per verhardingstype en wegtype [m2]
4.2
Kwaliteit areaal
Om de huidige kwaliteit van het beheerareaal in beeld te brengen en te voldoen aan wet- en regelgeving (aansprakelijkheidsrisico) zijn alle wegvakonderdelen in 2023 globaal visueel geïnspecteerd (conform CROW 146b) door een onafhankelijk CROW gediplomeerde inspecteur. De inspectieresultaten zijn input voor het beheersysteem en vormen de basis voor de meerjarige programmering groot onderhoud voor de korte en middellange termijn. In bijlage C is een schematische weergave van het proces van wegbeheer conform CROW-publicatie 147 weergegeven. Bijlage D geeft een toelichting op de inspectiemethodiek. Binnen de CROW is er een relatie te leggen tussen de wegbeheersystematiek (CROW 147) en de beeldsystematiek (CROW 380), zodat de resultaten van de visuele inspectie van wegverhardingen kunnen worden gepresenteerd in de beeldkwaliteitsniveaus A+, A, B, C en D. CROW 380
Omschrijving Indicatie kwaliteit
CROW 147
A+
Zeer goed
Nagenoeg ongeschonden
Er is geen schade
A
Goed
Mooi en comfortabel
Er is enige schade, maar de waarschuwingsgrens is nog niet overschreden
B
Voldoende
Functioneel
De waarschuwingsgrens is overschreden: er is klein onderhoud nodig of binnen vijf jaar is groot onderhoud nodig
C
Matig
Onrustig beeld, discomfort of enige De richtlijn is overschreden: er is vorm van hinder binnen twee jaar groot onderhoud nodig
D
Te slecht
Kapitaalvernietiging, functieverlies, De richtlijn is meer dan één klasse juridische aansprakelijkheid overschreden: er is direct groot onderhoud nodig
Tabel 11 Omschrijving en indicatieve relatie kwaliteitsniveaus CROW 380 en CROW 147
21 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
Overall kwaliteit Als wordt gekeken naar het gehele areaal dat in beheer is bij de gemeente Eijsden-Margraten dan heeft circa 73% een voldoende kwaliteit (A+/A), 14% is van matige kwaliteit (B) en 13% is onvoldoende (kwaliteitsniveau C en D). Bij 9% van het totale beheerareaal is daarbij sprake van achterstallig onderhoud (kwaliteitsniveau D). Binnen de gemeente is dit onderdeel van de werkvoorraad.
Figuur 5 Overall kwaliteit beheerareaal
Nadere analyse kwaliteit De inspectieresultaten en bijbehorende kwaliteitsniveaus zijn geanalyseerd. In bijlage E zijn de resultaten van deze analyse weergegeven. De gemiddeld belaste wegen en de fietspaden liggen er goed bij (A+ en A). De volgende typen wegen dragen het meeste bij aan het percentage met een onvoldoende kwaliteit (C/D): • • • •
Voetpaden met een elementenverharding. Buurtontsluitingswegen met een asfaltverharding. Woonstraten met een asfaltverharding. Voetpaden met een asfaltverharding.
Als de omvang (m2) van de aan te pakken verharding wordt beschouwd dan valt op, dat de meeste winst is te behalen in het wegwerken van de onvoldoende kwaliteit (C en D) bij de buurtontsluitingswegen en de woonstraten die zijn uitgevoerd met een asfaltverharding. Met name de wegen voorzien van dichtasfaltbeton hebben een groot aandeel in de omvang met een slechtere kwaliteit. Dichtasfaltbeton komt het meeste voor bij de asfaltverhardingen (circa 96% van het beheerareaal asfalt).
22 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
4.3
Verloop kwaliteit
In 2023 is een visuele inspectie volgens de CROW Wegbeheersystematiek uitgevoerd op het totale wegen-areaal (rijbanen, voetpaden, parkeerstroken, fietspaden). Onderstaande tabel toont het verloop in kwaliteit gedurende de periode 2010-2023. Kwaliteit
CROW 380
2010
2016
2018
2019
2021
2023
Voldoende
A+/A
91%
75%
68%
72%
89%
72%
Matig
B
0%
7%
8%
10%
4%
14%
Onvoldoende
C
4%
5%
5%
12%
4%
4%
Achterstallig
D
5%
13%
19%
6%
4%
9%
Tabel 12 Verloop kwaliteit in de loop der jaren
Kwaliteit
Planjaar
Voldoende
>5
Matig
3-5
Onvoldoende
1-2
Achterstallig
1
Tabel 13 Relatie kwaliteit met planjaar
Bovenstaande tabel toont dat de kwaliteit van het beheerareaal achteruitgaat. In 2021 is er nog een verbetering te zien in het areaal met een voldoende kwaliteit (van 72% naar 89%). Echter in 2023 is dit percentage weer afgenomen en is het percentage Matig en Achterstallig juist toegenomen. Het percentage Achterstallig zijn de wegvakken die in planjaar 1 moeten worden aangepakt. Binnen de gemeente zijn deze groep wegvakken onderdeel van de werkvoorraad. De aanzienlijke toename van de percentages kan mogelijk als volgt worden verklaard: • • •
Periode 2012-2015: • Bezuinigingen. Periode 2017-2021: • Gestaffelde verhoging van de budgetten in plaats van een verhoging direct aan het begin van de planperiode. Periode 2021-2024: • Beschikbare budgetten zijn niet geïndexeerd, terwijl de kosten wel zijn gestegen sinds 2021 en er daardoor minder vakken onderhouden konden worden. • Capaciteitsproblemen binnen het ambtelijk apparaat waardoor werken niet konden worden voorbereid en niet zijn uitgevoerd. • Door uitstel van asfaltonderhoud zijn zwaardere en daardoor duurdere maatregelen nodig, waardoor minder locaties kunnen worden aangepakt met het beschikbaar budget.
23 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
5
KOSTEN
5.1
Klein onderhoud
Binnen de wegbeheersystematiek worden de kosten voor klein onderhoud (personeel en materiaal) gedefinieerd als een percentage van het jaarlijks gemiddeld cyclusbedrag voor de lange termijn voor groot onderhoud. In onderstaande tabel is de bandbreedte weergegeven, afhankelijk van het wegtype en verhardingstype. Wegtype
Indicatie gebruiksfunctie
Asfalt
Elementen
2 – Zwaarbelaste weg
Stadsontsluitingsweg
5-8%
N.v.t.
3 – Gemiddeld belaste weg
Gebiedsontsluitingsweg
8-12%
15-20%
4 – Licht belaste weg
Buurtontsluitingsweg
8-12%
15-20%
5 – Weg in woongebied
Woonstraten/ parkeervakken
10-15%
15-20%
6 – Weg in verblijfsgebied
Voetpaden/ trottoirs
10-15%
15-20%
7 – Vrijliggende fietspaden
Fietspaden
10-15%
15-20%
Tabel 14 Percentage klein onderhoud ter bepaling van de kosten voor groot onderhoud (Bron: CROW 147)
Als bovenstaande percentages worden gerelateerd aan de werkelijke omvang per verhardingstype en wegtype, dan ligt de gemiddelde bandbreedte tussen de 10 en 15%. Doordat er bij de gemeente Eijsden-Margraten een deel van het klein onderhoud door de eigen dienst wordt uitgevoerd en een deel wordt uitbesteed lijkt het minimum percentage van de bandbreedte (10%) vooralsnog het meest voor de hand te liggen.
5.2
Groot onderhoud
De kosten voor groot onderhoud zijn binnen de gemeente Eijsden-Margraten gedefinieerd als de werkvoorraad 2025-2028. Het betreft de verhardingen met een onvoldoende en matige kwaliteit. Om deze verhardingen op het ambitieniveau te krijgen, zijn maatregelen nodig. Daar zijn kosten aan verbonden. Het beheersysteem genereert op basis van de inspectieresultaten en een toets aan de richtlijnen een basisbegroting voor een periode van 5 jaar. In planjaar 1 (2025) plant de systematiek al het aanwezige achterstallig onderhoud. Volgens de regelgeving van de BBV dient geconstateerd achterstallig onderhoud, waarmee onveilige situaties worden gecreëerd en waarbij sprake is van kapitaalvernietiging zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen een redelijke termijn hersteld te worden. Daarvoor dient een voorziening achterstallig onderhoud te worden ingesteld. In dit wegenbeleidsplan zijn de kosten bepaald met behulp van het beheersysteem. Dit systeem volgt de wegbeheersystematiek uit CROW-publicatie 147 – Wegbeheer 2019. Bij Wegbeheer 2011 werden inspectieresultaten gebruikt als basis voor de kosten van groot onderhoud op korte termijn (1-2 jaar) en middellange termijn (3-5 jaar). Bij Wegbeheer 2019 zijn de kosten voor de korte termijn nog steeds gebaseerd op inspectieresultaten, maar voor de middellange termijn worden de kosten bepaald aan de hand van cyclische kosten.
24 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
In onderstaande tabel zijn deze kosten voor groot onderhoud (GO) weergegeven. Planjaar
2025
2026
2027
2028
Gemiddeld
Directe kosten GO5
€ 3.697.230
€ 526.862
€ 2.393.018
€ 2.393.018
€ 2.252.532
Verkeersmaatregelen
€ 184.861
€ 26.343
€ 119.651
€ 119.651
€ 112.627
Onvoorzien
€ 369.723
€ 52.686
€ 239.302
€ 239.302
€ 225.253
Subtotaal
€ 4.251.814
€ 605.892
€ 2.751.970
€ 2.751.970
€ 2.590.412
Uitvoeringskosten
€ 297.627
€ 42.412
€ 192.638
€ 192.638
€ 181.329
Algemene kosten
€ 363.955
€ 51.864
€ 235.569
€ 235.569
€ 221.739
Winst en risico
€ 196.536
€ 28.007
€ 127.207
€ 127.207
€ 119.739
Subtotaal
€ 5.109.933
€ 728.175
€ 3.307.384
€ 3.307.384
€ 3.113.219
VAT (18%)
€ 919.788
€ 131.072
€ 595.329
€ 595.329
€ 560.379
€ 6.029.720
€ 859.247
€ 3.902.713
€ 3.902.713
€ 3.673.598
Totale kosten
Tabel 15 Kosten Groot onderhoud
Benodigd versus beschikbaar Planjaar
2025
2026
2027
2028
Gemiddeld
Benodigd
€ 6.029.720
€ 859.247
€ 3.902.713
€ 3.902.713
€ 3.673.598
Beschikbaar
€ 2.547.000
€ 2.547.000
€ 2.547.000
€ 2.547.000
€ 2.547.000
Verschil
€ -3.482.720
€ 1.687.753
€ -1.355.713
€ -1.355.713
€ -1.126.598
Tabel 16 Benodigd versus beschikbaar budget Groot onderhoud
5 Inclusief levensduur verlengende maatregelen ten behoeve van met name de wegen in het
buitengebied. 25 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
5.3
Rehabilitatie
De vervangingswaarde van de wegen zijn vanuit het vorige wegenbeleidsplan bepaald op jaarlijks € 3,2 miljoen. Op basis van het actuele beheerareaal en de vervangingsmaatregelen per verhardingstype en wegtype uit het beheersysteem vermeerderd met de opslagpercentages voor onvoorzien en VAT is het nieuwe benodigd budget voor rehabilitatie bepaald. Daarbij is uitgegaan van een theoretische levensduur afhankelijk van verhardingstype, wegtype en ondergrondsoort en een onderhoud strategie die daarvoor landelijk gangbaar is (CROW 145). In tabel 17 zijn de theoretisch jaarlijks gemiddelde kosten weergegeven voor rehabilitatie (REH), vervanging inclusief fundering. Planjaar
2025
2026
2027
2028
Gemiddeld
Directe kosten REH
€ 3.128.714
€ 3.128.714
€ 3.128.714
€ 3.128.714
€ 3.128.714
Verkeersmaatregelen
€ 156.436
€ 156.436
€ 156.436
€ 156.436
€ 156.436
Onvoorzien
€ 312.871
€ 312.871
€ 312.871
€ 312.871
€ 312.871
Subtotaal
€ 3.598.021
€ 3.598.021
€ 3.598.021
€ 3.598.021
€ 3.598.021
Uitvoeringskosten
€ 251.861
€ 251.861
€ 251.861
€ 251.861
€ 251.861
Algemene kosten
€ 307.991
€ 307.991
€ 307.991
€ 307.991
€ 307.991
Winst en risico
€ 166.315
€ 166.315
€ 166.315
€ 166.315
€ 166.315
Subtotaal
€ 4.324.188
€ 4.324.188
€ 4.324.188
€ 4.324.188
€ 4.324.188
VAT (18%)
€ 778.354
€ 778.354
€ 778.354
€ 778.354
€ 778.354
€ 5.102.542
€ 5.102.542
€ 5.102.542
€ 5.102.542
€ 5.102.542
Totale kosten Tabel 17 Kosten Rehabilitatie
Benodigd versus beschikbaar Planjaar
2025
2026
2027
2028
Gemiddeld
Benodigd
€ 5.102.542
€ 5.102.542
€ 5.102.542
€ 5.102.542
€ 5.102.542
Beschikbaar
€ 3.530.000
€ 3.530.000
€ 3.530.000
€ 3.530.000
€ 3.530.000
Verschil
€ -1.572.542
€ -1.572.542
€ -1.572.542
€ -1.572.542
€ -1.572.542
Tabel 18 Kosten rehabilitatie: benodigd versus beschikbaar
26 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
6
CONCLUSIE EN RISICO’S
6.1
Conclusies
6.1.1
Beleidskader
Het te beheren areaal van de gemeente Eijsden-Margraten heeft een omvang van circa 2.042.923 vierkante meter, waarvan circa 2/3 bestaat uit asfaltverhardingen. De verhardingen worden onderhouden op een basisniveau (ambitie: kwaliteitsniveau B en de bijzondere gebieden6 kwaliteitsniveau A). Binnen de gemeente zijn gebieden bij de vaststelling van het wegenbeleidsplan 2017-2021 aangewezen, waar extra aandacht voor inrichting gewenst is. Het gaat hierbij op beschermde dorpsgezichten, centrumgebieden en overige gebieden die door een authentieke uitstraling of cultuurhistorische waarde zijn getypeerd als karakteristiek. Voor een aantal van deze gebieden geldt dat het karakteristieke beeld onder andere door het aanwezige bestatingsmateriaal wordt bereikt of kan worden bereikt. Het gebruik van natuursteen en gebakken bestratingsmaterialen, maar ook de inrichting en vormgeving van deze gebieden moeten een positieve inbreng hebben. Ondanks het feit dat de gewenste verhardingsmaterialen doorgaans duurder zijn dan de gebruikelijke verhardingsmaterialen, biedt het vormen van de eigen, karakteristieke gebieden wel de mogelijkheid om de leefomgeving een duurzame kwaliteitsimpuls te geven voor bewoners en bezoekers. De gemeente Eijsden-Margraten heeft een wegbeheersysteem dat actueel, betrouwbaar en compleet is.
Om goed en professioneel wegbeheer te kunnen blijven voeren, moeten de bestaande arealen jaarlijks geactualiseerd worden. Dit houdt in: jaarlijkse actualisatie van de administratieve gegevens en het periodiek uitvoeren van inspecties en het bijhouden van jaar van aanleg en onderhoudsjaar. De kwaliteit van de verhardingen wordt periodiek in beeld gebracht. De meest recente inspectie is van eind 2023. De kwaliteit van de verhardingen is de laatste jaren teruggelopen. De overall score betreft kwaliteitsniveau C. Circa 73% heeft een voldoende kwaliteit (A+/A), 14% is van matige kwaliteit (B) en 13% is onvoldoende (kwaliteitsniveau C en D). Door enerzijds meer budget beschikbaar te stellen en anderzijds een integrale aanpak en gebruik makend van de beschikbare raamovereenkomsten kunnen de vakken met een onvoldoende kwaliteitsniveau (13%) worden weggewerkt naar het gewenste kwaliteitsniveau.
6.1.2
Financieel kader
De gemeente Eijsden-Margraten vertaalt de resultaten van haar weginspecties in haar begroting en meerjarenraming. Hiermee laat de gemeente zien, dat zij haar kapitaalgoederen duurzaam in stand wil houden. Groot onderhoud Voor de instandhouding van het beheerareaal is in de periode 2025-2028 jaarlijks gemiddeld circa € 3,7 miljoen nodig. In het eerste planjaar van de meerjarenplanning en -begroting is echter al het achterstallig onderhoud opgenomen. Gelet op het grote buitengebied en de hieraan verbonden situationele uitdagingen in het onderhoud heeft de gemeente ervoor gekozen om een gedeelte van haar onderhoudsopgave aan te merken als levensduur verlengend onderhoud, waarbij men de lasten koppelt aan de minimale verlenging van de levensduur. In de praktijk betekent dit, dat men het levensduur verlengend onderhoud koppelt aan een afschrijvingstermijn van 25 jaar. Omdat levensduur verlengend onderhoud leidt tot een significante kwaliteitsverbetering en tot een levensduurverlenging, valt dit onder investeringen. Omdat het investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut betreft, moeten deze investeringen worden geactiveerd.
6 Beschermde dorpsgezichten, centrumgebieden en overige gebieden die door een authentieke
uitstraling of cultuurhistorische waarde zijn getypeerd als karakteristiek 27 van 53
WEGENBELEIDSPLAN 2025-2028
Klein onderhoud De kosten voor klein onderhoud worden bepaald op basis van een percentage van het jaarlijks gemiddeld cyclusbedrag voor de lange termijn voor groot onderhoud: gemiddeld circa 10-15%. Aangezien de gemeente beschikt over een eigen dienst ligt het minimum van de bandbreedte voor de hand. Daarmee komen de jaarlijks gemiddelde benodigde kosten uit op € 390.000. Rehabilitatie Uitgaande van een theoretische levensduur van 50 jaar is het jaarlijks gemiddeld benodigd budget voor rehabilitatie circa € 5,1 miljoen. Het benodigd budget voor rehabilitatie is van theoretische aard en houdt geen rekening met eerder geplande ingrepen in de zin van een reconstructie of herinrichting. Voor een grondige onderbouwing van deze ingreep, is het aan te raden om zorgvuldig onderzoek uit te voeren.
6.2
Risico’s
6.2.1
Vorstschade
De gemeente Eijsden-Margraten hanteert als beleid dat hemelwater zoveel als mogelijk oppervlakkig moet worden afgevoerd. Bij vorst-dooi periodes is de kans groter op vorstschade. De beheerder moet rekening houden met jaarlijkse onvoorziene kosten voor reparaties aan het asfalt ten gevolge van winterschade/ vorstschade. De vorstschade ontstaat doorgaans door het niet tijdig uitvoeren van onderhoud op de al aanwezige schades. Dit leidt tot de versnelling van het schadeproces. Hierdoor is het mogelijk dat onderhoud, dat al gepland stond voor de middellange termijn, door de versnelling van het schadeproces eerder in de begroting naar voren kan komen. Om de vorstschade te beperken is noodzakelijk om periodiek visuele inspecties uit te voeren.
6.2.2
Toename vracht- en landbouwverkeer
De gemeente Eijsden-Margraten kenmerkt zich door een groot aantal wegen buiten de bebouwde kom die de diverse kernen met elkaar verbindt. Deze wegen zijn van oudsher zo ontstaan en door de jaren heen met de intensiteit en grootte van de voertuigen gegroeid/ verbreed. Doordat de wegen van origine vrij smal waren en er een goede fundering ontbreekt, is kans op (rand)schade aan deze wegen groter Ook doordat de voertuigen bij dit verkeer zwaarder zijn geworden. Om deze schades in de toekomst te voorkomen, worden diverse wegen voorzien van een goede kantopsluiting en een gedegen asfaltpakket (levensverlengend onderhoud 25 jaar).
6.2.3
PAK (Teerhoudend asfalt)/ Vervuilde funderingen
Een factor waar bij het plegen van onderhoud rekening mee moet worden gehouden, is de mogelijke aanwezigheid van teerhoudend asfalt7. In de gemeente Eijsden-Margraten komen daarnaast funderingen voor met zinkas als vulmateriaal. Zinkas, een restmateriaal van de lokale zinkindustrie, bevat zware metalen en arseen. Provincies en gemeenten willen een maatschappelijk verantwoord beheer van de met zware metalen verontreinigde bodem. Met name in de voormalige gemeente Eijsden (de kernen Eijsden, Oost-Maarland, Gronsveld-Rijckholt) bevinden zich zinkassen in de
7 Tot 1991 werd bij de aanleg en onderhoud van asfaltwegen teer gebruikt als bindmiddel, zij het op
relatief beperkte schaal in verhouding tot asfaltbitumen. Met name in oude oppervlakbehandelingen komt teer voor. Teer bevat relatief hoge concentraties PAK (Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen). De gezondheids- en milieurisico's van teer worden dusdanig groot geacht dat verwerking thans niet meer is toegestaan. Verwerking van de in het verleden toegepaste teerhoudende bouwstoffen is geregeld in de milieuwetgeving en het Bouwstoffenbesluit. Zolang de wegverharding onaangetast blijft is er geen risico, echter wanneer een weg om technische redenen wordt opgebroken is er sprake van een bijzondere situatie. 28 van 53