CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

20241112 03b Programmabegroting 2025-2028

* Raadsvergaderingen 14 november 2024, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Programmabegroting 2025-202826.752 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

64

Beleidsindicatoren Beleidsindicatoren

Programma 3: klimaat & Energie

Naam Indicator

Eenheid

Totaal huishoudelijk afval

Percentage bekende hernieuwbare energie

Nieuw gebouwde woningen

Demografische druk

KG per inwoner

%

Aantal per 1.000 woningen

%

Bron

CBS

Berekening

BAG/ABF

CBS

Waarde

Waarde

Waarde

E-M

25.000 - 50.000

NL

91

120

148

2022

2022

2022

24,7%

geen data

41,3%

2022

2022

2022

4,7

8,4

9,1

2023

2023

2023

87,5%

79,5%

70,4%

2024

2024

2024

Kaderstellende documenten •

Wegenbeleidsplan Eijsden-Margraten 2021-2024.

•

Parkeerverordening Eijsden-Margraten 2015.

•

Telecommunicatieverordening Eijsden-Margraten.

•

Beeldkwaliteitsplan Bloesemgaard.

•

Bomenverordening Eijsden-Margraten 2015 (onderdeel APV)

•

Verordening naamgeving en nummering gemeente Eijsden-Margraten 2011.

•

Uitvoeringsvoorschriften huisnummering gemeente Eijsden-Margraten 2011.

•

Kaders woningbouwprogramma 2012-2022.

•

Lokale woonvisie Eijsden-Margraten “samen bouwen aan de toekomst 2019-2025.

•

Bouwverordening Eijsden-Margraten 2018.

•

Kadernota accommodatiebeleid 2017.

•

Integraal omgevingsbeleidsplan Vergunningverlening, toezicht en handhaving Wabo 2022.

•

Verordening Starterslening Eijsden-Margraten 2022.

•

Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in schade.

•

Welstandsnota Eijsden-Margraten 2013.

•

Beleidsnotitie bijbehorende bouwwerken.

•

Uitvoeringsprogramma VTH Wabo 2022.

•

Beleidsregel subsidies maatschappelijke accommodaties (in eigendom van vereniging of stichting) gemeente Eijsden-Margraten 2018

•

Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg.

65

•

Nota grondbeleid 2012.

•

Gemeentelijk Rioleringsplan Eijsden –Margraten 2018-2022.

•

Beleidsnota Duurzaamheid 2015-2018.

•

Verordening duurzaamheidslening Eijsden-Margraten 2016, eerste wijziging.

•

Gemeentelijk klimaat- en energiebeleidsplan 2018-2021 met bijbehorend uitvoeringsprogramma 2030.

•

Afvalstoffenverordening Eijsden-Margraten 2011.

•

Gemeentelijk milieubeleidsplan 2019-2022.

•

Nota Bodembeheer Eijsden-Margraten 2017.

•

Beleidsnotitie inzameling textiel en kleding gemeente Eijsden-Margraten 2017.

•

Stimuleringsregeling vergroenen tuinen.

•

Stimuleringsregeling afkoppelen hemelwater 2021.

•

Regionale Energie Strategie 1.0

•

Beleidskader Zonne- en Windenergie 2021

•

Startnotitie Klimaat- en duurzaamheidsbeleid 2012

Verbonden partijen

66

Meerjarenbegroting 2023 - 2026 Ambitie 3.1 Op weg naar een

Wat gaan we ervoor doen in 2023 t/m 2026

x

x

Een uitvoeringsprogramma Transitievisie Warmte opstellen.

x

x

Het fietsgebruik binnen de organisatie promoten.

x

x

Het gemeentelijk vastgoed verduurzamen en sturen op verdere verduurzaming van

x

x

Informatie- en kennisoverdracht organiseren.

x

x

Lokale initiatieven (b.v. energiecorporaties en groen gas) actief stimuleren en

x

x

x

x

3.3 Optimaliseren luchtkwaliteiten Een aanpak stikstof-reductie uitwerken.

x

x

3.4 Van afval tot grondstof

x

x

energieneutrale toekomst

De projecten ´zorgeloos zonnepanelen´, ´plus je huis´, en ´dubbel duurzaam´

2025 2026

voortzetten.

scholen, gemeenschapsaccommodaties en huurwoningen.

ondersteunen. 3.2 Aan de slag met klimaatadaptatie

Het afkoppelen van hemelwater stimuleren: impuls geven aan regentonnenactie, ontstenen/vergroenen tuinen en Water in Balans.

Uitvoering geven aan het Grondstoffenplan.

67

Programma 4: Wonen en Leefomgeving 4.0 Wat mag het kosten? Wat mag het kosten?

68

Programma 4 Wonen en Leefomgeving (bedragen x € 1.000)

Begroting

Begroting

Meerjarenraming

Meerjarenraming

Meerjarenraming

2024NW

2025

2026

2027

2028

Lasten 4.1 Woningbouw naar behoefte in

-1.079

-858

-269

-513

-314

-516

-490

-514

-526

-540

-86

-69

-79

-79

-78

-30

-12

-12

-12

-12

-7.537

-8.604

-8.966

-9.209

-9.454

4.7 Vastgoed

-3.690

-4.221

-4.437

-4.348

-4.766

Totale lasten

-12.938

-14.255

-14.277

-14.688

-15.165

945

753

103

393

103

498

463

463

463

463

0

8

0

8

8

4.189

4.170

4.179

4.214

4.260

4.7 Vastgoed

772

1.205

1.285

1.287

1.290

Totale baten

6.404

6.598

6.030

6.365

6.123

Saldo programma voor

-6.534

-7.657

-8.247

-8.323

-9.042

-42

-42

-42

-42

-42

-6.576

-7.699

-8.289

-8.365

-9.084

elke kern 4.2 Zorgvuldige implementatie Omgevingswet 4.4 Aanpak parkeren in Eijsden en Margraten 4.5 Optimalisatie bereikbaarheid kernen 4.6 Openbare ruimte als visitekaartje

Baten 4.1 Woningbouw naar behoefte in elke kern 4.2 Zorgvuldige implementatie Omgevingswet 4.4 Aanpak parkeren in Eijsden en Margraten 4.6 Openbare ruimte als visitekaartje

resultaatbestemming

Mutaties reserves

Saldo programma na resultaatbestemming

69

Toelichting 4.1 Woningbouw naar behoefte in elke kern: De daling van de lasten 2024 naar 2025 wordt met name verklaard doordat er in 2024 incidentele budgetten beschikbaar waren voor de drie gebiedsontwikkelingen, voor de invoering Wet goed verhuurderschap en voor het opstellen van een integraal lokaal woningbouwplan. Daarnaast wordt in 2025 de fase bouw- en woonrijp maken van een tweetal grondexploitaties afgerond waardoor de lasten in 2025 lager zijn dan in 2024. De stijging van de baten wordt veroorzaakt door andere spreiding over de jaren van de opbrengsten van de grondexploitaties. 4.6 Openbare ruimte als visitekaartje: De stijging van de lasten wordt veroorzaakt door een stijging van de kapitaallasten en de bijraming van onderhoudskosten aan het openbaar groen. 4.7 Vastgoed: De stijging van de lasten wordt veroorzaakt doordat er minder kosten kunnen worden doorbelast aan derden (MFA Eijsden, binnen sportaccommodaties). De stijging van de baten wordt veroorzaakt doordat te verwachte huurinkomsten stijgen en bijstelling doorbelaste kosten aan derden (MFA Eijsden).

4.1 Woningbouw naar behoefte in elke kern Wat willen we bereiken? (bron: Meerjarenbegroting 2023 - 2026) Woningbouw naar behoefte in elke kern De grote vraag naar woningen vraagt om een versnelling van nieuwbouw in de hele gemeente. Wij streven daarbij naar een gevarieerd aanbod in alle kernen dat aansluit bij de behoeften. Insteek is het behoud van vitale kernen en dat onze inwoners zoveel mogelijk in hun eigen leefomgeving kunnen blijven wonen. Focus komt primair te liggen op het realiseren van betaalbare en duurzame woningen voor starters. Daarnaast wordt middels nieuwbouw ingezet op het bevorderen van de doorstroming in de woningmarkt door levensloopgeschikte woningen te realiseren. Op basis van een integraal woningbouwprogramma wordt in kwantitatieve zin op integrale wijze antwoord gegeven hoe invulling te geven aan de woonopgaven tot 2030 inclusief de reguliere opgaven rondom huisvesting van woonurgenten en aandachtsgroepen. Jaarlijks zal de voortgang gemonitord worden en verantwoord worden richting raad.

70

In kwalitatieve zin hechten we veel waarde aan de instandhouding van de karakteristieken van onze kernen. We zetten dan ook in op realisatie van nieuwbouwplannen die niet alleen aansluiten bij de behoeften van onze inwoners maar die ook goed aansluiten bij de dorpse structuren en waarbij vraagstukken vanuit duurzaamheid, klimaatverandering en dit programma op passende wijze geïncorporeerd worden in de planvorming. Om bij te dragen aan de transformatie-opgaven in de landbouw en verloedering van leegstaande panden te voorkomen, gaan we ruimhartig om met initiatieven die woonruimten realiseren in leegstaande en/of vrijkomende boerderijen en historische panden. Belangrijke voorwaarde blijft dat het initiatief past bij de plek en de omgeving. Om de versnelling in de woningbouw kracht bij te zetten wordt buiten de gebaande paden gehandeld. Instrumentarium dat voorhanden is om te kunnen versnellen, wordt ingezet. Hierbij moet gedacht worden aan actieve strategische grondverwerving en overige planologische instrumenten die beschikbaar zijn. Ook worden ontwikkelingen op rijksniveau in deze nauw gevolgd. Dit alles om op alle mogelijke manieren versnelling in de woningbouw te effectueren. Actief zal ook gestuurd worden op het maken en naleven van concrete prestatie-afspraken met woningcorporaties.

Door krapte op de woningmarkt, het kunnen (blijven) wonen in de eigen leefomgeving en het realiseren van betaalbare woningen worden nieuwe flexibele woonvormen verkend. De mogelijkheden rondom zelfbewoningsplicht en het instellen van een huisvestingsverordening worden eveneens verkend. Ruimte wordt geboden voor het realiseren van mantelzorgwoningen. Voor het realiseren van betaalbare starterswoningen wordt gekeken hoe een aantrekkelijk startersarrangement aangeboden kan worden voor wat betreft typologie woning alsook in ondersteunende zin vanuit financieel oogpunt. Gestreefd wordt naar het realiseren van starterswoningen voor een bedrag van 265.000 euro. De starterslening wordt derhalve gecontinueerd. Instrumenten vanuit het grondbeleid zoals erfpacht worden in deze verkend. Als ook concepten die elders in het land worden gehanteerd zoals b.v. het Westland-model. De vele wetten en regels die aan een omgevingsvergunning ten grondslag liggen zorgen voor een complexe situatie die bij inwoners vaak tot frustraties leiden. In combinatie met de grote omvang aan principe-verzoeken en vergunningaanvragen, wordt naast het versnellen van planvorming ingezet op het versnellen van het vergunningenproces en bestemmingsplanprocedures. Sturen op hoofdlijnen is het uitgangspunt en sturen op detailniveau waar noodzakelijk.

Hiermee wordt niet alleen bijgedragen aan de dienstverleningsopgave en de versnelling van de woningbouw maar ook in het meer beheersbaar maken van de werkdruk in de organisatie.

71

Wat gaan wij ervoor doen in 2025? Uitvoering geven aan woningbouwopgave Ieder kwartaal informeren wij uw raad door middel van een RIB over de voortgang van onze woningbouwplannen in relatie tot onze woningbouwopgave. In de RIB van Q1 van de afgelopen jaren bent u telkens aan de hand van een ‘kleurentabel’ geïnformeerd over de voortgang van de woningbouwplannen per kern. Zoals bekend bedraagt onze woningbouwopgave tot 2030 ruim 1000 woningen. Op 20 februari jl. heeft uw raad de kaders voor onze woningbouwopgave t/m 2030 vastgesteld, met inachtneming van een amendement van PRO en moties van de fracties CDA, EML en VVD. Op basis van deze geamendeerde besluitvorming zetten we in op woningbouw in alle kernen, met de ontwikkeling van grotere woningbouwlocaties in de kernen Eijsden en Margraten en waar mogelijk ‘een straatje erbij’ in de kleinere kernen. Ons college wenst de komende jaren nog nadrukkelijker te sturen op de invulling van onze woningbouwopgave. Om samen met uw raad een gedeeld beeld te krijgen, hebben wij een overzicht (tabel) opgesteld om inzicht te verschaffen in mogelijke woningbouwlocaties per kern en de omvang hiervan. Uit onderstaande tabel blijkt dat tot 2030 in elke kern voorzien kan worden in de gewenste woningbouw door middel van ‘een straatje erbij’ met respect voor de aanwezige ruimtelijke kwaliteiten.

Ook de grootschalige woningbouwlocaties voor de kernen Eijsden en Margraten zijn in beeld gebracht. Tot en met 2030 kan uitgegaan worden van een totale capaciteit van ca. 1485 woningen. In dit aantal zijn 276 particuliere woningen opgenomen (zogenaamde éénpitters). Voorts betreft het ruim 1200 woningen waarbij wij als gemeente projectmatig regie voeren. Dit kan in samenwerking met een projectontwikkelaar (denk hierbij aan het project Slakweg in Gronsveld) of bij locaties die wij zelf zullen ontwikkelen (denk hierbij aan het project in Oost-Maarland). In zijn algemeenheid geldt dat rekening gehouden dient te worden met ca. 30% planuitval, zodat het de verwachting is dat ca. 1046 (70% van 1495) woningen gerealiseerd zullen worden tot 2030. Voorts dient opgemerkt te worden dat dit een momentopname is en dat het mogelijk is dat zich de komende tijd nog diverse particuliere initiatieven aandienen voor woningbouw of dat wij als gemeente zelf nog locaties in ontwikkeling nemen omdat zich kansen voordoen. Uit de tabel blijkt ook dat als we een doorkijk maken tot het jaar 2034 er - voor zover nu bekend mogelijkheden zijn voor de realisatie van ca. 2020 woningen.

72

73

In deze begroting is in de jaren 2025 t/m 2027 jaarlijks een investeringsbudget van € 2.000.000 opgenomen voor de verwerving van gronden ten behoeve van toekomstige woningbouwlocaties. Dit bedrag is opgenomen om snel en adequaat te kunnen handelen op het moment dat gronden te koop aangeboden worden binnen deze gebieden, dit te meer omdat op een aantal locaties de Wet voorkeursrecht is gevestigd dan wel zal worden gevestigd. Met verwerving van gronden heeft de gemeente ook zelf de regie over de invulling van woningbouwlocaties. Voor de voorwaarden omtrent de inzet van deze investeringsbudgetten verwijzen wij u naar de richtlijn Verwerving gronden voor woningbouw. Deze vindt u integraal in de paragraaf Grondbeleid onderdeel 5.

De mogelijkheden tot zelfbewoningsplicht en het instellen van een huisvestingsverordening verkennen. De zelfbewoningsplicht kan wettelijk alleen (beperkt) worden toegepast op nieuwbouw. Eind juli 2022 bent u via een raadsinformatiebrief (thema Wonen) hierover geïnformeerd. De zelfbewoningsplicht kan wettelijk alleen (beperkt) worden toegepast op nieuwbouw. Eind juli 2022 bent u via een raadsinformatiebrief (thema Wonen) hierover geïnformeerd. Met de inwerkingtreding van de 'Wet versterking regie op de volkshuisvesting' worden de sturingsmogelijkheden voor de zelfbewoningsplicht (vooralsnog) niet verruimd. Als de 'Wet versterking regie op de volkshuisvesting' in werking treedt, dan dient een urgentieplicht wel verankerd te worden in een huisvestingsverordening, maar deze urgentie mag uitsluitend betrekking hebben op sociale huurwoningen van woningcorporaties. Voor overige zaken die een gemeente in een huisvestingsverordening wil regelen, blijft het aantonen van schaarste een wettelijk vereiste om deze verordening in te kunnen stellen. Echter het instellen van deze verordening lost het huisvestingsprobleem niet op, omdat hiermee niet meer woningen voor (lokale) inwoners vrijkomen. Meer woningen en meer doorstroming binnen de woningmarkt is alleen mogelijk door de woningvoorraad op de behoefte aan te passen en uit te breiden.

74

De inwerkingtreding van deze wet regelt wel een urgentieplicht die verankerd is in een huisvestingsverordening, maar deze urgentie mag uitsluitend betrekking hebben op sociale huurwoningen eigendom zijnde van een woningcorporatie. Voor overige zaken die een gemeente in een huisvestingsverordening wil regelen, blijft het aantonen van schaarste een wettelijk vereiste om deze verordening in te kunnen stellen. Echter het instellen van deze verordening lost het huisvestingsprobleem niet op, omdat hiermee niet meer woningen voor (lokale) inwoners vrijkomen. Meer woningen en meer doorstroming binnen de woningmarkt is alleen mogelijk door de woningvoorraad op de behoefte aan te passen en uit te breiden.

De starterslening continueren / Nieuwbouw van starterswoningen stimuleren en faciliteren middels een starters-arrangement De verordening voor de startersleningen, vastgesteld in september 2022, zal voor de periode 20252028 worden voortgezet (gecontinueerd) en waar nodig en mogelijk worden geactualiseerd, met als doel koopwoningen voor starters binnen onze gemeente zo bereikbaar mogelijk te maken. De raad heeft voor continuering van de regeling gezorgd, door bij besluit van 24 september 2024 € 1.000.000 beschikbaar te stellen voor het verlenen van nieuwe leningen. Met dit bedrag kunnen leningen die in 2025 op grond van deze regeling worden aangevraagd én voldoen aan de geldende criteria worden verstrekt. Eventuele haalbare mogelijkheden voor een starters-arrangement worden nader onderzocht.

Een TaskForce wonen instellen. Bij brief d.d. 15 september 2022 hebben wij uw raad reeds geïnformeerd over de instelling van de Taskforce Wonen. Op basis van de besluitvorming in uw raad op 20 februari 2024 over de kaders voor de invulling van de woningbouwopgave voor de periode 2023-2024, zal de Tasforce invulling geven aan de noodzakelijke acties voor de feitelijke realisering van de benodigde woningbouwplannen en de voortgang hiervan monitoren. In de Taskforce zijn alle relevante interne disciplines vertegenwoordigd, waardoor het mogelijk is om snel te schakelen en af te stemmen op het moment dat vertraging bij bepaalde plannen of op bepaalde onderdelen blijkt te ontstaan. In 2025 zullen de lopende woningbouwprojecten verder uitgewerkt worden ten behoeve van nadere besluitvorming. Ook zullen nieuwe projecten opgestart worden. Naar verwachting zullen in 2025 184

75

woningen opgeleverd worden, een en ander zoals blijkt uit de tabel met de woningbouwlocaties voor alle kernen die opgenomen is in deze begroting. Voorts hebben wij uw raad in de RIB van 16 juli 2024 met de periodieke update van de stand van zaken van de woningbouwopgave ten opzichte van de woningbouwplannen, geïnformeerd over het voornemen van ons college om een zogenaamde woontafel in te richten. Door middel van dit periodieke overleg willen wij uw raad nog beter informeren over de ontwikkelingen op het gebied van onze woningbouwopgave in het algemeen en de voortgang van de concrete bouwplannen in het bijzonder. Inmiddels hebben alle fracties de namen doorgegeven van de raadsleden die zullen deelnemen aan de Woontafel. Een eerste bijeenkomst van dit overleg wordt ingepland in december 2024. Tenslotte zullen wij in 2025 bezien hoe wij de organisatie zo kunnen inrichten dat (b.v. door middel van een projectorganisatie) het behalen van de gestelde doelen ten aanzien van onze woningbouwopgave, zo goed mogelijk gewaarborgd wordt.

Instrumentarium inzetten dat bijdraagt aan versnelling woningbouw In de praktijk blijkt dat geldende landelijke regelgeving, zoals milieuzoneringen (stank, geluid, spuitcirkels), bodem, water, lucht, stikstof etc. de vertragende factor vormt voor versnelde woningbouw. Hiermee kampen overigens alle gemeenten in Nederland. In samenwerking met de provincie en het Ministerie van BZK worden pilots opgezet om te kijken op welke wijze via een integrale aanpak hierin versnellingen mogelijk zijn. Dit heeft onze aandacht en waar mogelijk zullen wij een project als pilot hiervoor aandragen. De lokale problematiek die speelt om invulling te geven aan onze woningbouwopgave, zullen wij continu onder de aandacht van het Rijk en de provincie brengen. Daarnaast gaan wij op basis van een inventarisatie van potentieel haalbare woningbouwlocaties waar noodzakelijk en haalbaar deze gronden werven. Hiervoor is immers geld gereserveerd in onze begroting. Door zelf de regie in handen te nemen, proberen wij invloed te krijgen op het versneld invullen van onze woningbouwopgave.

Nieuwe flexibele woonvormen verkennen. Als gemeente staan wij in beginsel open voor alle woonvormen waarmee op een ruimtelijk verantwoorde wijze invulling gegeven kan worden aan onze woningbouwopgave. Dit kunnen dus ook flexibele woonvormen zijn, die voor meerdere doelgroepen geschikt zijn. De inzet van tijdelijke flexibele woningbouw zullen wij in de periode 2025-2028 moeten inzetten om onze wettelijke

76

huisvestingstaakstelling voor statushouders in te kunnen vullen en de druk van de sociale huurmarkt af te halen. Hier trekken wij met onze corporaties gezamenlijk in op. Inmiddels hebben wij een uitvraag aan de corporaties voorgelegd voor het uitbrengen van een gezamenlijk bod op de realisatie van tijdelijke woningen op een aantal locaties. Met de corporaties is afgesproken dat zij uiterlijk 1 november 2024 een gezamenlijk bod hierop uitbrengen. Afhankelijk van dit bod, zal de raad in het 1e kwartaal van 2025 worden voorgesteld budget beschikbaar te stellen voor het bouw- en woonrijp maken van de gronden waarop de corporaties deze huisvesting gaan realiseren, zodat met de bouw van deze woningen in de 2e helft van 2025 kan worden begonnen.

Opstellen en uitvoering geven aan prestatieafspraken Ook voor de komende jaren zullen prestatieafspraken worden gemaakt met de in onze gemeente werkzame woningcorporaties. Het uitvoeren/nakomen van deze afspraken wordt jaarlijks een aantal keren geëvalueerd, tijdens de bestuurlijke overleggen met de woningcorporaties, waaraan ook de voorzitters van de betreffende huurdersbelangenverenigingen deelnemen. Hiermee zijn dus ook de huurders vertegenwoordigd.

Transformeren leegstaande en/of vrijkomende boerderijen en historische panden. Net als in 2024 wordt hieraan uitvoering gegeven, als sprake is van een ruimtelijk verbeterde en gewenste (her)ontwikkeling en hiermee tegemoet wordt gekomen aan de woonbehoefte. Dit beperkt zich dan niet alleen tot de 'reguliere' doelgroepen die gehuisvest moet worden, maar hierbij wordt zeker ook gekeken naar mogelijkheden voor de realisatie van de noodzakelijke woon-zorg-woningen en woningen voor specifieke doelgroepen, zoals statushouders en andere woonurgenten.

Uitvoering geven aan de gebiedsontwikkelingen Poort van het Heuvelland, de stationsomgeving Eijsden en de kern Cadier & Keer. Poort van het Heuvelland De totstandkoming van deze Gebiedsvisie heeft vertraging opgelopen. Geconstateerd is dat er sprake is van een grote complexiteit en vaak tegengestelde belangen. Dit vraagt om keuzes en richting. In 2023 is besloten tot een herstart en is een externe procesbegeleider in de persoon van Carla Brugman aangetrokken. Zij is in de tweede helft van 2023 van start gegaan. In de primaire planning was het de bedoeling om de raad in september een Uitgangspuntendocument ter vaststelling aan te bieden. Dit is niet haalbaar gebleken. Deze uitgangspuntennotitie wordt nu aan de raad in december

77

ter vaststelling aangeboden. Deze uitgangspuntennotitie vormt de basis voor een nadien op te stellen Masterplan voor het gebied. Stationsomgeving Eijsden Aan BRO is in 2023 opdracht gegund om het proces te begeleiden om te komen tot een Gebiedsvisie. Het proces is opgestart. De vaststelling van de visie is voorzien Q1 -Q2 2025. Cadier en Keer Het oppakken van gebiedsontwikkeling Cadier en Keer was voorzien voor 2024. Vanwege prioriteitsstelling is dit verschoven naar 2025. In deze begroting zijn de volgende investeringsbudgetten opgenomen voor deze gebiedsontwikkelingen : 2025 € 1.500.000 2026 € 2.500.000 2027 € 2.000.000 Voor de voorwaarden omtrent de inzet van deze investeringsbudgetten verwijzen wij u naar de richtlijn Strategische verwerving gronden en/of opstallen binnen Gebiedsontwikkelingen Gemeente EijsdenMargraten 2024 (conform raadsbesluit d.d. 12-12-2023). Deze vindt u in de paragraaf Grondbeleid onderdeel 4.

4.2 Zorgvuldige implementatie Omgevingswet Wat willen we bereiken? (bron: Meerjarenbegroting 2023 - 2026) Zorgvuldige implementatie Omgevingswet De inwerkingtreding van de Omgevingswet en de wet private kwaliteitsborging (Wpkb) is voorzien per 1 januari 2024. Beide wetten hebben grote impact op het werken van de gemeente. Zowel in de voorbereidende zin alsmede in de verdere uitvoering worden deze bestuursperiode belangrijke stappen gezet rondom de toekomstrichting van onze leefomgeving en de wijze waarop vanuit gemeentewege ontwikkelingen oppakken. We zorgen dan ook voor een zorgvuldig implementatietraject van de Omgevingswet. Hiervoor wordt gebruikt gemaakt van een daarvoor opgestelde routeplanner Omgevingswet. Op het moment dat de Omgevingswet inwerking treedt, worden de vigerende bestemmingsplannen automatisch omgezet in omgevingsplannen. In het licht van de verplichting dat we uiterlijk eind 2029 voor de gehele gemeente moet beschikken over een of meerdere omgevingsplannen, hoe hieraan invulling te geven.

78

Als gevolg van de Wpkb gaat de toetsing van bouwaanvragen aan het bouwbesluit naar de private sector. De gemeente beoordeelt of dit goed gebeurt en treedt waar nodig handhavend op. Door deze wijziging vervalt een voorname grondslag voor het heffen van legesinkomsten. Dit betekent dat gemeente minder baten krijgen terwijl de lasten niet navenant verminderen. Hierop is reeds begrotingstechnisch geanticipeerd. De daadwerkelijke (financiële) effecten zullen worden gemonitord en bezien wordt welke mogelijkheden er zijn om het financiële effect te dempen.

Wat gaan wij ervoor doen in 2025? Betrekken raad bij implementatie Omgevingswet. Dit gebeurt ook in 2025 o.a. via de raadsinformatiebrieven, waar nodig via de raadswerkgroep Omgevingswet in relatie tot het vervolgproces van de Omgevingsvisie en waar nodig zullen er ook extra informatiebijeenkomsten worden aangeboden.

Voorbereiden totstandkoming Omgevingsplan. In 2025 wordt verder de ambitie bepaald voor het Omgevingsplan. Dit zal gebeuren op grond van praktijk ervaringen, het werken met de nieuwe wet en de ambities van onze gemeente. In de tweede helft van 2025 wordt gestart met de inventarisatie voor het Plan van Aanpak van het nieuwe Omgevingsplan.

4.3 Veilige fiets- en wandelverbindingen Wat willen we bereiken? (bron: Meerjarenbegroting 2023 - 2026) Veilige fiets- en wandelverbindingen Eijsden-Margraten wil een aantrekkelijke wandel- en fietsgemeente zijn. Dit sluit goed aan bij onze duurzaamheids- en gezondheidsdoelstellingen om inwoners en bezoekers te verleiden om meer te bewegen, het autogebruik te verminderen en het elektrisch fietsen te stimuleren. Voorop hierin staat het bieden van meer veiligheid aan de kwetsbare verkeersdeelnemers, fietsers, wandelaars, mensen met een beperking en schoolgaande kinderen. We streven naar een betere scheiding tussen gemotoriseerd en langzaam verkeer. Daar waar mogelijk worden vrijliggende fietspaden gerealiseerd dan wel krijgen fietsers voorrang op het gemotoriseerd verkeer door straten autoluw te maken. Indien noodzakelijk zal vanuit

79

veiligheidheidsoogpunt het fietsnetwerk worden uitgebreid. Bij wegen gaat in dergelijke situaties de voorkeur uit naar het aanbrengen van open waterdoorlatende verharding. Naast een veilig fietsnetwerk wordt – in samenspraak met de scholen – uitvoering gegeven aan veilige school-thuis-routes en veilige schoolomgevingen. Speciale aandacht gaat uit naar de oversteek Termaar in de kern Margraten. Voor de wandelaar wordt in samenwerking met de Zuid-Limburgse gemeenten het Knopen-Lopen geïntroduceerd. Extra aandacht gaat uit naar mensen met een beperking. Ook voor hen streven wij een gebruiksvriendelijke, veilige en comfortabele leefomgeving na.

Wat gaan wij ervoor doen in 2025? Samen met scholen invulling geven aan veilige school-thuis-routes en veilige schoolomgevingen. Samen met de ouder(vereniging) en directie de volgende taken uitvoeren •

voorlichting aan de ouders en leerlingen,

•

waar nodig treffen van infrastructurele maatregelen, als maatwerk per schoolomgeving

•

eventueel inzet van handhaving (als sluitstuk van te heffen maatregelen).

Uitvoering geven aan het Convenant Platform Zorgvragers: toegankelijkheid van de openbare ruimte voor minder validen verbeteren In lijn met de aanpak in 2023 wordt tijdens de voorbereiding van reconstructies van wegen overleg gevoerd met het platform Zorgvragers. Daarnaast neemt een afvaardiging van het platform zorgvragers deel aan de verkeerscommissie waarbij zij gevraagd en ongevraagd het college kunnen adviseren ten aanzien van maatregelen in de openbare ruimte om de openbare ruimte voor minder validen beter toegankelijk te krijgen.

Uitvoering geven aan het Gemeentelijke Verkeers- en Vervoersplan. In het meerjarenuitvoeringsprogramma behorende bij het vastgestelde gemeentelijke verkeers- en vervoersplan zijn diverse thema's opgenomen waaraan in 2025 uitvoering wordt gegeven, namelijk:

80

•

verkeersveiligheid: zoals kleine maatregelen, aanpassen van belijning, wensbeeld wegencategorisering etc;

•

doorstroming: zoals verkeersveiligheidsmaatregelen in diverse civieltechnische projecten bijvoorbeeld Withuis, Catharinastraat; maatregelen aan landbouwverkeerroutes in overleg met VVN en LLTB; overleg met de provincie Limburg en de gemeente Valkenburg ten aanzien van een andere inrichting van de Prinses Amalialaan.

•

onderzoek naar de randweg rondom Margraten.

•

duurzaamheid: zoals autolaadpaalsystemen, alternatieve wandel- en fietsroutes etc;

•

educatie en voorlichting, bij scholen, voor motorrijders en ouderen in het verkeer.

•

in coproductie met de stichting Verkeersleefbaarheuvelland werken aan de toeristisch recreatieve verkeersoverlast in onze gemeente.

4.4 Openbare ruimte als visitekaartje Wat willen we bereiken? (bron: Meerjarenbegroting 2023 - 2026) Openbare ruimte als visitekaartje De inrichting en het onderhoud van de openbare ruimte, onze leefomgeving, dragen in hoge mate bij aan de kwaliteit van leven van onze inwoners. Op dit moment vormt de openbare ruimte een belangrijk visitekaartje van onze gemeente. Dit willen we ook zo houden naar de toekomst. We zijn er trots op hoe de eigen buitendienst mede hieraan invulling geeft. Daarbij komt nog dat de coronacrisis er mede voor heeft gezorgd dat inwoners en bezoekers de openbare ruimte meer zijn gaan waarderen. Het buitenleven in de vorm van wandelen, sporten en ontmoeten is toegenomen. Het is evenwel een grote financiële opgave om de openbare ruimte en meer specifiek de kwaliteit van de infrastructuur op niveau te houden. Zeker in het licht van de stijgende kosten. Onverkort wordt uitvoering gegeven aan het wegenbeleidsplan. Achterstallig onderhoud op wegen wordt voor 2025 weggewerkt. We streven naar een openbare ruimte die de gevolgen van de klimaatverandering kan opvangen. Groen vermindert hittestress en helpt bij het afvoeren van regenwater. We zetten derhalve in op een openbare ruimte die qua inrichting bestand is tegen de effecten van de klimaatverandering en de impact van langdurige droogte en hevige neerslag zo beperkt mogelijk is.

We bevorderen het verminderen van verharding en de aanplant van meer bomen en groen (dus meer biodiversiteit). Ook het realiseren van voorzieningen om het water zoveel mogelijk vast te houden en te kunnen infiltreren in de bodem bevorderen we.

81

Vergroening van de kernen is een manier om hiermee om te gaan en draagt bovendien bij aan het goede leefklimaat dat we nastreven. Actief wordt ingezet op het inrichten van bloemrijke stroken of percelen in en rondom de kernen. Hiermee wordt niet alleen de biodiversiteit versterkt, maar wordt ook meer kleur gegeven aan de kernen, hetgeen bijdraagt aan onze ambitie ‘’openbare ruimte als visitekaartje’’. Ook willen we een openbare ruimte met meer ruimte voor beweging, ontspanning en ontmoeting. Dat bevordert de gezondheid van jong en oud. Bij nieuwbouwplannen en reconstructies van wegen wordt op integrale wijze bezien hoe op voornoemde onderdelen de kwaliteit van de openbare ruimte verder versterkt kan worden.

Wat gaan wij ervoor doen in 2025? Bij nieuwbouwplannen en bij reconstructie van wegen vergroening en ruimtes voor ontspanning/ontmoeting integreren. Tijdens de planvorming van reconstructies van wegen en nieuwbouwplannen wordt gezocht naar mogelijkheden om vergroening en ruimte voor beweging, ontspanning en ontmoeting te realiseren.

Onverkort uitvoering geven aan het wegenbeleidsplan en verankeren het MIP en MOP meerjarig in de begroting. Het Meerjaren Investeringsplan Wegen/Riool/Verkeer en het Meerjaren onderhoudsplan Wegen wordt conform vastgesteld beleid uitgevoerd. In de paragraaf kapitaalgoederen van deze begroting wordt dit uitvoerig toegelicht.

Ruimte scheppen voor het adopteren van de inrichting en/of het beheer van de openbare ruimte. Daar waar zich initiatieven voordoen worden bewoners of bewonersgroepen gefaciliteerd om openbaar groen te adopteren of gezamenlijk her in te richten. Voor 2025 hebben we geen concrete initiatieven in procedure, mogelijk dat deze zich lopende het planjaar aandienen.

82

Vergroening door inwoners stimuleren. De raad heeft in 2021 de vergroeningsregeling tuinen vastgesteld. In 2021 hebben bewoners een half jaar gebruik gemaakt van deze regeling met als doel stenen eruit en groen erin, een alternatief op de initiatieven van de stichting Steenbreek. In 2025 wordt de regeling eveneens gecontinueerd. Daarnaast wordt reeds jaren de aanplantregeling van hagen en bomen gepropageerd wat in onze gemeente een groot succes is. Deze regeling wordt eveneens gecontinueerd en wordt gefinancierd uit het Landschapsfonds. Middels deze regelingen worden bewoners gestimuleerd en bewust gemaakt van de bijdrage aan hun welzijn, door een steeds groenere omgeving. In 2025 zal een groenstructuurplan worden opgesteld.

Onderhoud openbaar groen Onze gemeente is een groene gemeente en we streven naar een openbare ruimte die een visitekaartje voor onze gemeente is. Na een uitvoerige inventarisatie zijn we gekomen tot de volgende gegevens c.q. arealen: •

530.000 m2 gazons

•

5.500 m2 speelvoorzieningen

•

22.500 bomen

•

760.000 m2 bermen

•

lijnvormige haag 84.000 m2

•

blokhaag 16.250 m2

•

bos 100.500 m2

•

bosplantsoen 463.000 m2

•

rozen 1.300 m2

•

sierheesters 25.250 m2

•

vaste planten 6.100 m2

•

boomspiegels in groen en verharding 870 m2

Binnen de beleidsplannen hebben we afgesproken dat we het onderhoudsniveau afstemmen op onderhoudsniveau B (sober en doelmatig) en dat we de centra/beschermde dorpsgezichten onderhouden op niveau A. Deze gebieden zijn door de raad aangewezen. Sommige plantsoenen/bomen onderhoudt onze buitendienst zelf doch het merendeel is opgenomen in beheersbestekken zoals: •

MTB/plantsoenenbestek

83

•

gazonbestek

•

ecologisch bermbeheerbestek

•

onkruidbestrijding verhardingenbestek

•

ondergronden speelterreinen

Door de intensieve inventarisatie de afgelopen jaren , maar ook door de prijsstijgingen van brandstof en personeelskosten zijn de eenheidsprijzen en dus de totaalprijzen gestegen. de gestegen prijzen bestaande uit prijzen na aanbesteding, maar ook nog aan te besteden bestekken zijn opgenomen in de begroting 2025-2028. De meeste bestekken zijn Europees aanbesteed. Ten aanzien van ons boombeheer is een vergelijkbare inventarisatie gedaan. Doch bij het boombeheer beschikken we over een wettelijke zorgplicht deze bomen te onderhouden, zodat de veiligheid niet in het gedrang kan komen. We beschikken over 22.500 bomen van verschillende soorten en verschillende omvang. Ten aanzien van de werkzaamheden aan deze bomen zijn deze gelet op leeftijd en omvang divers. De volgende werkzaamheden moeten wij uitvoeren: •

boomveiligheidscontrole, jaarlijkse controle en nader onderzoek

•

snoei

•

kandelaberen (snoeitechniek waarbij de boom in de vorm van een kandelaar wordt gesnoeid)

•

knotten

•

veiligheidsverankeringen aanbrengen en controleren

•

rooien van bomen en noodkap

•

herplant en nazorg van de herplant

•

natuurlijke bestrijding van overlastgevende plagen

We hebben ons areaal verdeeld in drie rayons, zodat we eens per drie jaar onze bomen onderhouden hebben. Een gedeelte doet onze buitendienst en een gedeelte zal door een aannemer moeten worden uitgevoerd. De kosten kunnen globaal als volgt worden verdeeld. •

€ 450.000 onderhoud bomen per jaar

•

€ 475.000 herplant en nazorg

•

€ 17.000 ongediertebestrijding

Een gedeelte is reeds voorzien in onze begroting. € 190.000 aan uren door onze eigen Buitendienst en ongediertebestrijding is eveneens voorzien. Rekening houdend met de reeds aanwezige middelen in de begroting leidt dit tot een tekort van € 735.000 voor onderhoud bomen, waarbij we wettelijk gezien verplicht zijn de bomen goed te onderhouden en we ons zelf en de burgers hebben opgelegd gekapte/gerooide bomen te vervangen.

84

Beleidsindicatoren Beleidsindicatoren

Programma 4: Wonen & Mobiliteit

Naam Indicator

Eenheid

Verwijzingen halt

Winkeldiefstallen

Geweldsmisdrijven

Diefstallen uit woning

Vernielingen en beschadigingen

Aantal per 1.000 jongeren

Aantal per 1.000 inwoners

Aantal per 1.000 inwoners

Aantal per 1.000 inwoners

Aantal per 1.000 inwoners

Bron

Halt

CBS

CBS

CBS

CBS

Waarde

Waarde

Waarde

E-M

25.000 - 50.000

NL

10

8

9

2023

2023

2023

0,00

1,4

2,5

2023

2023

2023

2,1

3

4,3

2023

2023

2023

1,3

1,1

1,3

2023

2023

2023

3,1

4,4

5,8

2023

2023

2023

(in de openbare ruimte)

Kaderstellende documenten •

Lokale woonvisie Eijsden-Margraten “samen bouwen aan de toekomst 2019- 2025”

•

Beleidsregel Ruim baan voor goede woningbouwplannen 2021

•

Bouwverordening Eijsden-Margraten 2018.

•

Kadernota accommodatiebeleid 2017

•

Integraal omgevingsbeleidsplan VVTH 2022

•

Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in schade

•

Nota grondbeleid 2012

•

Verordening starterslening gemeente Eijsden-Margraten 2022

•

Bomenverordening Eijsden-Margraten 2015 (onderdeel APV)

•

Verordening naamgeving en nummering gemeente Eijsden-Margraten 2011

•

eerste wijziging van de Wegsleepverordening Eijsden-Margraten 2021,

•

Bestuursopdracht Poort van het Heuvelland

•

Bestuursopdracht Stationsgebied Eijsden en omgeving

•

Integraal omgevingsbeleidsplan Vergunningverlening, toezicht en handhaving Wabo 2022

Verbonden partijen Het programma Wonen en leefomgeving kent geen verbonden partijen.

85

Meerjarenbegroting 2023 - 2026 Ambitie 4.1 Woningbouw naar behoefte in

Wat gaan we ervoor doen in 2023 t/m 2026

2025 2026

Uitvoering geven aan woningbouwopgave.

x

x

Mogelijkheden tot zelfbewoningsplicht en het instellen van een

x

x

De starterslening continueren.

x

x

Een TaskForce wonen instellen.

x

x

Instrumentarium inzetten dat bijdraagt aan versnelling woningbouw.

x

x

Nieuwe flexibele woonvormen verkennen.

x

x

Actief sturen op maken en naleven prestatie-afspraken met woningbouwcorporaties.

x

x

Ruimhartig omgaan met initiatieven die woonruimten realiseren in leegstaande en/of

x

x

x

x

x

x

elke kern

huisvestingsverordening verkennen.

vrijkomende boerderijen en historische panden. Verdere uitvoering geven aan de gebiedsontwikkelingen Poort van het Heuvelland, de stationsomgeving Eijsden en de kern Cadier & Keer. 4.2 Zorgvuldige implementatie Omgevingswet

4.3 Veilige fiets- en wandelverbindingen

De raad periodiek meenemen in de ontwikkelingen en de stappen die gezet worden rondom de Omgevingswet. Voorbereiden totstandkoming Omgevingsplan.

x

Samen met scholen invulling geven aan veilige school-thuis-routes en veilige

x

x

x

x

Uitvoering geven aan het Gemeentelijke Verkeers- en Vervoersplan.

x

x

Bij nieuwbouwplannen en bij reconstructie van wegen vergroening en ruimtes voor

x

x

x

x

x

x

Vergroening door inwoners stimuleren.

x

x

Onderhoud openbaar groen.

x

x

schoolomgevingen. Uitvoering geven aan het Convenant Platform Zorgvragers: toegankelijkheid van de openbare ruimte voor minder validen verbeteren.

4.4 Openbare ruimte als visitekaartje

ontspanning/ontmoeting integreren. Onverkort uitvoering geven aan het wegenbeleidsplan en verankeren het MIP en MOP meerjarig in de begroting. Ruimte scheppen voor het adopteren van de inrichting en/of het beheer van de openbare ruimte.

86

Programma 5: Bestuur en Dienstverlening 5.0 Wat mag het kosten? Wat mag het kosten?

87

Programma 5 Bestuur en Dienstverlening (bedragen x € 1.000)

Begroting

Begroting

Meerjarenraming

Meerjarenraming

Meerjarenraming

2024NW

2025

2026

2027

2028

Lasten 5.1 Dienstverlening: ´Dichtbij

-2.242

-2.326

-2.376

-2.419

-2.222

-1.556

-1.699

-1.699

-1.709

-1.709

-97

-47

-47

-47

-47

-642

-1.463

-1.765

-2.540

-3.345

5.5 Doelgericht samenwerken

-167

-119

-119

-119

-119

5.6 Een goed toegankelijke en

-1.937

-2.130

-2.147

-2.146

-2.145

-2.444

-2.673

-2.738

-2.808

-2.808

5.10 Personeel

-18.782

-19.273

-19.306

-19.444

-19.513

Totale lasten

-27.867

-29.730

-30.198

-31.232

-31.908

732

738

782

852

690

5.2 Een open en transparant Bestuur

213

138

138

138

138

5.4 Een gezonde en solide financiële

52.783

56.221

56.005

57.955

60.088

5.5 Doelgericht samenwerken

16

0

0

0

0

5.7 Veiligheid: een gezamenlijke

8

102

102

102

102

5.10 Personeel

655

586

586

586

586

Totale baten

54.407

57.784

57.612

59.632

61.603

Saldo programma voor

26.540

28.055

27.415

28.401

29.695

273

223

223

223

223

26.813

28.277

27.637

28.623

29.918

Mensen´ 5.2 Een open en transparant Bestuur 5.3 Inspraak is een vanzelfsprekendheid 5.4 Een gezonde en solide financiële huishouding

veilige ICT-omgeving 5.7 Veiligheid: een gezamenlijke verantwoordelijkheid

Baten 5.1 Dienstverlening: ´Dichtbij Mensen´

huishouding

verantwoordelijkheid

resultaatbestemming

Mutaties reserves

Saldo programma na resultaatbestemming

88

Toelichting 5.2 Een open en transparant bestuur: De stijging wordt voornamelijk veroorzaakt door de meer salarislasten als gevolg van de CAO ontwikkelingen van het bestuur. 5.4 Een gezonde en solide financiële huishouding: De hogere lasten worden voornamelijk veroorzaakt door hogere kapitaallasten als gevolg van voorgenomen investeringen, een lagere inschatting van de toekomstige CAO stijgingen en een hogere inschatting van de toekomstige inflatie. De hogere baten worden voornamelijk veroorzaakt door een hogere algemene uitkering, een hogere teruggave van het btw compensatiefonds en de ozb verhoging van 12,2%. 5.6 Een goed toegankelijke en veilige ICT-omgeving: De stijging van de kosten wordt voornamelijk veroorzaakt door de implementatie kosten van een nieuw financieel pakket en door gestegen kosten als gevolg van prijsindexeringen. 5.7 Veiligheid: een gezamenlijke verantwoordelijkheid : De stijging van de lasten wordt veroorzaakt door de hogere bijdrage aan een gemeenschappelijke regeling (VRZL). 5.10 Personeel: De stijging van de lasten wordt veroorzaakt door de hogere personeelskosten als gevolg van CAO ontwikkelingen en minder lasten begrootte inhuur ten opzichte van 2024 na wijziging.

5.1 De zichtbaarheid en communicatie over dienstverlening, burgerparticipatie en de activiteiten vergroten Wat willen we bereiken? (bron: Meerjarenbegroting 2023 - 2026) De zichtbaarheid van en communicatie over dienstverlening, burgerparticipatie en de activiteiten vergroten Dicht bij mensen, dat is het motto van onze dienstverlening. We zetten ons continu in om dit merkbaar en zichtbaar te maken voor onze inwoners. Het contact met onze inwoners is altijd persoonlijk en professioneel. De dienstverlening is gericht en afgestemd op het perspectief van de inwoner, ondernemer, vereniging, organisatie of de bezoeker. Hierbij wordt een houding aangenomen van wat is wél mogelijk in plaats van wat is niét mogelijk. Kernbegrippen bij de servicegerichtheid zijn: tijdig, begripvol, deskundig, eerlijk en duidelijk.

89

Uitgangspunt is dat onze gemeente gemakkelijk bereikbaar blijft; zowel digitaal als telefonisch als ook fysiek. Tevens organiseren we dat elke burger binnen vijf werkdagen voorzien wordt van een reactie waarin weergegeven wordt wie contactpersoon is, hoe het behandelproces verder gaat verlopen en het voorziene tijdpad van afhandeling. Om dit alles voor elkaar te krijgen wordt doorgepakt op de in 2020 vastgestelde dienstverleningsvisie en het daaraan gekoppelde organisatie-ontwikkeltraject dat lopende is. Middelen en menskracht worden beschikbaar gesteld om verbetering van de dienstverlening ook daadwerkelijk mogelijk te maken. Tevens wordt de waardering van onze inwoner over de dienstverlening door periodieke metingen gemonitord, zodat de ontwikkelingen in de klanttevredenheid goed in beeld komen.

Wat gaan wij ervoor doen in 2025? De visie op dienstverlening updaten en verder tot uitvoering brengen. Op basis van de staande dienstverleningsvisie wordt via de lijn van de organisatieontwikkeling ingezet op het verbeteren van de dienstverlening. Gekozen is voor een teamgerichte ontwikkeling waarbij eigenaarschap bevorderd wordt. De bestaansreden van een team is gebaseerd op de gewenste of vereiste dienstverlening aan onze inwoners en het bestuur (college en raad). Dit klantperspectief dient altijd centraal te staan bij al het handelen: teams zijn verantwoordelijk voor hun processen, de bijbehorende dienstverlenende kanalen en bijpassend gedrag. In dat licht geven we vanuit de vastgestelde visie op dienstverlening uitvoering aan de opdracht dienstverlening, gebaseerd op het model van de servicemodules en volgens de handelingsprincipes van de organisatiekoers. In 2025 komt de focus te liggen op: * verbetering van de bereikbaarheid van teams * verbeteren dienstverlening naar inwoners, college en raad

Inwoners actief betrekken bij verbeterprocessen rondom dienstverlening. De resultaten van ´waar staat je gemeente.nl´ en het uitgevoerde ´Telan-onderzoek´ (betreft een onderzoek naar hoe de inwoner het telefonisch contact met de gemeente ervaart) worden meegenomen in de aanpak/ontwikkelplannen van de teams die de primaire dienstverlening verzorgen richting inwoners, ondernemers en organisaties.

90

Daarnaast wordt onderzocht op welke wijze continu meten van ervaringen van inwoners vorm gegeven kan worden om zodoende continu de kwaliteit van dienstverlening te verbeteren.

Tweejaarlijks een benchmarkonderzoek uitvoeren. In 2025 worden de onderzoeken ''waar staat je gemeente'' en het ''Telan-onderzoek" (betreft een onderzoek naar hoe de inwoner het telefonisch contact met de gemeente ervaart) uitgevoerd. Waarbij het "Telan-onderzoek een jaarlijks terugkerende meting is.

5.2 Goed bestuur Wat willen we bereiken? (bron: Meerjarenbegroting 2023 - 2026) Goed bestuur De kwaliteit en de integriteit van het openbaar bestuur, en dus ook onze gemeente, zijn in belangrijke mate bepalend voor het vertrouwen van burgers in de overheid en de legitimiteit van overheidshandelen. Dit vraagt om zorgvuldigheid en permanente aandacht bij raad, college en ambtelijke organisatie, waarbij de burgemeester een bijzondere (wettelijke) zorgplicht heeft.

Wat gaan wij ervoor doen in 2025? Integriteitsbewustzijn Daarnaast zal geïnvesteerd worden in het integriteitsbewustzijn. Lokale regelgeving en protocollen zullen worden geactualiseerd naar aanleiding van landelijke wetgeving en al dan niet gewijzigde inzichten. Integriteit is niet zwartwit maar kent een groot grijs gebied. Dat maakt dat het vooral van belang is “het goede gesprek“ met elkaar te blijven voeren. In het verlengde hiervan zal ook aandacht worden besteed aan weerbaarheid, mede in relatie tot ondermijning. Samen met Bureau Berenschot wordt vanaf tweede helft 2024 gewerkt aan een actualisatie van de gedragscodes voor enerzijds raads- en commissieleden en anderzijds collegeleden. Begin 2025 zullen deze gedragscodes in de raad aan de orde komen met de bijbehorende training over deze materie.

91

Bevorderen van het samenspel De ingeslagen weg wordt in 2025 doorgezet, gericht op het doorontwikkelen van goed bestuur in de gemeente en het bevorderen van het samenspel tussen raad, college en ambtelijke organisatie. Instrumenten zoals raadsthemabijeenkomsten en dialoogvergaderingen worden ook in 2025 optimaal ingezet en benut voor het samenspel. In tweede helft van 2024 hebben de geledingen raad, college en managementteam met elkaar gesproken over de rol en positie van deze geledingen en positie tot elkaar. Het daar gestarte traject krijgt een vervolg in de vorm van nieuwe sessies met de drie geledingen. Een goed samenspel tussen raad, college en ambtelijke organisatie draagt bij aan de kwaliteit van het openbaar bestuur.

5.3 Inspraak is een vanzelfsprekendheid Wat willen we bereiken? (bron: Meerjarenbegroting 2023 - 2026) Inspraak is een vanzelfsprekendheid Het meepraten en meedoen van inwoners is van groot belang, net als het in een vroeg stadium betrekken van inwoners, verenigingen, ondernemers en organisaties bij onze maatschappelijke opgaven en activiteiten/plannen die we willen gaan oppakken. Ervaringen en signalen zijn cruciaal bij beleidsvorming en zeker bij het verbeteren van de uitvoering. Inspraak dient een vanzelfsprekendheid te zijn. Derhalve wordt bij nieuw beleid maar ook bij de uitvoering iedereen die het raakt betrokken om draagvlak en beter beleid te realiseren. Signalen, feedback en klachten worden structureel opgehaald en serieus genomen. Dat is een permanente zoektocht en opdracht. De opgedane ervaringen met burgerparticipatie in de afgelopen jaren worden verder meegenomen en doorontwikkeld. Hierbij wordt tevens een beweging gemaakt waarin ruimte ontstaat voor vormen van participatie vanuit de overheid: zgn. overheidsparticipatie. Mede vanuit het oogpunt van inclusiviteit gaat bijzondere aandacht uit naar de doelgroep kinderen en jongeren. Zij zijn immers ónze toekomst. Bovendien neemt de politiek beslissingen die ook hen nu aangaan.

Door het betrekken van jongeren wordt reeds in een vroeg stadium een zaadje geplant op het gebied van actief burgerschap en betrokkenheid nu én later bij het wel en wee in de gemeente, de gemeenschap en de politiek. Hun inbreng telt mee. Daarbij komt dat kinderen op andere manieren tegen vraagstukken aankijken. Met hun inzichten gaan we nieuw beleid en activiteiten verrijken. Daarnaast nodigen we ze uit voor het aandragen van ideeën en de verwezenlijking daarvan. Een vitale gemeente steunt op een vitale lokale gemeenschap. Wij willen dan ook ruimte geven aan inwoners met lokale initiatieven die gericht zijn op het mede vormgeven aan de toekomst van hun dorp en vanuit eigenaarschap hierin hun verantwoordelijkheid nemen.

92

Wat gaan wij ervoor doen in 2025? De inzet rondom burger- en overheidsparticipatie doorontwikkelen. Vanuit de lopende processen rondom het optimaliseren van de dienstverlening alsmede het opgavegericht werken worden ook in 2025 door de adviseur participatie - mede op basis van signalen, klachten en verkregen inzichten - verbetervoorstellen gedaan rondom het (door)ontwikkelen van werkwijzen gericht op het versterken van burger- en overheidsparticipatie. Als onderdeel hiervan wordt in 2025 het opgestarte project van de Burgerbegroting gecontinueerd en doorontwikkeld. Daarnaast worden ook in 2025 gesprekken gevoerd met inwoners om stapsgewijs per kern de leefbaarheid in beeld te brengen en waar mogelijk samen met hen de leefbaarheid te versterken.

Een plan ´kinderinspraak´ uitwerken en implementeren. In 2025 krijgt inspraak van kinderen tot 12 jaar en jongeren tussen 12 en 18 jaar een duidelijke plek bij het ophalen en uitwerken van initiatieven en beleidsvoornemens. Hiertoe worden samen met de verschillende basisscholen verkiezingen georganiseerd voor een Kinderraad voor de gehele gemeente. Daarnaast wordt een plan uitgerold van een jongerenpanel, dit is specifiek voor jongeren tussen de 12 en 18 jaar.

5.4 Een gezonde en solide financiële huishouding Wat willen we bereiken? (bron: Meerjarenbegroting 2023 - 2026) Een gezonde en solide financiële huishouding De gemeente Eijsden-Margraten is een financiële gezonde gemeente. Conform de jaarrekeningcijfers 2023 ligt ons weerstandsvermogen eind 2023 met een ratio van 5,29 ruim boven de gestelde norm van 1 en is daarmee als uitstekend te kwalificeren. Met een Algemene Reserve van 10,925 mln euro per 1 januari 2024 is een gezonde buffer voorhanden om eventuele tegenvallers op te vangen op de korte termijn. De financiële situatie op de middellange termijn is echter zorgwekkend. Onze inkomsten vanuit de Algemene Uitkering van het Gemeentefonds - zoals ook uit deze begroting blijkt - staan vanaf 2026 zwaar onder druk, het zogenaamde "ravijnjaar". Vanaf 2026 wordt de omvang van het Gemeentefonds gekort met € 3 miljard. In onze meerjarenbegroting voor 2026 tot en met 2028 heeft dit een structureel negatief effect van ± 3 miljoen. De VNG is in gesprek met het Rijk over de

93

korting van het Gemeentefonds en doet onderzoek naar de onbalans tussen gemeentelijke taken en versus mensen en middelen. Tijdens de laatste algemene ledenvergadering van de VNG is nogmaals uitgesproken het motto "Prepare for de the worst and fight for de best " te blijven hanteren zolang er nog geen uitwerking is van het Hoofdlijnen akkoord uitgesproken. Over de weg om te komen tot een sluitende meerjarenbegroting 2026-2029 hebben wij u middels Raadsthemabijeenkomsten reeds meerdere malen geïnformeerd. In de kadernota 2026-2029 zullen wij u hiertoe voorstellen voorleggen. Naast het "ravijnjaar" zien we daarnaast ook een aantal ontwikkelingen die nog verder druk op de exploitatie leggen. Het betreft in deze ontwikkelingen op het gebied van de rente, de inflatie en materiele kosten bij verbonden organisaties, instellingen en ons personeel. Verder zijn er onzekerheden op het gebied van de zorgkosten (WMO en Jeugd), kosten rondom infrastructurele werken en rondom de verwerkingskosten van het afval. De effecten van de klimaatadaptatie voor ons rioleringsfonds zijn ook nog ongewis. Een belangrijk uitgangspunt is dat onze financiën structureel op orde blijven en er ruimte blijft om te investeren zodat de kwaliteit van de leefomgeving en de zorg voor onze inwoners op orde blijft.

Het OZB-tarief zal in dat licht conform het gestelde in het bestuursakkoord, met maximaal de inflatiecorrectie stijgen en de gemeentelijke producten zullen daarbij zoveel als mogelijk kostendekkend zijn. Hierbij wordt aangetekend dat de afgelopen jaren de door het CBS geprognosticeerde inflatie correctie is achtergebleven bij de werkelijke inflatie. Concreet hebben wij hierbij bij de ozb-verhoging vanaf 2022 9,5% verhoging misgelopen. Vanaf boekjaar 2023 dient de gemeente te voldoen aan aan de nieuwe vereisten rondom rechtmatigheid. Dit betekent dat ons college zelf verantwoordelijk is voor het afgeven van een rechtmatigheidsverklaring. Bij de jaarrekening 2023 hebben we aan deze vereisten voldaan.

Wat gaan wij ervoor doen in 2025? Behoud van de ratio van het weerstandsvermogen boven de norm van 1. Voor het bepalen van de hoogte van de weerstandscapaciteit heeft uw raad de nota weerstandvermogen en risicobeheersing vastgesteld. Jaarlijks wordt op basis van deze nota het weerstandsvermogen zowel bij de begroting als jaarrekening vastgesteld. De minimale vereiste waar het weerstandsvermogen conform de nota aan dient te voldoen is 1. In deze begroting bedraagt het weerstandsvermogen 3,1% (uitstekend). Het solvabiliteitsratio bedraagt voor 2025 16%. Hierdoor is het niet mogelijk het surplus van de algemene reserve (Het verschil tussen het benodigd weerstandsvermogen en de algemene reserve) als structureel dekkingsmiddel(20%) in te zetten.

94

De OZB maximaal laten stijgen met de inflatiecorrectie. Per begrotingsjaar wordt het inflatiepercentage geactualiseerd op basis van de informatie uit de meicirculaire. In de begroting wordt dan ook rekening gehouden met een maximale OZB stijging conform het inflatiepercentage. Uit berichten van het CBS is gebleken dat de afgelopen jaren de door het CBS geprognosticeerde inflatie correctie is achtergebleven bij de werkelijke inflatie. Concreet hebben wij hierbij bij de ozb-verhoging 9,5% verhoging misgelopen. Wij stellen dan ook voor om voor 2025 eenmalig deze 9,5 verhoging in te lopen om daarna - indien nodig - weer maximaal met het inflatiecorrectie te stijgen. Voor 2025 is rekening gehouden met 2,7%.

5.5 Doelgericht samenwerken Wat willen we bereiken? (bron: Meerjarenbegroting 2023 - 2026) Doelgericht samenwerken Er is sprake van een toenemende complexiteit van vraagstukken en een toename van opgaven die niet langer alleen op lokaal niveau kunnen worden aangepakt en opgelost. Ook zien we – mede door het feit dat Zuid-Limburg als NOVEX-gebied is aangewezen en de deelname aan de Regio Deal ZuidLimburg– dat de schaal van Zuid-Limburg een toenemend belang heeft waarbinnen strategische vraagstukken worden opgepakt. Momenteel kent de gemeente vele vormen van samenwerking. Naast de samenwerking rondom verbonden partijen, betreft het onder meer de samenwerking binnen NOVEX-gebied Zuid-Limburg, samen met het Rijk binnen Elke Regio telt!, Regio Deal Zuid-Limburg, op subregionaal niveau met Maastricht-Heuvellanden Lijn50 en met de buurgemeenten. Daarnaast zijn op diverse beleidsterreinen samenwerkingsverbanden op subregionaal niveau te onderkennen. Samenwerken vinden we belangrijk. Immers, samen staan we sterker. Wij geloven in samen werken, mits er voldoende uitvoeringskracht ingezet wordt. Samenwerken met de buren beoogt – net als dienstverlening – de bestuurskracht van de gemeente en de regio te versterken.

Het belang van een krachtige regio Zuid-Limburg met een aantrekkelijk toekomstperspectief en waarbij gezamenlijk antwoord gegeven wordt op (inter)nationale vraagstukken wordt dan ook nadrukkelijk onderkend. De gezamenlijke door de Zuid-Limburgse gemeenten en de Provincie Limburg vastgestelde Agenda Zuid-Limburg, het Ontwikkelperspectief NOVEX-gebied ZuidLimburg, de Regio Deal 4e tranche en de propositie voor een Regio Deal 6e tranche vormen hierbij

95

belangrijke impulsen. Daarnaast blijven wij investeren in samenwerking en onze relatie met buurgemeenten in binnen- en buitenland, de sub-regio Maastricht-Heuvelland, de regio Zuid-Limburg en met de Provincie Limburg en de Rijksoverheid. Veel waarde wordt gehecht aan de relatie en samenwerking met de centrumgemeente Maastricht. We schuiven aan bij verschillende samenwerkingstafels; uit belang van onszelf als voor Zuid-Limburg in z´n geheel. Uitgangspunt voor samenwerking vormt behoud van autonomie en dat de inhoud van samenwerken aansluit bij de identiteit en strategische ambities van onze gemeente. Dit vormt de basis voor verdieping en het verder uitbouwen van (eu)regionale samenwerking. Voor het bepalen van het niveau van samenwerken wordt de vuistregel gehanteerd dat bij voorkeur samenwerking dichtbij georganiseerd wordt daar waar dat kan en van toegevoegde waarde is voor onze inwoners en/of ondernemers. Andere vraagstukken worden in een groter verband georganiseerd. Het betreft in deze veelal strategische vraagstukken, die opgepakt worden op Zuid-Limburgse schaal dan wel binnen de subregio Maastricht-Heuvelland. Op projectniveau kan o.a. worden gedacht aan het realiseren van een Uitvoeringsagenda - en Regionale Investeringsagenda NOVEX-gebied Zuid-Limburg, toekomstagenda Elke regio telt met het Rijk.

We zetten daarnaast in op een intensievere en constructieve samenwerking met gemeenten aan de andere kant van de landsgrens. Samen met deze gemeenten worden de uitdagingen op het gebied van milieu als ook de kansen op het gebied van vrijetijdseconomie, cultuur, natuur en landschap nader verkend en verdiept. Initiatieven zoals het Landschapspark grenzeloos Boccagelandschap, het Grenspark Jeker & Maas en de jumelage met Clervaux, worden in het licht van het bovenstaande serieus op hun toegevoegde waarde beoordeeld. Tot slot wordt actief ingezet op een (bestuurlijke) lobby richting o.a. Provincie, Rijk, VNG, Benelux en EU, maar ook triple helix partners zoals bijvoorbeeld bedrijfsleven en maatschappelijke instellingen om onze strategische ambities te realiseren. In dit kader worden naar aanleiding van 80-jaar bevrijding ook de contacten met de Verenigde Staten geïntensiveerd.

Wat gaan wij ervoor doen in 2025? Bestuurlijke samenwerking Na vaststelling van het "koersdocument" (welke gemeente willen zijn) vindt een nadere verkenning en evaluatie plaats die zal moeten uitwijzen op welke wijze de samenwerking in binnen Zuid-Limburg, Lijn50 en/of Maastricht, Heuvellandgemeenten en de gemeenten Voeren en Visé vorm en inhoud krijgt. Hierbij worden ook de ontwikkelingen rond het advies van een governance en organisatiestructuur in het kader van de Regio Deal Zuid-Limburg en andere ontwikkelingen in het kader van de Agenda Zuid-Limburg, NOVEX-gebied Zuid-Limburg (uitvoerings- en investeringsagenda) en het formaliseren van de jumelage met Clervaux meegenomen.

96

Vanuit bestuurlijke samenwerking wordt tevens ingezet op een actieve lobby richting o.a. Provincie Limburg, Rijk, VNG en Genootschap van Burgemeesters.

5.6 Een goed toegankelijke en veilige ICT-omgeving Wat willen we bereiken? (bron: Meerjarenbegroting 2023 - 2026) Een goed toegankelijke en veilige ICT-omgeving De informatiesamenleving neemt steeds grootsere vormen aan. Onze samenleving vraagt en verlangt dat onze informatie snel, adequaat en digitaal beschikbaar is. De behoeften en mogelijkheden veranderen in een snel tempo. Onze bedrijfsvoering, informatievoorziening en dienstverlening dient zich hierop voortdurend aan te passen. Ook de uitwisseling van persoonlijk dataverkeer neemt toe waardoor onze digitale kwetsbaarheden toenemen. Het borgen van de digitale veiligheid en privacy wordt steeds belangrijker en uitdagender. Een goed toegankelijke en veilige ICT infrastructuur vinden we cruciaal vanuit het oogpunt van dienstverlening, bedrijfsvoering en informatievoorziening. Dit betekent dat we continu blijven investeren in een goed functionerende ICT-infrastructuur die ingericht is op de nieuwste standaarden en inzichten rond ICT-dienstverlening. Daarnaast dienen we er voor zorg te dragen dat de informatiebeveiliging en privacybescherming aanhaken op de nieuwe ontwikkelingen en kwetsbaarheden. De Wet Open Overheid (Woo)(de opvolger van de Wob) is medio 2022 in werking getreden.

In het licht hiervan dienen we er voor te zorgen dat de informatie van de gemeente - met inachtneming van de AVG-regels - beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten en goed te archiveren is. Daarnaast staan we voor de opgaven om ons digitale archief duurzaam te organiseren.

Wat gaan wij ervoor doen in 2025? Een ontwikkelagenda ICT/informatiemanagement inclusief een meerjaren investeringsagenda opstellen. Op basis van een ontwikkel- en investeringsagenda gaan wij aan de slag met de doorontwikkeling van onze informatievoorziening. Hierbij wordt de ontwikkeling van onze dienstverlening en organisatie gevolgd. Gelijktijdig waarborgen wij een veilige ICT omgeving die voldoet aan de wettelijke verplichtingen zoals de Wet Open Overheid en de Archiefwet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=e1bf10e5-8c68-4f4c-87df-a1e3c5802bc6