20230530 07b Bijlage Kadernota.pdf
Tekst van het document
Kadernota 2024-2027
2
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ......................................................................................................................................3 Voorwoord ..............................................................................................................................................4 Inleiding kadernota 2024-2027 .............................................................................................................7 Externe economische ontwikkelingen ................................................................................................9 Autonome ontwikkelingen ..................................................................................................................13 Ontwikkelingen per Programma ........................................................................................................22 Programma 1: Kwaliteit van Leven ................................................................................................22 Programma 2: Landbouw, landschap en Plattelandseconomie .................................................27 Programma 3: Duurzaamheid en Klimaatverandering .................................................................28 Programma 4: Wonen en Leefomgeving .......................................................................................32 Programma 5: Bestuur en Dienstverlening
...................................................................................37 Ambitie versus uitvoeringskracht ......................................................................................................46 Algemeen financieel beleid ................................................................................................................49 Financiële dilemma's...........................................................................................................................57 Nieuwe financieringssystematiek mede overheden ....................................................................57 Kengetallen ......................................................................................................................................58 Weerstandsvermogen .........................................................................................................................60 Recapitulatie aandachtspunten/actiepunten ....................................................................................62
3
Voorwoord
Voor u ligt de eerste kadernota van deze raadsperiode. Deze kadernota bouwt voort op de meerjarenbegroting die vorig jaar unaniem door de gemeenteraad is aangenomen en waarvan het bestuursakkoord ‘’Goed leven in elke kern’’ de basis vormde. Bij het opstellen van het bestuursakkoord en de programmabegroting vorig jaar werd reeds onderkend dat plannen maken voor de toekomst een vooruitblik is waarvan niet zeker aan te geven is hoe deze zal gaan verlopen. Reeds nu moeten we constateren dat de veranderingen en de complexiteit van de opgaven in een snel tempo toenemen. Daarbovenop komt de onvoorspelbaarheid van mondiale ontwikkelingen en de voortdurende onzekerheden op financieel vlak hetgeen directe gevolgen heeft voor het invullen van onze taken als gemeente. Deze ontwikkelingen vragen om wendbaarheid en veerkracht van onze inwoners en ondernemers, als ook van onze organisatie. Ook vraagt dit om meer strategisch inzicht met daarnaast daadkrachtig en slagvaardig handelen. Echter, hetgeen waar we voor staan, de ambitie, staat vast. De ambitie richt zich niet alleen op de lopende bestuursperiode maar óók op die stip heel ver op de horizon waarbij we samen met onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties blijven investeren in de gemeenschappen van al onze kernen, waarbij iedereen uitgenodigd wordt om mee te doen, iedereen ertoe doet en waar iedereen meetelt.
Een ambitie waarbij we samen zorgen voor een aantrekkelijke leefomgeving met behoud van het hoge niveau van ons woon- en leefklimaat en waarin met respect voor het landschap en de natuur, onze tradities en cultuur niet alleen wij maar ook toekomstige generaties een thuis hebben en trots zijn inwoner te zijn van een van onze kernen in Eijsden-Margraten. We hebben er voor gekozen om tijdens deze bestuursperiode vanuit een vijftal programma’s hieraan invulling geven: 1.
Kwaliteit van Leven
2.
Landbouw, Landschap en Plattelandseconomie
3.
Duurzaamheid en Klimaatverandering
4.
Wonen en Leefomgeving
5.
Bestuur en Dienstverlening
Ook in de programmabegroting 2024 – 2027 vormen deze vijf programmalijnen de koers. In deze kadernota staan we, naast economische en autonome ontwikkelingen alsmede onderwerpen die onontkoombaar zijn en op de gemeente afkomen in de aankomende jaren, stil bij een aantal belangrijke maatschappelijke ontwikkelingen die medebepalend zullen zijn voor het aanbrengen van
4
focus in de op te stellen begroting 2024 – 2027. Aanvullend zijn meegenomen de activiteiten die volgens het Bestuursakkoord in 2024 geïnitieerd zouden worden. Daarnaast worden de financiële uitgangspunten benoemd die het kader gaan vormen voor het opleveren van een meerjarenbegroting die structureel en reëel in evenwicht is. Aanvullend zijn meegenomen de activiteiten die volgens het Bestuursakkoord in 2024 geïnitieerd dan wel gecontinueerd worden, hetgeen per programmalijn afsluitend in de ´kruisjestabel´ is weergegeven. De uitdagingen om te komen tot een duurzame sluitende meerjarenbegroting nemen toe. Immers, steeds vaker worden we als gemeente geconfronteerd met (economische) ontwikkelingen en opgaven die grote financiële effecten hebben en in organisatorische zin ruimte vragen om op in te kunnen spelen. Voor 2024 gaat de aandacht specifiek uit naar het volgende: I.
Aanpak strategische opgaven
We staan voor een aantal grote strategische opgaven die een extra claim leggen op ambtelijke inzet en de financiën. Het betreft onder meer de woonopgave, waarbij de opgelegde verplichtingen rondom huisvesting van statushouders vanuit het Rijk, naast het invullen van de reguliere woonbehoefte en de realisatie van een drietal gebiedsontwikkelingen (Poort van het Heuvelland, Stationsomgeving Eijsden-Margraten en kern Cadier & Keer), een grote uitdaging vormt. Daarnaast moet in deze gedacht worden aan de aanpak van mobiliteitsvraagstukken, de stikstofopgave, de transitie van de landbouw, de klimaat- en wateraanpak, de energievraagstukken en de verduurzamingsopgaven. Ook de transitie in het sociaal domein en het toekomstbestendig maken van het basisonderwijs alsmede het bibliotheekwerk in onze gemeente vragen de komende jaren extra inzet in menskracht en geld. Daarnaast zijn ontwikkelingen lopende op het gebied van bestuurlijke samenwerking die extra aandacht vragen in de positionering van onze gemeente naar de toekomst toe. Al deze opgaven hebben ook in ruimtelijke en maatschappelijke grote effecten, hetgeen vraagt om een meer samenhangende aanpak in samenwerking met inwoners en betrokken partijen. II.
Impact arbeidsmarktkrapte
De spanningen op de arbeidsmarkt speelt bijna in alle sectoren. Ook onze gemeente raakt dit. Het aantal openstaande vacatures is, in vergelijking met enkele jaren terug, relatief hoog. Op onderdelen zijn deze moeilijk in te vullen, in sommige gevallen (met name in het fysieke domein) zelfs niet via inhuur. Het vinden van geschikt personeel dat direct inzetbaar is, wordt steeds moeilijker. Dit zorgt er voor dat uitvoering geven aan de strategische opgaven en aan reguliere taken onder druk staat, hetgeen effect heeft op de dienstverlening en de werkdruk van zittende medewerkers. Er is extra financiële ruimte nodig om in te spelen op deze ontwikkelingen en het invullen van de rol van aantrekkelijk werkgever. III
Goed bestuur
Het vertrouwen in de overheid is landelijk tanende. Ook Eijsden-Margraten heeft hiermee van doen. Investeren in de relatie en het verbeteren van de beeldvorming tussen gemeente met de samenleving,
5
zowel ambtelijk als bestuurlijk, vinden we daarom belangrijk. Hiervoor wordt verder ingezet op de doorontwikkeling van de dienstverlening, burgerparticipatie en een heldere bestuurlijke rolopvatting en rolinvulling. Kortom, de ontwikkelingen om ons heen nemen toe en de opgaven worden complexer. Niet overal hebben we invloed op. We staan voor grote uitdagingen met vele onzekerheden, zowel voor wat betreft de inhoud als ook in financiële zin. Naast economische ontwikkelingen op het gebied van rente, inflatie, kosten van grondstoffen wordt de financiële onzekerheid voor onze gemeente ingegeven doordat op dit moment nog geen duidelijkheid bestaat omtrent de nieuwe financieringssystematiek van het gemeentefonds. Het gemeentefonds vormt de grootste inkomstenbron van de gemeente. De bijdragen vanuit het Rijk voor de jaren 2026 en verder zijn nog niet bekend. Om onze gezamenlijke ambitie voor nu en naar de toekomst te kunnen blijven waarmaken en invulling te kunnen geven aan de geschetste uitdagingen en opgaven, vraagt dit om een vitale robuuste organisatie enerzijds en daadkracht en lef in het maken van financiële keuzes anderzijds. Keuzes die de komende maanden in de voorbereidingen van het begrotingsproces en met inachtneming van de uitkomsten van de mei- en septembercirculaire verder geconcretiseerd zullen worden. Dit is de context waarbinnen deze kadernota wordt aangeboden.
6
Inleiding kadernota 2024-2027
In de Kadernota bepaalt de gemeenteraad op hoofdlijnen wat de koers voor de komende jaren is, voortbordurend op de Programmabegroting 2023-2026 . Daarmee wordt bepaald wat in ieder geval in de Programmabegroting moet staan om de doelen voor de korte en lange termijn te bereiken. Een Kadernota geeft dus een richting aan, voor het beleid dat het college van burgemeester en wethouders nog verder moeten ontwikkelen in de begroting. Hiertoe hebben we ook gesprekken gevoerd met elke fractie. De uitkomsten hiervan zullen wij ter afweging meenemen bij het opstellen van de programmabegroting 2024-2027. De doelstelling van de begroting 2024, naar het oordeel van de Provincie, is om er voor te zorgen dat de begroting structureel en reëel in evenwicht is. Dat betekent dat de structurele baten de structurele lasten ten minste dienen te dekken. Dit evenwicht geldt voor de begroting inclusief nieuw beleid. Schematisch bevindt zich de Kadernota in stap 2 van de planningcyclus bij de gemeente EijsdenMargraten.
Het tijdstip van het uitbrengen van de kadernota 2024 maakt dat er nog geen rekening gehouden kan worden met de uitkomsten van de meicirculaire 2023 en de bijstellingen in de eerste bestuursrapportage 2023. Hierover zullen wij u apart informeren door middel van een Raadsinformatiebrief in juni 2023. Deze Kadernota gaat als eerste in op de externe economische ontwikkelingen waarin een samenvatting is opgenomen van de economische vooruitzichten voor Nederland zoals het Centraal Planbureau deze verwacht en heeft opgenomen in het Centraal Economisch Plan 2023 Daarna worden de autonome ontwikkelingen geschetst die van invloed zijn. Hierin hebben wij getracht voor u de voor gemeente Eijsden-Margraten belangrijkste en meest relevante autonome ontwikkelingen in een handzaam overzicht bij elkaar te brengen. Het doel hiervan is u een context te schetsen waarbinnen de gemeente, de regio en de organisatie zich op dit moment bevinden. Dat is van belang bij het maken van bestuurlijke afwegingen en beleidsmatige keuzes.
7
Daarna nemen we u mee in de meeste relevante ontwikkelingen per programma en trachten per programma een aantal richtinggevende uitspraken voor 2024 te doen. Verder hebben wij voor de volledigheid per programma een overzicht opgenomen van de acties uit de meerjarenraming volgend uit het bestuursakkoord 2023-2026. Vervolgens nemen we u mee in onze ambities versus de uitvoeringskracht en de uitdagingen waarmee wij geconfronteerd worden op dat terrein. Als laatste komt het financieel beleid aan de orde en de financiële dilemma's waarvoor wij ons gesteld zien. Alles overziend bevinden wij ons in een uitdagend tijdperk waarin het aantal opgaves waarvoor wij staan toenemen in aantal en complexiteit. Dat vraagt om een professionele ambtelijke organisatie die hier wendbaar en flexibel op kan inspelen, waarbij het vinden van goed gekwalificeerde professionals op een aantal beleidsvelden een uitdaging vormt. Dit gecombineerd met een vooralsnog onzekere financiële toekomst vanuit het perspectief van het gemeentefonds maakt dat wij de komende maanden een uitdagend proces met elkaar ingaan waarin een aantal keuzes te maken zijn die leiden tot een begroting die structureel en reëel in evenwicht is.
8
Externe economische ontwikkelingen Externe economische ontwikkelingen In dit hoofdstuk is een samenvatting opgenomen van de economische vooruitzichten voor Nederland zoals het Centraal Planbureau deze verwacht en heeft opgenomen in het Centraal Economisch Plan 2023 (voor de totale publicatie wordt verwezen naar de hyperlink). Het schetst daarmee de verwachte context van de gemeente Eijsden-Margraten en niet de economische vooruitzichten voor de gemeente. Door de inflatieschok vertraagde de economische groei, maar een recessie bleef uit. De hoge energieprijzen als gevolg van de oorlog in Oekraïne zorgden voor een mondiale groeivertraging en hogere productiekosten voor energie-intensieve bedrijven en verminderd besteedbaar inkomen voor huishoudens door inflatie. Een recessie in Europa bleef echter uit dankzij de milde winter en extra overheidsuitgaven in Nederland, en bedrijven die hun personeel niet ontslaan. Ondanks de crises van de afgelopen jaren is de Nederlandse economie met 5% gegroeid en relatief stabiel gebleven tijdens de coronacrisis en grote verschuivingen in energiemix en industriële productie. Veranderingen in relatieve prijzen kunnen wel invloed hebben op de vraag en sectorstructuur, maar het aanpassingsproces lijkt geleidelijk te verlopen en een faillissementsgolf is uitgebleven.
Wel zijn er verdelingseffecten en verschillen tussen bedrijven en huishoudens door de energieprijsschok en dalende aiq (arbeidsinkomensqoute), maar de overheid heeft de klap voor huishoudens opgevangen en er wordt een inhaalslag verwacht in loonontwikkeling. In 2023 stijgen de lonen met 5%, in 2024 naar verwachting ook. Daarmee beweegt de aiq in 2024 weer richting het langjarig niveau. De inflatie daalt snel door lagere energieprijzen, maar kerninflatie blijft nog hoog tot 2024. De kerninflatie ligt met 6,7% in februari 2023 historisch hoog. De totale inflatie (consumentenprijsindex, cpi) bedraagt 3% in 2023 (inclusief neerwaarts effect van 1%-punt door het prijsplafond) en 3,1% in 2024. De economische groei zal op basisraming in 2023 met 1,6% en in 2024 met 1,4% groeien, terwijl de werkloosheid langzaam toeneemt tot 4,1% in 2024. Er zijn internationale remmende factoren zoals afgekoelde wereldhandel, hogere investeringsonzekerheid en hogere rente, maar ook de woningmarktcorrectie kan de groei belemmeren. Er zijn echter hervormingen geweest sinds de financiële crisis van 2008 en de risico's van grote woningwaardedalingen zijn hierdoor verkleind. Dit jaar blijft de koopkracht in doorsnee ongeveer gelijk. Het beleid draagt daaraan positief bij, maar de prijsstijging is hoger dan de inkomenstoename vanwege de ingroei van nieuwe energiecontracten.
9
In 2024 stijgt de koopkracht met 2,0%, doordat de lonen harder stijgen dan de prijzen. Echter, over de periode 2022-2024 daalt de koopkracht voor het mediane huishouden met ongeveer 1%. De koopkracht van lagere inkomens stijgt doordat ze het meest hebben geprofiteerd van het gevoerde beleid. Het aantal personen in armoede stijgt in 2024 tot 5,8% van de bevolking en het aantal kinderen in armoede tot 7,1% van de kinderen, doordat tijdelijk beleid gericht op de laagste inkomens wegvalt. Hoewel de energiemarkten momenteel in wat rustiger vaarwater beland lijken, blijft de onzekerheid groot. Het waar mogelijk versnellen van verduurzaming is van groot belang omdat de energieprijzen langjarig duidelijk hoger blijven dan voorheen. Het naar voren halen van energiebesparende maatregelen is daarom zeer kosteneffectief. Beleid gericht op verduurzaming pakt problemen met de betaalbaarheid van de energierekening gericht aan en vermindert de kwetsbaarheid voor hoge energieprijzen. De overheidsfinanciën hebben de energieprijsschok op het oog goed doorstaan, maar tijdelijke factoren maskeren het onderliggende beeld. Het EMU-saldo bedraagt in 2023 -3,0% bbp, waarbij we de kosten van het prijsplafond nu ramen op 5,1 miljard euro. In 2023 en 2024 blijft de staatsschuldquote stabiel beneden de 50% bbp.
10
Op basis van de prognoses uit het Centraal Economisch Plan zijn de ramingsgrondslagen bepaald. Deze ramingsgrondslagen zijn van belang bij het opstellen van de begroting 2024. Deze grondslagen worden definitief bepaald in de te ontvangen meicirculaire.
2024
2025
2026
2027
11
Salarissen en sociale lasten
5%
2%
2%
2%
Consumenten prijsindex
3,1%
4,2%
4,2%
2,2%
12
Autonome ontwikkelingen
Ontwikkelingen Sociaal Domein Het beleidsveld sociaal domein is continue in beweging. In het meest recente coalitieakkoord van het Rijk wordt op verschillende plekken de maatschappelijke opgave tot het ondersteunen van burgers in het sociaal domein benoemd. Het kabinet wil de overheid, zowel de rijksoverheid als de decentrale overheden transparant, toegankelijk en begrijpelijk maken. Daarnaast wordt gestreefd naar een stabielere financiering voor onder meer gemeenten en vergroting van hun autonomie, die wellicht meer ruimte geven voor innovatie. Jeugdhulp Binnen de jeugdwet zorgt met name de hervormingsagenda jeugd voor ontwikkelingen in 2024 en verder. De hervormingsagenda betreft een pakket aan maatregelen, dit pakket moet de jeugdzorg toegankelijker, beter uitvoerbaar, effectiever en financieel duurzaam maken. De maatregelen gaan bijvoorbeeld over normaliseren en afbakenen, dit moet de vraag naar jeugdzorg beperken. Ook gaat het over de effectiviteit van de jeugdhulp: niet elke zorg is effectief en scherper sturen op de inzet van effectieve interventies en het niet langer vergoeden van niet-effectieve interventies levert besparingen op.
Ook liggen marktwerking, inkoop en gemeentelijke samenwerking onder de loep: inkoop moet eenvoudiger, met minder administratieve lasten en partijen willen de nadelige effecten van marktwerking aanpakken tevens wordt een eigen bijdrage bekeken. Met dit soort maatregelen wordt een groter beroep gedaan op de zelf- en samen redzaamheid van mensen die ondersteuning nodig hebben. Officiële besluitvorming over de hervormingsagenda door het Rijk en de VNG
dient nog plaats te vinden. Wij pakken deze hervormingsagenda, vooruit lopend op besluitvorming, nu al zowel lokaal als regionaal op. Binnen het lokale jeugdbeleid wordt er binnen onze gemeente en de sub regio gestreefd naar een positief opgroei klimaat voor alle jeugdigen binnen onze gemeente in samenwerking met lokale partijen. Binnen de regionale samenwerking loopt een transformatie traject. Deze transformatie leidt ertoe dat de systemen anders worden ingericht in Zuid-Limburg. Zowel in de hulpverlening als op inkoop-technisch gebied. Het uitgangspunt is dat een systeem dienend moet zijn aan zorginhoudelijke doelen. WMO In lijn met de landelijke trend stijgen ook in onze gemeente de kosten voor Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). De hervorming van de langdurige zorg heeft nieuwe uitdagingen met zich meegebracht. Het aantal thuiswonende inwoners met beperkingen en ouderen stijgt, hun kwetsbaarheid en ondersteuningsbehoefte stijgt mee. Naar verwachting zal de problematiek voor de komende jaren toenemen. Daarentegen neemt het aantal beschikbare zorgvrijwilligers en
13
mantelzorgers af en is er sprake van de oplopende tekorten aan mensen die in de zorg kunnen en willen gaan werken. Daarnaast zal door de toenemende vergrijzing de vraag van ouderen naar een geschikte woning verder toenemen. Het huidige Wmo-beleid opgenomen in de Toekomstagenda Maastricht-Heuvelland 2022 wordt vernieuwd. Om de bovenstaande autonome ontwikkelingen het hoofd te kunnen bieden wordt er aan een drietal “knoppen” gedraaid. Ten eerste toekomstbestendige maatschappelijke ondersteuning. Wij versterken de zelfredzaamheid van mensen met beperkingen en ouderen en hun sociale omgeving. Wij zetten in preventieve zijn (positieve) gezondheid en zorgen voor meer alternatieven voor maatwerkvoorzieningen. Wij versterken daarnaast de ondersteuning voor mantelzorgers en vrijwilligers. Als derde dragen wij bij dat minder inwoners in een ongeschikte woning wonen. Wij brengen de lokale woon-zorgopgave in beeld en sturen op het vergroten van het aanbod van diverse woon(zorg)vormen voor onze inwoners. Participatie Landelijk wordt gewerkt aan de herziening van de participatiewet (Participatiewet in Balans). Het eerste spoor vanuit de herziening is de wijziging van de wet. De wijzigingen vormen een samenhangend pakket om de professional meer ruimte te geven, werken en participatie naast de uitkering te stimuleren en de uitkeringsgerechtigde meer zekerheid te geven.
De wijzigingen moeten in de wet opgenomen worden. In voorbereiding hierop worden regionaal de wijzigingen door vertaald naar lokaal niveau. Dit gebeurt in 2023 en krijgt zijn beslag in 2024 naar verwachting.
Ontwikkelingen Fysiek Domein Omgevingswet De inwerkingtreding van de Omgevingswet is vanwege de problemen met het DSO (Digitaal Stelsel Omgevingswet) inmiddels al vijf keer uitgesteld. Met de Omgevingswet wil de overheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling vereenvoudigen en samenvoegen. De Eerste Kamer stemde al in 2016 in met de Omgevingswet en in 2020 met de wet die de invoering van de Omgevingswet regelde. Nu kan de wet dan ook ingevoerd worden per 1 januari 2024. Wel is er een viertal moties aangenomen: De motie-Kluit c.s. verzoekt de regering om voor 1 juli 2023 een integraal, financieel beeld te maken voor gemeenten, provincies en omgevingsdiensten, en de Kamer voor de zomer te informeren over hoe deze kosten komende jaren gedekt worden.
14
De motie-Kluit c.s. verzoekt de regering ervoor zorg te dragen dat, voor zover relevant voor 1 januari 2024, alle gemeenten een milieueffectrapportage maken voor de omgevingsvisies en/of het omgevingsplan. De motie-Janssen c.s. verzoekt de regering er zorg voor te dragen dat voor inwerkingtreding van de Omgevingswet alle betreffende websites (waaronder, maar niet uitsluitend, de websites van het Digitaal Stelsel Omgevingswet) minimaal voldoen aan alle eisen op niveau A en AA van de norm Web Content Accessibility Guidelines 2.1 en de Eerste Kamer hier uiterlijk zes weken voor inwerkingtreding van de Omgevingswet over te informeren. De motie-Moonen c.s. verzoekt de regering om binnen het DSO mogelijk te maken om voornemens van besluiten te publiceren, vergelijkbaar met het voorontwerp van een bestemmingsplan om participatie te bevorderen zodat er één vindplaats is voor alle voorgenomen besluiten waarover nog participatie moet plaatsvinden.
Wet versterking regie Volkshuisvesting Overheden krijgen het juiste gereedschap om te sturen op hoeveel, waar en voor wie ze gaan bouwen. Dat is de bedoeling van het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting dat minister De Jonge van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening in consultatie heeft gebracht. Als dit wetsvoorstel aangenomen wordt, heeft minister de Jonge de mogelijkheid om in te grijpen. Hij kan dan gemeenten of provincies dwingen om meer of andere types woningen te bouwen. Op dit moment zijn er te weinig betaalbare woningen en ontbreekt het aan voldoende locaties om te bouwen. Het kabinet heeft als doel om 900.000 woningen te bouwen tot en met 2030, waarvan twee derde betaalbaar. Om hierop te kunnen sturen komt er een verplichting dat Rijk, provincie en gemeenten een volkshuisvestingsprogramma opstellen. Hiermee wordt invulling gegeven aan de (regionale) bouwopgave, inclusief de locaties waar gebouwd kan of moet worden. Op deze manier moeten de overheden als één overheid samenwerken aan de woningbouwopgave. De wet geeft zowel het Rijk als provincies de mogelijkheid om juridisch te sturen via instructies, bijvoorbeeld om een knoop door te hakken over een nieuwbouwlocatie. Als overheden er samen niet uitkomen kan het Rijk in het uiterste geval woningbouwlocaties afdwingen.
Om meer balans in de woningvoorraad te brengen en te zorgen voor een eerlijker verdeling tussen gemeenten, is het streven dat twee derde van de nieuwbouw bestaat uit betaalbare woningen. Zowel koop als huur, voor middeninkomens en lagere inkomens. Gemeenten met weinig sociale huur in de voorraad moeten méér sociale huur bouwen. Andersom hoeven gemeenten met veel sociale huur in de woningvoorraad juist mínder sociaal te bouwen, zij kunnen meer focussen op het middensegment. Dit zorgt dan voor een betere verdeling van de woningvoorraad.
15
Als in het woningbouwproces een rechterlijke uitspraak nodig is, dan is het belangrijk dat er snel duidelijkheid komt. Er komt daarom nog maar één gang naar de rechter in plaats van twee, doet de bestuursrechter binnen zes maanden uitspraak, wordt het beroep versneld behandeld en moeten de redenen van het beroep binnen de beroepstermijn zijn ingediend. Dit wetsvoorstel geeft ook meer mogelijkheden om mensen die met urgentie een woning nodig hebben, een woning voor ze te regelen. Gemeenten worden namelijk verplicht om in hun huisvestingsverordening een urgentieregeling vast te stellen, waarbij ze verplicht een aantal landelijk geldende categorieën ‘urgent woningzoekenden’ opnemen. De huisvestingsopgave van deze groepen wordt met de wet tevens evenrediger verdeeld in de regio, daar waar met name centrumgemeenten momenteel de grootste opgave invullen. Het wetsvoorstel is in consultatie tot en met 31 maart en daarna verzamelt de minister de reacties. Die kunnen leiden tot aanpassing van het voorstel. Behandeling in de Tweede Kamer is voor later dit jaar voorzien. De gewenste invoeringsdatum van de wet, is 1 januari 2024.
Het voorliggende wetvoorstel Wet versterking regie Volkshuisvesting wil het instellen van een gemeentelijke huisvestingsverordening en urgentieregeling verplichten. Met name de genoemde verordening zal leiden tot een administratieve last voor gemeenten. Deze verordening vergt onder meer de afgifte van woonvergunningen, toezicht en handhaving, oftewel het voeren van een afzonderlijke administratie wordt hiermee verplicht. Het is niet voor niets dat veel gemeenten afzien van het instellen van deze verordening als de administratieve lasten worden afgezet tegen het uiteindelijke resultaat hiervan. Zeker gelet op het feit dat het vinden van adequaat personeel reeds geen makkelijke opgave is, gelet op de huidige schaarste binnen de arbeidsmarkt. Woningschaarste aan met name sociale huur en koop waren voorheen de wettelijke grondslag (Huisvestingswet) om deze verordening in te kunnen stellen. Deze grondslag vervalt dus als de voorgestelde wet door de 1e en 2e Kamer wordt aangenomen en na bekendmaking hiervan in werking treedt.
Klimaatakkoord De gemeenten en provincies kunnen in 2023, 2024 en 2025 een specifieke uitkering van in totaal € 1.037.612.596 krijgen voor capaciteit (bemensing) voor de uitvoering van het klimaat- en energiebeleid. Daarmee wil minister R.A.A. Jetten voor Klimaat en Energie de ambtelijke capaciteit bij de gemeenten en provincies bekostigen voor de uitvoering van het klimaat- en energiebeleid, in 5 sectoren: 1.
gebouwde omgeving,
2.
elektriciteit
16
3.
mobiliteit,
4. industrie, en 5. overig, zoals een leidinggevende of een recruiter. De specifieke uitkering is bedoeld voor apparaatskosten, zoals salariskosten, inhuur van externen, of beleidsonderzoeken. Maximaal 10% van de specifieke uitkering mag besteed worden aan andere zaken – wel gerelateerd aan apparaatskosten – zoals communicatiematerialen, technisch onderzoek en registratiesystemen. Voor de gemeente Eijsden-Margraten bedraagt deze specifieke uitkering ongeveer € 470.000 per jaar. Stikstof Nationaal Programma Landelijk Gebied Het Nationaal Programma Landelijk Gebied brengt de opgaven op het gebied van water, natuur, stikstof en klimaat samen en zorgt voor een gecombineerde aanpak voor een vitaal landelijk gebied. In een gebiedsgerichte aanpak wil het kabinet stikstofmaatregelen slim combineren met andere maatregelen om de natuur, de bodem en de waterkwaliteit te verbeteren en de klimaatopgave te halen. Hiervoor heeft het kabinet 24,3 miljard euro beschikbaar gesteld. Gebiedsgerichte aanpak Omdat gebieden verschillen, verschilt ook de aanpak per gebied. Rijk en provincies stellen per gebied doelen voor natuur, stikstof, water en klimaat vast die onontkoombaar gehaald moeten worden. Bij elkaar tellen die doelen op tot de landelijke doelen en verplichtingen voor natuur, stikstof, klimaat en water.
Provincies, gemeenten, waterschappen, ondernemers en terreinbeheerders werken in een gebiedsgerichte aanpak samen aan het halen van deze doelen. Per gebied wordt gekeken wat de mogelijkheden zijn. In juli 2023 is in elk gebied duidelijk wat de doelen per gebied zijn en hoe die gehaald worden. Alle sectoren – industrie, landbouw, verkeer, zee- en luchtvaart – leveren hierbij een bijdrage. Limburgs Programma Landelijk Gebied Stikstofreductie en natuurherstel staan onder andere door Europese regelgeving hoog op de agenda van de Rijksoverheid. Samen het hen en samen met de Limburgse gemeenten, natuurorganisaties, ondernemers en alle belanghebbenden maakt Provincie Limburg plannen hiervoor. Provinciale Staten van Limburg hebben besloten zich maximaal in te zetten voor het behalen van de richtinggevende doelen vanuit het Rijk. Daarom wordt gewerkt aan een Limburgs Programma Landelijk Gebied (LPLG). In vier gebieden wordt gekeken naar haalbare, uitvoerbare en doelgerichte ontwikkelpaden en maatregelen. Wat moet er gebeuren en waar liggen de kansen? Vanuit deze schaal wordt toegewerkt naar één gebiedsplan voor heel Limburg. Dit moet uiterlijk 1 juli 2023 aangeboden worden
17
aan de Rijksoverheid. De Rijksoverheid stelt in de komende jaren geld beschikbaar om de maatregelen uit te voeren. Vier deelgebieden Limburg wordt ingedeeld met voldoende natuur én ruimte voor economische en maatschappelijke ontwikkelingen. Daarom wordt gekeken naar de invloed van het verkeer, de industrie en de agrarische sector. Dat wordt lokaal gedaan in vier gebieden: 1. De Peel 2. Maasduinen 3. Meinweg, Roer- en Swalmdal 4. Zuid-Limburg Meer perspectief en middelen nodig voor provinciale stikstofplannen Samen met de andere provincies heeft de provincie Limburg haar zorgen geuit over de haalbaarheid van de stikstofplannen van het Rijk. Woensdag 14 december 2022 stuurden zij hun notities naar een commissie van de Tweede Kamer, waarin ze kenbaar maken wat er nog nodig is van de overheid om de klimaat- en stikstofdoelen te kunnen halen. 1 juli 2023 moeten de provinciale plannen voor het landelijk gebied op tafel liggen. Vooralsnog biedt het kabinet geen duidelijkheid over regionale doelen voor natuur, water en klimaat.
Ontwikkelingen bedrijfsvoering
Verbonden Partijen/Gemeenschappelijke regelingen De wetswijziging wet gemeenschappelijke regelingen (WGR) is per 1 juli 2022 ingegaan en alle Gemeenschappelijke Regelingen moeten worden aangepast. In Limburg wordt dit traject van aanpassingen begeleid door Boels Zanders. Nagenoeg al onze Gemeenschappelijke Regelingen nemen hierin deel (m.u.v. Leerplicht/Leerlingenvervoer). De aanpassingen dienen uiterlijk 1 juli 2024 te zijn doorgevoerd. Kortgezegd valt de wetswijziging uiteen in drie categorieën: Het versterken van de positie van de gemeenteraden bij de besluitvorming in gemeenschappelijke regelingen via de introductie van een zienswijzeprocedure, een actieve informatieplicht van het bestuur naar de raden en de mogelijkheid voor de raden om een adviescommissie in te stellen.
18
Het creëren van aanvullende controle-instrumenten voor de gemeenteraden via de introductie van een gemeenschappelijk enquêterecht, de mogelijkheid van het instellen van een gemeenschappelijke onderzoekscommissie en een verduidelijking van de onderzoeksbevoegdheden van de lokale rekenkamer. Het verbeteren van de positie van de gemeenteraden met betrekking tot het functioneren van de gemeenschappelijke regeling via het aanscherpen van de uittredingsregelingen, het aanpassen van de begrotingscyclus en het opnemen van de mogelijkheid van evaluatie van de regeling.
Vertrouwen Overheid Uit landelijke cijfers als ook uit lokale cijfers blijkt dat het vertrouwen in de overheid tanende is.
(heel) veel vertrouwen in de
Eijsden-
gemeente
Margraten
2019
33%
2022
24%
Een kwart van de respondenten (24%) heeft (heel) veel vertrouwen in de manier waarop de gemeente wordt bestuurd. In 2019 was dit 33%. Landelijk bedroeg de mate van (heel) veel vertrouwen in de overheid in 2021 31%. In de laatste peiling van 2022 valt op dat in het algemeen (55%) de respondenten geen uitgesproken mening hebben over de opstelling van de gemeente en de samenwerking met de inwoners. Openheid en transparantie De samenleving verwacht van de overheid meer openheid en transparantie. Daarnaast wordt de vindbaarheid, de uitwisselbaarheid het ontsluiten en het archiveren van informatie steeds belangrijker. De verwachting is bovendien dat de digitale relatie met onze inwoners, ondernemers en verenigingen de komende jaren meer zal toenemen. In dit licht wordt het borgen van de digitale veiligheid en privacy steeds belangrijker en uitdagender. Voorgaande ontwikkelingen worden ondersteund door diverse wettelijke ontwikkelingen. Hierbij dient gedacht te worden aan de W.O.O. (wet open overheid) en de archiefwet. Maar ook de aanstaande Omgevingswet zal hierin op het gebied van vergunningverlening een rol vervullen.
19
De ontwikkelingen en behoeften veranderen in een rap tempo. Onze bedrijfsvoering en informatievoorziening dient zich hierop voortdurend aan te passen. Dit vraagt om blijvend te investeren in onze digitale huishouding; de ict-infrastructuur alsmede het informatiemanagement. Naast een meer technische aanpak betreft het investeren in herstel van vertrouwen in de gemeente ook een verantwoording van organisatie, college en raad gezamenlijk. Hierin dient eenieder vanuit zijn of haar eigen positie en rol een bijdrage te leveren. Op grond van de inzichten en de aanbevelingen uit het rapport van bureau Necker van Naem betreft het in hoofdzaak ontwikkelpunten op het gebied van informatie en communicatie en het adequaat meenemen van inwoners en raad in proces en besluitvorming. Alsook het ombuigen van negatieve beeldvorming en de mate van verdachtmakingen. Daarnaast draagt een meer kritische en behoedzame houding van raad bij aan herstel van vertrouwen in de gemeente. Inflatie hoger dan verwacht Niet alleen de gemeenten komen fors tekort op de compensatie voor loon- en prijsstijging van 2022, dat geldt voor de hele overheid, inclusief sectoren als zorg en onderwijs. In de najaarsnota 2022, van november 2022, kondigde het Rijk daarom alsnog aan dat het van plan is om in de voorjaarsnota 2023 extra loon- en prijscompensatie uit te keren.
Dit is een afwijking van de reguliere werkwijze, en is uitdrukkelijk eenmalig bedoeld, zowel voor de gemeenten als voor de ministeries. Uitdrukkelijk is hierbij gezegd dat de exacte bedragen dus pas in het voorjaar van 2023 worden bepaald. Het kan dus in theorie ook zijn dat er helemaal geen extra compensatie komt. Het gaat overigens uitdrukkelijk om vrij besteedbaar accres. Het is dus níét geoormerkt voor bepaalde sectoren, formeel noch informeel. Wat gaat er gebeuren in het voorjaar van 2023? (1) Het Rijk bepaalt het definitieve bedrag van het éxtra accres voor 2022. Hier is geen formule voor, het is een bestuurlijke beslissing. Het extra accres werkt structureel door, maar niet met terugwerkende kracht. De gemeenten krijgen dus vanaf 2023 extra compensatie voor 2022, en krijgen niet in 2023 compensatie voor zowel 2022 als 2023. (2) Het Rijk bepaalt het lpo-accres voor 2023 op basis van de raming van het Centraal Planbureau (in het CEP 2023) van de loonvoet (60%), (materiele overheidsconsumptie, imoc) (20%) en (bruto overheidsinvesteringen, iboi) (20%). Als gevolg van de inflatie zullen ook de eigen exploitatielasten fors stijgen. Het is thans te prematuur om hier reeds richtinggevende bedragen voor aan te geven. CAO effect als gevolg van principeakkoord
20
De nieuwe cao gaat in op 2 januari 2023 en heeft een looptijd van één jaar. Zoals vastgelegd in het principeakkoord dat begin 2023 is afgesloten krijgen alle medewerkers er € 240 bij en daar bovenop 2%.
21
Ontwikkelingen per Programma Programma 1: Kwaliteit van Leven
Sociaal Domein Om het sociaal domein toekomstbestendig te maken hebben wij in de afgelopen periode ingezet op transformatie. Trends en ontwikkelingen zoals vergrijzing, schuldenproblematiek, groeiende ongelijkheid en een toenemende complexiteit van de samenleving vragen om een andere, innovatieve aanpak. De transformatie is echter een opgave van lange adem. Daarom continueren wij deze transformatie de komende jaren; de accenten van de lopende raadsperiode sluiten aan op de ambities van de vorige periode. Wij leggen het accent op preventie, positieve gezondheid, het voorkomen, verminderen en verantwoord afbouwen van zwaardere en dus ook duurdere ondersteuning, het uitbreiden van algemeen toegankelijke ondersteuning, het versterken van zelfredzaamheid en eigen kracht van de inwoners. We streven naar een goede kwaliteit van leven voor al onze inwoners in een inclusieve samenleving. Onze kwetsbare inwoners moeten zo lang mogelijk kunnen meedoen in de samenleving, gezond zijn en gezond blijven. Hierin investeren draagt bij aan de vitaliteit en het geluk van onze inwoners. Er wordt meer geïnvesteerd in het voorliggende veld en algemeen toegankelijke voorzieningen, waardoor zwaardere maatwerkvoorzieningen beschikbaar en betaalbaar kunnen blijven voor de meest kwetsbare inwoners.
Jeugdhulp Alle kinderen in onze gemeente moeten dezelfde ontwikkelingskansen hebben en opgroeien in een veilige en gezonde omgeving. Dit is niet altijd vanzelfsprekend; daar waar noodzakelijk kunnen zorg en ondersteuning een oplossing bieden. Die oplossing willen we zo dicht mogelijk bij de eigen leefomgeving mogelijk maken. Algemeen toegankelijke (welzijns)voorzieningen vormen hierbij de basis. Maatwerkvoorzieningen komen in beeld als dat echt noodzakelijk is en de algemeen toegankelijke voorzieningen geen oplossing bieden. Die voorliggende voorzieningen moeten worden doorontwikkeld zodat ze beter aansluiten op onze maatwerkvoorzieningen waardoor afschalen vaker en eerder mogelijk wordt. De afgelopen jaren is er een stevige doorontwikkeling geweest maar we zijn er nog niet. De transformatie gaat vanaf 2023 een nieuwe fase in door de nieuwe inkoop. Daarnaast zullen ook inhoudelijke thema’s als normaliseren en het doorontwikkelen van nieuw (lokaal voorliggend) aanbod, verbeteren van de toegang, integrale samenwerking en regie verder vorm krijgen. We sturen op het verlagen van de kosten van de maatwerkvoorzieningen en het verhogen van de
22
voorliggende voorzieningen, zodat professionele hulp beschikbaar en betaalbaar blijft voor wie dat echt nodig heeft. Wmo Met algemeen toegankelijke (welzijns)voorzieningen, maatwerkvoorzieningen, onafhankelijke cliëntenondersteuning en het ondersteunen van vrijwilligers en mantelzorgers willen we ervoor zorgen dat onze kwetsbare inwoners langer thuis in hun vertrouwde omgeving kunnen blijven wonen met een zo goed mogelijke kwaliteit van leven. We richten ons hierbij op wonen in een passende woonomgeving en hulp en ondersteuning thuis. We bevorderen en ondersteunen de informele zorgen mantelzorg. Mantelzorg blijven we waarderen en ondersteunen. Daarmee sturen wij ook op kosten van maatwerkvoorzieningen, zodat deze beschikbaar en betaalbaar kunnen blijven voor de meest kwetsbare inwoners. Participatie en schuldhulpverlening Onze inwoners hebben gelijke kansen om mee te doen in de samenleving, zij hebben inkomenszekerheid, zij kunnen werken of participeren naar vermogen, zij krijgen ontwikkelperspectief en worden waar dat mogelijk is (financieel) zelfredzaam. Hiervoor wordt de verbinding ook gelegd met andere beleidsvelden (zowel sociaal, fysiek als economisch) om inwoners te helpen om te participeren in onze gemeente. Voor de re-integratieketen wordt gewerkt aan de fusie van MTB, Annex en Podium24.
In de opdracht voor de fusie is ook opgenomen om te komen tot een business case voor de nieuwe organisatie. Voornemen is om de nieuwe organisatie per 2024 te laten starten. Wel is afgesproken dat zorgvuldigheid boven snelheid gaat in dit traject. In navolging van de coronapandemie, economische ontwikkelingen en de komst van statushouders is de ontwikkeling van het bijstandsuitkeringen bestand onzeker ondanks de krapte op de arbeidsmarkt. Inmiddels is een monitor ontwikkeld om de standen en het verloop te zien. De laatste ontwikkelingen worden in de begroting 2024 verwerkt.
Het sociaal domein betreffen allen open einde regelingen. Dat wil zeggen dat de benodigde zorg voor de inwoners van Eijsden-Margraten altijd toegekend en geleverd zal worden met inachtneming van budgetbeheersing zoals dit hoort bij onze publieke verantwoordelijkheid.
Bibliotheekwerk In 2023 wordt vanuit de meerjarenbegroting gewerkt aan een nieuwe visie voor het bibliotheekwerk. De uitkomsten hiervan krijgen hun beslag in 2024.
Voor zover mogelijk zal in de begroting 2024 geanticipeerd worden op de uitkomsten vanuit het onderzoek.
23
Onderwijs Er wordt in 2023 een raadsvoorstel aangeboden met betrekking tot de verschillende opgaven die er liggen voor het basisonderwijs in onze gemeente. Binnenkort wordt het IHP opgeleverd, welke richtinggevend is aan de opgaven. Tegelijkertijd zijn de maatschappelijke ontwikkelingen dermate van aard dat het IHP op onderdelen ingehaald lijkt door de realiteit. Nu al spelen er urgente zaken rondom onderwijshuisvesting. Dat vraagt ook voor volgend jaar de nodige inzet en capaciteit van de organisatie, hierop zal in de begroting van 2024 worden geanticipeerd.
In de begroting 2024 en verder zullen investeringsmiddelen dienen te worden vrijgemaakt om aan de onderwijshuisvestingsopgave te kunnen voldoen
Oekraine Sinds vorig jaar worden ontheemden uit Oekraïne opgevangen in Eijsden-Margraten. Gemiddeld gaat het om zo’n 100 vluchtelingen die in gemeentelijke opvang of bij particuliere gastgezinnen opgevangen worden. Naast huisvesting voorziet de gemeente ook in leefgeld, onderwijs, arbeidsbemiddeling en maatschappelijke ondersteuning van diverse aard. Nu het er op lijkt dat de Oekraïense vluchtelingen nog lang in Nederland zullen blijven, verandert het karakter de opvang van noodopvang naar duurzame integratie.
Qua financieringssystematiek hanteren we in de kadernota 2024 het uitgangspunt dat de activiteiten t.a.v. Oekraine op een zelfde wijze gefinancierd worden als in 2022 en 2023.
Statushouders Bij de inburgering van statushouders is voor het behalen van de aan de gemeente opgelegde taakstelling het ontbreken van voldoende passende woonruimte het grootste knelpunt. Ook personele krapte bij Vluchtelingenwerk en de onderwijsinstituten die de inburgeringsactiviteiten realiseren leidt tot stagnatie. Op huisvestingsvlak worden diverse initiatieven genomen om in de komende jaren neer woningen voor statushouders beschikbaar te maken. We doen ons best om statushouders gastvrij te verwelkomen in onze gemeente, maar de kans bestaat dat het dit jaar niet gaat lukken om de taakstelling te halen. De uitdaging op huisvesting werkt als dan door in 2024.
De taakstelling t.a.v. huisvesten statushouders staat onder druk, hetgeen ook nog in 2024 impact zal hebben.
Asielzoekers In samenwerking net het COA realiseert de gemeente in Cadier en Keer opvang van maximaal 100 Alleenstaande minderjarige Vreemdelinge (AMV’s). De ervaringen met deze opvang zijn goed. In afwachting van mogelijke veranderingen als gevolg van de Spreidingswet Asiel die volgend jaar
24
waarschijnlijk van kracht wordt, voorziet de gemeente momenteel geen verdere uitbreiding van de opvang voor asielzoekers.
In afwachting van mogelijke veranderingen als gevolg van de Spreidingswet Asiel die volgend jaar waarschijnlijk van kracht wordt, voorziet de gemeente momenteel geen verdere uitbreiding van de opvang voor asielzoekers.
Gezondheid, sport en bewegen Het ministerie van VWS heeft besloten een aantal uitkeringen voor gemeenten gericht op het stimuleren van gezondheid, sport en bewegen, cultuurparticipatie en het versterken van de sociale basis te bundelen in één ‘specifieke uitkering’ (SPUK). Deze gelden zijn beschikbaar voor de jaren 2023-2026. De middelen voor 2023 worden op basis van een aanvraag toegekend. Voor het verkrijgen van de middelen vanaf 2024 moet voor oktober 2023 een plan van aanpak worden ingediend. De middelen zijn beschikbaar voor de volgende programma’s onder drie hoofdthema’s: 1.
Sport, bewegen en cultuur: uitvoering van het lokaal Sportakkoord II; Brede Regeling Combinatiefunctionarissen (BRC);
2. Gezondheid en preventie: Terugdringen gezondheidsachterstanden (voorheen GIDS – Gezond in de Stad); Kansrijke Start; Mentale Gezondheid; Aanpak Overgewicht en Obesitas; Valpreventie; Leefomgeving; Opgroeien in een kansrijke omgeving/Vroeg signalering Alcoholproblematiek; 3.
Sociale basis en versterken wijkinfrastructuur: Versterken Sociale Basis; Mantelzorg; Eén tegen Eenzaamheid; Welzijn op Recept.
Voor 2024 zal de SPUK worden aangevraagd o.b.v een plan van aanpak
25
Acties uit de meerjarenbegroting 2023-2026 volgend uit het bestuursakkoord Ambitie 1.1 Een inclusieve samenleving
Wat gaan we ervoor doen in 2023 t/m 2026 we begeleiden statushouders en nieuwkomers actief en bieden taalcursussen
2024 2025 2026 X
X
X
we continueren vroegsignalering van schuldenproblematiek
X
X
X
we begeleiden inwoners via SEM actief naar werk of passende
X
X
X
aan, gericht op integratie in de gemeenschap.
inkomensondersteuning. We ontwikkelen een visie hoe hieraan invulling te geven. 1.2 Een gezond verenigingsleven we introduceren een stimuleringssubsidie voor verenigingen, gericht op het
X
leveren van bijdragen aan sociaal/maatschappelijke opgaven. (evalueren na 2 jaar) Na afloop van de huidige van de lopende subsidieperiode 2021 t/m 2024) wordt
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
we volgen de ontwikkeling van aantallen leerlingen in klassen kritisch.
X
X
X
we faciliteren in elke kern een gemeenschapshuis of ontmoetingsruimte.
X
X
X
we stimuleren en ondersteunen de 'Hoeskamers'.
X
X
X
we continueren het accommodatiebeleid.
X
X
X
Sportverenigingen ondersteunen bij het vergroten van hun levensvatbaarheid en
X
X
X
Het Sportakkoord verder verdiepen en uitvoeren.
X
X
X
we continueren het programma Jeugd aan zet en stellen 10.000 euro per jaar
X
X
X
X
X
X
We zetten in op preventie, vroegsignalering en een integrale aanpak
X
X
X
we continueren en verterken de inzet van de consulent welzijn
X
X
X
we continueren, bevorderen en ondersteunen de informele- en mantelzorg
X
X
X
we verhogen het budget voor het mantelzorgcompliment naar maximaal 100.000
X
X
X
X
X
X
X
X
X
het subsidiebeleid opnieuw tegen het licht gehouden we ondersteunen verenigingen bij het verbreden van hun (maatschappelijke) rol in de kernen. we zetten een actief faciliterende vergunningenaanpak richting verenigingsleven op. 1.3 Toekomstbestendig onderwijs we investeren vanuit het oogpunt van preventie in Voor- en Vroegschoolse interventie (VVE)
1.4 Ontmoetingsruimten in elke kern
1.5 Sporten en bewegen voor jong en oud
hun maatschappelijke rol.
extra budget beschikbaar zodat jongeren samen met de gemeente ideeën kunnen ontplooien. 1.6 Trendbreuk EijsdenMargraten
we geven uitvoering aan het Preventie-akkoord en de lokale Preventie-agenda. Voor de lokale preventie agenda wordt 50.000,- euro extra opgenomen ter stimulering van positieve gezondheid.
1.7 Zorg op maat met focus op kostenbeheersing
euro p/j. we continueren en verterken het jongerenwerk via Trajekt. We vergroten de inzet op preventie. 1.8 Kunst en cultuur in verbinding we verbinden Kunst en Cultuurprojecten met onze jongere inwoners, organisaties met onze inwoners
en bezoekers
26
we zetten in op het beschermen, zichtbaar en beleefbaar maken van materieel en
X
X
X
X
X
X
immatarieel erfgoed we geven uitvoering aan een breed educatief programma kunst en cultuur en cultuureducatie
Programma 2: Landbouw, landschap en Plattelandseconomie
Aanpak stikstofopgave De Provincie staat als eerste aan de lat om de aanpak en doelstellingen te concretiseren op het gebied van de stikstofopgave. Als gemeente mogen wij hierin in meedenken.
Wat de plannen die medio 2023 gepresenteerd worden inhouden, weten we nu nog niet. Maar er kan uitgegaan worden van verstrekkende gevolgen en dat er beleid zal moeten geformuleerd worden ten aanzien van de transformatie van de landbouw of herinvulling van het buitengebied.
Zuidelijk Maasdal – hoogwaterveiligheid De komende jaren wordt er samen met het Ministerie van I&W, Rijkswaterstaat, het Waterschap Limburg, de provincie en de gemeenten Maastricht en Meerssen gewerkt aan een MIRT-verkenning in het kader van hoogwaterveiligheid. Het MIRT staat voor het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport en heeft betrekking op het ruimtelijk fysieke domein. De verkenningsfase moet de beslisinformatie opleveren die nodig is om een voorkeursbeslissing te nemen en te besluiten over de vervolgfase. Voor Eijsden-Margraten wordt in deze verkenningsfase de hoogwater-maatregel van de uit te diepen groen/blauwe geul door de Eijsderbeemden naar de Oosterplas/Pieterplas nader onderzocht. Als uit de verkenning blijkt dat deze maatregel effectief is en daarmee kan bijdragen aan de hoogwateropgave voor het Zuidelijk Maasdal zijn hiervoor in de toekomst ook middelen nodig. Enerzijds worden deze gedekt uit het hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP), mogelijke Rijks-, provinciale gelden, waterschapsgelden en gemeentelijke bijdragen. Ook zouden eventuele externen kunnen bijdragen aan de kosten, denk bijvoorbeeld aan grond/delfstoffenwinning in het gebied. De verkenning gaat ongeveer twee tot drie jaar duren. Hiervoor zijn de middelen nu opgenomen in de begroting.
Na deze verkenning zal er dus meer duidelijkheid zijn over de kosten van onze gemeente voor de genoemde maatregel. Dit kan dan worden opgenomen in de begroting 2027.
2024 zal in het teken staan van de MIRT-verkenning, hetgeen in tijd zal doorlopen tot 2026.
27
Toeristisch recreatief verkeer De verwachting is, dat er op Zuid-Limburgse schaal ten aanzien van toeristisch recreatief verkeer ontwikkelingen zullen op gang worden gebracht ten aanzien van de ruimtemonitor. Wat de financiële consequenties zijn is nu niet te overzien. Acties uit de meerjarenbegroting 2023-2026 volgend uit het bestuursakkoord Ambitie
Wat gaan we ervoor doen in 2023 t/m 2026
2.1 Behoud en versterken landschapskwaliteiten De herontwikkeling van het Noordal faciliteren.
2024 2025 2026 x
Een vervolg geven aan de Zuidelijke Maasdalvisie.
x
x
x
Nieuwe verdienmodellen ontwikkelen rondom beheer van het
x
x
x
Het project Bloemrijke Akkerranden voortzetten en uitbreiden.
x
x
x
Ecologisch bermenbeheer toepassen en stimuleren van lokale
x
x
x
landschap.
initiatieven. Samen met de Provincie bezien hoe invulling te geven aan het
x
bomenplan. 2.2 Transformatie van de landbouw
Een lokaal actieplan ´transformatie van de landbouw´ uitwerken.
x
x
x
De trekkersrol van het programma Landbouw en Landschap in het
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Het ambassadeurschap Cittaslow verder uitbouwen.
x
x
x
Verdere uitvoering geven aan het programma Verantwoord op
x
x
x
x
x
x
De evenementendruk rondom toertochten doseren en spreiden.
x
x
x
Uitbreiding van de wandelinfrastructuur beperken tot realisatie van
x
x
x
x
x
Middengebied continueren. De schooljeugd bewust maken van duurzaam lokaal voedsel en reductie van voedselverspilling. Het project Korte Keten Zeker (w)eten continueren en doorontwikkelen. Het stroopgedachtegoed en initiatieven rondom ´koop lokaal´ ondersteunen. 2.3 Vrijetijdseconomie in balans met landschap en leefomgeving
Weg. Ondersteuning geven aan wielerevenementen tot een maximum van 45.000 euro.
Ommetjes. In beeld brengen locaties voor vestiging van (nieuw)
x
ondernemerschap Samenwerking bevorderen tussen ondernemers onderling en met
x
de gemeente
Programma 3: Duurzaamheid en Klimaatverandering
28
Op het gebied van Duurzaamheid & Klimaatverandering staat Eijsden-Margraten de komende jaren voor grote opgaven. Onze bijdrage wordt verwacht aan het terugdringen van de CO2-uitstoot, die op landelijk niveau in 2030 moet zijn gehalveerd ten opzichte van 1990. De warmtevoorziening in onze gemeente dient in 2050 volledig aardgasvrij te zijn. We dienen voorbereid te zijn op klimaatverandering en door te ontwikkelen naar een circulaire economie. Deze opgaven vereisen een noodzakelijke transitie naar een structureel andere manier van omgaan met energie, grondstoffen en klimaat. Zowel ons verbruik van energie en grondstoffen, maar ook onze energieopwekking moet dringend duurzaam worden. Daarbij worden deze opgaven gekenschetst door een acute component: exponentieel gestegen energiekosten en de impact daarvan op onze inwoners, verenigingen en ondernemers.
3.1
Energie
Om de acute energienood in Eijsden-Margraten aan te pakken en betrokken doelgroepen versneld te kunnen ondersteunen, is een gemeentelijke taskforce energie ingesteld. Deze taskforce bundelt informatie over een groot aantal ondersteuningsmaatregelen van de rijks- en provinciale overheid en maakt die overzichtelijk voor de betrokken doelgroepen. Ook coördineert de taskforce specifieke initiatieven voor onze gemeente. Hierdoor ontstaat een totaalpakket aan maatregelen, dat is toegesneden op de hulpvraag en behoeften van de doelgroepen. De verwachting is dat dit acute vraagstuk de komende jaren in intensiteit zal afnemen, maar wel voornaam punt van aandacht en inzet blijft. Concrete initiatieven zijn onder andere: 1. Noodfonds energie Ter ondersteuning van (sport-)verenigingen die door de gestegen energiekosten in haar voortbestaan bedreigd worden, stelt de gemeente een noodfonds in.
29
2. Ondersteuning bij energiekosten Om de energiekosten van kwetsbare huishoudens op korte termijn te drukken, wordt de aanpak Energie Armoede uitgerold. Voor eind 2023 moeten +/- 800 huishoudens in EijsdenMargraten geholpen zijn met kleinschalige energiebesparende maatregelen. 3. Aanpak energiekwaliteit woningbestand Om de energiekwaliteit van woningen met energie labels D/E/F/G te verbeteren, wordt de komende jaren en startend in 2023 het Nationaal Isolatie Programma uitgerold. Eigenaren van betreffende woningen kunnen aanspraak maken op subsidie, te besteden aan de verduurzaming van hun woning.
De gemeentelijk taskforce energie zal in 2024 worden gecontinueerd
3.2
Energietransitie
Wat betreft de energietransitie op langere termijn, zet de gemeente in op een aantal sporen: 1. Grootschalige energieopwekking Voor grootschalige energieopwekking werkt Eijsden-Margraten samen met andere gemeenten in RES-verband aan verschillende beleidslijnen. Deze samenwerking zal de komende jaren nog belangrijker worden om enerzijds aan ons RES-bod te voldoen, en anderzijds om in te kunnen spelen op de dynamiek die in dit vraagstuk speelt door bijvoorbeeld Panorama ZuidLimburg. De mogelijkheden tot energieopwekking op Rijksgronden (OER), bijvoorbeeld langs snelwegen, wordt geïnventariseerd. Middels een landschapsverdiepingsstudie worden kansrijke gebieden voor grootschalige opwek van zonne-energie op land in kaart gebracht en de opwek van zonne-energie op grote daken wordt versneld. 2. Financiële ondersteuning bij verduurzaming Additioneel aan bestaande Provinciale en Rijksregelingen, heeft Eijsden-Margraten versneld een stimuleringsregeling verduurzaming ingericht. Deze biedt zakelijke gebruikers, zoals verenigingen en ondernemers, de mogelijkheid om tegen aantrekkelijke voorwaarden een lening af te sluiten ter verduurzaming. Ook grotere investeringen worden hiermee voor veel doelgroepen praktisch uitvoerbaar. De raad heeft hiervoor € 10 miljoen ter beschikking gesteld. 3.
Concretisering Transitievisie Warmte (TVW) Om onze warmtevoorziening aan te pakken, wordt de komende jaren ingezet op het concretiseren van de vastgestelde TVW in een uitvoeringsplan. Streven is om gerichte oplossingsrichtingen voor het energievraagstuk te formuleren, waar mogelijk op wijkniveau, en die te vertalen in een plan van aanpak. Burgerparticipatie zal in deze aanpak een rol spelen.
30
M.b.t. de energietransitie op langere termijn wordt ingezet op grootschalige energieopwekking, financiële ondersteuning bij verduurzaming en Concretisering Transitievisie Warmte
3.3
Lucht en geluid
Om de kwaliteit van leven voor onze inwoners te kunnen waarborgen en waar nodig verbeteren, blijven de thema’s luchtkwaliteit en geluidshinder ook de komende jaren prominente aandachtspunten. 1. Luchtkwaliteit De in 2022 gestarte monitoring van de luchtkwaliteit in onze gemeente zal geëvalueerd en mogelijk uitgebreid worden. Zowel het pionieren op het gebied van het meten van ultrafijnstof en de aansluiting bij een landelijk meetnetwerk zijn hier onderwerpen van aandacht. Verder zal de gemeente Eijsden-Margraten zich de komende periode aansluiten bij ‘Het schone lucht akkoord’ en daaruit voortvloeiend het beleid aangaande luchtkwaliteit actualiseren. De ontwikkelingen met betrekking tot het industriegebied net over de grens in Lixhe worden nauwlettend gevolgd. Wanneer deze ontwikkelingen gevolgen kunnen hebben voor de luchtkwaliteit van onze gemeente wordt, waar mogelijk, geacteerd. 2.
Geluidshinder Inwoners van (m.n.) Eijsden ervaren geluidoverlast veroorzaakt door vliegbewegingen van en naar luchthaven Luik-Bierset. In de recent ingestelde Expertgroup Eijsden worden door afvaardigingen van MinBuZa, MinIenW, Luchtverkeersleiders NL & BE, Luchthaven LuikBierset en onze gemeente de gevolgen van vliegverkeer voor onze inwoners besproken en mogelijkheden tot het minimaliseren hiervan verkend. Ook gezien (het proces rondom) de verleende vergunning voor het uitbreiden van vliegbewegingen van/ naar Luik-Bierset zal dit dossier de komende jaren onze aandacht hebben.
De monitoring van de luchtkwaliteit zal worden geëvalueerd en mogelijk worden uitgebreid. T.a.v. geluidshinder als gevolg van vliegverkeer zullen mogelijkheden tot minimalisering hiervan worden verkend.
3.4
Van afval naar grondstof
Het, vanuit de gemeenschappelijke regeling RD4 vastgestelde, grondstoffenplan en de bijbehorende afvalstoffenverordening lopen nog enkele jaren en zullen onze omgang met afval steeds meer richting de circulariteitsgedachte doen bewegen. Dit is in de praktijk terug te zien bij de aanstaande renovatie van het grondstoffenpark Margraten welke naar deze circulariteitsgedachte ingericht zal worden. Door verschillende ontwikkelingen, met name de hogere transportkosten en lagere prijs op de afzetmarkt, is voor 2024 een aanmerkelijke kostenstijging van onze afvalverwerking voorzien. De gemeenten en RD4 buigen zich over het vraagstuk hoe het best met deze prijsstijging om te gaan.
31
Voor 2024 wordt een aanmerkelijke kostenstijging van onze afvalverwerking voorzien. De gemeenten en RD4 buigen zich over het vraagstuk hoe het best met deze prijsstijging om te gaan.
3.5
Capaciteit
Om de urgente en veelomvattende opgaven op het taakgebied Duurzaamheid & Klimaatverandering te kunnen borgen, is dringend extra capaciteit noodzakelijk. Via het Rijk kunnen gemeenten financieringssteun hiervoor aanvragen op grond van de tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE). Het gaat om financiële middelen in de jaren 2023 t/m 2025. Als de aanvraagtermijn opent in april 2023, dient Eijsden-Margraten een verzoek in.
Om de opgaven t.a.v. van Duurzaamheid & Klimaatverandering te kunnen borgen is extra capaciteit nodig die gefinancierd kan worden uit extra middelen van het Rijk.
Acties uit de meerjarenbegroting 2023-2026 volgend uit het bestuursakkoord Ambitie 3.1 Op weg naar een
Wat gaan we ervoor doen in 2023 t/m 2026
2024 2025 2026
Informatie- en kennisoverdracht organiseren.
x
x
x
Lokale initiatieven (b.v. energiecorporaties en groen gas) actief stimuleren en
x
x
x
energieneutrale toekomst
ondersteunen. Aansluiten bij een regionaal duurzaamheidsloket.
x
De projecten ´zorgeloos zonnepanelen´, ´plus je huis´, en ´dubbel duurzaam´