[25.33337] Rapport Rekenkameronderzoek Verbonden partijen - Eersel
Tekst van het document
Verantwoording Verantwoording aan de raad van Eersel gebeurt via de reguliere planning-en-controldocumenten van de gemeente en van de Veiligheidsregio. De Veiligheidsregio biedt handreikingen richting gemeenteraden, bijvoorbeeld in de vorm van regiobijeenkomsten, maar deze worden in de praktijk weinig bezocht door de raadsleden van Eersel wat eveneens wordt toegeschreven aan de toch al hoge werkdruk van raadsleden.
Toezicht Het AB van de Veiligheidsregio houdt formeel toezicht op het functioneren van de GR. Daarnaast kijkt de gemeenteraad van Eersel ook mee bij de verschillende stukken. Het toezicht vindt onder andere plaats aan de hand van de door de Veiligheidsregio verplicht op te stellen planning-en-controldocumenten.
Bevindingen Raadsleden ervaren weinig invloed ten aanzien van de Veiligheidsregio. Documenten worden veelal als hamerstuk behandeld en zienswijzen worden weinig opgesteld en wanneer ze worden opgesteld lijken ze weinig impact te hebben. Bijeenkomsten worden slecht bezocht. De raad maakt zeer beperkt gebruik van zijn sturingsinstrumenten. De hoge werkdruk van raadsleden speelt hierbij een rol.
| 25 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
5.4 GR Metropoolregio Eindhoven (MRE) De Metropoolregio Eindhoven (MRE) is een samenwerkingsverband van 21 gemeenten in Zuidoost-Brabant, dat zich richt op de regionale ontwikkeling van dit gebied. Als GR biedt de MRE een platform voor gemeenten om gezamenlijk beleid te formuleren en uit te voeren op diverse terreinen, waaronder economie, infrastructuur, wonen en duurzaamheid. Het doel is om de concurrentiepositie van de regio te versterken, innovatie te stimuleren en de leefbaarheid voor de inwoners te verbeteren. De MRE speelt een belangrijke rol in het verbinden van lokale belangen met de bredere regionale ambities, en fungeert als gesprekspartner voor het Rijk en andere bestuurslagen.
Taken Het doel van de MRE is het realiseren van een optimale ontwikkeling van het vestigingsklimaat voor inwoners en ondernemers in de regio Zuidoost-Brabant. De MRE richt zich op de volgende taken: 1. Het opstellen van een regionale agenda. 2. Het organiseren van de inzet van gemeenten op de thema's van de regionale agenda. 3. Het gezamenlijk optrekken van gemeenten, op de thema's van de regionale agenda naar provincie, Rijksoverheid, Europese en internationale instellingen, -bedrijven en overheden. 4. Het inzetten van regionale investerings- en stimuleringsfondsen binnen de thema's van de regionale agenda. Als voortzetting van het Samenwerkingsverband Regio Eindhoven behartigt de MRE tevens het belang van de gemeenten bij een zorgvuldig beheer van de taken van het Samenwerkingsverband Regio Eindhoven. Ook behartigt de MRE de gemeentelijke belangen op het gebied van cultuurhistorie en erfgoedbeheer (Regionaal Historisch Centrum Eindhoven, RHCe). Het Samenwerkingsakkoord 2023-2026 is de basis voor de bestuurlijke samenwerking van de 21 gemeenten in Zuidoost-Brabant. Het Samenwerkingsakkoord geldt vier jaar en wordt ieder jaar met de opstelling van de begroting geactualiseerd.
In het Samenwerkingsakkoord 2023-2026 staan de strategische gezamenlijke inhoudelijke ambities, opgaven, doelen en afspraken waar de 21 gemeenten in Zuidoost-Brabant de komende jaren samen aan willen werken (inhoudelijke opgaven). De regio Zuidoost-Brabant groeit snel en maakt een schaalsprong door, die in goede banen moet worden geleid. Tegelijkertijd is het belangrijk om een nieuwe balans in het landelijk gebied te vinden en de kwaliteit daarvan te verbeteren. Dit resulteert in vijf strategische hoofdopgaven waar in de regionale samenwerking de focus op wordt gelegd: 1. Schaalsprong wonen en ruimte (kwaliteit leefomgeving). 2. Toekomstbestendig mobiliteitssysteem. 3. Toekomstbestendig energiesysteem. 4. Vitaal economisch systeem. 5. Vitaal landelijk gebied. Er is een Werkprogramma 2025-2026 opgesteld waarmee de 21 gemeenten in MRE-verband richting geven aan de regionale samenwerking zoals afgesproken in het Samenwerkingsakkoord 2023-2026.
Juridische vorm De MRE is een gemeenschappelijke regeling (GR).
| 26 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
Financiën De bijdrage van Eersel aan de MRE is de afgelopen jaren toegenomen. Voor 2025 werd een bedrag van ruim C 328.000 begroot.
Bestuurssamenstelling Het bestuur van de MRE bestaat uit het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur en de voorzitter. Ook kunnen er door het bestuur bestuurscommissies en commissies van advies worden ingesteld. De raden van de deelnemende gemeenten wijzen ieder één lid en een plaatsvervangend lid van het Algemeen Bestuur aan. Het Dagelijks Bestuur bestaat uit de voorzitter, zijnde de burgemeester van Eindhoven, de vicevoorzitter, zijnde de burgemeester van Helmond en daarnaast de burgemeesters van Oirschot en Deurne. Daarnaast bestaat het Dagelijks Bestuur uit een secretaris en een loco-secretaris.
Sturing De MRE heeft vijf inhoudelijke thema's (ruimte en wonen, mobiliteit, energietransitie, economie en landelijk gebied), elk met een eigen portefeuillehoudersoverleg, waarbij gemeentelijke portefeuillehouders samenwerken aan de vastgestelde opgaven. De MRE faciliteert en ondersteunt deze bijeenkomsten. Het college constateert dat de raad sterk probeert te sturen op de MRE en dat de raad het college ook duidelijke opdrachten meegeeft. Tegelijkertijd heeft de raad zelf de indruk dat zijn invloed op de MRE zeer beperkt is en dat hij op afstand staat; er wordt een 'democratisch gat' ervaren. De MRE heeft in 2015 het initiatief genomen tot de Raadstafel21. Hierin hebben raadsleden vanuit de betrokken gemeenten zitting. De raadstafel dient als overlegplatform en heeft voornamelijk een procesrol. Het is een schakel tussen gemeenteraden en de MRE, maar spreekt niet met mandaat vanuit de gemeenteraden. De raadstafel functioneert als gemeenschappelijke adviescommissie van de MRE. De voorzitter van de Raadstafel21 kan deelnemen aan beraadslagingen in het Algemeen Bestuur, maar heeft geen stemrecht. De Raadstafel21 is in 2021 formeel verankerd in de gemeenschappelijke regeling. Namens de gemeente Eersel nemen drie raadsleden deel aan de Raadstafel21.
Zij geven aan dat zij tijdens de bijeenkomsten van de raadstafel vooral informatie ontvangen, het is bijna onmogelijk om daar een tweerichtingsverkeer van te maken, is hun ervaring. Het heeft een sterk informeel karakter. Soms pikken ze wel eens wat op wat nog niet eerder door de wethouder is verteld. De wijze van terugkoppeling naar de eigen raad is persoonsafhankelijk; raadsleden hebben toch een politieke kleur, zo wordt opgemerkt. Na de laatste bijeenkomst van de raadstafel heeft de afvaardiging vanuit Eersel tijdens de raadsvergadering bij de mededelingen een vrij feitelijke opsomming gegeven van wat er tijdens de raadstafel werd besproken. Alle informatie vanuit de raadstafel komt ook in het raadsinformatiesysteem te staan, dus is voor iedereen te lezen. Momenteel wordt in het presidium en met de griffie gesproken over de wijze waarop de terugkoppeling aan de overige raadsleden vorm kan krijgen. Vanuit het college wordt opgemerkt dat het onwerkbaar zou zijn om de wijze waarop de governance is geregeld bij de MRE, met onder meer de Raadstafel21, bij alle verbonden partijen in te regelen, omdat dat een te grote werklast met zich mee zou brengen.
Controle De MRE organiseert minimaal twee regioconferenties per jaar voor college- en raadsleden. Deze conferenties bieden informatie over opgaven en de mogelijkheid voor input, maar er worden geen besluiten genomen. De belangstelling voor dergelijke bijeenkomsten is beperkt in de gemeente Eersel.
| 27 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
De MRE vraagt zienswijzen aan gemeenten voor planning-en-controldocumenten zoals de begroting, en kan ook andere documenten voorleggen. Raadsleden geven aan dat er wel zienswijzen zijn meegegeven aan de portefeuillehouder van de MRE, maar dat die daar niet altijd veel mee doet. De wethouder mag op persoonlijke titel voor een begroting stemmen, maar raadsleden vinden het teleurstellend als de portefeuillehouder geen opvolging geeft aan de zienswijze van de raad. Het college constateert dat de zienswijzen door de MRE inhoudelijk voor kennisgeving worden aangenomen; de zienswijzen van de raad van Eersel vallen weg tussen alle andere zienswijzen.
Verantwoording De MRE legt verantwoording af via diverse documenten in het kader van de planning-encontrolcyclus, zoals de begroting en de jaarrekening. Vanuit de ambtelijke organisatie wordt geconstateerd dat de stukken van de MRE op tijd binnenkomen, maar soms komt hetzelfde stuk wel op drie plekken in de organisatie binnen. Men is tevreden over de formele governance bij de MRE, maar de werkgroepen maken volgens de ambtelijke organisatie dat het onoverzichtelijk wordt. De MRE is verplicht om zienswijzen te vragen over documenten zoals het samenwerkingsakkoord en de begroting. Bij de ontwerpbegroting vindt in mei een regionale raadsinformatiebijeenkomst plaats om raadsleden te informeren en vragen te beantwoorden, georganiseerd door de MRE samen met de GGD, de Veiligheidsregio en de Omgevingsdienst. De MRE heeft vanuit het Algemeen Bestuur de vraag gekregen of er besparingsmogelijkheden zijn, en merkt de mogelijke gevolgen van het ravijnjaar. Desondanks is de beïnvloedbaarheid van de begroting van de MRE eigenlijk heel beperkt. De MRE streeft ernaar zo goed en vroeg mogelijk te schetsen welke stukken en besluitvorming op de raden afkomen. Recentelijk heeft de MRE de reactie op de Ontwikkelstrategie gelijktijdig met de raden gedeeld om een gelijke informatiepositie te waarborgen.
Het bestuur van de MRE merkt in het algemeen dat raadsleden steeds beter en vaker aangehaakt willen zijn.
Toezicht Het Algemeen Bestuur van de MRE houdt formeel toezicht op het functioneren van de GR. Daarnaast kan de gemeenteraad van Eersel ook meekijken bij de verschillende stukken. Het toezicht vindt onder andere plaats aan de hand van de door de MRE verplicht op te stellen planning-en-controldocumenten. De MRE merkt dat, hoewel ze al verschillende bijeenkomsten voor raadsleden organiseert, het risico bestaat dat raadsleden afhaken als er nog meer bij komen. Raadsleden zullen ook voor een deel het vertrouwen moeten hebben dat de bestuurders hun werk doen en de stem van de raad verkondigen.
Bevindingen De MRE is georganiseerd rond vijf inhoudelijke thema's. De Raadstafel21 fungeert als overleg- en adviesplatform voor gemeenteraden, zonder stemrecht in het Algemeen Bestuur. Verantwoording legt de MRE af via diverse planning-en-controldocumenten en regionale informatiebijeenkomsten. Desondanks heeft de raad het gevoel op afstand te staan. Zienswijzen van de gemeente op MRE-documenten worden vanuit de gemeente Eersel wel ingediend, maar krijgen volgens raadsleden onvoldoende navolging.
| 28 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
H6 | Uitzicht In dit hoofdstuk gaan we in op het gewenste uitzicht om meer grip te krijgen op verbonden partijen. Omdat dit vragen zijn die richting de aanbevelende sfeer gaan, hebben we ook vier dashboards - een per onderzochte casus - opgenomen waarin de belangrijkste instrumenten en knoppen staan waaraan de raad kan draaien (evenals een dashboard voor nieuwe GR'en). In dit hoofdstuk beantwoorden we de volgende deelvragen: 6. 7. 8.
Is voorzien in monitoring en sturingsmogelijkheden die de afzonderlijke gemeenteraden in staat stellen om de ontwikkelingen te volgen en bij te sturen? Welke verbeteringen zijn er mogelijk ten aanzien van de wijze waarop gemeenten hieraan concreet invulling geven? Wat zijn eventuele aandachts- en leerpunten voor de gemeenteraden?
6.1 Informatievoorziening 'aan' en sturing 'door' de raad De gemeenteraad van Eersel ervaart over het algemeen een gebrek aan controle over verbonden partijen. Hoe meer gemeenten betrokken zijn bij een verbonden partij, hoe minder invloed de individuele raad ervaart. Vooral bij de Veiligheidsregio en de MRE is er in de beleving van de raad nauwelijks tot geen invloed. Dit leidt tot het gevoel dat er sprake is van een ’democratisch gat'. Er lijkt weinig te kiezen en de informatie die de raad ontvangt is soms moeilijk te doorgronden. Het zou helpen als de gevolgen voor de gemeente Eersel, zowel inhoudelijk als financieel, duidelijker in de stukken worden vermeld. De raad wordt op verschillende manieren geïnformeerd over verbonden partijen: via ingekomen stukken, raadsinformatiebrieven en in de planning-en-controldocumenten van de gemeente en de verschillende verbonden partijen. Ook de verbonden partijen doen actief hun best om de raad te informeren. Echter, de informatiestroom is groot en soms rommelig. De terugkoppeling vanuit de Raadstafel21 is persoonsafhankelijk en (nog) niet eenduidig en gestructureerd. De raad maakt weinig gebruik van zijn sturingsinstrumenten. Raadsleden dienen in beperkte mate zienswijzen in. Zij zijn ontevreden over de wijze waarop er wordt omgegaan met zienswijzen, ook door de eigen portefeuillehouder. Inhoudelijk worden ze veelal terzijde gelegd.
De griffiers zijn op regionaal niveau bezig met een traject om meer gezamenlijke zienswijzen in te dienen. Tabel 3
Inzet (bij)sturingsinstrumenten tav de verbonden partijen 2020 - 2024 GRSK
Eersel
ZVHBZO
VRBZO
MRE
Moties: -
Moties: -
Moties: -
Moties: 1
Amendementen: -
Amendementen: -
Amendementen: -
Amendementen: 3
Schriftelijke vragen: -
Schriftelijke vragen: -
Schriftelijke vragen: 2
Schriftelijke vragen: 1
Zienswijzen: -
Zienswijzen: -
Zienswijzen: 1
Zienswijzen: 6
* Het betreft in het overzicht de aangenomen moties en amendementen. ** Een aantal moties en amendementen, maar ook raadsvragen zijn gesteld of ingediend tav meerdere verbonden partijen, wij hebben de genoemde partijen hierbij geturfd.
| 29 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
De aanwezigheid van raadsleden bij bijeenkomsten van verbonden partijen is relatief gering. Werkbezoeken worden niet tot zeer beperkt georganiseerd. De beperkte deelname heeft veel te maken met de werkdruk van raadsleden. Het hebben van fysiek contact en werkbezoeken op locatie kan de verbondenheid vergroten en bijdragen aan de beeldvorming over de partijen. Afstemming tussen de raden onderling vindt volgens de raad niet plaats. Wel komt het voor dat opmerkingen tussen individuele raadsleden worden gedeeld. Vanuit de organisatie wordt geconstateerd dat de Kempengemeenten goed samenwerken op ambtelijk en bestuurlijk niveau en dat dit ook wenselijk zou zijn op het niveau van de raad.
6.2 Prioritering bij verbonden partijen Sturing van verbonden partijen gaat ook over de wijze waarop gemeentelijke doelen in samenwerking met uitvoerende partijen worden gerealiseerd. Voor goede sturing is een focus nodig op de doelen, kosten en de risico's die daarbij horen. Het financieel belang is bijvoorbeeld verschillend per verbonden partij en bepaalt onbewust mede hoeveel aandacht de raad schenkt aan de organisatie. De raad moet met andere woorden kaders scheppen waarbinnen de verbonden partijen de uitvoering vorm kunnen geven en die daarna ook gecontroleerd kan worden door de raad. Om dit enigszins te vereenvoudigen is het goed om te prioriteren. Dat zou bijvoorbeeld kunnen door te kijken welke verbonden partij de hoogste beleidsintensiteit heeft, de meeste kosten met zich meebrengt en welke de grootste risico's met zich meebrengt. Hiervoor bestaat een alternatief afwegingskader4 dat onbewust al door raadsleden wordt gebruikt: 1. Beleidsintensiteit. De eerste prioriteit die de raad kan leggen, is bij het beleid. Is de beleidsintensiteit van de verbonden partij ’hoog' of juist Maag'? In welke mate is de verbonden partij noodzakelijk voor het realiseren van de beleidsdoelen van de gemeente? Is de verbonden partij 'beleidsintensief' of 'beleidsarm' of meer uitvoerend? 2. Kostenomvang.
Is de kostenomvang als hoog of laag te kwalificeren? Zijn er veel kosten gemoeid met de verbonden partij? Hoe hoog is de bijdrage per inwoner? En op welk aandeel in de gemeentebegroting wordt beslag gelegd door de verbonden partij? 3. Risico's. Zijn er regelmatig onverwachte tegenvallers of meevallers? Moet de verbonden partij opereren in een krachtenveld waarbij veel externe omstandigheden invloed hebben op de resultaten? Kortom, zijn de risico's over het algemeen 'hoog' of 'laag' in te schatten? De combinatie van deze factoren leidt tot meer intensieve sturing en prioritering van de raad of juist minder (zie figuur 1).
4 Het zogenaamde BKR-model is ontwikkeld door Necker van Naem.
| 30 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
Figuur 1
BKR-model voor prioritering in de sturing en controle op verbonden partijen
Op basis van de gesprekken, inzichten die zijn opgedaan bij andere Kempengemeenten en de paragraaf Verbonden Partijen zou het overzicht van Eersel er volgens de BKR-systematiek als volgt uit kunnen zien. Tabel 4
Overzicht prioritering aandacht voor verbonden partijen in De Kempengemeenten
Verbonden partij
Beleidsintensiteit
Kostenomvang
Risico's
Aandacht van de raad
GRSK
Hoog
Hoog
Hoog
Intensief
GGD
Hoog
Gemiddeld
Hoog
Intensief
Veiligheidsregio
Gemiddeld/hoog
Hoog
Hoog
Intensief
Kempenplus
Gemiddeld
Hoog
Hoog
Gemiddeld
MRE
Gemiddeld
Gemiddeld
Gemiddeld
Intensief
Omgevingsdienst
Gemiddeld
Gemiddeld
Hoog
Gemiddeld
BIZOB
Laag
Laag
Gemiddeld
Gemiddeld
ZVHZBO
Laag
Laag
Laag
Extensief
* In dit overzicht zijn alleen de Gemeenschappelijke Regelingen en stichtingen weergegeven.
6.3 Grip houden als gemeenteraad (bevindingen) Veel raadsleden ervaren grote druk op hun beschikbare tijd door de aandacht die sturen en controleren op verbonden partijen met zich meebrengt. Uit de gesprekken komt naar voren dat raadsleden moeten kiezen waar ze hun aandacht aan besteden. In dit opzicht staat de gemeente Eersel niet alleen. Nagenoeg alle gemeenteraden in Nederland ervaren gebrek aan grip op verbonden
| 31 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
partijen. Uit eerdere (rekenkamer)onderzoeken komt bovendien naar voren dat er geen heilige graal is voor het aansturen van verbonden partijen - alleen al gezien de beleidsdossiers, juridische vorm, financiële contouren en het verschil in risico's. Een term die de laatste tijd in schwung is om grote maatschappelijke problemen te duiden is ’wicked problem'. En goed beschouwd is de democratische legitimiteit en aansturing van verbonden partijen, die belangrijke gemeentelijke taken uitvoeren ook zo'n 'taai probleem'. Raadsleden hebben vaak het gevoel 'wel akkoord te moeten gaan' met voorstellen van verbonden partijen. Als Eersel niet akkoord gaat met een voorstel, moet het ook weer in de andere gemeenteraden (of overleggen) worden afgestemd. Een dergelijk taai probleem kan alleen met verdergaande, voortschrijdende creatieve oplossingen worden aangepakt. Dit pleit voor een scherpe focus en een goede informatievoorziening die aansluit op de behoeften van de raad. Om goed te kunnen kaderstellen en controleren heeft de raad met andere woorden behoefte aan overzichtelijke informatie die hen in staat stelt om het grote aantal verbonden partijen allemaal de juiste aandacht te schenken. Er zijn echter wel mogelijkheden om het raadswerk te verlichten, door bijvoorbeeld rapporteurs, raadsadviescommissies of werkgroepen in te richten.
Voor de MRE is er al een dergelijke constructie met de Raadstafel21, zoals ook in de paragrafen 5.4 en 6.1 besproken. Maar er is ook een mogelijkheid om raadsleden te laten deelnemen in het AB. De raden benoemen namelijk de leden van het AB, dat kan een burgemeester, wethouder of raadslid zijn. Veel van de stukken die in het AB langskomen zijn eerder langs de afzonderlijke raden geweest. De verschillende zienswijzen worden ingebracht in het AB. Deelname aan het AB door een raadslid, kan dus een informatievoorsprong geven. Daarnaast kan op verzoek van gemeenteraden een gemeenschappelijke adviescommissie ingesteld worden. Een dergelijke adviescommissie bestaat uit raadsleden. Het AB is verplicht om een commissie in te stellen wanneer de raden hierom vragen. Wat ook een belangrijke factor is voor werkverdeling en invloed uitoefenen, is het werken in regio-clusters. Eersel is onderdeel van de Kempen; om zaken voor elkaar te krijgen, is het handig om in ieder geval in die regio meer samen op te trekken. Zo zou op subregionaal niveau prima een vooroverleg voorafgaand aan AB-vergaderingen kunnen plaatsvinden, of ten minste afstemming over het indienen van zienswijzen. Uit de gesprekken komt naar voren dat het optrekken met andere raden op dit moment in beperkte mate gebeurt, terwijl het wel als wenselijk wordt gezien door de raad.
6.4 Governancedashboards Naast een mogelijke prioritering is het ook belangrijk om als raad het stuur echt in handen te krijgen. Hiervoor heeft BMC een dashboard ontwikkeld waarin aan de hand van het governancemodel in de verschillende fasen van plan, do, check en act de belangrijkste instrumenten en knoppen inzichtelijk zijn gemaakt waarmee de raad kan sturen, controleren, verantwoorden en toezien. We hebben aan de hand van het casusonderzoek voor de vier casussen een voorbeeld uitgewerkt van een dergelijk dashboard, dat uiteraard per verbonden partij opgesteld kan worden. Ten slotte hebben we ook een algemeen dashboard opgesteld voor GR'en dat gebruikt kan worden voor de governance bij de andere verbonden partijen.
| 32 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
6.4.1 GR Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost (ZVHBZO)
- Vaststellen gemeentelijke belangen voor deelname.
- Vertalen en koppelen van takenuitvoering door het ZVHBZO aan de gemeentelijke opgaven en
a Inhoudelijke en financiële kaders vaststellen.
het gemeentebestuur aangaande
* Vastleggen wie toezicht houdt, * Zorgen dat voortgangsinformatie aansluit op de planning & controlcyclus.
(verdeling bevoegdheden),
a Terugkoppeling vanuit bestuur aan raad over de ontwikkelingen bij het ZVHBZO
- Evalueren middels jaarverslag en
* Controleren of de uitvoering volgens de afgesproken richtlijnen verloopt.
a Nadenken over een passend
bijvoorbeeld door rapporteurs in de raad aan te stellen.
informatievoorziening . Maken afspraken over ínhoud,
* Identificeren en analyseren financiële en bestuurlijke risico's (stuur met het oog op beheersing van deze risico's)
eventueel in te dienen zienswijzen.
doelstellingen * Maken afspraken over besluiten door
- Maken afspraken over informatievoorziening met college.
» Nadenken en afstemmen over
» Monitoren op basis van vastgestelde informatievoorziening.
tijdigheid, relevantie, volledigheid,
eventueel bevragen van de wethouder op verdere details.
frequentie en vergelijkbaarheid van informatie.
toezichtsarrangement vanuit de raad. passende bij de taakuitvoering en bijdrage van de
* Jaarlijks werkbezoek bij het ZVHBZO of de directie uitnodigen voor bijeenkomst in de raad
gemeente (die genng is)
toezien
| 33 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
6.4.2 GR Samenwerking Kempengemeenten (GRSK)
* Specificeren van de bijdrage
» Maken van afspraken over besluiten
* Afspraken maken over
van de GRSK aan de realisatie
door het bestuur en terugkoppeling
aanwezigheid raadsleden bij
(verdeling bevoegdheden), bijv.
van gemeentelijke doelstellingen
aan de raad
vergadenngen van AB. DB.
door bet instellen van een
commissies etc.
raadsadviescommissie/
* Doelen op de lange termijn en
* Maken afspraken over welke
prestaties op de korte termijn
documenten worden behandeld en
* Terugkoppeling vanuit bestuur
van commentaar voorzien door de
aan raad over ontwikkelingen en
* Opdracht formuleren voor
raad. En op welke wijze de GRSK
resultaten van de GRSK. Het zou
eventueel extern toezicht of
hier mee omgaat {verwerkt/reageert)
goed zijn om ook de directie hierbij
evaluatie.
afstemmen ten aanzien van de verschillende dienstverlening.
* Inhoudelijke en financiële kaders vaststellen: van bestuurlijke afstemming in de regio naar agendasetting
* Maken van afspraken over informatievoorziening, ook op
* Vastleggen wie toezicht houdt,
raadswerkgroep.
uit te nodigen. * Maken van afspraken over met name ínhoud en tijdigheid van informatie.
- Periodiek een evaluatie laten * De GRSK meenemen in het
uitvoeren op de verschillende
inwerkprogramma van de raad.
taakvelden, maar ook op gebied
* Verstevig samenwerking met andere raden die deelnemen aan de GRSK
ínhoud
van governance en bednjfsvoenng * Jaarlijks werkbezoek bij de GRSK
(is die nog passend).
of raadsinformatiebijeenkomsten in aanwezigheid van de directie.
* Identificeren en analyseren financiële en bestuurlijke risico’s (stuur met het oog op beheersing van deze risico's)
sturen
controleren
| 34 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
verantwoorden
BMC
toezien
6.4.3 GR Veiligheidsregio Brabant Zuidoost (VRBZO)
•Specificeren van de bijdrage van de Veiligheidsregio aan de realisatie van gemeentelijke doelstellingen
•Inhoudelijke en financiële kaders vaststellen.
•Maken van afspraken over besluiten door het bestuur en terugkoppeling aan de raad.
informatievoorziening met
inhoud, niet (alleen) over
Vastleggen wie toezicht houdt, (verdeling bevoegdheden), bijv
financiën.
door het instellen van een regionale raadsadviescommissie/
« Maken afspraken over welke documenten worden behandeld en van commentaar voorzien door de
•Maken afspraken over
•Voer het strategisch gesprek op
•Terugkoppeling vanuit bestuur aan raad over ontwikkelingen en resultaten van de Veiligheidsregio Het zou goed
raadswerkgroep Opdracht formuleren voor
raad. En op welke wijze de
zijn om ook de directie hierbij uit
eventueel extern toezicht of
Veiligheidsregio hiermee omgaat
te nodigen.
evaluatie.
•De Veiligheidsregio meenemen in
Periodiek een evaluatie laten
(verwerkt/reageert)
college.
•Identificeren en analyseren financiële en bestuurlijke risico's
* Maken van afspraken over met name
het inwerkprogramma van de
uitvoeren op de verschíllende
Ínhoud en tijdigheid van informatie.
raad.
taakvelden, maar ook op gebied
* Verstevig samenwerking met andere
•Jaarlijks werkbezoek bij de
raden die deelnemen aan de
Veiligheidsregio en/ of
van governance en bedrijfsvoering
(stuur met het oog op beheersing van deze risico's)
Veiligheidsregio..
(is die nog passend).
raadsmformatíebijeenkomsten in aanwezigheid van de directie.
sturen
controleren
| 35 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
verantwoorden
toezien
BMC
6.4.4 GR Metropoolregio Eindhoven (MRE)
Specificeren van de bijdrage van de MRE aan de realisatie van gemeentelijke doelstellingen Inhoudelijke en financiële kaders vaststellen. Maken afspraken over informatievoorziening met college. Identificeren en analyseren financiële en bestuurlijke risico's (stuur met het oog op beheersing van deze risico's).
Maken van afspraken over besluiten door het bestuur en terugkoppeling
Voer het strategisch gesprek op ínhoud, niet (alleen) over financiën.
Verduidelijken rol en
Terugkoppeling vanuit bestuur aan raad over ontwikkelingen en resultaten van de MRE, Het zou goed zijn om ook de directie hierbij úitte nodigen
Opdracht formuleren voor
terugkoppeling Raadstafel21.
aan de raad. Maken afspraken over welke documenten worden behandeld en van commentaar voorzien door de raad. En op welke wijze de MRE hiermee omgaat (verwerkt/reageert).
Verstevig samenwerking met andere raden die deelnemen aan de MRE.
| 36 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
evaluatie. Periodiek een evaluatie laten
De MRE meenemen in het inwerkprogramma van de raad.
Maken van afspraken over met name ínhoud en tijdigheid van informatie.
eventueel extern toezicht of
uitvoeren op de verschillende taakvelden, maar ook op gebied van governance en bedrijfsvoering
Jaarlijks werkbezoek bij de MRE enì of raadsinformatiebijeenkomsten in aanwezigheid van de directie.
(is die nog passend).
BMC
6.4.5 Algemeen dashboard verbonden partijen
Dashboard GR-en '■iif sřr
ľ
* Instemmen met aangaan of wijzigen GR * Zienswijzen indienen op stukken *Vaststellen doelen op de lange
van de GR (ontwerpbegroting,
termijn en prestaties op de korte
ontwerpwijziging en mogelijk
termijn (inhoudelijke kaders)
ontwerpjaarrekening en beleidsstukken)
bJnJli
Che(
m
i
* College bevragen op genomen
* Periodiek evalueren van
besluiten en doelbereik van de GR
deelname aan GR
* Samenwerking met andere * College bevragen over specifieke
gemeenteraden om gezamenlijk
ontwikkelingen, dossiers en beleid
toezicht te houden, bijvoorbeeld in regionale raadsadviescommissie
* Organiseren van
* Financiële en juridische kaders vaststellen
W' 'uM
m .WŕÌĽiPMWu
* Bevragen college over diens
raadsinformatiebijeenkorristen en
* Vastleggen van procedures en
optreden in de GR
GR meenemen in
betrokkenheid raad, bijvoorbeeld de rol van raadsrapporteurs
inwerkprogramma van de raad - Maken afspraken over informatievoorziening
(bijvoorbeeld werkbezoeken) * Actualiseren van beleid, bijvoorbeeld nota verbonden
- Onderwerpen agenderen en
partijen
standpunten, opdrachten en richtlijnen meegeven aan het college
sturen
| 37 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
Bijlage 1 | Normenkader Onderzoeksvraag
Norm
Overzicht 1.
Wat zijn verbonden partijen?
2.
Welke afspraken en welk beleid bestaan er binnen de Kempengemeenten?
Hiervoor bestaat in beginsel geen norm. In dit onderzoek wordt de volgende definitie gehanteerd: Het gaat bij verbonden partijen om organisaties die niet (integraal) behoren tot de gemeentelijke organisatie, maar die de gemeente inzet om een of meer van haar publieke belangen te behartigen. Dit zijn partijen waarin de gemeente een bestuurlijk belang heeft (door middel van afgevaardigden in het bestuur) en waar het een financiële relatie mee heeft. ^
^
^ 3.
Op welke wijze wordt hieraan in de praktijk concreet uitvoering gegeven en met welk resultaat?
Er is actueel, helder en vastgesteld beleid ten aanzien van verbonden partijen. Het beleidskader geeft inzicht in: o de rol(len) van de gemeente; o de rol en de positie van de gemeenteraad; o de concrete sturingsmogelijkheden/ instrumenten bij verbonden partijen. Het beleid is geconcretiseerd en geïmplementeerd.
^
De uitvoering verloopt in lijn met de beoogde doelen en resultaten.
•
De raad wordt vroegtijdig betrokken en kan duidelijke afwegingen maken bij het oprichten van/toetreden tot verbonden partijen. Er wordt gemotiveerd aangegeven waarom gekozen wordt voor een bepaalde variant van samenwerking, alternatieven worden beschreven en er worden risicoanalyses uitgevoerd. Het is duidelijk welke prestaties verbonden partijen moeten behalen om het doel waarvoor deze zijn opgericht te bereiken en hoe de samenwerking bijdraagt aan de realisatie van de gemeentelijke doelen en ambities. De raad wordt hierover geïnformeerd. De directe en indirecte sturingsmogelijkheden voor de gemeente, en de raad in het bijzonder, zijn voldoende duidelijk en bekend. De sturingsmogelijkheden zijn in balans met de besturingsbehoefte en mogelijke risico's van de gemeente.
Inzicht 4.
Hoe wordt de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraad vormgegeven?
•
•
•
5.
Voldoen de afzonderlijke gemeenten aan de eisen die de wetgever - in formele zin - stelt aan de sturing op en beheersing van verbonden partijen?
^
De inrichting en uitoefening van de governance voldoen aan de geldende wet- en regelgeving, waaronder de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr).
| 38 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
Uitzicht 6.
Is voorzien in monitoring en sturingsmogelijkheden die de afzonderlijke gemeenteraden in staat stellen om de ontwikkelingen te volgen en bij te sturen?
^
^
Er is voorzien in monitoring (bijvoorbeeld d.m.v. de paragraaf verbonden partijen) die de afzonderlijke gemeenteraden in staat stelt om grip te hebben en (bij) te sturen. De directe en indirecte sturingsmogelijkheden voor de gemeente, en de raad in het bijzonder, zijn voldoende duidelijk en bekend en worden daadwerkelijk gebruikt.
7.
Welke verbeteringen zijn er mogelijk ten aanzien van de wijze waarop gemeenten hieraan concreet invulling geven?
Conclusies en aanbevelingen volgen uit het rekenkameronderzoek.
8.
Wat zijn eventuele aandachts- en leerpunten voor de gemeenteraden?
Conclusies en aanbevelingen volgen uit het rekenkameronderzoek.
| 39 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
Bijlage 2 | Bestudeerde documenten Beleids- en visiedocumenten ^ Coalitieakkoord 2022-2026 Planning-en-controldocumenten • Jaarrekeningen 2021-2023 • Begrotingen 2022-2026 Overig • Ambtelijke annotaties t.a.v. de casussen • Rekenkameronderzoek Grip op Verbonden Partijen, 2014 • Risicoscans (niet aanwezig) Stukken voor de vier casussen (generiek) • Begroting • Jaarrekening Bestuursrapportages (indien van toepassing) • Kadernota's (indien van toepassing) • Accountantverslagen • Gemeenschappelijke regeling • Samenwerkingsakkoord of samenwerkingsconvenant (indien van toepassing) • Zienswijzen Raadsdocumenten • Moties • Amendementen • Raadsvragen en antwoorden • Raadsinformatiebrieven • Raadsvoorstellen • Raadsbesluiten
| 40 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
Bijlage 3 | Lijst van gevoerde gesprekken Gesprekspartners Interne respondenten Vertegenwoordiging gemeenteraad Portefeuillehouders (burgemeester en wethouder) Medewerkers betrokken bij de vier casussen Gemeentesecretaris Respondenten vanuit de casussen Zorg- en Veiligheidshuis Zuidoost-Brabant Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking Kempengemeenten (GRSK) Veiligheidsregio Zuidoost-Brabant Metropoolregio Eindhoven
| 41 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
Bijlage 4 | Bestuurlijke reactie
getneentŕ
Eersel
mu mil mi nu ui mill ui
Reken kamercommissie Kempengemeenten Postbus 12 S52DAA EERSEL
Uw brief van
Eersel, d.d.
Uw kenmerk
Documentor.
16 September 2025 25.16347
Zaaknummer Telefoonnummer
0497-531300
Onderwerp
Bijlage(n)
Bestuurlijke reactie rekenkameronderzoek Verbonden Partijen
Geachte Rekenkamercommissie Op 5 augustus jongstleden hebben wij het onderzoeksrapport ‘Verbonden partijen’ ontvangen met het verzoek om hier voor 17 september 2025 een bestuurlijke reactie op te geven. In onze vergadering van 16 september hebben wij de Ínhoud van het rapport besproken en onderstaande bestuurlijke reactie geformuleerd op uw conclusies en aanbevelingen.
Conclusies en aanbevelingen In uw rapport ‘Verbonden partijen’ heeft u de volgende conclusies getrokken en aanbevelingen gedaan Conclusies 1. Er is geen Nota Verbonden Partijen of gemeentelijke visie, waardoor een goede richtlijn voor het omgaan met verbonden partijen ontbreekt. 2. De gemeente stelt geen eigen risicoanalyses voor verbonden partijen op. 3. Raadsleden zijn zoekende naar instrumenten en hun rol om te kunnen (bij)sturen. 4. Er wordt weinig samengewerkt of afgestemd tussen raden in de regio Aanbevelingen 1. College: zorg dat er een Nota Verbonden partijen of in ieder geval een visie wordt vastgesteld en geïmplementeerd (en vooral ook doorleeft door raadsleden) 2. College en raad: zorg voor een sterkere inhoudelijke verantwoording over verbonden partijen 3. College en raad: Onderzoek de mogelijkheden voor rapporteurschap en (regionale) raadsadviescommissies 4. Raad: prioriteer de aandacht en maak gebruik van de goverancedashboards 5. Raad: zet in op samenwerking in de (sub) regio, bijvoorbeeld door een werkgroep per verbonden partij Een deel van uw conclusies en aanbevelingen is bestemd voor de gemeenteraad in plaats van het college (conclusie 3 en 4 en aanbeveling 3, 4 en 5). Wij geven geen bestuurlijke reactie op de conclusies en aanbevelingen die van toepassing zijn op de raad. Bij aanbeveling 3 zien wij alleen een rol weggelegd voor de raad.
Wij hebben onze beantwoording ten aanzien van conclusies en aanbevelingen afgestemd met de griffie. Na toezenden van het definitieve rapport aan de raad ontvangt u via de griffier een aparte reactie op deze conclusies en aanbevelingen.
25.16347 Dijk 15
Postbus 12, 5520 AA Eersel
Tel. [Û497İ 53 13 00
www.eersel.nl
| 42 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
infor®eersel.nl
BMC RANDSTAD PROFESSIONAL
De conclusies en aanbevelingen worden gedeeltelijk gedeeld. Onderstaand onze bestuurlijke reactie:
Er is geen nota verbonden partijen of gemeentelijke visie, waardoor een goede richtlijn voor het omgaan met verbonden partijen ontbreekt. Aanbeveling: Zorg dat er een Nota verbonden partijen of in ieder geval een visie wordt vastgesteid en geïmplementeerd. Aanbeveling: zorg voor een sterkere inhoudelijke verantwoording over verbonden partijen. Wij onderschrijven uw conclusie dat het van belang is grip te hebben op onze verbonden partijen en de rol die visievorming daarin speelt. Echter zijn wij van mening dat het hebben van een Nota verbonden partijen daarin geen toegevoegde waarde heeft. Een deel van de verbonden partijen waaraan de gemeente deelneemt komt tot stand vanwege een wettelijke taak die bij deze partijen belegd is (o.a. GGD, Veiligheidsregio). Visievorming gebeurt op landelijk niveau op basis van de wettelijke verplichtingen die vertaald warden in de doelstellingen van de gemeenschappelijke regeling. Voor de gemeenschappelijke regelingen die opgericht worden vanuit eigen initiatief worden de visie en doelstellingen bepaald bij oprichting en vervolgens eenmaal per bestuursperiode geëvalueerd en bijgesteld. Dit ligt vast in de gemeenschappelijke regelingen. Een extra visiedocument is daarom overbodig en kan tot verwarring leiden.
Om het onderliggende doel van een nota verbonden partijen, namelijk de sturing op verbonden partijen, toch te vergroten nemen we deze aanbeveling als volgt over: We verbeteren we de informatievoorziening over verbonden partijen in de PSC producten. Aansluitend bij de verplichting volgens artikel 15 van de BBV (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten) voegen we in de begroting ook een kop toe waarin de visie en beleidsvoornemens m.b.t. de verbonden partijen worden toegelicht. Daarnaast onderzoeken we hoe we ontwikkelingen en risico’s duidelijker kunnen weergeven. Dit wordt opgepakt voor de begroting 2027-2030, als onderdeel van het project verbetering van de informatievoorziening betreffende de P&C producten. Op die manier staat alle sturingsinformatie van de verbonden partijen overzichtelijk bij elkaar. Wilt u bij correspondentie over deze aangelegenheid het zaaknummer Z25Ũ00172 vermelden? Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Eersel
De heer ing. H.M.L. Offermans Secretaris
De heer drs. W.A.C.M. Wouters Burgemeester
Pagina 2 van 2
| 43 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
25.16347
BMC
Bijlage 5 | Nawoord Wij danken het college voor zijn reactie en hebben kennis genomen van de aankondiging dat er in reactie op de aanbieding van ons rapport aan de raad een reactie van het college zal volgen op de aan de raad gedane aanbevelingen. Wij hebben voorts kennis genomen dat ook het college onze conclusie onderschrijft dat het van belang is grip te hebben op verbonden partijen en de rol die visievorming daarin speelt. Anders dan wij is het college echter van mening dat het hebben van een Nota verbonden partijen daarin geen toegevoegde waarde heeft. Het is, anders dan het college stelt, geen extra visiedocument (bovenop hetgeen vastligt in de gemeenschappelijke regelingen waaraan Eersel deelneemt) maar een document waarin u vastlegt hoe de gemeente Eersel zich verhoudt tot de samenwerkingsverbanden waaraan zij deelneemt en welke uitgangspunten zij daarbij hanteert en welke spelregels. Tegelijkertijd merken we op dat het college voornemens is om (aansluitend bij de verplichting volgens artikel 15 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten) in de begroting een passage toe te voegen waarin de visie en beleidsvoornemens m.b.t. de verbonden partijen worden toegelicht. Daarnaast gaat het college onderzoeken hoe ontwikkelingen en risico's duidelijker kunnen worden weergegeven.
Dit voornemen is wat ons betreft een beknopt alternatief voor hetgeen wij met onze aanbeveling hebben beoogd en sluit daar wat ons betreft in voldoende mate op aan.
| 44 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC
BMC Databankweg 26D 3821 AL Amersfoort Postbus 490 3800 AL Amersfoort (033) 496 52 00 info@bmc.nl www.bmc.nl KvK BMC Advies 32078667 IBAN NL91 ABNA 0504035754 BTW NL80.86.63.598 B.01
Colofon 23 september 2025 Classificatie
Vertrouwelijk
Naam adviseurs
^ ^
Kenmerknummer
:
Tom Plat Marsha de Vries
PO049216-2802
Kijk voor meer info op onze website: bmc.nl ______________________________________________________________________ j
| 45 | Rekenkameronderzoek naar verbonden partijen in Eersel
BMC