[24.22447] Bijlage 1 Totaaldocument begroting 2025-2028 - aangepaste versie
Tekst van het document
BEGROTING 2025-2028
1
2
Inhoudsopgave Aanbiedingsbrief ................................................................................................................................. 4 Inleiding .............................................................................................................................................. 6 Leeswijzer ........................................................................................................................................... 7 I. BELEIDSBEGROTING ................................................................................................................. 11 0. Sociale voorzieningen .................................................................................................................. 12 1. Maatschappelijke dienstverlening en gezondheid .................................................................... 16 2. Onderwijs .................................................................................................................................. 24 3. Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting ................................................................................. 27 4. Milieu ......................................................................................................................................... 39 5.
Veiligheid .................................................................................................................................. 48 6. Verkeer en vervoer ................................................................................................................... 52 7. Cultuur, sport en recreatie ........................................................................................................ 59 8. Economische structuur ............................................................................................................. 63 9. Bestuur en organisatie .............................................................................................................. 68 10. Algemene baten en lasten ........................................................................................................ 70 11. Overhead .................................................................................................................................. 74 PARAGRAFEN ................................................................................................................................ 82 1. Lokale heffingen ....................................................................................................................... 83 2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing .............................................................................. 87 3.
Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................................... 95 4. Treasury .................................................................................................................................. 101 5. Bedrijfsvoering ........................................................................................................................ 105 6. Verbonden partijen ................................................................................................................. 107 7. Grondbeleid ............................................................................................................................ 125 8. Openbaarheid Wet open overheid (Woo) ............................................................................... 128 II. FINANCIËLE BEGROTING ....................................................................................................... 129 1. Saldo Overzicht van baten en lasten ...................................................................................... 130 Overzicht incidentele baten en lasten ..................................................................................... 135 Overzicht structurele toevoegingen/onttrekkingen reserves .................................................. 136 2.
Financiële positie .................................................................................................................... 137 2.1 Begrotingsbeleid ......................................................................................................... 137 2.2 Arbeidskosten ............................................................................................................. 143 2.3 Investeringen .............................................................................................................. 144 2.4 Reserves en voorzieningen ........................................................................................ 144 2.5 Geprognosticeerde balans ......................................................................................... 146 3. Meerjaren investeringsprogramma 2025-2028....................................................................... 148 4. Meerjarenbegroting ................................................................................................................. 153 BIJLAGE ........................................................................................................................................ 155 Bijlage A Meerjarenoverzicht reserves en voorzieningen (inclusief toelichtingen) ........................
156 Bijlage B Overzicht baten en lasten per taakveld ........................................................................... 160 Bijlage C EMU-saldo ...................................................................................................................... 161
3
Aanbiedingsbrief Aan de gemeenteraad Onderwerp: aanbieding begroting 2025 Eersel, 17 september 2024 Beste raadsleden, Voor u ligt de programmabegroting van 2025-2028 van de gemeente Eersel. Deze begroting vormt een belangrijk document waarin de financiële plannen en beleidsvoornemens van onze gemeente worden gepresenteerd. Het geeft inzicht in hoe de middelen worden ingezet om de doelstellingen die de raad vaststelt in beleid te bereiken. De raad stelt bij het vaststellen van de begroting het budget beschikbaar voor de activiteiten in 2025. De speerpunten voor het komende jaar staan in de verschillende programma’s. Verder in deze brief wordt ingegaan op het financieel perspectief en de leeswijzer.
Begrotingsproces VNG-advies Bij het opstellen van de begroting is het VNG Begrotingsadvies 2025-2028 als uitgangspunt gebruikt. Dit advies luidt dat ombuigingen in kaart gebracht dienen te worden vanaf het begrotingsjaar 2026, maar zet deze nog niet in gang in 2025. Het is verstandig om na te denken over maatregelen, maar tegelijkertijd moet voorkomen worden dat gemeenten te vroeg onnodige en onomkeerbare ombuigingen in gang zetten. VNG concludeert dat de korting reële gevolgen gaat hebben voor alle gemeenten, op vrijwel alle beleidsterreinen. Door nu nog geen beleidsmatige ombuigingen te verwerken worden de gevolgen van de keuzes van het kabinet duidelijk. Bezuinigingen/Ombuigingen Vanuit de raad kwam de oproep om te kijken naar besparingen op de uitgaven. Bij het begroten is aan de beleidsmedewerkers gevraagd om kritisch naar hun budgetten te kijken en deze te verlagen indien mogelijk. In totaal is een bedrag van € 1.051.792,- aan verlagingen van budgetten opgenomen. (zie pagina 139, voor een nadere toelichting op dit bedrag). Op basis van het VNG-advies zijn er in 2025 geen beleidsmatige ombuigingen in de begroting verwerkt. Voor de begroting 2026-2029 worden deze mogelijkheden onderzocht in het traject ombuigingen waarmee we deze zomer zijn gestart. OZB-verhoging Ondanks de besparingen zijn er na de voorjaarsnota ook extra uitgaven in de begroting verwerkt.
Onder andere door prijsstijgingen of inkomsten verlagingen. Deze worden toegelicht op pagina 139 van de begroting, in totaal € 878.569,-. Uitgaande van de begrotingssaldi uit de raadsinformatiebrief van 12 maart 2024 zijn de begrote uitgaven en inkomsten (excl. ozb verhoging) in 2025 respectievelijk gestegen met € 3.341.142,- en € 2.996.617,-. Per saldo € 344.525,- hogere lasten en zonder enige ozb verhoging zou hierdoor het begrotingstekort oplopen tot € 231.287,-. Zie ter toelichting onderstaande tabel.
Begrotingssaldi raadsinformatiebrief 12 maart 2024 Mutaties tot en met deze begroting Begrotingssaldi deze begroting excl. ozb verhoging Extra opbrengst ozb verhoging Begrotingssaldi deze begroting incl. ozb verhoging
2025 uitgaven inkomsten 113.238 3.341.142 2.996.617 3.341.142 3.109.855 486.000 3.341.142 3.595.855
saldi 113.238 -344.525 -231.287 486.000 254.713
In deze begroting in een OZB-verhoging opgenomen van in totaal 14,5%. Hiermee worden de hogere structurele lasten uit de jaarschijf 2025 gedekt en is er een klein stapje gemaakt om de structurele lasten uit onze meerjarenbegroting in evenwicht te brengen met onze structurele baten. Het begrotingssaldo voor 2025 bedraagt hierna € 254.712,- positief. Zoals gezegd vinden wij het verstandig om onze hogere structurele lasten gefaseerd bij onze burgers neer te leggen, vandaar dat wij in 2025 iets ruimer verhogen dan strikt noodzakelijk is voor de jaarschijf 2025. 4
Vanuit de raad kwam het verzoek om de OZB met maximaal 10% te laten stijgen voor woning-eigenaren (gemiddelde extra last van € 31,80 per woning). Dit is verwerkt in de begroting. De OZB voor niet woningeigenaren stijgt daarmee met 22,07%. Deze OZB-verhoging levert een structureel voordeel op van € 486.000,-. Zie ook paragraaf lokale heffingen. Door deze structurele verhoging wordt de uitdaging om de begroting in de toekomst sluitend te maken kleiner. Een misschien minder bekend effect in de begroting is het effect van de WOZ-waarde op de algemene uitkering. Wanneer de WOZ-waarde stijgt betekent dit een hogere korting op de algemene uitkering van circa € 48.000,-. Als we deze korting willen compenseren dienen we de OZB eveneens met ruim 1% te verhogen. Zie pagina 142 voor een uitgebreidere toelichting. Na de verhoging van 10% OZB voor woningeigenaren, ligt de OZB last nog steeds lager dan gemiddeld in Nederland.
Begrotingssaldi 2025-2028 Na verwerking van alle mutaties in deze begroting resulteert dit in onderstaande meerjarige begrotingssaldi. De jaarschijf 2025 laat een positief resultaat zien van € 254.713,-. Hiermee verwachten we, na beoordeling door de provincie, voor het jaar 2025 onder repressief te vallen. (bedragen in €) Inkomsten Uitgaven Begrotingssaldo Waarvan incidenteel Structureel saldo
2025 63.662.933 63.408.220 254.713 19.812 234.901
2026 56.579.441 58.634.388 -2.054.977 20.053 -2.075.030
5
2027 54.889.187 57.764.305 -2.875.118 -5.797 -2.869.321
2028 56.691.461 60.237.251 -3.545.790 37.124 -3.582.914
Inleiding Voor je ligt de programmabegroting van 2025-2028 van de gemeente Eersel. Deze begroting vormt een cruciaal document waarin de financiële plannen en beleidsvoornemens van onze gemeente worden gepresenteerd. Het geeft inzicht in hoe de middelen worden ingezet om de doelstellingen die de raad vaststelt in beleid te bereiken. De raad stelt bij het vaststellen van de begroting het budget beschikbaar voor de activiteiten in 2025. De speerpunten voor het komende jaar staan in de verschillende programma’s. Verder in deze inleiding wordt ingegaan op het financieel perspectief en de leeswijzer. Financieel perspectief De begroting 2025 laat een positief resultaat zien van € 254.713,- voor het jaar 2025. Bij het samenstellen van deze begroting lag de focus op het begrotingsjaar 2025, waarbij het VNG begrotingsadvies 2025-2028 is gevolgd. In 2024 wordt het proces gestart om te komen tot een meerjarig sluitende begroting, die in 2026 moet worden gepresenteerd. Om te komen tot een sluitende begroting voor 2025 zijn er na bespreking van de voorjaarsnota 2025 in de raad nog verschillende keuzes gemaakt. Bij het maken van de nodige keuzes is de oproep van de raad te kijken naar een besparing van de uitgaven als een van de uitgangspunten gehanteerd, naast bijvoorbeeld het optimistisch begroten van inkomsten.
De besparingen (of extra opbrengsten) zijn opgenomen in een overzicht binnen hoofdstuk 2 Financiële positie van de financiële begroting (zie pagina 139). Enkele voorbeelden zijn een minder grote verhoging van de personeelslasten in 2025 en het financieel vertalen van de besparing als gevolg van het ‘verledden’ van de openbare verlichting. Naast de besparingen is deze begroting een OZB-verhoging van 10% voor woningen en 22,7% voor nietwoningen (gemiddeld 14,5%) verwerkt. De verhoging was ook voorgesteld in de voorjaarsnota 2025, maar nog niet verwerkt in het gepresenteerde begrotingssaldo. Bij de behandeling van de voorjaarsnota werd gepleit voor een gedifferentieerde verhoging voor woningen en niet-woningen. Dat verzoek is vertaald in deze begroting. Door de OZB-verhoging nu in te voeren wordt de uitdaging om de begroting meerjarig sluitend te krijgen minder groot. Het is verstandig om onze hogere structurele lasten gefaseerd bij onze burgers neer te leggen. Meerjarig perspectief in relatie tot kortingen vanuit het Gemeentefonds Meerjarig laat de begroting een negatief perspectief zien, van ruim twee miljoen in 2026 tot en met afgerond drieënhalf miljoen in 2028. Deels wordt dit veroorzaakt door een vermindering van onze inkomsten uit het Gemeentefonds. De gemeente Eersel wordt erg ruim gekort ten opzichte van andere gemeenten in Nederland.
Grotendeels staan we zelf aan de lat om dit gat te dichten. Door het rijk geboden compensaties zijn verwerkt in deze begroting en de huidige financiële circulaires en Haagse politieke ontwikkelingen geven geen aanleiding voor aanvullende compensaties. Naast de kortingen vanuit het Gemeentefonds hebben eigen ambities een aandeel in het negatieve meerjarig perspectief. Voor het sluitend krijgen van de begrotingen voor de jaren vanaf 2026 zijn daarom grote ombuigingen met beleidsmatige effecten, grootschalige bezuinigingen en/ of een nog verdere groei van de lokale belastingen noodzakelijk. In de begroting is zoals gebruikelijk de algemene uitkering conform de meicirculaire verwerkt. Aangezien er in de jaarschijf 2025 een eenmalige korting is verwerkt, voor Eersel is dit een bedrag van € 607.000,-, geeft de provincie de gemeenten bij uitzondering de mogelijkheid deze korting te dekken uit reserves. Aangezien dit niet bijdraagt aan het verbeteren van ons meerjarenperspectief, is van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt (zie pagina 71 voor een nadere toelichting).
H.M.L Offermans Secretaris
W.A.C.M. Wouters Burgemeester
6
Leeswijzer De gemeenteraad stelt jaarlijks vanuit haar kaderstellende en controlerende functie de begroting vast. Daarmee geeft de raad invulling aan haar recht het college van B&W toestemming te verlenen om voor een aangegeven prestatie een vastgesteld budget uit te geven. Wijzigingen door het jaar heen worden vervolgens ook ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad. Voor het overgrote deel van de budgetten wordt deze toestemming verleend via de begroting. De begroting bouwt zich op door een optelsom van door de raad vastgestelde beleidsstukken, externe ontwikkelingen die invloed hebben op inkomsten en uitgaven, de voor kennisgeving aangenomen voorjaarsnota 2025, het coalitieakkoord “Doen, tenzij!”, de begroting 2024 inclusief de begrotingswijzigingen tot en met 2 juli 2024 en de jaarstukken over 2023. De opzet van de begroting 2025 Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor hoe gemeenten in Nederland hun begroting dienen op te stellen. In lijn met de BBV bestaat de Eerselse begroting uit twee delen: I de beleidsbegroting; II de financiële begroting. De beleidsbegroting bestaat uit het programmaplan (de programma’s), het hoofdstuk “Algemene dekkingsmiddelen en stelposten” en de paragrafen. De programma’s worden conform artikel 2 van de financiële verordening van onze gemeente aan het begin van iedere raadsperiode vastgesteld door de raad.
De financiële begroting omvat het overzicht van baten en lasten, de financiële positie van de gemeente, het investeringsprogramma en de meerjarenbegroting. 1. 1.1
De beleidsbegroting Het programmaplan en de maatschappelijke effecten, indicatoren en normen,
1.1.1 Algemeen Normen en indicatoren Al een aantal jaren vindt een doorontwikkeling plaats op het gebied van normen en indicatoren in onze begroting. Vanuit het Besluit Begroting Verantwoording (BBV) is het sinds de begroting van 2017 landelijk verplicht gesteld een set van benchmarkindicatoren in de programmabegroting op te nemen. Die set heeft het doel: - de begroting inzichtelijker te maken voor (niet-financiële) raadsleden en inwoners; - het mogelijk te maken om de gemeente Eersel met andere gemeenten en cijfers te vergelijken. De verplichte indicatoren zijn in de programmabegroting opgenomen bij de beleidsvelden waar zij (het meest) betrekking op hebben. De indicatoren zijn afkomstig uit bestaande (landelijke) benchmarks en onderzoeken. Indien de raad daarvoor wensen heeft, al dan niet op aangeven van het college van B&W, kunnen deze landelijke indicatoren worden aangevuld met eigen indicatoren. De indicatoren en de bijbehorende meetgegevens worden ontsloten via www.waarstaatjegemeente.nl. Hierbij wordt opgemerkt dat sommige gegevens niet jaarlijks worden gemeten, ofwel tijdig worden geactualiseerd. Daar waar onder een norm de waarden tussen haakjes staan, betreft het de meest recente werkelijke cijfers/scores. De raad is vrij om voorstellen te doen tot wijzigingen van normen.
Meetgegevens voor de eigen (subjectieve) indicatoren worden verkregen aan de hand van de burgerpeiling en ondernemerspeiling. Het verbeteren van de normen en indicatoren is een proces dat continu de nodige aandacht heeft, zodat bovenstaande doelen ieder jaar weer beter te realiseren zijn. Bij de programma’s gaat het in eerste instantie om de inhoud van het beleid. Vanzelfsprekend is ook de financiële ruimte belangrijk. In het programmaplan zijn de beoogde maatschappelijke effecten van de indicatoren vermeld, evenals de (prestatie)normen die daarop betrekking hebben. 1.1.2 Maatschappelijke effecten, indicatoren en normen In deze programmabegroting zijn de volgende uitgangspunten per programma gehanteerd: Gewenst maatschappelijk effect(en) is (zijn) duidelijk geformuleerd; Gewenst maatschappelijk effect(en) wordt (worden) uitgesplitst in subdoelen; 7
Meetbare indicatoren worden opgenomen die iets zeggen over de mate waarin het gewenste effect is/wordt gerealiseerd; Opgenomen indicatoren uit de begroting zijn (op termijn) daadwerkelijk te monitoren, zodat verantwoording hierover mogelijk is; Per indicator is een (minimum)norm geformuleerd; Een directe koppeling wordt gelegd tussen datgene wat we willen bereiken en datgene wat we daarvoor gaan doen in het begrotingsjaar. In de programmarekening, als onderdeel van de jaarstukken, wordt vervolgens aan de hand van kleuren in de tabel aangegeven of de gestelde normen zijn gerealiseerd. 1.1.3 De opbouw van de programma’s De programma’s zijn als volgt opgebouwd: Omschrijving programma Hierin wordt omschreven wat onder het betreffende programma wordt verstaan. De beleidsterreinen die onder het programma vallen zijn ook aangegeven. Deze beleidsterreinen zijn gekoppeld aan de taakvelden uit het BBV. De drie w’s: Wat willen we bereiken en Wat gaan we daarvoor doen? Per programma zijn de beoogde maatschappelijke effecten aangegeven, die moeten worden bereikt door de uitvoering van beleid. In een rubriek zijn indicatoren aangegeven voor de beoogde maatschappelijke effecten. Daarnaast is een rubriek opgenomen waarin (prestatie)normen zijn vermeld, die moeten worden gehaald. Direct hieraan gekoppeld is welke specifieke activiteiten moeten hiervoor verricht worden.
Voorbeeld: De activiteiten die vallen onder dit programma hebben als doel het volgende maatschappelijke effect te realiseren: “Geformuleerd maatschappelijk effect”
Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? ONDERWERP Indicator Indicator behorende bij maatschappelijk effect.
het
Realisatie Hoe hebben we de afgelopen jaren gescoord op deze indicator.
Norm De te behalen norm in 2025.
Wat gaan we daarvoor doen? Opsomming van activiteiten die in 2025 moeten bijdragen aan het realiseren van de gewenste realisatie, die een positieve bijdrage levert aan het behalen van het maatschappelijk effect. Vervolgens worden bijzonderheden en speerpunten voor 2025, die invloed hebben op de realisatie, toegelicht. Wat mag het kosten? Ieder programma kent baten en lasten. Autorisatie door de raad vindt plaats op het niveau van de programma’s. Deze programma’s zijn ingedeeld in productgroepen, die gelijk zijn aan de taakvelden uit het BBV. De uitgaven die ten laste van reserves zijn gebracht, zijn opgenomen bij de lasten en baten van de desbetreffende productgroep. Verder zijn de investeringen voor 2024 opgenomen. Indien de raad instemt met de begroting, worden de investeringskredieten voor het jaar 2025 beschikbaar gesteld, mits er door de raad geen aanpassingen worden gemaakt in het meerjariginvesteringsprogramma. De programma’s 10 en 11 Het programma ‘Algemene baten en lasten’ (programma 10) en het programma ‘Overhead’ (programma 11) hebben een andere opbouw dan de overige programma’s. Hierin wordt alleen een overzicht van de financiële middelen gegeven.
8
1.2. De paragrafen In de paragrafen worden de beleidsmatige aspecten van diverse beheersinstrumenten aangegeven. Bedoelde instrumenten vallen ook onder één of meer programma’s. Voor een totaalinzicht in de positie van de gemeente is het van belang dat deze dwarsdoorsnede wordt gemaakt. Het BBV bepaalt welke paragrafen in ieder geval opgenomen moeten worden in onze begroting. Hieronder wordt kort ingegaan op de diverse paragrafen. 1. Lokale heffingen Hierin wordt een toelichting gegeven op alle belastingen en heffingen van de gemeente Eersel. 2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing In deze paragraaf gaat het om de vraag in welke mate de gemeente in staat is middelen vrij te maken om tegenvallers te kunnen opvangen. Aangegeven wordt welke risico’s de gemeente loopt, welke middelen beschikbaar zijn bij tegenvallers en welk beleid de gemeente heeft ten aanzien van deze aspecten. 3. Onderhoud kapitaalgoederen In dit onderdeel wordt ingegaan op de onderhoudstoestand en de kosten van wegen, riolering, gebouwen, groen en verlichting, de zogenaamde kapitaalgoederen. Deze paragraaf is onder meer een instrument om onderhoud systematisch aan te pakken. Het spreekt voor zich dat de instandhouding van de kapitaalgoederen van essentieel belang is voor de realisering van verschillende programma’s, zoals ‘verkeer en vervoer’ en ‘onderwijs en educatie’. 4.
Treasury De paragraaf is bedoeld om de uitvoering van de treasuryfunctie te volgen, welke functie als volgt kan worden gedefinieerd: ‘Het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s’. 5. Bedrijfsvoering Bij de bedrijfsvoering gaat het om de besturing en beheersing van, het toezicht op en de verantwoording over de bedrijfsprocessen binnen de gemeentelijke organisatie op basis van een bedrijfsvoeringfilosofie (bijvoorbeeld rechtmatig, betrouwbaar, transparant, doelmatig en doeltreffend). 6. Verbonden partijen Dit onderdeel moet inzicht geven in de zogenaamde verbonden partijen: ‘Participaties van de gemeente in derde rechtspersonen waarin bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend en waarmee financiële belangen zijn gemoeid’. Hiermee worden bedoeld de gemeenschappelijke regelingen, stichtingen, verenigingen en privaatrechtelijke rechtspersonen. Partijen waarin de gemeente én een bestuurlijk én een financieel belang heeft. 7. Grondbeleid Het grondbeleid is enerzijds van belang voor de doelstelling van verschillende programma’s en anderzijds vanwege de financiële belangen en risico’s voor de gemeente. 8.
Openbaarheid Wet open overheid (Woo) Deze nieuwe paragraaf voorziet in de wettelijke verplichting om jaarlijks in de begroting aandacht te besteden aan beleidsvoornemens inzake de uitvoering van de Woo. 2.
De financiële begroting
In het overzicht van baten en lasten (zie paragraaf 1 van onderdeel II: de financiële begroting) is het onderdeel waarin is aangegeven tot welke bedragen de raad het college heeft geautoriseerd bij de begroting. Het is een overzicht van de baten en lasten per programma, waarbij afzonderlijk is aangegeven welke onttrekkingen en toevoegingen aan reserves er per programma plaatsvinden. In het onderdeel financiële positie wordt ingegaan op het gevolgde begrotingsbeleid (inclusief de uitgangspunten), de jaarlijks terugkerende arbeidskosten, de investeringen, de reserves en de meerjarenbegroting. Hiernaast worden alle mutaties die verwerkt zijn na de voorjaarsnota toegelicht.
9
De ‘financiële positie’ en de paragraaf “weerstandsvermogen en risicobeheersing” geven samen antwoord op de vraag hoe gezond de gemeente financieel is, of aan alle verplichtingen kan worden voldaan en of er dan nog ruimte is om eventuele tegenvallers op te vangen. De totale inkomsten en uitgaven en de batige saldi zien er voor de periode 2025-2028 als volgt uit: (bedragen in €) Inkomsten Uitgaven Begrotingssaldo Waarvan incidenteel Structureel saldo
2025 63.662.933 63.408.220 254.713 19.812 234.901
2026 56.579.441 58.634.388 -2.054.977 20.053 -2.075.030
2027 54.889.187 57.764.305 -2.875.118 -5.797 -2.869.321
2028 56.691.461 60.237.251 -3.545.790 37.124 -3.582.914
In de begroting 2025 is het batig exploitatiesaldo voor 2025 ad € 254.713,- toegevoegd aan de algemene reserve (zie ook de toelichting bij het onderdeel “Financiële positie”, paragraaf 2.1). Bijlagen Conform de vastgestelde financiële verordening moet jaarlijks bij de begroting en jaarrekening enkele gegevens per reserve en voorziening worden geactualiseerd. Het overzicht Reserves en voorzieningen maakt in de vorm van een bijlage A dan ook deel uit van de begroting en jaarrekening. Tevens is er een verplicht overzicht van de baten en lasten per taakveld als bijlage B opgenomen. In bijlage C is het EMU-saldo opgenomen.
10
I. BELEIDSBEGROTING
11
0. Sociale voorzieningen De activiteiten die vallen onder dit programma hebben als doel het volgende maatschappelijke effect te realiseren: “Inwoners kunnen in hun levensbehoefte voorzien”.
Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? INKOMEN Indicator 1. Netto arbeidsparticipatie (verplicht) % van de beroepsgeschikte bevolking (15-75 jaar) die daadwerkelijk betaald werk heeft.
Realisatie 2023 Eersel: 75,5% Gemeenten tot 25.000 inwoners: 73,7%
Norm Norm: > het gemiddelde van gemeenten tot 25.000 inwoners
2022 Eersel: 74,6% Gemeenten tot 25.000 inwoners: 72,9%
Wat gaan we daarvoor doen? KempenPlus ondersteunt de ontwikkeling van cliënten met als doel regulier aan het werk te gaan en te blijven. Als regulier werk niet (of niet direct) haalbaar is, wordt er gekeken naar mogelijkheden tot gesubsidieerde arbeid op de reguliere arbeidsmarkt of een beschutte werkplek bij of via KempenPlus, of een andere vorm van zinvolle dagbesteding. KempenPlus bepaalt voor elke cliënt een passende aanpak: cliënten zijn aan het werk, werken aan werk, participeren, werken aan participatie of hebben een zorgtraject. Indicator 2. Werkloze jongeren (verplicht) % 16 t/m 22-jarigen zonder betaald werk
Realisatie 2023 Eersel: realisatie waarden 2023 onbekend in september 2024. Gemeenten tot 25.000 inwoners: realisatie waarden 2023 onbekend in september 2024.
Norm Norm: < het gemiddelde van gemeenten tot 25.000 inwoners
2022 Eersel: 1% Gemeenten tot 25.000 inwoners: 1% Wat gaan we daarvoor doen? - KempenPlus biedt ondersteuning aan jongeren van 16 of 17 jaar met een leerplicht of kwalificatieplicht en jongeren van 18 tot 27 die hulp nodig hebben voor het volgen van een leerwerktraject. - KempenPlus zet een breed scala aan re-integratie instrumenten in voor werkloze jongeren en biedt specifieke trainingen aan op basis van nut en noodzaak. Indicator 3. Personen met een bijstandsuitkering (verplicht)
Realisatie 2023 Eersel: 91,5 Gemeenten tot 25.000 inwoners: 173,7
Aantal per 10.000 inwoners
2022 Eersel: 98,8 Gemeenten tot 25.000 inwoners: 179,7
Norm Norm: < het gemiddelde van gemeenten tot 25.000 inwoners
Wat gaan we daarvoor doen? - KempenPlus verstrekt een bijstandsuitkering aan wie daar recht op heeft. - Alle uitkeringsgerechtigden hebben een actueel plan van aanpak naar (betaald) werk (of een ontheffing van de actieve arbeidsverplichtingen). - TalentPlus wordt ingezet om nieuwe cliënten te diagnosticeren en een passend traject aan te bieden.
12
Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? Indicator 4. Lopende re-integratievoorzieningen (verplicht)
Realisatie 2023 Eersel: 178,1 Gemeenten tot 25.000: 146,7
Aantal per 10.000 inwoners van 15 – 64 jaar
2022 Eersel: 129,9 Gemeenten tot 25.000: 142,1
Norm Norm: > het gemiddelde van gemeenten tot 25.000 inwoners
Wat gaan we daarvoor doen? Door middel van het TalentPlus-programma wordt de afstand van de cliënt tot arbeid in beeld gebracht en worden trajecten ingezet om de afstand tot de arbeidsmarkt te verminderen zodat uitstroom naar werk meer kansen biedt.
Toelichtingen op ontwikkelingen/speerpunten 2025 KempenPlus KempenPlus is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Participatiewet, de sociale werkvoorziening, de minimaregelingen en een deel van de Wet inburgering. Daarnaast verstrekt KempenPlus leefgeld aan Oekraïense ontheemden. KempenPlus ondersteunt inwoners met als doel hen zo regulier mogelijk aan het werk te laten gaan en te houden, of als dat (nog) niet mogelijk is, zich bezig te houden met een andere vorm van een nuttige dagbesteding. Daarnaast verzorgt KempenPlus de dienstverlening richting werkgevers. Zij bemiddelen, detacheren of nemen bijvoorbeeld de bemensing van een hele productielijn over. Voor inwoners die geen of te weinig inkomen hebben, beoordeelt KempenPlus het recht op bijstand en verzorgt de uitbetaling hiervan. Toekomstverkenning KempenPlus In 2019 is bij de start van KempenPlus afgesproken om te zijner tijd te kijken of de opdracht, de organisatie en de daarvoor ter beschikking gestelde middelen nog passend zijn om de beoogde maatschappelijke effecten te bereiken. Er heeft inmiddels een voorverkenning plaatsgevonden op basis van 9 thema’s. In het najaar 2024 vindt het vervolg plaats.
Enerzijds wordt gekeken naar de verbetermogelijkheden in de doelmatigheid, dat wil zeggen de mate waarin beleidsdoelen en maatschappelijke waarde worden gerealiseerd en de kosten die daar tegenover staan; anderzijds wordt onderzocht of de gemeentelijke taken die gericht zijn op financiële bestaanszekerheid juist zijn belegd bij de uitvoeringsorganisaties KempenPlus en GRSK. In afwachting van dit onderzoek zijn er voor 2025 en verder geen specifieke speerpunten bepaald. Geldzorgen Inwoners met een laag inkomen kunnen een beroep doen op minimaregelingen. Deze minimaregelingen worden sinds 1 januari 2024 uitgevoerd door KempenPlus. Naar verwachting wordt in december 2024 de nieuwe Kadernota Geldzorgen voor de periode 2025-2028 ter besluitvorming aan uw raad voorgelegd. Daarin zal worden voorgesteld om de komende jaren de focus te leggen op het bereiken van meer inwoners met geldzorgen met het bestaande ondersteuningsaanbod. Daarnaast zal worden voorgesteld om in te zetten op het in een eerder stadium bereiken van inwoners met geldzorgen, zodat de geldstress beperkt blijft en betalingsachterstanden minder oplopen. Inwoners met een migratieachtergrond Huisvesting statushouders De taakstelling huisvesting statushouders voor 2024 was 59 (40 nieuwe + 19 achterstand uit 2023). Voor 2025 wordt geen afname verwacht en gaan we uit van dezelfde taakstelling als in 2024.
In afstemming met de provincie in maart 2024, is een aangepast plan van aanpak besproken in het kader van actief toezicht. De gemeente Eersel heeft de taak gekregen om de gemeentelijke taakstelling van 2024-I, 2024-II en 2025-I te halen en de achterstand van 19 met 1/3 terug te brengen vóór 1 juli 2025.
13
In het aangepaste plan van aanpak zijn de volgende oplossingsrichtingen opgenomen: Verdere intensivering van de samenwerking met Woningstichting WSZ: o Prestatieafspraken over extra huisvesting van statushouders, zonder dat dit leidt tot excessen richting andere urgente doelgroepen en leefbaarheid in wijken o Prestatieafspraak om woningen die in de verkoop gaan eerst aan te bieden aan de gemeente. o Afspraak over inzet op doorstroom van ouderen vanuit eengezinswoningen naar seniorenwoningen en de vrijgekomen eengezinswoningen in te zetten voor o.a. de taakstelling statushouders. Samenwerking in de regio met gemeenten om gezinnen te koppelen aan onze gemeente die beter passen bij onze woningvoorraad Onderzoek naar realisatie van tijdelijke flexibele huisvesting van statushouders voordat de grote uitbreidingswijken binnen de gemeente Eersel beschikbaar komen. Onderzoek naar mogelijkheden om sociale woningbouw in de grotere uitbreidingslocaties eerder gerealiseerd kunnen worden in 2025-2026 Inburgering Het inburgeringsaanbod van de gemeente Eersel zal gericht blijven op extra inspanning om een zo vroeg mogelijke start van inburgeringstrajecten in 2025 in lijn met het streven van het rijk. Dit geldt specifiek voor statushouders die nog in het COA zitten in afwachting van een woning.
Bijdrage van belangrijke partijen in de inburgeringsketen, waaronder taalscholen en andere ondersteunende organisaties, is hierin een speerpunt. Het Eerselse inburgeringsaanbod zal flexibel en bestendig blijven ook in financieel uitdagende tijden. Huisvesting asielzoekers Ondanks dat het nieuwe kabinet voornemens is om de spreidingswet af te schaffen, willen de gemeenten de huisvesting van asielzoekers conform de spreidingswet verdelen over de gemeenten. Dit betekent dat ook de gemeente Eersel inzet op de realisatie van een opvanglocatie voor asielzoekers in 2025. Opvang Oekraïners We vangen Oekraïners op in de gemeentelijke en particuliere opvang. We verzorgen opvang, ondersteuning voor medische zorg, onderwijs (voor minderjarige kinderen) en de begeleiding naar werk. We huren een kantoor als opvanglocatie in Eersel (STG-gebouw) en hebben een opvanglocatie in Vessem in eigendom. Verder hebben we enkele woningen in eigendom waar we ook Oekraïners huisvesten. In 2025 zetten we dit allemaal door. De Oekraïners in onze gemeente participeren op arbeidsgebied. Ook wordt een beroep gedaan op regelingen die vallen onder het sociaal domein. Leges Kinderopvang Voor het starten van een kinderopvangvoorziening worden leges in rekening gebracht. Om wachtlijsten te verkleinen willen we het starten van kinderopvangvoorzieningen aanmoedigen.
De leges van de gemeente Eersel zijn relatief hoog en vormen mogelijk een drempel om een opvang te starten. In 2024 is daarom een voorstel gedaan om de leges vanaf 2025 te verlagen of volledig te laten vervallen. De leges leveren de gemeente nu inkomsten op die dan komen te vervallen. Afhankelijk van het aantal aanvragen gaat het om een bedrag tussen de €1.600 en €5.700 (op basis van gegevens uit 2022 en 2023).
14
Wat mag het kosten? Programma: Sociale voorzieningen Productgroep (bedragen in €)
Rekening 2023
Begroting
Begroting 2025 - 2028
2024
2025
2026
2027
2028
LASTEN Werk
120.037
168.694
175.142
175.142
175.142
175.142
Inkomen
3.481.731
3.177.950
3.077.994
3.077.994
3.077.994
3.077.994
Inw oners met migratieachtergrond Totaal lasten (excl. kapitaallasten & apparaatskosten)
280.423
490.597
456.676
86.676
86.676
86.676
3.882.191
3.837.241
3.709.812
3.339.812
3.339.812
3.339.812
BATEN Werk
1.626
7.753
0
0
0
0
Inkomen
2.787.387
2.571.150
2.495.600
2.495.600
2.495.600
2.495.600
Inw oners met migratieachtergrond
153.599
Totaal baten (excl. beschikking reserve m .b.t. kapitaallasten)
2.942.612
2.578.903
2.495.600
2.495.600
2.495.600
2.495.600
Saldo (baten – lasten)
-939.579
-1.258.338
-1.214.212
-844.212
-844.212
-844.212
OVERIGE LASTEN Apparaatskosten
5.127.422
5.759.227
5.995.800
6.018.800
6.021.800
6.013.800
Totaal overige lasten
5.127.422
5.759.227
5.995.800
6.018.800
6.021.800
6.013.800
Saldo program m a (baten – lasten)
-6.067.001
-7.017.565
-7.210.012
-6.863.012
-6.866.012
-6.858.012
De onderstaande analyse van de belangrijkste financiële afwijkingen 2025 ten opzichte van 2024 gaat over de kosten exclusief apparaatskosten, kapitaallasten en onttrekkingen aan de reserves (voor zover deze een directe relatie hebben met de kapitaallasten/afschrijvingen). Werk Binnen deze productgroep zijn geen significante afwijkingen. Inkomen Binnen deze productgroep is sprake van een afwijking van circa € 24.000,- positief ten opzicht van de begroting 2024. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door het vrijvallen van de stelpost schuldhulpverlening van € 23.000,-. Inwoners met een migratieachtergrond Binnen deze productgroep is sprake van een afwijking van € 34.000,- positief ten opzichte van de begroting 2024. Deze afwijking wordt veroorzaakt door het verlagen van het budget Integratiestatushouders met € 39.000,-. Dit bedroeg een bijdrage aan Kempenplus, dit bedrag loopt vanaf 2025 via de algemene uitkering. Hiernaast wordt het budget leefgeld vluchtelingen met € 5.000,- verhoogd. Deze extra lasten worden per saldo budgetneutraal geraamd (zie programma 3).
Beleidsdocumenten -
Bedrijfsplan Participatiebedrijf ‘iedereen werkt mee’ Beleidsregels bijzondere bijstand Kempengemeenten 2024 Beleidsregels Participatieregeling 18+ Kempengemeenten 2024
15
1. Maatschappelijke dienstverlening en gezondheid Door het uitvoeren van de activiteiten in dit programma willen we het volgende maatschappelijke effect realiseren: “Een samenleving waarin inwoners zo zelfstandig mogelijk kunnen wonen, leven en deelnemen, wat hen in staat stelt zichzelf te ontplooien in goede gezondheid”.
Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? JEUGD Indicator 5. Jongeren met een delict voor de rechter (verplicht) % 12 t/m 21-jarigen
Realisatie 2023 Eersel: realisatie waarden 2023 onbekend in september 2024. Gemeenten tot 25.000 inwoners: realisatie waarden 2023 onbekend in september 2024.
Norm Norm: < het gemiddelde van gemeenten tot 25.000 inwoners
2022 Eersel: 1% Gemeenten tot 25.000 inwoners: 1% Wat gaan we daarvoor doen? - Samenwerking met politie en jeugdcoaches; - Vroege signalering in het voorliggende veld (preventie); - Monitoring van de aanmeldingen Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG+) via de verschillende aandachtsgebieden. Indicator Realisatie Norm 6. Kinderen in uitkeringsgezin 2023 Norm: < het gemiddelde (verplicht) Eersel: realisatie waarden 2023 van gemeenten tot onbekend in september 2024. 25.000 inwoners % kinderen tot 18 jaar Gemeenten tot 25.000 inwoners: realisatie waarden 2023 onbekend in september 2024. 2022 Eersel: 2% Gemeenten tot 25.000 inwoners: 3% Wat gaan we daarvoor doen? - Vanuit één regisseur werken we integraal aan verschillende problematieken; - Nauwe samenwerking in het kader van de Participatiewet. Indicator 7. Jongeren met jeugdhulp (verplicht) % van alle jongeren tot 18 jaar
Realisatie 2023 Eerste halfjaar 2023 (voorlopig): Eersel: 8,3% Gemeenten tot 25.000 inwoners: 10,1%
Norm Norm: < het gemiddelde van gemeenten tot 25.000 inwoners
2022 Eersel: 9,6% Gemeenten tot 25.000 inwoners: 12,1% Wat gaan we daarvoor doen? - Voor zover mogelijk verminderen van het aantal en de duur van specialistische jeugdhulptrajecten; - Preventieve inzet CJG+ en gemeente; - Samen met het gezin een plan opstellen waardoor gezinnen zelf problemen kunnen oplossen.
Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? Indicator 8. Jongeren met jeugdbescherming (verplicht)
Realisatie 2023 Eersel: 0,4% Nederland: 1%
Norm Norm: < het gemiddelde van gemeenten tot 25.000 inwoners 16
Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? % van alle jongeren tot 18 jaar
Gemeenten tot 25.000 inwoners: realisatie waarden 2023 onbekend in september 2024. 2022 Eersel: 0,4% Nederland: 1,2% Gemeenten tot 25.000 inwoners: niet bekend
Wat gaan we daarvoor doen? - De gezamenlijke ambitie van zowel de gemeenten als de gecertificeerde instellingen is om op termijn te komen tot een substantiële reductie van de instroom binnen Jeugdbescherming en Jeugdreclassering en tot het verkorten van de trajectduur; - Hiertoe volgen we de ontwikkelingen van het Toekomstscenario Kind en Gezinsbescherming; - We vormen tandems met de Gecertificeerde Instellingen (jeugdbescherming); - We werken samen met Veilig Thuis en de Raad voor de Kinderbescherming; - Inzet initiatieven van Transformatiefonds. Indicator 9. Jongeren met jeugdreclassering (verplicht) % van alle jongeren van 12 tot 23 jaar
Realisatie 2023 Eerste halfjaar 2023 (voorlopig): Eersel: realisatie waarden 2023 onbekend in september 2024. Nederland: 0,3% Gemeenten tot 25.000 inwoners: realisatie waarden 2023 onbekend in september 2024.
Norm Norm: < het gemiddelde van gemeenten tot 25.000 inwoners
2022 Eersel: 1% Gemeenten tot 25.000 inwoners: 1% Wat gaan we daarvoor doen? - Samenwerking met jeugdreclassering, politie en jongerenwerk. WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING Indicator 10. Cliënten met een maatwerkarrangement WMO (verplicht)
Realisatie 2023 Eersel: 690 Gemeenten tot 25.000 inwoners: 653
Aantal per 10.000 inwoners
2022: Eersel: 690 Gemeenten <25.000 inwoners: Gegevens niet beschikbaar
Norm Geen norm
Wat gaan we daarvoor doen? - Uitvoeren van de Verordening Wmo voor wat betreft maatwerkvoorzieningen Wmo. - Op het terrein van welzijn is de aandacht gericht op: Ondersteuning mantelzorgers Dementie Ketenzorg Versterking voorliggende voorzieningen Inclusief beleid - Inzichtelijk maken hoe we omgaan met ‘complexe casuïstiek’ en ervoor zorgen dat deze aanvragen op een juiste manier behandeld en ondersteund worden.
17
Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? VRIJWILLIGERS Indicator 11. Aantal vrijwilligers (eigen indicator) % inwoners dat zich heeft ingezet voor anderen en/ of maatschappelijke doelen via vrijwilligerswerk.
Realisatie 2023 De laatst bekende cijfers zijn uit 2022 (onderzoek inwonerspijling).
Norm Norm: > het gemiddelde van gemeenten < 25.000 inwoners
2022 Eersel: 47% Gemeenten <25.000 inwoners: 42%
Wat gaan we daarvoor doen? In 2025 vervolgen wij onze uitvoering van het vrijwilligersbeleid, vastgelegd in het Welzijnsplan gemeente Eersel 2023 – 2026. We richten ons daarbij onder andere op het bieden van een zo goed mogelijke ondersteuningsstructuur, vanuit de gemeente zelf en vanuit het Steunpunt Vrijwilligerswerk Eerselvoorelkaar voor vrijwilligersorganisaties, vrijwilligers en individuele hulpvragers.
Toelichtingen op ontwikkelingen/speerpunten 2025 Welzijnsplan gemeente Eersel 2023 tot en met 2026 In april 2023 is het Welzijnsplan gemeente Eersel 2023 tot en met 2026 vastgesteld. We steken daarbij in op twee opgaven: 1. Het, waar nodig, versterken en verbinden van de sociale basis; 2. Focus op kwetsbare inwoners met vangnetvoorzieningen. De sociale basis wordt gevormd door verschillende beleidsterreinen: een passende woning, een plezierige leefomgeving, een stabiele financiële situatie, een baan, dagbesteding en vrijwilligerswerk, een fijn sociaal netwerk, bij een gemeenschap horen, een goede gezondheid en voldoende gelegenheid tot het volgen van onderwijs/opleidingen. Daarnaast ligt de focus op kwetsbare inwoners waarvoor vangnetvoorzieningen nodig zijn om (tijdelijk) ondersteuning te bieden als de sociale basis niet voldoende is om mee te kunnen doen. In het Welzijnsplan is ten aanzien van deze beleidsterreinen opgenomen waarop de komende jaren de inzet is gericht. Voor een aantal onderwerpen sluiten we daarbij aan bij hetgeen over deze onderwerpen al in specifieke beleidsdocumenten is of nog wordt vastgelegd. Zo zijn in 2024 het Uitvoeringsprogramma Woonzorgvisie, de Inclusieagenda 2024/2025, het Accommodatiebeleid, het Gezondheidsbeleid en het integraal huisvestingsplan onderwijs vastgesteld. In 2025 geven we uitvoering aan het in deze documenten vastgestelde beleid.
Onderwerpen die onder meer betrekking hebben op armoede, jeugd, speelvoorzieningen zijn ten tijde van het opstellen van deze begroting in voorbereiding en worden nog in 2024 of in 2025 aan de gemeenteraad voorgelegd. Voor 2025 gaat het in ieder geval om het Meerjarenbeleidskader jeugdhulp 2026 tot en met 2029 en aanvullend beleid gericht op ondersteuning mantelzorgers. Subsidieprogramma Een belangrijk middel dat de gemeente heeft om beleidsdoelen te realiseren zijn subsidies. Aan het Welzijnsplan is ook het Subsidieprogramma gekoppeld. In 2023 heeft het college het nieuwe Subsidieprogramma 2024 tot en met 2027 vastgesteld. In dit programma zijn de (vrijwillige) organisaties opgenomen die van gemeentewege voor deze jaren subsidie ontvangen. In 2025 wordt dit subsidieprogramma ongewijzigd doorgezet. Vrijwilligers Na een daling in de coronaperiode zien we dat het aantal inwoners dat zich vrijwillig inzet, weer gestaag stijgt. Ook zien we dat het verenigingsleven weer zo goed als terug is op het oude niveau. De website Eerselvoorelkaar wordt door steeds meer organisaties en inwoners gebruikt als een (extra) manier voor 18
het vinden van vrijwilligers, passende hulp en het vinden van vrijwilligerswerk. Ook in 2025 blijven we inwoners stimuleren om zich in te zetten voor een vrijwilligersorganisatie of iemand in de omgeving. We zien ook dat er steeds meer vraag is naar flexibel vrijwilligerswerk. Dit vergt een andere kijk op de organisatie van vrijwilligerswerk binnen vrijwilligersorganisaties. Vrijwilligersorganisaties zijn zelf verantwoordelijk voor het vinden, binden, ondersteunen en boeien van hun vrijwilligers. Wij zien het als onze taak hen hierin zo goed mogelijk te ondersteunen. Het steunpunt vrijwilligerswerk Eerselvoorelkaar speelt hierin een centrale rol. Naast ondersteuning bij het matchen van vraag en aanbod van vrijwilligerswerk (onder andere via Eerselvoorelkaar.nl), bieden we voorzieningen als de collectieve vrijwilligersverzekering en subsidie voor scholing van vrijwilligers, waardering van vrijwillige inzet en ondersteuning van vrijwilligersorganisaties bij hun vrijwilligersbeleid. We zetten ons, waar mogelijk samen met onze collega's in de Kempen, in voor het organiseren van informatiebijeenkomsten over thema's die bestuurders van vrijwilligersorganisaties tegenkomen. Jeugdhulp Het Meerjarenbeleidskader jeugdhulp in de Kempen 2020 – 2024 is eerder met twee jaar te verlengd tot en met 2026.
Inmiddels is door het college een procesvoorstel vastgesteld waarin de stappen zijn opgenomen om te komen tot een nieuw beleidskader voor de periode 2026 tot en met 2029. In dit proces is ook voorzien in een evaluatie van het huidige plan. In de opstelling van het nieuwe plan worden alle betrokken partijen, waaronder ook de gemeenteraden van de Kempengemeenten, geconsulteerd. Vervolgens is het de bedoeling dat in het laatste kwartaal 2025 de gemeenteraden het nieuwe meerjarenbeleidskader jeugdhulp voor de jaren 2026 tot en met 2029 gaan vaststellen. Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Beschermd wonen In het kader van de Wmo bieden gemeenten haar inwoners de voorziening ‘beschermd wonen’ aan. Het doel van beschermd wonen is om mensen met een psychische kwetsbaarheid zoveel mogelijk in de eigen omgeving te begeleiden en ondersteunen. De inhoudelijke en financiële verantwoordelijkheid voor de uitvoering van beschermd wonen als onderdeel van de Wmo ligt nu nog bij de centrumgemeenten. Bedoeling was dat deze verantwoordelijkheid en de financiële middelen vanaf 2023 fasegewijs overgeheveld zou worden van de centrumgemeente naar alle gemeenten. Echter de verantwoordelijk staatssecretaris heeft geconcludeerd dat de invoering van het woonplaatsbeginsel en het daarmee samenhangende nieuwe verdeelmodel beschermd wonen niet haalbaar zijn.
Dit betekent dat de beoogde ingangsdatum van de doordecentralisatie beschermd wonen weer tot nader order is uitgesteld. Tot hierover meer bekend is, houden we vast aan de ambities en uitgangspunten van de Regiovisie Doordecentralisatie Beschermd Wonen 2022-2026’. Deze gaan uit van een ontwikkeling van beschermd wonen naar beschermd thuis. Het gaat niet meer lukken om de Wet woonplaatsbeginsel per 1-1-2025 te laten ingaan. Ook het objectieve verdeelmodel voor de middelen die gemeenten ontvangen voor BW wordt nog niet ingevoerd. Dat is immers onlosmakelijk verbonden met het woonplaatsbeginsel. De centrumgemeenten blijven deze middelen in 2025 dus ontvangen op basis van het huidige historische verdeelmodel. Het wetsvoorstel woonplaatsbeginsel, dat sinds begin dit jaar bij de Tweede Kamer ligt voor behandeling, is nog steeds controversieel verklaard. Daardoor kan het niet meer voor het zomerreces door de Tweede en Eerste Kamer behandeld worden. De nieuwe streefdatum voor invoering is nu 1 januari 2026. Gezondheid In 2024 is de nota gezondheid 2024-2026 vastgesteld. Deze loopt gelijk op met het landelijk programma Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). We ontvangen ook in 2025 rijksmiddelen om extra in te zetten op het bevorderen van gezondheidspreventie. In 2024 hebben we een uitvoeringsprogramma opgesteld dat in 2025 verder uitgevoerd wordt.
Daarnaast zijn drie tijdelijke projectmedewerkers aangesteld. Eén voor het bevorderen van sport- en bewegen, een tweede voor #Kempenbranie om middelengebruik (waaronder alcohol) terug te dringen. De derde voert de vijf ketenaanpakken uit gericht op gezondheidspreventie, waaronder valpreventie en aanpakken voor kinderen en volwassenen met overgewicht en obesitas. Zij zetten hun werkzaamheden ook in 2025 voort. Dorpsparticipatie In 2025 zal binnen participatieprogramma Dorpen Maken Het Verschil wederom het project Krachtige Kernen gaan draaien. Daarbij beoordelen we niet, zoals bij reguliere aanvragen, de initiatieven vanuit dorpen, maar stellen we vooraf een budget beschikbaar per dorp. Dat budget kan worden verdeeld onder de verschillende initiatieven uit het dorp. Dat doen we samen met Visit Eersel. Daarnaast blijft het mogelijk om initiatieven in te brengen via het participatieprogramma zelf: onze medewerker Dorpsparticipatie gaat dan samen met de initiatiefnemers bezien wat nodig is om het initiatief te verwezenlijken. 19
Daarnaast blijft er een rol in het kader van participatie weggelegd voor onze Dorpsraden. Op basis van de participatieladder zal per project bezien worden welke rol zij hierin kunnen hebben. Door gebruik te maken van de methode het Relevant Gesprek®, waarin de ambtelijke organisatie in de periode 2024/2025 getraind wordt, verwachten we een handige leidraad te hebben om samen met alle betrokkenen tot goede keuzes te komen.
Toelichting op investeringen 2025 Renovatie JAM Kerkstraat 27 Het deel van de accommodatie Kerkstraat 27a, Eersel dat door Stichting JAM wordt gehuurd, is aan renovatie toe. Met de vervanging van o.a. de toiletten en MIVA-toilet, de armaturen, de gangdeuren en vervanging van de radiatoren naar laagtemperatuur radiatoren als voorloper op aardgasloze installatie heeft Stichting JAM weer een toekomstbestendige en functionele ruimte die weer voldoet aan de norm en optimaal gebruikt kan worden. Openbaar toegankelijk mindervalidentoilet centrum Eersel Via een petitie hebben 140 bewoners en bezoekers van het centrum van Eersel de gemeenteraad gevraagd om een openbaar toegankelijk mindervalidentoilet in het centrum van Eersel te realiseren. De raad heeft besloten hier gehoor aan te geven. De beoogde locatie hiervoor is in de Schob achter het pand Markt 26, langs het fiets-/voetpad tussen de Markt en het Areven. Door de oude Schob te renoveren (o.a. asbestsanering dakbeschot, isoleren gevels/vloer/dak, aanleg water/stroom/riolering) en een prefab zelfreinigend mindervalidentoilet in deze schop te installeren wordt een kwalitatief goede en voor iedereen toegankelijke en schone openbare toiletvoorziening in het centrum van Eersel gerealiseerd.
Toelichting op exploitatiekosten 2025 Jeugdhuis de Spil Jeugdhuis De Spil in Vessem biedt huisvesting aan Stichting Jeugdbelangen van de Parochie St. Lambertus te Vessem (Jong Nederland). Het huidige jeugdhuis (bouwjaar 1987) is gedateerd. Los van de leeftijd voldoet deze accommodatie, die is aangemerkt als basisvoorziening, niet aan het niveau wat je vandaag de dag mag verwachten en de normen uit de blokhutwijzer van Scouting Nederland. De grootste knelpunten hebben betrekking op het sanitair, de keukenvoorziening en toegankelijkheid. Gemeente Eersel rekent met een economische levensuur voor haar vastgoed van 40 jaar. Doorgaans vindt er na 40 jaar er een renovatiemoment plaats. Gelet op het bouwjaar van de jeugdaccommodatie staat deze renovatie gepland voor 2027. Op basis van het accommodatiebeleid heeft de gemeente een zorgplicht ten aanzien van de basisvoorzieningen. In het accommodatiebeleid staat echter ook dat vervanging en renovatie niet vanzelfsprekendheid is. Er wordt gekeken naar mogelijkheden tot samenwerking, of gezamenlijk gebruik van accommodaties. Gelet op de aard van de activiteiten ligt een samenwerking met andere verenigingen en accommodaties in Vessem niet voor de hand. Daarnaast wordt er gekeken naar de vitaliteit van de vereniging, die activiteiten moet kunnen blijven bieden op een voldoende kwalitatief niveau.
Met een stabiel ledenbestand van ruim 70 jeugdleden en ruim 30 begeleiders en vrijwilligers is Jong Nederland Vessem een vitale vereniging die bijdraagt aan de leefbaarheid van de kern Vessem. Met het naar voren halen van het renovatiemoment zijn de eerdergenoemde knelpunten opgelost en is er in Vessem een toekomst bestendige en jeugdaccommodatie die weer voldoet aan de norm en optimaal gebruikt kan worden. Bovendien voldoet de accommodatie, door het realiseren van onder andere een mindervaliden toilet en mindervaliden douche, na de renovatie aan de richtlijnen met betrekking tot toegankelijkheid Openbaar toegankelijk mindervalidentoilet centrum Eersel De kosten voor water- en stroomverbruik en preventief technisch/hygiënisch onderhoud worden geraamd op € 10.000,- incl. btw per jaar. Dorpsondersteuner Steensel Eind 2022 is besloten om op basis van het Visieplan Welzijn wonen en zorg Steensel voor de pilotduur van twee jaar onder meer een dorpsondersteuner voor 20 uur per week in te zetten in Steensel. De dorpsondersteuner is per 1 mei 2023 gestart. Medio 2024 heeft een tussentijdse evaluatie plaatsgevonden en besloten is om de pilot nogmaals met twee jaar (van 1 mei 2025 tot 1 mei 2027) voor 20 uur per week voort te zetten. De dorpsondersteuners Vessem en Steensel zouden ervoor kunnen zorgen dat het aantal WMO aanvragen in de toekomst omlaag gaat.
Om die reden is een besparing opgenomen op het budget WMO te grote van de totale kosten van de dorpsondersteuners Vessem en Steensel samen. 20
Wat mag het kosten? Het programma bestaat uit de volgende productgroepen: 1. Vrijwilligers; 2. Voorzieningen jeugd en jongeren; 3. Ouderen, chronisch zieken en gehandicapten; 4. Sociaal cultureel werk; 5. Volksgezondheid. Investeringen (bedragen in €)
Jeugdhuis de Spil Openbaar toegankelijk mindervalidentoilet centrum Eersel Renovatie JAM kerkstraat 27 Totaal investeringen Exploitatie (bedragen in €)
Investeringsprogramma uitvoeringsjaar 2025 180.000 251.000
Dekking uit reserves, voorzieningen en/of overige 0 0
Dekking kapitaallasten uit exploitatie
25.000 456.000
0 0
25.000 456.000
Exploitatie 2025
Dekking uit reserves, voorzieningen en/of overige
Dekking uit exploitatie
180.000 251.000
Openbaar toegankelijk mindervalidentoilet centrum Eersel Dorpsondersteuner Steensel
10.000
0
10.000
30.000
0
30.000
Totaal exploitatie
40.000
0
40.000
21
Exploitatie Programma: Maatschappelijke dienstverlening en gezondheid Productgroep (bedragen in €)
Rekening
Begroting
Begroting 2025 - 2028
2023
2024
2025
2026
2027
2028
16.795
19.060
23.480
23.480
23.480
23.480
Voorzien. jeugd en jongeren
3.274.818
2.708.528
2.702.408
2.702.408
2.702.408
2.702.408
Oud., chron.zieken en gehand.
5.047.241
5.390.945
5.216.930
5.216.930
5.216.930
5.216.730
Sociaal cultureel w erk
1.401.945
702.699
749.013
749.013
749.013
749.013
Volksgezondheid
1.073.751
1.116.004
1.212.467
1.159.038
1.025.433
1.025.433
Totaal lasten (excl. kapitaallasten & apparaatskosten)
10.814.550
9.937.236
9.904.298
9.850.869
9.717.264
9.717.064
BATEN Oud., chron.zieken en gehand.
146.830
225.576
141.360
341.360
341.360
341.360
Sociaal cultureel w erk
998.036
97.647
98.263
98.263
98.263
98.263
LASTEN Vrijw illigers
Volksgezondheid
171.712
187.034
187.034
133.606
0
0
Totaal baten (excl. beschikking reserve i.v.m . kapitaallasten)
1.316.578
510.257
426.657
573.229
439.623
439.623
Saldo (baten – lasten)
-9.497.972
-9.426.979
-9.477.641
-9.277.640
-9.277.641
-9.277.441
OVERIGE LASTEN Apparaatskosten
3.146.191
2.658.765
2.792.504
2.792.504
2.792.504
2.792.504
281.752
367.518
364.427
364.427
364.427
364.427
3.427.943
3.026.283
3.156.931
3.156.931
3.156.931
3.156.931
Beschikking reserve i.v.m. kapitaallasten
32.334
0
0
0
0
0
Totaal overige baten
32.334
0
0
0
0
0
-12.893.581
-12.453.262
-12.634.572
-12.434.571
-12.434.572
-12.434.372
Kapitaallasten Totaal overige lasten BATEN
Saldo program m a (baten – lasten)
De onderstaande analyse van de belangrijkste financiële afwijkingen 2025 ten opzichte van 2024 gaat over de kosten exclusief apparaatskosten, kapitaallasten en onttrekkingen aan de reserves (voor zover deze een directe relatie hebben met de kapitaallasten/afschrijvingen). Vrijwilligers Binnen deze productgroep zijn geen significante afwijkingen. Voorzieningen jeugd en jongeren Binnen deze productgroep zijn geen significante afwijkingen. Ouderen, chronisch zieken en gehandicapten Binnen deze productgroep is sprake van een afwijking van ongeveer € 90.000,- positief. Er is een stelpost opgenomen in de begroting van € 91.540,- lagere uitgaven voor WMO. Dit komt door uitbreiding van de dorpsondersteuners, hierdoor kan het budget voor WMO positief worden bijgesteld. Sociaal cultureel werk Binnen deze productgroep is sprake van een afwijking van ongeveer € 46.000,- negatief. Dit verschil wordt voornamelijk veroorzaakt door een hogere storting in de voorziening onderhoud gemeentelijke gebouwen voor de gemeenschapshuizen. Volksgezondheid Binnen deze productgroep is sprake van een afwijking van € 96.000,- negatief. Dit verschil wordt veroorzaakt door een verhoging van het budget Jeugdgezondheidszorg (bijdragen aan de GGD).
22
Beleidsdocumenten -
Welzijnsplan gemeente Eersel 2023 tot en met 2026 Accommodatiebeleid gemeente Eersel, 2024 Nota Gezondheid 2024 – 2026 Meerjaren Beleidskader Jeugdhulp de Kempen 2020 – 2023 (verlengd 2024 en 2025) Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Eersel 2024 Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Eersel 2024 Regiovisie Doordecentralisatie Beschermd Wonen 2022-2026 Participatieprogramma ‘Dorpen maken het verschil’ Inclusieagenda
23
2. Onderwijs Door het uitvoeren van de activiteiten in dit programma willen we het volgende maatschappelijke effect realiseren: “Als gemeente de mogelijkheid scheppen om onderwijs te volgen in gebouwen die aan de minimale eisen van wet- en regelgeving voldoen en in nabijheid van de woonomgeving”.
Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? ONDERWIJS / LEERPLICHT Indicator 12. Absoluut verzuim (verplicht) Aantal per 1.000 leerlingen (bij absoluut verzuim is een leerling niet ingeschreven op school)
Realisatie Schooljaar 2022-2023* Eersel: 5,8 Gemeente < 25.000 inwoners: 6,1
Norm Norm: < het gemiddelde van gemeenten tot 25.000 inwoners
* De verzuimcijfers worden altijd per schooljaar verzameld. De verzuimcijfers voor schooljaar 2023-2024 zijn pas medio 2025 bekend.
Wat gaan we daarvoor doen? De leerplichtambtenaar controleert intensief of leerplichtigen ingeschreven staan op een school. Daarnaast zet de leerplichtambtenaar samen met het Doorstroompunt voor voortijdig schoolverlaters (vsv’ers) in op afspraken tussen het voortgezet onderwijs (VO) en MBO ter voorkoming van absoluut verzuim. Indicator Realisatie Norm 13. Relatief verzuim Schooljaar 2022-2023 * Norm: < het gemiddelde (verplicht) Eersel: 7 van gemeenten tot 25.000 Gemeenten < 25.000 inwoners: 21 inwoners Aantal per 1.000 leerlingen (bij * De verzuimcijfers worden altijd per schooljaar relatief verzuim is een leerling verzameld. De verzuimcijfers voor schooljaar ongeoorloofd afwezig) 2023-2024 zijn pas medio 2025 bekend.
Wat gaan we daarvoor doen? De leerplichtambtenaar beperkt verzuim zoveel mogelijk door: - een goede leerplichtadministratie; - intensieve contacten met scholen, leerlingen/ouders, (keten)partners; - regionale samenwerking. Indicator Realisatie Norm 14. Voortijdige schoolverlaters Schooljaar 2022-2023* Norm: < het gemiddelde zonder startkwalificatie (vsv’ers) Eersel: 1,8% van gemeenten tot 25.000 (verplicht) Gemeenten < 25.000 inwoners: 1,9% inwoners % deelnemers aan het VO en MBO onderwijs