[22.27383] - Rapport Onderzoek Rekenkamercommissie Omgevingswet
Tekst van het document
6.1 Wat is de rol en positie van de gemeenteraad in de voorbereiding? Normen bij deelvraag 7: ^ De raadsbesluiten die voor invoeringsdatum genomen moeten zijn, zijn minimaal met de raad voorbesproken en in een advies uitgewerkt. ^ De raden hebben een visie/notitie vastgesteld over hoe zij de relatie met inwoners vorm willen geven en hoe zij participatie willen invullen. ^ De raden hebben een visie vastgesteld over de mate van deregulering in het omgevingsplan in samenhang met het ambitieniveau van eerder genoemde visie op de relatie met inwoners en participatie.
Meeste raadsbesluiten in de voorbereiding moeten nog genomen worden De Omgevingswet biedt ruimte om de maatschappelijke opgaven van vandaag, zoals de demografische ontwikkeling en de daarmee samenhangende woningbouwopgave, de klimaatverandering en de veranderende relatie tussen overheid en inwoners anders aan te pakken. Die ruimte zit in een verschuiving in taken en verantwoordelijkheden tussen raad en college waarbij de raad verantwoordelijk is voor het maken van strategische keuzes in de omgevingsvisie en het vaststellen van kaders in het nieuwe omgevingsplan. Het college kan met de omgevingsprogramma's op basis van de visie, regelgeving en een aangepast werkproces bij vergunningverlening sturen op de uitvoering. Door inwoners tijdens de verschillende fases (bij visievorming, besluitvorming en uitvoering) meer dan voorheen te betrekken, wordt optimaal gebruikgemaakt van aanwezige kennis en ervaring bij inwoners.
5 Van deze respondenten was ongeveer de helft nieuw raadslid (sinds april 2022).
| 25 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
Op het gebied van het advies- en delegatierecht en de participatie zijn al raadsbesluiten opgesteld, maar nog niet vastgesteld. De raad kan echter nóg meer gebruikmaken van de ruimte die de Omgevingswet biedt, door de uitvoering meer bij het college te laten en de zijn beschikbare tijd te besteden aan de grote maatschappelijke vraagstukken. Woningbouw en energietransitie zijn concrete en complexe vraagstukken in de regio die strategische keuzes en samenwerking vragen. De raad staat daarvoor aan de lat en kan, meer dan nu het geval is, daarin initiatief nemen en kaders stellen waarbinnen college en ambtelijk apparaat effectief kunnen uitvoeren, waarna de raad zijn controlerende taak op zich kan nemen. Als het gaat om de besluiten die de raad dient te nemen in de voorbereiding hierop, dan komt naar voren dat de meeste besluiten nog in het najaar genomen moeten worden. ^
^
^
^
^
Advies- en delegatierecht: Dit besluit is in april door de raad als niet-rijp bestempeld en wordt - inclusief een lijst met initiatieven waarvoor de raad een bindend advies aan het college wil geven - doorgeschoven naar besluitvorming in oktober. Verplichte participatie bij buitenplanse initiatieven: Ook hier wordt in het najaar een besluit over genomen, inclusief een lijst met initiatieven waarvoor de raad participatie verplicht wil stellen. Welstandscommissie Het plan hiervoor wordt opgesteld door VTH De Kempen. Er is nog geen besluit genomen over het nieuwe adviesstelsel. Leges aanpassingen/nieuwe legesverordening Dit is nog niet aangepast aan de Omgevingswet, ook dit staat op de rol voor het najaar, tegelijk met de andere nog te nemen besluiten. Participatiebeleid bij visievorming en planaanpassingen Er is een verouderde participatienota die niet voldoet aan de eisen in de Omgevingswet.
Het advies- en delegatierecht en het participatiebesluit stonden in april 2022 op de agenda, maar kregen de C-status (niet rijp voor beraad) van de raad. De besluitvorming is hiermee uitgesteld tot het najaar. Het idee daarbij is dat er een uitgebreidere analyse aan wordt toegevoegd om raadsleden meer zicht te geven op wat er nu precies gedelegeerd wordt en welke consequenties dat kan hebben. De raad van Eersel wil - zo blijkt uit gesprekken - meer regie op vergunningen en bestemmingsplannen gaan voeren. De raad is daarmee terughoudender in het creëren van ruimte dan men verstaat onder 'beleidsneutraal' en wat de intentie is van de Omgevingswet. Op het moment dat de besluiten besproken werden met de raad, was het uitstel van de wet al duidelijk. De noodzaak om op korte termijn een besluit te nemen, was daardoor verdwenen. Uit het gesprek met de raad blijkt dat raadsleden op dit moment geen concreet idee hebben aan welke knoppen ze kunnen draaien in het implementatieproces en de periode erna (de transitiefase). Ter voorbereiding op de besluitvorming in het najaar is het college van plan om de raad middels zogenaamde werksessies op de hoogte te brengen van de stand van zaken ten aanzien van de Omgevingswet, de te nemen besluiten en de mogelijke implicaties van de keuzes die de raad maakt.
Daarnaast is er een (raads)werkgroep opgericht die aan de slag gaat met het delegatiebesluit. Uit gesprekken en ook uit de vragenlijst blijkt dat er in het verleden ook al dergelijke werksessies zijn geweest (met de oude raad). Eind 2020 is er ook een aantal sessies geweest met een externe begeleider (René Coppens). Het feit dat de wet een paar keer is uitgesteld, heeft er wel voor gezorgd dat de aandacht daarna steeds wat verder is afgenomen bij de raad.
| 26 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
De acties die in de voorlopige plannen en besluiten zijn opgenomen, betreffen de minimale acties. Dat sluit aan op het ambitieniveau van de gemeente Eersel: doen wat noodzakelijk is en zo veel mogelijk beleidsneutraal overgaan van de huidige naar de nieuwe situatie. Dit betekent onder meer dat bestaande afspraken over de taak- en werkverdeling tussen de raad en het college niet worden aangepast en de bestemmingsplannen en de bruidsschat overgaan in het nieuwe tijdelijke omgevingsplan. Dit is niet formeel door de raad besloten, maar het is wel gedeeld met de raad via een raadsinformatienota en in informatiesessies. Hierin is gecommuniceerd dat het uitgangspunt is om beleidsneutraal over te gaan. Dit sluit aan bij de wens van de raad om nu geen veranderingen door te voeren omdat de consequenties voor de raad op dit moment niet goed in te schatten zijn.
6.2 Hoe is invulling gegeven aan de rol en de positie van de gemeenteraad? Normen bij deelvraag 8: ^ De kaders en richtlijnen die de gemeenteraden en colleges van B&W hebben afgesproken in beleidsplannen en -regels zijn voldoende concreet en kunnen aangepast worden bij gewijzigde wensen in de raden; beleidsambities zijn vertaald naar meetbare doelen en resultaten. ^ De gemeenteraden zijn op de hoogte van hun bevoegdheden. ^ De gemeenteraden kennen de periodieke afspraken. ^ De gemeenteraden kunnen kaders stellen over de wijze waarop de Kempengemeenten verslag doen van de prestaties. ^ De gemeenteraden hebben het college van B&W bevraagd over de mate waarin de doelen gerealiseerd worden.
De raad ervaart beperkte mogelijkheid tot kaderstellen en controleren In het onderzoek is ook gekeken op welke wijze de raad zelf invulling heeft gegeven (en heeft kunnen geven) aan zijn kaderstellende en controlerende taak. In de online vragenlijst is daarom gevraagd in hoeverre raadsleden ervaren dat zij met de huidige informatievoorziening de afgelopen tijd in positie zijn gebracht dit te doen. Het gemiddelde cijfer voor het kaderstellen is een 4,8 en voor controleren een 5,8. Uit de toelichting bij de vraag (en uit het gesprek met de raad) blijkt dat veel raadsleden geen idee hebben of ze voldoende geïnformeerd worden en dat het sowieso een lastig thema is voor een lekenbestuur om goed te doorgronden. Er is dus vooral onbehagen over de omvang en complexiteit van de wet en de mogelijke implicaties. Op dat vlak zou de raad graag meer inzicht willen en scenario's willen terugzien. Figuur 1
Mogelijkheid tot uitvoeren kaderstellende en controlerende taak
| 27 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
De raad heeft op dit moment eigenlijk geen concreet idee welke instrumenten ze straks hebben. Eén van de belangrijkste instrumenten, de omgevingsvisie, ligt enigszins buiten de scope van dit onderzoek. Dat komt omdat dit onderzoek zich richt op het "klaar zijn voor de Omgevingswet" op de datum van inwerkingtreding en de daarmee samenhangende minimale eisen. De deadline voor de omgevingsvisie ligt op 31 december 2024 en voor het definitieve omgevingsplan op 31 december 2029. Het tijdelijke omgevingsplan gaat in op dezelfde datum als de inwerkingtreding van de Omgevingswet. In dit onderzoek is wel meegenomen hoe de gemeente zich voorbereid heeft op het werken met dit tijdelijke omgevingsplan. De omgevingsvisie is als instrument voor de raad het belangrijkste richtinggevende document op basis waarvan de uitvoeringsprogramma's van het college worden vastgesteld en de regelgeving in het omgevingsplan wordt opgesteld. De samenhang tussen al deze instrumenten is nog niet voor alle raadsleden helder. Dit is ook het geval bij de voorliggende raadsbesluiten die genomen moeten worden voordat de wet in werking treedt. Als het gaat om het delegatiebesluit, het adviesrecht in participatie, heeft de raad straks een aantal concrete sturingsinstrumenten in handen met een directe impact op het werkproces en de dienstverlening van de gemeente.
Uiteindelijk horen deze besluiten in lijn te zijn met de uitgezette koers in de omgevingsvisie, maar de landelijk vastgestelde deadlines maken een logische chronologische volgorde niet mogelijk. Het is daarom van extra belang dat de raad hierover goed wordt geadviseerd. De verkiezingen en het uitstellen van de invoeringsdatum hebben de voortgang op de besluitvorming eveneens bemoeilijkt. Kortom, als het gaat om de vraag in hoeverre de raad invulling heeft gegeven aan zijn kaderstellende en controlerende taak, dan komt uit het onderzoek naar voren dat de raad over het algemeen erg gemotiveerd is om invulling te geven aan verantwoordelijkheden, maar de instrumenten die er zijn om kaders te stellen en te kunnen controleren zijn nog niet gebruikt. Het beleidsterrein is complex en ook zeer aan veranderingen onderhevig, waardoor het voor veel raadsleden (zeker de nieuwe) aanpoten is om alle informatie tot zich te nemen. Uit het onderzoek blijkt dat de raad op dit moment vooral nog (vrij reactief) aan het controleren is, maar zich ook nog niet volledig geëquipeerd voelt in die rol. De raad is op de hoogte van de bevoegdheden, maar niet altijd van de implicaties De raad heeft een belangrijke rol bij de implementatie van de Omgevingswet en de organisatie probeert de raad daarover zo goed mogelijk te informeren.
De betrokkenheid van de raad is echter wisselend, mede ingegeven door het steeds weer uitstellen van de wet waardoor de aandacht weer wegzakt. Verschillende respondenten merken op dat de informatie vanuit de werksessies niet altijd beklijft bij de raad, waardoor soms het gevoel ontstaat dat ze steeds opnieuw moeten beginnen en veel hetzelfde uitleggen. De raad heeft aangegeven het delegatieVmandaatbesluit zo veel mogelijk bij zichzelf te willen houden. De raad wil op dezelfde manier doorgaan en dezelfde bevoegdheden houden als eerst (beleidsneutrale overgang). Als de raad echter alle/zoveel mogelijk buitenplanse initiatieven van advies wil voorzien, dan betekent dat wel wat voor de raadsagenda, maar ook ambtelijk. Dat is in het licht van de huidige capaciteitsproblemen een flinke uitdaging. Dit kan ertoe leiden dat inwoners straks (nog) langer moeten wachten op de behandeling van een aanvraag. De raad is hiervan op de hoogte en heeft aangegeven dat zij extra capaciteit beschikbaar willen stellen.
| 28 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
(Bij)sturingsinstrumenten worden niet ingezet De raad kan verschillende instrumenten gebruiken om bij te sturen, dan wel extra informatie ontvangen om zijn controlerende taak uit te voeren. Zo kan de raad schriftelijke vragen stellen, moties indienen, amendementen en ook mondeling vragen stellen in de commissie. Uit het onderzoek komt naar voren dat de raad van Eersel ten aanzien van de Omgevingswet, de afgelopen jaren geen moties en amendementen heeft ingediend. Naast het indienen van moties en amendementen kan de raad ook raadsvragen stellen en zelf discussienotities indienen. Van deze instrumenten heeft de raad de afgelopen jaren slechts één keer gebruikgemaakt in 2019 ’Artikel 33 vragen fractie CDA - Gebiedsvisie (Omgevingsvisie) 26 februari 2019'. Uit gesprekken komt wel naar voren dat er wel degelijk meer vragen worden gesteld, maar in de commissie en tijdens raadsinformatiebijeenkomsten.
6.3 Is voorzien in monitoring die de raad in staat stelt om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen? Normen bij deelvraag 9: ^ Er is voorzien in monitoring die de gemeenteraad in staat stelt om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen. ^ De informatie is tijdig, volledig en juist en voldoet aan de behoefte van de raad.
Met de huidige informatievoorziening is het proces lastig te volgen voor de raad In Eersel wordt informatie met de raad gedeeld op het moment dat de minimale acties er om vragen (met andere woorden: op het moment dat de raad een besluit moet nemen). Er zijn geen kwartaalen/of voortgangsrapportages die ingaan op de uitvoering van de Omgevingswet. Wel wordt er in de P&C-documenten (BERAPS, voorjaarsnota, jaarrekening, begroting) gerapporteerd over de stand van zaken en de ontwikkelingen ten aanzien van de Omgevingswet. Toch blijft dit wel op een hoog abstractieniveau en zijn er geen doelstellingen en mijlpalen gekoppeld aan de implementatie, waardoor de voortgang van het implementatieproces lastig te volgen is. Ook is de financiële informatie vrij summier. Er wordt in de begroting een bedrag meegenomen voor het DSO en voor (een deel van) de inhuur. Er zijn zeer beperkt raadsinformatienota's (RIN's) met de gemeenteraad gedeeld, zoals blijkt uit onderstaand overzicht: ^ RIB - 'Omgevingsplan' (30 november 2021). ^ Infobrief - 'Kleine mijlpalen planning: uitwerking omgang initiatieven' (oktober 2020). Om de vraag te beantwoorden of er is voorzien in een goede monitoring (lees: informatievoorziening), is de raad zelf gevraagd naar hun oordeel.
Uit de online vragenlijst blijkt dat informatievoorziening vanuit het college over de invoering van de Omgevingswet als 'net voldoende' wordt beoordeeld door de raad (gemiddeld geven raadsleden een 5,7).
| 29 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
Figuur 2
Oordeel ten aanzien van de huidige informatievoorziening
Hoe beoordeelt u in het algemeen de informatievoorziening? 0
2
4
6
8
10
In het verleden zijn er verschillende bijeenkomsten geweest voor de raad zoals seminars, informatieavonden, expert VNG-sessies - waar de organisatie veel tijd in heeft gestoken, blijkt uit interviews. Tegelijkertijd voelt de raad zich op dit moment nog niet goed bediend. Er kan dus vanuit die hoedanigheid wel gesproken worden over een kloof in de informatiebehoefte bij de raad en informatievoorziening vanuit de organisatie. Al bestaat binnen de raad ten aanzien van de Omgevingswet en alles wat daarmee samenhangt sowieso een gevoel van onbehagen, zoals blijkt uit onderstaande citaten. 'Ik heb te weinig kennis van de Omgevingswet om te beoordelen of de informatievoorziening voldoende is.' 'Er blijft mij veel onduidelijk. Met name wat er in de plaats gaat komen van bestemmingsplannen. Waar kan de burger vanuit gaan? Wat is de wetgevende invloed van de raad en hoe wordt er gehandhaafd? Het komt mij nu allemaal heel erg over als: vrijheid-blijheid. Alsof straks alles kan en mag en er nog amper (juridisch handhaafbare, concrete) regels zijn.' 'Ik heb het gevoel dat er bij college en (vooral) ambtenaren een grote kennisvoorsprong is. Ook vraag ik me af of we allemaal wel 'dezelfde taal' spreken.
Hebben we (raad versus college en ambtenaren) het wel steeds over hetzelfde? Hebben we dezelfde definities/beelden bij de diverse thema's, terminologie, et cetera?' 'We hebben het agendapunt delegatiebesluit van de agenda laten halen om eerst als raad beter te worden voorbereid op deze besluiten.' De informatie komt niet altijd tijdig volgens de raad Uit de vragenlijst en het groepsgesprek komt naar voren dat nagenoeg de helft van de raad de tijdigheid (wanneer komt de informatie) als onvoldoende beschouwd. De consistentie van de informatie (het laten aansluiten van de informatie op eerdere nota's) wordt ook door ongeveer twee derde als onvoldoende beschouwd. Figuur 3
Tijdigheid en consistentie van de informatie
| 30 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
De informatie is doorgaans juist Er is in het gesprek met de raad en in de online vragenlijst ook gevraagd in hoeverre de informatie betrouwbaar is en geen fouten kent. Uit onderstaande figuur komt naar voren dat een klein deel van de raad over dit aspect twijfels heeft (het niet weet). Het is verder niet geduid waar deze twijfels vandaan komen. In zijn algemeenheid wordt er wel vertrouwen gesteld in de juistheid van de aangeleverde informatie, zo blijkt ook uit het groepsgesprek. Figuur 4
Juistheid van de informatie
De informatie(voorziening) sluit niet aan op de behoefte van de raad Als het gaat om de beoordeling van de informatie is gevraagd of deze ook volledig is. Opvallend is dat bijna alle respondenten aangeven dat ze niet weten of ze alle informatie ontvangen, omdat het *een ver van hun bed show is'. Zo is ook in het gesprek met de raad aangekaart. Doordat er sprake is van een grote informatiestroom en verschillende (deel)besluiten, ontbreekt een overkoepelend beeld bij veel raadsleden. Dit alles wordt verder bemoeilijkt door het ontbreken van centrale doelstellingen en indicatoren ten aanzien van de Omgevingswet waardoor de raad ook niet weet waar ze op moeten sturen. In de gesprekken en de vragenlijst is ook gevraagd naar de behoefte van de raad ten aanzien van de informatievoorziening. Het grootste deel van de raadsleden vindt de informatie op dit moment onvoldoende aansluiten op hun behoeften. Figuur 5
Informatiebehoefte en volledigheid
| 31 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
Als het gaat om hiaten in de informatievoorziening, dan valt het op dat met name het overkoepelende inzicht wordt gemist in combinatie met de consequenties van de besluiten (figuur 6). Dit is in lijn met hetgeen in de vorige paragraaf werd geconstateerd, dat raadsleden het lastig vinden om de implicaties van de wet en de daarbij behorende besluiten te overzien. Figuur 6
Wat mist er in de informatievoorziening? Niet van toepassing
Bijeenkomsten overde invoering van de Omgevingswet Analyse en duiding van informatie Inzicht in de te verwachten effecten en resultaten Duidelijk overzicht/overkoepelend beeld Terugkoppeling vanuit het college Duidelijkheid over de samenhang tussen deze besluiten Duidelijkheid over de consequenties van deze besluiten Informatie overde te nemen raadsbesluiten
OK
5y0
ÏOX
1596
20K
25K
30K
35K
Er is op dit moment geen regionale samenwerking tussen de gemeenteraden Er is geen samenwerking met andere gemeenteraden in de Kempengemeenten. Er is wel samenwerking op organisatorisch en bestuurlijk vlak, maar op raadsniveau niet. Tussen de griffies is op dit moment ten aanzien van dit onderwerp evenmin samenwerking. Het is dan ook niet verwonderlijk dat voor de samenwerking tussen de vier raden in De Kempen in de online vragenlijst gemiddeld een 4,2 wordt gegeven door de raadsleden van Eersel. Er wordt op dit moment wel gewerkt aan een strategische Kempenagenda waarvoor in het najaar bijeenkomsten staan gepland. Uit verschillende gesprekken (ook in de andere gemeenten) komt naar voren dat de Kempengemeenten te veel hechten aan accentverschillen, waardoor ze vroeg of laat hun eigen pad kiezen. Een deel hiervan lijkt verscholen te zitten in het feit dat de raden elkaar niet kennen en dus ook niet opzoeken. Alle vier de gemeenteraden zijn strenge bewakers van de couleur locale, wat onder andere blijkt uit het feit dat alle gemeenten op dit moment op hun eigen manier werken aan de implementatie van de Omgevingswet. Zodoende wordt er ook als het gaat om een samenwerkingsopgave, bij uitstek zoals de Omgevingswet, waarbij straks onherroepelijk interbestuurlijke vraagstukken ontstaan in de regio, nauwelijks samengewerkt tussen de raden.
Er is wel regionaal bewustzijn, maar tegelijkertijd is er ook behoefte aan autonomie. Toch zien de raadsleden in de gemeente Eersel wel de noodzaak en voordelen van samenwerken binnen de regio als het gaat om de Omgevingswet. De wens om gezamenlijke raadsavonden te organiseren, vooral voor uitwisseling van informatie en actuele thema's, is er dan ook zeker.
| 32 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
Bijlage 1 | Normenkader Onderzoeksvraag
Norm
Aanpak invoering Omgevingswet 1.
Welke aanpak is er in de afzonderlijke gemeenten gepland en gevolgd ten aanzien van de invoering van de Omgevingswet?
^ •
•
2.
3.
Welke verschillen en overeenkomsten zijn er in het invoeringstraject tussen de afzonderlijke gemeenten?
«
Is er voorzien in een realistisch (meerjaren-)plan om tijdig te (gaan) voldoen aan de eisen die de Omgevingswet in formele zin stelt?
^
^
^
Er is sprake van een heldere en vastgestelde aanpak met duidelijke (vooraf vastgestelde) mijlpalen en resultaten. Er is sprake van een aanpak waarin niet alleen organisaties en colleges van B&W, maar ook de (rol van de) gemeenteraad(sleden) expliciet is meegenomen. Er is sprake van een vastgestelde projectbegroting voor de voorbereiding op de inwerkingtreding. Hiervoor is in beginsel geen norm, dit moet blijken uit het onderzoek. Deze vraag wordt beantwoord in de koepelnotitie.
In de Kempengemeenten is er sprake van een realistisch (meerjaren)plan om tijdig te voldoen aan de eisen die de Omgevingswet in formele zin stelt. Het meerjarenplan is bekend bij de betrokken actoren.
Stand van zaken invoering Omgevingswet 4.
Wat is de huidige stand van zaken in de voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet in de afzonderlijke gemeenten?
^
^ ^ ^ ^ ^
De raadsbesluiten die voor de invoeringsdatum genomen moeten zijn, zijn minimaal met de raad voorbesproken en in een advies uitgewerkt. Er wordt geoefend met het DSO. Er wordt geoefend met omgevingstafels, inclusief ketenpartners. Er zijn nieuwe (financiële) afspraken gemaakt met ketenpartners. Er is een opleidingsplan voor in elk geval de teams vergunningen en RO. Er zijn werkafspraken geformuleerd (bijvoorbeeld in een handboek) over het verwerken van buitenplanse initiatieven op basis van het tijdelijke omgevingsplan.
5.
Is het de verwachting dat de afzonderlijke gemeenten op de invoeringsdatum van de Omgevingswet (kunnen) voldoen aan de eisen die de Omgevingswet in formele zin stelt?
^
De Kempengemeenten voldoen op de invoeringsdatum (1 juli 2022) in formele zin aan de eisen die de Omgevingswet stelt.
6.
Is het de verwachting dat de afzonderlijke gemeenten (kunnen) voldoen aan de eisen die de Omgevingswet stelt aan de wijze waarop gemeenten in de dagelijkse praktijk invulling
^
De afzonderlijke gemeenten (kunnen) voldoen aan de eisen die de Omgevingswet stelt: met name gericht op houding en gedrag van bestuur en ambtelijke organisatie. Het denken en handelen is in de geest van de Omgevingswet.
^
| 33 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
geven aan de wet? Met name gericht op houding en gedrag van bestuur en ambtelijke organisatie. Rol van de gemeenteraad 7.
Wat is de rol en positie van de afzonderlijke gemeenteraden in de voorbereiding van de Omgevingswet?
^
^
^
8.
Hoe is voorzien en invulling gegeven aan de rol en de positie van de afzonderlijke gemeenteraden in de voorbereiding van de Omgevingswet?
^
^ ^ ^
^ ^
9.
De raadsbesluiten die voor de invoeringsdatum genomen moeten zijn, zijn minimaal met de raad voorbesproken en in een advies uitgewerkt. De raden hebben een visie/notitie vastgesteld over hoe zij de relatie met inwoners vorm willen geven en hoe zij participatie willen invullen. De raden hebben een visie vastgesteld over de mate van deregulering in het omgevingsplan in samenhang met het ambitieniveau van eerder genoemde visie op de relatie met inwoners en participatie. De kaders en richtlijnen die de gemeenteraden en colleges van B&W hebben afgesproken in beleidsplannen en -regels zijn voldoende concreet en kunnen aangepast worden bij gewijzigde wensen in de raden; beleidsambities zijn vertaald naar meetbare doelen en resultaten. De gemeenteraden zijn op de hoogte van hun bevoegdheden. De gemeenteraden kennen de periodieke afspraken. De gemeenteraden kunnen kaders stellen over de wijze waarop de Kempengemeenten verslag doen van de prestaties. De gemeenteraden krijgen de relevante informatie tijdig. De gemeenteraden hebben het college van B&W bevraagd over de mate waarin de doelen gerealiseerd worden.
Is voorzien in monitoring die de afzonderlijke gemeenteraden in staat stelt om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen?
^
Er is voorzien in monitoring die de afzonderlijke gemeenteraden in staat stelt om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen.
10. Wat zijn de eventuele aandachts- en leerpunten voor de gemeenteraden?
«
Hiervoor is in beginsel geen norm, dit moet blijken uit het onderzoek.
| 34 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
Bijlage 2 | Bestudeerde documenten Raadsbesluiten ^ Genomen raadsbesluiten met betrekking tot de Omgevingswet: o Advies- en delegatierecht (18 januari 2022). o Participatie bij buitenplanse initiatieven (staat op planning voor najaar 2022). o Welstandscommissie (bij VTH De Kempen). o Legesaanpassingen/nieuwe legesverordening (staat op de planning voor najaar 2022). o Participatiebeleid bij visievorming en planaanpassingen (18 januari 2022). ^ Besluiten/projectplan over werken met het tijdelijke omgevingsplan. o Projectplan 'Plan van Aanpak Omgevingsplan' (november 2021). Implementatieplan Omgevingswet en eventuele (deel)projectplannen ^ Implementatieplan Omgevingswet gemeente Eersel (8 juli 2019). ^ Begrotingen dan wel begrotingswijzigingen met betrekking tot de implementatie. o Begroting 2021 herziening ruimtelijke plannen stand 11 oktober. ^ Teamplannen VTH, RO en Dienstverlening. o Draaiboek VTH 2020. o Draaiboek VTH 2021. • De omgevingsvisie 2020. o Versie 2.0. ^ Stand van zaken koppeling DSO. o Via SSC de Kempen Jaarrekening en begroting ^ Jaarrekeningen(2018-2021). ^ Programmabegrotingen (2018-2021). ^ Voorjaarsnota's (2018 - 2022). ^ Berap's (2018 - 2021). Raadsinformatienota's ^ Raadsinformatiebrief (RIB) Omgevingsplan 30 november 2021. Raadsinstrumenten ^ Raadsvragen inzake de Omgevingswet (2018-2022).
o Artikel 33 vragen fractie CDA - Gebiedsvisie (Omgevingsvisie) februari 2019. ^ Moties inzake de Omgevingswet (2018-2022). o Zijn er niet. ^ Amendementen inzake de Omgevingswet (2018-2022). o Zijn er niet.
| 35 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
Bijlage 3 | Geïnterviewde personen Gesprekspartners
Interne respondenten
Portefeuillehouder Omgevingswet
Delegatie van de gemeenteraad
Afdelingshoofd Ontwikkeling (ruimte, welzijn en innovatie)
Afdelingshoofd Dienstverlening Beleidsmedewerker ruimtelijke ontwikkeling (coördinator implementatie en waarnemend teamcoördinator) Externe respondenten
Provincie Noord-Brabant
Omgevingsdienst ODZOB
Interim teamcoördinator team Vergunningen - VTH De Kempen
Manager SSC De Kempen
Projectleider technische implementatie applicatie PowerBrowser t.b.v. Omgevingswet
| 36 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
Bijlage 4 | Online vragenlijst voor raadsleden Introductie De Rekenkamercommissie Kempengemeenten laat een onderzoek uitvoeren naar de Omgevingswet. Het onderzoek richt zich op de vraag of de Kempengemeenten (Bladel, Eersel, Reusel-De Mierden en Oirschot) klaar zijn voor de invoering van de Omgevingswet en de positie van u in het geheel als raadslid die moet kaderstellen en controleren. Met deze vragenlijst verzamelen we een eerste input voor het vervolg van het onderzoek, waaronder de interviews. De vragenlijst bestaat uit een beperkt aantal meerkeuzevragen met hier een daar de mogelijkheid tot toelichting. Het invullen van de vragenlijst duurt maximaal tien minuten.
Vragen Vraag 1: In welke gemeente bent u raadslid? a. Bladel b. Eersel c. Reusel-De Mierden d. Oirschot Vraag 2: Hoe lang zit u al in de raad? a. Sinds 2022 b. 1 - 4 jaar c. 5 - 8 jaar d. Al langer
Informatievoorziening Vraag 3a: Hoe beoordeelt u in het algemeen de informatievoorziening door het college aan de gemeenteraad over de stand van zaken rondom de invoering van de Omgevingswet? Schaalscore 1 t/m 10: 1
2 D
3 D
1 = zeer slecht, 10 = zeer goed 4
D
5 D
6 D
7 D
8 D
9 D
10 D
D
Kunt u uw antwoord toelichten?
Vraag 3b: Zijn er andere bronnen waar u uw informatie vandaan haalt? Zo ja, waar?
| 37 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
Vraag 4a: In hoeverre heeft u het idee dat u met de huidige wijze van informeren over de implementatie van de Omgevingswet uw controlerende taak kunt uitvoeren? Schaalscore 1 t/m 10: 1
2
d
3
d
1 = zeer slecht, 10 = zeer goed 4
d
5
d
6
d
7
d
8
d
9
d
10
d
d
Kunt u uw antwoord toelichten?
Vraag 4b: In hoeverre heeft u als raadslid het idee dat u met de huidige wijze van informeren over de implementatie van de Omgevingswet uw initiërende en kaderstellende taak kunt uitvoeren? Schaalscore 1 t/m 10: 1
2
d
3
d
1 = zeer slecht, 10 = zeer goed 4
d
5
d
6
d
7
d
8
d
9
d
10
d
d
Kunt u uw antwoord toelichten?
Vraag 5: Is de informatie over de implementatie van de Omgevingswet in uw ogen volledig? d Ja d Nee
d Gedeeltelijk d Weet ik niet Vraag 6: Welke informatie mist u over de implementatie van de Omgevingswet?
d Informatie over de te nemen raadsbesluiten voor datum indiensttreding6 d Duidelijkheid over de consequenties van deze besluiten d Duidelijkheid over de samenhang tussen deze besluiten d Terugkoppeling vanuit het college d Duidelijk overzicht/overkoepelend beeld (van alles wat samenhangt met de Omgevingswet)
d Inzicht in de te verwachten effecten en resultaten d Analyse en duiding van informatie
d Bijeenkomsten over de invoering van de Omgevingswet (bijvoorbeeld een raadsinformatiebijeenkomst)
d Niet van toepassing, informatie is compleet genoeg om mijn oordeel op te baseren. 6 Advies- en delegatierecht, welstandscommissie, legesverordening, verplichte participatie bij buitenplanse initiatieven.
| 38 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
Vraag 7: Hoe beoordeelt u de wijze waarop informatie over de implementatie van de Omgevingswet aangeboden en behandeld wordt (denk daarbij aan schriftelijke, mondelinge toelichting, bijeenkomsten)? Schaalscore 1 t/m 10: 1
2
3
n
D
1 = zeer slecht, 10 = zeer goed 4
D
5
D
6
D
7
D
8
D
9
D
10
D
n
Kunt u uw antwoord toelichten en daarin aangeven wat u daarin eventueel mist?
Doelstellingen en monitoring Vraag 8: In hoeverre bent u op de hoogte van de minimale doelen om op 1 januari 2023 de Omgevingswet te implementeren en de dienstverlening op peil te houden onder de nieuwe wet? Schaalscore 1 t/m 10: 1
2
D
3
n
1 = zeer weinig, 10 = zeer veel 4
n
5
D
6
D
7
D
8
D
9
D
10
D
n
Vraag 9: Bent u op de hoogte welke indicatoren aan de doelstellingen voor de implementatie van Omgevingswet gekoppeld zijn? dl Ja d| Nee D Gedeeltelijk Kunt u uw antwoord toelichten?
Vraag 10: In hoeverre heeft u als raadslid keuzes kunnen maken in het gewenste ambitieniveau? Schaalscore 1 t/m 10: 1
2
D
3
n
1 = zeer weinig, 10 = zeer veel 4
n
5
D
6
D
7
D
8
D
9
D
10
D
| 39 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
n
BMC YACHT GROUP
Beoordeling van informatie Vraag 11: Kunt u aangeven hoe u de volgende aspecten beoordeelt ten aanzien van de informatie die u ontvangen heeft over de implementatie van de Omgevingswet? Ruim onvoldoende
Onvoldoende
Voldoende
Ruim voldoende
Weet ik niet
De actualiteit van de informatie
D
ū
D
D
D
De tijdigheid van de informatie
D
D
D
D
D
De aansluiting van de informatie op eerdere nota's en informatie
D
D
D
D
D
De informatie kent geen fouten
D
D
D
D
D
De informatie is betrouwbaar
D
D
D
D
D
De informatie sluit aan op de behoefte van de raad
D
D
D
D
D
De reikwijdte van de informatie (beslaat de informatie en perspectieven van aanpalende beleidsterreinen)
D
ū
D
D
D
De informatie heeft het juiste detailniveau
D
D
D
D
D
Aspect/score
Tijdigheid
Juistheid
Volledigheid
Wilt u dit toelichten op een of meerdere aspecten? Tijdigheid Juistheid Volledigheid
| 40 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
Sturing Vraag 12: In hoeverre heeft u gebruikgemaakt van de sturingsinstrumenten (zoals moties, amendementen, raadsvragen) ten aanzien van het implementatie- en participatieproces rondom de Omgevingswet? Schaalscore 1 t/m 10: 1
2 D
3 D
1 = zeer weinig, 10 = zeer veel 4
D
5 D
6 D
7 D
8 D
9 D
10 D
D
Als u dat heeft gedaan, welk instrument heeft u ingezet? (motie, amendement, raadsvragen of juist iets heel anders op informele wijze?)
Vraag 13: De Omgevingswet is een opgave waar alle vier de Kempengemeenten mee te maken hebben. In hoeverre is er sprake van (een effectieve) samenwerking tussen de gemeenteraden in de Kempengemeenten? Schaalscore 1 t/m 10: 1
2 D
3 D
1 = zeer weinig, 10 = zeer veel 4
D
5 D
6 D
7 D
8 D
9 D
10 D
D
Vraag 14: Waar heeft u behoefte aan? Wat is er volgens u nog nodig voor een succesvolle implementatie van de Omgevingswet in uw gemeente (of in de Kempenregio)?
| 41 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP
BMC Databankweg 26D 3821 AL Amersfoort Postbus 490 3800 AL Amersfoort (033) 496 52 00 info@bmc.nl www.bmc.nl KvK BMC Advies 32078667 IBAN NL91 ABNA 0504035754 BTW NL80.86.63.598 B.01
Colofon 27 september 2022 Classificatie
Vertrouwelijk
Naam adviseurs
^ ^ ^
Projectnummer
PO026292
Correspondentienummer
DH-0308-1598
T. (Tom) Plat E. (Evelyn) Bontekoe Janssen P. (Pauline) de Jong
ŕ
V
Kijk voor meer info op onze website: bmc.nl s__________________________________________________________________^
| 42 | Eindrapport Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Eersel
BMC YACHT GROUP