[22.03617] - rek2021 totaaldocument Jaarrekening 2021
Tekst van het document
Door de kosten van overhead voortaan centraal te begroten en te verantwoorden, is het niet langer noodzakelijk dat deze informatie in de paragraaf bedrijfsvoering wordt opgenomen. Hierdoor neemt ook de vergelijkbaarheid toe van de kosten van overhead en de kosten van het primair proces. Beleidsterrein/ subdoel Organisatie
Indicator
Norm
Wat gaan we daarvoor doen?
Formatie in fte per 1.000 inwoners
Norm 4,8 – 6,1
*Organisatievisie uitvoeren;
2021: 4,4 2019: 4,3 2017: 4,0 (Vensters voor bedrijfsvoering)
*Monitoren aan de hand van Vensters voor bedrijfsvoering.
Bezetting in fte per 1.000 inwoners (verplicht)
Apparaatskosten per inwoner (verplicht)
Kosten inhuur externen als percentage van de
Gemeenten ≤ 50.000 inwoners: 6,5 Norm 4,5 – 4,8 2021: 4,6 2019: 4,3 2017: 4,1 (Vensters voor bedrijfsvoering) Norm ≤ € 526 2021: 526 2019: 480 2017: 428 (Vensters voor bedrijfsvoering) Vergelijkbare gemeente: 624 Norm: ≤ 20% 2021: 21,7% 81 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
totale loonsom + kosten inhuur externen (verplicht)
Overheadkosten als percentage van de totale lasten
Communicatie
(verplicht) Waardering inwoners communicatie en voorlichting uitgedrukt in rapportcijfer (eigen indicator)
2019: 17,2% 2018: 18,6% 2017: 17,6% (Vensters voor bedrijfsvoering) Vergelijkbare gemeente: 17,3% Norm: ≤ 15 % 2021: 7,4% 2019: 11,32% 2018: 10,66% 2017: 8,22% ≥ 6,9 2020 Eersel: 6,9 Nederland: 6,6 2018 Eersel: 6,8 Nederland: 6,6 (burgerpeiling waarstaatjegemeente)
*Inzet van een breed aanbod aan communicatiemiddelen om elke doelgroep te voorzien van de benodigde informatie; * Inwoners tijdig betrekken door de Factor C methode toe te passen in minimaal vijf projectplannen; *Website toegankelijker maken en inwoners hierin meenemen door de toegankelijkheidsverklaring eenmaal per jaar te vernieuwen.
Toelichtingen op ontwikkelingen/speerpunten 2021 Communicatie Als een beleidsonderwerp geschikt is voor participatie, maakt de gemeentelijke organisatie gebruik van de zogenoemde Factor C-methode. De Factor C-methode bestaat uit drie stappen: krachtenveldanalyse, kernboodschap en communicatiekalender. Door deze methode te volgen, stellen we vast in welke fase, met wie, op welk niveau, waarover en wanneer communicatie gewenst is. Afgelopen jaar zijn we begonnen met focus op communicatie. Door met de organisatie, bestuurders én inwoners enkele onderwerpen uit te lichten en hier met regelmaat over te communiceren, brengen we meer focus aan. We zijn begonnen met de onderwerpen ‘Bouwen, bouwen, bouwen’, ‘Leefbaarheid van de kernen’ en ‘Iedereen doet mee’. Eind 2020 hebben we een communicatieonderzoek afgenomen en zijn zowel inwoners schriftelijk (N=2500) als digitaal benaderd. Met de resultaten krijgen we meer inzicht naar welke informatie inwoners op zoek zijn en welke communicatiemiddelen daarbij het liefst worden gebruikt. Met twee verschillende cursussen is het personeel bijgeschoold op het gebied van Helder adviseren en Helder schrijven. Op deze manier verbeteren we de B&W- en raadsvoorstellen en zorgen we voor heldere mails, brieven en nieuwsberichten aan onze inwoners.
Informatiebeveiliging/gebouwenbeheer De gemeente dient maatregelen te treffen om de gemeentelijke (informatie-) systemen zo goed mogelijk te beveiligen. Onder deze maatregelen, zoals verplicht in de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO), valt het beveiligen van de fysieke toegang tot het gemeentehuis. Het huidige systeem is verouderd en wordt vervangen door een nieuw systeem dat voldoet aan de maatregelen zoals gesteld in de BIO, waardoor onbevoegde toegang tot gemeentelijke informatie en (persoons-)gegevens zo goed mogelijk geweerd wordt.
82 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
Wat heeft het gekost? INVESTERINGEN
Jaar
Omschrijving kapitaalwerk
Beschikbaar
Uitgaven
Restant-
Over te
gesteld
tot en met
krediet
boeken
dienstjaar Bedrijfsvoering 2021
2021 Digitaal vervanging milieuvergunning
40.000
0
40.000
40.000
2019
Inhuur personeel (projectleiding)
150.000
111.534
38.466
38.466
2019
Trainees
150.000
99.910
50.090
50.090
2019+2020
Inhuur personeel WMO
100.000
110.971
-10.971
0
2019/2021/2021
Inhuur cyclisch bouwen
425.000
268.957
156.043
156.043
2018
Bekabeling gemeentehuis
40.000
22.727
17.273
17.273
2021
Inform. Beveiliging/ geb. beheer (2021)
64.000
0
64.000
64.000
2010
Overbr. en substitutie/digit. bouwvergunningen
235.000
246.543
-11.543
0
2020
Materieel buitendienst (MIP 2020)
44.000
34.131
9.869
0
2021
Vervanging materieel buitendienst (2021)
40.000
44.000
-4.000
0
1.288.000
938.774
349.226
365.872
Totaal programma:
Toelichting Digitaal vervangen milieuvergunningen In 2021 is budget beschikbaar gesteld om de milieuvergunningen tot en met 2010 te digitaliseren met het oog op vervanging en digitale overbrenging naar de archiefbewaarplaats, het Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe). Dit project is vergelijkbaar met het al lopende project om de bouwvergunningen tot en met 2010 te vervangen en digitaal over te brengen naar het RHCe. Knelpunten betreffende het voldoen aan de eisen voor overbrenging hebben geleid tot vertraging en extra kosten in dit project. Om opnieuw extra kosten te voorkomen is besloten het vervangen en overbrengen van de milieuvergunningen op te pakken na afronding van het project vervangen van de bouwvergunningen tot en met 2010. De nieuwe kennis en inzichten uit het project vervangen bouwvergunningen kan dan worden toegepast voor het project vervangen van de milieuvergunningen. Het krediet daarom overboeken naar volgend jaar. Inhuur personeel (projectleiding) en Trainees Door Covid-19 hebben de projecten op deze kredieten vertraging opgelopen. De planning is om in 2022 de laatste uitgaven op deze kredieten te doen. Voorgesteld wordt de restantkredieten hiervoor over te boeken naar 2022. Inhuur personeel WMO In het “Krediet inhuur personeel Wmo” was voor 2021 nog een bedrag van € 67.996,-- beschikbaar.
De uitgaven in dat jaar bedragen € 78.968,-- waardoor sprake is van een overschrijding van € 10.971,--. In 2021 is met name als gevolg van corona sprake geweest van extra (langdurig) ziekteverzuim waardoor, om de continuïteit van de werkzaamheden te kunnen waarborgen, extra inhuur heeft moeten plaatsvinden. De uitgaven zijn ten laste gebracht van dit krediet. Het krediet is volledig voor het doel benut en kan worden afgesloten. Inhuur cyclisch bouwen Ook in 2021 hebben we met verschillende inhuurkrachten gewerkt aan het project cyclisch bouwen. Met de plannen wordt invulling gegeven aan de woningbouwopgave voor de kernen met een frequent afzet tempo van woningen in iedere kern. Voorgesteld wordt het restantkrediet over te boeken naar 2022. Bekabeling gemeentehuis De voorbereidende werkzaamheden voor de implementatie van een nieuw toegangscontrolesysteem zijn opgepakt in 2021. Om een goede uitvraag te kunnen doen heeft een onafhankelijk adviseur aanbevelingen gedaan voor de benodigde verbeteringen aan het gemeentehuis. Deze worden verwerkt in de aanbesteding, waarmee we in 2022 de markt op willen. Het verzoek is daarom het krediet over te boeken naar volgend jaar t.b.v. de nieuwe bekabelingen die hierbij komt kijken, ondanks dat cf. de financiële verordening dit krediet (binnen 3 jaar) afgesloten dient te worden.
83 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
Informatiebeveiliging/ gebouwenbeheer De voorbereidende werkzaamheden voor de implementatie van een nieuw toegangscontrolesysteem zijn opgepakt in 2021. Om een goede uitvraag te kunnen doen heeft een onafhankelijk adviseur aanbevelingen gedaan voor de benodigde verbeteringen aan het gemeentehuis. Deze worden verwerkt in de aanbesteding, waarmee we in 2022 de markt op willen. Het verzoek is daarom het krediet over te boeken naar volgend jaar. Overbrenging en substitutie bouwvergunningen De bouwvergunningen tot en met de invoering van de WABO (2010) zijn gedigitaliseerd. De vergunningsdossiers worden digitaal overgebracht naar de archiefbewaarplaats (Regionaal Historisch Centrum Eindhoven, RHCe), waarna ze openbaar toegankelijk worden gemaakt voor inzage voor publiek. Ter voorbereiding op de overdracht is het vervangingsproces inzichtelijk gemaakt en worden de vergunningsdossiers gecontroleerd op kwaliteit en volledigheid volgens de daarvoor geldende normen. De verloren gegane dossiers door een kapotte harde schijf zijn opnieuw gedigitaliseerd, zodat het bouwarchief tot en met 2010 compleet is. De laatste kwaliteitscontroles worden momenteel uitgevoerd op de scans, waarna de vergunningsdossiers worden aangeboden aan het RHCe ter overbrenging. Dit is onderdeel van het reguliere werkproces. Er hoeven betreffende het digitaliseringsproject geen kosten meer te worden gemaakt.
In lijn met de financiële verordening kan het krediet worden afgesloten met een kredietoverschrijding van € 11.543,--. Materieel buitendienst (MIP 2020) De pick-up is in 2020 aangeschaft. De afrekening BPM en de aanschaf van een gereedschap bak hebben in 2021 nog plaatsgevonden. Dit krediet, met een restant van € 9.869,--, kan vrijvallen. Vervanging materieel buitendienst (2021) De vrachtauto is in 2021 voorzien van een nieuwe kraan. Het krediet kan worden afgesloten met een kredietoverschrijding van € 4.000,--. EXPLOITATIE Programma: Overhead Productgroep
Begroting 2021
Werkelijk
Verschil 2021
begr.
na wijz.
2021
Overheadkosten
20.434.489
22.477.527
21.885.134
592.393
Totaal lasten (excl.kap.lst. & app.kst.)
20.434.489
22.477.527
21.885.134
592.393
Overheadkosten
519.520
433.544
712.705
279.161
Totaal baten (excl. besch.res. i.v.m. kap.lst.)
519.520
433.544
712.705
279.161
19.914.969
22.043.983
21.172.429
871.554
LASTEN
BATEN
Begroting 2021
Werkelijk
Verschil 2021
begr.
na wijz.
2021
Totaal lasten (excl.kap.lst. & app.kst.)
20.434.489
22.477.527
21.885.134
592.393
Kapitaallasten
-3.205.344
-5.074.264
-4.367.666
-706.598
Apparaatskosten
-11.624.284
-11.541.646
-11.472.542
-69.104
Totaal lasten
5.604.861
5.861.617
6.044.926
-183.309
Totaal baten (excl. besch.res. i.v.m. kap.lst.)
519.520
433.544
712.705
279.161
Beschikking over reserves i.v.m. kap.lasten
0
83.000
254.010
171.010
519.520
516.544
966.715
450.171
5.085.341
5.345.073
5.078.211
266.862
LASTEN
BATEN
Totaal baten Saldo programma
84 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022 Met betrekking tot de apparaatskosten, kapitaallasten en onttrekkingen aan de reserves in verband met kapitaallasten (afschrijvingen ineens ten laste van de reserves) wordt verwezen naar de paragraaf bedrijfsvoering. De onderstaande analyse gaat alleen over de externe kosten, dus zonder apparaatskosten, kapitaallasten en onttrekkingen aan de reserves (voor zover deze directe relatie hebben met kapitaallasten/afschrijvingen ineens).
Productgroep Overheadkosten Het verschil tussen het geraamde en werkelijke saldo van dit programma bedraagt € 266.862,-- voordelig en wordt voornamelijk veroorzaakt door: Lagere loonkosten inclusief inhuur € 151.000,- Lagere overige personeelskosten € 80.000,- Lagere ICT kosten € 30.000,- Hogere kosten gemeentehuis € -51.000,- Lagere kosten voor catering en overige activiteiten € 34.000,- Lagere verzekeringskosten € 31.000,- Lagere kosten financiële administratie € 15.000,- Hogere achterblijvende kapitaallasten programma overhead € -16.000,- Lagere doorbelasting apparaatskosten aan de taakvelden/program. € -12.000,-€ 262.000,-In onderstaande tabel zijn de totale (netto-)overheadkosten verder gespecificeerd en geven we aan welke overhead we toerekenen aan de programma’s: Overheadkosten
Totaal
Overhead personeel: Lonen en salarissen Personeel van derden Overige personeelskosten Bijdragen (MD/VTH/Jeugd/KempenPlus) Subtotaal uitgaven personeel Bijdragen en detacheringen Totaal overhead personeel Overhead organisatiekosten Indirecte personeelskosten ICT (incl. SSC) Huisvestingkosten Facilitaire zaken/inkoop/administratie/verzekeringen Materieel/werf buitendienst Toerekening ICT/werf/vervoermiddelen/gemeentehuis Algemene kosten Subtotaal uitgaven Bijdragen en huuropbrengsten Totaal netto-overhead organisatie Totaal overheadskosten
Toerekening aan programma’s
Resteert tlv programma “Overhead”
6.354.267 185.829 192.797 6.630.089
-4.259.975 0 -300.128 -6.630.087
2.094.292 185.829 -107.331 2
13.362.982 -141.264 13.221.717
-11.190.189 -16.310 -11.206.499
2.172.792 -157.574 2.015.218
1.334.817 1.585.517 572.878 470.289 261.333
0 0 0 0 0
1.334.817 1.585.517 572.878 470.289 261.333
0
-266.043
-266.043
-54.123
0
-54.123
4.170.711 -841.676
-266.043 0
3.904.669 -841.676
3.329.035
-266.043
3.062.992
16.550.753
-11.472.542
5.078.211
Bij de netto-overhead, welke ten laste blijft van het programma ‘Overheadkosten’, is rekening gehouden met het feit dat door het Besluit begroting en verantwoording (BBV) is toegestaan de kosten van overhead op een indirecte wijze toe te rekenen aan de bouwgrondexploitatie (programma 3) en investeringen. Dit gebeurt met een aparte verrekencategorie (7.5) welke als negatieve last is verantwoord in het programma ‘Overheadkosten’ voor een bedrag van € 173.758,-- (4.238 productieve uren x € 41,00). Ook merken we op dat voor de tarieven van de afvalstoffenheffing, rioolheffing en de leges geen toerekening heeft plaatsgevonden, maar deze conform het BBV extracomptabel worden berekend. Het 85 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
(extracomptabel) geraamde uurtarief 2021 van € 41,00 is vermenigvuldigd met de werkelijke productieve uren voor de genoemde lokale heffingen. Deze becijferde overhead wordt dus niet toegerekend aan de programma’s. In de nieuwe voorgeschreven tabellen in de paragraaf ‘Lokale heffingen’ worden de geraamde en de werkelijke overheadkosten in het desbetreffende programma/ taakveld afzonderlijk vermeld. Doorbelasting kapitaallasten en apparaatskosten In programma 11 worden ook de doorbelaste kapitaallasten en apparaatskosten aan de programma’s 0 tot en met 10 toegelicht. In 2021 worden voornamelijk als gevolg van onderuitputting € 745.000,-- minder kapitaallasten doorbelast aan de exploitatie ten laste van het resultaat. Hiertegenover staat dat voor € 655.000,-- minder beschikt wordt over de reserves ter dekking van deze lasten. Per saldo derhalve een voordelig resultaat van € 80.000,--. De doorbelasting van de apparaatskosten aan de exploitatie in programma 0 tot en met 10 is € 220.000,-lager dan geraamd. Dit komt voornamelijk door een hogere doorbelasting aan gesloten financieringen en kapitaalwerken. Nadere toelichting op de overheadkosten Lonen en salarissen Dit betreft voornamelijk de directe loonkosten van het management, bestuurs- en managementondersteuning, team financiën, secretariaat en IBC.
Overige personeelskosten Dit betreft voornamelijk reis- en verblijfskosten en het “rugzakje”. Bijdragen en detacheringen Dit betreft voornamelijk bijdragen van andere gemeenten vanwege detacheringen van medewerkers. Indirecte personeelskosten Dit betreft voornamelijk de kosten van salarisadministratie, opleidingen, Arbo, ondernemingsraad en bedrijfshulpverlening. Ook wordt hieronder de bijdrage aan P&O geboekt. ICT Dit betreft voornamelijk de bijdrage aan het SSC. Het overige heeft betrekking op de telefoonvoorziening en de kosten voor bijvoorbeeld software, welke niet zijn opgenomen in de begroting van het SSC. Beheer/beleid informatie en communicatie technologie Er is sprake van een positieve afwijking van circa € 17.000,-- voor de telefoonvoorziening. In 2021 zijn de telefoniekosten, als gevolg van de Kempenbrede implementatie van de nieuwe telefoonoplossing, opgenomen in de GRSK begroting. De kosten worden niet meer doorbelast aan de gemeente en worden geminderd in de exploitatie. Huisvestingskosten Deze uitgaven hebben betrekking op het beheer en onderhoud van het gemeentehuis, zoals energiekosten, schoonmaak, storting onderhoudsvoorziening en inventaris. Facilitaire zaken/ inkoop/ administratie/ verzekering Het betreft hier de kosten van detachering bode, papier- en drukwerk, portokosten, catering, vakinformatie, inkoopbureau, accountantskosten en verzekeringen.
Kapitaallasten Dit betreft de volgende kapitaallasten: Personeel € 290.472,-ICT € 30.283,-Gemeentehuis € 211.671,-Gemeentewerf € 80.070,-Materieel € 39.573,-Communicatie € 2.591,-€ 654.660,-Algemene kosten Onder algemene kosten worden de uitgaven geraamd voor communicatie, representatiekosten, landelijke ombudsman en planning & control (Ondernemerspeiling, Vensters Voor Bedrijfsvoering en informatiebeveiliging). 86 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
Inkomsten Het betreft hier de inkomsten vanwege verhuur gedeelte gemeentehuis en werkplekvergoedingen VTH en SSC.
87 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
88 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
OVERZICHT VAN ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN EN STELPOSTEN 1. Overzicht algemene dekkingsmiddelen In de volgende tabel wordt een overzicht gegeven van de algemene dekkingsmiddelen. Algemene dekkingsmiddelen (bedragen * € 1.000) Begroting 2021
Rekening 2021
4.055 610 0 0 29.577 219 72
4.024 630 0 0 29.834 219 133
34.533
34.843
Lokale heffingen: - onroerendezaakbelastingen - toeristen- en forensenbelasting - precariobelasting - reclamebelasting Algemene uitkering gemeentefonds Dividend BNG Rente eigen financieringsmiddelen (bespaarde rente ten gunste van de exploitatie) Totaal algemene dekkingsmiddelen
Onroerendezaakbelastingen (OZB), Toeristen- en forensenbelasting, precariobelasting Voor deze lokale heffingen wordt op deze plaats verwezen naar de paragraaf “Lokale heffingen”. Algemene uitkering gemeentefonds (inclusief sociaal domein) De werkelijke in 2021 verantwoorde algemene uitkering bedraagt € 29.834.466,--. De geraamde rijksbijdrage bedraagt na diverse bijstellingen (t/m 2e berap 2021) € 29.576.862,--. Er is derhalve sprake van een voordelig effect van € 257.604,--. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de decembercirculaire 2021 (€262.000,--) die ná uitbrengen van de 2e bestuurlijke rapportage bekend is geworden. Toelichting Algemene uitgaven en inkomsten In programma 10 wordt de totale beschikking over de bestemmingsreserve bruto-methode geraamd. Deze inkomst betreft de dekking van de kapitaallasten van geactiveerde uitgaven die gedekt worden uit beschikkingen over reserves en/of bijdragen van derden. Middels de bruto-methode blijven deze geactiveerde wel zichtbaar in de exploitatie en op de balans. Het effect voor de exploitatie is nihil aangezien de kapitaallasten en de beschikking over de reserve bruto-methode budgettair neutraal verlopen. De beschikking over de egalisatiereserve bruto-methode bedraagt voor 2021 € 539.556,--. 2.
Stelposten Het totaaloverzicht van de in de jaarrekening 2021 nog resterende ramingen op stelposten kan als volgt worden weergeven: Primitieve Restant begroting 2021 raming 2021 (x €) (x €) Stelpost onvoorziene uitgaven Onvoorzien Stelposten Lasten investeringsprogramma Overige stelposten Stelpost armoedebestrijding Stelpost jeugdzorg Stelpost Verhoging leeftijdsgrenzen gezinshuizen Stelpost Inburgering Stelpost extra formatie handhaving (toezicht RO) Stelpost (restant-) compensatiepakket rijk coronacrisis Stelpost kansrijke start Totaal overige stelposten 2021
40.000
40.000
47.374
0
29.500 150.000 6.000 24.000 25.000
29.500
234.500
0 24.000 0 72.072 5.000 130.572
89 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
Toelichting stelpost “Onvoorziene uitgaven” De restantraming van de stelposten voor onvoorziene uitgaven van € 40.000,-- valt vrij ten gunste van de exploitatie 2021. In 2021 is deze post mede gelet op het positieve begrotingssaldo niet ingezet. In de wettelijke voorschriften voor de jaarstukken is onder meer opgenomen dat de toelichting bij de jaarrekening een overzicht dient te bevatten waaruit de aanwending van de post ‘onvoorziene uitgaven’ blijkt (artikel 28 lid b van het Besluit Begroting en Verantwoording). Toelichting stelpost “Lasten investeringsprogramma” Bij de 2e begrotingswijziging 2021 zijn de kapitaallasten 2021 uit het meerjarig investeringsprogramma 2021-2024 voor de beschikbaar gestelde kredieten overgeheveld van deze stelpost naar het bijhorende taakveld. Hierdoor is het restantsaldo van deze stelpost nihil. Toelichting “Overige stelposten” Stelpost armoedebestrijding Deze stelpost is in 2021 niet aangewend. Bij de vaststelling van de 2e bestuursrapportage 2020 heeft uw raad besloten deze stelpost in stand te laten. Stelpost Jeugdzorg Conform 2e bestuursrapportage 2021 valt tegenover de hogere jeugdzorgkosten deze stelpost structureel vrij ten gunste van de exploitatie. Stelpost verhoging leeftijdsgrens gezinshuizen.
In de 2e berap 2020 is aangegeven door de afdeling maatschappelijke dienstverlening van de GRSK (waar de uitvoering van de jeugdzorg is ondergebracht) deze middelen niet nodig zijn voor de uitvoering van de jeugdzorg. Om deze reden is deze stelpost afgeboekt. Stelpost Inburgering Deze stelpost in 2021 niet aangewend. Stelpost extra formatie handhaving (toezicht RO) Conform de 1e berap 2021 is deze stelpost geheel voor formatie uitbreiding bij de afdeling VTH voor extra RO-toezicht. Stelpost compensatiepakket rijk coronacrisis Bij de 2e bestuursrapportage zijn de rijksmiddelen tot en met de septembercirculaire 2021 toegevoegd aan deze stelpost. In december heeft uw raad besloten over de inzet van deze rijksmiddelen. De restant stelpost bedroeg hierna € 72.071,--. In de decembercirculaire 2021 is € 145.171,-- aanvullend toegekend, waarna de resterende rijksmiddelen totaal € 217.242,-- bedragen. In dit restant is voor een bedrag van € 72.320,-- rijksmiddelen opgenomen die bestempeld zijn voor wmo- en jeugdzorg. Inmiddels is van de vakafdeling maatschappelijke dienstverlening de afrekening jeugdzorg ontvangen. De extra rijksmiddelen corona ad € 72.320,-- worden hierbij ingezet als dekking, waardoor de eerder aan uw raad gecommuniceerde budgetoverheveling d.d. 15-3-2022 van € 217.242,-- hierdoor daalt met € 72.320,-naar € 144.922,--.
Aangezien de beschikkingen inzake de inzet uit het raadsvoorstel uit december 2021 (totaal € 586.000,--) in 2022 zijn verstrekt, worden deze lasten in de jaarrekening 2022 verantwoord. Middels een raadsinformatiebrief d.d.15-3-2022 is uw raad geïnformeerd dat de budgetoverheveling inzake deze coronamiddelen derhalve € 586.000,-- bedraagt. Stelpost kansrijke start Conform het raadsvoorstel omtrent de vaststelling van de begroting 2021 zijn de extra rijksmiddelen uit de septembercirculaire 2020 ten behoeve van het actieprogramma Kansrijke Start toegevoegd aan deze stelpost. Deze post is in 2021 niet aangewend.
90 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
PARAGRAFEN
91 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
92 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
1.
Lokale heffingen
1.1 Algemeen Bij lokale heffingen gaat het om inkomsten die verkregen worden op grond van publiekrechtelijke regels, voornamelijk belastingen, heffingen en retributies, die de overheid heft op grond van wettelijke bepalingen. Bij de lokale lasten wordt een onderscheid gemaakt tussen belastingen, heffingen en retributies: De belastingen behoren tot de algemene dekkingsmiddelen en dienen ter uitvoering van collectieve vormen van dienstverlening, maar ook individuele vormen van dienstverlening zonder een duidelijke relatie tussen dienstverlening en belasting. (OZB, toeristenbelasting, forensenbelasting en precariobelastingen) De heffingen dienen ter dekking van de kosten ten behoeve van de uitvoering van publiekrechtelijke dienstverlening. Dat houdt in dat de burger ook moet betalen als hij de dienst niet wenst. Voorbeelden van heffingen zijn afvalstoffenheffing en rioolheffing. De retributies zijn vergoedingen voor individuele dienstverlening van typische overheidsdiensten van publiekrechtelijke aard. Voorbeelden hiervan zijn de leges voor paspoort en rijbewijs. 1.2 Beleid Het beleid betreffende de lokale lasten is opgenomen in: - de diverse belastingverordeningen; - het raadsbesluit Afbakening belastinggebied op grond waarvan kwijtschelding voor afvalstoffenheffing en rioolheffing kan worden aangevraagd.
Voor de hoogte van de lokale lasten gelden de volgende uitgangspunten: 1. Ten aanzien van de overige heffingen en leges wordt een zo veel mogelijk kostendekkend tarief nagestreefd, voor de directe dienstverlening aan de burger. 2. De legestarieven zijn – conform de door de raad vastgestelde uitgangspunten – verhoogd met 1,5% inflatiecorrectie met uitzondering van de door het Rijk vastgestelde tarieven. 1.3 Belastingen en heffingen 1.3.1 Onroerende zaakbelasting (OZB) De OZB worden geheven op binnen de gemeente gelegen onroerende zaken. Het betreft een directe belasting die is uitgesplitst in: - een gebruikersbelasting van niet-woningen van degene die bij het begin van het kalenderjaar een onroerende zaak al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt. De opbrengst OZB gebruikers in 2021 bedraagt € 577.373,-(Raming 2021 € 594.563,--). - een eigenarenbelasting van niet-woningen van degene die bij het begin van het kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht. De opbrengst OZB eigenaren niet-woningen in 2021 bedraagt € 841.473,-(Raming 2021: € 855.514,--). - een eigenarenbelasting van woningen van degene die bij het begin van het kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht.
De opbrengst OZB eigenaren woningen in 2021 bedraagt € 2.605.585,-(Raming 2021: € 2.604.501,--). 1.3.2 Toeristenbelasting Onder de naam toeristenbelasting wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente in hotels, pensions, vakantieonderkomens, mobiel kampeeronderkomens, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten en op vaste standplaatsen tegen een vergoeding in welke vorm dan ook voor personen die niet als ingezetene zijn opgenomen in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente. In 2021 wordt de opbrengst over belastingjaar 2020 ontvangen. Deze opbrengst bedraagt € 590.931,--, deze is € 10.931,-- hoger dan begroot (raming € 580.000,--). In deze opbrengst en raming zit begrepen een toevoeging aan de stelpost coronamiddelen van € 150.000,-- vanwege hogere inkomsten dan in 2020 voorzien. 1.3.3 Forensenbelasting Onder de naam forensenbelasting wordt een directe belasting geheven van iemand die langdurig in een gemeente verblijft zonder daar zijn hoofdverblijf te hebben. Als langdurig verblijf wordt aangemerkt indien er op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor betrokkene of zijn gezin een gemeubileerde woning 93 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
beschikbaar wordt gehouden. De werkelijke opbrengsten in 2021 (over belastingjaar 2020) bedragen € 38.890,-- (begroot € 30.000,--). 1.3.4 Precariobelasting Onder de naam precariobelasting wordt een directe belasting geheven ter zake van het hebben van voorwerpen op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Er zijn over 2021 geen opbrengsten precariobelasting. Het college heeft in het kader van de ‘coronamaatregelen’ besloten om geheel 2021 geen precariobelasting te heffen. 1.3.5 Reclamebelasting De werkelijke opbrengst in 2021 bedroeg € 0,-- (begroot € 49.000,--). Het berekend bedrag aan reclamebelasting is uitgekeerd aan de Stichting promotie Eersel (SPE). Er zijn over 2021 geen opbrengsten reclamebelasting. Het college heeft in het kader van de ‘coronamaatregelen’ besloten om geheel 2021 geen reclamebelasting te heffen. 1.3.6 Rioolheffing Rioolheffing wordt geheven van de gebruiker van een eigendom van waaruit afvalwater direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. De werkelijke opbrengst rioolheffing 2021 bedraagt € 2.194.748,-- en er was een bedrag geraamd van € 2.155.892,--. Het exploitatiesaldo op de post riolering wordt jaarlijks verrekend met de voorziening riolering. Overzicht verdeling kosten riolering Onderstaande tabel geeft een uiteenzetting over de kosten van de riolering (in overeenstemming met het BBV).
De overheadkosten worden gemaakt door de sturing en ondersteuning. Deze kosten worden verantwoord op het verplichte hoofdstuk ‘Overhead’. We baseren de kosten op de totale niet doorbelaste overheadskosten gedeeld door de totale productieve uren. Deze kosten worden - evenals de BTW component – (extra-comptabel) meegenomen in de berekening van de kostendekkende rioolheffing. De methodiek voor de berekening van overhead aan de tarieven is vanaf 2017 opgenomen in de “Financiële verordening gemeente Eersel 2017”. Kostendekkendheid van de riolering Kosten taakveld riolering Inkomsten taakveld riolering (exclusief heffingen) Netto kosten taakveld Toe te rekenen kosten Overhead BTW Egalisatie taakveld riolering Totale kosten taakveld riolering Opbrengst heffingen Dekkingspercentage
Begroot 2021 -1.616.000 146.000 -1.470.000
Werkelijk 2021 -1.646.965 159.316 -1.487.649
-148.000 -309.000 -229.000 -2.156.000 2.156.000 100%
-147.969 -270.130 -288.999 -2.194.748 2.194.748 100%
1.3.7 Afvalstoffenheffing. Op basis van de werkelijke cijfers afvalverwijdering is ten opzichte van de begroting 2021 na 3 e begrotingswijziging (raadsvoorstel afvalstoffenheffing) sprake van een netto-voordeel van € 123.911,-(inclusief BCF-effect en overhead) Dit voordeel wordt gestort in de bestemmingsreserve afvalverwijdering. Overzicht verdeling kosten afval Onderstaande tabel geeft een uiteenzetting over de kosten van de afvalstoffenheffing (in overeenstemming met het BBV). De overheadkosten worden gemaakt door de sturing en ondersteuning. Deze kosten worden verantwoord op het verplichte hoofdstuk ‘Overhead’. We baseren de kosten op de totale niet doorbelaste overheadskosten gedeeld door de totale productieve uren. Deze kosten worden evenals de BTW component – (extra-comptabel) meegenomen in de berekening van de kostendekkende afvalstoffenheffing De methodiek voor de berekening van overhead aan de tarieven is opgenomen in de “Financiële verordening gemeente Eersel 2021”.
94 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
Kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing Kosten taakveld afval Kosten taakveld verkeer en vervoer Inkomsten taakveld afval (exclusief heffingen) Netto kosten taakveld Toe te rekenen kosten Overhead BTW Egalisatie taakveld afval Totale kosten taakveld afval Opbrengst heffingen Dekkingspercentage
Begroot 2021
Werkelijk 2021
-1.243.000 -69.000 477.000 -835.000
-1.156.006 -48.990 405.681 -799.315
-38.000 -235.000 0 -1.108.000 1.108.000 100%
-38.294 -233.010 -123.911 -1.194.530 1.194.530 112%
1.3.8 Leges In de begroting 2021 wordt de totale opbrengst leges geraamd op € 872.000,--. De werkelijke opbrengst 2021 bedraagt € 934.141,--. De hogere opbrengst ad € 62.000,-- wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere opbrengsten voor omgevingsvergunningen (€ 37.000,--) en voor bestemmingsplannen algemeen (€ 33.000,--). We heffen de leges over een aantal verschillende rechten ter zake van het genot van, door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten. De geraamde opbrengst bij de primitieve begroting 2021 bedraagt € 872.000,--. Om de kosten transparant te maken worden deze vanaf 2017 weergegeven op het niveau van taakvelden. De onderstaande tabel is ook betreffende de kostendekkendheid van de leges - op grond het nieuwe BBV - opgenomen in de jaarrekening. Kostendekkendheid van de leges Kosten taakveld burgerzaken (titel 1) Kosten taakveld parkeren (titel 1) Kosten taakveld wonen en bouwen (titel 2) Kosten taakveld openbare orde en veiligheid (titel 3) Netto kosten taakvelden Toe te rekenen kosten Overhead Totale kosten taakvelden Opbrengst leges (titel 1 t/m 3) Dekkingspercentage
Begroot 2021
Werkelijk 2021
-107.000 -4.000 -680.000 -114.000 -905.000
-400.111 -2.478 -674.850 -110.688 -1.188.127
-106.000 -1.011.000 872.000 86%
-129.437 -1.317.564 934.141 71%
In artikel 229 b eerste lid van de gemeentewet is bepaald dat de legestarieven zodanig vastgesteld moeten worden dat de geraamde baten van de rechten niet uitgaan boven de geraamde lasten. De legesverordening is verdeeld in 3 titels, te weten: Titel1 Algemene dienstverlening: denk hierbij met name aan paspoorten, rijbewijzen, burgerlijke stand, naturalisatie e.d.; Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning: denk hierbij met name aan de omgevingsvergunning; Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn fysieke leefomgeving/ omgevingsvergunning. De naamgeving van deze titel is wellicht wat verwarrend, maar hieronder vallen de evenementenvergunning, vergunning in kader Drank- en Horecawet en gebruiksvergunningen. De legestarieven worden bepaald op basis van de begroting, zodat incidentele hogere of lagere opbrengsten geen invloed hebben op de vastgestelde tarieven.
95 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
In onderstaand overzicht wordt de mate van kostendekkendheid van de leges weergegeven: Kostendekking per Kostendekkendheid per titel (incl. overhead) Lasten 2021 Baten 2021 titel Titel 1 511.526 157.330 31% Titel 2 683.378 733.629 107% Titel 3 122.660 43.181 35% Kostendekkendheid totale tarieventabel 1.317.564 934.141 71% 1.3.9 Vermakelijkhedenretributie De werkelijke opbrengst in 2021 bedraagt € 5.757,--. De raming 2021 bedroeg € 1.350,-- In 2021 is, vanwege corona, in de begroting rekening gehouden met het verminderd aantal evenementen. 1.3.10 De geraamde en werkelijke inkomsten In onderstaand overzicht zijn alle inkomsten ten aanzien van lokale heffingen opgenomen voor 2021. ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN Onroerende zaakbelasting Toeristenbelasting Forensenbelasting Precariobelasting Reclamebelasting TOTAAL ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN NIET ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN Rioolheffing Afvalstoffenheffing (inclusief 3e begrotingswijziging 2021) Leges Vermakelijkhedenretributie TOTAAL NIET ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN
Begroting 2021 4.054.578 249.400 30.000 0 0 4.333.978
Rekening 2021 4.024.431 410.331 38.890 0 0 4.473.652
2.156.000 1.108.000 872.000 1.350 4.137.350
2.194.748 1.194.530 934.141 5.757 4.329.176
1.4 Kwijtscheldingsbeleid Wanneer men een inkomen heeft op of net boven het bijstandsniveau en niet beschikt over vermogen kan men in aanmerking komen voor kwijtschelding van gemeentelijke heffingen. Bij kwijtschelding komt de verplichting tot betaling geheel of gedeeltelijk te vervallen. Kwijtschelding kan alleen worden aangevraagd door particulieren en niet door rechtspersonen. In 2021 is voor een bedrag van € 48.639,-- kwijtschelding verleend en was er een bedrag geraamd van € 50.000,--.
96 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
2.1 Algemeen Het gemeentelijk weerstandsvermogen geeft de mate aan waarin de gemeente in staat is financiële tegenvallers op te vangen. Wil de gemeente dat kunnen, dan moet zij beschikken over een zekere mate van vrije ruimte binnen de begroting en/of de vermogenspositie. Deze vrije ruimte ofwel buffer, wordt de weerstandscapaciteit genoemd. Het weerstandsvermogen bestaat uit de verhouding tussen: - De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te kunnen dekken; - Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Om risico’s goed te kunnen relateren aan de weerstandscapaciteit, dienen de risico’s in kwantitatieve grootheden benoemd te worden. Niet alle risico’s zijn relevant voor de weerstandscapaciteit. Niet relevant zijn: - Concrete of reguliere risico’s (afdekken middels voorziening of verzekering); - Risico’s lager dan € 25.000,-- (vallen onder reguliere bedrijfsvoering); - Zeer zeldzame en grote risico’s met extreme gevolgen, zoals natuurrampen. In de nota weerstandsvermogen en risicomanagement, welke op 18 december 2007 is vastgesteld, is bepaald dat per relevant risico de volgende zaken aangegeven dienen te worden: 1. Omschrijving van het risico; 2. Een inschatting van de kans dat een gebeurtenis optreedt.
Hierbij moet worden aangegeven hoe vaak een risico zich zal voordoen. Uitgaande van de planperiode van 4 jaar van de meerjarenbegroting, kan de kans variëren van: Vierjaarlijks risico (factor 1); Driejaarlijks risico (factor 1,33); Tweejaarlijks risico (factor 2); Jaarlijks risico (factor 4). 3. Een uitspraak over in hoeverre het financiële gevolg van een risico is in te schatten, in termen van goed, redelijk, slecht of niet; 4. Een inschatting van de mogelijke financiële gevolgen als het risico zich voordoet. Hierbij wordt een zestal categorieën onderscheiden, namelijk: Risico’s met een indicatie > € 25.000,-- < € 50.000,-- (€ 37.500,--); Risico’s met een indicatie > € 50.000,-- < € 250.000,-- (€ 150.000,--); Risico’s met een indicatie > € 250.000,-- < € 750.000,-- (€ 500.000,--); Risico’s met een indicatie > € 750.000,-- < € 1.250.000,-- (€ 1.000.000,--); Risico’s met een indicatie > € 1.250.000,-- (geschat indicatief risico); Risico’s waarvoor geen indicatie is aan te geven (PM) Tussen haakjes is aangegeven hoe het financiële gevolg wordt meegenomen in de berekening. Het aangegeven bedrag wordt vermenigvuldigd met de risicofactor (zie punt 2). 5.
Hoe met het risico omgegaan wordt in termen van vermijden, verminderen, overdragen of accepteren; Vermijden: beleid waardoor een risico ontstaat wordt beëindigd of op een andere manier vormgegeven; Verminderen: risico wordt afgedekt middels een verzekering, een voorziening of een ander budget in de programmabegroting; Overdragen: het beleid dat een risico met zich meebrengt, laten uitvoeren door een andere partij, die daarbij ook de financiële risico’s overneemt; Accepteren: wanneer het risico niet beïnvloedbaar is en niet op een andere wijze wordt afgedekt, dient eventuele financiële schade volledig middels de weerstandscapaciteit afgedekt te worden. 2.2 Beleid De volgende beleidsuitgangspunten gelden: - Om een buffer te hebben om risico’s en tegenvallers op te kunnen vangen zonder dat hierdoor dekkingsmiddelen in de exploitatiesfeer wegvallen, is het voor een gezond financieel beleid noodzakelijk een minimale omvang voor de algemene reserve te bepalen;
97 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
-
Om de algemene reserve te verruimen, worden op te heffen reserves en voorzieningen in beginsel toegevoegd aan de algemene reserve; ook de berekende rente over de voorzieningen worden middels resultaatsbestemming toegevoegd aan de algemene reserve; Om een afzonderlijke buffer te hebben om onvoorziene risico’s met betrekking tot de bouwgrondexploitatie op te kunnen vangen, is het voor een gezond financieel beleid noodzakelijk een minimale omvang voor de algemene reserve bouwgrondexploitatie te bepalen.
Conform de vastgestelde beleidsnota Reserves en voorzieningen dient de gemeente om onvoorziene risico’s met betrekking tot de grondexploitatie op te vangen een afzonderlijke buffer te hebben. De hoogte van deze reserve wordt jaarlijks beoordeeld en eventueel aangepast bij de begroting en jaarrekening (paragraaf grondbeleid). In de grondnota welke uw raad in december 2017 heeft vastgesteld is vanaf 2017 een nieuwe methodiek besproken. Deze nieuwe methodiek sluit beter aan op de financiële risico’s waarvoor een voorziening wordt getroffen. De minimale omvang van de buffer wordt jaarlijks opnieuw berekend en is voor 2021 bepaald op de minimumbuffer van € 2.500.000,-- zoals deze in de grondnota is vastgesteld. Conform voorgaande jaren is er een splitsing gemaakt tussen algemene risico's en risico’s uit bouwgrondexploitaties. Algemene risico's worden daarbij gedekt uit de algemene reserve (minimale buffer: € 3,5 mln.). En risico's uit bouwgrondexploitaties door de algemene reserve bouwgrondexploitaties. Op dit moment is de stand van zaken betreffende de buffer bouwgrondexploitaties als volgt. In paragraaf 7 grondbeleid staat een verdere toelichting / onderbouwing: Overzicht verloop stand algemene reserve grondexploitatie x € 1.000,-2020 2021 2022 2023 SALDO RESERVE PER 1 jan Bij: Rentetoevoeging (incl.
rente resultaat, vanaf 2022 geen rentetoevoeging meer) Bij: Bijdrage van Alg.res. Mutatie voorziening wegens verliezen Toevoeging conform resultaatbestemming (resultaten bouwgrondexploitaties t-1) Af: VPB verplichting t-1
2024
2025
2026
2027
2.506
3.389
3.006
2.546
6.325
7.585
8.916
8.916
69
61
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
774
386
0
0
0
0
0
0
940
1.470
1.940
3.779
1.260
1.331
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Af: bijdrage in Algemene reserve (cfm iflo-methode)
-900
-2.300
-2.400
0
0
0
0
0
SALDO RESERVE PER 31 dec
3.389
3.006
2.546
6.325
7.585
8.916
8.916
8.916
1.470
1.940
4.859
4.946
Minimale omvang buffer volgens grondnota
2.500
2.500
Tekort (-) dan wel overschot (+)
2.359
2.446
Voorstel tot afroming (afgerond)
2.300
2.400
Voorgestelde storting in t+1, zijnde resultaat bouwgrond exploitatie Saldo inclusief voorgestelde storting
98 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
2.3 Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit kan betrekking hebben op de exploitatie en/of op het vermogen. In de exploitatiesfeer is dit het exploitatiesaldo en in de vermogenssfeer (de balans) is dit de omvang van de algemene reserve. Exploitatiesfeer 2021 Exploitatiesaldo (minus budgetoverhevelingen) Weerstandscapaciteit exploitatie
2.318.932 2.318.932
Vermogenssfeer
Stand reserve 1-1-2021 15.478.783 15.478.783
Algemene reserve Weerstandscapaciteit vermogenssfeer
Stand reserve 31-12-2021 22.854.618 22.854.618
Het totale weerstandsvermogen per 31 december 2021 bedraagt € 25.173.550,--. Hierbij moet worden aangetekend, dat ten aanzien van lopende investeringen, die gedekt worden middels beschikking over de algemene reserve, per 31 december 2021 nog een bedrag van € 8.533.360,-- was uit te geven (zie onderstaande tabel). Tevens wordt opgemerkt dat bij de vaststelling van de begroting 2022 diverse nieuwe investeringskredieten beschikbaar zijn gesteld, die eveneens gedekt worden uit de hiervoor genoemde algemene reserve. Dit laatste betekent dat naast de hiervoor genoemde lopende investeringen ad € 8.533.360,--, ook voor de nieuwe investeringen 2022 wordt beschikt over de algemene reserves voor een bedrag van € 4.231.000,--. Resumerend kan het totale beschikbare weerstandsvermogen als volgt worden becijferd: Totale weerstandscapaciteit per 31-12-2021 € 25.173.550,-Nog te beschikken over de algemene reserve € -8.533.360,-(zie onderstaande tabel) Nog te beschikken nieuwe investeringen 2021 € -4.231.000,-Rentetoevoegingen 2021 € +451.906,-€ -12.312.454,-Totale gecorrigeerde weerstandscapaciteit € 12.861.096,-Het voorgaande betekent dat het – rekening houdende met de beschikbaar gestelde kredieten tot met 2021 – het totale beschikbare weerstandsvermogen afgerond € 12,8 miljoen bedraagt. Per 31 december 2021 is terzake van de volgende
Algemene
restant-kredieten nog te beschikken
Reserve
over de algemene reserve Transformatie kerkgebouw tot gsh Steensel
2.485.844
Andere kijk op dorpsraden
9.792
Actieplan eikenprocessierups 2020-2022
79.715
Ventilatiemaatr basisschool st Lucij en Disselboom
27.308
vervanging groen (MIP 2019+2020+2021)
63.869
Boomveiligheidscontrole (mip 2020)
11.040
Incidentele maatregelen recreatie
50.000
Herstelmaatregelen gemeentelijke landschapselementen
93.485
Ecol. verbind. zone Kleine Run
277.650
Gebiedsontwikkeling Levende Run
80.195
Gebiedsontwikk. Kleine Beerze (MIP'10+'11+'12+13+14+15+18+19+21)
181.392
Herziening ruimtelijke plannen
63.194
Agenda van de Kempen 2012+2013+2014
43.469
Visie transformatielocatie best steed geb (MIP2019)
29.378
Omgevingsvisie 2.0 (MIP 2021)
152.925
Onderzoek uitwerking grondstoffencentrum
49.040
Energiereductie gem. gebouwen (MIP 2016+2017)
49.054 99 22.03617
Totaaldocument tbv Raad 5 juli 2022
Verduurzamen mobiliteit
25.000
Uitvoeringsprogramma duurzaamheid
248.638
Ondersteuning ontwikkelingen E'Hoven airport
1.673
Geluidsbeleid (MIP 2019)
15.000
Bewustwording duurzaamheid (MIP 2019+2020+2021)
31.018
Wind- en zonne-energie (MIP2019)
24.843
Onderz transitie best gem vastgoed (MIO 2019)
25.000
Transitievisie warmte en energie
185.541
Proj. Intensivering toez.veehouderijen
36.555
Looproute mensen met beperking Markt-Hint (2021)
42.650
Haalbaarheidsonderzoek geluidswal A67 (2021)
8.070
Actualisatie en digitalisatie wegenleger (Mip '16)
195
Aanleg fietspad Stevert (MIP2017)
289.232
Herin knegselsedijk/Duiselseweg
614.781
Vrijliggend fietspad Duiselseweg
697.234
Vrijliggend fietspad Urnenweg (MIP 2020)
698.661
Bijdr bereikbaarheidsagenda regio brede projecten Verkeersveiligheidsplan (MIP'07+08+09+10+11+'12+'13+'14+'15+'16+'17+18+19) Middenweg Eersel – Bergeijk – N397 (MIP'09+17+
295.470
Regionale HUB
17.742
Berging korfbal Wintelre
7.613
Ontwikkelingsvisie Kempenmuseum
29.824
Kunstwandelroute "verb.door verbeelden"
81.501
47.822 473.178
Innovatie en uitvoering toekomstvisie
38.351
Aanleg glasvezel (cat.3)
150.000
Recr uitkijktoren en fietspad/ mindervalidenpad
140.306
VisitEersel Manager (2021)
24.606
Tijdelijke projectleider vrijetijds economie (21)
113.954
Optimaliseren processen dienstverlening (MIP 2020)
80.204
Inventarisatie verblijfsaanbieders buitenlandse werknemers
13.750
2021 Digitaal vervanging milieuvergunning
40.000
Inhuur personeel (projectleiding)
38.466
Trainees
50.090
Inhuur cyclisch bouwen
156.043
Inform. Beveiliging/ geb. beheer (2021)
43.000
TOTAAL GENERAAL
8.533.360
Risicobeheersing In onderstaande tabel zijn de risico’s benoemd en vertaald in de mate van inschatbaarheid, beheersing risico en ‘reëel’ financieel gevolg (= kans x financieel gevolg). Indien er geen financiële gevolgen zijn in te schatten, is desbetreffend risico niet opgenomen in deze tabel. Het totaal resulteert in een totaal benodigde weerstandscapaciteit. Welke vervolgens gebruikt kan worden voor de berekening van de ratio weerstandsvermogen.
Risico Het eigen beleid: Onderwijshuisvesting
Geschat financieel Reëel gevolg bij Beheersing financieel Mate van Kans inschatbaarheid voordoen risico gevolg 1
Slecht
1.000.000 Accepteren 1.000.000
100 22.03617