Verslag Commissie Ruimte 4 november 2021
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE RUIMTE GEMEENTE EEMNES d.d. 1 november 2021 1.
Opening De voorzitter: Goedenavond. Welkom op de commissie ruimte. Een volle tribune. Ik ben blij dat u allen gekomen bent. Ik weet niet of u gekomen bent voor de begroting. Ik denk het niet. Volgens mij bent u allen gekomen voor de presentatie Ocriet. Nou, goed. Gelukkig is dat ook het eerste punt op de agenda. Maar goed, eerst een paar andere zaken. Eerst het vaststellen van de agenda. Mijn excuus. Mijnheer Van Schaik is afwezig. En mijnheer Defferding is afwezig. Die wordt. Ja, mevrouw Wiering is natuurlijk aanwezig namens D66. En mevrouw Van der Linde, die wordt vervangen door mijnheer Roorda.
2.
Vaststellen agenda De voorzitter: Vaststellen van de agenda. Mijn voorstel is om 5.3, raadsvoorstel openen grondexploitatie Zuidpolder Zuid plus de presentatie, helemaal naar het eind van de vergadering te verplaatsen. Dat we dat in zijn geheel besloten doen. Dan kan u altijd in de raad natuurlijk in het openbaar, in de openbaarheid, nog wat zeggen hierover. Is dat akkoord? Ik zie verder allemaal instemmende gezichten. Dan bij deze.
3.
Vaststellen besluitenlijst d.d. 4 oktober 2021 De voorzitter: Vaststellen besluitenlijst van 4 oktober 2021. Er zijn verder geen wijzigingen binnengekomen. Dus bij deze vastgesteld.
4.
Inventariseren spreekrecht publiek De voorzitter: Inventarisatie spreekrecht publiek. Er hebben zich verder geen insprekers gemeld. Ik weet niet of er nog spijtoptanten zijn. Ik zie verder geen handen omhoog gaan. Dan kunnen we het hierbij laten.
5.
Te bespreken onderwerpen 05.01 Presentatie Ocriet concept gebiedsvisie De voorzitter: Dan wil ik beginnen met de presentatie Ocriet concept gebiedsvisie. Ik zag ook dat er nog een ingekomen brief is binnengekomen. Die is toegevoegd aan de stukken. Dat ging met name over de communicatie. Nou, goed. Deze presentatie die vindt plaats op verzoek van het college. Dus wij hebben ons ook niet zo zeer in die zaken bezig gehouden met de communicatie naar u als aanwonenden of bewoners van Eemnes toe. Maar het is wel een punt wat straks in het vervolg goed meegenomen moet worden. En daar proberen wij natuurlijk als commissie zijnde daar toch wel goed naar te kijken dat het op een zorgvuldige wijze gebeurd. Maar het is in ieder geval jammer dat hier toch het ongenoegen over leeft zoals blijkt uit de brief. Maar goed, vanavond hebben we alleen een presentatie. Wij weten verder als commissie zijnde ook verder niets. Dus wij wachten net als u de presentatie af. Vanavond hebben we een presentatie door de projectdirecteur, mijnheer Veldhuis. Daarna de landschapsarchitect, mijnheer Heij. En een stedenbouwkundige, mijnheer Van Egmond. Ik zou willen vragen of de drie heren op de stoelen willen plaatsnemen. En dan is aan u het woord. Hij staat al op het beeldscherm. De heer Veldhuis: Dank u wel, voorzitter.
Dank u wel voor de uitnodiging die wij hebben ontvangen om onze eerste presentatie hier te geven over het Ocriet-terrein. Zoals al gezegd: drie sprekers. Ik begin met de kop en
de staart. Daartussen zit landschap en een stedenbouwer, een architect, en dan sluit ik weer af. Kijken of het allemaal werkt. Het klikken werkt niet, maar ik draai maar. Ook niet. Maakt niet uit. Die, oké. Super, dank je wel. Dit is een mooi plaatje wat u allemaal kent. We staan hier op de Ocriet-locatie en kijken naar het prachtige landschap en het vogelweidegebied. We hebben drie onderwerpen die we met u willen doornemen. Allereerst de introductie, het voorstellen van onszelf. Dan de verkenningsfase van een gebiedsvisie. Iets verder weg? Zo, ja. Oké. Dank. Uiteindelijk is deze presentatie met name gericht op de gebiedsvisie, omdat we ook al in het overleg met de gemeente, en dan praat ik met de verantwoordelijk wethouder en een projectleider, allereerst kijken naar het gebied. En dan vanaf de gebiedsvisie inzoomen op de locaties. En als ik vanavond zeg locatie. Kijk eens aan. Dat helpt. Als ik zeg locatie, dan heb ik het steeds over de locatie Ocriet en de locatie Sterk. En dat wordt voor ons qua ontwikkeling even als één locatie genoemd. Dat u dat weet. Dat we het niet alleen over Ocriet hebben, maar ook over de locatie Sterk. En tot slotte het afstemmen en de participatie. Ga ik toch te snel. Wie werken er samen aan de plannen voor Ocriet en Sterk? Dat is Wilma Wonen, dat is Heilijgers en Waterland Real Estate. Even heel kort. Heilijgers, vast wel van gehoord.
Een ontwikkelende bouwer uit Amersfoort met een mooie lange geschiedenis met mooie ontwikkelingen op de reverentielijst. En ook nog een hele mooie lange lijst voor zich om aan te werken. Dan hebben we Waterland Real Estate. Dat is de eigenaar van de Sterk locatie. Waterland Real Estate is ook een professionele Nederlandse vastgoedonderneming, zoals u kunt lezen, die zich ook concentreert op het ontwikkelen van residentieel vastgoed, zorgvastgoed, en met name bijzondere locaties. En we hebben hier vanavond te maken met een hele bijzondere locatie. Directeur en eigenaar Feike Siewertsz is aanwezig hier, dus wij zijn goed vertegenwoordigt vanavond. Dan Wilma Wonen. Wilma Wonen is voor de wat ouderen, maar daar moet ik altijd heel voorzichtig zijn. Wilma Wonen is een lange tijd één van de toonaangevende ontwikkelende bouwers in Nederland geweest. Een jaar of negentien van de kaart van Nederland verdwenen. Maar in Duitsland altijd bestaan. Eén van de toonaangevende ontwikkelende bouwers. Maar sinds 2016 weer actief als woningbouwontwikkelaar op de Nederlandse markt. En ook zeer voortvarend en ook succesvol. U ziet hier een prachtig project in het noorden van het land, Scheerwolde. En voor diegene die geografisch niet zo thuis zijn in de wat kleinere watergebieden. Dit ligt onder Steenwijk. Het is een prachtig gebied wat op dit moment gebouwd wordt.
En helaas voor de mensen die erg belangstellend zijn, het is uitverkocht. Ik zie weer teleurgestelde gezichten. Drie namen, waarvan één Vof. Dat is Wilma samen met Heilijgers. En omdat de buurman Waterland Real Estate is werken we samen op. Zeker omdat we straks op weg naar een bestemmingsplan et cetera, et cetera, schouder aan schouder optrekken. En Wilma is operationeel aanspreekpunt voor deze locatie naar overheidsinstanties, et cetera. Er zijn uiteraard samenwerkingsovereenkomsten gesloten tussen de Vof en Waterland Real Estate. En er zijn inmiddels ook anterieure overeenkomsten gesloten door de Vof en door Waterland met de gemeente. Nou, dit even als introductie. Dan weet u wie wij zijn. En ik kan u verzekeren: wij zijn ook echt de eigenaren van de locatie. Ik heb begrepen dat hier in het verleden ook wel mensen gezeten of gestaan hebben, heel enthousiast presenterend, maar het waren op dat moment geen eigenaren. Maar wij hebben inderdaad, zowel Waterland als wij, als Wilma met Heilijgers, de locaties echt gekocht. Kijk maar even in het kadaster. Is geen geintje, dat is echt werkelijkheid. Dan gaan we naar de verkenningsfase van de gebiedsvisie. Even in schema. Ik kan mij voorstellen: er staat eigenlijk teveel op deze sheet. Maar dat heeft ook te maken met de tijd.
Wat hebben we zoal gedaan? Wij hebben al heel wat gesprekken gehad met de directe omgeving, dus de directe buren die dus grenzend zijn aan onze locaties. Dat is Jachthaven Kroeze met junior en senior. Wij hebben ons georiënteerd op de locatie zelf civieltechnisch. Wat zit er in de grond. Wat ligt er nog. Wij hebben de eerste afstemmingen gehad met overheden. Om te beginnen met gemeente Eemnes, de gemeente Baarn, provincie en waterschap. En ik wil wat inzoomen op de directe buren. Even heel kort. En dan gaan we nog even naar het Ocriet-eiland. En daarna nog een plaatje van de verkennende analyse gebiedsvisie. En dat is het bruggetje dat ik het stokje overgeef aan Jeroen Heij, de landschapsarchitect. Zoals ik al zei beginnen we bij de directe buren. Wij noemen
dat weleens het Bloemsma perceel. De naam doet natuurlijk niet helemaal recht aan de eigenaren. Want als u hier kijkt, dan ziet u: het is maar een klein taartpuntje. Het is nog in hectaren. Maar zelfs een klein taartpuntje kun je nog opdelen in heel wat eigenaren zijnde Brouwer, Richter, Van Bremen en zelfs het waterschap heeft hier nog een stukje eigendom. Wij zijn tot op de dag van vandaag volop in gesprek met deze eigenaren om te kijken: wat zijn de mogelijkheden als buur elkaar te verdragen. Dat is één. En twee, misschien wel een doorkijk in een gebiedsvisie over een wat langere termijn om ook deze locatie bij het geheel van de ontwikkeling te trekken. Dat is allemaal nog heel prematuur. Want u weet misschien veel beter dan ik wat hier allemaal gevestigd is. En dat is best een hele uitdaging. Maar wij zijn er voor de uitdagingen. Dan even naar het Ocrieteiland. U zult zeggen: ja, dat ligt niet in onze gemeente. Nee, dat klopt. Vandaar dat wij ook voorzichtig wat verkennende gesprekken hebben gevoerd bij de buurman, bij de gemeente Baarn. Maar ook met de provincie, waar we binnenkort weer een gesprek mee hebben. Want dit eiland is eigendom van de provincie Utrecht. En u ziet dat de provincie Utrecht een hele goede ondernemer is, want die heeft het aan verschillende mensen verhuurd. Kanoverenigingen, waterscouts, hengelsport en nog een waterscout.
En heeft zelfs ook de provincie Utrecht een locatie voor Rijkswaterstaat bestemd. Zo meteen komt de landschapsarchitect wel op dit gebied terug, hoe we dit in het geheel van de gebiedsvisie zouden kunnen opnemen. Dan nog even een korte verkennende analyse van de gebiedsvisie. Nou, u ziet: we zijn echt aan het werk. En aangezien ik niet echt fotogeniek ben gaan we daar snel mee verder en geef ik het woord nu aan Jeroen Heij. De heer Heij: Goedenavond, allemaal. Staat mijn microfoon aan? Ja, goedenavond allemaal. Jeroen Heij, landschapsarchitect uit Amersfoort ook. De voorzitter: Kunt u iets dichter bij de microfoon? Of tenminste, de microfoon naar u toe halen. Dat is makkelijker. Dank u wel. De heer Heij: Dat zal ik doen. U ziet hier nog een beeld van het Ocriet-terrein waarin de fabriek nog staat en nog niet gesloopt is. Een mooie locatie. De Populieren in het landschap. De Eem zelf met de oude Meander en de vroeger rechtgetrokken rivier. Een deel van het Ocriet-eiland midden-boven. En rechtsonder de locatie Sterk. Ja, een fase verder. Dan wel een winterbeeld, maar dit is vrij recent, deze luchtfoto. In ieder geval is de fabriek hier gesloopt en zo ligt het er nu ook bij. Je ziet inderdaad ook wel dat de fabriek zeker, zal ik maar zeggen, een barrière is geweest tussen het landschap en tussen de Eem op dit punt.
En op dit moment zou je haast zeggen is het een vreemd soortige plek met beton waar van alles doorheen groeit. Gras en et cetera. Het is een soort niemandsland op dit punt. Ja. Nou, wij zijn qua verkenning na de gebiedsvisie zijn wij al schetsmatig zijn wij aan de gang gegaan. Als landschappers kijken wij dan naar de Eem vallei als geheel. Dat is eigenlijk een mooie trechter waar de Eem doorheen loopt. Die loopt van Amersfoort, zal ik maar zeggen, tot aan de Randmeren. Het sterretje links is de locatie. En met name wat zijn dan eigenlijk de invloeden geweest op dat landschap? Dat is natuurlijk de stedelijk ontwikkeling, maar ook, zal ik maar zeggen, de aanleg van de A1 en de aanleg van de Bisschopsweg, de provinciale weg tussen Baarn en Bunschoten, die eigenlijk ervoor hebben gezorgd dus dat er ook dan met name een bedrijfsmatige en industriële ontwikkeling heeft plaatsgevonden langs de westoever van de Eem. Laten we zeggen rondom het gebied. Wat nog meer opvalt is dat je aan de Eem natuurlijk een aantal hele bijzondere landschappelijke plekken vindt. Heel interessant. Dat zijn de Melle. Je vindt ook, zal ik maar zeggen, Koehorst als landgoed, als bosgebied. Dus het landschap is niet in zijn geheel open, maar er liggen ook daadwerkelijk gewoon plekken die onbewoond zijn op hoge zandruggen en die uiteindelijk dus oorspronkelijk als een landgoed hebben gediend. Ja.
Maar uiteindelijk het doel is natuurlijk van: hoe kom je daar nou doorheen, door dat water. Nou, het is een prachtig beeld hier. Ik weet dat ik het ooit eens schaatsend heb afgelegd in de winter van 1995, volgens mij. Maar, goed. Ik denk dat de locatie van Ocriet ook daardoor uitermate geschikt is voor mensen die daar willen wonen en die een bootje
hebben. En met name dat recreatievaarverkeer hier gewoon leidt tot de Randmeren, wat natuurlijk een fantastische plek is. Het is ook een bestaande bosroute in die zin. Want je zit eigenlijk ook voorbij de brug in de Bisschopsweg. Ja. Nou de locatie zelf, wat ik net al uitlegde. Met name door dus de infrastructuur die ontwikkeld is zie je dus bedrijfsmatige ontwikkelingen. Onder andere de asfaltcentrale, het deels langs de Bisschopsweg, maar helemaal tot de snelweg. En ja, je mist daardoor eigenlijk toch een beetje de landschappelijkheid van de rivier op dat punt. Wij kunnen ons voorstellen dat die gebiedsvisie iets gaat zeggen over van: wat gebeurt er als we een aantal van dit soort terreinen gaan transformeren? En daar bedoel ik mee: eigenlijk een zelfde soort weg ondergaan als het Ocriet-terrein zelf. De fabriek wordt afgebroken. Je hebt een bepaald gebied. Er ligt infrastructuur. Wat gaan we ermee doen. Kunnen we dat ergens anders voor inzetten voor mensen die heel graag er willen wonen, onder andere. Nou, als landschapper kijken we ook altijd even naar het verleden. Daar heb ik kort al even iets over gezegd. Je ziet hier de ontwikkeling. In het tweede plaatje bijvoorbeeld nog het fabriekje met de oude dijk, de oude Eemweg nog. En in het derde plaatje zie je dus de fabriek al heel duidelijk gegroeid, inclusief dus ook de omlegging van de Eemweg.
En je ziet ook heel duidelijk dus dat die fabriek hier gewoon best een forse klomp is in het landschap en ook wel een maat in de schaal aanneemt die dus ver afwijkt van het dorpse van Eembrugge zelf. Ja. Ik ga er even snel doorheen. Maar ik denk dat jullie het goed kunnen volgen. Straks is er nog gelegenheid voor het stellen van vragen. Waar kijken wij naar als landschapper ook naar? Dat is naar het landschap uiteraard en hoe is dat ontstaan. Nou, de Eem. De Eem is heel duidelijk, zal ik maar zeggen, een rivier die, zal ik maar zeggen, bij Amersfoort uit een aantal beken uiteindelijk stroomt naar het Noorden. Je ziet ook heel duidelijk de slagenverkaveling, het veenlandschap, die zich ombuigt eigenlijk naar de rivier zelf. Uiteindelijk de historische dijk aan de westkant waar de ontwikkeling heeft plaatsgevonden. En wat heel bepalend is, het natuurnetwerk Nederland. De vroegere ecologische hoofdstructuur. Het hele eiland, Ocriet-eiland, valt daaronder. En ten zuiden van het eiland is het eigenlijk de rivier met een paar nauwe stroken langs de over die onderdeel zijn van het natuurnetwerk Nederland. Ik kom daar straks nog eventjes op terug. Ja. Nou, wat heel duidelijk is als uitgangspunt is in feiten de verstedelijkte ontwikkeling aan de westoever. Heel duidelijk een aantal clusters met bebouwing, waaronder ook natuurlijk het oude dorp.
Of het oude stadje, geloof ik, zelfs vroeger. Eembrugge. En in het middelste plaatsje ook wel het idee van: wat kunnen we nou met die dijk doen. Want die oude dijk heeft daar gelegen. Die is best nog wel in zijn contour en tracé nog aanwezig. Bij de asfaltcentrale onder andere niet. Maar wij denken dat het heel aardig is om als uitgangspunt te nemen de ligging van de dijk, de oude Eemweg bij wijze van spreken, en die op locatie misschien weer terugbrengen. Waardoor je dus in het plan ook twee sferen zou kunnen aanbrengen. Het rechter kaartje geeft nog even aan dat we ook nagedacht hebben over: hoe kan je nou die ontsluiting goed organiseren. Ik denk dat het heel goed is om daar ook in het participatietraject verder over te praten uiteraard. En hier is in ieder geval gesuggereerd om eens te kijken of je een eenrichtingsverkeer voor de nieuwe clusters zou kunnen instellen, waardoor via het Kerkenweg en de Gierenweg een lusje zou kunnen maken richting de aansluiting op de Bisschopsweg. Ja. Nou, uiteindelijk dus de landschappelijke drager eigenlijk van de hele strook zou kunnen zijn van: we streven naar een nieuw soort ontwikkeling op de Ocriet-locatie zelf met een buitendijkse typologie. Dat is de oranje strook naar het water. De sfeer van een haven. De sfeer van kades. En dat zou je kunnen benutten.
En de kans ligt met name aan de binnendijkse typologie veel meer in het veenlandschap en de slagenverkaveling. En daarmee kan je ook op locatie heel mooi twee sferen maken. De derde sfeer is eigenlijk de ecologische sfeer van het Ocriet-eiland. Ja. Nou, dan komen we eigenlijk tot een aantal uitgangspunten. Dat is dat de ontwikkeling van het Ocriet-terrein eigenlijk zou moeten bijdragen om de verbinding tot stand te brengen tussen het open slagenlandschap en die rivier. Omdat die ten tijden van de oude fabriek eigenlijk totaal verbroken is geweest. Dus die verbinding zouden we weer willen zoeken. En het rechter plaatje geeft eigenlijk aan, dus dat is ook het terrein ook in zijn nieuwe vorm, in zijn dorpse korrel, zijn dorpse uitstraling, een verbinding zou kunnen vormen tussen Eembrugge en de Jachthaven Kroeze. Dus eigenlijk het afmaken of het
uitbreiden, zou je haast kunnen zeggen, van de sfeer van het wonen aan een dijkje en aan de rivier. Tot slot hebben wij dat verbeeld in een aantal schetsen. Daar kunnen we verder over praten, die schetsen. En met name de rechter schets geeft in feiten het idee weer zodat je dus de ontwikkeling ziet aan de oude meander van de Eem. Je ziet eigenlijk al een heel duidelijk beeld in de sfeer aan het water, een havensfeer, een kadesfeer. En een landschappelijke manier van wonen met name aan de kant van de polder. En een aantal open verbindingen die je tot stand zou kunnen brengen tussen het landschap en de rivier. En ten tweede hebben we het idee gehad om met name eigenlijk het Ocriet-eiland, om dat iets aan te passen in die zin om te kijken van: kunnen we die natuurfunctie die het eiland nu scheidt of heeft, met name aan de noordzijde en zal ik maar zeggen de waterfunctie aan de zuidzijde, niet wat meer parallel aan de rivier leggen. Want dan volgt het ook wat meer de natuurlijke lijn van de ecologische, de oude ecologische, hoofdstructuur en natuurnetwerk Nederland. Nou, met deze uitgangspunten is Diederik verder gegaan om daarmee een stedenbouwkundige visie voor dit terrein te ontwikkelen. Geef ik jou graag het woord hierover. De heer Van Egmond: Zet ik hem bij mij aan. Ik voel me bijna bezwaard dat ik met mijn rug naar de bewoners en omwonenden zit, maar dat is nou eenmaal zo.
Maar ik hoop dat jullie het goed kunnen volgen. En als jullie vragen hebben dat jullie mij straks nog even aan kunnen tikken. Wat wij feitelijk gedaan hebben is dat wij gekeken hebben vanuit die landschappelijke analyse die we meekregen van: wat gebeurd er nu op deze locatie. Want het is wel een vrij bijzondere locatie. Ik ken het gebied vrij goed. Ik kom regelmatig hier in het Gooi, maar ook veel in Eemnes. Sommige van u kent mij misschien. Ik ben ook de architect van de plannen van garage Koot. De appartementen die daar zijn gekomen. Die heb ik ook getekend. En daar hebben we met heel veel dialoog met de buren en de omgeving gekeken hoe we daar een plan konden neerzetten was passend was. En blijkbaar is dat goed gegaan, want ze hebben mij ook uitgenodigd om hier mee te denken. En ik vond het eigenlijk best wel een bijzondere plek. Want je rijdt door het oude dorp en dan loop je tegen dat grote open terrein aan waar ooit eens die grote wand stond van de fabriek, waardoor je bijna een soort ontkenning kreeg tussen het water en de polder. Daar stond een hele grote masse. En je ziet er eigenlijk, en soms maak ik van dit soort hele simpele schetsjes om een beetje een beeld te scheppen van: wat wil je dan? Want we hebben nog helemaal niet gericht van: daar moeten zoveel woningen. Of dit is het programma. Of zo gaan we het doen. En hoe gaan we om met verkeer.
En hoe gaan we om met groen. Dat zijn nog allemaal dingen die we moeten uitzoeken. Maar wat je wel ziet op die rechterschets is dat ik het heel mooi zouden vinden als er tussen het water en de polder eigenlijk een soort veld staat met wat kleinere korrel. Dus huizen die vrij staan. Soms wat twee onder een kap woningen. En daar kan best wel een keer een klein appartementenblokje staan. Maar dat moet niet Manhattan aan de Eem worden. Het is wel het idee dat we iets doen wat past bij de sfeer en karakter van Eembrugge en Eemnes. Dank je wel, Harry. En wat ik dan zelf altijd heel erg leuk vind is, Jeroen liet het net al zien in die landschapspresentatie, dat is natuurlijk soms best wel ingewikkeld. Maar je ziet dat vanwege de Ocriet-fabriek is toentertijd die weg een stuk verder van het water getrokken. Maar die oorspronkelijke dijklichaam, die ligt er nog wel. Dus ik vond het eigenlijk heel interessant om ook een knipoog te doen naar die historie van: als die dijklichaam daar vroeger lag, kunnen we daar dan niet een weg overheen leggen. Dus dan die je ook op dat rechter plaatje zie je hoe ik dan die huizen daar omheen heb gelegd en hoe die oude weg terugkomt.
En wat ik vooral heel belangrijk vond was dat eigenlijk dat grote gebouw, de Ocrietfabriek, die vroeger zorgde dat je vanaf de weg het water niet kon zien of niet zou beleven, dat ik nu bijna een soort groene vingers door dat plan trek richting het eiland aan de overkant. Waardoor je als je over de weg gaat en inderdaad bijvoorbeeld naar Kroeze rijdt, dat je veel meer dat idee hebt van: ik ga langs het water. Ik ga langs de polder. Ik ervaar de kenmerken van het gebied. Dus dat was in wezen de hoofdpunten die ik wilde benadrukken. En dat is grappig. Die schetsen ga je steeds verder verfijnen. En wat wel altijd heel erg grappig is als je door Eemnes gaat, en ook misschien door een groter gebied, is dat de meeste mensen, en ik denk dat die ook in de zaal zitten, dat die elkaar wel kennen. Je hebt bijna het gezegde: van wie ben jij er één. En dan
vind ik het ook heel erg leuk om niet alleen maar huizen te maken met een grote schutting of een grote heg er omheen, maar dat je ook wel echt een soortement karakter met elkaar hebt en dat je een buurt bent. En dat de kinderen kunnen vissen bij het water. En dat als opa of oma langsloopt met het hondje dat je weet van wie die kinderen zijn. En dat je met elkaar even kort een gesprekje hebt. En dat je niet alleen maar die huizen ontwerpt, maar ook juist het gebied eromheen met elkaar ontwerpt. Zodat je wel met elkaar een karakter en een buurt krijgt. Dus ik wil in die zin ook een soort diversiteit in het programma. Ik wil ook dat er verschillende bewoners door elkaar wonen. En dat mogen best wel wat mensen van buiten zijn. Maar ik zou het ook heel leuk vinden als er ook mensen wonen die uit Eemnes komen en die een huis zoeken voor hun kinderen of die zelf willen doorstromen. Nou, er zijn vele theorieën over. Maar dat heel duidelijk dat water ook een verbindend element is in de sociale sfeer. Dat je met elkaar een buurtje bent. Nou, dan heb ik als architect of als stedenbouwkundige heb ik nog weleens de nijging om bijna door te schieten in mijn plan. Dus de ontwikkelaar heeft er met enorme letters concept boven gezet. Zelf vind ik het altijd prachtig. Ik denk: bouwen maar. Maar we moeten nog wat gesprekken met elkaar voeren.
Maar je ziet wel dat je heel goed kan zien in zo’n schets van: hoe werkt dat dan. Je ziet van onderuit de tekening zie je dat slagenlandschap van de polder. Dan zie je de weg. En dan zie je feitelijk drie echt stevige groende vingers het plan ingaan. En die reiken tot aan het water. Je ziet het eiland aan de overkant. En ik vind dat het heel leuk is als je daar je rondje met je hondje kan lopen. En dat die woningen ook wat vrij staan. Dat het niet hele strakke lijnen zijn, maar dat er een soort speelsheid in zit die eindigen ook met daar tussen een soort pleintjes waar je best wel het havenkarakter mag hebben of het waterkarakter. En meer het groen aan de onderkant. En dan maak ik nog weleens een schetsje. Je ziet dat het wat kleine korrels zijn. Er zit niet echte hoogbouw in of een hoog element. Ik heb wel een keer een soort blokje erin gezet. Dat is dan een laag of drie vier hoog. Dat vind ik dan nog wel gaaf dat dat zou kunnen. Want als je over het water vaart: soms zie je lange blokken staan. Soms zie je korte blokken. Maar ook een keer een iets hoger blokje. Maar in wezen heb ik gekozen voor twee lagen in een kap, wat echt wel aansluit op het karakter van de omgeving. En dan met name dit soort beelden zijn voor mij misschien wel veel belangrijker. Linksboven zie je Spaarnebuiten. Dat is bij Spaarndam. Daar hebben we ook zo’n gebied gedaan. En ik vind die foto.
Natuurlijk, je ziet gebouwen op de achtergrond. Dat is hartstikke leuk. Maar wat ik veel belangrijker vond. We hadden daar een soort houten loper het water in ontworpen. En daar zie je dat die kinderen met elkaar spelen en dat ouders elkaar ontmoeten. Rechts is een voorbeeld uit Rotterdam. Dat is natuurlijk echt wel een stad, maar je ziet wel hoe het groen en de kade elkaar kunnen ontmoeten. En ook in de architectuur. Het hoeven niet de standaard witte huizen met een rieten kap en de zwarte kozijnen. Dat vind ik niet echt hier passen. En als iemand dat heel graag wilt, dan mag het wel. Maar er mag van mij ook best wel een knipoog zijn naar het industriële van Ocriet. En natuurlijk, dit zijn natuurlijk woningen die we in de buurt kennen. Zelf vind ik op zich het belangrijkste, en dat is met name bij dat plaatsje rechtsboven, dat het wel een wijk moet zijn waar dus niet, wat ik al zei, een aaneenschakeling van hekken of hagen is. Maar waarbij er echt gewoon ruimte is en waar je je auto goed kan neerzetten en waar je kan lopen met de hond. Waar de kinderen kunnen fietsen op hun driewieler. En waar je wel echt die momenten hebt waar je elkaar kan ontmoeten. En waar we ook echt aansluiten op de continuïteit van Eembrugge. Dat mensen wel het idee hebben van: het is een volgende wijk. Het sluit op elkaar aan.
En uiteindelijk dat het ook gewoon met elkaar integreert en één buurt en karakter wordt. Dat zou het mooiste zijn. En ik ben zelf ook een jonge vader. Ik vind in die zin dat je als architect ook wel de noodzaak moet voelen. Er verandert natuurlijk continue van alles. En het is een heel bijzonder gebied. Je moet er ook voorzichtig mee omgaan. Dus zorg ook dat je echt natuur inclusief bouwt. En dat kan heel mooi met van die stenen, sluitstenen, waar je bijvoorbeeld een vogelnestje in doet. Of groen waar kinderen kunnen spelen. Soms zie je van die extreem door ontworpen speelplekken met een wip-kip en het duikelrek. Terwijl ik het soms veel leuker vind als er gewoon twee boomstammen liggen en een paar stenen, omdat ik denk dat dat veel meer is wat we uiteindelijk met zijn allen moeten willen. En ja, dat we toegang hebben tot de Eem, dat spreekt voor zich. En dat het natuurlijk in een prachtig gebied zit, dat zijn
allemaal open deuren. Maar uiteindelijk gaat het er gewoon om dat we een goede balans vinden tussen wonen en natuur. En dat is waar ik mij altijd heel erg voor inzet. En dan eindig ik met deze schitterende pittoreske afbeelding. Maar die geeft wel een aardig beeld van wat ik ook wil. Diversiteit in de architectuur, rust en een soort balans tussen wonen en wat we gaan doen. Dat was het voor mijn deel. Ik hoop dat jullie het leuk vonden. De heer Veldhuis: Dank je wel, Diederik. Hebben we nog twee slides, want we zitten al een beetje in de blessuretijd, wat ik van te voren beloofd had. Afstemmen en participatie. Dat is het laatste blok. Dit is de eerste sheet van het laatste. Wat is nu de volgende stap. Nou, dit is de kennismaking met u en met de eerste contouren vanuit het landschappelijke en het stedenbouwkundige. En u zag inderdaad bij één van de laatste sheets van Diederik dat we daar heel streng concept op gezet hebben. Want het heeft ook te maken dat soms de tijd je wat inhaalt. Dat we vanavond hier zitten en niet van te voren eerst uitvoerig met de buurt. Dat heeft puur met tijd te maken. Maar de eerstvolgende stap is dat wij heel serieus, en dat menen wij oprecht, maar dat gaan we ook doen in daden. Dat is ook de reden dat wij bureau Overmorgen hebben gecontracteerd die gespecialiseerd is in dit soort plannen en met name ook in de.
Eén van de onderdelen is de participatie met de buurt. Dat wij een inloopbijeenkomst gaan organiseren om elkaar te informeren, kennis maken en betrekken van: hoe gaan wij dit nu verder vorm en inhoud geven. Uiteraard hoort daarbij ook de nadere afstemming, dus steeds de verdiepende afsteming. En dat kan parallel. Dat kan volgordelijk met de gemeente Eemnes en de gemeente Baarn. Daar komt later in een volgende sheet de provincie en het waterschap uiteraard ook bij, waar nu al contacten liggen. Daarna gaan we weer verdiepend in gesprek met u als om- en aanwonenden. Ik draai me niet steeds om. Dat heeft Diederik heel keurig gedaan een keer. Ik kan het nog één keer doen. Maar zo bedoelen we het ook echt. Zodat we wat we opgehaald hebben in de eerste bijeenkomst, wat we opgehaald hebben in de gesprekken met de overheden, dat we dat nog een keer met elkaar tegen het licht houden om de volgende stap te zetten in een daadwerkelijke, uiteindelijk met een definitieve gebiedsvisie met daarachter een stedenbouwkundig concept. En wanneer dat gesprek is met de provincie. Dat is een niet onbelangrijke speler, omdat het Ocriet-eiland zowel in het verhaal van Jeroen als in het verhaal van Diederik wel een hele grote rol speelt. En als je nu op de locatie staat en je kijkt ernaar. Ja, ik ben ook een jongen van het platteland.
Maar dan word ik niet zo vrolijk van het gezicht van het Ocriet-eiland. En dat zal niet meteen volgend jaar veranderen. Maar daar is ook een gebiedsvisie voor. Dat is ook de reden dat de verantwoordelijk wethouder gevraagd heeft: kijk nou eerst eens naar: hoe zou het er dan uit kunnen zien. Dat we daar wel heel serieus met gemeente, met provincie en waterschap over na gaan denken. Ook vandaar uit komt die terugkoppeling weer en gaan wij. Het is best wel hard werken. De kerst is nog zeven weken. Maar in zeven weken keer 24 uur kun je volgens mij heel wat met elkaar klaar krijgen. En dan hopen wij dat we toch ergens in januari weer hier terug mogen komen met het huiswerk wat we dan met zijn allen, inclusief de om- en aanwonenden, hebben gedaan. En inderdaad vergroot dit prachtige plaatje wat in uw gemeente ligt. Dank voor uw aandacht. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk eerst de commissie rond. Zijn er nog vragen aan de presentatoren? Ik zie mijnheer Van den Brink. Gaat uw gang. De heer Van den Brink: Ja, u gaf aan dat u overleg heeft gehad met een aantal gebruikers, eigenaren, die daarnaast zitten en met Kroeze. Heeft u ook overleg gehad met het bedrijf, een transportbedrijf, aan de andere kant van het terrein? En, maar dat heeft u eigenlijk al gezegd, met de bewoners van Eembrugge zelf? Een andere vraag is: u heeft ook overleg gehad met de gemeente Baarn.
En ik ben even nieuwsgierig wat de gemeente Baarn ervan vond. Dank u wel.
De heer Veldhuis: Even in volgorde. Het transportbedrijf Van IJken hebben wij zelf nog niet gesproken. Heel flauw, maar dat lag een beetje schuin tegenover onze locatie en recht tegenover de locatie Sterk. De eigenaar, Waterland, was destijds nog niet zover. Want als u goed bent geïnformeerd. De anterieure overeenkomst met Waterland is vrij recent gesloten. En dat proces, dat wordt nu zeker meegenomen. Dat we ook juist dat transportbedrijf mee in gesprek gaan. Want die nemen wij gewoon mee in die brede cirkel van om- en aanwonenden. Dat is één. Twee is de gemeente Baarn. Ikzelf heb een gesprek gehad met de wethouder Erwin Jansma. En dat was weer her kennismaken, want we kennen elkaar uit een andere gemeente van andere plannen, dus dat helpt ook soms weer. En dat was even informerend wat we aan het doen zijn. Wat de stappen zijn. En hoe een eventuele samenwerking met hen zou kunnen uitgevoerd zou kunnen worden. Aanvankelijk was hij. Hij was zeer enthousiast. Met name ook omdat het Ocriet-eiland hij niet zo het meeste schone eiland uit zijn gemeente vindt en er ook graag de schouders onder zet in samenwerking met ons. Dus een vervolgstap zal ook zijn met zijn ambtenaren en met de provincie. En dan krijgen we een mooie coproductie. Dat waren de twee. Of had u nog een derde? Dat was het. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Pouw. De heer Pouw: Ja.
Dank u voor de heldere presentatie in ieder geval. Ik had één vraag. Ik snap dat u zich nu heeft gericht, zeg maar, op de gebiedsvisie en globaal de stedenbouwkundige en dan niet exact naar de aantallen woningen, terwijl die wel in de krant stonden. Maar even los daarvan. En u geeft aan dat u verder in het proces gaat en dat u uiteindelijk tot een stedenbouwkundig concept komt. Mag ik daarvan aannemen dat dan op dat moment wel duidelijk is hoeveel woningen en wat voor types, welke variatie er in de vraagprijs zit, et cetera? U knikt ja. Dat is mooi. Mag ik u vragen dan de randvoorwaarden die daarvoor gelden. Die zijn nooit door de raad vastgesteld, maar die hebben ooit weleens op papier hier gestaan. Kijkt u naar uw eigen voorwaarden? Kijkt u stiekem ook naar die randvoorwaarden? Ik ben een beetje zoekende van: doet u helemaal zelf de vrije hand. Ik wil natuurlijk een beetje voorkomen dat u heel veel mooi werk zit te doen en dat de gemeenteraad zegt zo meteen: allemaal leuk en aardig, maar eigenlijk hadden we bij de randvoorwaarden, ik noem maar wat, 35 procent sociaal. Of we hadden gezegd: maximaal dertig woningen. Want ooit heeft er in een concept bestemmingsplan gestaan voor een wijzende bevoegdheid voor het Ocriet gedeelte. Dat moet ik er goed bij zeggen. Dus dat is niet voor het streek gedeelte. Maximaal dertig woningen.
Dat was op basis ook van een stedenbouwkundig bureau die de gemeente daar in adviseerde. Dus dat zijn natuurlijk ook niet mensen die zomaar wat roepen. Dus ik ben een beetje nog zoekende hoe u dan verder gaat in dit proces en dat we dan niet op het einde scheven gezichten krijgen. De heer Veldhuis: Nou, misschien wel goed om daar vanuit mij, als ontwikkelaar, daar even een reactie geven en daarna even heel kort vanuit stedenbouwkundig niveau. Uiteraard kennen wij die randvoorwaarden. Laten we daar mee beginnen. Anders zouden wij ons werk als ontwikkelaar in de eerste aanleg niet goed doen. Daar kijk je ook naar. Daar maak je ook een inschatting van. En je kijkt ook van: wat zijn de mogelijkheden om hier toch tot een goed stedenbouwkundig plan te komen. Zodat iedereen gezien de locatie, gezien de ligging, gezien de ontsluiting, daar blij van wordt en dat ook gaat omarmen, ook de omgeving. Dus daar hebben wij wel degelijk naar te kijken, naar gekeken. En zullen we ook samen nog verder naar gaan kijken. En zullen we ook kijken van: tot welke oplossingen kunnen we komen. Want iedereen weet: als we heel strak de liniaal van de woonvisie erlangs leggen, dan weet ik niet of we allemaal vrolijk worden. Misschien sommige doelgroepen wel, maar in het geheel van het landschap en het stedenbouwkundige plaatje weet ik niet of het dan helemaal passend zou zijn.
Dus wij kijken daar wel degelijk naar. We hebben ze allemaal goed ingezien en gelezen en zijn ons bewust van dit verhaal. En zullen uiteraard in samenspraak met de gemeente uiteindelijk tot een stedenbouwkundig plan komen.
De voorzitter: Dit is voldoende? Ik kijk even naar de andere kant. Mijnheer Roorda, gaat uw gang. De heer Roorda: Dames gaan voor, dacht ik. Maar dat is in dit geval niet zo. De voorzitter: In deze commissie maakt dat niet uit. Geen onderscheid. De heer Roorda: Ik loop nog niet zo heel lang mee in Eemnes, dus ik heb het Ocriet-gebouw nooit zien staan. Ik woon hier pas sinds 2018. Maar u maakt een opmerking: wij hebben grondmonsters gedaan en gekeken van: zit daar iets in de grond. Dan roept dat bij mij meteen de vraag op: hebben jullie dan ook wat gevonden? Is de verwachting dat daar misschien vervuiling in de grond zit en hoe denkt u daarmee om te gaan? De heer Veldhuis: Het is alweer een tijdje geleden. Mijn voorgangers, want ik heb begrepen dat deze locatie al behoorlijk lang in het vizier ligt van heel wat ontwikkelaars. Dus daar begon ik ook mee. Vroeger zijn daar rapporten van geweest. Milieuonderzoeken, dus grondonderzoeken. Die hebben wij geüpdatet. Op één plekje na, waar de betonplaat van de fundering zodanig dik is dat daar mogelijk dan nog een verrassing onder kan zitten. Maar de verrassingen zijn voor ons niet zo groot dat wij zeggen: daar zijn wij heel erg van geschrokken. Er zit wat vervuiling in de grond. Dat is logisch als ergens een oude fabriek een hele poos, heel wat jaren, zijn functie uitgeoefend heeft.
Maar de eerste onderzoeken, en ook de verkennende, maar ook de verdiepende onderzoeken hebben niet iets aangegeven waarvan wij erg van geschrokken zijn. En u mag van mij aannemen: dat doen wij ook wel ten tijden van een onderhandelingsfase. Want als wij daar locaties aantreffen waarvan we denken: ja, als het gesaneerd is, dan is deze exploitatie alweer in het rood. Dan zullen we er ook niet aan beginnen. De voorzitter: Mevrouw Havinga. Gaat uw gang. Mevrouw Havinga: Dank u wel, voorzitter. Ja, ik was inderdaad wel even benieuwd. De zaal zit vol met mensen. Volgens mij zijn dat niet de ondernemers die u gesproken heeft, maar vooral mensen die daar omheen wonen en die natuurlijk oprecht heel benieuwd zijn welke plannen er zijn en wat hun aandeel is. U heeft het over een participatietraject al op korte termijn. Kunt u iets vertellen hoe dat eruit ziet? Morgen komen er weer maatregelen aan. Ik hou mijn hart een beetje vast voor bijeenkomsten. Wij hebben ook recent bijvoorbeeld een toekomstvisie in coronatijd. Dat is gewoon best complex om mensen dan betrokken te hebben. Dus ik ben gewoon even benieuwd hoe de participatie eruit ziet volgens jullie. Nou, de woonvisie was ook één van mijn vragen van: in hoeverre wordt er rekening mee gehouden. Maar dat antwoord hebben we gehad. En in de brief van de omwonenden. Tenminste, één omwonende heeft een brief ingediend.
Daar werd een aantal van tachtig woningen genoemd. Ik kan me ook herinneren dat de presentatie die we een tijd terug hebben gehad over zo’n aantal inderdaad ging. Wat ik nu zie is dat veel minder, als ik even snel kijk. Klopt die constatering? Of zou dat ook nog wel die kant op kunnen gaan? Daar ben ik wel even benieuwd naar. De heer Veldhuis: Ja, mag jij het tweede deel doen, Diederik. Het eerste deel, participatietraject. Ik zei het misschien wat snel. Maar dat gaat wel degelijk binnen nu en een week of drie-vier opstarten. De voorbereidingen zijn al in volle gang. Daarvoor hebben we dus ook echt een bureau die dit veel vaker bij de hand heeft. Hij is nog niet in werking, maar bijvoorbeeld ook de Omgevingswet veel beter kent dan wij. Althans, wat je in deze tijd zou kunnen doen, vooruitlopend op. Want hij is nog niet in werking getreden. Het is maar de vraag of die 1 juni in werking treedt. Maar dat we desondanks toch dat traject met de bewoners van Eembrugge en de aan- en omwonenden willen gaan lopen. En hoe dat er precies uitziet, ja, daar zijn verschillende stappen voor. Dat kun je heel verdiepend doen. U zag als u snel geteld heeft al drie avonden. De eerste informatie kennismaking en de eerste dingen ophalen van de bewoners. Parallel ga je dan in gesprek
met overheden, wat mogelijk is en wat onmogelijk is. Wij hebben inmiddels ook al een verkeersbureau, Goudappel Coffeng, ingehuurd voor het hele droge ophalen van de huidige situatie in het gebied als het gaat over ontsluitingen. En wat dan eventueel de mogelijkheden zijn voor de toekomst. Daar zullen we ook in combinatie met de omwonenden en aanwonenden mee in gesprek gaan. En vervolgens ga je samen op weg naar een definitieve gebiedsvisie. Dus dat traject. Dat zijn even de grove stappen. Hoe fijn dat is. Ja, overmorgen heeft de opdracht nog niet in huis. Rosa die zit in de zaal, dus die kan je straks, als ze nog even tijd hebben, misschien wel vragen beantwoorden. Maar dat traject gaan we gewoon in. En even over de stedenbouwkundige setting kan Diederik misschien nog even wat zeggen over aantallen. De heer Van Egmond: Het is niet te geloven. Nou, ik vind het wel belangrijk. Want DorpsBelang, mijnheer Pouw, u stelt terecht uw vraag. En ik denk dat die vraag ook het meest zal leven bij de mensen die in de zaal zitten. Iedereen wil weten hoeveel woningen komen er en hoe ziet het eruit. En hoeveel auto’s rijden er straks bij mij door de straat. Hartstikke leuk hoor dat verhaal van die architect van die kinderen die op straat zitten. Maar als het straks een snelweg is, dan gaat dat helemaal niet goed. Dat zijn natuurlijk allemaal zorgen die bij iedereen leven.
En we zullen dat ook heel breed moeten bekijken, want iedereen die snapt ook de zorg van: we hebben allemaal wel een neefje of een nichtje of misschien wel een kind of een opa of oma die geen huis kan vinden, omdat die woningmarkt gewoon op slot zit. Dus dat is best wel een soort spagaat en balans waarin je zit van: hoeveel huizen moeten er nu komen. Ik zou het krom vinden als we hier nu al met een heel uitgewerkt plan met aantallen zouden zitten van: dit is het. En dit zijn de woonprijzen en dit zijn de oppervlaktes en slik het maar. Als ik nog niet één keer met de mensen hierachter heb gesproken. En zo zitten we er niet in. Kijk, we willen natuurlijk geen asociaal plan maken. En ik snap ook terecht dat de PvdA zegt: ja, jongens. Hoe zit het met die 35 procent sociaal. En hoe zit het met de woonvisie. Hoe gaan we daar met elkaar mee om. En ik denk wel dat we kunnen concluderen, en dat zeg ik heel braaf uit de ervaring die ik heb. Uiteindelijk bij dit soort plannen is het altijd een kwestie van maatwerk. Dus als we van een visie of een document afwijken, dan doen we dat altijd goed onderbouwt. Dan zeggen we van: ik heb met de familie Richter gezeten. Of ik heb met de familie. Noem zo maar op. Om te kijken van: waar zat het dan in. En als we zeggen: we willen meer sociale woningbouw. Dan kan het best wel zijn dat er wat meer woningen komen.
Maar dan gaan we wel kijken: hoe zet zich dat dan weer af tot de verkeersbeweging die we hebben. Dus op die manier is het nu nog veel te prematuur om te zeggen van: dit is het aantal wat we in gedachte hebben. Daar moeten we gewoon echt met elkaar in gaan zoeken. En de tijd, want we zijn een familiebedrijf, dat mijn vader zei: dit is het en ze zoeken het maar uit. Dat is niet meer zo. We gaan met elkaar wel kijken van: hoe gaan we het doen. Hoe steken we het in. En soms zijn die gesprekken ook best wel lastig. Ik heb ook weleens gehad dat iemand in de zaal zei: ik wil niks. En dit en dat. Ja, dan wordt het moeilijker. Maar als iemand naar me toekomt en zegt van: Diederik, we hebben echt iets wat ons aan het hart gaat of ergens waar we mee bezig zijn. Dat we zeggen van: hoe zit dat dan. Nou ja, ik ben Diederik. Dit is Harry. Dit is Jeroen. Het enige wat ik kan beloven is dat we zullen luisteren en kijken wat er kan. En als het niet kan zullen we ook uitleggen waarom niet. En als we denken dat het beter is zullen we ook proberen te overtuigen waarom het zo is. En het enige wat ik eigenlijk vraag: geef het een kans. Dat is alles wat ik voor nu vraag. Je hoeft nog nergens ja op te zeggen, maar geef het een kans. En ik beloof dat we er serieus mee om gaan. Het wordt een mooie wijk voor ons allemaal. Dank je wel. De voorzitter: Dat is een mooie afsluiting, denk ik.
Mevrouw Havinga: Mag ik nog een aanvullende vraag stellen? De voorzitter: Mevrouw Havinga met nog een nabrander.
Mevrouw Havinga: Ik mag reageren volgens mij nog. Nee, op zich helder. U heeft het over de ontsluiting. Ik snap als we woningen moeten ontsluiten dat daar een soort van route moet zijn. De zorgen zijn ook met name over zwaar bouwverkeer. Ik neem aan dat dat ook meegenomen wordt meteen al vanaf het begin hoe dat dan zeg maar wordt? De heer Van Egmond: Nee, zeker. Ook daar maak je afspraken over. Kijk, als het af is wil je niet dat er elke dag alleen maar Ferrari ‘s voorbij blazen. Je wilt een sociale wijk, maar je wilt ook tijdens de bouw dat er niet alleen maar zwaar verkeer zit. Nou, het is wel een terechte. Kijk, op dit moment zit er natuurlijk een industriefunctie op. En er zijn hele goede afspraken met de buurt gemaakt over het vrachtverkeer en hoe ze daar om mogen rijden. En dat is wel iets wat ik een schoolvoorbeeld vind van een ondernemer die met de buurt een dialoog aangaat en die gewoon afspraken maakt. Ja, ik ken de situatie niet super goed, maar volgens mij worden die afspraken redelijk gehandhaafd en nageleefd. Dus ik had het idee dat dat best wel goed gaat. Dus ja, ik zie niet in waarom wij dat anders zouden doen. Dus zowel voor de bouw, tijdens de bouw en na de bouw moet dat gewoon een serieus plan zijn. De voorzitter: Het probleem is altijd dat als iemand weer een nabrander heeft dat de volgende nabrander ook komt. Mijnheer Roorda, gaat uw gang.
De heer Roorda: Een hele korte nabrander. Ik hoor zwaar bouwverkeer. Volgens mij hebben we hier een prachtige locatie om dat per schip te regelen, toch? De heer Van Egmond: Of per vliegtuig. Nee, er is van alles mogelijk. Maar dat zijn wel gesprekken die je met elkaar gaat voeren. En daar moet je daar komen met elkaar, altijd in goed overleg. En Harry zegt terecht: het is tijdelijk. Maar je moet er gewoon duidelijk afspraken over maken. En als je je aan die afspraken houdt is het prima. Maar ik snap het punt. Nog meer nabranders? De voorzitter: Nee, ik wou het hier toch bij laten. Ik wou de presentaties bij deze afsluiten. In ieder geval bedankt voor uw presentatie. Ik kan bij deze eigenlijk zeggen: wordt vervolgd. Voor de mensen op de tribune: de presentatie kunt u ook vinden op de website van de gemeente. Dus wat dat betreft kunt u hem nog rustig thuis nog nakijken. Maar in ieder geval, ik wil de presentatie bij deze afsluiten en in ieder geval bedankt voor uw presentatie. Ik wil nog een rondje langs de commissie maken om vragen richting het college, maar dat is even een ander punt. Dus dat wil ik nog wel even doen. Maar in ieder geval dit wil ik even afsluiten. Daarmee wil ik beginnen bij DorpsBelang. Mijnheer Pouw. De heer Pouw: Ja, voorzitter. Dank u wel. Twee vragen. Bij de behandeling, dat is voor de zomervakantie geweest van het eerste jaar van de corona.
Dus dat is 2020 geweest. Het andere ontwikkelaars, zeg ik zo. Eerst even vanuit de commissie gezegd van: nou, trek het wat breder door die gebiedsvisie. Daar zie je dan wat betreft een mooie aanstalten voor gegeven. En toen is er ook geroepen van: nou, kijk eens verderop. Er ligt de Jachthaven Kroeze. En kijk eens een stukje terug. Daar ligt transportbedrijf Van IJken. Nou is het natuurlijk lastig voor de ontwikkelaars die echt eigenaren zijn van Ocriet-terrein en Sterk om, ja, daar wat dwingend in te zijn. Maar hoe moeten wij nu, zeg maar, die gebiedsvisie zien in relatie tot Kroeze en het gedeelte wat niet eigendom is van de ontwikkelaars. Dat is één. Twee is, in die desbetreffende vergadering was er een concept van de bestuursopdracht met de randvoorwaarden. Omdat het toen net zo eigenlijk als nu allemaal heel pril is en eigenlijk onbekend hebben we daar niet inhoudelijk een discussie over gevoerd. Het is een goed gebruik. Sterker nog, dat is de randvoorwaarden is des raad. Mijn vraag is eigenlijk heel simpel. Komen die randvoorwaarden nog een keertje ter besluitvorming naar de raad toe? Of gaan we het anders doen dan normaal gebruikelijk? Dat we het bij de ontwikkelaars overlaten en dat er dan een plan terugkomt en dat dan
eigenlijk verkapt daar de randvoorwaarden in zitten. Dus ik ben nog een beetje zoekende wat we nu met die randvoorwaarden gaan doen. Dat is één. En zoekende omdat het wat groter is. Hoe gaan we bijvoorbeeld om met Kroeze en andere gedeeltes. En ik snap dat dat andere eigendommen zijn. Dat moet je ook respecteren. Maar de gebiedsvisie, om het breder te maken, was meer omdat het een beetje, om die jachthaven een beetje een impuls te geven en een likje verf, zeg maar. De voorzitter: Mijnheer Van den Brink. De heer Van den Brink: Ja, ik wil graag de woorden van mijnheer Pouw ondersteunen. Want de voorzitter zei: wordt vervolgd. Maar dat is iets te kort door de bocht. We willen wel heel graag weten hoe dat vervolgd wordt. En ik ben ooit in de grijze oudheid opgeleid als planoloog. En binnenkort komt er misschien wel een nieuwe omgevingswet. En daar zit het woord uitnodigingsplanologie in. En dat vind ik een vies woord. Dat betekent namelijk dat je in een situatie komt dat van: komt u maar met een plannetje en we gaan wel kijken wat we daarvan vinden. En dat vind ik als PvdA en als planoloog de omgekeerde wereld. Want ik vind dat je eerst als overheid moet zeggen: wat vinden we wat waar kan. En daar hebben we die gebiedsvisie voor nodig. En daar moeten we dan als raad een besluit over nemen en randvoorwaarden stellen. En dat kan dan door de ontwikkelaars worden ingevuld.
Dus ik hoor graag van de wethouder hoe die dat vervolg van het politieke proces voor zich ziet. Dank u wel. De voorzitter: D66, mevrouw Wiering. Heeft u nog wat? De VVD. Mijnheer Schade. De heer Schade: Dank u wel, voorzitter. Nou, ik ben wat minder pessimistisch over de omgevingsstructuren die wij in de toekomst kunnen gaan zien dan mijn college van de PvdA. Want ik denk niet dat hier in dit huis bepaald moet worden hoe mensen wonen. Als ik dit verhaal hoor waarin een ontwikkelaar zegt en zich omdraaiend naar de publieke tribune: ik wil met de mensen die daar in de buurt wonen op een plek die nu leeg ligt en waarvan we allemaal vinden dat er wat mee moet gebeuren, wil met de mensen die daar omheen wonen wat doen. Dat vind ik een hele prima insteek. Een vraag aan het college. Hoe verhoudt datgene wat zich nu, wat we hier als eerste gedachte over de tafel hebben zien komen en horen komen, hoe verhoudt zich dat tot de bestemmingsplannen? Moeten wij een bestemmingsplan gaan wijzigen of is het huidige bestemmingsplan toe aan een herziening? En een tweede vraag. Tot mijn verbazing hoorde ik dat dat hele eiland nu ook in de omgevingsvisie betrokken wordt. En ik hoeverre is het college al met de provincie en Baarn en Soest, en ik zag daar een hele lijst namen, in gesprek om te zien wat daar gebeurd? Deze opmerking en vragen van mijn kant. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel.
CDA, mevrouw Havinga. Mevrouw Havinga: Ja, niet heel veel nieuws. Ook hier benieuwd naar inderdaad de contacten die er zijn rond het eiland, of het college daar al iets over kan zeggen. En verder geen aanvullende vragen. Dank u wel. De voorzitter: Ik kijk naar het college. Mijnheer Reijn, gaat uw gang. De heer Reijn: Ja, dank. Het is een hele prille presentatie. En dan ook eventjes meteen richting de brief die we van één van de inwoners hebben gehad. In de uitnodiging die we breed verspreidt hebben, want vorige keer is er iets misgegaan, dus we hebben daar extra goed naar gekeken. Dat iedereen goed geïnformeerd is. Hebben we ook gezegd van: dit is een eerste presentatie. Mocht u verhinderd zijn, op zeer afzienbare tijd wordt u uitgenodigd. Dus het was niet. Het was ook een beetje de tijd. Wat doe je eerst en wat doe je dan? We hadden iets van: we willen eerst de commissie even informeren voordat we de buurt ingaan. En daarom
hebben we ook naar de buurt heel duidelijk gezegd: u krijgt nog in november een uitnodiging. Zo staat het er niet letterlijk in. Maar binnenkort volgt er een informatiebijeenkomst voor de buurt die we daar willen gaan houden. En waar alle gelegenheid is voor vragen en dan het hele participatieproces. En dat komt best wel overeen met de Omgevingswet die ooit misschien ooit eens een keer ingevoerd gaat worden. Dat weet ik niet. En ik ben het in dit geval, zeg ik er nadrukkelijk bij, met de VVD eens en niet met de PvdA eens. Want het uitnodigingsbeleid. Mensen zijn verstandig genoeg om iets goeds te bedenken voor een gebied en dat hoeven wij als overheid allemaal niet te doen. Wat we wel als overheid moeten doen is goed opletten dat het proces goed loopt. Zowel het politieke proces als de participatie. Maar ook als het gaat om het gebied. Er is nu erg ingezoomd op het Ocriet- en Sterk-gebied en ietsje daarnaast, terwijl de opdracht naar de ontwikkelaars is, en daar hebben we ook een overeenkomst over gesloten met. In de anterieure overeenkomst hebben we dat ook vastgelegd. Dat het voor het hele gebied is. Er moet eerst een gebiedsvisie zijn voor het hele gebied. Dus van pakweg de Sterk locatie tot en met de jachthaven. En of het transportbedrijf er dan wel of niet bijzit, daar zullen we het met elkaar nog over hebben.
Maar we willen eigenlijk, hoe heet dat met een goed Hollands woord, upgrading van dat hele gebied hebben. En dat betekent ook dat je zo meteen naar bestemmingsplannen moet kijken, mijnheer Schade. Want het is nu een industriegebied waar zo weer industrie kan komen met al het zware verkeer wat je daar dan bij zou hebben. Nou, dat willen we niet. Het aantal woningen van tachtig is vorig jaar een keer genoemd tijdens de bijeenkomst die Arcadis die toen een concept gebiedsvisie had gemaakt. Daar is dat aantal een keertje uitgekomen. Nou, dat gaat dan ook zijn eigen leven leiden. Dus we moeten echt kijken: we beginnen nu vanaf vooraan weer opnieuw. Hoe dat daar komt. En dat betekent ook dat we met elkaar afspraken moeten maken hoe we dat politiek op een goede manier vorm kunnen geven. Moet dat nou met een bestuursovereenkomst of moeten we daar mee terugkomen. In de tijdsgeest die we nu hebben, want we willen nu echt een paar stappen maken. Er is nu ook enorm veel gebeurd met verschillende eigenaren. Die zou eigenaar worden en toen weer die en toen weer die. Dus alle verhalen die daarbij zijn geweest willen nu gewoon klaarheid geven ook voor de omgeving. En we koersen erop af om te kijken of we in januari weer terugkomen naar de raad hier met veel meer zaken waar ook randvoorwaarden en dergelijke aan bod kunnen komen. Dan het Ocriet-eiland zelf.
Nou, ik vind het eigenlijk wel mooi dat waar we aan de ene kant, aan de westkant, hebben gezegd: we weten niet of dat erbij hoort. Dat de ontwikkelaars in ieder geval al naar de oostkant hebben gekeken. Want dat is natuurlijk ook een beetje een verstopt eiland. Waar natuurlijk die fabriek als een soort Berlijnse muur tussen stond. En dat betekent dat we met de partners daarover ook in gesprek gaan met de provincie en met de mensen die daar huren. We hebben wel inmiddels contact met Baarn. Dat doen we op college niveau. Tenminste, ik heb dat met mijn college wethouders daar over dit project. We willen ook dat ze goed aangesloten zijn. En datzelfde geldt voor de bewoners van Eembrugge. Nou, volgens mij zijn dat ongeveer de vragen die ik heb gekregen. De presentatie van vorig jaar was duidelijk een hele andere. Wel een aantal woningen toen genoemd. Breder dan vanavond gepresenteerd is, willen we de gebiedsvisie hebben. En de randvoorwaarden, daar komen we bij u nog terug nadat we eerst met de bewoners ook hebben gesproken. Want dat is wel duidelijk de route die we willen volgen. De voorzitter: Mag ik het hierbij laten? Ik kijk de commissie even rond. Dan wil ik dit agendapunt afsluiten. In ieder geval iedereen bedankt voor zijn komst. U mag natuurlijk blijven zitten de hele avond.
Uiteindelijk is het natuurlijk heel belangrijk, want we hebben het straks over de begroting voor volgend jaar natuurlijk. En iedereen wilt natuurlijk weten: gaat de belasting of wat dan ook veranderen. Dan moet u blijven zitten. En anders merkt u het vanzelf.
05.02 Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025 De voorzitter: Goed, ik wil verder gaan met de programmabegroting 2022. Ik zal even wachten. De begroting is toch niet favoriet kennelijk. Sorry. Goed, de deuren gaan even dicht. Dat is niet om de mensen buiten te sluiten, maar puur om het geluid van buiten de zaal te houden. Wil ik verder gaan met de programmabegroting 2022 en de meerjarenraming 2023-2025. Nou, goed. We hebben natuurlijk al een commissiebegroting verantwoording gehad waarin u uitvoerig een uitleg heeft gekregen. En ik wil vanavond eigenlijk toch wel benutten om daar op voort te boorduren voor de raadsvergadering. En ik wil ook vragen om de technische vragen zoveel mogelijk schriftelijk te doen. Want dat zal alleen maar de discussie hier verwarren, denk ik. Goed, dan wil ik beginnen bij. Waar zullen we eens beginnen? Bij D66. Mevrouw Wiering. Mevrouw Wiering: Dank u wel, voorzitter. Ik kan over alle stukken van de agenda, of tenminste van dit agendapunt, iets opmerken? De voorzitter: Ja, er is besloten om de hele begroting vanavond in de commissie ruimte te doen. Past hier misschien niet helemaal. Maar gezien de tijd en alles is hiertoe besloten, ja. Dus de gehele begroting. Mevrouw Wiering: Om te beginnen wil D66 de opstellers van de programmabegroting danken voor het opstellen van het heldere stuk. Ook bedanken we de portefeuillehouder financiën.
De gemeente Eemnes mag zich gelukkig prijzen met iemand die zoveel verstand van zaken heeft. Het dekkingsplan meerjarenbegroting is duidelijk. Maar ook D66 heeft zorgen bij de kosten op het gebied van de jeugd en de kosten van de Wmo. Het is belangrijk om te gaan kijken hoe we daar, de Wmo dus, de kosten in de hand kunnen houden en wellicht het één en ander efficiënter kunnen maken zonder uit het oog te verliezen voor wie het bedoeld is. We hebben ook een vraag voor wethouder Reijn over het overleg van het bermbeheer van de polder. Ik heb begrepen dat u alle informatie krijgt, maar dat u er eigenlijk niet zo heel veel mee doet. Hoe kan dat? Want het loopt iedere keer weer spaak. De polder is een uniek gebied, gewaardeerd door heel veel mensen en natuurliefhebbers. Dat moeten we goed beheren en met verstand van zaken. We hebben ook nog een vraag over de brug over de Vaart. Wat vinden de Eemnesser boeren van deze brug? En is die voornamelijk voor de Eemnesser boeren of is die vooral om het verkeer van allerlei andere boeren, uit Flevoland heb ik begrepen die daar nog weleens komen, te helpen? Mogelijk is het zo dat misschien het geld beter niet uitgegeven kan worden nu en dat we daar andere dingen mee kunnen doen. En dat mag dan beter zijn voor het verkeer op de Wakkerendijk en voor de bewoners aan de Wakkerendijk.
Maar voor de fietsers, de wandelaars en de vogels in de polder is het misschien wel wat minder als die brug daar komt. D66 is ook erg blij dat er gekeken is en uitvoerig zoekwerk is verricht over de motie van het versnellen van de woningbouw. Het kan maar duidelijk zijn hoe de zaken liggen. Wat ons wel aan het hart gaat is dat het jammer genoeg geen quick fix is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De VVD. Mijnheer Roorda. De heer Roorda: Dank u wel. Ik ga het een beetje anders doen. Als je namelijk een begroting bekijkt, dan moet je je afvragen of het voorgeschotelde verhaal realistisch is en kijken waar de risico’s zitten. We willen natuurlijk niet dat de cijfers zoals voorspeld in de begroting niet uitkomen, want je baseert allerlei beleids- en besluitvorming op een begroting. Dus je moet er wel op kunnen rekenen dat die uitkomt. Als er verrassingen zijn is een begroting dermate ruim opgesteld dat je een tikkie kan hebben zonder dat de hele zaak in elkaar dondert. De begroting 2022 is gesloten dankzij een eenmalige winstneming in de grondexploitatie. Je moet dus constateren dat die begroting daarmee niet structureel sluit. En het verschil is ongeveer 2,5 miljoen. Niet helemaal, want ik realiseer me dat we 1,1 miljoen in de reserves stoppen. Op een uitgaveniveau van rond de veertien miljoen. Dat is een gat van een procent of tien.
Wat we daar verder in de politieke zin van vinden is
aan mijnheer Schade, de fractievoorzitter, bij de algemene beschouwing van volgende week. Ik ga mij dus hier beperken tot een aantal opmerkingen en vragen. En dan kom ik als eerste bij het weerstandsvermogen. Er zit in de begroting een keurig staatje waarin de risico’s in beeld worden gebracht. Dat staatje is op één postje na, namelijk veertig duizend euro voor de bijdrage aan het BEL zwembad, identiek aan de begroting van 2021. Dus de risico’s zijn precies gelijk, bijna. Onder het kopje ruimtelijke ordening grondexploitatie staat nul. Dus kennelijk geen risico. En dat waar ik toch te betwijfelen. Want je kan te maken krijgen met bezwaarmakers. De uil van Van Schaik zit er nog steeds. Maar ook de stikstofbeperking en PayFast problemen kunnen de kop opsteken. En als daarover geprocedeerd gaat worden, dan zijn we zo weer een jaartje verder. En dan hebben we dus een gat in de begroting. Dus vraag ik: waarom staat er niet een deel of misschien zelfs helemaal de winstneming op de Hilt Hink Stap Sprong? Waarom is die niet genoemd bij de risico’s en bij de berekening van het weerstandsvermogen? Het beschikbaar weerstandscapaciteit is maar 1,6 miljoen incidenteel. Als het dus misgaat, dan zakken we daarbij door de ondergrens. Als je dat een beetje uitrekent, dan kom je dus in de buurt uit van ongeveer een weerstandsvermogen van een half, waar eigenlijk dus één wel de ondergrens is.