Transcript commissie Ruimte 28 november 2022
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE RUIMTE VAN GEMEENTE EEMNES d.d. 28 november 2022
Commissie ruimte 1.
Opening De voorzitter: Goed, dames en heren, het is iets over acht al. Hierbij open ik de vergadering van de commissie ruimte van maandag 28 november. Allereerst heet ik de mensen op de tribune en de mensen die thuis eventueel meeluisteren van harte welkom. De commissieleden ook van harte welkom waarbij ik wil aangeven dat mevrouw Punt bij het CDA de heer Seldenrijk vervangt en de heer Overbeeke bij de PvdA de heer Lutterman vervangt. Welkom en ook welkom aan het college de heer Ten Have en de heer Reijn.
2.
Vaststellen agenda De voorzitter: Dan kom ik bij het eerste agendapunt na de opening en dat is het vaststellen van de agenda. We hebben over twee onderwerpen, dat is de brieven over de RES en over de beleidslijn agrarische gronden, laat ik het zo maar een zeggen, insprekers. Dus ik wou met uw permissie de twee andere voorstellen, dat is de ontwerp bestuursrapportage voor de RUD en de ontwerp wijzigingsbesluiten gemeenschappelijke regeling van de AVU daarna behandelen. Ik kijk even rond of dat het geval is. Dat is goed, dan is bij dezen de agenda vastgesteld.
3.
Vaststellen besluitenlijst d.d. 31 oktober 2022 De voorzitter: Dan kom ik bij het volgende agendapunt en dat is het vaststellen van de besluitenlijst van de vorige commissie van 31 oktober waarbij ik wil aangeven dat er door de griffier ondertussen twee foutjes zijn uitgehaald. Allereerst: er stond bovenaan in plaats van commissie stond agenda en ook hier, maar ook in de toezeggingenlijst is de naam van de straat Hasselaarlaan correct aangepast. Dus bij dezen. Dus ik neem aan dat die kan worden vastgesteld zoals die voorligt. Dat is het geval, dan is die bij dezen vastgesteld. Dank u wel.
4.
Inventariseren spreekrecht De voorzitter: Dan kom ik bij het volgende agendapunt en dat is de inventarisatie van het spreekrecht. Er hebben zich tot nu toe drie sprekers aangemeld, dat is voor het eerste agendapunt de brief provincie RES mevrouw Barrie en de heer Eek namens LTO/ACOE, als ik het goed zeg. Dat is het geval. En bij het agendapunt beleidslijn agrarisch en landelijk gebied, de heer Seldenrijk. Ik kijk even de zaal in of er nog andere insprekers zijn. Dat is niet het geval. Dan is bij deze ook de inventarisatie van het spreekrecht vastgesteld.
5.
Te bespreken onderwerpen
5.1 Reactie brief Provincie RES De voorzitter: Dan kom ik bij het eerste agendapunt wat we gaan behandelen, dat is de reactie van de brief van de provincie. Er liggen een tweetal brieven, één gericht aan de provincie en een gericht aan de regio Amersfoort. Daarbij is ook, als het nodig is, eventueel ambtelijke ondersteuning vanuit de organisatie en dat is
de heer Radstake, ook welkom. Dan wou ik graag de eerste spreker vragen of u naar voren wil komen. Mevrouw Barrie. U weet hoe het werkt met het knopje. Ja, u heeft vaker ingesproken. Gaat uw gang. Mevrouw Barrie: Goedenavond. Ik spreek vanavond voor mijzelf in. Ik ben lid van allerlei natuurverenigingen, ik ben vrijwilliger in de polder, monitor voor het collectief, gids voor het IVM natuurmonumenten waarbij we ook de dingen van het collectief aan de orde stellen. Dus ik vang wel eens wat op. Ik was van plan eerst alleen in te spreken vanavond, maar ik heb toch even mijn opmerkingen op papier gezet. Die hebt u, dus die zal ik niet voor gaan lezen. Ik was namelijk verbaasd om te zien dat de hele discussienota nog uitging van de oude contouren van de weidevogel randgebieden, terwijl al enige tijd geleden toch aangegeven is dat het weidevogelgebied uitgebreid wordt. Verder vond ik ook in het verhaal het hele weidevogelgebeuren er wat bekaaid afkomen en ook nog een paar andere aspecten van de polder. Het is echt overal in Eemnes de polder geweldig wat daar allemaal uitgevoerd wordt en gebeurt. Van Natuurmonumenten al een tijdlang, maar vooral ook door het collectief Eemland. Ik zit er zelf regelmatig bij en dat is echt fantastische en dat wordt ook overal in den lande als voorbeeld gesteld.
Ik heb al een paar keer gemerkt dat men toch belangrijke mensen, ook ambtenaren enzovoort vaak niet goed in de gaten hebben wat er zich precies allemaal afspeelt. Mijn brief was dus ook eigenlijk een beetje bedoeld van, mensen, zorg er nou voor dat je dat als gemeenteraad, als ambtenaren goed weet, want er moeten veel dingen gaan veranderen en als je niet echt goed weet wat er allemaal speelt, kun je ook de boeren in ons hele gebied niet goed vertegenwoordigen. Dat is eigenlijk de grootste strekking van mijn verhaal. De voorzitter: Goed, kort en krachtig. Ik kijk even naar de commissie of die nog vragen heeft aan mevrouw Barrie. Dat is het geval. PvdA, de heer Van den Brink. De heer Van den Brink: Nou, mevrouw Barrie, u heeft bij uw stukken heeft u opgestuurd en daar zit ook het kaartje bij van het nieuwe weidevogelgebied. Alleen ik kan de legenda niet lezen en daar is een stuk groen en een stuk paars. Kunt u dat uitleggen? Mevrouw Barrie: ‘…’ stuk paars, u kunt ook even kijken, er zit nog een kaartje bij, er zit een webkaart bij van de provincie Utrecht, daar is het weidevogelgebied paars.
U hebt ook een kaartje uit een reeds enige tijd geleden verschenen nieuwsbrief van het collectief waar naast de kaart staat hoe de oude situatie was, met een rand, een stuk roze en groen voor het kerngebied en daarnaast staat een kaartje waar nou echt in groen aangegeven is wat het nieuwe weidevogel kerngebied wordt voor Eemland en daar ziet u dat dat hele stuk daar bij de A1, in de hoek van Wakkerendijk, dat dat nu echt allemaal als goed weidevogel kerngebied wordt aangewezen en daarmee geeft de provincie volgens mij zelf ook al aan, wij vinden dat heel erg belangrijk. Dat sluit in mijn idee ook direct uit dat daar windmolens komen. Begrijp mij goed, ik ben erg voor de energie, mijn echtgenoot is energiecoach. Ik denk dat we nog heel veel kunnen besparen in Eemnes en dat we van alles moeten doen maar wat ik ook een beetje voel is dat de provincie iets moeilijks van ons vraagt. Het is eigenlijk als wanneer ik voor mijn huis een paar prachtige bomen heb en er plotseling een casus komt dat iedereen zonnepanelen op zijn dak moet leggen, dan hoop ik dat in dat geval de buurt me de gelegenheid geeft om mijn zonnepanelen ergens anders neer te leggen zodat ik ook mee kan doen, maar op een goede manier. Ik hoop dat de provincie ook zo meehelpt om naar Eemnes te kijken. We kunnen niet alles overal tegelijk en we hebben een prachtige polder te bieden met heel veel mogelijkheden.
Dat wou ik u meegeven. De voorzitter: Goed, ik kijk nog even de commissie rond of er nog verder … Oh, de heer Van den Brink heeft nog …
De heer Van den Brink: Ja, ik had nog een aanvullende vraag, want het is me niet duidelijk. Het is geen Natura 2000 gebied, de polder, geloof ik. Alleen het weidevogel reservaat aan de noordkant. Mevrouw Barrie: De stukken en-en-en gebied. Een weidevogel kerngebied is voor de provincies heel erg belangrijk momenteel. De heer Van den Brink: En, als ik u goed begrijp zijn, omdat het weidevogel gebied nu tot aan de A1 loopt, zouden daar geen windmolens kunnen of mogen. Zou dat ook gelden voor zonnevelden? In zo’n weiland zou ook geen zonneveld mogen? Mevrouw Barrie: Dan had u een stuk af van het weidevogel kerngebied, dat schuift op. Er staat gelukkig in de brief ook al dat men, wanneer dat gaat gebeuren, ook erg moet opletten voor de ecologie, want als je zonnepanelen neerzet, dan gaan daar ook allerlei beestjes als muizen onder leven en dat trekt weer andere bedreiging aan voor het weidevogelgebeuren. Dus daar laat ik me even niet over uit. Als dat maar goed overdacht wordt. Ik vraag me af of dat ook de bedoeling van de provincie is, dat ze een weidevogel kerngebied aanwijzen met mogelijkheden voor uitbreiding voor weidevogels, biodiversiteit en weet ik wat allemaal en ook een bestaansrecht voor boeren. Dus daar ga ik niet over. De voorzitter: Nee, dat snap ik, dat is goed. Ik neem aan dat de wethouder ook wel een aantal dingen van uw betoog meeneemt in zijn beantwoording.
Ik kijk nog even verder de commissie rond of er daar nog vragen zijn. Dat is niet het geval. DorpsBelang, mevrouw Riemens. Mevrouw Riemens: Ik heb niet echt een vraag, ik wil u gewoon heel erg hartelijk bedanken voor de duidelijke brief en de duidelijke bewoordingen die we denk ik wel zo voelen, maar u heeft het mooi opgeschreven. Dank u wel. Mevrouw Barrie: Dank u wel. Ik hoop dat u daar wat mee kunt. Graag gedaan. De voorzitter: CDA nog aanvullende vragen? Nee, is niet het geval. Dan dank ik mevrouw Barrie en dan wil ik vragen of de heer Eek naar voren wil komen. Namens LTO/ACOE. Gaat uw gang. De heer Eek: Ik ben Kees Eek, vertegenwoordiger van het bestuur van de LTO Eemland en van de ACOE, de agrarische contactgroep ondernemers Eemnes en ook semiprofessioneel gebruiker van de polder. Wij willen eigenlijk als boeren proberen te voorkomen dat er weer een grote druk op onze gronden komt te liggen, dus zonneweides in de polder is voor ons eigenlijk niet bespreekbaar. Door de hele delegatieproblematiek hebben we evengoed al meer dan twintig procent van ons land raken we kwijt voor de mestplaatsingsruimte en als er dan ook nog eens een keertje een 40, 50 hectare ten behoeve van de zonneweides moet worden afgenomen, blijft er voor de agrariërs heel weinig meer over en het bestaansrecht voor ons is al niet zo makkelijk.
Vandaar dat wij zeggen dat er in de polder middenin windmolens moeten komen, zijn wij ook niet voor, maar je hebt ook nog heel veel randgebieden en ook in het rapport van Bos en Keuning worden twee locaties aan de A27 gebouwd in de Noordpolder te Veen, die als mogelijk studieobject mee kunnen gaan doen. Ik hoop dat iedereen daar een keer positief naar wil kijken. En nogmaals, dan kunnen we wel zeggen, er moet langs de snelwegen een heel grote berm met zonneweides gaan komen, maar ook dat heeft heel veel invloed op de weidevogels en ook de bereikbaarheid van diverse activiteiten, slootonderhoud, bermonderhoud. Dan kunnen we ook wel zeggen dat er een gedeelte van de zonneweides dusdanig moeten worden gemaakt dat er ook biodiversiteit bij kan groeien, maar dat houdt wel in dat oppervlaktes van de benodigde zonneweides verdubbelt, anders heb je totaal geen biodiversiteit en creëer je dus weer grotere belasting op onze heel hard
nodig zijnde en dure agrarische gronden. Dat wou ik gewoon even goed mededelen, dat de raad zich daar goed van bewust is en een ieder die daarover beslissingen mag gaan nemen. De voorzitter: Goed, helder, dank u wel. Ik kijk ook in dit geval nog even de commissie rond of er aanvullende vragen zijn. Mevrouw Riemens, DorpsBelang. Mevrouw Riemens: Begrijp ik het nou goed dat u voorstander bent van windmolens in de Noordpolder. De heer Eek: De Noordpolder te Veen. Mevrouw Riemens: Ja, Noordpolder te Veen. De heer Eek: Dat is het gebied tussen de Meentweg en de A27. Daar hebben wij, denk ik, geen van allen last van. Nogmaals, wij willen liever allemaal in de Flevopolder zetten. Als ik nu in het voorraam kijk, dan zie ik er daar een paar honderd staan, waarom moeten die twee dan per se aan de andere kant terwijl wij zelf onze eigen broek op moeten houden als RES-regio? Mevrouw Riemens: Dat begrijp ik, maar in de brief, ik weet niet of u die brief gelezen heeft, daar staat dus als argument dat wij ook aan de noordkant gaan bouwen en volgens mij heeft mevrouw Barrie ook gezegd dat het ook van invloed is op het weidevogel kerngebied. De heer Eek: Dit is geen weidevogel kerngebied. Mevrouw Riemens: Nee, het heeft daar invloed op, als daar windmolens komen. De heer Eek: Dat wil ik zeer betwijfelen, want dat is zo ver van het weidevogelgebied.
Dat zijn discussies, ja en nee, dat kan je nooit oplossen. Mevrouw Riemens: Nee, prima, dank u wel. De voorzitter: Dan kijk ik nog even die kant op. De heer Van den Brink, PvdA. De heer Van den Brink: Mijnheer Eek, u zegt, die zonnevelden die gaan ten kosten van onze agrarische grond. Dat is voor u het belangrijkste argument om te zeggen, nou, dat willen we niet. Windmolens, dan wilt u waarschijnlijk omdat u vindt dat Eemnes ook een bijdrage moet leveren aan … De heer Eek: We moeten als totale gemeenschap daar een bijdrage in leveren, ja. De heer Van den Brink: Maar een andere vraag van mij is, is een windmolen op het land van een boer ook interessant voor die boer als aanvullend verdienmodel? De heer Eek: Een windmolen is een zeer goed verdienmodel, maar die kan ook door de gemeenschap gezet geworden. Het is niet zo dat de boer hem per se op eigen beheer en eigen kosten wil gaan exploiteren, maar het kan ook door de gemeenschap gedaan worden. Vorige week een dinsdagavond was er een avond in Hoevelaken over de RES Amersfoort en daar werd een heel goed pleidooi gehouden voor een gemeente Nieuwleusen. Daar had de gemeenschap twee windmolens gebouwd, een heel lang traject eer het zover was, maar de opbrengsten daarvan werden honderd procent in de gemeenschap besteed.
De voorzitter: Goed, ik kijk D66 nog aan, is niet het geval. Dan dank ik de heer Eek voor zijn inbreng. De heer …: Voorzitter, mag ik toch nog een vraag stellen? De voorzitter: Ja, uiteraard. De heer …: U geeft net aan, de heer Eek, dat u ook geen voorstander bent van zonnevelden in het agrarisch gebied en liever daar dan een windmolen, wellicht, ziet staan. Duidt u hiermee ook gelijk een stuk aan? Zegt u, is dat dan langs de A1 of in het gebied Noordbuurt te Veen tussen Meentweg en de A27, zeg maar, dat u het een of het ander liever ziet, of geheel helemaal niet ziet? De heer Eek: Ik kan me voorstellen dat het langs de A1 een heel groot verstorend geheel is, dat is al een begin van het open gebied en als je het stukje langs de A27, de Noordpolder te Veen, daar worden ook door het rapport van Bos en Keuning twee locaties aangewezen die mogelijk toekomst bieden en daar lijkt het mij, vanuit persoonlijk en uit agrarisch perspectief, het minst storend te zijn voor alles en iedereen. De heer …: En zou het ook het minst verstorend zijn als daar wellicht een zonneveld komt te liggen? De heer Eek: Ook daar zijn, volgens mij, best wel mogelijkheden voor daar zo. Dan zou ik haast eerder nog zeggen, een klein stukje terug waar eventueel na 2060 woningbouwplannen zijn door de gemeente, mits de gemeente Eemnes het zelf mag blijven beslissen.
Die gronden zijn van ontwikkelaars, die hebben nu al twintig jaar een zeer onrendabele investering daar liggen. Een windmolen en ook een zonneweide, die hebben een levensduur van ongeveer een 25, 30 jaar. Nou, eerder is de gemeente Eemnes daar toch niet planning met woningbouw. Dus dat is ook beide kanten van de ‘…’ is voor mij een open optie. De heer …: Dank u wel voor de informatie. De voorzitter: Dank u wel, de heer Eek. Dan ga ik over naar de inhoudelijke behandeling vanuit de commissie. Hij is door de PvdA en de VVD op de agenda gezet, dus ik wou de VVD als eerste het woord geven. De heer Schade. Ik vergis me, neem me niet kwalijk, ik wou u bij het volgende agendapunt, dat is de beleidslijn, die heeft u samen met de PvdA op de agenda gezet, daarbij wou ik u als eerste het woord geven. Dus dan vind ik het niet netjes als ik één partij bij beide onderwerpen als het eerste het woord geef. Dus u heeft gelijk, begin ik gewoon bij D66, de heer Defferding. De heer Defferding: Dank u wel, voorzitter. Bedankt ook voor de insprekers die we net hebben gehoord. Bedankt ook aan de wethouder voor de brief die gestuurd is. Een heldere brief. Wij kunnen ons er in hele grote lijnen heel goed in vinden. Er was alleen nog een vraag die we hadden over de brief en dat gaat over het stukje, de alinea bijna op het einde, het oerproject en dat het … Even lezen hoe het er staat.
Een tweede zonneveld, zoals dit is opgenomen in het collegeprogramma, maken wij graag onderdeel van het oerproject. En dan, zoals het er dan nu staat, dan zijn er geen mogelijkheden om dat los van elkaar te zien. Het is of een oerproject met een tweede zonneveld, maar niet een los tweede zonneveld, want het oerproject, zoals we het hebben begrepen, dat is ook nog wel een lange termijnwerk en is het noodzakelijk dat alle andere gemeenten die in dat oerproject worden opgenomen, ook akkoord geven om dat oerproject aan te leggen. Dus wat ons betreft zou het wellicht zinvol zijn om dat los te knippen van elkaar. Een tweede zonneveld en, als dat oerproject er is, om dat dan te integreren. Dank u wel. De voorzitter: Goed, dank u wel. Ga ik naar het CDA, de heer Van Schaik.
De heer Van Schaik: Dank u, voorzitter. Nou ja, genoemd is in de brief dat er weerstand is tegen grootschalige opwek. Eemnes vormt daarop geen uitzondering, staat er, min of meer en er is lokaal dan ook geen draagvlak, vervolgt de tekst. Daar wil ik graag vermelden dat er op heden geen draagvlak onderzoek geweest is en de raad zich op dit moment tegen grootschalige opwek middels wind heeft uitgesproken. Het zou dus beter zijn om te zeggen dat het om bestuurlijk draagvlak hier gaat en dat zal dus de weergave tot zijn recht komen. Als CDA zijn wij niet tegen windenergie, maar volgens we ons coalitieakkoord en is de focus op korte termijn op isolatie, energiebesparing en zonnepanelen op dak. En nog binnen deze raadsperiode zal een tweede zonneveld mogelijk zijn indien UDG niet mogelijk is. Als CDA hebben we begin november aansluitend op onze algemene ledenvergadering een raadpleging gedaan onder een beperkt deel van onze leden en aanhang wat meegenomen was. We noemen dat een denktank. Deze aanwezigen hebben te kennen gegeven onder voorwaarden niet tegen windmolens in Eemnes te zijn. Misschien moet ik windturbines zeggen, maar dat bedoel ik dan. We doen er dus goed aan om in Eemnes zo snel mogelijk een raadpleging te doen om als raad ook achter deze invulling, zeg maar, te kunnen blijven staan dan wel onze mening daarop te moeten gaan aanpassen.
Want wij kunnen wel het een en ander zeggen in deze brief, maar er komt straks een RES 2.0 en een 3.0 en er komt een antwoord op deze brief. Wij moeten de bevolking gaan raadplegen. Wij doen daarom ook het verzoek om het draagvlakonderzoek met betrekking tot energie en warmte zo spoedig mogelijk op te starten, zodat we zo snel mogelijk weten wat de wens van de bevolking van Eemnes is met betrekking tot de transitie en wij als raad richting de besluiten die we moeten nemen, en ik noemde net al RES 2.0, 3.0 en in mijn reageren op de brief die dan nu uitgaat, ook datgene kunnen weergeven wat de Eemnesser bevolking graag wenst in de energietransitie. Dank u wel. De voorzitter: Goed, dank u wel. DorpsBelang, mevrouw Riemens. Mevrouw Riemens: Dank u wel, voorzitter. Wij zijn blij met deze brief, wij kunnen ons helemaal vinden in de manier waarop het geschreven is. Het benoemen van de afwegingen die bij RES 1.0 geleid hebben tot windlocaties, het benoemen van de kamerbrief van Rob Jetten en het Tegenwicht podcast van Marjan Minnesma van Urgenda zijn natuurlijk van belang, dus fijn dat die benoemd zijn.
De inspraak van mevrouw Barrie die toch een aantal suggesties doet voor teksten of extra benadrukking hoe belangrijk deze polder is, wat wij eigenlijk, ik denk wel raadsbreed wel vinden, maar in ieder geval DorpsBelang vindt dat heel erg belangrijk, die zouden misschien nog … Nou, de vraag is, aan de wethouder, zou u daar nog iets aan kunnen toevoegen? Even reagerend op wat de heer Van Schaik net zei, om de bevolking te raadplegen. Heeft de bevolking dan ook de juiste info over het weidevogelgebied, waarvan ik denk dat we als bestuur een besluit over zouden moeten nemen hoe belangrijk dat is. In de brief wordt al aangegeven, of mevrouw Barrie geeft ook aan dat de provincie het ook van belang vindt, dus dan denk ik, ja, dan zouden misschien de inwoners kunnen zeggen van, we willen allemaal windmolens in de polder, maar dan denk ik dat het belang voor de natuur en het weidevogelgebied ook een goede plek moet krijgen. De oerbrief, ik noem het maar even de oerbrief. Daarvan krijgt u ook onze complimenten. Wij kunnen ons helemaal vinden in de kaders die u in die brief meegeeft. Vorige week maandag tijdens de RES-bijeenkomst, bleek dat de andere wethouders niet veel nieuws te bieden hadden en dat sommige gemeentes er zelfs voor 1 december niet een brief zullen leveren. Dus we zijn blij dat wij keurig op tijd zijn en natuurlijk zijn we benieuwd naar het vervolg. Dank u wel.
De voorzitter: Goed, dank u wel, PvdA, als laatste. De heer Van den Brink. De heer Van den Brink: Laat ik eventjes, ook voor de mensen in de zaal, nog even toelichten waar het hier om gaat. Het is een reactie op de brief waar de provincie vraagt om meer te doen op het gebied van de opwekking van duurzame energie met een voorkeur van de provincie voor windenergie. Wat hier ligt, is een brief die
windenergie resoluut afwijst en de reddingsboei voor DorpsBelang is dan het oerproject, maar het oerproject is expliciet bedoeld om op rijksgrond, langs de snelweg A1 in dit geval, windmolens dan wel zonnevelden te plaatsen. Als ik dan kijk naar de brief dan constateer ik wel, en dat zien we hier vanavond ook, dat niemand in Eemnes megawindmolens in de polder wil en ook, denk ik, heel veel, zeker de politieke partijen, ook niet in de Noordpolder te Veen en ook niet in de Zuidpolder te Veen, omdat dat toekomstige uitbreidingslocaties zijn van Eemnes en het is te dicht op de woonbebouwing. Ik denk dat we het daar allemaal best wel over eens zijn. Maar, waar niet naar gekeken is, iets wat ik eerder gesuggereerd heb, is dat er ten zuiden van de A1, daar waar ook een zonneveld eventueel zou kunnen, misschien wel ruimte is voor een aantal windmolens en dat waren toch wel kleinere windmolens dan die aangesloten worden op de bestaande aansluiting waarmee de gemeente ook nog wat centen in de zak houdt. Het was toch wel sterk geweest richting de provincie, als je tenminste nog iets had kunnen brengen, een bod.
Als ik kijk over de brief over het oertraject aan de regio Amersfoort, waar mevrouw Riemens zo enthousiast over is, dan staat daar eigenlijk met zoveel woorden in van ja, we willen wel meedoen aan het oertraject, maar alleen maar met zonnepanelen, want wind is uit den boze terwijl het oerproject juist ook voor windmolens bedoeld is. En als je dan bedenkt dat er in Eemnes langs de snelweg, want daar is het eigenlijk voor bedoeld, helemaal geen ruimte is voor een zonneveld, dan staat er in de brief van ja, dan moeten we misschien aangrenzende gronden daarvoor gaan verwerven. Nou, mijnheer Defferding had het er eigenlijk al over, dat heeft dan eigenlijk niks meer met het oerproject met te maken, want dan ben je gewoon met een tweede zonneveld bezig. Tot slot nog eventjes het verhaal wind- en zonneenergie. Wind levert gewoon, als je drie middelgrote windmolens neerzet, dat levert drie keer zoveel energie op als een zonneveld van vijf hectare. Als je dan ook, ik weet niet, ik geloof dat het mijnheer Eek was die vertelde over een windmolenproject wat door de bevolking zelf is opgezet, dan zit er ook misschien nog een interessante financiële component aan voor Eemnes. En last but not least, dan leveren we tenminste wel echt een serieuze bijdrage aan de energietransitie, want het water staat zo langzamerhand tot de lippen.
Dus wat dat betreft vinden we de brief eigenlijk teleurstellend. De voorzitter: Dank u wel. Dan als laatste, VVD, de heer Schade. De heer Schade: De behandeling van deze brief vindt niet plaats in de raad, dus een echte politieke discussie valt er niet over te voeren. Toch een heel interessant politiek feit dat nu coalitiepartij CDA, in tegenspraak met haar verkiezingsprogramma en in tegenspraak met het coalitieakkoord, vanavond nu opeens meldt, wel degelijk een behoefte te hebben aan het bestuderen van de plaatsing van windmolens. Ik roep bij haar coalitiegenoot DorpsBelang in herinnering de woorden van hun fractievoorzitter: windmolens nooit, nooit, nooit. Dus ik ben heel benieuwd, van DorpsBelang, een goed antwoord, en dat hoeft niet nu, maar in een van de komende raadsvergaderingen een antwoord te horen op de zwaai die het CDA nu maakt. Voor wat betreft de brief, want daar hebben we het over. Ik heb een aantal tekstuele suggesties die ik zo meteen met de wethouder zal delen. Ik sluit me aan bij de woorden van mijnheer Defferding en van mijnheer Van den Brink dat het natuurlijk wel een beetje een armoedige brief is en dat was ook de boodschap die wij meegegeven hebben aan de wethouder toen hij zijn gesprek met de gedeputeerde moest gaan voeren, we sturen je eigenlijk met lege handen op weg. Eemnes doet niet mee.
Nou, dat is een politieke realiteit waar we ons bij neer te leggen hebben en in ieder geval de VVD probeert voor de kleine mogelijkheden die wij zien, de kleine ruimte die wij in het huidige politieke bestel kunnen vinden, om zoveel mogelijk zaken dan toch nog te helpen doen en in dat kader gaan wij ook maar positief met deze brief om en als de wethouder meeschrijft, dan geef ik even mijn tekstuele suggesties voor deze brief. De eerste is op, en ik zit nu op een andere laptop omdat de mijne niet tot actie te bewegen is, maar op een andere laptop, en ik zit op pagina één, helemaal onderaan, daar staat de zin, daar begint de alinea met te zeggen dat wij als gemeente ons kunnen vinden in de gekozen locaties en dat daar goede argumenten voor zijn en dan gaat er een tweede zin aan, volgt er op en daar staat:
wij vertrouwen er daarom op dat er bij eventuele herbeoordeling andere keuzes ... Ik stel u voor om die zin helemaal te laten vervallen. De eerste zin is heel sterk. U zegt: er zijn relevante overwegingen om te kiezen voor deze locaties. Nou, dan moet je het helemaal niet over heroverweging hebben, is mijn suggestie, laat die zin weg. Mijn tweede tekstuele suggestie vind ik op bladzijde vier van vijf, als laatste alinea onder het kopje draagvlak en participatie, want daar staat dat bij eventuele realisatie van een project minimaal lokaal vijftig procent eigen eigendom voor de inwoners moet zijn. Nou herinner ik me dat mijnheer van Larderel het had over anderhalf miljard tot drie miljard investering voor het UDG project. Ik miszeg de Eemnesser inwoners niks, maar ik denk dat u de spaarbankboekjes van de Eemnessers ernstig overschat als u denkt dat die 50 procent van drie miljard op tafel kunnen gaan leggen. Dus ik zou die zin eruit laten, of in ieder geval dan clausuleren voor zonne-energieprojecten. Als laatste opmerking, de alinea daaronder, de omgeving van Eemnes is door haar kenmerkende natuur en oer-Hollandse alpenlandschap meer geschikt, schrijft u, voor zonne-energie dan voor windenergie. Nee, het is juist buitengewoon geschikt voor windenergie, dus ik zou het woord geschikt vervangen door het woord passend. Mevrouw …: Voorzitter, mag ik ook interrumperen.
De voorzitter: ‘…’ eerste termijn ‘…’ niet. De heer Schade: Dat, voorzitter, zijn mijn tekstuele opmerkingen en ja, het is een keurige brief, het is, maar dat zei ik in het begin al, een beetje een armoedige brief. Dank u wel. De voorzitter: Goed, ik kom bij de tweede termijn. Kunt u op elkaar reageren. Dus ik geef als eerste het woord aan de wethouder, de heer Ten Have. De heer Ten Have: Voorzitter, dank u wel. Even kijken, er zijn natuurlijk nogal wat dingen gezegd en wat ik hoor is dat, we hebben de brief en deze brief die ligt nu ter advies voor en ik vind het fijn om te horen dat in ieder geval vier van de vijf partijen daar positief over zijn. Laat ik het zo zeggen. Positief over zijn in de zin van het is een brief die op veel zaken ingaat die een vorm van compleetheid ieder geval nastreeft en waar wij geprobeerd hebben om zoveel als mogelijk in kwijt te kunnen. Wij hebben natuurlijk de brief van de provincie ontvangen, in juli, en daar hebben wij op toegezegd om voor 1 juli van dit jaar daar een reactie op te geven … Of, excuus, we kregen hem op 1 juli en voor 1 december hem retour te sturen. Nou, deze brief is eigenlijk, zeg maar, het gestolde proces daarvan en wij hebben gemeend dat er geen draagvlak is, althans geen bestuurlijk draagvlak voor wind, wint op Eemnesser grondgebied.
Maar we hebben ook met elkaar geconstateerd dat het belangrijk is dat we de regie in eigen hand houden en we hebben geconstateerd dat we, als dat niet op het gebied van wind is, dat dat dan automatisch op het gebied van zon is. Dat lijkt me dan ook een duidelijke. Nou, daar hebben we lang met elkaar over gesproken en gezegd, van nou, wat betekent dat dan? Wat betekent dat, regie in eigen hand en wat betekent dat punt van zon? Nou, daar is ook natuurlijk met de provincie over gesproken, er is al een aantal keren aan gerefereerd. Ik heb met de heer Van Essen een uiterst goed gesprek gehad en heb hem ook voorgelegd hoe wij dus daarin zitten en hoe we daar naar kijken, maar heb dat ook langs de drie zoekgebieden gelegd zoals in het Bosch & Van Rijn onderzoek wat bij de brief was gevoegd van de provincie. Daar zitten drie gebieden in. Een in de noordbuurt, een, ik zeg het even heel huiselijk, een in de noordbuurt, een in de zuidbuurt en een langs de A1. Dat hebben wij ook langs de vuistregels gelegd zoals in dat rapport genoemd en de vuistregel is bijvoorbeeld de vierhonderd meter naar bewoning, bebouwing en ook gekeken naar een aantal andere ontwikkelingen nu dan wel voor in de toekomst en dat kunt u ook teruglezen in de brief, in onze brief.
Er wordt gezegd, een van de insprekers, de heer Eek sprak daarover van in de noordbuurt, daar zien wij het wel zitten, maar als je daar heel simpel kijkt naar de vuistregels zoals de provincie en in dat rapport ook hanteren, dan zie je dat als je die vierhonderd meter norm neemt, dan heb je
in het noordelijkste deel van dat grondgebied heb je een en-en-en gebied. Zogenaamd en-en-en gebied. Daar is ook de afstandsnormering zo’n vierhonderd meter, dus als ik vierhonderd meter uit dat gebied ga, en ik neem ook de toekomstige ontwikkeling in de noordbuurt mee waar de gemeente ook reeds grondposities heeft. Als ik daar ook een aantal ontwikkelingen meeneem en daar de vierhonderd meter op loslaat, dan betekent het dat je een aantal gebieden moeten wegstrepen plus het feit dat de provincie er van het begin af aan van is uitgegaan dat er altijd een koppel moet worden geplaatst. Dus het is niet één windturbine, het is altijd een tweetal, een koppel. Als je die loslaat, want er zullen … Als je dat loslaat op dat gebied en je hebt de twee turbines waar minstens negenhonderd meter tussen moet omdat ze elkaar anders beïnvloeden, dan kan je met passer en meter voor dat deel al een aantal gebieden en eigenlijk dat hele gebied, kun je daar wegstrepen. Dan heb ik nog niet meegenomen de overkant van de A27, de bouwvenen met name in Blaricum. Dus dat zien wij daar aan die kant niet zitten.
Dat geldt ook voor de Zuidbuurt, ik pak ze alle drie maar even, ik denk dat dat het meest compleet is van dit antwoord, namelijk als je de Zuidbuurt pakt, daar hebben wij natuurlijk ook ontwikkelingen staan, Zuidpolder, Zuidpolder Zuid en ook daarvoor geldt de 400 meter norm als vuistregel en ook daar zou je er, als je daar van twee uit gaat, zou je daar niet uitkomen. Nogmaals, ik heb dit ook zo met de gedeputeerde gedeeld en die ziet ook wel dit soort zaken en die gaan natuurlijk, uiteindelijk gaan die dat in een plan MER, zoals gezegd, dus dat is een milieu effectrapportage, zullen ze al deze zaken tegen het licht houden en dan zal je ook op deze afstandsnormeringen, hoe dat planologisch in te passen is, zal je uitkomen. Dus vandaar dat wij daar al een kleine intekening van hebben gemaakt. Dan kom je uiteindelijk op de andere, dat is gebied 55, zogezegd, en dan kom je aan de A1 locatie en ook die hebben we vrij uitvoerig hierin beschreven. De A1 locatie betekent ook uitgaande van de vuistregel vierhonderd meter, dan zit je ook ten opzichte van de Wakkerendijk, je zit aan de andere kant ten opzichte van Eembrugge en dan kom je aan de andere kant van de A1 ten opzichte van Baarn dan wel daar de geplande bouwactiviteiten in de toekomstige Baarnse Zoom. Als ik daar de vierhonderd meter norm hanteer, dan wordt dat daar ook uiterst lastig.
Dan kom ik op wat mevrouw Barrie als inspreker zei, op het moment dat ik daar de vierhonderd meter norm hanteer, dan moeten deze turbines wel heel ver het polderlandschap in komen te staan en dan zit je dus al, inderdaad, in weidevogelgebied en wij hebben daar nog de rand weidevogelgebied, omdat dat nu op dit moment nog het geval is en dan kan ik u daarin geruststellen, op het moment dat de provincie natuurlijk haar plan MER hierop zou loslaten, dan zou daar natuurlijk uitkomen dat als dat vanaf 2023 het geval is, wat u aangaf, dus dat dat helemaal weidevogelgebied is en dat die overgangszone er dan van is afgehaald, dan komt dat natuurlijk ook uit het plan MER. Dat heeft de gedeputeerde wel duidelijk aangegeven, die plan MER, die is heilig. Die wordt ook op alle manieren, en dat zal de provincie ook heel goed willen doen, gelet op draagvlak en gelet op allerlei procedures, dus dat zullen ze op een heel goede manier aanvliegen. Dus daar zitten al dit soort zaken in. Dus dat komt er vanzelf uit naar boven. Dus wij hebben gezegd, geen wind, dat zien we niet … Daar zien we niet de handen voor op elkaar, bestuurlijk gezien. We willen wel de regie in eigen hand houden en dan ben ik eigenlijk weer terug bij het begin en dan zou het dus op het gebied van zon moeten zijn.
Dat kan ook, dat heb ik vorige week ook in de RES-bijeenkomst ’s avonds gezegd, de RES 1.0 kent naast een windopgave ook een zonopgave van 0,2 of 0,25 terawattuur en wij hebben gezegd, wij zouden dat deel van het RES totaal, daar zouden wij een bijdrage aan willen leveren en wij hebben daarin gezegd, wij moeten daarop een bod dus doen en dat ziet u terug in de brief, die bestempelen wij als robuust. Daarom hebben wij ook gezegd: wij willen een aantal dingen met elkaar verbinden. Verbinden vooral met ontwikkelingen en die niet naast elkaar laten bestaan, maar die hierin integreren en zodoende is daar ook het oerproject bij aangedragen en het oerproject was al gevraagd, maar dat draagt natuurlijk bij aan het totaal, dus het oerproject, namelijk op rijksgronden, het onderzoeken of de voorverkenning daarbij van op de rijksgronden, dat draagt hieraan bij. Dus vandaar dat we dat bij elkaar hebben gehaald zodat dat, als het gaat om de verkenning, of de voorverkenning eigenlijk eerst, om dat allemaal in één klap met elkaar te verbinden en ook mee te nemen. Zo ziet de provincie dat ook, dat zijn geen losstaande trajecten. Dus Rijkswaterstaat heeft ook
contact met defensie, heeft ook contact met Natuurmonumenten, heeft ook contact met de provincie, noem het allemaal maar op. Dat staat met elkaar in verbinding. Ik neem even een wat lange aanloop, maar ik denk dat dat daarmee wel de kern weergeeft van zoals we de brief hebben opgetuigd en we hebben natuurlijk, zo staat het ook in het coalitieakkoord, een tweede zonneveld in gedachten van voorbij 2024 en daar bestaat natuurlijk ook een aansluiting voor. U moet denken aan ongeveer vijf hectare, dacht ik. Dat is vijf megawatt, dat is ook ongeveer vijf hectare en daarmee is dat tweede zonneveld kleiner dan het eerste zonneveld wat we hier reeds hebben liggen. Maar goed, daar is een aansluiting voor en dat maakt het totaal, we hebben het nog steeds over een robuust bod doen, dat maakt het totaal nog, bij elkaar opgeteld, interessant. Althans, vinden wij interessant. Want wij hebben gezegd van, op het moment dat we vragen het oerproject van de kant te duwen en te zeggen van: doe een voorverkenning, dan betekent het dat al die rijksgronden en de aanpalende gronden, ik kan het niet zo een twee drie aanwijzen, ik hoorde allerlei hectares net genoemd, ook de heer Eek noemde een aantal hectares. We hebben gezegd: een robuust aantal, significant aantal hectares, maar we hebben dit soort aantallen of dit soort hoeveelheden hebben wij niet genoemd, ziet u ook niet terug in de brief.
Nou, en om daar dus al dat van de kant te krijgen, hebben we gezegd, dan nemen we gelijk mee, want waarom zou dat niet daarin passen, het tweede zonneveld. Dat is in één totaal. Kijk, eer dat je het tweede zonneveld en vooralsnog is geothermie de proefboring in ’23. ‘…’ in ’24 staat vooralsnog nog steeds gepland, zoals ook was afgesproken. Dus op die manier zal de voorverkenning plus de verkenning zal leiden tot een aantal conclusies en daar willen we graag het tweede zonneveld bij in brengen. Dat zou wellicht het begin kunnen zijn van een aantal daar misschien nog weer aanpalende stukken grond, maar dat is wat uit wellicht het onderzoek kan komen. Dus vandaar. Dat is daarmee, denk ik, ook het antwoord op de vraag van D66 over hoe dat zich tot elkaar verhoudt. Het CDA heeft gevraagd om een zogenaamd draagvlakonderzoek. Ja, ik kan daar positief op antwoorden. Ik denk dat het prima is om daar een onderzoek onder de bevolking te houden. Het feit is alleen wel dat het én dan wel heel goed moet worden voorbereid, dus dat moet wel body hebben. Ik zou het ook graag willen dat het over de gehele transitie gaat of de energietransitie of plak er een duurzaamheidsstickertje op en dat het niet alleen over dit gaat. Kijk, de verkenningen en de voorverkenningen en alles wat daaruit komt, ja, dan zitten we echt al wel in 2024.
Kijk, de provincie heeft zelf aangegeven er vanuit te gaan dat iedereen zo rond 1 december zijn bod, zijn brief heeft aangeleverd en vervolgens gaat de provincie daar naar kijken en dan zal het niet gelijk op 3 december allerlei inpassingsbesluiten regenen, zo zal het ook niet zijn, maar de provincie heeft wel gezegd: we hebben nu zo om en nabij 70, 72 zoekgebied, zoals in het rapport van Bosch & Van Rijn staat, en de provincie wil zo eind januari, begin februari dat hebben teruggebracht naar 30 a 35 zoekgebieden. Dat betekent dus dat dat dan de zoekgebieden zijn die de provincie dan zal aanmelden voor een plan MER en een plan MER, daar moet u van uitgaan, zeker omdat het zo gedegen is en omdat er allerlei andere zaken nog aan dat soort milieu effectrapportages worden toegevoegd, dan moet u ook denken aan de gezondheidsonderzoeken die nog gepland staan, dan moet u, want dat zit niet automatisch in het plan MER, daar zitten een aantal andere zaken nog aan vastgeklikt. Dus daar moet u een jaar tot anderhalf voor rekenen. Dus dan komt u automatisch uit eind ’24 en de provincie streeft ernaar, maar nogmaals, dit zijn allemaal aannames die ik terugkreeg vanuit dat gesprek, om dat alles planologisch medio ’25, dan gaan we allemaal uit van de meest snelle vormen, varianten, om dat in 2025 planologisch af te ronden.
Dus het antwoord op het CDA, prima om dat te doen, we moeten dat goed voorbereiden. We moeten ook nog even kijken hoe dat met de ambtelijke capaciteit zit, en dan zouden we dat in 2024 kunnen doen. DorpsBelang stelde de vraag of er niet een aantal aanbevelingen of suggesties van de insprekers, mevrouw Barrie, zouden kunnen worden meegenomen. Ja, zeker. Ik heb het inderdaad van tevoren gehad, dus dank daarvoor, überhaupt ook voor uw inspraak en ik denk dat als u de brief goed leest, dat er een heleboel al wel in uw richting is opgeschreven, het oer-Hollandse landschap, het veenweidegebied, het polderlandschap. U kunt het ook zelf nalezen. Juist dat, dat heb ik ook aan de gedeputeerde meegegeven, dat is wat dit gebied zo ongelooflijk uniek en bijzonder maakt en daar vragen we toch ook absoluut wel de aandacht voor en die
hebben ze ook en nogmaals, dat gaat allemaal mee in de totale afweging. Andere gemeentes zullen op hun manier zeggen dat ze het bijzonder en uniek zijn, dus dat zal u vaker hebben gehoord, maar ik vind dat wij dat ook echt zijn in alle opzichten. Qua buitengebied zeker en ik zou daarmee het aanvalsplan voor de grutto, wat u als suggestie deed, die zou ik nog in de brief willen opnemen en u zegt ook nog, als een rustig recreatiegebied, dat zou ik wellicht aan het al genoemde stiltegebied willen koppelen. Dus het antwoord is ja, ik neem daar een aantal zinnen, regels van mee. Dank daarvoor. Dan kom ik bij de Partij van de Arbeid. Ja, die was toch wat zuurder over deze brief en ja, u begon er eigenlijk mee, als ik het goed heb opgeschreven van, bestuurlijk draagvlak voor wind is er niet, ook voor grote turbines. Zo proef ik dat ook bij u. Dat klopt, dat is een feit, die constatering is juist, denk ik. Vervolgens zegt u van ja, maar ik vind de brief onvolledig, want u heeft niet de aan de overkant van de A1 meegenomen. Kijk, we hebben van tevoren gezegd, we willen de regie in eigen hand houden en niet op wind, dus op zon. Dus dat geeft daar al een antwoord op, dat is één. Maar twee is, we hebben, als we een robuust bod willen doen, dan moet je ook een robuust bod willen doen en als u zegt van ja, we hebben het ook niet over grote turbines, we hebben het over die wat kleinere.
Ja, dat is toch, dat vind ik een wat minder robuust bod, plus het feit dat ook voor de kleinere turbines er natuurlijk een afstandsnormering geldt, er altijd uitgegaan wordt van twee, dus ook hier weer is een koppel aanleg aan de orde en ik weet helemaal niet of dat daar in die hoek wenselijk is, gepast is, dat is op die manier niet … Dat komt ook niet uit het rapport van Bosch & Van Rijn. Dus het één van de oksels en daarom hebben wij hier gezegd, één van de oksels waar naar gekeken kan worden in het oerproject en daar hebben wij op zon ingezet, dus in één van deze oksels zou daar al dan niet met zon iets kunnen gebeuren, maar dat zal uit de voorverkenning moeten blijken. Dus ook daar zie ik geen ruimte voor windturbines of de daar wat kleinere variant van. U zegt, het oer. Ja, het oer is inderdaad een traject, maar dat loopt gelijk op, dat heeft de gedeputeerde ook gezegd. Dat zijn geen losstaande trajecten. Want oer zou ook over wind kunnen gaan, dus dan zou je ook kunnen zeggen dat wind in dat oer zit en dat is wat de provincie ook graag ziet. Nogmaals, wij willen inzetten op zon en het onderdeel van die 0,25 terawattuur, daar een onderdeel aan leveren. Hoezo niet robuust? Dat heb ik ook tegen de gedeputeerde gezegd, op dat punt, daar willen wij ons ten volle voor inspannen en daar een significant onderdeel van willen aanleveren mits dat uit de voorverkenning blijkt.
Dus dit vindt u een teleurstellende brief, dat mag. Wij zeggen binnen het spectrum van Eemnes vinden wij dit op zon best een heel goed aanbod aan de provincie en als laatste de VVD, u heeft het over draagvlak onderzoek, dat moet DorpsBelang, denk ik, daar een weging aan geven of een … De voorzitter: CDA bedoelt u. De heer Ten Have: Nee, want het CDA stelde de vraag. Volgens mij was de heer Schade die vroeg … De voorzitter: Antwoord op de vraag ook richting Dorps Belang, maar dat komt in de tweede termijn. De heer Ten Have: Exact, die zullen daarop reageren en ja, u geeft aan, Eemnes doet niet mee, dat valt een beetje in dezelfde lijn als ik net ook naar de Partij van de Arbeid zei, een robuust onderzoek, een robuust aanbod doen op het gebied van zon, dat vind ik wel degelijk mee willen doen. Ik kan u een aantal omliggende gemeentes noemen die inderdaad niet meedoen en die hebben gezegd, provincie, doet u het maar. Wij geven de regie uit handen en wij leggen dat terug, eigenlijk optie twee was dat. Wij leggen dat terug aan de provincie. Dat vind ik niet meedoen. Dan denk ik dat ik ze allemaal gehad heb en dan inderdaad de twee insprekers op dit punt, mevrouw Barrie heb ik hierin meegenomen en de heer Eek ook meegenomen, die had het als laatste nog over kleine molens, molens dan wel op een boerenerf, meen ik, dat u zei. Dat maakt geen onderdeel uit van de RES.
Dus daar zijn ze te klein voor en spelen daarmee geen rol en hebben wij dus ook geen plek in deze brief gegeven. Tot zover.
De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de tweede ronde. D66, de heer Defferding. De heer Defferding: Dank u wel, voorzitter, en dank u wel, wethouder, voor uw uitgebreide toelichting op de brief en de uitleg daarover en de beantwoording van de vragen. Voor wat betreft de vraag die wij hebben gesteld, heeft u antwoord gegeven. Dat is ook afdoende wat dat betreft. Ik wil nog wel reageren op de heer Van Schaik die voorstelde om een volksraadpleging te doen. Dat is natuurlijk ooit een D66 standpunt geweest, om de bevolking te bevragen bij moeilijke beslissingen, maar daar zijn we ook alweer een beetje op teruggekomen. Mevrouw Riemens gaf dat ook al een beetje aan, het is echt wel heel erg ingewikkeld, wat ga je nu aan de inwoners vragen en als wij hier over dit onderwerp al zo lang discussiëren en insprekers hebben en naar sessies gaan waar deskundigen aan het woord zijn en we er met elkaar zo heftig over discussiëren, lijkt het me bijna ondoenlijk om de inwoner inhoudelijk te gaan vragen of een windturbine of een zonneveld nu een goed idee is, behalve dan, vind je een windturbine mooi of vind je het niet mooi of vind je een zonneveld mooi of niet mooi. Dat vinden we, volgens mij, geen van allen mooi, daar zijn we het ook wel over eens.
Wat ga je dan met die terugkoppeling doen? Is dat dan bindend of is dat dan raadgevend of gaan we dat meewegen in onze beslissingen? Ik hoop dat wij gewoon tijdens ons werk als raads- en commissieleden al dagelijks de inwoner een beetje aan de tand voelen over wat zij vinden van allerlei onderwerpen en ook dit en dat wij die input meenemen in deze zaal. Dus de wethouder geeft aan dat hij best een volksraadpleging wil doen, maar ik vraag me af wat het toevoegt, want dan zal je daar ook heel goede afspraken over moeten maken, wat is dan die uitslag waard en gaan we dan de inwoner ook volgen in het advies wat zij geven? Dan is het ook nog de optie van kleine windmolens door de Partij van de Arbeid geopperd. Nou, daar heeft u ook antwoord op gegeven. Het lijkt ons ook niet zo’n heel goed idee als je dan aan windmolens gaat beginnen dan kan je net zo goed heel grote neerzetten, maar dat is, volgens mij, juist wat de meerderheid niet wil. Voor de rest wil ik de heer Schade nog even complimenteren op de tekstuele wijzigingen die hij heeft voorgesteld. Ik denk dat dat wel van toegevoegde waarde is, evenals de suggesties van mevrouw Barrie waar u ook antwoord op heeft gegeven. Dus dank u wel. De voorzitter: Goed, dank u wel. CDA, de heer Van Schaik. De heer Van Schaik: Dank u, voorzitter.
Allereerst reageer ik heel even op hetgeen wat uit de eerste termijn en net ook aanvullend door de fractie van D66 gedaan is in de tweede termijn. Allereerst richting onze coalitiepartner, raadpleging zou moeten duiden wat de wens is en waar en daar moet natuurlijk allereerst een goede informatievoorziening komen, niet zomaar uit de lucht gegrepen. Ik hoorde het ook al de wethouder noemen, dat dat goed voorbereid moet worden en dat het ook breed dan meegenomen moet worden, zowel energie als warmte en dan welke keuzes er zijn te maken en welk gebied dan waarvoor wel of niet geschikt is om welke reden dan ook, zodat de Eemnessers een overwogen keuze kunnen en misschien moet het een advies zijn en misschien is het wel, zeg maar, ook dwingend, dat moeten we ook met elkaar vooraf besluiten, wat we met de informatie gaan doen die we ophalen. De windbrief, die was er nog niet toen wij ons verkiezingsprogramma schreven en ook niet bij het schrijven van ons coalitieprogramma met DorpsBelang. Ons verkiezingsprogramma gaf wel aan dat wij niet tegen wind zijn, maar dat wij daarvoor allereerst een burgerraadpleging willen hebben. Dus dat wil ik wel even meegeven aan de VVD die hier fel op reageerde, maar het staat er wel degelijk in. De VVD heeft ook in een vorige periode, overigens van harte, de motie tegen windmolens ondersteunt.
CDA was daar wat terughoudender in omdat je natuurlijk helemaal niet weet wat de toekomst gaat brengen en wat nu wel of niet nodig is. Daarom ben ik nu echter wel benieuwd wat de VVD ambieert. Nu tegen wind, maar net in een vorige periode wel voor wind gestemd met een motie die toen voorlag. De bewoners in het gebied, en dan doel ik even op een uitspraak die ik net hoorde. Iemand van u reageerde op hetgeen wat de heer Eek vertelde, wat hij had gehoord over een gebied, dat was nabij Dalfsen.
Een heel mooie opzet, volledige burgerparticipatie, ik was in de zaal aanwezig, net zoals de heer Defferding en dat was echt een heel mooi programma wat hij vertelde. Echter, degene die deze presentatie gaf, besloot met de uitspraak dat hij de burgers na realisatie en na een jaar operationeel zijn, of ze content waren nu hoe het allemaal gegaan was. En als ze nu de keuze zouden hebben om de windmolens weer weg te halen, wat ze dan wilden. Toen was de uitspraak van de burgers: weg met die molens, ondanks dat ze de gemeenschap heel wat geld opleverden en dat we er heel mooie dingen mee kunnen doen. Dus dank aan de wethouder, met betrekking tot de reactie net rondom de burgerraadpleging en het ook goed en gedegen willen voorbereiden, want ik denk, mede vanuit het feit dat we in Amersfoort hoorden dat gemeentes die hele raadpleging heeft gedaan en de hele participatie bij de burgers heeft neergelegd, dat de burger toch duidelijk moet zijn in zijn keuzes en dat wij dat niet zomaar zelf kunnen besluiten, maar ook moeten realiseren wat het dan wel of niet betekent als er windmolens of een zonneveld komt.
Ondanks dat ze dan in dat voorbeeld bij Dalfsen geheel mochten mee participeren, twee molens, drie molens en waar dan wel en waar dan niet en hoe hoog en kunnen we niet het nog hoger doen, want dan levert het de gemeenschap meer op en als je een derde doet, is die helemaal voor de gemeenschap. Ja, ze hadden toch spijtoptant, bleek achteraf, met de keuzes die ze hadden gemaakt. Dus we moeten het misschien wel als raadpleging zien, en niet als dwingend besluit. De voorzitter: Een interruptie, de heer Defferding. De heer Defferding: Dank u wel, voorzitter. Als u aanhaalt wat die mijnheer uit Nieuwleusen vertelde, die gaf ook heel duidelijk aan van, de gemeenteraad die bepaalt dat de windmolens er komen en de inwoners die mogen participeren in hoe dat project er dan uit gaat zien en hoeveel en waar en hoe hoog en wat er met de opbrengst gedaan wordt. Dus het zijn wel twee heel belangrijke dingen en dat was volgens mij ook het advies wat hij meegeeft, gemeenteraad bepaalt en de burger, de inwoner, die participeert in hoe het er dan verder uit komt te zien.
De heer Van Schaik: Dat kunnen we dus ook weergeven van hier is wat mogelijk met zon, hier is wat mogelijk met wind en dan moeten we hier en daar aan denken en dan hebben we dit en dit als voorwaardes en dan mag de burger bepalen, bij wijze van spreken, met de keuze daartoe, maar de gemeente heeft bepaald wat waar wel kan en niet kan. Ik bedoel, de raad dan, he? Dus ik snap u helemaal en ik volg u ook helemaal daarin dat wij daar goed duidelijk in moeten zijn. Tot zover, dank u wel. Wij blijven ons coalitieprogramma gewoon steunen, ondanks dat wij een eigen mening hebben, dat wil ik wel even duidelijk maken. De voorzitter: Goed. DorpsBelang, mevrouw Riemens. Mevrouw Riemens: Dank u wel, voorzitter. Ik ga eerst even op de brief in waarom wij hem wel goed vinden, ondanks dat je dan niet zegt van, doe maar tig windmolens. De brief is heel goed onderbouwd. Het is niet van wij willen niks. Wij willen zorg dragen voor het unieke gebied waar wij hier in zitten en het belang van de inwoners ook meenemen in de nieuwe bouwlocaties. Je gaat geen huis verkopen als daar een windmolen staat op korte afstand. Dus dat ten aanzien van de brief. Mijnheer Schade die had tekstuele wijzigingen. Ja, tekstuele wijzigingen zijn in mijn idee een woordje vervangen door een ander woordje en niet hele stukken weglaten.
Ik laat het aan de wethouder over wat hij daarmee doet, maar stel dat wij hier als vijf partijen allemaal roepen van dit moet weg, dat moet weg, dit moet erbij, dat moet erbij, zoveel mensen, zoveel meningen. Dus dat vind ik een beetje too much. Die onderbouwing van die brief, dat wilde ik ook nog even zeggen, was ik ook heel belangrijk vind is dat er in genoemd wordt dat in een kamerbrief Rob Jetten aangegeven heeft dat alles wat er nu gepland staat qua windmolens in Nederland op land voldoende is. Er hoeft geen windmolen meer op land bij, alleen op zee. Mevrouw Marjan Minnesma die het kabinet, de regering, voor de rechter gehaald heeft omdat we de doelen niet halen, die zegt bij Tegenlicht, er zijn geen
windmolens op land meer nodig, er zijn er voldoende gepland en dat is het. Dus dat vind ik ook een goed argument om, zeker in ons gebied, geen windmolens te hebben. Daarnaast herinner ik mij toch dat wij in de tijd van de heer Rood, die een motie bracht, geen windmolens, dat die unaniem aangenomen is. Dus dat er nu ineens van alles is, oké. Wat onze coalitiepartner betreft, een raadpleging van de bevolking, ja, we hebben nu moeten we op deze brief antwoorden over windmolens. Dus om nu te gaan zeggen, we gaan de inwoners vragen wat ze vinden van windmolens, ja, dat is too late. Ik denk dat het, de wethouder gaf dat ook al aan, ik denk in verdere ontwikkelingen, zeker met betrekking tot de warmtevisie, dat het zeker goed is om de bevolking te raadplegen en blij dat de wethouder aangeeft dat dat zorgvuldig en met alle ter zake doende informatie moet en daarmee ben ik het ook eens met D66, met de heer Defferding, wat doe je vervolgens? En als je de bevolking raadpleegt, moet je aan verwachtingsmanagement doen, dat ze niet denken van, alles wat ik nu zeg, dat gaat ook daadwerkelijk gebeuren. Ik ben blij dat de wethouder aangeeft dat hij enkele dingen van mevrouw Barrie wil overnemen en ik laat het verder aan hem over om die brief te vervolmaken. Ik dank u wel. De voorzitter: Goed, dank u wel. PvdA, de heer Van den Brink.
De heer Van den Brink: Ja, ik heb nog een vraagje voor de wethouder, dat is namelijk dat de volgende, heeft u de gedeputeerde ook medegedeeld dat die zonnevelden ook niet doorgaan in 2024, als blijkt dat geothermie kansrijk is? Want zo is het door de coalitie afgesproken. Dus dan ben ik even nieuwsgierig naar het antwoord op die vraag. Verder heeft u het over een robuust aanbod. Ik vind het wel een robuuste brief, want er staat in gewoon nee, maar uw voorstel om vijf hectare zonneveld aan te leggen, is geen robuuste bijdrage aan de energietransitie. U zegt van, een aantal windmolens, kleinere windmolens, daarvan zegt u, dat is niet robuust, maar die brengen meer dan drie keer zoveel energie op, op jaarbasis, als dat zonneveldje van u. Dan nog als laatste, u heeft het over procedures, MER, provinciale inpassingsplannen, weet ik veel wat allemaal en u brengt het een beetje als een soort geruststelling dat het nog heel lang gaat duren. Dat vind ik wel heel jammer, want de urgentie is zo groot en die wordt eigenlijk ontkend. Dat is voor ons ook reden om binnenkort met een eigen voorstel te komen. Dank u wel. De voorzitter: Goed. VVD, de heer Schade. De heer Schade: Dank u wel, voorzitter. Ja, mevrouw Riemens.
Ik heb de tekstuele wijzigingen niet gedaan om hier slim te zijn of om zout op slakken te leggen of om punaises te poetsen, maar omdat ik denk dat dat die brief wel beter maakt. De wethouder moet er vooral mee doen wat hij wil, maar het was absoluut niet mijn bedoeling om wie dan ook te irriteren. De voorzitter: Mevrouw Riemens heel kort ter interruptie. Mevrouw Riemens: U irriteert mij niet, maar alleen een tekstuele wijziging, dan verwacht ik een woordje weglaten of een woordje verkeerd geschreven of een punt een komma en niet hele alinea’s. Dus dat is, en ik gaf alleen maar aan, als we het allemaal doen, wordt het een beetje ingewikkeld voor de wethouder. De heer Schade: Nou, ik heb tot mijn vreugde gezien dat wethouder doctorandus is. Ik denk dat hij het wel aankan, hoor, als er een alineaatje voorgesteld wordt geschrapt te worden. Mijnheer Van Schaik, de VVD heeft nimmer er een geheim van gemaakt geen windmolens te willen en dat is een standpunt wat wij bij voortduring hebben verkondigd, dus ik snap niet waar u refereert aan een voorgaande periode waarin wij een motie over windmolens hebben ingediend. Dus dat weet ik niet. Ons standpunt is zonneklaar. Wij willen het ook niet. Dat is zonneklaar en dat zullen wij nimmer in de wind slaan, dat standpunt van ons. Ik meld daarbij,
mevrouw Riemens, dat ik van harte uw emotionele woorden over de schone polder en dat we de vogeltjes moeten beschermen en dat we daar geen windmolens in willen hebben, dat dat woorden ons uit het hart gegrepen zijn. Aan de andere kant zeggen wij ook: wethouder, u moet ook praten met de provincie en die stellen heel andere vragen en heel andere eisen en daar willen wij ook positief in meedenken, maar nee, wij willen geen windmolens. Dat was het, voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Goed, dank u wel. Ik zag de heer Van Schaik. De heer Van Schaik: Ik hoor nu uw reactie en misschien ben ik inderdaad niet helemaal duidelijk geweest en heb ik het verkeerde woord gebruikt dat ik tegen en voor even omgekeerd had in het geheel, maar ik wil erop duiden dat u in een voorgaande periode tegen windmolens gestemd heeft, maar dat wij toen als enige fractie ons onthouden hebben om daarin mee te gaan bij die motie die toen voorlag en dat ik me nu wel afvroeg van goh, wat is de situatie nu bij de VVD? Dat is het enige wat ik wilde duiden, meer niet. De voorzitter: Dat zoeken we nog gewoon op … Ik zeg niks, dat lijkt me heel verstandig, of niet, mijnheer Van den Brink. Ik geef nog een moment aan de wethouder ter afronding, lijkt mij, van dit stuk. De heer Ten Have: Ja, dank u wel, voorzitter.
Ik heb eigenlijk alleen bij de Partij van de Arbeid twee vragen gehoord en naar de VVD zou ik willen zeggen dat u tekstuele voorstellen, net als dat ik van de insprekers een aantal dingen zou overnemen, dat ik ook naar uw tekstuele wijzigingen zal kijken waar ze het beste kunnen landen al dan niet in de brief. Dus dank voor uw suggesties. Partij van de Arbeid, ja, natuurlijk heb ik tegen de gedeputeerde gezegd wat de situatie in Eemnes is en dat is dat wij een aansluiting hebben en nog een tweede aansluiting ter grootte van vijf megawatt en dat dat eigenlijk heel erg goed mee zou kunnen in het oerproject zoals ik dat heb aangegeven. Of je probeert iets volledig nieuw van de kant te duwen en te trekken, of je zegt: we kunnen ook zeggen, dit tweede veld, maar goed, ik heb het liever over een aansluiting die we hebben, zoals u weet, ter grootte van vijf megawatt kan worden meegenomen in de verkenning, voorverkenning van het oerproject en wellicht sluit dat op elkaar aan. Dus dat heb ik de gedeputeerde meegegeven. De heer Van den Brink: ‘…’. De voorzitter: De microfoon kraakt heel erg. Als de wethouder hem even wil uitzetten. De microfoon kraakt heel erg, dus als u nog een keer de vraag kort en krachtig kan herhalen, lijkt me dat … De heer Van den Brink: ‘…’. Die van D66 doet het altijd.
In de brief staat niet wat in het college programma staat, namelijk, als geothermie kansrijk blijkt, dan komt er geen tweede zonneveld. Dat staat niet in de brief, heeft u dat de gedeputeerde medegedeeld? De heer Ten Have: Nou, dan herhaal ik nogmaals wat ik u net ook al zei, ik heb de gedeputeerde medegedeeld dat wij een aansluiting hebben voor vijf megawatt, dat zou voor een tweede zonneveld kunnen worden gebruikt. De heer Van den Brink: Gewoon ja of nee. De voorzitter: Mijnheer Van den Brink, graag via de voorzitter. De wethouder was nog bezig in zijn beantwoording.
De heer Ten Have: Ja, en die komt terug bij het zelfde antwoord als hij daarnet ook gaf, dat is dat het … Kijk, al heb je een tweede Zonneveld, maar daar heb je een aansluiting voor nodig. Als je die nu aanvraagt, dan krijg je die niet. Wij hebben die wel, dat is een heel belangrijke asset waarvan ik heb gezegd naar de gedeputeerde, dat is ook iets wat in ons robuuste bod thuishoort en daar hoort het thuis, daardoor heb ik aangegeven het oer onderzoek wat u kunt starten of wat gestart wordt door Rijkswaterstaat maar in zijn totaliteit wordt meegenomen, hoort ook die tweede aansluiting of die aansluiting bij voor het totaal van vijf megawatt. Ik denk dat dat hartstikke duidelijk is en daarmee past dat in het robuuste bod. De voorzitter: De heer Van den Brink. De heer Van den Brink: Mijnheer de voorzitter, dit is heel duidelijk, maar geen antwoord op de vraag. Dank u wel. De voorzitter: Goed. Gaat u verder. De heer Ten Have: Daarnaast dat u een vraag over grote turbines. Ja, daar heb ik al antwoord op gegeven. Sorry? De heer Van den Brink: Daar heb ik een opmerking over gemaakt, geen vraag over gesteld. De heer Ten Have: Ik heb hem als vraag gehoord, maar prima, als u dat zo op deze manier nog aangeeft dan was het eerste antwoord, eerste termijn dan duidelijk. Ja, en dan zegt u: ja, de urgentie is zo groot.