CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Commissie Ruimte 08.04.2024

Commissie WenR 8 april 2024, gemeente eemnesBij agendapunt: Opening27.479 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Daar staat als besluit nummer 3 dat opvolging van het handelingsperspectief buitengebied moeten wij borgen. Dan vraag ik wethouder: wat wordt bedoeld met het woord borgen? Dat in het licht van de eerdere mededeling dat dit niet meer is dan een tussenstap, een paraplu, een buffet aan mogelijkheden wat in een hele serie wel concrete zaken moet worden vastgelegd, inclusief het peilbesluit van het waterschap, wat dat ook mogen zijn. Maar dat is geen vraag, dat interesseert me niet. Wat bedoelt u met de borging waartoe wij besluiten? Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Partij van de Arbeid, de heer Lutterman. De heer Lutterman: Er zijn eigenlijk maar weinig dingen waar we niet enthousiast over zijn. We zijn eigenlijk heel enthousiast over dit handelingsperspectief. Zeker omdat het water is belangrijk, de natuur is belangrijk, het landschap is als belangrijk gezien. Natuurlijk is de Partij van de Arbeid, ook omdat wij verbonden zijn met een zusterpartij, daar heel enthousiast over. Daarom heb ik ook eigenlijk wel een… Bij de besluiten staat er: het handelingsperspectief buitengebied regio vast te stellen als een regionale leidraad voor de transitie naar een toekomstbestendig en vitaal buitengebied. Daar zijn wij heel erg voor.

Maar dan staat er eigenlijk als tweede, ga je het dan helemaal nuanceren en terughalen, want dan zeg je: handelingsperspectief buitengebied als vertrekpunt in te brengen voor het gebiedsgericht aanpakken van Utrechts Programma Landelijk Gebied. Dat vind ik jammer. Opvolging van handelingsperspectief buitengebied te borgen, dat vind ik dan wel weer heel goed. En te monitoren en in samenwerking met andere overheden en betrokken stakehouders. Dus ik ben heel erg voor 1 en 3 en ik vind 1 en 2 eigenlijk niet nodig. Ik zou zeggen: schrap dat. De voorzitter: U zei: ik ben heel erg voor 1 en 3 en 1 en 2 is niet nodig, maar u bedoelt... De heer Lutterman: 1 en 3 ben ik voor. 2 is volgens mij onnodig. Schrappen. De voorzitter: Ik snap u, maar u zei 1 en 2. Maakt verder niet uit. De heer Defferding van D66. De heer Defferding: Dank u wel voorzitter. Kijkend naar het raadsbesluit kunnen we hier kort of lang over vergaderen. Als D66 hebben wij niet de illusie dat wij grote wijzigingen gaan doorvoeren in het HPB. Er is immers al input door ons geleverd en een groot aantal belanghebbenden is betrokken. Er wordt ons ook helemaal niet om een zienswijze of iets dergelijks gevraagd. Wij kunnen ons eigenlijk wel prima vinden in het

handelingsperspectief dat nu voorligt. We gaan ervan uit dat dit perspectief voldoende houvast biedt om ons toekomstig beleid op het gebied van duurzaamheid, milieu, ruimtelijke ontwikkeling van dienst te zijn. Dan is er ook nog een amendement aan ons doorgemaild. Daar zien we eigenlijk niet zo heel veel meerwaarde in, want het is een perspectief en allerlei wetgeving en verordeningen en zo wat daar nog uit volgt, daar gaan we zelf dan weer over in Eemnes. Dus dat voegt niet zo heel veel toe om daar nu iets van te gaan vinden. Dus wij kunnen ons prima vinden in het besluit dat voorligt. Dank u wel. De voorzitter: Dan als laatste nog ik denk de heer Seldenrijk, gok ik. Ja, helemaal goed gegokt. De heer Seldenrijk: Dank u wel voorzitter. Ik begrijp wel dat we gaan over Europees beleid, wat dat betreft, daar gaan we van uit. Dank voor het stuk in ieder geval. Onze aandachtspunten vanuit de vorige behandeling zijn meegenomen, zoals het verhogen van het waterpeil wat eruit is gehaald. Daar zijn we natuurlijk blij mee. Maar het tegenoverstelde is: nu staat er weer niets concreets over in. Wat is nu de insteek? Lees stampen tot het punt van het college of de regio. Maar eigenlijk is het ook een beetje het grote gemis in het hele handelingsperspectief. De dilemma’s staan beschreven, zoals de vele claims die boven het gebied hangen. Maar daar stopt het ook gelijk.

Geen duidelijke keuzes. Eigenlijk staat er: waar de provincie geld voor reserveert, gaat door en de rest heeft het nakijken of staat op het tweede plan. En juist op dit punt had ik graag een prioritering per deelgebied gezien, naast het mogelijke grondgebruik. Om een voorbeeld te geven. Tijdens de sessies kwam duidelijk naar voren dat agrarisch natuurbeheer een goede invulling kan geven aan de lichtgroene ambities, mits deze meer wordt dan alleen een onkostenvergoeding. Ook om meervoudig grondgebruik meer gestalte te geven. Helaas, een duidelijke ambitie op dit punt is niet opgenomen in het handelingsperspectief. Ik zie wel dat de provincie heel dankbaar is met dit perspectief. Zij mogen bepalen waar wat gebeurt en wanneer. Maar was het nu net waarom de regio dit wilde opstellen om zelf meer de regie te voeren hoe het buitengebied er straks uitziet? Kan de wethouder aangeven wat de meerwaarde is van dit handelingsperspectief? Volgende vraag: wat is nu de opgave voor Eemnes volgens dit handelingsperspectief? Welke projecten lopen er vanuit de provincie of gaan binnenkort lopen? Zover ik weet, lopen hier geen gebiedsgerichte projecten. Lopen wij dan miljoenen mis door dit perspectief? Overigens heeft de provincie net wel het project gelanceerd om honderd melkveehouders te belonen via de duurzaamheidsmonitor voor duurzaamheidsmaatregelen. Maar nogmaals, dit is provinciebreed.

Dank overigens voor de bijgevoegde memo. Deze schept wat meer duidelijkheid over het proces en de gedachtes van het college. U geeft aan dat de kaders in omgevingsvisie wordt opgenomen. Dat betekent dat allerlei keuzes gemaakt moeten worden. Wordt het ook regionaal opgepakt of doen we dit hier op Eemnesser schaal? Verder geeft hij aan dat er kansen liggen op het gebied van agroforestry, voedselbos, bio-based en al dat soort zaken. Praten we hier over de polder of een ander gebied? Gezien de moeizame opstelling in het dossier eiwitgewassen in de polder. Ook een puntje waarom ecoploeg benoemen als we de regel opnemen om alleen binnen de kleilaag te ploegen? Deze eis bepaalt de instelling en type werktuig en heeft niet zo zeer met het werktuig zelf te maken, gaat meer om hoe goed iemand met zijn spul omgaat. Wat ik bijvoorbeeld mis in de memo is bijvoorbeeld de geste om in het kader van groen groeit mee, we gaan natuurlijk met Zuidpolder Zuid aan de gang, dit inhoud te geven door bijvoorbeeld de groene dienst in de polder te belopen in plaats van weer gebieden groen te maken of lichtgroen, donkergroen of wat voor kleur ook. Zoals u beluistert, voorzitter, zitten wij nog vol met vragen en opmerkingen voordat we onze mening kunnen uitspreken over dit handelingsperspectief. Al moeten wij wel zeggen: wij waarderen de inzet van de wethouder en de betrokken ambtenaren op dit dossier.

Want dat mag ook gezegd worden. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Goed, dank. En dan had ik ze allemaal gehad. Ja, want we zijn bij Dorpsbelang begonnen. Dan geef ik graag het woord aan de wethouder, de heer Ten Have.

De heer Ten Have: Voorzitter, dank u wel. Half elf, hartstikke goed. Mooi om dit te mogen afsluiten. Gezondheid mijnheer Lutterman. Over het algemeen hoor ik positiviteit en vanuit de VVD zelfs leesplezier, langdurig leesplezier. Nou, hartstikke goed. Ik heb hem hier voor mij. Het is een lijvig stuk geworden en daar is ook best lang over gedaan. U weet zelf dat u vorig jaar, ik dacht althans eind vorig jaar, over een 80-procentversie hebt gesproken en dat hier toen de schrijvers waren. Toen was het ook al een lijvig stuk en daarna is nog het een en ander aangepast. Maar dit heeft uiteindelijk, dit is het resultaat geworden. Ik ben het volledig met u eens, ik refereer aan een aantal mensen van u die hebben gezegd: hoe concreet is dit nou? Er is ongelooflijk veel opgehaald uit de hele regio en dat vind ik bijzonder positief dat dat zo participatief en zo via verschillende lagen en lijnen is gelopen. Een aantal van u zijn daar ook bij aanwezig geweest, dus dat is alleen maar hartstikke positief. Namelijk er zijn zo ongelooflijk veel wensen en ideeën over ons prachtige buitengebied, daar is ons gebied gewoon veel te klein voor. Om dat in kaart te brengen en om dat dus met elkaar inzichtelijk krijgen, dat vind ik alleen maar winst. Dat is niet alleen voor ons deel, het Eemlandse, maar dat geldt ook voor de Utrechtse Heuvelrug en geldt ook voor de Gelderse Vallei.

Want die drie gebieden vormen de basis van dit handelingsperspectief. Maar ik ben het ermee eens, Dorpsbelang zei het ook al: het is het begin van een proces. Het is hoog over, maar wat mij betreft, wat ons betreft in ieder geval een heel goed fundament. Een fundament voor de toekomst. Daar staan zaken in over het agrarisch natuurbeheer, er staat het een en ander in over hoe we met water omgaan, recreatie, hoe we allerlei ideeën over randgebieden, kernrandzones kunnen invullen. Kortom: zaken die ons allemaal nu of in ieder geval in de toekomst gaan bezighouden. Dorpsbelang stelde de vraag: is dit nou die landbouwvisie? We hebben gepoogd om, en daar hoor ik een aantal positieve reacties op, om te zeggen: we hebben dit handelingsperspectief, maar wij vonden het toch noodzakelijk om daar die aanvullende memo bovenop te leggen. Die geeft toch iets meer kleuring, die geeft toch iets meer dichterbij voor hier waar we hier voor zitten. Namelijk ons Eemnes, ons buitengebied Eemnes. Wat mij betreft ligt dat inderdaad in die lijn. Ik bedoel, als je een landbouwvisie nog weer verder zou willen optuigen, dan denk ik: je spreekt met dezelfde mensen, je hebt het over dezelfde patronen, je hebt het over dezelfde onderwerpen. Een visie is nooit af, die ontwikkelt zich. Maar daarom hebben wij wel gemeend om bovenop het handelingsperspectief die aanvullende memo.

Ik zou het niet landbouwvisie willen noemen, maar ik denk dat alle onderwerpen daaruit daar ook een plek in zouden krijgen. Dus dat zou mijn antwoord daarbij zijn. U geeft aan: gaat de provincie Utrecht het werk nou weer opnieuw doen? Kijk wij hebben, en dat heb ik wel eens eerder met u gedeeld, toen wij in het handelingsperspectief met elkaar zaten, dat hele traject hebben wij als regiowethouders gezegd van: wij vinden belangrijk dat dat wat wij nu met elkaar zo op deze manier uitlopen en hoeveel energie hier wel niet in gaat zitten, inclusief alle gebiedsateliers en weet ik veel wat we allemaal hebben gedaan. Daar was de provincie ook steeds bij aanwezig en ook bij betrokken. Dat het dus echt de onderlegger voor provinciaal beleid wordt als het gaat om gebiedsprocessen, als het gaat om het openbaar buitengebied. En de provincie heeft vlak voor de finish, zoals u al eens van mij heeft gehoord, een andere afslag genomen. Daarvan kun je zeggen: daar gaan wij niet mee akkoord. Wij hebben uiteindelijk als regio Amersfoort gezegd en dat ook heel stevig naar de provincie teruggeven: dat vinden wij eigenlijk not done, maar wij willen dit proces daardoor niet laten frustreren.

We hebben er met heel veel energie aan getrokken om uiteindelijk de provincie daar wel op vast te leggen van laat dit dan in ieder geval het vertrekpunt zijn, de leidraad zijn, zoals het een aantal keer wordt genoemd, voor toekomstig beleid. Wat is dan toekomstig beleid? Dan hebben het over het UPLG, dan hebben we het over het Utrechts Programma Landelijk Gebied en daar gaat ongelooflijk veel op ons afkomen. Als ik kijk naar de, het zijn allemaal terminologieën die hier voorbijkomen. Dat is de gebiedsgerichte aanpak, dat is het UPLG, dat is landelijk beleid wat via de provincies naar gemeentes toe komt. Dat is echt voor onze toekomst ongelooflijk belangrijk. Hoe weten wij waar dat naartoe gaat? Nou, nog niet. Het handelingsperspectief zit eigenlijk tussen de doelstellingen van het UPLG en de gebiedsagenda in, dus de gebiedsgerichte aanpak over hoe we in de toekomst met het buitengebied omgaan. We hebben eindelijk een gebiedscoördinator toegewezen gekregen,

zeg ik dan maar even oneerbiedig. Mevrouw Esther Uijttewaal. Ik heb haar een aantal keren gesproken om haar ook zo dicht mogelijk bij ons te houden. Ze heeft ook met de ACU bijvoorbeeld al gesprekken gevoerd. Om zichtbaar te zijn, tastbaar te zijn, zodat we met haar in gesprek kunnen. Toevallig dat we haar eind vorige week ambtelijk en ikzelf hebben gesproken om eens even te vragen: waar staan we nu? En elkaar gevraagd dat mocht uw raad daar behoefte aan hebben, of ze binnenkort eens hier zou willen aanschuiven om vanuit de provincies aan te geven waar we nou aan moeten denken als het gaat om de UPLG, als het gaat om de gebiedsgerichte aanpak. Zij is daar van harte toe bereid. Dus als daar verder behoefte aan is, dan zou ik haar zeker willen uitnodigen. Dan denk ik dat het goed is dat we eens met haar van gedachten wisselen. Gaat de provincie dus dat werk opnieuw doen? Nou nee, ik denk het niet. Maar in dat proces had dat wel wat chiquer naar ons als regio, als gemeente kunnen gaan. Er is nu een andere gedeputeerde, werd hier al genoemd, Mirjam Sterk, en die heeft aangegeven in ieder geval dit ook absoluut te willen omarmen. Dus het is niet alleen de gedeputeerde Van Es die ermee bezig was, maar ook gedeputeerde Sterk. Dus daar moeten we ons dan maar vasthouden.

Ergens werd er ook gevraagd bij de VVD, die zei: hoe moet ik dat borgen zien? Meen ik? Ik kijk even naar wat er in het besluit ook weer stond. Opvolging van het Handelingsperspectief buitengebied te borgen en te monitoren in samenwerking met andere overheden en betrokken stakeholders. Het heeft er vooral mee te maken... Wat u hier vaststelt, is dit handelingsperspectief en dat we dat als regio in die zin, dus alle zeven hebben dit voorliggen, alle zeven raden, zodat als u daarmee akkoord gaat, dat we dus als zeven gemeenten, als regio, dit vaststellen en daarmee borgen, dus ook aangeven naar de provincie op een hele heldere, duidelijke manier: dit is voor ons allen de insteek. Dit is voor ons allemaal de leidraad, het vertrekpunt. Door dat op die manier zo ook kenbaar te maken... De brief ligt al klaar, alle raden stemmen hiermee in binnen nu en twee of drie weken, dan moet dat ook heel duidelijk aan de provincie worden meegeven dat het daarmee onze inzet is richting UPLG, richting gebiedsaanpakken, richting de gebiedsprocessen. Daarvan kunt u zeggen: is dat borgen? Nou ja goed. Zo hebben wij gemeend dat op die manier te moeten verwoorden. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Schade. De heer Schade: Dank u wel voorzitter. Zet dat dan in het besluit, wat u nu net zegt. Dit moet de aanpak richting de provincie worden. Dan is het ook maar duidelijk.

En ik denk dat u dan ook meteen de opmerking van mevrouw Riemens meegenomen hebt, haar slotopmerking. Dus die suggestie geef ik mee, dank u wel. De heer Ten Have: Dank u wel voor uw toevoeging. Die suggestie neem ik zeker mee. Dat wil ik u bij dezen aangeven. Een aantal van u heeft het amendement genoemd. Daar kom ik zo dadelijk als laatste op. VVD heb ik beantwoord. Partij van de Arbeid ook positief. Maar in uw inbreng zegt u: hoe moet ik besluit nummer 2 lezen? Dat is een beetje opmerkelijk, maar u heeft het kennelijk anders gelezen. 1 u stelt het vast, dus dat is bij besluit nummer 1 en bij 2 is dat we dus zeggen: als je hiertoe besluit, vaststelt, is het daarmee het vertrekpunt, de leidraad voor de gebiedsgerichte aanpak en de UPLG. Dus eigenlijk precies wat ik net probeerde toe te lichten. Dus u kunt zeggen: ik stel het vast, punt 1, daar kon u zich in vinden, maar dan vind ik ook dat je meteen dan wel bij moet aangeven: daarmee gaan we er heel hard van uit dat het daarmee het vertrekpunt, de leidraad is voor de provinciale plannen of andere relevante programma's. De heer Lutterman: U verwoordde het daarnet stelliger op aanraden van mijnheer Schade. Dat zou ik dan wel willen. Verwoord het dan iets stelliger dan het alleen als vertrekpunt in te brengen. Zeg het dan: dit is ons uitgangspunt. Dit is onze… Niks geen vertrekpunt. Wij moeten het gewoon… Dit gaan we verdedigen.

Ja dat dat moet. Dat moet je in de provincie als je het zo verwoordt, dan ga ik mee.

De heer Ten Have: Ik snap u en ik zou ook al, als ik u was, meegaan bij wat hier staat 2, zou ik u voorstellen. Want wij hebben natuurlijk gezegd: dit verdedigen wij, want dit stuk hebben we natuurlijk bestuurlijk met elkaar omarmd en alle raden hopen dat dat ook gebeurt, simpelweg omdat het dan de kracht heeft van de regio. En dat is daarmee ook de kracht naar de provincie toe. Als je dat als enkele gemeente zou doen, dan zou die kracht daar niet in zitten. Dus vandaar dat ik vind dat die kracht er al in zit. Dat verdedigen wij en vertrekpunt leidraad, what’s in a name, maar dat is toch wel echt wat de basis is hoor. En helemaal terecht hoor. Maar dat zou ik toch willen aandragen. De voorzitter: Ik weet niet waar mevrouw Van der Linde mee begint. De heer Ten Have: U had nog een vraag? De voorzitter: Nee, gaat u verder. De heer Ten Have: Oké. Nou doet me deugd. Ik ben blij dat u dan tweeënhalf uur over andere onderwerpen heeft gesproken, dus dan maak ik toch even deze vraagstelling af. Maar dat zal u vast niet verbazen dat ik u dat teruggeef. D66 geeft ook aan: houvast voor toekomstig beleid. Ja zo is het, zo heb ik het gemeend ook verder nog aan u toe te lichten. CDA: wat de meerwaarde van het handelingsperspectief, hoor ik daarin terug.

Eigenlijk toch waar ik mee begon: het nadrukkelijk hebben van een gecomprimeerd van een pakket, van een perspectief waarin alle partijen openheid hebben gegeven en ook hebben kunnen aangeven hoe zij dit gebied zien. Dat vind ik grote meerwaarde. Ik denk dat we daar voor de komende jaren echt op kunnen terugvallen. Maar ik ben het volledig met u eens: we moeten dat terugzien in een omgevingsvisie, we moeten dat terugzien in een UPLG, we moeten dat terugzien in die hele gebiedsgerichte aanpak, dus daar is echt wel werk aan te doen. Maar dit is wat ons betreft het vertrekpunt. Ik kan het niet vaak genoeg zeggen. Lopen wij miljoenen mis? Ik doe het maar even in mijn eigen woorden: dat idee heb ik niet. Want uiteindelijk gaat hier natuurlijk de hele uitkomst van zijn dat er voor Eemnes in het Eemland, al dan niet samen met Bunschoten of met Baarn, dus eigenlijk bijvoorbeeld met de Eemlandse partners noem ik het maar even, rondom die polder, dat we hier gelijk aan optrekken. Dus volgens mij kunnen we hier alleen maar aan verdienen, zeg ik dan maar even gemakshalve. Dat we mogelijkheden met elkaar zien in plaats van dat we dat alleen doen. Dus nee, ben ik niet mee eens of wij daar miljoenen op mislopen. Zo zie ik dat in ieder geval niet. Kansen op regionaal niveau. Dat is wat ik net aangaf. Dit kunnen we alleen maar op regionaal niveau doen.

Er staat ook het een en ander over de Eem in bijvoorbeeld. Die loopt door de regio dus ook daar zitten kansen in. Dus dat zou ik u echt willen meegeven dat we dat scherp hebben en misschien nog wel meer dan voorheen. U stelt nog een vraag over de ecoploeg. Die staat volgens mij bij de genoemde memo die we vorig jaar hier in uw raad hebben gehad. Die stond daar toen ook al in. En als ik mij ambtelijk heb laten vertellen dan is de ecoploeg er door de expert de heer Van der Geest zo ingezet. Ik kan u daar echt helemaal niets meer over vertellen, want ik weet niet eens hoe het ding er uitziet. Maar daar is toen altijd in die tijd zoals we dat hier toen, u weet dat vast nog, hebben we met elkaar daarover gesproken. En dan zegt u nog: Groen Groeit Mee. Daar is natuurlijk een heel knellend iets ooit uit ontstaan, groeit goed mee, er moet voor elke nieuwe woning nieuwe vierkante meters groen voor aan. Dat was helemaal in het begin, dat is al lang losgelaten, is mijn idee. Er is nu natuurlijk gezegd: je moet ook kunnen kijken of het om het opwaarderen van bestaande natuur gaat of om het groen gaat binnen bebouwde kom wat je verder kunt opwaarderen. Maar daar zit ook heel nadrukkelijk in: het agrarisch natuurbeheer. Dat is heel nadrukkelijk meegenomen.

Staat ook als zodanig als een wijziging bij de Groen Groeit Mee-ontwikkeling aangenomen, dat agrarisch ook op de natuurbeheer kunnen meedoen in dat Groen Groeit Mee-programma. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Lutterman.

De heer Lutterman: Even over die ecoploeg. Dat heb ik toen ingebracht met die Vroege Vogels, weet je het nog? De heer Ten Have: Dat staat mij natuurlijk nog zeer scherp voor de bril op dit tijdstip. Daar kunt u van uitgaan. De heer Lutterman: Daar was een uitzending over van Vroege Vogels, dat heb ik ingebracht en jullie hebben dat blijkbaar meegenomen. Dus dat is uitstekend. De heer Ten Have: Dan ben ik toch blij dat u dat even nog voor de handeling in ieder geval ook noemt. Ik pak dan de laatste, want daar hebben een aantal zich uitgelaten over het amendement. Daar heb ik ook vanmiddag pas kennis van genomen. Heel eerlijk gezegd: daar ben ik toch eigenlijk niet zo heel gelukkig mee. Laten we nou gewoon eerlijk zijn. Leusden is bij alle stappen de afgelopen anderhalf jaar geweest. Die hebben net als u ook een 80-procentversie voorbij gehad en hebben daar op dat moment niets ingebracht. Ook mijn collega-wethouder uit Leusden heeft daar ook niets over ingebracht. Nou ja, doe je dan dit. We hebben als bestuurders gezegd: dit willen wij volwaardig dragen en aan onze raden voorleggen. Daar ga je dan voor. Ik kan me best voorstellen dat er gemeenten zijn, in dit geval is het Leusden, dat ze zouden zeggen: wij hebben daar nog wat op- en aanmerkingen bij. Doe dat dan met bijvoorbeeld een motie.

Dan kun je die als signaal afgeven, neem je de strekking daarvan mee en dan laat je dat bij de reactie. Een amendement met een nadrukkelijke wijziging van de tekst, hoe ziet u dat dan voor zich? We zijn nu met zijn zevenen, dus eenzevende deel trekt daar dan weer een stukje tekst uit. En is er dan weer een ander die zegt: dan trek ik ook mijn stukje tekst uit? Ik zou me zomaar kunnen voorstellen dat we de komende, maar daar moet ook de regio nog contact met elkaar over hebben, dat we dit ook als suggestie teruggeven aan Leusden. Dat je die tekst overeind moet houden, maar dat je best kritische noten mag plegen, mag doen en doe dat dan bijvoorbeeld middels een motie. Als wij de provincie Utrecht verwijten één minuut voor twaalf de finishlijn te verlaten, dan moeten we dat als gemeente ook niet doen, zou ik zeggen. Maar we nemen hier nog verder reactie op, want ik heb hem ook pas einde middag ontvangen. Tot zover. De voorzitter: Ik zie een interruptie, maar dat moet dan wel op dit punt zijn. De heer… De heer : Een heel punt, ik heb hem al uit laten praten. Inhoudelijk zijn er volgens mij, is er geen probleem met amendement. Het is procedureel waar u bezwaar tegen maakt. De voorzitter: Dank voor de aanvulling. Ik denk dat ik toch een tweede rondje gaan maken. Mevrouw Van der Linde.

Ik was begonnen met Dorpsbelang, dus… Mevrouw Van der Linde: Ik denk dat de wethouder mijn vragen en opmerkingen naar tevredenheid beantwoord heeft, dus dank u wel. De voorzitter: Dat denk ik ook. De heer Schade, voor u hetzelfde? De heer Schade: Nee. Mijn eerste opmerking over het leesplezier zou badinerend kunnen klinken. Ik meende het serieus. Het is een goed en belangwekkend document wat goed leesbaar was. En complimenten voor dat toegevoegde memo wat de hele boel samenvatte. Ik vind het alleen maar jammer dat u geen idee hebt wat een ecoploeg is, maar daar zullen we het een volgende keer maar over hebben. Dank u wel. De voorzitter: De heer Lutterman van de Vroege Vogels.

De heer Lutterman: Ik heb verder geen opmerkingen. Verdedig dit. Dat is mijn opmerking richting wethouder. De wethouder en ik zijn het in dit geval heel erg eens, dus dat is hartstikke goed. De voorzitter: Fijn om te horen. Dan de heer Defferding. De heer Defferding: Fijn dat we het zo uitgebreid besproken hebben. Volgens mij is voor iedereen wel helder en dat er gewoon een prima stuk ligt, dus gaan met die banaan. De voorzitter: Dan de heer Seldenrijk of die... Gaat uw gang. De heer Seldenrijk: Of die wat? Ik had nog geen antwoord gehad op de vraag over die agroforestry, die voedselbos en die bio-based of dat nou geldt voor de polder of voor een ander gebied. Voor de rest: ik was het niet eens met uw argumentatie over Groen Groeit Mee, want volgens mij is er gewoon een afspraak gemaakt, ik ben even de getallen helemaal kwijt, dat er zoveel vierkante meter terugkomt voor elke woning die gebouwd wordt, dus regionaal is daar een handtekening onder gezet. Ik heb toen ooit ook die berekening gemaakt. Dat betekent als wij de hele ambitie van de regio even zo projecteren op de polder van Eemnes, dan zou heel de polder van Eemnes een natuurgebied moeten worden. Dus dat is de opgave die hier ligt voor de regio.

En inderdaad de discussie was binnen het hele handelingsperspectief: kunnen we het niet op een andere manier invullen? Maar ondertussen is daar niet echt een antwoord op gekomen van hoe we dat wel gaan doen. Er wordt wel gekeken naar, en zo staat het ook in het stuk, maar ondertussen is daar nog verder geen richting of duiding aan gegeven. Tenminsten, dat is volgens mij de laatste stand van zaken. Die landbouwvisie kwam ook nog even ter sprake. In het verleden hebben we natuurlijk gesproken over: wat hebben we nodig straks voor Eemnes richting de toekomst. Binnenkort komt er een omgevingsvisie. Dat is ook al kort dag, laat ik het zo maar zeggen. Dus op dit moment is niet echt nodig om nou nog apart een landbouwvisie op te stellen. Dat wordt het wel heel veel in korte tijd. Maar natuurlijk wel, een landbouwvisie is wel iets anders dan het handelingsperspectief. Want dan ga je echt praten over de zaken waar wij als gemeente vooraan de lat staan en dat gaat verder dan een handelingsperspectief, wat mij betreft. Daar praat je over gericht vierkante meters en wat je mag telen in de polder, wel of niet, voor een gedeelte buiten de provincie om of regio. Maar het is wel goed om dat in de regio op te pakken, want uiteindelijk elke gemeente, laten we zeggen Baarn en Bunschoten moeten ook een omgevingsvisie opstellen.

Dat die normeringen die we daar pakken wel dezelfde zijn als die van de buren. Anders krijgen we natuurlijk: in Bunschoten mag iets wel en bij ons mag het niet, terwijl het over hetzelfde gebied gaat. De voorzitter: Ik heb de wethouder trouwens wel horen zeggen dat dit de basis, slechts fundament is voor een landbouwvisie. Dus niet... Dat we geen verwarring krijgen. De heer Seldenrijk: Dat klopt, maar ik zie het wel iets anders. Daarom maak ik ook juist een opmerking daarover. Ik zie het wel iets anders dan het handelingsperspectief. Natuurlijk, je kan het als basis gebruiken, maar dit gaat… Landbouwvisie of de omgevingsvisie, gaat wel iets verder dan wat hier nu ligt. En er zijn andere keuzes die je maakt, die hier niet in benoemd zijn. Laat ik het voor nu hier even bij laten. En het amendement, daar hebben we het net over gehad. Inhoudelijk is er voor mij niet zoveel op tegen. Het is inderdaad procedureel, hoe giet je dat in een vat? Ik zie natuurlijk wel dat de opgave rondom Leusden groter is dan hier in Eemnes. Daarom snap ik ook wel de overweging van hen om met een amendement te komen. De voorzitter: Wethouder, tweede termijn dan nu.

De heer Ten Have: Korte toevoeging op dat laatste. Ik had hem ook zo bedoeld. Procedureel, dat vind ik niet helemaal juist, maar dat is de opvatting nu bij dit stuk. We moeten maar even kijken of dat wordt ingediend zo. Maar als dat zo is, dan zou ik zeggen: maak daar een motie van en geef daar uw zwaarwegende opvatting dan bij. Maar goed, dat maar even zo terzijde. U had nog twee vragen, want de anderen heb ik niet meer als vraag gehoord. Dat ging over agroforestry en de uitwerking van dat Groen Groeit Mee. En daar kijk ik even voor naar ambtelijk, want die zou daar denk ik iets meer duiding op kunnen geven en daarbij dan ook nog een inbreng hebben vanavond. De voorzitter: Mevrouw Ham dan. Mevrouw : Het buffet waar onder andere agroforestry en dat soort dingen in staan. De provincie Utrecht organiseert meerdere bijeenkomsten, ook over dit onderwerp, maar ook over dingen als agroforestry et cetera, wat natuurlijk heel moeizaam is in fijn weidegebied. Zeker in weidevogelgebied. Ik heb daar ook met ecologen over gesproken en dat is eigenlijk gewoon niet mogelijk, moet je gewoon eigenlijk niet doen. Dus als het gaat om het poldergebied: nee. Maar daarom is het ook een buffet. Je kunt kijken wat waar wel kan en wat waar niet kan en zo. Dus het is niet gezegd dat dat moet of dat dat kan op elke plek, maar het is een voorbeeld van dingen die je op bepaalde plekken zou kunnen doen.

Dus nee, het kan niet in het weidevogelgebied. Groen Groeit Mee: er staat inderdaad in het handelingsperspectief nog steeds inderdaad van die vierkante meters. Terwijl elke keer als je de provincie erover spreekt en ook de projectmanager van Groen Groeit Mee lijkt het toch zo te zijn dat ze in eerste instantie echt begonnen zijn met die vierkante meters en op een gegeven moment erachter zijn gekomen dat je dat zo keihard niet kan doen. Want dan heb je gewoon ruimtegebrek, wat u ook al zei. En dat er daarom veel meer ingezet wordt op het verbeteren van het groen en ook wel het uitbreiden van het groen, maar niet keihard die vierkante meters, maar een combinatie daarvan. Daarom blijft het ook vaag, omdat het maatwerk moet zijn. De voorzitter: Dank voor de toelichting in dezen. Dan denk ik dat we dit punt zo behandeld hebben. Zeker weten mijnheer Seldenrijk? Prima, oké. Ook dit gaat naar de raad en dan kijk ik even naar of het een bespreekstuk of een hamerstuk gaat worden. Hamer. De heer : Bespreek. De voorzitter: Als er één partij zegt bespreekstuk, dan wordt het een bespreekstuk. Dus dat is dan niet anders. 6.

Mededelingen college De voorzitter: Dan gaan we naar het volgende agendapunt en dat is de mededelingen vanuit het college. Dus dan kijk ik even naar het college of er mededelingen zijn. De heer Reijn. De heer Reijn: Eén korte. Ik had het net al even over de HOV. Ik wou alleen mededelen: alles ligt op planning op het ogenblik. Wij gaan ervan uit, en ik houd daar altijd voorbehoud bij, dat 1 juli de oprit weer open is en 15 juli de bussen gaan rijden. Dat zijn de data waar we nu op aansturen. De voorzitter: Dat is hartstikke mooi dat een keertje iets op koers loopt. De heer : Ik weet niet wat er bij de opening gaat gebeuren en zo, maar het lijkt me wel leuk om een keer met zijn allen met de bus te gaan.

De voorzitter: Nog één keer naar Utrecht, naar Science Park dan maar. daar leerde. Nee, De heer : We nemen een retourtje, dat wel. De heer : Het is in ieder geval een rode bus. De voorzitter: Dat waren de mededelingen vanuit het college? Ja. 7.

Toezeggingenlijst De voorzitter: Dan ga ik naar de toezeggingenlijst en die was heel kort en krachtig want die is al klaar. En er stond één punt op die gereed was, dat was de dranghekken die geplaatst zijn, die heb ik ook gezien. Er wordt even gekeken of die bepaald zijn, dus ik neem aan dat die er… De heer: Nou er stond nu een kruisje achter, maar de intentie was natuurlijk dat er een echt hek weer komt. Dit is een tijdelijke maatregel, dus laat hem er toch maar even op staan tot de echte hekken er zijn. De heer Ten Have: Prima. Het komt natuurlijk uiteindelijk bij de evaluatie over het hondenbeleid terug. Dat heb ik u ook toen gezegd. En als blijkt dat daar een losloopveld is, dan gaan natuurlijk die dranghekken daar weg, want die zijn nu tijdelijk. Maar ze bevallen heel goed, begrijp ik, dus voorlopig nog even daar ergens tot na de zomer.

8.

Rondvraag De voorzitter: Dan kom ik bij het volgende agendapunt, het een na laatste agendapunt en dat is de rondvraag. Ik begin bij de VVD, niet, Partij van de Arbeid, wel. De heer Lutterman: Ik had de wethouder schriftelijk al even op de hoogte gesteld. Bij de aanleg van de HOV is afgesproken dat aan de noordzijde van het perceel van tuincentrum De Bruin de parkeerplaatsen nog niet worden aangelegd en de bomen blijven staan. Tot mijn verrassing zijn die bomen gekapt. Dat is ook met een kapvergunning gebeurd, waarbij als argument was gehanteerd dat de bomen niet meer stabiel zouden zijn. Ik heb geconstateerd dat dat onzin is, want er stond een heel stel hele prima eiken. Dus ik betreur dat die bomen gekapt zijn. Er is wel een herplantplicht. Ook is bij het tuincentrum De Bruin, wordt er nu een inrit aangelegd, een nieuwe inrit voor het tuincentrum De Bruin en de woonbestemming op de bedrijfswoning van het tuincentrum wordt vervangen door een bestemming wonen. Of althans, die aanvraag is ingediend. Nou één plus één plus één bij elkaar optellend kom ik tot de conclusie dat er misschien sprake is van ontwikkelingen bij tuincentrum De Bruin en de vraag aan de wethouder is of hij daar iets over kan zeggen. De voorzitter: Meteen maar voor de beantwoording. De heer Reijn: Dat zijn eigenlijk min of meer losstaande onderwerpen.

De Bruin heeft gevraagd om zijn bedrijfswoning om te zetten in een burgerwoning. En wij hebben gemeend in het kader van de kernrandvisie dat we dan ook een compenserende maatregel moeten vragen, dat doen we bij andere gevallen ook. Ik denk maar eventjes aan de rijksweg 7, we hebben wel meer punten gehad. Dus als compenserende maatregel hebben we vastgelegd dat de ingang voor consumenten aan de Goyergracht afgesloten moet worden. En we wilden eigenlijk ook de in- en uitgang voor vrachtverkeer aan de Goyergracht afsluiten, maar betekent echt een hele herinrichting van de openbare ruimte rond het tuincentrum en dat is een behoorlijke investering en dat vonden we eigenlijk niet proportioneel. Dus hebben we gezegd: we vinden het wel noodzakelijk ook voor

de bewoners van de Goyergracht, want die willen dat al heel lang, dus we hebben gezegd: u mag hem nog gebruiken als uitgang voor de vrachtwagens, maar in 2030 moet die ook dicht zijn. Dus we hebben er wel een termijn aan gesteld. En als je iemand vertelt dat hij een in- en uitgang af moet sluiten, moet je wel iets anders aanbieden. Dus vandaar dat we hebben gezegd: dan leggen we meteen, dat staat los van die eiken, leggen we het meteen daar een in- en uitgang. Dan moet u daar op uw eigen terrein de rest maar aanpassen. Maar dan kunnen consumenten die de hele dag in en uitrijden op de Goyergracht, die kunnen dan gewoon op de kop gaan. Wij dachten de bewoners daar een plezier mee te doen, de bewoners denken daar anders over. Maar dat gebeurt. Zo denk je iets goeds te doen, maar dat wordt anders ontvangen. Ik kan er ook niks aan doen. Gebeurt meer in het leven. Wat de eiken betreft: ook dat betreur ik, dat die gesloopt zijn. Hoe heet het? Gekapt zijn. Ik heb er geen verstand van. De groendeskundigen hier hebben gezegd: je moet deze niet laten staan, want die stonden in een bepaalde omgeving groen. Dat is weggehaald. Nu staan ze solitair, los, veel losser. Dat geeft gevaar voor omvallen, et cetera. Ik neem dat aan. Ik ben geen groendeskundige. We hebben wel met de bewoners van de Goyergracht ook afgesproken dat we al die groenvoorzieningen gewoon wel even aandacht gaan besteden.

Dat die mensen ook niet uitkijken op dat parkeerterrein en dat soort zaken meer. Dat gaat dus weer in overleg met de bewoners van de Goyergracht. Maar ik was daar ook verbaasd over. De voorzitter: Nog andere rondvraag van de PvdA? Nee. D66 iets voor de rondvraag? Niets. CDA? De heer Van Schaik. De heer Van Schaik: We hebben er zelfs twee. Ik zal er een doen en de heer Seldenrijk zal de andere doen. We hebben vorige maand gesproken met De Alliantie over de prestatieafspraken voor de komende periode. Daarbij was verduurzaming van woningen een item wat besproken is. De Alliantie heeft op dit moment twee vrijgekomen woningen in verbouwing aan het Schoolpad. Alle twee de hoeken. Nu is mijn vraag: worden in het kader van de verduurzaming deze woningen ook gelijk voorzien van bijvoorbeeld zonnepanelen? Een stukje laaghangend fruit, nu er geen bewoner is en de vraag niet voorgelegd hoeft te worden en de mensen dus geen nee kunnen zeggen. Wat weet u daarvan? De heer Reijn: Daar weet ik niks van en zal De Alliantie mij echt niet over informeren over individuele woningen die vrijkomen wat ze daar gaan doen. Dus ik weet er niks van en ik vind het ook niet aan de orde dat ik er iets van weet. Want dat is het beleid van De Alliantie. En dat is hun zelfstandige beleid. Wij kunnen er wel op aandringen dat ze dat soort dingen doen, maar of ze doen is aan hen.

Ze gaan me dat echt niet vertellen. Weet ik niks van. De voorzitter: En dan had het CDA nog een tweede rondvraag. De heer Seldenrijk: Dat klopt. Meer een opmerking eigenlijk. De insectenkastjes aan de bomen die zijn natuurlijk een aantal jaren geleden neergehangen samen met die vogelhuisjes, ongeveer dezelfde periode. Nu zie je heel veel insectkastjes naar beneden rollen omdat ze weggerot zijn. Ik weet niet hoe dat precies werkt, maar in ieder geval: komen er nieuwe? Heeft het niet gewerkt? Ik weet het niet. Maar ze rollen wel naar beneden. De heer: Ze hebben goed gewerkt, bij mij weten. Maar er komen nieuwe inderdaad. Want er is een uitvraag voor het timmeren of het in elkaar zetten van een hele nieuwe partij. Daar is wel vol kastjes, insectenkastjes, dat soort dingen. Maar ik zal, u maakt een terecht punt, even vragen hoe het daarmee staat. Want ik had u dat al eens eerder gemeld volgens mij, maar ik heb ze daarna nog niet voorbij zien komen. Maar die neem ik daarin mee.

De voorzitter: Nou heel snel. De heer: Kies voor houtbeton kastjes. De voorzitter: Oké. Nou goed. Dat wordt meegenomen. Dorpsbelang nog iets voor de rondvraag? Nee. Is goed. 9.

Sluiting De voorzitter: Dan hebben we dat gehad en dan kom ik bij het laatste agendapunt inderdaad, dat is de sluiting. Dus dan dank ik u allen voor deze vergadering en dan wens ik u wel thuis en dan sluit ik bij dezen de vergadering.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14083006/2