CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Commissie Ruimte 03.03.2025

Commissie WenR 3 maart 2025, gemeente eemnesBij agendapunt: Opening19.698 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE RUIMTE VAN EEMNES 3 maart 2025

1.

Opening De voorzitter: Dames en heren, het is acht uur, dus ik open bij dezen de vergadering van de commissie Ruimte van 3 maart. Een mooie volle tribune, dus iedereen van harte welkom. Ik heb een bericht van verhindering van de heer Kouwenhoven bij Dorpsbelang en die wordt vervangen door de heer De Zeeuw, en bij de PvdA de heer Lutterman. Nee, dat had ik zelf al gezien, mijnheer Van den Brink. De heer Lutterman wordt vervangen door de heer Overbeeke en daarmee is de commissie compleet. Vanuit het college mevrouw Havinga, de heer Reijn en de heer Ten Have.

2.

Vaststellen agenda De voorzitter: Dan kom ik bij het vaststellen van de agenda. Ik kijk even rond naar de commissie of de agenda kan worden vastgesteld zoals die voorligt. Aan die kant het geval en aan die kant het geval. Dan is bij dezen de agenda vastgesteld.

3.

Vaststellen besluitenlijst d.d. 3 februari 2025 De voorzitter: Dan kom ik bij het vaststellen van de besluitenlijst van de vergadering van 3 februari jongstleden. Er zijn geen op- en aanmerkingen bij de griffier ingediend. Dan kijk ik even naar die kant of dat het geval blijft. Dat blijft zo. En aan die kant ook. Dan is bij dezen de besluitenlijst vastgesteld.

4.

Inventariseren spreekrecht De voorzitter: Dan kom ik naar de inventarisatie van het spreekrecht. Er hebben een aantal mensen zich aangemeld en dan begin ik even met mijn lijstje. Mevrouw Hoogenhout van de Alliantie, is die aanwezig? Ja, die zie ik. De heer of mevrouw Dijker, de heer in dit geval. De heer Perier heb ik gezien, voorzitter van de ijsbaan, die is ook aanwezig. De heer Verzeilberg. Ja, goed. Zijn er dan nog mensen die wel hebben aangevraagd of ze iets in willen spreken, maar die ik nu nog niet heb benoemd? Nee, dat is niet het geval. Dan wil ik nog even apart melden, ook voor de commissieleden, dat er wel vooraf een drietal inspraakreacties op papier zijn gezet, die zijn bij de stukken toegevoegd.

5.

Te bespreken onderwerpen 5.01

RIB projectplan IBOR

De voorzitter: Dan kom ik bij het eerste agendapunt wat wij gaan bespreken en dat is vanuit het presidium de raadsinformatiebrief over project IBOR. We hebben in het presidium afgesproken dat we dat kort en krachtig zouden houden, omdat we een volle tribune verwachten vanwege het locatieonderzoek, dus die komt zo meteen. Er is wel ambtelijke ondersteuning daarvoor, dat is de heer Van Veldhuizen, had ik begrepen. U mag plaatsnemen. En vanuit het presidium is er over dit stuk een financiële vraag gesteld door het CDA, dus ik geef als eerste het woord aan de fractie van het CDA, de heer Seldenrijk. Gaat uw gang. De heer Seldenrijk: Dank u wel, voorzitter. We zullen het wel kort houden, hoor. Met het projectplan wat voorligt, is niets mis mee, maar de inkt van de begroting 2025 is nog niet droog, of het college komt met een

informatiebrief over regulier bestek waarvoor de dekking pas later aan ons wordt voorgelegd. Daarom hebben we ook de volgende vragen. Waarom wordt deze niet gedekt vanuit de aangenomen begroting en is het college het met me eens dat hier de volgordelijkheid binnen het proces volledig aan de kant wordt geschoven? Eerst het geld uitgeven en dan pas geld vragen. Dat waren onze vragen, voorzitter. De voorzitter: Ik ga nog eerst even gauw een rondje of er nog aanvullende vragen zijn vanuit andere fracties. Dorpsbelang, niet het geval. De heer Schade van de VVD. De heer Schade: Dank u wel voorzitter. Wat een vreugde, zo'n volle tribune voor dit belangrijke onderwerp, wat toch deze Raad al een jaar of drie, vier bezighoudt. Ik heb twee vragen aan de wethouder. En ik kan vast het antwoord geven op de vraag van het CDA, maar dat laat ik graag aan de wethouder over. Want de aanbesteding moet nog komen. De eerste vraag is: ik lees dat nu nog in dit huis hard gewerkt wordt aan het bepalen van het areaal, aan het bepalen van datgene wat in opdracht gegeven moet worden. Ik herinner me toch zeer levendig alle discussies die wij gehad hebben en die over niet-onbelangrijke bedragen gingen. Waarbij de vraag was: wat is het areaal? Ik zou denken dat in drie jaar tijd dat toch eens een keertje op papier had moeten kunnen zijn en dat daar nu niet op gewacht hoeft te worden.

Een tweede opmerking en een vraag aan de wethouder: er wordt gesproken over de aanbesteding en dat we eigenlijk op dit moment nog geen duidelijk beeld hebben wat we willen gaan aanbesteden. Hoe gaat dat bestek eruitzien? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik even nog of bij de PvdA een aanvullende vraag is. De heer Overbeeke. Moet u wel de microfoon aanzetten, anders bent u … Dat is het knopje. Gaat uw gang. De heer Overbeeke: Nu doet hij het wel. Dank u wel, voorzitter. Het gaat over een nieuwe aanbesteding voor 1-1-26. Mooi dat die informatienota netjes op tijd is, zodat we ook goed de tijd hebben om daarnaar te kijken. Ik heb daar een paar korte vragen over. Ik zal daar heel kort doorheen gaan. Gaat het alleen over regionale aanbieders? Is daar de voorkeur voor? Ik doe het even puntsgewijs. Wordt Tomin goed meegenomen in de aanbestedingen? Dat vinden we eigenlijk wel heel belangrijk en dan niet alleen als aanvulling voor de gemeentelijke organisatie, maar ook eventueel als aanbieder. Wordt er gekeken of hoveniers ook lid zijn van een branchevereniging en zich houden aan de collectieve arbeidsovereenkomst? Dus als aanvulling op dat duurzaam-verhaal. Verder zouden we het prettig vinden als er ook goed opgelet wordt dat er milieuvriendelijk gereedschap gebruikt wordt en dat dat ook duidelijk in de aanbestedingen meegenomen wordt. Ik had nog één vraag.

Ik zat nog even te kijken. Ogenblikje. De rotondes worden uitgezonderd en dat is ongetwijfeld bekend waarom, maar ik wist het niet, dus dat kunt u misschien nog even toelichten. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: En dan mevrouw Wiering van D66 nog. Mevrouw Wiering: Dank u wel, voorzitter. De actoren in dit project zijn de wethouders van Blaricum, Eemnes en Laren. Dit gaat alleen over Eemnes. Ik vroeg me af waarom dat zo is. En bij duurzaamheid, circulair of niet inzet materiaal, heb ik eigenlijk dezelfde vraag als mijnheer Overbeeke: gaat dat in de aanbesteding meegenomen worden dat er materiaal gebruikt wordt waar mogelijk wat niet zoveel herrie maakt en wat niet zo verschrikkelijk stinkt? Dank u wel. De voorzitter: Wat meer vragen dan we eigenlijk in het presidium hadden afgestemd. Maar goed, ik kan het niet tegenhouden. Dus als u kort en krachtig antwoord kan geven, zou dat fijn zijn. Aan u het woord mijnheer Ten Have.

De heer Ten Have: Zeker, voorzitter. Dank u wel. We gaan gewoon die antwoorden langs. Dan kunnen we dat zo snel mogelijk doen. Primair. Het CDA stelde de vraag: waarom nu, terwijl dat je bij de zomernota straks dat bedrag nog eens een keer voorlegt. Ik ben dat met u eens. We hebben de expertise om dit te begeleiden tot een totaalpakket wat we in de markt zetten om dat aan te besteden. Die expertise hebben we niet in huis. Dus om te zorgen dat we voor de komende jaren dit hufterproof doen, zeg maar even huiselijk, dus dat we dit zo goed als mogelijk in de markt zetten, daar hebben we allerlei expertise voor nodig. Daar is inhuur op gepleegd en daar ziet u ook het projectplan. Ik vind het fijn om te horen dat u zegt dat u zich in dat projectplan goed kan vinden, want daar is ook hard aan gewerkt, wordt ook hard aan gewerkt. Het team zit zelfs hier op de tribune. Maar het is inderdaad waar dat, we hebben eigenlijk vorig jaar en dit jaar zoveel mankracht en energie ingezet om het onderhoud van onze openbare ruimte zo goed mogelijk te doen in deze tussenfase, zoals u bekend is, dat eigenlijk er tussen, vorig jaar bij de begroting, dat er eigenlijk tussen is geschoten dat we eigenlijk een soort pm-post, een stelpost hadden moeten opnemen om ook de voorbereiding ten behoeve van de hele aanbesteding daarin op te nemen.

Dus ik ben het met u eens: daar hadden we dat eigenlijk moeten doen. Is niet gebeurd en vandaar deze constructie. Dus ik hoop met uw goedkeuren dat we daar op deze manier mee verder kunnen. VVD stelt ook nog eens een keer de vraag met betrekking tot het areaal. Eens. We hebben altijd discussies over hoe groot of welke stukken wel, welke stukken niet en dat heb ik ook wel eens eerder met u gedeeld. Om nou helemaal van die discussie af te zijn, proberen we hem nu tot echt achter de komma helemaal in te vullen, zodat het areaal gewoon klopt. Dus datgene wat we in de markt zetten per 1 januari ’26, wat we daarin willen aanbesteden, dat dat areaal ook gewoon klopt. Dat moet helemaal goed zijn. Dus vandaar dat we hem eigenlijk nog een keer langs die meetlat leggen. Wellicht kan de heer Van Veldhuizen daar nog iets van zeggen, als ik daar nog iets in vergeten ben. Dan zegt u: hoe gaat dat bestek eruitzien? Dat zullen meerdere bestekken zijn, omdat we natuurlijk ook al eerder hebben gezegd dat we het totaal van de openbare ruimte opknippen. Dus daar zit een stuk maaien in, daar zit een stuk vegen in, dat zijn allemaal aparte bestekken. Die zetten we in de markt. Dat is eigenlijk waar het hier om draait. De Partij van de Arbeid gaat verder met: zijn er ook regionale aanbieders? Ja, het liefst. Dus die worden ook van harte uitgenodigd om daarop te reageren als de aanbesteding uitstaat.

Maar goed, uiteindelijk moeten die zich wel inschrijven. Dat heb ik niet aan een touwtje. Je mag aannemen dat die het dicht bij huis willen doen, maar nogmaals, ook wel voor de best mogelijke prijs, prijs-kwaliteit. Tomin? Ja, wordt meegenomen. Hoveniers duurzaam, daar kan de heer Van Veldhuizen wellicht wat over zeggen. Ik denk dat dat nog een vraag is die we op een later moment willen beantwoorden, maar ik kan me er wel iets bij voorstellen. Dat geldt ook voor uw vraag over milieuvriendelijk gereedschap. Dan heeft u als laatste vraag gesteld: de rotondes. Dat vind ik een bijzondere, dat u die niet meer weet, want we hebben vorig jaar bij de begroting hier raadsbreed een motie aan zien nemen, die ook zegt dat we de rotondes, zowel de kleine als de grote rotonde, dat we die hiervan zouden uitzonderen en dat we die ook bijvoorbeeld bij lokale hoveniers zouden onderbrengen of die daar iets heel erg moois van zouden willen maken. Dus vandaar dat we hem hier uitzonderen. D66 stelt nog dat alle actoren, Laren, Blaricum en Eemnes worden genoemd. Waarom alleen Eemnes? Nou ja, omdat dit nou typisch iets is wat we in BEL-verband doen. Gewoon simpelweg, omdat dat voordelen biedt en omdat we dit als één vuist naar de markt willen brengen en daar heb je gewoon als BEL het meeste voordeel bij.

Dus dat is de reden, alleen we spreken hier natuurlijk nu over het Eemnesser deel, want u stelt aan mij de vraag. Daarnaast heeft u het nog over duurzaam inzetten van gereedschap en materieel en daar kan wellicht de heer Van Veldhuizen nog iets over zeggen. Tot zover. De voorzitter: Dan geef ik het woord aan de heer Van Veldhuizen. Er zijn een paar vragen die bij u op een bordje liggen.

De heer Van Veldhuizen: Laten we beginnen met duurzaamheid. Dat wordt zeker opgenomen in het bestek. Bijvoorbeeld elektrisch handgereedschap wordt sowieso als eis gesteld. Daarnaast gaan we in deel drie een eis stellen aan de inschrijvers dat ze deelnemen aan de CO₂-prestatieladder. De trede daarvan moeten we nog bepalen. Dat kan heel ver gaan, dat is tot en met elektrische tractie. Alleen, dat drijft de prijs enorm op. Dus ik denk dat we daar ergens een modus in zien te vinden. Maar er wordt zeker aandacht besteed, heel veel aandacht besteed aan duurzaamheid. Dan was nog de vraag over de branchevereniging. Ook daar, er moeten natuurlijk gecertificeerde inschrijvers, zijn ook allemaal eisen aan gesteld. Daar wordt niet, in ieder geval niet mee gerommeld, want dan worden ze gelijk, met de inschrijving worden ze gecanceld. Dus dat gaat niet gebeuren. Net wat de heer Ten Have zei: er worden een heel aantal bestekken gemaakt en dat hebben we gedaan om ze eigenlijk zo klein mogelijk te houden om regionale aannemers of hoveniers ook een kans te geven om het werk aan te nemen. Of het dan meervoudig onderhands gaat of toch openbaar, dat is de vraag. Dat hangt af van de begrote inschrijfsom, want we zijn natuurlijk wel gebonden aan de aanbestedingsnormen, ook van de gemeente Eemnes en van Nederland. Ik weet niet of er meer vragen zijn.

De voorzitter: Ik denk dat u netjes alle vragen hebt beantwoord. Dank u wel. Ik kijk even naar het CDA, want die had in primair in het presidium de vraag over de financiën gesteld. Is die afdoende beantwoord? De heer Seldenrijk: Hij is op zich wel beantwoord, maar nog niet voldoende, wat ons betreft. Maar op zich: hij komt natuurlijk bij de zomernota terug. Laat ik maar van ook tevoren maar vast een winstwaarschuwing afgeven: natuurlijk bij de begroting hebben we het budget voor de openbare ruimte behoorlijk ongemoeid gelaten en die was behoorlijk fors. Wij vinden gewoon dat zo'n regulier bestek, want wat toen al bekend was dat gewoon uit de reguliere begroting gehaald moet worden, en niet nu extra nog geld erbij, dus deze winstwaarschuwing geef ik vast het college mee. Dank u. De voorzitter: Dan wil ik met uw welnemen dit agendapunt afsluiten. Dit komt allemaal nog in Q2 naar u terug en dan zullen de stukken nog bij u op het bordje komen voor verdere besluitvorming. Dan we hebben de IBOR gehad en dan dank ik de heer Van Veldhuizen voor zijn toelichting. 5.02

Locatieonderzoek Woningbouw

De voorzitter: Dan gaan we naar het tweede agendapunt, dat is het locatieonderzoek woningbouw. Daar zijn een aantal insprekers en ik zal even kort schetsen wat de procedure is. Een voor een krijgen de insprekers de mogelijkheid uiteraard om in te spreken. Als de inspreker geweest is, ga ik altijd even een rondje bij de commissie langs of er nog aanvullende vragen zijn. Als alle insprekers geweest zijn, dan gaat de commissie daarover in debat en ook vragen stellen aan het college na beantwoording. Dat zullen vaak twee of drie termijnen zijn. Is het, nou, het laatste woord is een beetje overdreven, maar krijgt de inspreker nog een mogelijkheid voor een minuut om nog één keer te zeggen, een pleidooi of een lofzang of iets negatiefs, wat u wil. Dus dat is een beetje de procedure. Of dat is de procedure. En dan wou ik graag als eerste uitnodigen mevrouw Hoogenhout van de Alliantie. Als u gaat zitten op dezelfde stoel waar de ambtenaar net zat, dan staat er een microfoon en die staat al aan voor u. Mijn verzoek is net zoals ik dicht bij dat dingetje. Dan bent u zowel goed voor eenieder hier als goed voor de geluidsopname te verstaan. Gaat uw gang, mevrouw. Mevrouw Hoogenhout: Dank u wel. Dat u mij in de gelegenheid heeft gesteld. Voor het geval dat niet … Om iets in te spreken. Ik zal het kort houden overigens, dat is ook de bedoeling.

Voor het geval mensen dat niet weten: ik vertegenwoordig hier de Alliantie regio Amersfoort, onder andere actief in Eemnes. Toen ik de stukken las voor dit agendaonderwerp, dacht ik: als ik nou een gemiddelde, of de woningzoekende, een woningzoekende in Eemnes was die hier graag zou willen blijven wonen, of weer terug zou willen komen,

omdat hij of zij destijds noodgedwongen is uitgeweken naar een huis naar een andere gemeente waar je wel een woning kunt vinden. Toen dacht ik: wat een mooie kansen worden geboden hier door het locatieonderzoek, voor verschillende doelgroepen. Door eventueel mogelijkheden te creëren buiten het centrum, bijvoorbeeld de Noordpolder, maar ook door kansen te benutten in het centrum, ideaal, bijvoorbeeld voor ouderen. We zien hier dat hier kansen worden geschetst voor verschillende doelgroepen waar we heel veel woningzoekenden blij mee zouden kunnen maken. Waar ik vooral een lofzang over wil uitbrengen is dat hier ook gedurfd is om buiten de bestaande kaders te denken. Bijvoorbeeld door het verplaatsen van voorzieningen, een herontwikkeling van de Noordpolder. Eigenlijk is dit de kern van wat ik wilde inbrengen. De voorzitter: Dan dank ik u. Dan ga ik even de commissie langs of er aanvullende vragen zijn. Dan begin ik bij het CDA. Niet. Dorpsbelang niet. Ik zie de heer Van den Brink van de PvdA. De heer Van den Brink: U heeft het over herontwikkeling van de Noordpolder. Maar dat is geen herontwikkeling. Maar u heeft het ook over, hoe noemt u het, het verplaatsen van voorzieningen. Wat bedoelt u dan? Mevrouw Hoogenhout: Volgens mij staat dat vermeld in het locatieonderzoek.

De heer Van den Brink: De tennisbaan, bijvoorbeeld? Mevrouw Hoogenhout: Daar doe ik geen uitspraak over, want dat is aan u. De heer Van den Brink: Mag ik u dan op de vrouw af iets vragen? In de woonvisie die onder … Dat is de aanleiding geweest voor dit rapport voor dit onderzoek. En er is gezegd: we moeten vooral bouwen voor senioren voor starters. Betaalbaar bouwen. Daar speelt de Alliantie ook een belangrijke rol in. Zou u dan ook een duidelijke voorkeur hebben voor een locatie en voor een vorm waarin de Alliantie die bouw zou doen? Zou dat dan zijn: leuke huisjes in de polder? Of zou het meer iets in de appartementensfeer in het centrumgebied zijn? Mevrouw Hoogenhout: Wij hebben vooralsnog geen voorkeur, omdat wij juist denken aan de woningzoekenden die op verschillende locaties aan bod kunnen komen. En ja, als u het aan mij vraagt, maar dat is even op persoonlijke titel: in het centrum zou ik denken aan appartementen, in ieder geval gelijkvloers. Buiten het centrum, Noordpolder, kan ik me voorstellen dat we vooral variatie in woningtypen creëren voor verschillende doelgroepen, ook voor starters. De voorzitter: D66 niet? Nee. Dan was het verhaal verder duidelijk. Dan dank ik u voor uw inspraak en dan vraag ik de heer Dijker. Voor u ook het verzoek: dicht bij de microfoon, dat u goed verstaanbaar bent. Gaat uw gang. De heer Dijker: Prima.

Dank dat ik ook even wat mag zeggen. Bij ons gaat het om locatie 21, de groenstrook hier naast het BEL-kantoor. In het beslisvoorstel van de Raad Eemnes staat dat er locaties afvallen, of diverse locaties afvallen, vanwege uiteenlopende overwegingen, dus ook locatie 21. Gelukkig, in ieder geval. Wel kom ik nog even terug op 13 februari, toen de presentatie van de plannen waren. Toen bleek dat tijdens de presentatie bij de commissie Ruimte het niet bekend was dat de locatie 21 een blijvende groenstrook zou zijn. Het is een aanname van mij, hoor, maar blijkbaar omdat het dan niet in de informatiesystemen van de gemeente staat. Terwijl alle bewoners van de Zegge juist wel de overtuiging hebben dat het een blijvende

groenstrook is. Zelf ben ik in 2009 op de Zegge gaan wonen. Toen was eigenlijk net het gemeentehuis gebouwd. Ik ben gaan uitzoeken hoe een en ander dan tot stand is gekomen destijds. Wat nu ook eigenlijk in jullie plannen staat, is dat als er een bouwplan komt, dat dan ook de omwonenden erbij betrokken worden en dat is destijds ook met de Zegge gebeurd. Twee personen hebben toen de rol aangenomen als soort van vertegenwoordigers of woordvoerders vanuit de Zegge. Destijds is vanuit de gemeente ook gezegd: er moet 57 meter zitten tussen het gemeentehuis en de woningen. En vanaf onze kant is er ook inspraak geweest over de kleuren van het gemeentehuis aan onze kant. Er is inspraak geweest over de infrastructuur rond het gemeentehuis, zoals parkeren, het fietspad en daarna ook de straatverlichting. Ook in verband met de parkerende auto's is uiteindelijk besloten om een dijkje te bouwen, zodat niet altijd de lampen in de huizen gingen schijnen. En dat is dan het laatste punt, daar gaat het om: er is toen een compensatiestrook gekomen, waarbij deze compensatiestrook gebruikt zou worden als afwatering van het regenwater van het gemeentehuis. Het zou een blijvende groenstrook zijn.

De burgemeester van destijds, en dat is tevens ook nog steeds de huidige zittende burgemeester, heeft destijds tijdens een van de gesprekken zich ook uit zichzelf uitgesproken dat het een blijvende groenstrook is. Dus bij hem waren de gemaakte afspraken blijkbaar ook bekend, terwijl hij niet een onderdeel was van de communicatie met de Zegge. Nu komt eigenlijk mijn vraag: omdat de commissie Ruimte destijds op 13 februari aangaf niet te weten dat het een blijvende groenstrook is, is dus onze vraag nu ook of de commissie Ruimte, of de gemeente, in ieder geval, deze strook nu wel als zodanig en volgens afspraken wil vastleggen binnen de informatiesysteem. De voorzitter: Dank u wel. Ook voor u ga ik even het rondje langs of er aanvullende vragen zijn. Dorpsbelang. Niet. VVD niet. Niet, niet, niet. Dan zijn er geen vragen en dan zou ik vragen of de wethouder hier kort even kan reageren. Dat lijkt me duidelijk, dan kan daar meteen helderheid over worden gegeven. Gaat uw gang, mevrouw Havinga. Mevrouw Havinga: Zoals inderdaad in de commissie aangegeven, inderdaad, toen u hier daar vragen over stelde, toen zeiden we ook: dat is niet als zodanig bij ons bekend dat dat vastgelegd is. U refereert aan gesprekken dus dat zal ik zeker niet in twijfel trekken. Maar uw vraag: kunnen we dat voor nu vastleggen? Dat lijkt me niet haalbaar, aangezien dit huis waar we nu in zitten ook niet ...

Daar zit een afschrijvingstermijn op en op een gegeven moment worden vaak dit soort gebouwen … Bijvoorbeeld, ik denk aan de scholen die nu in dit locatieonderzoek zitten, waarvan ik voorstel: misschien is het in de jaren 2030 de tijd om dat te herontwikkelen, zou dat ook voor dit gebouw kunnen. Dan betekent het dat je voor een hele omgeving weer iets zou moeten. Dus ik denk dat dat ingewikkeld wordt om dat nu vast te leggen. We stellen hem nu niet voor. Het lijkt me ook geen logische locatie en we hebben ook gehoord van Sweco dat er nog wel wat compenserende maatregelen nodig zijn om daar één rij toe te voegen. Meer zit er niet in op die plek. Dus ik denk dat u daarmee, voor zolang dit huis hier staat, voldoende garantie heeft dat we daar geen woningbouw zullen ontwikkelen. Maar of dat al uw onrust wegneemt, dat denk ik niet, maar ik denk dat ik er niet meer van kan maken. Maar ik kijk nog even naar de tribune. Daar zit ook nog ambtelijke ondersteuning. De heer ambtenaar: In 2006, 2007 en 2008 was ik betrokken bij de bouw van het gemeentehuis en ook bij het vastleggen planologisch van het gemeentehuis. Er zijn afspraken gemaakt over die groenstrook. Ik kan me herinneren dat we hebben gezegd: er moet enige afstand zijn. De gemeente Eemnes wilde toen ook snel een procedure voeren en de afstand is best wel goed en mooi geworden.

Watercompensatie kan ik me niet herinneren, want we hebben hier natuurlijk, hier naast het gemeentehuis al heel veel water aangelegd. Dat was ruim voldoende om het watercompensatie voor het gemeentehuis zelf te voeren. Maar goed, het is wel een buffer, u zei het al: een buffer tussen het gemeentehuis en de woningen. Daarvoor is die toen echt

bedoeld, om daar een ruime marge in te nemen. Als het gemeentehuis ooit weggaat, BEL-kantoor - ik weet niet wanneer dat zal zijn, maar dat zal wel heel erg lang duren - dan moet je het weer apart opnieuw bekijken. De voorzitter: Ik denk dat de vraag wel afdoende beantwoord is en dat de zorgen ook wel, voorlopig, denk ik dat dit gebouw er nog wel eventjes zal staan. Dan ga ik over naar de volgende inspreker en dat is de heer Perier, voorzitter van de ijsbaan, als ik het goed had begrepen. Gaat u zitten. En ook voor u: dicht bij de microfoon, dan bent u goed te verstaan. De heer Perier: Ik ben geboren in Eemnes en ik heb heel wat zien veranderen hier in Eemnes, met name de woningbouw, uiteraard. Het is steeds groter en groter geworden. Ik snap natuurlijk dat er woningen bij moeten komen omdat iedereen graag wil wonen. Maar wat ik nou niet snap, en dat dat brandt me echt op mijn lippen: waarom zijn al die kleine locaties aangewezen hier in Eemnes, terwijl daar een prachtig mooie Zuidpolder ligt en daar een prachtig mooie Noordpolder waar verder in gebouwd kan worden? Ik kan het niet rijmen. Ik zit hier natuurlijk voor de ijsbaan in Eemnes, waar we een hele hoop energie in hebben gestoken. Omwonenden die daar speciaal zijn gaan wonen, omdat er niks meer gebouwd zou gaan worden. Ik kan het niet, ik kan het echt niet vatten.

Ik pleit natuurlijk voor het behoud van de ijsbaan en ik zie het ook niet zitten om dat te verplaatsen. Je hoeft geen hogeschool te hebben om te weten wat dat allemaal wel niet gaat kosten, als dat weer herbouwd moet gaan worden. Ik zou er toch voor pleiten om daar met de vingers vanaf te blijven, terwijl er zoveel ruimte ligt hier in Eemnes die bebouwd kan worden. Grote stukken waar je al die onderzoeken niet of nauwelijks voor hoeft te realiseren. Dat is nu wel gebeurd voor al die stukjes, ook voor particuliere mensen, waar eigenlijk, wat ik eigenlijk ook helemaal niet snap dat dat als locatie wordt onderzocht. Ik zit hier uiteraard voor het behoud van de ijsbaan om een stukje nostalgie van Eemnes te bewaren. Ook een mooie groenbuffer, waar je 's winters van alles ziet langskomen, en natuurlijk ook voor de omwonenden. Alhoewel ik daar zelf niet woon, maar ik had er wel graag willen wonen uiteraard. Dat is eigenlijk mijn pleidooi, omdat … En natuurlijk ook de vraag waar ik mee zit: waarom al die kleine locaties onderzocht zijn en waar dat vandaan komt. Komt dat van de provincie vandaan? Is dat een noodzaak? Zijn de polders te duur om te bouwen in verband met particuliere landeigenaren? Dat zou ik graag eens willen weten. De voorzitter: Op die laatste vraag kom ik zo bij de wethouder, maar ik ga eerst even het rondje af of er nog aanvullende vragen vanuit de commissie zijn.

Kijk ik even naar die kant. Niet het geval en die kant, niet het geval. Dan kijk ik even naar de wethouder, mevrouw Havinga, of u kan zeggen waarvoor de kleine locaties in het locatieonderzoek zijn meegenomen. Mevrouw Havinga: En waarom een locatieonderzoek. Ik heb daar bij de intro van de Rondes ook iets over gezegd. Dat is gewoon een onderdeel van de woonvisie en we hebben afgesproken dat we … Daar hebben we een uitvoeringsplan. Een onderdeel van het uitvoeringsplan is: breng nou eerst locaties in beeld. Dat is tevens ook een opdracht van de provincie op het moment dat je zegt: ik wil buitenstedelijk iets ontwikkelen. U zei net al: Zuidpolder en Noordpolder. We ronden binnenkort het eerste stuk Zuidpolder af. Dan komt Zuidpolder Zuid in beeld. Dat ligt buiten onze contour en daar zijn we de afgelopen jaren heel hard mee bezig geweest, samen met de provincie, om toestemming te krijgen om daar nog een wijk aan vast te plakken. Tegelijkertijd heeft de provincie heel duidelijk gezegd: die wijk moet u gaan afhechten, want verder dan dit gaan we voorlopig niet komen. Dus ook al ligt daar nog een heel stuk wat misschien prachtig zou zijn om vol te bouwen, die toestemming krijgen we niet.

Dan hebben we aan de andere kant de Noordpolder en daarvan stellen we nu voor vanuit het onderzoek: laten we daar een goed plan op loslaten, een masterplan, om niet gefragmenteerd daar stukjes misschien te bouwen of alleen flex, maar laten we daar een goed plan voor maken, zodat je dat hele gebied in beeld hebt en goed na kunt denken over woningbouw, maar ook

voorzieningen die daar eventueel nodig zijn, bijvoorbeeld onderwijs. Op het moment dat je uitbreidt, heb je onderwijslocatie nodig, kinderopvang, eventueel nog een winkeltje. Dus op die manier kijk je daarnaar. Maar om dat voor elkaar te krijgen, zullen we dat hele pad, wat we ook voor Zuidpolder met de provincie hebben gelopen, opnieuw moeten belopen. Dus dat is niet heel eenvoudig te organiseren. Ook al lijkt het van: er ligt grond genoeg en zo moeilijk is het niet, daar gaat echt nog wel een aantal jaar overheen voordat we dat helemaal met de provincie rond hebben. Dan die kleine locaties. Dat is tweeledig. Dat is soms omdat je denkt: een paar kleine locaties bij elkaar kan best een interessant onderzoeksgebied zijn. Dan komen we op het stukje waar de ijsbaan onderdeel van is. Daar liggen meerdere stukken groen bij elkaar. Een prachtige groene buffer, dus daar wil ik ook helemaal niks aan afdoen. Maar het is ook een mogelijkheid om dichtbij voorzieningen ... Dat is ook de reden waarom je kijkt naar andere locaties dan alleen aan de randen van het dorp. Dichtbij voorzieningen is voor sommige doelgroepen, denk aan senioren, prettiger dan helemaal aan de rand. Op die manier komen dan die kleine locaties in beeld. Daarnaast zijn er ook nog locaties in het buitengebied, bijvoorbeeld, een beetje aan de Goyergrachtkant. Dat zijn ook kleine locaties.

Dat zijn locaties waar misschien maar drie woningen op kunnen een klein appartementengebouwtje, zoiets. Dat zijn vaak eigen initiatieven. Dus er zijn ook nog initiatiefnemers die hun stuk grond, met een plannetje. Dan komen ze niet bij mij, want dit is verder niet mijn portefeuille, maar dan komen ze bij mijn collega, bij de heer Reijn, die ruimtelijke ordening heeft en dan komen ze met een plan. Al die locaties hebben we nu eigenlijk in dit onderzoek bij elkaar gebracht. Dus het is zowel uitbreiden als: wat hebben we binnenstedelijk? Daar is dus die strook, waar de ijsbaan van is, is een binnenstedelijk groot ontwikkelgebied. We hebben sportclubs. Dat is best een heel groot stuk vierkante meters. Die moeten ook weer een andere plek. En net als u zegt: de ijsbaan moet misschien ook wel een andere plek. Ja, dat neemt kosten met zich mee en dat moeten we afwegen. Dus het is, denk ik, heel veel wat bij elkaar komt hier in één onderzoek. En we hebben vast ook nog stukjes overgeslagen, want ik heb ook al reacties gezien, dat komt misschien zo nog bij de inspraak: waarom hebt u niet naar het plantsoen gekeken? Of waarom … Dus het is ook niet … Het is niet misschien compleet. In sommige mensen hun ogen hadden er nog wel groene strookjes bij gekund. Ik denk dat we zo een compleet mogelijk beeld hebben neergelegd en met elkaar een afweging maken.

Uw inspraak is duidelijk: u wilt dit stukje gewoon groen houden en het is aan de Raad. De heer Perier: Ja, absoluut. Juist omdat het een mooie groenstrook is. Mevrouw Havinga: Dat deel ik. De heer Perier: Zoals we allemaal weten: we moeten meer het regenwater kwijt kunnen en minder verharding. Dat wordt ook elke keer geschreven met tegeltjes wippen en dergelijke. En dan denk ik: dan hebben we die mooie groenstrookjes die we hebben, die gaan we dan mogelijkerwijs aanwijzen voor bebouwing. Dat zou ik dan echt heel zonde vinden. Mevrouw Havinga: Ik deel dat ik het een mooi stuk groen vind. Aan de andere kant zijn er momenteel 600 jongeren - en dan is een jongere heel breed begrip inmiddels - die bij hun ouders thuis wonen en ingeschreven staan als woningzoekende in Eemnes. Dat is best een hele grote groep. Dan heb ik het niet over 18-jarigen. Die zitten er ook tussen. Maar dan heb ik het ook over 32-, misschien wel 36-jarigen. Dus dat is misschien voor de beeldvorming ook goed om mee te nemen. De heer Perier: Dat snap ik ook heel goed. Bedankt voor de uitleg. De voorzitter: Ik denk dat uw pleidooi helder is en ook uw boodschap. Ik wil nog één, als ik zo vrijblijvend mag zijn, dat een aantal kleinere locaties die mee zijn genomen al in het huidige bestemmingsplan met een

wijzigingsbevoegdheid zitten, onder andere de Boni en de Molenweg, die zitten er al in en dat is ook de reden dat die zijn meegenomen. Dat wou ik even nog toevoegen. Ik dank u voor uw inspraak, heer Perier. Dan kom ik bij de laatste en dat is de heer Verzeilberg. De heer Verzeilberg: Goedenavond. Ik kom namens de bewoners van de Raadhuislaan en het Melkpad. Eigenlijk toen we een berichtgeving zagen voor de voortgang van het locatieonderzoek in de Rotonde sprongen er in onze buurtapp spontaan weer flink wat berichten overheen. Een aantal jaren geleden hebben we toen bezig geweest ook met de groene buffer met de bouw van een dorpscafé. Eigenlijk kwam het er toen op neer dat het een cultureel erfstuk was in Eemnes, de groene buffer, waar ook de ijsbaan was tussen zit. Toen was het eigenlijk van: daar moeten we met zijn allen van afblijven. Daar waren wij het natuurlijk mee eens. Het schetste dus onze verbazing dat dit dus als verder onderzoek werd opgenomen. We wilden door middel van een brief daar te kennen aan geven. De voorzitter: Begrijp ik: die brief heeft u gestuurd? De heer Verzeilberg: Ja. De voorzitter: Zou u anders misschien nog even kort kunnen toelichten wat daarin staat? Want dat is misschien wat makkelijker ook voor het publiek. De heer Verzeilberg: Het eerste stuk heb ik eigenlijk net gezegd. Even kijken, hoor.

Zoals eerder aangegeven, is het eerder gegaan over het bouwen van een dorpscafé, wat een aantasting zou betekenen op het oorspronkelijke karakter en het cultureel erfgoed van Eemnes. Bovendien is de bebouwing van de groene buffer in strijd met het huidige ruimtelijk beleid. Gezien deze feiten verzoeken we eigenlijk u dringend om het voorstel verder … O, sorry. Zal ik het laatste stukje even overnieuw doen. Gezien de feiten verzoeken wij u dringend om het voorstel voor verder onderzoek naar de bebouwing van locatie 5B en eigenlijk ook 6A en 6B te verwerpen, en dat we eigenlijk van mening zijn dat een dergelijk onderzoek onnodig is, omdat het ook ingaat tegen eerdere beleidsuitgangspunten en belangen van omwonenden, uiteraard. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik ook bij u even de commissie langs of er nog aanvullende vragen zijn. Kijk ik naar die kant, niet. Dan was ook bij u de boodschap, denk ik, helder. Dan dank ik u voor uw inspraak. De heer Verzeilberg: Dank u wel. De voorzitter: Dan gaan we nu over naar de behandeling in de commissie en ik was net begonnen bij het CDA, dan begin ik nu bij Dorpsbelang. Wie van Dorpsbelang mag ik het woord geven? Mevrouw Riemens. Mevrouw Riemens: Dank u wel, voorzitter. Allereerst wil ik beginnen met nogmaals te zeggen dat de beide Rondes waarin dit locatieonderzoek aan de orde zijn, zeer goed zijn verlopen. De zaal zat vol, net als nu.

Veel betrokken inwoners die hun vragen met betrekking tot diverse locaties konden inbrengen. Complimenten aan de voorzitter en zowel aan wethouder Havinga zijn ook op zijn plaats. Dit raadsbesluit bevat dertiental locaties die als kansrijk aangewezen worden, in een willekeurige volgorde, voor mogelijke woningbouw te onderzoeken en/of uit te werken. Wij vragen ons serieus af of die garageboxen daarin thuishoren. Ten eerste omdat ze niet leeg zijn, ten tweede omdat je extra woningen creëert waarbij je een parkeerplek voor een auto weghaalt en dus in de openbare ruimte meer parkeerplekken nodig zijn. Daarnaast prioriteiten geven op korte termijn aan een viertal locaties en een tweetal locaties op lange termijn, staat er in het raadsbesluit. Wat is de rol van de gemeente bij de prioriteit van de kleinschalige locaties? Omdat die gronden niet eigendom zijn van

de gemeente. Voor de locaties op lange termijn is het een voorstel om een masterplan op te stellen. De woningbouwlocatie die de wethouder net ook al noemde die het vervolg is op de Zuidpolder, namelijk Zuidpolder Zuid, dat is al besloten en vanzelfsprekend hier niet in meegenomen. Dus pas in 2035 zal er, wat Dorpsbelang betreft, weer aan een groot woningbouwplan begonnen kunnen worden. Dus een masterplan voor een Noordpolder te Veen en oostelijk van de vissenbuurt zouden wij eigenlijk het liefste opgesteld willen zien door een nieuwe raad. Daarnaast kunnen er natuurlijk wel die dertig tot vijftig flexwoningen en tiny houses, die we ten noorden van Eemnes afgesproken hebben, komen als de provincie welwillend is en dan volgens afspraak kunnen doorgaan. Maar wij vrezen wel dat daar toch vanuit de provincie een masterplan moet worden opgesteld. Dan stellen wij voor bij de bestuursopdracht voor dit masterplan een fasering mee te geven, zodat je wel die tiny houses of flexwoningen, wat dan het simpelste is om te ontwikkelen, eerst kan doen. Gezien de noodzakelijke keuze voor de vervanging van de Hobbitstee-Merlin in een tweede fase op de nemen. Wij zijn er naast de diverse inbreilocaties geen voorstander van tegelijkertijd in Zuid en in Noord een hele woonwijk te ontwikkelen. Dus woningbouw is wat ons betreft pas na 2035 aan de orde.

Tegelijkertijd is door het vaststellen van de woonvisie met zorgcomponent de vraag naar seniorenwoningen en zorgwoningen groot. En niet alleen door het vaststellen van de woonvisie, maar door het feit dat we allemaal ouder worden en er steeds meer mensen zijn die gelijkvloers willen wonen, zorg nodig hebben. Er komt een moment dat dat misschien voor ons allemaal wel zal gelden. We hebben als Dorpsbelang altijd zeer gehecht aan de groene bufferzone, zo ook die langs de Stadwijksingel richting de ijsbaan. Enkele inspraakreacties en ook een die hier vanavond gegeven is, wijzen op het feit dat wij als Dorpsbelang veel waarde hechten aan die groene buffer. Dat is ook zo, maar het is ook van belang dat er seniorenwoningen dichtbij voorzieningen komen. Ook ouderen willen graag in Eemnes blijven wonen. Wij kunnen ons dan ook niet vinden als die groene bufferzone een hele woonwijk zou worden. We kunnen ons wel voorstellen dat daar een kleinschalig project met zorgwoningen en seniorenwoningen ontwikkeld zou kunnen worden, want deze locatie is dicht bij de voorzieningen. Fysio, apotheek, huisartsen, winkelcentrum. Dan zou uit het rapport locatie 6A logisch zijn, omdat dat gronden zijn van de gemeente. Dat zou natuurlijk allemaal uitgewerkt moeten worden.

Ik zou me ook kunnen voorstellen dat die locatie ver weg is van de Raadhuislaan, verdere afstand heeft tot het Melkpad, dus dat zou wat ons betreft in ieder geval wel onderzocht kunnen worden. Deze plek zou dan als alternatief zijn voor het verplaatsen van tennis en voetbal, omdat ook uit het rapport bleek dat dat niet realistisch is. Ten eerste: de tennis en voetbal hebben geen wens om te verhuizen en bij de kanttekening in het stuk staat dat het ook niet financieel rendabel te maken is. Voor zo'n masterplan komt er eerst een bestuursopdracht waarin wij als Raad randvoorwaarden meegeven. Nogmaals: voor ons is het dan belangrijk dat geen nieuwe woonwijk in die groene buffer komt, maar een combi van kleinschalige senioren zorgwoningen, sport, recreatie en groen op een deel van dit gebied. Dat was onze bijdrage. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik over naar de VVD, mevrouw Van der Linde. Mevrouw Van der Linde: Dank u wel, voorzitter. Het is door de vorige spreekster ook al even aangegeven. Wat ons voorligt, is een locatieonderzoek. Wij geven alleen nu nog weer welke potentiële locaties wij eventueel verder willen onderzoeken. Dan is er nog geen plan gemaakt, dus het is nog niet duidelijk: wat komt er op die locatie? Het is puur: we kunnen nog een keer naar deze locatie gaan kijken.

Wat dan voor ons belangrijk is voor vandaag, voor de locaties die ons voorgelegd zijn, is: wat hebben wij in de basis? Kunnen wij hier een verder onderzoek mee leven? Of vinden wij het belangrijk om het karakteristieke dorpsgezicht te bewaren? Of zijn er andere facetten, bijvoorbeeld zoals de locatie Beuk. Als we daarnaar kijken, dat is langs de Wakkerendijk, dus dat is ook een heel beeldbepalend gezicht. Een rijtje, een stel rijtjeshuizen is wat ons betreft daar niet gepast. Maar de locatie op zich, dat zou kunnen. Daar kun je best een paar mooie oude boerderijtype-achtige huizen neerzetten bijvoorbeeld. Maar dat is vanavond allemaal nog niet aan de orde.

Dus we kunnen eigenlijk alleen maar zeggen van: ja, Beuk daar kunnen wij op zich mee leven om daar verder onderzoek naar te doen. En we kunnen alleen maar meegeven: maar wat ons betreft geen rijtjeswoningen. Als we daar nou op die manier naar het lijstje gaan kijken, dan zeggen wij: de Noordpolder te Veen daar kunnen we verder onderzoek naar doen. Zelfde voor de Barbeelstraat, het woonwagenkamp. Maar dan komen we toch bij een aantal punten waar we ons niet in kunnen vinden. Dat is de al net genoemde groene long. Wij worden door Dorpsbelang nog wel eens de bouwpartijen genoemd, maar in dit geval gaan we eigenlijk een stapje verder dan Dorpsbelang. Wij willen helemaal niet dat daar gebouwd wordt. Want het gevolg van elke ontwikkeling die wij daar doen … We hebben ook gezien met De Hilt, waar de seniorenwoningen laatst gebouwd zijn: daar zou nog een gangpad blijven tussen de geluidswal en de tuinen en uiteindelijk is dat allemaal een beetje rommelig verlopen en de tuinen waren te klein en het hele pad is eigenlijk een beetje verdwenen. We zijn bang dat dat hier anders ook weer kan gebeuren. Dan wil je op een stuk grond wat op zich al niet zo heel erg groot is, toch weer wat gaan toestaan en de groene bufferzone bewaren. Maar het risico dat er dan toch weer wat meer wordt gebouwd, omdat het anders allemaal niet uitkomt, is aanwezig.

Dus wij willen hier zo ver gaan door te zeggen: daar willen wij gewoon geen ontwikkelingen hebben. Als we dan aankomen … Het Wilgenpad, hetzelfde. Dat is dezelfde groene long waar dat voor geldt. En dan de ijsbaan, het Wilgenpad. Daar vinden wij: woningbouw is een mogelijkheid, maar wij zouden daar veel liever zien dat we de sportmogelijkheden verder ontwikkelen. Ik bedoel: nu hebben we alleen schaatsen, wat eens in de zoveel jaar mogelijk is. Maar als we een skeelerbaan hebben en we doen die onder water spuiten, zouden we waarschijnlijk veel vaker kunnen schaatsen en kunnen we veel meer doen. Maar er is daar natuurlijk veel meer mogelijk dan een skeelerbaan en wij zien dat meer als een ontwikkeling voor dat gebied. Garage Beuk hebben we het al over gehad. De Molenweg kan wat ons betreft. De scholen de Hobbitstee. Ik denk dat de omwonenden daar op zich blij mee zouden zijn, want al het verkeer wat nu naar de scholen gaat door de woonwijken heen is ook niet al te prettig. De garageboxen is ook wel een leuke. Alleen, die boxen zijn natuurlijk al een jaar of vijftig oud, vermoed ik zo. Ik denk niet dat de fundering en de bouw van de garageboxen erop gebouwd is dat daar een woonlaag bovenop kan. Dus het is heel leuk bedacht, maar dan moeten we eerst alles met de grond gelijkmaken en opnieuw gaan bouwen. Locatie Staal.

Ik weet niet of de eigenaar van die locatie iets wil doen, maar daar geldt hetzelfde voor als bij Beuk. Het is een hele beeldbepalende locatie, dus daar vinden wij niet alle woningbouw geschikt voor. Vissenbuurt en de Torenzicht is wat ons betreft ook oké. Dan willen wij verder nog even zeggen dat we blij zijn dat de verplaatsing van de tennis en de voetbal niet als kansrijk wordt gezien. Wat ons betreft was dit sowieso niet im Frage. Wij willen graag de sportboulevard zoals wij die nu hebben bij elkaar houden. Het een trekt het ander aan en het is in het weekend met name een vrolijk gebeuren daar, dus dat zouden wij graag willen bewaren. Dat heeft onze volledige instemming om die niet te gaan verplaatsen. Dan wil ik nog één opmerking maken en dat is het bouwen voor senioren dichtbij de voorzieningen. Ik denk dat in de tijd dat die doelstelling gegeven is, waren de technische mogelijkheden toch ook weer anders dan die nu ondertussen zijn. Ik denk dat ouderen heel goed in staat zijn om zichzelf mobiel te verplaatsen. Er zijn allerlei technische ontwikkelingen, zoals de scootmobiel, rollators en een heleboel andere mogelijkheden en daarnaast is er digitaal natuurlijk ook heel veel mogelijk. Je kunt alle boodschappen thuis laten bezorgen.

Dus ik begrijp dat het voor de sociale cohesie leuk is om dicht in het centrum te wonen, maar ik denk dat meer mensen die wens hebben en dat we dat niet alleen elke mogelijkheid voor de ouderen kunnen gaan bestemmen. Zover ons inbreng. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik over naar, ik gok, de heer Van den Brink van de PvdA. Gaat uw gang. De heer Van den Brink: Hoe wist u dat, voorzitter? We gaan al een tijdje mee, hè? De voorzitter: Precies.

De heer Van den Brink: Even om te beginnen: waar gaat het vanavond om? Het gaat om een raadsbesluit waarin we gaan zeggen dat we een aantal potentiële woningbouwlocaties nader gaan onderzoeken dan wel een masterplan daarvan maken en we scherpen ook aan met het raadsbesluit wanneer we ongeveer denken daar iets te gaan ontwikkelen. Wat we impliciet ook zeggen, is dat er een aantal locaties niet nader onderzocht worden. Is al iets van gezegd, die achter het gemeentehuis doet niet mee, et cetera. Daar gaat het om. Wat is de achtergrond van dit locatieonderzoek, waar we als PvdA overigens niet voor waren? Dat is de woonvisie, die vorig jaar is vastgesteld. Daar staat in dat er betaalbaar gebouwd moet worden met nadruk op seniorenwoningen en starters en ook zorgwoningen, waar de wethouder ook uitdrukkelijk aandacht voor vraagt. We zijn laatst ook wezen kijken in Baarn naar zo'n complex en dat was heel leerzaam. Er staat eigenlijk ook in, en dat is de landelijke trend, dat we snel wat moeten doen. Hoeveel waren het er ook alweer, mevrouw de wethouder, jongeren die nog thuis wonen? Mevrouw Havinga: 600. De heer Van den Brink: 600. Nou, dat is een hele wijk. Daar is dus een rapport opgesteld waarin ook allerlei kleinere particuliere percelen zijn meegenomen.

Maar ja, die percelen zijn meestal heel klein, dus die kunnen eigenlijk ook helemaal geen bijdrage leveren aan de opgave die ik net noemde. En die percelen zijn van particuliere eigenaren - daar ga je als gemeente dus ook niet over. Nou staat er in het voorstel dat we nader onderzoek gaan doen naar dat soort percelen. Weet de eigenaar het al? Ik zou zeggen: niet doen. Wacht maar af of die eigenaar met een initiatief komt en dan kunnen we daar iets van vinden. Dat hebben we in het verleden ook al diverse malen gedaan. Ik zie ook mensen in de zaal zitten die een initiatief hebben gedaan in het verleden en daar hebben we toen iets over gezegd, ook al is die locatie nu niet meer meegenomen in het raadsvoorstel. Dus doe dat niet. Zet ze niet in het raadsvoorstel en wacht het gewoon af. Bovendien, en dat heb ik toen bij de Ronde al gezegd, verbaast het mij ook dat er ook percelen genoemd worden waarvoor de eigenaar helemaal geen initiatief heeft ontplooid. Dus ook voor die percelen geldt: gewoon afwachten, niet nader gaan onderzoeken. Want stel je voor dat er binnenkort iemand bij mij aan de deur staat van: we komen uw locatie onderzoeken. Misschien wilt u wat. Dus niet doen. De voorzitter: Wel een mooie locatie trouwens. De heer Van den Brink: Zeker. Maar daar is al woningbouw. Ik zal niet zeggen dat het sociale woningbouw is, maar goed. De voorzitter: Precies. Gaat u verder.

De heer Van den Brink: Even voor de mensen in de zaal ook: met dit raadsvoorstel is natuurlijk nog niets definitief. Het werd ook al net al gezegd. Maar we geven wel aan waar we woningbouw in principe op termijn acceptabel vinden. Dus wat dat betreft ben ik ook blij met wat mevrouw Riemens zei, dat Dorpsbelang nu afstand neemt van de groene buffer. De VVD doet dat niet. En dat Dorpsbelang helder gezegd heeft dat het stukje van die groene buffer, dat daar gebouwd zou mogen worden. De wethouder heeft laatst bij een Ronde ook gezegd dat de provincie nogal aan die groene buffer hecht, dus ik kan me wel goed vinden in het standpunt van de VVD: gewoon afblijven van de ijsbaan en de groene buffer. Gewoon zo laten. Bovendien zit je daar voor een belangrijk deel van het terrein ook met particuliere eigenaren. Maakt het ook allemaal extra complex om dingen snel te realiseren. Dan plan Noord, dus ten noorden van de Noordbuurt. Dat vinden wij een prima plan. Eerder is al - ik zal eerlijk zijn, mijnheer Defferding - door D66 en de VVD een plan geopperd om daar te gaan bouwen. Dat was een jaar of vijf, zes geleden. Later hebben wij dat opgepakt.

De voorzitter: Graag in de microfoon, want dan is het goed verstaanbaar. De heer Van den Brink: O, sorry. Ik zal ze even herhalen. De complimenten voor de VVD en D66. Dat plan hebben wij later ook opgepakt, een mooi tekeningetje gemaakt. Stond in ons verkiezingsprogramma Eemnes, aan de noordkant af te hechten met een mooi groen wijkje. Dus dat zou prima zijn en ook daar liggen, omdat het eigendom is van de gemeente, kansen om snel wat te gaan doen. Ja, mijnheer de wethouder, de helft is, de eerste strook is eigendom van de gemeente, maar in het locatieonderzoek hebben ze ook de strook van de projectontwikkelaar meegenomen. Waarom zou je? Daar maak je het extra moeilijk mee en de centjes spelen ook een rol. Dus ik zou zeggen: beperken tot de eerste strook, dan ben je niet afhankelijk van de projectontwikkelaar. En waarom zou je wachten tot na 2032 als de basisschool misschien moet verhuizen? Dus wat de fasering betreft, zou ik zeggen: alleen de strook van de gemeente zelf en snel een masterplan opstellen. Want dat is wel een goed idee om het gebied dan in zijn geheel te bezien. Misschien is daar ook wel een plekje voor de tennisbaan. Waar we niet blij mee zijn, is dat de verplaatsing van de tennisbaan niet verder wordt onderzocht. Het belangrijkste argument lijkt te zijn dat verplaatsing te duur is. Dat werd al genoemd.

Die conclusie staat in een rapport wat vertrouwelijk is, waar ik het dus niet over mag hebben. Nou is het wel heel raar als je, zeker voor de burgers ook, maar het college op zijn mooie ogen moet geloven dat het te duur is. Want over dat rapport, dat financiële rapport, is wel het een en ander te zeggen. En misschien ... Dat is een vraag voor het college. Waarom moet het vertrouwelijk zijn? En waarom zijn andere mogelijkheden niet onderzocht? Dus wat mij betreft zou er in het collegevoorstel staan om dat toch nog eens goed te bekijken. Waarom dan? Omdat je met de verplaatsing van de tennisbaan een prachtige plek heb om eindelijk iets te doen voor die starters. En mevrouw Van der Linde, heel veel senioren hebben een traplift, ik weet het allemaal, maar die grote eengezinswoning ... Er zijn er ook een heleboel die graag in een appartement zouden zitten, alles gelijkvloers, en sommigen gaan dan ook wel vier weken in de winter naar de Canarische eilanden, hoeft er niemand op de tuin te passen. Dus er is zeker belangstelling voor. En mevrouw de wethouder had het ook over zorgwoningen. Ook daarvoor zullen we een plekje moeten vinden. Welke plek is dan beter? Zo dicht mogelijk bij de voorzieningen, en de voorzieningen zijn vooral de winkels. Dan nu. Even kijken.

Waar zijn we gebleven? In de woonenquête vorig jaar - en Dorpsbelang heeft altijd participatie hoog in het vaandel - werd één locatie in Eemnes het meeste genoemd voor woningbouw: de tennisbaan, mijnheer De Zeeuw. Dan nu even reagerend op de andere partijen, als dat gelijk even mag. De voorzitter: Dat doen we altijd al in de tweede termijn. De heer Van den Brink: Nu doen we het maar gelijk. Dat is makkelijk. De voorzitter: Nee, mijnheer Van den Brink. De afspraak is dat we dat in de tweede termijn doen. De heer Van den Brink: Zal ik me eens een keer aan de afspraak houden? De voorzitter: Nou, dat zou ik maar doen als ik u was. De heer Van den Brink: Dus nou, dat is ongeveer wat wij ervan vinden. De voorzitter: Dank u wel. In de tweede termijn krijgt u van mij alle gelegenheid, hoeft u niet bang voor te zijn, maar dat is nou eenmaal de afspraak. Dan ga ik over naar de heer Defferding van de fractie van D66. De heer Defferding: Dank u wel, voorzitter. Eindelijk ligt het rapport voor in de commissie en kunnen we daar het uitgebreid met elkaar over hebben. We onderschrijven de noodzaak om, net als in de rest van Nederland,

het belang in Eemnes te onderzoeken of er nog plekken zijn waar woningen gebouwd kunnen worden. Woningen die passen bij degenen die in Eemnes op zoek zijn naar een woning. Starters en senioren die de komende tijd meer zorg nodig gaan hebben. Daarbij creëren we wellicht kansen voor de doorstroming. Als D66 vinden wij al langer dat het huidige bouwtempo versneld kan worden op de reeds in kaart gebrachte locaties, de Zuidpolder Zuid, maar ook op inbreidingslocaties, waar we het nu over hebben. We hebben kennis kunnen nemen van de presentaties die door Sweco gegeven zijn en we hebben ook ruim de mogelijkheid geboden voor onze inwoners om hierover mee te praten. Daar zijn we heel gelukkig mee. In de bestuursopdracht die aanleiding is geweest voor dit onderzoek staat dat locaties van particulieren ook in beeld worden gebracht, of in beeld worden gebracht, als er een initiatief bij de gemeente bekend is. We hebben gezien in de resultaten dat dat niet overal het geval is geweest.

Dus ik vraag me wel af: wat is de reden geweest dat van die bestuursopdracht is afgeweken? En welke consequenties kan dit hebben - mijnheer Van den Brink refereerde er al even aan - voor de houding van deze particulieren, of die juist mee of juist tegen gaan werken of dat die daar nog financieel voordeel uit kunnen halen? Over die bestuursopdracht waren we ook nog geïnteresseerd in of het is gelukt om die opdracht binnen de DVO-uren, twee keer dertig uur te voltooien. In hoeverre is er sprake geweest van het benoemde restrisico met betrekking tot de onrust in de samenleving? U stelt voor om een aantal locaties als kansrijk te bestempelen. Een aantal daarvan prioriteit te geven en voor een tweetal locaties een zogenaamd masterplan op te stellen. In het voorstel wordt geschreven dat de doelstelling is om in Eemnes prettig te kunnen blijven wonen, met als uitgangspunt gestage groei en behoud van het dorpse karakter. Kijkend naar de benoemde locaties en rekening houdend met de doelstelling en ons eigen politieke standpunt ten opzichte van uitbreiding, hebben wij daar ook wel een opvatting over. U spreekt over het opstellen van een masterplan voor de Noordpolder te Veen en het gebied rondom het Wilgenpad op een aantal specifieke locaties.

Op voorhand kunnen wij al aangeven, hoewel wij ons realiseren dat het een groot kavel betreft, we niet enthousiast zijn over het bouwen op de locatie rondom het Wilgenpad. Kijkend naar het dorp is dat dan wel een flink stuk dorps karakter wat verloren zal gaan. Over die masterplannen: wat kunnen we ons daar precies bij voorstellen? Hoe gaat dat eruitzien? Ik stel me ook zo voor dat zo'n masterplan niet door de brievenbus komt en dat daar kosten mee zijn gemoeid. Daar wordt in het voorstel niks over genoemd. En op welke wijze worden we als commissie of Raad dan op de hoogte gehouden van die resultaten en kunnen we daar ook op bijsturen? De tennisvereniging is ook al een paar keer aan de orde geweest. Ook wij hebben daar iets over opgeschreven, daarin meenemend de voetbalvelden. We snappen dat dat meerdere complicaties met zich meebrengt. Ook de huidige gebruikers ervan zijn niet enthousiast over een eventuele verplaatsing. Dat hoeft wat ons betreft niet per se doorslaggevend te zijn, maar het neemt niet weg dat als je planologisch gaat kijken naar een locatie voor sportvelden ten opzichte van woningbouwlocaties, dat een sportveld doorgaans niet in het centrum van een gemeente wordt gelokaliseerd, maar aan de randen ervan. Dat deze locaties op dit moment niet worden meegenomen, is uit te leggen, maar toch blijft het wel knagen.

Het argument van extra verkeersbewegingen snijdt wat ons betreft geen hout. Wellicht een goede manier om het verkeer op de Laarderweg te verminderen. Hoe mooi zou het zijn als deze optie toch kansrijk gemaakt kon worden? Met betrekking tot de communicatie schrijft u dat alle eigenaren zijn gecontacteerd. Tijdens de Ronde was hier wel enige twijfel over. Onze laatste vraag hierover: klopt het dat alle betrokken eigenaren van de genoemde locaties inmiddels zijn benaderd en wat was hun reactie daarop? Tot zover. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik als laatste fractie, dat is de fractie van het CDA, de heer Seldenrijk. De heer Seldenrijk: Dank u wel, voorzitter. Last but not least, hè. Het locatieonderzoek, of het locatieoverzicht woningbouw is een mooi overzicht geworden van locaties van enerzijds particulieren die aantoonbare ambities hebben, tot gronden die in bezit zijn van de gemeente en alles ertussenin. Dat wil niet zeggen dat al

deze locaties niet meer bebouwd kunnen worden. Dit vraagt om keuzes voor de korte en langere termijn. Het college heeft heel terecht een keuze gemaakt en het wordt nu aan ons als Raad voorgelegd. Om een keuze te maken, is het zaak om zowel voor de korte termijn als voor de langere termijn inzicht te hebben in de behoefte aan woningen en maatschappelijke voorzieningen, zonder daarbij gelijk een diversificatie in aan te brengen. Dit is wat later in het proces natuurlijk een belangrijke rol gaat spelen. We kunnen constateren dat de huidige woonbehoefte eindeloos is te noemen, maar op de langere termijn, zo na 2035, 2040 zal de vergrijzingsgolf op zijn einde zijn en we op de schaal van Nederland met de krimp ten behoeve van de woningmarkt te maken krijgen. Dat zal ook voor Eemnes zijn gevolgen hebben. Dit speelt natuurlijk nadrukkelijk mee in een keuze die het CDA maakt in de gepresenteerde potentiële bouwlocaties. Wat het CDA betreft, zullen we als gemeente daarom juist de komende jaren moet inzetten op de grotere bouwlocaties, zowel in Zuidpolder Zuid als de locatie Noord. We hebben het hier over potentie die tussen de 800 tot 1000 woningen behelst. Voldoende om de vergrijzingsgolf te overbruggen qua behoefte.

Daarom pleit het CDA om voller in te zetten op het masterplan van Noord, waar mogelijk aangevuld met enkele kleine particuliere of projectontwikkelaarsinitiatieven die mogelijk een keer tot ontwikkeling overgaan. Zowel Beuk, Molenweg en de locatie van de Boni. Waarbij we van Noord wel een duidelijke fasering voor ogen zien, zowel in tijd als in functies die nodig zijn. Denk aan school, zorg, woningen eerst. Dit betekent ook dat we op dit moment niet inzetten op een mogelijke herontwikkeling van de terreinen waar nu de tennis en voetbal en eventueel brandweer zijn gevestigd. Dit is zeker op korte termijn niet realistisch en haalbaar. We willen ook duidelijkheid, rust geven aan deze verenigingen dat dit de komende 10 à 15 jaar zeker niet aan de orde is en door dit onderzoek dus niet meer op onze politieke CDA-agenda staat. Verder zien we het voorstel voor uitbreiding van het woonwagenkamp binnen de context van het locatieonderzoek woningbouw, zijn we hier toch op tegen. Als we als gemeente verplicht worden om deze uit te breiden, dan zien we graag een apart voorstel, maar niet binnen dit proces. Over het voorgestelde masterplan voor het gebied tussen de Wakkerendijk en de Stadwijksingel of Raadhuislaan tot en met de ijsbaan toe willen we ook duidelijk zijn.

Gezien de grote potentie die Noord en Zuid kunnen bieden, zien we niet de nut en noodzaak om juist het laatste grote stuk groen binnen de kern in wat voor vorm dan ook te bebouwen. Daarom is het CDA er ook voorstander van om die duidelijkheid erover uit te spreken dat dit gebied wat ons betreft wordt ingericht met een parkachtige setting, met de nadruk op recreatie. Het is al eerder genoemd. Wij realiseren ons terdege dat een gedeelte in particuliere handen is. Daarom is een heldere visie voor dit gebied van belang. En niet het inzetten op een masterplan ten bate van woningbouw voor dit gebied, wat in onze optiek juist de beweging de verkeerde kant op gaat. Afsluitend. Het CDA wil helder en duidelijk zijn wat betreft de ontwikkeling van de woningbouw voor de komende jaren. Dus ‘ja’ voor ontwikkeling Zuidpolder Zuid en ‘ja’ voor een masterplan Noord en ‘nee’ voor verplaatsing van sportverenigingen in de eerstkomende jaren. En een duidelijk ‘ja’ voor behoud van de groene zone tussen Wakkerendijk en de Stadwijksingel. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dan kom ik over aan beantwoording vanuit het college. Mevrouw Havinga. Mevrouw Havinga: Dank u wel, voorzitter. En dank u wel, ook voor uw uitgebreide reactie in de eerste termijn.

Ik heb vooral heel veel standpunten gehoord, niet heel veel vragen, maar ik heb wel zo goed mogelijk meegeschreven, dus ik ga mijn best doen waar er wel een vraag is gesteld, of ik misschien toch de behoefte voel om iets toe te voegen aan wat u heeft gezegd, dat te doen. Allereerst dank voor de complimenten over de goede bijeenkomsten. Ik denk inderdaad dat de sfeer goed was en dat er mogelijkheid was om vragen te stellen, en dat daar ook goed gebruik van is gemaakt. De ambtenaren zitten vooraan. Daar is heel veel voorbereidend werk voor nodig geweest, dus die breng ik dan ook direct aan jullie over, dat dat goed is gedaan. Er ligt best een compleet onderzoek. Ik zei net al eerder vanavond: het is niet onuitputtelijk. Er missen vast nog weer plekken en er komen ook vast weer nieuwe initiatieven van mensen die denken: o, ik heb dat

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15255455/2