CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript 5 juni 2023 Gemeente Eemnes Commissie BSM

Commissie BSM 5 juni 2023, gemeente eemnesBij agendapunt: Opening24.143 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE BSM VAN EEMNES 5 juni 2023

1.

Opening De voorzitter: Dames en heren, het publiek op de tribune zal ik als eerste maar welkom heten. Ik hoop dat er een hele hoop mensen thuis meeluisteren. Van harte welkom commissieleden, college bij de commissie BSM van 5 juni. Als eerste heb ik de heer Van der Vegt is afwezig, wordt vervangen door de heer Van den Brink. Mevrouw Bunt is afwezig, wordt vervangen door de heer Van Schaik. De heer Raben is afwezig, wordt vervangen door de heer Pouw. Mevrouw Van der Linde is afwezig en wordt vervangen door de heer Roorda. En D66 is gewoon compleet.

2.

Vaststellen agenda De voorzitter: Dan kom ik bij het vaststellen van de agenda. Die laten we gewoon zo. Het is een volle agenda. Ik hoop dat u allen kort en bondig kunt zijn en wel ter zake doende.

3.

Vaststellen besluitenlijst 15 mei 2023 De voorzitter: En dan kom ik bij het vaststellen van de besluitenlijst van 15 mei. Ik heb niet gehoord dat er opof aanmerkingen voor zijn. Ik kijk nog even rond. Dat is niet het geval. Dan is hij bij deze vastgesteld.

4.

Spreekrecht burgers De voorzitter: Dan kom ik bij het spreekrecht van de burgers. We hebben geen insprekers.

5.

Te bespreken onderwerpen De voorzitter: Dan zijn we al bij agendapunt 5. Het gaat lekker.

5.1 Europese aanbesteding accountantsdiensten voor de jaarrekeningcontrole voor de jaren 2024 t/m 2027 De voorzitter: 5.01, Europese aanbesteding accountantsdiensten voor de jaarrekeningcontrole over de jaren 2024 tot en met 2027. En ik wilde voor de verandering eens een keer beginnen bij D66. De heer Defferding. De heer Defferding: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben het voorstel gelezen. Wij kunnen daarmee akkoord gaan. We hadden nog wel een vraag. Ik weet niet of we dat helemaal goed hebben begrepen. Er wordt aanbevolen om een vertegenwoordiging vanuit de raad in de commissie af te vaardigen. Maar moet dat dan ook een raadslid zijn? Dat mag wat ons betreft ook wel een commissielid zijn. Ik denk dat we daar misschien wel een goede kandidaat voor hebben ook. Dat was de enige vraag die wij op dit stuk hadden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan kom ik bij het CDA, de heer Van Schaik. De heer Van Schaik: Dank u, voorzitter. We hebben geen problemen met besluitregel 1, in te stemmen met het voorbereiden van het geheel. En besluitregel 2 gaf inderdaad dezelfde vraag als ik net al hoorde. Met betrekking tot, u verwacht wellicht raadsleden in deze. En dat kon ik niet helemaal naar voren krijgen. En ik vroeg me af hoe we dat gingen doen. Hoe we dat gingen bewerkstelligen. En ik heb wel een voorstel. In ieder

geval eentje uit de oppositie en eentje uit de coalitie, lijkt mij een geschikte situatie. En wij zouden ons eigen lid Natasja Bunt willen voordragen, als dat zo vrij mag zijn. En we zien aan de oppositiekant Bas Roorda als expert. En zouden wij graag willen zien dat hij zich beschikbaar stelt. Dank u, zover. De voorzitter: Dank u wel. Dan kom ik bij DorpsBelang. De heer De Zeeuw. De heer De Zeeuw: Dank u wel. Er was in eerste instantie, in ieder geval bij ons, of in ieder geval bij mij, wat verwarring over die selectiecommissie, omdat er wat tegenstrijdigheden in de informatie die aangeleverd was oorspronkelijk was. Maar dat probleem is opgelost, want het raadsbesluit is aangepast. Er staat nu twee leden per raad en voorheen stond er één raadslid. Dat is opgelost. En wij kunnen ons heel aardig vinden in het voorstel van de heer Van Schaik. Maar het is uiteraard aan de personen zelf of ze dat dan ook willen. Maar we zijn in principe oké met dit voorstel. De voorzitter: Dank u wel. Dan kom ik bij de VVD, de heer Schade. De heer Schade: Dank u wel, voorzitter. Iets meer tekst over het voorstel zelf en wat vragen daarover. De eerste vraag aan de portefeuillehouder, de verantwoordelijke voor dit stuk. In het stuk lezen we dat er enige twijfel is geweest of een lichte voorkeur nu voor de uiteindelijke uitkomst om de BEL-gemeenten en Huizen in één aanbesteding te doen.

Burgemeester, is overwogen om in deze zaak één aanbesteding te maken met twee percelen? Een perceel BEL-gemeenten en een perceel Huizen? Daarmee geef je de mogelijkheid aan alle accountantsbureaus die misschien BEL en BEL-gemeenten te klein vinden en Huizen op zich wel interessant of die vinden dat de vier, wat zeg ik, de vijf HBEL plus BEL een te grote opdracht is, die zouden afhaken. Is dat overwogen? De tweede opmerking die ik heb, is het woord selectiecommissie. En ik wil geen hoorcollege aanbestedingsrecht geven, maar in een aanbesteding heb je twee fases. De fase één is de selectie van of de inschrijvers of de potentiële inschrijvers en daarna de gunningsfase. En ik neem aan dat wat hier genoemd wordt, de selectiecommissie, dat die zich ook uitdrukkelijk gaan bezighouden met de ingediende offertes om misverstanden te voorkomen. En heer burgemeester u zult het met me eens zijn dat als wij samen afspreken dat debiteuren de mensen zijn aan wie we geld moeten betalen en crediteuren mensen zijn van wie nog geld krijgen en we houden dat onderling heel goed vol, dan is het wat ons betreft begrijpelijk en gebeuren er geen ongelukken. Maar het is gewoon onjuist. De selectiefase is iets totaal anders in een aanbesteding dan waar volgens mij deze commissie over gaat.

Zo dat nodig is, zal ik nog een amendement indienen om het woord selectiecommissie te vervangen door aanbestedingscommissie accountantsdiensten. Dat waren mijn twee opmerkingen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan kom ik bij de Partij van de Arbeid, de heer Overbeeke. De heer Overbeeke: Dank u wel, voorzitter. Wij kunnen instemmen met het voorstel en tevens ook met het voorstel van de heer Van Schaik van het CDA voor de benoeming van de leden van de aanbestedingscommissie, heb ik net geleerd. Daar kunnen we mee instemmen. De voorzitter: Dank u wel. Dan kom ik bij de portefeuillehouder, de heer Van Benthem. De heer Van Benthem: Formeel sta ik als portefeuillehouder, maar formeel bent u allen, want het is uw accountant, niet mijn accountant. Maar wordt elke keer mijn naam bijgezet, maar vooruit. Het lijkt me prima om mevrouw Bunt en de heer Roorda, als die daartoe genegen is ... Hij knikt minzaam. Dat is een ja. En mevrouw Bunt zal ongetwijfeld gevraagd zijn. Dat lijken mij twee zeer bekwame personen. De aanbesteding bestaat uit twee percelen. Een perceel Huizen en een perceel BEL-gemeenten, BEL Combinatie. En het kan

maar zo zijn dat sommige accountantskantoren niet voor beide percelen zullen inschrijven. En dan hopen we natuurlijk dat wij meer inschrijvers hebben dan ... En dan valt er wat te kiezen. Maar het kan ook zijn dat het zo is dat er maar alleen op het perceel Huizen wordt ingeschreven. Er worden twee percelen ... Wat we wel doen samen, is de hele voorbereiding van, wat zijn de criteria, de publicatie en allemaal dat soort dingen. Dat doen we gezamenlijk, want dat is efficiënter. Het is ook efficiënter om de accountants die zich hebben aangemeld te laten presenteren in de gezamenlijke, ervan uitgaande dat het in ieder geval de gebruikelijke accountants zullen zijn. Maar het kan ook zijn dat bij een accountantskantoor ons perceel er niet in zit. En dan hoeven wij daar ook niet naar te kijken of te luisteren of dat soort dingen. Het lijkt mij prima als we de laatste zin maken, de uiteindelijke besluitvorming vindt weer plaats door de raad op voorstel van de aanbestedingscommissie. Dat is hem dan, denk ik? Hij knikt minzaam. De heer Roorda: Ik ben heel blij zelfs met deze mededeling. De heer Van Benthem: Dan heeft de secretaris dat genoteerd. En dan komt er een gewijzigd voorstel voor de raad. De voorzitter: Ik kijk even rond of er nog op- en aanmerkingen zijn. De heer De Zeeuw. De heer De Zeeuw: Klein vraagje vergeten eigenlijk hiervoor.

Waarom kiezen we voor driemaal één jaar verlenging? Dat is elk jaar gezeur. Waarom doen we niet twee keer twee jaar verlenging. Hebben we iets minder gezeur. De heer Van Benthem: De vorige keer hebben we het gehad vier jaar en dan volgens mij een optie met twee keer twee jaar. En is nu gekozen voor drie jaar. Een accountant mag maximaal zeven jaar controleren en daarna moet hij wisselen. Nou kan dat gewoon bij het kantoor blijven. Ze kunnen ook intern wisselen. Maar ik denk dat ze daarbij hebben aangesloten en dat ze daarom hebben gekozen voor zeven jaar. De optie met verlengen met drie keer een jaar is ook ingegeven dat de huidige markt is heel knap. Je zou kunnen hopen dat op enig moment over een jaar of vier, vijf de markt wat ruimer wordt. Maar als ik zo eens bij mijn ledenbijeenkomsten kijk, dan ben ik nog redelijk aan de jonge kant. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even verder rond of er nog iemand iets wil opmerken. Dan is de vraag, kan dit een hamerstuk zijn in de raad? Dat is het geval. Dank u wel. 5.2 Controleprotocol 2023 De voorzitter: Dan komen we bij het volgende onderwerp. Dat is het controleprotocol 2023. En dan begin ik bij het CDA, de heer Van Schaijk. De heer Van Schaik: Geen vragen. De voorzitter: Dank u wel. DorpsBelang. De heer Pouw: Geen vragen. De verantwoordingsgrens en de goedkeuringstoleranties conform afgelopen jaren.

Wij zien ook geen aanleiding of redenen om dat nu aan te passen. Wat ons betreft akkoord. De voorzitter: Dank u wel. De VVD, de heer Roorda.

De heer Roorda: Wat ons betreft ook akkoord. Dan weet accountant weer wat hij moet doen. En dat zou in de Auditcommissie kunnen dit punt. De voorzitter: Partij van de Arbeid, de heer Overbeeke. De heer Overbeeke: Dank u wel, voorzitter. Het wijkt niet af inhoudelijk van het protocol van voorgaande jaren. Wat ons betreft stemmen we ook in daarmee. Dank u wel. De voorzitter: D66, de heer Defferding. De heer Defferding: Dank u wel. Uw microfoon kraakt trouwens enorm tijdens het praten, maar ik kan u nog wel verstaan. De voorzitter: U bent allemaal voor mij erg slecht te horen. Eens even kijken of hij zo beter gaat. De heer Defferding: Dat klinkt zonder gekraak. Hartstikke fijn. De voorzitter: Fijn. De heer Defferding: En wij voegen ons bij de overige sprekers. Oud protocol was ook prima. En dit is ook prima. Wij zijn voor dit voorstel. De voorzitter: Dank u wel. Dan constateer ik dat er geen vragen en opmerkingen zijn. En dan constateer ik dat dit een hamerstuk mag zijn. Dat is mooi. 5.3 Het Normenkader 2023 vast te stellen De voorzitter: Dan komen wij agendapunt 5.03, het Normenkader 2023 vast te stellen. En dan begin ik bij de DorpsBelang, de heer Pouw. De heer Pouw: Kort en krachtig, akkoord. De voorzitter: Dank u wel. VVD, de heer Roorda. De heer Roorda: Kort en krachtig, toch nog wel een vraagje.

Als je kijkt bij bovenaan en in de specificatie wat er dan allemaal getoetst dient te worden, kom je bij algemene ondersteunende processen het kopje inkopen tegen. En waar gaan we dan aan toetsen? Dat is EU-aanbestedingsregels. Dat is duidelijk. Dat is voor grote zaken. Een nationale Aanbestedingswet, dat is ook een nationaal vehikel. En de herziene Gids Proportionaliteit, die 1-1-2022 is ingevoerd, veranderd. Die gaat ook over grote aanbestedingen en hoe je daarmee om moet gaan. Wat wel, wat niet? Zeventig pagina's. Leuk als je het een keer wil lezen. Maar wat ik een beetje mis, is de kleine inkopen. Hoe gaan we daarmee om? Hebben wij interne regels hoe wij omgaan met kleine inkopen? Drie offertes, twee offertes, een uitvraag. En moet dat niet ook eens een keer bekeken worden hoe dat gaat? De voorzitter: Dank u wel, Partij van de Arbeid, de heer Overbeeke. De heer Overbeeke: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben geen aanvullingen op wijzigingen op het voorgestelde Normenkader en kunnen instemmen. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. Dan D66, de heer Defferding. De heer Defferding: Dank u wel. Ook niet heel erg uitvoerig. Maar het is ons toch een beetje onduidelijk wat we nu als gemeenteraad eigenlijk vaststellen. Het voorstel geeft aan dat het college er is om het Normenkader actueel te houden. Wat gebeurt er als er nu in de tussentijd een nieuwe norm wordt vastgesteld of zo? De Omgevingswet of iets dergelijks. Dan zou het Normenkader niet meer kloppen. Wij zien het eigenlijk ook meer gewoon als een overzichtje van wetgeving en regels en dergelijke, waaraan we gehouden zijn. Ik vind het echt van weinig toegevoegde waarde om dit door de raad te laten vaststellen, maar dat zal wel nodig zijn kennelijk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Het CDA. Wie? De heer Van Schaik. De heer Van Schaik: Prima. Dank u wel. Met betrekking tot het geen vragen. Akkoord/ De voorzitter: Dan geef ik het woord aan de burgemeester. De heer Van Benthem: Wij hebben wel degelijk interne regels ten aanzien van kleine inkopen. Op uitdrukkelijk advies van de accountant is dat geen onderdeel van het Normenkader, want dan krijgt u een drie keer zo hoge nota met... Want dan moeten wij al de kleine interne regels doen. De inkopen kunnen we wel onderdeel laten zijn van de rechtmatigheidsverklaring, waarin we zeggen als college, we zijn... Want dat moet over het boekje uit 2023. Dat is een nieuwigheidje.

Tot nu toe zegt de accountant steeds, u bent rechtmatig. Met ingang van het jaar 2023 moet het college verklaren dat ze rechtmatig hebben gehandeld en dan toetst de accountant of de verklaring van het college voldoende onderbouwd is. Dat gaat hij volgend jaar voor het eerst doen. Het advies van de accountant is nadrukkelijk om de interne regels geen onderdeel van het Normenkader te laten zijn, want dan moet hij ze meenemen. En dat betekent heel veel werk. En hij zegt van, dat adviseer ik u niet. En het Normenkader, het is als het goed is een levend document. Alle wijzigingen moeten erin. En wettelijk stelt u het Normenkader vast. Ik kan me voorstellen dat u denkt van, het zijn wel heel veel regeltjes, et cetera, maar het zijn wel allemaal regeltjes waar, als het goed is, de ambtelijke organisatie zich aan houdt. En dat moeten we controleren als het gaat om met name rechtmatigheid. En hoe dat allemaal door de accountant wordt gedaan en door de afdeling interne controle, die gaan alle procedures langs. Of dat keurig volgens de regeltjes is en alles keurig gearchiveerd is en de juiste bevoegde ambtenaar het paraafje heeft gezet voordat er dingen de deur uitgaan. Dat is het hele controlemechanisme. En het Normenkader is de basis voor de interne controle en daar steunt straks de accountant op.

En als ze dat vaststellen, dan gaat de accountant kijken of de afdeling interne controle voldoende controles heeft uitgevoerd en of hij daarop kan steunen voor zijn oordeel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond of het nog leidt tot aanvullende vragen. Dat is niet het geval. Dan ga ik er ook maar gewoon vanuit dat dit een hamerstuk is. Dank u wel. 5.4 Jaarrekening BEL Combinatie 2022 De voorzitter: Dan komen we bij de jaarrekening BEL Combinatie 2022. En dan begin ik bij de VVD, de heer Roorda, denk ik zomaar. De heer Roorda: Natuurlijk. Dank u wel. Dat is weer een aardig stukje. Als je het begint te lezen, dan ziet het er redelijk optimistisch uit allemaal. We zijn bezig met allerlei processen om met name de ambtelijke organisatie beter ingevuld te krijgen en de capaciteit weer te verbeteren. Als je naar de kille cijfers kijkt, dan

is dat nog wat anders. Dan zijn er nog heel veel goede voornemens, maar ik zie dan dat de bezetting toch nog behoorlijk tekortschiet. En als je nog het ziekteverzuim erbij telt, dan wordt de bezetting eigenlijk nog veel minder. Dan heb je ongeveer zestig man te kort. En dat is ongeveer een derde van je capaciteit. Financieel prima, weerstandsvermogen onvoldoende. Maar als je grote uitslagen hebt, dan gaan we toch naar de achterliggende gemeente daarmee. Dat lijkt me niet zo'n probleem. Ik mis een dingetje. Als je kijkt naar de salarissen. Dat is tachtig procent van de begroting. Dat klopt ongeveer met het personeelstekort. Dat klopt ongeveer. Je hebt tachtig procent van je begroting uitgegeven, maar je zit ook aan tachtig procent van je personeel. Dat klopt ongeveer. En daar staat tegenover 3,7 miljoen aan ingeleend personeel. Ik kan er alleen niet uithalen hoeveel fte's er dan zijn ingeleend, want dan weet je een beetje hoe duur er is ingeleend. En dat zou ik dan nuttige informatie vinden. En ik vraag me af of die beschikbaar is. De voorzitter: Dank u wel. Dan kom ik bij de Partij van de Arbeid, de heer Overbeeke. U bent eruit? De heer Overbeeke: Ja. Dank u wel, voorzitter. Het is een lijvig document, met heel veel afkortingen. Daar kunt u niks aan doen, maar het is wel zo.

Wat in ieder geval een goede zaak is, dat de medewerkers volgens de stukken allemaal een communicatietraining gevolgd hebben of nog moeten volgen, zodat gecommuniceerd kan worden op B1-niveau naar de burgers toe. Dat is een uitstekend initiatief. En we hopen ook dat we dat terug gaan zien in publicaties en ook op de website van de gemeente. Toch even een punt wat ons wel zorgen baart. En dat is met name waar mijn buurman ook al even over sprak. Ik noem het maar de onderbezetting van circa 47 fte’s. Op een formatie van 210 is dat wel aanzienlijk. Dat is meer dan 20 procent. En ook een behoorlijk ziekteverzuim van 8,5 procent, wat vooral veroorzaakt wordt door langdurig ziekteverzuim. Daar een aantal vragen over. Zijn er nu processen of trajecten of werkzaamheden die niet meer uitgevoerd kunnen worden? Ik kan me zo voorstellen als je met zoveel mensen minder zit, dat dat weleens moeilijk kan worden. En welke acties kunnen of worden ondernomen om de formatie op peil te krijgen? En dan vraag ik me af of er mogelijkheden zijn in de secundaire arbeidsvoorwaarden of huisvesting of de werkplekken of noemt u maar op. En ik weet niet of u daar direct antwoord op kan geven, maar als dat niet zo is, dan kunnen we ook ons voorstellen dat de nota door HR gemaakt wordt, zodat we kunnen zien hoe dat gaat verder met die formatie en hoe dat opgevolgd zou kunnen worden. Dank u wel, voorzitter.

Dat is het. De voorzitter: Dank u wel. Dan D66, de heer Defferding. De heer Defferding: Dank u wel, voorzitter. Het is mooi om vast te stellen dat er een positief resultaat is geboekt. En het lijkt ons ook zinvol om dat aan de algemene reserves toe te voegen. De kans is wel aannemelijk dat dat over een tijdje nodig zal zijn. Verder kunnen wij instemmen met het besluit om kennis te nemen van de stukken en om geen zienswijze in te dienen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan kom ik bij het CDA, de heer Van Schaik. De heer Van Schaik: Dank u, voorzitter. Er wordt drie keer gevraagd om kennis te nemen van zaken. Dat hebben we gedaan. En geen zienswijze in te dienen op de jaarstukken. Ook daar kunnen we akkoord mee gaan. Maar het zijn zeker wel interessante vragen die door de VVD gesteld zijn, de heer Roorda, met betrekking tot de stand van zaken rondom het kunnen uitvoeren van dingen. En ook hoe de kosten zitten in de verhouding tussen de ingeleend personeelsleden ten opzichte van het zittende personeel. En met de aanvulling dat er zoveel ziekteverzuim is. Dat is wel zorgwekkend, dat die situatie daar nog steeds bestaat in deze situatie omvang.

De voorzitter: Dan DorpsBelang, de heer De Zeeuw. De heer De Zeeuw: Dank u wel. Wij zijn ook blij dat er een positief saldo is, alhoewel ik begrijp dat er toch nog een trucje is uitgevoerd om at positieve saldo tot resultaat te hebben, omdat bepaalde onverwachte tegenvaller, opnemen verplichtingen verlof, opgevangen dienen te worden en kon door de overschrijding van het project uitbesteding uit belastingtaken. Alleen moet ik zeggen dat je een tekort oplossen door een overschrijding van een ander project, begrijp ik niet helemaal. Misschien zou de burgemeester dat kunnen toelichten. En voor de rest denk ik dat het graafwerk van de heer Roorda zouden we mee willen complimenteren. We zijn benieuwd naar de antwoorden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Van Benthem. De heer Van Benthem: Je zou willen dat je een Auditcommissie had. Ergens zweeft dat voorstel volgens mij nog. Laten we beginnen met de bezetting. Dat is een probleem waar wij niet uniek in zijn in de regio. En dat heeft in dit geval met de arbeidsmarkt voor een groot gedeelte te maken, waar we in het kader van het programma VIBE een aantal voorstellen voor hebben gedaan. Eén belangrijke is bijvoorbeeld arbeidsmarktcommunicatie.

Hoe zet je de organisatie in de markt? Dat betekent dat we ook op een andere manier naar onze functieprofielen moeten kijken hoe we die beschrijven op internet, om te proberen juist dat mensen van buiten de overheid aan te halen. Want als je ons advertenties leest, dan moet je wel heel erg in de overheid thuis zijn om te snappen wat die functie is. En we nemen dan als voorbeeld de gemeente Woudenberg. Die heeft een hele andere slag gemaakt. Maar ik weet niet of je Binnenlands Bestuur leest. Maar de gemeente Medemblik heeft een hele campagne gevoerd met borden in de gemeente waarin ze zegt, kom werken bij de gemeente. En hebben op een hele andere manier geworven. Daar zit mevrouw Griekspoor, misschien kent u haar nog. Die heeft een tijdje waarnemend gemeentesecretaris van Eemnes mogen zijn. En ik weet niet of het familie is die tennisser Griekspoor, maar goed. Maar zo moeten we anders naar de markt kijken, omdat de markt voor ambtenaren langzaam aan het opdrogen is. Het tweede wat we in VIBE hebben gezegd, we moeten ook kijken naar het functiehuis. Andere gemeenten zetten hun functies nu op een hogere schaal in de markt. En dat betekent dat wij achter het net vissen. Tegelijkertijd, wij zijn, ondanks dat we BEL zijn met 35.000 inwoners die wij bedienen, niet een kleine gemeente, maar een onderkant van de middelgrote gemeenten.

Dat betekent dat onze ambtenaren toch naar een Hilversum of naar een Veenendaal of, als ze echt heel goed zijn, misschien ooit een keer bij Amersfoort, Utrecht of de provincie komen. Dat zal altijd wel zo zijn. En we zitten hier in de Randstad in een steeds kleiner wordende vijver. Daarbij komt, en daarom moeten we onze arbeidsmarktcommunicatie ook aanpassen, een deel van de nieuwe instroom op de arbeidsmarkt heeft een iets andere houding. Ik heb hier ambtenaren die veertig dienstjaren hebben. Als je dat tegen een vijfentwintigjarige zegt, dan zitten ze je aan te kijken van, an me nooit niet. Die willen zich een tijdje verbinden aan een organisatie, maar die willen daarna weer jobhoppen. En door de arbeidsmarkt zie ik zelfs dat gewoon mensen in het veiligheidsdomein als zzp'er beginnen en zeggen van, ik laat me gewoon inhuren door verschillende gemeenten, want het is zo’n ontzettend krappe markt, dat levert me heel veel meer op dan één of twee schalen erbij. Ik weet niet of ik iemand op ideeën breng, maar dat is het niet. Dat is ontzettend knap. Wij moeten die arbeidsmarktcommunicatie in dat functiehuis ... Is onderdeel van VIBE. Daar krijgt aanstaande donderdag een presentatie over. 3,7 miljoen aan ingeleend personeel. We hebben in het verleden heel veel tekorten gehad, doordat we personeel gewoon inhuurden ter vervulling van de functie.

En we huren nu personeel in tot het vrijkomende bedrag. En dat betekent met de huidige tarieven dat je ongeveer de helft van de uren kwijt bent als je iemand inhuurt via een bureau. En nou moet ik zeggen dat ik die tarieven met de huidige inflatie ook steeds verder zie oplopen. Hoeveelheid het er exact zijn, dat zou ik even moeten nagaan, maar het het wisselt nogal. Want soms zijn het

voor ziektevervanging, soms is het voor zwangerschapsverlof vervanging. En soms is het een bewuste keuze om mensen wat langer aan de organisatie te binden, omdat ze een bepaald traject hebben. En soms is het puur vacature vervangen, in de hoop dat die vacatures worden vervuld. Communiceren met impact is in ieder geval bij iedereen gestart. Wij proberen zo goed mogelijk te laten zien waar we mee bezig zijn. Een succes voorbeeldje vind ik persoonlijk, dit jaar is de nieuwsbrief, die tweewekelijks verschijnt, en toch al bijna zeshonderd mensen op geabonneerd zijn. En wat je ziet, is dat heel veel mensen ook doorklikken op de berichten. De doorklikscore zit op tachtig procent. Mensen klikken ook allemaal door om het nieuwsbericht verder te lezen. Dat is op zich hartstikke goed. U heeft de nieuwe lay-out in De Rotonde gezien. We maken daar langzaam stappen. En ik zou ook heel graag stappen willen zien, dat is een moeizame bij de afdeling juridische zaken, dat je eerst begint in jip-en-janneketaal in de eerste alinea uit te leggen wat het besluit is. En dat daarna het juridische, ik mag niet zeggen geneuzel, maar de juridische formuleringen allemaal vormen, waardoor je normaal gesproken na twee pagina's afhaakt.

Maar het gaat juist even om die boodschap in het begin, met daar ook een beetje empathie in proberen te leggen van, helaas, u heeft niet gekregen wat u wilde, maar we snappen dat het niet fijn is. Het ziekteverzuim is hoog, een aantal langdurig. Ook gewoon een aantal die omgevallen zijn door de coronacrisis. Daar hebben wij ook nog de naweeën van. Ik ga niet de afdeling HR vragen om een notitie te schrijven, want de afdeling waar in de eerste helft van het jaar drie mensen zijn vertrokken, is de afdeling HR. De één is voor zichzelf begonnen, de ander heeft een carrière gemaakt en weer een ander is naar een andere gemeente gegaan. Dat is een afdeling waar we op korte termijn moeten inhuren. Wat niet meer? Dat komt tot uiting in de DVO, waar wij enorm aan het stoeien zijn met de beschikbare uren en onze best wel hoge wensen. En wij hopen daar zo inzicht te bieden in de maand juni. En de secretaris weet dat ze dat heeft toegezegd. Als het goed is in het presidium krijgen we een globaal overzicht. Het varieert heel erg per afdeling. Ik heb afdelingen die gewoon heel goed bezet zijn. Vergunningverlening, toezicht en handhaving is gewoon goed bezet. Publiekszaken heeft nul vacatures. MO is redelijk op orde. Maar het zit met name in ruimtelijke ordening en openbare ruimte, waar het best wel lastig is om personeel te vinden.

Wanneer is de formatie op peil? Als wij op een andere manier gaan communiceren, niet als een overheid, maar ook mensen buiten de overheid weten te krijgen. Als we ook dit gebouw een andere look en feel geven. Want het is toch best een traditioneel overheidsgebouw. Dat hoeft op zich niet heel veel geld te kosten. We moeten er niet een heel groot masterplan van maken, waar we over drie jaar denken, we kunnen het niet betalen. Maar er zijn andere gemeenten die daar best leuke dingen mee hebben gedaan. Ik zie bij bijvoorbeeld de gemeente Baarn heeft de slag gemaakt, die profileert zich als opleidingsgemeenten. Die zegt van, kom bij ons het vak leren. Je krijgt alle opleidingen. En we snappen dat je daarna weer elders gaat. Zo’n profiel zou kunnen. Maar dat moet onderdeel zijn van dat VIBE. En tot slot het slimmigheidje. Normaal gesproken zouden we gewoon een rekening krijgen voor de belastingtaken, de overschrijding. Dat hebben in 2021 wel gekregen. Heel lang leek het erop in 2022 dat we die overschrijding met de belastingtaken zouden kunnen opvangen binnen het overschot van de BEL. En toen kwam er ineens het BBV, het Besluit begroting en verantwoording gemeenten. En die zei, maar voor het verlof moet u nu verplicht een voorziening treffen. En toen was er ineens dik drie ton weg. En toen hebben we gezegd, dan kunnen we twee dingen doen.

We kunnen bijstorten of we kunnen zeggen, in het verleden hebben we ook gewoon die kosten in rekening gebracht voor de belastingen. Dan doen we dat maar gewoon ook in 2022, wetende dat het sinds 1 januari bij twee andere gemeenten ligt die waarschijnlijk ook moeten inhuren om dat allemaal gedaan te krijgen. Iets langere beantwoording dan u wellicht gehoopt had. Maar volgens mij heb ik alles. De voorzitter: Dank u wel. Ik doe even een tweede rondje of er nog een vraag is. De heer Roorda.

De heer Roorda: Dank u wel voor de beantwoording. Dat was duidelijk. Ik was eigenlijk nog een kleinigheidje vergeten. Als je helemaal achter in de jaarrekening kijkt, dan kom je tegen elementen die buiten de balanstellingen vallen. En dat is een staatje van 3 miljoen. En ik snap wel dat die er zijn. Alleen er staat iets bij. En daar staat de looptijd bij. En van sommige posten is de looptijd allang verstreken. En dan denk ik van, waarom staat hij dan daar buiten de balanstelling te staan, terwijl de looptijd al dik... Bijvoorbeeld gebouwenbeheer Kropman 2016 tot 2021 117.000. Moeten wij dat dan nog betalen aan Kropman? Dan zou die volgens mij op de balans moeten staan. Wat is dat? Even de systematiek. De voorzitter: Partij van de Arbeid nog iets? De heer Overbeeke: Nee. Bedankt voor de antwoorden. Is duidelijk wat er allemaal gebeurt. Indrukwekkend ook. En ik denk dat een woord van waardering voor de medewerkers wel op zijn plaats is, dat ondanks de onderbezetting, want die is toch vrij fors, er toch heel veel projecten uitgevoerd zijn. En het in ieder geval naar ons toe lijkt alsof de operatie gewoon goed doordraait. Dat wilde ik nog even zeggen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. D66, de heer Defferding. De heer Defferding: Bedankt. Wat mijnheer Overbeeke zegt, dat kan ik wel ondersteunen, want met weinig mensen heel veel werk doen, ga er maar aanstaan.

Een complimentje is dat ook wel waard, denk ik. Dank u wel. De voorzitter: Dank u. Het CDA niet. DorpsBelang, de heer De Zeeuw. Niet. Dan kom ik weer bij de heer Van Benthem. De heer Van Benthem: Wij hebben dat staatje, omdat we daar zo mee de EU-regelgeving in de gaten moeten houden. Dit zijn contracten die wij hebben aangaan. Dat betekent dat de meeste contracten dit jaar opnieuw in de markt moeten worden gezet, waar er staat 2022 dan wel 2023. En waar bijvoorbeeld Kropman staat, is het gewoon verlengd. Daar had een andere einddatum moeten staan. Maar het betekent wel dat we bij ICT dit jaar dan wel volgend jaar voor een aantal grote aanbestedingsdiscussies staan, die met de huidige markt misschien niet altijd het bedrag opleveren die we zouden willen. Het wordt duurder, om het even in plat Nederlands te zeggen. De heer Roorda: Ik snap hem. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Benthem: En dank voor het compliment voor de medewerkers. Ik neem aan dat de secretaris dat morgen namens de raad zal doorgeven aan het MT. De voorzitter: Dan kijk ik even rond of u toch in de raad hier iets over wil zeggen of dat het een hamerstuk kan zijn? Hamerstuk? Oké. Dank u wel. 5.5 Vaststelling regionale samenwerkingsagenda (RSA) 2023-2026 regio Gooi en Vechtstreek De voorzitter: Dan 5.05, vaststelling regionale samenwerkingsagenda RSA 2023-2026 regio Gooi en Vechtstreek.

En dan begin ik bij de Partij van de Arbeid. De heer Van den Brink.

De heer Van den Brink: Dank u wel. Wat moeten we daarvan vinden? Wij doen als Eemnes maar gedeeltelijk mee met die regio. En ons past wel enige bescheidenheid. Het is hoofdzakelijk een feestje van de Gooise gemeenten. En er staat niet zoveel verkeerds in, maar er staat ook niet zo heel erg veel concreets in. En we hebben toch weleens eerder gezegd, wij zouden wel die regio de taak willen geven om te kijken of je de personeelsproblemen waar we nu mee worstelen, als je centraal specialistische kennis inhuurt, zou dat niet een gedachte zijn. En daar vind ik niks van terug, van die term Shared Service Center, die wij eerder eens bij een zienswijze hebben ingediend. Verder als je kijkt naar hoe dat hele circus van die regionale samenwerkingsagenda functioneert, ik ben zelf in het verleden weleens een paar keer bij zo’n vergadering geweest, de heer Overbeeke is recent nog geweest, dat is een hele gezellige praatclub, maar erg concreet wordt het allemaal niet. En ook de gedachte die we laatst geopperd hebben om op een andere manier die regionale samenwerking, of althans de regionale organisatie bij te staan, te adviseren of te controleren, hoe je het noemen wil, ook dat initiatief lijkt te sneuvelen. Blaricum heeft daar tegen gestemd inmiddels. Ik word er allemaal niet zo heel enthousiast over.

Dat neemt niet weg dat gezien de bescheidenheid en het hoofdzakelijk een Goois feestje is, we wel zullen instemmen, maar helemaal blij word ik er niet van. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. D66, de heer Defferding. De heer Defferding: Dank u wel, voorzitter. Het werd net al gezegd, Eemnes heeft maar een beperkt aandeel in de regionale samenwerkingsagenda. Maar daar waar we wel participeren, gaat het om belangrijke onderwerpen waar ook nog eens veel geld in omgaat. En wat ons betreft is de procedure om tot deze agenda te komen prima. En wij kunnen ook wel instemmen met deze RSA. En we hebben kennisgenomen van de agendatool. Wat ons betreft prima zo. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Scholeksters. De heer Seldenrijk, CDA. De heer Seldenrijk: O geweldig, scholeksters. Ik kan me aansluiten bij D66. Ik kan wel elke keer alles gaan herhalen, maar ik denk dat het niet goed is. Ik zou wel graag zien dat in de opleg even de punten worden benoemd waar wij als Eemnes aan meedoen. Elke keer hebben we er discussie over, althans intern wij discussie over van, doen we er wel of niet in mee? Ik zou dat graag in de opleg gewoon meegenomen willen worden, dat maakt het ook wat inzichtelijker, wat sneller om de stukken door te lezen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. DorpsBelang, de heer De Zeeuw.

De heer De Zeeuw: In ieder geval vond ik wel prettig om te zien dat regionaal doen we wat moet en lokaal wat kan. En het meest prettige vond ik om te lezen dat de RSA niet richtinggevend en kaderstellend is en dat de besluiten in de lokale gemeenteraad worden genomen. Dan even terugkomen op dat partiële. Wij zouden het eigenlijk wel prettig vinden, omdat we altijd die discussie hebben, om in het raadsbesluit op te nemen de onderwerpen waaraan we deelnemen. In dit geval is dat onderwijs, gezond en werk en participatie. Er was bij ons nog wel wat verwarring over het onderwerp vervoer, want daar wij nemen ook aan deel. Maar blijkbaar zit dat niet in de RSA, maar is er een aparte Vervoer BV voor opgericht. Vandaar dat dat hier niet bij staat. Maar om het toch een beetje complex te maken, later hebben we het over de centen en dan zit vervoer er weer wel bij. Wat dat betreft, ik begrijp dat het juridisch gezien klopt dat we alleen die drie dingen hebben, maar laten we dan in ieder geval in het raadsbesluit meenemen welk onderwerp we wel aan deelnemen. Dat heb ik gedaan. Dat was het. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. Scholeksters nestelen op platte daken. Ik denk dat daarom hier zo'n gekwetter is. Mooi hè? De heer Schade, VVD. De heer Schade: Dank u wel, voorzitter. Wat ons betreft toch wel eigenlijk een positief verhaal. Wat voorligt is een duidelijk goed leesbaar stuk. Het geeft een visie. Het geeft een aanzet voor beleid. Er worden pijnpunten benoemd die wij hier ook al besproken hebben in deze raad. En het alles is het resultaat van een langdurige consultatie met de diverse raden. We hebben allemaal mee kunnen praten daarover. Wat ons betreft een weloverwogen stuk. En de pijnpunten, de begroting en met name de Vervoer BV komen straks nog aan de orde. Daar zal ik het verder niet over hebben. En als zijdelingse opmerking, wat een zegen als Wijdemeren bij Hilversum wordt gevoegd, want dat scheelt ons de helft van de leestijd bij de beantwoording van de vragen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de wethouder, mevrouw Havinga. Mevrouw Havinga-de Jong: Dank u wel, voorzitter. Ik heb niet heel veel vragen gehoord. De opmerking van de PvdA van, we zien eigenlijk niets terug van de Shared Care. Je ziet hem inderdaad weer terug in de zienswijze. Maar het is inderdaad niet iets wat veel omarmd wordt door andere gemeentes, net als het stukje rond de gemeenschappelijke regeling en de adviescommissie.

Daar is nog geen unanimiteit in, in ieder geval. Maar daar zijn wel de Regiopodia voor om dat te bereiken. Dat is dan wel het gremium om met elkaar daar het gesprek over aan te gaan in de komende jaren. En dat zit ook in de tool uitgewerkt wanneer welk thema is. Nou is er binnen die thema's dan weer niet heel veel haakjes voor Eemnes als het gaat om de MRA. Maar goed, we hebben wel in onze zienswijze aangegeven dat we voor wat betreft de RES heel graag met elkaar willen optrekken. Ook dat soort avonden kunnen denk ik wel goed zijn om als gemeenteraad van Eemnes aanwezig te zijn. Maar ik snap dat u daar weinig meer van terugziet. In de opleggen, waar doen we aan mee? Ik zal daar in ieder geval in het vervolg ook bij alle stukken van de regio heel goed om denken dat we dat ...w Want dat wordt ambtelijk voor de BEL altijd voorbereid. Maar dat ik zal zorgen dat er voor Eemnes in ieder geval een aanpassing in komt wat voor dat stuk dan voor Eemnes geldt. En ik zit even te twijfelen over het aanpassen van het raadsbesluit, of wij dat nog voor de raad doen? Maar ik kijk ondertussen even naar de secretaris. Kunnen wij nog even aanpassen dat we daar inzetten voor welke onderdelen wij dan meedoen? Dan heb ik volgens mij alle punten gehad. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond. De heer Van den Brink, Partij van de Arbeid.

De heer Van den Brink: Ik was een vraag vergeten en ik werd getriggerd door het antwoord van de wethouder, waarbij ze zei van, we willen wel graag op die RES samenwerken, hoewel het twee verschillende RES-en zijn. Maar juist op dat gebied van duurzaamheid zou ik toch willen voorstellen om wat intensiever met de regio te gaan samenwerken, ook met de gedachte dat alle gemeentes ongeveer op dezelfde periode dezelfde documenten moeten opleveren, waar heel veel specialistische kennis voor nodig is. En dat zou dan typisch een voorbeeld zijn van dat je dat gemeenschappelijk doet en dat je daar ook het specialisme in de regio belegt, om het zo maar te zeggen. De voorzitter: Dank u wel. D66 nog? CDA? DorpsBelang? VVD? Nee? Mevrouw Havinga. Mevrouw Havinga-de Jong: Eens. En dat doen we ook vooral in de BEL. En daarmee is het ook weer aangehaakt aan de regio Gooi en Vecht, als het bijvoorbeeld gaat om duurzaamheid. En we hebben natuurlijk bijvoorbeeld gezegd, de Transitievisie Warmte is echt zo'n thema inderdaad om binnen de regio ... En de portefeuillehouder duurzaamheid is ook agendalid van het portefeuillehoudersoverleggen regio Gooi en

Vecht. We zijn er niet zo actief in als bij het sociaal domein, maar lezen wel mee met welke thema's, onderwerpen er besproken worden op overleggen en kunnen daarbij aanhaken. En dat gebeurt ook. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik weer even rond hoe dit naar de raad gaat. Hamerstuk? Ja? Hamerstuk. We hebben alleen nog maar hamerstukken. Geweldig. 5.6 HBEL visie sociaal domein De voorzitter: Even kijken, dan heb ik ... Ik moest eventjes mijn bril goed zetten. 5.06 HBEL visie sociaal domein 2023. En dan begin ik bij D66. Mevrouw Wierbos: Dank u wel, voorzitter. Het is een heel stuk. Het is een flink ... Allemaal stukken die we apart kunnen lezen en waarvan ik dacht van, het zou ook mooi zijn als we een soort samenvattinkje ergens in het begin hebben staan. Dat zou leuk zijn. Dan zit er een heel leuk plaatje bij over dat landschap. Dat maakt het wel heel concreet. En dat is wel heel erg fijn. We hadden wel wat vragen, want er staat onder andere in dat het een visie is tot 2030. Dat is ook al een vraag geweest van de Adviesraad. Wat maakt dat het niet voor vijf jaar is, maar gelijk tot 2030? Dan staat er ook nog in een stukje over zorg, welzijn, werk, jeugd en onderwijs komen in meer of mindere mate terug in de visie. Ik vroeg me af wat die zin precies betekende. Hij staat bij volgens mij visie sociaal. Even kijken. Het staat op hoofdstuk 2, pagina 6.

Maar dan moet ik even kijken waar het ... Kijk ik zo even na. Dan zal ik hem zo teruggeven. Maar goed, je kunt zien dat er heel veel werk aan geweest is. En we hebben de punten ook gelezen die de Adviesraad gaf. En we begrijpen ook die vragen van de Adviesraad. Voor nu hebben we alleen deze vragen. De voorzitter: Dank u wel. Dan kom ik bij het CDA. De heer Seldenrijk. De heer Seldenrijk: Dank u wel, voorzitter. Goed, wij ondersteunen de acht basisprincipes, zoals ze genoemd zijn. Waarbij vooral de laatste drie overal in de uitvoering terug zou komen, de rode draad door de hele visie heen en straks ook door de uitvoeringsprogramma’s. Maar goed, we hebben wel een aantal kanttekeningen, opmerkingen. Zoals we kunnen lezen, we willen geen indicatiefabriek worden, maar direct helpen daar waar nodig is. Dat is de bedoeling van het handelen. Een risico is natuurlijk wel dat we te lang blijven acteren op eigen rekening, terwijl een indicatie betekent dat de zorgverzekering de rekening betaalt. We hadden eigenlijk zo hier in balans ook in moeten vinden van hoe we hiermee omgaan. En dat lijkt ons best wel een dilemma van uiteindelijk ... Het zijn allemaal hulpverleners en die willen allemaal het liefst aan de slag. Maar uiteindelijk moet je ook op zijn tijd los kunnen laten, om het maar zo te formuleren. Wij zaten toch met name op die laatste drie, die rode draad eigenlijk.

Dat is voor ons heel belangrijk. Ze staan nu onderaan. Eigenlijk hadden we ze het liefst bovenaan willen hebben. Dat klinkt misschien een beetje raar, dat je gelijk naar de data kijkt en eigenlijk ook een beetje het financiële verhaal. Maar uiteindelijk is het wel straks bepalend van wat er straks mogelijk is. De data vanuit de cliënten, hoe zaken beleefd worden, moeten worden meegenomen. Maar er moet ook bijvoorbeeld zicht zijn op overlap van hulp door instanties. Want uiteindelijk als alle instanties met hetzelfde bezig zijn, dan kost het alleen maar geld en dan kunnen andere dingen ... Moeten we het daarbij laten. Eigenlijk, zoals ik in het begin al zei, we kunnen best instemmen met die basisprincipes. Maar uiteindelijk het uitvoeringsprogramma, dat zal natuurlijk wel het dingetje zijn van of het allemaal mogelijk is. En wij zouden ook graag zien dat in het uitvoeringsprogramma, dat het ook duidelijk wordt wat valt onder de geest van de wet. Dat het wettelijk verplicht is. En dat is ook een beetje de geest van de wet, want je kan het nooit helemaal precies een-op-een stellen, dat is wettelijk. Zodat ook bovenwettelijk een beetje inzichtelijk wordt van waar de keuzes liggen. Dat maakt voor ons als raad zijnde, op het moment dat we keuzes moeten maken, dat we ook die keuzes kunnen maken en niet ... En die je moet ook echt

inhoudelijk maken. Daadwerkelijk dat de mensen die erachter zitten ermee geholpen worden. En niet zoals bijvoorbeeld in andere gemeenten, zoals mooi in de krant stond van, een cultuurcoach moet er komen, want dat staat in het coalitieprogramma en de sportcoach moet verdwijnen. En dan denk ik bij mijn eigen, is dat wel een goede afweging? Dat soort afwegingen bedoel ik daarmee niet. Maar we willen wel echt een inhoudelijke keuze kunnen maken, ook naar de gelden die we gewoon hebben. En dan moet in die uitvoeringsprogramma’s inzichtelijk worden, dat we daar ook daadwerkelijk wat mee kunnen. Eens even kijken. Maar dat maakt het uiteindelijk natuurlijk heel lastig. We zien nu ook dat er in plaats van meer geld, maar steeds bezuinigingen op ons afkomen. We zien natuurlijk nu ook, afgelopen twee jaar bijvoorbeeld hebben de school ook de NPO-gelden gehad. Er was nog een stuk extra zorgondersteuning vanuit de scholen vandaan. Dat loopt binnenkort ook af. Die gelden zijn op. Dat gaat misschien ook weer een grotere zorgvraag creëren wat bij de gemeente op het bordje komt. Niemand die het precies weet natuurlijk, maar uiteindelijk je doet het met alle instanties samen. Maar het is natuurlijk net waar ze dan terechtkomen. En dan ben ik bang dat ze allemaal bij de gemeente terechtkomen.

Vandaar dat wij op zich prima met deze visie kunnen instemmen, maar we toch ons hart vasthouden straks met de uitvoering of het allemaal mogelijk is, zoals we het nu eigenlijk benoemen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. DorpsBelang, de heer De Zeeuw. De heer De Zeeuw: Dank u wel. Ik ben toentertijd naar die sessie geweest. Er is een speciale sessie geweest voor raadsleden over het ... Zelfs twee hoor ik. Ik ben schijnbaar maar bij eentje geweest over dit geheel. En toen was een beetje de strekking, het heeft niet zoveel impact op wat we al doen, want we doen het meeste al, alleen we missen een visie. Min of meer werd er van hogerhand bepaald dat we toch wel echt een visie moesten hebben, want anders doe je dingen helemaal fout in de uitvoering. Daar kwam het een beetje op neer. Dat document ligt er. Ik ben het wel met onze collega van D66 eens dat dit is wel een lange, zware memo die er dan op ons afkomt van zeven pagina's. Daar zit je dan echt wel een beetje doorheen te worstelen. Vertaald naar die achttal basisprincipes, daar kunnen we ons wel in vinden. En de accenten die worden gegeven, kunnen we ons ook wel in vinden. Dat is een focus op inzet op lokaal niveau voor lichte begeleiding door een lokaal begeleidingsteam. Daar moet het accent liggen. En daar komt het verhaal wat het CDA net ook aangaf, die indicatiefabriek kijken.

Dat we daarvan af willen, is goed, denk ik, want er gaat een hele hoop tijd en geld inzitten om mensen eerst allemaal te indiceren voordat we in actie komen. Ook vanuit snelle opvolging is dat niet erg hard. Maar inderdaad, er komt ook een moment dat als het allemaal complexer wordt dat je toch moet gaan indiceren om het door te kunnen schuiven, om het van ons lijstje af te halen. In ieder geval willen we minder gebruik gaan maken van geïndiceerde voorzieningen. En wat er ook in staat, en dat ... Ik weet niet, want het CDA had het over de laatste principes. Ik wil het ook wel even over die eerste principes hebben. Dan gaat het over preventief en inzetten van eigen netwerk. Dat het ook aan de gemeente is om af en toe nee te durven verkopen. Ik zeg daar durven bij, want dat wordt nog weleens moeilijk gevonden om dat te doen. En dat is natuurlijk ook wel nodig, want ondanks het feit dat we op dit moment financieel op dit gebied het tot nu toe redelijk goed doen, kunnen we al aanzien komen dat ... Allereerst toekomstig geplande bezuiniging komen eraan. En daarnaast zie je ook dat de vraag naar ondersteuning en hulp vanuit alle groeperingen, ook vanuit leeftijd en al dat soort zaken, komt op ons af. Op korte termijn krijg je de indruk, er is geen noodzaak om te besparen, maar we weten allemaal ...

We hebben het allemaal over 2026, het crisisjaar, maar ook daarvoor zou het best weleens kunnen zijn dat we alweer met problemen te maken hebben. Ook die eerste twee principes preventief en het eigen netwerk inzetten, zijn toch dingen waar we wel aandacht voor willen vragen. Maar we begrijpen dat dat niet altijd mogelijk is. Er zijn ook grenzen aan zelfhulp, om het zo maar te zeggen. Dat was het op dit moment. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. De VVD, de heer Schade. De heer Schade: Dank u wel, voorzitter. Wij kunnen ons vinden in deze visie. Wij vinden het een goed verhaal, een duidelijk verhaal. De taken en doelen die gesteld worden, zijn duidelijk. En wat ons zeer aanspreekt, is dat er niet alleen een aanzet wordt gemaakt voor een plan van aanpak, maar dat er ook een weliswaar hoog over, maar toch ook een goede aanzet wordt gegeven voor het meten van resultaten. Op sommige gebieden zien we een overlap met andere visies. We hebben het net gehad over de RSA, waar het onderwerp werk, arbeid heet het daar geloof ik. In deze visie gaat het ook weer over werk. Een vraag aan de wethouder van, hoe wordt de prioritering daarin gesteld? En ik snap dat het hier in deze visie gaat om begeleiden naar werk en dat soort dingen, maar ergens moet toch die arbeidsplaats gecreëerd worden. Wie neemt daarin nu het voortouw? Is dat de gemeente? Is dat de regio? Is dat het Jeugd- en Gezinsteam? Dat kan ik me niet voorstellen trouwens. Wat is de relatie tussen de diverse visies die hier passeren en die over overlappende of zelfde onderwerpen gaan? En dan als laatste opmerking voorzitter, een kreet die al vele malen geslaakt is hier door fractiegenote Monique van der Linde. En dat gaat over de jeugdzorg, die in een andere regio zit. Hier hebben we nu een visie die totaal uitgaat van een integrale aanpak.

En wij zitten met een sociaal domein waar een scherpe censuur is in de uitvoering tussen jeugd en ouderen. En ik hoor graag nog een keer van de wethouder het liefst natuurlijk dat zij dat ook geen ideale situatie vindt en dat eraan gewerkt wordt om dat te veranderen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Partij van de Arbeid, de heer Overbeeke. De heer Overbeeke: Dank u wel, voorzitter. Ik vind het een lastig verhaal, eerlijk gezegd. We kunnen ons inhoudelijk wel grotendeels vinden in deze visie. Er zijn tenslotte bijeenkomsten voor geweest. Er zijn concepten geweest. Het zou een beetje flauw zijn om te zeggen, ik vind het eigenlijk niks. Maar eerlijk gezegd als ik het beslisvoorstel lees, dan lees ik 35 keer het woord visie. En ik zit me constant af te vragen, wat is de visie in het stuk? Die mis ik eigenlijk. Het is meer een opsomming van ontwikkelingen. En een combinatie van een soort actieplan met een hele stapel bijlagen erbij. En dat is dan de visie. Ik word niet zo heel blij van het verhaal. Wat ik wel een redelijk goed verhaal vind, dat is bijlage twee. Dat is die stand van zaken van het omgevings- en het organisatiebeeld met alle cijfers en gegevens. Dat geeft aardig aan wat de ontwikkelingen zijn. En dan kan je ook een voorstelling maken welke activiteiten daarop plaats moeten vinden. Maar al met al, ik vind het geen duidelijk verhaal.

Dat wilde ik er in ieder geval over zeggen. Dan heb ik een vraag over de begrotingswijziging. Daar staat een volzin en die begrijp ik eigenlijk niet. Ik zal hem voorlezen, voorzitter. De Programmabegroting 2023, onderdeel maatschappelijke ondersteuning, eerste bestuurlijke prioriteit en prestatie beschrijft dat de nieuwe gedragen visie sociaal domein voor 2023 en verder door de raad wordt vastgesteld. De voorzitter: Kunt u aangeven waar dat staat? De heer Overbeeke: Ja, dat staat in het beslisvoorstel en dan op bladzijde 5. Daar staat eerst een heel stuk over financiën en dan staat er begrotingswijziging nodig? Vraagteken. Ik kon er geen chocola van maken, eerlijk gezegd. Is er een wijziging nodig of is er geen wijziging nodig? En op wat voor niveau dan? Maar goed, daar kan misschien antwoord op komen. Dan principe één en twee. Ik neem maar even het taalgebruik van de nota over. Principe één en twee wordt grotendeels lokaal en regionaal opgepakt. Dat geldt zeker voor Eemnes. En ik denk dat het belangrijk is dat het initiatief en de samenwerkingsverbanden die wij hebben, en naar mijn idee goed werken, dat die niet geïntegreerd gaan worden in een organisatie die nog zo in ontwikkeling is. Dat wilde ik hier ook wel even meegeven. En dan heb ik nog een vraag aan de wethouder.

Hoe past die lifestylemedewerker en de sportcoaches en Versa Welzijn in dit verhaal? Ik kan dat er niet goed

uithalen, eerlijk gezegd. Dat is het, wat mij betreft. Maar nogmaals, er is zoveel over gezegd. We zullen wel instemmen met dit verhaal, maar het is niet van harte. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de wethouder. Mevrouw Havinga. Mevrouw Havinga-de Jong: Dank u wel, voorzitter. Er zijn inderdaad twee bijeenkomsten geweest waar u ook vooral in gesprek met de ambtenaren vragen heeft kunnen stellen, mee heeft kunnen kijken in de presentatie en we met name aan de hand van die acht principes met elkaar door de visie heen zijn gelopen. Als het gaat om wat is de visie, dan is dat eigenlijk die acht basisprincipes bij elkaar geprakt. En die passen in zo'n stukje tekst volgens mij. En dat is denk ik de samenvatting waar D66 van zegt, dat zou ik wel lekker vinden als dat eigenlijk ook even zo aangeleverd was, want dan had ik in een oog op slag kunnen zien, wat doen we dan? En dan zijn we vooral begonnen bij, wat is de bedoeling? Daar zitten die eerste principes op van, waarom doen we dat en voor wie? En daarna inderdaad, voor wie moet het dan bereikbaar zijn? Dan gaat het inderdaad over die meest kwetsbare mensen, die echt niet zelfstandig kunnen organiseren. En vervolgens hebben we het ook nog over data. Het CDA gaf al aan, dat zou wat mij betreft vooraan staan. Is een beetje een kip en een ei natuurlijk, want je begint uiteindelijk weer vanuit data.

Het document, bijlage 2, waar de heer Overbeeke het net over had, dat zijn inderdaad allemaal instrumenten die we meenemen in, hoe moet dat landschap eruitzien? En vandaar ook dat plaatje. Was ook een wens vanuit de Adviescommissie. Die zeiden van, wij willen het ook graag even visueel krijgen. En we hebben ook met elkaar gezegd dat de uitvoeringsprogramma's ondersteund worden met de visualisatie, zodat het ook aan de inwoner uit te leggen is van, maar ziet het eruit? Want de complexiteit die de heer Schade net al aangaf van bijvoorbeeld werk en participatie, de overlap is groot. Wat doet de regio? Wat doen we lokaal? Daar hebben we op zich wel goede afspraken over. Maar terecht, er zit ook overlap, want welke inwoner gaat naar welk loketje toe en hoe weet hij dat dan? Uiteindelijk maakt dat niet zoveel uit, want dan zorgen we aan de achterkant wel dat de inwoner bij het goede loketje komt. Maar het is wel vervelend dat dat betekent dat je iemand nog een keer moet verwijzen. En als het dan bijvoorbeeld gaat over werk en participatie. Zijn we ook nu aan het verkennen om richting een regionaal werkcentrum te gaan, waarbij de voorkant voor iedereen hetzelfde is. En wat er dan aan de achterkant lokaal of regionaal gebeurt, dat dat iets is voor de uitvoering, maar dat de inwoner daar niet mee lastig gevallen wordt. En dat is in dit geval nog steeds wel de situatie.

Terecht dat daar vragen over zijn. En daar moeten we gewoon mee aan de slag. En daar zijn we voor dat stukje ook al mee aan de slag. Kijk, en dat is net als inkoop, doet de regio en de toewijzing doen we weer in onze eigen uitvoering. Die inkoop huishoudelijke hulp doen in de regio, maar het toewijzen of iemand er recht op heeft en hoeveel dan, dat doen we dan weer in de uitvoering. Het zijn ook communicerende vaten die elkaar soms nodig hebben. En je kan niet de uitvoering bijvoorbeeld weer bij de regio beleggen. Zou kunnen, maar volgens mij willen we dat niet. Maar waar het overlapt, daar hebben we het volgens mij wel in beeld en proberen we daar een weg in te vinden. De balans in, wat doen we zelf en wat moeten we eigenlijk toch beschikken en moet op een andere manier gefinancierd worden? Dat is wel een puzzel. En dat is zeker nu we nog niet zo lang met de ambulante teams werken ook nog wel een ... Stoort hij, of niet? De ambulante teams zijn nu net van start. Dat loopt goed. We zien ook een toename in aanvragen die door het ambulante team behandeld kunnen worden en een afname in die beschikkingen. Dat gaat best wel goed. Maar nu is het inderdaad zoeken naar balans.

Hoelang blijven inwoners dan bij die ambulant begeleider? Hoelang worden die gezien? Hoe verhoudt zich dat tot als we wel een beschikking afgeven? Zou het dan niet eerder afgerond worden? Als we het afronden, hoe verzorgen we dan de nazorg? Dat zijn allemaal uitvoeringsonderdelen die we nog uit gaan werken, ook wel op basis van deze principes die we dan nu vaststellen met elkaar. Bijvoorbeeld dat het echt met name voor de meest kwetsbare inwoners is die het niet zelf kunnen organiseren. Dat blijf ik wel benoemen, want ik denk zeker als we kijken naar de vergrijzing dan is dat nee zeggen, waar de heer De Zeeuw het over had, heel

belangrijk inderdaad. Want we kunnen niet iedereen op deze manier blijven bedienen als we straks en een aantal arbeidsplaatsen tekort hebben, en dat loopt alleen maar op, en vervolgens de zorgvraag zien vergroten. Ik zie daar nog wel een behoorlijk afwegingskader ontstaan voor de toekomst. Vandaar ook 2030. We proberen zo ver mogelijk vooruit te kijken, juist met het gebruik van data en prognoses. En daar gaan we ook de inwonersbeleving bijnemen als hele belangrijke databron. De initiatieven lokaal noemde volgens mij de heer Overbeeke ook nog. In Eemnes gebeurt al heel veel, laat dat alsjeblieft niet opgaan in. Dat is ook iets wat ik vanmorgen nog in het portefeuillehoudersoverleg benoemd heb van, daar is Eemnes juist heel erg goed in. En ik weet niet of die organisaties en verenigingen die dat nu doen zich heel graag onder een noemer van HBEL zouden willen scharen. Ik denk het zelfs niet. Laten we daar ook alsjeblieft zuinig op zijn. Aan de andere kant zien we wel dat SchuldHulpMaatje momenteel al aan het verkennen is om wel die samenwerking op te zoeken, bijvoorbeeld met Laren en Eemnes al samen en Blaricum en Huizen. Soms ontstaat het ook wel vanzelf. Dan de integrale aanpak jeugd Wmo. Als we de hervormingsagenda goed lezen, dan zien we ook dat er opgeroepen wordt om dat juist zo integraal mogelijk aan te pakken.

En dat kan inderdaad schuren als je kijkt naar hoe Eemnes nu jeugd in Amersfoort heeft georganiseerd in Wmo in de HBEL. Aan de andere kant, als ik kijk naar de uitvoering, dan gebeurt dat heel erg goed. Momenteel is er echt goed overleg tussen onze jeugdconsulenten en de Wmo. En op het moment dat een jeugdige 17 wordt, wordt al aan de overdracht gewerkt richting de Wmo. Ik zie het niet als belemmering en het is ook niet zo dat in een gemeente waar het wel hetzelfde georganiseerd is het geen overdracht zou betreffen, want het is nou eenmaal zo dat de jeugdhulp tot 18 loopt en de Wmo vanaf 18. Er is altijd een overdracht. En ik vind dat dat nu goed verloopt. Dan was er nog een zin. Mevrouw Wierbos: Ik heb het inmiddels gevonden. Dat is in dat eerste stuk in de HBEL visie sociaal domein 2023. En daar staat het ... Dan moet ik het even zelf weer gaan zoeken natuurlijk. Mevrouw Havinga-de Jong: Bladzijde 5. Mevrouw Wierbos: Collegeprogramma, op bladzijde 6. Daar staat hoofdstuk 2, zorg, welzijn, werk, jeugd en onderwijs. De verschillende onderdelen die in dit hoofdstuk worden genoemd, komen in meer of mindere mate terug in de visie. Ik vind hem zo mooi, bijzonder geformuleerd eigenlijk. Wat bedoelen jullie daarmee? Mevrouw Havinga-de Jong: Niet alles wat wij in ons collegeprogramma hebben benoemd, wordt uitgevoerd of wordt benoemd nu in dit visiestuk.

Niet alles is iets wat we binnen de HBEL oppakken. Er zijn natuurlijk ook ambities die Eemnes zich echt zelf heeft gesteld of wij als college onszelf hebben gesteld, die niet hierin verwerkt zitten. Die we ook gewoon zelf zullen moeten gaan uitvoeren. Mevrouw Wierbos: Misschien is het een idee om die zin iets concreter neer te zetten. Mevrouw Havinga-de Jong: Iets concreter. Dat is de uitleg in ieder geval die erbij hoort. Mevrouw Wierbos: Dank. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik voor een tweede rondje en begin ik weer bij D66. Mevrouw Wierbos. Of moet u er nog even over nadenken? Mevrouw Wierbos: Nee hoor. Ook na beantwoording van alle vragen, is het voor ons wel heel helder. Dank u wel.

De voorzitter: Prima. Het CDA, de heer Seldenrijk. De heer Seldenrijk: Dank voor de beantwoording. Ik mis nog een beetje het wettelijke en bovenwettelijke karakter in het uitvoeringsprogramma. De wethouder spraak net al over onze eigen ambities. Dat is natuurlijk bovenwettelijk. Zo moet je dat zien. En ik zou dat graag ook in die uitvoeringsprogramma's terug kunnen zien van hoe dat precies tussen wettelijk en niet-wettelijk verstaat. Maar goed, daar wil ik graag nog even antwoord op hebben. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. DorpsBelang, de heer De Zeeuw. De heer De Zeeuw: In verband met diezelfde vraag, zijn dat dan extra activiteiten die ergens anders niet gebeuren, die extra financiële middelen met zich meebrengen? Misschien is het wel aardig om daar even een gevoel van te geven. Voor de rest moet ik zeggen, dat is een beetje in antwoord ook richting VVD, er zijn natuurlijk historisch redenen geweest waarom we Amersfoort hebben gekozen voor de jeugdzorg. Dat was in eerste instantie aan de andere kant echt zo'n loketgedachte waar je dan langs moest komen als je problemen had. En er was geen proactiviteit, die in het tweede programma van jeugdzorg Amersfoort wel zat. Er zijn goede redenen. Ze zijn inmiddels wel wat meer naar elkaar toegegroeid in benadering. Dat klopt wel. Maar het is eigenlijk met name een inkoopverschil, zou ik zeggen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12901998/2