Kadernota 2022 EMS v6 docx
Tekst van het document
„Als ik wist dat morgen de wereld zou vergaan, zou ik vandaag nog een appelboom planten.”
KADERNOTA 2022
2
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ................................................................................................................................3 Aanbieding ......................................................................................................................................5 Vertrekpunt Kadernota 2022 ...........................................................................................................7 Het Rijk, de gemeenten en Eemnes..................................................................................................8 1.
Onderzoek BZK: krapte gemeentefonds zet uitvoering onder druk ...........................................8 Voorzieningenniveau verschraalt.......................................................................................................9 Investeringen en onderhoud openbare ruimte op steeds lager pitje ...............................................9 Balansreserves namen af met 30% ....................................................................................................9 Hogere lokale lasten ...........................................................................................................................9 En in Eemnes dan? ..............................................................................................................................9
2.
Actualisatie verdeelvoorstel gemeentefonds verwacht in juni................................................10 En Eemnes dan? ................................................................................................................................10
3.
Extra middelen voor jeugdzorg...............................................................................................11 Druk verlichten .................................................................................................................................11 Acute knelpunten aanpakken ..........................................................................................................11 Beheersbaarheid van het jeugdstelsel .............................................................................................12 Fundamentele keuzes.......................................................................................................................12 Incidenteel geld voor jeugd-GGZ in 2021.........................................................................................12 En Eemnes dan? ................................................................................................................................13
4.
Kostenbeheersing sociaal domein (klassiek) ...........................................................................13 Voorkomen van duurdere zorg moet aantrekkelijker worden voor zorgfinanciers .......................13 Abonnementstarief ..........................................................................................................................14 En Eemnes dan? ................................................................................................................................14
5.
Klimaatakkoord......................................................................................................................15 Reactie VNG ......................................................................................................................................16 En Eemnes dan? ................................................................................................................................16
Onze gemeente .............................................................................................................................17 Bestuur van de gemeenschap ...........................................................................................................17 Veiligheid...........................................................................................................................................19 Publiek, vergunning en handhaving ..................................................................................................22 Bedrijfsvoering, Overhead en BEL Combinatie..................................................................................25 Ontwikkeling Financieel perspectief 2022 – 2025.............................................................................27 3
Onze ruimte...................................................................................................................................28 Mobiliteit...........................................................................................................................................28 Groene leefomgeving ........................................................................................................................37 Milieu, klimaat en duurzaamheid......................................................................................................44 Ruimtelijke ordering en wonen .........................................................................................................47 Ontwikkeling Financieel perspectief 2022 – 2025.............................................................................52 Onze inwoners...............................................................................................................................53 Werk en inkomen / Participatie ........................................................................................................53 Sociale samenhang............................................................................................................................55 Sport Cultuur en vrije tijd
..................................................................................................................58 Opgroeien in Eemnes ........................................................................................................................60 Leidende principes ............................................................................................................................65 Ontwikkeling Financieel perspectief 2022 – 2025.............................................................................67 Onze inkomsten.............................................................................................................................68 Ontwikkeling Financieel perspectief 2022 – 2025.............................................................................79 Ons financieel perspectief..............................................................................................................80 Een sluitend perspectief?...............................................................................................................80
4
Aanbieding Na het rampjaar 2020 staan we voor grote uitdagingen. Uitdagingen als het gaat om onze economie duurzaam te herstellen, grote ambities met betrekking tot ons klimaat en ecologie, het bieden van een woning in tijden van tekort, het oog hebben voor elkaar in een digitale, individuele en steeds universelere wereld. De quote op de voorpagina is van ds. Karl Lotz van de Bekennende Kirche uit 1944 en wordt vaak toegeschreven aan Luther (2021 is zijn 475e sterftejaar). Hoe somber de vooruitzichten ook zijn, we moeten blijven investeren. Vorig jaar heeft uw raad ingestemd met de Kadernota Ombuigen om in 2024 uiteindelijk ruim € 1 mln. om te buigen via een brede mix van maatregelen. Bij deze Kadernota wordt gerapporteerd over de voortgang van de gekozen oplossingen. Soms valt het mee en soms moeten we een tandje bijzetten om de finish te halen. De kadernota 2022-2025 schetst de hoofdlijnen van het financiële beleid voor het jaar 2022 als voorbereiding op de begroting 2022. Bovendien geeft de kadernota een doorkijk naar de jaren tot en met 2025, om duidelijk te maken hoe we er als gemeente in meerjarig perspectief voor staan. De verkiezingen voor de Tweede Kamer hebben een verdeeld parlement opgeleverd. Voor ons als gemeente zijn enkele keuzes van het nieuwe kabinet van grote invloed op ons beleid en vooral op onze financiën.
Komt er meer ruimte voor gemeenten? Hoe pakt de herijking gemeentefonds uiteindelijk voor ons uit? Komt er een structurele en afdoende compensatie voor de kosten Jeugdzorg? Hoe ziet de financiële systematiek er uit: “trap op – trap af” of een stabiel(er) budgettair kader? Een einde aan het abonnementstarief in de WMO? Krijgen we de wettelijke bevoegdheden en vooral ook de financiële middelen om de energietransitie uit te voeren? En wanneer gaat het kabinet weer bezuinigen en welke rekening wordt dan bij gemeenten gelegd? Na het hoofdstuk ‘Vertrekpunt voor de Kadernota’ schetsen we deze dilemma’s. Veel is onzeker en dus alleen de belangrijkste (financiële) ontwikkelingen en risico’s zijn nu opgenomen, grotendeels betreft dit autonome ontwikkelingen. Soms worden voorstellen gepresenteerd, omdat zij nieuw zijn en de komende jaren bestuurlijke aandacht vragen. Hieruit ontstaat een soort van pré-begroting 2022 met en doorkijk naar 2025. Het jaar 2022 staat in het teken van de gemeenteraadsverkiezingen op 16 maart 2022. Het huidige coalitieprogramma en collegeprogramma bestrijken de periode 2018 – 2022 (tot de verkiezingen). Voor de raadsperiode na die verkiezingen zal een nieuw coalitieakkoord en daarop gebaseerd een nieuw collegeprogramma worden opgesteld. In deze Kadernota worden enkele hoofdlijnen voor de nabije toekomst aangeduid.
Beleidsmatig is het huidige collegeprogramma leidend, wat doorgaans in samenhang met het coalitieakkoord 2018 – 2022 beschouwd wordt. Deze Kadernota is opgebouwd aan de hand van vier overkoepelende thema’s:
5
Onze gemeente Onze ruimte Onze inwoners Onze inkomsten
Op deze gebieden worden zowel de kaderstellende als de autonome ontwikkelingen beschreven. Daarnaast wordt per gebied een follow-up gepresenteerd van de ingeboekte bezuinigingen uit de Kadernota Ombuigen 2021-2024. Dit geeft inzicht in hoe de huidige begroting zich ontwikkelt. Bij deze Kadernota is ook een bijlage toegevoegd met de gedetailleerde follow-up van de ombuigingen uit de Kadernota Ombuigen 2021 – 2024. Veel is groen, maar ook veel moet de komende tijd nog worden opgepakt en uitgewerkt. De Kadernota sluit af met een schets van het financieel perspectief (in detail) voor de periode 2022 – 2025. Voor alle wensen en ontwikkelingen is onvoldoende ruimte in onze meerjarenbegroting. Dat betekent dat we keuzes hebben moeten maken.
Eemnes, mei 2021
6
Vertrekpunt Kadernota 2022 De provincie houdt toezicht op de financiële positie van de gemeenten en de gemeenschappelijke regelingen. Doel hiervan is het bevorderen van een gezonde financiële situatie bij deze overheden. Voorkomen moet worden dat gemeenten in een financieel uitzichtloze positie terecht komen. Gemeenten en gemeenschappelijke regelingen zijn in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor hun financiële huishouding. Een sluitende begroting is essentieel. Als dit niet het geval is, moet de gemeente in de meerjarenbegroting aannemelijk maken dat dit wordt opgelost. Repressief toezicht (achteraf) is regel, preventief toezicht (vóóraf) is uitzondering. Als de begroting en jaarrekening op tijd zijn ingezonden en de begroting in evenwicht is, valt een begroting onder het zogenoemde repressief toezicht. Als er geen zicht is op een sluitende begroting, al dan niet in combinatie met een slechte financiële positie, kan dit er toe leiden dat de provincie preventief toezicht gaat houden. Dit is een strenge vorm van toezicht waarbij niet alleen de begroting moet worden goedgekeurd maar de gemeente ook wijzigingen van de begroting vooraf ter goedkeuring moet inzenden. Jaarlijks toetst de provincie Utrecht of de begroting van Eemnes structureel en reëel in evenwicht is.
Om het structureel evenwicht te bepalen wordt het begrotingssaldo gecorrigeerd voor incidentele baten en lasten. In het geval de begroting niet structureel en reëel in evenwicht is, zal de toezichthouder beoordelen of het aannemelijk is dat dit uiterlijk in 2025 tot stand zal worden gebracht. Op basis van de vastgestelde begroting 2021 (inclusief de daarbij behorende Kadernota Ombuigen) heeft de provincie Utrecht vastgesteld dat de gemeente Eemnes onder repressief toezicht valt. Daarbij heeft de provincie aandachtspunten aangekaart. In deze Kadernota wordt de nodige aandacht besteed aan de aandachts- en verbeterpunten die de provincie te kennen heeft gegeven. De beginstand van de kadernota 2022 ziet er als volgt uit: Beginstand verloopoverzicht Begrotingssaldo 2022 Meerjarenbegroting 2022 -2024 (begroting 2021) Kadernota Ombuigen Spoor 1 Amendementen bij begrotingsbehandeling Beginstand Kadernota 2022
2022 2023 2024 2025 1.086.006 1.248.318 1.274.132 1.274.132 -1.164.599 -1.349.404 -1.473.547 -1.473.547 -15.864 -15.864 -15.864 -15.864 -94.457 -116.950 -215.279 -215.279
Op basis van de bovenstaande stand is er bij ongewijzigd beleid (en zonder structurele tegenvallers) sprake van een begrotingsoverschot van € 215.000 in 2025. Dit vormt dan ook het vertrekpunt voor de kadernota 2022.
7
Het Rijk, de gemeenten en Eemnes De Algemene Uitkering (AU) is goed voor ca. 85% van onze inkomsten. De afgelopen maanden zijn na de noodsignalen vanuit VNG, provincies en diverse gemeenten diverse onderzoeken verricht. De onderzoeken geven een beeld van de financiële positie van de gemeenten, geven een analyse van de problemen en uitdagingen en dragen mogelijke oplossingen aan. Die onderzoeken en de oplossingen komen op het bord van het nieuwe kabinet te liggen. De belangrijkste onderzoeken zetten we op een rij en de reactie/inzet vanuit de VNG en een inschatting wat dit voor Eemnes mogelijk betekent. Het gemeentefonds is in deze kabinetsperiode gekoppeld aan de brede rijksuitgaven. Hoe en in welke mate die koppeling ook in de volgende periode vorm en inhoud krijgt, is aan het nieuwe kabinet en een nieuw te sluiten bestuursakkoord tussen Rijk en VNG. De brede wens is om de schommelingen minder groot te laten zijn. Doordat het Rijk te vaak geld niet uitgeeft (kasstelsel waarbij uitgestelde investeringen in infrastructuur of defensie grote invloed hebben) was de algemene uitkering weinig voorspelbaar en bijna iedere kostenverhogende maatregel werd door de ministeries gedekt uit het accres (wat ook nog eens steeds kleiner werd).
De koppeling is vervolgens in 2020 en 2021 uitgezet vanwege de coronacrisis, dus onduidelijk is op welk niveau de accressen voor 2022 en verder dadelijk worden vastgesteld en of dit nadelig of voordelig uitvalt ten opzichte van de bestaande ramingen. Over het handhaven van de brede koppeling krijgen we op zijn vroegst in het coalitieakkoord van de nieuwe regering duidelijkheid. De meicirculaire 2021 geeft nieuwe cijfers voor de accressen voor 2022 en verder. Die duidelijkheid is relatief, want een nieuw coalitieakkoord zal hier nog impact op hebben. Voorlopig houden we de accresreeksen uit de meicirculaire 2021 aan voor de begroting 2022. Voor de Kadernota gaan we uit van de september- en decembercirculaire van 2020. Beide laten een slechter beeld zien van de AU de komende jaren.
1. Onderzoek BZK: krapte gemeentefonds zet uitvoering onder druk Uit onderzoek van BZK blijkt dat gemeenten sinds 2015 ruim € 2,4 miljard hebben bezuinigd op hun uitvoeringscapaciteit, terwijl hun takenpakket juist fors toenam. Dat is een krimp van bijna 15%. De oorzaak? De oplopende tekorten in het sociaal domein. Voor de VNG bevestigt dit onderzoek dat er hoognodig iets moet gebeuren om de financiële problemen bij gemeenten structureel op te lossen. Dat er de komende jaren nog steeds € 675 miljoen gekort wordt op de uitvoeringscapaciteit van gemeenten via de opschalingskorting is uiterst onverstandig. Daar moet acuut een einde aan komen, als je ziet dat gemeenten al 15% van hun uitvoeringscapaciteit hebben moeten inleveren. Op verzoek van de Tweede Kamer (TK) liet de minister van BZK een onderzoek uitvoeren naar de financiële positie van gemeenten. Het onderzoek is op 16 april aangeboden aan de Kamer en de uitkomsten zijn duidelijk: gemeenten zijn financieel in de knel geraakt. De toenemende druk op de financiële positie leidt tot een sluipende uitholling van het voorzieningenniveau. Gemeenten
8
doorlopen al vanaf 2010 onophoudelijk bezuinigingsrondes waarbij in de uitvoeringskosten wordt gesneden. Voorzieningenniveau verschraalt Naast bezuinigen op de eigen uitvoeringsorganisatie, leiden de financiële tekorten bij gemeenten ook tot andere verdringingseffecten, luidt de conclusie. Er is sprake van verschraling van het voorzieningenniveau. Bijvoorbeeld door het beperken van openingstijden, het verlagen van kwaliteitsniveaus van onderhoud of het versoberen van minimaregelingen. De uitgaven in het sociaal domein zijn volgens het onderzoek het koekoeksjong op de gemeentebegroting. Het dwingende karakter van deze uitgaven leidt tot verdringing van uitgaven aan andere taken, zoals onderwijs, sport en cultuur. Investeringen en onderhoud openbare ruimte op steeds lager pitje Ook investeringen in de openbare ruimte worden afgeschaald en uitgesteld. 'Wij hebben onze investeringen voor circa 25% afgeschaald', aldus een gemeente die in het onderzoek wordt aangehaald. Veel gemeenten rekken de afschrijvingstermijnen op waarin zij hun kapitaalgoederen, zoals wegen en schoolgebouwen, afschrijven. Op papier gaan deze investeringen dan langer mee, maar in de praktijk is de levensduur niet gewijzigd. In het onderzoek wordt dit omschreven als ‘een sluipende uitholling van het voorzieningenniveau’.
Balansreserves namen af met 30% Gemeenten moeten alles uit de kast trekken om financieel hun hoofd boven water te houden. Hierdoor is de financiële positie van gemeenten onder grote druk komen te staan. Gemeenten hebben de afgelopen jaren fors ingeteerd op hun reserves: in de periode 2010- 2019 zijn deze met circa 30% afgenomen. Het afbouwen van balansreserves door exploitatietekorten is synoniem met het zwaarder belasten van het bezit met schulden. Hogere lokale lasten Gemeenten zien steeds vaker geen andere uitweg meer dan de lokale lasten te verhogen. Ze proberen zo lang mogelijk de rekening niet bij de inwoners neer te leggen, maar toch zijn de inkomsten uit de onroerendezaakbelasting in de periode 2010-2019 gemiddeld met circa 14% toegenomen. Dit is volgens het onderzoek een duidelijk signaal dat de financiële druk bij gemeenten is toegenomen. En in Eemnes dan? We konden tot 2020 met redelijk beperkte ombuigingen onze begroting in evenwicht brengen. De tekorten in het sociaal domein in 2019 (jaarrekening) en in 2020 en de structurele elementen daarin voor de komende jaren hebben ook voor ons geleid tot een forse ingreep via de nota Ombuigen. Dus ook in Eemnes gaan we het de komende jaren merken. Tegelijkertijd hebben we de OZB de afgelopen jaren alleen met een inflatiecorrectie verhoogd. Ook de investeringen weten we nog steeds op een hoog niveau te houden.
De rek gaat langzaam wel uit de gemeentelijke financiën en als het elastiek te ver opgerekt wordt, knapt het. 9
2. Actualisatie verdeelvoorstel gemeentefonds verwacht in juni De fondsbeheerders hebben in een brief aan de TK laten weten dat zij verwachten begin juni 2021 met een aangepast verdeelvoorstel herijking gemeentefonds te komen. Eerder werd verwacht dat dit al in april gereed zou zijn. In de kamerbrief wordt uitgelegd dat er verschillende redenen zijn voor deze aanpassing van de planning:
De Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) heeft in een tussenbericht de fondsbeheerders gevraagd om eerst meer toelichting te geven bij de keuzes en effecten De ROB heeft kritische kanttekeningen geplaatst bij de uitlegbaarheid van de uitkomsten, met name in het sociaal domein. De reacties van de ROB en diverse gemeenten zijn voor de fondsbeheerders aanleiding om het verdeelvoorstel nog een keer kritisch tegen het licht te houden Voor één van de verdeelmaatstaven in het sociaal domein is een betere bron beschikbaar als indicatie voor de gezondheid van de bevolking. De fondsbeheerders willen overgaan tot een analyse waarbij deze bron wordt betrokken.
Alle opmerkingen, kanttekeningen en kritiek leidt tot een nadere analyse en een vervolgonderzoek, waarna het nieuwe verdeelvoorstel, zodra het gereed is, tezamen met de antwoorden op de vragen/kritiek wederom naar de ROB gaat voor een eindadvies. Begin juni verwacht BZK een aangepast verdeelvoorstel gereed te hebben. En Eemnes dan? We konden leven met de uitkomsten, omdat het effect slechts licht negatief was en er eerder sprake was van fors oplopende kortingen voor met name kleinere gemeenten. Zoals in een eerder bericht is aangegeven was ook het verschil tussen de drie BEL-gemeenten groot en lastig uitlegbaar. Voor Eemnes leverde de nieuwe systematiek een nadeel op van € 3 per inwoner. Voor Blaricum een plus van € 30 per inwoner en voor Laren een min van € 100 per inwoner. Opvallend was/is dat op basis van de maatstaven Eemnes fors moest inleveren op het onderdeel sociaal domein, terwijl de realisatie laat zien dat we ten opzichte van het bedrag dat we krijgen in bijvoorbeeld de jeugdhulp ca. 50% tekort komen. Het concept verdeelmodel liet verder voor de armere gebieden een daling zien (Groningen, Friesland) en dat lijkt ook niet logisch. Medio juni zullen de inzichten per gemeente voor het nieuwe model gedeeld worden. Dat betekent weer een periode van onzekerheid. Het kan immers voor ons goed uitpakken in de nieuwe systematiek of toch nog onverhoopt slechter.
De insteek van de VNG is dat er pas ingestemd wordt met de nieuwe systematiek wanneer ook het gemeentefonds als geheel groter wordt. Bijvoorbeeld door de opschalingskorting (die in 2020 en 2021 is bevroren) af te schaffen. Er moet vanaf 2022 nog € 675 mln. van de opschalingskorting gerealiseerd worden, deze korting is nu verwerkt in de meerjarenraming van de AU. Mogelijk wordt bij trage coalitievorming de bevriezing van de opschalingskorting (€ 160 mln. in 2021) in de Miljoenennota door het demissionaire kabinet verlengd. Op zijn vroegst wordt in het coalitieakkoord 10
van een nieuw kabinet definitief duidelijk of wordt meebewogen op het schrappen van (een deel van) deze korting. Het invoeringsjaar voor de herijking AU is nog steeds 2023 met een ingroeimodel voor de gemeenten met voor- dan wel nadeel van € 15 per inwoner per jaar. Dus een maximaal risico (of kans?) voor 2023 van € 140.000. Het advies vanuit de VNG is om de opschalingskorting conform de huidige ramingen door te laten lopen tot het maximum is bereikt. Dan kan namelijk een extra bate (zie hierna) m.b.t. de jeugdzorg ingeboekt worden. De uitkomsten van het nieuwe verdeelmodel zullen zodra er overeenstemming over is tussen Rijk, VNG en IPO worden opgenomen in de begroting 2022. Tot die tijd wordt als het risico opgenomen in de risicoparagraaf.
3. Extra middelen voor jeugdzorg Het kabinet stelt voor 2021 € 613 miljoen beschikbaar aan gemeenten voor het oplossen van de acute problematiek in de jeugdzorg. Die afspraak hebben het kabinet en de VNG gemaakt. Met dit geld komt er onder andere ruimte om de crisiscapaciteit in de jeugd-ggz uit te breiden en wachttijden aan te pakken. Daarnaast is afgesproken dat gemeenten en Rijk aan de slag gaan met maatregelen om de structurele houdbaarheid van de uitvoering van de Jeugdwet te verbeteren. Het geld komt bovenop de eerder toegezegde € 300 miljoen voor 2021. Druk verlichten Staatssecretaris Blokhuis (VWS): “Het kabinet erkent dat de druk op gemeenten, onder andere door de coronacrisis, fors is toegenomen. Het is van groot belang dat jeugdigen tijdig de zorg krijgen die zij nodig hebben. Ik ben blij dat we in overleg met de gemeenten tot afspraken zijn gekomen die de druk op de korte termijn verlichten. Maar dit is pas het begin. Het jeugdstelsel is op de lange termijn onhoudbaar en daarom is het nodig dat we uitgaven beter beheersbaar maken. Een belangrijke, gezamenlijke opgave.” Acute knelpunten aanpakken Het geld wordt ingezet om een aantal acute knelpunten in de jeugdzorg aan te pakken. Zo wordt de crisiscapaciteit in de jeugd-ggz tijdelijk uitgebreid, om beter aan de grotere zorgvraag, die mede door corona is ontstaan, te voldoen.
Een deel van het geld wordt ingezet om de wachttijden voor specialistische jeugdzorg in de regio aan te pakken en – in regio’s waar geen sprake is van wachttijden – te voorkomen. Gemeenten en Rijk werken een wachttijdaanpak uit, waarin ook wordt ingezet op het verbeteren van het oppakken van complexe casuïstiek. Verder is geld beschikbaar om kinderen, jongeren en gezinnen die nu vastzitten in het systeem van de jeugdbeschermingsketen per direct te helpen.
11
Beheersbaarheid van het jeugdstelsel Om jongeren die dat nu en in de toekomst nodig hebben passende zorg te bieden, is het nodig om de beheersbaarheid van het jeugdstelsel te vergroten. Het Rijk en gemeenten zijn hier mee bezig en zullen dit samen verder intensiveren in de vorm van een aantal maatregelen. Het gaat om het stimuleren van tariefdifferentiatie en standaardisatie van de uitvoering, het versmallen van de medische verwijsroute door enkel te verwijzen naar gecontracteerd aanbod en het breder invoeren van een praktijkondersteuner jeugd-ggz bij de huisarts. Door dit laatste kunnen meer jongeren laagdrempelig in de huisartsenpraktijk geholpen worden en is voor hen een verwijzing naar gespecialiseerde GGZ-zorg niet nodig. Fundamentele keuzes Om het jeugdstelsel op de lange termijn beheersbaar te maken zijn fundamentele keuzes nodig, bijvoorbeeld over de reikwijdte van de Jeugdwet en de beleidsvrijheid en rol van gemeenten in de uitvoering. Het is aan een nieuw kabinet om hierover te besluiten. Daarbij gaat het om een combinatie van maatregelen en structureel extra geld. Voor de formatietafel komt er een advies welke mix van middelen en maatregelen er nodig is om het volledige tekort structureel te dekken. Eventuele aanpassingen in het stelsel zullen op z’n vroegst vanaf 2023 stapsgewijs gaan leiden tot kostenreductie.
Een zwaarwegend advies wordt begin mei verwacht en op basis daarvan wordt geadviseerd te begroten. In de begroting 2022 zou maximaal rekening gehouden mogen worden met 50% van de € 1,5 mrd. en wel in de vorm van een mix van hogere baten omdat er extra geld bij komt en lagere lasten omdat er wettelijk wordt bijgestuurd op de instroom. Incidenteel geld voor jeugd-GGZ in 2021 Het incidentele geld wordt beschikbaar gesteld voor de tijdelijke uitbreiding van de (ambulante en klinische) crisiscapaciteit jeugd-GGZ, zodat aan de grote zorgvraag - mede als gevolg van corona- tegemoet gekomen wordt (specifieke uitkering € 50 miljoen). Daarnaast komt er meer inzet en regie op het voorkomen en aanpakken van wachttijden van hoog-specialistische jeugdzorg. Dit gebeurt op basis van goede data zodat kwetsbare kinderen de hulp krijgen die ze nodig hebben. Dit vraagt ook om een goede samenwerking met zorgaanbieders (algemene uitkering in gemeentefonds € 255 miljoen). Ook wordt een aantal andere specifieke knelpunten aangepakt, zoals de vereenvoudiging jeugdbeschermingsketen, de ombouw van separatiecellen en het verkleinen van woongroepen bij 3 milieuvoorzieningen. Hierbij wordt bezien of de middelen kunnen worden toegevoegd aan bestaande specifieke uitkeringen (€ 70 miljoen).
Een bedrag van € 238 miljoen wordt verstrekt voor overige problematiek, zoals de consultatiefunctie en het inrichten van de POH-jeugd GGZ in gemeenten (via het gemeentefonds).
12
En Eemnes dan? We hebben een fors tekort op de jeugdzorg dus elke maatregel is welkom. Het Rijk erkent inmiddels dat het tekort € 1,7 mrd. is en structureel is, op basis van AEF onderzoek. Hiervan is volgens datzelfde onderzoek € 1,5 mrd. niet beïnvloedbaar door gemeenten. De extra € 613 mln. in 2021 (bovenop de al begrote € 300 mln.) is deels voor gemeenten en deels is het een doeluitkering om extra capaciteit in de specialistische jeugdzorg te financieren. Of die extra capaciteit ook bij ons leidt tot wegvallende kosten is zeer de vraag. Twee onderdelen leiden tot extra baten de € 255 mln. voor meer inzet en regie op wachtlijsten. Dat sluit aan op het voorstel tot versterking van het JGT. De € 238 mln. voor overige problematiek en de POH-jeugd (= Praktijk Ondersteunend Huisarts) sluit aan op het voorstel 1 fte aan te trekken met als specialisme autisme en op de wens vanuit de Kadernota Ombuigen om een POH ten behoeve van onze huisartsen aan te trekken. Het lijkt reëel om het advies vanuit de VNG om maximaal 50% van € 1,5 mrd. aan te houden te volgen. Dat is dus € 750 mln. oftewel € 450 mln. bovenop de nu al begrote € 300 mln. compensatie. Die € 450 mln. sluit ook aan op de extra middelen die we als gemeenten in 2021 via de AU krijgen (namelijk € 255 mln. en € 238 mln. is samen € 493 mln.). De verdeling van de extra middelen via de uitkeringsfactoren is onzeker. De € 300 mln.
compensatie leidt in 2021 tot een bate van € 119.500. Dat betekent dat we structureel een extra bate opnemen van € 180.000 met ingang van 2022 als compensatie voor de kosten jeugdzorg. Dat kunnen extra middelen zijn, maar ook wegvallende kosten (als bijvoorbeeld gesloten jeugdzorg en psychiatrische behandelingen onder de Zfw komen te vallen).
4. Kostenbeheersing sociaal domein (klassiek) Voorkomen van duurdere zorg moet aantrekkelijker worden voor zorgfinanciers Het kabinet werkt aan een wet om meer samenwerking over de verschillende zorg-domeinen te stimuleren (Wet langdurige zorg, Wet maatschappelijke ondersteuning en Zorgverzekeringswet). Met deze wet moet het voor de inkopende partijen meer lonen om te investeren in preventieve maatregelen om duurdere zorg te voorkomen of uit te stellen. Gemeenten, zorgkantoren en zorgverzekeraars zijn opdrachtgever en financier in het stelsel van (langdurige) zorg en ondersteuning en zijn meer dan ooit op elkaar aangewezen. Door de hervormingen in de langdurige zorg is de ouderenzorg namelijk opgeknipt in drie domeinen, waardoor de partijen moeten samenwerken om te borgen dat de zorg zo goed mogelijk aansluit op de wensen van de cliënt. Om goede gezondheid voor zoveel mogelijk burgers te kunnen waarborgen en de zorg betaalbaar te houden, is het dus logisch dat gemeenten, zorgkantoren en zorgverzekeraars elkaar in de regio op bepaalde inhoudelijke thema’s opzoeken en samenwerken. Door in te zetten op preventie kan veel (duurdere) zorg voorkomen worden. Maar die inzet is niet altijd vanzelfsprekend, omdat de kosten van preventieve activiteiten vaak in het ene domein vallen 13
en de baten in het andere. Zo zijn de kosten voor gezamenlijke initiatieven voor preventieve maatregelen vaak voor rekening van de gemeenten en de zorgverzekeraar, terwijl de zorgkantoren ook financieel gebaat zijn bij de resultaten van dergelijke initiatieven, doordat zwaardere en/of duurdere zorg voorkomen kan worden. Hiervoor is het nodig dat er financiële manoeuvreerruimte is om afspraken over de domeinen heen te maken. Met dit wetsvoorstel wordt het mogelijk gemaakt dat zorgkantoren mee-investeren in deze samenwerkingsverbanden. Zo kunnen zij bijdragen aan de gezamenlijke domein overstijgende initiatieven waarvan ook zij de vruchten plukken. Ook stimuleert dit zorgkantoren om preventieve maatregelen te monitoren en evalueren, zodat zij kunnen leren en verbeteren in het herkennen van doeltreffende en doelmatige maatregelen. Voorbeelden zijn initiatieven die bevorderen dat ouderen langer zelfstandig kunnen blijven wonen, waardoor ze minder snel een beroep hoeven te doen op Wlz-zorg. Abonnementstarief De monitor heeft aangetoond dat in 2019 de financiële impact ruim 50% groter is (€ 226 mln.) dan de toegekende compensatie (€ 145 mln.). Desondanks is vanuit het kabinet aangegeven dat er geen aanvullende compensatie komt, men verwijst naar het accres. Veel partijen hebben in het verkiezingsprogramma opgenomen dat ze het abonnementstarief willen afschaffen.
Pas bij een nieuwe Regeerakkoord zal de status quo eventueel wijzigingen, het zij door terugdraaien van het abonnementstarief (waarschijnlijk) of alsnog passende compensatie. Het advies is om qua baten niks te ramen en voorlopig de eigen volumeontwikkeling nog aan te houden. En Eemnes dan? We staan aan de vooravond van een gestaag toenemende vergrijzing en zien de kosten voor ondersteuning (HH), hulpmiddelen en vervoer toenemen. In 2000 was 9% van de Eemnesser bevolking 65-jaar of ouder, in 2020 is dat opgelopen tot 21% en de prognose is een stijging naar 25% in 2030 en 28% in 2040 (bij een voortgaande (bescheiden) groei van de totale bevolking).
65-70 70-75 75-80 80-85 85-90 90-95 95+
2000 296 217 148 70 33 5 1
2020 546 578 376 221 126 52 8
totaal in % inwoners
770 8,9% 8619
1907 20,6% 9247
80+
109
407
Vooral het aantal inwoners van 80 jaar en ouder, die een (groter) beroep op ondersteuning en hulpmiddelen doen is in 20 jaar tijd bijna verviervoudigd. De trend om de Wlz-zorg moeilijker 14
bereikbaar te maken en in te zetten op langer thuis wonen legt een voortdurende druk op de ondersteuning vanuit de gemeente en daarmee op de financiën van de gemeente. Positief aan het nieuwe wetsvoorstel is dan ook de notie dat langer thuis wonen goedkoper is dan de Wlz-instellingen en dat er niet in schotten (gemeente, Wlz en Zvw) gedacht moet worden. Op macroniveau heeft Nederland er belang bij dat gemeenten in staat zijn ouderen goed te ondersteunen in de thuissituatie, dat voorkomt een duurder beroep op Wlz en met goede preventie ook deels dure zorg via de Zvw. Die rekening ligt nu echter vooral (en eenzijdig) bij gemeenten. In 2030 telt Eemnes volgens de prognoses van het CBS absoluut gezien 26% meer ouderen (2.400) dan in 2020 en in 2040 zelfs 47% meer (2.800). Dat betekent dat we rekening moeten houden met een oplopend beroep op met name HH, woningaanpassingen, rolstoelen en vervoersvoorzieningen. Een compensatie of een afschaffing van het abonnementstarief (en herinvoering eigen bijdrage) moet de forse stijging van de uitgaven en de stijgende aantallen opvangen. Tegelijkertijd zal er in de toekomst een toenemend beroep worden gedaan op de WMO, omdat absoluut (en bij gelijkblijvend beleid ook relatief) onze bevolking verder veroudert. Daar tegenover staat dat de nieuwe generatie ouderen langzaam maar zeker ook een beter pensioen zullen hebben opgebouwd.
De huidige generatie 80+ omvat nog een groot deel ouderen die alleen AOW of slechts een bescheiden aanvullend pensioen hebben. Vooral in de jaren ’70 en ’80 zijn de bedrijfspensioenregelingen (m.n. voor vrouwen) fors verbeterd. Het is aan het nieuwe kabinet om de stijgende zorgkosten met een mix van eigen bijdragen en voldoende middelen voor gemeenten betaalbaar te houden. Het alternatief voor het Rijk is een uitbouw van de (eerder afgebouwde) capaciteit voor het duurdere intramuraal wonen in zorg- en verpleeghuizen via de Wlz.
5. Klimaatakkoord Om het Klimaatakkoord te kunnen uitvoeren, hebben gemeenten aanvullende middelen nodig. In zijn advies hierover concludeert de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) dat deze uitvoeringslasten voor gemeenten neerkomen op circa € 600 miljoen per jaar. Bij hun instemming met het Klimaatakkoord hebben gemeenten als voorwaarde gesteld dat er een vergoeding moet komen voor de uitvoeringslasten. De energietransitie en het verduurzamen van de gebouwde omgeving zijn grote opgaven die gemeenten niet alleen kunnen financieren uit eigen middelen. In het Klimaatakkoord hebben Rijk en decentrale overheden daarom een 'artikel 2onderzoek' afgesproken naar de uitvoeringslasten van gemeenten, provincies en waterschappen voor de periode 2022-2030. De ROB heeft dit onderzoek uitgevoerd, waarbij gemeenten en de VNG nauw betrokken waren. In zijn eindadvies 'Van Parijs naar praktijk' gaat de ROB in op zowel de hoogte van de uitvoeringslasten als de manier waarop de uitvoering kan worden vormgegeven. Voor de uitvoering van het Klimaatakkoord hebben gemeenten een bedrag nodig van € 450 miljoen in 2022 oplopend tot € 599 miljoen in 2024, waarna de kosten blijven toenemen. Aangezien het onderzoek een momentopname is, adviseert de raad het onderzoek te herijken voor de bekostiging in de periode na 2024.
De raad adviseert tevens een overheidsbreed programmateam op te richten dat kijkt hoe 15
decentraal beleid optelt tot landelijke ambities en ziet daarin een belangrijke rol weggelegd voor de regio. Reactie VNG De VNG neemt positief kennis van het rapport. Het onderstreept de majeure opgave van het Klimaatakkoord, de regierol van gemeenten en de uitvoeringslasten die dit met zich meebrengt. Voor het vormgeven van de governancestructuur geldt dat de decentrale uitvoeringspraktijk leidend moet zijn en dat gemeenten moeten worden ondersteund door nationale programma's voor de RES en de gebouwde omgeving. In de gesprekken tussen Rijk en decentrale overheden rond de kabinetsformatie zal worden gesproken over de bevindingen uit het onderzoek en wat zij betekenen voor het ondervangen van de uitvoeringslasten. Afspraken mogen niet te lang op zich laten wachten, zodat bedragen tijdig kunnen worden opgenomen in de begroting voor 2022. Voor 2022 zijn nog geen bedragen gereserveerd in de Rijksbegroting. Er ligt nu dus een ROB advies voor bekostiging van de taken die gemeenten vanuit de RES moeten oppakken van € 450 mln. per jaar voor de komende vier jaar. De definitieve toezegging hiervoor wordt vooralsnog doorgeschoven naar het volgende kabinet. Het Rijk bestrijdt de hoogte van de kosten. In de Voorjaarsnota zal het kabinet wel al een bedrag opnemen voor gemeenten in 2022 zo is de verwachting. Het verduurzamen van de eigen gebouwen, de eigen organisatie (mobiliteit) etc.
worden gemeenten geacht zelf te bekostigen uit de AU. Vandaar dat de OB adviseert om voor de periode 2022 – 2024 jaarlijks € 450 mln. aan gemeenten te verstrekken. In het rapport opgesteld door AEF lopen de kosten in de jaren 2022 – 2030 gestaag op. De kosten voor 2022 worden geraamd op € 479 tot € 522 mln., oplopende tot € 771 tot € 953 mln. in 2030. En Eemnes dan? We volgen het advies van de VNG om voor de begroting 2022 – 2025 niet meer budget op te nemen voor de uitvoering dan de feitelijke bijdrage van het Rijk. Dat staat los van de inzet die we vanuit de incidentele middelen (decembercirculaire 2019) in 2021 en 2022 doen vanuit de reserve Klimaatbeleid. Dat betekent dat als er geen duidelijkheid is medio augustus, we dan de uitgaven en inkomsten op PM stellen. Eemnes is feitelijk één wijk, dat betekent dat we weliswaar beperkt (in BELverband) synergie hebben bij onze wijkaanpak, het maakt ook dat we met de extra middelen mogelijk wel uit komen. De vraag is dan ook veeleer of de menskracht op de nu al krappe arbeidsmarkt te vinden zal zijn of dat dure externe inhuur (mits beschikbaar) nodig zal zijn. RESUME: Algemene uitkering Gemeentefonds (opschaling/trap af) Herverdeling gemeentefonds Extra middelen jeugdzorg Sociaal domein: kostenbeheersing Klimaatakkoord
2022 PM PM -180.000 PM PM
16
2023 PM PM -180.000 PM PM
2024 PM PM -180.000 PM PM
2025 PM PM -180.000 PM PM
Onze gemeente Bestuur van de gemeenschap Maatschappelijke opgave conform global goals
Visie Eemnes is een bestuurskrachtige en zelfstandige gemeente, die samen met andere gemeenten en de inwoners maatschappelijke doelen realiseert via goed georganiseerde dialoogprocessen. Kaderstellende ontwikkelingen Toekomstvisie Eemnes 2030 - 2050 Medio 2021 verwachten we het traject om te komen tot een toekomstvisie voor Eemnes af te ronden. Samen met de uitkomsten uit de woonvisie en het woonbehoeftenonderzoek zal dit leiden tot een leidraad voor de toekomst. Als vervolg op de toekomstvisie is de volgende stap het opstellen van een Omgevingsplan, waarin de ruimtelijke vertaling van de inhoudelijke keuzes en de uitdagingen die de energietransitie met zich meebrengt een plek krijgen. De nieuwe raad zal die ambitie op hoofdlijnen vaststellen, zodat het Omgevingsplan geen statisch document zal zijn, maar een met nieuwe ontwikkelingen mee ademend document.
Verkiezingen gemeenteraad 2022
€ 7.500 (I)
In maart 2022 zijn er wederom verkiezingen, primair is het aan de partijen om hierin het voortouw te nemen. Net als bij de vorige verkiezingen zal de gemeente een aantal zaken oppakken, zoals een special van de Rotonde. De exacte invulling wordt eind 2021 met de raad besproken. Tevens zal afscheid genomen worden van de oude raad en zal een nieuwe raad worden geïnstalleerd. Doordat de budgetten de afgelopen jaren fors zijn gekort, moeten we dit soort evenementen afzonderlijke begroten.
17
Standpunt college De budgetten voor communicatie zijn de afgelopen jaren gekort, de uitgaven zijn noodzakelijk om rondom de verkiezingen onze inwoners goed te betrekken. De komende jaren staan belangrijke keuzes voor de gemeente op de bestuurlijke agenda.
Follow-up Kadernota Ombuigen 2021-2024 Bestuur van de gemeenschap Kadernota Ombuigen 2021 - 2024 Actualisatie ombuigingen Mutaties ombuigingen
2021 -3.000 -3.000 0
2022 -3.000 -3.000 0
2023 -3.000 -3.000 0
2024 -3.000 -3.000 0
2025 -3.000 -3.000 0
Besluitvorming college Geen aanpassingen
2022 0
2023 0
2024 0
2025 0
Begroting 2022 - 2025
0
0
0
0
Specificatie verschil N.v.t.
Oordeel college over aangedragen voorstellen
18
Veiligheid Maatschappelijke opgave conform global goals
Visie Burgers en bedrijven voelen zich veilig in Eemnes en worden geïnformeerd en gefaciliteerd in zelfredzaamheid en weerbaarheid bij veiligheidsvraagstukken als inbraken, brand en overlast. Kaderstellende ontwikkelingen Criminaliteitspreventie € 5.000 (S) Voor zowel aanpak drugs- en jeugdoverlast als cybercrime worden plannen van aanpak ontwikkeld, gericht op preventie en signalering van deze problematiek. Over de bijbehorende aan te schaffen producten zijn nog geen prijsafspraken gemaakt. Voor verslavingspreventie is voldoende materiaal beschikbaar. Het in dit voorstel genoemde budget wordt aangewend om preventie als het gaat om betrokkenheid van jongeren in handel en productie te beperken. Voor cyber/digitale veiligheid gaat het om inzetten van preventieactiviteiten zoals het spel Cyber24 gericht op het weerbaar maken van jongeren op internet zie https://hetccv.nl/onderwerpen/cybercrime/cyber24/ en HackShield https://joinhackshield.nl/. Verwacht resultaat van beleid Het educatie- en promotiemateriaal zorgt ervoor dat dat inwoners en jongeren worden ondersteund bij het voorkomen van (digitale) criminaliteit.
Standpunt college De budgetten voor veiligheid zijn beperkt en veiligheid / bewustwording is een kerntaak van de gemeente.
Jeugdbrandweer BEL (opzetten) € 1.875 (I) Opzetten structuur, werving en programmering jeugdbrandweer verbonden aan de posten Blaricum, Eemnes en Laren. Voor de jeugdbrandweer in Blaricum, Eemnes en Laren worden leden gezocht in de leeftijd van 12 – 16 jaar die woonachtig zijn binnen een van de BEL-gemeenten. Zij worden geworven middels een social media campagne, aandacht in diverse media en een informatiepakket voor de leerlingen in groep 8. 19
De kosten voor de oprichting en instandhouding van de jeugdbrandweer komen uit de lopende begroting van Brandweer Gooi en Vechtstreek. Daarnaast is incidenteel een bedrag vrijgemaakt door de BEL-gemeenten naar aanleiding van een motie van de fractie Beemsterboer uit de raad van Blaricum. De start van de werving zal in 2021 zijn, we ramen ook in 2022 een incidenteel bedrag. Hierna zal de bekendheid van de jeugdbrandweer groot genoeg zijn om gericht jongeren te interesseren voor deze taak. Verwacht resultaat van beleid Deze eenmalige bijdrage wordt gebruikt om het brandweervak interactief bij de jeugdleden te brengen.
Standpunt college De bijdrage PM ramen. In 2021 wordt de jeugdbrandweer opgestart, in 2022 bezien of op basis van een concreet plan er extra werving nodig is.
Autonome ontwikkelingen Veiligheidsregio Utrecht (VRU) € 15.000 (S) De begroting van de VRU is in de raadsvergadering van april 2021 behandeld ten behoeve van de zienswijzeprocedure. De raad heeft besloten om geen zienswijze op de begroting van de VRU te versturen. Op basis van de ontwikkelingen in de begroting van de VRU stijgt de bijdrage van Eemnes met € 15.000 in 2022 en verder. Standpunt college Onvermijdelijk
ARBO-eisen brandweerkazerne € 1.500 (S) De brandweerkazerne is gekeurd voor de meest recente ARBO-eisen (veilig werken, scheiden mannen en vrouwen in kleedruimte etc.). Op basis van dit rapport zijn enkele aanpassingen binnen het gebouw nodig. Geraamde ruwe investering € 15.000 (10 jaar). Standpunt college Onvermijdelijk
20
Follow-up Kadernota Ombuigen 2021-2024 Veiligheid Kadernota Ombuigen 2021 - 2024 Actualisatie ombuigingen Mutaties ombuigingen
2021 -5.000 -5.000 0
2022 -16.500 -12.500 4.000
2023 -20.500 -20.500 0
2024 -20.500 -20.500 0
2025 -20.500 -20.500 0
0
4.000
0
0
0
Specificatie verschil schoonmaakpakket VRU
Toelichting follow-up (afwijkingen) Kadernota Ombuigen 2021 – 2024 Schoonmaakpakket VRU Deze bezuiniging moet worden gerealiseerd door de VRU. Middels de zienswijze op de ontwerpbegroting 2022 van de VRU is dit punt opgenomen. Hiermee gaan wij er vanuit dat deze bezuiniging vanaf 2023 wordt gerealiseerd door de VRU. Standpunt college In 2021 overleg opstarten met VRU om de bezuiniging ook daadwerkelijk te realiseren m.i.v. 2023.
Oordeel college over aangedragen voorstellen Besluitvorming college Jeugdbrandweer op PM
2022 -1875
2023 0
2024 0
2025 0
Begroting 2022 - 2025
-1.875
0
0
0
21
Publiek, vergunning en handhaving Maatschappelijke opgave conform global goals
Visie Een klantgerichte dienstverlening aan de bewoners van Eemnes, via alle mogelijke kanalen. Autonome ontwikkelingen Regionale uitvoeringsdienst (RUD) Rondom de Regionale uitvoeringsdienst Utrecht (RUD) zijn er diverse ontwikkelingen. Deze ontwikkelingen worden hieronder verder toegelicht. Regionale uitvoeringsdienst Utrecht (RUD) € 6.000 (S) Op basis van de ontwerpbegroting 2022 van de RUD stijgt de bijdrage van Eemnes met € 6.000. Omgevingswet en de RUD De financiële consequenties die de invoering van de Omgevingswet op de deelnemers van de RUD Utrecht zal hebben is nog niet volledig inzichtelijk met betrekking tot de verschuiving van bodemtaken. Ook is nog niet volledig duidelijk hoe het (basis)takenpakket er per deelnemer uit zal gaan zien onder de Omgevingswet. Zowel binnen het programma Omgevingswet als het traject ‘Samen op weg’ is de RUD druk bezig om dit in samenwerking met alle deelnemers uit te werken. Gedurende 2021 zal het toekomstig takenpakket onder de Omgevingswet steeds verder uitgekristalliseerd gaan worden. De effecten die dit zal gaan hebben op de variabele en vast bijdrage van onze deelnemers zal duidelijk moeten worden uit toekomstige begrotingswijzigingen.
Overdracht Bodemtaken Provincie naar gemeente – RUD Utrecht Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet (2022) verschuift de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de vaste bodem van provincie naar gemeente. Dit betekent een nieuwe taak waar extra kosten aan verbonden zijn. Het budget is (deels) bestemd om deze taken te laten uitvoeren door de RUD Utrecht. Op dit moment is nog niet bekend welke kosten erbij komen voor de gemeente Eemnes en welke financiering verwacht kan worden vanuit het Provinciefonds naar het Gemeentefonds. Vanuit de Omgevingsdienst is hier eind maart in samenwerking met de ODRU aandacht voor gevraagd bij de VNG zodat dit meegenomen kan worden in de voorjaarsnota 2021 van de RUD Utrecht. Insteek vanuit Eemnes is dat het geld leidend is voor de invoering van deze nieuwe taak, dus op voorhand geen extra bijdrage vanuit de gemeenten.
22
Programma ‘Samen op Weg’ De definitieve uitkomsten van het traject ‘Samen op weg’ zijn nog niet volledig bekend. Hierdoor zijn deze nog niet financieel vertaald naar de ontwerp Programmabegroting 2022 RUD Utrecht. Aan de raad is voorgesteld als zienswijze op de programmabegroting 2022 RUD Utrecht in te dienen de raad zo spoedig mogelijk te informeren zodra de financiële consequenties uit deze trajecten bekend zijn. Uitvoering asbesttaken Per 2020 zijn de (bedrijfsmatige) asbesttaken overgedragen aan de RUD Utrecht. Dit betreft een wettelijke verplichting. Binnen de dienstverleningsovereenkomst 2020 is voor de uitvoering van deze taken 37,25 uur opgenomen. Inmiddels is duidelijk dat deze uren niet afdoende blijken voor het aantal ontvangen meldingen en daarbij komende uit te voeren taken, die boven verwachting liggen. Dit betreft een vraaggestuurde taak waarbij er een wettelijke verplichting geldt deze af te handelen. Uitvoering overige We zien de laatste jaren het aantal meldingen op grond van de Wet geluidhinder, Wet bodembescherming , Wet milieubeheer/Wabo en Besluit bodemkwaliteit toenemen. Ook zien wij een stijging van het aantal klachten/meldingen toenemen sinds de corona crisis. Dit leidt er toe dat de laatste jaren sprake is geweest van overschrijdingen dan wel aanvullende werkopdrachten die noodzakelijk bleken (tegen hogere tarieven).
De toename van de vraag op deze vraaggestuurde producten waarbij sprake is van een wettelijke verplichting deze (binnen een bepaalde termijn af te handelen) producten blijkt blijvend. Het is in het kader van kosten efficiency wenselijker om te anticiperen op de toenemende vraag binnen de jaarlijks vast te stellen dienstverleningsovereenkomst. Het resultaat van deze uitgaven is dat de RUD Utrecht namens Eemnes op basisniveau de taken uitvoert. Dit betekent dat er niet of nauwelijks sprake is van het uitvoeren van plustaken. Het budget dat gevraagd wordt is noodzakelijk voor het uitvoeren van deze basistaken, enerzijds als gevolg van wettelijke wijzigingen en anderzijds door toenemende vraag op producten waarvan een wettelijke verplichting geldt dat deze binnen een bepaalde termijn worden opgepakt (o.a. verlenen vergunningen/afhandelen meldingen). Met het in werking treden van de Omgevingswet is het mogelijk om leges te heffen voor omgevingsvergunningen voor activiteiten met gevolgen voor het milieu. In de Kadernota Ombuigen is met ingang van 2023 rekening gehouden met deze inkomsten. Regionale Uitvoeringsdienst Begroting Asbestdaken Maatwerk / plustaken
2022 6.000 6.000 10.000
23
2023 6.000 6.000 10.000
2024 6.000 6.000 10.000
2025 6.000 6.000 10.000
Standpunt college De hogere bijdrage wegens CAO etc. is onvermijdelijk. De hogere uren vanwege asbestdaken sluit aan op de eigen inzet m.b.t. asbestdaken, dus opnemen als project tot en met 2024. De maatwerk/plustaken voor 2022 en 2023 niet toekennen en deze pas met ingang van 2024 ramen, vergt ook duidelijkheid rondom Omgevingswet, Leges, Bodemtaken etc.
Follow-up Kadernota Ombuigen 2021-2024 Publiek, vergunning en handhaving Kadernota Ombuigen 2021 - 2024 Actualisatie ombuigingen Mutaties ombuigingen
2021 38.500 38.500 0
2022 6.210 6.210 0
2023 28.500 28.500 0
2024 26.000 26.000 0
2025 26.000 26.000 0
Specificatie verschil N.v.t.
Oordeel college over aangedragen voorstellen Besluitvorming college Asbestdaken = project tm 2023 Maatwerk/plustaken m.i.v. 2023 Begroting 2022 - 2025
2022 0 -10000 -10.000
24
2023 0 -10000 -10.000
2024 0 0 0
2025 -6000 0 -6.000
Bedrijfsvoering, Overhead en BEL Combinatie Visie Onze ambtelijke organisatie kantelen we van uitvoering naar regie, waardoor we mee kunnen blijven doen met alle (nieuwe) wettelijke en maatschappelijke ontwikkelingen. Onze medewerkers staan ten dienste van onze gemeenschap en onze inwoners Autonome ontwikkelingen BEL combinatie € 172.812 (S) In de ontwerpbegroting van de BEL Combinatie stijgt de gemeentelijke bijdrage van Eemnes met ruim € 500.000. Voor het overgrote gedeelte heeft dit betrekking op overgedragen taken van het JGT aan de BEL Combinatie (€ 380.000). De overige stijging kan voor het overgrote deel worden toegerekend aan de verwachte cao-stijging en de stijging als gevolg van inflatie. Deze laatste vertaalt zich in geïndexeerde contracten van de BEL Combinatie op bijvoorbeeld licenties. In het volgende overzicht worden de financiële gevolgen in detail weergegeven: Ontwikkeling bijdrage BEL Combinatie
2022
2023
2024
2025
75.286 3.110 32.698
73.713 3.110 33.228 3.803
73.326 3.110 33.053 3.804
73.326 3.110 33.053 3.803
Ontwerpbegroting 2022 BEL Combinatie Extra teamleider OR/RO Maatwerk JGT Eemnes Senior verkeersadviseur Totale verhoging bijdrage BEL Combinatie
34.587 380.000 27.131 552.812
0 380.000 27.131 520.985
0 380.000 27.131 520.424
0 380.000 27.131 520.423
Dekking Budget JGT Bijdrage aan BEL Combinatie ná aftrek dekking
-380.000 172.812
-380.000 140.985
-380.000 140.424
-380.000 140.423
Kaderbrief 2022 BEL Combinatie Cao gemeenten 2021 Stijging pensioenpremies Consumentenprijsindex (CPI) Hybride werken (Kapitaallasten)
Standpunt college Onvermijdelijk en realisatie bezuinigingstaakstelling door BEL Combinatie
Gemeente Eemnes € 23.000 (S) De VNG en vakbonden zijn in onderhandeling over een nieuwe CAO. Door de huidige financiële onzekerheid stellen de werkgevers voor om in 2021 een pauze in te lassen in de structurele salarisverhogingen. De bonden hebben een looneis neergelegd van 3,5%. Omdat de CAO en premiebedragen nog niet bekend zijn is voor de bepaling van de loonaanpassing gebruik gemaakt
25
van het indexcijfer “prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers” van het CPB. Deze bedraagt 1,9% (ofwel € 21.000). Daarnaast verhoogd het ABP de pensioenpremies in 2021 met 1,0 %. Van deze verhoging komt 70% voor rekening van de werkgever. Conform bestendige gedragslijn begroten we alleen de werkelijke verhoging van de pensioenpremies. Dit bedraagt € 2.000. De formatie uitbreiding van de gemeente Eemnes waartoe onlangs is besloten zal inclusief de dekking worden verwerkt in de begroting 2022. Per saldo is de uitkomst circa 0.
Standpunt college Onvermijdelijk
Follow-up Kadernota Ombuigen 2021-2024 Bedrijfsvoering gemeente en BEL Combinatie Kadernota Ombuigen 2021 - 2024 Actualisatie ombuigingen Mutaties ombuigingen
2021 -75.395 -75.395 0
2022 -124.091 -124.091 0
2023 -167.684 -167.684 0
2024 -199.306 -199.306 0
2025 -199.306 -199.306 0
Specificatie verschil N.v.t.
Met de BEL begroting 2022 – 2025 zijn ook de ingeboekte bezuinigingen voor Eemnes gerealiseerd.
Oordeel college over aangedragen voorstellen Besluitvorming college Geen aanpassingen
2022 0
2023 0
2024 0
2025 0
Begroting 2022 - 2025
0
0
0
0
26
Ontwikkeling Financieel perspectief 2022 – 2025 Kadernota 2022
2022
2023
2024
2025
Onze Gemeente Bestuur van de gemeenschap Verkiezingen gemeenteraad
7.500 0 0
0 0
0 0
0 0
Veiligheid Criminaliteitspreventie Jeugdbrandweer BEL Veiligheidsregio Utrecht (VRU) ARBO-eisen brandweerkazerne
5.000 1.875 15.000 1.500
5.000
5.000
5.000
15.000 1.500
15.000 1.500
15.000 1.500
Follow-up Kadernota Ombuigen 2021 - 2024 Besluitvorming college
4.000 -1.875
0 0
0 0
0 0
Publiek, vergunning en handhaving Regionale uitvoeringsdienst Utrecht (RUD) Asbestdaken Plustaken
6.000 6.000 10.000
6.000 6.000 10.000
6.000 6.000 10.000
6.000 6.000 10.000
Follow-up Kadernota Ombuigen 2021 - 2024 Besluitvorming college
0 -10.000
0 -10.000
0 0
0 -6.000
Bedrijfsvoering gemeente en BEL Combinatie BEL Combinatie Gemeente Eemnes Formatie gemeentelijk staf
172.812 23.000 0
140.985 23.000 0
140.424 23.000 0
140.423 23.000 0
Follow-up Kadernota Ombuigen 2021 - 2024 Besluitvorming college
0 0
0 0
0 0
0 0
240.812
197.485
206.924
200.923
Follow-up Kadernota Ombuigen 2021 - 2024 Besluitvorming college
Totaal mutaties
27
Onze ruimte Mobiliteit Maatschappelijke opgave conform global goals
Visie Een goed functionerend, veilig en duurzaam verkeer en vervoersysteem in Eemnes. Kaderstellende ontwikkelingen Onderhoudskosten wegen areaaluitbreiding Zuidpolder € 5.000 S Door de aanleg van de wijk Zuidpolder en de daarbij overgedragen verhardingen groeit het totale wegenareaal van de gemeente. Om in te kunnen spelen op schades aan het wegennet en daarmee de buitenruimte veilig te houden is hoger beheerbudget nodig. Er zal in de komende periode (2021, 2022) deelgebieden (2.3 en 3.3) overgedragen gaan worden naar de gemeente. Verwacht resultaat van beleid Een goed onderhouden wegennet waarbij de kans op aansprakelijkheidstelling door gebruikers wordt voorkomen.
Standpunt college Wegen zijn net nieuw, komende jaren geen extra budget. Heeft relatie met taakstelling onderhoud wegen vanuit Kadernota Ombuigen, dus t.z.t. onderhoudsbudget wegen bezien bij meer financiële ruimte. Niet honoreren.
Ontwikkelingen verkeer: SPV 2030 en RMP
€ P.M.
1. SPV (Strategisch Plan Verkeersveiligheid) 2030. Gemeenten maken in regionaal verband samen met provincie Utrecht een regionaal uitvoeringsprogramma. Er is een overlap met project Tour de Force. Het SPV is gericht op verkeersveiligheid en Tour de Force op het stimuleren van de fiets. 2. RMP (Regionaal Mobiliteitsprogramma) ten behoeve van het halen van de CO2 reductiedoelen uit het klimaatakkoord. Elke gemeente moet straks maatregelen treffen die bijdragen aan de regionale reductie van CO2. 28
Zowel voor het SPV als RMP wordt een uitvoeringsprogramma opgesteld waar de raad keuzes in kan maken. Er is nog niet bekend welke middelen hiervoor nodig zijn. Het nog te bepalen budget is bestemd voor de voorbereiding, aanbesteding en uitvoering van het project. Voor Tour de Force en SPV geldt dat ook investeringen als Laarderweg, kruising Braadkamp, kruising Wakkerendijk- Eikenlaan, fietsverbinding Eikenlaan – Te Veenweg Zuid onderdeel uitmaken van de integrale aanpak. Verwacht resultaat van beleid Het resultaat van deze plannen komen als volgt tot uitdrukking: De maatregelen van het SPV 2030 dragen bij aan het doel dat gesteld is: tot 2050 toe werken naar 0 verkeersslachtoffers. Anno 2020 zijn er nog ruim 600 doden te betreuren in Nederland. Met de strategische risico gestuurde aanpak worden maatregelen getroffen die de verkeersveiligheid verhogen. Behalen van de klimaatdoelen van het landelijke klimaatakkoord en een bijdrage leveren aan de reductie van CO2 ten gunste van mobiliteit.
Standpunt college In de begroting 2021 – 2025 is voor Tour de Force een investeringsbudget opgenomen. De investeringen vanuit het SPV zijn dan ook een concrete invulling van Tour de Force (en in onze begroting staat dus het co-financieringsdeel). De RMP doelstellingen worden bekostigd vanuit de Rijksbijdrage voor klimaatbeleid. Uitgangspunt is dat we uitkomen met de budgetten die we hebben/krijgen.
Onderhoud HOV infrastructuur en voorzieningen Eemnes € P.M. Het nog nader te bepalen budget is nodig om in het onderhoud van de infrastructuur en de voorzieningen voor p+r en halteplaats HOV te voorzien. De provincie is verantwoordelijk voor het onderhoud aan de vrijliggende busbanen en de halteplaats. Verwacht resultaat van beleid Infrastructuur en voorzieningen voor HOV zijn schoon, heel en veilig.
Standpunt college Heldere afspraken met provincie wie waar verantwoordelijk voor is. Volgens SOK is provincie verantwoordelijk voor o.a. de haltes.
29
INVESTERINGEN
Centrumplan Eemnes Bij de Kadernota Ombuigen is ingestemd met het aanpakken van een aantal bekende knelpunten in het centrumgebied van Eemnes. Aangezien de verschillende deelprojecten een onderling verband met elkaar hebben, wordt het integraal bekeken en opgepakt. Ten opzichte van de Kadernota zijn er nieuwe inzichten, waarbij in de nieuwe aanpak naast verkeersveiligheid en verbeteringen, ook ingezet wordt op het zo veel mogelijk oplossen van de bestaande waterproblematiek in dat gebied. We onderscheiden een aantal sub-projecten. 1. Drainage en Plantsoen De herinrichting van het Plantsoen (aanleiding was kwaliteit bomen, verplaatsen jeu de boules, speeltuin, beweegtuin ouderen (buiten fitness), meer ruimte voor ontmoeting en verfraaiing). Hiervoor is indicatief in de GREX Hilt een bedrag opgenomen en heeft de raad enkele kleine kredieten beschikbaar gesteld. Eind 2019 is een schetsontwerp voor de revitalisering en inpassing Jeu de Boules banen gepresenteerd. Inmiddels is de gedachtenvorming verder gegaan en is het Plantsoen in beeld als waterberging, bijvoorbeeld in de vorm van een wadi, zodat het overtollige regen en grondwater opgevangen kan worden en via het bestaande gemaal op de sloot langs de Stadwijksingel kan worden geloosd. Dat vergt een behoorlijke investering die evenwel de afvoer van water via nieuw aan te leggen drainage behoorlijk zal verbeteren.
Of er dan nog ruimte is voor de Jeu de Boules banen is de vraag. Het realiseren van een dergelijke nieuwe opzet voor het Plantsoen vergt een investering voor de rioolafvoer (berging/wadi) van € 650.000. Voor het werk aan de wegen, verharding en het groen wordt een aanvullend krediet noodzakelijk geacht van ca. € 200.000. Vanuit het Speelplan komen dan de investeringen voor de bestaande speelplaats en beweegtuin. In plaats van een revitalisering zal er dus een compleet nieuwe opzet voor het Plantsoen worden gemaakt. De kapitaallasten bedragen dan: Plantsoen revitaliseren en waterberging Riool (40 jaar) Wegen en verharding (40 jaar) Groen (10 jaar)