Ondertekende begroting 2024
Tekst van het document
97
Een vergelijking van de OZB-tarieven op zich zegt overigens betrekkelijk weinig. Lage tarieven kunnen in combinatie met een hoge grondslag (waarde in het economische verkeer) toch tot een hoge belastingaanslag leiden. Vanuit het perspectief van de belastingbetaler zijn de gemiddelde woonlasten daarom een nuttiger indicator dan het tarief (zie Lokale Lastendruk). Tarieven Onroerende Zaakbelastingen Omschrijving Woningen Gemiddelde woningwaarde Tarief O.Z.B. - Eigenaren Niet-woningen eigenaren Gemiddelde waarde niet-woningen Tarief O.Z.B. - Eigenaren Niet-woningen gebruikers Gemiddelde waarde niet woningen Tarief O.Z.B. - Gebruikers
Verschil t.o.v. 2023
2023
2024
396.000 0,0706% 279,58
408.000 0,0720% 293,76
12.000
397.000 0,1797% 713,41
405.000 0,1850% 749,25
8.000
397.000 0,1432% 568,50
405.000 0,1474% 596,97
8.000
14,18
%
5,0%
Landelijk 474.000 0,0890% 421,86
0,3145% 35,84
5,0%
0,2248% 28,47
5,0%
Rioolheffing eigenaren In deze begroting is rekening gehouden met een inflatiecorrectie van 5%. Meerjarig is eveneens van een jaarlijkse inflatiecorrectie van 5% uitgegaan. Het tarief in 2024 is € 226,45. De verwachting is dat het tarief 2024 evenals in 2023 gelijk is aan het landelijk gemiddelde.
Afvalstoffenheffing In deze begroting is rekening gehouden met een inflatiecorrectie van 5%. Meerjarig is eveneens van een jaarlijkse inflatiecorrectie van 5% uitgegaan. In onze gemeente bedraagt het verschil tussen een huishouden van één persoon ten opzichte van een twee- of meerpersoonshuishouden respectievelijk € 79 en € 93 en ligt daarmee gemiddeld hoger dan het landelijk gemiddelde (€ 63). De tarieven voor twee- en meerpersoonshuishoudens liggen hoger dan het landelijk gemiddelde. Tarieven Afvalstoffenheffing Omschrijving Van 1 persoon Van 2 personen Van 3 of meer personen
2023 256,00 331,60 344,85
2024 268,80 348,20 362,10
Landelijk 266,00 329,00 329,00
De tarieven 'Landelijk' betreffen de gemiddelde tarieven 2023 (bron: COELO (Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden).
Toeristenbelasting De reguliere toeristenbelasting wordt geheven ter zake van het houden van verblijf met overnachting in hotels, pensions en andere, soortgelijke vakantie-onderkomens. Met ingang van 2018 kent onze gemeente een afzonderlijk (lager) tarief voor het houden van verblijf op een kampeerterrein. Met ingang van 2019 is tevens een watertoeristenbelasting ingevoerd. In 2023 kent 89% van de gemeenten een toeristenbelasting. In 83% van de gemeenten bedraagt het tarief een vast bedrag per overnachting. Ook komt het voor dat het te betalen bedrag afhangt van de overnachtingsprijs
98
(in 4,7 procent van de gemeenten) of het aantal sterren van het hotel (0,9 procent). Het gewogen gemiddelde tarief bij alleen gemeenten met toeristenbelasting bedraagt € 3,48 per overnachting. Voor het verkrijgen van extra inkomsten wordt voor de toeristenbelasting, naast de inflatiecorrectie, een extra opslag toegepast van € 100.000 (+ 13%). Het tarief voor deze accommodaties bedraagt in 2024 € 3,40. Meerjarig wordt eveneens van een inflatiecorrectie van 5% en voor 2025 van een extra opslag van € 100.000 uitgegaan (+ 13,2%).
Reinigingsrechten Reinigingsrechten kunnen worden geheven voor het aanbieden van bedrijfsafval aan de gemeente of voor het inzamelen van dit afval door de gemeente. Gelijk aan de afvalstoffenheffing is het beleid erop gericht zoveel mogelijk kostendekkend te zijn. In de begroting is rekening gehouden met een inflatiecorrectie van 5%. Meerjarig is eveneens van een jaarlijkse stijging van 5% uitgegaan.
Rioolheffing gebruikers Naast de rioolheffing eigenaren wordt een gebruikersbelasting geheven voor percelen waar meer dan 300m3 water wordt ingenomen (en geloosd). Over de eerste 300m3 wordt niet geheven, waarmee een gemiddeld huishouden buiten de heffing valt. Uitgangspunt bij deze heffing is dat deze tezamen met de rioolheffing eigenaren 100% kostendekkend moet zijn. In deze begroting is rekening gehouden met een inflatiecorrectie van 5%.
Grafrechten Met betrekking tot deze heffing is het beleid erop gericht zoveel mogelijk kostendekkend te zijn. In deze begroting is rekening gehouden met een inflatiecorrectie van 5%.
Leges De gemeentelijke tarieven ter zake van deze heffingen worden over het algemeen met 5% verhoogd. Meerjarig wordt eveneens een inflatiecorrectie van 5% toegepast. In verband met de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024 zijn de tarieven in het onderdeel Omgevingsvergunning (titel 2) geheel herzien.
Havengeld Ook voor deze heffing geldt een maximale opbrengstnorm van 100% van de geraamde lasten. Anders dan bij de afvalstoffenheffing en de rioolheffing wordt bij deze heffing, gelet op het afwijkende karakter, een volledige dekking niet nagestreefd. In de begroting is rekening gehouden met een inflatiecorrectie van 5%. Meerjarig is eveneens van een jaarlijkse stijging van 5% uitgegaan.
Bruggeld Het tarief bruggeld wordt geïndexeerd € 1,35 naar € 1,40.
Marktgeld In deze begroting is rekening gehouden met een inflatiecorrectie van 5%.
99
Kostendekkendheid Op grond van de Gemeentewet kunnen rechten worden geheven voor het gebruik van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen of voor het genot van door de gemeente verstrekte diensten. Hierbij is van belang dat de geraamde opbrengsten van de rechten niet uitgaan boven de geraamde lasten ter zake. Overdekking is niet toegestaan. “Onderdekking” betekent echter dat een deel van de niet gedekte lasten ten laste komt van de algemene middelen.
100