Bijlage 2 24 zienswijzen in 1 document.pdf
Tekst van het document
Enige handvatten over de vraag wanneer en hoe de gemeente dit evenwicht wil bereiken worden verder niet gespecifieerd, waardoor de ambitie aan te hoge abstractie lijdt. Ook over de betaalbaarheid (sociale huur, middenhuur en betaalbare koop) en het aandeel van betaalbare woningen in de gemeenten wordt weinig aangegeven. Onder de beleidslijn Verdichting waar mogelijk en uitbreiding mits noodzakelijk (p. 45) geeft u aan dat bouwen in de hoogte plaatsvindt op plekken die zich daar stedenbouwkundig voor lenen. Het is echter niet duidelijk welke plekken dit zijn, noch welke criteria hiervoor gelden. U geeft aan uitbreiding op een verantwoorde manier uit te voeren die "zo veel mogelijk" rekening houdt met of past bij de karakteristiek van (bebouwing in) ons landschap. Wij vinden dat eventuele uitbreiding altijd rekening moet houden met deze karakteristiek. De gemeente Edam-Volendam maakt zich hard voor voldoende woningbouw in de dorps linten voor de overwegend lokale vraag, in verband met de vitaliteit en leefbaarheid van deze dorpslinten en als basis voor voorzieningen (p.45). Een groot deel van de dorpslinten in Edam-Volendam ligt echter in beschermde gebieden zoals BPL, NNN, Unesco. Dorpslinten die in beschermde gebieden liggen lenen zich niet voor woningbouwontwikkeling.
Onder de beleidslijn Een plek om te wonen voor jong en oud (p.46) vinden wij dat naast de genoemde nieuwe woonzorgcentra, ook het toevoegen van zelfstandige woningen voor senioren de doorstroming binnen de gemeente kan stimuleren.
16 juni 2022
1845918/1845946
222111263
3 I 5
Mobiliteit en bereikbaarheid: Wij zijn blij dat de gemeente een verband legt tussen het terugdringen van overlast door verkeer en de leefbaarheid binnen de gemeente. Dit vertrekpunt zou echter terug kunnen komen in thema's zoals de balans tussen de verschillende mobiliteitsvormen. De balans tussen de verschillende modaliteiten, zoals deze in de visie wordt beschreven, is niet helder. Wij vinden dat de gemeente in haar visie concreter en explicieter het accent kan leggen op het versterken van de fiets en OV, terwijl de auto gebruik secundair (basis op orde) te houden. Toerisme en recreatie: Het is fijn om te constateren dat u in het kader van attractieontwikkeling vooral wil gaan voor kwaliteit (en niet kwantiteit) en vooral de balans met de leefbaarheid centraal zet. Het blijft nog een beetje onduidelijk hoe u de beoogde balans wilt realiseren en deze ambitie kan wat krachtiger worden als het qua bewoording meer consistent wordt doorgevoerd. Op p.45 bijvoorbeeld staat bij 'levendige kerngebieden' mooi benoemd dat de maatschappelijke verbinding bevorderd moet worden. Kan de gemeente dat niet explicieter beschrijven? Zo gaat het op p.46 bij 'horeca in balans met leefbaarheid' vooral over het maken van een kwaliteitsslag.
Echter, om wat voor een soort 'kwaliteit' gaat het dan? We missen hier ook het regionale verband: Onder het thema van "Beleid Innovatie van ons toeristische product' wordt vooral de versterking van de lokale economie genoemd (p.54), maar trek dit dan juist ook breder naar de economie en leefbaarheid in de regio. Zo onderstrepen we de ambitie om 'de recreatieve waarde van ons water en ons buitengebied verhogen' (p.53) maar daarbij missen we wel de blik naar bulten wat er in de omliggende regio gebeurt en hoe de gemeente daarop aanhaakt dan wel inspeelt. U zou meer aandacht kunnen schenken aan de formulering van de hoofdopgaven. Juist vanuit de opgaven die spelen voor Volendam als toeristisch icoon. Maar ook vanuit de blik naar buiten wat er allemaal speelt en op de regio afkomt en de rol/positie van Edam-Volendam daarbinnen. De groei van het aantal inwoners in de MRA en het groeiend toerisme gaan van invloed zijn op de ontwikkeling van EdamVolendam. Juist als sterk toeristische icoon van de regio, maar waar de gevaren van over-toerisme al voelbaar zijn, verwachten wij duidelijkere keuzes van de gemeente. Het is nu het moment voor de gemeente om daarin haar toekomstbeeld te bepalen en ernaar te gaan handelen. Duurzaamheid, energie en klimaat: Fijn dat u aandacht schenkt aan het opwekken van duurzame energie.
U noemt de wijkuitvoeringsplannen en concrete projecten voor duurzame warmteopwekking voor woningen, het stimuleren van zonnepanelen op daken van woningen, industrieel- en agrarisch vastgoed en op parkeerterreinen en fietspaden (p.61 ). Echter, het zoekgebied voor grondgebonden zonnepanelen langs de A7 op grond van de gemeente wordt niet benoemd. Dit A7-deel maakt onderdeel uit van een groter traject van het programma Opwek van energie op Rijksvastgoed (OER) waarvoor u laatst gezamenlijk met de overige gemeenten langs de A7 een aanvraag heeft gedaan richting rijk.
16 juni 2022
l 845918/1845946
22 2111263
4 I s
Het is mooi hoe klimaatadaptatie gezien wordt als een grote opgave en er nadruk op wordt gelegd bij de analyse, grote vraagstukken en gebiedsverhalen in de eerste hoofdstukken van de visie. In de visie zelf echter lijdt ook dit thema aan algemeenheid. De concrete ambities voor die thema's lezen wij niet terug. Een ambitie die opgeschreven zou kunnen worden in de stijl van de oneliners is bijvoorbeeld: Ambitie! Alle
ontwikkelingen, reconstructies en openbare ruimte worden klimaatadaptief ingericht. Gezonde leefomgeving: U noemt op pagina 42 onder "Hoofdzaken beleid" het belang van sociale, gezonde, en veilige leefomgeving. De gemeente zet zich in om de gezondheid van de bevolking te beschermen en risico's weg te nemen. Inhoudelijke uitgangspunten hierover zijn echter versnipperd en de accenten in de tekst liggen soms anders dan eerder in de hoofdthema's genoemd. De gemeente kan de visie gebruiken om het welzijn van de inwoners centraler te stellen in termen van sociale cohesie en gezondheid. Wij missen bijvoorbeeld de aandacht voor verschillen tussen de buurten in socio-economische zin en verschillen tussen gebieden als het over milieubelasting gaat. Bestaan zulke verschillen? Gaat u iets hieraan doen? De gemeente geeft enkele inhoudelijk aspecten over milieu (bijvoorbeeld op p.52 Beleid: Geluid, trillingen stralen in en licht op acceptabel niveau) maar deze blijven vaag. Juist hier moet de mens beschermd worden: voor de bekende milieuthema's zijn er normen en niet alleen streefwaarden. Zo is geluid duidelijk ingekaderd. Dat doet vermoeden dat er in de bestaande situatie al knelpunten zijn met geluid waar geen gemakkelijke oplossing voor mogelijk is. Voor streefwaarden voor schone lucht zijn de WHO advieswaarden Luchtkwaliteit van toepassing.
Wat doet Edam-Volendam met deze waarden? De provincie stimuleert het mede ondertekenen van het Schone Lucht Akkoord SLA, en adviseert de gemeente te komen tot een plan voor verbeteren van de luchtkwaliteit. Regionale samenwerking In de visie van de gemeente wordt de samenwerking en afstemming in de regio (Laag Holland, Zaanstreek, MRA) niet genoemd terwijl ontwikkelingen in en voor de gemeente effect hebben op omliggende gemeenten en op de opgaven die we gezamenlijk moeten oppakken.
16 juni 2022
1845918/1845946
Z22111263
sIs Verwezenlijking ambities en opgaven Tot slot. Wij herkennen de door u geschetste opgaven. Wij zien ook hier en daar een spanning tussen de manier waarop u deze ambities en opgaven wilt verwezenlijken en de manier waarop wij tegen deze ambities en opgaven aankijken. Wij blijven graag met u in goed overleg over de verdere uitvoering van uw visie. Wij kijken dan ook uit naar de verdere samenwerking.
Hoogachtend, Gedeputeerde Staten van Noord-Holland, namens dezen,
Sectormanager Ruimtelijke Ontwikkeling Mw. S. van der Meij
Deze brief is digitaal vastgesteld en daarom niet ondertekend.
16 juni 2022
1845918/1845946
Geachte leden van de gemeenteraad, Middels deze notitie reageren wij, Auke Brouwer (Etersheim) en Anneke Blokker (Edam), beiden voormalig stadsecologen bij de gemeente Amsterdam- op de Concept Omgevingsvisie. Vanuit onze achtergrond en kennisperspectief hebben wij voornamelijk aandacht besteed aan de thema's groen, ecologie, natuur en biodiversiteit en de samenhang hiervan met een gezonde, kwalitatieve leefomgeving (voor mens en dier). Hieronder volgt een puntsgewijze opsomming van onderwerpen die wij missen of aangescherpt kunnen worden, onderwerpen waar wat ons betreft meer gewicht aan mag worden toebedeeld en een aantal vragen. •
Het 'Stiltegebied IJsselmeerkust- Zeevang' (beleid Provincie Noord-Holland) wordt niet benoemd. Hieraan moet zeker aandacht worden besteed, omdat stilte en rust een kwaliteit betreft voor mens en dier. Hier liggen kansen om de kwaliteit van het gebied te vergroten, bijvoorbeeld met maatregelen die de duisternis bevorderen. Ook kan hier ( eventueel in een latere fase) concrete uitvoering aan worden gekoppeld. Bijvoorbeeld; maak van de Burgermeester C. Kooimanweg die middenin het reservaat van het Natura 2000-gebied de Zeevang ligt alleen een fietspad. Momenteel vindt daar veel verstoring plaats van weidevogels door (te hard rijdend) verkeer. Daarnaast is de verstorende werking die plaatsvindt van over het reservaat schijnende koplampen van auto's enorm. Zowel de Oosterweg als de Westerweg zijn prima ontsluitingswegen naar Warder. •
•
Terughoudendheid van het plaatsen van (LED)verlichting in relatie tot ecologie/biodiversiteit wordt niet benoemd. Niet alleen in het buitengebied maar ook in de stedelijke/oude kernen en lintdorpen moet hier meer terughoudend mee worden omgegaan. Het gaat dan niet alleen om verlichting in de openbare ruimte maar ook om bedrijven die onnodig (reclame)licht uitstralen. Los van de energieverspilling heeft verlichting (in welke vorm/k leur dan ook) namelijk een verstorend en zelfs schadelijk effect op insecten, vogels, vleermuizen en mensen. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat de enorme achteruitgang van insecten (met name nachtvlinders) in Nederland onder andere wordt veroorzaakt door de overmatige aanwezigheid van verlichting (bron; Licht op Natuur https://nioo.knaw.nl/nl/hetlicht-op-natuur-project-0). Waar verlichting echt noodzakelijk is kan worden gedacht aan armaturen die licht bundelen (niet verstrooien naar omgeving) en minder verstorende sterktes en kleurenspectra (groen en blauw licht zijn heel verstorend). Een concreet voorbeeld van onnodige energieverspilling en onnodige verstoring van donker landschap (donkerte is net als stilte ook een kwaliteit) zijn de enorme reclameletters van Klaas Puul op het bedrijventerrein in Edam.
Natuur en biodiversiteit worden niet benoemd als kwalitatief onderdeel van het agrarisch landschap terwijl dit van groot belang is (en een absolute kernkwaliteit betreft!)voor een groot deel van de gemeentegrond (Zeevang), het aangrenzende Natura 2000-gebied en de hierin voorkomende doelsoorten (weidevogels). Bemaling en langdurige droogte in het voorjaar hebben desastreuse gevolgen voor het bodemleven, de insectenstand en daarmee de weidenvogelstand in dit gebied (al jaren is een dalende trend gaande voor bijvoorbeeld de grutto en de veldleeuwerik). Een zorgelijke zaak! Een zaak waar de gemeente zich ook over moet ontfermen en in een positieve zin kan bijdragen middels o.a. deze Omgevingsvisie. Heeft de gemeente bijvoorbeeld visie op wat de agrariërs (de grootste grondbezitters) hier in positieve zin aan kunnen bijdragen? Stimuleren van deels nathouden van de weilanden, natuurinclusieve landbouw?
•
Groen, ecologie en biodiversiteit worden niet benoemd als onderdeel van een gezonde, kwalitatieve leefomgeving. Of zoals het in deze omgevingsvisie wordt genoemd; 'goede leefomgeving'.
Divers ingericht groen draagt niet alleen bij aan de biodiversiteit en klimaatbestendigheid maar levert ook een directe bijdrage aan de leefbaarheid van een (stedelijk)gebied. Op de Nationale hittestresskaart (www.nationalehittestresskaart.nl) is bijvoorbeeld goed te zien dat Volendam op een hete zomerse dag sterk onderhevig is aan hittestress (hoge gevoelstemperatuur). Dit heeft met name te maken met de afwezigheid van groen (vooral bomen). Daarnaast komen in een gebied waar een ecosysteem in balans is bijvoorbeeld ook minder plaagsoorten voor (waar vleermuizen voorkomen zijn bijvoorbeeld minder muggen). Deze opgaven kunn en natuurlijk heel goed integraal worden gecombineerd middels natuurinclusieve bouw plus inrichting van de openbare ruimte. • Ons advies is om een groen/natuurvisie op te stellen voor zowel de oude kernen, de woongebieden, het landelijke gebied met lintdorpen als de bedrijventerreinen. Hierin kunnen de belangrijkste opgaven (gezondheid, biodiversiteit, klimaatadaptatie, goede leefomgeving) integraal worden opgenomen zodat je hieraan meer gewicht toekent. Nu wordt slechts in het laatste hoofdstuk, in één kopje aandacht besteed aan biodiversiteit en ecologie (dit vinden wij overigens wel goed geformuleerd beleid en ambitie).
Dit moet - in de landelijke opgave die er ligt om de achteruitgang van de biodiversiteit een halt toe te roepen- veel prominenter worden opgenomen in uw visie. Maak hier ook een positief streven van zoals dat ook is opgenomen voor het laagste werkeloosheidspercentage van Nederland; de gemeente EdamVolendam wordt de meest biodiverse gemeente van Nederland! Bij nieuwbouw kunnen de principes van de natuurinclusieve stad worden toegepast: zo veel mogelijk ruimte voor dieren en planten, ook in de gebouwen. De meerkosten zijn zeer gering. Dat geldt ook voor industrie- en bedrijventerreinen. •
Ons advies is om een Ecologische Structuur te definiëren als onderdeel van de natuurvisie. Daarmee worden de bestaande hoogwaardige groengebieden en verbindingen ( ook tussen stedelijk en landelijk gebied) op proactieve wijze beleidsmatig verank erd en beschermd. Zodoende ontstaat er een sterkere groenstructuur met een gevarieerd groenpalet van bloemen(linten) tot bomen, van drukk ere tot rustigere gebieden, van ecologisch groen tot speelgroen (bijvoorbeeld in de vorm van natuurspeeltuinen). Door het verbinden van de groene gebieden ontstaan meer mogelijkheden voor dieren en voor planten om te leven en voor mensen om daarvan te genieten. Wij adviseren om voor de verschillende gebieden doelsoorten te benoemen. Deze soorten vormen een leidraad bij beheer en inrichting van bestaand en nieuw aan te leggen leefgebied. Denk bijvoorbeeld aan gidssoorten als de grutto, otter, rugstreeppad en ringslang voor het landelijk gebied en gierzwaluw, huismus en vleermuis voor de oude kernen, de dorpslinten en het woongebied. Uiteraard vormen de insecten een overkoepelend geheel.
•
Stel bijvoorbeeld ook een groenprincipe op waarbij je helder aangeeft dat, tenzij het niet anders kan (i.v.m. andere functies als verkeer), je de openbare ruimte groen inricht. Een concreet voorbeeld waar een kans is gemist; de (redelijk) nieuwe inrichting van het Europaplein in Volendam. Dit is een woestijn van steen, er is niet eens één boom te bekennen en dus een gemiste kans voor alle opgaven die er liggen.
•
Op p. 58 wordt benoemd dat de hoofdgroenstructuur wordt doorontwikk eld. Is hiervan een kaart/document beschik baar? Wat is de status hiervan? Wordt dit groen beleidsmatig beschermd?
•
Op p. 58 wordt aangegeven dat 'bij zeer grote ontwikkelingen 75 m2 groen wordt toegevoegd'. Wat houdt een 'zeer grote ontwikkeling' in? Dit vinden wij te vrijblijvend, ons advies is om concreter te benoemen wat dit behelst.
•
Op p. 58 wordt benoemd dat het bomenareaal wordt uitgebreid met 20%. Mooi streven! Wat is het huidige areaal? Is hier een kaart van? Ons advies is hierbij om ook een hoofdboomstructuur op te stellen waarmee bomen die hoger zijn dan 10 meter ( die in lijnvormige structuren staan) beleidsmatig worden beschermd. Ook vinden wij dat de lijst van monumentale bomen in de gemeente moet worden uitgebreid. Binnen de gemeentegrens staan eindeloos veel oude juwelen die niet alleen bijdragen aan een fraai (straat)beeld, maar ook een heel belangrijke rol spelen voor de biodiversiteit, klimaatadaptatie en niet te vergeten; zuurstof. •
Wij adviseren om een streefpercentage te benoemen wat je ecologisch/insectvriendelijk wilt beheren; hoeveel procent van het openbare groen beheer je bijvoorbeeld in 2025 insectvriendelijk. Ons advies; in de eventuele ecologische structuur: 100% en in het overige groen: 50%.
•
Wanneer de gemeente het wegenbeheer in het buitengebied van HNH K heeft overgenomen liggen er enorme kansen om het bermbeheer naar een hogere kwaliteit te tillen. Zowel bermen binn en de bebouwde kom als in het landelijk gebied kunnen in de ecologische structuur worden opgenomen.
Wij zijn bereid om inhoudelijk mee te denken dus neem gerust contact met ons op voor mogelijke vervolgstappen. Met een vriendelijke en vooral groene groet,
Gemeente Edam-Volendam T.a.v.: Commissie omgevingsvisie Volendam
Datum:
24-05-2022
Geachte commissie, Op 06-04-2022 zijn wij door U uitgenodigd en hebben we een toelichting op de conceptvisie van u mogen ontvangen. Wij hebben vervolgens de visie in ons bestuur en met onze leden gedeeld en gevraagd ons opmerkingen aan te geven. De response hierop is niet al te hoog geweest maar bij deze onze opmerkingen hieronder beschreven. Wat ons opvalt is dat U in de omgevingsvise verwijst naar een Nationale omgevingsvisie en naar een visie van de provincie Noord Holland. Wat in deze visie staat, en dan ook onderdeel zou moeten uitmaken van de visie Edam-Volendam, staat nergens beschreven en is dus niet bekend. Wij vragen ons dan ook af of de visie van de Edam-Volendam hiermee in lijn ligt. In ons bezoek heeft U aangegeven dat de visie mede bedoeld is t.b.v. eenduidige hoofdregelgeving in de gehele gemeente. Aan deze regelgeving worden onderliggende 'huisregels' opgesteld voor bijvoorbeeld bouwbeleid, parkeerbeleid, milieu, belastingen etc.
Wat betreft de opmerkingen vanuit onze vereniging zijn deze voornamelijk op ondernemingen in de Zeevang gericht. Onze vereniging vertegenwoordigd ondernemers aan de Zeevang gerelateerd. Andere opmerkingen worden derhalve niet door ons ingebracht. Opmerkingen: • De omgevingsvisie is voornamelijk gericht op ondernemers uit Volendam. In mindere mate ondernemers uit Edam en Zeevang nauwelijks. Herbestemmingen van bedrijfsgronden Volendam en verplaatsing van bedrijven uit Volendam komen uitsluitend aan bod. Dit terwijl de visie ook voor Edam en de Zeevang van toepassing is. Op een getoond kaart tijdens de toelichting komt de Zeevang geeneens in beeld ..... Voor herbestemming van bedrijfslocaties in de Zeevang is de visie niet duidelijk genoeg.
•
Het vooronderzoek heeft naar onze mening onvoldoende in de Zeevang plaatsgevonden en zeker niet t.b.v. ondernemingen. Uiteraard kunnen bedrijven op uitnodiging naar Volendam komen, maar andersom kan dat ook wanneer een vooronderzoek in Oosthuizen wordt georganiseerd. Met name het kaartspel van de toekomst is geheel ontgaan in de Zeevang.
•
Er is geen duidelijke visie over uitbreiding van het bedrijventerrein in Oosthuizen op termijn. Voor ondernemers is van belang of huisvesting of uitbreiding van activiteiten mogelijk is of dat ze moeten uitkijken naar een locatie buiten de gemeente. Dit heeft dan verlies van bedrijvigheid in de Zeevang tot gevolg. Blijvende betrokkenheid en sponsoring door plaatselijke bedrijven in verengingen speelt hierbij ook een rol.
•
Er is geen duidelijke visie over behoud van detailhandel, horeca en winkels in met name Oosthuizen maar ook in de andere dorpen. Om een dorp levendig te houden is een goed vestigingsklimaat welke laagdrempelig is en niet te kostbaar. Naar onze mening moet dit in de visie goed vastgelegd worden.
•
Eveneens is het van belang een voorkeursrecht op de woningmarkt te geven aan woningzoekenden uit de Zeevang net zoals dat in de Volendamse Broekgouw wijk is gebeurt. Het is voor de kleinere ondernemingen van belang met medewerkers uit de buurt te kunnen werken, welke de onderneming plaatselijk kunnen promoten en welke normaliter langer en met trots gebonden blijven aan de onderneming. Het is daarnaast van belang dat de plaatselijke ondernemingen werkgelegenheid kunnen aanbieden aan plaatselijke betrokken inwoners. Een dienstverband opbouwen met vreemden is niet kansrijk.
•
Met betrekking tot de agrarische ondernemers zijn wij van mening dat de koeien in de wei moet blijven lopen. Dat is de karakteristiek van de Zeevang. Dit moet het doel zijn en om dit doel te bereiken zal met de agrariërs een plan opgesteld moeten worden. Verandering van de weidegebieden naar gewasbeplantingen alleen wanneer dit op initiatief van de agrariër is.
•
Scholing op maat van het bedrijfsleven. Uw visie is werken en wonen in dezelfde omgeving en opleidingen hierop af te stemmen. U gaat er echter aan voorbij dat o.a. bouwbedrijven, gespecialiseerde aannemers en transporteurs een veel groter werkgebied hebben en ook hier behoefte is aan opleidingen op maat. Naar onze mening moet u dat beter beschrijven in de visie en de scholing ook hier op afstemmen.
Wij vertrouwen erop dat u de visie van onze ondernemers meeneemt t.b.v. de eind visie. Met vriendelijke groeten, namens de ondernemers uit de Zeevang, C.J. Vroom
voorzitter