A23.00.6a Brede toekomstige beschouwing brandweerzorg_bijlage 1 Hoofddocument fase 1 scenario 1 en 2.pdf
Tekst van het document
Brede toekomstige beschouwing brandweerzorg VrZW
Afbeelding van de elektrische CFT (Concept Fire Truck) die als pilot getest wordt in Berlijn, Amsterdam en Dubai
Uitwerking fase 1: basis op orde; 1 - 3 jaar Scenario 1 en 2
Opdrachtgever: Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland Opdrachtnemer: Werkgroep Brede toekomstige beschouwing Brandweerzorg VrZW Datum: 15 februari 2023 Versie: 0.6 (definitief concept) Status: voorlopig
Inhoudsopgave 1.
Samenvatting
3
1.1 Dekkingsplan 1.2 Brede toekomstige beschouwing 1.3 Realistisch beeld 1.4 Scenario 1 en 2 1.5 Resumé 1.6 Dekkingsplan, realistisch beeld en scenario 1 en 2 1.7 Bouwsteen ‘verplichtend karakter’; de stand van zaken 1.8 Check overall 1.9 Verdeelsleutel scenario 1 1.10 Verdeelsleutel extra financieel scenario (aanvullend op scenario 1) 1.11 Verdeelsleutel scenario 2
3 3 3 3 4 4 4 4 5 5 5
Inleiding
6
2.1 Fase 1: basis op orde; 1-3 jaar 2.2 Vervolgfase
6 7
3.
Dekkingsplan
8
4.
Brede toekomstige beschouwing brandweerzorg VrZW
9
5.
Realistisch beeld
12
6.
Scenario 1
14
6.1 Wat willen we bereiken (per 31 december 2025)? 6.2 Hoe is het nu georganiseerd en welke knelpunten worden bij dit model ervaren? 6.3 Hoe moet het worden en wat levert het op? 6.4 Wat is daarvoor extra nodig? 6.5 Wat realiseren we bij dit scenario nog meer? 6.6 Wat doet dit scenario met de dekking? 6.7 Wat gaat dat extra kosten?
14 14 14 15 15 15 16
Scenario 2
17
7.1 Wat willen we bereiken (per 31 december 2025)? 7.2 Hoe is het nu georganiseerd en welke knelpunten worden bij dit model ervaren? 7.3 Hoe moet het worden en wat levert het op? 7.4 Wat is daarvoor extra nodig? 7.5 Wat realiseren we bij dit scenario nog meer? 7.6 Wat doet dit scenario met de dekking? 7.7 Wat doen we bij dit scenario niet? 7.8 Wat gaat dat extra kosten?
17 17 17 17 18 18 18 18
Extra financieel scenario (aanvullend op scenario 1)
20
8.1 Financiële onderbouwing (scenario aanvullend op scenario 1)
21
9. Kaderbrief, ‘spring’ en roosterfactor
22
9.1 Kaderbrief 2024 9.2 Toelichting concept springbemensing 9.3 Toelichting roosterfactor 9.4 Huidige formatie
22 23 23 24
2.
7.
8. 9.
1
10.
Resumé
24
10.1 Check opdracht AB 10.2 Check bestuurlijke uitgangspunten 10.3 Check slagkracht 10.4 Check overall 10.5 Rol werkgroep 10.6 Rol medezeggenschap
24 24 25 25 25 26
11.
Dekkingsplan, realistisch beeld en scenario 1 en 2
26
12.
Bouwsteen ‘verplichtend karakter’; de stand van zaken
29
12.1 Doelstelling van het implementatieplan 12.2 Essentie Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ 12.3 Consequenties - Omvang 12.4 Financiën
29 29 30 30
Veel gebruikte afkortingen Bijlage(n): 1. Tijdlijn en planning 2. Dekkingsplan 3. Realistisch beeld 4. Scenario 1 5. Scenario 2 6. Samenstelling werkgroep en stuurgroep 7. Financiële onderbouwing
31 32 33 34 35 36 37 38
2
1. Samenvatting; snel op de hoogte 1.1 Dekkingsplan Tijdens het opstellen van het dekkingsplan zijn vier grote knelpunten gesignaleerd: de uitwerking van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’, beschikbaarheid en continuïteit duikteams en redvoertuigen, bereikbaarheid stedelijke omgeving en beschikbaarheid voldoende vrijwilligers. Er is samenhang tussen deze knelpunten en er is onvoldoende continuïteit van de operationele organisatie. Dit is niet toekomstbestendig en vraagt om verandering. 1.2 Brede toekomstige beschouwing Met het constateren van deze knelpunten heeft het Algemeen Bestuur (AB) van Veiligheidsregio ZaanstreekWaterland (VrZW) opdracht gegeven een brede toekomstige beschouwing naar de brandweerzorg VrZW uit te voeren aan de hand van vier stappen: herijken en vaststellen van bestuurlijke uitgangspunten, inzichtelijk maken van de minimaal noodzakelijke slagkracht, beschrijven van de huidige situatie o.a. op basis van bestuurlijke uitgangspunten en een opvolgende gefaseerde uitvoering. De uitwerking van de eerste drie stappen bevestigt dat de inrichting van de brandweerzorg in Zaanstreek-Waterland niet meer toekomstbestendig is.
Stap vier van de brede toekomstige beschouwing richt zich op een oplossing voor de grootste problemen zoals de continuïteit en de beschikbaarheid van duikteams, redvoertuigen en basisbrandweerzorg in met name het zuidelijk deel van Zaanstad en is uitgewerkt in twee scenario’s. 1.3 Realistisch beeld Het dekkingsplan gaat uit van volledige beschikbaarheid van alle posten. Dat is niet overeenkomstig de werkelijkheid; met name in de vakanties en tijdens weekenden is de bezetting van tankautospuiten niet compleet en melden posten zich buiten dienst, soms meerdere tegelijk binnen één gemeente. Bij het vergelijken van de resultaten van het dekkingsplan en scenario 1 en 2 komen de knelpunten daardoor onvoldoende tot uiting. Om dat op te lossen is een realistisch beeld beschreven van de hypothetische situatie medio zomer 2023 waarbij een aantal posten tijdelijk maar gelijktijdig buiten dienst staan indien er niet wordt ingegrepen op de geschetste knelpunten. 1.4 Scenario 1 en 2 De uitwerking van scenario 1 richt zich op het versterken van de basisbrandweerzorg in Zaanstad-Zuid en de redvoertuigen en duikteams in de gehele regio. Scenario 2 richt zich, naast het versterken van de basisbrandweerzorg in Zaanstad-Zuid, alleen op de redvoertuigen en het duikteam in Zaanstad-Zuid.
Voor beide scenario’s geldt dat ze niet leiden tot een significante verbetering van de dekking maar wél tot een betere garantie op beschikbaarheid. Hierdoor voldoet scenario 1 aan de opdracht van het AB en is toekomstbestendig. Bijkomend voordeel is dat het op identieke wijze versterken van brandweerzorg in Zaanstad en Purmerend de uitwisselbaarheid, flexibiliteit en inzetbaarheid van personeel vergroot; dit komt de kwaliteit van de brandweerzorg ten goede. Bij scenario 2 wordt er niet versterkt in Purmerend en Wormerveer waardoor de opkomst van redvoertuigen en een waterongevallenvoertuig niet gegarandeerd of - in ieder geval - vertraagd is. Scenario 2 is daarmee niet volledig toekomstbestendig en vraagt om tussentijdse aanvullende besluitvorming omdat de wijze van inrichten van brandweerzorg in Purmerend en Wormerveer niet volledig voldoet aan Bouwsteen ‘verplichtend karakter’. De financiële onderbouwing is hoofdzakelijk opgebouwd uit personele lasten waarbij het verschil in kosten tussen scenario 1 en 2 komt door het verschil in benodigde extra formatie. De gemeenten hebben de wens geuit een sluitende begroting aan de provincie te willen overleggen. Om hieraan tegemoet te komen is een extra financieel scenario berekend, aanvullend op scenario 1.
In dit scenario is de bijdrage van het Rijk ter compensatie van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’, het beëindigen van de consignatieregeling Zaanstad en Purmerend, een fictieve opbrengst voor de gemeente Zaanstad bij 3
verkoop/ontwikkeling van post Botenmakersstraat en de optie om de uitwerking scenario 1 niet op 31 december 2025 te realiseren maar op 31 december 2026 verwerkt. 1.5 Resumé De uitgewerkte scenario’s worden getoetst aan de hand van de opdracht van het AB, de bestuurlijke uitgangspunten, de slagkracht en de mate waarin voldaan wordt aan Bouwsteen ‘verplichtend karakter’. 1.6 Dekkingsplan, realistisch beeld en scenario 1 en 2 De verschillen in dekkingspercentages tussen het dekkingsplan, realistisch beeld en scenario 1 en 2 waarbij de focus ligt, overeenkomstig de bestuurlijke opdracht, op de gemeente Zaanstad worden inzichtelijk gemaakt. Omdat dekkingspercentages alleen niet zoveel zeggen zijn voor een zevental markante objecten binnen de gemeente Zaanstad de daadwerkelijke opkomsttijden berekend voor de eerste en tweede tankautospuit op basis van het actuele dekkingsplan, realistisch beeld en scenario 1 en 2 en afgezet tegen de norm(tijd) die voor dat object geldt. 1.7 Bouwsteen ‘verplichtend karakter’; de stand van zaken Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ wordt, als één van de vier knelpunten, beschreven. Voorafgaand aan het Veiligheidsberaad (VB) van 23 januari 2023 is tussen de minister van Justitie en Veiligheid (Yeşilgöz-Zegerius; JenV) en de portefeuillehouder (Kolff) gesproken over het implementatieplan van deze bouwsteen.
Conclusie van dat overleg is dat het nu nog te vroeg is voor besluitvorming1. De minister wil het juridische traject afwachten om daarmee het financiële aspect beter te kunnen onderbouwen. Op 3 april 2023 wordt het vervolgproces, waaronder de invulling van juridische en financiële randvoorwaarden, opnieuw besproken in het VB. Dit document wordt afgesloten met zeven bijlagen waaronder een financiële doorrekening, tijdlijn en planning en samenstelling werkgroep en stuurgroep. 1.8 Check overall Fase 1: basis op orde; 1 - 3 jaar2 basisbrandweerzorg Zaanstad-Zuid versterkt RV versterkt WO versterkt
bestuurlijke uitgangspunten slagkracht Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ benodigd toekomstbestendig financieel3
Scenario 1 basisbrandweerzorg met minimaal 1 TS gegarandeerd (spring) alle redvoertuigen (3) gegarandeerd (spring) alle waterongevallenvoertuigen (2) gegarandeerd (spring) voldoet ongewijzigd voldoet ca. 46 fte extra volledig 2024: € 2,5 M 2025: € 4,99 M + 0,12 M verbouwing
Scenario 2 basisbrandweerzorg met minimaal 1 TS gegarandeerd (spring) redvoertuig (1) alleen in zuidelijk deel regio gegarandeerd (spring) waterongevallenvoertuig (1) alleen in zuidelijk deel regio gegarandeerd (spring) voldoet gedeeltelijk ongewijzigd voldoet niet volledig ca. 28 fte extra gedeeltelijk 2024: € 2,5 M 2025: € 3,04 M + 0,12 M verbouwing
1
Zie ook de disclaimer op pagina 21 Zie voor verdere onderbouwing hoofdstuk 10 3 Bij de financiële onderbouwing is nog geen rekening gehouden met voordelen zoals: mogelijke bijdrage Rijk m.b.t. bouwsteen ‘verplichtend karakter’, verminderen consignatie en samenvoegen posten 2
4
1.9 Verdeelsleutel scenario 1 Extra per gemeente Edam-Volendam Landsmeer Oostzaan Purmerend Waterland Wormerland Zaanstad Totaal
verdeelsleutel % 9,95% 3,02% 2,63% 26,89% 5,76% 5,07% 46,69% 100,00%
2024 248.628 75.428 65.750 672.263 143.883 126.805 1.167.243 2.500.000
2025 509.099 154.449 134.633 1.376.549 294.619 259.649 2.390.084 5.119.082
1.10 Verdeelsleutel extra financieel scenario (aanvullend op scenario 1) Extra per gemeente Edam-Volendam Landsmeer Oostzaan Purmerend Waterland Wormerland Zaanstad Totaal
verdeelsleutel % 9,95% 3,02% 2,63% 26,89% 5,76% 5,07% 46,69% 100,00%
2024 248.628 75.428 65.750 672.263 143.883 126.805 1.167.243 2.500.000
2025 332.353 100.828 87.892 898.648 192.335 169.506 1.560.311 3.341.873
2026 403.325 122.360 106.661 1.090.549 233.407 205.703 1.893.506 4.055.511
2027 413.468 125.437 109.343 1.117.972 239.276 210.876 1.941.121 4.157.492
1.11 Verdeelsleutel scenario 2 Per gemeente Edam-Volendam Landsmeer Oostzaan Purmerend Waterland Wormerland Zaanstad Totaal
verdeelsleutel % 9,95% 3,02% 2,63% 26,89% 5,76% 5,07% 46,69% 100,00%
2024 248.628 75.428 65.750 672.263 143.883 126.805 1.167.243 2.500.000
2025 314.556 95.429 83.185 850.526 182.036 160.429 1.476.758 3.162.919
5
6
2. Inleiding; waarom doen we dit? Vanuit een fijnmazig netwerk van 23 brandweerposten verzorgt de brandweer in Zaanstreek-Waterland op dit moment een zo optimaal mogelijke brandweerzorg waar 340.8004 inwoners en bedrijven dagelijks op kunnen vertrouwen. Dat doet VrZW met ruim 225 beroepsmedewerkers en 500 brandweervrijwilligers voor de inwoners van Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Waterland, Wormerland en Zaanstad. Naast kwalitatief voldoende wordt de brandweerzorg zo effectief en efficiënt mogelijk ingericht, binnen de gestelde financiële kaders. Daar zijn we trots op en willen dat graag zo houden! Maar in een steeds sneller veranderende samenleving staat de brandweer voor steeds grotere uitdagingen. Uitdagingen die om stevige maatregelen vragen en geen uitstel dulden. Terugkerende knelpunten rondom de gegarandeerde beschikbaarheid van voldoende medewerkers maken dat basisbrandweerzorg in Zaanstad en specialistische taken in de gehele regio onder druk staan. Deze knelpunten vertalen zich tot het tijdelijk buiten dienst gaan van posten, duikteams en het met steeds grotere moeite kunnen bezetten van de drie redvoertuigen. Hierin speelt het verminderd beschikbaar zijn van vrijwilligers een rol maar ook het stapelen van functies waardoor uiteindelijk de beschikbaarheid afneemt.
Deze negatieve ontwikkeling wordt versterkt door de invoering van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’, voortkomend uit Europese en internationale regelgeving en jurisprudentie, wat maakt dat vrijwilligers niet meer geconsigneerd of gekazerneerd mogen worden. Dit alles leidt, door grotere bezettingsproblemen, tot hogere opkomsttijden met méér kans op letsel en schade. VrZW wil, samen met inwoners, medewerkers, management en bestuur, inspelen op deze uitdagingen en een toekomstbestendige oplossing bieden. In de uitgangspunten voor het dekkingsplan 2022-2025 is al gesteld dat met de majeure ontwikkelingen in aantocht ‘de koers wel duidelijk is maar de definitieve bestemming nog niet’. Daarom is in 2022 een nieuw regionaal repressief dekkingsplan 2022-2025 vastgesteld dat de ‘ist’ situatie beschrijft. 2.1 Fase 1: basis op orde; 1-3 jaar Als reactie op de wens om in te spelen op deze uitdagingen is, met het gefaseerd uitwerken van de brede toekomstige beschouwing brandweerzorg VrZW, de ‘soll’ situatie beschreven. De eerste drie stappen5 zijn uitgewerkt en gepresenteerd aan en vastgesteld door het AB van 28 oktober 2022. Vervolgens heeft het AB opdracht gegeven om stap vier in de vorm van een opeenvolgende fasering uit te werken. Stap vier bestaat uit twee fases: fase 1: basis op orde; 1-3 jaar en de vervolgfase.
Als eerste is fase 1: basis op orde; 1-3 jaar uitgewerkt in twee scenario’s. De uitwerking van deze scenario’s richt zich op een oplossing voor de grootste problemen zoals de basisbrandweerzorg in met name het zuidelijk deel van Zaanstad en continuïteit en de beschikbaarheid van duikteams en redvoertuigen in de gehele regio. Een breed samengestelde werkgroep (zie bijlage 6 voor samenstelling werkgroep) heeft, overeenkomstig de opdracht van het AB, voor fase 1 twee scenario’s uitgewerkt die oplossingen bieden voor de grootste problemen. Het eerste scenario richt zich daarbij op het versterken van de basisbrandweerzorg in met name het zuidelijk deel van Zaanstad en de continuïteit en de beschikbaarheid van duikteams, redvoertuigen en basisbrandweerzorg in de gehele regio. Het tweede scenario richt zich alleen op het versterken van basisbrandweerzorg, duikteams en redvoertuigen in het zuidelijk deel van Zaanstad. De uitgewerkte scenario’s zijn gepresenteerd in een bestuurlijk vooroverleg op 1 december 2022 en vervolgens nogmaals toegelicht in het AB van 9 december 2022. Daarbij zijn geen aanvullende inhoudelijke vragen gesteld of opdrachten verstrekt.
Hierop heeft het AB de Kaderbrief 2024 vastgesteld, waarmee wordt voorgesorteerd op het maken van een keuze tussen scenario 1 en 2 én opdracht gegeven om de twee scenario’s gedetailleerd uit te werken en te agenderen voor een extra AB op 24 februari 2023. In dit document zijn de scenario’s uitgewerkt op basis waarvan het AB een keuze zal maken. 4
CBS: aantal inwoners per veiligheidsregio per 1 januari 2022 herijken en vaststellen bestuurlijke uitgangspunten, inzichtelijk maken van de minimaal noodzakelijke slagkracht en beschrijven van de huidige situatie o.a. op basis van bestuurlijke uitgangspunten 5
7
Er is sprake van onvoldoende continuïteit van de operationele organisatie. Dit is niet toekomstbestendig en vraagt om verandering. Met een keuze uit één van deze uitgewerkte scenario’s zal het dekkingspercentage niet persé toenemen, dat is de consequentie van de systematiek van het dekkingsplan. Wel zal de garantie op beschikbaarheid toenemen. Door het op solide wijze inrichten van stevige beroepskernen zal de operationele slagkracht gegarandeerd zijn, wordt de uitwisselbaarheid over kazernes vergroot en wordt de organisatie meer robuust en betrouwbaar. De beroepskernen zorgen daarbij voor de ruggengraat en bieden garantie op beschikbaarheid. Daarbij natuurlijk ondersteund door de vrijwilligers vanuit de vrijwillige posten. Naast brede aandacht voor alle posten zal er bijzondere aandacht zijn voor de vrijwillige posten in de nabijheid van beroepsmatig in te richten posten; er kan sprake zijn van een verdringing van het aantal uitrukken en - ten gevolge daarvan - een afnemende motivatie. Kijkend naar een zorgvuldig gelopen voortraject, de wijze waarop alle partijen aangesloten zijn en de wens om ook de implementatie op net zo’n zorgvuldige wijze te laten plaatsvinden is de verwachting dat er voor de vrijwilligers juist rust en stabiliteit ontstaat zodat zij op een passende wijze uitvoering kunnen geven aan hun taak, zoals ook bedoeld is in Bouwsteen ‘verplichtend karakter’.
De werkgroep heeft gekeken naar welk scenario voor deze fase het meest toekomstbestendig is, volledig voldoet aan Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ én aan alle bestuurlijke uitgangspunten. Tegelijkertijd heeft de werkgroep ook gekeken door de bril van ‘ervaringsdeskundige’, ziet alle benoemde knelpunten, onvoldoende continuïteit van de operationele organisatie en weet hoeveel moeite en inspanning het kost hieraan het hoofd te bieden. Na besluitvorming over scenario 1 of 2 in een extra AB op 24 februari 2023 zal het besluit verwerkt worden in de ontwerpbegroting 2024 die op 31 maart 2023 voorligt in het AB. De ontwerpbegroting gaat vervolgens voor zienswijze naar de gemeenteraden. Vanzelfsprekend zal VrZW de gemeenten hierbij terzijde staan en een toelichting verzorgen op de brede toekomstige beschouwing en de daarbij gemaakte keuzes. Ook zal na besluitvorming op 24 februari, zoals gebruikelijk, een raadsinformatiebrief en interne nieuwsbrief opgesteld en verspreid worden. 2.2 Vervolgfase Stap vier van de Brede toekomstige beschouwing brandweerzorg VrZW bestaat uit twee fases: fase 1: basis op orde; 1-3 jaar én de vervolgfase. Dit document beschrijft alleen scenario 1 en 2 als onderdeel van fase 1. Na de keuze tussen scenario 1 en 2 is het aannemelijk dat de uitvoering van fase 1 impact gaat hebben op andere delen van brandweerzorg VrZW.
Daarom verdient het aanbeveling om, nadat de uitwerking van fase 1 goed opgestart is, de vervolgfase verder uit te werken. Fase 1 en de vervolgfase zullen dan - op enig moment - parallel lopen.
Consistentie benaming Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ In zowel de documenten over het Dekkingsplan (uitgangspunten en uitwerking) als de Brede toekomstige beschouwing (opdracht en uitwerking) is veelvuldig over Bouwsteen 1 gesproken. In de uitgangspunten over het dekkingsplan werd dit Wnra en taakdifferentiatie genoemd, in de documenten over de Brede toekomstige beschouwing Bouwsteen 1: verplichtend karakter en de meest actuele naam is Bouwsteen ‘verplichtend karakter’. Ter bevordering van de leesbaarheid wordt in dit document alleen deze laatste benaming gebruikt.
8
3. Dekkingsplan Op 7 oktober 2022 heeft het AB het regionaal repressief dekkingsplan VrZW 2022-2025 vastgesteld. Het dekkingsplan bestaat uit één hoofddocument en zeven deeldocumenten voor de gemeenten EdamVolendam, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Waterland, Wormerland en Zaanstad in Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland (VrZW). Het dekkingsplan is een theoretische beschrijving van de huidige situatie, uitgaande van volledige beschikbaarheid van alle posten, en kan daarmee gezien worden als een meest ideale en actuele foto van de repressieve brandweerzorg in Zaanstreek-Waterland. In het dekkingsplan wordt door middel van tekst en grafische weergave gepresenteerd waar voldaan kan worden aan de wettelijk gestelde normen ten aanzien van opkomsttijd voor de eerste tankautospuit (TS) , redvoertuig (RV), hulpverleningsvoertuig (HV) en waterongevallenvoertuig (WO). De dekking - of dekkingspercentage - geeft theoretisch aan hoeveel procent (%) van de objecten binnen die gemeente binnen de wettelijke opkomsttijd (norm) gehaald wordt. De norm is, afhankelijk van het soort object, 5, 6, 8 of 10 minuten en niet langer dan 18 minuten voor de eerste TS. Voor RV, HV en WO is de norm gesteld op maximaal 18 minuten. De wettelijke opkomsttijd is de som van: ▪ ▪ ▪
(meldkamer)verwerkingstijd uitruktijd rijtijd
1:00 minuut (afspraak binnen NW4 en meldkamer NH); daadwerkelijk gerealiseerd (afgerond op 15 seconden); berekend volgens de snelste route van post naar object over het wegennet uit het Nationaal Wegen Bestand (NWB).
Het dekkingsplan laat zien dat het dekkingspercentage voor de tankautospuit (TS) voor een aantal gemeenten in zowel de DAG als ANW lager is dan de door de regio aan zichzelf opgelegde norm van 70% uit het Dekkingsplan 2016-2020 én niet altijd passend is bij de omvang, risico’s en ambitie voor groei van gemeenten. De dekkingspercentages behorende bij het regionaal repressief dekkingsplan VrZW 2022-2025 zijn in bijlage 2 weergegeven waarbij de percentages ≤ 70% gemarkeerd zijn met de kleur oranje. De dekkingspercentages van redvoertuig (RV) en hulpverleningsvoertuig (HV) zijn over het algemeen goed. Dit komt mede door de vastgestelde opkomsttijd van 18 minuten. 9
Over het algemeen zijn de dekkingspercentages van het waterongevallenvoertuig (WO) ook goed maar vormen de gemeenten Edam-Volendam en Wormerland daarop in de ANW een negatieve uitzondering. Kijkend naar de dekkingspercentages en de gesignaleerde knelpunten kan samenvattend gesteld worden dat er niet zozeer sprake is van een dekkingsprobleem maar van een bezettings- of continuïteitsprobleem. Zie voor verdere verdieping de uitwerking van het regionaal repressief dekkingsplan VrZW 2022-2025, versie 1.0
4. Brede toekomstige beschouwing brandweerzorg VrZW Tijdens het opstellen van het dekkingsplan zijn vier grote knelpunten gesignaleerd. Er is samenhang tussen deze knelpunten en deze knelpunten kunnen niet los van elkaar worden gezien: 1. 2. 3. 4.
uitwerking van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’; beschikbaarheid en continuïteit duikteams en redvoertuigen; bereikbaarheid stedelijke omgeving en beschikbaarheid voldoende vrijwilligers.
Ook is geconstateerd dat er: ▪ ▪ ▪
een tekort aan duikers (en andere functionarissen zoals duikploegleiders) is; het consigneren van het redvoertuig als (te) belastend wordt ervaren en posten met regelmaat buiten dienst staan (ruim 5% dooralarmeringen in heel 2022 en meer dan 100 buiten dienst meldingen (1 juli - 31 december 2022)).
De kern van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ beschrijft het huidige brandweerstelsel dat is gebaseerd op een combinatie van vrijwillige- en beroepsbrandweer. Hierbij hebben alle brandweermensen dezelfde taken en opleidingsvereisten. Elementen in de rechtspositie van de brandweervrijwilligers zijn in strijd met de normen uit Europese en internationale regelgeving. Hierdoor kan er, na invoering van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’, door vrijwilligers niet meer geconsigneerd en gekazerneerd worden. Op dit moment worden de redvoertuigen van Purmerend en Zaanstad (Botenmakersstraat en Wormerveer) geconsigneerd. Ook worden de duikteams geconsigneerd en is er in Purmerend sprake van het consigneren en kazerneren van vrijwilligers. Na de invoering van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ is consigneren en kazerneren niet meer mogelijk voor nieuwe vrijwilligers. Voor ‘zittende’ vrijwilligers zal er een overgangsperiode gaan gelden. Daarnaast blijkt dat, met name in de vakantieperiode en tijdens weekenden, de bezetting van tankautospuiten niet compleet is en posten zich buiten dienst melden, soms meerdere gelijktijdig binnen één gemeente. Hierdoor is de uitruk van tankautospuiten niet gegarandeerd. Hiervoor moet een opvolgende eenheid worden gealarmeerd waardoor een hogere opkomsttijd ontstaat met meer kans op letsel en schade.
Ook blijkt dat, vanwege een hoge belasting op vrijwillige duikers en een tekort aan duikers, met regelmaat één van de twee waterongevallenvoertuigen niet beschikbaar is. Als tijdelijke noodoplossing wordt dan in het weekend één waterongevallenvoertuig gekazerneerd. Dat mag in de toekomst niet meer; de noodoplossing is niet toekomstbestendig. Tot slot blijkt dat het grote inspanning kost om de drie redvoertuigen operationeel te houden omdat de vrijwilligers, die door middel van consignatie ingedeeld zijn op dit redvoertuig, bij herhaling aangeven dat zij het consigneren als te belastend ervaren.
10
Knelpunt uitwerking van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’
beschikbaarheid en continuïteit duikteams en redvoertuigen bereikbaarheid stedelijke omgeving beschikbaarheid voldoende vrijwilligers
Gevolg/consequentie consigneren en kazerneren niet meer toegestaan → bezettingsprobleem → hogere opkomsttijd → meer kans op letsel en schade bezettingsprobleem → hogere opkomsttijd → meer kans op letsel en schade vertraging onderweg → langere uitruktijd → hogere opkomsttijd → meer kans op letsel en schade bezettingsprobleem → hogere opkomsttijd → meer kans op letsel en schade
Deze problemen zijn met name zichtbaar in het zuidelijk deel van de regio; op posten in de gemeente Zaanstad. De gemeente op plaats 17 in de top 20 van grootste gemeenten in Nederland met 157.166 inwoners waar de brandweerzorg op de DAG geleverd wordt door een combinatie van beroeps en vrijwilligers en in de ANW volledig door vrijwilligers. Er is sprake van onvoldoende continuïteit van de operationele organisatie. Dit is niet toekomstbestendig en vraagt om verandering. Casus uit de praktijk: Donderdag 15 december 2022: brandmelding sporthal Oostzaan, Twiskeweg Oostzaan Vanwege de grootte van een sporthal wordt hiervoor standaard gealarmeerd: 2 x tankautospuit en 1 x redvoertuig 10:53:58 uur
eerste alarmering: tankautospuit en redvoertuig Zaanstad-Prins Bernhardplein en tankautospuit Oostzaan; Zaanstad-Prins Bernhardplein rukt uit maar Oostzaan kon niet uitrukken vanwege onderbezetting
10:56:50 uur
opvolgende alarmering: tankautospuit Zaanstad-Vermiljoenweg; Zaanstad-Vermiljoenweg kon niet uitrukken vanwege onderbezetting
10:59:44 uur
opvolgende alarmering: tankautospuit Landsmeer; Landsmeer kon niet uitrukken vanwege onderbezetting
Uiteindelijk komen alleen de tankautospuit en redvoertuig Zaanstad-Prins Bernhardplein ter plaatse. Voor een serieuze brandmelding is dit te weinig slagkracht. Voor een sporthal geldt een wettelijke opkomsttijd van 10 minuten (kantoorfunctie, industriefunctie, sportfunctie, bijeenkomstfunctie of een overige gebruiksfunctie). Dat betekent dat de brandweer uiterlijk 10 minuten na aanname van de melding ter plaatse moet zijn. Door het niet kunnen uitrukken vanwege onderbezetting is bij dit voorbeeld een vertraging ontstaan van 5:46 minuut (10:59:44 – 10:53:58). Hierbij dient de 1:00 minuut meldkamerverwerkingstijd, de uitruktijd én de rijtijd nog te worden opgeteld. Doordat opvolgende tankautospuiten van verder weg moeten komen zal de vertraging alleen maar oplopen. De 10 minuten norm wordt bij dit incident ruimschoots overschreden. Met het constateren van deze knelpunten heeft het AB 8 juli 2022 opdracht gegeven een Brede toekomstige beschouwing naar de brandweerzorg VrZW uit te voeren aan de hand van vier stappen. Vast staat dat het huidige model, voor wat betreft de inrichting van de repressieve brandweerzorg in Zaanstreek-Waterland, niet meer toekomstbestendig is. Het advies is om langs een geleidelijke weg de organisatie meer toekomstbestendig te maken. Hierbij richt VrZW zich primair op het: ▪ ▪ ▪
verbeteren van dekking van brandweerzorg in stedelijke omgeving; bieden van betere continuïteit op die plekken waar deze nu kwetsbaar is en waar mogelijk het efficiënter organiseren van brandweerzorg. 11
De eerste drie stappen van de brede toekomstige beschouwing zijn inmiddels uitgewerkt en op 28 oktober 2022 vastgesteld door het AB. Deze drie stappen betreffen het: 1. herijken en vaststellen van bestuurlijke uitgangspunten; 2. inzichtelijk maken van de minimaal noodzakelijke slagkracht en 3. beschrijven van de huidige situatie o.a. op basis van bestuurlijke uitgangspunten. Het AB heeft 28 oktober 2022 opdracht gegeven om stap vier van de Brede toekomstige beschouwing uit te werken. Dit betreft de uitwerking van: ▪
Fase 1: basis op orde; 1-3 jaar. Deze uitwerking richt zich op een oplossing voor de grootste problemen zoals de continuïteit en de beschikbaarheid van duikteams, redvoertuigen en basisbrandweerzorg in met name het zuidelijk deel van Zaanstad. Deze fase wordt uitgewerkt in twee scenario’s. Hiermee wordt invulling gegeven aan deelbesluit 5 van de Brede toekomstige beschouwing in het AB van 28 oktober 2022. Voor de uitwerking van fase 1: basis op orde; 1-3 jaar geldt dat deze voldoet aan de nieuwe bestuurlijke uitgangspunten of dat nader wordt onderbouwd hoe compenserende maatregelen getroffen kunnen worden. Ook dient deze fase te voldoen aan de minimaal vastgestelde slagkracht. Verderop in dit document wordt dat getoetst.
▪
Vervolgfase: (middel)lange termijn Voor de uitwerking van de vervolgfase (volgend op fase 1) geldt dat de volle breedte, van risicobeheersing tot incidentbestrijding betrokken wordt, en deze in diverse scenario’s wordt uitgewerkt waarbij de financiële consequenties in beeld worden gebracht.
Een breed samengestelde werkgroep is vervolgens aan de slag gegaan met het uitwerken van de twee gevraagde scenario’s. Tijdens een bestuurlijk vooroverleg op 1 december 2022 zijn de twee uitgewerkte scenario’s aan de hand van een presentatie aan het AB toegelicht. Vervolgens heeft het AB op 9 december 2022 opnieuw kennis genomen van de twee uitgewerkte scenario’s. Daarbij zijn geen aanvullende inhoudelijke vragen gesteld of opdrachten verstrekt. Hierop heeft het AB opdracht gegeven om de twee scenario’s gedetailleerd uit te werken en te agenderen voor een extra AB op 24 februari 2023. Voorafgaand aan dat AB vindt een bestuurlijk vooroverleg plaats op 13 februari 2023. Zie voor verdere verdieping de uitwerking van de Brede toekomstige beschouwing brandweerzorg VrZW, versie 1.0 12
5. Realistisch beeld De systematiek van het dekkingsplan beschrijft de situatie waarbij uitgegaan wordt van de volledige beschikbaarheid van alle posten. Daarmee wordt het meest ideale beeld gepresenteerd. Dit is echter niet realistisch; de praktijk laat zien dat er sprake is van onvoldoende continuïteit van de operationele organisatie. Posten en materieel (TS, RV, HV en WO) zijn niet meer altijd gegarandeerd, zo is bij de Brede toekomstige beschouwing brandweerzorg VrZW uitvoerig geconstateerd. Aanvullend daarop zal er, vanuit Bouwsteen ‘verplichtend karakter’, in de toekomst niet meer geconsigneerd en gekazerneerd mogen worden. Zowel het dekkingsplan als de scenario’s 1 en 2 zijn volgens dezelfde systematiek berekend uitgaande dat alle posten beschikbaar zijn. De uitgewerkte scenario’s leiden daarbij niet tot een significante verbetering van de dekking maar wel tot een betere garantie op beschikbaarheid. Om het contrast tussen het huidige dekkingsplan en de twee uitgewerkte scenario’s beter zichtbaar te maken wordt daarom ook een realistisch beeld gepresenteerd. Dit realistisch beeld beschrijft de hypothetische situatie medio zomer 2023 waarbij een vijftal posten tijdelijk maar gelijktijdig buiten dienst (bd) staan en benadert de situatie wanneer niet ingegrepen wordt op de geschetste knelpunten.
Bij het, voor dit scenario, buiten dienst plaatsen van posten is vooral focus gehouden op de opdracht voor het uitwerken van fase 1: basis op orde; 1-3 jaar (met name het zuidelijk deel van Zaanstad). Hierbij zijn posten buiten dienst geplaatst, binnen de kaders van de opdracht, waarvan het aannemelijk is, op basis van daadwerkelijke buiten dienst meldingen, dat zij op enig moment gelijktijdig buiten dienst zullen staan.
13
Gemeente
Post
Edam-Volendam
Edam Kwadijk Oosthuizen Volendam Landsmeer Oostzaan Middenbeemster Purmerend beroeps Purmerend vrijwillig Zuidoostbeemster Broek in Waterland Ilpendam Marken Monnickendam Spijkerboor Wormer Assendelft Krommenie Wormerveer beroeps Wormerveer vrijwillig Zaandam Botenmakersstraat Zaandam Houtveldweg Zaandam Prins Bernhardplein beroeps Zaandam Prins Bernhardplein vrijwillig Zaandam Vermiljoenweg Zaandijk
Landsmeer Oostzaan Purmerend
Waterland
Wormerland Zaanstad
Actueel dekkingsplan DAG ANW
Realistisch beeld DAG ANW
TS bd TS bd
TS bd TS bd
TS bd
TS+RV bd
WO bd TS bd
TS+WO bd TS bd
De dekkingspercentages die dit realistisch beeld opleveren staan weergegeven in bijlage 3 waarbij ook hier, net als bij het vastgestelde dekkingsplan in bijlage 2, de percentages ≤ 70% gemarkeerd zijn met de kleur oranje. Bij dit realistisch beeld, wanneer dus niet wordt ingespeeld op de gesignaleerde knelpunten, zal het dekkingspercentage voor de TS aanzienlijk dalen, met name in het zuidelijk deel van de regio en de gemeenten Zaanstad, Landsmeer en Oostzaan. In Zaanstad zal het dekkingspercentage in de ANW aanzienlijk dalen tot 35,8 % wat betekent dat slechts 28.927 van de 80.727 objecten op tijd gehaald worden. De dekking zal in de DAG nagenoeg gelijk blijven omdat dan de beroepsmatige bezetting op het Prins Bernhardplein aanwezig is. Vanwege de maximale opkomsttijd van het RV en HV van 18 minuten blijven de dekkingspercentages voor deze voertuigen overal gelijk. Daarentegen daalt het dekkingspercentage van de WO in de gemeente Waterland in de ANW van 46,8% verder naar 15,4%.
14
6. Scenario 1
6.1 Wat willen we bereiken (per 31 december 2025)? Betere continuïteit en beschikbaarheid van basisbrandweerzorg in Zaanstad-Zuid en van de redvoertuigen en duikteams in de gehele regio. Dit betekent op meerdere plaatsen versterken daar waar het noodzakelijk is zodat overige posten op basis van vrijwilligheid in stand kunnen blijven.
6.2 Hoe is het nu georganiseerd en welke knelpunten worden bij dit model ervaren? Post Zaanstad-Zuid – Prins Bernhardplein Purmerend Zaanstad-Noord – Wormerveer
▪ ▪ ▪ ▪
DAG 8p beroeps voor TS, RV en WO (spring6) 8p beroeps voor TS, RV en WO (spring) 6p beroeps voor TS en RV
ANW TS op vrije instroom, WO op consignatie RV op consignatie vanaf Botenmakersstraat 6p beroeps, hybride + consignatie TS op vrije instroom, RV op consignatie
onvoldoende continuïteit van basisbrandweerzorg door niet gegarandeerde bezetting tankautospuiten in Zaanstad-Zuid minimale bezetting Purmerend en kazernering van vrijwilligers consignatie voor redvoertuigen en duikteams brandweerzorg Zaanstad in ANW volledig vrijwillig
6.3 Hoe moet het worden en wat levert het op? Post Zaanstad-Zuid – Prins Bernhardplein Purmerend Zaanstad-Noord – Wormerveer
▪
6
DAG 8p beroeps voor TS, RV en WO (spring)
ANW 8p beroeps voor TS, RV en WO (spring)
8p beroeps voor TS, RV en WO (spring) 6p beroeps voor TS en RV
8p beroeps voor TS, RV en WO (spring) 2p beroeps voor RV, TS op vrije instroom
Gegarandeerde beschikbaarheid van tankautospuit in Zaanstad-Zuid en van redvoertuigen en duikteams in de gehele regio
Zie voor uitleg van de betekenis ‘spring’ pagina 18
15
6.4 Wat is daarvoor extra nodig? Post Zaanstad-Zuid – Prins Bernhardplein Purmerend Zaanstad-Noord – Wormerveer
DAG (excl. roosterfactor)
-
ANW (excl. roosterfactor) + 8p beroeps
-
+ 2p beroeps + 2p beroeps
6.5 Wat realiseren we bij dit scenario nog meer? Daar waar de brandweerzorg versterkt wordt door beroepsmatige inrichting ontstaat gelijktijdig ruimte om de spreiding van kazernes te verminderen. In het gebied Zaanstad-Zuid is die spreiding - historisch gegroeid fijnmazig. Meest voor de hand ligt het samenvoegen van de posten Botenmakersstraat en Prins Bernhardplein op het Prins Bernhardplein. Hiermee wordt op termijn de locatie Botenmakersstraat vrijgespeeld en kan worden teruggegeven aan de gemeente Zaanstad als (her)ontwikkellocatie; de brandweerposten zijn tenslotte in eigendom van de gemeenten binnen VrZW. Hierbij is ook naar de volgende argumenten gekeken: ▪
overwegingen Botenmakersstraat: - aantal dooralarmeringen - aantal keer buiten dienst - complexiteit om bezetting sluitend te krijgen - dekking kan worden overgenomen door andere post - strategische spreiding van posten - bereikbaarheid post
▪
overwegingen om Botenmakersstraat samen te voegen met Prins Bernhardplein: - Botenmakersstraat kan Prins Bernhardplein en andere omliggende posten versterken voor basisbrandweerzorg (alle vrijwilligers zijn in principe herplaatsbaar) - versterkt bezetting redvoertuig
6.6 Wat doet dit scenario met de dekking? TS Gemeente Edam-Volendam Landsmeer Oostzaan Purmerend Waterland Wormerland Zaanstad Regio
actueel dekkingsplan DAG ANW 44,2 62,8 63,9 78,1 90,0 89,9 86,6 73,4 80,2 85,3 69,2 26,2 86,8 63,7 80,4 66,7
realistisch beeld DAG ANW 44,2 62,9 2,2 1,9 28,5 4,8 86,7 73,5 80,2 85,3 69,2 26,3 86,6 35,8 76,6 48,9
scenario 1 DAG 44,2 63,9 90,0 86,7 80,2 69,2 86,8 80,4
ANW 62,9 78,2 90,1 73,5 85,3 26,4 73,1 71,1
Voor de duidelijkheid is hier alleen het vergelijk in dekking tussen het actueel dekkingsplan, realistisch beeld en scenario 1 voor het basisbrandweervoertuig (de TS) weergegeven. Voor de dekkingspercentages van overige voertuigen wordt verwezen naar bijlagen 2, 3 en 4. Uit dit overzicht wordt duidelijk dat de dekking bij het realistisch beeld, wanneer dus niet ingespeeld wordt op de gesignaleerde knelpunten, aanzienlijk daalt. Bij scenario 1 zal de dekking ten opzichte van het 16
dekkingsplan in ieder geval gelijk blijven of verbeteren. Het is dus niet zo dat de dekking significant verbetert maar de garantie op beschikbaarheid wel. Dit vertaalt zich ten opzichte van het dekkingsplan niet direct tot hogere dekkingspercentages omdat de systematiek van het dekkingsplan geen rekening houdt met de garantie op beschikbaarheid maar de situatie beschrijft waarbij uitgegaan wordt van de volledige beschikbaarheid van alle posten. Dat is niet overeenkomstig de werkelijkheid.
6.7 Wat gaat dat extra kosten7? Voor het uitvoeren van dit scenario is, aanvullend op de reeds aanwezige formatie repressief inzetbaar personeel en rekening houdend met de roosterfactor8, een uitbreiding nodig van ca. 46 fte in 24-uursdienst. Voor de financiële doorrekening is onder andere rekening gehouden met deze roosterfactor, het verstrekken van PSU (uitrusting), opleiding en overhead. De locatie Prins Bernhardplein zal van brandweerpost wijzigen naar -kazerne9. Hiervoor is een verbouwing noodzakelijk die samenvalt met de integrale verbouwing in 2025. Vanwege krapte op de arbeidsmarkt en capaciteit binnen VrZW zal een realistische/uitvoerbare opbouw gefaseerd kunnen plaatsvinden over de volgende jaren 2023, 2024 en 2025 met respectievelijk 12, 12 en 12+10 personen. Totaal extra benodigd
personen ca. 24 ca. 22 verbouwing
Totaal Extra per gemeente Edam-Volendam Landsmeer Oostzaan Purmerend Waterland Wormerland Zaanstad Totaal
verdeelsleutel % 9,95% 3,02% 2,63% 26,89% 5,76% 5,07% 46,69% 100,00%
2024
2025
2.500.000 2.500.000
2.608.217 2.390.865 120.000 5.119.082
2024 248.628 75.428 65.750 672.263 143.883 126.805 1.167.243 2.500.000
2025 509.099 154.449 134.633 1.376.549 294.619 259.649 2.390.084 5.119.082
7
Zie bijlage 7 voor een financiële onderbouwing Zie voor uitleg van de betekenis ‘roosterfactor’ pagina 18 9 Het verschil tussen een brandweerpost en een -kazerne is dat een kazerne is ingericht op diensten waarbij ’s nachts op de werkplek geslapen wordt 8
17
7. Scenario 2
7.1 Wat willen we bereiken (per 31 december 2025)? Betere continuïteit en beschikbaarheid van basisbrandweerzorg, redvoertuigen en duikteams in ZaanstadZuid. Dit betekent versterken met name in Zaanstad-Zuid daar waar het noodzakelijk is zodat overige posten op basis van vrijwilligheid in stand kunnen blijven.
7.2 Hoe is het nu georganiseerd en welke knelpunten worden bij dit model ervaren? Post Zaanstad-Zuid – Prins Bernhardplein
▪ ▪ ▪
DAG 8p beroeps voor TS, RV en WO (spring)
ANW TS op vrije instroom, WO op consignatie RV op consignatie vanaf Botenmakersstraat
onvoldoende continuïteit van basisbrandweerzorg door niet gegarandeerde bezetting tankautospuiten in Zaanstad-Zuid consignatie voor redvoertuigen en duikteams brandweerzorg Zaanstad in ANW volledig vrijwillig
7.3 Hoe moet het worden en wat levert het op? Post Zaanstad-Zuid – Prins Bernhardplein
▪
DAG 8p beroeps voor TS, RV en WO (spring)
ANW 8p beroeps voor TS, RV en WO (spring)
Gegarandeerde beschikbaarheid van tankautospuit in Zaanstad-Zuid en van redvoertuigen en duikteams voor het zuidelijk deel van de regio
7.4 Wat is daarvoor extra nodig? Post Zaanstad-Zuid – Prins Bernhardplein
DAG (excl. roosterfactor)
-
ANW (excl. roosterfactor) + 8p beroeps
18
7.5 Wat realiseren we bij dit scenario nog meer? Ook bij dit scenario worden de posten Botenmakersstraat en Prins Bernhardplein samengevoegd op het Prins Bernhardplein. Zie voor de verdere onderbouwing scenario 1. 7.6 Wat doet dit scenario met de dekking? TS Gemeente Edam-Volendam Landsmeer Oostzaan Purmerend Waterland Wormerland Zaanstad Regio
actueel dekkingsplan DAG ANW 44,2 62,8 63,9 78,1 90,0 89,9 86,6 73,4 80,2 85,3 69,2 26,2 86,8 63,7 80,4 66,7
realistisch beeld DAG ANW 44,2 62,9 2,2 1,9 28,5 4,8 86,7 73,5 80,2 85,3 69,2 26,3 86,6 35,8 76,6 48,9
scenario 2 DAG 44,2 63,9 90,0 86,7 80,2 69,2 86,8 80,4
ANW 62,9 78,2 90,1 73,5 85,3 26,4 73,1 71,1
Voor de duidelijkheid is hier alleen het vergelijk in dekking tussen het actueel dekkingsplan, realistisch beeld en scenario 2 voor het basisbrandweervoertuig (de TS) weergegeven. Voor de dekkingspercentages van overige voertuigen wordt verwezen naar bijlagen 2, 3 en 5. Uit dit overzicht wordt duidelijk dat de dekking bij het realistisch beeld, wanneer dus niet ingespeeld wordt op de gesignaleerde knelpunten, aanzienlijk daalt. Bij scenario 2 zal de dekking ten opzichte van het dekkingsplan in ieder geval gelijk blijven of verbeteren. Het is dus niet zo dat de dekking significant verbetert maar de garantie op beschikbaarheid wel. Dit vertaalt zich ten opzichte van het dekkingsplan niet direct tot hogere dekkingspercentages omdat de systematiek van het dekkingsplan geen rekening houdt met de garantie op beschikbaarheid maar de situatie beschrijft waarbij uitgegaan wordt van de volledige beschikbaarheid van alle posten. Dat is niet overeenkomstig de werkelijkheid.
7.7 Wat doen we bij dit scenario niet? Scenario 2 richt zich alleen op Zaanstad-Zuid. Daar wordt versterkt met basisbrandweerzorg, redvoertuig en het duikteam. Redvoertuigen en het duikteam op andere plekken in de regio worden dus niet versterkt. Dit blijft dan kwetsbaar. Daarom is dit scenario niet volledig toekomstbestendig.
7.8 Wat gaat dat extra kosten? Voor het uitvoeren van dit scenario is, aanvullend op de reeds aanwezige formatie repressief inzetbaar personeel en rekening houdend met de roosterfactor, een uitbreiding nodig van ca. 28 fte in 24-uursdienst. Voor de financiële doorrekening is onder andere rekening gehouden met deze roosterfactor, het verstrekken van PSU (uitrusting), opleiding en overhead. De locatie Prins Bernhardplein zal van brandweerpost wijzigen naar -kazerne. Hiervoor is een verbouwing noodzakelijk die samenvalt met de integrale verbouwing in 2025. Vanwege krapte op de arbeidsmarkt en capaciteit binnen VrZW zal een realistische/uitvoerbare opbouw gefaseerd kunnen plaatsvinden over de volgende jaren 2023, 2024 en 2025 met respectievelijk 12, 12 en 4 personen.
19
Totaal benodigd
personen ca. 24 ca. 4 verbouwing
Totaal Per gemeente Edam-Volendam Landsmeer Oostzaan Purmerend Waterland Wormerland Zaanstad Totaal
verdeelsleutel % 9,95% 3,02% 2,63% 26,89% 5,76% 5,07% 46,69% 100,00%
2024
2025
2.500.000 2.500.000
2.608.217 434.703 120.000 3.162.919
2024 248.628 75.428 65.750 672.263 143.883 126.805 1.167.243 2.500.000
2025 314.556 95.429 83.185 850.526 182.036 160.429 1.476.758 3.162.919
8. Extra financieel scenario (aanvullend op scenario 1) Scenario’s 1 en 2 zijn uitgewerkt en financieel onderbouwd. Mede vanwege meerjarige onzekerheid binnen het gemeentefonds en de wens van gemeenten om een sluitende begroting aan de provincie te overleggen voor de komende 4 jaar (2024 t/m 2027) is een extra financieel scenario berekend, aanvullend op scenario 1. Hierbij is rekening gehouden met: 1. 2. 3. 4.
bijdrage van het Rijk ter compensatie van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’; beëindigen consignatieregeling Zaanstad en Purmerend; fictieve opbrengst gemeente Zaanstad bij verkoop/ontwikkeling van post Botenmakersstraat; uitwerking scenario 1 niet op 31 december 2025 gerealiseerd maar op 31 december 2026.
Dit extra financieel scenario is alleen van toepassing op scenario 1. Scenario 2 is niet volledig toekomstbestendig omdat consigneren en kazerneren gewoon blijft bestaan waardoor het verrekenen met de bijdrage van het Rijk ter compensatie van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ en het beëindigen van de consignatieregeling hier niet van toepassing is.
Ad. 1. Voor de berekening van de bijdrage van het Rijk ter compensatie van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ wordt gebruik gemaakt van het Implementatieplan Bouwsteen 'verplichtend karakter', versie 0.9, 25 november 2022 (status: concept en vertrouwelijk). Hiervoor heeft in 2020 een uitvraag bij de regio’s plaatsgevonden en een check op deze uitvraag in 2021. De check 2021 wordt als peildatum aangehouden. Landelijk heeft Bouwsteen 'verplichtend karakter' impact op 4337 vrijwilligers; voor Zaanstreek-Waterland op 143 vrijwilligers. De landelijk berekende structurele meerkosten van € 30.921.700 uit het Implementatieplan verrekend met de factor 143/4337 komt op een bijdrage van € 1.019.553,40. In het Implementatieplan wordt gesproken over een overgangsperiode van drie jaar. Aangenomen wordt dat bij besluitvorming tot invoering van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ per 1 januari 2024 deze bijdrage halverwege de overgangsperiode (vanaf 1 juli 2025) opgevoerd wordt als verwachte opbrengst.
20
Disclaimer. De vier geconstateerde knelpunten zetten de continuïteit van de brandweerzorg onder druk en kunnen niet los van elkaar worden gezien. Daarom staat, ook als de invoering van Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ niet door gaat, VrZW samen met de gemeenten aan de lat om de overige drie knelpunten op te lossen om zo de brandweerzorg in Zaanstreek-Waterland toekomstbestendig te maken. Voor de kostentoerekening per gemeente is gebruik gemaakt van het Implementatieplan Bouwsteen 'verplichtend karakter', versie 0.9, 25 november 2022 (status: concept en vertrouwelijk). Hierdoor is gerekend met de meest actuele gegevens. Landelijk heeft Bouwsteen 'verplichtend karakter' impact op 4.337 vrijwilligers; voor Zaanstreek-Waterland op 143 vrijwilligers. De landelijk berekende structurele meerkosten van € 30.921.700 uit het Implementatieplan verrekend met de factor 143/4337 komt op een bijdrage voor Zaanstreek-Waterland van € 1.019.553,40. Het is aannemelijk dat de structurele bijdrage van het Rijk, bij positieve besluitvorming over Bouwsteen ‘verplichtend karakter’, niet hoger zal zijn dan dit bedrag. Er is echter nog geen definitieve besluitvorming over Bouwsteen 'verplichtend karakter' waardoor de structurele bijdrage van het Rijk ter compensatie van de invoering nog onzeker is.
Ad. 2. In Zaanstad is sprake van het consigneren van de redvoertuigen en waterongevallenvoertuig. In Purmerend is er ook sprake van consignatie. Het beëindigen van consignatie brengt structureel € 101.000 op voor cluster West/Zaanstad en € 43.000 voor cluster Oost/Purmerend. Gelijk als onder ad. 1. worden deze bedragen vanaf ca. 1 juli 2025 in mindering gebracht op de kosten. Ad. 3. De brandweerposten in VrZW zijn in eigendom van de gemeenten. Bij het samenvoegen van de posten Botenmakersstraat en Prins Bernhardplein op de locatie Prins Bernhardplein wordt de locatie Botenmakersstraat vrijgespeeld en teruggegeven aan de gemeente Zaanstad. De WOZ-waarde van de post (Botenmakersstraat 23, 1506 TA Zaandam) is € 401.000,- (peiljaar 2022). Zaanstad draagt € 30.000,- per jaar bij aan gebruikskosten voor deze post (gas, water, elektra, schoonmaak en verzekering). De daadwerkelijke waarde van de post Botenmakersstraat is afhankelijk van de ontwikkelwens van de gemeente Zaanstad. Omdat de waarde van de post en de gebruikskosten, bij het vrijspelen van de post Botenmakersstraat, direct terugvallen aan de gemeente Zaanstad is de opbrengst niet meegenomen in de berekening van het extra financieel scenario maar met een ‘PM’ aangegeven. Ad. 4. In onderstaande tabel is de uiterste datum van realisatie verplaatst van 31 december 2025 naar 31 december 2026.
8.1 Financiële onderbouwing (scenario aanvullend op scenario 1) Totaal extra benodigd
Totaal
omschrijving uitbreiding bezetting uitbreiding bezetting verbouwing 1. bijdrage Rijk Bouwsteen 2. beëindigen consignatie 3. opbrengst verkoop post
2024 2.500.000
2025 2.608.217 1.195.433 120.000 - 509.777 - 72.000
2026 2.660.381 2.438.683 120.000 - 1.019.553 - 144.000
2.500.000
3.341.873
4.055.511
2027 2.713.589 2.487.456 120.000 - 1.019.553 - 144.000 PM 4.157.492
21
Extra per gemeente Edam-Volendam Landsmeer Oostzaan Purmerend Waterland Wormerland Zaanstad Totaal
verdeelsleutel % 9,95% 3,02% 2,63% 26,89% 5,76% 5,07% 46,69% 100,00%
2024 248.628 75.428 65.750 672.263 143.883 126.805 1.167.243 2.500.000
2025 332.353 100.828 87.892 898.648 192.335 169.506 1.560.311 3.341.873
2026 403.325 122.360 106.661 1.090.549 233.407 205.703 1.893.506 4.055.511
2027 413.468 125.437 109.343 1.117.972 239.276 210.876 1.941.121 4.157.492
9. Kaderbrief, ‘spring’ en roosterfactor 9.1 Kaderbrief 2024 Het AB heeft op 9 december 2022 de Kaderbrief 2024 vastgesteld. Hierin is gesteld dat, gezien de urgentie om de brandweerzorg verder te versterken en toekomstbestendig te maken in 2023 gestart wordt met het werven en opleiden van extra beroepsmatig repressief personeel. Doordat het moment van instroom en start opleiding nog niet goed te plannen is, zijn de meerkosten voor 2023 moeilijk in te schatten. De verwachting is dat de opbouw, gezien de dynamiek op de arbeidsmarkt, drie jaar duurt. Ook in 2024 en 2025 wordt in beide jaren extra beroepspersoneel geworven, afhankelijk van welke keuzes door het bestuur gemaakt worden (scenario 1 of 2). In de voor 2024 ingeschatte meerkosten is rekening gehouden met persoonlijke uitrusting, opleiding en overhead (20%). Ook is het noodzakelijk voor het extra beroepspersoneel tijdelijke voorzieningen aan te brengen. In 2024 en 2025 zal dan de locatie Prins Bernhardplein geschikt worden gemaakt als brandweerkazerne voor beroepspersoneel. De kosten voor de start van de instroom in 2023 en de tijdelijke aanpassing van de huisvesting voor het extra beroepspersoneel zijn niet eerder in de begroting 2023 opgenomen. Het AB heeft ingestemd om deze kosten ten laste van de Bestemmingsreserve Wnra te brengen en voor het resterende deel ten laste van de lopende begroting.
Extra financiële middelen in fase 1 extra repressief inzetbare brandweermensen eenmalige aanpassingen 24/7 beschikbaarheid
2024 2.500.000 -
2025 volgt uit keuze scenario 1 of 2 -
22
9.2 Toelichting concept springbemensing In de uitwerking van de scenario’s 1 en 2 wordt gesproken over springbemensing, -bezetting of kortweg ‘spring’. Springbemensing is binnen de brandweer een veelvuldig gebruikt concept om zoveel mogelijk voertuigen (taken) te kunnen bemensen op basis van een 8-persoons kazernebezetting. Om alle voertuigen (tankautospuit, redvoertuig en waterongevallenvoertuig) apart te bemensen zijn minimaal 12 personen nodig. TS = tankautospuit (basisbrandweerzorg)
6 personen
RV = redvoertuig (autoladder/hoogwerker)
2 personen
WO = waterongevallenvoertuig (duikteam)
4 personen + 12 personen
Een springbemensing van 8 personen kan in de volgende combinatie uitrukken: TS 6 personen (6 ingezet; 2 over) TS uitgerukt? RV kan nog uitrukken, geen bezetting voor WO → WO van andere post TS 6 personen + RV 2 personen (8 ingezet; 0 over) TS en RV uitgerukt? Geen bezetting voor WO → WO van andere post WO 4 personen + TS 4 personen (8 ingezet; 0 over) WO en TS uitgerukt? Geen bezetting voor RV → RV van andere post WO 4 personen + RV 2 personen (6 ingezet; 2 over) WO en RV uitgerukt? Te weinig bezetting voor TS → TS van andere post
9.3 Toelichting roosterfactor De totale operationele sterkte is het benodigde aantal medewerkers in 24-uursdienst en wordt berekend door het aantal functies (operationele arbeidsplaatsen) dat 7 x 24 uur bezet moet zijn te vermenigvuldigen met de roosterfactor die aangeeft hoeveel formatieplaatsen daarvoor per functie nodig zijn. Rekening houdend met verlof, ziekte en verzuim door opleiding, training en scholing én ervaring vanuit Purmerend waar ca. 15 jaar gewerkt wordt met een rooster en roosterfactor wordt gerekend met een bestaande en veel gebruikte roosterfactor van 4,5. Dit betekent dat voor een operationele bezetting van 8 personen in werkelijkheid 8 x 4,5 = 36 fte noodzakelijk is. Deze roosterfactor is gebruikt als aanname voor de financiële doorrekening; hoeveel fte is er in totaal nodig? Het kan zijn dat de praktijk anders uitwijst, met name ingegeven door een hoger verzuimpercentage van brandweerduikers, waardoor de roosterfactor aangepast dient te worden.
23
9.4 Huidige formatie Formatie Vaste kern Extra formatie t.b.v. diversiteit (t/m 31 december 2023) Extra formatie t.b.v. duikorganisatie (administratief ondergebracht in Oost) Totaal
West (dagdienst Zaanstad) 13 fte 3 fte
Oost (24-uursdienst Purmerend) 27 fte 2 fte
-
4 fte
16 fte
33 fte
10. Resumé 10.1 Check opdracht AB Fase 1: basis op orde; 1–3 jaar basisbrandweerzorg Zaanstad-Zuid versterkt RV versterkt WO versterkt
Scenario 1 basisbrandweerzorg met minimaal 1 TS gegarandeerd (spring) alle redvoertuigen (3) gegarandeerd (spring) alle waterongevallenvoertuigen (2) gegarandeerd (spring)
Scenario 2 basisbrandweerzorg met minimaal 1 TS gegarandeerd (spring) alleen in zuidelijk deel regio gegarandeerd (spring) alleen in zuidelijk deel regio gegarandeerd (spring)
10.2 Check bestuurlijke uitgangspunten Bestuurlijke uitgangspunten Zet kwaliteit en professionaliteit van de brandweerzorg voorop Zorg voor het hoogste dekkingspercentage bij de grootste risico’s in de regio en hou daarbij rekening met forse binnenstedelijke uitbreiding Werk met beroepsbrandweer waar het moet en met vrijwillige brandweer waar het kan
Scenario 1 ✓ voldoet
Bundel krachten samen met buurregio’s en externe partners, én zorg ervoor dat de eigen basis op orde is en blijft Streef ernaar dat veranderingen leiden tot een verdere verbetering van het dekkingspercentage in alle gemeenten
✓ voldoet
Koester de maatschappelijke functie van de brandweer, waarbij het maatschappelijk belang niet leidend is voor professionele brandweerzorg Laat cijfers alleen niet volledig leidend zijn Zorg voor een goede arbeidsmarktstrategie
✓ voldoet
Scenario 2 ± scenario 2 biedt geen oplossing voor alle knelpunten ± scenario 2 richt zich op het zuidelijk deel van Zaanstad/de regio en niet op de rest van de regio/Purmerend ± scenario 2 biedt geen oplossing voor alle knelpunten; gekazerneerde bezetting door vrijwilligers in Purmerend kan op termijn niet meer ± bij scenario 2 is de basis onvoldoende op orde, bijvoorbeeld rondom waterongevallen- en redvoertuigen ± bij scenario 1 en 2 blijft de dekking tov het dekkingsplan ongeveer gelijk. De garantie op beschikbaarheid neemt toe. Bij scenario 2 echter minder dan bij scenario 1 ✓ voldoet
✓ voldoet
✓ voldoet
PM
PM
✓ voldoet
✓ voldoet
✓ voldoet
24
10.3 Check slagkracht Stap 2 van de Brede toekomstige beschouwing beschrijft het aantal beschikbare tankautospuiten (TS-en) en minimaal benodigde slagkracht om aan de som van grote gelijktijdige incidenten, (inter)regionale afspraken en noodzakelijke restdekking te voldoen en bepaalt daarmee te overcapaciteit. beschikbare TS-en: minimaal benodigde slagkracht: overcapaciteit: Actueel dekkingsplan beschikbare TS-en: 22 (+2)
22 (+2) 19 3 (+2) Scenario 1 22 (+2) slagkracht ongewijzigd
Scenario 2 22 (+2) slagkracht ongewijzigd
Scenario 1 basisbrandweerzorg met minimaal 1 TS gegarandeerd (spring) alle redvoertuigen (3) gegarandeerd (spring) alle waterongevallenvoertuigen (2) gegarandeerd (spring)
Scenario 2 basisbrandweerzorg met minimaal 1 TS gegarandeerd (spring) redvoertuig (1) alleen in zuidelijk deel regio gegarandeerd (spring) waterongevallenvoertuig (1) alleen in zuidelijk deel regio gegarandeerd (spring) voldoet gedeeltelijk ongewijzigd voldoet niet volledig ca. 28 fte extra gedeeltelijk 2024: € 2,5 M 2025: € 3,04 M + 0,12 M verbouwing
10.4 Check overall Fase 1: basis op orde; 1 - 3 jaar basisbrandweerzorg Zaanstad-Zuid versterkt RV versterkt WO versterkt
bestuurlijke uitgangspunten slagkracht Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ benodigd toekomstbestendig financieel10
voldoet ongewijzigd voldoet ca. 46 fte extra volledig 2024: € 2,5 M 2025: € 4,99 M + 0,12 M verbouwing
10.5 Rol werkgroep Na het besluit van het AB op 28 oktober 2022 om fase 1: basis op orde; 1-3 jaar van de brede toekomstige beschouwing uit te werken is een breed samengestelde werkgroep aan de slag gegaan met het uitwerken van de twee gevraagde scenario’s. De werkgroep is samengesteld vanuit de diverse teams van de afdelingen Brandweerzorg, Risico- en Crisisbeheersing en Bedrijfsvoering van VrZW om daarmee maximaal aan kennis en kunde bij te dragen maar ook in draagvlak te voorzien. Op het moment dat in de werkgroep gesproken werd over het samenvoegen van posten Botenmakersstraat en Prins Bernhardplein in Zaanstad zijn ook de betreffende postcoördinatoren en kazernechef toegevoegd aan de werkgroep. De werkgroep overlegde op maandag met elkaar. De OR maakt deel uit van de werkgroep. De werkgroep benoemt scenario 1 nadrukkelijk als voorkeursscenario omdat dit scenario volledig toekomstbestendig is, volledig voldoet aan Bouwsteen ‘verplichtend karakter’ én aan alle bestuurlijke uitgangspunten.
10
Bij de financiële onderbouwing is nog geen rekening gehouden met voordelen zoals: mogelijke bijdrage Rijk m.b.t. bouwsteen ‘verplichtend karakter’, verminderen consignatie en samenvoegen posten.
25
10.6 Rol medezeggenschap In VrZW is sprake van een participatieve OR. Door de OR wordt, middels een afvaardiging, actief meegedacht wat niet direct wil zeggen dat met alle onderwerpen ook automatisch wordt ingestemd. Zo is de OR aangesloten in de werkgroep die de twee scenario’s heeft uitgewerkt. Ook kan de OR indien gewenst aansluiten bij de avonden waarop de postcoördinatoren geïnformeerd worden over deze ontwikkelingen en de klankbordgroep vrijwilligers. Onderwerpen als dekkingsplan, brede toekomstige beschouwing en toekomstbestendige organisatie worden in de overlegvergadering met de OR besproken evenals in het artikel 24-overleg. Omdat de keuze tussen scenario 1 en 2 vooral in het politieke primaat ligt is met de OR afgesproken dat zij op dit moment nog geen formele rol hebben met betrekking tot instemmings- of adviesrecht. Wel kan de OR haar zienswijze delen met de WOR-bestuurder, tevens secretaris AB. Deze zienswijze kan dan via die lijn gedeeld worden met de overige AB-leden. Na besluitvorming over scenario 1 of 2, wanneer er een implementatieplan is opgesteld en personele gevolgen inzichtelijk zijn, zal er voor de uitvoering sprake zijn van een reorganisatie. De OR zal dan gevraagd worden instemmingsrecht uit te oefenen op deze organisatiewijziging. Indien nodig zal er voor de betrokken collega’s, in samenspraak met het GO, een sociaal plan worden opgesteld.
11. Dekkingsplan, realistisch beeld en scenario 1 en 2 Omdat de knelpunten - en dus ook de grootste wijzigingen - zich voordoen in Zaanstad is in onderstaand grafisch overzicht het verschil weergegeven in dekkingspercentages tussen het actuele dekkingsplan, het realistisch beeld - wanneer dus niet geanticipeerd wordt op de gesignaleerde knelpunten - en het scenario 1 en 2 (voor de gemeente Zaanstad zit hier geen verschil tussen). De dekkingspercentages komen overeen zoals ook in de bijlagen omschreven. Op basis van actueel dekkingsplan – DAG
ANW
26
Op basis van realistisch beeld – DAG
ANW
Op basis van scenario 1 en 2 – DAG
ANW
27
De dekking - of dekkingspercentage - geeft theoretisch aan hoeveel procent (%) van de objecten binnen die gemeente binnen de wettelijke opkomsttijd (norm) gehaald wordt. Omdat dekkingspercentages in praktijk onvoldoende sprekend zijn is het in theorie mogelijk om voor elk afzonderlijk object een unieke opkomsttijd (tijd tussen aanname melding en ‘ter plaatse’ eerste tankautospuit) te berekenen. Dat zou voor alle 174.225 objecten in VrZW wat omslachtig zijn. Omdat de grootste knelpunten zich voordoen in het zuidelijk deel van de regio en met name in Zaanstad zijn voor zeven markante objecten in Zaanstad de opkomsttijden voor de eerste en tweede tankautospuit berekend op basis van het actuele dekkingsplan, realistisch beeld en scenario 1 en 2 en afgezet tegen de norm(tijd) die voor dat object geldt. Daar waar de opkomsttijd de normtijd overschrijdt is dat met de kleur oranje gemarkeerd.