04b. Verstedelijkingsconcept versie 2.pdf
Tekst van het document
als deel van een integrale gebiedsgerichte aanpak die de
de ontwikkeling in zeven stadsharten (Almere, Haarlem,
bouwproductie vindt plaats in uitbreidingswijken.
leefbaarheid in deze wijken en de sociaaleconomische
commercieel programma.
20
positie van de huidige bewoners versterkt. Dat vraagt
groot deel van de vraag naar eengezinswoningen, al blijft
aan de bijdrage aan de leefkwaliteit en de sociaal-
om woningen in verschillende woonsegmenten,
er nog wel een kwalitatieve (vervangings)vraag waarvoor
maatschappelijke afwegingen (kansengelijkheid,
voorzieningen en ruimte voor lokaal onder¬nemerschap.
nieuwbouw wenselijk is. Om voldoende en bij de behoefte
vervoersarmoede, gezondheid). Aan de beoogde
De ambitie is dat zittende bewoners per saldo baat
passende woningbouw te kunnen realiseren, blijft ook
evenwichtige ontwikkeling van de MRA, met haar
hebben bij de verdichting. In vier gebieden werken Rijk
na 2030 gebouwd worden in kleinere steden en kernen
dimensies van werkgelegenheid en betaalbare
en regio samen aan de stedelijke vernieuwing, binnen
en op grotere, reeds bekende uitbreidingslocaties in
woningbouw. Aan voorwaarden en afwegingen die
het Programma Leefbaarheid en Veiligheid: Amsterdam
Flevoland en Haarlemmermeer.
voortkomen uit klimaatadaptiviteit en natuurinclusiviteit,
Zuidoost, Amsterdam Nieuw-West, Lelystad Oost en
en uit de noodzakelijke transities in de water-, energie-
Zaandam Oost. Voor deze gebieden werkt het Rijk samen
Een groot aantal factoren speelt een rol bij de afweging
en mobiliteitssystemen. En denk aan de verhouding tot
met decentrale overheden en maatschappelijke partners
waar, wanneer en hoe ruimte kan worden benut om
landschappelijke kwaliteiten en opgaven, waaronder
(zoals scholen, bedrijven, politie en woningcorporaties)
de nieuwbouwopgave te realiseren. Veel lijnen uit de
landbouw, recreatie, cultuurhistorie en natuur.
aan een langjarige maatwerkaanpak per gebied.
Verstedelijkingsstrategie komen hierin samen. Denk
Ook in andere wijken en buurten met een stedelijke vernieuwingsopgave wordt maatwerk geleverd, waaraan het Programma Leefbaarheid en Veiligheid met kennis,
Totale MRA opgave
expertise en het stimuleren van doorbraken een bijdrage
175.000 woningen
kan leveren. Een specifieke opgave ligt in de voormalige groeikernen, waar grote delen van de stad gelijktijdig verouderen. Dat gaat om Lelystad, Almere, Purmerend en Haarlemmermeer. Lange termijn Na 2030 lijkt de behoefte aan nieuwe woningen af te nemen, maar de prognoses kennen flinke bandbreedtes. Vooralsnog wordt uitgegaan van een
Stadsharten 53.000 woningen
Amsterdam 70.000 woningen
allemaal binnen 1.200m contour van stations
bouwopgave van 75.000 woningen tussen 2030 en 2040 en nog eens 75.000 woningen tussen 2040 en 2050. De nieuwbouwvraag lijkt zich meer dan in de periode tot 2030 te concentreren op (hoog) stedelijke milieus, met een groot aandeel woningen voor één- en tweepersoonshuishoudens die dichtbij voorzieningen, werk en openbaar vervoer willen wonen. De focus blijft zodoende liggen op de ontwikkeling van woonwerkmilieus op goed bereikbaar plekken, vooral op knooppunten en stadsharten. Vrijkomende woningen in de bestaande voorraad lijken te kunnen voorzien in een
overige reguliere woningproductie o.a. Amstelveen en IJmond 52.000 woningen 21
Meerkernige metropool
Ontwikkelrichting 2050
N N
schaal 1:100.000
schaal 1:100.000 0 5.000 0
10.000
5.000
15.000
20.000
10.000
15.000
20.000
2.3
Veerkrachtige, schone en inclusieve economie De economie van 2050 is schoon, veerkrachtig, inclusief
We streven een goede match na tussen het aantal banen
en internationaal georiënteerd. Dankzij de brede,
voor bepaalde opleidingsniveaus en de beroepsbevolking
gevarieerde basis en een aantal bijzondere clusters
met die opleiding. Op dit moment laat de MRA een
is er werk in alle categorieën van de arbeidsmarkt.
tekort zien aan werknemers met een middelbare
In stadsharten, regionale centra en bij multimodale
opleiding. De tendens is dat dit tekort zich in de toekomst
knooppunten komen levendige stadsomgevingen
vooral bij praktisch opgeleiden manifesteert. Banen en
tot bloei, met een gemengd gebruik en veel nieuwe
woningen moeten zich bovendien op een afstand van
banen. Daarnaast kent de MRA bovenregionale clusters
elkaar bevinden die bereisbaar is voor de betreffende
van bedrijvigheid en werkgelegenheid die zich niet of
werknemers, zowel qua tijdsbeslag als financieel. Daarin
moeilijk met een stedelijke omgeving laten verenigen:
treedt de grootste discrepantie op bij praktisch en
de haveneconomie van het Noordzeekanaalgebied
middelbaar opgeleiden: betaalbare woningbouw kent een
en Flevokust Haven, de omgeving van de luchthavens,
andere verdeling over de regio dan de werkgelegenheid
moderne glastuinbouw en grootschalige logistiek.
voor deze groepen.
Voor de kennis- en innovatie-economie die vooral in
Economische profielen
stedelijke en hoogstedelijke omgevingen een plek vindt,
Binnen de MRA concentreert de economische groei
is de bereikbaarheid belangrijk, maar ook de leefkwaliteit.
zich met name in Amsterdam en in de Zuidflank. Een
Een hoogwaardige stedelijke omgeving, een levendig
groot deel van de gemengde woonwerkgebieden zal
cultureel klimaat en een aantrekkelijke landschappelijke
ook in de toekomst in de Amsterdamse agglomeratie zijn
omgeving dragen bij aan de internationale
geconcentreerd. Om meer spreiding van werk in de MRA
concurrentiekracht van de metropoolregio. Een andere
mogelijk te maken, versterken we de vestigingsmilieus
vestigingsconditie is de arbeidsmarkt; de aanwezigheid
elders in de regio door ook daar in te zetten op gemengde
van voldoende talent met opleidingen waar behoefte
woonwerkmilieus met een eigen onderscheidend profiel
aan is. In de MRA zetten we in op een goede aansluiting
en een wenkend ontwikkelingsperspectief, voortbouwend
van onderwijs op de arbeidsmarkt met oog voor de
op de bestaande economische karakteristiek. Een
verschillende economische profielen binnen de MRA.
aantal steden heeft al een sterk economisch profiel. Zo is Hilversum mediastad, draait Aalsmeer om de sierteelt, scheepsbouw en logistiek, is Lelystad een logistieke en energiehub met een vliegveld voor zakenluchtvaart
23
(dat klaar is voor doorgroei als vakantieluchthaven)
nabijheid te behouden voor lokaal voorzienende
Haveneconomie
en is Haarlem sterk in de creatieve en culturele
bedrijven en werkgelegenheid voor met name praktisch
In de overgang van een fossiele, lineaire economie naar
sector. Met name voor Almere is het economische
geschoolden. Dat is een voorwaarde om te zorgen
een circulaire economie is een belangrijke rol weggelegd
profiel nog niet uitgekristalliseerd, vanwege de korte
dat de reis tussen woon- en werkplaats voor praktisch
voor het havengebied. Havens kunnen fungeren
bestaansgeschiedenis. Hier moet aan worden gewerkt
geschoolden niet te lang en/of te kostbaar wordt.
als doorvoerhaven van hoogwaardige producten,
door te investeren in de groei van technisch onderwijs
Het ontwikkelen van productieve wijken, waarin een
vestigingsplaats van hoogwaardige industrie en bedrijven,
op alle niveaus voor het ontwikkelen van een eigen
deel van de bestaande bedrijven wordt gemengd met
proeftuin voor nieuwe bedrijvigheid en als ecosysteem
economische kracht . Er ligt al een basis door de circulaire
woningbouw, is een cruciale opgave voor een economisch
met interacterende bedrijven, kennisinstellingen en
economie die een groeiende nichemarkt is in Almere, en
evenwichtige metropool en kan bijdragen aan het
publieke partijen . Hier liggen kansen om nieuwe kennis te
waar de komende jaren meer op ingezet gaat worden.
economische profiel van het gebied of de deelregio. Dat
ontwikkelen, bedrijfsprocessen met elkaar te verbinden,
Door het profiel in deze richting uit te werken, ontstaan
vraagt om aandacht bij gebiedsontwikkelingen, ook al
maar ook om grondstoffen op te slaan en te bewerken
kansen in Almere om nog meer dan nu bij te dragen aan
omdat bedrijfsruimte voor kleinschalige maakbedrijven en
voor hergebruik.
de transities voor energie en circulaire economie, en op
stadsverzorgende bedrijven (net als sociale woningbouw)
die manier te profiteren van de economische groei die
afhankelijk is van betaalbare huurprijzen en daardoor niet
Ook in de energietransitie is een belangrijke rol
daarmee samenhangt.
vanzelf door marktpartijen wordt gerealiseerd. Ook vraagt
weggelegd voor havens, vanwege de aanwezigheid
het aandacht in de sfeer van de regelgeving.
van grote energievragers en de traditionele, maar eindigende doorvoerfunctie voor grondstoffen zoals
Regionaal economische profielen zijn niet statisch. Ze vragen om een regelmatige actualisering op basis van
Ongemengde bedrijventerreinen
kolen. Het Noordzeekanaalgebied ontwikkelt zich
trends en ontwikkelingen in de markt. De MRA is dit jaar
NNiet ieder bedrijf leent zich voor menging met
tot knooppunt van duurzame energie in de regio. De
gestart met het opstellen van economische profielen. De
woningbouw in ‘productieve wijken’. Voor deze bedrijven,
invulling van die functie is afhankelijk van nationale en
komende jaren wordt dat belangrijker. Ze zijn cruciaal voor
die wel belangrijk zijn voor de werkgelegenheid in de
regionale keuzes (uiteengezet in de paragraaf over het
het kwalitatief versterken van de regionale ontwikkeling,
MRA, blijven ongemengde bedrijventerreinen nodig.
Noordzeekanaalgebied).
zodat optimaal kan worden geprofiteerd van de
Bij grootschalige transformatie van bedrijventerreinen
ontwikkeling van stadsharten en vestiging van bedrijven
ontstaat de noodzaak voor alternatieve vestigingslocaties.
Het havengebied is voor een blijvend sterke positie op
op nieuwe regionale groeilocaties.
Tot 2040 heeft de MRA alle beschikbare harde en zachte
het internationale toneel en voor zijn spilfunctie in de
plancapaciteit nodig om te voorzien in de behoefte aan
nationale economie niet meer alleen afhankelijk van
Productieve wijken
bedrijventerreinen, zowel voor nieuwe bedrijven als
volumes, maar juist ook van de duurzaamheid van de
Een diverse en inclusieve economie die kansen biedt op
bedrijven afkomstig van te transformeren terreinen. Die
bedrijfsvoering en de innovaties die daarbij horen. De
werk voor iedereen, vraagt om ruimte voor de inpassing
harde en zachte plancapaciteit is met name te vinden in
haven kan met zijn innoverend vermogen de transitie in
van productieve bedrijven in de stad. Dat geldt in het
de gemeenten Lelystad en Almere, ten noorden van het IJ
de bredere regionale economie aanjagen.
bijzonder bij transformatie van bedrijventerreinen.
en Purmerend/Volendam-Edam, en in de Zuidflank (waar
De komende decennia worden tal van stedelijke
de vestigingsdruk van met name nieuwe bedrijven groot
De circulaire economie brengt, naast kennisgeoriënteerde
bedrijventerreinen getransformeerd tot gemengde
is). Het is noodzakelijk om deze ruimte voor deze twee
bedrijvigheid, ook behoefte met zich mee aan bedrijven
woonwerkgebieden. Grootschalige woningbouw op
doelen (nieuwe en te verplaatsen bedrijven) te benutten
die materialen opslaan en bewerken voor hergebruik.
bedrijventerreinen vergroot de sociaaleconomische
en nog onbenutte plancapaciteit gereserveerd te houden,
De energietransitie vraagt om nieuwe voorzieningen in
opgave om voldoende ruimte op de locatie of in de
en om deze toekomstige groeilocaties voor het personeel
het energienet voor bijvoorbeeld opslag en conversie.
uit de regio goed bereikbaar te maken.
24
Voor een deel zijn dat activiteiten waar milieucirkels aan
in de MRA en daarbuiten) loopt tegen beperkingen
locatie is een zoekgebied in beeld in Oosterwold, in de
verbonden zijn. We houden rekening met de mogelijkheid
aan vanwege diezelfde aanwezigheid van Schiphol.
gemeenten Almere en Zeewolde. Voor dit zoekgebied
dat voorzieningen voor de circulaire economie en de
Opgave in de Zuidflank is om de ontwikkelingsruimte die
volgt een integraal inpassingsonderzoek (paragraaf
traditionele economie gedurende enige tijd naast elkaar
er wel is, optimaal te benutten, onder de voorwaarden
Oostflank).
zullen bestaan, wat een tijdelijk extra ruimtebeslag tot
van veiligheid en gezondheid. We zoeken naar
gevolg heeft.
maatwerkoplossingen in de ruimtelijke ontwikkeling
Toerisme
en mogelijkheden via de herziening van het luchtruim
De toeristische sector in de MRA is goed voor veel
Transformaties van bedrijventerreinen naar gemengde
en hinderbeperking. Daarnaast zoeken we naar goede
werkgelegenheid en miljarden omzet. Toeristen
stedelijke milieus zijn in beeld in het oostelijk deel van het
oplossingen voor gebieden waar geen verstedelijking
dragen bovendien bij aan het draagvlak voor culturele
Noordzeekanaalgebied, waar plannen in ontwikkeling zijn
mogelijk of wenselijk is, maar waar wel kansen liggen
voorzieningen, horeca en detailhandel – maar tegelijk
voor Haven-Stad en ZaanIJ (de Achtersluispolder en het
om de bijdrage aan de leefkwaliteit in de omgeving te
zet over-toerisme het voorzieningenniveau en de
Hembrugterrein), en in het westelijke deel waar plannen
verbeteren met extensieve gebruiksfuncties. De aanpak
leefbaarheid voor inwoners onder druk.
worden ontwikkeld voor de Spoorzone van Beverwijk.
van verrommelde glastuinbouwgebieden kan daar onderdeel van zijn.
Luchthaveneconomie
Tijdens de corona pandemie is gebreken dat de Metropoolregio Amsterdam economisch kwetsbaar is
In absolute zin waren voor de coronapandemie de
Datacenters
door de omvang van de toeristische sector in de MRA.
hoogste economische groeicijfers te vinden in de
De digitale infrastructuur groeit en alles wijst erop
Na de pandemie zal het (inter)nationale toerisme naar
Zuidflank van de MRA. De aanwezigheid van Schiphol
dat deze groei zich doorzet. Conform de Nationale
verwachting weer aantrekken, maar zal de metropoolregio
is, naast de Greenport Aalsmeer, een belangrijke motor
Omgevingsvisie gaat voor hyperscale datacenters (die
voor haar economische weerbaarheid en toekomstige
voor deze werkgelegenheid . Het gaat om directe
in bezit zijn van grote techbedrijven en alleen door hen
verdienvermogen op zoek moeten naar balans tussen
en indirecte arbeidsplaatsen, zowel voor praktisch,
worden gebruikt) de voorkeur uit naar locaties aan de
sectoren. Een metropoolregio met een meer gevarieerde
middelbaar als theoretisch geschoolden; te vinden op
randen van Nederland, maar voor andere datacenters
en diverse economie is weerbaar voor schokken en snelle
het luchthavencomplex, op bedrijventerreinen en in
liggen er mogelijkheden in de MRA. Daar worden
verandering en kan adaptief reageren op economische
kantoor- en hotelomgevingen. Schiphol is bovendien
wel voorwaarden aan verbonden over onder meer de
dynamiek.
een belangrijke vestigingsfactor voor internationaal
energievoorziening, en het gebruik en het lozen van water.
opererende bedrijven. Met Amsterdam is de Zuidflank het
De MRA heeft een Datacenterstrategie in voorbereiding
Het huidige beleid van de MRA is om toeristisch (en
enige deel van de MRA waar het aantal arbeidsplaatsen
over onder meer de programmering en duurzaamheid.
zakelijk) bezoek aan de metropoolregio te faciliteren, maar het ook te spreiden in tijd en ruimte. Te grote druk
groter is dan de beroepsbevolking, vooral onder praktisch Op drie locaties biedt de MRA vestigingsmogelijkheden
op de meest populaire toeristische gebieden moet zo
voor datacenters die gebruik willen maken van
worden verlicht. Komend jaar voert de MRA grootschalig
Op MRA-niveau is het belangrijk om de kansen die hier
hyperconnectiviteit, om extra digitale snelheid te kunnen
onderzoek uit naar toeristische ontwikkelruimte in het
liggen te behouden en te benutten, in het bijzonder voor
aanbieden. Deze ‘hyperconnectiviteitshubs’ liggen in
licht van de gevolgen voor de leefbaarheid. Afhankelijk
praktisch en middelbaar geschoolde werkgelegenheid.
Haarlemmermeer (Schiphol) en Amsterdam (Science
daarvan wordt richting gekozen.
Voorwaarde daarvoor is dat die banen voor voldoende
Park en Zuidoost). Het beleid is gericht op selectieve,
werknemers goed en betaalbaar bereikbaar zijn. De groei
geclusterde groei van deze hubs, en tegelijk lijkt in de
van de woningbouw in de nabijheid (maar ook verderop
markt behoefte te bestaan aan een vierde hub. Voor de
en middelbaar opgeleiden.
25
Veerkrachtige, schone en inclusieve economie
Ontwikkelrichting 2050
N N
schaal 1:100.000
schaal 1:100.000 0 5.000 0
10.000
5.000
15.000
20.000
10.000
15.000
20.000
2.4
Sociaal sterke metropool Een sociaal-maatschappelijk sterke metropoolregio is
Inzet op de versterking van de meerkernige structuur
een metropoolregio zonder grote sociaaleconomische
van de metropool en een samenhangende benadering
verschillen tussen gebieden, waar sprake is van
van stad en landschap dragen hieraan bij, net als de
kansengelijkheid en een hoge leefkwaliteit. De
duurzaamheid van de verstedelijking. Tegelijk is duidelijk
Metropoolregio Amsterdam heeft daar een traditie in
dat op deze punten nog een aantal uitdagingen en
die we ook in de toekomst willen doorzetten. Met de
taaie vraagstukken resteren. Om naar oplossingen
Verstedelijkingsstrategie willen we bereiken dat de kansen
toe te werken worden drie handelingsperspectieven
en beperkingen die het ruimtelijk systeem biedt aan
geformuleerd.
individuen en groepen, eerlijk worden verdeeld over de bevolking. Dat is een voorwaarde om met name praktisch
Kansengelijkheid en het terugdringen van segregatie
en middelbaar geschoolde groepen voor de MRA te
•
Belangrijkste uitdaging: tegengaan van
behouden – niet alleen van belang omdat de MRA een
kansenongelijkheid vanwege armoedeproblematiek
open metropoolregio voor iedereen wil zijn, maar ook
en (regionale) segregatie door het verbeteren van
omdat werknemers in deze groepen essentieel zijn voor
de sociale balans in de MRA en van de kansen van
het instandhouden van maatschappelijke voorzieningen
(bewoners in) de gebieden met een lage ‘Sociaal-
en een compleet economisch aanbod.
Economische Score’. •
Handelingsperspectief: o.a. afspraken over
De magneetwerking van de MRA mag niet ten koste gaan
woningbouw, woonruimteverdeling, betaalbaarheid,
van de leefkwaliteit. Extra hinder of gezondheidsschade
brede armoedeaanpak, voorzieningenplanning,
door nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moet zoveel
de economische ontwikkeling en bereikbaarheid
mogelijk worden beperkt. Dat geldt in het bijzonder voor
van kwetsbare gebieden; stedelijke vernieuwing als
kwetsbaardere en minder kapitaalkrachtige groepen.
onderdeel van metropolitane agenda.
Net als iedereen moeten zij kunnen delen in de baten van de ruimtelijke ontwikkeling en daar zo mogelijk nieuwe
Woonwerkbalans en het tegengaan van
kansen aan ontlenen.
vervoersarmoede •
Belangrijkste uitdaging: zorgen voor een betere
Op drie punten is via de Verstedelijkingsstrategie sociaal-
match tussen vraag en aanbod op de lokale en
maatschappelijke versterking wenselijk:
regionale arbeidsmarkt, om o.a. (vervoers)armoede,
1.
kansengelijkheid en het terugdringen van
werknemerstekorten en onbenut potentieel tegen te
segregatie,
gaan.
2.
woonwerkbalans en het tegengaan van vervoersarmoede,
3.
gezondheid als verstedelijkingsopgave.
27
•
Handelingsperspectief: o.a. afspraken over differentiëren in (programmering en locaties van) wonen, werken en bereikbaarheid, in samenhang met o.a. arbeidsmarktbeleid en vervoersarmoedebeleid om de bereikbaarheid van werk en arbeidsparticipatie te vergroten.
Gezondheid als verstedelijkingsopgave •
Belangrijkste uitdaging: balans tussen enerzijds de onderlinge nabijheid van wonen, werken, mobiliteit, groen en anderzijds het verbeteren van de fysieke leefomgeving ter bevordering van volksgezondheid en om gebiedsgebonden gezondheidsachterstanden te verkleinen.
•
Handelingsperspectief: o.a. locatiekeuzes wonen, werken, infrastructuur, energie, groen, maatregelen tegen verkeerslawaai, fijnstof en hittestress, investeren in vergroenen van de woonomgeving, verplaatsen van milieuhinderbronnen, en aanleggen van regionaal groen en fietsroutes voor woonwerkverkeer.
28
Sociaal maatschappelijk
Verhouding type werkgelegenheid / type werknemers 2020
N N
schaal 1:100.000
schaal 1:100.000 0 5.000 0
10.000
5.000
15.000
20.000
10.000
15.000
20.000
29
2.5
Duurzame metropool De MRA wil haar aandeel nemen in de forse stappen
en actieve vormen van vervoer, bevordert deelmobiliteit
die nu moeten worden gezet voor een klimaatneutraal
en beperkt het ruimtebeslag op het landschap. En
en klimaatbestendig Nederland met een volledig
er ligt een aantal concrete duurzaamheidsopgaven
circulaire economie en een rijke biodiversiteit in 2050.
die direct te maken hebben met hoe we de ruimte
Nationaal en internationaal zijn daar afspraken over
gebruiken, met name de bodemdaling van veengronden
gemaakt, bijvoorbeeld in het Klimaatakkoord van Parijs
en droogmakerijen, de overgang naar een circulaire
en het daaropvolgende nationale Klimaatakkoord. Een
economie en een klimaatadaptieve inrichting binnen
duurzame ontwikkeling heeft betekenis voor alle vormen
en buiten stedelijk gebied. Die drie opgaven komen
van ruimtegebruik en op alle schaalniveaus: van de
hieronder aan de orde.
individuele woning tot de internationale netwerken. Bodemdaling en veenweiden Dit betekent dat de metropoolregio in 2050 is
De bodemdaling in veenweidegebieden (Waterland,
aangepast aan en voorbereid op klimaatveranderingen,
Amstelscheg, Vechtstreek) is een gevolg van het oxideren
dat het gebruik van eindige grondstoffen drastisch
van veen. Daarbij komen broeikasgassen zoals CO2 vrij.
is teruggebracht en dat emissies van CO2 en andere
De bodemdaling in droogmakerijen ontstaat door een
broeikasgassen zijn teruggedrongen. Sleutels voor een
combinatie van inklinkende kleigronden en oxidatie van
duurzame ontwikkeling zitten in transities binnen vier
veen. Dalende bodems kunnen ook gevolgen hebben
systeemlagen in hun wisselwerking met de ruimtelijke
voor onder meer het grondgebruik, het beheer van
inrichting: water, ecologie, energie en mobiliteit. In
infrastructuur en de kwaliteit van houten funderingen.
hoofdstuk 3 zetten we uiteen hoe die transitie vorm kan krijgen, zodanig dat de ruimtelijke ontwikkeling
Het tempo waarin veen oxideert heeft te maken met
van de MRA op lange termijn geënt kan worden op
het grondwaterpeil. Naarmate de grond natter is,
robuuste en veerkrachtige systemen. Maar die vier
daalt de bodem trager. Het huidige peilbeheer in veel
systeemlagen vertellen niet het hele verhaal. Keuzes
agrarische veenweidegebieden, waarbij slootwater
voor landschappelijke en stedelijke ontwikkeling
wordt weggepompt om de bodem voldoende droog
hebben in veel gevallen ook een achtergrond in
te houden voor agrarische productie, draagt bij aan
duurzaamheidsambities.
het tempo van de bodemdaling. Een optie om de bodemdaling in veenweidegebieden tegen te gaan, is
Zo is de keuze om woon- en woonwerklocaties vooral
om het grondwaterpeil structureel te verhogen. Dat
binnenstedelijk te ontwikkelen, ook een keuze voor
heeft al gauw gevolgen voor het grondgebruik. Dat
duurzaamheid. Stedelijke verdichting nodigt inwoners
zou daarop afgestemd moeten worden, hetzij door een
en bezoekers van de regio uit om te kiezen voor schone
aangepaste agrarische bedrijfsvoering, hetzij door een keuze voor natuur of recreatie, of een combinatie van
30
de drie. Technische oplossingen (zoals drukdrainage
is een sterk innovatieve sector. Kennisontwikkeling
Lelystad is in samenwerking met het ministerie van
of onderwaterdrainage) zijn ook denkbaar en worden
en –toepassing zijn nauw verbonden. De MRA biedt
LNV de Boerderij van de Toekomst opgezet. Daarnaast
momenteel onderzocht op hun kansen en mogelijke
met haar sterke kenniseconomie goede voorwaarden
is Flevoland een van de vijf experimenteergebieden
effecten.
voor broedplaatsen, zowel in een stedelijke als in een
Kringlooplandbouw in Nederland.
industriële omgeving. Klimaatbestendige en waterrobuuste metropoolregio
Welke oplossing voor welk veenweidegebied het meest in aanmerking komt, wordt uitgewerkt in integrale
Havens hebben een centrale rol in de transitie naar een
Als gevolg van de klimaatverandering moeten we
gebiedsprocessen met alle betrokken partijen, zoals in
circulaire economie, die zich ontwikkelt zich tot een
rekening houden met een grotere toevloed van water
Laag-Holland. In deze integrale gebiedsprocessen wordt
kernactiviteit in de haveneconomie. Ook op traditionele
via de rivieren, een stijgende zeespiegel, extreme buien,
gezocht naar oplossingen die de bodemdaling tegengaan
bedrijventerreinen rond wijken en steden zal de circulaire
maar ook perioden van hitte en extreme droogte. Dat
en op maatschappelijk draagvlak kunnen rekenen. Ook in
economie zich manifesteren, bijvoorbeeld voor het laden
maakt klimaatadaptatie steeds belangrijker bij keuzes
de Amstelscheg werken gebiedspartijen samen aan een
en lossen van afval en grondstoffen en de voorscheiding,
in het ruimtelijk domein. Het vraagt van de regio een
integraal Gebiedsperspectief, waarin dit onderwerp wordt
en in wijken is bedrijfsruimte noodzakelijk voor lokale
klimaatbestendige en waterrobuuste ontwikkeling die
meegenomen.
ambachten, herstelbedrijven en eventuele voorscheiding
wateroverlast en waterschaarste zoveel mogelijk beperkt,
van materialen. Deze opgave vraagt zowel fysieke als
die het mogelijk maakt om snel en adequaat in te grijpen
Eerste oorzaak van de bodemdaling in Flevoland is
milieuruimte en is niet in alle gevallen combineerbaar met
in geval toch wateroverlast of -schaarste dreigt en die de
het inklinken van klei. Dat is een natuurlijk proces dat
milieugevoelige functies.
gevolgen van zo’n crisis beperkt. Het vraagt daarnaast om een inrichting van stedelijk gebied die het ‘hitte-eiland’-
lang niet zoveel uitstoot van broeikasgassen tot gevolg
effect tempert.
heeft als oxiderend veen, maar wel gevolgen kan
In de agrarische sector neemt de circulaire economie
hebben voor het grondgebruik. Daarnaast is er sprake
de vorm aan van kringlooplandbouw. Dat zijn vormen
van lokale veenpakketten die dicht op het oppervlakte
van landbouw met een duurzaam beheer van de bodem
Klimaatbestendigheid en waterrobuustheid in 2050,
zitten. Oxidatie van deze veenpakketten heeft (naast de
(waardoor de agrarische productiefunctie op lange
betekent ook voorbereid zijn op het klimaat van de vijftig
inklinking) nog meer daling tot gevolg. Bepaalde vormen
termijn behouden blijft), waarbij zo min mogelijk afval
jaar erop, tot 2100. Het klimaat verandert snel en in de
van intensieve akkerbouw kunnen in een aantal gebieden
vrijkomt, de uitstoot van schadelijke stoffen zo klein
tweede helft van deze eeuw zal de klimaatverandering
op termijn niet meer haalbaar zijn. Dit kan een aanleiding
mogelijk is en grondstoffen en eindproducten met zo min
waarschijnlijk accelereren. Dat betekent dat ruimtelijke
zijn voor betrokken landbouwbedrijven om zich meer te
mogelijk verliezen worden benut. Kringlooplandbouw
ontwikkelingen van nu gedurende hun levensduur te
richten op de metropoolregio als afzetgebied, en zo aan
is ook een natuur- en landschapsinclusieve landbouw
maken krijgen met een wezenlijk ander klimaat. Dat maakt
kortere voedselketens en kringlooplandbouw te werken.
die bijdraagt aan het behoud en vergroten van de
de urgentie om klimaatbestendig en waterrobuust te
biodiversiteit. De landbouw binnen de MRA biedt ook
zijn des te groter. Het betekent ook dat er steeds kortere
Transitie naar een circulaire MRA
oplossingen om CO2 op te slaan en vast te houden, door
tijd zal zijn om keuzes te maken, ontwikkelingen voor
Met de opgave om in 2050 volledig circulair te zijn, zullen
het beheer van de bodem en gewaskeuze daar meer op te
te bereiden en maatregelen uit te voeren. Wachten
stromen en kringlopen meer en meer de structuur van
richten.
met klimaatadaptieve maatregelen leidt ertoe dat we over enkele jaren de ruimtelijke inrichting en het
de regionale economie bepalen. Reststoffen van het ene bedrijf kunnen worden benut door een ander bedrijf,
In de MRA worden proeftuinen voor kringlooplandbouw
watersysteem in veel landelijke en stedelijke gebieden
of door particulieren. Dat kan gaan om grondstoffen,
ingericht – Laag Holland, de Amstelscheg en Flevoland
opnieuw moeten aanpassen, willen we ze leefbaar
restwarmte, CO2, afvalwater. De circulaire economie
komen daar bijvoorbeeld voor in aanmerking. In
houden en mogelijke schade beperken. In gebieden met
31
veel economische waarde, waar veel mensen wonen en
Bij de transitie naar een klimaatadaptieve regio kan
De eerste drie punten bevinden zich op het raakvlak
werken, is dat ingewikkeld en kostbaar. Enkele jaren voor
gebruik worden gemaakt van de resultaten uit het proces
van de ruimtelijke inrichting en het watersysteem. Dat
je uitschuiven of alleen rekenen met mogelijke scenario’s
van het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie. Een regio
watersysteem zit aan zijn limiet. Er is meer ruimte nodig
tot 2050 resulteert al snel in miljarden euro’s aan extra
die klimaatadaptief is, is een regio waar:
voor een natuurlijk waterbeheer, naast het technische
investeringen in de ruimtelijke inrichting van met name
-
risico’s van overstroming beperkt zijn,
watermanagement, op alle schaalniveaus – van de
stedelijk gebied en in het watersysteem. Kortom: hoe
-
voldoende ruimte is om water vast te houden en
straat tot het nationale watersysteem. De toenemende
eerder we beginnen met aanpassen, hoe beperkter de
te bergen, ook in periodes van hevige neerslag of
behoefte aan water moet worden teruggedrongen en de
uiteindelijke totaalkosten. Dat betekent dat ruimtelijke
grote toevoer,
beschikbaarheid van water voor nieuwe functies die veel
men niet afhankelijk is van meer drinkwater
water nodig hebben, spreekt niet overal meer vanzelf.
getoetst aan alle scenario’s voor de lange termijn, met de
en zoetwater dan beschikbaar is, ook niet bij
Nieuwe stedelijke ontwikkelingen kunnen leiden tot de
onzekerheden die hierin zitten. Bij ruimtelijke plannen en
langdurige droogte,
noodzaak om bestaande waterkeringen te versterken.
ontwikkelingen ook op korte termijn moeten worden
-
stedelijke gebieden voldoende
Bij keuzes in het ruimtegebruik en in de inrichting van
beschouwing nemen en kijken naar de verre horizon van
verkoelingsmogelijkheden bieden bij
ontwikkelingsgebieden moeten die factoren worden
2100.
extreme hitte.
meegewogen en moet erop worden ingespeeld.
projecten moeten we direct al de gehele levensduur in
-
32
Het vierde punt, reductie van hittestress, raakt de ambitie van een gezonde leefomgeving. Vooral in stedelijk gebied vormt hitte een steeds groter gezondheidsrisico. Bij een hittegolf ontstaan temperatuurverschillen tot wel acht graden tussen stedelijk en landelijk gebied. Reductie van hittestress werkt door in de inrichting van nieuwe en bestaande stedelijke gebieden, in het bijzonder bij stedelijke verdichtingsprojecten. Voorbeelden van verkoelende maatregelen zijn het creëren van meer schaduw in de stad en meer ruimte voor groen en bewegend water, zowel in het openbaar domein (parken, plantsoenen, groenstroken) als in het private domein (inwoners en bedrijven stimuleren om daken, gevels of verharde tuinen te vergroenen). Op een groter schaalniveau kunnen stedenbouwkundige keuzes helpen om verkoelende wind uit het buitengebied diep de stad in te laten waaien. Omgaan met onzekerheden betekent dat ruimtelijke ontwikkelingen ook op korte termijn worden getoetst aan alle scenario’s voor de lange termijn. Elke nieuwe ontwikkeling is klimaatadaptief ontworpen. Zo kunnen ingrepen vermeden worden die op lange termijn tot grote extra risico’s of kosten zullen leiden, en blijven verschillende ontwikkelpaden open. Dat hoeft niet altijd tot substantieel extra ruimtebeslag te leiden, want klimaatadaptiviteit laat zich uitstekend combineren met andere doelstellingen.
De landschappelijke structuur in de regio en de openbare ruimte in de stad kunnen er aantrekkelijker en in veel opzichten waardevoller mee worden. Denk aan de landschapsbeleving, gezondheidseffecten, de recreatieve kwaliteit, economische kansen, maar zeker ook aan de biodiversiteit, natuurkwaliteit en thermische energie vanuit oppervlaktewater en afvalwater.
33
2.6
Waardevol landschap dat de metropool verbindt De landschappelijke variatie is een unieke, onderscheidende kwaliteit van de MRA. De
De landschappelijke waarden en groenblauwe diensten
metropoolregio beschikt over cultuur- en
vragen allemaal aandacht en onderhoud, willen we ze op
natuurlandschappen, oude en nieuwe landschappen,
de lange duur kunnen handhaven en versterken. Dat geldt
en natte landschappen in de vorm van plassen, meren
des te nadrukkelijker in het licht van de economische en
en grote wateren zoals het IJmeer-Markermeer en de
demografische groei. Het behoud van de doorgaande
zee. Samen vormen zij één doorgaande groenblauwe
landschappelijke structuur, en de ontwikkeling van de
structuur; het landschappelijk raamwerk van de MRA.
landschapseenheden die daar deel van uitmaken, hebben een cruciale rol in het borgen van een goede leefkwaliteit
Het aaneengesloten landschap van de MRA versterkt de
voor iedereen in deze groeiende metropoolregio.
steden en is essentieel voor het behouden en vergroten van de biodiversiteit. Het draagt bij aan de identiteit van
IIn de landschapsontwikkeling van de MRA maken we
het gebied, is een drager van cultuurhistorische waarden,
onderscheid in vijf pijlers:
biedt ontspanning en is productief als landbouwareaal.
1.
behoud en versterking van bijzondere landschappelijke waarden,
Een sterk landschap functioneert bovendien als leverancier van een aantal groenblauwe diensten die
2.
landschappelijke versterking,
stuk voor stuk van belang zijn voor een hoge leefkwaliteit,
3.
landschappelijke verbindingen,
zoals schone lucht, drinkwater, waterbuffering, verkoeling,
4.
landschapsinclusieve ontwikkeling,
energie en de mentale gezondheid die verbonden is aan
5.
beleving van het landschap.
een groene leefomgeving. 1 - Bijzondere waarden Hoewel in het spraakgebruik vaak een onderscheid wordt
Een aantal gebieden binnen de MRA kennen bijzondere
gemaakt tussen stad en land, is die grens niet zo hard.
natuur- of erfgoedwaarden, of hebben een belangrijke
Integendeel: landschappelijke structuren zetten zich
functie als recreatiegebied. Het zijn gebieden om
door in de stad, soms verscholen en soms uitgesproken.
te koesteren, maar in sommige gevallen wel om een
Verschillende functies van het landschap (zoals natuur,
kwaliteitsimpuls vragen. De grootste concentraties
recreatie, water) kennen haarvaten al in de woonbuurt.
van natuurwaarden zijn te vinden in de gebieden die behoren tot het Natuurnetwerk Nederland, waartoe
34
ook de natuurgebieden behoren die vallen onder het
2 - Landschappelijke versterking
de productie van hout als duurzaam en hoogwaardig
beschermde Europese netwerk Natura 2000. Twee
Het landschap is voortdurend in beweging en in
bouwmateriaal. Een deel van de 37.000 hectare kan goed
gebieden hebben het predicaat ‘Nationaal Park’: Zuid-
een aantal gebieden kondigt de verandering zich
in de MRA worden aangelegd, in landschapstypen die
Kennemerland en Nieuw Land. Erfgoedwaarden zijn in het
al aan. Het zijn de gebieden waarmee we aan de
zich daarvoor lenen en waar bossen kunnen helpen om
bijzonder aanwezig in de drie Unesco-werelderfgoederen
slag zijn of aan de slag moeten. Dat gaat lang niet
andere opgaven aan te pakken. Een voorbeeld is PARK21
in de MRA. Naast de grachtengordel van Amsterdam
alleen om verstedelijking in de beperkte zin van het
en mogelijk ook de Westeinderscheg.
zijn dat de landschappelijke werelderfgoederen van de
woord: de bouw van stedelijke en industriële functies
Beemster en de Stelling van Amsterdam. De laatste wordt
en infrastructuur. In veel landschappen wordt de
Ambitie bij de landschappelijke versterking is dat
in de zomer van 2021 mogelijk uitgebreid met de Nieuwe
ontwikkeling aangejaagd door een andere factor. Dat
functionele ingrepen in het landschap steeds ook de
Hollandse Waterlinie tot het werelderfgoed Hollandse
kan de behoefte aan verbetering van de leefkwaliteit
beleving vergroten en bijdragen aan de toegankelijkheid,
Waterlinies. Andere landschappen met bijzondere
van de omgeving zijn, bijvoorbeeld in gebieden met
en andersom, dat ingrepen om de landschappelijke
cultuurhistorische waarden zijn in Noord-Holland de
tekorten aan groen in de woonomgeving of direct bij
beleving te vergroten ook andere doelen dienen.
‘bijzondere provinciale landschappen’.
de kernen (zoals het oosten van Haarlemmermeer en de Westeinderscheg), Meer specifiek kan de opvang
3 - Landschappelijke verbindingen
Ook de open en weidse landbouwgebieden
of regulering van de groeiende recreatieve druk een
Eigen aan de MRA is niet alleen de diversiteit aan
zijn een belangrijk onderdeel van de cultuur en
aanleiding zijn. Dat speelt bijvoorbeeld in de scheggen
landschappen, maar ook de aaneengesloten groenblauwe
historie van de regio, maar deze zijn niet altijd
rond Amsterdam en in natuur- en landbouwgebieden
structuur. De steden en dorpen liggen in het landschap –
beschermd. Deze karakteristieke landschappen zijn
rondom de steden van de MRA, maar bijvoorbeeld ook
daarin onderscheidt de MRA zich van de meeste andere
afhankelijk van het agrarische grondgebruik. Goede
bij kwetsbare natuurgebieden. De noodzaak om tot een
metropolitane gebieden in de wereld. Juist omdat de
landbouwgronden blijven bovendien noodzakelijk voor
waterrobuuste, klimaatadaptieve inrichting te komen
landschappen verbonden zijn, kunnen ze hun bijdrage
de voedselvoorziening en ook voor de transitieopgave
kan landschappelijke versterking aanjagen in gebieden
leveren aan de leefkwaliteit en menselijke maat in de
naar kringlooplandbouw, de productie van duurzaam
die met verdroging of verzilting te maken hebben en
MRA. Dat maakt de landschappelijke verbindingen
streekvoedsel en het verkorten van de voedselketen. Bij
ook natuurontwikkeling geeft kans op landschappelijke
belangrijk, ook buiten de ecologische verbindingen die
afwegingen over ruimteclaims in het landschap moet het
versterking. In de Zuidflank is de noodzakelijke sanering
zijn opgenomen in het Natuurnetwerk Nederland. De
behoud van goede landbouwgronden daarom altijd een
van verouderde glastuinbouwgebieden een directe
beoogde landschappelijke verbindingen versterken
criterium zijn.
aanleiding. Vaak is in één gebied meer dan één opgave
zowel de recreatieve mogelijkheden voor bewoners en
aan de orde.
bezoekers, als de biodiversiteit en de vitaliteit van de natuur. Als ze historische lijnen of structuren volgen, zoals
In de gebieden met bijzondere waarden kunnen maatregelen nodig zijn om de landschappelijke
Het kan ook om duurzaamheidsambities gaan: het
het Oer-IJ of de Stelling van Amsterdam, ondersteunen
hoofdfunctie of kernwaarde (voor natuur, recreatie,
beperken van de bodemdaling of de aanleg van nieuwe
ze ook de cultuurhistorische waarde van het landschap.
cultuurhistorie en landbouw) te behouden of te
bossen. Het Rijk en de twaalf provincies hebben zich
Veel verbindingen moeten worden verbeterd om goed
versterken. Het kan bijvoorbeeld wenselijk zijn om de
voorgenomen om 37.000 hectare nieuw bos aan te
te functioneren. Ze hebben niet altijd een inrichting die
recreatiedruk weg te leiden van gebieden met kwetsbare
planten. Het vasthouden van CO2 en het vergroten van
bij de verbindende functie past en er moeten barrières
natuurwaarden (zoals de duinen) door de aanleg van
de biodiversiteit behoren tot de beweegredenen achter
worden genomen, vooral van grote infrastructuur.
recreatiegebieden en toegankelijk agrarisch landschap
deze nationale Bossenstrategie, net als de functie voor
nabij steden en dorpen.
de recreatie, de bijdrage aan de klimaatadaptiviteit en
35
4 - Landschapsinclusieve ontwikkeling
de natuur of om een festival te bezoeken, om een rondje
om deze knelpunten in de huidige recreatieve
De groei in de MRA brengt ook ingrepen met zich mee
te sporten of een dag op het water door te brengen. De
structuur te verhelpen, maar ook om toe te werken
die zich moeilijk laten combineren met de beleving
behoefte aan recreatie in landschap nabij de steden groeit
naar een beter systeem om het beheer te bekostigen.
van het landschap. Die spanning bestaat vooral bij
als de steden drukker worden. Dat maakt aandacht voor
nieuwe verkeersinfrastructuur en uitbreidingen van
beleving, de recreatieve functie, toegankelijkheid en stad-
het energienetwerk (zoals leidingen en opwekking)
landverbindingen (de scheggen en stadsranden) op zijn
structuur. Dit behelst onder meer de lopende
en bij bedrijventerreinen en nieuwe woonwijken. Het
plaats bij ruimtelijke ingrepen die invloed hebben op het
ontwikkeling van landschapsparken (zoals PARK21
ontwikkelprincipe van een ‘landschapsinclusieve
landschap.
in Haarlemmermeer en de Noorder IJplas tussen
2.
Het doorontwikkelen van de bestaande recreatieve
Amsterdam en Zaandam), de doorontwikkeling
ontwikkeling’ betekent dat als voor zo’n ingreep wordt gekozen, de landschappelijke kwaliteit deel uitmaakt
Aan de basis van de landschapsbeleving staat een uit
van Spaarnwoude en de lopende ontwikkeling van
van de afweging en zo mogelijk geïntegreerd wordt in de
te bouwen MRA-dekkende recreatieve structuur. Die
gebieden rondom de natuurkernen van Nationale
oplossing. Dat gaat verder dan een zorgvuldige inpassing;
begint idealiter bij de voordeur, loopt via groenzones
Parken Zuid-Kennemerland en Nieuw Land, die de
het betekent ook dat parallel of anticiperend wordt
in de stad naar stadsparken en via aantrekkelijke
natuur beleefbaar en toegankelijk moeten maken
geïnvesteerd in compensatie van de verloren gegane
stad-landverbindingen naar het buitengebied.
zonder de ecologische waarde van de natuurkernen
waarden, op of direct rondom de locatie of het tracé.
Cultuurhistorische structuren spelen hier een belangrijke
zelf aan te tasten. Bij het doorontwikkelen vragen
rol in, zoals rivieren, waterlopen en dijken. Onderdelen zijn
vooral stadsranden en groene verbindingen in
Ruimtedruk van infrastructuur en/of stedelijke en
zowel landschapsparken als goede routestructuren en
de stad aandacht, zeker waar de recreatieve druk
economische functies kan leiden keuzesituaties die zich
spreiding van bestemmingen.
hoog is. Onderdeel van het ‘doorontwikkelen’ is ook het op orde houden dan wel verbeteren van de
niet of niet eenvoudig met het ontwikkelprincipe van een landschapsinclusieve ontwikkeling laten oplossen.
Om te komen tot een MRA-dekkende recreatieve
bereikbaarheid. Sommige gebieden kennen een
Op locaties waar infrastructuur en/of stedelijke en
structuur van goede kwaliteit, die berekend is op
hoge recreatiedruk en het verkeer erheen zorgt op
economische ontwikkeling noodzakelijk wordt bevonden,
de verwachte bevolkingsgroei en toename van de
topdagen voor congestie. Om de bereikbaarheid per
en landschappelijke waarden daar niet zonder netto
gebruiksdruk van de MRA, is een schaalsprong nodig in
openbaar vervoer te verbeteren, wordt het concept
kwaliteitsverlies in geïntegreerd kunnen worden, krijgt het
het recreatieve netwerk. Dat vraagt om een drievoudige
van de ‘buitenpoorten’ doorontwikkeld. Dit zijn
ontwikkel- en inrichtingsprincipe van een ‘ruimhartige
aanpak:
halteplaatsen die direct toegang bieden tot recreatieen natuurgebieden. De eerste pilot is afgerond
compensatie’ invulling op grotere afstand. Dat laat de noodzaak van een goede landschappelijke inpassing onverlet
1.
Versterking van de bestaande recreatieve
(Santpoort-Noord) en vier nieuwe potentiële
structuur (waar deze sleets is en/of schakels
buitenpoorten worden onderzocht (Bussum-Zuid,
mist).Verantwoordelijkheden voor recreatieve
Wormerveer, Haarlem-Spaarnwoude en Castricum).
5 - Beleving van het landschap
voorzieningen die niet onder een recreatieschap
Dankzij de meerkernige stedelijke structuur van de
vallen, zijn versnipperd over een groot aantal
MRA is het landschap nooit ver weg. Een van de
organisaties en een adequaat en helder financieel
recreatieve behoefte van de bewoners. Hierin hebben
ontwikkelprincipes in de Verstedelijkingsstrategie luidt
kader ontbreekt. Deze situatie leidt tot achterstanden
de gebieden die hierboven zijn benoemd voor
dat vanaf iedere woning binnen vijftien minuten fietsen
in het beheer en ontbrekende schakels in
‘landschappelijke versterking’ en ‘landschappelijke
een aantrekkelijk landschap bereikbaar is. Zo levert het
het netwerk. Aanleg van nieuwe gebieden en
verbindingen’ een belangrijke rol. Hier liggen de
landschap een belangrijke bijdrage aan de leefkwaliteit
verbindingen vermindert de recreatieve druk op
beste kansen om de aantrekkelijkheid en capaciteit
en de menselijke maat. Of het nu is om stil te genieten van
kwetsbare natuurgebieden. De opgave is niet alleen
voor recreatief bezoek te vergroten, respectievelijk
3.
Het anticiperen op de toekomstige groei en de
het recreatieve netwerk uit te breiden.
36
Waardevol en verbindend landschap
Ontwikkelrichting 2050
N N
schaal 1:100.000
schaal 1:100.000 0 5.000 0
10.000
5.000
15.000
20.000
10.000
15.000
20.000
3. Toekomstbestendige systemen 38
3.1
Water Voldoende water met goede kwaliteit, veilig en voorbereid op de toekomst ‘Voldoende water met goede kwaliteit, veilig en
nadelige effecten (afwenteling) ontstaan voor het
voorbereid op de toekomst’
watersysteem en de klimaatbestendigheid van de regio. Dit betekent onder meer dat we streven naar
Tot dusver slagen we er doorgaans in om het
een metropoolregio waar de wijze van bouwen (op
watersysteem met technische middelen aan te passen
niveau van woningen, wijken en regio) niet leidt tot extra
aan het bestaande of gewenste grondgebruik, verzekerd
belasting van het watersysteem of tot een hoger risico bij
te blijven van voldoende zoetwater, én watersnood en
overstromingen. Of, als dat niet mogelijk is, een oplossing
substantiële wateroverlast te voorkomen. Maar de druk
voor het watersysteem waarbij de consequenties (kosten,
op het watersysteem loopt op. Klimaatverandering vraagt
planning, ruimte) expliciet worden meegenomen in de
een klimaatadaptieve en waterrobuuste ruimtelijke
businesscase van de verstedelijking. Met name in landelijk
inrichting. Naast de klimaatverandering zorgen ook
gebied kunnen de effecten van klimaatverandering ook
ruimtelijk-economische ontwikkelingen voor toenemende
tot gevolg hebben dat het huidige grondgebruik niet
druk op het watersysteem. Stedelijke en economische
meer houdbaar is, bijvoorbeeld in tijden van droogte.
ontwikkeling hebben een toenemende vraag naar water
Dat kan aanpassing van het grondgebruik en/of
tot gevolg, waar niet voor alle doeleinden zonder meer in
functieverandering tot gevolg hebben.
voorzien kan worden. Het beïnvloedt ook de belasting van het watersysteem, bijvoorbeeld doordat extra verharding
De klimaatverandering zet ook na 2050 door. De
bij extreme buien leidt tot een grotere waterafvoer en
zeespiegel zal nog lange tijd doorstijgen. Vandaar ook dat
doordat meer afvalstoffen in het watersysteem terecht
voor dit vraagstuk maar ook de doorwerking hiervan in de
komen. Dit vergroot de opgaves om wateroverlast,
ruimtelijke ontwikkeling verder gekeken moet worden dan
watertekort en verzilting tegen te gaan en om te
2050.
werken aan een structureel betere waterkwaliteit. Ook de druk op waterveiligheid neemt toe. Uitbreidingen
Waterrobuuste inrichting
van woningbouw en bedrijvigheid kunnen zwaardere
Voor een waterrobuuste inrichting is een betere
waterkeringen noodzakelijk maken. Daarnaast neemt de
wisselwerking tussen ruimtegebruik en watersysteem
druk op waterkeringen toe door klimaatverandering en
noodzakelijk. Dat betekent:
keuzes in waterbeschikbaarheid (bijvoorbeeld peilopzet).
1.
De bekende drieslag in het waterbeleid van vasthouden, bergen en afvoeren strikter toepassen.
De ambitie is om ervoor te zorgen dat de MRA op zo’n
Waarbij meer dan in het verleden de grootste
manier wordt ontwikkeld, dat er geen onvoorziene,
nadruk ligt op vasthouden, vasthouden en nog
39
2.
eens vasthouden, in groen, op alle schalen en in
Verbeteren van de waterkwaliteit
water gebruikt als koel- en/of proceswater), en het
alle gebieden. Op daken en percelen, in straten en
Een goede kwaliteit van het water is belangrijk voor
bemoeilijkt de drinkwaterproductie. Om een teveel aan
wijken, lokaal in sloten en polders, in het regionale
de natuur, maar ook voor een leefbare en gezonde
zoutwatertoevoer te voorkomen, wordt bij de zeesluizen
watersysteem en aan en in het hoofdwatersysteem.
metropoolregio. Op dit moment worden de normen
een constructie gebouwd voor ‘selectieve onttrekking’,
De beschikbaarheid van water sturender laten zijn
van de Kaderrichtlijn Water op veel plaatsen niet
waardoor een deel van het zoute water weer terugstroomt
voor de situering van functies die afhankelijk zijn
gehaald. Verontreiniging is onder meer afkomstig
naar zee. Verdere ontwikkeling van de haveneconomie
van veel water en kwetsbaar zijn in periodes van
van medicijnresten, gewasbeschermingsmiddelen en
kan leiden tot meer scheepvaartverkeer, en daardoor
droogte, zoals bedrijven die veel koel- of proceswater
bemesting. Verstedelijking en klimaatverandering (met
een grotere zoutindringing. Deze verzilting kan via de
gebruiken, maar ook agrarische bedrijvigheid en
bijbehorende droogte en verzilting) kunnen leiden tot
Oranjesluizen ook de waterkwaliteit van Markermeer-
natuur. Dat vraagt ook om zo mogelijk technieken toe
een verdere vermindering van de waterkwaliteit. Om dat
IJmeer beïnvloeden, zeker als een toename van de
te passen die de afhankelijkheid van water beperken,
te voorkomen en juist tot een verbetering te komen, is de
binnenvaart op die route tot meer schutbewegingen
zoals voor de koeling van datacenters. Zoetwater is
landelijke voorkeursvolgorde ‘schoonhouden, scheiden,
leidt. De omvang van dit effect is onbekend en moet
niet onbeperkt beschikbaar. Bij ernstige tekorten
zuiveren’ van belang.
worden onderzocht. Daaruit zal moeten blijken of het een potentieel knelpunt is en wat eraan gedaan kan worden,
wordt het beschikbare zoete oppervlaktewater
3.
verdeeld volgens de landelijke verdringingsreeks.
De waterkwaliteit hoeft niet overal hetzelfde te zijn. Van
en of technische middelen zoals de selectieve onttrekking
Het gebruik van drinkwater is geen alternatief voor
belang is dat er in het watersysteem een ordening ontstaat
een afdoende oplossing vormen.
functies die deze waterkwaliteit niet per se nodig
van schoon naar minder schoon water en van zilt naar
hebben. Water van drinkwaterkwaliteit is schaars en
zoet water, en dat deze ordening is afgestemd met het
Integrale systeemvisie
wordt alleen gebruikt als dat noodzakelijk is of als er
bestaande en verwachte ruimtegebruik. De behoefte aan
Rijk en regio stellen een integrale systeemvisie op
geen alternatief voorhanden is.
zoet water neemt bijvoorbeeld af als het grondgebruik in
voor een waterrobuuste en klimaatbestendige regio.
Nieuwe ontwikkelingen zodanig vormgeven dat de
verziltende gebieden op die verzilting wordt afgestemd.
Deze systeemvisie geeft onder meer aan hoe en waar
gevolgen van wateroverlast door regen, mogelijke
Zo’n oplossing zou van agrariërs vragen om na te denken
de ruimtelijke ordening mede rekening zou moeten
overstromingen en zeespiegelstijging zoveel mogelijk
over andere teelten of om een ander grondgebruik. De
houden met ruimte voor vasthouden, bergen en
beperkt blijven. Vitale en kwetsbare functies worden
inrichting van de stad kan bijdragen aan de kwaliteit van
afvoeren van water, de effecten van zeespiegelstijging
bij voorkeur niet op plekken ontwikkeld waar sprake
grond- en oppervlaktewater door plekken met een hoge
en klimaatverandering op mogelijke locatiekeuzes, het
is van een hoog plaatselijk risico, ofwel worden
gebruiksdruk in en naast het water (denk aan steigers,
openhouden van verschillende toekomstscenario’s
voldoende robuust aangelegd. Bij ontwikkelingen
vaarroutes, drijvende objecten) af te wisselen met rustige
(adaptatiepaden) in de ruimtelijke inrichting, en de
in kwetsbare gebieden is voldoende aandacht voor
natuurvriendelijke plekken in en op het water. Maar
afweging of bepaalde gebruiksfuncties op lange termijn
calamiteitenbeheersing, bijvoorbeeld door rekening
ook het bouwrijp maken zonder drainage op klei- en
nog kunnen worden gefaciliteerd. Daarnaast wordt
te houden met evacuatieroutes en bereikbare veilige
veengronden bevordert de waterkwaliteit.
gekeken naar ruimtelijke en economische effecten én
plekken in de buurt. Bij nieuwbouw is dat relatief
welke randvoorwaarden de ruimtelijke en economische
eenvoudig, in bestaande woon- en werkgebieden
De waterkwaliteit van het Noordzeekanaal wordt
ontwikkeling stelt aan het watersysteem en vice versa,
is dat uitdagender. Toch moeten ook die aangepakt
beïnvloed door indringing van zout water via de
welke koppelingsmogelijkheden er zijn en welke
worden. Een oplossing is om bestaand stedelijk
zeesluizen. De toenemende droogte kan het zoutgehalte
potenties. De systeemvisie wordt opgesteld in samenhang
gebied en nieuwe ontwikkelingen in samenhang aan
verder doen toenemen. Enige mate van verzilting is
met programma’s als ‘Toekomstbestendig watersysteem
te pakken.
geen bezwaar en zelfs wenselijk voor natuurwaarden
Amsterdam-Rijnkanaal/Noordzeekanaal’ en de
langs de oevers. Te veel verzilting is echter schadelijk
Deltaprogramma’s.
voor de landbouw, de natuur en de industrie (die het
40
Acties waterrobuuste inrichting en klimaatadaptatie\
inrichting (zie de paragraaf Gooi en Vechtstreek in
hoofdwatersysteem in te zetten voor het vasthouden
Om te komen tot een waterrobuuste inrichting en
hoofdstuk 4).
van water; waarbij gedacht kan worden aan het benutten van de ruimte in het Amsterdam-Rijnkanaal
een klimaatadaptieve ontwikkeling worden (naast Rijk en regio starten een onderzoek naar tijdelijke
(via het incidenteel accepteren van hogere peilen
uitgewerkt:
waterbufferlocaties nabij het hoofdwatersysteem
bij een dreigende calamiteit), en een grotere
•
Bij (binnen)stedelijke ontwikkelingen wordt
(Noordzeekanaal en Amsterdam-Rijnkanaal) met als
functie van het Markermeer en IJmeer als buffer
de inrichting van het stedelijk gebied zodanig
zoekgebieden Oer-IJ en bij Gooi en Vechtstreek. Dit
voor waterbeschikbaarheid dan nu voorzien (ten
ontworpen, dat er voldoende ruimte is om water vast
is in aanvulling op het nieuwe noodoverloopgebied
behoeve van zoetwater- en drinkwatervoorziening,
te houden op het niveau van het perceel, de straat
in De Ronde Hoep en de tijdelijke waterberging in de
mogelijk ook voor Gooi en Vechtstreek) en voor
en de wijk. Daarnaast wordt er voldoende rekening
zuidpunt van Haarlemmermeer, waartoe al besloten
de piekwaterberging. Dit vraagt om een grotere
gehouden met het terugdringen van hittestress in het
is. Tijdelijke waterbufferlocaties moeten, afhankelijk
aan- en afvoercapaciteit richting het Markermeer,
stedelijk gebied.
van de inrichting, deels samenvallen met andere
waarvoor de gemaalcapaciteit bij omgeving Muiden
Bij alle nieuwe ontwikkelingen inzetten
functies in deze gebieden zoals natuur, recreatie en
en Amsterdam-Rijnkanaal vergroot zou moeten
op klimaatrobuuste ontwikkelingen en
energie.
worden. Bij deze actie moeten ook de ruimtelijke
bovenstaande integrale systeemvisie) de volgende acties
•
•
In de duinen en de binnenduinrand wordt ruimte
en economische consequenties, de doorwerking
verticale evacuatiemogelijkheden op gebieds-
gezocht om schoon kwelwater in het gebied vast te
en effecten op de aangrenzende watersystemen
of perceelniveau), met inachtneming van de
houden en beter te benutten, met mogelijk beperking
en de infrastructuur (zoals doorvaarhoogten)
fysische bodemgesteldheid. Essentieel is dat daar
of aanpassing van agrarische functies tot gevolg.
in beeld worden gebracht (o.a. agenderen bij
gevolgbeperking (waaronder ruimte voor
•
Toekomstbestendig Watersysteem Amsterdam-
vooruitlopend op nieuwe gebiedsontwikkelingen
•
al op wordt voorgesorteerd, door het vroegtijdig
De volgende acties worden geagendeerd op andere tafels
nemen van klimaatadaptieve en watergerelateerde
om klimaatadaptieve verstedelijking in de MRA mogelijk
maatregelen (bijvoorbeeld in laaggelegen
te maken:
poldergebieden als Almere Pampus eerst reliëf en
•
Programma Grote Wateren). •
Onderzoek naar de mogelijkheden voor een grotere
Bij de integrale gebiedsprocessen om de
en efficiënte aan- en afvoercapaciteit voor het
natuurontwikkeling aanbrengen; dit ondersteunt
bodemdaling in veenweidegebieden te beperken,
watersysteem: naast de aan- en afvoercapaciteit
klimaatadaptieve ontwikkeling en de ecologische
agenderen van het tegengaan van fragmentatie
op het Markermeer gaat dat om de aan- en
structuur).
in peilvakken (voor zover daar sprake van is). Deze
afvoercapaciteit van en naar de Lek en de
Voor het klimaatbestendig en waterrobuust
fragmentatie zorgt ervoor dat het waterbeheer steeds
mogelijkheden om meer water naar zee te kunnen
complexer en kostbaarder wordt.
afvoeren via de gemalen in IJmuiden en Katwijk (o.a.
Voor de gebruiksfunctie in de droogmakerijen
agenderen bij Toekomstbestendig Watersysteem
effecten van vitale en kwetsbare infrastructuur op
Haarlemmermeer en Flevoland in overleg met
Amsterdam-Rijnkanaal/Noordzeekanaal,
bijvoorbeeld de aanwezige waterbeschikbaarheid
zittende gebruikers een transitie inzetten naar
en bodemstructuren, maken Rijk en regio afspraken
functieverandering passend bij de gebiedseigen
over de invulling en uitvoering van de rol die beide
waterkwaliteit en grondwaterstanden, ook op lange
van inwonersaantallen en economische
pakken richting de verschillende sectoren waar zij
termijn, zodanig dat er minder water hoeft te worden
waarde, en de klimaatverandering (o.a.
verantwoordelijk voor zijn (bijv. energie en data).
ingelaten voor doorspoeling met zoetwater. (o.a.
agenderen bij Deltaprogramma Veiligheid en
agenderen bij Deltaprogramma Zoet Water)
Hoogwaterbeschermingsprogramma / Deltafonds).
aanleggen van vitale en kwetsbare infrastructuur, en de manier waarop wordt omgegaan met cumulatieve
•
Rijnkanaal/ Noordzeekanaal, Deltaprogramma’s,
•
Rijk en regio werken in Gooi en Vechtstreek een integrale aanpak uit voor een waterrobuuste
•
Onderzoek naar de mogelijkheden om het huidige
Deltaprogramma’s). •
Investeringen in dijken vanwege de toename
41
Meerkernige Metropool Watersysteem en klimaatadaptatie
Ontwikkelrichting 2050
N N
schaal 1:100.000
schaal 1:100.000 0 5.000 0
10.000
5.000
15.000
20.000
10.000
15.000
20.000
42
3.2
Ecologie Ruimte voor flora en fauna in en om de stad ‘Ruimte voor flora en fauna in en om de stad’
accent naar ‘natuurinclusief ontwikkelen’, met versterkte aandacht voor de biodiversiteit in de nabije omgeving, dus
De MRA onderscheidt zich van de meeste andere
niet alleen in natuurgebieden.
metropolen door de aaneengesloten en gevarieerde landschappelijke structuur. Zee, strand, duinen, bos,
Natuurnetwerk Nederland
heide, veenweiden, moerassen, polders en de grote meren
De komende jaren zijn nog veel inspanningen nodig
– ze kennen allemaal eigen en belangrijke natuurwaarden.
om het Natuurnetwerk Nederland af te ronden, en ook
Tezamen vormen ze een leefomgeving voor duizenden
daarna vraagt dit netwerk inspanningen voor beheer
plant- en diersoorten. Die landschappelijke en
en verbetering. Dat geldt in het bijzonder voor de
ecologische variatie neemt niet weg dat de biodiversiteit
instandhoudingsverplichting in Natura 2000-gebieden.
in de loop van de twintigste eeuw dramatisch is
Zo gaat de agenda voor het ‘Toekomstbestendig
afgenomen. Die afname is de laatste jaren afgeremd, maar
Ecologisch Systeem’ in en om Markermeer en IJmeer
nog steeds ligt er een grote herstelopgave.
veel verder dan 2027. De ambitie met het Nationaal Park Nieuw Land (bestaande uit Markermeer,
Op lange termijn moet het ecologische systeem zodanig
Trintelzand, Marker Wadden, Oostvaardersplassen
veerkrachtig en robuust zijn, dat de natuur tegen een
en Lepelaarplassen) is om dit systeem robuust en
stootje kan zonder direct aan waarde te verliezen.
veerkrachtig te maken, zodanig dat het bestand is tegen
Zo’n robuuste ecologische droge en natte structuur is
de jaarlijkse schommelingen die inherent zijn aan elk
een voorwaarde voor het herstel van de biodiversiteit.
ecosysteem. Ook in perioden van schaarste, door welke
Natuur draagt bovendien bij aan de gezondheid en
oorzaak dan ook, kan Nieuw Land omvangrijke populaties
aantrekkelijkheid van de leefomgeving, en daarmee aan
trekvogels ontvangen – een belangrijke maatstaf voor dit
de leefkwaliteit van de MRA.
deel van de MRA-natuur. Ook elders in de regio moeten nog verbindingen worden aangelegd of zijn ze kwetsbaar,
Tot 2027 werken we aan de afronding van het
bijvoorbeeld op plekken waar ze grote infrastructuur
Natuurnetwerk Nederland (het netwerk van onderling
kruisen.
verbonden natuurgebieden, waaronder de gebieden die vallen onder het Europese netwerk Natura 2000).
De robuustheid en veerkracht van het Natuurnetwerk
Dat legt de basis voor zo’n robuust en veerkrachtig
Nederland wordt sterk beïnvloed door het
systeem. Op middellange en lange termijn verschuift het
ruimtegebruik buiten het Natuurnetwerk zelf. Een
43
robuust ‘groengehalte’, reductie van emissies en
is dat er voldoende goede landbouwgrond beschikbaar
groenblauwe raamwerk van de MRA, de aaneengesloten