CConstaterende datEcht-Susteren
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting

Gemeenteraad 2 maart 2023, gemeente Echt-SusterenBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Molenweg 42A12.813 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

7.1

Archeologie Archeologische waarden zijn bij wet beschermd (Monumentenwet 1988, hoofdstuk vijf ‘Archeologische monumentenzorg’). Gemeenten zijn verantwoordelijk voor hun eigen bodemarchief. De gemeente is dus het bevoegde gezag indien het gaat om het toetsen van de archeologische onderzoeken en Programma’s van Eisen. Voorheen werd dit door de provincie gedaan, maar deze beperkt zich momenteel tot zaken die van provinciaal belang zijn. Voor (gemeentelijke) bestemmingsplannen (daaronder tevens begrepen: wijzigingsplannen) betekent dit concreet het volgende:  de gemeenteraad dient bij de vaststelling van bestemmingsplannen rekening te houden met de in de grond aanwezige dan wel te verwachten archeologische waarden en monumenten;  in een bestemmingsplan kan in het belang van de archeologie een vergunningenstelsel worden opgenomen. De aanvrager van een vergunning, waarbij bodemverstoring plaats vindt, kan langs de weg van het bestemmingsplan de verplichting krijgen tot het laten uitvoeren van een archeologisch (voor)onderzoek. Zo nodig kunnen aan dergelijke vergunningen regels worden verbonden ter bescherming van de archeologische waarden en monumenten. De gemeente Echt-Susteren beschikt over de ‘Erfgoedverordening Echt-Susteren 2018’. Deze verordening biedt een soort voorbescherming voor archeologische waarden.

In de verordening wordt de mogelijkheid geboden om archeologische monumenten en verwachtingszones aan te wijzen en deze te verbinden aan categorieën regels en voorwaarden. De regels en voorwaarden overeenkomstig de verordening dienen te worden verwerkt in de regels van nieuw op te stellen bestemmings-/wijzigingsplannen. Gelet op de archeologische beleidskaart van de gemeente liggen de gronden binnen de ‘middelhoge verwachting voor droge landschappen’.

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

29

M200462.005/PSO

Uitsnede Archeologische verwachtingenkaart gemeente Echt-Susteren met aanduiding plangebied

Op basis van het bestemmingsplan ‘Buitengebied’ is ter plaatse van onderhavige locatie de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 3’ van kracht. Op basis van deze dubbelbestemming is het uitvoeren van een archeologisch onderzoek noodzakelijk, indien bodemverstorende activiteiten plaatsvinden bij een diepte groter dan 40 cm en als de oppervlakte meer bedraagt dan 500 m². De nieuw te realiseren overdekte rijpiste wordt op het maaiveld gerealiseerd waardoor geen noemenswaardige bodemingrepende werkzaamheden plaatsvinden. Enkel het aanbrengen van de fundering van de rijhal gaat gepaard met bodemverstoringen. Dit betreffen de poeren van de staalconstructie en de fundering van de kantine. De rijhal wordt gebouwd als een vrijdragende staalconstructie met 15 spanten. De 30 kolommen van deze spanten worden gefundeerd op een betonnen poer. Hiervoor is per poer circa 2 m² grondverzet nodig. De voor- en achterwand van de rijhal bestaat uit 5 kolommen. Ook voor deze kolommen kan met 2 m² grondverzet per poer worden gerekend. Voor de constructie van de overdekte rijhal ter plekke van de bestaande zandpiste is aldus circa 80 m² bodemverstoring aan de orde. De deels inpandige kantine wordt gefundeerd op een strokenfundering. Gelet op de afmetingen van de kantine (21,75m x 12m) is sprake van 67,5 strekkende meter aan fundering.

Uitgaande van een breedte van de strokenfundering van één meter, blijft de bodemverstoring beperkt tot circa 70 m². In totaal bedraagt de bodemverstoring circa 150 m².Zelfs als extra bodemverstorende ingrepen worden meegerekend, zoals voor de aanleg van kabels en leidingen, wordt ruimschoots onder de ondergrens van 500 m² gebleven. Gelet op het vorenstaande is het uitvoeren van een archeologisch onderzoek niet noodzakelijk. Op basis van de Erfgoedwet geldt daarnaast de verplichting dat, indien tijdens toekomstige

30

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M200462.005/PSO

graafwerkzaamheden desondanks archeologische materialen en/of sporen aangetroffen worden aangetroffen, deze per direct gemeld dienen te worden bij de gemeente Echt-Susteren.

7.2

Kabels en leidingen Door het plangebied lopen geen boven- en/of ondergrondse leidingen met een planologische beschermingszone. Er is op dat gebied derhalve geen sprake van bijbehorende (planologische) beschermingszones en/of belangen van derden op dit punt. De aanwezigheid van kabels en leidingen met betrekking tot de nutsvoorzieningen in de omgeving is evident. Indien aanpassingen aan de bestaande aansluitingen moeten worden doorgevoerd, dient met de verschillende netwerkbeheerders contact te worden opgenomen.

7.3

Verkeer en parkeren Met betrekking tot onderhavige planontwikkeling dienen de (eventuele) gevolgen voor de verkeersstructuur alsmede het parkeren inzichtelijk te worden gemaakt. In bijlage 5 van voorliggende toelichting is een separate notitie opgenomen waarin wordt ingegaan op de verkeerssituatie, de verkeersaantrekkende werking en de parkeerbehoefte van de ontwikkeling.

7.3.1

Verkeersstructuur Onderhavig plangebied is gelegen aan de Molenweg welke de kern Koningsbosch verbindt met de Duitse grens. De grensovergang is alleen open voor landbouwverkeer en fietsers/voetgangers. Initiatiefnemer is voornemens om aan de westzijde van de paardensportlocatie een overdekte rijpiste te realiseren waardoor jaarrond trainingsbijeenkomsten en (trainings)wedstrijden kunnen worden georganiseerd. Deze ontwikkeling heeft dan ook tot gevolg dat het aantal verkeersbewegingen ter plekke zal toenemen. Het verkeer van en naar het plangebied wordt afgewikkeld via de Molenweg en via de Bosserheideweg. Door het hanteren van een aanbevolen rijroute voor licht verkeer (kleine vrachtauto’s en auto’s met trailers tot 3.500 kg) komend vanaf de N572 via de weg Bos en broek naar de ingang aan de Bosserheideweg, wordt de Molenweg zo veel mogelijk ontlast. De Molenweg kan de met onderhavige ontwikkeling gepaard gaande toename aan verkeersbewegingen prima afwikkelen. De doorstroming en verkeersveiligheid zijn niet in het geding.

7.3.2

Parkeren In de bestaande situatie worden ter plekke van onderhavige locatie enkel trainingsbijeenkomsten en (trainings)wedstrijden georganiseerd wanneer het betreffende seizoen en de weersvoorspellingen dit toelaten. De bestaande zandpiste is namelijk niet overdekt. Om niet meer weers-en seizoensafhankelijk te zijn, beoogd initiatiefnemer om een overdekte rijpiste te realiseren waar jaarrond gebruik van kan worden gemaakt. Deze overdekte rijpiste leidt niet direct tot een toenemende parkeerbehoefte ter plaatse. Dit omdat het aantal bezoekers per dag hetzelfde blijft, enkel het aantal dagen dat trainingsbijeenkomsten en wedstrijden kunnen worden georganiseerd, neemt toe. Wel is van belang dat het organiseren van (traninings)wedstrijden en evenementen buiten het zomerseizoen kan betekenen dat bij slecht weer ook geparkeerd moet worden. De

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

31

M200462.005/PSO

terreindelen die nu worden gebruikt als parkeergelegenheid, zijn alleen geschikt voor dit doel bij goede weersomstandigheden. Vandaar dat de initiatiefnemer een extra gedeelte van zijn perceel zal voorzien van halfverharding, zodat onder alle weersomstandigheden geparkeerd kan worden. Tijdens evenementen kan, net als in de bestaande situatie, de daarmee gepaard gaande parkeerbehoefte worden opgevangen op de daarvoor aangewezen percelen aan de Molenweg en aan de Bosserheideweg. Ter plaatse is namelijk de functieaanduiding ‘specifieke vorm van verkeer – tijdelijk parkeerterrein’ van kracht met als gevolg dat deze gronden als tijdelijk parkeerterrein mogen worden ingericht gedurende een (hippisch) evenement. Ook tijdens evenementen kan de parkeerbehoefte op eigen terrein worden opgevangen waardoor problemen op de openbare weg niet worden verwacht.

extra halverharding ten behoeve van parkeren bij ongunstige weersomstandigheden (rood omlijnd)

7.4

Waterhuishouding

7.4.1

Nationaal Waterplan 2022-2027 In het Nationaal waterplan is het (strategische) waterbeleid van het Rijk vastgelegd. Het Rijk kiest in het waterbeleid voor de periode 2022-2027 en richting 2050 voor 3 hoofdambities. Deze ambities geven op hoofdlijnen aan waar Nederland naartoe wil rond water. De ambities luiden als volgt: 1. Een veilige en klimaatbestendige delta; 2. Een concurrerende, duurzame en circulaire delta;

32

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M200462.005/PSO

3.

Een schone en gezonde delta met hoogwaardige natuur.

Het Nationaal Waterplan kent een looptijd van 2022 tot 2027 en vormt het kader voor de regionale waterplannen en de beheerplannen. 7.4.2

Provinciaal Waterprogramma Het Provinciaal Waterprogramma is een uitwerking van de Omgevingsvisie Limburg en bevat de doelstellingen die de provincie Limburg de komende planperiode samen met haar partners willen bereiken op het gebied van water. Centraal staat hierbij het realiseren van een duurzaam, robuust en ecologisch gezond watersysteem dat kan omgaan met wateroverlast en droogte en dat voorziet in voldoende water van goede kwaliteit. Het is de uitdaging om een watersysteem te realiseren dat water kan vasthouden om Limburg door droge perioden heen te helpen, met tegelijkertijd voldoende ruimte om de piekbuien op te vangen, dat zo veel mogelijk aansluit bij natuurlijke processen en dat ecologisch goed functioneert. De ambitie is om de doelstelling van een duurzaam, robuust en ecologisch gezond watersysteem in 2050 gerealiseerd te hebben. De focus ligt in deze planperiode op de kwaliteit. Kwaliteit door aan de slag te gaan met de gebiedsgerichte aanpak, waarbij het nemen van (water) maatregelen bijdraagt aan de kwaliteit van het watersysteem, de kwaliteit van de Natura 2000-gebieden en de landbouw. In het Provinciaal Waterprogramma ligt de focus op kwaliteit.

Verbetering van de kwaliteit van ons grond- en drinkwater is noodzakelijk om in de toekomst over voldoende water van een goede kwaliteit te kunnen beschikken; voor de natuur, menselijke consumptie, landbouw en industrie. Tevens wordt gewerkt aan actief grondwaterbeheer: water vasthouden, het verbruik verminderen en bij schaarste zorgen voor verdeling. Tenslotte betekent de keuze voor kwaliteit ook de focus op de kwaliteit van de leefomgeving en daarmee op het voorkomen van wateroverlast en schade als gevolg van overstromingen.

7.4.3

Waterbeheerprogramma Waterschap Limburg 2022-2027 Het nieuwe waterbeheerprogramma 2022-2027: ‘Limburgs water in een veranderend klimaat’ is door het algemeen bestuur van waterschap Limburg op 8 december 2021 vastgesteld. In het waterbeheerprogramma ligt de focus op de aanpak van wateroverlast, verbetering van de waterkwaliteit en de realisatie van hoogwaterbescherming voor alle Limburgers. .

7.4.4

Afwikkeling afvalwater en hemelwater Het plangebied is gelegen binnen de gemeente Echt-Susteren en in het beheergebied van Waterschap Limburg. Het Waterschap Limburg is verantwoordelijk voor de waterhuishouding en waterveiligheid binnen haar beheergebied. Sinds 1 april 2019 is de nieuwe Keur van het Waterschap Limburg van kracht. Op welke wijze wordt omgegaan met het afval- en hemelwater binnen het onderhavige plangebied wordt hierna uiteengezet. Afvalwater In de overdekte rijpiste wordt een kantine met bijbehorende juryruimte voorzien. In de kantine wordt o.a. een toilet gerealiseerd. Conform de bestaande situatie wordt het afvalwater geloosd op de gemeentelijke riolering van de gemeente Echt-Susteren. Vanuit milieuhygiënisch oogpunt is het

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

33

M200462.005/PSO

afvoeren van afvalwater via de gemeentelijke riolering vereist en daarmee tevens de beste optie.

Hemelwater van onverhard en semi-verhard terrein Het hemelwater dat valt op de onverharde en semi-verharde terreindelen binnen het plangebied zal, zo nodig na beperkte oppervlakkige afstroming, rechtstreeks infiltreren in de bodem. Hemelwater (dak)verhardingen Het hemelwater dat valt op de nieuwe (dak)verharding zal worden opgevangen en oppervlakkig worden afgevoerd, hetzij via aanwezige paden hetzij via goten, naar het reeds aanwezige opvangbassin met een overloop naar een infiltratievoorziening (wadi). De beoogde rijpiste met deels inpandige kantine krijgt een dakoppervlakte van circa 3.500 m². Uitgaande van de maatgevende bui van 100 mm in 1 uur (T=100), dient een infiltratievoorziening aanwezig te zijn van 350 m³. De hemelwaterafvoeren van de beoogde bebouwing worden op het afwateringssysteem aangesloten en de wadi wordt vergroot naar de benodigde capaciteit. De wadi is gelegen aan de noordzijde van het perceel. Het hemelwater in het opvangbassin wordt hergebruikt om de piste te besproeien tegen stof. Het besproeien van de piste zorgt voor een stabiele bodem en beperkt de vorming van stof. Het resterende hemelwater kan rechtstreeks infiltreren in de bodem. Wateroverlast voor derden is dan ook niet aan de orde. Opvang schoon hemelwater In de hemelwatervoorziening wordt alleen schoon hemelwater opgevangen, waaraan geen verontreinigende stoffen zijn toegevoegd.

Uitloging bij infiltratie wordt voorkomen door alleen schoon hemelwater te infiltreren in de bodem. Door het gebruik van niet-uitlogende materialen wordt verontreiniging van het hemelwater voorkomen. Voorkomen van wateroverlast Door bij het bepalen van het bouwpeil en afschot hiermee rekening te houden, wordt voorkomen dat geen water in de te realiseren gebouwen kan vloeien. Omdat de beoogde locatie is gelegen in het buitengebied, met ruime afstanden naar nabijgelegen woningen en bebouwing en de afwezigheid van reliëf, kan ten aanzien van wateroverlast voor derden worden gesteld, dat hiervan geen sprake zal zijn. 7.4.5

Conclusie Gelet op het vorenstaande vormt het aspect waterhuishouding geen belemmeringen voor onderhavige planontwikkeling.

7.5

Natuurbescherming Natura 2000 Natura2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. In Natura2000 gebieden worden bepaalde diersoorten en hun natuurlijke leefomgeving beschermd door de biodiversiteit te behouden. Natura2000 gebieden worden beschermd door de ‘Wet Natuurbescherming’. Het dichtstbijzijnde Natura 2000 gebied betreft het ‘Abdij Lilbosch & voormalig Klooster Mariahoop’. Dit

34

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M200462.005/PSO

Natura-2000 gebied ligt op circa 3,35 kilometer ten noorden van onderhavig plangebied.

Ligging plangebied ten opzichte van Natura 2000gebieden

Met inachtneming van onderhavige planontwikkeling is de effectenindicator geraadpleegd. De gronden waar de nieuwe rijpiste wordt voorzien, zijn momenteel onbebouwd. Het voornemen is om ter plekke van onderhavige gronden een nieuwe overdekte rijpiste te realiseren. Effectenindicator Voorliggende planontwikkeling is getoetst aan de effectenindicator. De selectie is uitgevoerd op gebied 'Abdij Lilbosch & voormalig Klooster Mariahoop' en activiteit 'Grondgebonden landbouw'. Daaruit blijkt, mede door de afstand van ruim 3 km tussen het plangebied en de Natura2000gronden, dat voorliggend planvoornemen geen invloed heeft op dat dichtstbijzijnde natuurgebied. Het planvoornemen zorgt niet voor oppervlakteverlies, versnippering, verontreiniging, verdroging en/of verstoring van het gebied 'Abdij Lilbosch & voormalig Klooster Mariahoop'. Tevens zal door het planvoornemen de soortensamenstelling niet bewust worden veranderd. Onderhavige ontwikkeling ziet op het realiseren van een overdekte rijpiste op de locatie Molenweg 42a te Koningsbosch. Door tijdens de bouwwerkzaamheden zo min mogelijk tijdelijke verlichting te gebruiken, en als dat noodzakelijk is zo op te stellen tussen de houtwal en de (te bouwen) rijpiste zodat de lichtbundels van de te dunnen houtwal afschijnen, wordt beoogd lichtverstoring op de vleermuizen tijdens de bouwfase zo beperkt mogelijk te houden.

De bouwwerkzaamheden zullen desalniettemin grotendeels overdag plaatsvinden, waardoor lichtverstoring zoveel mogelijk wordt voorkomen. Tijdens de gebruiksfase kan lichtverstrooiing op de houtwal (met verstoring van de vliegroute voor vleermuizen tot gevolg) worden tegengegaan door het toepassen van led-armaturen met een beperkte lichtsterkte. Led-armaturen hebben ten opzichte van overige lampen minder verstrooiing tot gevolg. Voorkomen dient te worden dat het licht richting de houtwal schijnt.

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

35

M200462.005/PSO

Uitsnede effectenindicator

Naast het inpassen van de bebouwing, zal de landschappelijke inpassing een versterking vormen voor de flora en fauna ter plekke. Door het toepassen van lage hagen aan de west- en noordzijde van de locatie, wordt getracht de vliegroutes voor vleermuizen niet te belemmeren. Het toevoegen van beplanting zorgt er tevens voor dat voor broedvogels aanvullende nestmogelijkheden worden gecreëerd. Tevens kunnen kleine grondgebonden zoogdieren schuilmogelijkheden vinden in de beoogde beplanting. Mogelijke schadelijke effecten op Natura 2000-gebied Het Programma Aanpak Stikstof (hierna: het PAS) is in het leven geroepen om enerzijds ruimte te bieden voor economische ontwikkelingen, maar tegelijkertijd ook te voorzien in maatregelen die nodig zijn voor het behoud en herstel van Natura 2000-gebieden. Het PAS is op 1 juli 2015 in werking getreden. Recent heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State beslist dat het Programma Aanpak Stikstof (PAS) niet gebruikt mag worden als basis om toestemming te verlenen voor activiteiten die leiden tot een stikstoftoename ter plaatse van stikstofgevoelige habitattypen en soorten in Natura 2000-gebieden.

Als een project significant negatieve effecten kan veroorzaken op stikstofgevoelige habitattypen en soorten in een Natura 2000-gebied als gevolg van stikstof of andere effecten is een vergunning op grond van de Wet Natuurbescherming vereist. Omdat stikstofemissie mogelijk een effect kan veroorzaken op Natura 2000-gebieden, dient een toets te worden uitgevoerd of de gebruiksfase van de inrichting mogelijk vergunningplichtig is in het

36

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M200462.005/PSO

kader van de Wet Natuurbescherming. Derhalve is een stikstofonderzoek uitgevoerd waarvan de rapportage is opgenomen in bijlage 6. Op basis van de resultaten uit de Aeriusberekeningen kan geconcludeerd worden dat negatieve effecten op instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden ten gevolge van NOx en NH3 uitstoot met zekerheid kunnen worden uitgesloten. Derhalve kan worden geconcludeerd dat het aspect stikstof geen belemmeringen oplevert voor onderhavig planvoornemen. Flora en fauna In de Wet natuurbescherming zijn de onderdelen uit de Europese Habitatrichtlijn en onder meer de Vogelrichtlijn, die de bescherming van soorten betreft, geïmplementeerd. De wet biedt ook het kader voor de bescherming van inheemse dier- en plantensoorten die geen bescherming genieten op grond van de Habitatrichtlijn. Er geldt een aantal verboden ter bescherming van beschermde dier- en plantensoorten. Artikel 1.11 Wet natuurbescherming voorziet in een algemene verplichting voor een ieder om voldoende zorg te dragen voor Natura 2000-gebieden, bijzondere nationale natuurgebieden en voor in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving.

Natuurgegevens provincie Limburg met aanduiding plangebied

Initiatiefnemer is voornemens om aan de westzijde van de bestaande bebouwing een overdekte rijpiste te realiseren. Met inachtneming van deze ontwikkeling zijn de in kaart gebrachte natuurgegevens van de provincie Limburg geraadpleegd. Ter plaatse van de gronden waar de overdekte rijpiste wordt beoogd, zijn blijkens deze gegevens geen beschermde soorten fauna waargenomen. Wel zijn rondom de bestaande bebouwing een Zwarte Roodstaart aangetroffen in de jaren 1994 en 2008. Bovendien zijn aan de westzijde van de locatie kleine bomen respectievelijk struweel aanwezig. Deze bomen zijn echter niet gesitueerd op de gronden waar de nieuwe bebouwing wordt voorzien. Dit omdat de te realiseren overdekte

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

37

M200462.005/PSO

rijpiste circa 15 meter van de westelijke erfgrens wordt gerealiseerd. Wel zijn aan de straatzijde van het plangebied een viertal bomen aanwezig welke zullen worden gekapt ten behoeve van de nieuw te realiseren rijpiste. Ter compensatie zal elders op het terrein worden voorzien in nieuwe groenaanplant. Aanvullend is de website www.waarneming.nl geraadpleegd welke recente data bevat met waarnemingen over flora en fauna. Uitgaande van waarneming.nl zijn tot voor kort geen beschermde flora en fauna aangetroffen ter plaatse van onderhavig plangebied. In onderstaande figuur wordt een en ander nader gevisualiseerd.

Geconcludeerd kan worden dat met betrekking tot het aspect flora- en fauna geen belemmeringen aanwezig zijn ten behoeve van onderhavige ontwikkeling.

7.6

Duurzaamheid Duurzame stedenbouw verbreedt de aandacht naar meer aspecten dan alleen de verkaveling en ontsluiting. Duurzaamheid gaat ook om een zuinig ruimtegebruik, milieuvriendelijkheid, veilig verkeer en vervoer en natuur en rekening houden met het waterhuishoudingsysteem, omgevingsinvloeden, landschapsstructuren en landschapselementen. Dit betekent in de praktijk dat gelet moet worden op het materiaalgebruik, de vormgeving, gebruik van alternatieve energiebronnen, compact bouwen, intensief ruimtegebruik en flexibel bouwen (levensloopbestendig).

38

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M200462.005/PSO

Duurzaam bouwen heeft een volwaardige plaats in het ontwerp, het bouwen en beheren van de bebouwing. Tijdens de bouw kan door zuinig om te gaan met bouwmaterialen worden voorkomen dat er onnodig afval ontstaat. De nieuw op te richten bebouwing wordt gebouwd met duurzaam materiaal, waarbij aandacht wordt besteed aan de recyclebaarheid van de bouwmaterialen. Met betrekking tot de bouwkundige aspecten van onderhavig bouwplan kan worden gewezen op het feit dat deze verder zullen worden uitgewerkt in de aanvraag van de omgevingsvergunning activiteit bouwen.

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

39

M200462.005/PSO

8

Uitvoerbaarheid De uitvoerbaarheid van de planontwikkeling dient in relatie tot de gemeentelijke financiën te zijn gewaarborgd. Daarbij dient ook te worden onderzocht of en in hoeverre de voorgenomen afwijkingen ten opzichte van het vigerende bestemmingsplan aanleiding kunnen geven tot aanspraken om planschade als bedoeld in artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening.

8.1

Grondexploitatie

8.1.1

Algemeen Afdeling 6.2 van de Wet ruimtelijke ordening draagt de titel ‘Grondexploitatie’. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de mogelijkheden voor gemeenten (en ook provincie en Rijk indien deze als planwetgever optreden) om langs publiekrechtelijke weg eisen te stellen aan het in exploitatie brengen van gronden. Het gaat dan onder andere om eisen op het gebied van kostenverhaal, sociale woningbouw, particulier opdrachtgeverschap en fasering van de invulling van den openbare ruimte. Ook zijn in afdeling 6.2 Wro twee bepalingen opgenomen over de wijze waarop langs privaatrechtelijke weg eisen gesteld kunnen worden aan het in exploitatie brengen van gronden.

8.1.2

Exploitatieplan Afdeling 6.4 Wro beschrijft een publiekrechtelijk stelsel waarbinnen door gemeenten (en in voorkomend geval provincie of Rijk) eisen gesteld kunnen worden aan de grondexploitatie. Dit publiekrechtelijk instrumentarium is aanvullend van aard. Het primaat ligt bij vrijwillige civielrechtelijke afspraken. Deze civielrechtelijke afspraken worden gemaakt in hetzij een anterieure overeenkomst (er is nog geen exploitatieplan vastgesteld) hetzij een posterieure overeenkomst (er is al een exploitatieplan vastgesteld). Artikel 6.12, lid 1 Wro bepaalt dat de gemeenteraad wordt verplicht om de gronden, waarop een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bouwplan is voorgenomen, een exploitatieplan op te stellen. Artikel 6.2.1 Besluit ruimtelijke ordening geeft aan om welke bouwplannen het gaat. Hoofdregel is dat er een plicht bestaat voor het opstellen van een exploitatieplan.

Onder artikel 6.12, lid 2 Wro wordt hierop echter een aantal uitzonderingsmogelijkheden geboden:  het verhaal van kosten over de in het plan of besluit begrepen kosten is anderszins verzekerd;  het is niet nodig een tijdvak te bepalen waarbinnen de grondexploitatie zal plaatsvinden;  het is niet nodig een fasering op te nemen waarbinnen werken, werkzaamheden en bouwplannen uitgevoerd moeten worden;  het is niet nodig eisen en/of regels omtrent de uitvoering te stellen aan het bouwrijp maken en/of de inrichting van de openbare ruimte en/of de aanleg van nutsvoorzieningen;  het is niet nodig regels te stellen omtrent de uitvoering van de in het bestemmingsplan opgenomen bepalingen omtrent sociale huur en/of koopwoningen, kavels voor particulier opdrachtgeverschap of branches in de detailhandel.

40

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M200462.005/PSO

De gemeente Echt-Susteren sluit een anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer van onderhavig planvoornemen. Hiermee is het kostenverhaal anderszins geregeld.

8.2

Planschade Artikel 6.1 Wet ruimtelijke ordening biedt de grondslag voor de vergoeding van zogenoemde planschade. Deze schadevergoeding wordt (in beginsel) door het college van burgemeester en wethouders van de betreffende gemeente toegekend aan degene die als gevolg van een planontwikkeling schade lijdt. Artikel 6.4a Wro bepaalt dat de gemeente de mogelijkheid heeft om met een initiatiefnemer van een planontwikkeling een overeenkomst te sluiten. De strekking van dergelijke planschadeovereenkomst is dat de door derden geleden schade geheel (of gedeeltelijk) voor rekening komt van de initiatiefnemer, omdat de schade voortvloeit uit het op zijn of haar verzoek ten behoeve van een planontwikkeling wijzigen van het bestemmingsplan of verlenen van een omgevingsvergunning. De gemeente Echt-Susteren sluit een planschadeverhaalsovereenkomst met initiatiefnemer. Eventuele tegemoetkomingen in planschade zijn dan ook niet voor rekening van de gemeente EchtSusteren.

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

41

M200462.005/PSO

9

Planstukken Het bestemmingsplan ‘Molenweg 42a Koningsbosch’ van de gemeente Echt-Susteren bestaat uit voorliggende toelichting, regels en een verbeelding.

9.1

Algemeen Op 1 juli 2008 is de nieuwe Wet ruimtelijke ordening (Wro) in werking getreden. Behalve een vernieuwd stelsel voor processen voor de ruimtelijke ordening in Nederland, worden met de inwerkingtreding van de nieuwe Wro ook de resultaten van DURP (Digitale Uitwisseling in Ruimtelijke Processen) wettelijk verankerd. Dit houdt in dat nagenoeg alle instrumenten uit de Wro door bronhouders digitaal beschikbaar zijn, waardoor de bestemmingsplannen onderling vergelijkbaar worden. Hiervoor is het pakket ‘RO Standaarden 2008’ ontwikkeld, dat wettelijk is vastgelegd in de bij de Wro behorende ‘Regeling standaarden ruimtelijke ordening’. Vergelijkbaarheid van bestemmings- en inpassingsplannen wordt door de SVBP2012 (Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012) op drie manieren gerealiseerd:  er is een begrippenkader gegeven dat in de plannen toegepast moet worden. Het gaat dan bijvoorbeeld om lijsten van bestemmingshoofdgroepen met mogelijke gebruiksdoelen, dubbelbestemmingen, aanduidingen, indeling van regels etc. Voor het hanteren van het begrippenkader is geen specifieke software vereist;  er is een verplichte ‘analoge verbeelding’ voorgeschreven, hetgeen inhoudt de manier waarop het plan op papieren kaarten moet worden getoond. Er zijn dwingende regels inzake de opmaak van het plan.

Voor het opmaken van plannen is in de praktijk speciale software benodigd;  er is een verplichte ‘digitale verbeelding’ voorgeschreven, waarmee wordt gedoeld op het tonen van het plan in een digitale omgeving (website). Vanaf 1 januari 2010 dient een bestemmingsplan digitaal raadpleegbaar en uitwisselbaar te zijn. Voorliggend bestemmingsplan voldoet aan deze digitaliseringverplichting.

9.2

Toelichting, regels en verbeelding Een bestemmingsplan bestaat uit een toelichting, regels en een verbeelding. De regels en verbeelding vormen tezamen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen dienen in onderling verband te worden bezien. De regels en de verbeelding zijn namelijk onlosmakelijk met elkaar verbonden, aangezien op de verbeelding de bestemmingen visueel zijn weergegeven en de regels onder andere het gebruik en de bouwmogelijkheden bij deze bestemmingen geven.

42

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M200462.005/PSO

9.2.1

Toelichting De toelichting van het bestemmingsplan heeft geen rechtskracht, maar is wel een belangrijk onderdeel van het totale plan. De toelichting geeft namelijk een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten zoals deze aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Tot slot is de toelichting een belangrijk hulpmiddel bij de interpretatie van het bestemmingsplan.

9.2.2

Regels Conform de SVBP2012 dienen de regels van een bestemmingsplan volgens een bepaalde opbouw te worden opgesteld, waarbij opgemerkt dient te worden dat niet elk bestemmingsplan alle elementen van navolgende opbouw bevat: -

-

-

-

Hoofdstuk 1: Inleidende regels o Begrippen o Wijze van meten Hoofdstuk 2: Bestemmingsregels o Bestemmingen o Voorlopige bestemmingen o Uit te werken bestemmingen o Dubbelbestemmingen Hoofdstuk 3: Algemene regels o Anti-dubbeltelregel o Algemene bouwregels o Algemene gebruiksregels o Algemene aanduidingsregels o Algemene afwijkingsregels o Algemene wijzigingsregels o Verwezelijking in de naaste toekomst o Algemene procedureregels o Overige regels Hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregels o Overgangsrecht o Slotregel

De regels van de verschillende bestemmingen worden als volgt opgebouwd, waarbij eveneens geldt dat een bestemmingsregel niet alle elementen hoeft te bevatten: - Bestemmingsomschrijving - Bouwregels - Nadere eisen - Afwijken van de bouwregels - Specifieke gebruiksregels - Afwijken van de gebruiksregels - Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden - Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk - Wijzigingsbevoegdheid

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

43

M200462.005/PSO

Vorenstaande gestandaardiseerde opbouw is gehanteerd bij het opstellen van de regels behorende bij voorliggend bestemmingsplan. De inhoud van de regels is gebaseerd op de regels behorende bij het bestemmingsplan ‘Buitengebied’ (het ‘moederplan’). Vanwege de specifieke situatie van voorliggende planontwikkeling is een aantal regels afwijkend c.q. aanvullend ten opzichte van het huidig planologisch-juridisch kader. 9.2.3

Verbeelding De ‘vroegere’ plankaart wordt in het kader van het huidige planologische regime aangeduid als ‘verbeelding’. Op een verbeelding wordt de grens van het plangebied weergegeven waarbinnen onder meer de verschillende (dubbel)bestemmingen, bouwvlakken en bouw-/functie/maatvoeringsaanduidingen (en de ligging daarvan) visueel zijn weergegeven. De verbeelding met betrekking tot voorliggend bestemmingsplan is ingetekend op schaal 1:1000. Verder voorziet bijbehorende verbeelding in de naam van voorliggend bestemmingsplan en een tekeningnummer. Dit zijn verplichtingen in het kader van de Wet ruimtelijke ordening. De verbeelding is direct (juridisch) verbonden met de bijbehorende regels. In deze regels worden de condities en voorwaarden gesteld behorende bij de verschillende bestemmingen.

44

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M200462.005/PSO

10

Vooroverleg, inspraak en formele procedure

10.1

Inleiding De procedure voor vaststelling van een bestemmingsplan zijn door de wetgever geregeld. Aangegeven is dat tussen gemeente en verschillende instanties overleg over het plan moet worden gevoerd alvorens een ontwerp bestemmingsplan ter visie kan worden gelegd. Bovendien is het noodzakelijk dat belanghebbenden de gelegenheid hebben om hun visie omtrent het plan te kunnen geven. Pas daarna kan de wettelijke procedure met betrekking tot vaststelling van het bestemmingsplan van start gaan.

10.2

Vooroverleg Artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) bepaalt dat burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan, waar nodig, overleg plegen andere betrokken overheden en overheidsdiensten (wettelijke adviseurs). Daarbij moet worden gedacht aan naburige gemeenten, het waterschap, en de diensten van het Rijk en de provincie. Overleg met het waterschap is altijd verplicht, terwijl het tot de verantwoordelijkheid van de gemeente behoort om te beoordelen of overleg met de desbetreffende diensten van het Rijk en de provincie nodig is. Artikel 3:6 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is van overeenkomstige toepassing. De bedoeling van dit vooroverleg is voornamelijk om de opstellers van het plan tijdig de mogelijkheid te geven het plan desgewenst aan opmerkingen van andere overheden aan te passen.

10.3

Inspraak Ingevolge artikel 1.3.1 Besluit ruimtelijke ordening dienen burgemeester en wethouders te besluiten en te publiceren of er terinzagelegging van het bestemmingsplan plaatsvindt, of er zienswijzen kunnen worden ingediend en of een onafhankelijke adviesinstantie advies uitbrengt. Ook is in voornoemd artikel bepaald dat het voornemen tot het voorbereiden van een bestemmingsplan, waarbij geen MER wordt opgesteld, dient te worden gepubliceerd conform artikel 3:12, lid 1 en 2 van de Algemene wet bestuursrecht en langs elektronische weg. De gemeente Echt-Susteren heeft kenbaar gemaakt dat zij, alvorens de formele bestemmingsplanprocedure op te zullen starten géén voorontwerp van voorliggend bestemmingsplan ter inzage zullen leggen.

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

45

M200462.005/PSO

10.4

Formele procedure

10.4.1

Algemeen De wettelijke (formele) bestemmingsplanprocedure, die circa 26 weken in beslag neemt, bestaat uit navolgende stappen: 1. 2.

3. 4. 5.

6. 7.

10.4.2

Openbare kennisgeving van het ontwerp bestemmingsplan. Ter inzage legging van het ontwerp bestemmingsplan met alle bijbehorende stukken gedurende 6 weken. Tevens wordt de bekendmaking toegezonden aan Gedeputeerde Staten, belanghebbenden en betrokken Rijksdiensten. Gedurende de termijn van ter inzage legging kan een ieder zienswijzen naar voren brengen. Vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad binnen 12 weken. Algemene bekendmaking van het bestemmingsplan door ter inzage legging met voorafgaande kennisgeving en toezending van het besluit tot vaststelling aan Gedeputeerde Staten en betrokken Rijksdiensten, Waterschappen en gemeenten: binnen 2 weken dan wel, indien Gedeputeerde Staten of de inspecteur zienswijzen hebben ingebracht of het bestemmingsplan gewijzigd is vastgesteld, binnen 6 weken na vaststelling. Mogelijkheid tot beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen 6 weken na bekendmaking voor belanghebbenden. Inwerkingtreding op de dag na afloop van de beroepstermijn, zijnde 6 weken na de bekendmaking, tenzij binnen deze termijn een verzoek om voorlopige voorziening is ingediend bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Zienswijzen Het ontwerp van voorliggend bestemmingsplan heeft vanaf [ datum ] tot en met [ datum ] voor zienswijzen ter visie gelegen. Gedurende deze termijn zijn [ wel / geen ] zienswijzen ingekomen. [ indien van toepassing: ] Ten aanzien van deze zienswijzen heeft het college van burgemeester en wethouders een beantwoording geformuleerd in een zienswijzennota [ controleren of dit correcte benaming is ]. De zienswijzennota is toegevoegd als bijlage [ … ]. Deze zienswijzennota wordt samen met het ontwerp van voorliggend bestemmingsplan voorgelegd aan de gemeenteraad ter vaststelling. Op [datum] is het bestemmingsplan [gewijzigd] [ongewijzigd] vastgesteld.

46

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M200462.005/PSO

11

Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Brief gemeente Echt-Susteren d.d. 17 december 2020; Landschappelijk inpassingsplan Molenweg 42a Koningsbosch (Pouderoyen-Tonnaer); Historisch bodemonderzoek d.d. 30 maart 2021 (Aelmans ECO B.V.); Akoestisch onderzoek industrielawaai d.d. 27 juni 2022 (Aelmans ROM B.V.); Memo verkeersaantrekkende werking planontwikkeling overdekte rijhal Stal Bosserheide; Stikstofrapportage (Aelmans ROM B.V.).

Bestemmingsplan Molenweg 42a Koningsbosch Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

47

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EchtSusteren&id=2a596f9a-8652-4a02-a6ed-e327f052363b