Toelichting en regels
Tekst van het document
het vergroten van de bouwhoogte van bouwwerken geen gebouwen zijnde tot maximaal 5 m, mits: 1.de gebruiksmogelijkheden en het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden niet onevenredig worden aangetast; 2.de stedenbouwkundige kwaliteit en beeldkwaliteit van de naaste omgeving gewaarborgd wordt; 6. ten behoeve van het oprichten van kunstwerken, geen gebouwen zijnde, tot een hoogte van maximaal 20 m; 7. ten behoeve van het oprichten van waarschuwings- en/of communicatiemasten tot maximaal 40 8. ten behoeve van het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
24
Regels
Artikel 10. 10.1
Algemene wijzigingsregels
Algemene wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming te wijzigen ten behoeve van: a. overschrijding van bestemmingsgrenzen, voor zover dit van belang is voor een technisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover dit noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein; b. overschrijding van bestemmingsgrenzen en toestaan dat het beloop van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of – intensiteit daartoe aanleiding geeft; c. de overschrijdingen als bedoeld sub a en b mogen echter niet meer dan 3 m bedragen en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 10% worden vergroot; d. het aanpassen van opgenomen regels in de voorafgaande artikelen, waarbij verwezen wordt naar regels in wettelijke regelingen, indien deze wettelijke regelingen na het tijdstip van de tervisielegging van het ontwerpplan worden gewijzigd.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
25
Regels
Artikel 11.
Algemene procedureregels
Bij het stellen van nadere eisen, worden in ieder geval de volgende procedureregels in acht genomen: a. het ontwerpbesluit ligt, met de daarop betrekking hebbende stukken, gedurende zes weken voor belanghebbenden ter inzage ter gemeentesecretarie; b. burgemeester en wethouders maken de terinzagelegging tevoren bekend in een of meer dag- of nieuwsbladen, die in de gemeente worden verspreid; c. in deze kennisgeving wordt vermeld dat belanghebbenden gedurende de termijn van terinzagelegging schriftelijk zienswijzen omtrent de aanvraag of het ontwerpbesluit kunnen indienen bij burgemeester en wethouders; d. indien tegen het ontwerpbesluit zienswijzen naar voren zijn gebracht, wordt het besluit met redenen omkleed; e. burgemeester en wethouders delen aan hen die hun zienswijzen naar voren hebben gebracht de beslissing daaromtrent mede.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
26
Regels
Artikel 12.
12.1
Overige regels
Voorrangsregels
12.1.1 Voorrangsregels Indien bij het gebruik van de gronden voor bebouwing en anders dan voor bebouwing als bedoeld in de artikelen 3 tot en met 15 op deze gronden tevens een dubbelbestemming van toepassing is, geldt primair het bepaalde met betrekking tot de dubbelbestemming. 12.1.2 Onderlinge relatie dubbelbestemmingen Ten aanzien van de onderlinge relatie tussen de dubbelbestemmingen geldt dat dubbelbestemmingen gericht op het in standhouden of ontwikkelen van het groene karakter en het voorkomen van bebouwing voorgaan boven dubbelbestemmingen met bebouwing. In concreto wordt in afnemende mate prioriteit verleend aan de dubbelbestemming: a. Waarde - Archeologie 3;
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
27
Regels
Hoofdstuk 4 Artikel 13.
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
13.1 Overgangsrecht bouwwerken a. Een bouwwerk, dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, danwel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan in afwijking van het eerste lid een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%. c. Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken, die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 13.2 Overgangsrecht gebruik a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b.
Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
28
Regels
Artikel 14.
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan “Armenkampsweg 32 Koningsbosch” van de gemeente Echt-Susteren”.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
29
Regels
Bijlage 1: Lijst van aan huis verbonden beroepen en bedrijven LIJST VAN AAN HUIS VERBONDEN BEDRIJVEN 1. Schoonheidsspecialist 2. Nagelstudio 3. Kapper 4. Pedicure en/of manicure 5. Hondentrimmer 6. Fotograaf 7. Cateringbedrijf.
Regels
Bijlage 2: Parkeerkencijfers wonen koop, vrijstaand
Regels
Bijlage 3: Landschappelijke inpassing Armenkampsweg 34 Koningsbosch d.d. 8 maart 2023
Verbeelding
II. Verbeelding
Verbeelding
Toelichting
III. Toelichting
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
Toelichting
INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1. INLEIDING
1
1.1. 1.2. 1.3. 1.4.
1 1 3 3
Aanleiding planherziening Ligging, begrenzing en juridische status van het plangebied Bij het plan behorende stukken Leeswijzer
HOOFDSTUK 2 GEBIEDSBESCHRIJVING
4
2.1. 2.2.
4 5
Ontstaansgeschiedenis en ruimtelijke structuur Functionele structuur
HOOFDSTUK 3 BELEIDSKADER
5
3.1. 3.2. 3.3. 3.4.
6 8 11 12
Rijksbeleid Provinciaal beleid Regionaal beleid Gemeentelijk beleid
HOOFDSTUK 4 RANDVOORWAARDEN
16
4.1. 4.1.1. 4.1.2. 4.1.3. 4.2. 4.3. 4.4. 4.5. 4.6. 4.7. 4.8. 4.9. 4.10.
16 16 18 20 21 22 24 25 25 29 33 34 34
Milieuwetgeving Bodem Luchtkwaliteit Milieuzonering/bedrijvigheid en geur Externe veiligheid Waterhuishouding Archeologie Cultuurhistorie Flora en fauna Landschapswaarden Verkeer en parkeren Kabels en leidingen Gemeentelijk KwaliteitsMenu
HOOFDSTUK 5 PLANBESCHRIJVING
35
5.1. 5.2.
35 35
Uitgangspunten en doelstellingen van het plan Ruimtelijke hoofdopzet
HOOFDSTUK 6 PLANOPZET
37
6.1. 6.2. 6.2.1. 6.2.2. 6.2.3.
37 37 37 37 38
Feitelijke planopzet Juridische planopzet Planvorm Verbeelding Planregels
HOOFDSTUK 7 UITVOERBAARHEID
40
7.1. 7.2. 7.2.1. 7.2.2.
40 40 41 41
Economische uitvoerbaarheid en kostenverhaal Maatschappelijke uitvoerbaarheid Overleg ex artikel 3.1.1 Bro Zienswijzenprocedure
HOOFDSTUK 8 BIJLAGEN
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
42
Toelichting
HOOFDSTUK 1. 1.1.
INLEIDING
Aanleiding planherziening
Het voorliggende plan heeft betrekking op de herontwikkeling van de voormalige intensieve veehouderij aan de Armenkampsweg 32 te Koningsbosch, kadastraal bekend als gemeente Echt sectie T nummers 759, 760, 853 en 854 (gedeeltelijk). De percelen vallen onder het bestemmingsplan “Buitengebied” met de bestemming “Agrarisch met waarden – landschapswaarden” volgens artikel 4 met een bouwvlak met de aanduiding “intensieve veehouderij”. Tevens geldt de dubbelbestemming “Waarde – Archeologie 3” volgens artikel 25. Voor het plangebied is ook het bestemmingsplan “Facet-bestemmingsplan Deregulering” van toepassing. De percelen hebben een totale oppervlakte van circa 12.393 m2 en waren deels bebouwd met agrarische bebouwing en twee bedrijfswoningen. De brief van de gemeente Echt-Susteren d.d. 6 oktober 2020, als antwoord op het ingediende principeverzoek, is leidend. Het plan gaat uit van een planologische beëindiging (weg bestemmen) van de intensieve veehouderij, een gedeeltelijke sanering (minimaal 1.000 m2) van de diverse bedrijfsgebouwen, in ruil voor de extra bouw van één nieuwe woning, het omzetten van de twee bedrijfswoningen naar burgerwoningen en het gebruik van bedrijfsgebouwen als caravanstalling en hobbyruimte, behorende bij de woning op nr. 34. Voor de ontwikkeling heeft de gemeente Echt-Susteren een aantal randvoorwaarden gesteld.
De gevraagde herontwikkeling past niet binnen de regels van het vigerende bestemmingsplan. Hiervoor dient een postzegelbestemmingsplan te worden opgesteld.
1.2.
Ligging, begrenzing en juridische status van het plangebied
Ligging De locatie is gelegen aan de Armenkampsweg 32-34 in het buitengebied van Echt, ten noorden van Koningsbosch en ten zuidwesten van Echterbosch. De percelen met de nummers 759, 760, 853 en 854 (gedeeltelijk) hebben een oppervlakte van circa 12.393 m².
Afbeelding 1: Topografische overzichtskaart
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
1
Toelichting
Onderstaand een luchtfoto van de locatie/plangebied voor de sloop.
Afbeelding 2: Luchtfoto ligging locatie/plangebied Armenkampsweg 32 Koningsbosch
1 = Stal te slopen 480 m2 en wordt locatie voor extra woning 2= Stal te slopen 270 m2 5
3= Stal te behouden als caravanstalling 460 m2 4= Stal te behouden als hobbyruimte 380 m2 5=Bestaande bedrijfswoning Armenkampsweg 32 wordt burgerwoning
1 2 3
6=Bestaande bedrijfswoning Armenkampsweg 34 wordt burgerwoning Totale sloop bebouwing 750 m2
6
4
Afbeelding 3: Te behouden en te slopen bebouwing Armenkampsweg 32 Koningsbosch
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
2
Toelichting
Begrenzing De percelen liggen solitair in het buitengebied aan de Armenkampsweg en worden begrensd door agrarische gronden in een open landschap. De dichtstbijzijnde bebouwing ligt aan de Waldfeuchterbaan en aan de Blauwe Steenweg. Bovenstaande afbeelding geeft een beeld van de te behouden en te saneren bebouwing. Juridische status Het vigerende bestemmingsplan “Buitengebied Echt-Susteren” kent aan de locatie de bestemming “Agrarisch met waarden - landschapswaarden” toe, zonder bouwtitel voor burgerwoningen. De gevraagde ontwikkeling past niet binnen de regels van dit bestemmingsplan, daarom zal een nieuw bestemmingsplan opgesteld moeten worden.
1.3.
Bij het plan behorende stukken
Het voorliggende plan omvat de volgende hoofdonderdelen: 1. De planregels. 2. De verbeelding. 3. Toelichting behorend bij het plan met deelonderzoeken, planbeschrijving en planmotivatie. Als separate bijlagen zijn een bodemonderzoek en een stikstofberekening ingesloten.
1.4.
Leeswijzer
Achtereenvolgens komt in de hoofdstukken het volgende aan de orde: Hoofdstuk 2 omvat een gebiedsbeschrijving van de locatie. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van de verschillende beleidskaders. Hoofdstuk 4 gaat in op de onderzoeksaspecten voor de locatie, met de daarbij behorende randvoorwaarden en mogelijke belemmeringen. Hoofdstuk 5 behandelt de toekomstige planologische situatie. Hoofdstuk 6 omvat de juridische planopzet. Hoofdstuk 7 handelt over de economische uitvoerbaarheid van het plan, het wettelijk overleg en de procedure. Hoofdstuk 8 omvat de bijlagen waarin de (deel)onderzoeken zijn opgenomen.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
3
Toelichting
HOOFDSTUK 2 2.1.
GEBIEDSBESCHRIJVING
Ontstaansgeschiedenis en ruimtelijke structuur
Het plangebied is gesitueerd buiten de bebouwde kom in het buitengebied van de gemeente Echt-Susteren tussen de kernen Koningsbosch en Echterbosch. De Armenkampsweg is een lokale weg uitsluitend bestemd voor bestemmingsverkeer tussen de Waldfeuchterbaan en de N572 Echt-Koningsbosch, dit zijn doorgaande wegen.
Afbeelding 4: Ligging Armenkampsweg Koningsbosch
Uit de historische kaarten (bron: bodemonderzoek Aeres juni 2022) blijkt dat de locatie al in de jaren twintig van de 20ste eeuw bebouwd is met noordelijk van de onderzoekslocatie een woonhuis dat dateert van 1932. De gronden ter plaatse van het plangebied, alsook de directe omgeving daarvan, zijn altijd agrarisch in gebruik geweest. De 1e landbouwloods met varkensstal dateren uit 1951. De stallen op de locatie zijn de laatste jaren niet meer bedrijfsmatig in gebruik. In de omgeving van het plangebied zijn geen agrarische bedrijven meer gevestigd. Op grote afstand zijn enkele burgerwoningen aanwezig. De agrarische functies in de omgeving van het plangebied lopen terug door de ontwikkelingen in de agrarische sector, met enerzijds schaalvergroting en anderzijds sanering. Onderstaand enkele afbeeldingen van de functies/bebouwing in de omgeving van het plangebied.
Afbeelding 5: Armenkampsweg vanaf de Waldfeuchterbaan
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
4
Toelichting
Afbeelding 6: Zicht op het inmiddels gesloopte gebouw 1 en de bedrijfswoning Armenkampsweg 34
2.2.
Functionele structuur
In de omgeving van het plangebied is de hoofdfunctie agrarisch met onbebouwde gronden. De locatie wordt aan de noord-, oost- en zuidzijde begrensd door agrarisch bouwland en aan de westzijde door de Armenkampsweg. De dichtstbijzijnde woonbebouwing ligt aan de Waldfeuchterbaan en aan de Blauwe Steenweg op circa 500 meter. De kalkzandsteengroeve van Sanders & Geraedts Koningsbosch BV is gelegen op ruim 400 meter van het plangebied. In december 2021 is gebouw 1 (locatie nieuwe woning) gesloopt (kadastraal perceelnummer 853).
Afbeelding 7: Zicht op locatie gesloopt gebouw 1 en nieuwe kadastrale kaart
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
5
Toelichting
HOOFDSTUK 3
BELEIDSKADER
In dit hoofdstuk zullen de verschillende beleidskaders beschreven worden. Achtereenvolgens wordt het rijksbeleid, het provinciale beleid (Provinciaal Omgevingsplan Limburg 2014), het regionaal en gemeentelijk beleid behandeld. 3.1.
Rijksbeleid
Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Voor het plan is vanuit de nationale beleidskaders de Nationale Omgevingsvisie, kortweg de NOVI van belang. Op 11 september 2020 heeft het Rijk vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. De NOVI is per 11 januari 2020 in werking getreden. De NOVI vervangt op Rijksniveau de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) in het kader van de nieuwe Omgevingswet. Naar verwachting treedt de Omgevingswet op 1 juli 2022 in werking. De Omgevingswet bundelt alle huidige wetten over de leefomgeving. Daarbij hoort ook een rijksvisie op de leefomgeving: de NOVI. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan grote opgaven, waardoor Nederland de komende 30 jaar verandert. Aan de hand van een toekomstperspectief voor 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie van het Rijk in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten: ▪ Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie. ▪ Duurzaam economisch groeipotentieel. ▪ Sterke en gezonde steden en regio's. ▪ Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. De NOVI benoemt de volgende nationale belangen: 1. Bevorderen van een duurzame ontwikkeling van Nederland als geheel en van alle onderdelen van de fysieke leefomgeving. 2. Realiseren van een goede leefomgevingskwaliteit. 3.
Waarborgen en versterken van grensoverschrijdende en internationale relaties. 4. Waarborgen en bevorderen van een gezonde en veilige fysieke leefomgeving. 5. Zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften. 6. Waarborgen en realiseren van een veilig, robuust en duurzaam mobiliteitssysteem. 7. In stand houden en ontwikkelen van de hoofdinfrastructuur voor mobiliteit. 8. Waarborgen van een goede toegankelijkheid van de leefomgeving. 9. Zorg dragen voor nationale veiligheid en ruimte bieden voor militaire activiteiten. 10. Beperken van klimaatverandering. 11. Realiseren van een betrouwbare, betaalbare en veilige energievoorziening, die in 2050 CO₂-arm is en de daarbij benodigde hoofdinfrastructuur. 12. Waarborgen van de hoofdinfrastructuur voor transport van stoffen via (buis)leidingen. 13. Realiseren van een toekomstbestendige, circulaire economie. 14. Waarborgen van de waterveiligheid en de klimaatbestendigheid (inclusief vitale infrastructuur voor water en mobiliteit). 15. Waarborgen van een goede waterkwaliteit, duurzame drinkwatervoorziening en voldoende beschikbaarheid van zoetwater. 16. Waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat. 17. Realiseren en behouden van een kwalitatief hoogwaardige digitale connectiviteit. 18. Ontwikkelen van een duurzame voedsel- en agroproductie. 19.
Behouden en versterken van cultureel erfgoed en landschappelijke en natuurlijke kwaliteiten van (inter)nationaal belang. 20. Verbeteren en beschermen van natuur en biodiversiteit. 21. Ontwikkelen van een duurzame visserij. Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
6
Toelichting
Bij het voorliggende initiatief is sprake van een dermate kleinschalige ontwikkeling dat geen nationale belangen in het spel zijn. De beoogde ontwikkeling is dan ook niet in strijd met de nationale belangen, zoals verwoord in de Novi. Voor het juridisch borgen van de nationale belangen uit de voormalige SVIR beschikt het Rijk, op basis van de Wro, over instrumentarium in de vorm van het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) In het Barro zijn de nationale belangen die juridische borging vereisten opgenomen. De AMvB Ruimte is gericht op doorwerking van de nationale belangen in bestemmingsplannen. In het Barro staat aan welke regels de gemeenten en provincies zich moeten houden bij het opstellen van ruimtelijke plannen. Het Barro heeft gezien de aard en kleinschaligheid van het project geen gevolgen voor het planvoornemen. Besluit ruimtelijke ordening (Ladder voor duurzame verstedelijking) Bij het voorliggende plan dient een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming plaats te vinden. Dit moet met behulp van de “ladder van duurzame verstedelijking” worden onderbouwd, conform artikel 3.1.6. van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). De Ladder is wettelijk verankerd in het Bro en geldt als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) opgenomen.
Overheden moeten op grond van het Bro alle nieuwe stedelijke ontwikkelingen motiveren aan de hand van de treden van de Ladder. De Ladder voor duurzame verstedelijking is verankerd in het Bro in de artikelen 1.1.1 en 3.1.6. De motiveringsplicht is onder meer van toepassing op woningbouw. Indien sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling van enige omvang, dan zal in de toelichting van het ruimtelijk plan de Ladder voor duurzame verstedelijking op juiste wijze moeten worden toegepast. Het voorliggende plan voorziet in een functiewijziging van ‘agrarisch’ naar ‘wonen’, met sloop van circa 750 m2 overtollige oude bebouwing, waarbij het ruimtebeslag aanzienlijk vermindert. De intensieve veehouderij wordt planologisch beëindigd. Daarnaast is, gelet op de kleinschaligheid van het nieuwe plan, geen sprake van een woningbouwlocatie als bedoeld in artikel 1.1.1. Bro. Er is dan ook geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Het plan voor de realisering van één woning dient op grond van de jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak d.d. 28 juni 2017 (uitspraak 201608869/1/R3) niet als een nieuwe stedelijke ontwikkeling beschouwd te worden. Op 28 juni 2017 heeft de Afdeling een overzichtsuitspraak gedaan over de ladder voor duurzame verstedelijking.
De uitspraak bevat de hoofdlijnen van de jurisprudentie van de Afdeling over de eisen waaraan een bestemmingsplan, dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, moet voldoen. Voor woningbouw is het volgende bepaald: “Wanneer een bestemmingsplan voorziet in niet meer dan 11 woningen, die gelet op hun onderlinge afstand als één woningbouwlocatie als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van het Bro, kunnen worden aangemerkt, kan deze ontwikkeling in beginsel niet als een stedelijke ontwikkeling worden aangemerkt”. Een toetsing aan de Ladder voor duurzame verstedelijking is dan ook niet noodzakelijk nu het handelt om slechts één nieuwe woning.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
7
Toelichting
Bij de voorbereiding van het voorliggende plan is de wettelijk voorgeschreven procedure gevolgd. Daarmee is een zorgvuldige afweging van belangen en transparante besluitvorming geborgd. Geconcludeerd kan worden dat het bestemmingsplan niet strijdig is met het rijksbeleid. De kleinschalige planontwikkeling is geen rijksverantwoordelijkheid en er zijn geen directe rijksdoelen in het geding. Het rijksbeleid heeft geen directe doorwerking op de ontwikkeling van het plangebied welke gericht is op het verkrijgen van een bouwtitel voor een woning.
3.2.
Provinciaal beleid
Voor de provinciale beleidskaders zal ingegaan worden op de Provinciale Omgevingsvisie Limburg (POVI). De POVI vervangt het in 2014 vastgestelde Provinciaal Omgevingsplan Limburg (POL 2014). Tevens wordt ingegaan op de ontwerp-Omgevingsverordening Limburg 2021 en het Limburgs Kwaliteitsmenu (LKM). 1. Provinciale Omgevingsvisie Limburg (POVI) Het POVI is op 1 oktober 2021 vastgesteld door Provinciale Staten van Limburg. De provincie moet beschikken over een Provinciale Omgevingsvisie en Omgevingsverordening in het kader van de nieuwe Omgevingswet. De POVI richt zich op de langere termijn (2030-2050) en beschrijft onderwerpen zoals wonen, bodem, infrastructuur, milieu, ruimtelijke economie, water, natuur, luchtkwaliteit, landschap en cultureel erfgoed. Ook de aspecten gezondheid en een gezonde leefomgeving worden in de Omgevingsvisie meegenomen. De Omgevingsvisie stelt op strategisch niveau de kaders voor het provinciaal handelen bij toekomstige ontwikkelingen en activiteiten. De Omgevingsvisie bevat daarmee belangrijke keuzes ten aanzien van het te voeren beleid en vormt de basis voor verdere uitwerkingen en plannen en programma’s. De zoneringen op grond van het oude POL 2014 zijn in POVI overgenomen op de kaart 'Limburgse principes'. In de vastgestelde POVI is onderhavig plangebied gelegen in het hoofdtype ‘Landelijk gebieden’ in de categorie ‘Buitengebied’.
Het geformuleerde beleid in de Omgevingsvisie heeft niet geleid tot aanpassingen van de begrenzing in de bestaande indicatieve kaartbeelden bij het POL 2014. Vanuit beleidsmatig oogpunt in relatie tot voorliggende planontwikkeling is er geen sprake van relevante wijzigingen. Binnen de landelijk gebieden worden de volgende categorieën onderscheiden: ▪ Groenblauwe mantel (voorheen: Bronsgroene landschapszone en de Zilvergroene natuurzone). ▪ Natuurnetwerk Limburg incl. Natura-2000 gebied (voorheen: Goudgroene natuurzone). ▪ Buitengebied. Het buitengebied in de provincie Limburg betreft de landelijke gebieden op de Zuid-Limburgse plateaus en op de hogere zandgronden in Noord- en Midden-Limburg, samen zo’n 85.000 hectaren groot. Op de hogere zandgronden van Noord- en Midden-Limburg is, rekening houdend met de droogtegevoeligheid en de kwaliteit van de grondwatervoorraden, een breed scala aan grondgebruiksvormen mogelijk, rekening houdend met de ruimteclaims vanuit de verschillende transitieopgaves.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
8
Toelichting
Afbeelding 8: Uitsnede Ontwerp Omgevingsvisie Limburg 2021 met locatie Armenkampsweg 32 Koningsbosch
Het begrip ‘provinciaal belang’ is niet nader afgebakend in de Omgevingswet. Aan de hand van de volgende criteria wordt bepaald of er een provinciaal belang bestaat: ▪ er is sprake van de uitvoering van één of meerdere kerntaken van de Provincie; ▪ er is sprake van een gemeentegrensoverschrijdende/(boven)regionale problematiek; ▪ er is sprake van een algemeen belang voor de bevolking, de omgevingskwaliteit of het bedrijfsleven in de provincie Limburg. Deze criteria gelden zowel afzonderlijk van elkaar als in combinatie. De landbouw als sector wordt als een provinciaal belang aangemerkt. Een groot aantal agrariërs zal stoppen, mede als gevolg van het ontbreken van opvolging. Er is sprake van een toename aan vrijkomende agrarische bebouwing (VAB), waarbij de mogelijkheden voor herbestemming van diezelfde VAB’s zeer beperkt zijn. Om landschappelijke kwaliteit te behouden en verrommeling te voorkomen, stimuleert de provincie ten aanzien van vrijkomende agrarische bebouwing (VAB’s): 1) agrarisch hergebruik, 2) herbestemmen buiten sector, 3) sloop, waarbij de mogelijkheden worden bepaald door het potentieel van het vastgoed en de omgeving, vanuit het principe juiste ontwikkeling op de juiste locatie. Als gevolg van de planrealisatie zal het buitengebied ter plaatse een kwaliteitsverbetering ondergaan.
Een nieuwe functie, zoals het realiseren van een woning, is onder voorwaarden passend binnen het gebiedstype vanuit het POL 2014 en de opvolger de POVI 2021. Vanuit de omgevingsvisie is er in principe geen belemmering voor de planwijziging. Er is een provinciaal belang bij de voorliggende planontwikkeling. 2. Omgevingsverordening Limburg (OVL) 2021 De OVL 2021 is vastgesteld op 16 december 2022 maar treedt pas in werking met de nieuwe omgevingswet. De OVL vormt de vertaling van de ambities van de provincie zoals verwoord in de Omgevingsvisie naar regels. De locatie ligt in het bebouwd gebied van de regio MiddenLimburg op basis van de regionale uitwerking in het POL2014. Als sprake is van een kleinschalige ontwikkeling wordt een uitzondering gemaakt op het begrip nieuwe stedelijke ontwikkeling en is de ladder voor duurzame verstedelijking niet van toepassing. De bouw van een woning is niet aan te merken als een nieuwe stedelijke ontwikkeling in de zin van de ladder volgens de jurisprudentie van de Raad van State (uitspraak 201608869/1/R3). In de paragraaf 3.2 Rijksbeleid is gemotiveerd er geen sprake is van een “nieuwe stedelijke ontwikkeling”. Volgens de OVL 2021 is het plangebied gesitueerd in het landelijk gebied regio MiddenLimburg kaart 10.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
9
Toelichting
Afbeelding 9: Uitsnede Omgevingsverordening Limburg 2021 met locatie Armenkampsweg 32 te Koningsbosch
Na de vaststelling van de ontwerp-Omgevingsvisie is, op basis van die inhoud, ook de volgende stap voor de Omgevingsverordening reeds gezet. Het ontwerp van de Omgevingsverordening Limburg (2021) lag van 7 juni tot en met 19 juli 2021 voor eenieder ter inzage. Op basis van de ontvangen zienswijzen kan de inhoud van de verordening nog gewijzigd worden. De inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingsverordening is gelijk aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet: 1 januari 2024. Tot die tijd blijft de huidige Omgevingsverordening van kracht. 3. Limburgs Kwaliteitsmenu (LKM) De oude POL-aanvulling “Verstedelijking, gebiedsontwikkeling en kwaliteitsverbetering”, met het daarbij behorende Limburgs Kwaliteitsmenu (LKM), gaf extra condities en voorwaarden aan, waaronder bepaalde ontwikkelingen mogelijk zijn. Het LKM is per 1 januari 2010 in werking getreden en bij ontwikkeling van functies die in beginsel niet thuishoren in het buitengebied, kan een tegenprestatie verlangd worden voor de mogelijke compensatie van de omgevingskwaliteit. De uitwerking van het LKM is aan de gemeenten gedelegeerd. Het LKM zal in de paragraaf 3.4 van het gemeentelijk beleid nader worden uitgewerkt. Geconcludeerd moet worden dat het initiatief niet belemmerd wordt door de beleidskaders van de provincie Limburg.
Provinciaal belang Voor alle ruimtelijke ontwikkelingen bij het thema “Wonen” in het buitengebied is vooroverleg met de provincie noodzakelijk. Door de ligging binnen het “landelijk gebied“ is er een provinciaal belang bij de voorliggende ruimtelijke ontwikkeling.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
10
Toelichting
3.3.
Regionaal beleid
Voor het regionale beleid is de “Structuurvisie Wonen Midden-Limburg 2022 - 2025” en het “regionaal beleidskader werklocaties Midden – Limburg” relevant. Structuurvisie Wonen Midden-Limburg 2022 - 2025 De samenwerkende gemeenten in Midden-Limburg (Echt-Susteren, Leudal, Maasgouw, Nederweert, Roerdalen, Roermond en Weert) hebben gezamenlijk de Structuurvisie Wonen 2018 tot en met 2021 geactualiseerd. De Structuurvisie Wonen Midden-Limburg 2022 tot en met 2025 (hierna Structuurvisie Wonen) is door de raad van de gemeente Echt-Susteren d.d. 6 juli 2022 vastgesteld. In deze Structuurvisie Wonen ligt de nadruk op het tegemoet komen aan de groeiende woningbehoefte met kwalitatief het juiste aanbod. Dat betekent dat er ambitie moet zijn voor - en ruimte wordt gegeven aan - nieuwe plannen die passen bij de kwalitatieve vraag, Basis voor de Structuurvisie Wonen is het in 2018 door Etil en Companen uitgevoerde woningmarktonderzoek. In Echt-Susteren, Leudal, Maasgouw, Nederweert en Roerdalen zijn alle huishoudens aangeschreven. In Roermond en Weert is gewerkt met een steekproef. Dit onderzoek kent regio breed een deelname van ongeveer 17.800 huishoudens, met een respons van 26%. De uitkomsten van het onderzoek geven nog steeds een actueel en gedetailleerd beeld van de kwalitatieve woonwensen van verschillende doelgroepen.
De bevolkingssamenstelling is in 3 jaar niet wezenlijk veranderd, waardoor aangenomen mag worden dat de belangrijkste conclusies overeind blijven. De uitkomsten van de kwantitatieve woonbehoefte zijn echter gebaseerd op de verouderde (en veelal lagere) prognose Etil 2017. Daarom is in de Structuurvisie Wonen afgesproken de cijfers van de meest recente prognose Etil 2021 te hanteren voor een richtinggevende, kwantitatieve doorvertaling op gemeentelijk en kern- of wijkniveau. In het huidige woonbeleid wordt vooral gestuurd op het toevoegen van kwalitatief de juiste woningen op de juiste plek. Het woningmarktonderzoek biedt hiervoor nog steeds een goede basis als richtinggevend kader. Gemeenten hebben autonome vrijheid voor wijzigingen in de planvoorraad aan woningbouwplannen, waarbij geldt dat bij ontwikkelingen van tien of meer woningen regionale afstemming plaatsvindt. Het plan leidt zowel tot een ruimtelijke (deels ontstening en deels hergebruik VAB) als milieuhygiënische (beëindiging veehouderij) verbetering van het buitengebied. Dit rechtvaardigt het toevoegen van een extra woning op deze locatie. Regionaal beleidskader werklocaties Midden - Limburg De verhuur van stallingsruimte voor caravans/campers is een bedrijfsmatige activiteit.
Op basis van het 'Regionaal beleidskader werklocaties Midden - Limburg' van het Samenwerkingsverband Midden-Limburg (SML) dienen nieuwe bedrijfslocaties met een oppervlakte van meer dan 1.500 m2 bruto vloeroppervlak afgestemd te worden in het regionaal overleg voor Midden-Limburg. De gewenste stallingsruimte heeft een oppervlakte van ca. 475 m2 en valt onder de drempelwaarde. Regionale afstemming is dus niet aan de orde.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
11
Toelichting
3.4.
Gemeentelijk beleid
Voor het gemeentelijk beleid zal achtereenvolgens ingegaan worden op: 1. Structuurvisie Echt – Susteren, Ontwikkelen met kwaliteit 2012 – 2025. 2. Gemeentelijk KwaliteitsMenu (GKM). 3. Vigerend bestemmingsplan “Buitengebied Echt-Susteren”. Ad. 1. Structuurvisie Echt – Susteren, Ontwikkelen met kwaliteit 2012 – 2025. Met deze (structuur)visie bepaalt de gemeente Echt-Susteren de koers en richting voor de ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente tot 2025. De structuurvisie vormt het afwegingskader op basis waarvan in de toekomst ruimtelijke keuzes te maken zijn en ontwikkelingen gestuurd kunnen worden. Dit beleidsplan is een plan op hoofdlijnen rond strategische thema’s die een samenhangend geheel vormen. Een van die thema’s is wonen. De gemeente Echt-Susteren hanteert bij het maken van ruimtelijke (locatie)keuzes een zestal leidende principes: 1. Meer aandacht voor de onderste lagen. 2. Zorgvuldig ruimtegebruik (met oog voor beeldkwaliteit én economie). 3. Grensoverschrijdend denken en handelen. 4. Tegengaan van verdere verstening van het buitengebied. 5. Kwaliteit is belangrijker dan kwantiteit. 6. Bereikbaarheid is belangrijker dan aanwezigheid of nabijheid. Voor het plangebied is het principe 4 (tegengaan van verdere verstening) relevant.
Volgens de kaart “Functionele Zonering van het buitengebied” van de Structuurvisie is de locatie gesitueerd op de rand van het hoogterras rond een oudere ontginningsenclave. Het doel van het ontwikkelen van het hoogterras is behoud en ontwikkeling van het karakteristieke rechtlijnige patroon van wegen en kavelgrenzen en het behoud c.q. accentuering van de steilrand. De steilrand vormt de markante overgang tussen het hoogterras en het lagere Maasterras.
Afbeelding 10: Fragment kaart zonering Buitengebied Structuurvisie Echt-Susteren
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
12
Toelichting
De gewenste ontwikkeling wordt gezien als het hergebruiken van voormalige agrarische bedrijfsbebouwing (VAB). Herontwikkeling van VAB-locaties is op grond van het structuurvisiebeleid zeer gewenst, omdat hiermee verpaupering en illegale activiteiten worden voorkomen. Daarnaast geldt specifiek voor de locatie dat bij herontwikkeling het woon- en leefklimaat van de nabijgelegen woningen worden verbeterd, omdat een intensieve veehouderij wordt opgeheven. Uit het structuurvisiebeleid volgt dat een woonbestemming een passende hergebruiksmogelijkheid is. Dit geldt ook voor de opslag van statische goederen, zoals caravans, campers en auto's. Dit is een vorm van hergebruik t.b.v. niet-aan-hetbuitengebied-gebonden bedrijvigheid in de milieucategorie 1 en 2.
Afbeelding 11: Zicht op bedrijfswoning en te slopen stal 1 (Bron: Landschappelijke inpassing Guido Paumen)
Met het plan wordt beoogd een intensieve veehouderij planologisch te beëindigen onder nadere voorwaarden op een perceel in het buitengebied van Echt. Het plan is passend binnen de algemene uitgangspunten van de structuurvisie. Ad. 2. Gemeentelijk KwaliteitsMenu (GKM). De provincie Limburg verlangt van de Limburgse gemeentes om uitwerking en uitvoering te geven aan het Limburgs Kwaliteitsmenu (LKM) daar waar bepaalde ontwikkelingen leiden tot het verlies aan omgevingskwaliteit. Het LKM is uitgewerkt in een Gemeentelijk KwaliteitsMenu voor Echt-Susteren en is onderdeel van de structuurvisie. Het LKM stelt voorwaarden aan de gemeentelijke uitwerking. Deze voorwaarden zijn: ▪ De gemeente werkt het LKM als gemeentelijk beleid uit en verankert dit in de gemeentelijke structuurvisie. ▪ De gemeente respecteert de in het LKM opgenomen drempelwaarden. ▪ De gemeente maakt gebruik van een regionale kwaliteitscommissie. ▪ De gemeente rapporteert aan de provincie. Grondprincipe van het kwaliteitsmenu is, dat bepaalde ontwikkelingen ter plaatse leiden tot verlies aan omgevingskwaliteit, hetgeen dient te worden gecompenseerd door een kwaliteit verbeterende maatregel en/of financiële bijdrage. De 16 gemeentelijke ontwikkelmodules voor het buitengebied zijn beschreven in de Structuurvisie in paragraaf 4.8.
Het plan betreft ontwikkelmodule 15 “VAB of CHW-bebouwing (voormalige (agrarische) bedrijfsbebouwing of cultuurhistorische waardevolle bebouwing)” Uit het GKM volgt dat voor de herontwikkeling van de planlocatie zowel een ruimtelijke-landschappelijke inpassing als een landschappelijke kwaliteitsverbetering geleverd moet worden. Het landschapsplan inclusief een stedenbouwkundige schets voor de gewenste nieuwbouw voorziet hierin. Nadat allereerst een ruimtelijk-functionele afweging heeft plaatsgevonden over een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling is het vervolgens per landschapstype verschillend of een ontwikkeling wel, niet of in een bepaalde maat en schaal is toegestaan.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
13
Toelichting
Afbeelding 12: Aanwezige bebouwing (Bron: Landschappelijke inpassing Guido Paumen 8 maart 2023)
Voor het plan is het hergebruik van voormalige agrarische bedrijfsbebouwing (VAB) in het buitengebied in hoofdzaak leidend. Het voorliggende plan betreft het toevoegen van woningen (2 bedrijfswoningen worden burgerwoning en 1 nieuwe burgerwoning) waarvoor een financiële bijdrage geleverd moet worden. Basiskwaliteit wil zeggen dat nieuwe bebouwing en verharding (of de plek waar de functiewijziging plaatsvindt) goed landschappelijk ingepast moet worden. Sloop van de agrarische bebouwing en een landschappelijke inpassing vormen de voorwaarden voor het plan. In het principebesluit van 6 oktober 2020 is een kwaliteitsbijdrage vastgesteld, die inmiddels achterhaald is door aanpassing van de Structuurvisie 2021 – 2025 per raadsbesluit van 18 januari 2023. In het raadsbesluit van 18 januari 2023 is de GKM-bijdrage voor gebiedsontwikkelingen buiten het stedelijk gebied gewijzigd. In een “Addendum Structuurvisie Echt-Susteren 2012-2025” d.d. 14 december 2022 zijn de ruimtelijke ontwikkelingen vastgelegd en vervangen met nieuwe GKM-bijdragen. Voor buiten het stedelijk gebied is de bijdrage € 15.000,- per wooneenheid en € 15,-/m² perceeloppervlakte. Dat betekent dat voor dit plan het volgende geldt: Ontwikkeling: Er wordt circa 750 m² bebouwing afgebroken. Er blijft circa 860 m² aan stalruimte staan (verdeeld over een hobbyruimte 385 m² en een caravanstalling 475 m²).
De caravanstalling wordt gerelateerd aan de nieuwe woning, om te voorkomen dat daar 150 m² aan bijgebouwen vergunningvrij kunnen worden bijgebouwd. Voor de nieuwe planologisch situatie wordt uitgegaan van de volgende oppervlaktes: (op basis van nieuwe verbeelding): -oppervlakte totale plangebied 12.993 m2; -oppervlakte bestemming wonen 9.241 m2; -oppervlakte bestemming Agrarisch met waarden 3.152 m2. Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
14
Toelichting
Nieuwe GKM-bijdrage: Eerder is afgesproken dat er 1.000 m² stalruimte moet worden afgebroken voor 1 contingent. Er wordt in dit geval een kwart (25%) te weinig afgebroken (750 m2 i.p.v. 1000 m²), derhalve moet een kwart (25%) van het nieuwe GKM bedrag voor de toevoeging van een woning in het buitengebied betaald worden. De kavel voor die nieuwe woning bedraagt circa 1100 m². Voor het toevoegen van een nieuwe woning in het buitengebied geldt op basis van de nieuwe regeling een GKM-bijdrage van € 15000,- + € 15,- per m² kaveloppervlakte (woonbestemming). Voor de nieuwe woning resulteert dit in: ▪ 25% van € 15.000,-: € 3.750,2 ▪ 25% van € 15,- (€ 3.75 x 1.100 m ) € 4.125,In totaliteit is de bedrage voor de nieuwe woning € 7.875,-. In de anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer zijn deze afspraken vastgelegd. Geconcludeerd kan worden dat het bestemmingsplan voldoet aan de gemeentelijk KwaliteitsMenu, zoals verankerd in de Structuurvisie Echt-Susteren 2012-2025. Ad. 3. Vigerend bestemmingsplan “Buitengebied Echt-Susteren”. Het plangebied is gelegen in het vastgestelde bestemmingsplan “Buitengebied” (raadsbesluit 14 december 2017). Voor het perceel geldt de enkelbestemming artikel 4 “Agrarisch met waarden - landschapswaarden“, waarbij volgens de bouwregels artikel 4.2 uitsluitend een bedrijfswoning bij een agrarisch bedrijf toegestaan is.
Nieuwe burgerwoningen zijn niet toegestaan. Voor de percelen geldt verder de dubbelbestemming artikel 25 “WaardeArcheologie 3”.
Afbeelding 13: Kaartfragment verbeelding vigerend bestemmingsplan “Buitengebied ” met plekinfo
Geconcludeerd kan worden dat het plan passend is binnen de beschreven gemeentelijke beleidskaders, uitgezonderd het vigerend bestemmingsplan “Buitengebied”.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
15
Toelichting
HOOFDSTUK 4
RANDVOORWAARDEN
Voor het bepalen van de effecten van de planwijziging is het van belang na te gaan of de wijziging zal leiden tot een aantasting van de ruimtelijke structuur en van de aanwezige functies ter plaatse. De ruimtelijke gevolgen vanuit de omgeving op het project en omgekeerd staan centraal, met een toets van mogelijke belemmeringen. Voor de toekomstige situatie zal achtereenvolgens ingegaan worden op de volgende aspecten: − milieuwetgeving (bodem, geluid, luchtkwaliteit, milieuzonering/bedrijvigheid en geur); − externe veiligheid; − waterhuishouding; − archeologie; − cultuurhistorie; − flora en fauna; − landschapswaarden; − verkeer en parkeren; − kabels en leidingen; − gemeentelijk KwaliteitsMenu 4.1.
Milieuwetgeving
4.1.1. Bodem Bij de voorbereiding en ontwikkeling van een bestemmingsplan is er een onderzoeksplicht naar verschillende aspecten die bij de uitvoerbaarheid van een bestemmingsplan een rol (kunnen) spelen, waaronder een bodemonderzoek. Ingevolge artikel 3.1.6 Bro moet de toelichting bij een (ontwerp-) bestemmingsplan ook de inzichten van de uitvoerbaarheid van een plan bevatten. Analoog hieraan kan de noodzaak van bodemonderzoek zich voordoen bij procedures voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.1 lid 1 onder c Wabo). Op basis van de onderzoeksresultaten toetst de gemeente voor bestemmingsplannen, dan wel in het kader van de omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan of de bodem milieu hygiënisch geschikt is voor de geplande vorm van bodemgebruik. Het doel van de bodemtoets bij ruimtelijke plannen is de bescherming van de bodem. Een bodemonderzoek moeten worden uitgevoerd om te kunnen beoordelen of de bodem geschikt is voor de geplande functie en of sprake is van een eventuele saneringsnoodzaak. Met uitzondering van de voorwaarden genoemd in Module 2, paragraaf 2.4.1 van de Nota Bodembeheer Limburg Noord 2020-2029 dient voor een bestemmingswijziging altijd een vooronderzoek conform NEN5725 uitgevoerd te worden.
Indien uit dit vooronderzoek blijkt dat de locatie onverdacht is voor bodemverontreiniging kan de bodemkwaliteitskaart in combinatie met het vooronderzoek als bewijsmiddel dienen. Conform de richtlijnen van de NEN 5725 wordt een vooronderzoek verricht naar de gebruikshistorie en bodemopbouw van de onderzoekslocatie. Op basis hiervan wordt de uiteindelijke onderzoeksstrategie voor het verkennend onderzoek opgesteld.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
16
Toelichting
Het “Verkennend bodemonderzoek Armenkampsweg 34 te Koningsbosch” is uitgevoerd door Aeres Milieu BV en bekend onder rapportnummer AM21206 d.d. 9 juni 2022. Het uitgevoerde verkennend bodemonderzoek is ingesloten als bijlage 1 met de volgende conclusies: ▪ Tijdens de veldinspectie op de locatie zijn geen waarnemingen gedaan die wijzen op de aanwezigheid van bodemverontreiniging of bronnen van verontreiniging. Op twee panden is nog een asbestverdachte dakbedekking aanwezig. ▪ Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond plaatselijk licht verhoogd is met zink, kobalt, minerale olie en som PCB. In de overige boven- en ondergrond zijn geen gehalten verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarden gemeten. ▪ Ter plaatse van de nog aanwezige en voormalige ondergrondse tank is geen verhoging met minerale olie aangetoond. ▪ De grond ter plaatse van de voormalige bestrijdingsmiddelenkast is licht verhoogd met som DDD. Daar het grondwater zich dieper dan 5,0 m-mv. bevindt, heeft er ter plaatse conform de NEN 5740 geen grondwateronderzoek plaatsgevonden. ▪ Door de visuele afwezigheid van asbestverdachte materialen op het maaiveld of in het opgeboorde bodemmateriaal is er geen aanleiding om ter plaatse een asbest in bodem verontreiniging te verwachten. Het voorliggende bodemonderzoek doet echter geen bindende uitspraak over de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem.
Om de aanwezigheid van asbest in de bodem te onderzoeken, dient minimaal een verkennend onderzoek conform de NEN 5707/5897 uitgevoerd te worden. Het verkennend onderzoek asbest in de bodem voor het plangebied is bekend als briefrapportage d.d. 9 januari 2023 kenmerk AM21206-2 van Aeres Milieu BV en ingesloten als bijlage 2. Aanleiding voor het uitvoeren van dit onderzoek vormen de aangetroffen bijmengingen met baksteen en menggranulaat en de asbestverdachte dakbedekking op de (voormalige) stallen bij het in juni 2022 uitgevoerde verkennend bodemonderzoek rapport (Aeres Milieu, projectnummer AM21206, d.d. 9 juni 2022). Doel van het onderzoek is om na te gaan of de aangetroffen bijmengingen in de bodem asbesthoudend zijn en of ter plaatse van de druipzone ’s asbest verdacht materiaal in de bodem terecht is gekomen. Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen van de onderzoeksnorm NEN 5707 (Bodem- Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond) van het Nederlands NormalisatieInstituut. Uit de resultaten van het uitgevoerde verkennend onderzoek asbest in bodem blijkt dat op het maaiveld geen asbestverdacht materiaal is aangetroffen. In de grove fractie van alle mengmonsters is geen asbestverdacht materiaal waargenomen. In de fijne fractie van ABM3 is een licht verhoogde asbest concentratie van 1,2 mg/kg d.s. aangetoond.
In de overige mengmonsters zijn geen verhoogde asbestconcentraties aangetoond. Het aangetoonde gehalte in ABM3 ligt ruimschoots onder de helft van de interventiewaarde (100 mg/kg d.s.) en de waarde voor nader onderzoek (50 mg/kg d.s.) waardoor nader onderzoek asbest niet noodzakelijk wordt geacht. Voor wat betreft de kwaliteit van de bodem bestaat er op basis van beide rapportages geen bezwaar tegen deze ruimtelijke ontwikkeling. De milieuhygiënische conditie van de bodem vormt geen belemmering voor de voorgenomen bestemmingsplanwijziging en voorgenomen woningbouw nabij de Armenkampsweg. Indien bij de realisatie van het project afvoer van grond plaatsvindt, dient men rekening te houden met het gestelde in het Besluit bodemkwaliteit en het tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie. Dit kan leiden tot aanvullend onderzoek.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
17
Toelichting
4.1.2. Geluid Wanneer in een ruimtelijk plan nieuwe geluidgevoelige bestemmingen, zoals woningen, in geluidzones van railtrajecten, wegen en/of industrieterreinen worden gerealiseerd, eist de Wet geluidhinder (Wgh) een akoestische onderbouwing naar de geluidbelasting op de nieuwe woning ten gevolge van de omliggende spoor- en verkeerswegen en/of gezoneerde industrieterreinen (industrielawaai). De Wgh stelt dat de geluidbelasting op de gevels van gevoelige bestemmingen niet hoger mag zijn dan de hoogst toelaatbare waarden. Kan hier niet aan worden voldaan dan is de realisatie van geluidgevoelige bestemmingen niet toegestaan. Blijft de geluidbelasting onder de voorkeursgrenswaarde, zoals gesteld in de Wgh, dan zijn er akoestisch gezien geen belemmeringen en hoeven er geen procedures gevolgd te worden. Achtereenvolgens zal ingegaan worden op het wegverkeer, het railverkeer en industrielawaai in de omgeving van het plangebied. 1.Wegverkeerslawaai Conform de Wgh is er aan weerszijde van een weg, met een voorgeschreven snelheid van 50 km/uur of meer, een geluidzone aanwezig. De breedte van de zone wordt bepaald door de randvoorwaarden welke in art. 74 van de Wgh worden gesteld. Indien er bij een planwijziging in de zone geluidgevoelige bestemmingen, zoals woningen, worden geprojecteerd, dient onderzocht te worden of de geluidbelasting (Lden) t.g.v.
de weg de voorkeursgrenswaarde van 48 dB overschrijdt. De Armenkampsweg heeft een maximumsnelheid van 60 km/uur met een geluidzone van 250 meter. Echter vanwege het inrijverbod vanaf de Waldfeuchterbaan zal de verkeersintensiteit laag zijn en mag er van uit worden gegaan dat aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt voldaan. Het plan ligt niet in de zones van doorgaande verkeerswegen zoals de Waldfeuchterbaan, de Prinsenbaan en de N572 (Echt-Koningsbosch). 2.Railverkeerslawaai Het plangebied is niet gesitueerd binnen de zone van een spoorweg, deze bevinden zich op zeer grote afstand. 3.Industrielawaai De planlocatie is niet gelegen binnen de geluidzone van een industrieterrein. Geconcludeerd kan worden dat de planwijziging akoestisch niet belemmerd wordt.
4.1.2. Luchtkwaliteit Voor het aspect luchtkwaliteit is het van belang na te gaan of het plan gevolgen heeft voor de luchtkwaliteit ter plaatse. Hoofdstuk vijf van de Wet milieubeheer vormt het kader voor de beoordeling van de luchtkwaliteit in de buitenlucht. De Wet milieubeheer (Wm) spreekt van grenswaarden en plandrempels. Grenswaarden zijn normen waaraan in een bepaald jaar voldaan dient te worden. Plandrempels zijn normen die jaarlijks strenger worden en langzaam groeien naar het nivo van de uiteindelijk te bereiken grenswaarde. De luchtkwaliteit wordt bepaald door de aanwezige stoffen in de achtergrondconcentratie, de bijdrage vanwege industriële en agrarische activiteiten en de bijdrage vanwege emissies van het verkeer.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
18
Toelichting
De belangrijkste regels over de luchtkwaliteit staan in hoofdstuk 5 (titel 5.2) van de Wet milieubeheer (Wm). Specifieke onderdelen van de wet zijn uitgewerkt in besluiten (AMvB's) en ministeriële regelingen. De kern van titel 5.2 Wm bestaat uit luchtkwaliteitsnormen, gebaseerd op de Europese richtlijnen Draagt een project “niet in betekenende mate” (NIBM) bij aan de luchtverontreiniging dan is geen toetsing aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit nodig. Wel moet altijd sprake zijn van een goede ruimtelijke ordening. De uitvoeringsregels voor NIBM staan in de Algemene Maatregel van Bestuur `Niet in betekenende mate bijdragen' (Besluit NIBM) en de ministeriële regeling NIBM (Regeling NIBM). De Regeling NIBM geeft voor specifieke projecten kwantitatieve grenzen. Zo is een nieuwbouwproject met maximaal 1500 woningen (bij 1 ontsluitingsweg) per definitie NIBM. Op basis van ervaringen in het verleden blijkt dat kleinschalige plannen vrijwel geen invloed hebben op de lokale luchtkwaliteit. Anderzijds betekent dit ook dat met kleinschalige ingrepen nauwelijks een verbetering van de lokale luchtkwaliteit te realiseren is. Als norm is hierbij aangehouden dat plannen waarvan de invloed op de lokale luchtkwaliteit minder is dan 3% van de grenswaarde voor PM10 en NO2 als niet significant worden aangemerkt. De plannen worden niet relevant geacht voor de lokale luchtkwaliteit.
Bijlage 3A van de Regeling NIBM geeft aan, in welke gevallen een nieuwe woningbouwlocatie in ieder geval NIBM is. NIBM-grens woningbouwlocaties (voorschrift 3A.2): 3% criterium: ▪ woningen (netto) bij minimaal 1 ontsluitingsweg; ▪ 3.000 woningen (netto) bij minimaal 2 ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling. Het plan voorziet in één extra woning. Zowel uit bovenstaande bijlage 3A als het invullen van de NIBM tool berekening (10 vervoersbewegingen per weekdag) blijkt dat het plan NIBM is.
Jaar van planrealisatie
2023
Extra verkeer als gevolg van het plan Extra voertuigbewegingen (weekdaggemiddelde) Aandeel vrachtverkeer
0,0%
NO2 in μg/m3
0,01
PM10 in μg/m3
0,00
Maximale bijdrage extra verkeer Grens voor "Niet In Betekenende Mate" in μg/m3
10
1,2
Conclusie De bijdrage van het extra verkeer is niet in betekenende mate; geen nader onderzoek nodig Afbeelding 14: NIBM-tool
Zodanig is het plan als niet significant aan te merken voor de lokale luchtkwaliteit. De voorgestane ontwikkeling is daarmee niet in strijd met het bepaalde in de Wet milieubeheer.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
19
Toelichting
4.1.3. Milieuzonering/bedrijvigheid en geur In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient nagegaan te worden of in de omgeving van het plangebied bedrijven dan wel inrichtingen aanwezig zijn die het realiseren van de woning kunnen belemmeren en andersom of de aanwezige bedrijven in de omgeving van de nieuw op te richten woning niet belemmerd worden door het plan. De nieuwe woning zelf heeft geen belastende milieueffecten op functies in de omgeving van het plangebied. Milieuzonering/bedrijvigheid Binnen het plangebied is de intensieve veehouderij beëindigd. Voor de opslag van statische goederen, zoals caravans, campers en auto’s zal één van de oude stallen gebruikt gaan worden. Dit is een vorm van hergebruik t.b.v. niet-aan-het-buitengebied-gebonden bedrijvigheid in de milieucategorie 1. Alle overige bedrijvigheid in de omgeving van het plangebied is gesitueerd op ruime afstand (> 300 meter) van de nieuwe woning, waaronder de grondstoffenwinning waarvoor een richtafstand van 200 meter geldt. Om mogelijke hinder van bedrijven te voorkomen wordt de daarvoor algemeen aanvaarde VNG-uitgave ‘Bedrijven en milieuzonering’ (2009) gebruikt. In deze uitgave is de potentiële milieubelasting voor een hele reeks van bedrijven bepaald aan de hand van een aantal milieuaspecten, zoals geur, stof, geluid en gevaar.
De milieubelasting is voor die aspecten vertaald in richtlijnen voor aan te houden afstanden tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. Deze afstanden kunnen als basis worden gehanteerd, maar zijn indicatief. Bovendien zijn deze afstanden alleen van toepassing op nieuwe situaties en niet op bestaande situaties. Het milieuaspect met de grootste afstand is maatgevend en bepaalt in welke milieucategorie een bedrijfstype wordt ingedeeld. De richtafstanden dienen verder te worden bepaald tussen enerzijds de grens van de bestemming die bedrijven toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een woning die met de in geding zijnde ruimtelijke ontwikkeling mogelijk wordt gemaakt. Hoe gevoelig een gebied is voor bedrijfsactiviteiten is mede afhankelijk van het omgevingstype. De in de bedrijvenlijst geadviseerde afstanden zijn gericht op het omgevingstype "rustige woonwijk" of een vergelijkbaar omgevingstype, zoals een “rustig buitengebied”. Op basis van de ‘grootste afstand’ tot woonbebouwing zijn de bedrijven ingedeeld in categorieën. Deze worden weergegeven in onderstaande figuur.
Milieucategorieën en richtafstanden tot een rustige woonwijk (Bron: Bedrijven en milieuzonering, VNG)
Voor de caravanstalling, met extensief verkeer, is opslaggebouwen (verhuur opslagruimte) met intensief verkeer, milieucategorie 2 een te zware invulling. In de richtafstandenlijst van de VNG is geen omschrijving aanwezig voor een caravanstalling die passend is. Het voorstel is vanuit de gemeente om hiervoor op basis van expert judgement, milieucategorie 1 aan te houden. Geluid is hierbij de meest bepalende factor met een afstand van 10 meter.
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
20
Toelichting
Alle woningen binnen het plangebied voldoen aan deze richtafstand en liggen op meer dan 30 meter. Ook de burgerwoning Armenkampweg nr. 30 aanpalend aan het plangebied voldoet met 34 meter (gemeten vanaf de achtergevel woning en grens caravanstalling) aan de richtafstand. De toegang tot de caravanstaling loopt via de weg buitenom (langs de woning Armenkampsweg 34. Vanuit het aspect milieuzonering en bedrijvigheid zijn er geen belemmeringen voor de planwijziging. Geur Na het planologisch saneren van de voormalige intensieve veehouderij is het aspect geur niet meer relevant. Verder kan geconcludeerd kan worden dat in de nabijheid van het plangebied geen bedrijven dan wel inrichtingen met geur gesitueerd zijn die een belemmering vormen voor de realisatie van de woning. 4.2.
Externe veiligheid
Beleid Bij externe veiligheid gaat het om de risico’s die samenhangen met het produceren, verwerken, opslaan en vervoeren van gevaarlijke stoffen. Deze risico’s doen zich voor rondom risicovolle inrichtingen, zoals transportassen waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Hierbij dienen het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR) beoordeeld te worden op een eventuele toename als gevolg van een ruimtelijk plan. Bij het plaatsgebonden risico gaat het om de kans dat een persoon overlijdt als gevolg van een ongeval met gevaarlijke stoffen als deze persoon zich voortdurend en onbeschermd in de nabijheid van de transportas bevindt. Het groepsrisico is de kans dat een groep personen overlijdt als gevolg van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Voor veranderingen van het groepsrisico in een invloedgebied dient een verantwoording afgelegd te worden over de wijze waarop de toelaatbaarheid van de verandering in de besluitvorming is betrokken. Het beleid voor inrichtingen (bedrijven) is vastgelegd in het “Besluit externe veiligheid inrichtingen” (Bevi) dat op 29 oktober 2004 van kracht is geworden. Dit besluit geeft grenswaarden voor nieuwe en bestaande situaties ten aanzien van het plaatsgebonden risico van inrichtingen, waarin bepaalde gevaarlijke stoffen worden gebruikt, opgeslagen of geproduceerd.
Deze grenswaarde wordt uitgedrukt in de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op een plaats buiten een inrichting zou verblijven, overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen die inrichting. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen kwetsbare objecten en beperkt kwetsbare objecten. Onder kwetsbare objecten worden bijvoorbeeld (zorg)woningen verstaan, terwijl met beperkt kwetsbare objecten wordt gedoeld op bijvoorbeeld kantoren en hotels. Het externe veiligheidsbeleid voor transport van gevaarlijke stoffen over de weg, het spoor of binnenwateren is vastgelegd in het “Besluit externe veiligheid transportroutes” en de bijbehorende Regeling externe veiligheid transportassen (verder Bevt en Revt, in werking vanaf 1 april 2015)
Adviesbureau Theelen Bestemmingsplan Armenkampsweg 32, Koningsbosch NL.IMRO.1711.BP20220089-OW01 Status: Ontwerp
21
Toelichting
Omgeving plangebied Ten behoeve van de planontwikkeling heeft er een inventarisatie plaatsgevonden van de risicovolle activiteiten, zoals Bevi-bedrijven, buisleidingen en transportroutes voor gevaarlijke stoffen, in of nabij het plangebied. Volgens de risicokaart van de Provincie Limburg ligt het plangebied niet binnen de invloedsgebieden van transportroutes gevaarlijke stoffen zoals wegen en buisleidingen. Het plangebied ligt eveneens niet binnen het invloedgebied van Bevi-bedrijven. Conclusie Vanuit het oogpunt van externe veiligheid zijn er geen belemmeringen aanwezig voor de planwijziging. 4.3.
Waterhuishouding
In deze paragraaf wordt beschreven op welke wijze in het plan rekening is gehouden met het aspect water. In bestemmingsplannen is dit een ruimtelijk relevant aspect. Algemeen beleid Op nationaal niveau is het “Nationaal waterplan” (NWP) van belang. Het NWP is het rijksplan voor het waterbeleid voor de periode 2016-2021. Het NWP richt zich op bescherming tegen overstromingen, voldoende en schoon water en diverse vormen van gebruik van water. Het Nationaal Waterplan 2016-2021 is de opvolger van het Nationaal Waterplan 2009-2015 en vervangt dit plan én de partiële herzieningen hiervan. Het NWP beschrijft de maatregelen die genomen moeten worden om Nederland ook voor toekomstige generaties veilig en leefbaar te houden en de kansen die water biedt te benutten. Bij het opstellen en uitvoeren van het waterbeleid wordt gewerkt volgens de stroomgebiedsbenadering. De wateropgaven worden beschouwd binnen een natuurlijke en geografische eenheid, waarbij bestuurlijke grenzen ondergeschikt zijn. Provinciaal beleid Voor het aan de orde zijnde plangebied geldt conform het POL 2014 het buitengebied binnen het landelijk gebied. De locatie is niet gesitueerd in een waterwingebied of grondwaterbeschermingsgebied volgens het POL 2014. Provinciale Staten van Limburg hebben op 11 december 2015 het Provinciaal Waterplan Limburg 2016-2021 vastgesteld.