Concept jaarrekening 2024 RD Maasland
Tekst van het document
Jaarstukken 2024
Jaarstukken 2024 April 2025
1
Jaarstukken 2024
Gemeenschappelijke regeling RD Maasland........................................................................................... 3 Bericht van het dagelijks bestuur ........................................................................................................... 4 Kerngegevens .......................................................................................................................................... 9 Jaarverslag............................................................................................................................................. 11 1.
2.
3.
Programmarekening ..................................................................................................................... 12 1.1.
Programma 1 – Huishoudelijk Afval .................................................................................... 12
1.2.
Programma 2 – Openbare Ruimte....................................................................................... 18
1.3.
Programma 3 – Zakelijke Dienstverlening ........................................................................... 20
1.4.
Algemene dekkingsmiddelen .............................................................................................. 22
1.5.
Onvoorzien / Algemene reserve .......................................................................................... 22
1.6.
Bijdrage Gemeenten 2024 ................................................................................................... 23
Financiële Besturing, (Risico)beheersing, Bedrijfsvoering en Kengetallen ................................... 24 2.1.
Weerstandsvermogen: verhouding financiële risico’s en weerstandscapaciteit (reserves) 25
2.2.
Financiële Kengetallen......................................................................................................... 27
2.3.
Onderhoud Kapitaalgoederen ............................................................................................. 30
2.4.
Financiering ......................................................................................................................... 31
2.5.
Risicobeheersing .................................................................................................................. 32
2.6.
Administratieve Organisatie/ Interne Beheersing (AO/IB).................................................. 32
2.7.
Personeel & Organisatie ...................................................................................................... 33
2.8.
Verbonden Partijen ............................................................................................................. 35
2.9.
Rechtmatigheid ................................................................................................................... 35
Jaarrekening .................................................................................................................................. 36 3.1.
Balans per 31 december ...................................................................................................... 36
3.2.
Programmarekening 2024 ................................................................................................... 38
3.3.
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ........................................................... 40
3.4.
Toelichting op de balans (bedragen x € 1.000) ................................................................... 44
3.5.
Toelichting op de programmarekening ............................................................................... 53
3.6
Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) . 57
3.7
Rechtmatigheidsverantwoording ........................................................................................ 60
3.8.
Controleverklaring ............................................................................................................... 61
3.9.
Bijlagen ................................................................................................................................ 62
2
Jaarstukken 2024
Gemeenschappelijke regeling RD Maasland Deelnemende gemeenten Leudal Maasgouw Roerdalen Echt-Susteren Algemeen Bestuur Namens de gemeente Leudal: Dhr. H.H.J.M. Van Helden, wethouder (vanaf 13 juli 2022) Dhr. P. Houben, wethouder (vanaf 01 oktober 2024) Mevr. H. Wijers-Van der Linden, wethouder (tot 19 juni 2024) Namens de gemeente Maasgouw: Dhr. T.J. Blomen, wethouder (vanaf 13 juli 2022) Dhr. R. Cretskens, wethouder (vanaf 10 juli 2024) Dhr. D.W.J. Schneider, burgemeester (tot 30 mei 2024) Namens de gemeente Roerdalen: Dhr. A.C.A.G Smits, wethouder (vanaf 01 juli 2018) Dhr. R.H.G. Slangen, wethouder (vanaf 8 november 2023) Namens de gemeente Echt-Susteren: Dhr. H.E.J.M. Meuwissen, wethouder (vanaf 01 juli 2018) Dagelijks Bestuur Dhr. T.J. Blomen, voorzitter Dhr. A.C.A.G. Smits, vicevoorzitter Dhr. H.H.J.M. van Helden Dhr. J.M.A.R. van der Broek, secretaris Directie RD Maasland Dhr. J.M.A.R. van der Broek
3
Jaarstukken 2024
Bericht van het dagelijks bestuur Bericht van het Dagelijks Bestuur Aan het Algemeen Bestuur en gemeenteraden
Zoals gebruikelijk bieden wij u de jaarstukken (jaarverslag en jaarrekening) aan, nu van het jaar 2024. Een zeer bewogen jaar, met heel veel uitdagingen en voorzetting van de ingezette transitie voor de oudste gemeenschappelijke regeling van Nederland, RD Maasland (RDM). Het jaar waarin ons bedrijf veel voorbereidend werk heeft verricht en stappen heeft gezet om – samen met u – ook de komende decennia succesvol extra collectieve, publieke, toegevoegde meerwaarde te creëren. Ook dit jaar, is de jaarrekening gecontroleerd door KSG accountants & belastingadviseurs; de controleverklaring van de accountant is in voorliggende stukken opgenomen. Het Dagelijks Bestuur vergaderde in 2024 zes keer gezamenlijk met de directie. In deze vergaderingen zijn onder andere de volgende onderwerpen aan de orde geweest: 1. Uitbreiding van de gemeenschappelijke regeling Nadat de gemeenten Beesel en Horst aan de Maas te kennen hebben gegeven, graag te willen toetreden tot uw gemeenschappelijke regeling, zijn wij in 2024 vanuit verschillende afdelingen aan de slag gegaan met dit mooie voornemen. Door de veranderde wettelijke kaders rondom het toetredingstraject van een gemeenschappelijke regeling heeft dit meer tijd in beslag genomen dan voorheen. Het gehele proces is begeleid door juristen van Boels Zanders en is structureel onderdeel geweest van de agenda van uw Dagelijks bestuur.
Deze wil alle betrokken partijen, maar zeker ook de raden van alle gemeentes bedanken voor het uitgesproken vertrouwen rondom deze uitbreiding. Een lang gekoesterde wens – groei van de gemeenschappelijke regeling RD Maasland – is dan ook werkelijkheid geworden. Per 1 maart 2025 zijn we operationeel actief in beide gemeenten in NoordLimburg. Daarvoor zijn extra materieel en een uitvoeringslocatie geactiveerd. 2. Afhandeling Veolia-schadeafhandeling Het jarenlange ‘touwtrekken’ tussen enkele Limburgse gemeenten en Veolia is in 2024 ten einde gekomen. De daarbij vrijvallende geldstroom is gedoteerd aan een bestemmingsreserve Strategische thema’s en heeft uw bestuur onder andere in 2024 ingezet voor een extra inhaalslag op sommige onderdelen van ons materieel. Daarmee hopen we op korte termijn minder kosten te hebben aan reparatie en kostbare uitvalmomenten. De eerste voortekenen hieromtrent zijn gunstig waardoor we ook hier kunnen spreken van: investeren om te genereren. Ook de implementatie van een nieuwe HR applicatie zijn uit deze bestemmingsreserve gedekt. 3. Oppakken gezamenlijke ambities voor een Circulair Ambachtscentrum Samen met de gemeente Roermond, is de ambitie uitgesproken een gezamenlijk Circulair Ambachtscentrum vorm te geven voor Midden-Limburg. Ambtelijke voorbereidingen en subsidie aanvraag hebben plaatsgevonden in 2024.
We danken de gemeente Roermond voor het gezamenlijk optrekken rondom dit ambitieuze plan en wij hopen dat dit zal resulteren in een mooi circulair 4
Jaarstukken 2024
project. Tevens spreken wij de hoop uit dat ook deze Midden-Limburgse gemeente de samenwerking met RD Maasland verder zal vormgeven in de nabije toekomst. 4. Samenwerking met Rd4 Reeds vanaf het 4de kwartaal van 2022 hebben de besturen van Rd4 en RDM over en weer de nadrukkelijke wens kenbaar gemaakt intensiever met elkaar te willen samenwerken. In 2024 heeft dit geleid tot diverse acties en samenwerkingsbijeenkomsten. Zo wordt er gebruik gemaakt van de werkplaats in Heerlen, voor grotere reparaties aan onze voertuigen; hetgeen een aanzienlijke kostenvermindering betekent op deze post. Daarnaast komt één keer per week een gemeenschappelijke medewerker onderhoudswerkzaamheden aan de voertuigen uitvoeren op de locatie in Haelen. Het opgebouwde vertrouwen tussen beide organisatie is zeer goed te noemen. Het bestuur ziet zeer veel voordelen in deze ingestoken samenwerkingsverband tussen Zuid-, Midden- en Noord-Limburg. Het elkaar als volwaardige collega’s informeren en helpen op strategisch, tactische en operationeel niveau is zeer uitzonderlijk te noemen. Wij willen al onze collega’s en bestuurders van Rd4 dan ook oprecht en hartelijk danken voor deze unieke en waardevolle samenwerking. 5. Facilitering ASL (Afval Samenwerking Limburg) Sinds begin 2024 is Afval Samenwerking Limburg ondergebracht binnen de muren van RDM.
We zijn trots dat deze overkoepelende collectieve alliantie, zich thuis voelt binnen de RDM-familie. Nadrukkelijk wil het bestuur en de directie hiermee de openheid en samenhorigheid binnen de Limburgse wereld van grondstofmanagement uitdragen en zichtbaar tonen. De bemensing en facilitering zijn zo afgestemd dat RDM geen risicodrager is. Wel ontvangt RDM vergoedingen voor mens en middelen; hetgeen helemaal in de lijn is met de beoogde transitie van RD Maasland. We vinden het van grote meerwaarde, dat zoveel gemeentes en aanpalende organisaties de weg weten te vinden naar het hoofdkantoor van RDM in Haelen. Hierdoor proberen we het pand, zo efficiënt mogelijk te gebruiken; enige flexibiliteit wordt daarbij wel gevraagd van ons vast personeel. 6. Mogelijkheden om Organisch materiaal anders in te zetten De gemaakte keuze van uw bestuur om de grondstofstroom Organisch materiaal tot gespecialiseerde expertise stroom te maken voor RDM begint haar eerste vruchten af te werpen. De provincie Limburg en Waterschap Limburg hebben RDM gevraagd om de projectleidersrol te faciliteren voor hun gezamenlijk project Bodemvitalisering. Sinds november 2024 wordt deze detachering daadwerkelijk vormgegeven en zal – naar verwachting – nog ca. drie jaar duren.
Naar aanleiding van vragen vanuit de kant van de Midden-Limburgse Regio Deal zijn meerdere bijeenkomst bijgewoond en zien het bestuur en de directie een mogelijke rol voor RDM in de nog te onderzoekende trajecten. Deze gaan niet alleen over Bodemvitalisering, maar ook over vergisting en andere transitie mogelijkheden. Uiteindelijk moeten deze activiteiten een additionele bron van kennis en geldelijke vergoedingen opleveren, dit alles vanuit de geest van: collectieve toegevoegde waarde.
5
Jaarstukken 2024
7. Gesprekken met de nog niet aangesloten gemeenten Het is een nadrukkelijk geuite wens van de aangesloten gemeenten, om RDM gezond en gestructureerd te laten groeien. Uw Dagelijks bestuur en de directie van RDM zijn zich zeer bewust van deze opgave en investeren hier nadrukkelijk veel tijd en energie in. De groeipotentie is zeker aanwezig in Midden- als ook in Noord-Limburg. In 2024 is met veel gemeentes in bovengenoemde regio’s gekeken naar samenwerking op het gebied van het collectief managen van aldaar aanwezig ondergrondse containers. RDM wil daarbij een nadrukkelijke rol spelen en heeft deze namens het bestuur dan ook al in 2024 daadwerkelijk vormgegeven. Daarnaast is er in 2024 ook een versterkte kennis-vraag gericht aan RDM van niet aangesloten partijen (o.a. Waterschap Limburg, Provincie Limburg, Afval Samenwerking Limburg). Nadrukkelijk heeft uw bestuur deze vragen positief omarmd en RDM de opdracht gegeven hierin actief te participeren. Het bestuur ziet hierin een bevestigende beweging om collectieve kennis te faciliteren en deze te verkennen als een additionele activiteit voor de toekomst. 8. RDM verder transformeren voor de toekomst Om de ingezette ontwikkeling van RDM en haar ambities te kunnen waarmaken, heeft het bestuur besloten om ook in 2024 geldstromen extra te positioneren onder het adagium: ‘investeren om te genereren’.
De reeds ingezette weg dateert al vanuit 2022 en is als rode draad te zien in het dagelijkse werk van de directie van RD Maasland. Het Dagelijkse bestuur ziet de toetreding van Beesel en Horst aan de Maas dan ook als een ‘duw in de rug’ van de destijds gemaakte strategische stappen. Het verschil maken via de weg van collectieve, publieke toegevoegde waarde en een gezonde groei van RDM, is dan ook in 2024 de beproefde en koersbepalende weg geweest voor uw bestuur en de directie van RDM. Het blijven sturen op effectief en efficiënter werken van RDM is voortdurende pijler van aandacht. De in 2024 extra geïnvesteerde gelden tav het ‘draaiende houden’ van onze materieel om kwetsbaarheid door uitval te verminderen was daarbij de nadrukkelijk insteek. Daarbij zijn een aanzienlijk deel van de Veolia-gelden ingezet, en is ook hier weer het adagium: investeren om te genereren, toegepast. Tevens is in 2024 een aanzienlijke stap gemaakt in de onderlinge mindset binnen RDM. De snelheid van veranderingen enerzijds en het behouden van de familie-cultuur anderzijds, was in dit jaar een proces van vallen en opstaan. Echter, we zijn er samen uitgekomen en dit is wat RDM maakt: samen vormgeven aan dit mooie en toekomstbestendig bedrijf.
Het feit dat de medewerkers en onze zeer gewaardeerde OR, hebben ingestemd met het implementeren van een 4 dagen rooster van 9 uur (ipv 5 maal 7,2) laat zien dat men allemaal een steentje wil bijdragen aan het transitieproces van uw RDM. Wij hopen dan ook, dat de ingezette veranderingen (operationeel vanaf 1 maart 2025) het gewenste effect zal tonen. Het effect dat RDM aanreikt als één van de bijdragen voor de verwachte financiële veranderingen van Rijkswegen ingaande 2026.
6
Jaarstukken 2024
9. Educatie op scholen Het dagelijks bestuur RD Maasland vindt educatie op scholen belangrijk; investeren in de jongeren van ons werkgebied heeft dan ook onze nadrukkelijke aandacht. Langs deze weg wordt een belangrijke doelgroep bereikt en wordt bijgedragen aan het bereiken van de circulaire doelstellingen. Aan de basisscholen wordt een programma aangeboden met onderdelen als: • Invoeren van afvalscheiding op scholen; • Lessen over het voorkomen, scheiden en recyclen van afval; • Terugdringen GFT-afval door composteren; • Scholenwedstrijd (E-Waste Race) rondom de inzameling van elektrische apparaten; • Bezoek vuilniswagen aan school. Het schoolprogramma is gratis voor alle scholen van Maasgouw, Leudal en Roerdalen. Het aantal scholen dat hieraan deelneemt stijgt, momenteel nemen 26 van de 29 scholen deel aan het project afval scheiden. 10. Fraude paragraaf/ integriteitsmeldingen Binnen RD Maasland zijn over het boekjaar 2024 geen fraudegevallen en integriteitsmeldingen bekend. 11. Financiële en administratieve zaken Het DB heeft de navolgende besluiten van het AB voorbereid: • begrotingswijziging 2024; • jaarstukken 2023; • kadernota 2025; • begroting 2025; • managementrapportage 2024. 12. Overleg Algemeen Bestuur Het Algemeen Bestuur is 3 keer in vergadering bijeengekomen. In deze vergaderingen zijn o.a.
besluiten genomen over: • jaarstukken 2023; • begrotingswijziging 2024; • begroting 2025; • managementrapportage 2024.
13. Financieel resultaat en positie RD Maasland In de (gewijzigde) begroting van 2024 was een gemeentelijke bijdrage begroot van €5.971.346,-. Het boekjaar is afgesloten met een negatief resultaat van €56.591 Dit is met name te wijten aan hogere personeels- en wagenparkkosten. 14. Kwaliteitsmanagement RD Maasland is sinds 2013 ISO-9001 gecertificeerd. Dit certificaat wordt verleend aan bedrijven die hun interne processen conform de normering hebben ingericht. Het systeem is gericht op het continu verbeteren van de kwaliteit en klanttevredenheid. Uit de in 2023 gehouden audits is gebleken dat verbeteringen zijn geëffectueerd en is het certificaat NEN-EN-ISO 9001:2015 verlengd. Naast dit 7
Jaarstukken 2024
certificaat beschikt RD Maasland over VCA* (Veiligheid Checklist Aannemers, VGM = Veiligheid Gezondheid en Milieu) en is het bedrijf erkend als leerwerkbedrijf. 15. Archiefbeheer In 2024 hebben de toezichthouder en RDM een versterkte relatie opgebouwd en worden op gezette tijden zaken met elkaar besproken. De provincie is voor RDM de toezichthoudende instantie, welke ook zoekende is rondom haar invulling rondom het toezicht op het archiefbeheer van de grote groep gemeenschappelijke regelingen binnen Limburg. In 2024 hebben verschillende dialoogoverleggen plaatsgevonden tussen diverse gemeenschappelijke regelingen (waaronder RDM) en de provincie Limburg. Daarbij is ook gekeken naar de ‘zwaarte’ van de gemeenschappelijke regelingen; voor de vooral uitvoerende gemeenschappelijke regeling – zoals RDM – zijn dan ook duidelijke afgekaderde lijnen afgesproken. RDM is blij met de verkregen helderheid, welke in de praktijk nog verdere verfijning zal moeten krijgen; de eerste stappen zijn echter gezet.
Het Bestuur spreekt haar waardering uit over de inzet en prestaties van het personeel van RD Maasland. Namens het Dagelijks Bestuur, Haelen, …….. 2025
T.J. Blomen Voorzitter
J.M.A.R. van der Broek Secretaris
8
Jaarstukken 2024
Kerngegevens Verzorgingsgebied De Gemeenschappelijke Regeling (GR) RD Maasland verzorgt de inzameling en verwerking van huishoudelijk afval in de gemeenten Leudal, Maasgouw en Roerdalen. De gemeente Echt-Susteren participeert in de GR voor het onderdeel milieuparken voor een vast aantal aansluitingen. Aantal inwoners per gemeente (bron: CBS)
Gemeente:
1 jan 2021
1 jan 2022
1 jan 2023
1 jan 2024
Leudal
36.045
35.928
36.141
36.006
Maasgouw
23.947
24.028
24.305
24.406
Roerdalen
20.580
20.558
20.702
20.806
Echt-Susteren (noord)
19.185
19.185
19.185
19.185
Totaal
99.757
99.699
100.333
100.403
Aantal aansluitingen per gemeente (bron: Containermanagementsysteem)
Gemeente:
1 jan 2021
1 jan 2022
1 jan 2023
1 jan 2024
Leudal
15.993
14.826
14.913
14.864
Maasgouw
10.809
10.291
10.396
10.423
Roerdalen
9.299
9.222
9.242
9.280
Echt-Susteren
8.350
8.350
8.350
8.350
Totaal
44.451
42.689
42.901
42.917
*Deelname v.w.b. Milieuparken (ca. 8.350 aansluitingen)
Ingezamelde hoeveelheid afval (*1.000kg)
2021
2022
2023
2024
Hha Restafval
11.140
6.341
6.361
6.339
Hha GFT (Groente-, Fruit- en Tuinafval)
8.403
10.913
12.009
12.406
Hha Verzamel Rest
683
203
N.v.t.
N.v.t.
Hha Ondergronds Rest
180
202
265
280
1.624
2.432
2.410
1.914
Kunststoffen
304
297
N.v.t.
N.v.t.
Drinkpakken
13
20
N.v.t.
N.v.t.
Huis aan Huis Ldal/Mgouw/Rdalen
PMD totaal
Nascheiding Kunststof en Drinkpakken
9
Jaarstukken 2024
2021
2022
2023
2024
Aantal ledigingen mini’s Rest
472.777
263.090
273.274
267.378
Aantal ledigingen mini’s Gft
384.391
474.371
509.850
521.675
107
78
71
83
Grof Restafval
2.564
2.484
2.578
2.650
Groen
5.822
4.760
4.859
5.265
ABC-Hout
2.430
2.022
2.057
2.357
231
222
252
252
Puin
3.276
2.828
2.817
3.061
Schroot
206
193
214
219
90.573
83.918
89.394
93.290
435
398
445
443
1.642
1.606
1.547
1.953
Brengvoorzieningen MP: Roggel-Maasbracht-Montfort Ldal-Mgouw-EchtS Asbest
OPK (Oud Papier Karton)
Aantal bezoekers Milieuparken Brengvoorzieningen: Textiel Holglas (vanaf 2024 incl. Roerdalen)
10
Jaarstukken 2024
Jaarverslag Programmarekening Deze jaarrekening is opgebouwd conform de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit Begroting en Verantwoording. In deze programmatisch opgebouwde rekening is een drietal programma’s opgenomen waarmee we ons richten op vooraf gestelde doelen en beoogde effecten. Vanuit deze programmatische gedachte kent deze rekening een duidelijke scheiding tussen beleidsmatige en financiële aspecten. Het beleidsmatige deel bestaat uit het programmaplan en een aantal paragrafen. Het financiële deel bestaat uit een overzicht van de verdeling van de middelen over de verschillende programma’s en programmaonderdelen. De gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn niet gewijzigd ten opzichte van voorgaand jaar. Hierna wordt via de programmaverantwoording en de paragrafen verantwoording afgelegd over de realisatie van het bij de begroting 2024 voorgenomen beleid in het jaar 2024. Leeswijzer Het eerste hoofdstuk bestaat uit het programmaplan waarin drie programma’s zijn opgenomen, te weten het programma ‘Huishoudelijk Afval’, het programma ‘Openbare Ruimte (OR)’ en het programma ‘Zakelijke dienstverlening’. In deze programma’s wordt beschreven wat we hebben bereikt, wat we daarvoor hebben gedaan en wat het heeft gekost.
Waar in het eerste hoofdstuk met name het beleidsmatige, de ‘wat’-vragen, aan de orde komen, bevat het tweede hoofdstuk een aantal verplichte paragrafen waar met name de beheersmatige aspecten, de ‘hoe’ vragen, aan de orde komen. Tenslotte is in hoofdstuk drie de jaarrekening van RD Maasland opgenomen.
11
Jaarstukken 2024
1.
Programmarekening
1.1.
Programma 1 – Huishoudelijk Afval
Inleiding Het Programma Huishoudelijk Afval heeft betrekking op al het huishoudelijk afval dat in de aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten is ingezameld en verwerkt. De wijze waarop en de frequentie waarmee dit gebeurt, is vastgesteld door het bestuur van de GR. De uitvoeringskosten zijn op basis van het aantal huishoudens doorberekend naar de deelnemende gemeenten. Eventuele aanvullende diensten zijn, zonder opslag voor winst en risico, direct in rekening gebracht bij de betreffende gemeente. De gemeente Echt-Susteren neemt deel aan de GR voor alleen het onderdeel Milieuparken, terwijl Roerdalen deelneemt voor de inzameling huis aan huis van rest, gft, holglas en PMD. Kengetallen Aantal aansluitingen per gemeente: (bron: Containermanagementsysteem)
1 jan 2021
1 jan 2022
1 jan 2023
1 jan 2024
Leudal
15.993
14.826
14.913
14.864
Maasgouw
10.809
10.291
10.396
10.423
Roerdalen
9.299
9.222
9.242
9.280
Echt-Susteren (noord)
8.350
8.350
8.350
8.350
Totaal
44.451
42.689
42.901
42.917
Doelen Met dit programma is invulling gegeven aan de wettelijke taak (wet milieubeheer 10.21 en 10.22) van de deelnemende gemeenten, welke taken zijn overgedragen aan de gemeenschappelijke regeling. In het Meerjarenplan en de begroting 2024 staan de navolgende in dit verband relevante strategische doelen vermeld: • Een maatschappelijk verantwoorde, doelmatige en duurzame verwijdering en nuttige toepassing van huishoudelijke afvalstoffen; • Uitvoering van taken tegen de laagst mogelijke kosten; • Naast kostenefficiency meerwaarde creëren door hogere milieurendementen. Prestaties Milieu De taken zijn conform de gemaakte afspraken uitgevoerd. Een van de belangrijkste indicatoren betreft de hoeveelheid restafval dat elke inwoner jaarlijks laat ophalen. De volgende tabel geeft inzicht in de prestaties binnen het verzorgingsgebied van RD Maasland en de na te streven waarden.
12
Jaarstukken 2024
Indicatoren Gemiddeld afgelopen 3 jaar
Landelijke Norm
Realisatie 2023
Realisatie 2024
Compostering GFT
100%
100%
100%
100%
Verbranding restafval R1
100%
100%
100%
100%
Percentage Hergebruik afvalstoffen
82%
50%
79%
81%
Indicator
Kwaliteitsbewaking RD Maasland is sinds 2013 ISO-9001 gecertificeerd. Dit certificaat wordt verleend aan bedrijven die hun interne processen conform de normering hebben ingericht. Het systeem is gericht op het continu verbeteren van de kwaliteit en klanttevredenheid. Ter ondersteuning van het systeem maakt RD Maasland gebruik van een digitaal managementsysteem. In het digitaal managementsysteem worden onder andere notulen van werkoverleggen, procesbeschrijvingen en beleidsdocumenten opgeslagen. Daarnaast werden het afgelopen jaar 43 werkplekinspecties beschreven. Enkele punten ter verbetering zijn opgepakt. Ook het leveranciersbestand is afgelopen jaar geëvalueerd. In totaal werden 58 leveranciers (jaaromzet > €15.000,-) beoordeeld op hun kwaliteit van leveren en werkwijze. N.a.v. de evaluatie is besloten de samenwerking met 5 leveranciers te beëindigen en met 2 leveranciers aan te passen. Niet alleen worden in het managementsysteem de procedures en organisatorische documenten opgeslagen, ook worden hierin de meldingen geregistreerd met betrekking tot de bedrijfsvoering. In 2024 werden in totaal 1043 meldingen geregistreerd. 62 Meldingen (6 %) hadden betrekking op bedrijfsafval, milieupark, wijkmilieuparkjes, veegwerkzaamheden of wisselingen containers. Zoals elk jaar hebben de meeste meldingen betrekking op de inzameling van het huisvuil en PMD (in totaal 981 meldingen).
De meldingen varieerden van niet leeggemaakte of onvolledig geleegde containers tot beschadigingen of verloren containers. 677 Meldingen (69%) waren terug te voeren op de burger zelf met o.a. als oorzaak het te laat aanbieden van de container/PMD zak of te vast aanstampen van het huisvuil. Dit betekent dat 304 (31%) van de meldingen te wijten waren aan RD Maasland (bijv. container over het hoofd gezien) of waarbij de oorzaak onduidelijk of bijvoorbeeld overmacht is (vastgevroren afval waardoor lediging niet mogelijk was), ook deze meldingen zijn als ‘terechte klacht’ geregistreerd. Ten opzichte van het totale aantal ledigingen in 2024 hebben we te maken met een meldingenpercentage van 0,0013% op onze dienstverlening.
Communicatie Sinds 1 januari 2024 wordt het PMD in de gemeente Leudal net als in Maasgouw en Roerdalen, huisaan-huis opgehaald in doorzichtige zakken. Hoewel de voorbereidingen voor de communicatie grotendeels in 2023 hebben plaatsgevonden, is ook tijdens de eerste weken van 2024 ruim gecommuniceerd over de nieuwe manier van PMD inzamelen. Voor de aangesloten gemeenten is gedurende 2024 gecommuniceerd volgens de vastgestelde communicatiekalender. 13
Jaarstukken 2024
Daarnaast is de afdeling communicatie veelal bezig geweest met de toetreding van de nieuwe gemeentes. Enerzijds voor de toetredende gemeentes in de vorm van communicatieplannen, ontwikkeling middelen om burgers te informeren en faciliteren (Folders, publicaties, social media, uitbreiding en invulling geven aan website en digitale afvalkalender Afvalwijzer als web- en appversie) maar ook ter ondersteuning van de afdeling Operations (te denken valt aan de ontwikkeling van stickers, labels). Ook voor de interne organisatie is een intensief communicatietraject aan de orde geweest. De ingrijpende veranderingen door de toetreding van twee nieuwe gemeentes leverden vragen en onzekerheid op bij de medewerkers. Hoewel een uitgebreid onderzoek onder de medewerkers heeft uitgewezen dat het gehele proces uitvoerig is gecommuniceerd, bleken er toch nog vragen te blijven bestaan. Hiervoor hebben we samen met een extern bureau gesprekken gevoerd met medewerkers om te achterhalen hoe we de informatievoorziening nog beter kunnen laten aansluiten. De plannen die we in een eerder stadium hadden ontwikkeld om de interne communicatie te verbeteren en meer onderlinge samenhorigheid te creëren, bleken aan te sluiten bij de behoefte van de medewerkers. In 2025 zullen we daarom de voorgenomen weg verder ontwikkelen en tot uitvoer brengen.
Dit heeft zich al geuit in de nieuwe vormgeving van de interne nieuwsbrief, maar wordt ook verder uitgewerkt in bijvoorbeeld de implementatie van narrow-casting en de nieuwe opzet van teamoverleggen waarbij meer ruimte voor inbreng van de medewerkers wordt gemaakt. Door de vele ontwikkelingen is in 2024 de hulp ingeschakeld van een extern communcatieadviesbureau. Dit communicatiebureau was al nauw betrokken bij de positionering van RD Maasland en heeft bijgedragen aan de ontwikkeling van het strategisch communicatieplan. In 2024 is uitvoering gegeven aan dit communicatieplan door een intensieve arbeidsmarktcampagne op te starten om het benodigde aantal chauffeurs en medewerkers te kunnen aantrekken vanwege de uitbreiding van de GR. Voor onze burgers heeft het bureau een instructiefilm gemaakt om de container op de juiste manier aan te bieden als de zijlader komt. Daarnaast hebben ze met fotografie en ontwikkeling van folder en website de inzameling van het bedrijfsmatig afval een nieuw gezicht gegeven. Educatie Afgelopen jaren is geïnvesteerd in het invoeren van afvalscheiding op scholen. Binnen de drie gemeenten nemen 26 van de in totaal 29 scholen deel aan de afvalscheiding op school. Dit zijn 9 scholen uit de gemeente Maasgouw, 11 uit de gemeente Leudal en 6 uit de gemeente Roerdalen. RDM blijft de scholen ondersteunen met afval scheiden.
In 2025 wordt op de scholen in Roerdalen een evaluatie uitgevoerd en kan op de scholen in de gemeente Beesel het afval scheiden mogelijk ingevoerd worden. In 2022 is het composteren van GFT opgenomen in het project afvalscheiding op scholen. Basisschool De Triangel uit Linne is gestart met het composteren van GFT met compostbakken en wormenhotels. Dit project is in 2024 uitgebreid met drie scholen in de gemeente Maasgouw (Koningsspil Thorn, Toermalijn Maasbracht en De Sleye Heel). De deelnemende groepen kregen een gastles over GFT scheiden en composteren.
14
Jaarstukken 2024
Vijf groepen van basisschool Op de Tump in Heel hebben kennisgemaakt met het wormenhotel en composteerlessen gevolgd. Zij gaan in 2025 starten met composteren. In de gemeente Leudal zijn composteerlessen uitgevoerd op De Widdonckschool in Heibloem (10 groepen) en de Verhalentuin in Kelpen-Oler (2 groepen). Ook is het project gepresenteerd op de jaarlijkse bijeenkomst voor schooltuinvrijwilligers. In 2024 is de scholenwedstrijd E-Waste Race uitgevoerd met tien groepen uit de drie gemeenten. De leerlingen hebben een gastles over E-Waste gekregen en hebben in totaal 26.870 kg. elektrische apparaten ingezameld. Ook is er veel media-aandacht geweest. In 2025 wordt een Textiel Race met drie groepen in Leudal en vijf groepen in Maasgouw uitgevoerd. Samen met de afvalinzamelaars Rd4 en RWM én de onderwijsinstellingen CHILL en STEAM is in 2024 het educatieproject ‘Arthur de Afvalheld’ over het scheiden en voorkomen van afval vormgegeven. Het project wordt stapsgewijs ingevoerd in vier jaar, te starten met groep 1/2 in 2025. In het voorjaar van 2025 worden pilots op een paar scholen uitgevoerd, opschaling vindt plaats in het najaar.
Middelen Teneinde deze doelen van Programma 1 te bereiken, is uitvoering gegeven aan de volgende taken: • huis-aan-huis (h-a-h) inzameling van restafval en GFT; • huis-aan-huis inzameling van PMD in Leudal, Maasgouw en Roerdalen; • inzameling grof huishoudelijk afval (gha), tuinafval e.d. via de milieuparken; • inzameling glas, PMD en textiel via brengvoorzieningen in de wijk; • inzameling klein chemisch afval; • inzameling grof huishoudelijk afval aan huis op aanvraag; • inzameling herbruikbare huisraad aan huis op aanvraag (kringloopgoederen); • inzameling elektrische apparaten aan huis op aanvraag en via milieuparken (zogenaamde WEB-stroom = Wit- en Bruingoed); • inzameling oud papier via verenigingen; • het (doen) verwerken van afvalstromen; • Diftar (Gedifferentieerde Tarieven); • containermanagement; • klachtenregistraties; • voorlichting; beleidsvoorbereiding.
15
Jaarstukken 2024
Kosten en Opbrengsten gesaldeerd als bijdrage gemeenten in €. Kosten en Opbrengsten
Realisatie 2023
Begroting 2024
Begroting na wijz. 2024
Realisatie 2024
Inzameling restafval en GFT, huis-aan-huis
1.655.062
1.844.609
1.886.644
1.957.108
Inzameling via milieuparken
651.205
767.586
767.586
868.503
Inzameling via brengvoorzieningen in de wijk
813.418
903.879
903.879
930.183
Kosten Diftar
224.981
280.118
280.118
269.112
Containermanagement
371.118
452.157
452.157
409.816
Afvalverwerking (excl.vpb)
435.682
230.878
-854.571
-806.214
Beleid en voorlichting
930.881
883.488
1.017.125
1.015.132
5.082.384
5.404.104
4.659.559
4.643.641
0
0
0
0
1.572
1.235
1.389
1.708
Gesaldeerd (1+2+3=4)
5.083.919
0
4.659.559
4.645.349
Dekking gemeenten GR als voorschot (5)
5.194.176 -
5.404.104 -
5.339.789 -830.239
5.404.104 -830.239
-
-
150.000
189.028
110.257
0
0
119.252
Verwerkingskosten hha rst-gft (7)
1.313.727
1.218.000
1.558.000
1.535.526
Tot.Inzameling incl.verwerking (4+7)
6.397.646
6.621.950
6.217.559
6.180.875
Saldo van baten en lasten (1) Aandeel reserves (2) (min-teken is onttrekking) Aandeel VPB (3)
Dotatie bestemmingsreserve strategische thema’s Onttrekking bestemmingsreserve; wagenparkkosten
incidentele
(On)bestemd Resultaat (5+6-4) (minteken is tekort) *
*De tussentijdse wijziging van de begroting is niet afgerekend met de gemeenten. Dit geldt ook voor Programma 2 en 3.
Analyse jaarrekening t.o.v. begroting (na wijziging) Resultaat Voor Programma 1 wordt een resultaat van € 118.000 bereikt. Dit houdt in dat de totale last voor alle gemeenten tezamen lager is dan hetgeen in de (gewijzigde) begroting is gepresenteerd. De verhoudingen qua aantal aansluitingen zijn t.o.v. de primaire raming wel gewijzigd, zodat er onderling voor de betreffende individuele gemeenten verschuivingen optreden in de werkelijke bijdrage. De genoemde bedragen in de verklaringen geven inzicht in de belangrijkste verschillen en leiden opgeteld niet tot het totale tekort. Daarvoor moeten ook niet benoemde kleinere verschillen meegeteld worden. Reserves Vanuit de vrijgevallen Veolia-gelden is er €830k toegevoegd aan het bestemmingsreserve (zie rapport halfjaarcijfers). Conform begroting is er uit het bestemmingsreserve strategische thema’s €150.000 voor wagenparkkosten onttrokken. Daarnaast is er nog een extra onttrekking geweest van €39.000 betreffende implementatie AFAS. Personeel en Materieel Het materieel wordt zwaar en intensief belast. Daarnaast wordt met enkele afgeschreven voertuigen ingezameld. De wagenpark kosten excl. afschrijving in programma 1 zijn €59.500 hoger dan begroot. Achterstallig onderhoud en stijging van de brandstofprijzen zijn hier de grootste oorzaken van. 16
Jaarstukken 2024
Uit de realisatie blijkt dat de totale salariskosten ongeveer € 87.500 lager uitvallen dan doorgevoerd is bij de begrotingswijziging. In de begroting is gerekend met een oude verdeelsleutel. De realisatie 2024 is berekend met de werkelijke uren per kostenplaats. De inhuur kosten ruim €36.000 lager uit dan begroot. Exploitatiekosten Op totaalniveau vallen de exploitatiekosten binnen dit programma € 90.000 lager uit dan begroot. Dit wordt met name veroorzaakt door lager uitgevallen exploitatiekosten voor droge componenten (inkoop PMD zakken) en voorlichting/educatie. Kapitaallasten De totale kapitaallasten binnen dit programma zijn nagenoeg gelijk aan de gewijzigde begroting. Verwerkingskosten Op totaalniveau vallen de afvalverwerkingskosten € 11.000 hoger uit dan geraamd. De verwerking van het huishoudelijke restafval (waaronder ook verzamel- en ondergrondse containers) en GFT afval wordt één op één doorberekend aan de betreffende gemeenten. Hiervoor was na de begrotingswijziging een bedrag van € 1.558.000 geraamd. De werkelijke kosten zijn lager uitgevallen (€ 1.535.536). In deze verwerkingskosten is de vrijval van de naverrekening van Veolia inzake PMD uit boekjaar 2021 meegenomen Vanuit ASL verband is door gemeenten dan ook een bodemprocedure tegen Veolia gevoerd. In juni 2024 heeft hierover een schikking plaatsgevonden.
Voorzichtigheidshalve zijn in de vorige jaren alle kosten volledig als last in de jaarrekening onder de verwerkingskosten verwerkt en in 2024 zijn vrijgevallen. De verwerkingskosten voor de milieuparken zijn € 33.500 lager uitvallen dan begroot (na wijziging). Voorzieningen Uit de realisatie blijkt dat de dotaties aan voorzieningen afgerond met € 8.000, - lager zijn uitgevallen dan begroot in de begrotingswijziging. Dit kan verklaard worden doordat de uiteindelijke dotatie aan de voorziening verlofsparen € 92.000 bedroeg in plaats van de begrote € 100.000. Door personeelsmutaties en het feit dat medewerkers zelf kunnen bepalen hoeveel uur dat ze willen verlofsparen is het complex om op voorhand een inschatting van de voorziening te maken. Voorgaande heeft uiteraard ook zijn invloed op de personeelskosten. Opbrengsten Op totaalniveau vallen de opbrengsten binnen dit programma € 71.000 lager uit dan geraamd in de begrotingswijziging. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door lagere doorbelasting DVO ondergronds en lagere afvaldoorberekening hha. Beide zijn resultaat neutraal. VPB Voor dit onderwerp wordt verwezen naar bladzijde 23.
17
Jaarstukken 2024
1.2.
Programma 2 – Openbare Ruimte
Inleiding Via de gemeenschappelijke regeling zijn de mechanische reiniging van verhardingen en de reiniging van straatkolken opgedragen aan RD Maasland. Het mechanisch vegen is daar waar mogelijk gecombineerd met het verwijderen van onkruiden. Deze werkzaamheden zijn in overleg met de betreffende gemeente uitgevoerd. Kengetallen Aantal geledigde kolken per gemeente (Per 31 december)
Werkelijk 2023
Begroot 2024
Werkelijk 2024
Leudal (voor- en najaar)
30.358
29.957
30.378
Maasgouw (voor- en najaar)
22.709
22.640
22.632
Totaal
53.067
52.597
53.400
Aantal gemaakte veeguren per gemeente (per 31 december)
Werkelijk 2023
Begroot 2024
Werkelijk 2024
Leudal
2.002
2.000
1.977
Maasgouw
1.300
1.300
1.300
Totaal
3.302
3.300
3.277
Doelen Met dit programma wordt beoogd dat: • De gemeenten hun mechanische reinigingstaken zo efficiënt mogelijk kunnen laten uitvoeren; • Daar waar mogelijk onkruiden op een niet-chemische wijze kunnen worden verwijderd; • Invulling kan worden gegeven aan een leeftijdsbewust personeelsbeleid. Prestaties De taken zijn conform afspraken met de gemeenten uitgevoerd. Middelen RD Maasland beschikt over vijf veegmachines, die zijn voorzien van een zogenaamde onkruidborstel. Met deze voorziening is het mogelijk om gelijktijdig met het vegen van de goten, onkruiden op een milieuvriendelijke wijze te verwijderen. Vanaf 1 april 2018 heeft RD Maasland in de gemeente EchtSusteren op basis van een DVO (DienstVerleningsOvereenkomst) naar ieders tevredenheid veegwerkzaamheden uitgevoerd. Er is momenteel een contract met Echt-Susteren over het veegwerk tot en met 1 april 2026. In 2020 is met de gemeente Roerdalen eveneens een DVO afgesloten over het veegwerk voor de periode 1 april 2021 tot en met 31 maart 2021. Dit contract is met 5 jaar verlengd. Het schoonmaken van kolken is vooralsnog uitbesteeed.
18
Jaarstukken 2024
Kosten en Opbrengsten gesaldeerd als bijdrage gemeenten in €. Realisatie 2023
Begroting 2024
Begroting na wijz. 2024
Realisatie 2024
Kosten veegdienst
413.186
448.495
434.434
488.005
Kosten kolkendienst
124.019
118.747
118.276
133.416
Saldo van baten en lasten (1)
537.205
567.242
552.710
621.421
0
0
0
0
Gesaldeerd (1+2=3)
537.205
567.242
552.710
621.421
Dekking gem. bijdrage als voorschot (4) *
546.152
567.242
552.710
567.242
(On)bestemd Resultaat (4-3) (min-teken is tekort)
8.947
0
0
-54.179
Aandeel reserves (2) (min-teken is onttrekking)
*De tussentijdse wijziging van de begroting is niet afgerekend met de gemeenten. Dit geldt ook voor Programma 1 en 3.
Analyse jaarrekening t.o.v. begroting (na wijziging) Resultaat Enkele hieronder beschreven items zorgen ervoor dat dit Programma een tekort van €55.000 kent. Deze doen zich met name voor bij het onderdeel vegen. De kosten binnen het onderdeel kolkenzuigen zijn ook hoger dan berekend in de begrotingswijziging. Zoals gebruikelijk zullen de resultaten uit dit Programma worden afgerekend met de deelnemers. De genoemde bedragen zijn de meest belangrijke en leiden als totaal niet geheel tot het verschil. De overige kleine niet benoemde afwijkingen dienen daarvoor meegeteld te worden. Personeel en Materieel De salarislasten voor veegwerk zijn € 15.000 lager uitgevallen dan volgens de begrotingswijziging begroot. Achteraf gezien is de bijraming van de salarislasten te pessimistisch geweest en zijn de gerealiseerde uren gunstiger uitgevallen. Ook was er sprake van langdurig ziekteverzuim in het 2e halfjaar. Daardoor zijn de inhuurkosten dit jaar € 59.000 hoger uitgevallen dan verwacht werd. Daarnaast zijn de wagenparkkosten exclusief afschrijving en rente € 25.000 hoger uitgevallen. De afwijking in het kolkenzuigen zit in extra inzet van uren door vervuiling. Exploitatiekosten De DVO voor het vegen in Echt-Susteren en Roerdalen is budgettair neutraal. Wel is het zo dat in deze kosten eigen personeel en eigen machines worden verrekend die ingezet worden.
Kapitaallasten Geen bijzonderheden. Verwerkingskosten Het ingezamelde veegvuil en kolkslib wordt één op één doorbelast naar de betreffende gemeente. Opbrengsten Geen bijzonderheden.
19
Jaarstukken 2024
1.3.
Programma 3 – Zakelijke Dienstverlening
Inleiding De zakelijke dienstverlening omvat de inzameling van bedrijfsafvalstoffen (KWDI-afval = Kantoor-, Winkel-, Diensten en Industrieel Afval), het vegen van bedrijfsterreinen en (eventueel) diensten ten behoeve van contractgemeenten. De oorsprong van deze dienstverlening is gelegen in het feit dat in het verleden bedrijfsafvalstoffen, van met name kleine bedrijven, tezamen met huishoudelijke afvalstoffen werden ingezameld. Doelen Bijdragen aan dekking vaste kosten, met behoud van kwaliteitsniveau voor deelnemende gemeenten in Programma 1 en 2. Prestaties Met dit programma is in 2024 een resultaat vóór belastingen gerealiseerd ad €119.957 negatief. Indicatoren Indicator
Realisatie 2023
Begroting 2024
Begroting na wijz. 2024
Omzet afzet- en rolcontainers
1.301.272
1.341.500
1.156.000
1.151.806
Omzet bedrijfsmatig vegen
4.693
7.000
27.800
4.626
Resultaat
9.470
0
-78.780
-118.611
0
0
0
0
9.470
0
-78.780
-119.957
VPB Gesaldeerd resultaat
Realisatie 2024
Middelen RD Maasland beschikt over specifiek transportmaterieel waarmee afzet- en rolcontainers kunnen worden getransporteerd resp. gewogen en geledigd. Voor het vegen van bedrijfsterreinen zijn veegmachines ingezet. Kosten en Opbrengsten gesaldeerd als negatief effect (verhoging van) op gemeentelijke bijdrage €. Realisatie 2023
Begroting 2024
Begroting na wijz. 2024
Inzameling Bedrijfsafval
25.498
16.104
-79.937
-101.199
Bedrijfsmatig vegen
-15.794
-16.104
1.157
-18.758
9.704
0
-78.780
-119.957
Aandeel reserves (2)
0
0
0
0
Gesaldeerd (1+2=3)
9.704
0
-78.780
-119.957
Dekking/verhoging gem. bijdrage als vs (4)
-234
0
-
-
(On)bestemd Resul. (3+4=5) (min-teken is tekort)*
9.470
0
-78.780
-119.957
0
0
0
0
9.470
0
-78.780
-119.957
Saldo van baten en lasten (1)
Te betalen VPB 20% (6) Extra Resultaat P3 na belastingdruk (5-6)
Realisatie 2024
*De tussentijdse wijziging van de begroting is niet afgerekend met de gemeenten. Dit geldt ook voor Programma 1 en 2.
20
Jaarstukken 2024
Analyse jaarrekening t.o.v. begroting (na wijziging). Resultaat Via de bijgestelde raming is een voor de vpb-plichtig gecorrigeerd netto negatief resultaat van €79.000 geschat. Kijkende naar de werkelijkheid valt dit resultaat negatiever uit, namelijk € 120.000 negatief (na belasting). In de onderstaande alinea’s wordt besproken wat de oorzaak van is. Personeel en Materieel De wagenparkkosten lagen dit jaar boven de gewijzigde begroting (€5.000). Dit is met name te danken aan de (geïndexeerde) onderhoudskosten. De personeelskosten en inhuurkosten lagen ook hoger dan de gewijzigde begroting (€28.000). Kapitaallasten De totale kapitaallasten binnen dit programma lagen in lijn met de begroting. Verwerkingskosten De verwerkingskosten van het bedrijfsafval lagen €5.000 lager dan de geschatte (bijgeraamde) kosten. Exploitatiekosten De exploitatiekosten vallen € 8.000 hoger uit ten opzichte van de begroting. Het grootste deel hiervan is een huurverhoging (€4.000). Overheadkosten Vanuit de overhead wordt €10.000 meer doorbelast aan dit programma dan begroot. Opbrengsten De opbrengsten van programma 3 vallen lager uit dan geschat is bij de begrotingswijziging. Het verschil betreft ongeveer €30.000. Toenemende concurrentie en lagere verwerkingstarieven zijn hier de oorzaken van.
VPB voor Programma 3 Vanaf het boekjaar 2016 zijn overheden welke activiteiten uitvoeren op de commerciële markt verplicht belasting te betalen. RD Maasland is voor de werkzaamheden in dit Programma vennootschapsplichtig. De aangiften tot en met 2023 zijn inmiddels ingediend/afgerekend. Als gevolg van het resultaat wordt geen VPB last verwacht binnen dit programma. VPB voor Programma 1 Eind februari 2019 heeft de brancheorganisatie NVRD (Nederlandse Vereniging van Reinigings Diensten) laten weten dat er met de fiscus landelijk afspraken zijn gemaakt over een werkbare oplossing omtrent de waarde creërende huishoudelijke afvalstromen zoals textiel, papier, metalen, holglas, PMD. Hierdoor ontstaat ook in Programma 1 een vpb-plicht. In het algemeen wordt gesteld dat de positieve waarde van de afvalstromen een winst genereert van 1% waarover dan vpb dient te worden betaald. Begin 2020 is in dit kader in samenwerking met de accountant en de lokale afdeling van de fiscus een Vaststellingsovereenkomst (VSO) voor de duur van 5 jaar (looptijd 2016 tm 2020) ondertekend.
21
Jaarstukken 2024
1.4.
Algemene dekkingsmiddelen
Onderstaand is het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen opgenomen.
Algemene dekkingsmiddelen
Realisatie 2023
Begroting 2024
Begroting na wijz. 2024
Progr.1 Saldo van baten en lasten
5.083.919
5.194.177
5.130.926
4.643.641
0
0
0
0
5.194.177
5.194.177
5.130.926
5.404.104
0
0
0
-641.211
Resultaat Progr. 1
110.257
0
0
119.252
Progr.2 Saldo van baten en lasten
537.205
546.151
655.879
621.421
0
0
0
0
Dekking Progr. 2
546.152
546.151
655.879
567.242
Resultaat Progr. 2
8.947
0
0
-54.179
Progr.3 Saldo van baten en lasten
9.704
292
46.768
-119.957
Progr.3 Aandeel reserves
0
0
0
0
Progr.3 VPB
0
58
58
0
-233
-234
-46.710
0
Extra Resultaat Progr. 3
-9.470
0
0
-119.957
Totaal resultaat P 1-2-3
128.672
0
0
-56.591
Progr.1 Aandeel reserves Dekking Progr. 1 Bestemmingsreserve strat. Thema’s
Progr.2 Aandeel reserves
Dekking Progr. 3
Realisatie 2024
Het totale tekort in 2024 van € 56.951 is op de balans opgenomen als onbestemd resultaat. Opgemerkt wordt dat het aandeel Programma twee (€ 55.000) conform afspraak wordt afgerekend met de deelnemers. Daarnaast is het AB voornemens binnen Programma 1 om positieve resultaten van deelnemers toe te voegen aan de Algemene reserve en negatieve resultaten van deelnemers af te rekenen. Het tekort van programma 3 zal worden onttrokken aan de algemene reserve zakelijke dienstverlening.
1.5.
Onvoorzien / Algemene reserve
Op grond van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen zijn de deelnemende gemeenten verplicht eventuele tekorten aan te vullen bij een dergelijk samenwerkingsverband. Desondanks is conform bestuursbesluit besloten een weerstandscapaciteit, bestaande uit een post onvoorzien (incidentele weerstandscapaciteit; voor RD Maasland n.v.t.) en een algemene reserve (structurele weerstandscapaciteit) bij RD Maasland aan te houden om schommelingen in tarieven op te vangen. Voor de Algemene Reserve (zie ook bladzijde 29 en 48) geldt dat het huidige saldo (€ 873.000) boven de afgesproken minimumgrens van € 298.000 ligt.
22
Jaarstukken 2024
1.6.
Bijdrage Gemeenten 2024
Bedragen x €
Programma 1 Leudal Maasgouw Roerdalen Echt-Susteren Tot. Programma 1 Bedragen x €
Programma 2 Leudal Maasgouw Tot. Programma 2 Bedragen x €
Programma 3 Leudal Maasgouw Roerdalen Tot. Programma 3
Voorschot Programma 1 Huisvuil
Werkelijk Programma 1 Huisvuil
2.390.495 1.666.437 959.770 387.402 5.404.104 Voorschot Programma 2 Vegen
2.340.518 1.641.228 916.951 387.863 5.286.560 Werkelijk Programma 2 Vegen
271.815 176.680 448.395 Voorschot Programma 3 Zakelijk
294.394 193.611 488.005
Voorschot Progr. 2 Kolken
Werkelijk Progr. 2 Kolken
67.633 51.114 118.747
76.871 56.544 133.416
Werkelijk Programma 3 Zakelijk 0 0 0 0
-51.582 -36.171 -32.204 -119.957
Bedragen x €
Voorschot Alle programma’s
Werkelijk Alle programma’s
Totaal onbestemd resultaat
Leudal Maasgouw Roerdalen Echt-Susteren Totaal alle programma’s
2.729.943 1.894.231 959.770 387.402
2.763.365 1.927.555 949.155 387.863
-33.422 -33.324 10.615 -461
5.971.346
6.027.938
-56.591
Resultaat na vpb: € -56.591 Voor Programma 1 geldt dat de werkelijke aansluitingen ten opzichte van de raming verhoudingsgewijs anders uitpakken, waardoor verschillen ontstaan in de geraamde en werkelijke bedragen. Afhankelijk van een besluit van het Bestuur zullen de werkelijke bijdragen van de gemeente wijzigen ten opzichte van de betaalde voorschotten.
23
Jaarstukken 2024
2. Financiële Besturing, (Risico)beheersing, Bedrijfsvoering en Kengetallen In dit hoofdstuk komen de aspecten met betrekking tot (financiële) besturing en beheersing aan de orde. Voor haar financiële besturing richt RD Maasland zich met name op zaken als: een sluitende Resultatenrekening, een beperkte schulden- en vorderingenpositie, voldoende solvabiliteit en liquiditeit en een adequate Reserve. Ten behoeve van betrouwbare informatie over deze grootheden zijn een goede administratieve organisatie en interne controle, evenals een voldoende mate van risicobeheersing, onontbeerlijk. Ook daarover gaat dit hoofdstuk. Los van wat RD Maasland zelf van belang vindt voor haar financiële besturing, wordt in diverse weten regelgeving voorgeschreven dat in de Jaarrekening en Begroting enkele (verplichte) kengetallen moeten worden opgenomen. Het gaat bijv. om het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten), de Wet FIDO (Financiering Decentrale Overheden) en het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO). De daaruit voortvloeiende zaken worden eveneens in dit hoofdstuk behandeld. Hoewel RD Maasland zelf niet of nauwelijks stuurt op deze kengetallen, wordt er toch enige toelichting op gegeven. Concreet gaat het om de volgende paragrafen: 1. Weerstandsvermogen: verhouding tussen financiële risico’s en weerstandscapaciteit a. Reserves 2.
Financiële Kengetallen a. Netto Schuldquote b. Solvabiliteitsratio c. Structurele Exploitatieruimte d. EMU-saldo 3. Onderhoud Kapitaalgoederen 4. Financiering a. Liquiditeitsrisico b. Kredietrisico c. Renterisiconorm d. Kasgeldlimiet 5. Risicobeheersing 6. Administratieve Organisatie/ Interne Controle 7. Personeel & Organisatie 8. Verbonden Partijen 9. Rechtmatigheid
24
Jaarstukken 2024
2.1.
Weerstandsvermogen: verhouding financiële risico’s en weerstandscapaciteit (reserves)
Het weerstandsvermogen is het vermogen om niet-structurele financiële risico’s te kunnen opvangen, teneinde continuïteit in de dienstverlening te kunnen waarborgen. Ten principale geldt, op grond van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen, dat de deelnemende Gemeenten verplicht zijn eventuele tekorten van RD Maasland aan te vullen. Weerstandscapaciteit (bestaande uit een post onvoorzien en/of algemene reserve) zou uitdien hoofde dan ook niet noodzakelijk zijn. Niettemin is cf Bestuursbesluit van 14 november 2012 gekozen voor het vormen van een Algemene Reserve, enerzijds ten behoeve van de naar RD Maasland overgedragen overheidstaken (i.c. de wettelijke zorgplicht tot inzameling van huishoudelijk afval ingevolge Wet Milieubeheer) en anderzijds ten behoeve van de zakelijke dienstverlening. Zodoende heeft RD Maasland ruimte gekregen om door middel van reserves incidentele tegenvallers zelf op te vangen en grote schommelingen in de bijdragen van Gemeenten te voorkomen. Daarnaast zijn enkele specifieke (bestemmings-)reserves gevormd. Tevens is een reserve gevormd als buffer voor het eigen-risicodrager zijn van de WIA-kosten. Er zijn ook enkele voorzieningen gevormd voor te verwachten toekomstige lasten. Tot slot: periodiek worden de risico’s geïnventariseerd: gebeurtenissen die, wanneer ze zich voordoen, nadelige financiële gevolgen hebben (zie paragraaf 5.).
2.1.a. Reserves De volgende reserves zijn gevormd ultimo boekjaar: Algemene-Reserve a. Overheidstaken: deze reserve is bedoeld voor bijv. onderzoeks- en advieskosten en vastgesteld op 5 à 10% van de Gemeentelijke Bijdragen (i.c. tussen € 298.000 en € 597.000) b. Zakelijke dienstverlening: Deze reserve is bedoeld ter dekking van het marktrisico, aangezien een gemeentelijk vangnet voor zakelijke dienstverlening ontbreekt. De hoogte is vastgesteld op een niveau dat toereikend is om de overheadkosten van ca. twee jaren te kunnen dekken (i.c. een niveau tussen € 270.000 à € 540.000) c. Reserve Eigen Risico WIA (als alternatief voor herverzekeren): € 75.000 d. Bestemmingsreserve Strategische Thema’s; De vrijgevallen Veolia-gelden ad € 830.239 zijn toegevoegd aan de bestemmingsreserve strategische thema’s. Het bestuur heeft in juni 2024 enkele categorieën vastgesteld waarvoor deze reserve kan worden aangewend. Te weten: 1) Positionering van de milieuparken en haar toekomstige invulling (100K) 2) Additionele aanpak rondom gebruiksvoorwerpen via Best-tas (75K) 3) Advieskosten samenwerking RD4, data/informatie uitwisseling (75K) 4) Aanpassingen volledig ICT-landschap, implementatie nieuw HRM en planning (200K) 5) Juridische kosten uitbreiding GR (160K) 6) De basis op orde, organisatie analyse en vervanging operationele producten (125K). Voorzieningen e.
Er zijn voorzieningen gevormd voor Cafetaria-regeling en gebouwen.
25
Jaarstukken 2024
Reserves
Norm
2023
2024
Realisatie
Realisatie
(x € 1.000)
Min/max
Alg.Res. overheid**
298/597
385
873
Alg.Res. zakelijk
270/540
255
264
Bestem. Reserve
399
75
Bestemmingsreserve strategische thema’s
0
641
(On)bestemd Resultaat
129
-57
Totale Reserves
1.168
1.796
Voorzieningen
272*
377*
Waarvan dub.deb.*
0
0
*Let op: de voorziening dubieuze debiteuren wordt in de balans in mindering gebracht bij de post debiteuren. Zie hierbij ook bladzijde 38,44 en 47. ** Maximum wordt nu overschreden. Met het oog op toetreding twee nieuwe gemeentes zullen vanaf 2025 de gemeentelijke bijdrages substantieel stijgen, waardoor ook het maximum vanaf dat moment zal toenemen.
Uit onderstaande tabel blijkt wat de invloed van het verwerken van het voorstel voor resultaatbestemming 2024 heeft op de Algemene Reserves: Reserves (x € 1.000)
Verwerking Voorstel Saldo na Saldo voor Resultaatbestemming Resultaatbestemming Resultaatbestemming
Alg.Res. overheid
873
118
991
Alg.Res. zakelijk
264
-120
144
(On)bestemd Resultaat
-57
-57*
0
*Negatieve resultaten van programma 1, 2 en 3 zullen conform voorstel worden afgerekend met de gemeenten
26
Jaarstukken 2024
2.2.
Financiële Kengetallen
Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) moeten enkele Financiële Kengetallen worden opgenomen; ze zijn in deze paragraaf vermeld. RD Maasland stuurt zelf niet op deze kengetallen en ontwikkelt er dus geen beleid voor. De Provincie geeft aan dat zij geen handreiking voor adequate betekenisgeving en beoordeling van de kengetallen kan doen, noch dat er eensluidende normen voor bestaan of dat zij normen zou opleggen. Desalniettemin is hieronder een zo goed mogelijke invulling gegeven aan elk kengetal, aan de hand waarvan door RD Maasland de Kengetallen kunnen worden beoordeeld, en de gerealiseerde waarden en ontwikkeling daarin kunnen worden verklaard. De voor de berekening van de kengetallen benodigde tabellen zijn opgenomen in de Bijlagen.
2.2.a. Netto Schuldquote Dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft dus een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Bedacht moet worden dat dit kengetal wordt berekend op een peildatum en dus een momentopname is: enkele weken eerder of later kan de situatie beduidend zijn gewijzigd. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. Netto 2021 2022 2023 2024 Schuldquote in % Realisatie Realisatie Realisatie Realisatie < 130 % 56 % 63 % 55% 54% De Netto Schuldquote beweegt zich bij RD Maasland op een niveau van 54 à 63 % en bevindt zich dus ruimschoots binnen de VNG-norm. NB: BBV schrijft ook het kengetal “netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen” voor, echter bij RD Maasland is geen sprake van “verstrekte leningen”.
2.2.b. Solvabiliteitsratio Dit cijfer geeft inzicht in de mate waarin men in staat is aan de financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Het eigen vermogen bestaat volgens artikel 42 van het BBV uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Ook bij dit kengetal moet worden bedacht dat het wordt berekend op een peildatum en dus een momentopname is: enkele weken eerder of later kan de situatie beduidend zijn gewijzigd. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid. Dit cijfer geeft dus een soort toekomstvisie weer. In principe is het volledige Eigen Vermogen van een Gemeenschappelijke van de deelnemende Gemeenten. Elke vorm van solvabiliteit “groter dan 0” is dan ook te beschouwen als buffer. Uit de afspraken rondom de te vormen reserves (zie onder 1.) resulteert een gewenste solvabiliteit van tenminste ca. 15%. Solvabiliteitsratio in % > 15%
2021 Realisatie 11 %
2022 Realisatie 8%
27
2023 Realisatie 13%
2024 Realisatie 20%
Jaarstukken 2024
2.2.c. Structurele Exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling hiervan wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten (verminderd met de incidentele lasten) en structurele lasten (verminderd met de incidentele baten), plus het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves, gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen.
Structurele Exploitatieruimte
2021
2022
2023
2024
Realisatie
Realisatie
Realisatie
Realisatie
0%
0%
4%
5%
in % Progr 1 2 3: > 0%
Bij RD Maasland schommelt dit saldo normaal rondom 0 %, soms licht positief, soms licht negatief. Dat wordt veroorzaakt door (zeer geringe) incidentele baten c.q. lasten.
2.2.d. EMU-saldo Voor een deel-overheid als een Gemeente (laat staan voor een Gemeenschappelijke Regeling) zegt het Kengetal EMU-saldo weinig tot niets: de berekening ervan draagt slechts bij tot het op “(inter)nationaal-niveau” kunnen beoordelen van het EMU-saldo. Aangezien het kengetal verplicht moet worden aangeleverd volgt toch enige toelichting: Het EMU-saldo is een kengetal dat (in 1992) in het leven is geroepen om Europese regels af te spreken op het gebied van overheidsfinanciën. D.m.v. het EMU-saldo worden grenzen gesteld aan het begrotingstekort en de overheidsschuld. Door het Rijk is dit vertaald in onder andere een tekortnorm voor het EMU-saldo van decentrale overheden van – 0,3% van het BBP. Deze norm wordt niet verdeeld over de decentrale overheidslagen, en dus zijn er geen referentiewaarden voor individuele overheden bepaald, en zodoende is het EMU-saldo voor een individuele overheidsgeleding geen stuurinstrument. Het EMU-saldo komt in grote mate overeen met het exploitatiesaldo, vertrekt daar ook van, maar pleegt enkele correcties en aanvullingen, met name kapitaaltransacties zoals investeringen. Daardoor wordt voor de bepaling van het EMU-saldo het transactiemoment bepalend, terwijl dat voor het exploitatiesaldo het moment van gebruik is. Via een CBS-enquête worden de gegevens voor het EMU-saldo opgevraagd.
Voor RD Maasland zien de EMU-saldi er als volgt uit: EMU-saldo (x € 1.000) Norm n.v.t.
2021 Realisatie -979
2022 Realisatie -312
2023 Realisatie 4
2024 Realisatie -288
Zichtbaar is dat het EMU-saldo van het ene op het andere jaar aanzienlijk op en neer beweegt, de ene keer positief, de andere keer negatief. Met name het investerings(volume)-patroon en het resultaat zijn hier debet aan. 28
Jaarstukken 2024
Investeringen (x € 1.000)
2021 Realisatie 1.519
2022 Realisatie 942
2023 Realisatie 896
2024 Realisatie 1.271
Investeringen zijn in de berekening van het EMU-saldo een aftrekpost. Aangezien alle andere posten (met name: exploitatiesaldo en afschrijvingen) redelijk constant zijn, bepaalt het wisselend volume van investeringen mede het verloop van het EMU-saldo. Overigens zou het beeld minder wisselend zijn wanneer er sprake zou zijn van een zgn. ideaalcomplex: een evenwichtige “leeftijdsverdeling” van de activa, waardoor het bedrag aan investeringen in elk jaar ongeveer zo groot is als de afschrijvingen.
2.2.e. Conclusies o.b.v. Financiële Kengetallen Zoals in de inleiding van deze paragraaf 2.2 vermeld dienen conform het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) in Jaarstukken en Begroting financiële kengetallen te worden opgenomen. Twee daarvan (te weten: Grondexploitatie en Belastingcapaciteit) zijn voor RD Maasland niet van toepassing. De andere drie (Netto Schuldquote, Solvabiliteit en Structurele Exploitatieruimte) zijn in de voorgaande paragrafen opgenomen en voorzien van een toelichting. De algehele conclusie op basis daarvan is dat RD Maasland een financieel gezonde positie heeft (en dat die ook in stand blijft, zie de Begroting). Aandachtspunt is de hoogte van de Algemene Reserve, welke net boven het gewenste niveau ligt, en een drukkend effect op de solvabiliteit heeft. Tijdelijk overigens werden de kengetallen de laatste jaren sterk beïnvloed door de dotatie en onttrekkingen aan de bestemmingsreserve hebben invloed op de kengetallen.