Bijlage - Concept-Meerjarenbegroting 2022-2025.pdf
Tekst van het document
44
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Programma 3 Omgeving
3.B.3
Versnellen van de woningbouw
Toelichting
De woningbouw moet worden versneld om aan de behoefte te voldoen. Daarvoor zijn zowel de al bekende inbreidingslocaties als uitbreidingslocaties nodig. We willen de juiste woningen realiseren rekening houdend met de geconstateerde woningbehoefte en met doorstroming uit de bestaande voorraad. De grootste opgave ligt in de kern Duiven. We realiseren de nieuwbouw daarom vooral in en bij de kern Duiven. In Loo en Groessen wordt naar behoefte gebouwd met extra aandacht voor lokale kenmerken als woonmilieus en sociale binding. We willen de betaalbare woningen die we realiseren ook betaalbaar houden. We stellen eisen op het gebied van energie, duurzaamheid, klimaatadaptatie en levensloopbestendigheid. Er zijn al de nodige stappen gezet om de woningbouw te versnellen met het vaststellen van de notitie woningbouwprogramma van 2018 en de versnellingsnotitie woningbouw van 2019 en de raadsbesluiten over de uitbreidingslocaties. Gelet op de onderschatting in eerdere prognoses, de achterblijvende woningbouw de afgelopen jaren gecombineerd met de grote druk op de woningmarkt en het huidige woningtekort, zijn er in regionaal verband afspraken gemaakt met het Rijk in de Woondeal. Vanuit deze Woondealafspraken moet rekening worden gehouden met een grotere woningbehoefte dan tot nu toe berekend. Vervolgens kan de planvoorbereiding voor de uitbreidingslocaties worden opgepakt.
Parallel hieraan wordt met onverminderde prioriteit uitvoering gegeven aan woningbouw op de inbreidingslocaties die voor de korte termijn in beeld zijn.
Risico’s
Het niet tijdig kunnen realiseren van het gewenste woningbouwprogramma, door bezwaar en beroep op locatieontwikkelingen of uiteenlopende andere omstandigheden. Onduidelijk is nog welke onrendabele investering de realisatie van het gewenste (betaalbare) programma, op deze locaties, in een versneld tempo, vraagt. De huidige bestemmingsreserve "Betaalbare Woningbouw" zal hiertoe op termijn ontoereikend zijn. Los daarvan is geconstateerd dat intern onvoldoende (aanverwante) capaciteit en expertise beschikbaar is om aan de ambities tegemoet te komen voor wat betreft de woningbouwopgave. Bovendien lopen de kosten voor de baten uit. Uitgangspunt is dat de extra kosten gedekt moeten worden uit: • de grondverkopen (grondexploitatie); • het kostenverhaal dat wordt overeengekomen via een anterieure overeenkomst (indien het een locatie betreft die niet in eigendom van de gemeente is); • de leges die betaald worden voor de (extra) omgevingsvergunningen die worden aangevraagd. Het grootste risico is dat de extra uitgaven een negatieve uitwerking hebben op de grondexploitatie waardoor een woningbouwlocatie of een gewenst woningbouwprogramma binnen een plan niet gerealiseerd kan worden of dat extra financiering nodig is of plannen bijgesteld moeten worden.
Planning
De huidige acties om de woningbouw te versnellen lopen tot 2023-2025, maar zijn daarna zeker niet afgerond. De acties rondom de woningbouwversnelling lopen conform de Woondeal tot in ieder geval 2030.
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Programma 3 Omgeving
3.B.3
Versnellen van de woningbouw
Financiën
Met het raadsbesluit van 26 januari 2021 is een voorbereidingskrediet ter grootte van € 645.000 beschikbaar gesteld om in 2021, 2022 en 2023 voortvarend verder te gaan met de (geprioriteerde) inbreidings- en uitbreidingslocaties en dit bedrag te dekken uit toekomstige grondexploitaties of via een bijdrage die verkregen wordt vanuit het kostenverhaal. Voor de uitvoering van deze specifieke opgave zijn naast reeds beschikbaar gestelde middelen vooralsnog geen extra middelen voorzien. Het college constateert dat het aantal verzoeken en initiatieven die mogelijk kunnen leiden tot potentiele inbreidingslocaties toenemen. Daarnaast kunnen niet alle potentiële inbreidingslocaties doorontwikkeld worden en is telkens nadere prioritering aan de orde, omdat niet alles tegelijk kan. Het college hecht er waarde aan (gelet op de beoogde versnellingsopgave en de blijvende prioriteit voor inbreiding) om ook, naast de lopende prioriteiten, te bezien of deze ontwikkelingen sneller met voorrang kunnen worden opgepakt. De verwachting is dat deze behoefte ook na 2025 zal gelden en derhalve structureel is. Het college stelt daarom voor om hier per 2022 extra op te kunnen gaan inzetten en daarvoor capaciteit beschikbaar te krijgen. Nader bezien zal worden hoe deze capaciteit slim in te vullen. Het voorstel is daarom om hiervoor structureel € 91.000 per jaar beschikbaar te stellen.
Onderdeel kan zijn nader te bekijken of de reikwijdte van de notitie ‘Kleinschalige Inbreidingslocaties Woningbouw’ is te verbreden. Gedeeltelijke dekking (achteraf) vindt plaats door deze interne kosten door te belasten in de betreffende extra locatieontwikkelingen (kostenverhaal planontwikkelingskosten), zie hiervoor ook verder het benoemde onder ‘risico’s’. Risico is evenzeer dat de hoge druk op aanverwante en benodigde vakdisciplines verder toeneemt. We stellen voor om het benodigde bedrag van € 91.000 voor de komende vijf jaar in een nieuw te vormen Bestemmingsreserve te storten. Jaarlijks kan dan het benodigde bedrag uit deze reserve worden onttrokken.
Participatie
De participatieladder wordt naar gelang het onderwerp, de situatie en de ontwikkeling ingezet. Veel is ook gericht op de samenwerking met alliantiepartners. Het participatieniveau is dan het ‘ondersteunen van initiatieven’. Bij de keuze voor en bij de verdere ontwikkeling en realisatie van een uitbreidinglocatie Woningbouw zal een zorgvuldig participatie- en communicatieproces worden doorlopen, waarbij ook de omgeving nauw betrokken wordt.
3.B.4
Stimuleren en faciliteren van vitale wijken en dorpen
Doel
Het behouden en versterken van een aantrekkelijke en duurzame leef-, woon- en werkomgeving in dorpen en wijken.
45
46
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Programma 3 Omgeving
3.B.4
Stimuleren en faciliteren van vitale wijken en dorpen
Toelichting
In 2021 zijn stappen gezet in de verdere uitwerking van de thema’s en aandachtspunten uit de in voorgaande jaren opgemaakte dorpsvisies voor Loo en Groessen en het wijkontwikkelingsplan Duiven-West. Dit geldt ook voor het buurtschap Helhoek ten aanzien van de Toekomstvisie en het uitwerkingsplan. • Dorpsraad Loo is bezig met de uitwerking van een voetpad conform de Dorpsvisie. De verwachting is dat daarvoor eind dit jaar, bij voldoende draagvlak in het dorp, een voorstel aan de raad wordt voorgelegd om aansprak te maken op de bestemmingsreserve en dat dit in 2022 wordt gerealiseerd. • De Dorpsraad Groessen is, naast dat zij zich inzet voor het woningbouwplan “Onder de Toren” gestart met de uitwerking van het dorpshart, als onderdeel van de visie van Sant&Co. Het eerste onderdeel waar aan wordt gewerkt, is de herinrichting van het Schuttersplein en de oversteek richting de kerk. In 2021-2023 zal dit worden uitgewerkt en wordt te zijner tijd een voorstel aan de raad voorgelegd om aanspraak te maken op de bestemmingsreserve “Vitale dorpen en wijken”. Daarnaast zal het dorp zelf (financiële) middelen aan moeten dragen. Het voorstel is om de uitvoering te laten aansluiten op de afronding van het woningbouwplan (afhankelijk van financiering - planning: realisatie 2024). • Bij de Helhoek ligt op dit moment het accent op de ontwikkeling van een aantal woningen (planning bouw: 2022).
Een uitwerkingsgroep gaat verder met het concretiseren van de maatregelen ten aanzien van inpassing en (verkeers-) veiligheid uit het uitwerkingsplan (verwacht eerste uitvoering: 2022/2023). • In Duiven-West wordt verder gewerkt aan een uitvoeringsprogramma bij het wijkontwikkelingsplan. De projectgroep heeft hiervoor een participatief traject opgestart voor de uitwerking van het schetsontwerp van de wijkraad. Een definitief ontwerp, inclusief een raming van de uitvoeringsbouwsom is naar verwachting in september 2021 gereed. Op dat moment wordt aan de raad een voorstel voorgelegd om een beroep te doen op de bestemmingsreserve “Vitale dorpen en wijken”. Gestreefd wordt naar realisatie van het ontmoetingsplein begin 2022. Realisatie van de overige punten uit het uitvoeringsprogramma, rondom openbaar groen, hondenuitlaatplaatsen en verkeer, zijn gepland in 2022/2023. In de komende jaren wordt ingezet op de concrete uitvoering van de deelplannen van de visies. Een belangrijk aandachtspunt is en blijft het investeren in een goede relatie. De gemeente biedt ondersteuning aan en faciliteert, en vanuit de wijken en dorpen wordt inzet en initiatief verwacht (“van, voor en door”). Het creëren van draagvlak en het samen realiseren van planonderdelen vormt een belangrijk onderdeel. Dit geldt ook voor het uitspreken van verwachtingen naar elkaar; niet alles is (direct) haalbaar.
Een aantal plannen kan op de korte termijn (deels) worden uitgevoerd. En andere plannen worden in tijd gefaseerd, die wellicht niet allemaal kostendekkend zijn. Hiervoor zal t.z.t. mogelijk een financieel, inhoudelijke bijdrage worden gevraagd, en zal een dorp en/of wijk zelf middelen dienen te genereren (eigen inzet, crowdfunding, aanspreken van subsidies). Bovengenoemde processen kunnen het effect hebben dat andere wijken en buurten ook een toekomstvisie opstellen, waarbij wordt gekeken naar een aantrekkelijke, veilige inrichting en sociale samenhang.
Risico’s
De uitvoering van de plannen kunnen om diverse redenen bij zowel gemeente als initiatiefnemers (inzet van mensen, samenwerking, prioritering) later tot uitvoering komen. En het kan zijn dat bij de verdere planuitwerking duidelijk wordt dat een hogere bijdrage nodig is om tot een haalbare of financieel sluitende uitvoering te komen. Daarnaast heeft het Coronavirus in 2021 een grote impact op de voortgang van de uitwerking van de dorpsvisies en het wijkontwikkelingsplan. Wat betreft de verdere uitwerking van het dorpshart in Groessen het volgende: de globale indicatie van de inrichtingskosten van het Schuttersplein zijn hoger dan het bedrag dat voor Groessen is gelabeld in de bestemmingsreserve “Vitale dorpen en wijken”. Vanuit het dorp wordt zeker ook inzet en een bijdrage verwacht; als dit niet bijeen kan worden gebracht, is dit een risico voor de uitvoering van het plan.
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Programma 3 Omgeving
3.B.4
Stimuleren en faciliteren van vitale wijken en dorpen
Planning
De uitvoering is afhankelijk van verdere planuitwerking. Tevens heeft het Coronavirus invloed op de planning. De realisatie van planonderdelen heeft hierdoor in beperkte mate vervolg gekregen in 2022, en voor vertraging gezorgd. De realisatie loopt door in 2023 en verder.
Financiën
Voor het faciliteren van nieuwe initiatieven en het kunnen inrichten en uitvoeren van (nieuwe) samenwerkingsprocessen met andere wijken- en/of buurten is in de programmabegroting een structurele bijdrage van € 60.000 per jaar opgenomen. Voor dit moment is dit voldoende. Daarnaast is een bestemmingsreserve “Vitale dorpen en wijken” gevormd. Waarin op dit moment een bedrag van € 394.803 is opgenomen. Die naar het laat aanzien voldoende dekking biedt voor de bekostiging van de drie uitvoeringsprogramma’s voor Loo, Groessen en Duiven-West. Vooralsnog worden voor 2022 geen extra middelen gevraagd. • Voor de aanleg van het voetpad in Loo wordt in 2021 aanspraak gemaakt op de bestemmingsreserve (indicatie € 15.000 a € 20.000).
Participatie
•
Voor de planbegeleiding en voorbereidingskosten voor onderzoeken, tekeningen en bestek van de herinrichting van het Schuttersplein, kan deels aanspraak worden gemaakt op de structurele bijdrage van € 60.000. De realisatiekosten worden bij een eerste globale inschatting, uitgaande van een ‘normale inrichting’, geen hoog ambitieniveau en zonder rioolwerkzaamheden, geschat op € 300.000 (verwachting uitvoering: 2024). Uit de bestemmingsreserve kan een bedrag van € 100.000 worden ingezet; deze is in de reserve gelabeld aan de uitwerking van de dorpsvisie Groessen. Daarnaast kan vanuit de bestemmingsreserve “Fonds bovenwijkse voorzieningen” een bedrag van € 100.000 worden ingezet. Voor circa € 100.000 zal t.z.t. door het dorp Groessen zelf middelen moeten worden gezocht, bijvoorbeeld door crowdfunding, mogelijkheden van subsidies, bijdrage van lokale bedrijven en inzet van mankracht.
•
In 2021 zal zeer waarschijnlijk, voor wat betreft het ontmoetingsplein Duiven-West, aanspraak worden gemaakt op de bestemmingsreserve. Een indicatie van de uitvoeringsbouwsom ligt naar verwachting in september 2021 voor.
•
Bij de ontwikkeling van de woningen in de Helhoek wordt een afdracht gevraagd in lijn met bestaande planologisch verplichte afdrachten. Naast de afdracht voor sociale woningbouw, komt het andere deel van de opbrengst (afdrachten conform structuurvisie) ten goede aan de visie Helhoek. Hieruit kan een deel van de inpassingsmaatregelen worden gerealiseerd, waarbij zal worden gekeken naar de mogelijkheid om ‘werk met werk’ te maken tijdens de ontwikkeling van de A15. Voor de uitvoering gaat waarschijnlijk aanspraak worden gemaakt op de bestemmingsreserve in 2022/2023.
Uitgangspunt is een faciliterende rol richting initiatiefnemers (de dorps- en wijkraden) en regie en afstemming richting gemeentelijke ontwikkelingen en werken. Daarbij is vanuit overheidsparticipatie de rol het inzetten op en aanjagen van ‘het samen doen’ en het verbinden van initiatieven en/of het samenbrengen van (alliantie)partners. Daarnaast worden de dorpen en wijken bij het aanspraak maken op de Bestemmingsreserve gestimuleerd om diverse stakeholders erbij te betrekken, fondsen te werven en draagvlak voor de plannen te creëren, zowel bij de directe omgeving, als ook bij de raad. Tevens spreekt hieruit de intentie dat de gemeente bereid is plannen met draagvlak - op een meer constructieve wijze –te faciliteren en waarbij de raad grip houdt op de te besteden middelen.
C. Het implementeren van nieuwe wetgeving, die op ons afkomt. Dit zijn de speerpunten:
47
48
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Programma 3 Omgeving
3.C.1
Implementatie nieuwe Omgevingswet
Doel
Doorontwikkeling van de verdere implementatie van de Omgevingswet.
Toelichting
De implementatie van de Omgevingswet is een transitieproces. Dit proces loopt tot maximaal 2029. Over de officiële invoeringsdatum (1-7-2022) moet de eerste kamer nog een definitieve beslissing nemen. Belangrijkste reden hiervoor zijn de zorgen omtrent de kwaliteit van de landelijke ICT-ontwikkeling (DSO) en implementatiekosten. In 2021-2022 is ervoor gezorgd dat alle acties zijn uitgevoerd om te voldoen aan de wettelijk minimale eisen zoals aangegeven in het Rijk en de VNG. Vanaf 1-7-2022 zal gestart worden met de doorontwikkeling van de Omgevingswet. Hierbij moet u denken aan het vormgeven van een definitief Omgevingsplan en de Omgevingsvergunning, het beoordelen van de eerder gestelde regels (bestemmingsplannen, verordeningen en bruidsschat), verder toepasbaar maken van regels, het ten uitvoer brengen van de omgevingsprogramma’s en de doorontwikkeling van het Digitaal Stelsel Omgevingsrecht (DSO/ICT).
Risico’s
Gelet op de breedte van taken behorende bij de doorontwikkeling zal dit veel interne betrokkenheid van vakdisciplines vragen. Dit brengt extra werkdruk en/of nadere prioritering met zich mee waardoor andere werkzaamheden niet kunnen plaatsvinden. Indien er geen invulling kan worden gegeven aan deze doorontwikkeling dan zal de dienstverlening achteruit gaan, fouten kunnen ontstaan door verkeerde informatieverstrekking, extra ambtelijke capaciteit noodzakelijk is om het gewenste product te leveren en blijven wij werken met verouderde regels waardoor er een hogere administratieve lastendruk zal ontstaan voor de samenleving. De 4 verbeterdoelstellingen die de wetgever beoogd: sneller, inzichtelijker, samenhangender en invulling bestuurlijke afwegingsruimte zullen niet worden gehaald.
Planning
Op 1 juli 2015 heeft de Tweede Kamer de Omgevingswet aangenomen. Al eerder is de raad geïnformeerd over de inhoud en processtappen van deze ingrijpende stelselwijziging. Definitief besluit over de invoeringsdatum wordt in 2021 genomen. Recentelijk heeft de minister beide kamers geïnformeerd dat de invoeringsdatum uitgesteld is naar 1-7-2022. Voor de doorontwikkeling denken wij daarna nog 3 jaar nodig te hebben om de gewenste onderdelen naar een gewenste resultaat te brengen.
Financiën
De huidige raming van de kosten voor de implementatie van de Omgevingswet loopt tot en met 2021. Door het uitstel zullen kosten verschuiven en toenemen. Voor de uitgestelde invoeringsdatum en doorontwikkeling de komende 3 jaar die daarop volgt, is een aanvullende raming opgesteld. Er zijn kosten opgenomen voor benodigde inhuur ter ondersteuning en compensatie van reguliere taken, het beheer en doorontwikkelen van het DSO, verdere doorontwikkeling van het Omgevingsplan en Omgevingsvergunning en het komen tot toepasbare regels eigen verordeningen en benodigde middelen voor communicatie en participatie. De kosten voor 2022 t/m 2024, voor Duiven en Westervoort samen zijn geraamd op: € 265.000, € 205.000, € 205.000 en € 175.000. Het aandeel voor Duiven voor deze jaren bedraagt € 166.950, € 129.150, €129.150 en € 110.250. We stellen voor deze bedragen uit de aanloopfase (in totaal € 535.500) in een nieuw te vormen Bestemmingsreserve Omgevingsvisie en Bestuursopdracht RSD te storten. Daaruit kunnen dan de jaarlijks benodigde bedragen worden onttrokken. Vanaf 2026 is structureel € 25.200 (aandeel Duiven) per jaar nodig voor het beheer van het DSO. Die zullen we dan in ramingen verwerken.
Participatie
Doordat de gemeentewet is uitgesteld zal de participatieverordening en participatiebeleid later tot stand komen. Per kerninstrument vindt een uitwerking naar gewenst participatieniveau plaats om te voldoen aan de minimale eisen van de Omgevingswet en de gemeentelijke inspraakverordening. Deze uitwerkingen zullen ook aan de raad worden voorgelegd. In de geest van de nieuwe wetgeving zal zeker ook bekeken worden in welke mate stakeholders en samenleving te betrekken.
Aanvullende wensen
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Programma 3 Omgeving
49
Onderstaand staat de toelichting op de aanvullende wensen binnen dit programma voor 2022. Beheerplannen groen, verhardingen, riolering en openbare verlichting Momenteel werken we aan Integraal Beleid Openbare Ruimte (IBOR). Naar verwachting wordt dit eind 2021 of begin 2022 door de gemeenteraad vastgesteld. Vanuit het IBOR beleid moet in 2022 per discipline een beheerplan worden opgesteld waarin we uitgangspunten vanuit het beleid uitwerken naar beheer uitgangspunten en maatregelen. Het beheerplan riolering wordt uit het watertakenplan betaald. Voor andere disciplines vragen we budget. De kosten voor de beheerplannen verhardingen en openbare verlichting ramen wij voor 2022 op eenmalig € 23.333. Voor het beheerplan groen zie programma 2. Actieplan Biodiversiteit vanuit de omgevingsvisie In de Omgevingsvisie staat dat we de waarde van biodiversiteit willen behouden en versterken. Daarvoor is het nodig om uit te dragen welke functies het vervult voor milieu, luchtkwaliteit, waterberging, voedselproductie, gezondheid, sociale activering, recreatie en beeldkwaliteit. Er moet meer natuur-inclusief gewerkt en ontwikkeld worden. Meer en robuustere natuur in de dorpen, de bedrijventerreinen en buiten de woonkernen vraagt om extra gemeentelijke aandacht, inzet en middelen en in gezamenlijkheid met bedrijven, instellingen en bewoners.
Waar mogelijk wordt aangesloten bij initiatieven uit de samenleving. In de kansenkaart nr. 10 van het concept-ontwerp Omgevingsvisie 2021, staan suggesties voor het koppelen van biodiversiteit aan gebiedsontwikkeling. De ambities vragen om uitwerking in een actieplan. Een plan dat de huidige stand van zaken m.b.t. biodiversiteit in beeld brengt, visie en strategie aangeeft, concrete maatregelen voorstelt, inzet op bewustwording en samenwerking en in samenspraak met gebiedspartijen tot stand komt. De kosten voor het opstellen van een dergelijk plan in 2022 wordt vooralsnog, incidenteel op € 35.000 geraamd. In het verdere proces van Omgevingsvisie naar Omgevingsprogramma’s zal e.e.a. nader uitgewerkt worden. Ondersteunen ondernemers Voorgesteld wordt om in 2022 eenmalig een bedrag op te nemen van € 25.000 ter ondersteuning van groepen ondernemers, die grote gevolgen hebben ondervonden van COVID. Daarbij kan worden gedacht aan ondersteuning door middel van creatieve acties. Impuls strategische denk- en doekracht In Duiven is het goed leven, wonen en werken. Wij willen een aantrekkelijke werk-, woon- en leefomgeving die toekomstgericht en duurzaam is en wij willen die betrouwbare en betrokken partner zijn die goed in staat is daar aan bij te dragen. Afspraken die grote invloed hebben op de lokale werk-, woon- en leefomgeving, worden steeds vaker op regionale schaal gemaakt.
Om de lokale belangen te kunnen borgen en die betrouwbare en betrokken partner te kunnen blijven, is het daarom ook van groot belang daadwerkelijk aanwezig te zijn en inbreng te hebben op regionale schaal. Daar is stevige strategische denk- en doekracht voor nodig. Door de grote hoeveelheid aan ontwikkelingen zijn we op dit moment echter niet in staat die belangrijke rol te vervullen en lopen daar risico’s op achterblijven. We stellen daarom voor om in ieder geval voor het komend jaar impuls te geven aan die strategische denk- en doekracht. Deze impuls bestaat uit het incidenteel beschikbaar stellen van € 45.000,-. Door deze impuls te geven zijn we voor het komend jaar in staat vanuit eigen ambitie op regionale schaal in de ruimtelijke ontwikkelingen goed positie te nemen. Wij denken dan bijvoorbeeld aan de Liemerse agenda en verstedelijkingsstrategie. 3.3 Wat gaat het ons kosten?
Kosten bestaand beleid Programma Omgeving Rekening Begroting Lasten Baten Saldo voor bestemming Mutaties reserves
Begroting
Meerjarenraming
2020
2021
2022
2023
2024
2025
14.473 10.699 - 3.774 564
13.336 12.109 - 1.227 2.554
14.583 10.705 - 3.878 641
12.972 9.231 - 3.741 503
11.998 8.033 - 3.965 703
11.877 8.100 - 3.778 484
50
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Programma 3 Omgeving
Rekening
Begroting
Begroting
2020
2021
2022
2023
2024
2025
- 3.237 - 129 - 3.366
- 3.238 0 - 3.238
- 3.262 0 - 3.262
- 3.294 0 - 3.294
Saldo na bestemming Incidentele baten en lasten Structureel saldo Bedragen x € 1.000
- 3.210 - 91 - 3.119
1.328 - 66 1.394
2022
Meerjarenraming
2023
2024
2025
Speerpunten: Infrastructurele verbetering Nieuwgraaf
0
0
0
0
35.000
35.000
35.000
35.000
Versnellen woningbouw
0
0
0
0
Implementatie Omgevingsvisie
0
0
0
0
0
0
0
35.000
35.000
35.000
Uitvoering Woonvisie
Aanvullende wensen: Beheerplannen
23.333
Actieplan biodiversiteit
35.000
Ondersteunen ondernemers
25.000
Impuls strategische denk- en doekracht
45.000
Verwerkt in het saldo Bedragen in €
163.333
3.4 Welke verbonden partijen zijn betrokken? Omgevingsdienst Regio Arnhem Doel
De gemeenschappelijke behartiging van de belangen van de deelnemers terzake van vergunningverlening, toezicht en handhaving in het kader van het omgevingsrecht. Middels de ODRA worden de krachten gebundeld zodat sprake is van minder versnippering, een grotere mate van deskundigheid en een meer efficiënte inzet van middelen.
Taak
Het uitvoeren van meerdere taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving in het omgevingsrecht voor gemeenten in de regio Arnhem en Provincie Gelderland. Ook is Omgevingsdienst Regio Arnhem voor deze overheden het aanspreekpunt voor milieuvraagstukken.
Beleidsrisico’s
De ODRA is een uitvoeringsorganisatie. De beleidsrisico’s zijn derhalve zeer beperkt. Uitvoerend beleid wordt afgestemd, maar het blijft een zelfstandige gemeentelijke bevoegdheid om het resultaat van de afstemming over te nemen.
Onze inzet in 2022 Door de verwachte invoering van de Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging per 1 juli 2022 is de inzet met name om deze overgang gezamenlijk goed te laten verlopen. Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen Doel
Verbeteren van het vestigingsklimaat voor inwoners en bedrijven in de regio Arnhem-Nijmegen, in zowel nationaal als internationaal perspectief.
Taak
Overleg te voeren gericht op afstemming van beleid op de terreinen wonen, mobiliteit, economie en duurzaamheid. Daarnaast wordt het Bureau Brussel (EUlobby) op strategisch-inhoudelijk niveau aangestuurd.
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Programma 3 Omgeving
Beleidsrisico’s
51
Beperkt. Het orgaan is een afstemmingsplatform dat geen beslissingen kan nemen voor de afzonderlijke gemeenten. Beleid wordt afgestemd, maar het blijft een zelfstandige gemeentelijke bevoegdheid om het resultaat van de afstemming over te nemen.
Onze inzet in 2022 Eind 2020 is besloten tot deelname aan de Gemeenschappelijke Regeling Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen. Behalve dat dit een nieuwe manier van werken met zich mee gaat brengen (door middel van een Opgave agenda), heeft het tevens financiële consequenties. Er geldt een verhoging van de vaste bijdrage (faciliterend regiobureau) van € 1,88 naar € 2,63 per inwoner/gemeente. Dit is een verhoging van € 0,75 per inwoner/gemeente. Tevens geldt hierbij de bijdrage van € 1 voor stichting The Economic Board. In de tweede helft van 2021 zal een integrale afweging volgen om deel te nemen aan een of meerdere opgaven. Er zijn in totaal 5 opgaven die een onderlinge verbinding hebben. De uiteindelijke kosten en capacitaire gevolgen worden eind 2021/begin 2022 inzichtelijk gemaakt.
VGGM – Zie programma 1.
52
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Programma 3 Omgeving
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Algemene Dekkingsmiddelen
53
Algemene Dekkingsmiddelen In de nieuwe opzet van onze programmabegroting zijn de meeste onderdelen van de Algemene Dekkingsmiddelen vooral onder Programma 1 Bestuur opgenomen. De Toeristenbelasting is verwerkt in Programma 3 Omgeving. Omdat de opsomming van Algemene Dekkingsmiddelen een verplicht onderdeel van de BBV is hebben we deze als aanvullend hoofdstuk in het Programmaplan opgenomen. Tevens zijn in dit hoofdstuk verplichte onderdelen over de post onvoorzien en de vennootschapsbelasting opgenomen. Als Algemeen Dekkingsmiddel worden de volgende onderdelen aangemerkt: • Belastingen. • Uitkering uit het Gemeentefonds. • Beleggingen. • Overige Algemene Dekkingsmiddelen. Algemene Dekkingsmiddelen 2022
2023
2024
2025
Belastingen - Hondenbelasting
176.467
179.820
182.697
185.650
- Toeristenbelasting
177.420
177.420
177.420
177.420
- Reclamebelasting
50.250
50.250
50.250
50.250
6.531.861
6.668.181
6.802.605
6.939.029
- Algemene Uitkering
35.048.082
35.473.768
35.990.496
36.759.276
- Integratie-uitkering Participatie
1.863.082
1.814.042
1.733.561
1.627.332
- Integratie-uitkering Voogdij 18+
1.007.027
1.007.027
1.007.027
1.007.027
- Integratie-uitkering Inburgering
90.616
91.021
88.038
84.715
- Decentralisatie-uitkeringen
290.465
283.794
283.794
274.794
Beleggingen
108.000
108.000
108.000
108.000
228.977
207.058
240.821
283.094
Totaal 45.572.247 46.060.381 Bedragen in €, zie voorcalculaties (excl. voorgestelde verhogingen)
46.664.709
47.496.587
- OZB Uitkering uit het Gemeentefonds
Overige Algemene Dekkingsmiddelen - Rente interne financiering
Belastingen Hieronder vallen de gemeentelijke belastingen, voor zover zijnde Algemene Dekkingsmiddelen. In Duiven zijn dat de onroerende-zaakbelastingen, de toeristenbelasting, de reclamebelasting en de hondenbelasting. De toelichting op deze belastingen is opgenomen in de paragraaf Lokale heffingen. Uitkering uit het Gemeentefonds Uit het Gemeentefonds worden betaald de Algemene Uitkering, Integratie-uitkeringen en decentralisatie-uitkeringen. Algemene Uitkering Het belang van de meicirculaire is in de afgelopen jaren sterk toegenomen. Stijgende accressen, sterke ontwikkeling van de uitkeringsbasis, financiering 3D-taken en veranderingen in het verdeelstelsel. Ook in de meicirculaire 2021 zitten alle elementen weer opgenomen. Totaal Algemene Uitkering
2022 35.048.082
2023 35.473.768
2024 35.990.496
2025 36.759.276
54
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Algemene Dekkingsmiddelen
Bedragen in €
Ten opzichte van de septembercirculaire 2020 zijn er de volgende mutaties: Uitkeringsjaar Accresontwikkeling meicirculaire 2021
2021 0
Plafond BTW-compensatiefonds afrekening 2020
119.771
Afronding uitkeringsfactor
- 4.607
Hoeveelheidsverschillen
144.531
Ontwikkeling uitkeringsbasis
276.394
Aanpak problematiek Jeugdzorg - Verdringing en lichte zorg
306.416
- Praktijk ondersteuning huisartsen Jeugd GGZ
13.446
- Wachttijden specialistische Jeugdzorg
268.774
Compensatieregeling Voogdij/18+
8.579
Ketensystemen jeugd
-483
Rijksvaccinatieprogramma meningokokken
5.220
Rijksvaccinatieprogramma informed consent
935
Handhaving energielabel c kantoren
1.998
Handelsregister
-1.260
Versterking gemeentelijke antidiscriminatievoorziening
10.081
Extra corona gelden decembercirculaire
162.003
Extra corona gelden maartbrief
268.361
Suppletie-Uitkering integratie sociaal domein
10.074
Totaal Bedragen in €
1.590.233
In de meicirculaire 2021 zijn nieuwe ramingen verwerkt van de ontwikkeling van de uitkeringsbasis. De afrekening van het BCF 2020 levert ons € 119.771 op. Het effect op de uitkeringsfactor is voor Duiven negatief (€ 4.485). En de afronding van de uitkeringsfactor kost ons € 4.607. Als gevolg van het wijzigen van diverse aantallen bij de maatstaven in de berekening stijgt de Algemene Uitkering voor Duiven met € 144.531. De ontwikkeling van de uitkeringsbasis levert een voordeel op van 12 punten (€ 276.394). Er wordt een incidentele compensatie van € 588.637 gegeven voor de aanpak van de problematiek in de Jeugdzorg. Uit de compensatieregeling Voogdij/18+ ontvangen we € 8.579. Voor Ketensystemen jeugd ontvangen we € 483 minder. Voor het Rijksvaccinatieprogramma ontvangen we in totaal € 6.155 meer. Voor de handhaving van energielabel c voor kantorenkrijgen we € 1.998. En voor het handelsregister ontvangen we € 1.260 minder. Er komt een aanvulling op de reeds eerder toegekende gelden voor de gemeentelijke antidicriminatievoorziening van € 10.081. De coronagelden die in de decembercirculaire zijn benoemd ad € 162.003 en in de maartbrief ad € 268.361 worden nu verwerkt. De suppletieuitkering integratie sociaal domein is naar boven bijgesteld € 10.074.
Integratie-uitkeringen De integratie-uitkeringen zijn bestemd om middelen via het Gemeentefonds te verdelen op een wijze die afwijkt van de bestaande verdeelsleutels. Het zijn uitkeringen met een tijdelijk karakter. Opzet is dat deze uitkeringen op korte of middellange termijn worden opgenomen in de reguliere Algemene Uitkering. Voor 2021 gaat het in Duiven om de Integratie-Uitkering Participatie, de Integratie-Uitkering Voogdij/18+ en de Integratie-Uitkering Inburgering. Voor de Participatie ontvangen we € 88.353 meer vanwege loon-, prijsindexatie en voor voogdij/18+ ontvangen we €
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Algemene Dekkingsmiddelen
55
14.296 meer vanwege nieuwe gegevens. In 2021 ontvangen we voor de Wet Inburgering € 556 minder vanwege een kleine bijstelling. Het gaat om de volgende bedragen: Overzicht Integratie-uitkeringen Omschrijving Voogdij/18+ Participatie Inburgering Totaal Bedragen in €
2022 1.007.027 1.863.082 90.616 2.960.725
2023 1.007.027 1.814.042 91.021 2.912.090
2024 1.007.027 1.733.561 88.038 2.828.626
2025 1.007.027 1.627.332 84.715 2.719.074
Decentralisatie-uitkeringen De decentralisatie-uitkering is een variant op de integratie-uitkering. Het tijdstip van overheveling hoeft in het geval van een decentralisatie-uitkering nog niet bekend te zijn en daarnaast kan het ook om tijdelijke middelen gaan. Voor de DU Armoedebestrijding kinderen (€ 3.672) ontvangen we meer. Overzicht Decentralisatie-uitkeringen Omschrijving DU Armoedebestrijding kinderen DU Impuls brede scholen combinatiefuncties DU decentralisatie provinciale taken VTH DU Voorschoolse voorziening peuters DU Gezond in de stad DU Versterking omgevingsveiligheidsdiensten Totaal Bedragen in €
2022 93.487 73.208 63.236 44.503 6.671 9.000 290.465
2023 93.487 73.208 63.236 44.503
2024 93.487 73.208 63.236 44.503
2025 93.487 73.208 63.236 44.503
9.000 283.794
9.000 283.794
274.794
Decentralisatie Uitkering Armoedebestrijding kinderen Vanaf 2017 stelt het kabinet structureel gelden beschikbaar voor de bestrijding van de gevolgen van armoede onder kinderen. Verdeling vindt plaats via door het CBS ontwikkelde gegevens over kinderen met een kans op armoede. Voor Duiven een bedrag van € 90.715. Onder het taakveld 6.3 Inkomensregelingen zijn lasten van gelijke hoogte opgenomen. Decentralisatie Uitkering Impuls brede scholen combinatiefuncties De gemeente Duiven heeft een aanvraag ingediend voor deze uitkering en loopt mee in de vierde tranche. Vanaf 2021 wordt een uitkering van € 73.208 ontvangen. Onder het taakveld 5.1 Sportbeleid en activering zijn lasten van gelijke hoogte opgenomen. Decentralisatie Uitkering provinciale taken vergunningverlening, toezicht en handhaving Vanwege de overdracht van taken aan gemeenten op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) bij provinciale inrichtingen wordt voor het jaar 2021 € 63.236 toegevoegd. De raming voor de kosten voor VTH wordt gelijk aan deze decentralisatie-uitkering verhoogd (budgettair neutraal). Decentralisatie Uitkering Voorschoolse voorziening peuters Rijk en gemeenten hebben bestuurlijke afspraken gemaakt over een aanbod voor alle peuters. Met deze afspraken wordt alle peuters de mogelijkheid gegeven om naar een voorschoolse voorziening te gaan.
Via de afspraken zetten gemeenten zich actief in om een aanbod te realiseren voor de groep peuters zonder recht op kinderopvangtoeslag die nu niet naar een voorschoolse voorziening gaat. Decentralisatie Uitkering Gezond in de stad In het kader van het actieprogramma Kansrijke Start van 12 september 2018 zijn bij mei- en decembercirculaire 2019 middelen via een decentralisatie-uitkering aan het gemeentefonds
56
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Algemene Dekkingsmiddelen
toegevoegd voor GIDS-gemeenten (Gezond in de stad). Deze gemeenten willen een lokale coalitie vormen rondom de eerste 1000 dagen van kinderen. Decentralisatie Uitkering Versterking Omgevingsveiligheidsdiensten De middelen zijn bedoeld voor lokale versterking omgevingsveiligheid. Dit geeft gemeenten de ruimte om te komen tot lokale prioriteiten bij de uitvoering van omgevingsveiligheidsbeleid. Op die wijze wordt omgevingsveiligheid goed lokaal ingebed. De raming voor de kosten wordt gelijk aan deze decentralisatie uitkering verhoogd. Septembercirculaire De financiële gevolgen van de septembercirculaire zijn van groot belang voor deze begroting. Door de stijging van de accressen, het bevriezen van de opschalingskorting, de ontwikkeling van de uitkeringsbasis en aanpassingen van de maatstaven ontstaan in alle jaren grote voordelen. Het Rijk heeft na de arbitragezaak over de extra gelden voor Jeugdzorg veel extra geld toegezegd. Voorlopig is dat alleen voor 2022. Het nieuwe kabinet mag hier straks structurele uitspraken over doen. In samenspraak met de provinciale toezichthouders is echter afgesproken dat de gemeenten in de komende jaren met maximaal 75% van de extra gelden rekening mogen houden. Daarbij gaat het voor Duiven om bedragen rond de € 1 miljoen.
In eerdere begrotingen is reeds structureel rekening gehouden met de eerder incidenteel toegekende € 300 miljoen (voor Duiven: € 437.000) wat verrekend wordt met de extra gelden. Een voorlopige berekening is gemaakt op basis van de nu bekende maatstaven en verdelingen. 2022 Extra geld Jeugdzorg
2023
2024
2025
1.722.583
accressen, uitkeringsbasis, opschalingskorting en maatstaven
866.069
575.593
515.665
716.519
Gevolgen septembercirculaire Bedragen in €
2.588.652
575.593
515.665
716.519
Beleggingen Betreft het rendement van deelname in maatschappelijk kapitaal van instellingen en ondernemingen. Het productie- en leveringsbedrijf van de Nuon is verkocht. Het netwerkbedrijf van de Nuon is niet verkocht en heeft de naam Alliander gekregen. Overige Algemene Dekkingsmiddelen Dit gaat om de rente interne financiering. Specifiek om de rente die we nu nog bijschrijven op de voorzieningen. Onvoorzien Deze post dient ter dekking van de in de loop van het begrotingsjaar optredende onvoorziene, onvermijdbare en onuitstelbare niet geraamde uitgaven. Dit budget is niet per programma verdeeld, maar als totaalpost in de begroting opgenomen. Voor 2022 is een bedrag van € 25.000 geraamd. Vennootschapsbelasting Met ingang van 2016 zijn gemeenten voor een aantal activiteiten, zoals de grondexploitatie, vennootschapsbelastingplichtig. Lang is er veel onduidelijk geweest over te hanteren uitgangspunten. Eind 2018 en begin 2019 zijn door de belastingdienst een aantal uitgangspunten gedefinieerd om eenduidigheid, met name over de resultaatbepaling bij de grondexploitaties, te creëren. De aangiften tot en met 2019 zijn allemaal ingediend. Voor de aangifte over het jaar 2020 is uitstel verleend tot 1 mei 2022. Wij verwachten de aangifte in de tweede helft van dit jaar (2021) te kunnen doen. Vooralsnog verwachten wij de komende jaren nog geen daadwerkelijke betaling te moeten doen.
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Wensenlijst Programmabegroting 2022-2025
57
Wensenlijst Programmabegroting 2022-2025 Nieuwe activiteiten
2022
2023
2024
2025
Screening wethouderskandidaten
12.000
-
-
-
Extra communicatie projecten
100.000
Ondersteuning WOB verzoeken
25.000
Totaal Programma Bestuur
137.000
0
0
0
Kunstgrasveld DVV
55.250
55.250
55.250
55.250
Stichting SHO
141.000 38.375
38.375
38.375
Nieuwbouw VO Beheerplannen openbare ruimte
11.667
WK volleybal dames 2022
15.000
Totaal Programma Samenleving
222.917
93.625
93.625
93.625
Beheerplannen openbare ruimte
23.333
-
-
-
Actieplan biodiversiteit
35.000
-
-
-
Ondersteunen ondernemers
25.000
Impuls strategische denk- en doekracht
45.000
Totaal Programma Omgeving
128.333
0
0
0
Totaal Bedragen in €
489.250
93.625
93.625
93.625
58
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Wensenlijst Programmabegroting 2022-2025
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Beleidsbegroting - Paragrafen
Beleidsbegroting - Paragrafen Paragraaf 1
Lokale heffingen
Paragraaf 2
Weerstandsvermogen en Risicobeheersing
Paragraaf 3
Onderhoud Kapitaalgoederen
Paragraaf 4
Financiering
Paragraaf 5
Bedrijfsvoering
Paragraaf 6
Verbonden partijen
Paragraaf 7
Grondbeleid
59
60
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Beleidsbegroting - Paragrafen
Paragraaf 1 Lokale heffingen 1.1 Algemeen Deze paragraaf bevat informatie over gemeentelijke belastingen. De gemeentelijke belastingen zijn te onderscheiden in drie typen belastingen. De algemene belastingen, de bestemmingsheffingen en de retributies. Na de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds zijn dit de belangrijkste inkomstenbronnen van de gemeente. Het aandeel van de gemeentelijke belastingen in het totaal van de inkomsten op basis van de begroting 2022 is 21%. Algemene belastingen zijn belastingen waarvan de opbrengsten ten goede komen aan de algemene middelen van de gemeente. Dit betekent dat de opbrengsten van deze belastingen niet voor een specifiek en wettelijk bepaald doel maar voor alle gemeentelijke taken en voorzieningen mogen worden ingezet. De onroerende-zaakbelastingen (hierna: OZB), hondenbelasting, toeristenbelasting en precariobelasting behoren tot deze categorie. De reclamebelasting feitelijk ook maar daar is in de gemeente Duiven wel een specifiek doel aan gekoppeld. Bestemmingsheffingen zijn belastingen waarvan de opbrengsten zijn bestemd voor specifieke voorzieningen met een duidelijk algemeen belang. Onder deze categorie vallen de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Retributies zijn belastingen die worden geheven als er door of namens de gemeente een specifiek product of een specifieke dienst wordt verleend.
De leges, lijkbezorgingsrechten en marktgelden behoren tot deze categorie. Voor bestemmingsheffingen en retributies geldt dat er geen winst mag worden gemaakt. De opbrengst mag daarom niet hoger zijn dan de kosten die worden gemaakt om het product of de dienst te verlenen. In de gemeente Duiven worden diverse belastingen geheven, te weten OZB, afvalstoffenheffing, rioolheffing, hondenbelasting, toeristenbelasting, reclamebelasting en rechten (o.a. leges). 1.2 Belastingopbrengsten In onderstaand overzicht zijn de geraamde belastingopbrengsten voor het jaar 2022 opgenomen. De geraamde opbrengsten voor 2021 zijn ter vergelijking bijgevoegd. Begroting 2022
Begroting 2021
OZB
6.428.997
6.309.182
Afvalstoffenheffing
2.482.283
2.478.588
Rioolheffing
2.757.309
2.524.032
Hondenbelasting
173.688
185.907
Toeristenbelasting
177.420
171.872
Reclamebelasting
50.250
62.607
Precariobelasting
0
265.027
Lijkbezorgingsrechten
59.965
57.436
Marktgelden
3.422
8.440
Leges omgevingsvergunning
767.366
766.160
Leges
256.837
427.285
Huuropbrengst sport
252.602
256.837
13.498.656
13.513.373
Totaal Bedragen in €
1.3 Ontwikkeling tarieven De inwoners van de gemeente krijgen jaarlijks een aanslag gemeentelijke belastingen. Voor de beoordeling van de lastendruk zijn de tarieven dan ook van groot belang.
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Beleidsbegroting - Paragrafen
61
De ramingen en de tarieven in de voorcalculaties zijn gebaseerd op de tarieven 2021. Een voorstel tot aanpassing van de tarieven vindt plaats in de financiële begroting. Bij aanpassing van de tarieven zal kritisch worden beoordeeld in hoeverre tariefstijging plaats dient te vinden. Daarbij wordt steeds een efficiënte en klantgerichte uitvoering van diensten en producten nagestreefd. Naast kostenontwikkelingen (bijvoorbeeld inzameling- en verwerkingsprijzen afval) is uitgegaan van een indexering van de tarieven 2021 met 1,6% voor loon- en prijsontwikkelingen overeenkomstig het percentage BBP (Bruto Binnenlands Product) uit de meicirculaire gemeentefonds 2021 (voor 2023 1,9%, voor 2024 1,6% en voor 2025 1,6%). Verder wordt het uitgangspunt gehanteerd dat afvalstoffenheffing, rioolheffing, leges omgevingsvergunning en leges kostendekkend zijn. Voor lijkbezorgingsrechten en marktgelden is het uitgangspunt om zoveel mogelijk kosten te verhalen. Hieronder zijn de belastingtarieven voor het jaar 2022 vermeld. In het overzicht zijn, ter vergelijk, de tarieven voor 2021 opgenomen. De tarieven van de rechten, waaronder de leges en tarieven huur sportaccommodaties zijn divers. Daarom zijn deze tarieven niet opgenomen in het overzicht. Belastingsoort
Tarief 2022
Tarief 2021
- woningen, % van vastgestelde waarde
0,1387
0,1365
- niet-woningen, % van vastgestelde waarde
0,2045
0,2013
OZB gebruikersbelasting niet-woningen, % van vastgestelde waarde
0,1565
0,1540
Afvalstoffenheffing vastrecht
179,00
190,00
- per lediging 140 liter container restafval
5,00
3,34
- per lediging 240 liter container restafval
8,90
5,75
- per storting ondergrondse container
1,40
1,14
Rioolheffing, per m3
1,79
1,76
- 1e hond
66,53
65,48
- 2e hond
122,71
120,78
- 3e hond en volgende honden, per hond
178,89
176,07
- kennel
189,23
186,25
- hotel, hostel, pension en B&B
2,00
2,00
- kampeerterrein en camperplaats
1,10
1,10
Reclamebelasting, Centrum Duiven
750,00
750,00
-
2,27
OZB eigenarenbelasting:
Afvalstoffenheffing variabel:
Hondenbelasting:
Toeristenbelasting:
Precariobelasting, per m1 Bedragen in €
In de meicirculaire 2021 is aangegeven dat er een landelijk gemiddelde waardestijging van 9% voor woningen en een gemiddelde waardedaling van -0,5% voor niet-woningen wordt verwacht. De gemiddelde waardestijgingen/waardedalingen voor Duiven zijn nog niet bekend. Daarom is voor de berekening van de OZB-tarieven 2022 uitgegaan van de oude Duivense waarden. Alle OZB-tarieven worden nog herzien op basis van de daadwerkelijke waardeontwikkeling in de gemeente Duiven. Een wijzigingsvoorstel hiertoe wordt in december 2021 aan de gemeenteraad voorgelegd. 1.4 Regelgeving
62
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Beleidsbegroting - Paragrafen
Gemeenten kennen een gesloten belastingstelsel. Dit betekent dat een gemeente een belasting alleen kan heffen als een wet daar nadrukkelijk de bevoegdheid toe geeft. Het beleid betreffende de gemeentelijke belastingen is opgenomen in landelijke wet- en regelgeving. De belastingtarieven zijn opgenomen in onderstaande belastingverordeningen. - "Verordening onroerende-zaakbelastingen 2022". - "Verordening afvalstoffenheffing 2022". - "Verordening rioolheffing 2022". - "Verordening hondenbelasting 2022". - "Verordening toeristenbelasting 2022". - "Verordening reclamebelasting 2022" - "Verordening lijkbezorgingsrechten 2022". - "Verordening marktgelden 2022". - "Verordening leges omgevingsvergunning 2022". - "Legesverordening 2022". In de verordeningen zijn verder bepalingen opgenomen ter uitvoering van de heffing en de invordering van gemeentelijke belastingen. 1.5 Beleidsvoornemen Onroerende-zaakbelastingen Onroerende-zaakbelastingen bestaan uit een eigenaren- en een gebruikersbelasting. De belastingen worden geheven van eigenaren en gebruikers van onroerende zaken. Voor woningen wordt alleen een eigenarenbelasting geheven. In 2021 worden alle onroerende zaken in de gemeente Duiven voorzien van een nieuwe WOZ-waarde naar waardepeildatum 1 januari 2021. Deze nieuwe WOZ-waarden gelden voor het jaar 2022 en vormen de grondslag voor de berekening van de aanslagen OZB.
De tarieven worden aangepast met de voor 2022 verwachte inflatie van 1,6%. Er bestaat een relatie tussen de OZB en de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds. De financiële verhoudingswet regelt onder meer de verdeling van de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds over gemeenten. De Algemene Uitkering wordt over de gemeenten verdeeld met behulp van verdeelmaatstaven die verschillen in kosten weerspiegelen en ook verschillen in belastingcapaciteit. De belastingcapaciteit is een afgeleide van de waarde van onroerende zaken. Gemeenten met veel waardevol onroerend goed ontvangen een lagere uitkering dan soortgelijke gemeenten met minder waardevol onroerend goed. Van de waarde van woningen wordt 80% meegerekend en van de waarde van niet-woningen 70%. Hierop wordt het zogenaamde rekentarief toegepast. Dit rekentarief is globaal afgeleid van het gemiddelde landelijke OZB-tarief. Het resulterende bedrag wordt gekort op de Algemene Uitkering van de betreffende gemeente. Het OZB-tarief dat de gemeente hanteert, heeft geen enkel effect op deze aftrekpost. De rekentarieven zijn door het Rijk aangepast aan de landelijke waardeontwikkeling. De rekentarieven voor 2022 zijn 0,0838% voor OZB woningen eigenaren, 0,1631% voor OZB niet-woningen eigenaren en 0,1315% voor OZB niet-woningen gebruikers. In 2021 wordt het volgende project uitgevoerd.
De Waarderingskamer heeft aangegeven dat alle woningtaxaties inzake de Wet WOZ moeten zijn gebaseerd op de netto gebruiksoppervlakte (NEN2580). Nu gebruikt de gemeente Duiven, evenals het grootste deel van de gemeenten in Nederland, de bruto inhoud om de woningen te waarderen. Vanwege de omvangrijkheid en de deadline van het project zijn de werkzaamheden uitbesteed en worden in 2021 afgerond. De Waarderingskamer geeft aan dat de overgang van m3 naar m2 voor woningen vóór 1 januari 2022 moet zijn afgerond. Het project bevindt zich in een afrondende fase. Voor het tijdvak 2022 worden de WOZ-waarden vastgesteld op basis van m2. Afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing is een kostendekkende heffing. Loon- en prijsstijgingen alsmede (vervangings)investeringen hebben invloed op de tarieven. Er wordt onderscheid gemaakt in
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Beleidsbegroting - Paragrafen
63
een vastrecht en een variabel tarief per lediging van de container voor restafval of per storting in een ondergrondse container. Er wordt uitgegaan van een gemiddelde van 10 ledigingen of 35 stortingen per jaar. De kosten van kwijtschelding zijn in de tarieven afvalstoffenheffing verdisconteerd. Naar aanleiding van het nieuwe Grondstoffenplan wordt voor 2022 het vastrecht van de afvalstoffenheffing lager en de variabele tarieven van de afvalstoffenheffing worden hoger. Dit heeft te maken met het stimuleren van bewuster omgaan met afval (beter scheiden van afval en afval beperken). Rioolheffing Rioolheffing is een kostendekkende heffing. Het tarief wordt geheven per m³ waterverbruik. In het WaterTakenPlan zijn de investeringen op het gebied van riolering opgenomen. Verder worden er vervangingen en reparaties van riolering en gemalen uitgevoerd. Al deze kosten worden gedekt uit de rioolheffing. De tarieven worden aangepast met de voor 2022 verwachte inflatie van 1,6%. Hondenbelasting Hondenbelasting wordt geheven voor het houden van honden. Het aantal honden dat wordt gehouden is bepalend. Er is een uitzondering gemaakt voor blindengeleidehonden, honden die aan een gehandicapte ten dienste zijn gesteld ter bevordering van de zelfstandige deelname aan het maatschappelijk verkeer en voor honden die voor deze taken worden opgeleid.
Er zijn vrijstellingen voor politiehonden, reddingshonden, asielhouders en honden jonger dan drie maanden die nog bij de moederhond verblijven. Voor kennelhouders geregistreerd bij de Raad van beheer op kynologisch gebied geldt een vast tarief. De tarieven hebben een progressieve opbouw. De tarieven worden aangepast met de voor 2022 verwachte inflatie van 1,6%. Toeristenbelasting Toeristenbelasting wordt geheven op overnachtingen in verblijfsaccommodaties in de gemeente. Voor campinghouders geldt een lager tarief voor overnachtingen dan voor hotels en bed and breakfast accommodaties. De belasting wordt geheven op basis van het aantal overnachtingen. In Duiven wordt er toeristenbelastingtarief jaarlijks minimaal verhoogd met het indexcijfer. Dit bedrag wordt na de verhoging afgerond op € 0,05. De Liemerse Ambassade voert de Liemers Economische Visie uit. Het tarief van de toeristenbelasting is een onderdeel hiervan. Het streven is éénzelfde tarief voor toeristenbelasting in de Liemers. Aangezien de gemeente Duiven van de deelnemende gemeenten het hoogste toeristenbelasting tarief hanteert is er in de Voorjaarsnota 2021 besloten om het tarief voorlopig te bevriezen. Dit betekent dat voor de komende jaren geen inflatiecorrectie zal worden toegepast. Reclamebelasting Reclamebelasting wordt geheven voor het hebben van reclame-uitingen in het Duivense centrum.
Het verzoek tot het heffen van de belasting komt van de centrumondernemers (OCD). Het doel van OCD is het probleem van freeriders uit te bannen en daardoor extra financiële middelen te genereren om het centrum van Duiven aantrekkelijker te maken voor bezoekers en winkelend publiek. Daarvoor is de Stichting Promotie Centrum Duiven in het leven geroepen. De belasting wordt geheven door de gemeente en komt, na aftrek van de perceptiekosten, in de vorm van een subsidie ter beschikking van de stichting. In de tussen de gemeente en de stichting gesloten overeenkomst is vastgelegd waar de gelden voor kunnen worden aangewend. In overleg met de stichting is een gelijkblijvend tarief voor de reclamebelasting bepaald. Het tarief voor 2022 is dan ook niet verhoogd en blijft dus gelijk aan het tarief voor 2021. Precariobelasting Gemeenten mogen tot 1 januari 2022 precariobelasting heffen over netwerken die nutsbedrijven in, op of boven gemeentegrond exploiteren. Met ingang van 1 januari 2022 wordt deze belasting afgeschaft. Er worden dan ook geen aanslagen voor belastingjaar 2022 meer opgelegd. Een voorstel tot intrekking van de verordening wordt in december 2021 aan uw raad voorgelegd. Lijkbezorgingsrechten Lijkbezorgingsrechten zijn rechten die worden geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Het
64
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Beleidsbegroting - Paragrafen
uitgangspunt is dat er zoveel mogelijk kosten worden verhaald. De tarieven worden aangepast met de voor 2022 verwachte inflatie van 1,6%. Marktgelden Marktgelden worden geheven voor het uitstallen van goederen of verkoopwaren tijdens de wekelijkse markt op de daarvoor aangewezen plaatsen en tijden en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de wekelijkse markt. Het aantal ingenomen strekkende meters bepaalt de tarieven. Het uitgangspunt is dat er zoveel mogelijk kosten worden verhaald. De tarieven worden aangepast met de voor 2022 verwachte inflatie van 1,6%. Leges omgevingsvergunning Leges omgevingsvergunning betreft leges die de gemeente kan heffen voor aanvragen in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Er is gekozen voor het toepassen van kruissubsidiëring. Onder kruissubsidiëring wordt verstaan het hoger vaststellen van tarieven van leges voor sommige diensten om daarmee de tarieven voor andere diensten (bijvoorbeeld dakkapellen) laag te kunnen houden. Het uitgangspunt is dat de tarieven kostendekkend zijn. De inwerkingtreding van de Omgevingswet is uitgesteld tot 1 juli 2022. Door het uitstel van de inwerkingtreding van de Omgevingswet zal de legesverordening omgevingsvergunning gewijzigd worden zonder rekening te houden met de Omgevingswet.
In de eerste helft van 2022 zal er een voorstel worden voorgelegd waarin de aanpassingen worden meegenomen naar aanleiding van de invoering van de Omgevingswet. De tarieven worden aangepast met de voor 2022 verwachte inflatie van 1,6%. Leges Leges zijn rechten die worden geheven voor het door de gemeente verrichten van diensten. De diensten zijn opgenomen in de tarieventabel behorende bij de verordening. Het uitgangspunt is dat de tarieven kostendekkend zijn. De tarieven worden aangepast met de voor 2022 verwachte inflatie van 1,6%. Tarieven binnensportaccommodaties De tarieven worden aangepast met de voor 2022 verwachte inflatie van 1,6%. 1.6 Kostendekkende tarieven Hieronder staan de lasten- en batenoverzichten van de kostendekkende tarieven. Er is inzichtelijk gemaakt hoe bij de berekening van de tarieven wordt bewerkstelligd dat de geraamde baten de geraamde lasten niet overschrijden. Dit is gedaan voor de tarieven van de belastingen die hoogstens kostendekkend mogen zijn. Voor legestarieven, anders dan leges omgevingsvergunning, zijn de berekeningen niet gemaakt. Dit zal gebeuren bij de begroting voor het jaar 2022. Afvalstoffenheffing TV2.1 Reiniging openbaar gebied (33% van de kosten)
43.639
TV2.1 Doorbelasting 1Stroom openbaar gebied (33% van de kosten)
107.004
TV7.3 Huishoudelijk afval huis aan huis inzamelen
1.316.052
TV7.3 Opbrengsten huishoudelijk afval huis aan huis inzamelen
-320.518
TV7.3 Doorbelasting 1Stroom
715.486
TV7.3 Afvalaanbiedstation
378.970
TV7.3 Opbrengsten afvalaanbiedstation
-177.600
TV7.3 Lasten heffing en invordering
8.509
TV2.1 BTW
7.471
TV7.3 BTW
259.957
TV7.3 Kwijtschelding
110.000
TV7.3 Oninbaar/leegstand
35.000
Totale lasten
2.483.970
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Beleidsbegroting - Paragrafen
TV7.3 Opbrengst belastingen
65
2.482.283
Totale baten
2.482.283
Dekking Bedragen in €
99,93%
Rioolheffing TV 7.2 Riool
867.658
TV7.2 Doorbelasting 1Stroom
497.898
TV7.2 Rioolgemalen en randvoorzieningen
448.010
TV7.2 Lasten heffing en invordering
30.676
TV7.2 - te compenseren BTW
380.634
TV7.2 Bijdrage aan voorziening
532.433
TV7.2 Vervangingsinvesteringen
0
Totale lasten TV7.2 Baten rioolheffing
2.757.309 2.757.309
Totale baten
2.757.309
Dekking Bedragen in €
100%
Lijkbezorgingsrechten TV7.5 Begraafplaatsen
61.846
TV7.5 Doorbelasting 1stroom
210.235
Totale lasten TV7.5 Overige leges
272.081 59.965
Totale baten
59.965
Dekking Bedragen in €
22%
Marktgelden TV3.3 Kosten markten
6.656
TV3.3 Doorbelasting 1Stroom
19.578
Totale lasten TV3.3 Opbrengst marktgelden
26.234 3.422
Totale baten
3.422
Dekking Bedragen in €
13,04%
Leges omgevingsvergunning TV8.3 Kosten omgevingsvergunning
62.830
TV8.3 BTW
12.701
TV1.1 Kosten omgevingsvergunning
55.200
TV8.3 Doorbelasting 1Stroom
636.635
Totale lasten TV8.3 Opbrengst omgevingsvergunning
767.366 767.366
66
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Beleidsbegroting - Paragrafen
Totale baten
767.366
Dekking Bedragen in €
100%
1.7 Lokale lastendruk In de begroting 2022 wordt een lastendrukstijging voorzien van 2,3%. In onderstaande overzichten zijn, onder andere, de voornaamste lasten voor een gemiddeld huishouden in het jaar 2022 op een rij gezet, waarbij de procentuele stijging ten opzichte van het jaar 2021 is weergegeven. In verband met het nieuwe grondstoffenplan is het aantal ledigingen voor het jaar 2022 verlaagd van 12 naar 10 ledigingen. Aannames Waarde woning
€ 233.000
Ledigingen 140-liter container restafval
10 keer
Waterverbruik gezin (vier personen)
140 m3
Ontwikkeling lastendruk 2022 2019
2020
2021
2022 Ontwikkeling t.o.v 2021
OZB-eigenaar
335,00
315,00
318,05
323,13
1,6%
Afvalstoffenheffing
185,00
202,00
223,41
229,00
2,5%
Rioolheffing
235,00
242,00
246,40
250,34
1,6%
Totaal Bedragen in €
755,00
759,00
787,86
802,47
1,85%
Meerjarige ontwikkeling lastendruk 2022
2023
2024
2025
OZB-eigenaar
323,13
329,27
334,54
339,89
Afvalstoffenheffing
229,00
229,50
229,20
231,70
Rioolheffing
250,34
254,80
259,00
263,20
Totaal
802,48
813,57
822,74
834,79
1,9
1,4
1,1
1,5
Stijgingspercentage t.o.v. voorgaand jaar Bedragen in € Vergelijking lastendruk per huishouden binnen Gelderland 2017
2018
2019
2020
2021
Gemeente Duiven
387,00
400,00
392,00
419,00
450,00
Liemerse gemeenten (incl. Duiven)*
371,00
379,00
384,00
410,00
447,00
Gemeente Westervoort
340,00
349,00
370,00
380,00
422,00
Gemeente Zevenaar
385,00
389,00
390,00
430,00
468,00
Gelderland (incl. Duiven) Bedragen in €
405,00
411,00
419,00
441,00
464,00
* Liemerse gemeenten: Duiven, Westervoort en Zevenaar. Bron: Provincie Gelderland, afd. KOB/IBT. Zie hiervoor de tabel Belastingdruk totaal per inwoner. Bij de lastendruk worden de volgende opmerkingen gemaakt. Het is voor de afvalstoffenheffing lastig een vergelijk te maken aangezien iedere gemeente een eigen systeem heeft van
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Beleidsbegroting - Paragrafen
67
tariefberekening. Voor wat betreft de rioolheffing worden er in Duiven, in tegenstelling tot andere gemeenten, bedragen gereserveerd voor toekomstig onderhoud aan de rioleringstelsels. Deze bedragen worden verdisconteerd in het tarief rioolheffing. Hierdoor ontstaat een vertekend beeld bij de bepaling van de lastendruk. 1.8 Kwijtschelding De gemeente is op grond van de Gemeentewet bevoegd om kwijtschelding van gemeentelijke heffingen te verlenen. In de gemeente Duiven kan door belastingplichtigen (particulieren en zzp'ers) kwijtschelding worden aangevraagd voor de afvalstoffenheffing vastrecht, de afvalstoffenheffing ledigingen (maximaal 10 ledigingen (140-liter container of 240-liter container) en maximaal 28 stortingen) en zeer incidenteel onroerende-zaakbelastingen (eigenaren woningen). Kwijtschelding wordt verleend op basis van 100% van de bijstandsnorm, waarbij tevens een vermogenstoets plaatsvindt. Ligt het netto besteedbare inkomen op of onder het bijstandsniveau, dan wordt volledige kwijtschelding verleend. Bij een gering hoger inkomen kan sprake zijn van een gedeeltelijke kwijtschelding. In al deze gevallen zal het beschikbare vermogen beneden de toegestane norm moeten liggen. Voor 2022 wordt rekening gehouden met een totaalbedrag van € 111.000 voor kwijtscheldingen. Hieronder is de splitsing van de kwijtschelding naar belastingsoort weergegeven. Begroting 2022
Begroting 2021
Afvalstoffenheffing
110.000
107.000
Onroerende-zaakbelastingen eigenaren woningen Bedragen in €
1.000
1.000
68
Programmabegroting Duiven 2022-2025 - Beleidsbegroting - Paragrafen
Paragraaf 2 Weerstandsvermogen en Risicobeheersing Inleiding Het weerstandsvermogen geeft aan in welke mate een gemeente in staat is tegenvallers op te vangen. Het bestaat uit twee componenten, de risico's en de weerstandscapaciteit. Door een goed inzicht in het weerstandsvermogen kan voorkomen worden dat elke financiële tegenvaller onmiddellijk dwingt tot bezuinigingen. Er zijn twee soorten weerstandsvermogen, statisch en dynamisch weerstandsvermogen. Als het weerstandsvermogen betrekking heeft op een specifiek jaar spreekt men van statisch weerstandsvermogen. Gaat het om het weerstandsvermogen op middellange termijn, dan spreekt men van dynamisch weerstandsvermogen. De gemeente Duiven kiest ervoor om de focus op het dynamische weerstandsvermogen te leggen. Hieronder wordt eerst de weerstandscapaciteit van de Gemeente Duiven toegelicht, waarna de risico’s in kaart gebracht worden. Aan het einde van de paragraaf wordt het weerstandsvermogen bepaald. Om deze in een context te plaatsen, worden vervolgens de kengetallen weergegeven. Weerstandscapaciteit Er wordt onderscheid gemaakt in de structurele en incidentele weerstandscapaciteit, vergelijkbaar met de verschillen binnen het weerstandsvermogen. De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit de resterende belastingcapaciteit en de in de begroting opgenomen raming voor onvoorziene uitgaven.