CConstaterende datDuiven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - 2015 33426 – Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’, toelichting.pdf

Raadsavond 7 december 2021, gemeente DuivenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplannen Uitbreiding AVR en Geluidsverkaveling9.045 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

BESTEMMINGSPLAN ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’

Planstatus: vastgesteld Datum: 2021-10-15 IMRO code: NL.IMRO.0226.BPINNOFASE007-VA01

Buro Stedenbouw bv Kerkplein 5 8121 BM Olst T 0570 563083 www.burostedenbouw.nl

TOELICHTING

Inhoudsopgave 1 Inleiding ............................................................................................................................ 7 1.1 Aanleiding ...................................................................................................................................... 7 1.2 Ligging plangebied ........................................................................................................................ 8 1.3 Vigerende bestemmingsplannen .................................................................................................. 9 1.4 Leeswijzer .................................................................................................................................... 11

2 Wettelijk kader en beleidskader .................................................................................... 12 2.1 Wettelijk kader ............................................................................................................................. 12 2.2 Beleidskader ................................................................................................................................ 13

3 Planbeschrijving............................................................................................................. 18 3.1 Algemeen kader .......................................................................................................................... 18 3.2 Zonebeheerplan .......................................................................................................................... 20 3.3 Vertaling zonebeheerplan in dit bestemmingsplan ..................................................................... 21

4 Wijze van bestemmen .................................................................................................... 24 4.1 Algemeen .................................................................................................................................... 24 4.2 Dit bestemmingsplan................................................................................................................... 25 4.3 De regeling .................................................................................................................................. 25

5 Maatschappelijke haalbaarheid .................................................................................... 28 5.1 Inspraak en overleg voorontwerpbestemmingsplan ................................................................... 28 5.2 Zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ....................................................................................... 28

6 Financiële haalbaarheid ................................................................................................ 29

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

5

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

6

1 Inleiding 1.1 Aanleiding Bedrijventerrein InnoFase is een industrieterrein (conform de terminologie van de Wet geluidhinder) voor de zwaardere, meer milieubelastende, categorie bedrijvigheid. Dergelijke bedrijventerreinen hebben een geluidszone. Een geluidszone is een gebied rond een industrieterrein waarbuiten de gecumuleerde geluidsbelasting van alle daarop gevestigde bedrijven niet hoger is dan 50 dB(A). Woningen (evenals overigens andere geluidsgevoelige bestemmingen) die binnen de zone liggen kunnen een geluidsbelasting hebben die hoger is dan 50 dB(A). Het binnen de perken houden van de totale geluidsbelasting van dit bedrijventerrein is de zorg van gemeente. Het is voor geluid ook een wettelijke taak. Die taak houdt in het vastleggen van de maximaal beschikbare geluidsruimte in de vorm van een zonebesluit en het bewaken van die zone. Bedrijventerrein InnoFase is nog volop in ontwikkeling. Het kent nog een aantal niet in gebruik genomen kavels. Het is daarom voor de gemeente Duiven van belang om op al deze kavels voldoende geluidsruimte beschikbaar te hebben om deze kavels uit te kunnen geven. Ook voor bestaande bedrijven is het van belang dat sprake is van een optimale invulling van het bedrijventerrein, zodat ruimte is voor toekomstige ontwikkelingen.

In 2008 heeft de gemeente Duiven samen met de provincie Gelderland een beleidsregel vastgesteld voor het aspect geluid en geur. Mede gelet op de recente ontwikkelingen, waaronder het gezamenlijke programma Duurzaam InnoFase, willen de gemeente en de provincie het geurbeleid en het geluidbeleid nu anders insteken. Voor ‘’Geur’’ wordt overgestapt naar het Gelders Geurbeleid. Voor het milieuaspect geluid wordt overgestapt naar een zonebeheersplan in combinatie met een thematisch bestemmingsplan. Daarbij blijft de ruimtelijke kwaliteit van de leefomgeving gewaarborgd. De gezamenlijke beleidsregels uit 2008 kunnen daarmee vervallen. Dit doet ook recht aan de wens tot deregulatie van met name de geurregelgeving. Het bedrijventerrein InnoFase kan zo verder uitgroeien tot een pijler onder de regionale bio-based economy en EMT-sector. Het zonebeheerplan richt zich enerzijds op het beheren van de geluidsruimte (ruimtelijk spoor) en anderzijds op de bewaking van de geluidsruimte (milieuspoor). Het plan heeft gevolgen voor het opleggen van geluidsnormen bij bedrijven en geeft het toetsingskader bij meldingen (Activiteitenbesluit), vergunningsprocedures ingevolge de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, bestemmingsplanprocedures en grondaankoop en -uitgifte.

De verdeling van geluidsruimte, zoals deze in het zonebeheerplan is voorgesteld, wordt in het bestemmingsplan juridisch verankerd (ruimtelijke spoor).

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

7

Schematische weergave van de onderlinge verhouding tussen zonebeheerplan en bestemmingsplan (bron: DGMR) Het zonebeheerplan Bedrijventerrein InnoFase richt zich op een evenwichtige verdeling van de totaal beschikbare geluidsruimte over de verschillende kavels c.q. bedrijven binnen het gezoneerde bedrijventerrein InnoFase, waarbij de nog beschikbare geluidsruimte wordt gereserveerd voor nieuwe ontwikkelingen bij zowel bestaande bedrijven als nieuw te vestigen bedrijven. Hierbij wordt de keuze gemaakt om het zonebeheerplan te verankeren in het bestemmingsplan. AVR Afvalverwerking heeft onlangs een CO2-afvanginstallatie gerealiseerd. Om zowel technische- als ruimtelijke redenen is deze installatie gerealiseerd op een deel van het terrein dat voorheen in gebruik was als opslagterrein voor o.a. bouwmaterialen, portacabins en parkeren voor contractoren. Hierdoor is de huidige opslagruimte te klein geworden. Binnen de huidige perceelsgrenzen is er geen ruimte om parkeren en/of opslag te verplaatsen, dus is het voornemen om het terrein uit te breiden. Ten behoeve van deze uitbreiding dient ook de geluidverkaveling van bedrijventerrein InnoFase herzien te worden. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in deze herziening.

1.2 Ligging plangebied Het bedrijventerrein InnoFase behoort tot de bedrijvenzone langs de A12, die zich bevindt aan de noordzijde van de kern Duiven. Deze bedrijvenzone is het grootste aaneengesloten bedrijventerrein van Oost-Nederland. De bedrijvenzone maakt deel uit van de urbane zone Arnhem-Zevenaar, dat op haar beurt weer deel uitmaakt van het stedelijk kerngebied van de stadsregio Arnhem-Nijmegen. Het bedrijventerrein InnoFase is gelegen aan de noordzijde van de A12. Het grenst aan de (noord)westzijde aan de IJssel en aan de (zuid)oostzijde aan het bedrijventerrein Centerpoort. Aan de noordzijde grenst het bedrijventerrein aan agrarisch productiegebied “Duivense Broek”. Dit gebied heeft in de Structuurvisie Duiven (14 december 2009) de aanduiding “Potentieel Groene Economie” gekregen.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

8

Het bedrijventerrein InnoFase (voorheen bekend als Roelofshoeve I en II) is in totaal ruim 90 hectare groot en bedoeld voor de milieu-technologische bedrijvigheid. Op het bedrijventerrein liggen voornamelijk grootschalige functies zoals de AVR- afvalverwerking en Sita Recycling Services. Een aantal bedrijfskavels op het terrein zijn nog niet uitgegeven. Het bedrijventerrein InnoFase is het enige bedrijventerrein in de A12-zone die op grond van de Wet geluidhinder geluidgezoneerd is.

Topografische kaart met ligging bedrijventerrein InnoFase (bron: google maps)

1.3 Vigerende bestemmingsplannen Bestemmingsplan Bedrijventerrein InnoFase Het vigerende bestemmingsplan voor het bedrijventerrein betreft het bestemmingsplan bedrijventerrein InnoFase, dat is vastgesteld door de gemeenteraad van Duiven d.d. 27 mei 2013. Dit bestemmingsplan voorziet in de hoofdbestemmingen van de verschillende kavels. De bedrijfskavels liggen in de bestemming ‘Bedrijventerrein’. Er is een zonering toegepast waarbij maximaal bedrijven tot en met categorie 5.1 toegestaan zijn. Hiernaast zijn enkele specifieke bedrijven voorzien van een functieaanduiding. Dit bestemmingsplan blijft ook na de vaststelling van het onderhavige bestemmingsplan van toepassing, een en ander met inachtneming van het voorliggende bestemmingsplan. Geluidszone De geluidszone voor het grondgebied van de gemeente Duiven is momenteel geregeld in het thematische bestemmingsplan geluidzone bedrijventerrein InnoFase, Duiven. Dit bestemmingsplan is eveneens vastgesteld door de gemeenteraad op 27 mei 2013. Het thematische bestemmingsplan voor de geluidzone is een uitwerking van de ‘Beleidsregels verdeling geluiden geurruimte bedrijventerrein Roelofshoeve Duiven Gelderland, 2008’. Het thematische bestemmingsplan blijft na de vaststelling van het onderhavige bestemmingsplan onverkort van toepassing.

Het thematische bestemmingsplan Geluidzone bedrijventerrein InnoFase, Duiven en het bestemmingsplan Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase, Duiven zullen elkaar aanvullen: het bestemmingsplan geluidszone regelt dan de geluidszone rondom het geluidgezoneerde bedrijventerrein en het onderhavige bestemmingsplan regelt de geluidsverkaveling op het geluidgezoneerde bedrijventerrein.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

9

Verbeelding thematisch bestemmingsplan Geluidzone bedrijventerrein InnoFase (bron: SAB) Geluidszone buiten de gemeente grenzen De geluidszone is voor een zeer beperkt deel ook gelegen binnen de gemeente Westervoort en Rheden. Voor de gemeente Westervoort is de geluidszone opgenomen in het vigerende bestemmingsplan IJsselwaard. Voor de gemeente Rheden is de geluidszone opgenomen in het vigerende bestemmingsplan Landelijk Gebied.

Overzicht ligging geluidszone Duiven, Westervoort en Rheden (bron: SAB)

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

10

De ligging van het bedrijventerrein op het grondgebied van de gemeente Duiven maakt dat de gemeente Duiven in alle gevallen is aangewezen als beheerder van de zone.

1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de bestaande wetgeving en de geluidszone. Ook wordt kort ingegaan op het vigerende beleid. In hoofdstuk 3 volgt een planbeschrijving waarin allereerst het kader van onderhavig plan nader wordt besproken. Hierna wordt het geactualiseerde zonebeheerplan besproken dat de basis vormt van dit bestemmingsplan en vervolgens wordt besproken op welke wijze dit zonebeheerplan is vertaald in de bestemmingsregeling. In hoofdstuk 4 volgt een toelichting op de juridische opzet van dit bestemmingsplan. In hoofdstuk 5 volgt een verslag van de gevoerde procedure en in hoofdstuk 6, ten slotte, wordt ingegaan op de financiële haalbaarheid.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

11

2 Wettelijk kader en beleidskader 2.1 Wettelijk kader Wet ruimtelijke ordening De Wet ruimtelijke ordening (Wro) is de belangrijkste wet in de ruimtelijke besluitvorming van Nederland. De Wro schrijft gemeenten voor een goede ruimtelijke ordening voor het hele grondgebied van de gemeente vast te leggen. De belangrijkste instrumenten zijn hierbij de structuurvisie en het bestemmingsplan. Het bestemmingsplan (dat ook door Rijk en provincie kan worden vastgesteld en dan een inpassingsplan heet) is het enige ruimtelijke ordeningsinstrument dat hierbij rechtstreeks bindend is voor de burgers. In het plan worden aan alle gronden bestemmingen toegewezen waaraan regels zijn verbonden omtrent het gebruik van de grond en de zich daar bevindende of toegestane bouwwerken. Wet geluidhinder Op basis van hoofdstuk V van de Wet geluidhinder (Wgh) dient rondom een industrieterrein waarop bepaalde typen lawaaiproducerende bedrijven zijn gevestigd of kunnen worden gevestigd, een geluidszone te worden vastgesteld. Deze bedrijven zijn aangewezen in artikel 2.1. lid 3 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) en werden voorheen aangeduid met het begrip Ainrichtingen. De geluidszone vormt een bufferzone tussen de bedrijven op het industrieterrein en de geluidsgevoelige bestemmingen in de omgeving.

Buiten deze zone mag de geluidsbelasting vanwege alle bedrijven op het industrieterrein tezamen niet hoger zijn dan 50 dB(A). Binnen de zone gelden beperkingen voor geluidgevoelige bestemmingen. Geluidgezoneerd industrieterrein Aanvankelijk gold dat onder een geluidgezoneerd industrieterrein wordt verstaan de gronden waarop krachtens het bestemmingsplan de zogenaamde ‘grote lawaaimakers’ werden toegelaten. Met de Crisis- en Herstelwet is echter een einde gemaakt aan deze praktijk door in de Wgh het begrip ‘industrieterrein’ opnieuw te definiëren. Volgens deze definitie is een industrieterrein “een terrein waaraan in hoofdzaak een bestemming is gegeven voor het vestigen van inrichtingen en waarvan de bestemming voor het gehele terrein of gedeelte daarvan de mogelijkheid insluit van vestiging van inrichtingen (…) die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken. Daarmee behoort het gehele bedrijventerrein InnoFase tot het industrieterrein in de zin van de Wgh. Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en Wet milieubeheer (Wm) Bijna alle bedrijvn vallen onder de regels van de Wabo en/of de Wet milieubeheer. Dit betekent dat geluidsnormen op de bedrijven van toepassing zijn om de woonomgeving te beschermen tegen geluidhinder. In bijlage 1 onderdeel C van het Besluit omgevingsrecht is geregeld welke bedrijven vergunningplichtig zijn.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

12

Een aantal bedrijven valt onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Voor deze bedrijven zijn algemeen geldende (geluid)-voorschriften van toepassing. De gemeente heeft de bevoegdheid om bij overtredingen van de geluidsvoorschriften te handhaven. De Wabo regelt de omgevingsvergunning. De omgevingsvergunning is een geïntegreerde vergunning voor onder andere bouwen, ruimte en milieu. De Waboo regelt de procedures voor onder andere de omgevingsvergunning voor het onderdeel milieu. De Wabo is op 1 oktober 2010 in werking getreden. In bijlage 1 onderdeel C van het Bor is vastgelegd voor welke bedrijven de provincie het bevoegd gezag blijft. Bij de toetsing en vergunningverlening geldt het uitgangspunt van de toepassing door bedrijven van beste beschikbare technieken. Daarmee worden in de eerste plaats reducties van bronemissies bereikt en in de tweede plaats komt er na verloop van tijd geluidsruimte vrij die kan worden herverdeeld. De verdelingssystematiek die genoemd is in het zonebeheerplan behorende bij dit bestemmingsplan voorziet hierin. Ook een noodzakelijke herverdeling van beschikbare geluidsruimte vanwege wijziging in uitoefening van bedrijven (oprichting, sluiting, sloop gebouwen, e.d.) is mogelijk op grond van het zonebeheerplan.

Zonebeheerplan Het zonebeheerplan is één van de instrumenten om de geluidsruimte op een gezoneerd industrieterrein toe te delen. In artikel 163 lid 1 Wet geluidhinder is geregeld dat zonebeheer een taak is van de gemeente waarbinnen het industrieterrein is gelegen. Taak van de zonebeheerder is het verschaffen van informatie over de beschikbare geluidsruimte aan bedrijven op het bedrijventerrein die willen uitbreiden, dan wel aan bedrijven die zich willen vestigen op het bedrijventerrein. De in januari 2007 gewijzigde Wet geluidhinder biedt met artikel 164 de mogelijkheid om een zonebeheerplan op te stellen. Primaire taak van de zonebeheerder is het bewaken van de zonerings- grenswaarden op de zonegrens en de geluidsbelasting vanwege het bedrijventerrein op de woningen die gelegen zijn binnen de zone.

2.2 Beleidskader 2.2.1 Rijksbeleid SVIR en Barro De Minister van Infrastructuur & Milieu heeft op 13 maart 2012 de Structuurvisie Infra- structuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld. De SVIR vervangt verschillende nota's, waaronder de Nota Ruimte en de Structuurvisie Randstad 2040. In de SVIR geeft het Rijk haar visie op de ruimtelijke en mobiliteitsopgaven voor Nederland richting 2040 en op de manier waarop het Rijk hiermee om zal gaan. Het Rijk richt zich in de SVIR met name op het versterken van de internationale positie van Nederland en het behartigen van de nationale belangen. Het Rijk investeert dáár waar de nationale economie er het meest bij gebaat is, in de stedelijke regio's rond de main-, brain- en greenports inclusief de achterlandverbindingen. Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) borgt nationale ruimtelijke belangen uit onder meer de SVIR in regelgeving. Het bestemmingsplan is met dit besluit in overeenstemming. Toetsing rijksbeleid Onderhavig bestemmingsplan kan een bijdrage verlenen aan het verder versterken van het bedrijventerrein InnoFase (als onderdeel van het bedrijventerrein van de A12- zone) als regionaal bedrijventerrein bedoeld voor grootschalige milieutechnologische bedrijvigheid. Richtlijnen vanuit het rijk Voor het bepalen van de geluidsbelasting worden vanuit het rijk de volgende handreikingen gedaan.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

13

Handreiking industrielawaai en vergunningverlening, oktober 1998: Deze handreiking geeft richtlijnen en kaders voor het beoordelen van het geluid afkomstig van inrichtingen, waarop de Wet milieubeheer (Wm), de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of een gemeentelijke verordening van toepassing is. Handleiding meten en rekenen Industrielawaai, 1999: Betreft een door het voormalige ministerie van VROM uitgegeven handleiding. Deze handleiding geeft richtlijnen en aanwijzingen voor het meten en berekenen van het geluid afkomstig van inrichtingen, waarop de Wet milieubeheer (Wm), de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of een gemeentelijke verordening van toepassing is. Handreiking Zonebeheerplan, december 2006: Betreft een door het ministerie van VROM uitgebrachte handreiking. In de handreiking wordt ingegaan op het gebruik van kengetallen in dB(A)/m2 voor het modeleren van geluidsreserveringen. 2.2.2 Provinciaal beleid Omgevingsvisie Gaaf Gelderland De provincie wil de focus leggen op een duurzaam, verbonden en een economisch krachtig Gelderland. Door daarin te investeren wil de provincie werlem aam eem gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland centraal. Om dat te bereiken wordt de focus gelegd op zeven ambities op het gebied van energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, vestigingsklimaat en woon- en leefomgeving.

Deze ambities worden hieronder kort samengevat: • • • • • • •

Een versnelde energietransitie, gericht op forse vergroting van het aandeel duurzame energie passend bij de Gelderse kwaliteiten; Een op de toekomst toegerust beschermend klimaatbeleid; Een voortvarend en innovatief circulair beleid; Een stimulerend en beschermend beleid voor biodiversiteit; Efficiënte, duurzame en innovatieve bereikbaarheid, toegesneden op de veranderende vraag; Een duurzaam, dynamisch en toegankelijk economisch vestigingsklimaat, waar voor ondernemers en inwoners een sterke aantrekkingskracht vanuit gaat; Een duurzaam en divers woon- en leefklimaat, dat steeds weet te anticiperen op ontwikkelingen.

De provincie is terughoudend met de realisatie van nieuwe bedrijventerreinen. Zij wil de bestaande bedrijventerreinen zo optimaal mogelijk invullen. Het uitgangspunt is zorgvuldig ruimtegebruik. Voor regionale bedrijventerreinen, waar de grotere, zwaardere bedrijven zich mogen vestigen, heeft de provincie een normerende en verbindende rol. Omgevingsverordening Gelderland De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. Ten aanzien van duurzame verstedelijking dient het accent te verschuiven van nieuwbouw naar het vitaliseren van bestaande gebieden en gebouwen. De provincie en partners gaan nieuwe ontwikkelingen bezien in samenhang met de bestaande voorraad. Voor onderhavig plan is afdeling 2.2 Werklocaties van belang. Bij het toevoegen en verbeteren van bedrijventerreinen is het Regionaal Programma Werklocaties (RPW) leidend. In het RPW wordt geborgd dat er voldoende en geschikt aanbod aan bedrijfslocaties is binnen de betreffende regio.

Dit betekent onder andere dat voor grootschalige of hinder veroorzakende bedrijven locaties dienen te

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

14

worden gereserveerd, waarbij geen gevoelige functies in de omgeving zijn gesitueerd. Veelal betekent dit functiescheiding. Onderhavig plan voorziet in de actualisering van de geluidverkaveling van industrieterrein InnoFase als gevolg van de uitbreiding van de kavel van afvalverwerking AVR. Door middel van deze actualisatie wordt geborgd dat er voldoende geluidsruimte per kavel binnen het industrieterrein beschikbaar blijft en er dus voldoende geschikt aanbod voor gezoneerde bedrijvigheid is. Onderhavig plan draagt derhalve bij aan de doelstellingen uit het RPW. Regionaal Programma Werklocaties Arnhem-Nijmegen 2021-2024 In december 2020 is het RPW voor de regio Arnhem-Nijmegen geactualiseerd. In de jaren 2016 tot en met 2019 heeft een aanzienlijke uitgifte van bedrijventerrein plaatsgevonden, waardoor het overaanbod in de regio is teruggedrongen en er weer zicht is ontstaan op nieuwe ontwikkelruimte in de periode tot 2030. Hierin zijn onder andere afspraken opgenomen ten aanzien van uitbreiding van regionale bedrijvigheid. Bedrijventerrein InnoFase is in het RPW opgenomen als bijzondere werklocatie en staat daarmee los van de vraagraming die ten grondslag ligt aan het RPW. Niettemin is in geval van uitbreiding van bestaand terrein met meer dan 0,5 hectare regionale afstemming noodzakelijk.

Onderhavig plan voorziet in de actualisatie van het geluidverkavelingsplan voor bedrijventerrein InnoFase als gevolg van uitbreiding van de kavel van afvalverwerking AVR. De uitbreiding van deze kavel is verankerd in een ander bestemmingsplan. Derhalve voorziet dit plan niet in uitbreiding, maar wordt slechts beoogd de geluidsruimte binnen het bedrijventerrein te actualiseren. Daarmee is voorliggend plan niet in strijd met het Regionaal Programma Werklocaties. Toetsing provinciaal beleid Onderhavig bestemmingsplan staat realisatie van de doelstellingen van het provinciaal beleid niet in de weg. Hiernaast kan onderhavig plan een bijdrage geven aan de doelstellingen in de Omgevingsvisie Gelderland. 2.2.3 Regionaal beleid Regionaal Plan Stads regio Arnhem Nijmegen 2005-2020 De Stadsregio Arnhem Nijmegen heeft in dit Regionaal Plan de gemeenschappelijke beleidsambities voor de ontwikkeling van de regio Arnhem Nijmegen vastgelegd. Het doel van dit Regionaal Plan is het werken aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor de regio Arnhem Nijmegen voor haar inwoners, ondernemers en bezoekers. Wat betreft economie is de doelstelling het versterken van het economisch vestigings- klimaat in (inter)nationaal perspectief, waarbij de potenties van de stuwende werkgelegenheid worden uitgebuit.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

15

Uitsnede uit plankaart Regionaal Plan met aanduiding plangebieden (roze stippelijn) (bron: Regionaal plan regio Arnhem- Nijmegen 2005 – 2020) De verschillen in de ligging en de bereikbaarheid van werklocaties in de regio laten zien dat op termijn ook de economische mogelijkheden van die werklocaties onderling sterker gaan verschillen. Zo heeft de A12-zone als bedrijvenzone de afgelopen jaren een sterke groei doorgemaakt van grote, vaak hoogwaardige bedrijven op gebied van logistiek, distributie, handel en zakelijke dienstverlening. Gekoppeld aan de verbreding van de A12 en de doortrekking van de A15-A12 is op termijn te verwachten dat bedrijven in deze zone steeds meer hoogwaardig worden en het directe ‘zichtprofiel’ vanaf de snelweg opzoeken. De A12 kan als Europese hoofdtransportas, met directe verbindingen met de Duitse economische kerngebieden, de drager worden van een internationaal georiënteerde bedrijvenzone als visitekaartje van de regio. Dit stelt dan ook hoge kwaliteitseisen aan de ruimtelijke inrichting van het gebied. Voor de opvang van ‘zware’ bedrijven die vallen onder milieucategorie 4 en 5 is de behoefteraming 20 hectare. Deze ruimtebehoefte kan worden ingevuld op de locatie InnoFase. Toetsing regionaal beleid Onderhavig bestemmingsplan kan bijdragen aan de optimale invulling van het bedrijventerrein InnoFase.

Dit is positief voor het economische vestigingsklimaat binnen de bedrijvenzone A12. Onderhavig bestemmingsplan zorgt er tevens voor dat de resterende kavels op Roelofshoeve II (die een deel vormen van bedrijventerrein InnoFase) op een goede wijze kunnen worden ingevuld. 2.2.4 Gemeentelijk beleid Structuurvisie Duiven 2015 De Structuurvisie Duiven 2015 is vastgesteld op 28 september 2015 als actualisatie van de voorgaande structuurvisie uit 2009. Aanleiding voor de actualisatie van de structuurvisie zijn een groot aantal ruimtelijke ontwikkelingen in en rondom de gemeentegrenzen, zoals de realisatie van een nieuw centrumplan, de revitalisering van de bedrijventerreinen Centerpoort-Nieuwgraaf en Centerpoort-Noord, de ontwikkeling van de bedrijventerreinen InnoFase, Seingraaf, Graafstaete en De Nieuweling, de verbeteringen in de interne verkeersstructuur, de komst van de rijksweg A15, woningbouw en het versterken van de groenstructuur. Om te voorkomen dat de samenhang tussen alle ontwikkelingen uit het oog wordt verloren is gekozen voor een integrale structuurvisie. Deze visie geeft de ontwikkelingsrichting van de gemeente voor de komende jaren.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

16

Ten aanzien van de ontwikkeling van bedrijventerrein gaat de gemeente Duiven uit van revitaliseren van bestaand terrein boven ontwikkelen van nieuw terrein. Onderhavig plan voorziet in het actualiseren van de geluidsruimte op bedrijventerrein InnoFase, teneinde de beschikbare geluidsruimte voor de vrije kavels op het terrein vast te stellen en na te gaan of de uitbreiding van de kavel van AVR geen nadelige gevolgen heeft voor de geluidsruimte van de overige kavels. Hiermee wordt geborgd dat het bestaande terrein geschikt blijft voor nieuwvestiging. Derhalve is de voorgenomen ontwikkeling niet in strijd met de structuurvisie Duiven 2015. Intentieverklaring Duurzaam Roelofshoeve (huidige InnoFase) Vrijwel gelijktijdig met het vaststellen van de structuurvisie is de intentieverklaring Duurzaam Roelofshoeve (het huidige InnoFase) van 4 december 2009 opgesteld. Deze intentieverklaring is ondertekend door de grote spelers op bedrijventerrein Roelofshoeve zoals het Waterschap Rijn en IJssel, Topell, GRR en AVR en door de gemeente, de provincie en de stadsregio Arnhem-Nijmegen. Hierin is Roelofshoeve getypeerd als een bedrijfsterrein waar bedrijven op een innovatieve wijze concreet inhoud geven aan een duurzame bedrijfsvoering. Waar kansen en mogelijkheden op het gebied van onder meer energie en afval worden aangepakt en duurzame economische groei mogelijk wordt gemaakt.

In de geactualiseerde structuurvisie wordt de typering van en het beleid voor InnoFase op dezelfde wijze voortgezet. Gemeentelijk geluidbeleid De raad van de gemeente Duiven heeft op 4 oktober 2010 het Gemeentelijk geluidbeleid Duiven 2010 vastgesteld. In deze geluidsnota heeft de gemeente Duiven per gebiedstype een ambitiewaarde en een bovengrens vastgesteld. Het geluidbeleid is met name voor nieuwe situaties bedoeld en geeft richting aan de geluidsniveaus die de gemeente Duiven voor een bepaald gebied acceptabel vindt. Voor bedrijventerrein InnoFase is aangegeven dat de in het geluidbeleid opgenomen ambitiewaarden niet van toepassing zijn. In het gemeentelijk geluidbeleid wordt voor het bedrijventerrein verwezen naar de beleidsregel uit 2008. Mede gelet op de recente ontwikkelingen, waaronder het gezamenlijke programma Duurzaam InnoFase, willen de gemeente en de provincie het geurbeleid en het geluidbeleid anders insteken. Voor ‘’Geur’’ wordt overgestapt naar het Gelders Geurbeleid. Voor het milieuaspect geluid wordt overgestapt naar een zonebeheersplan in combinatie met een thematisch bestemmingsplan. Daarbij blijft de ruimtelijke kwaliteit van de leefomgeving gewaarborgd. De gezamenlijke beleidsregels uit 2008 kunnen daarmee vervallen. Dit doet ook recht aan de wens tot deregulatie van met name de geurregelgeving.

Het bedrijventerrein InnoFase kan zo verder uitgroeien tot een pijler onder de regionale bio-based economy en EMT-sector. Toetsing gemeentelijk beleid Onderhavig bestemmingsplan kan bijdragen aan de doelstelling om bedrijventerrein InnoFase te ontwikkelen als bedrijventerrein voor ‘groene economie’. Met onderhavig bestemmingsplan kan de gemeente Duiven namelijk beter grip houden op de geluidsruimte, waardoor er meer speelruimte is voor de vestiging voor bedrijven die passen binnen het beoogde profiel voor InnoFase.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

17

3 Planbeschrijving 3.1 Algemeen kader Huidige situatie geluidsgezoneerd bedrijventerrein Het bedrijventerrein InnoFase betreft een regionaal bedrijventerrein voor de zwaardere, meer milieubelastende, categorie bedrijvigheid. Op het bedrijventerrein zijn inrichtingen toegelaten die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken. Deze inrichtingen staan genoemd in onderdeel D van Bijlage 1 van het Besluit omgevingsrecht (voorheen: artikel 2.4 van het Inrichtingen en vergunningenbesluit milieubeheer). Het bovenstaande betekent dat het bedrijventerrein InnoFase een “industrieterrein” is in de zin van artikel 1 Wet geluidhinder. Rond dit deel is daarom een geluidszone vastgesteld zoals bedoeld in artikel 40 Wet geluidhinder. Buiten de zonegrens mag de geluidsbelasting van alle op het industrieterrein gevestigde bedrijven tezamen niet meer bedragen dan 50 dB(A). Op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en het Besluit omgevingsrecht (Bor) kan zowel de provincie als de gemeente het bevoegd gezag zijn bij de milieuvergunningverlening bij bedrijven. Op het bedrijventerrein InnoFase zijn er bedrijven waarvoor de provincie het bevoegde gezag is en bedrijven waarbij de gemeente het bevoegd gezag is. Het reguleren en beheren van de totale milieubelasting van dit bedrijventerrein is dus de gezamenlijke zorg van gemeente en provincie.

De provincie en gemeente zetten zich hierbij dan ook gezamenlijk in voor het optimaal benutten van het bedrijventerrein binnen milieuvoorwaarden. De milieuvergunningverlening geschiedt momenteel op basis van de ‘Beleidsregels verdeling geluid- en geurruimte bedrijventerrein Roelofshoeve Duiven Gelderland, 2008’. Deze beleidsregels dienen voor het voeren van een consequent en kenbaar beleid op het gebied van geluid en geur bij vergunningverlening op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor inrichtingen die zijn of worden gevestigd op het bedrijventerrein InnoFase. Zij geven in algemene zin aan in welke gevallen wel en in welke gevallen niet tot vergunningverlening kan worden overgegaan. Aanleiding onderhavig bestemmingsplan Het bedrijventerrein InnoFase huisvest van origine zwaardere en meer milieubelastende bedrijven in de regio, zowel voor wat betreft akoestische als geuremitterende uitstoot. Het is nodig om het beheer van de geluidsruimte te regelen. De Wet geluidhinder bepaalt dat rond een industrieterrein een geluidszone moet worden vastgesteld. De zonebeheerder (in dit geval de gemeente Duiven) moet die zone bewaken. De Wet geluidhinder regelt niet hoe de beschikbare hoeveelheid geluid over de kavels en bedrijven op het industrieterrein verdeeld moeten worden.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

18

Huidige zonebeleid Sinds 22 april 2008 zijn voor de toetsing van omgevingsvergunningen voor bedrijven op InnoFase de ‘’Beleidsregels verdeling geluid- en geurruimte bedrijventerrein Roelofshoeve Duiven Gelderland 2008’’ van kracht. • •

Het onderdeel ‘’GELUID’’ in deze beleidsregels is gebaseerd op artikel 40 van de Wet geluidhinder voor zover het de zonegrens en de maximale toegestane geluid- belasting betreft; Het onderdeel ‘’GEUR’’ is gebaseerd op bestuurlijke afspraken tussen de provincie Gelderland en de gemeente Duiven die uit 1993 dateren.

De beleidsregels voor het onderdeel ‘’geur’’ behoren tot de strengste van heel Nederland. Programma Duurzaam InnoFase Op 9 december 2009 hebben de provincie, de gemeente, de stadsregio Arnhem Nijmegen en de bedrijven op InnoFase een intentieovereenkomst gesloten met als doel InnoFase meer duurzaam te maken. Deze intentie is door het college van Duiven bekrachtigd in het programma ‘’Duurzame ontwikkeling bedrijventerrein Roelofshoeve, werken aan een ecologische economie’’ (d.d. 2 maart 2010). De provincie heeft deze intentie bekrachtigd door InnoFase vervolgens als pilot aan te wijzen voor ‘’Bedrijventerreinen van de Toekomst’’. Medio 2011 hebben de provincie en de gemeente een gemeenschappelijk programmaplan op- en vastgesteld. In het kort zijn de programmadoelstellingen voor Duurzaam InnoFase: • • • •

stimuleren van de regionale “bio-based/EMT” economie: voorsorteren op wijziging in de energie- en grondstoffenmarkt en hiermee de concurrentiepositie van bedrijven voor de toekomst verbeteren; creëren van een gunstig vestigingsklimaat voor bedrijven en creëren van werkgelegenheid; verkoopbaarheid van de gronden stimuleren: het onderliggende concept heeft vestigingsvoordelen voor veel bedrijven mede door de unieke combinatie van bedrijven die reeds gevestigd zijn (synergievoordelen zijn in potentie zeer groot); bijdragen leveren aan de energietransitie en klimaatdoelstellingen (lokaal, regionaal, provincie en rijk);

Het programma Duurzaam InnoFase kent hiermee een duidelijke economische drijfveer. Bio-based economy Op InnoFase wordt dus ingezet op bio-based economy. Dergelijke bedrijven werken met biomassa en dat heeft per definitie gevolgen voor de aanwezige geurruimte. In één concreet geval heeft de aanvraag om een omgevingsvergunning op basis van de huidige beleidsregels voor ‘’geur’’ tot een ‘’weigering’’ geleid terwijl de aangevraagde activiteiten wel bijdroegen aan de programmadoelstellingen. Project Evaluatie Zonebeheer InnoFase Dit overwegende heeft de gemeente in samenwerking met de provincie Gelderland in 2012-2013 onderzocht in hoeverre de ‘Beleidsregels verdeling geluid- en geurruimte bedrijventerrein Roelofshoeve Duiven Gelderland 2008’ bijdragen aan de programmadoelstelling voor een Duurzaam InnoFase. De conclusie was dat de beleidsregels voor het onderdeel ‘’geluid’’ niet belemmerend werken maar voor het onderdeel ‘’geur’’ wel. Zowel gemeente als provincie zijn van mening dat de overstap naar het Gelders Geurbeleid voorkomt dat bestaande dan wel potentiële bio-based bedrijven door de huidige beleidsregels in hun uitbreidings- dan wel vestigingsmogelijkheden op InnoFase worden beperkt. Met de overstap naar het Gelders Geurbeleid blijft de ruimtelijke kwaliteit van de leefomgeving gewaarborgd. De bestaande gezamenlijke beleidsregels moeten hiervoor worden ingetrokken.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

19

De uitkomst van de evaluatie is de wens tot deregulatie van de geurregelgeving zodat het bedrijventerrein InnoFase verder uit kan groeien tot een pijler onder de regionale bio-based economy en EMT-sector. Daarmee wordt tevens een (mogelijke) belemmering voor de gemeentelijke gronduitgifte weggenomen aangezien bedrijven uit deze branches veelal geurrelevant zijn. Aangezien de bestaande regels ten aanzien van het onderdeel ‘’Geluid’’ met de intrekking van de gezamenlijke beleidsregel ook vervallen met de intrekking van de gezamenlijke beleidregels is er voor gekozen om deze in een zonebeheersplan te vertalen en een thematisch bestemmingsplan juridisch te verankeren zodat de goed functionerende praktijk van geluidszonebeheer kan worden voortgezet. Doelmatig instrument voor het gehele bedrijventerrein De gemeente heeft de behoefte een doelmatige en duurzame ontwikkeling en/of herstructurering van het gehele bedrijventerrein InnoFase tot stand te brengen, inclusief de bedrijfskavels die nog niet zijn uitgegeven. Vanuit deze wens wordt het regelen van de geluidsverkaveling via het ruimtelijke spoor van onderhavig bestemmingsplan passend geacht. Vorenstaande is van belang vanuit de doelstelling van de gemeente Duiven om InnoFase passend te kunnen ontwikkelen als bedrijventerrein gericht op de ‘groene economie’.

Het betreft hier bedrijven die zich kenmerken door een duurzame uitwisseling van energie en producten. Er wordt geluidsruimte toegekend/gereserveerd per kavel. Om het bedrijventerrein optimaal te ontwikkelen is het nodig dat er een doelmatig systeem is voor de verdeling van de geluidsruimte. Niet alleen voor de bestaande bedrijven en de reeds ingevulde kavels, maar ook voor de bedrijfskavels die nog niet uitgegeven zijn. Door in het ruimtelijke spoor actief te kijken naar de verdeling van de geluidsruimte, kan bij de beoordeling van een verzoek om geluidsruimte, ook rekening worden gehouden met bedrijven die zich in de toekomst willen vestigen, danwel met reeds gevestigde bedrijven die belang hebben bij het behouden van uitbreidingsruimte. Met onderhavig bestemmingsplan wordt het mogelijk om gerichte keuzes te maken bij het uitgeven van gronden bij nieuwvestiging van bedrijven en aldus een voorkeursbeleid te hanteren voor een bepaald type bedrijven waarbij de reeds vergunde/uitgegeven geluidsruimte optimaal wordt benut.

3.2 Zonebeheerplan Inleiding Voor het bedrijventerrein InnoFase is een zonebeheerplan opgesteld. Dit zonebeheerplan is recent geactualiseerd. Het zonebeheerplan geldt als onderbouwing van de in dit bestemmingsplan voorziene verdeling van de geluidsruimte. Het zonebeheerplan vormt hiermee de basis van dit bestemmingsplan. In de navolgende paragrafen wordt het zonebeheerplan kort samengevat. Het gehele zonebeheerplan is opgenomen als bijlage bij de toelichting op dit bestemmingsplan. Door het zonebeheerplan te vertalen in het onderhavig bestemmingsplan ten behoeve van de geluidsverkaveling wordt in het ruimtelijk spoor de geluidsverdeling geborgd. Regeling geluidsverkaveling via het ruimtelijke spoor Verankering van de systematiek van het zonebeheerplan in het bestemmingsplan leidt tot de noodzakelijke juridische harde toetsings- en handhavingskaders. Door het koppelen van uitgangspunten van het zonebeheerplan aan de juridisch bindende onderdelen van een bestemmingsplan, wordt de mogelijkheid geschapen om de doelmatige en duurzame ontwikkeling van het bedrijventerrein tot stand te brengen. Dit biedt de kans om aan bedrijven duidelijkheid te scheppen over de beschikbare geluidsruimte en de toekomstige vestigings- en uitbreidingsmogelijkheden op de afzonderlijke kavels. Bij deze systematiek ligt het zwaartepunt bij de ruimtelijk relevante indeling van de beschikbare geluidsruimte.

Daardoor wordt een betere aansluiting met de uiteindelijke doelen van het zonebeheer- en bestemmingsplan gerealiseerd.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

20

De geluidsverkaveling wordt in het bestemmingsplan vertaald naar regels. Is eenmaal een bestemmingsplan vastgesteld voor het beheren van de geluidsruimte, dan omvat deze de mate waarin de geluidsruimte op het bedrijventerrein gebruikt mag worden. Hiermee kunnen geen bovenmatige claims worden gelegd op de beschikbare geluidsruimte. Hier kan aan toegevoegd worden dat het passend wordt geacht om de geluidsverkaveling van het bedrijventerrein InnoFase via het ruimtelijke spoor te regelen. De beoogde regeling is immers ingegeven door ruimtelijke overwegingen. Het oogmerk van de regeling is een ‘goede ruimtelijke ordening’ van de geluidsruimte. Met het opnemen van de geluidsverkaveling in het bestemmingsplan wordt aldus een optimale invulling van het bedrijventerrein beoogd. Dit is een duidelijke ruimtelijke doelstelling. De be- treffende normen hebben hiermee niet primair tot doel de kwaliteit van het milieu te beschermen, maar vooral om tot een doelmatige ruimtelijke invulling van het bedrijventerrein te komen. Daarmee is de regeling in onderhavig bestemmingsplan inzake de geluidsverkaveling niet aan te merken als een milieukwaliteitsnorm (in de zin van de Wet geluidhinder of de Wet milieubeheer). Zoneheerplan en bestemmingsplan De Wet geluidhinder kent wel het instrument van het zonebeheerplan (artikel 164 Wgh).

Op grond van dit artikel kunnen burgemeester en wethouders een zonebeheerplan opstellen om informatie te geven over de beschikbare geluidsruimte. In de praktijk is niet alleen behoefte aan informatie, maar ook aan een instrument om de beschikbare geluidsruimte goed te kunnen verdelen en toedelen. Daarom geven zonebeheerplannen door middel van kavelreserveringen aan op welke wijze de geluidsruimte wordt verdeeld en beheerd. Als er geen goed verdeelmechanisme is, bestaat het risico dat het ene bedrijf veel geluid aanvraagt en dat de geluidsruimte voor andere bedrijven of nog lege kavels evenredig kleiner wordt. Dat kan tot de ongewenste gevolgen leiden, dat bedrijven zich niet verder kunnen ontwikkelen en dat op lege kavels een normale bedrijfsontwikkeling niet mogelijk is vanwege gebrek aan geluidsruimte. Voor de gemeente is dat een exploitatierisico. Ook voor de laatst uit te geven kavel moet voldoende geluidsruimte beschikbaar zijn. Het beheer van de geluidsruimte wordt in het bestemmingsplan geregeld om er voor te zorgen, dat de kavels overeenkomstig de bestemming en de daarbij behorende geluidsruimte gebruikt kunnen worden. Als dit niet geregeld wordt, bestaat het risico dat de gronden in dit bestemmingsplan onbruikbaar worden en niet meer conform de bestemming gebruikt kunnen worden.

De geluidsverkaveling is net als de indeling in milieucategorieën van bedrijven één van de ruimtelijk structurerende elementen van een bedrijventerrein. De gemeente heeft daarom besloten om een zonebeheerplan op te stellen met als belangrijke bouwsteen: een systeem van toedeling van geluidsruimte aan kavels en van een flexibel beheer daarvan. Die toedeling van geluidsruimte aan kavels is als het ware een geluidsverkaveling. Die geluidsverkaveling is als ruimtelijk relevante regeling in het bestemmingsplan verankerd. Met het bestemmingsplan geluidsverkaveling heeft de gemeente een passend instrument om de geluidsruimte op het bedrijventerrein InnoFase te verdelen. De geluidsverkaveling is in de regels uitgewerkt in een aparte gebiedsaanduiding: ‘milieuzone – regeling gebruik geluidsruimte’. Deze geluidsverkaveling en de regeling daarvan worden verder toegelicht in het zonebeheerplan, dat bijlage is van deze toelichting.

3.3 Vertaling zonebeheerplan in dit bestemmingsplan Algemeen Het voorliggende bestemmingsplan regelt middels een geluidverkaveling de toedeling van geluidsruimte op het gezoneerde bedrijventerrein.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

21

De regeling beperkt zich tot de toedeling van de geluidsruimte en de omgang met de gereserveerde geluidsruimte. In een bijlage bij de planregels worden de plannen weergegeven welke binnen het plangebied zijn gelegen. Het betreft de gronden waarop ook in de toekomst inrichtingen die in belangrijke mate geluidshinder kunnen veroorzaken (grote lawaaimakers) worden toegelaten en waaromheen dus ook in de toekomst een geluidszone zal zijn gelegen. De geluidszone zelf maakt geen onderdeel uit van het bestemmingsplan. Het gezoneerde bedrijventerrein wordt op de verbeelding voorzien van een gebiedsaanduiding ‘milieuzone – regeling gebruik geluidsruimte’. De planregels van de vigerende bestemmingsplannen welke zijn gelegen binnen het plangebied worden aangevuld met de regels uit dit bestemmingsplan. In de Nederlandse praktijk wordt geluidsruimte zowel als geluidsemissie vastgelegd. De gemeente Duiven kiest er in dit bestemmingsplan voor om de geluidsruimte als geluidsimmissie, uitgedrukt in dB(A) ter plaatse van de toetspunten, vast te leggen. De geluidsimmissie die optreedt is immers afhankelijk van bijvoorbeeld afscherming, reflecties en richtingsafhankelijkheid. Door niet uit te gaan van de geluidsemissie maar van de geluidsimmissie op de toetspunten, worden deze factoren meegenomen en ontstaat het meest realistische beeld.

De immissiewaarden op de toetspunten zijn in de toetsingstabellen vastgelegd. In de toetsingstabellen staat per perceel opgenomen hoeveel geluidsruimte beschikbaar is voor bestaande en nieuwe bedrijven. In de toetsingstabellen is onderscheid gemaakt naar de dag-, avond- en nachtperiode. In de tabellen is voor elk toetspunt per kavel een toetsingswaarde en een algemene reserve opgenomen. De toetsingstabellen vormen de kern van het bestemmingsplan en zijn verankerd in de regels. Uitgangspunten verdeling geluidsruimte De geluidsruimte voor het bedrijventerrein InnoFase is verdeeld op basis van de volgende drie uitgangspunten: 1. De verkaveling, zoals in de huidige situatie is vastgelegd. Dit is gebaseerd op de uitgangspunten van de beleidsregels uit 2008. 2. De bestaande rechten die bedrijven (sindsdien) aan verleende vergunningen en ontvankelijke meldingen kunnen ontlenen. 3. Het opnemen van een geluidsruimte van 60 dB(A)/m2 etmaalwaarde voor een deel van de kavels welke geschikt zijn voor de akoestisch gezien zwaardere bedrijven (milieucategorie 4 en hoger). De hoofdprincipes wat betreft de verdeling van geluidsruimte over de kavels is als volgt: • • •

• •

•

De geluidsruimte wordt verdeeld over de kavels op het bedrijventerrein op basis van kengetallen in dB(A)/m2, die zijn afgeleid van de van toepassing zijnde milieucategorieën. Deze geluidsruimte wordt vervolgens uitgedrukt in immissiewaarden op de toetsingspunten. Voor de kavels die geschikt zijn voor milieucategorie 4 en hoger wordt een geluidsruimte van 60 dB(A)/m2 etmaalwaarde vastgesteld voor de dag-, avond- en nacht- periode. Geluidsruimte toegekend aan een bouwperceel die niet (meer) wordt gebruikt door een bedrijf blijft beschikbaar op het betreffende bouwperceel; dit om de bruikbaarheid van de kavels in de toekomst te kunnen garanderen (behoud van economische waarde). Dit wijkt af van de huidige beleidsregel. Hierin is opgenomen dat 70% van niet meer gebruikte geluidsruimte komt te vervallen, tenzij BBT+ maatre- gelen worden toegepast. Indien een bouwperceel wordt gesplitst (bijvoorbeeld bij verkoop) zal de geluidsruimte evenredig worden herverdeeld en toegekend aan de opgesplitste kavels. De gemeente Duiven kiest er voor om een deel van de beschikbare geluidsruimte in een algemene reserve onder te brengen. De zonebeheerder heeft de beschikking over deze geluidsruimte en kan extra geluidsruimte overdragen aan bedrijven. Het bevoegd gezag kan dit vaststellen door gebruik te maken van de afwijkingsbevoegdheid in het bestemmingsplan.

De zoneringsgrenswaarden voor geluid mogen hierbij niet overschreden worden.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

22

De totale geluidsruimte bestaat uit de reeds verdeelde geluidsruimte (toetswaarde) en de daarnaast nog bestaande reserve. Wat de reserve betreft, kan sprake zijn van een bestemmingsreserve en van een algemene reserve. Geluidverdelingssystematiek Het zonebeheerplan is opgesteld volgens een transparante systematiek. De geluidsruimte is vastgelegd in de toetsingstabellen, waarbij onderscheid wordt gemaakt in: •

• •

Vergunde ruimte (x): de geluidsruimte die samenhangt met de vergunde activiteiten van bestaande inrichtingen, of vergunningsaanvragen die in behandeling zijn genomen en daarmee samenhangende ontwerpbesluiten of de geluidsruimte behorende bij geaccepteerde meldingen in het kader van het Activiteitenbesluit of op basis van dit besluit vastgestelde maatwerkvoorschriften. De generieke geluidsruimte (y): het deel van de geluidsruimte uitgedrukt in toebedeelde emissies per kavel, dat beschikbaar is voor kavels van bestaande en toekomstige inrichtingen op het bedrijventerrein, zoals vastgelegd op de geluidsverkavelingskaarten. Algemene reserve (z): het deel van de gereserveerde geluidsruimte van het gehele bedrijventerrein dat resteert na toedeling van de bestemmingsreserve.

De toetsingstabellen als opgenomen in het bestemmingsplan geven als toetsingwaarde voor de bestaande bedrijven, de vergunde ruimte weer en voor de nog uit te geven kavels de generieke geluidsruimte. Uitzondering vormen enkele bedrijven waar niet is uitgegaan van de vergunde waarde maar van een generiek geluidsruimte. In al deze gevallen wordt de geluidsruimte voor de kavels hiermee vergroot. In de toetsingstabellen is voor elk toetspunt per kavel de geluidsimmissie als dB(A)- getal opgenomen. De gemeente Duiven wil het onnodig vastleggen van immissiewaarden voorkomen, waardoor bedrijven mogelijk beperkt worden in het geval van kleine wijzigingen van de bedrijfsactiviteiten. Als de bijdrage van een kavel, beschouwd per etmaalperiode, meer dan 20 dB(A) onder de van toepassing zijnde grenswaarden op de toetspunten ligt, is geen sprake van een relevante immissiebijdrage. In dat geval is de betreffende grenswaarde minus 20 dB(A) als waarde opgenomen in de toetsingstabellen. Voor de dagperiode betreft dit bijvoorbeeld 50 – 20 = 30 dB(A). Na toedeling dient de geluidsruimte bovendien op transparante wijze te worden beheerd. Voor zover er geluidsruimte in reserve wordt gehouden dienen regels te worden opgesteld die bepalen onder welke voorwaarden deze reserve kan worden ingezet.

De wijziging ten opzichte van de bestaande beleidsregel is dat anders wordt omgegaan met vrijkomende geluidsruimte. In de beleidsregels van de provincie was vastgelegd dat ‘indien (…) blijkt dat een inrichting geen of minder geluid- of geurruimte nodig heeft dan voor de kavel is gereserveerd dan wordt na vergunningverlening 30% gereserveerd voor de betreffende kavel als bestemmingsreserve. De resterende 70% komt toe aan de algemene reserve’ (artikel 5 lid 2 sub a). De algemene reserve kan door deze 30%/70%-regel in de tijd vari- ëren. Bestaande en nieuwe inrichtingen kunnen een beroep doen op deze algemene reserve als de bestemmingsreserve geen ruimte meer biedt. In de regeling van onderhavig bestemmingsplan is geregeld dat de toegekende geluidsruimte volledig beschikbaar blijft voor de betreffende kavel. De reden hiervoor is dat het zonebeheer de afgelopen jaren goed heeft gewerkt en er geen sprake meer is van overschrijdingen. Hierdoor is er geen behoefte meer de algemene reserve te vergroten. Daarnaast bleek de 30%/70%-regel veel administratieve lasten met zich mee te brengen.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

23

4 Wijze van bestemmen 4.1 Algemeen 4.1.1 Wat is een bestemmingsplan? Het gemeentelijke bestemmingsplan is een middel waarmee functies aan gronden worden toegekend. Het gaat dus om het toekennen van gebruiksmogelijkheden. Vanuit de Wet ruimtelijke ordening volgt een belangrijk principe: het gaat om toelatingsplanologie. Het wordt de grondgebruiker (eigenaar, huurder et cetera) toegestaan om de functie die het bestemmingsplan geeft uit te oefenen. Dit houdt in dat: 1. de grondgebruiker niet kan worden verplicht om een in het bestemmingsplan aangewezen bestemming ook daadwerkelijk te realiseren, en; 2. de grondgebruiker geen andere functie mag uitoefenen in strijd met de gegeven bestemming (het overgangsrecht is hierbij mede van belang). Een afgeleide van de gebruiksregels in het bestemmingsplan zijn regels voor bebouwing (bouwvergunning) en regels voor het verrichten van ‘werken’ (aanlegvergunning). Een bestemmingsplan regelt derhalve: 1. het toegestane gebruik van gronden (en de bouwwerken en gebouwen); en een bestemmingsplan kan daarbij regels geven voor: 2. het bebouwen van de gronden; 3. het verrichten van werken (aanleggen). Het bestemmingsplan is een belangrijk instrument voor het voeren van ruimtelijk beleid, maar het is zeker niet het enige instrument.

Andere ruimtelijke wetten en regels zoals bijvoorbeeld de Woningwet, de Monumentenwet 1988, de Algemene Plaatselijke Verordening, de Wet Milieubeheer en de Bouwverordening zijn ook erg belangrijk voor het uitoefenen van het ruimtelijke beleid. 4.1.2 Over bestemmen, dubbelbestemmen en aanduiden Op de verbeelding wordt in de regel aangegeven welke bestemming gronden hebben. Dit gebeurt via een bestemmingsvlak. Voor het op de verbeelding aangegeven bestemmingsvlak gelden de gebruiksmogelijkheden zoals die in het bijhorende regel worden gegeven. Die toegekende gebruiksmogelijkheden kunnen op twee manieren nader worden ingevuld: 1. Via een dubbelbestemming. Een dubbelbestemming is, zoals de naam al zegt, een bestemming die óók aan de gronden wordt toegekend. Voor gronden kunnen dus meerdere bestemmingen gelden. Er geldt altijd één ‘enkel’ bestemming (dat is dé bestemming) en soms geldt er een dubbelbestemming (soms zelfs meerdere). In de regel van de dubbelbestemming wordt omschreven wat er voor de onderliggende gronden geldt aan extra bepalingen in aanvulling, of ter beperking, van de mogelijkheden van de onderliggende bestemmingen. 2. Via een aanduiding. Een aanduiding is een teken op de verbeelding dat betrekking heeft op een vlak op die kaart. Via een aanduiding wordt in de regels ‘iets’ geregeld.

Dat ‘iets’ kan betrekking hebben op extra mogelijkheden of extra beperkingen voor het gebruik en/of de bebouwing en/of het aanleggen van werken. Aanduidingen kunnen voorkomen in een bestemmingsregel, in meerdere bestemmingsregels en kunnen ook een eigen regel hebben.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

24

Het onderhavige plan wijkt af van bovengenoemde standaard. In de volgende paragraaf wordt hier nader op ingegaan.

4.2 Dit bestemmingsplan 4.2.1 Thematische herziening Voorliggend bestemmingsplan is een thematische herziening van de in de bijlage 1 van de regels genoemde bestemmingsplannen in de gemeente Duiven. De herziening is thematisch omdat er voor een specifiek onderwerp een regeling wordt vervangen dan wel wordt aangevuld en voor het overige alle in de bijlage 1 genoemde plannen in stand blijven. De herziening is dus niet rechtstreeks verwerkt in de onderliggende bestemmingsplannen. Ten aanzien van dat onderwerp dat een thematisch bestemmingsplan regelt, komen de regels ten aanzien van dat onderwerp in de onderliggende bestemmingsplannen te vervallen. Dit op grond van de algemene rechtsregel, dat een latere wet boven een eerdere wet gaat. Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en de regels vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen dienen in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. Het voorliggende bestemmingsplan is een sectoraal bestemmingsplan waarbij op het bedrijventerrein InnoFase een geluidverkaveling wordt aangebracht. Deze partiële herziening van de geldende bestemmingsplannen betreft derhalve een parapluherziening van alle bestemmingsplannen waarover de geluidverkaveling heen komt te liggen.

De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan. 4.2.2 Bijzonderheden in dit bestemmingsplan Dit bestemmingsplan vormt geen volledig bestemmingsplan in die zin dat het alle hoofd- en dubbelbestemmingen bevat. Het voorliggende bestemmingsplan regelt middels een geluidverkaveling uitsluitend de toedeling van geluidsruimte op het gezoneerde bedrijventerrein InnoFase. De regeling beperkt zich tot de toedeling van de geluidsruimte en de omgang met de gereserveerde geluidsruimte. In een bijlage bij de planregels worden de plannen weergegeven welke binnen het plangebied zijn gelegen. Het betreft de gronden waarop ook in de toekomst inrichtingen die in belangrijke mate geluidshinder kunnen veroorzaken (grote lawaaimakers) worden toegelaten en waaromheen dus ook in de toekomst een geluidszone zal zijn gelegen. De geluidszone zelf maakt geen onderdeel uit van het bestemmingsplan. Het gezoneerde bedrijventerrein wordt op de verbeelding voorzien van een gebiedsaanduiding ‘milieuzone - regeling gebruik geluidsruimte’.

De planregels van de vigerende bestemmingsplannen welke zijn gelegen binnen het plangebied worden aangevuld met de regels uit dit bestemmingsgplan. De hoofd- en dubbelbestemmingen zijn geregeld in het bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’. Ook de geluidszone behorend bij het bedrijventerrein InnoFase wordt niet geregeld in onderhavig bestemmingsplan, hiervoor blijft het thematische bestemmingsplan ‘Geluidszone Bedrijventerrein InnoFase’ van kracht.

4.3 De regeling 4.3.1 Hoofdstukopbouw van de regels Er is voor gekozen in dit bestemmingsplan een regeling op te nemen ter aanvulling op c.q. herziening van de in de bijlage genoemde thans vigerende bestemmingsplannen. Voor die bestemmingsplannen geldt na goedkeuring van dit plan de in dit plan opgenomen regeling voor de hierin geregelde onderwerpen.

15 oktober 2021 | Bestemmingsplan ‘Geluidverkaveling bedrijventerrein InnoFase’ | Buro Stedenbouw

25

In het navolgende wordt ingegaan op de regels. De regels zijn verdeeld over drie hoofdstukken: 1. Inleidende regels. In de inleidende regels wordt allereerst de reikwijdte van het plan aangegeven. De regels van dit plan zijn een aanvulling op de in de bijlage 1 opgenomen vigerende bestemmingsplannen van de gemeente Duiven. Voor zover een in de bijlage 1 genoemd bestemmingsplan reeds een regeling over de in dit bestemmingsplan geregelde onderwerpen omvat, wordt deze herzien door middel van onderhavig plan. Voor het overige blijven de in de bijlage 1 genoemde bestemmingsplannen onverkort van toepassing. In dit hoofdstuk worden verder de begrippen verklaard die in de regels worden gebruikt (artikel 2). Dit gebeurt om een eenduidige uitleg en toepassing van de regels te waarborgen. 2. Bestemmingsregels. Vanwege de specifieke aard van dit bestemmingsplan bevat dit plan geen bestemmingsregels. 3. Algemene regels. In dit hoofdstuk zijn bepalingen opgenomen met een algemeen karakter. Ze gelden dus voor het hele plan. Vanwege het feit dat het hier een thematische herziening betreft bevat het bestemmingsplan verder geen algemene regels over bijvoorbeeld, algemene afwijkingen en algemene wijzigingen. Deze min of meer standaardregels in bestemmingsplannen ontbreken. Het betreft hier vooral algemene aanduidingsregels met gebruiksbepalingen. 4. Overgangs- en slotregels.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duiven&id=c2d60042-1a43-48ca-b5e1-16b4af2d3895