B4a. Raad van State - Brief Verweerschrift Plakse Weide Duiven
Tekst van het document
(geanonimiseerd) Aovecaten EN
Postbus
NV.
1094
Oranjesingel 1
(geanonimiseerd) Nijmegen BEN
(geanonimiseerd) Nimeoen BEEN
T 024
www.hekkelman.nl
(geanonimiseerd) eekkerman.: B
-
382
83
84
Hekkel m à r ì
advocaten
Afdeling Bestuursrechtspraak de
van
Raad
van
State
Postbus 20019
(geanonimiseerd) DEN EN
Tevens
per
Nijmegen, Ons
HAAG
Veilig
5 maart
Mailen
met
2025
kenmerk
Duiven/Gebiedsontwikkeling 20210272
-
webformulier
een
4094581/2
-
Telefoonnummer
Uw
024
202406692/1/R4,
382
-
83
38
83
88
kenmerk
202406694/1/R4
TL/
Faxnummer
(geanonimiseerd) enekkelman.nl B
024
-
Betreft
382
Beroepen tegen bestemmingsplan Plakse Weide en hogere waardenbesluit
VERWEERSCHRIFT Geacht
college,
Als
advocaat-gemachtigde van de gemeenteraad (hierna: ‘de raad’) en het college van burgemeester en wethouders (hierna: ‘burgemeester en wethouders’) van de gemeente Duiven dien ik hierbij het verweerschrift in, in de beroepsprocedures met bovenstaande zaaknummers. Het verweerschrift bevat de reactie van de raad en burgemeester en wethouders -__het
op:
beroepschrift
van
12
(geanonimiseerd) NN, (geanonimiseerd) > EN -
het
beroepschrift
van
november tor
5.V.
5 november
2024 en
2024
het
beroepschrift van 31 (hierna: ‘de Stichting’).
oktober
EN an
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) AN (geanonimiseerd) nenerns (hierna: MM (geanonimiseerd) <2; (geanonimiseerd) MN van (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) van
(geanonimiseerd)
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) -
de
2024
van
de
Stichting
Leefbaarheid
3Wijken
beroepen zijn gericht tegen het bestemmingsplan ‘Plakse Weide’ (hierna: ‘het bestemmingsplan’). Het bestemmingsplan maakt het mogelijk om in het plangebied, in Duiven ligt en plaatselijk bekend is als ‘Plakse Weide’, gefaseerd (maximaal) 300 woningen te realiseren. Het beroep van de Stichting is ook gericht tegen het hogere De
dat
waardenbesluit.
=evecaten en notarissen is de handelsnaam waaronder (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) DE BEN Acvocaten Nv. (KvK nr. 09170462) en nr. 09170507), statutair gevestigd te Nijmegen, ieder voor eigen rekening werken. Notarissen NV. beide (geanonimiseerd) G<vK ER
Op
onze
beperking
dienstverlening zijn van toepassing de algemene voorwaarden van
de
aansprakelijkheid
is
opgenomen.
(zie www.hekkelman.nl)
waarin
onder
andere
een
| notarissen
Hekkel man, Pagina
2/31
(geanonimiseerd) e.a. hebben B
percelen in en grenzend aan het plangebied. Het gaat om de percelen kadastraal bekend, gemeente Groessen, G-609, G-613, G-615 en gemeente Duiven 1-502, 1-223 en 1-224. Ook hebben BM (geanonimiseerd) e.a. een deel van het perceel gemeente Groessen, G-580 in gebruik. De gronden in en direct grenzend aan het (geanonimiseerd) e.a. exploiteren daarnaast plangebied worden voor landbouwdoeleinden gebruikt. BM in (geanonimiseerd) GN op nog een intensieve veehouderij (varkenshouderij) aan de (geanonimiseerd) het voorkomen e.a. willen met circa 200 meter afstand van het plangebied. BM beroep (geanonimiseerd) worden dat hun huidige en toekomstige gebruiksmogelijkheden door de woningbouw meerdere
aangetast.
(geanonimiseerd) woont aan de Rijksweg 110. Het plangebied bevindt zich aan de overzijde NN van de Rijksweg. EN (geanonimiseerd) wil met het beroep voorkomen dat er in de buurt van zijn perceel woningen
worden
gebouwd.
Stichting geeft aan de (toekomstige) bewoners van de Plakse Weide, De Stichting wil, met het oog op en Vergert Oost te vertegenwoordigen. voorkomen dat de woningen worden gebouwd. De
Lommerweide de
leefbaarheid,
mening dat het bestemmingsplan in overeenstemming met het vereiste van een goede ruimtelijke ordening is vastgesteld en dat de beroepen om die reden ongegrond moeten worden verklaard. Burgemeester en wethouders zijn van mening dat in redelijkheid hogere waarden zijn vastgesteld en er ten behoeve van de woningbouw dat het beroep van de Stichting om die reden ongegrond moet worden verklaard. De raad en burgemeester en wethouders zullen hierna toelichten waarom dat zo is. In paragraaf 1 worden de relevante achtergronden geschetst. In paragraaf 2 komt de ontvankelijkheid aan bod. De paragrafen 3 tot en met 5 bevatten per appellant een samenvatting van de beroepsgronden. Onder iedere samengevat weergegeven beroepsgrond treft u het verweer van de raad en, voor zover het hogere waardenbesluit betreft, van burgemeester en wethouders aan. De
raad
is
van
Achtergrond van het bestemmingsplan en het hogere waardenbesluit Het bestemmingsplan voorziet in de herontwikkeling van de percelen G-609 en G-613 tot een woongebied. In de bestaande situatie worden deze percelen voor akkerbouw gebruikt. Het plangebied ligt aan de oostzijde van Duiven en wordt omringd door de provinciale weg Oostsingel (N810), de Vergertlaan en de Rijksweg. Het plangebied ligt op korte afstand van het dorpscentrum en sluit aan op de bestaande woonwijken van Duiven. De ligging van het plangebied ten opzichte van de provinciale weg en de bestaande bebouwing is op onderstaande luchtfoto te zien. 1.
4094581/2.
Hekkel man, Pagina
3/31
DUIVEN
Luchtfoto:
en
/
47)
«.
ligging plangebied (wit omkaderd)
(bron: plantoelichting).
Op onderstaande afbeelding is de planverbeelding weergegeven. De woning van en de varkenshouderij van (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) EN WM zijn aangeduid met rode stippen.
Liet 4
FMR
è
}
Afbeelding planverbeelding varkenshouderij van MA (geanonimiseerd) 1:
4094581/2
de
Mr’
d
Hes
(bron: regels op de kaart),
de woning
van
(geanonimiseerd) en de WN
Hekkel man, Pagina
4/31 bestemmingsplan maakt de bouw van in totaal maximaal 300 woningen mogelijk. De woningbouw wordt in twee fasen gerealiseerd. Tot 2026 worden in fase 1 180 tot maximaal 200 woningen gebouwd, daarna tot 2030 in de tweede fase de overige woningen. Fase 2 betreft het gebied dat is gelegen ter plaatse van de huidige geurcontour van de varkenshouderij van BM (geanonimiseerd) op de onderstaande afbeelding zijn de Het
twee
ontwikkelfases
Afbeelding
2:
fasering
aangegeven.
van
de beoogde ontwikkeling.
Voor de
gronden van fase 2 is in het bestemmingsplan vooralsnog een groenbestemming vastgelegd. Voor de bestemming ‘Groen’ geldt een wijzigingsbevoegdheid die is vastgelegd in artikel 3.3 van de planregels. De wijzigingsbevoegdheid maakt het mogelijk om de groenbestemming te wijzigen in de bestemming ‘Wonen’ en ‘Verkeer Verblijfsgebied’. De bevoegdheid tot het wijzigen van de bestemming is gekoppeld aan wijzigingsregels die een aanvaardbaar woon- en leefklimaat borgen. Aan de gronden in fase 2 is tevens de gebiedsaanduiding ‘Wetgevingszone wijzigingsgebied’, zoals de die onderstaande aangeduid op planverbeelding op afbeelding is weergegeven, toegekend. —
-
4094581/2
Hekkel man, Pagina
5/81
Afbeelding
3:
planverbeelding
Uit het akoestisch fase
en
2 de
met
onderzoek
de Gebiedsaanduiding
wegverkeer! volgt
voorkeurswaarde
van
48 dB
wordt
dat
'wetgevingszone -wijzigingsgebied’, voor
een
aantal
overschreden.
Om
woningen in fase ontwikkeling
1
de
deze woningen hogere waarden vastgesteld. mogelijk zijn Ten behoeve van de woningen in fase 2 dient tevens een geluidwal langs de Oostsingel (N810) te worden aangelegd. Het realiseren van de geluidwal is geborgd in de desondanks
te
wijzigingsbevoegd
van
maken
artikel
voor
3.3,
onder
g,
van
de planregels.
ontwerpbestemmingsplan en het hogere waarden- ontwerpbesluit zijn op 30 mei ter inzage gelegd.” Dit betekent dat op deze beroepsprocedures het recht, waaronder de Wet ruimtelijke ordening en de Wet geluidhinder, zoals dat gold vóór inwerkingtreding van de Omgevingswet, van toepassing is. Het
2023
2.
Ontvankelijkheid
(geanonimiseerd) en niet. Ter
(geanonimiseerd) e.a. zijn belanghebbenden. B
toelichting strekt
het
De
Stichting
is dat
volgens
de
raad
volgende.
Stichting geeft aan de (toekomstige) bewoners van de Plakse Weide, Lommerweide en Vergert Oost te vertegenwoordigen. De Stichting is op 2 juni 2023 opgericht en haar statutaire doelstelling is het bevorderen van de leefbaarheid in deze wijken voor de (toekomstige) bewoners en bewonersgroepen. De
1
De
Milieuadviseur, Akoestisch onderzoek wegverkeer,
plantoelichting). 2
Gemeenteblad
4094581/2
2023,
245840.
1 februari 2024,
p. 35
(bijlage 4 bij de
(geanonimiseerd) man, Pagina
6/31
1;2, derde lid, van de Awb bepaalt dat ten aanzien van rechtspersonen als hun belangen mede worden beschouwd de algemene en collectieve belangen die zij krachtens hun doelstellingen en blijkens hun feitelijke werkzaamheden in het bijzonder behartigen. Op grond van vaste rechtspraak dienen bij de vraag naar het rechtstreeks belang, de doelstelling en de feitelijke werkzaamheden in onderling verband te worden beoordeeld.3 Voor wat betreft de feitelijke werkzaamheden dient acht te worden geslagen op de periode voorafgaand aan het indienen van, in dit geval, een zienswijze.
Artikel
Stichting blijkt dat één van haar kenbare handelingen is dat de Stichting twee zienswijzen over het ontwerpbestemmingsplan en het ontwerpbesluit voor de vaststelling van hogere waarden heeft ingediend.” De acties van vóór die tijd zijn veelal van de bewonersgroepen zelf. Het vergaren van informatie over de verbreding van de A12 bij brief van 22 februari 2024 aan Rijkswaterstaat en het daarop volgende bericht van 15 april 2024 kwalificeren niet als feitelijke werkzaamheden.® Dit geldt volgens de raad ook voor het bericht van 26 juni 2024 van de Stichting, namens acht hondenbezitters uit de wijk Lommerweide en Vergert, aan de wethouder over de kwaliteit van het hondenlosloopterrein naast de begraafplaats. Deze werkzaamheden bieden evenmin aanknopingspunten voor de afbakening van de belangen waar de Stichting voor opkomt. Uit de
website
Over
de
tot
en
de
van
ontwerpbesluiten
en
met
14
november
konden
tot
2024
kon
en
met
beroep
19
juli
worden
2023
zienswijzen
ingesteld.”
De
worden
raad
ingediend
stelt vast
dat
gebleken van feitelijke werkzaamheden tussen 2 juni 2023 (het moment van oprichting van de Stichting) en het verstrijken van de beroepstermijn op 15 november 2024, anders dan werkzaamheden die verband hielden met het aanwenden van rechtsmiddelen tegen de (ontwerp)besluiten, zoals het indienen van zienswijzen en het indienen van de beroepschriften. Dit zijn geen feitelijke werkzaamheden zoals bedoeld in artikel 1:2, derde lid, van de Awb.® niet is
Stichting heeft daarmee onvoldoende feitelijke werkzaamheden verricht die ‘in het bijzonder’ bijdragen aan de verwezenlijking van haar doelstelling. Daar komt bij dat uit geen enkele actie die de Stichting heeft ondernomen, blijkt dat de Stichting zich daadwerkelijk de belangen van de toekomstige bewoners aantrekt. Uit niets blijkt dat de Stichting (ook) opkomt voor de belangen van personen met concrete interesse in de koop en/of bewoning van de te bouwen woningen.” De
3
O.a.
van 4
AbRS,
27
december
2018, ECLI:NL:RVS:2018:4292
en
daarin
genoemde andere uitspraken
de Afdeling.
AbRS, uitspraken. O.a.
8
maart
2023, ECLI:NL:RVS:2023:957,
5
https://3wijken.nl/documenten/.
6
AbRS,
7
Gemeenteblad
8 maart
r.o.
4.2 en
2023, ECLI:NL:RVS:2023:957, r.o. 4.2. 2024, 418158. 8 O.a. AbRS, 8 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:957, r.o. 4.2. 9 AbRS, 1 oktober 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BF3911.
4094581/2
de daarin
genoemde
andere
Hekkel man, Pagina
7/31 feitelijke werkzaamheden is de Stichting geen belanghebbende.!® de Stichting ontvankelijk, omdat de Stichting na oprichting Niettemin beroep zienswijzen heeft ingediend over het ontwerpbestemmingsplan en het ontwerpbesluit voor de vaststelling van hogere waarden. Dit volgt uit de Varkens-in-Noodrechtspraak.** Volgens deze rechtspraak hebben namelijk ook niet-belanghebbenden toegang tot de bestuursrechter als zij een zienswijze hebben ingediend. het
Door
ontbreken
van
is het
van
Stichting vanwege het ontbreken van feitelijke werkzaamheden gericht op de behartiging van de belangen van de toekomstige bewoners, niet kan opkomen voor die belangen. Ook als het beroep ontvankelijk is omdat de rechtspersoon heeft gebracht, moet in het kader van het relativiteitsvereiste een zienswijze naar voren worden of de onderzocht Stichting feitelijke werkzaamheden heeft verricht om de statutaire doelstellingen waar zij voor opkomt, te behartigen. Dat betekent dat de Afdeling, gelet op het relativiteitsvereiste, in ieder geval niet kan toekomen aan een inhoudelijke beoordeling van de beroepsgronden die gaan over normen die strekken tot bescherming van de toekomstige bewoners. De
raad
Gelet
3.
het
op
betreft
zal,
zijn
de
dat
aan
de
voor
reactie
een
EN
(geanonimiseerd)
zover
van
worden
van
de
bovenstaande
Gronden
Hierna
dat
meent
de
beroepen ontvankelijk. Voor zover het de Stichting orde is, een relativiteitsverweer worden gevoerd.
beroep van MM (geanonimiseerd) e.a. beroepsgronden van BM (geanonimiseerd) e.a. samengevat
weergegeven
en
telkens
voorzien.
(geanonimiseerd) e.a. voeren B
bij de vaststelling van het bestemmingsplan onvoldoende rekening is gehouden met het aspect geur. Een goed woon- en leefklimaat is niet (geanonimiseerd) e.a. gaat gewaarborgd als er een grotere belasting optreedt dan 3 ouE/m?. Volgens BM de gemeente er ten onrechte vanuit dat de varkenshouderij al wordt belemmerd door de woningen aan de Achterste Weide 10a, 12 en 14, omdat op deze locaties mogelijk vergunningvrije bouwwerken, zoals mantelzorgwoningen, kunnen worden gerealiseerd. (geanonimiseerd) e.a. wijzen erop dat bij het bepalen of er sprake is van een belemmering moet | worden uitgegaan van de feitelijke situatie, en niet een hypothetische situatie die zich in de toekomst zou kunnen voordoen. Op dit moment is uitbreiding van de varkenshouderij in de richting van de Achterste Weide nog mogelijk, waardoor (geanonimiseerd) BM e.a. geen belemmering ondervinden. aan
dat
er
(geanonimiseerd) e.a. aan dat in de geurberekening BM
bestemmingsplan ten grondslag is gelegd, ten onrechte is uitgegaan van het emissiepunt in plaats van de hoek van het bouwvlak. Zij wijzen hierbij op twee uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, te weten AbRS, 17 juli 2013, ECLI:NL:RVS:2013:3089 en AbRS, 2 oktober 2024, ECLI:NL:RVS:2024:3963.
Verder
10 11
AbRS, ADRS,
voeren
31
januari 2024, ECLI:NL:RVS:2024:371, 2021, ECLI:NL:RVS:2021:953.
4 mei
4094581/2
r.o.
1.7.
die
aan
het
Hekkel man, Pagina
8/31
Ten
slotte
(geanonimiseerd) e.a. BM
merken
op
dat
er
onvoldoende
ingegaan
zij
naar
hebben
voren
gebracht
afstand
(geanonimiseerd) e.a. BN
het
op hun zienswijze, als referentiepunt moet
gehele bouwvlak worden genomen en dat de nieuwe woningen onjuist was beschouwd. De afstand tussen de als bestaande belemmering genoemde woningen en het plangebied betreft nog een ruime marge van circa 250 meter, terwijl de afstand tussen het plangebied en het bouwvlak van (geanonimiseerd) BEM e.a. slechts 150 meter is. waarin
dat
is
tot de
wijzigingsbevoegdheid van artikel 3.3 van de planregels ten onrechte geen rekening is gehouden met geurhinder die in de tuinen van de nieuwe BM e.a. vinden artikel 3.3, sub f van de planregels woningen kan optreden. (geanonimiseerd) onduidelijk. In die planregel is vastgesteld dat de gebruiksmogelijkheden van omliggende veehouderijen niet in onevenredige mate mogen worden aangetast of belemmerd door de op te richten woningen. Daarnaast voeren (geanonimiseerd) BM e.a. aan dat hun huidige en toekomstige gebruiksmogelijkheden helemaal niet mogen worden aangetast. voeren
aan
(geanonimiseerd) e.a. wijzen B 340
meter
er
het
van
dat
in de
op dat, op grond van de wijzigingsbevoegdheid, op veel minder dan bouwvlak van de varkenshouderij woningen mogelijk kunnen worden
plaatse sprake is van een goed woon- en leefklimaat. De invulling van deze voorwaarde is volgens BWM (geanonimiseerd) e.a. onduidelijk en het volledige wijzigingsgebied valt onder een hogere geurbelastingnorm (tot 5, 5 tot 6 ouE/m?), wat ruim boven de norm van 3 ouE/m? ligt die in het gemeentelijke geurbeleid gehanteerd wordt. BM (geanonimiseerd) e.a. zijn van mening dat de wijzigingsbevoegdheid daardoor onvoldoende zekerheid biedt dat de woningen pas zullen worden gerealiseerd als het geurprobleem daadwerkelijk is opgelost. mits ter
gemaakt,
Reactie raad
De
dat
meent
varkenshouderij
van
er
voldoende
rekening
is
gehouden
met
de
geuremissie
van
de
(geanonimiseerd) e.a WM
plangebied ligt in een concentratiegebied als bedoeld in artikel 1 van de Wet geurhinder en veehouderij (hierna: 'Wgv’) en ligt na verwezenlijking van het plan binnen de bebouwde kom!? en naar verwachting binnen de, met in achtneming van artikel 5.109 het Besluit kwaliteit leefomgeving, nog aan te wijzen bebouwingscontour geur. Een van milieuvergunning voor een veehouderij werd, op grond van artikel 3 van de Wgv, geweigerd als de geurbelasting op een geurgevoelig object dat binnen een concentratiegebied ligt, binnen de bebouwde kom, hoger was dan 3 ouE/m?. Voor het plangebied is de Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Duiven (2008) geen afwijkende norm vastgesteld. Daarom geldt de geurnorm van 3 ouE/m® als uitgangspunt voor de beoordeling van de vraag in welke mate geurhinder aanvaardbaar is. Het
geuronderzoek!® van WN (geanonimiseerd) blijkt dat de hoogste voorgrondbelasting, met waarde van 5,5 ouE/m?, alleen ter plaatse van het meest oostelijke bouwvlak
Uit het een
voorkomt.
12
Zolang
kom 13
in
De
hoogste achtergrondbelasting
het
omgevingsplan
4094581/2
Op
onderstaande
bebouwingscontour geur is aangewezen, geldt de bebouwde (artikel 22.98 en tabel 22.3.10 bruidsschat). geurbelasting, 12 mei 2023 (bijlage 8 bij de plantoelichting). geen
als bebouwingscontour geur
(geanonimiseerd) notitie MN,
bedraagt 4,5 ouE/m?.
Hekkel man, Pagina
9/31 de
afbeelding zijn dan
de
helft
waarden
van
de
voor
geurcontouren weergegeven. De voorgrondbelasting bedraagt meer achtergrondbelasting en is daarom bepalend voor de hinder.“ De voorgrondbelasting duiden op een ‘redelijk goed’ woon- en
de
leefklimaat.* In de
eerste
fase
probleemloos
kunnen
worden
de
(minimaal) 180 woningen, die buiten de geurcontour liggen, gerealiseerd, uitgaande van een aanvaardbaar woon- en
leefklimaat.
beoogde woningen binnen de geurcontour kunnen pas worden gerealiseerd huidige geurcontour is opgeheven, om eventuele belemmeringen voor de varkenshouderij van (geanonimiseerd) WM uit te sluiten. De
ha
U
Plaksestraat
nadat
de
6
Afbeelding 4: emissiepunten, toetspunten en geurcontouren (bron: geuronderzoek (geanonimiseerd) bijlage 8 bij de plantoelichting) met de aanduiding van de woningen aan de ‘Laarstraat 10’ en ‘Plaksestraat
(geanonimiseerd) e= B
6’
gevolgd in hun standpunt dat de varkenshouderij de bestaande situatie, richting het plangebied zou kunnen laten geurbelasting toenemen. Ter plaatse van de woning aan de Plaksestraat 6, die ligt binnen de bebouwde kom, wordt de geurnorm van 3 ouE/m? op dit moment al overschreden met 0,1 tot 1,5 ouE/m?. Als de varkenshouderij wordt uitgebreid richting het plangebied, zal de kunnen
niet worden
in de
14
AbRS,
15
,
23
maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:802, (geanonimiseerd) Notitie geurbelasting, 12 mei 2023,
plantoelichting).
4094581/2
r.o.
2.
paragraaf 3.4, tabel
2
(bijlage
8
bij de
Hekkel man, Pagina
10/31 woning verder verschuiven, waardoor de overschrijding van de norm toeneemt. Een uitbreiding van de varkenshouderij kan ook niet zonder gevolgen de voor blijven geurbelasting ter plaatse van de woning aan de Laarstraat 10, buiten de bebouwde kom. De (maximale) 14 ouE/m?-contour overlapt de woning al. De raad stelt daarom, op basis van de feitelijke situatie, vast dat de nieuwbouw die het bestemmingsplan mogelijk maakt geen extra belemmering vormt voor de bedrijfsvoering van BW, (geanonimiseerd) aangezien deze al wordt beperkt door de bestaande omstandigheden. ook
geurcontour
deze
(geanonimiseerd) e.a. BM
geurberekening zou moeten uitgaan van de hoek van het bouwvlak. Het bouwvlak kan niet volledig worden benut, omdat (geanonimiseerd) reeds wordt beperkt door (onder andere) de bestaande woning aan de Plaksestraat 6. Hierdoor is een verdere uitbreiding van de varkenshouderij richting het plangebied niet mogelijk. Zoals eerder opgemerkt, wordt de geurnorm van 3 ouE/m3 bij deze woning al overschreden, en is het niet mogelijk om nog een stal met geuremissie te bouwen of (geanonimiseerd) emissiepunten dichter bij de zuidelijke rand van het bouwvlak te realiseren.!€ kan de geurruimte richting het plangebied niet anders gebruiken dan in de vergunde situatie het geval is, Daarom is de raad terecht uitgegaan van het reëel te benutten bouwvlak en de maximaal vergunde geurcontour, die wordt bepaald door de geuremissie van stallen De
raad
A, B, D
is het
bij
niet
eens
met
dat
de
F.
en
(geanonimiseerd) e.a. de uitspraak van BM
voorzieningenrechter van de de Raad van State, ECLI:NL:RVS:2013:3089, van aanhalen. Uit het citaat in het beroepschrift volgt weliswaar het uitgangspunt dat de geurberekening in beginsel uitgaat van de randen van het bouwvlak, maar in die uitspraak (rechtsoverweging 4.5) staat ook dat de bestaande en vergunde bebouwing als uitgangspunt mag worden genomen vanwege de ligging ten opzichte van reeds bestaande geurgevoelige objecten. Dit onderschrijft het standpunt van de raad. De verwijzing naar de tussenuitspraak van 2 oktober 2024 van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, ECLI:NL:RVS:2024:3963, volgt de raad evenmin. Volgens de uitspraak was in die zaak geen rekening gehouden met de mogelijkheid dat de veehouderij op enig moment alsnog gebruik zou kunnen maken van mechanische ventilatie die geluid produceert. Daarom was het onderzoek onzorgvuldig. Zo’n situatie doet zich hier niet voor. De Afdeling gaat verder niet in op het betoog dat bij de betreffende plattelandswoning niet zou zijn uitgegaan van de maximale planologische mogelijkheden voor het aspect geur, omdat deze beroepsgrond niet was aangevoerd tegen het eerdere besluit (rechtsoverweging 4). De
raad
begrijpt niet waarom Afdeling bestuursrechtspraak
Voor
zover
(geanonimiseerd) | e.a.
zij beschouwd, naar
voren
rondom
het
16
13
ADRS,
4094581/2
dat
de
gebracht raad
er
dat
onvoldoende de
afstand
is
ingegaan
tot de
nieuwe
op
het
zienswijze, waarin woningen onjuist was op
hun
geuronderzoek. Hierin is weergegeven dat er geen veehouderijen zijn gelegen binnen de afstandscontour van 50 meter plangebied en dat de afstand tussen het plangebied en het bouwvlak van de wijst
bouwvlakken
menen
hebben
de
van
januari 2021,
ECLI:NL:RVS:2021:2177,
r.o.
15.2.
Hekkel man, Pagina
11/31 varkenshouderij inderdaad onduidelijk aan is. Ten
aanzien
raad
het
meter
bedraagt.!’
wijzigingsbevoegdheid
de
van
150
volgende
De
raad
artikel 3.3
van
ziet niet in wat
van
de
daar
planregels
voert
de
verweer.
Op grond van artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wro, kan in een bestemmingsplan worden bepaald dat burgemeester en wethouders, binnen de grenzen die het plan stelt, het plan kunnen wijzigen. De raad stelt vast dat de wijzigingsbevoegdheid voldoende objectief is begrensd door de daaraan verbonden voorwaarden. De aard van de wijziging ‘Groen’ naar ‘Wonen’ en ‘Verkeer’, de aanleiding voor het opnemen van de bestemming van het gebied waarop de van de wijzigingsbevoegdheid en de omvang wijzigingsbevoegdheid ziet (zie de gebiedsaanduiding), zijn bovendien volstrekt helder. Anders
dan
(geanonimiseerd) e.a. BM
stellen
hoeft
te worden.
vastgelegd Burgemeester wijzigingsbevoegdheid gebruik maken randvoorwaarden
e.
f.
wordt
‘geurhinder
de
en
in de
wethouders
als
aan
tuin’
niet als
kunnen
immers
(onder andere)
de
apart pas
toetscriterium
van
de
volgende
voldaan.
plaatse van op te richten woningen is ten tijde van de verlening van de omgevingsvergunning voor de realisatie van de woning(en) sprake van een aanvaardbaar woonen leefklimaat, gelet op de geurbelasting door omliggende veehouderijen; de gebruiksmogelijkheden van omliggende veehouderijen worden niet in onevenredige mate aangetast of belemmerd door op te richten woningen; ter
geurhinder in de tuin heeft geen betrekking op het bestemmingsplan zelf, maar op de uitvoering van de wijzigingsbevoegdheid die, met in achtneming van de geurbelasting door veehouderijen, is begrensd door een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Een afweging van de geurhinder in tuinen van de toekomstige woningen maakt daar onderdeel van uit. Voor zover (geanonimiseerd) BM e.a. het niet eens zouden zijn met de beoordeling wordt gemaakt, van de geurbelasting die in het kader van de wijzigingsbevoegdheid dat de kunnen zij te zijner tijd opkomen tegen het ruimtelijke besluit woningen mogelijk De
maakt.
bepaalt dat sprake moet zijn van een aanvaardbaar woonen leefklimaat, merkt de raad het volgende op. De raad toetst bij het opnemen van een wijzigingsbevoegdheid aan een goede ruimtelijke ordening. In paragraaf 4.7.2 van de (geanonimiseerd) inzichtelijk plantoelichting is, concreet ten aanzien van de varkenshouderij van BO, het hoe de van de met plan mogelijk gemaakte ontwikkeling zijn gemaakt gevolgen Voor wat
betreft de
beoordeeld.
In
de
regel,
die
plantoelichting
is ook
omschreven
welke
factoren
de
raad
heeft
laten
volgens hem een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan uit het geuronderzoek volgt dat op dit moment eventuele belemmeringen voor de varkenshouderij bij uitvoering van fase 2 niet zijn uitgesloten, omdat de geurcontour van 3 ouE/m? over het plangebied loopt,'® geldt dat in de meewegen bij de vraag worden bereikt. Hoewel
17 18
of
(geanonimiseerd) Notitie geurbelasting, (geanonimiseerd) Notitie geurbelasting, ,
4094581/2
12
mei
12
mei
2023, 2023,
p.
15
p.
17
(bijlage (bijlage
8 8
bij de plantoelichting). bij de plantoelichting).
Hekkel man, Pagina
12/31 toekomst
alsnog
wijzigen
en
oordeel
dat
regel zou kunnen worden voldaan als de omstandigheden (geanonimiseerd) zijn agrarisch bedrijf zou staken. Er is dan ook geen grond voor het BW de wijzigingsbevoegdheid onvoldoende objectief begrensd zou zijn of bij aan
die
voorbaat
niet uitvoerbaar
Gelet
het
op
vastgesteld. 3.2
zou
zijn.*°
voorgaande heeft de raad de wijzigingsbevoegdheid De beroepsgrond slaagt niet.
in
redelijkheid
Spuitzones
(geanonimiseerd) e.a. voeren B
planregels na gewijzigde vaststelling nog steeds onduidelijk en rechtsonzeker is. Hieruit volgt dat er binnen de functieaanduiding spruitzone! geen gevoelige functies zijn toegestaan, maar ‘specifieke vorm van groen dat hiervan met een omgevingsvergunning en een planologisch besluit dat het gebruik dat
aan
artikel
11.2
van
de
-
gewasbeschermingsmiddelen uitsluit tot een afstand van 50 meter, kan afgeweken. Volgens (geanonimiseerd) BM e.a. zou dit voor onder andere het perceel G 615
van
belemmering
worden een
forse
betekenen.
(geanonimiseerd) e.a. voeren B
bestemming ‘Groen’ en de functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen spruitzone’ gevoelige activiteiten zijn zoals en toegestaan, speelparkeervoorzieningen. BM (geanonimiseerd) e.a. wijzen erop dat het, ondanks de verbodsbepaling, mogelijk wordt gemaakt om binnen 50 meter van hun (geanonimiseerd) e.a. is het hierdoor onduidelijk perceel gevoelige activiteiten toe te staan. Volgens BM of langdurig menselijk verblijf op de locatie wordt uitgesloten. Zij wijzen op de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 15 mei 2024, ECLI:NL:RVS:2024:204 en uitspraak van 19 oktober 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3023, waaruit volgens BM (geanonimiseerd) e.a. volgt dat een parkeerterrein als gevoelige functie kan worden aangemerkt. verder
aan
dat
er
binnen
de
-
(geanonimiseerd) B e.a. wijzen
verbodsbepaling ook geldt voor de woonbestemming die teeltperceel aanligt. Van een voorrangsregel of een voorwaardelijke tegen verplichting is geen sprake, wat betekent dat wonen rechtstreeks is toegestaan. erop
dat
raad
op
dat
(geanonimiseerd) e.a. niet duidelijk maken BM
of
en
afwijkingsregeling zorgt van het perceel G 615.
voor
een
feitelijke belemmering
de
gebruiksmogelijkheden
direct
de
het
Reactie Vooraf merkt
de
van
in hoeverre
de
lid, onder c‚ van de Wro, kan in een bestemmingsplan worden bepaald dat, met in achtneming van bij het plan te geven regels, met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van bepaalde planregels. In artikel 11.2, onder b, van de planregels staat kortgezegd dat burgemeester en wethouders gevoelige functies pas binnen het aangeduide gebied kunnen toestaan, als het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen in een zone van 50 meter is uitgesloten en dergelijke gewasbeschermingsmiddelen ten tijde van het verlenen van de Op grond
19
AbRS,
van
27
4094581/2
artikel
3.6,
januari 2021,
eerste
ECLI:NL:RVS:2021:173,
r.o.
7.4.
Hekkel man, Pagina
13/31 omgevingsvergunning niet worden toegepast. De raad meent dat daardoor in voldoende mate is bepaald in welke gevallen en op welke wijze gebruik mag worden gemaakt van de afwijkingsbevoegdheid. Er is dan ook geen grond voor het oordeel dat de afwijkingsregeling onvoldoende objectief begrensd zou zijn of bij voorbaat niet uitvoerbaar zou zijn.?? Voor zover (geanonimiseerd) BM e.a. het niet eens zouden zijn met een op grond van de afwijkingsbevoegdheid verleende omgevingsvergunning, kunnen zij daartegen opkomen. volgt BM (geanonimiseerd) e.a. niet ten aanzien van de veronderstelde onduidelijkheid over de bestemming ‘Groen’. Dat er speelvoorzieningen en parkeervoorzieningen zijn toegestaan binnen deze bestemming, betekent niet dat er een mogelijkheid bestaat tot langdurig menselijk verblijf. De algemene gebruiksregel van artikel 11.2, onder a, van de planregels sluit gevoelige functies voor gewasbeschermingsmiddelen, binnen gronden met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen spuitzone’, immers uit. De
raad
-
De
beroepsgrond slaagt
3.3
Financiële
(geanonimiseerd) BN
niet.
uitvoerbaarheid
bestemmingsplan financieel niet uitvoerbaar is. HM (geanonimiseerd) c.a. merken op dat er geen exploitatieplan aan het bestemmingsplan ten grondslag ligt en dat de gronden waarop het plan wordt ontwikkeld niet in eigendom zijn van de gemeente of de projectontwikkelaar. Onder verwijzing naar vaste rechtspraak had de raad daarom volgens (geanonimiseerd) BM e.a. redelijkerwijs moeten inzien dat het plan om financieel- economische of andere redenen niet uitvoerbaar is. (geanonimiseerd) BM e.a. menen dat de raad onvoldoende heeft en heeft gemotiveerd aannemelijk gemaakt dat het kostenverhaal is verzekerd. Volgens (geanonimiseerd) BM e.a. is er ten onrechte geen exploitatieplan vastgesteld, waardoor er sprake is van strijd met artikel 6.12, eerste lid, van de Wro. Hierbij wijzen (geanonimiseerd) BM e.a. op de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 26 april 2023, e.a.
voeren
aan
dat
het
ECLI:NL:RVS:2023:1652,
Reactie
Op grond van vaste rechtspraak kan een betoog over de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan, waaronder de financieel-economische uitvoerbaarheid, alleen leiden tot vernietiging van dat plan als de raad redelijkerwijs had moeten inzien dat het plan om financieel-economische of andere redenen op voorhand niet uitvoerbaar is. (geanonimiseerd) HM e.a. gaan eraan voorbij dat in de plantoelichting wordt vermeld dat er een anterieure overeenkomst is gesloten tussen de gemeente en de initiatiefnemer. De initiatiefnemer heeft de gronden van (geanonimiseerd) BM e.a. gekocht. De BM e.a. die in het plangebied liggen, van (geanonimiseerd) initiatiefnemer heeft op grond van de gemaakte afspraken een onherroepelijke en onvoorwaardelijke aanspraak op levering van de betreffende gronden. De initiatiefnemer heeft een anterieure overeenkomst met de gemeente gesloten. Daarmee is het kostenverhaal voldoende anderszins verzekerd, zodat de raad geen exploitatieplan
20
O.a.
AbRS, 13 februari 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ1268, 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2576, 8.2.
november
4094581/2
r.o.
2.8
(inzake geluid)
en
AbRS,
17
Hekkel man, Pagina
14/31 hoefde vast
te stellen.?
ECLI:NL:RVS:2023:1652,
die Otten
overeenkomst
anterieure De
beroepsgrond
3.4
Tussenconclusie
Het
beroep
4.
Gronden
van
slaagt
Hierna telkens
van
een
gesloten
de
Afdelingsuitspraak van 26 april 2023, aanhalen, gaat niet op. In dat geval was er geen
met
e.a. en
was
de
het
kostenverhaal
niet voldoende
is
ongegrond.
beroep van (geanonimiseerd) beroepsgronden van EN (geanonimiseerd) samengevat
reactie
verzekerd.
niet.
(geanonimiseerd) e.a. BM
van
worden
vergelijking
De
weergegeven
en
voorzien.
Richtafstanden
4.1
(geanonimiseerd) voert aan NN
dat
de
woningen die het bestemmingsplan mogelijk maakt, binnen de milieuruimte van zijn aannemersbedrijf mogen worden gebouwd en daardoor merkt op dat zijn bedrijf in milieucategorie zijn bedrijfsvoering beperken. (geanonimiseerd) ON 3.1 valt en dat deze milieucategorie voor het hele bestemmingsvlak ‘Bedrijf’ geldt. bedraagt de afstand tot de woonbestemming van het Volgens (geanonimiseerd) BEN bestemmingsplan ongeveer 45 meter, terwijl de aanbevolen richtafstand 50 meter is. (geanonimiseerd) EN wijst erop dat geen motivering is gegeven voor het afwijken van de richtafstand. Reactie
(geanonimiseerd) eens BN
tussen het bestemmingsvlak bestemmingsplan ‘Bedrijf’ bestemmingsvlak voorziet, net geen 50 meter bedraagt. Op onderstaande luchtfoto's met de planverbeeldingen is te zien dat deze afstand 46 meter bedraagt. De raad heeft de afstand van het aannemersbedrijf van de nieuwbouw in redelijkheid aanvaardbaar mogen achten. Ter (geanonimiseerd) tot toelichting strekt het volgende. De
raad
is met
en
het
de
afstand
van
‘Wonen’
dat
waarin
het
heeft deels een bedrijfsbestemming, perceel van (geanonimiseerd) MN functieaanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf aannemersbedrijf’, de planverbeelding in de (rechter) onderstaande luchtfoto. Het
—
21
O.a.
Vz.
4094581/2
AbRS,
14
december
2023,
ECLI:NL:RVS:2023:4654,
r.o.
4.
met
de
dat
is
aangeduid
op
Hekkel man, Pagina
15/31
PA Luchtfoto's:
ijl
Or
het
bestemmingsvlak ‘Wonen’ dat het bestemmingsplan mogelijk maakt bestemmingsvlak ‘Bedrijf’ van het bestemmingsplan Duiven-Noord.
het
(2010) heeft geen milieucategorie toegekend aan het perceel van (geanonimiseerd) volgens de VNG-handreiking Bedrijven en Milieuzonering BN 2 geldt milieucategorie (bedrijfsoppervlak <1.000 m?°) of milieucategorie 3.1 Noord noch in de Staat (bedrijfsoppervlak >1.000 m?). In het bestemmingsplan Duiven van Bedrijfsactiviteiten, is een omschrijving gegeven van het begrip bedrijfsoppervlak. Het
bestemmingsplan
en
Duiven
—
Noord
—
perceel waar de bestemming ‘Bedrijf’ aan is toegekend kunnen zowel binnen als buiten het bedrijfsgebouw bedrijfsactiviteiten worden uitgeoefend. Het deel van het perceel waar de bestemming ‘Bedrijf’ aan is toegekend, heeft een oppervlakte van circa 1770 m?°. Gelet hierop is de raad uitgegaan van een bedrijfsoppervlak van meer 1000 dan m?, zodat het aannemersbedrijf van (geanonimiseerd) EN op grond van de VNGhandreiking Bedrijven en Milieuzonering in categorie 3.1 valt.” Hiervoor geldt een Op
het
deel
van
het
richtafstand
van
50
Hoewel
deze
22
10
meter.
gehaald, is de afstand van het aannemersbedrijf van tot de nieuwbouw in redelijkheid aanvaardbaar. Van belang is dat de (geanonimiseerd) PN afstand 46 meter bedraagt. Gelet op de beperkte werkzaamheden van het bedrijf van (geanonimiseerd) (het betreft een eenmanszaak zonder personeel) staat voldoende vast dat NN ter plaatse van de nieuwe woningen sprake zal zijn van een aanvaardbaar woon- en werkzaamheden ontplooit leefklimaat. Daarbij is relevant dat voor zover (geanonimiseerd) BEN die geluid veroorzaken, deze werkzaamheden vrijwel altijd in het bedrijfsgebouw
AbRS,
4094581/2
richtafstand
februari 2010,
niet wordt
ECLI:NL:RVS:2010:BL3330,
r.o.
2.2.3.
Hekkel man, Pagina
16/31 plaatsvinden. De afstand van de nieuwbouw tot het bouwvlak op het perceel van waar binnen het bedrijfsgebouw staat, bedraagt circa 70 meter. Ter (geanonimiseerd) EN, van de nieuwbouw plaatse zal, gelet op deze afstand, sprake zijn van een aanvaardbaar Noord woonen leefklimaat. Daarbij komt verder nog dat het bestemmingsplan Duiven al voorziet in een woonbestemming die dichterbij is dan de nieuwe woningen die het bestemmingsplan mogelijk maakt. De kortste afstand tot deze woonbestemming is circa 10 meter. De nieuwbouw zorgt daarom niet voor een (extra) belemmering van de bedrijfsvoering van (geanonimiseerd) —
De
raad
heeft, gelet de
op het bovenstaande, in nieuwbouw een aanvaardbaar
plaatse
van
nieuwe
woningen
de
De
bedrijfsvoering beroepsgrond slaagt niet.
4.2
Parkeren
van
redelijkheid woon-
kunnen
vaststellen
leefklimaat
en
niet (geanonimiseerd) EN
zal
zijn
en
dat
er
ter
dat de
belemmeren.
voert aan dat (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) BN bij de berekening van de parkeerbehoefte ten EN onrechte is uitgegaan van 286 woningen, omdat het bestemmingsplan 300 woningen mogelijk maakt. Volgens (geanonimiseerd) bedraagt de parkeerbehoefte van de 14 BEN die buiten haar woningen, (geanonimiseerd) beoordeling heeft gelaten, 33 parkeerplaatsen. BN Daarnaast wijst (geanonimiseerd) erop dat uit het rapport van (geanonimiseerd) GN blijkt dat er in het BN een tekort is van 18 is openbaar gebied parkeerplaatsen. Volgens (geanonimiseerd) EN maatwerk niet mogelijk, omdat de gemeente gebonden is aan de Parkeernormennota Duiven. (geanonimiseerd) voert aan dat te parkeernota zelf geen ruimte geeft om af te BN wijken en dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die het afwijken van de beleidsregel rechtvaardigen. Reactie zel (geanonimiseerd) GN Dit geparkeerd, parkeerplaatsen? zijn. komt volgens de raad door de afstand van de woning van (geanonimiseerd) tot de nieuwe WN die het de bestemmingsplan mogelijk maakt, stedenbouwkundige inrichting woningen (woningen zullen in hofjes worden gebouwd) en de Rijksweg (waar langs niet kan worden en het plangebied geparkeerd) die tussen de woning van (geanonimiseerd) ligt.
GN ken zich niet met succes de van zoals het (geanonimiseerd) beroepen op belangen anderen, NN van de bewoners ter van hun Daar verzet belang bij parkeerbehoefte plaatse woningen. het relativiteitsvereiste zich tegen. Voor zover uw Afdeling hierin niet meegaat, wordt het volgende verweer gevoerd. Het
valt niet te verwachten
worden
Anders
mocht
dat
er
het
aantal
in de
(geanonimiseerd) veronderstelt, BN
dan
Parkeernormennota
van
het
perceel
487
is de
van
onvoldoende
raad
niet
gebonden
aan
de
burgemeester en wethouders. Althans niet in die zin dat grondslag bijzondere omstandigheden nodig heeft om een bestemmingsplan in afwijking van deze beleidsregels vast te stellen. De raad maakt een eigen afweging met het oog op een goede ruimtelijke ordening.
de
23
raad
een
Conform
van
of
het stedenbouwkundig plan 172 parkeerplaatsen op eigen terrein in het openbaar gebied (plantoelichting, p. 17).
parkeerplaatsen
4094581/2
Duiven
nabijheid
van
en
315
Hekkel man, Pagina
17/31 hierbij in redelijkheid op het parkeeronderzoek? van (geanonimiseerd) parkeerbehoefte is door (geanonimiseerd) EM bepaald op grond van het stedenbouwkundige plan, waarin 286 woningen zijn voorzien. Van de in totaal 286 woningen beschikken 91 woningen over een parkeervoorziening op eigen terrein, zoals een enkele of dubbele oprit, al dan niet met een garage. Op grond van de parkeernormen en rekenmethodiek van de Parkeernormennota Duiven (hierna: ‘de parkeernota’)® tellen deze voorzieningen mee als 172 parkeerplaatsen op eigen terrein. Daarnaast wordt voorzien in 315 parkeerplaatsen in openbaar gebied. Conform de parkeernota is de parkeerbehoefte in openbaar gebied 383 parkeerplaatsen. Met het toepassen van dubbelgebruik aan de hand van aanwezigheidspercentages is de parkeerbehoefte op het maatgevende moment (werkdagavond) 333 parkeerplaatsen. Met een openbaar parkeeraanbod van 315 parkeerplaatsen is hierdoor sprake van een tekort van 18 parkeerplaatsen op het maatgevende moment. De
raad
kunnen
heeft
zich
baseren.
blijkt namelijk, zoals gezet,? 0,3 parkeerplaatsen per woning te hoog is en wordt een parkeernorm van 0,15 parkeerplaatsen per woning (rest bebouwde kom) geadviseerd. Er is gekozen om passende bezoekersparkeernormen (maatwerk) te hanteren, van 0,2 parkeerplaatsen voor gestapelde woningen en 0,3 parkeerplaatsen voor grondgebonden woningen. Met het toepassen van dubbelgebruik aan de hand van aanwezigheidspercentages is de parkeerbehoefte op het maatgevende moment (werkdagavond) 273 parkeerplaatsen. Dit resulteert in een overschot van 42 De
raad
De
acht dit tekort aanvaardbaar.
viteen (geanonimiseerd) BN
heeft
dat
de
Uit data
en
onderzoeken
bezoekersnorm
van
parkeerplaatsen? (geanonimiseerd) stelt dat BN (geanonimiseerd) niet van EN
stedenbouwkundig plan heeft kunnen 286 woningen van het uitgaan, woningen (300 woningen stedenbouwkundig plan) zorgen voor een parkeerdruk van 33 parkeerplaatsen die volgens hem niet is meegenomen. De raad deelt deze opvatting niet. In onderstaande tabel zijn de 14 woningen onderverdeeld in het vastgestelde woningbouwprogramma. Hierbij is onderscheid gemaakt in de verschillende type woningen en is de hoogste parkeernorm als uitgangspunt genomen. omdat
de
—
Aantal
Aantal
woningen
woningen
conform
per
percentage Art
Sociale huur, min. 15%
het
14
[|
volgens
Parkeerbehoefte
appartement
0,9
27
rijwoning
12
3,6
| categorie 3
|
24
Parkeernorm maatwerk
(geanonimiseerd) Parkeeronderbouwing Plakse Weide OO,
Duiven,
11
mei
2023
(bijlage
12
bij de
plantoelichting). 25
van burgemeester en wethouders van de gemeente Duiven houdende parkeren Parkeernormennota Duiven, 3 februari 2018. (geanonimiseerd), Parkeeronderbouwing Plakse Weide Duiven, 11 mei 2023, p. 9 (bijlage 12 bij de
Besluit
ag
van
het college
omtrent
plantoelichting). 16
27
Idem,
p.
4094581/2
(bijlage
12
bij
de
plantoelichting).
Hekkel man, Pagina
18/31
hr
ere circa
|
1,4
À
appartement
Ard
Ee
2,8
3
appartement
1,3
3,9
Middeldure koop, 25%
3,5
3
rijwoning
Dure
koop,
4,2
En
max.
30%
huur, 10%
Betaalbare koop, min. 20%
| 2
6
2
6
tweekapper
2,
8,4
vrijstaand
2,3
9,2.
rijwoning
[totaal Tabel:
14
parkeerdruk
14
woningen
26
conform
woningbouwprogramma.
woningen resulteren in een parkeerdruk van 26 parkeerplaatsen. Als er 300 woningen zouden worden gerealiseerd, dat wil zeggen 14 meer woningen dan de 286 (geanonimiseerd) berekende woningen uit het stedenbouwkundig plan, dan zal het door BEM overschot niet 42 parkeerplaatsen bedragen, maar 16 parkeerplaatsen. Er zijn dus nog steeds voldoende parkeerplaatsen. Het bestemmingsplan voorziet dus hoe dan ook in voldoende parkeerplaatsen. De
14
De
raad
wil
daarbij niet onbenoemd laten dat de verplichting om in voldoende parkeergelegenheid te voorzien ook is geborgd in de wijzigingsbevoegdheid van artikel 3.3 van de planregels. In de eerste fase worden 180 tot maximaal 200 woningen gerealiseerd (artikel 3.3, onder a, van de planregels). Uit het onderzoek van (geanonimiseerd) en het stedenbouwkundig ontwerp van 3 mei 2023 volgt dat binnen ieder bouwveld kan worden voorzien in de parkeerplaatsen die nodig zijn om in de parkeerbehoefte die het betreffende bouwveld met zich meebrengt, te voorzien. Op het moment dat slechts een deel van het plan wordt gerealiseerd, bijvoorbeeld uitsluitend fase 1, kan daarom nog steeds aan de parkeernorm voldaan worden. De volledige realisatie van (maximaal) 300 woningen kan pas aan de orde zijn als gebruik wordt gemaakt van de wijzigingsbevoegdheid. Op grond van artikel 3.3, onder d, van de planregels kan de bestemming pas worden gewijzigd naar ‘Wonen’ en ‘Verkeer’ als vaststaat dat voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd, overeenkomstig de parkeernormen die zijn aangegeven in artikel 14 van de planregels. De
beroepsgrond slaagt
4,3
Archeologie
vindt (geanonimiseerd) PN
dat
niet.
artikel 8.2
sub
geformuleerd. Volgens MN omgevingsvergunning verbinden als archeologische waarden in de grond
b
van
(geanonimiseerd) moet
4094581/2
uit
een
kunnen
de
planregels te vrijblijvend is bevoegd gezag voorwaarden archeologisch rapport volgt dat
het
of worden
verstoord.
aan
de
(geanonimiseerd)
man, Pagina
19/31
Reactie Artikel
bescherming van het algemeen belang van archeologische waarden en niet tot het belang van (geanonimiseerd) om gevrijwaard te BEN van van een voor woonof blijven nadelige gevolgen omgevingsvergunning zijn leefklimaat of zijn bedrijfsvoering. Dat (geanonimiseerd) MEN eigenaar is van een perceel in de nabijheid van het plangebied betekent nog niet dat hij in rechte kan opkomen voor het algemene belang van bescherming van archeologische waarden. Zijn belang is ook niet verweven met het algemeen belang dat de normen uit de planregel en de Monumentenwet 1998 beogen te beschermen. Het relativiteitsvereiste verzet zich tegen de inhoudelijke beoordeling van deze beroepsgrond. De
8.2
sub
b
van
de
beroepsgrond slaagt
planregels
strekt tot het
niet.
4,4
Privacy voert aan dat zijn privacy onaanvaardbaar wordt aangetast door de (geanonimiseerd) NN die het bestemmingsplan mogelijk maakt. GN woningbouw (geanonimiseerd) merkt op dat het bestemmingsplan voorziet in hoogbouw op korte afstand van zijn woning, terwijl het gebied momenteel bestaat uit onbebouwde agrarische gronden. Daarnaast wijst (geanonimiseerd) op de ontsluiting van het plangebied. Hij vreest dat het licht van EN koplampen hinderlijk zal schijnen elke keer wanneer een voertuig het plangebied verlaat. Reactie de gestelde inbreuk op zijn privacy door het beoogde (geanonimiseerd) maakt appartementengebouw en lichthinder door koplampen, niet concreet.
appartementengebouw dat is voorzien tegenover de woning van (geanonimiseerd) geldt een maximale bouwhoogte van 14 meter. De afstand tussen de gevel van de en het bouwvlak bedraagt circa 35 meter. Tussen het woning van (geanonimiseerd) BEN bouwvlak en de woning staan bomen langs de Rijksweg. Deze bomen staan buiten het (geanonimiseerd) heeft twee plangebied en blijven behouden. De gevel van de woning van GN raampartijen. Het raam ter hoogte van de begane grond betreft een hoekraam. Gelet op de afstand tot het appartementengebouw en de bomen, die een deel van het jaar het zicht beperken, acht de raad het niet aannemelijk dat er vanuit het beoogde Het bestemmingsplan appartementengebouw zicht is in de woning van (geanonimiseerd) BEN leidt daarom niet tot een onaanvaardbare aantasting van de privacy van (geanonimiseerd) Ook anderszins is geen sprake van een onaanvaardbare aantasting van zijn woon- en leefklimaat. Geen van de ontsluitingen van het plangebied is tegenover de woning van (geanonimiseerd) gesitueerd. Voor inschijnende koplampen van verkeer dat vanaf het NN dus niet bevreesd te zijn. plangebied de weg opdraait, hoeft (geanonimiseerd) BEN Voor het
De
beroepsgrond
28
slaagt
niet.
ADRS, 11 november 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2706, uitspraken. 29 Idem, r.o. 10.75 en de daarin genoemde uitspraken.
4094581/2
r.o.
10.74
en
de daarin
genoemde
Hekkel man, Pagina
20/31 4.5 Tussenconclusie Het
beroep
5.
Gronden
(geanonimiseerd) is ongegrond. BEN
van
beroep van de Stichting Hierna worden de beroepsgronden van de Stichting samengevat weergegeven en telkens van een reactie voorzien. Eerst volgt de reactie op de beroepsgronden gericht tegen het bestemmingsplan (paragrafen 5.1 5.7), daarna de reactie op de beroepsgronden die betrekking hebben op het hogere waardenbesluit (paragrafen 5.8 5.12). van
—
—
5.1
Participatie en belangenafweging De Stichting voert aan dat het participatieproces niet voldoet aan de vooraf gestelde voorwaarden. Daarnaast merkt de Stichting op dat het vastgestelde bestemmingsplan afwijkt van het ontwerpbestemmingsplan. Hierbij wijst de Stichting op de planverbeelding, die volgens haar 50% afwijkt van het de planverbeelding in het ontwerp, omdat daar voor de gronden van fase 2 nog de bestemming ‘Wonen’ was ingetekend. Volgens de Stichting mag een dergelijk grote wijziging niet worden doorgevoerd zonder inspraak. Stichting voert verder aan dat de adviezen van de Veiligheidsregio en de GGD zonder motivering ter zijde zijn gelegd. Volgens de Stichting blijkt hieruit dat de veiligheid en de gezondheid van toekomstige bewoners onderschikt is gemaakt aan het bouwen van zoveel mogelijk woningen in een relatief klein gebied dat geklemd ligt tussen drukke De
wegen. Reactie
verwijst kortheidshalve naar het ‘Ontwikkelplan Plakse Weide’, dat als bijlage 1 bij de plantoelichting is gevoegd. Hierin wordt het participatietraject dat is doorlopen beschreven. Het participatietraject bestond uit meerdere drukbezochte bijeenkomsten, aanvullende gesprekken tussen de projectontwikkelaars KlaassenGroep en BPD en de bewonersgroepen die de Stichting nu vertegenwoordigt, en een alternatievenstudie, De raad is van mening dat (ook) inwoners en omwonenden op die manier voldoende zijn betrokken in het besluitvormingsproces. De raad merkt voor de volledigheid op dat er geen wettelijke verplichting geldt om voorafgaand aan het besluit omtrent vaststelling van een bestemmingsplan een participatief traject te doorlopen. Het enkele feit dat het participatieproces niet voldoet aan de verwachting van de Stichting kan daarom volgens vaste rechtspraak niet tot vernietiging van een bestemmingsplan leiden. De
raad
Stichting kan niet worden gevolgd in het standpunt dat het bestemmingsplan opnieuw ter inzage had moeten worden gelegd. De wijzigingsbevoegdheid die ten opzichte van het ontwerp is toegevoegd aan het vastgestelde bestemmingsplan, heeft niet tot gevolg dat een wezenlijk ander plan is vastgesteld. Van een naar aard en omvang wezenlijk ander is De plan wijzigingsbevoegdheid maakt het mogelijk om de beoogde geen sprake. woningbouw gefaseerd te ontwikkelen. De
De
veiligheid
realiseren
4094581/2
van
en
de
gezondheid woningen.
van
toekomstige
bewoners
is niet onderschikt
aan
het
(geanonimiseerd) (geanonimise rd) an, Pagina
21/31
De adviezen
Veiligheidsregio en de GGD zijn, in tegenstelling tot wat de Stichting stelt, niet genegeerd. De raad verwijst naar de ruimtelijke onderbouwing in bijlage 7 bij de plantoelichting. Voor zover de GGD adviseert om de werkelijke geluidbelasting te toetsen en om na te gaan of er rust ter plaatse van de nieuwe woningen kan worden gecreëerd, verwijst de raad naar de reactie onder 5.4 van het verweerschrift. Verder is in de ruimtelijke onderbouwing en in paragraaf 2.4.2 van de zienswijzennota uitgelegd waarom
het
de
van
advies
van
de
geen woningen te bouwen waarde aan het realiseren
GGD
over
binnen
250
niet is overgenomen. De GGD raadt aan om meter van een stal. De raad hecht echter meer
geur
woningen, waarvan er slechts enkele binnen 250 meter van stal F liggen, om in de woningbehoefte te voorzien, dan aan het belang om uit houden met (eventuele) gezondheidsrisico’'s. Daarbij acht de raad voorzorg rekening te het bestemmingsplan voldoet aan de geurnormen uit de Wet geurhinder van belang dat en veehouderij en de Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Duiven. Aan het vereiste van een ruimtelijke ordening is voldaan. De
beroepsgrond
slaagt
van
de
niet.
5.2
Bestemming ‘Groen’ en spuitzones De Stichting voert aan dat bestemmingsomschrijving ‘Groen’ onduidelijk is. Hieronder zijn ook wegen, straten of parkeervoorzieningen begrepen. Daardoor weten toekomstige bewoners niet waar daadwerkelijk groenvoorzieningen zullen worden aangelegd. De Stichting voert verder aan dat de wijzigingsbevoegdheid van artikel 3.3 van de planregels en de afwijkmogelijkheid in artikel 11.2 van de planregels onvoldoende zijn bepaald. De norm van ‘een aanvaardbaar woonen leefklimaat’ van artikel 3.3 van de planregels is volgens de Stichting onvoldoende concreet. De Stichting meent dat de afwijkmogelijkheid in relatie tot de spuitzone, artikel 11.2 van de planregels, vage voorwaarden bevat. Daardoor is een goed woon- en leefklimaat niet geborgd. Reactie De
raad
meent
dat
het
belang
van
(toekomstige) bewoners te onbepaald is om te kunnen de Stichting inroept. De statutaire doelstelling van de
opkomen tegen de planregels die Stichting is zo veelomvattend dat deze onvoldoende onderscheidend is. De bestemmingsomschrijving ‘Groen’, de wijzigingsbevoegdheid en de afwijkregeling maken bovendien geen inbreuk op de leefbaarheid van de (toekomstige) bewoners. Daarvoor is de impact van deze planregels op de toekomstige leefbaarheid te beperkt van omvang. De uitvoering van de regels kan invloed hebben op de leefbaarheid in het plangebied, wat aan de toekomstige bewoners is om te bepalen. Het relativiteitsvereiste staat aan de vernietiging van het bestemmingsplan in de weg, omdat de algemene belangen die de de leefbaarheid voor (toekomstige) bewoners en de Stichting zegt te behartigen niet voldoende samenvallen met de te beschermen belangen van de bewonersgroepen normen waar de Stichting een beroep op doet.% Voor zover uw Afdeling hierin niet meegaat, wordt het volgende aangevoerd. —
-
30
AbRS,
11
4094581/2
november
2020,
ECLI:NL:RVS:2020:2706,
r.o
6.6
(overzichtsuitspraak).
Hekkel man, Pagina
22/31 De
raad
stelt voorop
dat
de
waarop de bestemming ‘Groen’ wordt ingericht niet in worden geregeld. Het aanleggen van groen heeft namelijk
manier
bestemmingsplan hoeft te geen betrekking op het plan zelf, maar op de uitvoering daarvan. Uitvoeringsaspecten kunnen in deze procedure niet aan de orde komen. De wijzigingsbevoegd in artikel 3.3 van de planregels en de afwijkregeling van artikel 11.2 van de planregels zijn volgens de raad voldoende objectief begrensd en uitvoerbaar. Het gebruik van open normen zoals ‘een aanvaardbaar woon- en leefklimaat’ levert op zichzelf nog geen strijd met de rechtszekerheidsbeginsel op.®? De raad verwijst kortheidshalve naar de reactie onder 3.1 een
en
3.2
De
beroepsgrond slaagt
van
het verweerschrift. niet.
5.3
Verkeer, verkeersveiligheid en parkeren Stichting voert aan dat de verkeersintensiteiten te laag zijn ingeschat. Volgens de Stichting is het aantal woningen door inbreiding te laag ingeschat en is geen rekening gehouden met onzekerheden en met woningbouw in Ploen-Noord en Biezenkampen. De 2026 | (geanonimiseerd) 2016) en het Stichting verwijst naar het Mobiliteitsplan Duiven 2016 oktober (geanonimiseerd) 2020). Volgens de Stichting zullen rapport Uitbreiding woningbouw | hierdoor grote verkeersknelpunten ontstaan. De Stichting wijst op de Netwerkanalyse uitgevoerd door SWECO (8 november 2022) (bijlage 14 bij de plantoelichting). Uit deze analyse volgt volgens de Stichting dat in geval van scenario C onacceptabele knelpunten ontstaan op de kruising Vergertlaan/Rijksweg, de kruising Vergertlaan/Schapenweide en op de Vergertweg zelf. Ook is de Stichting van mening dat er voor fietsers een verkeersonveilige situatie zal ontstaan. De
—
Stichting voert verder aan dat het bestemmingsplan in strijd is met het bestemmingsplan ‘Parapluplan Parkeren Duiven’ en met de Parkeernormennota Duiven 2018. Het plangebied is volgens de Stichting te klein voor 286 woningen met voldoende parkeerplaatsen. Zonder motivering wordt in minder parkeerplaatsen voorzien dan op basis van het paraplubestemmingsplan en het beleid zijn vereist. De
Reactie
Stichting maakt niet duidelijk op grond waarvan zij meent dat de verkeersintensiteit laag zou zijn ingeschat. De Stichting heeft niet inzichtelijk gemaakt wat er precies wordt bedoeld met de te lage inschatting van het aantal woningen door inbreiding en woningbouw, welk gevolg dit heeft voor de verkeersintensiteit en welk aandeel de beoogde ontwikkeling van het bestemmingsplan hierin heeft. Er is ook geen contraexpertise overgelegd. De te
Dat
er
zullen
lage ontstaan, is met
31
te
verkeersintensiteiten niet
juist.
De
Notitie
gerekend zou zijn en dat er verkeersknelpunten verkeersafwikkeling (2022) en het addendum
AbRS, 9 oktober 2024, ECLI:NL:RVS:2024:4095, r.o. 8.1., 8 februari 2023, ECLI:NL:RVS:2023:485 en 2 maart 2022, ECLI:NL:RVS:2022:654. 32 Zie ook AbRS, 14 augustus 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2772, r.o. 16.1 (geanonimiseerd) 33 (geanonimiseerd) Notitie Verkeersafwikkeling, 17 februari 2022 (bijlage 3 bij de plantoelichting).
(|
4094581/2
Hekkel man, Pagina
23/31
(2023)%
van
addendum
is
(geanonimiseerd) zijn aan BEN een
actualisatie
van
Arnhem-Nijmegen,
versie
2023.
Het
300
woningen
plangebied
met
etmaal.3° De verkeerstoename
verkeersgeneratie Corona, op omliggende van
het
bestemmingsplan ten grondslag gelegd. Het het onderzoek op grond van het nieuwe verkeersmodel
het
is in
ritgeneratie van circa 1.800 mvt kaart gebracht. De tabel hieronder maakt
heeft
plangebied
wegen
een
ten
opzichte
het verkeersaanbod
van
per de
in
2020,
inzichtelijk. 2020 pre-corona
weg
2020 met
Plakse Weide
4.400
6.200 (+41%)
11.400
13.200 (+ 16%)
3
Rijksweg ten oosten van de rotonde Vergertlaan _Vergertlaan ten westen van de Schapenweide _Vergertlaan ten oosten van de Schapenweide
12.900
14.700 (+ 14%)
4
Oostsingel ten zuiden van de Vergertlaan
15.900
17.700 (+
11%)
(bron:
Notitie
1_ 2
Tabel:
Weide ten opzichte van omliggende (bijlage 3 bij plantoelichting). (geanonimiseerd) WN
verkeersgeneratie Plakse
verkeersafwikkeling,
voor
wegen
Rijksweg ten oosten van de rotonde Vergertlaan Vergertlaan ten westen van de Schapenweide
Afbeelding
omliggende plantoelichting). 34
5:
(geanonimiseerd) Acdendum ON, lage 13 bij
(bij (geanonimiseerd)
ten
oosten
van
de
Oostsingel
ten
zuiden
van
de
Schapenweide Vergertlaan
(bron: Notitie verkeersafwikkeling, (geanonimiseerd) (bijlage WM
Verkeersafwikkeling woningbouwlocatie Plakse Weide,
de plantoelichting). Notitie Verkeersafwikkeling,
plantoelichting).
4094581/2
wegen
Vergertlaan
17 februari
2022, p. 7
en
3
bij
3 november
8 (bijlage 3 bij de
2023
Hekkel man, Pagina
24/31 zijn van de vergelijking gevolgen doortrekking situatie met en zonder de woningbouwontwikkeling die het bestemmingsplan mogelijk maakt, blijkt dat de woningbouw in de Plakse Weide relatief weinig bijdraagt aan de In het
verrichte
de
onderzoek
de
van
een
de
van
toename
is
autonome
van
verkeersintensiteit
de
A15
rondom
groei
tot
2030/2032
beschouwd.
het
meegenomen.
Ook
Uit de
plangebied.
ontsluitingsvarianten onderzocht. Voor de toekomstige verkeersdoorstroming afwikkeling van het verkeer op een aantal kruispunten bepalend. Daarom heeft de raad, op basis van het advies van (geanonimiseerd) BEM,’ gekozen voor ontsluitingsvariant 1. Deze variant houdt in dat het plangebied via twee ontsluitingen op de Rijksweg wordt aangesloten. De woonwijk Plakse Weide wordt daardoor aangesloten op de weg die in de referentiesituatie nog het minst druk is. De toekomstige verkeersintensiteit op deze weg, rekening houdend met de doortrekking van de A15 en de woningbouwontwikkeling die het bestemmingsplan mogelijk maakt, past goed binnen de ontsluitingsfunctie die de weg Er
zijn
drie
is de
heeft. Tot slot
merkt
de
raad
op
dat
het
addendum
aantoont
dat
de
conclusies
over
de
ontsluiting van het plangebied via de Rijksweg, op basis van het huidige verkeersmodel (2023), overeenkomen met de bevindingen van het oude verkeersmodel (2021). % knelpunten in de verkeersafwikkeling optreden, opdracht gemeente heeft SWECO in de Netwerkanalyse Verkeer, bijlage 14 bij de plantoelichting, een verkenning uitgevoerd naar de toekomstige doorstroming van het verkeer. SWECO heeft in haar analyse rekening gehouden met alle geplande woningbouwprojecten en netwerkwijzigingen, waaronder het ViA15-project. Uitgaande van het scenario dat alle woningbouwplannen voor of rond 2030 worden gerealiseerd en dat alle andere toekomstige ontwikkelingen en netwerkwijzigingen doorgaan, is het duidelijk dat er infrastructuurmaatregelen nodig zijn op de kruispunten Vergertlaan Schapenweide, Vergertlaan Rijksweg en Westsingel elk van deze verschillende Voor Rijksweg. kruispunten zijn oplossingsmogelijkheden verkend, die in deze procedure niet aan de orde kunnen komen. Het bestemmingsplan voorziet, zoals eerder is uiteengezet, voor de autonome ontwikkeling van de Plakse Weide in een verantwoorde verkeersafwikkeling. De manier waarop omliggende kruispunten in de toekomst mogelijk worden aangepast, waarbij het onzeker is of alle ontwikkelingen die gepland zijn daadwerkelijk worden gerealiseerd, hoeft en kan niet in het bestemmingsplan te worden geborgd.
Verkeerstechnische aspecten hebben namelijk geen betrekking op het plan zelf. Voor de beoogde nieuwe ontwikkelingen moet een planologische procedure doorlopen worden. In die procedure zal de verkeersafwikkelingen (opnieuw) beoordeeld worden en kunnen eventuele maatregelen die dan nodig blijken te zijn, geborgd worden. De
vrees
van
de
deelt
Stichting
de
raad
dat
niet.
er
In
onaanvaardbare van
de
—
36 37 %
Idem, Idem,
p. 10 p. 18.
(geanonimiseerd) Acdendum ON,
p. 7
—
—
(bijlage
4094581/2
13
bij
de
Verkeersafwikkeling woningbouwlocatie plantoelichting).
Plakse
Weide,
3 november
2023,
klko (1-(11 Pagina
25/31 Voor wat betreft de vermeende strijd met het bestemmingsplan Parapluplan Parkeren Duiven' en met de Parkeernormennota Duiven verwijst de raad naar de reactie in paragraaf 4. 2 van het verweerschrift. De beroepsgrond slaagt niet. 5. 4 Geluid De Stichting voert aan dat de geluidbelasting op de nieuwe woningen en de toename van de geluidbelasting op bestaande woningen in de omliggende wijken onderschat zijn. De Stichting meent dat de geluidstoename voor direct omwonenden 35, tot 4 dB is , met name voor woningen aan de rand van het plangebied. De Stichting schat de geluidbelasting door verkeer op de Vergertlaan op 68 dB , gebaseerd op 59 dB (uit het akoestisch onderzoek) + 5 dB (artikel 110g Wgh) + 3 dB (overschrijding maximum snelheid) + 1 dB (onderschatting verkeersintensiteit). Door het verkeer op de Rijksweg schat de Stichting de geluidbelasting op 67 dB , gebaseerd op 58 dB (uit het onderzoek) + 5 dB (Wgh) + 3 dB (snelheidsoverschrijding) + 1 dB (onderschatting verkeer). De Stichting meent dat de toename van de geluidbelasting leidt tot een ongunstig woonen leefklimaat. Het hogere waardenbesluit kan volgens de Stichting geen standhouden , omdat , volgens de Stichting , is uitgegaan van onjuiste rekenresultaten en het effect van geluidbeperkende maatregelen niet is afgewogen.