6d. 201672278-Bijlagen 1 tm 22 bij toelichting BP De Ploen-Noord, Duiven - genummerd
Tekst van het document
Omgevingsrapportage
Pagina 1 van 19
-
29-01-2024
Inhoudsopgave Voorblad Inhoudsopgave Inleiding Ploen-Zuid Hogeweg 9 HBB: ; Westsingel -159 Graafsingel Westsingel ong (indic. keuring) Graafstaete Graafstaete te Duiven Hogeweg (terrein Van Huet) Hogeweg (wegvak) Rijksweg/Hogeweg Westsingel, woonwagenstandplaats Ploen-Noord te Duiven Duiven dorpskern aanleg glasvezel Kaarten Disclaimer Toelichting
Pagina 2 van 19
-
29-01-2024
De provincie Gelderland en de twee grote Gelderse gemeenten Arnhem en Nijmegen zijn in het kader van de Wet bodembescherming (Wbb) aangewezen als de instanties die toezien op het saneren van verontreinigde bodem en het voorkomen van nieuwe bodemverontreiniging (. Zij sturen de bodemsaneringsoperatie en voeren zelf bodemsaneringen uit en beoordelen plannen en saneringen die door anderen (bedrijven, particulieren en gemeenten) worden uitgevoerd. Hierbij kan de provincie juridische en financiële instrumenten inzetten. In dit kader worden bodemgegevens verzameld in het bodeminformatiesysteem (BIS) van de provincie.
In deze rapportage treft u gegevens aan die afkomstig zijn uit het BIS van de provincie Gelderland. Hiermee krijgt u een indruk van de aan- of afwezigheid van gegevens over mogelijke bodemverontreiniging in het geselecteerde gebied. De twee grote gemeenten hebben hun eigen BIS. Gegevens van die gemeenten worden niet in deze rapportage weergegeven. Het ontbreken van gegevens in het BIS of deze rapportage wil niet zeggen dat er geen bodemverontreiniging op een perceel of in een gebied aanwezig is.
De provincie zal aansturen op sanering van alle historische verontreinigingen (ontstaan voor 1987) die risico’s veroorzaken (dit zijn de spoedlocaties die tot de werkvoorraad van de provincie behoren). In het rapport wordt per locatie aangegeven (Vervolg Wbb-traject) of een locatie nog tot de werkvoorraad behoort en welke vervolg in dat kader wordt verwacht.
Dit rapport bestaat uit vier delen: 1. Deze pagina bevat een tekening van het geselecteerde gebied. 2. Informatie over het geselecteerde gebied, per locatie gegroepeerd De in het bodeminformatiesysteem van de provincie Gelderland aangetroffen informatie over locaties die zich binnen het geselecteerde gebied bevinden. 3. Disclaimer 4. Toelichting op de rapportage. Hier vindt u de uitleg van de gegevens die in dit rapport zijn vermeld.
Als u vragen heeft over de in dit rapport vermelde gegevens dan kunt u contact opnemen met de provincie Gelderland via https://www.gelderland.nl/Contact door het invullen van een vragenformulier. Dit wordt automatisch toegezonden aan het PROVINCIELOKET of te bellen naar 026 – 359 99 99.
Pagina 3 van 19
-
29-01-2024
Locatie: Ploen-Zuid Locatie Adres
Ploen-Zuid Duiven
Locatiecode
AA022600087
Locatienaam
Ploen-Zuid
Plaats
Duiven
Locatiecode bevoegd gezag WBB
GE022600089
Status Vervolg WBB
voldoende onderzocht
Beoordeling
Status rapporten
Verkennend onderzoek NEN 5740
Beschikking
Status besluiten
Onverdacht/Niet verontreinigd
Status asbest Nee
Is van voor 1987
Uitgevoerde onderzoeken Datum
Type
Naam
Auteur
Opdrachtnummer
14-07-2002
Verkennend onderzoek NEN 5740
VO Ploen-Zuid
Witteveen & Bos
Gemeente Duiven
04-10-2002
Nader onderzoek
NO Ploen-Zuid
Witteveen & Bos
Gemeente Duiven
25-06-2007
Verkennend onderzoek NEN 5740
VO Ploen-Zuid
Witteveen+Bos
Gem. Duiven
11-09-2008
Verkennend onderzoek NEN 5740
VO Ploen-Zuid
Witteveen+Bos
De Ploen Zuid Oost b.v.
15-09-2008
Verkennend onderzoek NEN 5740
VO Ploen-Zuid
Witteveen+Bos
Gemeente Duiven
04-05-2012
Verkennend onderzoek NEN 5740
Terp 4 / Walnoten Ploen Zuid (fase 2) te Duiven
Witteveen+Bos
Gemeente Duiven
Beschikbare documenten per onderzoek Naam Onderzoek
Document
VO Ploen-Zuid
pihmplkc.pdf
NO Ploen-Zuid
zbwnehnl.pdf
Verontreinigende activiteiten Geen gegevens beschikbaar
Geconstateerde verontreinigingen Matrix
Overschr.
Grondwater
I
m²
m³
Van
Tot
Opmerking
Beschikbare documenten zrtytzjz.pdf
Besluiten Datum 08-01-2003
Besluit
Kenmerk
Status
Vaststellen rapportage OO
MW2002.44174
Definitief
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 4 van 19
-
29-01-2024
Archief
Locatie: Hogeweg 9 Locatie Hogeweg 9 6921PP Duiven
Adres Locatiecode
AA022600101
Locatienaam
Hogeweg 9
Plaats
Duiven
Locatiecode bevoegd gezag WBB
GE022600103
Status Vervolg WBB
voldoende gesaneerd
Beoordeling
Status rapporten
Sanerings evaluatie
Beschikking
Status besluiten
Ernstig, niet urgent
Status asbest
Is van voor 1987
Nee
Ernstig, niet urgent
Uitgevoerde onderzoeken Datum
Type
Naam
BOOT
Tank: Hogeweg 9 Duiven
02-07-1993
Indicatief onderzoek
IO Hogeweg 9, Duiven
Arns Milieutechniek
19-09-1997
Verkennend onderzoek NVN 5740
VO Hogeweg 9
Tauw
Gemeente Duiven
24-03-2003
Nader onderzoek
NO Hogeweg 9
SGS EcoCare BV
Gemeente Duiven
29-07-2003
ASB - asbest onderzoek NEN 5707
OV Hogeweg 9
SGS Nederland BV
Gemeente Duiven
29-04-2004
ASB - asbest onderzoek NEN 5707
OV Hogeweg 9
SGS Nederland BV
Gemeente Duiven
29-04-2004
Bouwstoffenbesluit
OV Hogeweg 9
SGS Nederland BV
Gemeente Duiven
08-07-2004
Saneringsplan
SP Hogeweg 9
SGS Nederland BV
Gemeente Duiven
29-11-2004
brf (briefrapport)
OV Hogeweg 9
01-03-2005
Sanerings evaluatie
EV Hogeweg 9
SGS Nederland BV
Gemeente Duiven
01-01-1000
Auteur
Opdrachtnummer
Archief
Provincie Geldeland
Beschikbare documenten per onderzoek Naam Onderzoek
Document
VO Hogeweg 9
dq0zrz0j.pdf
OV Hogeweg 9
1h4zvy0k.pdf
OV Hogeweg 9
t1hj3ees.pdf
OV Hogeweg 9
p3sd33yt.pdf
SP Hogeweg 9
yjsw351t.pdf
EV Hogeweg 9
mwzwigtx.pdf
Verontreinigende activiteiten Activiteit
Start
Einde
Vervallen
Benoemd
Verontreinigd
Spoed
Voldoende onderzocht
erfverharding met puin en/of bouw en sloopafval
9999
9999
Nee
Onbekend
hbo-tank (ondergronds)
1976
2000
Nee
Ja
Onbekend
Nee
Onbekend Onbekend
onverdachte activiteit
1976
2000
Nee
Ja
Onbekend
Nee
Onbekend
Geconstateerde verontreinigingen Matrix
Overschr.
Grond
I
m²
m³
Van
Tot
Opmerking
190
Beschikbare documenten kfwh5cqj.pdf woajo1or.pdf ad3lwsh3.pdf
Besluiten Datum
Besluit
Kenmerk
Status
30-08-2004
besch. ernstig, niet urgent
MW2003.49142
Definitief
25-11-2004
Instemmen met SP
MW2003.49142
Definitief
11-04-2005
Instemmen uitgevoerde sanering
MW2005.5371
Definitief
Sanering Type sanering
Zorgstatus
Uiterste start
Volledig (hele geval)
Werkelijke start
31-12-2005
25-10-2004
Werkelijke einddatum 11-04-2005
Saneringscontouren Datum 11-04-2005
Gerealiseerd bovengrond
Gerealiseerd ondergrond
Voll. verw., aanvulgrond schoon (MF)
Niet van toepassing
Medium
Zorgmaatregelen Maatregel start
Duur
Eind
Matrix
Pagina 5 van 19
Overschrijding
-
29-01-2024
Type maatregel
11-04-2005
Pagina 6 van 19
-
29-01-2024
Locatie: HBB: ; Westsingel -159 Locatie Adres
Westsingel -159 Duiven
Locatiecode
AA022600273
Locatienaam
HBB: ; Westsingel -159
Plaats
Duiven
Locatiecode bevoegd gezag WBB
GE022600335
Status Vervolg WBB
Hbb-cluster-inactief
Beschikking
Status besluiten Is van voor 1987
Pot. verontreinigd
Beoordeling
Status rapporten
Status asbest Nee
Uitgevoerde onderzoeken Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Activiteit ophooglaag (niet gespecificeerd)
Start 1989
Einde 9999
Vervallen
Benoemd
Verontreinigd
Spoed
Nee
Ja
Onbekend
Nee
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 7 van 19
-
29-01-2024
Voldoende onderzocht Onbekend
Locatie: Graafsingel Westsingel ong (indic. keuring) Locatie Graafsingel DUIVEN
Adres Locatiecode
AA022601019
Locatienaam
Graafsingel Westsingel ong (indic. keuring)
Plaats
Duiven
Locatiecode bevoegd gezag WBB
GE022601019
Status Vervolg WBB
Onverdacht/Niet verontreinigd
Beoordeling Partijkeuring grond
Status rapporten
Beschikking
Status besluiten
Status asbest Nee
Is van voor 1987
Uitgevoerde onderzoeken Datum 30-11-2003
Type
Naam
Auteur
Opdrachtnummer
Archief
Partijkeuring grond
OV Graafsingel Westsingel ong (indic. ke
Grondbank GMG
Gemeente Duiven
04.3110
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Geen gegevens beschikbaar
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 8 van 19
-
29-01-2024
Locatie: Graafstaete Locatie Graafsingel DUIVEN
Adres Locatiecode
AA022601020
Locatienaam
Graafstaete
Plaats
Duiven
Locatiecode bevoegd gezag WBB
GE022601020
Status Vervolg WBB
Onverdacht/Niet verontreinigd
Beoordeling Verkennend onderzoek NEN 5740
Status rapporten
Beschikking
Status besluiten
Status asbest Nee
Is van voor 1987
Uitgevoerde onderzoeken Datum
Type
Naam
Auteur
Opdrachtnummer
26-04-2000
Verkennend onderzoek NEN 5740
VO Graafstaete
Witteveen+Bos
Gemeente Duiven
18-09-2006
Verkennend onderzoek NEN 5740
VO Graafstaete
Witteveen+Bos
Gemeente Duiven
06.3755
04-04-2008
Verkennend onderzoek NEN 5740
VO Graafstaete
Witteveen+Bos
Gemeente Duiven
08.3180
29-05-2008
Verkennend onderzoek NEN 5740
VO Graafstaete
Witteveen+Bos
Gemeente Duiven
08.4783
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Geen gegevens beschikbaar
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 9 van 19
-
29-01-2024
Archief
Locatie: Graafstaete te Duiven Locatie Adres Locatiecode
AA022601021
Locatienaam
Graafstaete te Duiven
Plaats
Duiven
Locatiecode bevoegd gezag WBB
GE022601021
Status Vervolg WBB
Beoordeling Verkennend onderzoek NEN 5740
Status rapporten Status besluiten
Beschikking Status asbest
Niet onderzocht
Is van voor 1987
Uitgevoerde onderzoeken Datum 01-03-2016
Type
Naam
Historisch onderzoek
Actualiserend vooronderzoek Graafstaete te Duiven
Auteur
Opdrachtnummer
Archief
16-12-2019
avr (aanvullend rapport)
Aanvullend bodemonderzoek Graafstaete Duiven
Gemeente Duiven
Duiven
18-02-2020
Verkennend onderzoek NEN 5740
Verkennend bodemonderzoek Graafstaete Duiven
Gemeente Duiven
Duiven
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Geen gegevens beschikbaar
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 10 van 19
-
29-01-2024
Locatie: Hogeweg (terrein Van Huet) Locatie Hogeweg DUIVEN
Adres Locatiecode
AA022601071
Locatienaam
Hogeweg (terrein Van Huet)
Plaats
Duiven
Locatiecode bevoegd gezag WBB
GE022601071
Status Vervolg WBB
Beoordeling
Status rapporten
Verkennend onderzoek NEN 5740
Status besluiten Is van voor 1987
Onverdacht/Niet verontreinigd
Beschikking Status asbest
Nee
Uitgevoerde onderzoeken Datum
Type
Naam
Auteur
Opdrachtnummer
03-12-1999
Verkennend onderzoek NVN 5740
VO Hogeweg (terrein Van Huet)
Van de Weijer Bedrijfsmilieuzorg
Aannemersbedrijf P. Hoedemakers en Zn. B
03-03-2008
Verkennend onderzoek NEN 5740
VO Hogeweg (terrein Van Huet)
Bodemstaete
Bouwbedrijf Gebr. Van Wanrooij B.V.
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Geen gegevens beschikbaar
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 11 van 19
-
29-01-2024
Archief
09.7654
Locatie: Hogeweg (wegvak) Locatie Hogeweg Duiven
Adres Locatiecode
AA022601072
Locatienaam
Hogeweg (wegvak)
Plaats
Duiven
Locatiecode bevoegd gezag WBB
GE022601072
Status Vervolg WBB
Beoordeling Verkennend onderzoek NEN 5740
Status rapporten
Beschikking
Status besluiten
Status asbest
Is van voor 1987
Uitgevoerde onderzoeken Datum 28-01-2013
Type
Naam
Auteur
Verkennend onderzoek NEN 5740
Hogeweg (wegvak)
Witteveen+Bos
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Geen gegevens beschikbaar
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 12 van 19
-
29-01-2024
Opdrachtnummer
Archief 13ink00470
Locatie: Rijksweg/Hogeweg Locatie Rijksweg/Hogeweg DUIVEN
Adres Locatiecode
AA022601373
Locatienaam
Rijksweg/Hogeweg
Plaats
Duiven
Locatiecode bevoegd gezag WBB
GE022601373
Status Vervolg WBB
voldoende onderzocht
Beoordeling
Status rapporten
Verkennend onderzoek NVN 5740
Beschikking
Status besluiten
niet ernstig, licht tot matig verontreinigd
Onverdacht op basis HO, vooronderzoek asbest
Status asbest Ja
Is van voor 1987
Uitgevoerde onderzoeken Datum 31-05-1993
Type
Naam
Auteur
Opdrachtnummer
Verkennend onderzoek NVN 5740
VO Rijksweg/Hogeweg
TAUW
Gemeente Duiven
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Geen gegevens beschikbaar
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 13 van 19
-
29-01-2024
Archief
Locatie: Westsingel, woonwagenstandplaats Locatie Westsingel DUIVEN
Adres Locatiecode
AA022601510
Locatienaam
Westsingel, woonwagenstandplaats
Plaats
Duiven
Locatiecode bevoegd gezag WBB
GE022601510
Status Vervolg WBB
voldoende onderzocht
Beoordeling
Status rapporten
Verkennend onderzoek NEN 5740
Beschikking
Status besluiten
Onverdacht/Niet verontreinigd
Onverdacht op basis HO, vooronderzoek asbest
Status asbest
Is van voor 1987
Ja
Uitgevoerde onderzoeken Datum
Type
Naam
Auteur
Opdrachtnummer
Archief
25-11-1993
Verkennend onderzoek NVN 5740
VO Westsingel, woonwagenstandplaats
Dienst Milieu, Arnhem
Gemeente Duiven
12ink04167
04-02-1994
Nader onderzoek
NO Westsingel, woonwagenstandplaats
Van Dorsser
Gemeente Duiven
08-06-2000
Verkennend onderzoek NEN 5740
VO Westsingel, woonwagenstandplaats
Witteveen+Bos
Gemeente Duiven
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Geen gegevens beschikbaar
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 14 van 19
-
29-01-2024
Locatie: Ploen-Noord te Duiven Locatie Adres
Ploenstraat Duiven
Locatiecode
AA022601688
Locatienaam
Ploen-Noord te Duiven
Plaats
Duiven
Locatiecode bevoegd gezag WBB
GE022601688
Status Vervolg WBB
Beoordeling Historisch onderzoek
Status rapporten Status besluiten
Beschikking Status asbest
Is van voor 1987
Uitgevoerde onderzoeken Datum
Type
Naam
23-11-2006
Historisch onderzoek
Historisch onderzoek en hindercirkels Ploen Noord (interne memo)
Auteur
18-07-2023
Historisch onderzoek
HO Ploen Noord Hogeweg ong DVN00 A 2092 en 1057
Milon
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Geen gegevens beschikbaar
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 15 van 19
-
29-01-2024
Opdrachtnummer Kragten Civiele Techniek
Archief
Locatie: Duiven dorpskern aanleg glasvezel Locatie Adres Locatiecode
AA022601806
Locatienaam
Duiven dorpskern aanleg glasvezel
Plaats
Duiven
Locatiecode bevoegd gezag WBB
GE022601806
Status Vervolg WBB
Beoordeling Verkennend en Asbest onderzoek
Status rapporten Status besluiten
Beschikking Status asbest
Is van voor 1987
Uitgevoerde onderzoeken Datum 15-06-2023
Type
Naam
Auteur
Opdrachtnummer
Verkennend en Asbest onderzoek
Duiven ong aanleg glasvezel bureau is Mateboer
Haskoning
DG568
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Geen gegevens beschikbaar
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Geen gegevens beschikbaar
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 16 van 19
-
29-01-2024
Archief
Pagina 17 van 19
-
29-01-2024
De bodeminformatie die u in deze rapportage aantreft is met zorg door gemeenten of provincie in het bodeminformatiesysteem ingevoerd. Toch kan het voorkomen dat informatie is verouderd, onvolledig is of onjuistheden bevat. De provincie Gelderland is niet aansprakelijk voor enigerlei schade die het directe of indirecte gevolg is van of in verband staat met het gebruik van deze informatie. Het ontbreken van gegevens in het BIS of deze rapportage wil niet zeggen dat er geen bodemverontreiniging op een perceel of in een gebied aanwezig is. Deze rapportage bevat geen gegevens van de twee grote gemeenten in de provincie Gelderland die zelf bevoegd gezag Wet bodembescherming zijn (Arnhem en Nijmegen). Als u fouten of onvolkomenheden in de rapportage aantreft kunt u ons helpen door dit te melden via https://www.gelderland.nl/Contact door het invullen van een vragenformulier. Dit wordt automatisch toegezonden aan het PROVINCIELOKET of te bellen naar 026 – 359 99 99.
Pagina 18 van 19
-
29-01-2024
Toelichting Locatie Algemene gegevens waaronder de locatie in het BIS bekend is. Daarnaast wordt aangegeven of de locatie betrekking heeft op een verontreiniging die na 1 januari 1987 is ontstaan (een zorgplicht geval dat onmiddellijk ongedaan gemaakt moet worden/zijn).
Status In de wet bodembescherming wordt onderscheid gemaakt tussen ernstige en niet ernstige verontreinigingen. Bij ernstige verontreinigingen wordt vervolgens beoordeeld of bij het huidige gebruik er mogelijke risico’s aanwezig zijn. Op basis van de beschikbare gegevens wordt de verontreinigingssituatie zo goed mogelijk ingeschat en vermeld onder het veld ‘beoordeling’. Pas als de verontreiniging voldoende is onderzocht wordt de conclusie vastgelegd in een formeel besluit. Dit is onder het veld ‘Beschikking’ aangegeven.
Sanering In een saneringsplan wordt aangegeven hoe de sanering wordt uitgevoerd. Dit kan voor een beperkt deel van het terrein gelden (deelsanering) of in verschillende fasen worden uitgevoerd. Als het bevoegd gezag een termijn heeft afgegeven voor het starten van de sanering dan wordt dat hier vermeld. Indien wordt ingestemd met het eindresultaat van de sanering (vastgelegd in een evaluatierapport) wordt ook de einddatum van de sanering ingevuld.
Uitgevoerde onderzoeken Een lijst van rapporten die betrekking hebben op de locatie. Deze rapporten worden in het geval van ernstige verontreiniging beoordeeld door het bevoegd gezag Wbb.
(Mogelijk) Verontreinigende activiteiten Dit is een overzicht van bekende historische (bedrijfs)activiteiten die op de locatie aanwezig zijn geweest en mogelijk bodemverontreiniging veroorzaakt hebben. Deze potentiële verontreinigingsbronnen vormen het zogenaamde. Historisch Bodem Bestand (HBB).
Besluiten Op basis van de aangeleverde rapporten doet het bevoegd gezag uitspraak over de mate van verontreiniging (ernst), de spoedeisendheid van saneren (spoed), te nemen maatregelen voor, na en tijdens sanering, saneringsplannen en de uitvoering van de sanering (evaluatie). In dit overzicht worden de door de provincie Gelderland genomen besluiten vermeld.
Saneringscontouren Indien sprake is van een deelsanering of verschillende fasen dan worden meerdere contouren vermeld. Per fase of deel wordt aangegeven welke saneringsvariant voor de boven- of ondergrond uiteindelijk is uitgevoerd.
Zorgmaatregelen/gebruiksbeperkingen Als na sanering nog verontreiniging is achtergebleven zijn maatregelen genomen om blootstelling aan of verspreiding van deze (rest)verontreiniging te voorkomen. Deze maatregelen worden in het BIS geregistreerd. Het bevoegd gezag houdt toezicht op het in standhouden van deze maatregelen.
Pagina 19 van 19
-
29-01-2024
Bijlage 8
Opdrachtgever: Projectnr: Datum:
Van Wanrooij Projectontwikkeling BV WAN012 31 augustus 2023
Opdrachtgever: Projectnr: Rapportnr: Status: Datum:
Van Wanrooij Projectontwikkeling BV WAN012 20230830-WAN012-RAP-EV 1.0 Definitief 31 augustus 2023
Opsteller: PC
T 088 - 33 66 333 F 088 - 33 66 099 E info@kragten.nl
-+C0PC+-
Verificatie: RvH
-+R0RvH+-
Validatie: RvH
© 2023 Kragten Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Kragten. Het is tevens verboden informatie en kennis verwerkt in dit rapport ter beschikking te stellen aan derden of op andere wijze toe te passen dan waaraan in de overeenkomst toestemming wordt verleend.
-+V0RvH+-
INHOUDSOPGAVE 2.1 2.2 2.2.1 2.3 2.4 2.5
Inleiding ................................................................................................................................................................... 5 Wettelijk kader .......................................................................................................................................................... 5 Risiconormen............................................................................................................................................................. 5 Transport over waterwegen .......................................................................................................................................... 6 Transport over wegen.................................................................................................................................................. 6 Transport over het spoor .............................................................................................................................................. 8
3.1 3.2 3.3
Inleiding ................................................................................................................................................................... 9 Wettelijke kader ........................................................................................................................................................ 9 Inventarisatie lokale buisleidingen ................................................................................................................................. 9
4.1 4.2 4.3
Inleiding ................................................................................................................................................................. 10 Wettelijk kader ........................................................................................................................................................ 10 Inventarisatie relevante inrichtingen ............................................................................................................................. 10
3
1
INLEIDING In opdracht van Van Wanrooij Projectontwikkeling BV is een inventarisatie uitgevoerd van de externe veiligheidsrisico’s ten behoeve van het voornemen om een woningbouwplan te ontwikkelen aan de Westsingel te Duiven. Aangezien het plan niet binnen de vigerende bestemming past, dient een ruimtelijke procedure doorlopen te worden. Externe veiligheid is één van de te beschouwen milieuaspecten. De globale ligging van het plangebied (rode arcering) is onderstaand weergegeven.
Afbeelding 1
Globale ligging plangebied (bron: PDOK)
In het kader van het onderzoek naar het planvoornemen dienen de externe veiligheidsrisico’s ten gevolge van activiteiten in de directe omgeving te worden geïnventariseerd. Externe veiligheidsrisico’s kunnen ontstaan door het transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen en over transportroutes (weg, spoor en water) en het gebruik of de opslag van gevaarlijke stoffen bij inrichtingen. In deze quickscan zijn de risicobronnen geïnventariseerd en is beoordeeld of de genoemde risicobronnen mogelijk een belemmering vormen voor de invulling van het plangebied. Indien risicobronnen een mogelijke belemmering vormen, is een vervolgonderzoek noodzakelijk.
4
2
TRANSPORTASSEN
2.1
Inleiding Eén van de aandachtspunten bij het ontwikkelen van een plan waar mensen verblijven, zoals de voorgenomen ontwikkeling, zijn de externe veiligheidsrisico’s vanwege het transport van gevaarlijke stoffen over de weg, het spoor en het water. Bepaald dient te worden of het vervoer van gevaarlijke stoffen consequenties kan hebben voor de gewenste ontwikkeling.
2.2
Wettelijk kader Bij externe veiligheid wordt onderscheid gemaakt in de richtlijnen voor stationaire bronnen en transportassen. De regelgeving rond de risico’s van het transport van gevaarlijke stoffen volgt per 1 april 2015 uit de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (Wvgs, Stb. 2013, nr. 307). De Wvgs vervangt de nota en de Circulaire Risiconormering vervoer gevaarlijke stoffen (Rnvgs). In de Wvgs en het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) worden normwaarden gegeven voor twee verschillende typen risico’s, het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. In de bijlagen van de Regeling basisnet is opgenomen voor welke transportroutes de externe veiligheidsrisico’s bepaald moeten worden. In de Handleiding Risicoanalyse Transport (HART) is vastgelegd hoe de risico’s van transport van gevaarlijke stoffen berekend en geanalyseerd moeten worden.
2.2.1
Risiconormen Het begrip risico wordt in beeld gebracht door middel van twee begrippen: het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Het PR is de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op een plaats langs een transportroute verblijft, komt te overlijden als gevolg van een incident met het vervoer van gevaarlijke stoffen. De hoogte van het GR representeert de kans per jaar per kilometer transportroute dat een groep van 10 of meer personen in de omgeving van de transportroute in één keer het dodelijk slachtoffer wordt van een ongeval op die transportroute. Overeenkomstig het Bevt (artikel 8, lid 1) en de HART (paragraaf 2.1) hoeven geen beperkingen aan het ruimtegebruik van een plan te worden gesteld in het gebied dat op meer dan 200 meter van een route of tracé ligt. Indien de risicobron op meer dan 200 meter afstand van het plangebied is gelegen, hoeft geen berekening plaats te vinden van de ligging van de plaatsgebonden risicocontouren of de (toename van) de hoogte van het groepsrisico. Een (beperkte) verantwoordingsplicht voor de hoogte van het groepsrisico is aan de orde indien een plangebied zich bevindt binnen het invloedsgebied van een risicobron. Het invloedsgebied wordt bepaald door de 1% letaliteitsafstand van de stofcategorieën die getransporteerd worden.
In de HART zijn per stofcategorie en per modaliteit vaste afstanden opgenomen voor de begrenzing van het invloedsgebied. De ligging van het invloedsgebied per modaliteit is in navolgende tabel 1 weergegeven.
5
Tabel 1
Invloedsgebied per stofcategorie Stofcategorie Weg, water Spoor LF1 LF2 C3 LT1 D3 LT2 LT3 D4 LT4 GF1 GF2 GF3 A GT2 GT3 B2 GT4 B3 GT5 B3
2.3
Invloedsgebied 1% letaliteitsafstand (m) Spoor Weg Water 45 35 35 45 35 375 730 600 880 880 >4.000 >4.000 n.v.t. n.v.t. n.v.t. 40 n.v.t. 280 65 460 355 90 245 n.v.t. 995 560 1.070 >4.000 >4.000 n.v.t. >4.000 >4.000 n.v.t.
Transport over waterwegen Ten aanzien van de veiligheidsrisico’s in het plangebied als gevolg van het vervoer van gevaarlijke stoffen over het water zijn uitsluitend waterwegen van belang waar vervoer van gevaarlijke stoffen in bulkvervoer is toegestaan. Op basis van de afstanden die in tabel 1 zijn genoemd, blijkt dat het maximale invloedsgebied van gevaarlijke stoffen die over water vervoerd worden 1.070 meter bedraagt (GT3-stoffen). Binnen deze afstand zijn geen waterwegen aanwezig waarover structureel transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Geconcludeerd kan worden dat de risico’s als gevolg van transport van gevaarlijke stoffen over waterwegen geen belemmering vormen voor de planvorming. Een verantwoordingsplicht is derhalve niet aan de orde.
2.4
Transport over wegen Ten aanzien van de veiligheidsrisico’s in het plangebied als gevolg van het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg zijn uitsluitend de transportassen van belang waar structureel vervoer van gevaarlijke stoffen in bulkvervoer is toegestaan. In beginsel zijn dit A- en N-wegen. Voor het plangebied zijn de volgende wegen binnen een straal van 4.000 m mogelijk relevant: - A12 - geprojecteerde A15 In afbeelding 2 is de ligging van het plangebied weergegeven ten opzichte van de genoemde wegen.
6
Afbeelding 2
Ligging plangebied (rode arcering) t.o.v. wegen (bron: PDOK)
A12 Op een afstand van ruim 600 meter van het plangebied is de rijksweg A12 (wegvak G12) gelegen, waarover transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. De A12 is opgenomen in het Basisnet weg. Op grond van de ruimtelijke scheiding vormen de PR10-6-risicocontour en het PAG1 geen belemmeringen voor het plan. Uit de jaarintensiteiten van Rijkswaterstaat (juni 2019) blijkt dat over de A12, ter hoogte van het plangebied, LF1, LF2, LT1, LT2, GF2, GF3 en GT4-stoffen worden getransporteerd. Op grond van tabel 1 blijkt het plangebied binnen het invloedsgebied van toxische gassen (GT4) te liggen. De risico’s als gevolg van transporten met gevaarlijke stoffen over de A12 (toxische scenario) dienen meegenomen te worden in een verantwoordingsrapportage. A15 Op een afstand van circa 2.600 meter van het plangebied ligt de geprojecteerde rijksweg A15 (wegvak G100), waarover transport van gevaarlijke stoffen gaat plaatsvinden. Ter hoogte van de deelgebieden worden LF1, LF2, LT1, LT2, GF2, GF3 en GT4-stoffen vervoerd. Daardoor ligt het plangebied binnen het invloedsgebied van deze weg. De risico’s als gevolg van het transport van gevaarlijke stoffen over de weg (toxisch scenario) dienen meegenomen te worden in een beperkte verantwoording van de hoogte van het groepsrisico.
1 Het plasbrandaandachtsgebied is een gebied als bedoeld in het Besluit externe veiligheid transportroutes. Dit is een gebied
van 30 m parallel aan weerszijden van bepaalde transportroutes waarover grote hoeveelheden zeer brandbare vloeistoffen worden vervoerd
7
2.5
Transport over het spoor Ook ten aanzien van de veiligheidsrisico’s in het plangebied als gevolg van het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor zijn uitsluitend spoorwegen van belang waar vervoer van gevaarlijke stoffen in bulkvervoer is toegestaan. Spoorlijn Elst noordwestboog – Zevenaar Op een afstand van circa 3 kilometer is de spoorlijn Elst noordwestboog – Zevenaar (route 202AB) aanwezig. Deze spoorlijn is opgenomen in het Basisnet spoor. Deze spoorlijn heeft een plaatsgebonden PR 10-6 risicocontour en een PAG, echter op grond van de ruimtelijke scheiding vormen deze aspecten geen belemmering het plangebied. Ook de hoogte van het groepsrisico vormt geen aandachtspunt aangezien het plan op meer dan 200 meter van deze spoorlijn is gelegen. Op grond van Bijlage II Tabel Basisnet spoor blijkt dat ter hoogte van het plangebied A, B2, B3, C3, D3 en D4 stoffen vervoerd worden. Op grond van deze stoffen ligt het plangebied binnen het invloedsgebied van toxische vloeistoffen (D4). De risico’s als gevolg van transporten met gevaarlijke stoffen over het spoor (toxische scenario) dienen meegenomen te worden in een verantwoordingsrapportage.
8
3
BUISLEIDINGEN
3.1
Inleiding Bij de realisatie van (beperkt) kwetsbare objecten dient tevens rekening te worden gehouden met het vervoer van gevaarlijke stoffen door buisleidingen waarvoor bepaalde aan te houden risicoafstanden gelden. Deze afstanden zijn onder andere afhankelijk van de aard van de stof, de druk waaronder deze wordt getransporteerd, de diepteligging en de diameter en wanddikte van de buisleiding. Ten aanzien van de externe veiligheid gaat het vooral om de risico’s in het geval er iets fout gaat met een hogedruk aardgastransportleiding. Maar ook andere buisleidingen kunnen een aandachtsgebied voor externe veiligheid hebben dat tot over het plan reikt. Bepaald dient te worden of eventueel aanwezige buisleidingen consequenties kunnen hebben voor het plangebied.
3.2
Wettelijke kader Per 1 januari 2011 is het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) in werking getreden. Dit besluit sluit aan bij de risiconormering uit het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). Dat betekent dat de toetsings- en bebouwingsafstand worden vervangen door een afstand voor het plaatsgebonden risico (PR) en een afstand voor het invloedsgebied van het groepsrisico (GR). Voor het PR geldt dat er binnen de 10-6-risicocontour geen kwetsbare objecten mogen worden gerealiseerd. Voor beperkt kwetsbare objecten geldt deze waarde als een richtwaarde. Voor het GR geldt, indien er objecten binnen het invloedsgebied liggen, een verantwoordingsplicht.
3.3
Inventarisatie lokale buisleidingen Eventuele risico’s van buisleidingen zijn pas relevant indien de effecten van een ongeval het plangebied kan overschrijden. Om inzicht te krijgen in de bandbreedte van het invloedsgebied van buisleidingen is het Handboek buisleiding in bestemmingsplannen-Handreiking voor opstellers van bestemmingsplannen (geactualiseerde versie 2016) geraadpleegd, waarin uit tabel 5.1 1%-letaliteitsgrens bij hogedrukaardgastransportleidingen blijkt dat de grootst mogelijke 1%-letaliteitsafstand van een buisleiding 580 meter bedraagt. Voor plannen op méér dan 580 meter afstand van een buisleiding kan dan ook worden geconcludeerd dat geen beperkingen gelden voor het plan; de berekening van de ligging van de plaatsgebonden risicocontouren of de (toename van) de hoogte van het groepsrisico is dan niet aan de orde. Binnen een afstand van 580 meter is geen hogedruk aardgasleiding aanwezig. Het transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen vormt geen belemmering voor de planvorming. Een verantwoordingsplicht is niet aan de orde.
9
4
EXTERNE VEILIGHEID INRICHTINGEN
4.1
Inleiding Naast het vervoer van gevaarlijke stoffen over transportroutes en door buisleidingen, dient bij de realisatie van het plan rekening te worden gehouden met de opslag en het gebruik van gevaarlijke stoffen bij inrichtingen waarvoor ook aan te houden risicoafstanden gelden. Bepaald dient te worden of eventueel aanwezige risicovolle inrichtingen belemmeringen kunnen vormen voor de planrealisatie.
4.2
Wettelijk kader Voor risicovolle activiteiten en/of risicovolle installaties bij inrichtingen worden ten aanzien van het milieuhygiënische aspect externe veiligheid regels gesteld in het Activiteitenbesluit milieubeheer. In het Activiteitenbesluit milieubeheer wordt aangesloten op de van toepassing zijnde publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen (PGS). Daarnaast is een aantal rechtstreeks geldende besluiten van belang waarin te respecteren veiligheidsafstanden en/of risicocontouren zijn opgenomen. Hierbij kan gedacht worden aan het Besluit risico’s zware ongevallen (Brzo 2015), het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), de Circulaire opslag ontplofbare stoffen voor civiel gebruik en het Vuurwerkbesluit.
Voor zover het Bevi, Brzo 2015 en de Circulaire opslag ontplofbare stoffen voor civiel gebruik niet van toepassing zijn, vallen activiteiten met gevaarlijke stoffen onder het Activiteitenbesluit milieubeheer. Indien de drempelwaarden uit bijlage 1 van het Activiteitenbesluit milieubeheer niet wordt overschreden, vallen activiteiten met de opslag van ontplofbare stoffen zoals genoemd in het Vuurwerkbesluit eveneens onder het Activiteitenbesluit milieubeheer. In specifieke gevallen kunnen aanvullende voorschriften zijn opgenomen in een individuele milieuvergunning. De effecten met betrekking tot externe veiligheid worden uitgedrukt in te respecteren veiligheidsafstanden, plaatsgebonden risico en het groepsrisico.
4.3
Inventarisatie relevante inrichtingen Met behulp van de Atlas Leefomgeving en de Signaleringskaart is bepaald of het plangebied binnen de plaatsgebonden risicocontouren, dan wel invloedsgebieden van omliggende risicovolle inrichtingen is gelegen. In de uitsnede in navolgende afbeelding is de ligging van relevante inrichtingen in de directe omgeving van het plangebied weergegeven.
10
Afbeelding 3
Ligging plangebied (rode cirkel) ten opzichte van inrichtingen (bron: Atlas Leefomgeving)
In de omgeving van het plangebied is een LPG-tankstation aanwezig, waarvan het invloedsgebied deels over het plangebied is gelegen. Het betreft LPG-tankstation “Shell Westsingel”, gelegen aan de Westsingel 15 te Duiven. Aangezien het plan deels binnen het invloedsgebied van deze inrichting is gelegen, dient de invloed van het plan op de hoogte van het groepsrisico inzichtelijk gemaakt te worden. De risico’s als gevolg van inrichtingen dienen meegenomen te worden in een uitgebreide verantwoording van het groepsrisico.
11
5
CONCLUSIE In opdracht van Van Wanrooij Projectontwikkeling BV is een inventarisatie uitgevoerd van de externe veiligheidsrisico’s ten behoeve van het voornemen om een woningbouwplan te ontwikkelen aan de Westsingel te Duiven. Transport over water Het plangebied bevindt zich niet binnen een invloedsgebied van een waterweg waarover transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. De risico’s als gevolg van transport over het water vormen geen aandachtspunt voor de planvorming waardoor een verantwoordingsplicht niet aan de orde is. Transport over de weg Op een afstand van ruim 600 meter van het plangebied is de rijksweg A12 (wegvak G12) gelegen, waarover transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Op grond van de ruimtelijke scheiding vormen de PR10-6risicocontour en het PAG geen belemmeringen voor het plan. Ook de hoogte van het groepsrisico is geen aandachtspunt. Wel ligt het plangebied binnen het invloedsgebied van toxische gassen (GT4). De risico’s als gevolg van transporten met gevaarlijke stoffen over de A12 (toxische scenario) dienen meegenomen te worden in een verantwoordingsrapportage. Op een afstand van circa 2.600 meter van het plangebied ligt de geprojecteerde rijksweg A15 (wegvak G100), waarover transport van gevaarlijke stoffen gaat plaatsvinden.
Op grond van de ruimtelijke scheiding vormen ook hier de PR10-6-risicocontour en het PAG geen belemmeringen voor het plan. Ook de hoogte van het groepsrisico is geen aandachtspunt. Wel ligt het plangebied binnen het invloedsgebied van toxische gassen (GT4). De risico’s als gevolg van transporten met gevaarlijke stoffen over de A15 (toxische scenario) dienen meegenomen te worden in een verantwoordingsrapportage. Transport over het spoor Op een afstand van circa 3 kilometer is de spoorlijn Elst noordwestboog – Zevenaar (route 202AB) aanwezig. Deze spoorlijn is opgenomen in het Basisnet spoor. Op grond van de ruimtelijke scheiding vormen deze het plaatsgebonden risico en het PAG geen belemmering het plangebied. Ook de hoogte van het groepsrisico vormt geen aandachtspunt aangezien het plan op meer dan 200 meter van deze spoorlijn is gelegen. Wel ligt het plangebied binnen het invloedsgebied van toxische vloeistoffen (D4). De risico’s als gevolg van transporten met gevaarlijke stoffen over het spoor (toxische scenario) dienen meegenomen te worden in een verantwoordingsrapportage. Buisleidingen Het plangebied ligt niet binnen het invloedsgebied van een buisleiding waar gevaarlijke stoffen door vervoerd worden. Dit aspect vormt geen aandachtspunt voor de planvorming. Een verantwoordingsplicht is niet aan de orde.
Inrichtingen Het plangebied ligt binnen een invloedsgebied van een LPG-tankstation, waardoor de invloed van het plan op de hoogte van het groepsrisico middels een berekening met de LPG-rekentool inzichtelijk gemaakt moet worden. De risico’s als gevolg van inrichtingen dienen uitgebreid verantwoord te worden.
12
Bijlage 9
Opdrachtgever: Projectnr: Datum:
Van Wanrooij Projectontwikkeling BV WAN012 18 januari 2024
Opdrachtgever: Projectnr: Rapportnr: Status: Datum:
Van Wanrooij Projectontwikkeling BV WAN012 20240118-WAN012-RAP-LPG 2.0 Definitief 18 januari 2024
Opsteller: RvH
T 088 - 33 66 333 F 088 - 33 66 099 E info@kragten.nl
-+C0RvH+-
Verificatie: PC
-+R0PC+-
Validatie: PC
© 2023 Kragten Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Kragten. Het is tevens verboden informatie en kennis verwerkt in dit rapport ter beschikking te stellen aan derden of op andere wijze toe te passen dan waaraan in de overeenkomst toestemming wordt verleend.
-+V0PC+-
INHOUDSOPGAVE 2.1 2.2
Wettelijk kader........................................................................................................................................................... 5 Inventarisatie relevante inrichtingen................................................................................................................................ 7
4.1 4.2 4.3 4.4
Rekenmodel .............................................................................................................................................................. 9 Situaties ................................................................................................................................................................... 9 Bevolkingsdichtheid................................................................................................................................................... 10 Resultaat ................................................................................................................................................................ 10
BIJLAGEN
3
1
INLEIDING In opdracht van Van Wanrooij Projectontwikkeling BV is een onderzoek uitgevoerd naar de externe veiligheidsrisico’s ten behoeve van het voornemen om een woningbouwplan te ontwikkelen aan de Westsingel te Duiven. Nabij het plangebied is een LPG-tankstation aanwezig (Shell Westsingel, Westsingel 15), waardoor een deel van het plan binnen het invloedsgebied hiervan is gelegen. In de onderstaande afbeelding wordt de ligging van het plangebied en het LPG-tankstation weergegeven.
Afbeelding 1
Ligging plangebied (rode omlijning) en LPG-tankstation (blauwe omlijning)
Navolgende afbeelding geeft een overzicht van de stedenbouwkundige indeling van het plangebied.
Afbeelding 2 SVP)
Stedenbouwkundige indeling (bron: Ploen Noord Stedenbouwkundig plan, 7 september 2023,
4
2
EXTERNE VEILIGHEID INRICHTINGEN Bij de realisatie van een plan dient onder andere rekening te worden gehouden met de opslag en het gebruik van gevaarlijke stoffen bij inrichtingen, waarvoor aan te houden risicoafstanden gelden. Bepaald dient te worden of eventueel aanwezige risicovolle inrichtingen belemmeringen kunnen vormen voor de planrealisatie.
2.1
Wettelijk kader Voor risicovolle activiteiten en/of risicovolle installaties bij inrichtingen worden ten aanzien van het milieuhygiënische aspect externe veiligheid regels gesteld in het Activiteitenbesluit milieubeheer. In het Activiteitenbesluit milieubeheer wordt aangesloten op de van toepassing zijnde Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen (PGS). Daarnaast is een aantal rechtstreeks geldende besluiten van belang waarin te respecteren veiligheidsafstanden en/of risicocontouren zijn opgenomen. Hierbij kan gedacht worden aan het Besluit Risico’s Zware Ongevallen (BRZO), het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), de Circulaire opslag ontplofbare stoffen voor civiel gebruik en het Vuurwerkbesluit. Het Bevi legt veiligheidsnormen op aan bedrijven die een risico vormen voor personen buiten het bedrijfsterrein. Bijvoorbeeld rondom chemische fabrieken, spoorwegemplacementen waar goederentreinen met gevaarlijke stoffen rangeren en LPG-tankstations. In het Bevi zijn milieukwaliteitseisen op het gebied van externe veiligheid geformuleerd. Deze zijn vertaald in de risiconormen voor het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. De bij het Besluit behorende ministeriële Regeling externe veiligheid inrichtingen (Revi) werkt de afstanden, de referentiepunten en de wijze van berekenen van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico verder uit ter uitvoering van het Bevi.
Plaatsgebonden risico Op 12 januari 2022 heeft de Raad van State (RvS) een uitspraak gedaan inzake LPG-tankstations (nr. 201.705745/3/R4). Voor zowel de toetsing van het plaatsgebonden risico als het groepsrisico moet worden uitgegaan van bevoorrading door LPG-tankwagens zonder hittewerende coating. Voor het plaatsgebonden risico geeft het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat1 in de brief aan dat de afstanden uit de Revi niet meer toepasbaar zijn. Wel mag uitgegaan worden van een verbeterde vulslang bij de levering van LPG.
1 Effect van risicoreducerende maatregelen op het plaatsgebonden risico van LPG-tankstation, RIVM-briefrapport 2021-0184
5
Vulpunt Voor de toetsing voor de afstand tot de PR10-6 risicocontour van het vulpunt kan gebruik worden gemaakt van de afstanden die zijn opgenomen in de navolgende tabel, berekend door het RIVM1. Tabel 1
Afstanden PR 10-6 risicocontour vulpunt LPG-tankstation conform RIVM
Doorzet m³/jaar
Afstand vanaf vulpunt
250 m³/jaar
13 meter
500 m³/jaar
17 meter
600 m³/jaar
26 meter
700 m³/jaar
31 meter
800 m³/jaar
34 meter
900 m³/jaar
37 meter
1.000 m³/jaar
38 meter
1.500 m³/jaar
80 meter
2.000 m³/jaar
105 meter
Opslagtank De PR10-6 risicocontour voor het reservoir is door het RIVM berekend op 17 meter. Deze afstand geldt voor alle doorzetten, ongeacht de omvang van het reservoir. Afleverzuil De plaatsgebonden risicocontour voor afleverzuilen is 15 meter. Invloedsgebied In de Revi is bepaald dat de grens van het invloedsgebied bij een LPG-tankstation op 150 meter afstand rondom het LPG-vulpunt en het LPG-reservoir is gelegen. Circulaire effectafstanden externe veiligheid In de ‘Circulaire effectafstanden externe veiligheid LPG-tankstations’ wordt het bevoegd gezag verzocht rekening te houden met een effectafstand van 60 meter tot (beperkt) kwetsbare objecten. Dit wil zeggen dat deze afstand in beginsel aangehouden moet worden, maar dat gemotiveerd afwijken is toegestaan door het treffen van veiligheidsmaatregelen. Daarnaast wordt verzocht om rekening te houden met een effectafstand tot 160 meter tot zeer kwetsbare objecten.
6
2.2
Inventarisatie relevante inrichtingen Nabij de planlocatie is het LPG-tankstation “Lukoil Venlo-Blerick” gelegen aan de Pastoor Stassenstraat 51, aanwezig. De ligging van de risicocontouren (PR 10-6) ten opzichte van de planlocatie is in onderstaande afbeelding weergegeven.
10-6 contour reservoir
Invloedsgebied LPG vulpunt (150 m)
Afbeelding 3
Invloedsgebied LPG -reservoir (150 m)
10-6 contour vulpunt
Ligging PR-contouren en invloedsgebieden ten opzichte van plangebied
De plaatsgebonden 10-6-risicocontouren zijn in voorgaande afbeelding weergegeven. Uit deze afbeelding blijkt dat de PR10-6-risicocontouren niet tot over het plangebied reiken. In de Revi is bepaald dat de grens van het invloedsgebied bij een LPG-tankstation op 150 meter afstand rondom het LPG-vulpunt en het LPG-reservoir is gelegen. De planlocatie is gelegen binnen de invloedsgebieden van het LPG-tankstation, waardoor de hoogte van het groepsrisico ten gevolge van het LPG-tankstation dient te worden bepaald. Het resterende deel van de omgeving (liggende binnen het invloedsgebied van het LPG-tankstation) bestaat uit woningen, recreatie en maatschappelijke bestemmingen.
7
3
LPG-TANKSTATION Voor het tankstation, gevestigd aan de Westsingel 15 te Duiven, is een milieuvergunning verleend waarbij de doorzet op 1.000 m3 per jaar is gelimiteerd. De opslag van LPG vindt plaats in een ondergrondse tank van 20 m3. De ligging van het LPG-vulpunt, het LPG-reservoir en de LPG afleverzuil is in onderstaande afbeelding weergegeven.
Afbeelding 4
Ligging installaties LPG-tankstation (bron: Atlas Leefomgeving)
8
4
BEREKENING HOOGTE GROEPSRISICO
4.1
Rekenmodel Voor het vaststellen van de scenario’s, ongevalkansen en overige risicoparameters is aangesloten bij de methodiek beschreven in het document “Rekenmethodiek LPG-tankstations”2. In deze methodiek wordt rekening gehouden met locatie specifieke omstandigheden voor de BLEVE-kans. De scenario’s beschrijven wat mis kan gaan in geval van een calamiteit. De bepaling van de faalfrequenties per scenario is opgenomen in bijlage 1 en 2. De berekening van het groepsrisico wordt uitgevoerd met het wettelijk – in de Revi – voorgeschreven softwarepakket Safeti-NL (versie 8.5).
4.2
Situaties Vanwege de beoogde ontwikkeling zijn twee situaties doorgerekend: de huidige situatie en de toekomstige situatie. Huidige situatie In de huidige situatie zijn binnen het plangebied vier woonwagenstandplaatsen aanwezig. Conform de Handreiking verantwoordingsplicht groepsrisico wordt hiervoor uitgegaan van 2,4 personen per woning met een aanwezigheid van 50% in de dagperiode en 100% in de nachtperiode (in totaal dus 4,8 personen voor de dagperiode en 9,6 voor de nachtperiode. Beoogde situatie Binnen het plangebied zijn in maximaal 130 woningen en 8 staanplaatsen voorzien. Volgens de beoogde stedenbouwkundige indeling liggen de woningen echter buiten het invloedsgebied van 150 m van het LPGtankstation (zie onderstaande afbeelding).
Invloedsgebied LPG vulpunt (150 m)
Invloedsgebied LPG -reservoir (150 m)
Afbeelding 5 Ligging invloedsgebied LPG-tankstation ten opzichte van planindeling Dit betekent dat alleen de herinrichting van de woonwagenstandplaatsen relevant is. In deze herinrichting is een uitbreiding naar acht standplaatsen voorzien, op grotere afstand van het tankstation dan in de huidige situatie (afstand tot reservoir neemt toe van 65 naar 90 meter). Op basis van de genoemde Handreiking verantwoordingsplicht groepsrisico wordt ook hier uitgegaan van 2,4 personen per woning met een aanwezigheid 2 Rekenmethodiek voor LPG-tankstations, versie 1.2 RIVM, d.d. 5 november 2014
9
van 50% in de dagperiode en 100% in de nachtperiode. Het voorgaande betekent dat voor het plangebied in de beoogde situatie wordt uitgegaan van circa 9,6 personen in de dagperiode en 19,2 personen in de nachtperiode. Voor beide situaties is de hoogte van het groepsrisico bepaald.
4.3
Bevolkingsdichtheid De invoer van het aantal aanwezige personen is nodig om groepsrisicoberekeningen te kunnen maken. De bevolkingsdichtheid wordt bepaald binnen het invloedsgebied. De basis voor de modellering van de omgeving van het LPG-tankstation is gebaseerd op de populatieservice 3 . De populatieservice is gebaseerd op de basisadministratie adressen en gebouwen (BAG). De gegevens zijn inzichtelijk via de BAG-viewer. De BAG bevat alle benodigde gegevens ten aanzien van gebouwgebonden activiteiten. Voor de bevolkingsinventarisatie is daarnaast gebruik gemaakt van de volgende databronnen:
4.4
BAG populatieservice; deze geeft het aantal aanwezigen aan in een gebied met behulp van de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) voor woon- en werkgebieden.
Google Earth; luchtfoto en streetview
Resultaat Voor zowel de bestaande als toekomstige situatie is de berekening van het groepsrisico als gevolg van het LPGtankstation op basis van Revi 2004 uitgevoerd. In onderstaande afbeeldingen is de hoogte van het groepsrisico weergegeven van: Groen: de huidige situatie Oranje: de toekomstige situatie
Afbeelding 6
Grafische weergave groepsrisico huidig en beoogde situatie
Uit bovenstaande grafiek blijkt dat het groepsrisico in de beoogde situatie marginaal afneemt ten opzichte van de huidige situatie. De normwaarde4 neemt af van 0,0188 [-] naar 0,0181 [-]. De oriëntatiewaarde wordt niet overschreden; de normwaarde bedraagt zelfs minder dan 10% van de oriëntatiewaarde. De afname van het groepsrisico is toe te schrijven aan de grotere afstand van de woonwagenstandplaatsen in de beoogde situatie ten opzichte van huidige situatie.
3 https://populatieservice.demis.nl/#/ 4
Een normwaarde groter dan 1 betekent een overschrijding van de oriëntatiewaarde.
10
5
CONCLUSIE In opdracht van Van Wanrooij Projectontwikkeling BV is een onderzoek uitgevoerd naar de externe veiligheidsrisico’s ten behoeve van het voornemen om een woningbouwplan te ontwikkelen aan de Westsingel te Duiven. Het betreft de realisatie van maximaal 130 woningen alsmede de herinrichting van woonwagenstandplaatsen. Nabij het plangebied is een LPG-tankstation aanwezig, waardoor een deel van het plan binnen het invloedsgebied hiervan is gelegen. Geconcludeerd wordt dat de plaatsgebonden PR 10-6-risicontouren van het LPG-tankstation niet reiken tot over het plangebied. Uit de uitgevoerde berekeningen blijkt dat in het groepsrisico in de beoogde situatie marginaal afneemt ten opzichte van de huidige situatie. De normwaarde neemt af van 0,0188 [-] naar 0,0181 [-]. In de ‘Circulaire effectafstanden externe veiligheid LPG-tankstations’ wordt het bevoegd gezag verzocht rekening te houden met een effectafstand van 60 meter tot (beperkt) kwetsbare objecten en 160 meter tot zeer kwetsbare objecten. Binnen het plangebied worden geen zeer kwetsbare objecten gerealiseerd, maar wel kwetsbare objecten (woningen). Gebleken is dat de nieuw te realiseren standplaatsen binnen het plangebied op meer dan 60 meter van het reservoir zijn beoogd, waardoor voldoende afstand tussen kwetsbare objecten en inrichting behaald wordt.
In artikel 13 van het Bevi is bepaald dat een uitgebreide verantwoording van het groepsrisico verplicht is ten aanzien van het vaststellen van een bestemmingsplan.
11
BIJLAGEN
B1-1
B1 RELEVANTE INVOERGEGEVENS
B1-2
NAW gegevens naam tankstation adres postcode plaats
Shell Westsingel Westsingel 15 6921 RX Duiven
Gegevens tankstation doorzet LPG inhoud LPG-reservoir locatie LPG-reservoir inhoud LPG-tankwagen duur verlading aantal verladingen hittewerende coating tankwagen verbeterde vulslang afstand reservoir - vulpunt afstand reservoir - afleverzuil afstand vulpunt - LPG-afleverzuil afstand vulpunt - benzine-afleverzuil afstand vulpunt - opstelplaats benzine tankwagen gebouw heeft brandbescherming hoogte gebouw afstand vulpunt - gebouw
1000 20 ondergronds 60 0,5 70 nee ja 52 20 32 27 53 nee 4 11
opstelplaats tankwagen (1, 2 of 3)
1
1. geïsoleerde opstelplaats 2. opstelplaats op rijstrook met snelheid 70 km/u 3. overige situaties
3
m /jaar m3 onder- of bovengronds m3 uur /jaar ja/nee ja/nee m m m m m j/n m m
B2 BEPALING FAALFREQUENTIES
B2-3
Scenario's ten behoeve van invoer Safeti
NL
Westsingel 15
Scenario's voor opslagvat onder druk scenario O.1 opslagvat - instantaan falen O.2 opslagvat - 10 minuten O.3 opslagvat - 10 mm gat O.4 vloeistofleiding - breuk leiding 1,25" O.5 vloeistofleiding - lek 0,125" O.6 afleverleiding - breuk 1,25" O.7 afleverleiding - lek 0,125"
basisfaalfrequentie [jaar ] 5,0E-07 5,0E-07 1,0E-05 -1 m 5,0E-07 -1 m 1,5E-06 m-1 5,0E-07 -1 m 1,5E-06
factor
52 52 20 20
frequentie [jaar ] 5,00E-07 5,00E-07 1,00E-05 2,60E-05 7,80E-05 1,00E-05 3,00E-05
Scenario's voor intrinsiek falen LPG-tankwagen scenario T.1 instantaan falen T.2 grootste aansluiting (vulgraad 100%)
basisfaalfrequentie [jaar ] 5,0E-07 5,0E-07
-1
factor 0,004 0,004
frequentie [jaar ] 2,00E-09 2,00E-09
Scenario's voor LPG-tankwagen ten gevolge van brand scenario B.1 BLEVE tankwagen (vulgraad 100%) B.2 BLEVE tankwagen (vulgraad 100%) B.3 BLEVE tankwagen (vulgraad 67%) B.4 BLEVE tankwagen (vulgraad 33%)
basisfaalfrequentie [jaar ] 5,8E-10 2,0E-06 2,0E-06 2,0E-06
-1
factor 35 0,0439 0,1063 0,1686
frequentie [jaar-1] 2,03E-08 8,78E-08 2,13E-07 3,37E-07
Scenario's voor LPG-tankwagen ten gevolge van externe beschadiging basisfaalfrequentie [jaar-1] scenario B.5 BLEVE tankwagen (vulgraad 100%) 2,5E-09 B.6 BLEVE tankwagen (vulgraad 67%) 2,5E-09 B.7 BLEVE tankwagen (vulgraad 33%) 2,5E-09
factor 0,2310 0,2310 0,2310
frequentie [jaar-1] 5,78E-10 5,78E-10 5,78E-10
Scenario's falen pomp scenario P.1 breuk pomp, doorstroombegrenzer sluit P.2 breuk pomp, doorstroombegrenzer sluit niet P.3 lek pomp
basisfaalfrequentie [jaar-1] 1,0E-04 1,0E-04 4,4E-03
factor 0,0038 0,0002 0,0040
frequentie [jaar-1] 3,75E-07 2,40E-08 1,76E-05
Scenario's falen pomp scenario L.1 breuk losslang 2", doorstroombegrenzer sluit L.2 breuk losslang 2", doorstroombegrenzer sluit niet L.3 lek losslang 0,2"
basisfaalfrequentie [jaar-1] 4,0E-06 4,0E-06 4,0E-05
factor 3,08 0,42 35
frequentie [jaar-1] 1,23E-05 1,68E-06 1,40E-03
-1
-1
-1
Bijlage 10
Opdrachtgever: Projectnr: Datum:
Van Wanrooij Projectontwikkeling BV WAN012-0001 10 oktober 2023
Opdrachtgever: Projectnr: Rapportnr: Status: Datum:
Van Wanrooij Projectontwikkeling BV WAN012-0001 20231010-WAN012-RAP-BMZ 1.0 Definitief 10 oktober 2023
Opsteller(s): JSCHU
+C0JSCHU +-
Verificatie: T 088 - 33 66 333 F 088 - 33 66 099 E info@kragten.nl
PC Validatie: PC
© 2023 Kragten Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Kragten. Het is tevens verboden informatie en kennis verwerkt in dit rapport ter beschikking te stellen aan derden of op andere wijze toe te passen dan waaraan in de overeenkomst toestemming wordt verleend.
-+R0PC+-
-+V0PC+-
INHOUDSOPGAVE
3.1 3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.2 3.3 3.3.1 3.3.2
Bedrijven en milieuzonering ......................................................................................................................................... 7 Stappen 1 en 2 ......................................................................................................................................................... 7 Stap 3 ..................................................................................................................................................................... 8 Stap 4 ..................................................................................................................................................................... 8 Omgevingstype en milieucategorie................................................................................................................................. 8 Milieubelasting vanuit de omgeving ............................................................................................................................... 9 Relevante bestemming(splann)en ................................................................................................................................. 9 Toetsing richtafstanden................................................................................................................................................ 9
3
1
INLEIDING In opdracht van Van Wanrooij Projectontwikkeling BV is door Kragten een quickscan milieuzonering uitgevoerd ten behoeve van een woningbouwplan Ploen Noord te Duiven. Op basis van de richtlijn ‘Bedrijven en milieuzonering’ van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) is beoordeeld of voldaan wordt aan de (richt)afstanden voor inpassing. Daar waar de woonbestemmingen in het plan niet voldoet aan de (richt)afstanden ten aanzien van en/of gelegen is in geluidzones van de in de omgeving gelegen (bedrijfs)bestemmingen, is een vervolgonderzoek uitgevoerd waarmee eventueel alsnog kan worden aangetoond dat in deze specifieke situatie toch sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Hierbij is op basis van de gegevens uit de betreffende bestemmingsplannen en eventueel aanwezige milieuonderzoeken beschouwd welke planologisch en feitelijke mogelijkheden er zijn ter plaatse van de bedrijfsbestemming, en wat het effect hiervan is op het plangebied (geur, geluid, gevaar en stof).
4
2
SITUATIE Het plangebied is gelegen aan de Westsingel te Duiven in de gelijknamige gemeente. Het plan bestaat uit de realisering van maximaal 130 woningen. In navolgende afbeelding is de globale ligging van het plangebied weergegeven.
Afbeelding 1
Globale ligging plangebied (bron: PDOK)
De ontwikkeling is gelegen ten oosten van de Westingel en sluit aan de zuidzijde aan op de bestaande (woon)bebouwing aan de Willem Elsschotstraat en de Hogeweg. In afbeelding 2 is de beoogde indeling weergegeven.
5
Afbeelding 2 Beoogde indeling plangebied [bron: 3460_PR_Stedenbouwkundige visie-Ruimtelijk model 230907.pdf d.d. versie 30 augustus]
6
3
TOETSINGSKADER
3.1
Bedrijven en milieuzonering De VNG-publicatie: “Bedrijven en milieuzonering” (versie 2009), geeft informatie over de ruimtelijk relevante milieuaspecten van diverse bedrijfsactiviteiten. Tevens geeft deze publicatie richtafstanden voor het ontwikkelen van bedrijfsactiviteiten in relatie tot het lokale omgevingstype. De publicatie is een hulpmiddel bij de ruimtelijke inpassing van plannen en vormt op basis van vaste jurisprudentie een goed vertrekpunt voor deze beoordeling. Ten behoeve van woningbouw nabij bedrijven is een stappenplan opgenomen in paragraaf 4.2 van de publicatie. Hierin wordt aangegeven wanneer nader onderzoek (naar specifieke milieuaspecten) aan de orde kan zijn.