CConstaterende datDuiven
Koppel je AI →
Document · PDF

3. 201580525 - IBOR_Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 d.d. 15-09-2022.pdf

Raadsavond 6 december 2022, gemeente DuivenBij agendapunt: Vaststelling Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte (IBOR)12.822 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 Ruimte voor participatie en toekomstgerichte opgaven Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 1 van 45

Project:

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte - gemeente Duiven

Projectnummer:

P786-01

Registratienummer:

20220493

Auteurs:

M. Hommel; G. Oosterhuis; M. van Haaren

Opdrachtgever:

gemeente Duiven

Datum:

15 september 2022

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 2 van 45

Inhoudsopgave Samenvatting ...............................................................................................................5 1.

Inleiding ............................................................................................................... 6

1.1 Aanleiding .............................................................................................................7 1.2 IBOR .....................................................................................................................7 1.3 Totstandkoming .....................................................................................................7 1.4 Leeswijzer............................................................................................................. 8 2.

Positie van het IBOR .............................................................................................. 9

2.1 Omgevingsvisie ..................................................................................................... 9 2.2 Vervolg IBOR ....................................................................................................... 10 2.3 Sectorale beleidsuitgangspunten ........................................................................... 12 3.

Ambities .............................................................................................................. 15

3.1 Ambities voor de openbare ruimte ......................................................................... 15 3.2 Basis op orde ........................................................................................................ 16 3.3 Betrokken samenleving ......................................................................................... 18 3.4 Toekomstbestendig .............................................................................................. 20 3.5 Inclusief ............................................................................................................... 23 3.6 Aantrekkelijk en uitnodigend ................................................................................. 25 4.

Wat beheren we?.................................................................................................. 28

4.1 Areaal.................................................................................................................. 28 4.2 Ouderdom ........................................................................................................... 29 4.3 Kwaliteit .............................................................................................................. 29 4.4 Beschikbare middelen ........................................................................................... 30 4.5 Berekende beheerkosten....................................................................................... 31 5.

Kosten beheer ...................................................................................................... 32

5.1 Beheerkosten ....................................................................................................... 32 5.2 Vervangingskosten ............................................................................................... 33 5.3 Beheerkosten m.b.t. de ambities............................................................................ 35 6.

Wat gaan we anders doen ..................................................................................... 37

6.1 Basis op orde ........................................................................................................ 37 6.2 Betrokken inwoners .............................................................................................. 39 6.3 Toekomstbestendig .............................................................................................. 40 6.4 Inclusief ............................................................................................................... 41 6.5 Aantrekkelijk en uitnodigend ................................................................................. 42

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 3 van 45

Bijlage 1 – Begrippenlijst .............................................................................................. 43 Bijlage 2 – Afschrijvingstermijnen.................................................................................. 45

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 4 van 45

Samenvatting De gemeente Duiven staat voor diverse grote (maatschappelijke) opgaven die vragen om aanpassingen in de inrichting en het beheer van de openbare ruimte. Om ze allemaal een plek te kunnen bieden moeten ze in onderlinge samenhang worden bekeken. Alleen met een integrale benadering en opgave gestuurd werken is het mogelijk om hier effectief en efficiënt uitvoering aan te geven in combinatie met de grootschalige vervangingsopgaven waar de gemeente Duiven voor staat. Het Integraal Beleidsplan Openbare ruimte (IBOR) 2023-2032 beschrijft het strategische kader voor deze integrale benadering van het beheer en de (her)inrichting van de openbare ruimte voor een periode van 10 jaar. Het IBOR borduurt voort op de omgevingsvisie. Daarnaast biedt IBOR meer ruimte voor inbreng vanuit de samenleving en vormt het de basis voor duurzaam financieel beleid. Voor het IBOR zijn 5 ambities geformuleerd die het uitgangspunt vormen voor het beheer en (her)inrichting. In navolging van dit plan wordt gewerkt aan een integraal beheerplan.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 5 van 45

1. Inleiding Het IBOR is een integraal beleidsplan over het beheer en (her)inrichting van alle openbaar toegankelijke buitenruimte. Beheer heeft betrekking op alle maatregelen en activiteiten die nodig zijn om de openbare ruimte langere periode in stand te houden. Onderhoud is een onderdeel van het beheer. Het zijn werkzaamheden die regelmatig terugkeren. Ook groot onderhoud en vervanging vallen onder beheer. Wanneer de openbare ruimte een gewijzigde inrichting of functie krijgt spreken we of herinrichting. De beheercyclus begint dan opnieuw. De afgelopen jaren heeft het beheer zich ontwikkeld van een technische, financiële aangelegenheid richting een werkveld met meer aandacht voor tevreden en betrokken gebruikers. De komende jaren vraagt het inrichten en het onderhouden van de buitenruimte om een aanpak waarbij we zo goed mogelijk proberen aan te sluiten op de veranderende vragen en wensen. Technische instandhouding, waarbij het bestaande zo goed mogelijk in stand wordt gehouden is niet meer voldoende. We hebben een belangrijke rol om de openbare ruimte en het beheer af te stemmen op nieuwe ontwikkelen en toekomstbestendig te maken.

Denk hierbij aan de noodzaak om onze gemeente meer klimaat adaptief in te richten, de noodzaak tot woningbouw en een meer (bio)diverse en groenere omgeving en een openbare ruimte die bijdraagt aan een inclusieve samenleving en uitnodigt tot een gezonde en sociale levensstijl.

Figuur 1.1: Evolutie van de beheerder

De afgelopen jaren is er veel bezuinigd op het beheer van de openbare ruimte. Deze besparingen zijn mogelijk geweest door keuzes te maken in wat we wel en niet doen en door het laten teruglopen van de kwaliteit. Eind 2020 is het rapport ‘Basis in Beeld’ opgesteld ter voorbereiding op het IBOR. Hieruit bleek onder andere dat de financiën niet meer in verhouding stonden tot het te onderhouden areaal en het kwaliteitsniveau. Inmiddels is hier extra geld voor ter beschikking gesteld. Met nieuwe ontwikkelingen is het nog belangrijker om grip te houden te houden op het areaal en het bijbehorende beheer.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 6 van 45

1.1

Aanleiding De gemeente Duiven staat voor een aantal grote maatschappelijke opgaven zoals ook in de omgevingsvisie omschreven. Denk aan opgaven als klimaatadaptatie, circulariteit, energietransitie, biodiversiteit, woningbouw, maar ook opgaven die bijdragen aan een inclusieve en gezonde samenleving. Ook bereiken door een bouwpiek in de jaren ‘80 en ‘90, veel kapitaalgoederen het einde van hun technische levensduur, waardoor vervanging noodzakelijk is. Om effectief en efficiënt aan deze opgaven te kunnen werken is integraal en opgavegestuurd werken noodzakelijk. Er is een ander beleidskader nodig.

1.2

IBOR Het Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 beschrijft het strategische kader voor de integrale aanpak van de openbare ruimte voor een periode van 10 jaar en sluit aan op de omgevingsvisie. De gemeente Duiven staat voor diverse grote opgaven. Aan de hand van vijf ambities wordt uitgewerkt op welke manier we hier de komende tien jaar invulling aan willen gaan geven. Dit strategische kader met ambities zorgt de komende 10 jaar voor een integrale benadering van de buitenruimte. Het IBOR heeft als doel effectief en efficiënt te kunnen werken aan grote opgaven als een toekomstbestendige leefomgeving en een openbare ruimte die bijdraagt aan een inclusieve samenleving en uitnodigt tot een gezonde en sociale levensstijl. Dit in combinatie met de grootschalige vervangingsopgaven waar de gemeente voor staat. Het IBOR zorgt daarnaast voor het beheersbaar houden van de aanleg en onderhoudskosten, duurzaam financieel beleid en een grotere betrokkenheid van de samenleving door hier met elkaar aan te werken. De gemeenten Duiven, Westervoort en Zevenaar werken al op verschillende terreinen samen. Ter facilitering van toekomstige samenwerkings- initiatieven en vanuit efficiency oogpunt is procesmatig samengewerkt waarbij per gemeente beleidsinhoudelijke keuzes vrij zijn gelaten.

1.3

Totstandkoming Bij de totstandkoming van het IBOR zijn inwoners, college en medewerkers van de gemeente betrokken. De inwoners zijn in verband met corona betrokken door middel van een digitale enquête. Op de enquête hebben 550 mensen gereageerd. De inwoners konden thema’s kiezen die voor hen belangrijk waren en ze konden wensen en voorkeuren meegeven met betrekking tot het beheer van de openbare ruimte, hierbij gaat het om thema’s als duurzaam materiaalgebruik, aantrekkelijkheid en levendigheid van de openbare ruimte. Daarnaast hebben er aantal werksessies plaatsgevonden, waarin kennis en input is opgehaald bij het college en bij medewerkers van de gemeente Duiven. Verschillende afdelingen en disciplines zijn hierbij aangeschoven, zoals Realisatie en Beheer (beheer van de openbare ruimte), Ruimtelijke Ontwikkeling (Omgevingsvisie), Programma Circulariteit en Klimaatadaptatie en participatiemedewerkers. De input van ambtenaren en inwoners vormt samen met de Omgevingsvisie Duiven de basis voor de vijf ambities die centraal staan in dit beleidsplan en worden uitgewerkt in hoofdstuk 3.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 7 van 45

1.4

Leeswijzer In het volgende hoofdstuk wordt de positie van het IBOR uiteengezet en wordt ingegaan op aanvullend sectoraal beleid. In hoofdstuk 3 worden de vijf ambities uitgebreid uiteengezet. In hoofdstuk 4 geven we een korte samenvatting van de belangrijkste informatie uit het rapport ‘Basis in Beeld’. Hoofdstuk 5 geeft inzicht in de kosten van het beheer van de openbare ruimte en het uitwerken van de ambities. In hoofdstuk 6 worden de belangrijkste punten uit dit IBOR samengevat. In bijlage 1 is een begrippenlijst opgenomen te onderbouwing van de diverse genoemde begrippen en bijlage 2 toont een overzicht uit de nota afschrijvingsbeleid.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 8 van 45

2. Positie van het IBOR Dit beleidsplan borduurt verder op de ‘Omgevingsvisie Duiven’ en vervangt het huidige sectorale beleid. Het IBOR vormt daarnaast de basis voor de beheerplannen en de verdere uitwerking hiervan. In dit hoofdstuk staat weergegeven waar welk plan over gaat en wat de relatie tot elkaar is.

2.1

Omgevingsvisie De omgevingsvisie beschrijft de gewenste toekomst voor onze leefomgeving op de middellange en lange termijn (tot 2040). Het is daarmee een weergave van de vraag: wat voor gemeente willen we zijn? Concreet betekent dit een samenhangend, allesomvattend en integraal document voor alle onderwerpen in de fysieke leefomgeving waarin de ambities en doelen worden beschreven. In onderstaand schema staan de thema’s weergegeven uit de omgevingsvisie. Aan veel van deze thema’s kan het beheer van de openbare ruimte een belangrijke bijdrage leveren. De omgevingsvisie heeft een bredere blik dan dit beleidsplan. De verschillende ambities/thema’s uit dit plan komen zodoende niet letterlijk overeen, maar sluiten hier wel op aan.

Figuur 2.1: Omgevingsvisie Duiven - veel raakvlakken met de openbare ruimte

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 9 van 45

Het IBOR vormt op haar beurt de basis voor andere onderdelen binnen de beleids-/ en uitvoeringscyclus. Net als de omgevingsvisie is het IBOR een richtinggevend stuk op strategisch niveau (beleid) waarin de visie/missie voor de gemeentelijke buitenruimte uiteen wordt gezet voor een periode van 10 jaar. Figuur 2.2 geeft een overzicht van de gehele beleids-/ uitvoeringscyclus voor het beheer van de openbare ruimte.

Figuur 2.2: Beleids-/uitvoeringscyclus beheer openbare ruimte.

2.2

Vervolg IBOR In navolging van dit IBOR werken we naar het opstellen van een integraal beheerplan. Deze kijkt vooruit over een termijn van ongeveer vijf jaar. Naar verwachting worden deze in 2023 vastgesteld door het college. Het integrale beheerplan is de tactische vertaling van het beleidsplan naar toepasbare kaders, werkwijzen en processen om opgavegestuurd en integraal te werken aan het beheer van de openbare ruimte. Het beheerplan wordt o.a. voorzien van een afwegingskader, meerjarenplanning, concretisering en differentiatie van beheerniveaus en uitwerking van de participatiekaders. De meerjarenplanning volgt uit de vervangingsbehoefte, een wijkscan (hittestress/ groen/ natuur/ wonen/ inclusiviteit etc.) en een afwegingskader dat onderdeel is van het integraal beheerplan. Aan de hand hiervan worden wijkuitvoeringsplannen opgesteld. Dit is een concretisering van het beheerplan en beschrijft wat er in een wijk gaat gebeuren. Het plan beschrijft voor één of meerdere buurten of wijken hoe het beheer wordt uitgevoerd en welke maatregelen nodig zijn om tot de gewenste situatie te komen. De diverse participatie- en communicatieplannen volgen uit de diverse (vervangings-) projecten en krijgen daar zodoende een plek. Figuur 2.3 geeft een overzicht van de plannen in relatie tot elkaar.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 10 van 45

Bij de uitwerking van de opgaven en ambities werken we gemeentebreed samen. Zo moeten alle disciplines zo vroeg mogelijk betrokken worden bij nieuwe ontwikkelingen en het beheer hiervan. Om effectief te werken en de aanleg en onderhoudskosten beheersbaar te houden, moet werk met werk worden gemaakt. Ook kijken we waar zaken elkaar kunnen versterken en hoe oplossingen kunnen bijdragen aan meerdere doelen.

Figuur 2.3: Schema samenhang diverse plannen voor de openbare ruimte

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 11 van 45

2.3

Sectorale beleidsuitgangspunten Het beleid over het beheer van de openbare ruimte bestond uit een aantal sectorale beleidsstukken, deze komen deels na vaststelling van het IBOR te vervallen. Daarnaast zijn er een aantal gerelateerde sectorale beleidsstukken. Het IBOR vormt ook hiervoor het overkoepelend integrale kader. Ter aanvulling is er waar nodig een toelichting gegeven op de sectorale kaders. Vervallen beleidsstukken Sector/ vakgroep Beleidsplan Groen: Groenbeleidsplan Gemeente Duiven 2004-2013 Wegen Beleidsplan onderhoud verhardingen - Verantwoord op weg. Kunstwerken Beleids- en beheerplan kunstwerken Verlichting Beleidsplan Openbare Verlichting Gemeente Duiven 2012 – 2017 Gerelateerde beleidsstukken Sector/ vakgroep Beleidsplan Verkeer Mobiliteitsplan Duiven 2016-2026 Water Watertakenplan De Liemers – integraal beleidsplan voor stedelijk water, riolering en zuivering De Liemers Groen Landschapsontwikkelingsplan Duiven 2014 Honden Hondenbeleid (visie en uitvoeringsprogramma 2008-2011 Spelen Burgervisie op ontmoeten, sporten, bewegen en spelen

Groen Het uitvoeringskader voor het kappen van bomen staat los van het IBOR. Binnen het proces van het IBOR is uitgegaan dat de bestaande standpunten ten aanzien van kapbeleid ongewijzigd blijven. Binnen het proces van het IBOR zijn er ook geen aanleidingen ontstaan of signalen ontvangen om deze standpunten te herzien. Er komt dus geen kapvergunningstelsel terug. Het Groenbeleidsplan 2004-2013 is een hoofdstuk opgenomen over bomenbeleid. Het IBOR geeft nieuwe beleidsinzichten ten opzichte van de bestaande standpunten ten aanzien het kappen van bomen. Met de afschaffing van de kapvergunning in 2012 is toegevoegd extra terughoudend te zijn met het kappen van gemeentebomen. In de praktijk worden gezonde bomen niet gekapt. Bomen worden alleen gekapt als er duidelijke aantoonbare schade is, om veiligheidsredenen of als deze om zwaarder wegende belangen vanuit ruimtelijke ontwikkelingen niet behouden kunnen blijven. Soms worden ze te groot voor de locatie waar ze staan. Dit kan leiden tot onevenredige overlast, schade of inefficiënt beheer doordat de (ondergrondse) groeiplaats niet meer toereikend is. De thema’s ‘Aantrekkelijk en uitnodigend’ en ‘De basis op orde’ zoals omschreven in het IBOR laten zien dat het behouden van vooral grote bomen niet onuitputtelijk is.

In het op te stellen beheerplan wordt het uitgangspunt dan ook ‘De juiste boom op de juiste plaats’ waarbij ook het begrip ‘(onevenredige) overlast’ verder wordt uitgewerkt. Ook wordt hierin uitgewerkt hoe binnen het thema ‘Toekomstbestendig’ kan worden gewerkt aan herplant.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 12 van 45

Verlichting Het bestaande beleidsplan Openbare Verlichting 2012-2017 is tot aan de vaststelling van IBOR het geldende beleidskader. De beleidsthema’s uit het huidige plan moeten worden herijkt. Zo is de toepassing van LED bij vervanging geen afweging meer, maar is het de norm. Verder wordt er bij armatuurvervanging overal de lichtkleur warm wit toegepast waar dat eerder vaak nog neutraal wit was. De afweging hierbij was dat warm wit een betere kleurweergave (van CRI 70 naar CRI 80) geeft en de openbare ruimte zo een vriendelijkere en warmere uitstraling krijgt. Als nieuwe standaard kiezen we voor een armatuur welke een sterke(re) prijs/kwaliteit heeft. Voor zogenaamde slimme verlichting, waarbij van achter de computer de verlichting kan worden geregeld, is niet gekozen vanwege de relatief hoge kosten en het beperkte praktisch nut. De nieuw te plaatsen verlichting laat zich kenmerken als sober maar doeltreffend zodat met de huidige budgetten maximaal verled kan worden. Wegen De Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI) heeft een relatie met de openbare ruimte. De AVOI is een lokale verordening, gebaseerd op een aantal landelijke wetten: elektriciteitswet, gaswet, drinkwaterwet en telecommunicatiewet.

Tevens zijn bijvoorbeeld de lokale overeenkomsten concessie stadsverwarming (1983), Electrische voertuig laadpunten (laadpalen), commissie Burgering Nadeelcompensatie Brandkranen (2010) en aanleg glasvezel buitengebied (2019) van invloed op de openbare ruimte. Werkzaamheden aan kabels en leidingen betekenen meestal ook werkzaamheden aan de verharding. De kabels en leidingen liggen immers veelal onder de openbare verhardingen. Afstemming tussen onderhoud en aanleg van kabels en leidingen is noodzakelijk. Het beheerplan vormt hier de basis voor. Riool Riool maakt onderdeel uit van het IBOR, maar heeft haar eigen beleidsplan (Watertakenplan). Het Watertakenplan De Liemers (WTP) 2022-2026 is een integraal beleidsplan voor stedelijk water, riolering en zuivering voor de regio De Liemers. In het watertakenplan hebben de Liemerse waterorganisaties, gemeenten Zevenaar, Duiven en Westervoort en Waterschap Rijn en IJssel hun beleid en plannen verwoord voor hun watertaken als de gemeentelijke zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater en de waterschapstaken voor zuivering en waterhuishouding in het stedelijk gebied. In het plan staan zowel beleidskaders als uitwerkingen voor beheer en de kostendekking. Riool is vaak leidend bij renovaties en reconstructies, omdat dit ondergronds ligt. De planning zal dus in hoofdlijn leidend zijn voor de meerjarenplanning.

Verkeer Het onderdeel verkeer heeft een mobiliteitsplan (2016-2026), een parkeerbeleidsplan (20222026) en een parkeernormennota (2018-2028). Het mobiliteitsplan is een actueel verkeers- en vervoersplan; een actueel verkeersbeleidskader met een duidelijke visie op de toekomstige wegenstructuur en mobiliteitsopgaven, met bijbehorende prioritering van maatregelen. De maatregelen hebben als doel het verbeteren van de verkeersveiligheid en bereikbaarheid van de gemeente Duiven. Bij grootschalige aanpassingen aan infrastructuur wordt zo veel mogelijk aangesloten bij vervangingsopgaven vanuit Riool- of Wegbeheer. Het mobiliteitsplan wordt in 2023 voorzien van een update om ook voor de periode 2023-2033 actueel te blijven.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 13 van 45

Hondenbeleid Het IBOR vervangt het huidige hondenbeleid niet omdat het hondenbeleid over meer gaat dan het gebruik van de openbare ruimte en de voorzieningen voor honden hierin. Gezien de losloopvelden in de openbare ruimte liggen en deze openbare ruimte gebruikt wordt door mensen met honden is hier een directe link. Tijdens het opstellen van beide beleidsstukken is dan ook afstemming geweest. Het beheer van de voorzieningen voor honden wordt verder meegenomen in de op te stellen beheerplannen na vaststelling van het IBOR. Alle regels rondom honden, vloeiend uit het beleid zijn opgenomen in de Algemene plaatselijke verordening (Apv.) In de gemeente Duiven is het Hondenbeleid in 2011 herzien. Dit beleid is door de raad vastgesteld voor de periode 2012-2015. Gezien er daarna geen ambitie was om het beleid te herzien was dit tot 2022 vigerend. Gelijktijdig met het opstellen van het IBOR loopt het proces over het hondenbeleid. Vaststelling zal naar alle waarschijnlijkheid in dezelfde periode plaatsvinden. Speelbeleid Het huidige speelbeleid (BOSS) voorziet niet in een visie met betrekking tot de langdurige instandhouding van speelplekken. Er wordt niet automatisch overgegaan tot vervanging van speeltoestellen, maar betreft een uitsterfconstructie tenzij de samenleving hierin initiatief neemt. Het beleid geeft wel ruimte aan ad-hoc initiatieven vanuit de samenleving.

Echter zijn hiervoor beperkte structurele middelen beschikbaar en dient de financiering met name binnen het initiatief geregeld te worden. Bij de leefbaarheid van een wijk vormt spelen ook een onderdeel. Dit komt terug in de wijkuitvoeringsplannen.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 14 van 45

3. Ambities De gemeente Duiven streeft, zoals in de omgevingsvisie geformuleerd, naar het behouden en versterken van een gezonde, veilige, vitale, duurzame, leefbare en aantrekkelijke leefomgeving. Voor nu én voor de toekomst. Voor het IBOR zijn 5 ambities geformuleerd gericht op het beheer en de inrichting van de openbare ruimte. Het zijn uitgangspunten en doelen om samen integraal te werken aan een prettige en toekomstbestendige leefomgeving. In dit hoofdstuk zijn deze ambities uiteengezet en zijn voorzien van voorbeelden waarmee we stappen kunnen zetten richting deze ambitie. De benoemde voorbeelden zijn niet uitputtend en kunnen gedurende de looptijd van het IBOR wordt uitgebreid in de lijn van de vastgestelde ambities. Aan het eind van iedere paragraaf is een tekstblok opgenomen met een indicatie over wat er nodig is qua financiën en organisatie om invulling te kunnen geven aan de ambitie. Hoofdstuk 6, ‘Wat gaan we anders doen’ geeft hier ook invulling aan.

3.1

Ambities voor de openbare ruimte De eerste ambitie, de basis op orde, vormt een overkoepelende ambitie en basisvoorwaarde. Vanuit hier werken we aan de vier andere ambities, deze volgen uit de gekozen aanpak uit paragraaf 1.3. De verschillende ambities zijn in de lijn met de thema’s uit de omgevingsvisie, maar komen niet letterlijk overeen. 1. De basis op orde. Over hoe we de komende tien jaar de basis op orde houden (zie paragraaf 3.2); 2. Betrokken samenleving. Over de wijze waarop we de samenleving willen betrekken bij de openbare ruimte en het beheer (zie paragraaf 3.3); 3. Toekomst bestendig. Over hoe we proactief via beheer kunnen bijdragen aan de opgaven rond klimaat, biodiversiteit en duurzaamheid (paragraaf 3.4); 4. Inclusief. Over hoe het beheer kan bijdragen aan een inclusieve samenleving met een goed toegankelijke openbare ruimte (zie paragraaf 3.5); 5. Aantrekkelijk en uitnodigend. Over hoe we via de openbare ruimte sociaal gedrag kunnen stimuleren en het ontmoeten en verblijven in de openbare ruimte kunnen faciliteren (zie paragraaf 3.6).

Figuur 3.1: De vijf centrale ambities van het IBOR 2022-2031

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 15 van 45

3.2

Basis op orde Om te kunnen inspelen op de maatschappelijke opgaven die centraal staan in de andere ambities moet de basis op orde zijn, zowel buiten op straat als binnen in de organisatie. Het realiseren van deze ambitie gaat dus over het proces van het beheer van de openbare ruimte en over de interne organisatie van de beheerafdeling binnen de gemeente Duiven. Het beheer van de openbare ruimte moet professioneel georganiseerd zijn. We streven naar een efficiënte aanpak. Concrete zaken die bijdragen aan deze professionalisering en efficiëntieslag worden hierna beschreven. Data op orde Het ideaal beeld is dat onze data actueel is en op orde blijft. Als de data (areaal, ouderdom, kwaliteit, etc) op orde is kunnen we gefundeerde keuzes maken op beheer- en beleidsniveau. We zijn dan in staat om eenvoudig informatie uit de gestructureerde data te halen en inzicht te creëren binnen de beheerafdeling, naar de rest van de organisatie en naar aannemer die werken in onze openbare ruimte. Data op orde geeft rust binnen het beheerproces, de afdeling en de organisatie. Doorlopend moet er proces komen waarin de gegevens periodiek herijken. Arealen worden jaarlijks geüpdatet en de financiële consequenties doorvertaald in de begroting. Ook financieel gezien moet er grip zijn. We hebben de actuele gegevens beschikbaar.

Dit past ook binnen het landelijk programma ‘Digitalisering Overheden’ waarin gewerkt wordt aan de digitale capabiliteit van overheden. We gaan daarnaast de meldingen van onze inwoners actiever als big data gebruiken bij de voorbereiding van zowel dagelijks, als groot onderhoud. We analyseren de meldingen en combineren de resultaten hiervan met technische inspecties. Op basis van de analyses herzien we onze onderhoudsplanningen en kiezen we welke delen en aspecten van de gemeente prioriteit moeten krijgen. De beheerder speelt bij de analyse een belangrijke rol, omdat deze zijn of haar expertise kan inzetten om de informatie te duiden en te prioriteren. De input van inwoners wordt actief gebruikt om keuzes te maken in combinatie met technische informatie. Integrale aanpak Bij de ‘basis op orde’ hoort ook een integrale aanpak bij het inplannen van groot onderhoud en vervanging van de openbare ruimte in tegenstelling tot de huidig meer sectorale benadering. We gaan werken met één integrale meerjarenplanning voor de vervanging en vernieuwing van de openbare ruimte, vertaald in een meerjarenbegroting opgesplitst in afzonderlijke budgetten met in achtneming van de afschrijvingstermijnen. Hiermee worden zowel de onderhoudstechnische opgaven, als de gewenste functionele verbeteringen bekostigd.

Met het integrale meerjarenplan kunnen vervangingsopgaven zo veel mogelijk tegelijkertijd worden uitgevoerd, wat zowel kostenefficiënt als tijdefficiënt is. In dit plan maken we de integrale afweging over het vertragen dan wel bewust versnellen van ingrepen in de openbare ruimte. Ook onderbouwen we welke investeringen er nodig zijn en kan een goede kosteninschatting gemaakt worden op basis van prijsinvloeden, ontwerpaanpassingen en mogelijke cofinancieringen. Ten behoeve van de meerjarenplanning stellen we een afwegingskader op, waarin staat wanneer welke disciplines en thema’s prioriteit hebben bij vervanging en vernieuwing. In een ambitieweb kan dit worden weergegeven.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 16 van 45

Figuur 3.2 Voorbeeld van een fictief ambitieweb, t.b.v. afwegingskader

Randvoorwaarden formuleren We ontwikkelen (nieuwe) instrumenten, zoals een vernieuwd digitaal handboek openbare ruimte, dat meer uitgaat van functioneel gespecificeerde richtlijnen, waarmee de doelstellingen voor het beheer en goed functioneren van openbare ruimte worden benadrukt. Ook worden hierin de andere ambities uit dit plan vertaald. Dit plan biedt de basis voor de aanleg (ook b.v. bij nieuwe ontwikkelingen), beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Procesafspraken om plannen structureel vroegtijdig te bespreken blijven essentieel. Daarnaast gaan we de consequenties voor het toekomstig beheer nog beter en vroegtijdiger meenemen bij plannen voor nieuwe openbare ruimte. We gaan daarbij uit van het ‘BOOBprincipe’, dat staat voor Beheerbewust Ontwerpen en Ontwerpbewust Beheren van de openbare ruimte . Bij de (her)inrichting van de openbare ruimte is het zaak dat de openbare ruimte eenvoudig en tegen relatief lage kosten te beheren is. Omgekeerd moet er bij een eenmaal gerealiseerd ontwerp ook aandacht zijn voor ‘ontwerpbewust beheren’. Dat betekent dat het beheer moet aansluiten bij de ontwerpgedachte (en de gewenste kwaliteit dus behouden blijft).

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 17 van 45

Investeringen activeren We zijn conform de regels van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) verplicht om de investeringen in de sfeer van vervangingen en levensverlengend onderhoud te gaan activeren en doen dit ook al. Dat wil zeggen dat de investeringen moeten worden geactiveerd en niet in één keer als last mogen worden opgenomen in de exploitatiebegroting. De kapitaallasten gaan de komende jaren wel stijgen. Dit wordt verder uitgewerkt in hoofdstuk 4.

Financiën en organisatie Bovenstaande ambities vragen vooral om veranderingen op organisatorisch niveau. De producten die uit IBOR volgen zorgen voor een goede basis. Voor de kwaliteitsanalyse is het vereist dat er gegevens beschikbaar zijn. Er moet structureel gemonitord worden op technische kwaliteit en beeldkwaliteit. Meldingen openbare ruimte (Fixi) moeten worden gebundeld en geanalyseerd. Vervolgens moeten de gegevens worden samengevoegd en samen met de beheerders geïmplementeerd worden in de beheeraanpak. Het handboek openbare ruimte moet vernieuwd worden en procesafspraken moeten worden gemaakt en gewijzigd. Ook moet de vervangingsopgave meer concreet in beeld worden gebracht en is er een nieuwe manier van werken nodig met betrekking tot de budgetten.

3.3

Betrokken samenleving We gaan de samenleving (inwoners, ondernemers, bezoekers, etc.) de ruimte geven om een bewuster onderdeel te kunnen zijn van de openbare ruimte. Het doel is dat men eigenaarschap heeft en voelt over hun eigen leefomgeving, waardoor zij graag bijdragen aan en meedenken over het onderhoud van de openbare ruimte en hun steentje bijdragen aan maatschappelijke opgaven, zoals klimaatadaptatie, het tegengaan van hittestress en gezondheid. Vertrouwen en ruimte geven aan deze partijen is daarom van groot belang. Om inwoners te betrekken bij beheer, ontwikkelingen en projecten, zetten we in op communiceren, stimuleren en enthousiasmeren in samenhang met bestaande werkwijzen. Communicatie Voor communicatie met inwoners over het beheer van de openbare ruime en de bijbehorende servicenormen gaan we meer gebruik maken van informatievoorziening op de websites en maken we duidelijke afspraken met het klantcontactcentrum (KCC) over waar informatie te vinden is en wie de inwoners te woord staat. We communiceren proactief. We vragen van inwoners om hun vragen en klachten om te zetten in ideeën en oplossingen. We zetten in op dialoog boven discussie. We zijn duidelijk en consequent in onze reacties en onderbouwen deze zorgvuldig.

Ook zetten we bij projecten in op communicatie naar inwoners en stakeholders, zodat zij weten wat er speelt en er op een laagdrempelige manier kansen voor inspraak en participatie worden aangeboden. Op deze manier kan er ook worden ingezet op belevingsgestuurd beheer, omdat er een beter beeld is van hoe de inwoners hun leefomgeving beleven en waar de knelpunten liggen.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 18 van 45

Intensivering zelfbeheer Zelfbeheer is het vrijwillig onderhouden van delen van de openbare ruimte door derden. De gemeente Duiven wil dit graag intensiveren. Om handen en voeten te geven aan het intensiveren zijn gesprekken met initiatiefnemers in Duiven gevoerd, is vergelijkend onderzoek bij andere gemeenten gedaan en is een werksessie over de randvoorwaarden voor zelfbeheer georganiseerd. Er is sturing nodig bij het selecteren van geschikte locaties voor zelfbeheer vanwege veiligheid, kapitaalvernietiging, flora en fauna, uitstraling voor ondernemers en het bijbehorend ondernemersklimaat. Ook is het een randvoorwaarde om het zelfbeheer aantrekkelijk te maken. Het plantsoen en de bodem moeten in redelijke staat zijn en bewoners moeten invloed kunnen hebben op de inrichting. Ook is het belangrijk dat er geïnvesteerd wordt in goede begeleiding vanuit de gemeente en in contractbeheer zodat er goede afspraken gemaakt worden tussen bewoners en gemeente. De gemeente werkt graag samen met bewoners aan een fijne leefomgeving. Bovenstaande betekent dat er een investeringsslag gemaakt moet worden, wil het intensiveren van zelfbeheer een kans van slagen hebben. Deze investeringsslag richt zich dus op het vergroten van de beleving bij bewoners, sociale cohesie en een specifieke plekken een verbetering van kwaliteit.

Participatie in beheerplannen Niet alleen bij de uitvoering van beheer worden bewoners meer betrokken. Ook bij het voorbereiden op de uitvoering van het beheer komt meer aandacht voor bewonersparticipatie. In de beheerplannen wordt nader ingegaan op participatie. Een aantal vragen wordt hierbij beantwoord, zodat er op die manier inzicht verkregen wordt hoe bewoners worden betrokken bij de voorbereiding van de uitvoering van het beheerplan. Deze vragen zijn:  In welke situaties gaan we in gesprek met bewoners? Zijn dat alle momenten van herinrichting, groot onderhoud, vervanging of renovatie? Of sluiten we ook iets uit?  Hoe groot is de invloed van bewoners op de uitkomst? Op welke trede van de participatieladder staan we?  Waarover gaan we precies in gesprek? En waarover niet?  Met wie gaan we in gesprek?  Hoe gaan we in gesprek?  Hoe nodigen we bewoners uit ook een rol te spelen bij de uitvoering?  Hoe koppelen we de uitkomsten terug aan de bewoners?

Financiën en organisatie Vanuit de verschillen beheeronderdelen moet door de beheerafdeling nagedacht worden over hoe participatie onderdeel kan zijn van de werkwijze van beheer. De samenwerking met het KCC moeten worden geïntensiveerd en er moet actiever ingezet worden op communicatie naar de samenleving. Voor de intensivering van het zelfbeheer zijn formatie- en materiaalkosten geraamd in de VJN 2022 en toegekend. De kosten voor het intensiveren van zelfbeheer zijn afhankelijk van de respons en de bereidheid van bewoners het zelfbeheer op te pakken. Dit wordt verder uitgewerkt in het integrale beheerplan. Vooralsnog is budget beschikbaar voor extra materiaalkosten en is er ruimte voor uitbreiding van de personele capaciteit.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 19 van 45

3.4

Toekomstbestendig Een van de belangrijkste maatschappelijke opgaven die op ons afkomt is het toekomstbestendig maken van onze leefomgeving in lijn met omgevingsvisie. We zetten in op opgavegestuurd beheer, waarmee we proactief inspelen op grote ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid en klimaat. Deze ambitie sluit aan bij de thema’s ‘een duurzaam thuis’ en ‘klaar voor de toekomst’ uit de omgevingsvisie. Daarnaast is er een programma circulaire economie opgesteld binnen de gemeente Duiven, deze bestaat uit drie samenhangende programmalijnen: Energietransitie, Klimaatadaptatie en Circulariteit1. De ambities voor alle deze programmalijnen kunnen alleen gerealiseerd worden met grote inzet en betrokkenheid van inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Klimaatadaptatie Nederland moet zich voorbereiden op de risico’s van het veranderende klimaat en hierop de omgeving aanpassen. Bij het toepassen van deze maatregelen zoeken we naar samenhang met uitwerkingen van het watertakenplan en het ‘Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie’ (lokaal DPRA, Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie). We werken aan een klimaatadaptieve omgeving door onder andere meer groen en blauw te creëren en minder steen terug te laten komen.

Overtollig water wordt zo goed mogelijk opgevangen en gebufferd door bijvoorbeeld het afkoppelen van regenwater, het bergen van (hemel)water in droge periodes en het realiseren van bergings- en infiltratievoorzieningen in versteende gebieden (figuur 3.3). We passen steeds vaker halfverharding als grasbetonstenen toe en met het aanbrengen van meer groen wordt hittestress tegen gegaan.

Figuur 3.3: Wadi in woonwijk voor het bergen van (hemel)water.

1 Doelstellingen per programmalijn zijn: Energietransitie: 95% CO2 reductie in 2050 ten opzichte van 1990 en een

CO2 neutrale elektriciteitsvoorziening in 2050. Klimaatadaptatie: Klimaatbestendig en water robuust in 2050. Circulariteit: 100% circulair in 2050

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 20 van 45

Circulariteit De gemeente Duiven heeft in november 2021 de routekaart circulaire economie vastgesteld en zich hiermee gecommitteerd aan de landelijke ambities om in 2030 50% circulair te zijn en in 2050 100%. De openbare ruimte is een belangrijke plek om de circulaire doelstellingen te behalen door bewust te kiezen voor circulaire materialen. Zo gaan grondstoffen niet verloren en wordt geld bespaard. Als gemeente hebben we een belangrijke voorbeeldfunctie en in de openbare ruimte worden veel grondstoffen toegepast. We nemen daarom circulariteit als uitgangspunt in iedere fase van het project en circulariteit bepaald mede de contractvorm van beheer en aanleg van openbare ruimte. Bij herinrichting van de openbare ruimte werken we bijvoorbeeld zoveel mogelijk met hergebruikte, gerecyclede en duurzame materialen, denk hierbij aan innovatieve asfaltmengsels voor straten, het hergebruiken van betonpuin voor wandelpaden (figuur 3.4) en de toepassing van duurzame materialen (figuur 3.5). Organisch afval, zoals snoeiafval kan hergebruikt worden als grondstof. Ook in onze samenwerking met andere partijen kunnen we circulariteit naar een hoger niveau brengen.

Figuur 3.4: Wandelpad met betonpuin

Figuur 3.5: Houten bankje

Energietransitie Duiven maakt onderdeel uit van de Regionale Energie Strategie (RES) Groene Metropool Regio Arnhem Nijmegen, draagt bij aan de energietransitie en wil in 2050 energieneutraal zijn. We nemen dit als uitgangspunt bij aanbestedingen van beheer en aanleg , zodat reductie van energie en alternatieve brandstoffen centraal staat. Aanpassingen in de openbare ruimte kunnen nodig zijn voor nieuwe ontwikkelen, denk aan de opkomst van laadpalen en slimme systemen. In het beheer en in onze projecten in de openbare ruimte wordt waar mogelijk elektrisch gewerkt. Ook zoeken we naar manieren om vanuit de openbare ruimte onze energiebehoefte te verlagen zoals het toepassen van ledverlichting en ook bewust minder te verlichten waar dat mogelijk is. Nieuwe technologische ontwikkelingen (Smart City) kunnen een bijdrage leveren aan het beheer van de openbare ruimte. Efficiëntie en bewuster keuzes maken zorgt ook voor het verlagen van de energiebehoefte.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 21 van 45

Biodiversiteit We verkennen welke kansen er liggen voor biodiversiteit en wat de kosten en baten zijn van nieuwe toepassingen. Natuur inclusief denken en vergroenen van de leefomgeving dragen bij aan meer biodiversiteit. Bijvoorbeeld door meer diversiteit aan te brengen in vegetatie en het planten van beplanting die aantrekkelijk is voor insecten (figuur 3.6), zoals bloeiende en vruchtdragende beplanting. Ook ecologisch beheer zou een van de toepassingen kunnen zijn, waarbij inheemse flora- en faunasoorten worden beschermd en worden ontwikkeld tegen hogere ecologische waarden. Een voorbeeld hiervan is het ecologisch maaien van bermen en grasvelden (figuur 3.7). Uit de bewonersenquête blijkt dat bewoners het belangrijk vinden dat er een verscheidenheid aan soorten planten, dieren en insecten in het buitengebied is. Naast groen, speelt ook openbare verlichting een rol in de biodiversiteit in de gemeente. Om bij te dragen aan een betere leefomgeving voor dieren gaan we bij de vervanging van openbare verlichting kijken of we de verlichting ook kunnen afstemmen op de aanwezige fauna. Hierbij houden we ook rekening met de sociale veiligheid.

Figuur 3.6: Bloemrijke berm voor insecten

Figuur 3.7: Ecologisch maaien

Bijdrage van de samenleving De samenleving kan ook een belangrijke rol spelen bij het creëren van een toekomstbestendige leefomgeving. Als gemeente willen we inwoners betrekken bij deze opgaven en willen we inzetten op bewustwording van het belang van groen en blauw voor klimaatadaptatie en biodiversiteit. Een campagne laat bijvoorbeeld zien dat inwoners en ondernemers ook zelf kunnen bijdragen en geven daarbij voorbeelden zoals het stimuleren van regenwateropvang op eigen terrein, meer groen in de tuin in plaats van tegels (figuur 3.8) en het onderhouden van wadi’s.

Figuur 3.8: Geveltuin: meer groen in plaats van tegels.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 22 van 45

Financiën en organisatie Om invulling te kunnen geven aan een toekomstbestendig Duiven is integraal werken essentieel. Dit vraagt om organisatorische aanpassingen. Daarnaast is er expertise nodig op gebied circulaire materialen, energiezuinige verlichting, geschikte plantensoorten in het kader van biodiversiteit en waterbergings-/ infiltratietoepassingen in het kader van klimaatadaptatie. Wat is er mogelijk en welke zijn functioneel en financieel gezien het meest geschikt? De eerste periode zal de voorbereiding van projecten meer tijd en geld kosten. Diverse maatregelen binnen de ambitie toekomstbestendig kunnen daarnaast kostenverhogend zijn. Het gaat daarbij om vervanging naar hoogwaardige materialen en extra investeringen. Ook het onderhoud kan kostenverhogend zijn doordat er b.v. meer of ander beheer nodig is. Aan de andere kant kan de aanschaf van duurzame materialen er op lange termijn voor zorgen dat er kosten worden bespaard. Duurzame materialen zijn vaak duurder in aanschaf, maar hebben een langere levensduur, waardoor ze minder snel vervangen hoeven te worden. Met een rekensystematiek gebaseerd op TCO (total costs of ownership) kunnen deze afwegingen inzichtelijk worden gemaakt. Waar dit toegevoegde waarde heeft gaan we dit toepassen.

3.5

Inclusief Duiven wil een inclusieve gemeente zijn, waar iedereen mee kan doen. Daarom is het van belang dat de openbare ruimte toegankelijk is voor iedereen. De openbare ruimte kan bijdragen aan een inclusieve samenleving, ook in de omgevingsvisie en inclusie-agenda is er expliciet aandacht voor. Iedereen moet zich zelfstandig, veilig en comfortabel kunnen bewegen, zowel ouderen, als kinderen, als mensen met een beperking (lichamelijk, verstandelijk, maar ook psychisch lijden) en moeten op een fijne en makkelijke manier gebruik kunnen maken van de openbare ruimte. Om dit te bereiken wordt er o.a. ingezet op een toegankelijke woonomgeving, het verbeteren van loop- en fietsroutes en het vergroten van de verkeersveiligheid. Toegankelijkheid vergroten Bij het ontwerp van de openbare ruimte is toegankelijkheid een voorwaarde. De inrichting van de openbare ruimte kan de zelfredzaamheid bevorderen. Zo moeten voorzieningen als winkels, openbaar vervoer, parken, speeltuinen voor iedereen goed bereikbaar zijn door middel van veilige en toegankelijke routes met voldoende rustpunten en voorzien zijn van bewegwijzering. In het handboek inrichting openbare ruimte staan toepassingen die hierop aansluiten, zoals de juiste materialisatie, afschot, etc. In het handboek wordt hier een specifieke plek voor ingericht.

Daarnaast wordt er bij reconstructies gekeken naar het optimaliseren van veel gebruikte routes. Ook is er aandacht voor onder andere de complexiteit en prikkelrijkheid van de openbare ruimte. Speeltuinen, parken en ontmoetingsplekken zijn ingericht voor iedereen, dus ook voor ouderen, mensen met een beperking (bijvoorbeeld door speciaal meubilair, zoals een rollatorbankje (figuur 3.9). Ook zaken als voldoende schaduw (figuur 3.10), zijn belangrijk.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 23 van 45

Figuur 3.9: Rollatorbankje

Figuur 3.10: Schaduwrijke speeltuin

Veiligheid Als onderdeel van een inclusieve gemeente streven we ernaar dat iedereen een veilig gevoel heeft in de gemeente. De verkeersveiligheid is al relatief hoog doordat er bijna overal binnen de bebouwde kom een 30-kilometerzone geldt. Zo zijn de wandel- en fietspaden breed genoeg en waar mogelijk vrijliggend, deze voorwaarden zijn vastgelegd in Mobiliteitsplan Duiven, ASVV en CROW-richtlijnen. Bij herinrichting van de openbare ruimte wordt ten behoeve van de veiligheid gezocht naar de ligging van wandel- en fietsroutes door meer rustige gebieden, zodat er minder conflicten ontstaan door combinatie van verschillende weggebruikers. Bij de inrichting van de openbare ruimte betekent dat ook gewenste aandacht voor onder andere complexiteit en prikkelrijkheid van de openbare ruimte. Te veel prikkels en complexiteit zorgen er voor dat niet iedereen goed gebruik kan maken van de openbare ruimte, door hier rekening te houden in het ontwerp wordt de openbare ruimte veiliger voor iedereen. Daarnaast is er extra aandacht nodig voor sociale veiligheid, zodat er ook op andere manieren een veilig en beschermd gevoel wordt gerealiseerd. Bijvoorbeeld door te reageren en acteren op meldingen en inwonersinitiatieven en door te zorgen dat er vanuit woningen of gebouwen zicht is op de openbare ruimte; het ‘ogen op de straat’ idee (figuur 3.11).

VN-verdrag Handicap Sinds 2016 geldt het VN-verdrag handicap in Nederland. Hiermee is Nederland wettelijke verplicht een inclusieve samenleving te creëren. In het verdrag staat wat er moet gebeuren om de positie van mensen met een beperking te verbeteren. Het doel is om ‘gewoon meedoen’ voor hen eenvoudiger te maken. De openbare ruimte vormt een belangrijk deel van de dagelijkse leefomgeving van alle mensen. Zowel bij de ontwerp/-inrichtingsfase als de onderhoud/-beheerfase zijn er veel mogelijkheden om de openbare ruimte toegankelijker te maken.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 24 van 45

Kansen benutten en prioriteren We werken op twee manieren aan een inclusieve samenleving. Ten eerste kijken we bij aankomende herinrichtings- en vervangingsopgaven naar welke kansen er zijn om die plekken inclusiever te maken. De verschillende wijken vragen om maatwerk wat betreft toe te passen maatregelen. Juist de input van inwoners kan worden gebruikt om een plek te maken die voor iedereen fijn is om te gebruiken en die voldoet aan de behoeftes van de inwoners. We maken ook gebruik van de kennis bij belangenorganisaties, zoals de Stichting Gehandicaptenraad Duiven, raad voor sociaal domein en de inclusiewerkgroep Duiven. Voorbeelden zijn het toepassen van speciale objecten, zoals inclusieve speeltoestellen of picknickbanken voor rolstoelen, of het egaliseren van verharding, zodat een plek beter toegankelijk wordt voor rolstoel- en rollatorgebruikers. Als tweede gaan we bij de programmering van het groot onderhoud en vervanging meer prioriteit geven aan projecten die een grote bijdrage leveren aan inclusie.

Financiën en organisatie De ambitie ‘inclusie’ is in eerste instantie een organisatorische aangelegenheid. Het vraagt om tijdig aanschuiven bij ruimtelijke ontwikkelingen, zodat al in de ontwerpfase rekening wordt gehouden met inclusieve inpassingen. In sommige gevallen is een keuze voor andere materialen of een inrichting die de veiligheid van gebruikers waarborgt al voldoende voor een inclusievere omgeving. Dit hoeft niet altijd meer te kosten, maar kan wel meer tijd kosten in de ontwerpfase, ook het betrekken van bijvoorbeeld gehandicaptenraad en inclusiewerkgroep zal meer tijd vragen. In andere gevallen zal een inclusieve inrichting wel extra kosten met zich meebrengen. Denk hierbij aan speciale speeltoestellen en rolstoelvriendelijke picknickbanken. In gevallen dat er wel een extra investering wordt gevraagd, kunnen meerkosten geminimaliseerd worden door al vroegtijdig in het proces te sturen op een inclusieve inrichting van de openbare ruimte.

3.6

Aantrekkelijk en uitnodigend De gemeente Duiven heeft als ambitie om een aantrekkelijke en uitnodigende gemeente te zijn. Deze ambitie sluit aan bij de maatschappelijke opgave rondom lichamelijke en geestelijke gezondheid en beweegvriendelijkheid. In de omgevingsvisie is een gezonde leefomgeving één van de vijf hoofdthema’s. Waardering van het groen Er zijn diverse onderzoeken gedaan naar de relatie tussen groen en gezondheid. Wie in een groene woonomgeving leeft, voelt zich bijvoorbeeld gezonder en is minder vaak ziek. Groen vermindert daarnaast stress en stimuleert ontmoeten en zorgt voor een gevarieerder spel van kinderen. Per wijk kijken we daarom naar het areaal groen ( hoeveelheid en kwaliteit) en daarnaast naar het gebruik en de waardering van de openbare ruimte. Samen met de input van het sociale domein vormt dit één van de uitgangspunten bij reconstructies en het bepalen van de ambities. Een leefomgeving die uitnodigt om naar buiten te gaan en die je positief waardeert draagt bij aan de gezondheid.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 25 van 45

Gebruik We creëren een leefomgeving waarin inwoners (en bezoekers) graag sporten, bewegen, spelen, verplaatsen en ontmoeten figuur 3.11) en hiertoe gestimuleerd worden. Een beweegvriendelijke omgeving zorgt voor een positieve invloed op de lichamelijke en geestelijke gezondheid. Zo is er veel ruimte voor de wandelaar en fietser, zijn er goede verbindingen en routes (figuur 3.12) in de kern en naar het buitengebied en geven we meer ruimte aan groen. Door in gesprek te gaan met inwoners kunnen we inspelen op deze behoeftes en daarvoor ook de juiste plekken in de openbare ruimte bepalen. Er is aandacht voor verschillende culturen en gebruiken. Voorbeelden van sociale activiteiten die we willen stimuleren zijn ontmoetingen met buren, zoals straatfeesten en buurtbarbecues, maar ook ontmoetingen op centrale plekken, speelplekken en parken. Uit bewonersenquête blijkt dat er met name behoefte is aan meer ruimte waar jongeren elkaar kunnen ontmoeten.

Figuur 3.11: Sporten in de openbare ruimte

Figuur 3.12: Wandelroute

Beleving en waardering van het groen We zetten in op beleving. De openbare ruimte dient gedurende het hele jaar aantrekkelijk en uitnodigend te zijn en moet daarnaast de samenleving inspireren. De gemeente heeft een voorbeeldfunctie. We maken het groen aantrekkelijker door meer rekening te houden met diversiteit in plantensoorten en kleuren, met name op belangrijke zichtlocaties, zoals rotondes en entrees van parken. We planten een grotere diversiteit aan planten, zorgen dat de juiste beplanting op de juiste plaats staat en zorgen dat de faciliteiten ook in de herfst en winter goed gebruikt kunnen worden en schoon zijn. Hiermee willen we een levendige gemeente met een prettige leefomgeving voor inwoners realiseren. Om de natuurbeleving te vergroten kunnen verouderde klassieke speelplaatsen vervangen worden door plekken waar ruimte is voor natuurlijk en avontuurlijk spelen (figuur 3.13) en gecombineerd worden met gevarieerde formele speelruimtes. Binnen het thema beleving is ook het eigen karakter en de (ruimtelijke) identiteit van de plekken binnen de gemeente van belang. Hierbij spelen karakteristieke plekken een belangrijke rol evenals de opbouw en het ontwerp van een wijk. Verschillen in beplanting en materiaalkeuze kunnen de identiteit versterken. Ook een hoger onderhoudsniveau kan specifieke plekken nadruk geven.

Er is ook een rol weggelegd voor kunst en cultuur in de openbare ruimte, die draagt bij aan de beleving en het karakter van de plek (figuur 3.14). Inspireren van inwoners kan door het goede voorbeeld te geven op gebied van bijvoorbeeld duurzaamheid en biodiversiteit, maar ook door meer uitleg te geven over waarom we iets doen.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 26 van 45

Uit de bewonersenquête blijkt dat bewoners het liefst gebruik maken van de buitenruimte om van de natuur te genieten, om te bewegen of te sporten en om tot rust te komen. De meeste respondenten (tweederde) geven ook aan dat ze ruimte voor groen prefereren boven ruimte voor parkeren en dat ze liever meer beplanting dan gras zien in het centrum. Groene trottoirs hebben de voorkeur boven brede in de woonwijken.

Figuur 3.13: Natuurlijke speelplek

Figuur 3.14: Kunst in de openbare ruimte

Financiën en organisatie Binnen de organisatie wordt er een beroep gedaan op de onderlinge afstemming tussen het fysieke en sociale domein. De kennis die nodig is om een aantrekkelijke en uitnodigende omgeving te creëren met identiteit, ligt bij verschillende medewerkers binnen de beheerafdeling, maar ook buiten de beheerafdeling zoals bij het sociaal domein. Met behulp van een wijkscan zal worden gekeken wat er per wijk nodig is op de diverse ambities maar ook zodat de openbaar aantrekkelijk en uitnodigend blijft en past bij de beleving van de specifieke wijk. Het plaatsen van extra objecten, zoals zitmeubilair, speel-/ sportelementen en het aanbrengen van meer diversiteit in beplanting brengt extra kosten met zich mee, zowel in aanschaf als onderhoud.

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 27 van 45

4. Wat beheren we? Om de juiste keuzes te maken over wat we doen met onze budgetten is een helder inzicht nodig in de arealen die de gemeente beheert en de beheerkosten die daarmee gemoeid zijn. Het bijlagerapport Basis in Beeld geeft gedetailleerd weer wat de gemeente Duiven in de openbare ruimte beheert en welke budgetten daarvoor beschikbaar en benodigd zijn. In dit hoofdstuk vatten we de belangrijkste informatie samen.

4.1

Areaal Met een totaal areaal van ruim 3,8 miljoen vierkante meter is er in Duiven gemiddeld 347 vierkante meter openbare ruimte per woning beschikbaar. Dat komt qua omvang overeen met het gemiddelde van veel andere Nederlandse gemeenten. Met een verhouding van 55% groen en 45% grijs (verhardingen) mag de Duivense openbare ruimte relatief groen worden genoemd, de meeste gemeente hebben een 50/50 verdeling van groen en grijs. De openbare ruimte bestaat qua oppervlakte voor het belangrijkste deel uit openbaar groen en verhardingen. De riolering is een ander groot deel van de openbare ruimte. Verder staat er in de openbare ruimte een aantal objecten zoals speeltoestellen, bomen, lichtmasten, civiele kunstwerken en overig straatmeubilair. Het Horsterpark (stichting), de sportvelden (semi-openbaar terrein) en de hondenvelden zijn niet meegenomen in het IBOR. Zie voor verdere details het Basis in Beeld-rapport, dat als bijlage geldt voor dit IBOR.

Figuur 4.1: Objecten in de openbare ruimte van Duiven

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 28 van 45

4.2

Ouderdom In de ‘Basis in Beeld’ is ook de ouderdom van het areaal in beeld gebracht. Op basis van deze cijfers blijkt dat er zich in de periode vanaf 2040 een grote vervangingsopgave zal aandienen, met name waar het gaat om verhardingen en de riolering. Als de kwaliteit ten tijde van de theoretische vervanging nog afdoende is, kan de vervanging een aantal jaar worden uitgesteld. Maar uiteindelijk zal die vervanging toch uitgevoerd moeten worden. In de komende tien jaar is de vervangingsbehoefte gemiddeld. De lichtmasten en armaturen zijn relatief ‘jong’ en hebben een beperkte vervangingsopgave. Ook voor de riolering geldt dat er de komende twintig jaar relatief weinig vervanging hoeft plaats te vinden. Verder is bijna een kwart van de speeltoestellen voorbij de voorgenomen, technische levensduur. De vervanging van groenvlakken is niet opgenomen, omdat er geen informatie beschikbaar is over het oorspronkelijke jaar van aanleg. In hoofdstuk 4 wordt de vervangingsbehoefte voor de komende jaren nader in beeld gebracht.

Figuur 4.2: Vervangingsopgave in tijdvakken van 10 jaar (in miljoenen euro).

4.3

Kwaliteit De openbare ruimte in de gemeente Duiven ligt er over het algemeen redelijk goed bij. De grafieken in figuur 4.3 geven een samenvatting. Voor meer gedetailleerde informatie wordt verwezen naar het rapport ‘Basis in Beeld’.

Figuur 4.3: Gemiddelde kwaliteit openbare ruimte gemeente Duiven

Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 | Gemeente Duiven | Pagina 29 van 45

De wegen hebben een hoge beeldkwaliteit (95% niveau A of A+). Uit de technische inspectie blijkt echter dat op 20% van de wegen schade in de vorm van scheurvorming en rafeling is waargenomen. Slechts een deel (minder dan 5% van het totaal) van deze schade wordt beoordeeld als ernstig. Wat betreft de beeldkwaliteit van het groen ligt ca. 25% van de vakken onder het B-niveau. Op deze plekken is de vitaliteit van de beplanting laag, zijn er veel kale plekken en staat er opslag in de vakken. Verder laten veel bomen een stagnerende groei zien omdat ze niet op de juiste plek staan. De civiele kunstwerken zijn goed op orde, slechts twee kunstwerken hadden tijdens de technische inspectie van 2019 een matige kwaliteit. Ten slotte zijn alle speelvoorzieningen aangemerkt als veilig.

CROW-niveaus een beeldmaatlatten De gemeente Duiven maakt in het dagelijks onderhoud van de openbare ruimte gebruik van beeldgestuurd werken op basis van de CROW-systematiek. Deze systematiek gaat uit van vijf beeldkwaliteitsniveaus A+, A, B, C, D. Niveau B wordt beschouwd als ‘basisniveau’. Bij A+ ligt de openbare ruimte er uitstekend bij en bij D-niveau is het erg rommelig of vies.

4.4

Beschikbare middelen In de begroting is per saldo circa € 4,0 miljoen beschikbaar voor de uitvoering van beheer in de openbare ruimte. Figuur 4.4 geeft de details weer. Het grootste deel van het budget zit in wegen en groen, (respectievelijk 35% en 30%). Daarnaast wordt het budget voor een groot deel bepaald door riolering (13%), straatreiniging (12%) en openbare verlichting (6%).Onderhoud als bijvoorbeeld straatreiniging en groen worden veelal integraal uitgevoerd, waardoor budgetten ook integraal moeten worden benaderd. Het beschikbare beheerbudget is ook uit te drukken per woning. Hieruit blijkt dat de gemeente Duiven gemiddeld € 375 per woning uitgeeft aan het beheer van haar openbare ruimte. In vergelijking met andere, qua omvang en situatie vergelijkbare gemeenten, is dit een redelijk gemiddeld budget. Veel vergelijkbare gemeenten stellen gemiddeld tussen de €350 en € 450 per woning beschikbaar.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duiven&id=7bd43782-b7c1-48b7-832c-47c4d316a10f