CConstaterende datDuiven
Koppel je AI →
Document · PDF

201714764-Ruimtelijke motivering Welleveldsestraat 2 Duiven (17-11-25)

Raadsavond 9 december 2025, gemeente DuivenBij agendapunt: Verzoek Adviesrecht BOPA Welleveldsestraat 2 Duiven27.241 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Ontvangstdatum : 17-11-2025 Documentnummer: D2025-00019273

RUIMTELIJKE MOTIVERING ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’ Datum: 17 november 2025 Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 1 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Colofon Titel:

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Datum: Versie: Auteur:

17 november 2025 Eindconcept N.S./J.W.

Opdrachtgever: Vrijgave:

Gemeente Duiven S.G.

Opdrachtnemer:

Pro Ruimte Modelleur 4 5171 SL Kaatsheuvel

Contactpersoon: Telefoon: Email:

R.v.d.B. 0416 759779 info@proruimte.nl

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 2 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Inhoudsopgave 1

2

3

4

5

6

Inleiding ............................................................................................................................................... 4 1.1

Aanleiding ................................................................................................................................ 4

1.2

Maatschappelijke doelen Omgevingswet ................................................................................ 5

1.3

Projectgebied ........................................................................................................................... 5

1.4

Het omgevingsplan .................................................................................................................. 7

1.5

Opzet van de motivering .......................................................................................................... 9

Planbeschrijving ............................................................................................................................... 10 2.1

Inleiding ................................................................................................................................. 10

2.2

Bestaande situatie ................................................................................................................. 10

2.3

Toekomstige situatie .............................................................................................................. 13

2.4

Strijdigheid met het omgevingsplan....................................................................................... 15

Beleid en regelgeving ....................................................................................................................... 17 3.1

Inleiding ................................................................................................................................. 17

3.2

Rijksbeleid ............................................................................................................................. 17

3.3

Provinciaal beleid................................................................................................................... 22

3.4

Regionaal beleid .................................................................................................................... 25

3.5

Gemeentelijk beleid ............................................................................................................... 25

3.6

Conclusie relevant ruimtelijk beleid ....................................................................................... 27

Omgevingsaspecten ......................................................................................................................... 28 4.1

Archeologie en cultureel erfgoed ........................................................................................... 28

4.2

Bedrijfsmatige activiteiten ...................................................................................................... 30

4.3

Duurzaamheid en klimaat ...................................................................................................... 31

4.4

Gezondheid ........................................................................................................................... 34

4.5

Landschap en stedenbouw/welstand .................................................................................... 35

4.6

Milieu ..................................................................................................................................... 36

4.7

Natuur / ecologie.................................................................................................................... 49

4.8

Water ..................................................................................................................................... 51

4.9

Wegen, verkeer en parkeren ................................................................................................. 54

4.10

Wonen ................................................................................................................................... 56

Uitvoerbaarheid ................................................................................................................................. 57 5.1

Activiteiten, regels.................................................................................................................. 57

5.2

Voorschriften / voorwaarden .................................................................................................. 57

5.3

Financiële / economische uitvoerbaarheid ............................................................................ 57

5.4

Maatschappelijke uitvoerbaarheid ......................................................................................... 57

5.5

Procedure .............................................................................................................................. 59

Conclusie evenwichtige toedeling van functies aan locaties ...................................................... 60 6.1

7

Conclusie ............................................................................................................................... 60

Voorstel voor het opnemen van het initiatief in het omgevingsplan .......................................... 61

Bijlagen ........................................................................................................................................................... 62 Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 3 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

1 Inleiding 1.1

Aanleiding

De Russische invasie van Oekraïne begon op 24 februari 2022. De invasie veroorzaakte Europa's grootste ontheemden crisis sinds de Tweede Wereldoorlog. Om de ontheemden stroom naar Nederland in goede banen te leiden heeft het Rijk in 2022 de Veiligheidsregio’s de opdracht gegeven om 50.000 opvangplekken voor Oekraïense ontheemden te realiseren. Dit aantal is sindsdien met een aantal inspanningsverplichting opgehoogd tot 120.000 benodigde opvangplekken per 1 januari 2025. En per 1 juli 2025 verlaagd naar 109.000. De Rijksoverheid bepaalt hoeveel mensen uit Oekraïne iedere gemeente moet opvangen. Niet uit te sluiten is dat het Rijk de taakstelling weer verhoogd omdat 99,9% van de landelijk beschikbare opvangcapaciteit vol zit. De gemeente Duiven heeft per 1 januari 2025 vanuit het Rijk een taakstelling gekregen voor 182 gemeentelijke opvangplekken voor Oekraïense ontheemden. De taakstelling is per 1 juli 2025 verlaagd naar 161 opvangplekken, bestaande uit een resultaatsverplichting van 90 en een cumulatieve inspanningsverplichting van 71. Het college van burgemeester en wethouders heeft op 11 maart 2025 besloten om ook na deze datum aan de inspanningsverplichting te willen blijven voldoen. Op dit moment is deze taakstelling echter nog niet duurzaam gerealiseerd. Momenteel zijn er in de gemeente Duiven 192 opvangplekken verspreid over 5 locaties.

Zo wordt voorzien in de meest dringende levensbehoeften van ontheemden zoals huisvesting, onderwijs, werk, levensonderhoud en andere hulp (-goederen). Door de lang aanhoudende oorlog blijven mensen uit Oekraïne hulp nodig hebben.

De locaties de Wereldwijzer en de Groene Ring Noord dienen op korte termijn plaats te maken voor (sociale) woningbouw. Deze locaties sluiten hierom eind februari 2026 en eind maart 2026 voorgoed hun deuren. Daarom is voor nagenoeg de gehele taakstelling een nieuwe locatie nodig. Ook sluit eind 2026 in verband met de doortrekking van A15 de kleinschalige locatie aan Den Oldenhoek. Gezien de herontwikkeling van de Groene Ring Noord stopt ook de Boomgaard. Deze locatie is in eigendom van de KerkvoorNu en aan de Groene Ring Noord gekoppeld. Hierom moet voor 178 opvangplekken een nieuwe locatie komen. De gemeente Duiven wil dan meteen een meer duurzame opvanglocatie, dat wil zeggen meer zelfstandige woonruimte voor de bewoners dan in de huidige noodopvang en voor een langere periode. Het college van de gemeente Duiven heeft op 16 september 2025 besloten om op de percelen rond het erf Welleveldsestraat 2, 6921 AZ te Duiven de gemeentelijke taakstelling te faciliteren. Het collegebesluit is als bijlage 1 opgenomen in deze ruimtelijke motivering.

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 4 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

De gemeente heeft in de toekomst grootschalige woningbouw op deze percelen voor ogen. Zover is het nog niet in verband met de noodzakelijke besluitvorming, onderzoeken en procedures. Tot die tijd wenst de gemeente een andere maatschappelijke bestemming voor de percelen in de vorm van gemeentelijke opvang van Oekraïense ontheemden te realiseren voor 178 personen. Hiertoe worden 48 prefab-gefabriceerde verplaatsbare woningen geplaatst in vier blokken bestaande uit twee bouwlagen met daarbij behorende voorzieningen onder meer ten behoeve van de ontsluiting, het parkeren (auto’s en fietsen), de tijdelijke energievoorziening en afvalinzameling. De gemeentelijke opdracht is om zo snel als mogelijk voor vervangende opvang te zorgen. Bij voorkeur centraal en duurzaam. Met centraal wordt centraal gelegen en niet verspreid bedoeld. En met duurzaam wordt duurzaam in tijd en ook wat betreft aanleggen en bouwen bedoeld. Het omgevingsplan van gemeente Duiven biedt voor het projectgebied aan de Welleveldsestraat 2 geen mogelijkheden om de gewenste activiteiten en bebouwing rechtstreeks te realiseren. Om het voornemen mogelijk te maken, kan een omgevingsvergunning worden verleend voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA).

Hiervoor moet op basis van artikel 8.0 lid 2 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) worden aangetoond dat de BOPA in overeenstemming is met een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Voorliggende motivering voorziet hierin.

1.2

Maatschappelijke doelen Omgevingswet

De Omgevingswet draait om het bereiken van een balans tussen het beschermen en het benutten van de fysieke leefomgeving. Dit komt tot uitdrukking in de maatschappelijke doelen die in artikel 1.3 van de Omgevingswet zijn opgenomen. Artikel 1.3 Omgevingswet In artikel 1.3 van de Omgevingswet zijn de maatschappelijke doelen van de wet als volgt geformuleerd: Deze wet is, met het oog op duurzame ontwikkeling, de bewoonbaarheid van het land, en bescherming en verbetering van het leefmilieu, gericht op het in onderlinge samenhang: a. bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit, ook vanwege de intrinsieke waarde van de natuur, en b. doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften.

1.3

Projectgebied

De beoogde locatie betreft drie aaneengesloten percelen tussen de Welleveldsestraat en de spoorlijn ArnhemZevenaar, bestaande uit agrarische gronden met in het midden een voormalig agrarisch erf met woning en bijgebouwen behorende bij het adres Welleveldsestraat 2 te Duiven. Daarnaast worden twee percelen (nummers 182 en 1325) gedeeltelijk gebruikt. De woning aan de Welleveldsestraat 2 heeft een oppervlakte van 236 m² en bouwjaar 1926. Het vervallen woonhuis met bijgebouwen is inmiddels gesloopt. De Welleveldsestraat betreft grotendeels een fietspad, met een toerit voor autoverkeer naar het bestaande erf via de Visserlaan. De gehele locatie is kadastraal bekend als gemeente Duiven, sectie G, met nummers 182 (gedeeltelijk) 870, 871, 876 en 1325 (gedeeltelijk).

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 5 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Ligging projectgebied binnen de gemeente Duiven (bron: PDOK)

De percelen grenzen aan de noordoostzijde aan de Welleveldsestraat met daarachter een groenstrook en de Visserlaan. Aan de noordzijde van de Visserlaan liggen de woonwijken van Duiven West. De Visserlaan vormt de wijkontsluitingsweg voor de zuidelijke woonbuurten van Duiven West. De zuidwestzijde van de percelen grenst aan de spoorlijn Arnhem-Zevenaar. Ten zuiden van de spoorlijn ligt een smalle strook met grote vrijstaande woningen en diverse voorzieningen, ten zuiden van deze strook liggen de woonwijken Planetenbuurt en Muziekbuurt. Aan de noordwestzijde zijn twee agrarische percelen gelegen (nummers 927 en 928). De zuidoostzijde grenst aan het terrein van een clubgebouw van verschillende verenigingen in de cultuur- en sportsector. Onderstaande percelen maken deel uit van het projectgebied: Eigenaar Kadastraal Grootte (m2) Gemeente Duiven G 182 875* Gemeente Duiven G 870 4.750 Gemeente Duiven G 876 6.905 Gemeente Duiven G 871 5.280 Gemeente Duiven G 1325 1.270* *betreft het gedeelte van het perceel dat binnen het projectgebied valt

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 6 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Begrenzing projectgebied gearceerd, ten noordwesten omlijn aangrenzende agrarische percelen (bron: PDOK)

1.4

Het omgevingsplan

1.4.1

Huidige regels omgevingsplan

Voor de betreffende percelen binnen het projectgebied is het omgevingsplan van gemeente Duiven van toepassing. Binnen het omgevingsplan zijn voor deze locatie de regels van het tijdelijk deel van het omgevingsplan van kracht (het voormalig bestemmingsplan ‘Duiven-Zuid’). Percelen 876 en 871 kennen drie enkelbestemmingen: Wonen, Tuin en Agrarisch. Alleen in perceel 876, behorende bij adres Welleveldsestraat 2, is een bouwvlak opgenomen. De maximale bouwhoogte is hiervoor 10 meter en de maximale goothoogte is 3 meter. Ter plaatse mag uitsluitend vrijstaand worden gebouwd. Perceel 870 heeft hoofdzakelijk de bestemming Groen, met een klein gedeelte Verkeer, waar de Visserlaan het perceel kruist. Tot slot is het gedeelte van het perceel 1325 dat gebruikt zal worden volledig bestemd als ‘Groen’. Zie ook onderstaande afbeelding ‘Geldend planologisch kader ter plekke van Welleveldsestraat 2, Duiven’.

Geldend planologisch kader Welleveldsestraat 2, Duiven (projectgebied rood omlijnd) (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 7 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

De op de locatie van kracht zijnde bestemmingen staan het volgende gebruik van de gronden toe: •

Agrarisch (grootste gedeelte van het projectgebied): o De voor Agrarisch aangewezen gronden zijn bestemd voor de uitoefening van een agrarisch bedrijf; o Tevens zijn de gronden bestemd voor: ▪ Extensieve (dag)recreatie; ▪ Watergangen ten behoeve van de waterhuishouding. o Met bijbehorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wegen en paden, water en voorzieningen voor de waterhuishouding, tuinen en erven.

•

Wonen (ter plaatse van het bestaande erf Welleveldsestraat 2): o Het bestaande aantal woningen ter plaatse van de aanduiding vrijstaand (uitsluitend vrijstaande woningen); o Aan huis verbonden beroepen; o Met bijbehorende gebouwen, bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tuinen en erven.

•

Tuin (voorzijde van het bestaande erf Welleveldsestraat 2): o Bestemd voor tuinen bij de op de aangrenzende gronden gelegen woningen, met bijbehorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

•

Groen (ter plaatse van de percelen 870 en 1325): o Groenvoorzieningen, bermen en beplanting; o Paden, speelvoorzieningen, water en voorzieningen voor de waterhuishouding; o Met bijbehorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wegen en verhardingen, parkeervoorzieningen en onbebouwde gronden, en met inachtneming van de keur van het waterschap.

Op 31 mei 2009 is daarnaast het ‘Bestemmingsplan Archeologie’ vastgesteld. Aangezien dit plan dateert van vóór het bestemmingsplan ‘Duiven-Zuid’ zijn strikt genomen de regels uit het meest recente plan van kracht. Hierin ontbreekt echter een archeologische dubbelbestemming. Derhalve wordt voor deze regeling toch nog teruggegrepen op het voorheen geldende bestemmingsplan. Vanuit het Bestemmingsplan Archeologie geldt voor het projectgebied een lage archeologische verwachting met onderzoeksplicht bij bodemverstoringen groter dan 10.000 m2 en dieper dan 0,5 meter. Tot slot zijn de parapluplannen ‘Parkeren Duiven’ (vastgesteld 18 april 2023) en ‘archeologie en afwijkingsregels Duiven’ (vastgesteld 23 april 2024) van toepassing. Deze plannen bevatten algemene regels ten aanzien van parkeernormen, afwijkingsmogelijkheden op basis van de voormalige ‘kruimelgevallenregeling' en vrijstellingen van omgevingsvergunningplichten voor werkzaamheden in het kader van archeologisch onderzoek.

1.4.2

Omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit

De omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) voor dit initiatief ziet toe op het realiseren van 48 verplaatsbare woningen ten behoeve van de opvang van de gemeentelijke taakstelling voor Oekraïense ontheemden die reeds woonachtig zijn binnen gemeente Duiven. Daarnaast ziet de BOPA toe op het tijdelijk (maximaal 5 jaar) toestaan van het gebruik van het projectgebied ten behoeve van de opvang van de genoemde doelgroep. Ook de realisatie van aan deze functie ondergeschikte bouwwerken, zoals parkeerplekken, ontsluitingsroutes, straatverlichting, afval en energievoorzieningen en fietsenstallingen. Voor de inrichting van het projectgebied is een stedenbouwkundig plan opgesteld, in hoofdstuk 2 van deze motivering wordt daarop nader ingegaan. Tot slot omvat de aanvraag de omgevingsplanactiviteit voor een uitweg (vanwege de beoogde aanpassingen aan de bestaande inrit aan de Welleveldsestraat 2).

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 8 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

1.4.3

Procedure

Middels een omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) kan het voornemen voor een tijdelijke nieuwe opvanglocatie voor de in de gemeente woonachtige Oekraïense ontheemden worden gerealiseerd. De procedure voor een BOPA (na indiening van de voor de aanvraag benodigde documenten) verloopt als volgt: • Reguliere procedure: 8 weken, met mogelijkheid tot verlenging met 6 weken; • in door het bevoegd gezag aangewezen gevallen kan de uitgebreide procedure van toepassing worden verklaard (26 weken, met mogelijkheid tot verlenging met 6 weken). De gemeente Duiven heeft op 23 november 2024 de ‘Notitie adviesrecht, verplichte participatie en delegatiebesluit 2024 Duiven’ vastgesteld. Hierin zijn gevallen aangegeven waarin de gemeenteraad bindend adviesrecht heeft ten aanzien van het al dan niet verlenen van een omgevingsvergunning voor in deze beleidsregels genoemde ruimtelijke ontwikkelingen. In deze lijst is onder meer opgenomen dat plannen bestaande uit het toevoegen van 4 of meer woningen binnen de bebouwde kom vallen onder de lijst waarvoor de raad bindend advies wil uitbrengen. Om die reden is voor de aanvraag omgevingsvergunning voor deze tijdelijke locatie bindend adviesrecht van de raad van toepassing. Dit laat onverlet dat de reguliere procedure op deze aanvraag van toepassing is.

Participatie Onder de Omgevingswet wordt het voeren van de omgevingsdialoog voorafgaand aan de planvorming van groter belang; gemeenten hebben onder de Omgevingswet meer vrijheid om eigen participatiebeleid vast te leggen en uitvoering ervan als voorwaarde aan een vergunning te verbinden. In het kader van de te doorlopen planologische procedure dient voorafgaand hieraan met bevoegd gezag afgestemd te worden op welke wijze invulling gegeven moet worden aan de omgevingsdialoog. Ook in dit geval worden plannen bestaande uit nieuwe woningen (meer dan 1 woning) aangehaald als typen ontwikkelingen waarvoor verplichte participatie geldt. Voor de realisatie van de opvanglocatie aan de Welleveldsestraat 2 is derhalve een participatieproces in het kader van de vergunningaanvraag doorlopen.

1.5

Opzet van de motivering

In hoofdstuk 2 is de planbeschrijving beschreven. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het geldende beleid dat van toepassing is op de ontwikkeling. In hoofdstuk 4 worden de omgevingsaspecten beschreven en getoetst aan geldend beleid. Hoofdstuk 5 gaat in op de procedure en de uitvoerbaarheid van de buitenplanse omgevingsplanactiviteit, zowel juridisch, maatschappelijk als economisch. In hoofdstuk 6 wordt ten slotte geconcludeerd of wordt voldaan aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 9 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

2 Planbeschrijving 2.1

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt de huidige en toekomstige situatie, inclusief het beoogde ontwerp, beschreven.

2.2

Bestaande situatie

Het projectgebied bestaat in de huidige situatie uit een voormalig agrarisch erf omringd door enkele agrarische percelen. Op het erf bevinden zich de voormalige agrarische bedrijfswoning Welleveldsestraat 2 en enkele bijgebouwen. Het vervallen woonhuis met bijgebouwen is inmiddels gesloopt. Het erf wordt ontsloten via de Welleveldsestraat, die als ventweg langs de Visserlaan ligt en direct hierop aansluit. Vanaf de Visserlaan is het erf nauwelijks zichtbaar vanwege een hoge heg en bosschages langs de Visserlaan zelf. Het erf is in eigendom van de gemeente. De woning aan de Welleveldsestraat had een oppervlakte van circa 236 m2. De bijgebouwen hadden een gezamenlijk oppervlak van circa 348 m2. De agrarische percelen werden gepacht en gebruikt ten behoeve van beweiding door paarden. Tussen deze percelen en de Visserlaan loopt de Welleveldsestraat als fiets- en wandelpad verder langs het spoor, onder het viaduct van de Westsingel door. Ten oosten grenzen de percelen aan het terrein met verenigingsgebouw voor diverse verenigingen uit Duiven. Onderstaande afbeeldingen geven de huidige situatie van het projectgebied weer.

Voormalige erf Welleveldsestraat gezien vanaf de voorzijde van het erf

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 10 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Voormalige erf Welleveldsestraat 2, gezien vanaf de Welleveldsestraat en kijkend in zuidoostelijke richting

Voormalige erf gezien vanaf de Visserlaan, kijkend in westelijke richting Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 11 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Noordwestzijde projectgebied, gezien vanaf de insteek fiets-wandelpad Welleveldsestraat

Projectgebied kijkend in zuidoostelijke richting, gezien vanaf fiets-wandelpad Welleveldsestraat Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 12 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

2.3

Toekomstige situatie

Locatiekeuze Nadat duidelijk is geworden dat een groot deel van de bestaande opvanglocaties zou gaan sluiten, is door de gemeente gezocht naar een nieuwe locatie om te kunnen voorzien in de gehele gemeentelijke taakstelling. Om tot een goede locatie te kunnen komen heeft de gemeente de volgende criteria geformuleerd: • Minimaal 3 - 5 jaar beschikbaar; • bij voorkeur een terrein van minimaal 2 hectare; • makkelijk aan te sluiten terrein op bestaande infrastructuur van verkeer, water, elektriciteit en riolering; • bij voorkeur bouwrijpe grond en in eigendom van de gemeente of snel te verwerven; • de realisatieduur bedraagt, bij voorkeur, maximaal 6 maanden; • afdoende bereikbare voorzieningen (op fietsafstand van bijvoorbeeld winkels, bij voorkeur op maximaal 2,5 kilometer) en openbaar vervoer (op loopafstand, bij voorkeur op maximaal 500 meter); • bij voorkeur een toekomstige woningbouwlocatie zodat infrastructuur later hergebruikt kan worden. In het collegebesluit van 16 september 2025 is aangegeven dat de snelheid van realisatie erg belangrijk is. Dan is een locatie waar de gemeente grondeigendom heeft en daarmee de regie randvoorwaardelijk. Daarnaast is de locatie al sinds 2003 in beeld voor stedelijke ontwikkeling en ook opgenomen in gemeentelijke verstedelijkingsplannen. Dit geldt niet voor andere locaties.

Eind 2024 heeft de gemeente een oproep gedaan of er andere locaties voor ontheemdenopvang zijn. Hieruit zijn geen nieuwe locaties naar voren gekomen. Uitgangspunten In de toekomstige situatie is de gemeente Duiven voornemens ter plekke van de in paragraaf 1.2 genoemde percelen een tijdelijke opvanglocatie voor de reeds in de gemeente woonachtige ontheemden uit Oekraïne te realiseren. Het uitgangspunt is om de gehele taakstelling van de gemeente Duiven op deze locatie op te kunnen vangen. Omdat de taakstelling aan de hand van landelijke instroomcijfers regelmatig wordt bijgestuurd, was een bandbreedte aangehouden tussen de voormalige taakstelling van 182 opvangplekken en de verlaging per 1 juli 2025 naar 161 opvangplekken. Inmiddels is duidelijk dat 178 ontheemden uit Duiven moeten worden opgevangen. In het ontwerp zijn hiervoor 48 verplaatsbare woningen opgenomen. Deze opvanglocatie wordt ingericht voor een periode van 5 jaar. Hierbij zijn de eisen voor tijdelijke sociale woningbouw conform de Product Markt Combinatie als uitgangspunt gesteld. Er wordt nu ingezet op circa 15 m2 woonoppervlak per bewoner, daar waar dit in het landelijke programma van eisen voor de noodopvang uit 2022 is vastgesteld op 5 m2 verblijfsruimte en 5 m2 slaapvertrek per bewoner.

Daarnaast dient in het ontwerp rekening gehouden te worden met diverse omgevingsfactoren: allereerst zijn er twee specifiek relevante geluidsbronnen direct grenzend aan het projectgebied waarmee rekening gehouden dient te worden, te weten de spoorlijn Arnhem-Duiven ten zuiden en de Visserlaan ten noorden. Tevens is er sprake van bestaand woongebied direct ten noorden van de Visserlaan. De eerste rij woningen in deze wijk (aan de Gabrielstraat) grenst echter met de tuinen aan de Visserlaan en dus ook aan het projectgebied. Naast deze factoren gelegen buiten het projectgebied, dient tevens rekening gehouden te worden met een tweetal leidingen die in het projectgebied zijn gelegen. Dit betreffen een warmtetransportleiding van Vattenfall (stadsverwarming) en een hoofdtransportleiding voor drinkwater van Vitens. Met de eisen omtrent de gestelde eisvoorzorgsmaatregelen voor deze leidingen is in het ontwerp rekening gehouden. Beperkingen spoor Het projectgebied maakt onderdeel uit van de spoorzone in Duiven en ligt dan ook direct langs de spoorlijn Arnhem - Zevenaar. Voor werkzaamheden direct langs het spoor geldt een omgevingsvergunningplicht waarvoor ProRail als spoorbeheerder het bevoegd gezag is. De aan te houden afstanden tot het spoor zijn afhankelijk van het type spoor: • De beschermingszone van een hoofdspoorweg op maaiveldniveau reikt tot 11 meter uit het hart van het spoor.

Deze afstand geldt, indien er meerdere sporen naast elkaar liggen, ten opzichte van het buitenste spoor. • De beschermingszone van een hoofdspoorweg op een ophoging reikt tot 6 meter vanuit de teen van het talud. Het spoor ten zuiden van het projectgebied ligt op maaiveldniveau.

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 13 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Stedenbouwkundig ontwerp Voor de inrichting van de opvanglocatie is een inrichtingsplan opgesteld. Hierbij is rekening gehouden met vereiste en gewenste afstanden tot het spoor en de binnen het projectgebied gesitueerde ondergrondse leidingen. De dichtstbijzijnde verplaatsbare woningen zijn gesitueerd op ruim 30 meter uit het spoor. Hiermee geldt dat er geen vergunning- of meldingsplicht is vanwege het werken in de beschermingszone van het spoor. De zones waarbinnen deze leidingen liggen zijn niet bebouwd. In het ontwerp vormt de locatie van het voormalige agrarische erf de basis. De aanwezige bebouwing is gesloopt, de gebouwen waren gezien de bouwkundige staat ervan niet bruikbaar voor het beoogde gebruik. Ter plaatse van het voormalige erf worden de centrale voorzieningen gerealiseerd, zoals parkeerplaatsen, de tijdelijke energievoorziening, de afvalinzameling en een opstelplek voor de hulpdiensten. Voor de ontsluiting wordt gebruikgemaakt van de bestaande inrit tot het erf. Gezien de intensivering van het gebruik wordt de aansluiting van de inrit op de Visserlaan aangepast aan de conform CROW-normen geldende eisen voor een dergelijke inrit en uitgebreid met een aparte oversteekplaats voor fietsers en voetgangers, die aansluit op het fiets- en voetpad aan de overzijde van de Visserlaan.

De aanpassing van de inrit wordt in een nader stadium verder uitgewerkt en voor de in gebruik name van de opvanglocatie gerealiseerd. Ten westen en ten oosten van het voormalige agrarische erf worden de verplaatsbare woningen gerealiseerd. Deze zijn gegroepeerd in vier woonblokken, één aan de westzijde en drie aan de oostzijde, die bestaan uit twee bouwlagen. De woonblokken staan parallel aan het spoor en de Visserlaan en worden met een pad ontsloten op het centrale plein. Het pad in oostelijke richting sluit aan op het parkeerterrein rondom het clubgebouw van de verenigingen. De entrees tot de verplaatsbare woningen en de stijgpunten met toegang tot de tweede bouwlaag zijn gericht op dit pad. Het pad is bedoeld voor de ontsluiting van de verplaatsbare woningen, maar is tevens bedoeld om de toegankelijkheid van de woonblokken voor de hulpdiensten te garanderen. De ruimte rondom de woonblokken krijgt een groene inrichting, waarbij het bestaande opgaande groen in de vorm van bomen en houtsingels zo veel mogelijk worden gehandhaafd. Een groot deel van deze ruimte is bedoeld voor de aanleg van wadi’s ten behoeve van de infiltratie van hemelwater. Direct ten oosten van het centrale plein, aan de zijde van de Visserlaan, worden speelvoorzieningen gerealiseerd. In het meest oostelijke einde van het projectgebied wordt een sportveld aangelegd. Verder wordt er een wandelpad aangelegd.

De woonblokken zijn opgebouwd uit prefab gefabriceerde units, die voldoen aan de Product Markt Combinaties (PMC) voor tijdelijke sociale woningen. Binnen de ingetekende bouwblokken worden drie verschillende types PMC toegepast, te weten PMC 12, PMC 13 en PMC 14. PMC 12 gaat uit van 3 bewoners per eenheid, PMC 13 kan 4-5 personen per eenheid huisvesten en in PMC 14 kunnen 6-7 personen wonen. In het ontwerp zijn 14 PMC 12-eenheden, 30 PMC 13-eenheden en 4 PMC 14-eenheden opgenomen. In totaal bieden de 4 woonblokken met 48 woningen opvangruimte voor maximaal 178 personen. Een van de PMC 14-eenheden is gereserveerd als kantoor voor de locatiebegeleiding en -beveiliging. De eenheden zijn geclusterd opgesteld aan weerzijden van het bestaande erf en bestaan uit rijen van twee bouwlagen. De bestaande bebouwing op het erf is volledig gesloopt en ter plaatse worden parkeervoorzieningen voor auto’s en fietsen, afvalvoorzieningen en een opstelplek voor hulpdiensten gerealiseerd. De ontsluiting van het terrein voor autoverkeer vindt plaats via de bestaande toerit naar het erf aan de Welleveldsestraat 2. Ten behoeve van de verandering van het aantal verkeersbewegingen via deze inrit wordt de ontsluiting tijdig aangepast aan de conform CROW-normen geldende eisen voor een dergelijke inrit.

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 14 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Stedenbouwkundig ontwerp tijdelijke opvanglocatie (bron: Buro Stedenbouw)

Het stedenbouwkundig ontwerp is toegevoegd als bijlage 2 bij deze ruimtelijke motivering. Onderstaande afbeeldingen geven een impressie van de toekomstige opzet en de gevels van de gebouwen die binnen het projectgebied worden gerealiseerd.

Artistieke impressie van de verplaatsbare woningen (bron: TheNewMakers)

2.4

Strijdigheid met het omgevingsplan

De voorgenomen ontwikkeling van het projectgebied tot tijdelijke opvanglocatie voor Oekraïense ontheemden is strijdig met het bestemmingsplan ‘Duiven-Zuid’, onderdeel van het tijdelijk deel van het omgevingsplan van de gemeente Duiven. Ter plaatse van de bestemming ‘Agrarisch’ is het gebruik van de gronden ten behoeve van tijdelijke opvang niet toegestaan, evenals het bebouwen van de gronden ten behoeve van deze functie.

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 15 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Daarnaast is de beoogde herinrichting van de locatie van het erf Welleveldsestraat 2 (ter plaatse gelden de bestemmingen ‘Wonen’ en ‘Tuin’) niet passend binnen de ter plekke toegestane functies. Om de beoogde ontwikkeling juridisch-planologisch mogelijk te maken, kan de gemeente Duiven een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) verlenen. Voorliggende motivering voorziet in de onderbouwing dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is met een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 16 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

3 Beleid en regelgeving 3.1

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt het plan getoetst aan het relevante beleid van Rijk, provincie en gemeente en wordt geconcludeerd of het realiseren van een tijdelijke opvanglocatie voor in de gemeente woonachtige Oekraïense ontheemden aan de Welleveldsestraat 2 te Duiven al dan niet in strijd is met beleid.

3.2

Rijksbeleid

3.2.1

Instructieregels Rijk

Hoofdstuk 5 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) bevat instructieregels voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Deze komen voort uit de beleidsdoelen van de Omgevingswet. Met zo’n instructieregel geeft het Rijk aan welke onderwerpen bij een wijziging van het omgevingsplan of het verlenen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit in ieder geval aan bod moeten komen. Er zijn drie typen instructieregels: 1. Regels die in acht moeten worden genomen; 2. Regels waar rekening mee moet worden gehouden; 3. Regels die moeten worden betrokken bij de wijziging. Hoofdstuk 5 van het Bkl bevat onder meer regels ten aanzien van onderzoeksinspanningen die voor specifieke voorgenomen activiteiten verricht dienen te worden. De betreffende onderzoeken worden in hoofdstuk 5 van deze onderbouwing aangehaald.

3.2.2

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

In de Nationale Omgevingsvisie, de NOVI, geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Met de NOVI wordt beoogd een perspectief te bieden om grote opgaven, zoals klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw aan te pakken. Hierbij is omgevingskwaliteit, een combinatie van ruimtelijke kwaliteit en milieukwaliteit, het kernbegrip. De NOVI stelt een nieuwe aanpak voor: integraal, samen met andere overheden en maatschappelijke organisaties, en met meer regie vanuit het Rijk. Centraal bij de afweging van diverse belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving, zowel van de boven- als de ondergrond, zogenaamd ‘omgevingsinclusief’ beleid. De NOVI onderscheidt daarbij drie afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; 3. Afwentelen wordt voorkomen. Het streven naar integraliteit, een belangrijk onderdeel in de NOVI, komt samen in vier verschillende prioriteiten, te weten: • Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; • duurzaam economisch groeipotentieel; • sterke en gezonde steden en regio’s; • toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

Op basis van de vier verschillende prioriteiten en de werkwijze zoals opgenomen in de drie afwegingsprincipes zijn 21 nationale belangen geformuleerd, waarmee het Rijk aangeeft waarvoor het verantwoordelijk is en waarop het resultaten wil boeken. Relevante nationale belangen voor het voorliggende planvoornemen zijn: • Bevorderen van een duurzame ontwikkeling van Nederland als geheel en van alle onderdelen van de fysieke leefomgeving; • realiseren van een goede leefomgevingskwaliteit; • waarborgen en bevorderen van een gezonde en veilige fysieke leefomgeving; • zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften.

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 17 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Het Rijk zal bij de uitvoering van de NOVI zichtbaar maken hoe de omgevingsinclusieve benadering vorm krijgt en de afwegingsprincipes benut worden. De NOVI gaat vergezeld van een Uitvoeringsagenda, waarin staat aangegeven hoe het Rijk invulling geeft aan de eigen rol bij de uitvoering van de NOVI. In de Uitvoeringsagenda is onder andere een overzicht van instrumenten en (gebiedsgerichte) programma’s op verschillende beleidsterreinen opgenomen. De Uitvoeringsagenda wordt, indien nodig, jaarlijks geactualiseerd. Toetsing Het planvoornemen doet geen afbreuk aan de beleidsdoelen uit de NOVI. Eén van de kerndoelen uit de NOVI is immers het ‘zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften’. Er bestaat een concrete behoefte aan opvanglocaties voor Oekraïense ontheemden (blijkt uit de gemeentelijke taakstellingen die het Rijk voorschrijft), waartoe met de beoogde tijdelijke opvanglocatie aan de Welleveldsestraat aangesloten wordt op dit beleidsdoel uit de NOVI.

3.2.3

Besluit kwaliteit leefomgeving

De wetgever heeft in de Omgevingswet (Ow) de besluitmogelijkheden van lagere overheden begrensd, om nationale en provinciale belangen te beschermen. In het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) staan regels over omgevingswaarden, instructieregels, beoordelingsregels en regels voor monitoring. Het Bkl geldt voor het Rijk en decentrale overheden. Het Bkl vervangt de regels van het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Hoofdstuk 8 van het Bkl bevat beoordelingsregels voor omgevingsvergunningen. Deze beoordelingsregels gelden voor omgevingsvergunningen waarvoor het Rijk de vergunningplicht bepaalt in de Omgevingswet, het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) of het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Beoordelingsregels voor omgevingsvergunningen waarvoor decentrale overheden de vergunningplicht bepalen staan in het omgevingsplan, de waterschapsverordening of de omgevingsverordening. De beoordelingsregels in het Bkl gaan over: • Algemene beoordelingsregels; • het behoeden van de staat en werking van infrastructuur; • waarborgen van de veiligheid; • beschermen van de gezondheid en van het milieu; • duurzaamheid en bruikbaarheid. In het Bkl is in artikel 8.0a lid 2 opgenomen dat een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit alleen wordt verleend met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

Artikel 8.0b, eerste lid, van het Bkl bepaalt dat bij een aanvraag om een buitenplanse omgevingsvergunning de instructieregels in hoofdstuk 5 van het Bkl, de provinciale instructieregels en eventuele instructies in het omgevingsplan het beoordelingskader vormen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Afdeling 5.1 van het Bkl stelt instructieregels voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. De instructieregels gaan over: • Algemene bepalingen; • waarborgen van de veiligheid; • beschermen van de waterbelangen; • beschermen van de gezondheid en van het milieu; • beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed; • behoud van ruimte voor toekomstige functies; • behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten; • bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen. Afdeling 5.2 van het Bkl bevat instructieregels over de uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving. Deze instructieregels gaan over: • Het voorkomen van belemmeringen voor gebruik en beheer van de hoofdspoorweginfrastructuur en van rijkswegen; Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 18 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

• • • •

lokale spoorwegen binnen vervoerregio's; lozen van industrieel afvalwater in het openbaar vuilwaterriool; bebouwingscontour jacht; bebouwingscontour houtkap.

Onderdeel

Onderdeel in Bkl

Instructieregels met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties Waarborgen van de veiligheid

Paragraaf in Bkl

• • • • • •

Veiligheid rond opslag, productie, gebruik en vervoer van gevaarlijke stoffen en windturbines Belemmeringengebied buisleiding gevaarlijke stoffen Veiligheid rond opslaan, herverpakken en bewerken van vuurwerk en pyrotechnische artikelen voor theatergebruik Veiligheid rond het bewerken en opslaan van ontplofbare stoffen voor civiel gebruik en op militaire objecten Veiligheid rond luchthavens Veiligheid van infrastructuur rond Seveso-inrichtingen

Beschermen van de waterbelangen • • • •

• • • •

[gereserveerd]

Niet relevant Niet relevant

5.1.3

4.8

[gereserveerd]

4.6.3 4.6.2 4.6.2 Niet relevant 4.6.8 Niet relevant 4.6.5 4.6.4

Niet relevant Niet relevant 3.2.4 4.1

5.1.6 Niet relevant Niet relevant Niet relevant Niet relevant

Autowegen, autosnelwegen en hoofdspoorwegen Buisleidingen van nationaal belang Project Mainportontwikkeling Rotterdam Parallelle Kaagbaan

Landsverdediging en nationale veiligheid Elektriciteitsvoorziening Rijksvaarwegen Communicatie-, navigatie- en radarapparatuur voor de burgerluchtvaart Landelijke fiets- en wandelroutes Hyperscale datacentra aanwijzing woningbouwcategorieën het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

4.6

5.1.5

Kust PKB-Waddenzee en Waddengebied Ladder voor duurzame verstedelijking Cultureel erfgoed en werelderfgoed

Behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten • • • •

4.6.6

5.1.4

Kwaliteit van de buitenlucht Geluid door activiteiten Geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen Geluid rond luchthavens Trillingen Slagschaduw van windturbines Bodemkwaliteit Geur

Behoud van ruimte voor toekomstige functies • • • •

4.6.7 Niet relevant

Niet relevant Niet relevant Niet relevant Niet relevant

Beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed • • • •

4.6.6 en 4.6.7 4.6.7

Primaire waterkeringen Kust Grote rivieren IJsselmeergebied

Beschermen van gezondheid en milieu • • • • • • • •

5.1.2

Paragraaf in deze onderbouwing

5.1.7 Niet relevant Niet relevant Niet relevant Niet relevant

5.1.8

Pagina 19 van 62

Niet relevant Niet relevant 3.5.2 Niet relevant

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Instructieregels over de uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving

Artikel in Bkl

•

5.163

4.6

5.164 5.165 5.165a 5.165b

Niet relevant Niet relevant Niet relevant Niet relevant

• • • •

Voorkomen belemmeringen gebruik en beheer hoofdspoorweginfrastructuur en rijkswegen Lokale spoorwegen binnen vervoerregio’s Lozen industrieel afvalwater in openbaar vuilwaterriool Bebouwingscontour jacht Bebouwingscontour houtkap

Toetsing Ten aanzien van artikel 5.1.6 van het Bkl (Het behoud van ruimte voor toekomstige functies) wordt opgemerkt dat ten zuiden van het projectgebied een spoorlijn ligt. Zoals aangegeven in paragraaf 2.3 ligt alle bebouwing in de toekomstige situatie buiten de beschermingszone van het spoor. Er vindt geen hinder plaats waardoor de ruimte voor het hoofdspoor in het geding komt (zoals ook vastgelegd in artikel 5.163 Bkl). Overige relevante omgevingsaspecten zijn in hoofdstuk 4 van deze motivering nader beoordeeld. Hieruit blijkt dat het plan niet in strijd is met andere onderdelen uit het Bkl.

3.2.4

Ladder voor duurzame verstedelijking

De ladder voor duurzame verstedelijking is onder de Omgevingswet opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) onder paragraaf 5.1.5.4. In de ruimtelijke motivering bij een wijzigingsbesluit van het omgevingsplan die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, moet beschreven worden dat de ontwikkeling voorziet in een behoefte. Naast wijzigingsbesluiten is deze onderbouwingsplicht van overeenkomstige toepassing voor andere planologische besluiten, zoals de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). 3.2.4.1 Wettelijk kader Artikel 5.129g van het Bkl schrijft voor dat, voor zover een omgevingsplan voorziet in een nieuwe stedelijke ontwikkeling, met het oog op het belang van zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand in het omgevingsplan rekening gehouden dient te worden met: • De behoefte aan de voorgenomen stedelijke ontwikkeling; • Als de voorgenomen stedelijke ontwikkeling is voorzien buiten het stedelijk gebied of buiten het stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van een stedelijk gebied, aangetoond is dat er geen mogelijkheden zijn voor realisatie van de voorgenomen stedelijke ontwikkeling binnen dat stedelijk gebied of stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van dat stedelijk gebied.

In artikel 5.129g van het Bkl wordt onder lid 1 het relevante begrip 'stedelijke ontwikkeling' en 'bestaand stedelijk gebied' gedefinieerd: • Stedelijke ontwikkeling: uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelvoorziening of een andere stedelijke voorziening en die voldoende substantieel is. 3.2.4.2 Uitwerking Nieuwe stedelijke ontwikkeling Alvorens de twee treden van de Ladder voor duurzame verstedelijking uit te werken, dient allereerst de vraag beantwoord te worden of het voorgenomen bouwplan te beschouwen is als een ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’. Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. Artikel 5.129g uit het Bkl geeft weliswaar aan dat er sprake dient te zijn van een ontwikkeling die voldoende substantieel is, maar geeft hierbij geen grens. In uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zijn wel lijnen uitgezet. Voor overige stedelijke functies, waartoe een tijdelijke opvanglocatie behoort, wordt conform jurisprudentie uitgegaan van een stedelijke ontwikkeling in de zin van de Ladder wanneer het een ontwikkeling met een nieuw ruimtebeslag groter dan 500 m 2 betreft. De beoogde tijdelijke opvanglocatie voor Oekraïense ontheemden overstijgt deze drempelwaarde.

Het plan dient dus beschouwd te worden als een stedelijke ontwikkeling en om die reden dient de Ladder voor duurzame verstedelijking doorlopen te worden. Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 20 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Is er behoefte aan de voorgenomen ontwikkeling? De gemeente Duiven heeft per 1 juli 2025 een taakstelling van 161 opvangplekken voor Oekraïense ontheemden. Deze taakstelling bestaat uit een resultaatsverplichting van 91 en een cumulatieve inspanningsverplichting van 71 opvangplekken. Het college van Burgemeester en Wethouders heeft op 11 maart 2025 besloten om ook na deze datum aan de inspanningsverplichting te willen blijven voldoen. Op dit moment is deze taakstelling echter nog niet duurzaam in tijd gerealiseerd. Momenteel zijn er 192 gemeentelijke opvangplekken verspreid over 5 locaties. Zo wordt voorzien in de meest dringende levensbehoeften van Oekraïense ontheemden zoals huisvesting, onderwijs, werk, levensonderhoud en andere hulp (-goederen). Door de lang aanhoudende oorlog blijven mensen uit Oekraïne hulp nodig hebben. Echter, op 1 maart 2026 moet de opvanglocatie Wereldwijzer en op 1 april 2026 de opvanglocatie Groene Ring Noord ontruimd zijn. Deze schoollocaties maken plaats voor (sociale) woningbouw. Hierom moet voor nagenoeg de gehele taakstelling een nieuwe locatie gezocht worden. Voorgaande onderstreept het feit dat er sprake is van een concrete behoefte (gezien de door het Rijk opgelegde taakstelling). Daarnaast is er sprake van een zeer urgente situatie omwille van de naderende sluiting van enkele noodopvanglocaties.

Ligt het projectgebied binnen bestaand stedelijk gebied? Het projectgebied ligt binnen de bebouwde kom van Duiven en wordt omringd door een woonwijk en spoorlijn. Het projectgebied maakt hierdoor onderdeel uit van het stedenbouwkundig samenstel van de kern Duiven. Er is daarmee sprake van een ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied. 3.2.4.3 Conclusie Geconcludeerd wordt dat het plan in overeenstemming is met de uitgangspunten van de Ladder voor duurzame verstedelijking, zoals opgenomen in artikel 5.129g uit het Bkl.

3.2.5

Naslagwerk Gemeentelijke Opvang Oekraïners (GOO)

Om gemeenten te blijven helpen bij het opzetten en beheren van opvanglocaties heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid samen met de Ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en andere partners buiten de Rijksoverheid een Naslagwerk Gemeentelijke Opvang Oekraïners (GOO) opgesteld. Deze dynamische handreiking biedt handvatten die gemeenten ondersteunen bij de organisatie en uitvoering van de GOO. Uitgangspunt is dat de GOO toegankelijk is voor alle ontheemden uit Oekraïne. De voorzieningen en rechten voor deze ontheemden dienen zoveel mogelijk gelijkwaardig te zijn aan de rechten en voorzieningen van personen die worden opgevangen via het reguliere asielproces. De handreiking beschrijft de onderdelen en aspecten die voor iedere gemeente van toepassing zijn bij de organisatie, inrichting en inzet van de GOO. Het is daarmee geen uitputtende of allesomvattende handreiking. Veel onderdelen moeten nog nader uitgewerkt worden en daarnaast zal er sprake zijn van meer gemeenteen locatie specifieke situaties, die door iedere gemeente zelf nader ingevuld moeten worden.

De handreiking zal bovendien geactualiseerd worden op basis van nieuwe informatie, beleidsontwikkelingen of reacties die komen vanuit gemeenten, veiligheidsregio’s of andere betrokken partijen. 3.2.5.1 Toetsing Voor onderhavige onderbouwing is met name paragraaf 9 ‘ADVIES OMGEVINGSPLAN EN OMGEVINGSVERGUNNING uit de huidige handreiking (versie 8.2 d.d. 14 januari 2025) van toepassing. Deze paragraaf (pagina 12) beschrijft hoe om te gaan met strijdig gebruik van het omgevingsplan. Het blijft van groot belang dat opvanglocaties in korte tijd opgezet en in gebruik genomen kunnen worden. Het college van burgemeesters en wethouders kan ervoor kiezen in deze fase niet handhavend op te treden. Met de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt het gebruik tijdelijk toegestaan.

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 21 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

3.3

Provinciaal beleid

3.3.1

Omgevingsvisie Gaaf Gelderland

Op 19 december 2018 hebben Provinciale Staten de ‘Omgevingsvisie Gaaf Gelderland’ vastgesteld. Sinds 1 maart 2019 is deze Omgevingsvisie van kracht. De kern van deze Omgevingsvisie is dat een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland voorop staat. Om dit te behouden en te bereiken worden in de omgevingsvisie drie uitgangspunten centraal gesteld: een Duurzaam, Economisch krachtig en een Verbonden Gelderland. Duurzaam Gelderland beschikt over talrijke initiatieven en kansrijke aanknopingspunten op het terrein van energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie en biodiversiteit. Gelderland maakt ruimte voor forse schaalsprongen ten behoeve van een duurzame omgeving, samenleving en economie. Daarbij wil de provincie het volgende bereiken: • Energietransitie: in 2050 is Gelderland energieneutraal. Dat wil de provincie bereiken door grootschalig besparen, opwekken uit duurzame energiebronnen en innoveren. Als tussendoel wordt ingezet op 49% CO2 reductie in 2030. • Klimaatadaptatie: in 2050 is Gelderland ingericht op het veranderde klimaat. • Circulaire economie: in 2050 is Gelderland een afvalloze provincie. Met als tussenstap 50% reductie van het gebruik van grondstoffen in 2030. Afval bestaat niet meer; er zijn alleen nog grondstoffen die blijvend hun waarde behouden. • Biodiversiteit: vanaf 2019 denkt en werkt Gelderland natuur-inclusief.

Biodiversiteit gaat verder dan de bekende natuurgebieden. Ook daarbuiten, in woonwijken, op werklocaties en bij infrastructuur wordt van biodiversiteit een kernkwaliteit gemaakt. Een krachtige economie De ‘oude’ economie van ongelimiteerde groei verandert in een economie die in balans is met haar sociale, ecologische en ruimtelijke omgeving. Nieuwe verdienmodellen en nieuwe technologieën doen hun intrede. De maakindustrie beleeft in Nederland een her- en opwaardering. Vestigingsklimaat, arbeidsmarkt, vakmanschap en kennisinfrastructuur worden steeds belangrijker. De woningmarkt in Nederland kampt enerzijds met schaarste en anderzijds met krimp. Daarnaast is er een grote opgave om bestaande bouw te verduurzamen. Gelderland heeft sterke troeven voor een internationaal onderscheidende en uiterst potentiële positie – clustering van economische activiteit, maakindustrie, logistieke kracht, sociaal ondernemen, natuur, kennis en onderwijs, ruimte, cultuur en sport en een strategische ligging. Op woongebied heeft Gelderland eveneens een uitzonderlijke positie. Door zowel te investeren in een bruisende en levendige stad als in een vitaal platteland ontstaat een symbiose waarbij beide elkaar versterken. Hierdoor gaat van Gelderland aantrekkingskracht uit. De Gelderse economie is krachtig. Deze situatie is niet vanzelfsprekend.

Duurzame werkgelegenheid en bedrijvigheid zijn cruciaal voor de economische kracht van de Gelderse regio’s. Daarnaast vraagt een goed vestigingsklimaat om hoogwaardige culturele voorzieningen. Daarbij wil de provincie het volgende bereiken: • Het uitnutten van de strategische ligging van Gelderland. De Gelderse economie kan zich verder ontwikkelen binnen de natuur- en landschapswaarden en deze dragen duurzaam bij. • Het positioneren van Gelderland als hét vestigingsgebied voor de nieuwe generatie ondernemers. Ondernemers die duurzaam ondernemen in balans met de sociale, ecologische en ruimtelijke omgeving hoog in het vaandel hebben. • Een sociaal evenwichtig vestigingsklimaat in Gelderland. Het versterken van de positie van Gelderland op het gebied van food, health en energy en andere topsectoren en stimuleren van kleinschalig ondernemerschap en innovatie, ook met oog voor ontwikkeling van lokale arbeidsmarkten. • Het verduurzamen van de bestaande gebouwde woonomgeving. Dit is noodzakelijk om steden toekomstbestendig en economisch aantrekkelijk te maken. De provincie zoekt actief naar interessante transformaties, zoals de functiemenging op bedrijventerreinen en het omzetten van kantoren naar woningen.

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 22 van 62

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Blijvend verbonden Het is van belang dat mensen andere mensen kunnen ontmoeten. Dat geldt voor mensen in steden, wijken en voor het platteland. Of het nu gaat om werk of sociale contacten, de samenleving moet voor flexibele netwerken zorgen die voor iedereen open staan en beschikbaar zijn. Naast traditionele voorzieningen als auto en OV doen nieuwe spelers en technologieën op het gebied van verbindingen en netwerken hun intrede, zoals smart mobility, zelfrijdende auto’s en deelauto’s. Ook het belang van snelle en betrouwbare data-uitwisseling neemt toe en is hier onderdeel van. De ontwikkelingen volgen elkaar snel op en zijn soms onstuimig. Het is van belang dat de relatief goede bereikbaarheid een toekomstvaste waarde voor Gelderland is. Systemen moeten meebewegen met nieuwe ontwikkelingen en deze ook faciliteren. Mobiliteit moet verder verduurzaamd worden. Daarbij wil de provincie het volgende bereiken: • Een optimale bereikbaarheid van Gelderland door onderlinge aansluiting van vervoersmogelijkheden en verplaatsingen te faciliteren. In 2050 dient de mobiliteit van Gelderland volledig duurzaam te zijn in termen van energie, klimaat, circulair en biodiversiteit. • Het creëren van slimme en duurzame oplossingen voor het verbinden van mensen, goederen en data. Daaronder wordt ook begrepen het beter benutten van bestaande infrastructuur en gedragsverandering.

De opties tussen weg, rail en water worden zorgvuldig en duurzaam afgewogen. • Het stimuleren en faciliteren van nieuwe vormen van vervoer en verplaatsing. Dit kan bijvoorbeeld door autonoom rijden. Analyse De provinciale Omgevingsvisie doet geen specifieke uitspraken met betrekking tot de voorliggende ontwikkeling. In de stedenbouwkundige uitwerking wordt rekening gehouden met de ruimtelijke, landschappelijke en groene kwaliteiten van de omgeving, waarmee recht wordt gedaan aan de locatie. De nieuwbouw in het plangebied wordt gasloos gerealiseerd. Zodoende wordt bijgedragen aan het realiseren van een duurzame en toekomstbestendige omgeving. Toetsing Het planvoornemen om een tijdelijke opvanglocatie voor ontheemden uit Oekraïne te realiseren aan de Welleveldsestraat 2 te Duiven is van groot maatschappelijk belang. Er is, zo blijkt ook uit de sinds 2022 opgevoerde taakstellingen, veel behoefte aan opvangplekken voor Oekraïense ontheemden. Met de aankomende sluiting van enkele noodopvanglocaties binnen de gemeente en het verlengen van de Europese Richtlijn Tijdelijke Bescherming (RTB) tot 4 maart 2027 zal er de komende periode behoefte blijven aan opvangplekken. De planlocatie in Duiven is goed bereikbaar en biedt bewoners van de opvang de mogelijkheid om gebruik te maken van voorzieningen in de nabijheid en sneller te participeren in de maatschappij.

Het realiseren van een tijdelijke opvanglocatie aan de Welleveldsestraat 2 sluit daarmee op verschillende punten aan op het provinciaal beleid uit de omgevingsvisie.

3.3.2

Omgevingsverordening Gelderland

Met de omgevingsverordening stelt de provincie regels aan (ruimtelijke) plannen van gemeenten. De provincie richt zich hierbij op onderwerpen die van provinciaal belang zijn, zoals verstedelijking, natuur, nationale landschappen, water en glastuinbouw. Gemeenten krijgen op sommige terreinen meer beleidsvrijheid, terwijl ze op andere gebieden te maken krijgen met strikte provinciale richtlijnen. De regels in de omgevingsverordening kunnen betrekking hebben op het hele provinciale grondgebied, delen of gebiedsgerichte thema’s. Gemeenten moeten binnen een bepaalde termijn hun omgevingsplan op deze regels afstemmen. Onderdeel

Hoofstuk in verordening

Regels over activiteiten in de leefomgeving Activiteiten met betrekking tot natuur en landschap Grondwaterbedreigende activiteiten Milieubelastende activiteiten

4 4.2 4.3 4.4

4.5 en 4.7.1 4.8 4.6

• • •

4.4.2 4.4.3 4.4.5

4.6.5 Niet relevant Niet relevant

Activiteiten op of in de bodem Activiteiten in stiltegebieden Geitenhouderij

Projectcode: P08239 Versie: Eindconcept

Pagina 23 van 62

Paragraaf in deze onderbouwing

Ruimtelijke motivering ‘GOO Welleveldsestraat 2, Duiven’

Ontgrondingsactiviteiten Beperkingengebiedactiviteiten provinciale wegen Gelegenheid bieden tot zwemmen of baden in een badwaterbassin Instructieregels omgevingsplan Natuur

4.5 4.6 4.7

Niet relevant Niet relevant Niet relevant

5 5.2

4.7.1

• • • • •

5.2.1 5.2.2 5.2.3 5.2.4 5.2.5

4.7.1 Niet relevant Niet relevant Niet relevant Niet relevant

Landschap

5.3

4.5

- Beschermen landschap Gelderse streken: Liemers

5.40

Niet relevant

Erfgoed

5.4

4.1

• • •

5.4.1 5.4.2 5.4.3

Niet relevant Niet relevant Niet relevant

Milieu

5.5

4.6 – 4.8

• • •

5.55 5.56 5.57

4.6.5 en 4.8 Niet relevant Niet relevant

5.58 5.59

Niet relevant Niet relevant

Provinciale wegen

5.6

Niet relevant

•

Oogmerk instructieregels over gebruik en instandhouding provinciale wegen Voorkomen belemmering provinciale wegen

5.60

Niet relevant

5.61

Niet relevant

Ruimtelijke inrichting, ontwikkeling van gebieden en regionale samenwerking

5.7

3.4

• • • • • • •

5.7.1 5.7.2 5.7.3 5.7.4 5.7.5 5.7.6 5.7.7

3.4.1 Niet relevant Niet relevant Niet relevant Niet relevant 4.3.2 4.3.1

• •

•

Gelders natuurnetwerk Groene ontwikkelingszone Ganzenrustgebied Weidevogelgebied Natte landnatuur

UNESCO Werelderfgoed: Hollandse Waterlinies UNESCO Werelderfgoed: Neder-Germaanse Limes Molenbiotoop Bescherming kwaliteit grondwater Omgevingsplan binnen een waterwingebied Omgevingsplan binnen een grondwaterbeschermingsgebied Verbod op rechtstreeks lozen in het grondwater Lozen van grondwater op of in de bodem

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duiven&id=c38b7dff-1141-4f35-925d-697813bd7d35