16. 201700813-Effecten van gem.herindelingen-onderzoek Zuid Hollandse herindelingen
Tekst van het document
36261
55
Zie hier een lastige paradox. De nieuwe gemeenten zijn enerzijds beter benaderbaar geworden via de website, verruimde openingstijden, eventuele servicepunten en een avondopenstelling. Tegelijkertijd staan ze op een grotere afstand van hun inwoners, soms gevoelsmatig omdat de schaal in alle opzichten is vergroot, maar vaak ook letterlijk dat de reisafstand naar het gemeentehuis is vergroot. De vraag die overblijft is of de toename van de benaderbaarheid opweegt tegen de toename van de afstand. In hoeverre heeft de herindeling gevolgen gehad voor de financiële lastendruk voor burgers? De herindelingen in Zuid-Holland hebben - gemiddeld genomen - niet geleid tot een extra verhoging van de tarieven van de afvalstoffenheffing en bouwleges. In afzonderlijke gevallen is wel degelijk sprake van een forse verhoging van beide tarieven (Zwijndrecht en Midden-Delfland), terwijl in Teylingen en Leidschendam-Voorburg sprake is van een waargenomen daling van de tarieven. In hoeverre heeft de herindeling gevolgen gehad voor het publieke voorzieningenniveau? Op de korte en middellange termijn zien we geen gevolgen voor het publieke voorzieningenniveau. We hebben voor dit onderzoek gekeken naar het aantal zwembaden en sporthallen..
Daarbij hebben we opgemerkt dat in sommige gevallen zelfs sprake is van een toename, omdat in enkele gemeenten nog vlak voor de fusiedatum een nieuwe voorziening is toegevoegd aan het gemeentelijke bestand. Het verdient de moeite om te onderzoeken wat de invloed van een herindeling op de lange termijn op het voorzieningenniveau heeft. Daarvoor was het interessant geweest om na te gaan wat het voorzieningenniveau in de huidige gemeenten Jacobswoude en Rijnwoude is, zo’n zeventien jaar na de herindeling. Helaas zijn daar vooralsnog geen cijfers van beschikbaar. Het verdient de moeite om over tien jaar nog eens de stand van de voorzieningen in de onderzochte gemeenten tegen het licht te houden. Welke gevolgen heeft de herindeling gehad voor de bestuurskracht en capaciteit van de nieuwe ambtelijke organisatie? Dit onderzoek is geen bestuurskrachtonderzoek en dus moeten we voorzichtig zijn in ons oordeel over de bestuurskracht van de nieuwe gemeenten die we hebben onderzocht. Als we het oordeel van de direct betrokkenen in de enquête mogen geloven, heeft de gemeente stevig aan bestuurskracht gewonnen. De professionaliteit van het ambtelijk apparaat is toegenomen. De nieuwe gemeentelijke organisatie slaagt er beter in om te specialiseren. De kwetsbaarheid van de gemeentelijke organisatie voor ziekte of andersoortige uitval is minder geworden.
Daarnaast zou de effectiviteit van het beleid van de gemeente zijn verbeterd. Gemeenten zijn na een herindeling beter in staat grootschalige opgaven te realiseren. De strategische denkkracht en het vermogen om grote strategische besluiten te nemen neemt ook toe. Ook bij het gemeentebestuur constateren de respondenten verbeteringen. De kwaliteit van de wethouders stijgt en de raad is beter in staat het college te controleren. De burgemeester kan zich beter focussen op één van zijn kerntaken: de portefeuille openbare orde.
36261
56
Tot slot is ook de positie van de heringedeelde gemeenten in de regio en in verhouding tot medeoverheden sterk verbeterd. Zij zijn een meer gelijkwaardige samenwerkingspartner naar buurgemeenten en de provincie en een sterkere gesprekspartner voor het Rijk. In gemeenschappelijke regelingen hebben de nieuwe gemeenten naar eigen zeggen een grotere vinger in de pap. Met betrekking tot de bestuurskracht blijven twee belangrijke aandachtspunten staan. In de eerste plaats blijkt de concurrentiepositie van de gemeenten op arbeidsmarkt niet significant te verbeteren. De verwachting was dat de nieuwe gemeenten er nu beter in zouden slagen nieuwe mensen te werven. Een grotere gemeente kan immers hogere salarissen betalen. Bovendien biedt een grotere organisatie meer carrièreperspectieven. Maar de respondenten geven aan dat die verwachting niet uitkomt. De financiële positie van heringedeelde gemeenten behoeft eveneens aandacht. Veel gemeenten rapporteren dat zij de eerste jaren na de fusie hebben te maken met forse financiële tegenvallers. Uit de enquête blijkt dat de respondenten aangeven dat in de nieuwe gemeente vaker moet worden gesproken en nagedacht over bezuinigingen in vergelijking tot de oude gemeenten. Daarvoor zijn verschillende verklaringen. De integratie van twee of meerdere ambtelijke organisaties is een ingrijpende en kostbare operatie.
Daarnaast krijgt de nieuwe gemeente al snel minder geld uit het gemeentefonds. Het fonds keert voor elke gemeente een vaste voet uit, een vast bedrag voor elke gemeente. Een fusie van drie gemeenten betekent dus een achteruitgang van drie naar één keer uitbetaling van die vaste voet. Op termijn is dat logisch: de nieuwe gemeente moet immers schaalvoordelen behalen en daarom minder kosten maken. Maar dat effect doet zich niet meteen voor, terwijl de inkomsten wel dalen. 9.2 De spagaat van een herindeling Op het eerste gezicht lijkt vrijwel iedereen beter te worden van een herindeling. De ambtelijke organisatie wordt professioneler, de bestuurders winnen aan kwaliteit, de gemeente krijgt een sterkere positie en de dienstverlening krijgt een stevige impuls. Echter, de burgers ervaren een toename van de afstand naar het gemeentebestuur. De respondenten geven aan zij verwachten dat het vertrouwen van inwoners in hun gemeente ook afneemt. De opkomstcijfers bij de lokale verkiezingen laten zien dat de betrokkenheid van de inwoners bij hun gemeente eveneens afneemt. Als we de verschillende rollen van inwoners als uitgangspunt nemen dan zouden we kunnen zeggen dat de inwoner als klant vaak wint bij een herindeling. De inwoners als rechtssubject krijgt een professionelere gemeente tegen over zich, wanneer het gaat om de handhaving en toezicht.
De inwoners als burger, democratisch participant verdient extra aandacht na een herindeling. Hier zien we een spagaat ontstaan. Bestuur en ambtelijke organisatie professionaliseren en verbeteren, maar de inwoners nemen het niet waar omdat hun interesse en betrokkenheid met de lokale politiek afnemen. Er lijkt sprake van een verschillende logica. In navolging van de WRR kan hier onderscheid worden gemaakt tussen de institutionele logica van de overheid en de vraaglogica van burgers19.
19
Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid: Vertrouwen in de buurt. Den Haag, 2005. Pag. 115 e.v.
36261
57
Je zou kunnen stellen dat volgens de institutionele logica van de overheid de gemeente in alle opzichten groeit na een herindeling. De vraaglogica van burgers waardeert andere criteria dan dienstverlening, slagkracht en positie, namelijk betrokkenheid en bereikbaarheid van bestuur en ambtelijke organisatie. De twee logica’s zijn allebei even waar; geen van de twee is fout. Maar het is wel de kunst om de logica’s samen te brengen. Nieuwe gemeenten moeten laten zien hoe inwoners gaan profiteren van de herindeling en aandacht besteden aan de onderdelen die na een herindeling om aandacht vragen. 9.3 Tot slot In het voorgaande hebben we het gemiddelde, algemene effect van de herindeling op de samengevoegde gemeenten beschreven en geanalyseerd. Een van de meest opvallende bevindingen is dat sommige gemeenten sterk hebben geprofiteerd van de herindeling. In dat verband kan worden gedacht aan de gemeente het Westland. Terwijl er bij andere gemeenten veeleer sprake is van moeizame reorganisatieprocessen en nog niet volledige beheerste financiële processen.
Wie in de verschillende de hoofdstukken de tabellen beziet waarin de waargenomen effecten van de herindeling worden uitgesplitst naar de afzonderlijke gemeenten kan zich niet aan de indruk onttrekken dat deze bestuurlijke ingreep in sommige clusters van gemeenten een grotere verbetering teweeg heeft gebracht dan in andere clusters van gemeenten. Als onderzoekers hebben wij in onze onderzoeksopzet aangegeven dat wij veronderstellen dat het succes van een herindeling voor een deel ook afhangt van het proces van voorbereiding (voorfase, besluitvormingsfase en implementatiefase) en samenhangt met het doel (uiteenlopende herindelingsmotieven) dat met de herindeling werd nagestreefd. Ook is het volgens het voorlopige hypothesekader van groot belang of er tijdens de implementatiefase sprake is van een groot draagvlak voor de in voorbereiding genomen fusie. In hoeverre deze samenhangen ook werkelijk aanwezig zijn zal worden onderzocht in de tweede fase van het onderzoek (het procesonderzoek) dat in augustus 2008 zal worden opgeleverd.
36261
58
Geraadpleegde literatuur
˜
J.M.J. Berghuis, M. Herweijer en W.J.M. Pol: Effecten van herindeling. Kluwer, Deventer, 1995.
˜
Marcel Boogers: Lokale politiek in Nederland: de logica en dynamiek van plaatselijke politiek. Lemma, Den Haag, 2007.
˜
M. Herweijer en I.M.A.M. Pröpper: Burgers in het beleidsproces, in: A. Hoogerwerf en M. Herweijer (red.), Overheidsbeleid. Achtste druk, Alphen aan den Rijn, 2008.
˜
Marintel: Afvalonderzoek Apeldoorn; een onderzoek onder 796 bewoners. Nijmegen, augustus 2007.
˜
Th. Toonen, M. van Dam e.a: Gemeenten in ontwikkeling: herindeling en kwaliteit. Uitgeverij Van Gorcum, Assen, 1996.
˜
Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid: Vertrouwen in de buurt. Den Haag, 2005.
36261
59
Bijlagen
I.
Vragenlijst effectenenquête
II.
Onderzoeksverantwoording
III.
Achtergrondinformatie afvalstoffenheffing
IV.
Benadering bouwleges
V.
Overzicht gesprekken colleges van B. en W.
VI.
Overzicht van aanwezigen achtergrondgesprekken 10 juni 2008
VII.
Overzicht van aanwezigen achtergrondgesprekken 11 juni 2008
36261
60
Bijlage I.
Effectenenquête
Vragenlijst effectmeting herindeling gemeenten provincie Zuid-Holland De Rijksuniversiteit Groningen (RuG) en Berenschot onderzoeken in opdracht van de provincie Zuid-Holland gemeentelijke herindelingen. Onderdeel van dit onderzoek is deze enquête onder alle raadsleden, colleges, gemeentesecretarissen, ORleden en MT-leden van de heringedeelde gemeenten naar de effecten van herindelingen. Omdat u tot deze doelgroep behoort, ontvangt ook u deze vragenlijst. Door de vragenlijst in te vullen helpt u de provincie Zuid-Holland inzicht te verkrijgen in de effecten van herindelingen en daarvan te leren. Invulinstructies U kunt de vragen in de enquête beantwoorden door het antwoord aan te klikken. Wanneer u alle vragen op het scherm heeft beantwoord, klik dan op 'Verder' onderaan het scherm. U komt dan vanzelf bij de volgende vraag. U kunt het invullen van de enquête onderbreken door op het kruisje in het venster bovenaan te klikken. Als u opnieuw inlogt, dan wordt u direct doorgelinkt naar de pagina waarop u was gebleven. Het invullen van de enquête neemt ongeveer 20 minuten in beslag. U heeft tot en met …………………..de gelegenheid om de enquête in te vullen. Alle antwoorden zullen vertrouwelijk en anoniem worden behandeld. Alvast hartelijk dank voor de moeite!
1. Wat was het belangrijkste, officiële doel van deze herindeling (u mag slechts één antwoordcategorie aankruisen):
£ De bestuurskracht van de kleinste samenstellende gemeente(n) te vergroten £ De financiële positie van de gemeente versterken £
Er voor te zorgen dat wij als randgemeente een meer volwaardig tegenspel kunnen bieden tegenover onze grote
£
Zorgen dat een in het verleden over meerdere gemeenten verdeeld maatschappelijk vraagstuk nu gemeenschappelijk
£
Zorgen dat een grote bouwopgave die de schaal van de voormalige, kleinere gemeente(n) te boven gaat, nu met goed
buurgemeente
vanuit één visie kan worden aangepakt
resultaat kan worden uitgevoerd
£ Zorgen dat de grootstedelijke kern de mogelijkheid krijgt om uit te breiden £ Anders, namelijk:…………. £ Er was geen officiële reden
36261
61
2. Kunt u, zoveel jaar na de herindeling, een oordeel uitspreken over de mate waarin de hierboven door u aangekruiste doelstelling reeds is bereikt
£ Doelstelling wordt – zo te zien – helemaal niet bereikt: we zitten op de verkeerde weg £ Op dit moment nog onduidelijk of doelstelling kan worden behaald, kans dat het gaat lukken is niet groot £ Het is onduidelijk of doelstelling zal worden gehaald: het kan vriezen, het kan dooien £ We zitten op de goede weg: kans is groot dat doelstelling zal worden gehaald £ We weten zeker dat de doelstelling wordt bereikt £ Doelstelling is inmiddels bereikt
3. Er volgen nu stellingen over aspecten van de gemeente als gebied die bij een herindeling mogelijk veranderen of juist gelijk blijven. Het gaat dus om de situatie in de nieuwe heringedeelde gemeente ten opzichte van de oude gemeente(n). Kunt u aangeven of de genoemde aspecten zijn afgenomen, gelijk gebleven of toegenomen? De gemeente als gebied Erg
Afgenomen
afgenomen De herkenbaarheid van de gemeente (naam, hoofdplaats) is: De fysieke afstanden naar gemeentelijke voorzieningen zijn:
Gelijk
Toegenome
Erg
gebleven
n
toegenomen
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
De grootte van maatschappelijke instellingen (thuiszorg, corporaties, schoolbesturen, stichting welzijn) is: De diversiteit in leefstijlen van de bevolkingsgroepen binnen de gemeente is: De mate waarin de kernen elkaar aanvullen op het gebied van hun economische activiteit is: Het aantal van hetzelfde type maatschappelijke instellingen (thuiszorg, corporaties, schoolbesturen, stichting welzijn) is:
36261
62
De gemeente als gebied Erg
Afgenomen
afgenomen
Gelijk
Toegenome
Erg
gebleven
n
toegenomen
Het gemak waarmee de juiste (contact)persoon binnen scholen, woningcorporaties, thuiszorg etc. te
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
pakken te krijgen is, is: De spreiding van de voorzieningen over de verschillende wijken c.q. dorpen is:
4. Kunt u nu aangeven wat u voor de gemeente als gebied in het algemeen de drie meest belangrijke aspecten vindt en wat u de drie minst belangrijke aspecten vindt? 3 Meest
3 Minst
belangrijke
belangrijke
De herkenbaarheid van de gemeente
£
£
De fysieke afstanden tot gemeentelijke voorzieningen
£
£
De omvang van de maatschappelijke instellingen
£
£
De homogeniteit in leefstijlen van de bevolking
£
£
De complementariteit van de kernen op economisch gebied
£
£
De keuze uit verschillende maatschappelijke instellingen
£
£
Het gemak waarmee contact kan worden gelegd met maatschappelijke instellingen
£
£
De spreiding van voorzieningen over wijken c.q. dorpen
£
£
36261
63
5. Er volgen nu stellingen over aspecten van het ambtelijk apparaat die bij een herindeling mogelijk veranderen of juist gelijk blijven. Het gaat dus om de situatie in de nieuwe heringedeelde gemeente ten opzichte van de oude gemeente(n). Kunt aangeven of de genoemde aspecten zijn afgenomen, gelijk gebleven of toegenomen? Ambtelijk apparaat Erg
Afgenomen
afgenomen
Gelijk
Toegenome
Erg
gebleven
n
toegenomen
De professionaliteit van het ambtelijk apparaat is:
£
£
£
£
£
De kwetsbaarheid van de ambtelijke organisatie is:
£
£
£
£
£
De kwaliteit van het personeelsbeleid bij de
£
£
£
£
£
De motivatie van het personeel is:
£
£
£
£
£
De inhuur van externen is:
£
£
£
£
£
Het aantal managementlagen is:
£
£
£
£
£
De mate van specialisatie in functies is:
£
£
£
£
£
Het gemak waarmee nieuw personeel kan worden
£
£
£
£
£
De omvang van het gemeentelijk takenpakket is:
£
£
£
£
£
Het aantal verschillende afdelingen met specifieke
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
gemeente is:
geworven is:
taken is: De tijd die we nodig hebben voor de aansturing en coördinatie van het ambtelijk apparaat is: De mate waarin de gemeente met zichzelf bezig is, naar binnen is gekeerd, is: Het contact tussen ambtenaren en individuele burgers is:
36261
64
6. Kunt u nu aangeven wat u voor het ambtelijk apparaat in het algemeen de drie meest belangrijke aspecten vindt en wat u de drie minst belangrijke aspecten vindt?
3 Meest belangrijke
3 Minst belangrijke
De professionaliteit van het ambtelijk apparaat
£
£
Dat medewerkers elkaars taken overnemen (dat organisatie niet kwetsbaar is
£
£
De kwaliteit van het personeelsbeleid
£
£
De motivatie van het personeel
£
£
Het niet afhankelijk zijn van externen
£
£
Korte lijnen in de organisatie
£
£
Kunnen beschikken over specialisten in eigen huis
£
£
Het gemak waarmee nieuw personeel kan worden geworven
£
£
De omvang van het gemeentelijk takenpakket
£
£
Kunnen beschikken over gespecialiseerde afdelingen
£
£
Snelle en efficiënte afstemming tussen de verschillende afdelingen
£
£
Oriëntatie op de gemeentelijke samenleving (de blik naar buiten)
£
£
Persoonlijk contact tussen burgers en ambtenaren
£
£
voor ziekte en vertrek)
36261
65
7. Er volgen nu stellingen over aspecten van de relatie met burgers/bedrijven/instellingen die bij een herindeling mogelijk veranderen of juist gelijk blijven. Het gaat dus om de situatie in de nieuwe, heringedeelde gemeente ten opzichte van de oude gemeente(n). Kunt aangeven of de genoemde aspecten zijn afgenomen, gelijk gebleven of toegenomen? Relatie met burger/bedrijven/instellingen Erg
Afgenomen
afgenomen
Gelijk
Toegenome
Erg
gebleven
n
toegenomen
De klantgerichtheid in de dienstverlening is:
£
£
£
£
£
De professionaliteit in de dienstverlening aan de
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
Het vertrouwen van burgers in de gemeente is:
£
£
£
£
£
Het vertrouwen van bedrijven in de gemeente is:
£
£
£
£
£
De aantrekkelijkheid van de gemeente als
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
burger is: De bureaucratie in de dienstverlening (rompslomp, van-kastje-naar-de-muur, papierwerk) is:
samenwerkingspartner voor het bedrijfsleven is: De regelmaat van het contact tussen de wethouder en de individuele burger is: De participatie van burgers in het bestuur (inspraak, brieven aan de raad, klachten en zienswijzen) is: De zakelijkheid van het contact tussen burgers en de gemeente is Het aantal keren dat er interactieve beleidsvorming plaatsvindt is: De bereidheid van burgers om actief mee te werken aan gemeentelijke inspanning om de dorpen en wijken schoon en veilig te houden is: De belangstelling van de burgers voor de gemeentepolitiek is: De professionaliteit van de gemeente als opdrachtgever is:
36261
66
8. Kunt u nu aangeven wat u voor de relatie met burger/ bedrijven/ instellingen in het algemeen de drie meest belangrijke aspecten vindt en wat u de drie minst belangrijke aspecten vindt? 3 Meest belangrijke
3 Minst belangrijke
De klantgerichtheid
£
£
De professionaliteit van de dienstverlening
£
£
Minder bureaucratie
£
£
Het vertrouwen van burgers in de gemeente
£
£
Het vertrouwen van bedrijven in de gemeente
£
£
De aantrekkelijkheid van de gemeente als samenwerkingspartner voor het
£
£
Het persoonlijk contact tussen wethouder en individuele burger
£
£
De participatie van burgers in het bestuur
£
£
Dat de relatie tussen burgers en gemeente zakelijk verlopen
£
£
Dat de gemeente burgers actief betrekt bij de vorming van het beleid
£
£
De bereidheid van burgers mee te werken aan het beleid gericht op leefbaarheid
£
£
De belangstelling van burgers voor de gemeentepolitiek
£
£
Professioneel opdrachtgeverschap
£
£
bedrijfsleven
9. Er volgen nu stellingen over aspecten van de gemeente als organisatie die bij een herindeling mogelijk veranderen of juist gelijk blijven. Het gaat dus om de situatie in de nieuwe heringedeelde gemeente ten opzichte van de oude gemeente(n). Kunt aangeven of de genoemde aspecten zijn afgenomen, gelijk gebleven of toegenomen? De gemeente als organisatie Erg
Afgenomen
afgenomen
Gelijk
Toegenome
Erg
gebleven
n
toegenomen
De financiële reserves zijn:
£
£
£
£
£
De effectiviteit van het beleid van de gemeente is:
£
£
£
£
£
De mate waarin de gemeente in staat is de ‘grote
£
£
£
£
£
opgaven’ uit te voeren, is:
36261
67
De gemeente als organisatie Erg
Afgenomen
afgenomen De omvang van de in exploitatie genomen
Gelijk
Toegenome
Erg
gebleven
n
toegenomen
£
£
£
£
£
De mate van handhaving door de gemeente is:
£
£
£
£
£
Het ‘grootschalig denken’ binnen de gemeente is:
£
£
£
£
£
De aandacht voor zaken in de directe leefomgeving
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
nieuwbouwplannen is:
van burgers is: Het aantal keren dat we onze lokale tarieven meer moesten verhogen dan de buurgemeenten is: Het aantal keren dat de jaarrekening met een tekort is afgesloten, is: Het aantal keren dat er moet worden gesproken over bezuinigingsplannen, is:
10. Kunt u nu aangeven wat u voor de gemeente als organisatie in het algemeen de drie meest belangrijke aspecten vindt en wat u de drie minst belangrijke aspecten vindt? 3 Meest belangrijke
3 Minst belangrijke
De financiële gezondheid van de gemeente
£
£
Het bereiken van de beleidsdoelen
£
£
Dat de gemeente in staat is de ‘grote opgaven’ uit te voeren
£
£
Het ambitieniveau van de nieuwbouwplannen
£
£
Consequente handhaving van regels en voorschriften
£
£
De durf om strategische zaken aan te pakken
£
£
De aandacht voor de directe leefomgeving van de burgers
£
£
De hoogte van de lokale tarieven
£
£
Het voorkomen van financiële tekorten
£
£
Het voorkomen dat steeds moet worden bezuinigd
£
£
36261
68
11. Er volgen nu stellingen over aspecten van de raad en het bestuur van de gemeente die bij een herindeling mogelijk veranderen of juist gelijk blijven. Het gaat dus om de situatie in de nieuwe, heringedeelde gemeente ten opzichte van de oude gemeente(n). Kunt aangeven of de genoemde aspecten zijn afgenomen, gelijk gebleven of toegenomen? Raad en bestuur Erg afgenomen
Afgenomen
Gelijk gebleven
Toegenomen
Erg toegenomen
De invloed van de lokale lijsten (partijen) is:
£
£
£
£
£
De kwaliteit van het debat in de raad over nieuwe
£
£
£
£
£
De kwaliteit van de wethouders is:
£
£
£
£
£
Het vermogen van het gemeentebestuur tot
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
De werkdruk van de raadsleden is:
£
£
£
£
£
De controle die de raad uitoefent op het gevoerde
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
beleidskaders is:
strategische besluitvorming is: De mate waarin raadsleden optreden als belangbehartigers van hun ‘eigen’ dorp, kern of voormalige gemeente, is: De gemotiveerdheid van de gemeentebestuurders is:
bestuur, is: De tijd die de burgemeester besteedt aan de portefeuille openbare orde, is:
36261
69
12. Kunt u nu aangeven wat u voor de raad en het bestuur van de gemeente in het algemeen de drie meest belangrijke aspecten vindt en wat u de drie minst belangrijke aspecten vindt? 3 Meest belangrijke
3 Minst belangrijke
De invloed van lokale lijsten
£
£
Kwaliteit raadsdebat
£
£
Kwaliteit van wethouders
£
£
Vermogen tot strategische besluitvorming
£
£
Vermogen van raadsleden om te denken vanuit het belang van de gemeente als
£
£
Gemotiveerdheid van de gemeentebestuurders
£
£
Minder werkdruk voor de raadsleden
£
£
De controle van de raad op het bestuur
£
£
Dat burgemeester voldoende tijd heeft voor openbare orde taak
£
£
geheel
13. Er volgen nu stellingen over aspecten van het bestuurlijk netwerk waarin de gemeente opereert. Bij een herindeling kunnen aspecten van dit bestuurlijke netwerk veranderen of juist gelijk blijven. Het gaat dus om de situatie in de nieuwe, heringedeelde gemeente ten opzichte van de oude gemeente(n). Kunt aangeven of de genoemde aspecten zijn afgenomen, gelijk gebleven of toegenomen? Het bestuurlijk netwerk Erg afgenomen Het aantal gemeenschappelijke regelingen waaraan de gemeente deelneemt is: De medewerking van de provincie voor de nieuwbouwplannen van de gemeente is De sterkte van de positie van de gemeente ten opzichte van het Rijk is: De invloed van ons gemeentebestuur op de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden is: Het aantal leden in het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regelingen is:
36261
Afgenomen
Gelijk
Toegenome
Erg
gebleven
n
toegenomen
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
70
Het bestuurlijk netwerk Erg afgenomen De sterkte van de positie van de gemeente in de regio is:
Afgenomen
Gelijk
Toegenome
Erg
gebleven
n
toegenomen
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
£
Het gemak waarmee afspraken kunnen worden gemaakt met maatschappelijke organisaties voor het aanpakken van lastige problemen, is: De sterkte van de positie van de gemeente ten opzichte van buurgemeenten is: De sterkte van de positie van de gemeente ten opzichte van de provincie is:
14. Kunt u nu aangeven wat u voor het bestuurlijk netwerk van de gemeente in het algemeen de drie meest belangrijke aspecten vindt en wat u de drie minst belangrijke aspecten vindt? 3 Meest belangrijke
3 Minst belangrijke
Minder afhankelijk zijn van intergemeentelijke samenwerking
£
£
Meer steun van de provincie bij nieuwbouw
£
£
Sterkte positie van de gemeente ten opzichte van het Rijk
£
£
Invloed op samenwerkingsverbanden
£
£
Verkleining bestuurlijke drukte in intergemeentelijke samenwerking
£
£
Sterkte positie van de gemeente in de regio
£
£
Vermogen tot publiek-private samenwerking
£
£
De sterkte van de positie van de gemeente ten opzichte van buurgemeenten
£
£
Sterkte positie van de gemeente ten opzichte van de provincie
£
£
36261
71
Ten slotte willen wij u vragen nog een aantal vragen te beantwoorden die betrekking hebben op achtergrondkenmerken zodat een verdere verdieping van de analyse kan plaatsvinden. 15. Wat is de naam van de nieuwe, heringedeelde gemeente waar u bij betrokken bent? £
Teylingen
£
Westland
£
Katwijk
£
Midden-Delfland
£
Zwijndrecht
£
Pijnacker-Nootdorp
£
Leidschendam-Voorburg
£
Rijnwoude
£
Den Haag
16. Wat is uw huidige positie binnen de gemeente? £
Gemeentesecretaris
£
Raadslid
£
Raadsgriffier
£
Burgemeester
£
Wethouder
£
OR-lid
£
MT-lid
£
Afdelingshoofd
£
Anders nl……………….
17. Hoeveel jaar werkt u op uw huidige positie Jaar
36261
72
18. Was u voor de herindeling werkzaam/actief bij één van de gemeenten die heringedeeld is? £
Ja
£
Nee à ga naar vraag 22
19. Wat was de naam van de gemeente waarvoor u werkzaam/actief was?
20. Hoeveel jaar was u bij deze gemeente werkzaam/actief Jaar
21. Wat was uw positie binnen deze voormalige gemeente voor de herindeling? £
Gemeentesecretaris
£
Raadslid
£
Burgemeester
£
Wethouder
£
OR-lid
£
MT-lid
£
Afdelingshoofd
£
Beleidsmedewerker/ambtenaar
£
Anders nl………………..
22. De opdrachtgever van dit onderzoek is zeer geïnteresseerd in uw observaties en constateringen ten aanzien van het effect van de herindeling in uw gemeente? Kan u gevolgen van de herindeling in uw gemeente benoemen die niet in het voorgaande aan de orde zijn geweest? Kan u daarbij ook aangeven waarom deze veranderingen het gevolg zijn van deze herindeling?
36261
73
Bijlage II. Onderzoeksverantwoording
De effectenenquête heeft plaatsgevonden door middel van een digitale enquête onder de huidige ambtelijk leidinggevenden, gemeentesecretarissen, burgemeesters, wethouders, OR-leden, griffiers en raadsleden van de gemeenten Katwijk, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, PijnackerNootdorp, Teylingen, Westland en Zwijndrecht. Daarnaast zijn van de gemeente Rijnwoude en Jacobswoude, omdat deze herindelingen al in 1991 hebben plaatsgevonden, de bovengenoemde functionarissen benaderd die nu in dienst zijn maar dit ook ten tijde van de herindeling waren. In totaal hebben 406 mensen een e-mail gekregen met de uitnodiging om deel te nemen aan het onderzoek. Hiervan hebben 192 mensen, dus 47%, gereageerd. Dit betekent dat er met 95% betrouwbaarheid en een nauwkeurigheidsmarge van 5% uitspraken worden gedaan voor de gehele doelgroep. Een gedetailleerdere weergave van de samenstelling van de groep informanten is te zien in onderstaande tabellen. Tabel 1: Respons naar gemeente N
%
Jacobswoude
4
2,1%
Katwijk
29
15,1%
Leidschendam-Voorburg
25
13,0%
Midden-Delfland
17
8,9%
Pijnacker-Nootdorp
23
12,0%
Rijnwoude
2
1,0%
Teylingen
34
17,7%
Westland
33
17,2%
Zwijndrecht
25
13,0%
Tabel 2: Respons naar positie binnen de gemeente N
%
Ambtelijke leidinggevende
37
19,3%
Burgemeester
5
2,6%
Gemeentesecretaris
8
4,2%
Griffier
3
1,6%
OR
38
19,8%
Raadslid
81
42,2%
Wethouder
18
9,4%
Onbekend
2
1,0%
36261
74
Tabel 3: Respons naar aantal jaren werkzaam/ actief bij de huidige gemeente en/of één van de voormalige gemeenten N
%
0-2 jaar
58
36,9
3-5 jaar
41
26,1
6-10 jaar
38
24,2
>10 jaar
20
12,7
Van de respondenten was 64% ook werkzaam voor één van de voormalige gemeenten. Het aantal jaar dat zij bij de voormalige gemeente hebben gewerkt voordat zij werden heringedeeld, is te zien in onderstaande tabel. Tabel 4: Aantal jaren werkzaam/ actief bij één van de voormalige gemeenten % 0-2 jaar
11,5
3-5 jaar
26,9
6-10 jaar
31,7
>10 jaar
29,8
36261
75
Bijlage III. Aanvullende gegevens afvalstoffenheffing
Tabel 1: Meerpersoonsheffing voor afvalstoffenverwerking 1998
1999
2000
2001
2002
2003
2004
2005
2006
2007
186
199
203
167
246 225
221
296
301
306
316
218
235
249
254
264
268
230
225
282
288
294
302
Twee fusies Leidschendam
34.698
Voorburg
39.099
209
227
225
216
Pijnacker
20.090
195
195
195
145
Nootdorp
9.632
234
233
203
177
201
212
210
182
Gemiddeld tarief Gemiddelde jaarmutatie
-3,1%
+6,3%
Bron SenterNovem
Tabel 2: Meerpersoonsheffing voor afvalstoffenverwerking 1998
1999
2000
2001
2002
188
192
210
178
222
Zwijndrecht 41.992
187
201
201
186
206
Gemiddeld tarief
187
200
202
185
207
2003
2004
2005
2006
2007
211
223
219
237
243
211
223
219
237
243
Een fusie Heerjansdam
3.548
Gemiddelde jaarmutatie
2,5%
3,4%
Bron SenterNovem
36261
76
Tabel 3: Meerpersoonsheffing voor afvalstoffenverwerking 1998
1999
2000
2001
2002
2003
2004
2005
2006
2007
243
249
268
288
287
293
293
285
281
287
290
287
Twee fusies Maasland
6.845
174
188
210
167
230
258
Schipluiden
11.170
212
215
222
160
260
239
Monster
20.239
222
233
238
197
265
276
Naaldwijk
28.928
273
288
270
202
277
288
’s-Gravenzande 19.417
245
244
263
211
263
268
De Lier
11.338
210
215
227
157
248
258
Wateringen
15.989
203
203
216
174
240
259
231
238
243
186
260
268
Gemiddeld tarief Gemiddelde jaarmutatie
3%
0,7%
Bron SenterNovem
Tabel 4: Meerpersoonsheffing voor afvalstoffenverwerking, bron SenterNovem 1998
1999
2000
2001
2002
2003
2004
2005
2006
2007
297
297
285
283
289
288
Twee fusies Sassenheim
14.766
200
204
206
149
225
231
240
252
Warmond
5.058
249
249
254
209
271
334
369
369
Voorhout
14.315
249
275
249
239
299
314
325
323
Katwijk
41.307
164
183
198
159
243
279
222
270
valkenburg
3.763
179
215
224
168
252
262
292
321
Rijnsburg
14.897
235
249
282
157
302
311
315
318
199
216
224
172
260
284
266
290
Gemiddeld tarief Gemiddelde jaarmutatie
+5,5%
-0,3%
Bron SenterNovem
36261
77
Bijlage IV. Benadering gemiddelde leges
2001
2002
2003
2004
2005
2006
2007
27
12
61
26
58
120
94
Inkomens uit leges
661
669
795
Gem. tarief
5.508
7.117
61
60
32
Inkomens uit leges
274
227
335
Gem. tarief
4.566
7.093
288
180
Inkomens uit leges
401
1.756
Gem. tarief
2.227
48.777
612
534
298
Inkomens uit leges
1.059
1.524
3.048
Gem. tarief
1.983
5.114
53
186
132
Inkomens uit leges
700
1.293
1.259
Gem. tarief
3.763
9.795
156
55
24
Inkomens uit leges
743
992
840
Gem. tarief
13.509
41.333
Rijnwoude
2008
Woningen gereed
Jacobswoude
48
18
64
27
784
Woningen gereed
Leidschendam-Voorburg Woningen gereed
Pijnacker-Nootdorp Woningen gereed
Zwijndrecht
Midden-Delfland
1.278
1.343
22
53
5
326
234
57
180
994
164
84
417
896
3
134
356
36 1.231
3.367
1.648
Woningen gereed
36261
490
78
2001
2002
2003
2004
2005
2006
2007
686
334
589
555
783
539
566
Inkomens uit leges
2.093
2.270
3.367
Gem. tarief
3.883
4.010
102
251
Westland
2008
Woningen gereed
Teylingen
247
140
121
183
3.877
193
Woningen gereed Inkomens uit leges
829
Gem. tarief
3.303
Katwijk
383
360
179
242
194
960
303
365
Woningen gereed Inkomens uit leges
834
Gem. tarief
2.752
Binnenmaas
32
189
86
187
1.622
109
126
Inkomens uit leges
770
919
Gem. tarief
6.111
4.527
861
670
Inkomens uit leges
2.282
4.310
Gem. tarief
3.410
5.456
170
124
46
Inkomens uit leges
417
500
540
Gem. tarief
3.363
10.869
1.770
203
Woningen gereed
Lansingerland
255
795
629
637
1.091
790
Woningen gereed
Nieuwkoop
62
143
112
200
1.500
Woningen gereed 1.360
Bron: CBS
36261
79
Bijlage V. Overzicht van gesprekken met colleges van B. en W.
Vrijdag 25 januari 2008, Rijnwoude
College Rijnwoude
Vrijdag 25 januari 2008, Rijnwoude
College Teylingen
Vrijdag 25 januari 2008, Rijnwoude
College Nieuwkoop
Donderdag 7 februari 2008, Den Haag
College Katwijk
Donderdag 7 februari 2008, Westland
College Westland
Vrijdag 8 februari 2008, Den Haag
College Pijnacker-Nootdorp
Vrijdag 8 februari 2008, Den Haag
College Binnenmaas
Vrijdag 8 februari 2008, Lansingerland
College Lansingerland
Vrijdag 8 februari 2008, Zwijndrecht
College Zwijndrecht
Woensdag 13 februari 2008, Den Haag
College Leidschendam-Voorburg
Vrijdag 15 februari 2008, Midden-Delfland
College Midden-Delfland
Dinsdag 29 april 2008, Jacobswoude
College Jacobswoude
36261
80
Bijlage VI. Aanwezigen groepsgesprek
Dinsdag 10 juni 2008, provinciehuis Zuid-Holland te Den Haag ˜
De heer Goud (voormalige wethouder gemeente Pijnacker-Nootdorp, thans zelfstandig adviseur)
˜
De heer Louter (Twijnstra Gudde)
˜
Mevrouw Van Rhijn (gemeentesecretaris Teylingen)
˜
De heer Van de Stoel (Leidschendam Voorburg)
˜
De heer Trimp (Trimp & van Tongeren)
˜
De heer De Visser (Rijnwoude)
˜
De heer Wessel (Atos)
˜
Mevrouw Welsink (Provincie Zuid-Holland)
˜
Mevrouw Van Assenbergh (Berenschot)
˜
De heer Fraanje (Berenschot)
Woensdag 11 juni 2008, provinciehuis Zuid-Holland te Den Haag ˜
De heer Van Buren (Woonstichting Vooruitgang)
˜
De heer De Jong (directeur Wooninvest)
˜
De heer Van Oord (Midden-Delfland Vereniging)
˜
De heer Verdegaal (Koninklijke Algemeene Vereeniging voor Bloembollencultuur)
˜
De heer Salman (Vereniging Betrokken Teylingers)
˜
Mevrouw Welsink (provincie Zuid-Holland)
˜
Mevrouw Van Assenbergh (Berenschot)
˜
De heer Fraanje (Berenschot)
36261
81