f12d0911-fed5-48e0-8d5f-b1df91a4fa25.pdf
Tekst van het document
Saldo JR2021
Saldo PGB2022
Saldo PGB2023
Saldo PGB2024
Saldo PGB2025
Saldo PGB2026
Algemene dekkingsmiddelen lasten
0
0
0
0
0
0
Algemene dekkingsmiddelen baten
-30.168
-29.374
-30.390
-30.520
-30.653
-30.960
0
0
0
0
0
0
-30.168
-29.374
-30.390
-30.520
-30.653
-30.960
844
0
0
0
0
0
-1.124
-1.002
-872
-743
-609
-303
-30.448
-30.375
-31.263
-31.263
-31.263
-31.263
Resultaat voor bestemming
3. Reguliere taken per kolom
3.2 GHOR
Algemene dekkingsmiddelen
Overhead
2. Uitwerking beleidsthema’s 2023
3.1 Brandweer
3.5 Dekkingsmiddelen
Storting reserves Onttrekking reserves Totaal resultaat na bestemming
De algemene dekkingsmiddelen bestaan uit de gemeentelijke bijdragen, de rijksbijdrage en daarnaast de dotaties en onttrekkingen aan de reserves.
Bijdragen van de gemeenten 2023
Maatwerk
Oud
Nieuw
Totaal
Bijlagen
Almere
463.053
4.754.416
6.571.086
11.788.555
Dronten
190.885
1.048.395
1.086.512
2.325.792
Lelystad
436.492
2.069.306
2.643.461
5.149.259
NOP
-
1.550.815
1.403.426
2.954.241
Urk
89.422
513.647
410.515
1.013.583
Zeewolde
398.568
702.934
697.264
1.798.765
1.578.419
10.639.514
12.812.263
25.030.195
Totaal
Maatwerk wordt voor 100% toegerekend aan de betreffende gemeenten. Dit maatwerk bestaat uit taken risicobeheersing voor de gemeenten Dronten, Lelystad, Urk en Zeewolde, huisvesting Zeewolde en FLO Almere.
27
Bestuurlijke samenvatting 2023 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan en uitvoeringsprogramma
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
In 2021 is besloten om de ingroeiperiode van de verhoging van de gemeentelijke bijdragen voor de nadeelgemeenten te verlengen van 5 naar 7 jaar. In de berekening is voor “oud” uitgegaan van de oude verdeling o.b.v. de vergoeding van de lokale (brandweer)taken en de regionale taken die een verhouding van 70% o.b.v. inwoneraantallen per 1-1-2022 en 30% o.b.v. hectaren kent. Berekening “nieuw” is gebaseerd op de verhouding in het Gemeentefonds inzake de bijdragen voor het subcluster brandweer en rampenbestrijding, zoals deze vermeld zijn in de septembercirculaire Gemeentefonds 2021 van het ministerie van BZK. Na de ingroeiperiode van 7 jaar zal in 2027 alleen nog maar sprake zijn van gemeentelijke bijdragen o.b.v. de verdeling in het Gemeentefonds en maatwerk.
2. Uitwerking beleidsthema’s 2023
Bijdrage van het Rijk
3. Reguliere taken per kolom
3.2 GHOR 3.3 Bevolkingszorg 3.4 Veiligheidsbureau Flevoland en Gooi en Vechtstreek 3.5 Dekkingsmiddelen 4. Paragrafen
De financiële begroting
3.1 Brandweer
De hoogte van de Rijksbijdrage (voorheen: BDuR) is gebaseerd op de decembercirculaire 2021. Deze bijdrage is voor 2023 vastgesteld op € 5.359.928.
Bijlagen
28
Bestuurlijke samenvatting 2023 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan en uitvoeringsprogramma
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
2. Uitwerking beleidsthema’s 2023
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen
De financiële begroting
3. Reguliere taken per kolom
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen Inleiding Het besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) vereist dat in de begroting en in de jaarrekening diverse paragrafen worden opgenomen die een dwarsdoorsnede bieden van de jaarstukken. In dit hoofdstuk treft u de paragrafen aan die relevant zijn voor de VRF. Algemeen Het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten schrijft voor dat gemeenten en gemeenschappelijke regelingen jaarlijks de weerstandscapaciteit en de risico’s inventariseren en hierover beleid formuleren. Artikel 11 van dat Besluit definieert het weerstandsvermogen als de verhouding tussen: a. De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de VRF beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. b. Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. c. Ongedekte risico’s.
Bijlagen
Gewenste weerstandscapaciteit Op grond van artikel 11 (zie hierboven) wordt een uitspraak over het weerstandsvermogen onderbouwd door een vergelijking van de resterende (i.c. niet-gedekte) risico’s met de beschikbare weerstandscapaciteit. Een dergelijke uitspraak wordt uitgedrukt in termen van gewenste weerstandscapaciteit, gelet op de aard en omvang van de resterende risico’s. De gewenste weerstandscapaciteit is het bedrag waarover de organisatie zou moeten beschikken op grond van de resterende risico’s (risicoprofiel). Voor de financiële positie van de organisatie is het van belang in hoeverre daadwerkelijk weerstandscapaciteit beschikbaar is om het gewenste weerstandsvermogen te vormen. Beleid weerstandsvermogen Het beleid van VRF over het weerstandsvermogen is dat de niet-gedekte risico’s (met inachtneming van de beheersmaatregelen en de reeds opgenomen voorzieningen) worden gedekt door de algemene reserve. Het verstandig omgaan met risico’s betekent dat om vastgestelde doelstellingen te kunnen realiseren de organisatie risico’s mag lopen, zolang dit een bewuste (bestuurlijke) keuze is en de weerstandscapaciteit voldoende is om eventuele risico’s op te vangen.
29
Bestuurlijke samenvatting 2023 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan en uitvoeringsprogramma
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
2. Uitwerking beleidsthema’s 2023
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen
De financiële begroting
3. Reguliere taken per kolom
Daarnaast moet er een gefundeerde grondslag bepaald worden voor het berekenen van de gewenste weerstands capaciteit. De organisatie is in beweging, wat resulteert in een dynamisch risicoprofiel. Continue aandacht en herijking van het risicoprofiel is daarom van wezenlijk belang voor een goed inzicht in de toereikendheid van de financiële positie van de VRF. In deze begroting is een risicoprofiel voor 2022-2023 gemaakt, zie hiervoor bijlage 2. Afspraken gemeenten: spelregels weerstandsvermogen verbonden partijen Met de gemeenten zijn afspraken gemaakt over hoe om te gaan met risico’s, (bestemmings)reserves en voorzieningen. Kort samengevat komen de afspraken erop neer dat de VRF haar risico’s naar alle redelijkheid in kaart brengt bij de jaarrekening, de kadernota en de begroting en dat bestemmingsreserves en voorzieningen onderbouwd zijn. Beschikbare weerstandscapaciteit 2023 In de inleiding is aangegeven wat onder weerstandscapaciteit wordt verstaan. Onderdeel van die capaciteit vormen de vrij aanwendbare reserves, die een bufferfunctie hebben voor onvoorziene risico’s. Voor de bepaling van de weerstandscapaciteit wordt hieronder een overzicht gegeven van de stand van de verschillende vrij aanwendbare reserves per 31-12-2021: Weerstandsvermogen
JR 2021
PGB 2022
PGB 2023
Algemene reserve
2.616.300
2.616.300
2.616.300
Bedrag voor onvoorzien
0
0
0
Vrij aanwendbare bestemmingsreserves
0
0
0
Stille reserves
0
0
0
2.616.300
2.616.300
2.616.300
Totaal
Bijlagen
Risicoprofiel Een risico wordt gedefinieerd als ‘de kans op het optreden van een gebeurtenis met een negatief financieel gevolg’ voor de VRF. Het risicoprofiel komt uit op € 2.616.300 (2022-2023). Dit is tevens de minimaal gewenste omvang van het weerstandsvermogen (de tabel is in bijlage 2 opgenomen). Ratio weerstandsvermogen De totale meerjarige weerstandscapaciteit is bij de jaarrekening 2021 op niveau gebracht om de ratio van 1 te realiseren. Deze score valt binnen de categorie 1,0 tot 1,4 en scoort daarmee “voldoende” volgens het voormalig Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR). Tevens voldoen we hiermee aan de uitgangspunten uit de vastgestelde nota Weerstandsvermogen 2021 VRF. Voor het inhoudelijke overzicht van het risicoprofiel verwijzen wij naar bijlage 2.
30
Bestuurlijke samenvatting 2023 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan en uitvoeringsprogramma
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen
De financiële begroting
4. Paragrafen
Financiële kengetallen Om inzicht in de financiële positie te verschaffen, nemen we een aantal relevante kengetallen op. Deze kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en bieden inzicht bij de beoordeling van de (ontwikkeling van de) financiële positie. Financiële kengetallen
2. Uitwerking beleidsthema’s 2023 3. Reguliere taken per kolom
Conclusie Met de dotatie van een deel van het rekeningresultaat 2021 kunnen we concluderen dat de weerstandscapaciteit de risico’s kan opvangen zonder extra bijstorting van de deelnemende gemeenten of allocatie van interne middelen.
JR2021
PGB2022
PGB2023
PGB2024
PGB2025
PGB2026
1A. Netto schuldquote
72%
85%
78%
71%
59%
51%
1B. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
72%
85%
78%
71%
59%
51%
2. Solvabiliteitsratio
52%
29%
29%
30%
30%
32%
3. Structurele exploitatieruimte
3,7%
0%
0%
0%
0%
0%
4.2 Bedrijfsvoering De BBV beschrijft een aantal op te nemen prestatieindicatoren. Deze zijn als volgt: Indicator
Eenheid
JR 2021
PGB 2022
PGB 2023
Bijlagen
Formatie
Fte per 1.000 inwoners (beroeps)
0,47
0,47
0,47
Bezetting
Fte per 1.000 inwoners (beroeps)
0,45
0,47
0,47
Apparaatskosten
Kosten per inwoner
€ 21,81
€ 22,28
€ 22,74
Externe inhuur
Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen
8,7%
5,7%
5,5%
Overhead
% van de totale lasten
20,5%
20,5%
20,5%
31
Bestuurlijke samenvatting 2023 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan en uitvoeringsprogramma
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
2. Uitwerking beleidsthema’s 2023
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen
De financiële begroting
3. Reguliere taken per kolom
4.3 Financiering Wettelijk kader De uitvoering van de financieringsfunctie dient plaats te vinden binnen de wettelijk kaders van de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido), die op 1 januari 2001 is ingevoerd. In de wet staan transparantie en risicobeheersing centraal. De transparantie komt tot uitdrukking in een verplicht treasurystatuut en een financieringsparagraaf in begroting en jaarrekening. Het treasurystatuut van de VRF wordt in 2022 geactualiseerd. Ontwikkeling liquiditeitspositie In 2011 en 2012 heeft de VRF een tweetal lineaire leningen afgesloten voor de overname en inrichting van de kazerne de Mast te Zeewolde. De ene lening heeft een looptijd van 20 jaar tegen 4,43% rente, jaarlijks wordt er € 37.500 afgelost. De andere lening heeft een looptijd van 18 jaar tegen 2.75% rente, jaarlijks wordt er € 65.789 afgelost. In 2019 is er een nieuwe lening afgesloten voor verbetering werkkapitaal. De lening uit 2019 is afgesloten voor 15 jaar tegen 0,855% rente, waarop jaarlijks € 433.333 wordt afgelost. Op basis van de huidige liquiditeitsprognoses verwachten we in 2022 wederom een lening af te sluiten. Kasgeldlimiet Voor 2023 is het begrotingstotaal € 31,3 miljoen, dus is het toegestane kasgeldlimiet ruim € 2,6 miljoen. Berekening kasgeldlimiet in mln.
2022
2023
2024
2025
2026
1. Toegestane kasgeldlimiet in procenten van de grondslag
Bijlagen
8,2%
8,2%
8,2%
8,2%
8,2%
in bedrag
2,5
2,6
2,6
2,6
2,6
2. Omvang vlottende schuld
0,6
0,6
0,6
0,6
0,6
3. Vlottende middelen
8,3
7,8
7,0
4,4
3,0
4. Totaal netto vlottende schuld (2-3)
-7,6
-7,2
-6,3
-3,7
-2,4
Toegestane kasgeldlimiet
2,5
2,6
2,6
2,6
2,6
Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)
10,1
9,8
8,9
6,3
5,0
Toets kasgeldlimiet
32
Bestuurlijke samenvatting 2023 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan en uitvoeringsprogramma
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
Renterisiconorm en renterisico’s vaste schuld Voor het beheersen van de renterisico’s op lange termijn dient VRF de renterisico’s van de vaste schuld in beeld te brengen in relatie tot de renterisiconorm. Het renterisico op de vaste schuld wordt berekend door te bepalen welk deel van de portefeuille aan vaste schuld in enig jaar geherfinancierd moet worden door het aangaan van nieuwe leningen behorend tot de vaste schuld (herfinanciering), en voor welk deel van de vaste schuld de geldnemer een wijziging van de rente op basis van de leningsvoorwaarden niet kan beïnvloeden (renteherziening). De renterisiconorm kan worden berekend door een, bij ministeriële regeling, vastgesteld percentage (20%) te vermenigvuldigen met de totale vaste schuld, waarbij een drempelbedrag van € 2,5 miljoen geldt. Het renterisico op de vaste schuld mag de renterisiconorm niet overschrijden. Berekening renterisiconorm (x € 1.000)
2022
2023
3. Reguliere taken per kolom
Begrotingstotaal
30.776
31.290
Renterisiconorm
20%
20%
Toets renterisiconorm
6.155
6.258
0
0
Betaalde aflossingen
970
970
Renterisico
970
970
5.185
5.288
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen
De financiële begroting
2. Uitwerking beleidsthema’s 2023
Renteherziening op leningen o/g
Ruimte onder renterisiconorm
Conclusie: Er wordt in 2023 voldaan aan de renterisiconorm.
Bijlagen
Rentetoerekening Bij de vernieuwing van de BBV is het advies opgenomen om de rentekosten op één post in de begroting op te nemen. Om ervoor te zorgen dat in de begroting en verantwoording de totale rentelasten en de daaraan gekoppelde financieringsbehoefte inzichtelijk zijn, wordt in artikel 13 van de BBV voorgeschreven dat de paragraaf financiering voortaan ook in ieder geval inzicht geeft in de rentelasten, het renteresultaat, de financieringsbehoefte en de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden worden toegerekend.
33
estuurlijke samenvatting B 2023 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan en uitvoeringsprogramma
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
2. Uitwerking beleidsthema’s 2023
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen
a. Externe rentelasten over de korte en lange financiering
PGB 2023
PGB 2024
PGB 2025
PGB 2026
127
116
105
94
0
0
0
0
127
116
105
94
c1. Rente over eigen vermogen (toevoegd aan exploitatie)
0
0
0
0
c2. Rente over voorzieningen
0
0
0
0
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
0
0
0
0
127
116
105
94
0
0
0
0
b. Externe rentebaten Saldo rentelasten en rentebaten
d. De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
De financiële begroting
3. Reguliere taken per kolom
Renteschema
e. Renteresultaat op het taakveld Treasury
4.4 Onderhoud kapitaalgoederen Meerjareninvesteringsplan materieel/materiaal Met de overdracht van de lokale brandweertaken van de zes gemeenten naar VRF zijn ook de voertuigen, materiaal, inrichting e.d. overgegaan naar de veiligheidsregio. De overname hiervan is per gemeente geregeld in het overdrachtsdossier. In de bijdragen van de gemeenten zijn ook budgetten voor kapitaallasten en onderhoud opgenomen. Afgelopen jaren is de onderhoudstoestand van het materieel en voertuigen geïnventariseerd. Inmiddels zijn nieuwe contracten afgesloten waarbij de tijdigheid en kwaliteit van het onderhoud, de actualisering van de certificeringen alsook de planning van de keuringen gewaarborgd worden. Vanaf 2022 zal het vastgestelde investeringsplan 2021 als basis dienen voor de (toekomstige) investeringen in relatie tot de benodigde financiering en de daaruit voortvloeiende kapitaallasten. Voor 2023 staat in de planning om voor circa € 0,8 miljoen aan voertuigen te vervangen, daarnaast ook voor € 0,2 miljoen aan oefenmiddelen en ICT.
Bijlagen
Gebouwen Sinds medio 2012 heeft de VRF de brandweerkazerne in Zeewolde in eigendom en in gebruik genomen. In 2022 is het meerjarenonderhoudsplan voor deze kazerne geactualiseerd en is de voorziening voor het groot onderhoud hierop aangepast. In 2016 is in Zeewolde het boothuis in gebruik genomen. De overige gebouwen zijn om niet in gebruik door de veiligheidsregio, conform het besluit van het bestuur uit december 2013. In 2015 en 2016 zijn overeenkomsten tussen de gemeenten en VRF afgesloten met nadere afspraken over beheer en onderhoud van de brandweerkazernes.
34
Bestuurlijke samenvatting 2023 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan en uitvoeringsprogramma
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
2. Uitwerking beleidsthema’s 2023
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen
De financiële begroting
3. Reguliere taken per kolom
4.5 Verbonden partijen Een verbonden partij is een privaatrechtelijke- of publiekrechtelijke organisatie waarin de VRF een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Er is sprake van een bestuurlijk belang in het geval van zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging, hetzij uit hoofde van stemrecht. Van een financieel belang is sprake als aan een verbonden partij een bedrag ter beschikking is gesteld dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat. In 2023 heeft VRF één verbonden partij, te weten Nederlands Instituut Publieke Veiligheid. Naam: Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) te Arnhem. De geschatte financiële bijdrage aan het NIPV van de VRF over het jaar 2023 is € 320.000. Hiervoor ondersteunt het NIPV de veiligheidsregio op allerlei gebieden incl. een deel van de opleidingskosten.
Bijlagen
35
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten Hieronder is de exploitatie van de programmabegroting 2022, 2023 en de meerjarenbegroting 2024-2026 opgenomen. Programma-onderdeel
De financiële begroting
Saldo 2022
Saldo 2023
Saldo 2024
Saldo 2025
Saldo 2026
Brandweer
20.517.494
21.051.952
21.051.952
21.051.952
21.051.952
GHOR
1.985.682
2.022.317
2.022.317
2.022.317
2.022.317
Bevolkingszorg
516.058
524.987
524.987
524.987
524.987
Veiligheidsbureau
1.043.708
1.223.491
1.223.491
1.223.491
1.223.491
Totaal
24.062.941
24.822.747
24.822.747
24.822.747
24.822.747
Bijdragen gemeenten
-24.132.215
-25.030.195
-25.160.001
-25.293.306
-25.599.788
Rijksbijdrage (BDuR)
-5.241.627
-5.359.928
-5.359.928
-5.359.928
-5.359.928
-29.373.842
-30.390.123
-30.519.929
-30.653.234
-30.959.716
Overhead
6.312.115
6.439.807
6.439.807
6.439.807
6.439.807
Totaal
6.312.115
6.439.807
6.439.807
6.439.807
6.439.807
Mutaties reserves
-1.001.214
-872.431
-742.625
-609.320
-302.838
0
0
0
0
0
Totaal
Totaal
Besluit Begroting en Verantwoording De begroting is opgesteld overeenkomstig het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV).
Bijlagen
Gemeentelijke bijdrage De gemeentelijke bijdrage bestaat uit drie componenten: 1. Bijdrage gemeenten oude verdeelsleutel. 2. Bijdrage gemeenten maatwerk. 3. Bijdrage gemeenten nieuwe verdeelsleutel.
36
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
Voor de gemeentelijke bijdragen is besloten om per 1 januari 2021 een nieuwe verdeelsleutel te hanteren op basis van de verhouding van het fictief budget Gemeentefonds met betrekking tot subcluster brandweer en rampenbestrijding van de deelnemende gemeenten. Deze verdeelsleutel wordt voor de voordeelgemeenten (Almere en Lelystad) in vijf jaar en voor de nadeelgemeenten in zeven jaar ingevoerd. De ’oude’ verdeelsleutel bestaat uit de historische inbreng per gemeente voor de lokale brandweer en voor de overige regionale taken de verhouding per gemeente o.b.v. 70% aantal inwoners en o.b.v. 30% hectaren. Daarnaast gelden maatwerkafspraken met gemeenten inzake o.a. FLO, risicobeheersing en huisvesting. Deze maatwerkafspraken worden 100% doorbelast naar de betreffende gemeenten. De afbouw van de oude verdeelsleutel en de opbouw van de nieuwe verdeelsleutel zal in 2027 afgerond zijn.
De financiële begroting
Looncompensatie Voor de ontwikkeling van de lonen en prijzen is gekeken naar de verwachtingen voor het jaar 2023 in de septembercirculaire Gemeentefonds 2021. Gezien het economische perspectief voor de komende jaren is er vanuit de septembercirculaire voor de jaarschijf 2023 een verwachte loonindexatie afgegeven van 2,0% voor prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers. Dit brengt een structurele stijging van de loonkosten met zich mee van € 425.000 per jaar. De huidige cao voor gemeenten loopt tot 1 januari 2023. Mochten er in de nieuwe cao hogere indexatiepercentages worden afgesproken dan is het niet mogelijk om deze extra toename van de loonkosten op te vangen binnen de begroting van 2023. Ontwikkelingen consumentenprijsindex (CPI) Om de prijsontwikkeling voor 2023 te bepalen is de septembercirculaire Gemeentefonds 2021 als uitgangspunt genomen. In het meerjarenperspectief voor 2023 is hierin een percentage opgenomen voor prijs overheidsconsumptie, netto materieel (imoc) van 1,5%. De financiële stijging van deze inflatie is berekend op structureel € 143.000 per jaar.
Bijlagen
Geprognosticeerde meerjarige balans De balanspositie is overgenomen vanuit de jaarrekening 2021. Voor de jaren 2022 en verder is rekening gehouden met aantrekking lening, aflossingen leningen, investeringen, kapitaallasten en afname reserves.
37
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
x € 1.000
Balanspost
2022
2023
2024
2025
2026
Materiele vaste activa
18.072
16.945
16.228
16.894
16.817
7.799
7.343
6.505
3.896
2.521
Liquide middelen
221
221
221
221
221
Overlopende activa
250
250
250
250
250
Vlottende activa
8.270
7.814
6.976
4.368
2.993
Activa
26.343
24.760
23.205
21.262
19.810
Reserves
9.531
8.681
7.934
6.823
6.348
42
51
60
69
78
Leningen
12.196
11.226
10.256
9.286
8.316
Vaste passiva
21.768
19.958
18.249
16.178
14.741
Vlottende schulden
642
642
642
642
642
Overlopende passiva
3.933
4.161
4.314
4.442
4.427
Vlottende passiva
4.575
4.803
4.956
5.084
5.069
Passiva
26.343
24.760
23.205
21.262
19.810
Uitzettingen
Voorzieningen
De financiële begroting
5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen x € 1.000
Uitzetting financiële positie - investeringen Gebouwen
2022
2023
2024
2025
2026
0
0
0
167
0
5.661
810
1.066
1.280
1.077
553
90
413
240
90
Overige
2.831
95
0
1.200
1.121
Totaal
9.045
995
1.479
2.887
2.288
Vervoersmiddelen
Bijlagen
Machines, apparaten en installaties
38
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
x € 1.000
Investeringen 2023
Afschrijving
Bedrag
Trekkende voertuigen boten
7
130
Dienstauto's
10
190
Dienstbussen
10
250
Oefenmiddelen
7
95
Piketvoertuigen
7
225
Inventaris TGB
5
15
Automatisering en mobiele telefonie
4
90
De financiële begroting
Totaal
995
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten Reserves x € 1.000
Reserves per 31-12
2022
2023
2024
2025
2026
Algemene reserve
2.616
2.616
2.616
2.616
2.616
Egalisatiereserve kapitaallasten
3.492
3.515
3.510
3.510
3.337
Ongevallen personeel
366
366
366
366
366
Ontvlechtingskosten Meldkamer
500
500
500
0
0
Egalisatie ingroei gem. bijdragen
2.556
1.684
941
332
29
Totaal
9.531
8.681
7.934
6.823
6.348
Bijlagen
Algemeen De tabel hierboven geeft inzicht in de dotaties en onttrekkingen aan de reserves. Op de egalisatiereserve ingroei gemeentelijke bijdragen na, zijn de mutaties vooralsnog niet vertaald in de exploitatie van de meerjarenbegroting 2024-2026. Algemene reserve De algemene reserve is ter dekking van de financiële risico’s vanuit de paragraaf weerstandsvermogen van de VRF.
39
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
Egalisatiereserve kapitaallasten De egalisatiereserve kapitaallasten heeft als doel een (in naam) ideaalcomplex te creëren voor onze investeringen in relatie tot de daarmee gemoeide kapitaallasten. Reserve ongevallen personeel Veiligheidsregio Flevoland heeft voor het personeel een ongevallenverzekering afgesloten. Voor geleden schades kan zowel het (vrijwillig) personeel als hun werkgever VRF aansprakelijk stellen. Uitkeringen van de verzekering die niet tot uitbetaling leiden aan eerder genoemden worden gestort in deze reserve om mogelijke toekomstige aanspraken te kunnen dekken.
De financiële begroting
Reserve ontvlechtingskosten meldkamer Betreft de bestemmingsreserve voor de frictiekosten inzake de landelijke ontvlechting van de meldkamers. Besteding vindt op zijn vroegst plaats in 2025 voor de de totstandkoming van de Meldkamer Midden-Nederland (Flevoland, Gooi en Vechtstreek en Utrecht). Egalisatiereserve ingroei gemeentelijke bijdragen Vooraf afgesproken onttrekkingen ter mitigatie van de gemeentelijke bijdragen voor de jaren 2020 t/m 2026. Per 2021 is de ingroeitermijn verlengd van 5 naar 7 jaar.
Voorzieningen x € 1.000
Voorzieningen per 31-12
2022
2023
2024
2025
2026
3e jr WW eigen medewerkers
42
51
60
69
78
Totaal
42
51
60
69
78
Voorziening WW
Bijlagen
Vanaf 2018 zijn werkgevers verplicht om het derde jaar werkeloosheidswet (WW) zelf te betalen. Op het salaris wordt een klein percentage ingehouden en gestort in deze voorziening. Onbekend is of en wanneer er gelden aan deze voorziening onttrokken worden. Het betreft een artikel 44 lid 2 voorziening (door derden beklemde middelen). In 2022 t/m 2026 wordt per jaar € 9.000 gestort in deze voorziening.
40
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
Leningen x € 1.000
Leningen per 31-12
2022
2023
2024
2025
2026
Stand leningen per 1 januari
6.666
12.196
11.226
10.256
9.286
Aflossing
-970
-970
-970
-970
-970
Opname
6.500
0
0
0
0
Eindsaldo per jaar
12.196
11.226
10.256
9.286
8.316
Op basis van de huidige liquiditeitsprognoses verwachten we in 2022 wederom een lening af te sluiten.
De financiële begroting
Overzicht eigen vermogen en vreemd vermogen 2022-2026 x € 1.000
Stand per 31-12 Reserves (=EV)
2022
2023
2024
2025
2026
9.531
8.681
7.934
6.823
6.348
42
51
60
69
78
Leningen
12.196
11.226
10.256
9.286
8.316
Lang vv
12.238
11.277
10.316
9.355
8.394
642
642
642
642
642
Overlopende passiva
3.933
4.160
4.314
4.442
4.427
Kort vv
4.575
4.802
4.956
5.084
5.069
Totaal vv
16.812
16.078
15.271
14.438
13.462
Totaal
26.343
24.759
23.205
21.262
19.810
Voorzieningen
Vlottende passiva
Bijlagen
41
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten
Bijlage 1 Berekening bijdragen externe partijen 2023
Maatwerk
Oud
Nieuw
Onttrekking reserve
Totaal
Almere
463.053
4.754.416
6.571.086
0
11.788.555
Dronten
190.885
1.048.395
1.086.512
0
2.325.792
Lelystad
436.492
2.069.306
2.643.461
0
5.149.259
NOP
0
1.550.815
1.403.426
0
2.954.241
Urk
89.422
513.647
410.515
0
1.013.583
Zeewolde
398.568
702.934
697.264
0
1.798.765
0
0
0
872.431
872.431
1.578.419
10.639.514
12.812.263
872.431
25.902.626
Oud
Nieuw
Egalisatiereserve Totaal
2024
Maatwerk
Onttrekking reserve
Totaal
Almere
463.053
2.396.469
8.852.699
0
11.712.222
Dronten
190.885
796.378
1.459.557
0
2.446.820
Lelystad
436.492
1.043.811
3.561.324
0
5.041.626
0
1.175.702
1.885.281
0
3.060.983
NOP Urk
89.422
389.113
551.462
0
1.029.997
Zeewolde
398.568
533.123
936.663
0
1.868.354
0
0
0
742.625
742.625
1.578.419
6.334.596
17.246.986
742.625
25.902.626
Egalisatiereserve
Bijlagen
Totaal
42
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
3. EMU Enquête
Maatwerk
Oud
Onttrekking reserve
Nieuw
Totaal
Almere
463.053
0
11.179.939
0
11.642.992
Dronten
190.885
537.640
1.838.039
0
2.566.563
Lelystad
436.492
0
4.497.541
0
4.934.033
NOP
0
792.195
2.374.159
0
3.166.354
Urk
89.422
261.995
694.464
0
1.045.880
Zeewolde
398.568
359.363
1.179.552
0
1.937.483
0
0
0
609.320
609.320
1.578.419
1.951.193
21.763.694
609.320
25.902.626
Oud
Nieuw
Egalisatiereserve
4. Taakveldenlijst
Totaal
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten
2025
2026
Maatwerk
Onttrekking reserve
Totaal
Almere
463.053
0
11.179.939
0
11.642.992
Dronten
190.885
272.180
2.221.958
0
2.685.023
Lelystad
436.492
0
4.497.541
0
4.934.033
NOP
0
400.295
2.870.060
0
3.270.354
Urk
89.422
132.290
839.519
0
1.061.231
Zeewolde
398.568
181.656
1.425.931
0
2.006.154
0
0
0
302.838
302.838
1.578.419
986.421
23.034.949
302.838
25.902.626
Egalisatiereserve Totaal
Bijlagen
In bovenstaande berekeningen is bij “oud” uitgegaan van de oude verdeling o.b.v. de vergoeding van de lokale (brandweer)taken en de regionale taken die een verhouding van 70% o.b.v. inwoneraantallen per 1-1-2022 en 30% o.b.v. hectaren kent.
43
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
Risico's
Financiële omvang risico (in €)
Kans
Benodigde dekking (in €)
Horizon
Benodigde dekking gemeenten
Benodigde dekking VRF
Structureel (S) / Incidenteel (I)
Veranderende weten regelgeving
3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst
Wet Datalekken
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten
Bijlage 2 Toelichting risico’s
900.000
15%
135.000
2 jaar
0
67.500
I
200.000
15%
30.000
2 jaar
0
30.000
S
8.200.000
30%
2.460.000
2 jaar
0
2.460.000
S
Stoppen samenwerking met VRGV
294.000
10%
29.400
2 jaar
0
58.800
S
Totaal Risicoprofiel
9.594.000
0
2.616.300
Inkoop en facilitair Inventaris (niet verzekerd) Personeel Taakdifferentatie brandweerpersoneel Samenwerkingsverbanden
2.654.400
Bijlagen
Bovenstaand overzicht is tot stand gekomen conform de bestuurlijk vastgelegde afspraken in de “Nota Weerstandsvermogen 2021 VRF”. De risico’s zijn met een horizon van twee jaar opgenomen en zijn afgestemd met de adviseurs van de gemeenten. N.a.v. overleg met de financieel toezichthouder bij de Provincie Flevoland zijn geen PMposten meer opgenomen in het risicoprofiel.
Toelichting risico’s Hieronder zijn de risico’s omschreven. Daarbij zijn per risico de risicoafweging en beheersmaatregelen nader uitgewerkt.
44
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten
Wet Datalekken Omschrijving risico Vanuit de nieuwe Wet Datalekken zijn organisaties waar een ‘lek’ zich voordoet verplicht dit te melden bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Het gaat om een datalek waarbij gevoelige informatie op ‘straat’ kan komen te liggen. Deze melding moet binnen 72 uur worden gedaan. Doet men dit niet dan kan de Autoriteit Persoonsgegevens een boete opleggen van maximaal € 900.000. Beheersmaatregelen Binnen de veiligheidsregio zijn we bezig om bewustwording aangaande deze wet te vergroten. Daarnaast zijn we op informatisering en automatiseringsgebied bezig om onze ICT-omgeving hierop aan te passen. Daarnaast zet het IFV (NIPV) zich in op dit onderwerp. Restrisico en dekking Ondanks alle maatregelen is het niet ondenkbaar dat er een ‘lek’ kan ontstaan. Indien dit zich voordoet, zullen we dit conform de vereisten melden. Het kan echter voorkomen dat er onbewust is gelekt. Bij onbewust lekken is de termijn van 72 uur uiterst kort. Bij een te late aangifte kan er een boete worden opgelegd. Deze kans schatten wij in op 15%, dat het zich voor kan doen in de komende twee jaar. Omdat het gaat om een incidenteel financieel risico delen we het percentage en daarmee het bedrag door twee, derhalve nemen we € 67.500 op.
Niet verzekerde inventaris gebouwen Omschrijving risico De inventaris die in de kazernes zich bevindt, is grotendeels overgedragen door de gemeenten naar de veiligheidsregio. Deze inventaris is niet verzekerd. Beheersmaatregelen Overwogen wordt om de inventaris, zoals bij VRGV al toegepast wordt, te verzekeren.
Bijlagen
Restrisico en dekking De veiligheidsregio heeft de afweging gemaakt om niet alle inventaris te verzekeren. De inventaris in de kazernes vertegenwoordigt samen wel kapitaal, per individuele kazerne valt dit echter weer mee. Er zal per onderdeel worden beoordeeld of het financieel aantrekkelijk is om het wel te gaan verzekeren of niet. Totaalwaarde van de niet-verzekerde inventaris is ongeveer € 200.000, de kans dat er schade hieraan ontstaat schatten wij in op 15%. Financieel risico € 30.000.
45
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten
Taakdifferentiatie brandweerpersoneel Omschrijving risico In december 2019 is een voorlopig besluit genomen in het Veiligheidsberaad om taakdifferentiatie tussen beroeps en vrijwilligers nader uit te werken. Daarbij gaat het er om dat er objectief vastgesteld kan worden dat er verschil is tussen een vrijwilliger en beroeps. Te denken valt aan differentiatie in zwaarte van de opleiding, het uitvoeren van specialismen, belasting in tijd en beschikbaarheid etc. In de eerste helft van 2022 zal er meer duidelijkheid komen in de gevolgen van taakdifferentiatie. Beheersmaatregelen Als VRF hebben we geen invloed op het vervolgtraject dat gelopen wordt met de betrokken partijen (werkgevers, werknemers en het ministerie van Justitie en Veiligheid). Financieel risico Het financiële risico is voor het gehele land fors, maar met name voor de veiligheidsregio’s die voor een groot deel drijven op vrijwilligheid. Gelet op de eerste aannames blijkt dat er bij de VRF een minimaal risico is van € 4.100.000 per jaar. Het standpunt van de veiligheidsregio’s is dat de extra kosten door taakdifferentiatie volledig door het ministerie van Justitie en Veiligheid gecompenseerd moeten worden. Doordat de verdeling van de rijksmiddelen op dit moment ongewis is loopt de VRF een financieel risico. We gaan ervan uit dat vanaf 2023 invulling aan taakdifferentiatie zal worden gegeven.
Het financieel risico schatten we in op 30% van de extra kosten. Over 2 jaar gerekend is het financieel risico € 2.460.000.
Stoppen van de samenwerking met VRGV
Bijlagen
Omschrijving risico In december 2019 hebben de besturen van de veiligheidsregio’s en GGD’en van Flevoland en Gooi en Vechtstreek een samenwerkingsovereenkomst (SOK) ondertekend. De samenwerking heeft in 2020 geleid tot het samenvoegen van teams en afdelingen. Vanuit extern onderzoek is berekend dat de samenwerking voor VRF een structureel efficiencyvoordeel oplevert van € 294.000. Dit bedrag is taakstellend verwerkt in de begroting. Mocht de samenwerking stoppen dan vervalt het voordeel. Beheersmaatregelen Zowel ambtelijk als bestuurlijk wordt de draagkracht voor de samenwerking zo veel mogelijk ondersteund. Restrisico en dekking Mocht de samenwerking ten einde komen dan vervallen de efficiencyvoordelen. De kans dat dit risico waarheid wordt is ingeschat op 10%. Over twee jaar gerekend is het financieel risico € 58.800.
46
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
Bijlage 3 EMU Enquête Vragenlijst Berekening EMU-saldo Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Veiligheidsregio Flevoland
3. EMU Enquête
Algemene gegevens:
4. Taakveldenlijst
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten
Overheidslaag:
Gemeenschappelijke Regeling
Berichtgevernaam
Veiligheidsregio Flevoland
Berichtgevernummer:
50638
Jaar:
2022
Bestandsnaam:
EMU2200550638.XLS
Omschrijving
Bijlagen
1.
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
2.
Mutatie (im)materiële vaste activa
3.
Mutatie voorzieningen
4.
Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)
5.
Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa Berekend EMU-saldo
2021
2022
2023-2026
x € 1000,-
x € 1000,-
x € 1000,-
Volgens realisatie tot en met sept. 2021, aangevuld met raming resterende periode
Volgens begroting 2022
Volgens meerjarenraming in begroting 2023
-661
-1.001
-876
-1.502
8.797
-1.458
9
10
10
850
-9.788
592
47
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
Bijlage 4 Taakveldenlijst x € 1.000
Begroting 2023
Baten
Lasten
Saldo
0.4
Overhead
0
6.440
6.440
4. Taakveldenlijst
0.5
Treasury
0
0
0
5. Overzicht incidentele baten en lasten
0.10
Mutatie reserves
-872
0
-872
0.11
Resultaat van de rekening baten en lasten
0
0
0
1.1
Crisisbeheersing en brandweer
-30.418
24.851
-5.567
-31.291
31.291
0
De financiële begroting
3. EMU Enquête
Totaal
Bijlagen
48
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2023
Bijlage 5 Overzicht incidentele baten en lasten x € 1.000
Presentatie van het structureel begrotingssaldo
2023
2024
2025
2026
Saldo baten en lasten
872
743
609
303
4. Taakveldenlijst
Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
-872
-743
-609
-303
5. Overzicht incidentele baten en lasten
Begotingssaldo na bestemming
0
0
0
0
Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)
-872
-743
-609
-303
Structureel begrotingssaldo
-872
-743
-609
-303
Onttrekking reserves
872
743
609
303
Totaal
872
743
609
303
Geen
0
0
0
0
Totaal
0
0
0
0
De financiële begroting
3. EMU Enquête
Voordelen
Nadelen
Bijlagen