CConstaterende datDronten
Koppel je AI →
Document · PDF

c32028bf-6c99-4a0b-a461-62eb566252d5.pdf

Raadsvergadering 22 september 2022, gemeente DrontenBij agendapunt: 8.c: AKKOORD Raadsvoorstel Financiële stukken van de Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek inclusief besluitvorming met betrekking het verzoek om zienswijzen21.231 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Jaarstukken OFGV 2021

24

Tabel risico’s en benodigd weerstandsvermogen In de begroting zijn de belangrijkste (financiële) risico’s voor de OFGV vermeld. In deze jaarstukken is het model voor risicobeoordeling en -kwantificering aanbevolen door het Ministerie van BZK gehanteerd. Zie hiervoor de geactualiseerde Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement 2019. In de actualisatie van de Nota zijn de nieuwe strategische risico’s onderkend en de bestaande risico’s geanalyseerd en in stand gebleven. Op de volgende pagina’s is de stand van zaken weergegeven.

Omschrijving risico Indexering Digitale stelsel n.a.v. Omgevingswet Omscholing n.a.v. Omgevingswet Ontwikkelingen op arbeidsmarkt

Opbrengsten

Omvang takenpakket Taakverandering n.a.v. Omgevingswet Eisen aan de taakuitvoering

Effect

Exploitatieverlies kosten

Exploitatieverlies opbrengsten

Schaalnadeel

Productiviteitsverlies

Ziekteverzuim

Beheersmaatregel Kostenbesparing inkoop Vacatures niet invullen Incidentele financiering voor de voorbereiding op de stelsel Incidentele financiering voor de voorbereiding op de Omgevingswet Structurele ophoging van de begroting voor de arbeidsmarkt Businessplan opleidingscentrum Inzicht uitvoering takenpakket Wet- en regelgeving volgen Frictiekosten voor partner Flexibele schil Geactualiseerde GR Spelregels terugtrekken taken Bestuurlijke afspraken over bodemtaken Uniforme uitvoering in PDC Verzuimbeleid Flexibele schil

Klasse Financieel Impact

Benodigde Wegingsfactor Klasse Wegingsfactor weerstandsImpact Frequentie Frequentie capaciteit

€ 210.588

3

€ 175.000

3

0,50

€ 87.500

€ 100.000

2

€ 75.000

3

0,50

€ 37.500

€ 322.163

4

€ 625.000

1

0,10

€ 62.500

€ 80.000

2

€ 75.000

3

0,50

€ 37.500

€ 328.182

4

€ 625.000

2

0,20

€ 125.000

€0

4

€0

3

0,50

€0

€0

4

€0

3

0,50

€0

€ 200.046

3

€ 175.000

3

0,50

€ 87.500

€ 182.233

3

€ 175.000

2

0,20

Totaal benodigde weerstandscapaciteit

Jaarstukken OFGV 2021

€ 35.000

€

25

472.500

1. Indexering In de geactualiseerde Gemeenschappelijke Regeling heeft het AB afspraken gemaakt rondom de indexering van de OFGV begroting. Conform de geactualiseerde Gemeenschappelijke Regeling wordt jaarlijks bij het vaststellen van de begroting voor 80% van de begroting een indexering toegepast, gebaseerd op de Loonvoet sector overheid en voor 20% van de begroting een indexering gebaseerd op de Prijs overheidsconsumptie, netto materieel uit de “Septembercirculaire gemeentefonds” van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Desondanks blijft de OFGV, als gemeenschappelijke regeling, financieel afhankelijk van de deelnemende partijen en beperkt in het mogen aanhouden van reserves. Dat maakt de organisatie extra kwetsbaar als de werkelijke kostenstijging hoger uitvalt dan in de begroting voorzien en loopt de OFGV risico. Als gemiddelde afwijking wordt rekening gehouden met 1.5% per jaar en in 2021 komt dit uit op € 210.600. Stand van zaken 31-12-2021 Jaarlijks bij de vaststelling van de begroting wordt de toekomstige kostenstijging geanalyseerd. In de loop van het begrotingsjaar is regelmatig gemonitord of het toegekende indexpercentage toereikend is voor de werkelijke kostenstijging. Indien nodig wordt gerapporteerd aan het bestuur zodat eventuele maatregelen kunnen worden getroffen. Hierdoor is het risico beperkt. 2. Digitale stelsel n.a.v.

Omgevingswet De aansluiting op het digitale stelsel vergt dat de organisatie volledig digitaal kwalitatief, hoogstaande informatie verzamelt en opmaakt. De digitale voorzieningen van de OFGV dienen flexibel genoeg te zijn om deze ontwikkelingen te kunnen integreren. Stand van zaken 31-12-2021 Bij de invoering van de nieuwe infrastructuur in 2019 heeft de OFGV daar waar mogelijk, voorgesorteerd op de toekomst. Omdat er landelijk nog veel onduidelijkheden zijn rondom het digitale stelsel en de uitwerking daarvan, is de verwachting dat de huidige systemen aanpassingen nodig hebben. Omvang van het risico is moeilijk te bepalen. De schatting voor dit risico is € 100.000. 3. Omscholing n.a.v. Omgevingswet De Omgevingswet vraagt een andere aanpak van vergunningverlening, handhaving en toezicht. Er vindt een verschuiving plaats van vergunningverlening naar het meer aan de voorkant meedenken met initiatiefnemers en handhaving. Deze verandering in het vakgebied vereist een andere manier van denken en werken. Het vergt behalve hogere kwaliteitseisen aan het kennisniveau van medewerkers, andere competenties bij de medewerkers dan voorheen. De medewerkers dienen te worden om- en bijgeschoold. Het risico is dat het daarvoor beschikbare budget niet toereikend is.

Stand van zaken 31-12-2021 In aanloop op de invoering van de wet, die is uitgesteld tot 1 januari 2023, blijft de OFGV actief bezig met de omscholing van de medewerkers zowel inhoudelijk als op het gebied van persoonlijke competenties. Daar waar digitale of aangepaste opleiding mogelijk is worden de opleidingen voortgezet. De schatting van het risico is hoog ad € 322.160 (het bedrag is gebaseerd op gemiddeld € 5.000 per medewerker verminderd met het beschikbare reguliere opleidingsbudget). De kans op dit risico is laag omdat het bestuur er aan de voorkant maatregelen voor heeft getroffen. In de jaren 2020 en 2021 is de begroting van de OFGV opgehoogd met een tijdelijke financiering in het kader van de voorbereidingen op de Omgevingswet. Voor de jaren 2022 en 2023 wordt het bestuur voorgesteld de financiering te continueren op basis van een kosteninschatting.

Jaarstukken OFGV 2021

26

4. Ontwikkelingen op arbeidsmarkt Ondanks de eerste zichtbare effecten van de coronapandemie op de economie, blijft het voor de specialistische functies uiterst moeilijk om personeel te werven. Ook het behouden van het huidige personeel bij de huidige arbeidsmarkt vraagt veel aandacht. De blijvende krapte op de arbeidsmarkt in de branche waar de OFGV werkt heeft een reëel gevolg: een mogelijke hogere inschaling voor de specialistische functies. Stand van zaken 31-12-2021 De genoemde risico’s zijn hoog. Zowel op het vinden en behouden van personeel als op de ‘concurrentie strijd’ ingezet door hogere waardering in functies of arbeidsmarkttoelages. Dit wordt geschat op € 80.000. Geschat wordt dat er gemiddeld 10 medewerkers in een schaal hoger zullen worden geplaatst. 5. Opbrengsten De OFGV genereert extra opbrengsten door meerwerkopdrachten voor de deelnemers uit te voeren en opleidingen voor andere overheden te organiseren. Het risicobedrag is ter grootte van de begrotingspost overige opbrengsten in 2021 € 328.200. Stand van zaken 31-12-2021 De omschrijving van het basistakenpakket in de wet VTH is van invloed op de taken die de deelnemende partijen door de OFGV laten uitvoeren. De OFGV heeft in 2021 voldoende meerwerkopdrachten uitgevoerd. Daarnaast leveren de activiteiten van het opleidingscentrum extra inkomsten op.

Hoewel ervaringen uit het verleden geen garantie voor de toekomst zijn, schat de OFGV het risico laag in. 6. Omvang takenpakket Het AB heeft besloten dat de kosten van een taakwijziging als gevolg van een kleinere of grotere opdracht voor rekening van de veroorzakende deelnemer komen. Er werd van uitgegaan dat hierdoor geen weerstandsvermogen bij de OFGV nodig is. Inmiddels is gebleken dat de gemaakte afspraken in het AB dit risico niet afdekken. Met de geactualiseerde GR en de in het AB afgesproken financiële spelregels is beoogd dit alsnog afdoende te regelen. Stand van zaken 31-12-2021 De actualisatie van de GR is na de publicatie in de Staatscourant in april 2020 door de provincie Flevoland formeel afgerond. In de geactualiseerde GR zijn de financiële spelregels afgesproken. Daarmee zijn eerdere risico’s komen te vervallen. 7. Taakverandering n.a.v. Omgevingswet Met de komst van de Omgevingswet gaat er vanaf 1 juli 2022 veel veranderen op bodemgebied. De gemeente is straks in plaats van de provincie het bevoegd gezag en verantwoordelijk voor de bodemtaken. Dit zijn complexe taken waar specialistische bodemkennis voor nodig is. De OFGV gaat er vanuit dat de gemeenten deze taken bij de OFGV laten liggen waardoor deze verandering alleen tot verschuiving in de financiering zal leiden.

Vanuit het risicoperspectief: zolang er geen vaste afspraken zijn gemaakt loopt de OFGV een risico dat vergelijkbaar is aan de waarde van de bodemtaken in de OFGV. Het risico gaat in met de ingang van de Omgevingswet en is voor het jaar 2021 nihil. Stand van zaken 31-12-2021 De beslissing om deze taken te blijven beleggen bij de OFGV ligt afzonderlijk bij elke gemeente. De OFGV werkt mee aan de ‘warme overdracht’ van de taken vanuit de inhoud maar heeft weinig invloed op de verdere invulling van de uitvoering van deze taken door de gemeenten. De kans op het risico is hoog.

Jaarstukken OFGV 2021

27

8. Eisen aan de taakuitvoering De begroting is gebaseerd op een uniforme VTH-procesgang. Afwijkende situaties per deelnemer (zoals het niet digitaal aanleveren van dossiers of het stellen van afwijkende eisen) zetten de efficiencydoelstellingen onder druk. De tegenvallende efficiency wordt geschat op 2% van de loonsom en komt in 2021 uit op € 200.050. Stand van zaken 31-12-2021 In de Producten en Diensten Catalogus (PDC) worden standaard producten en diensten aangeboden die voor alle deelnemers gelijk zijn. Afwijkende eisen zijn toegestaan, maar worden apart geprijsd. Door deze beheersmaatregel blijft het risico beheerst. Daarnaast is de invoering van de Omgevingswet van invloed op de inhoud van producten en zal leiden tot de mogelijke hervorming van de producten. De kans op het risico is en blijft daardoor hoog. 9. Ziekteverzuim In de begroting is een budget opgenomen van 1% van de salarissom voor inhuur ter vervanging van langdurig zieken. In geval van een hoger ziekteverzuim is er sprake van productiviteitsverlies. Het risicobedrag is bepaald op 3% van de salarissom minus het beschikbare inhuurbudget bij ziekte en bedraagt € 182.200. Stand van zaken 31-12-2021 Het verzuimpercentage in 2021 bedroeg 3,99%. Dit is een flinke daling in het verzuimpercentage ten opzichte van de voorgaande jaren (4.80% in 2020).

Het verzuim kent daarentegen wel een lang gemiddelde duur (6,2 dagen) en een lage melding met een frequentie van 0,66. Dit betekent dat het verzuimpercentage bijna helemaal is opgebouwd door langdurig zieken en bijna niet bestond uit korte ziekperiodes. De huidige cijfers en signalen vanuit de organisatie geven aanleiding om te concluderen dat er geen sprake is van grijs verzuim of sluimerend verzuim. Het thuiswerken lijkt nog steeds een positief effect te hebben op voornamelijk kortdurend verzuim. Daardoor blijft het risico laag. Kengetallen De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing bevat vijf financiële kengetallen. De berekenwijze van de kengetallen is vastgelegd in een ministeriële regeling. Mede op basis van deze kengetallen dient de paragraaf een analyse te geven van de financiële positie van de organisatie. De indicatoren zijn een grofmazig instrument om een uitspraak te kunnen doen over de financiële positie van een organisatie. Indicatoren OFGV Realisatie Begroting Realisatie Kengetallen 2020 2021 2021 Netto schuld quote -3% 0,7% -6% Netto schuld quote gecorrigeerd voor alle leningen -3% 0,7% -6% Solvabiliteitsratio 21% 16% 28% Grondexploitatie nvt nvt nvt Structurele exploitatieruimte 2,7% 0% 1,9% Belastingcapaciteit nvt nvt nvt

Netto schuld quote en netto schuld quote gecorrigeerd voor alle leningen De netto schuld quote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de OFGV ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. De tabel presenteert hiernaast ook de schuldquote gecorrigeerd voor de leningen die de OFGV heeft uitstaan (deze middelen vloeien immers op termijn terug). Omdat bij de OFGV de bezittingen groter zijn dan de schuldenlast, ontstaat een negatieve schuld quote. Op beide indicatoren scoort de OFGV goed, omdat de Jaarstukken OFGV 2021

28

OFGV geen leningen heeft en dus ook geen rente en aflossingen betaalt. Solvabiliteit De solvabiliteit geeft de mate aan waarin de bezittingen (balanstotaal) zijn gefinancierd uit eigen middelen (eigen vermogen). Dit geeft inzicht in de mate waarin de OFGV in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De OFGV scoort voor 2021 28% op deze indicator. Volgens de VNG-norm is 50% een gezonde indicator, dat wil zeggen dat de helft van de balans uit eigen middelen bestaat. De OFGV scoort lager omdat de OFGV conform het door het AB vastgestelde risicobeleid beperkt is in het aanhouden van reserves. Grondexploitatie Het financiële kengetal 'grondexploitatie' geeft aan hoe groot de investeringen in grondposities (boekwaarde) zijn ten opzichte van de jaarlijkse baten. Deze indicator is niet van toepassing omdat de OFGV geen grondposities heeft. Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting en jaarrekening wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen. Voorbeelden van structurele baten zijn de partnerbijdragen. Bij structurele lasten zijn dat bijvoorbeeld de personeelslasten en kapitaallasten.

Wanneer de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten, dan is de organisatie meer flexibel dan wanneer deze gelijk zijn. De indicator 'structurele exploitatieruimte' geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte is. Dit laat zien in hoeverre de OFGV in staat is om structurele tegenvallers op te vangen. Volgens de VNG-norm is 0,6% een gezonde indicator, dat wil zeggen dat er structureel 'geld over' is. De OFGV scoort boven de norm. Belastingcapaciteit Het financiële kengetal 'belastingcapaciteit' geeft aan hoe belastingtarieven zich verhouden tot het landelijk gemiddelde. Deze indicator is niet van toepassing omdat de OFGV geen belastingen heft. A.2.3 Onderhoud kapitaalgoederen De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen bevat op grond van het BBV in ieder geval de volgende kapitaalgoederen: wegen, riolering, water, groen en gebouwen. Voor de OFGV is geen van deze onderdelen van toepassing. Het gebouw waarin de OFGV is gevestigd, is gehuurd. In de toelichting op de balans in paragraaf B.3.2 is een overzicht van de investeringen opgenomen. Het betreffen investeringen met economisch nut in meubilair/inventaris, ICT, de verbouwingskosten van het gehuurde pand en investeringen in handhavingsschepen. Voor deze investeringen wordt een onderhoudsplan opgesteld.

A.2.4 Financiering In de financieringsparagraaf worden conform de Wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden) de ontwikkelingen weergegeven met betrekking tot de kasgeldlimiet, de renterisiconorm, de toe- en/of afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid ten aanzien van treasury. Treasurystatuut De randvoorwaarden waarbinnen de treasury zich kan en mag bewegen zijn geformuleerd in het treasurystatuut. Het treasurystatuut voldoet aan wettelijke kaders zoals gesteld door de

Jaarstukken OFGV 2021

29

Wet FIDO en RUDDO (Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden) en het wettelijk verplichte schatkistbankieren. Risicobeheer financieringsportefeuille In de onderstaande tabel zijn zowel de risico’s van de financieringsportefeuille weergegeven als de realisatie in 2021. Risico Koersrisico

Valutarisico

Rente risiconorm Kasgeldlimiet

Omschrijving Het beheersen van de risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen. Het beheersen van risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat op een bepaald moment de waarde van de vreemde valutastromen, uitgedrukt in eigen valuta, afwijkt van hetgeen verwacht werd op het beslissingsmoment. Het beperken van de financiering met langlopende geldleningen tot een maximum van 20% van het begrotingstotaal. Het beperken van de financiering met (duurdere) kortlopende geldleningen tot een maximum van 8,2% van het begrotingstotaal.

Realisatie De OFGV bezit geen derivaten, daardoor is er geen sprake van koersrisico.

De OFGV bezit geen vreemde valuta, daardoor is er geen sprake van valutarisico. De OFGV heeft geen langlopende leningen, daardoor is er geen sprake van renterisico. De OFGV heeft geen kortlopende leningen, daardoor wordt de kasgeldlimiet niet overschreden.

Financieringssystematiek De bijdragen van de deelnemende partijen met ingang van 2018 zijn berekend op basis van de Kostenverdeelsystematiek (KVS) conform het AB besluit van 28 juni 2017 waarbij de bijdrage steeds voor de periode va drie jaar vastligt. Met de KVS wordt de kostenverdeling tussen de deelnemende partijen in overeenstemming gebracht met de werkzaamheden die voor de verschillende partijen worden uitgevoerd. De afspraken rondom facturatie zijn niet gewijzigd. De OFGV heeft in 2021 de vastgestelde bijdrage van zijn deelnemers conform KVS per kwartaal gefactureerd middels voorschotnota’s. Deze voorschotnota’s zijn steeds een maand voor aanvang van het kwartaal aan de deelnemers verzonden. A.2.5 Bedrijfsvoering Bij bedrijfsvoering gaat het vooral om interne dienstverlening. Interne dienstverlening omvat de activiteiten op het gebied van HRM, Communicatie, Informatiemanagement, Facilitaire zaken en Control. Voor het jaar 2021 zijn de volgende bijzonderheden te melden: In de zomer is het medewerkersonderzoek van de OFGV afgerond. Onder andere bevlogenheid, werkdruk en sociale veiligheid zijn onderzocht. De directie en medewerkers zijn erg trots op de uitkomsten. Op alle onderzochte onderdelen komt een score waarin de OFGV positief afwijkt van de benchmark en de resultaten op zichzelf staand een positieve ervaring weergeeft.

Zo zijn medewerkers trots op hun vakmanschap en verloopt de onderlinge samenwerking goed. De resultaten zijn op organisatie en teamniveau besproken. Alle medewerkers hebben daarin deelgenomen en actief met elkaar gesproken over de goede Jaarstukken OFGV 2021

30

punten en de verbeterkansen. Elk team voor zich en de directie op organisatieniveau hebben actiepunten voor de komende jaren geformuleerd. Deze worden cyclisch geëvalueerd om de voortgang te bewaken en hier naar de organisatie over te communiceren. Ondanks dat de pandemie nog niet achter ons ligt en wijzigende maatregelen flexibiliteit en aanpassing vragen, richt de OFGV zich op de toekomst. Samen met de medewerkers en de Ondernemingsraad zal verder invulling worden gegeven aan plaats onafhankelijk werken. Niet vanuit de verplichting maar vanuit de wens. Eerder heeft het bestuur de krapte op de arbeidsmarkt voor de OFGV erkend en de mogelijkheid gecreëerd voor de inzet van een recruiter door de OFGV. In 2021 is gewerkt aan een arbeidsmarktcommunicatiecampagne gericht op employee branding. De campagne wordt in het eerste kwartaal van 2022 gelanceerd. In 2021 is uitvoering gegeven aan het reduceren van de gevolgen van de uittreding van de gemeente Weesp uit de gemeenschappelijke regeling. In gezamenlijk overleg zijn de taken, begrotingskosten en de frictiekosten in beeld gebracht. Medewerkers zijn actief gestimuleerd om over te stappen naar de gemeente Amsterdam en de NZKG. Drie medewerkers zijn met ingang van 1 januari 2022 in dienst bij de gemeente Amsterdam. In 2021 heeft een wisseling van de accountant plaatsgevonden.

Het boekjaar 2021 wordt door de nieuwe accountant Publieke Sector Accountants B.V. gecontroleerd. Met ingang van de jaarrekening 2022 dient de OFGV net als alle gemeenten en provincies een rechtmatigheidsverantwoording op te nemen. Hiermee legt het bestuur verantwoording af over de naleving van de financiële regels in de organisatie. In 2021 heeft de OFGV in samenwerking met de nieuwe accountant hiervoor de nodige voorbereidingen gedaan. A.2.6 Verbonden partijen De gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek (OFGV) is een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Almere, Blaricum, Dronten, Gooise Meren, Hilversum, Huizen, Laren, Lelystad, Noordoostpolder, Urk, Weesp, Wijdemeren en Zeewolde, de provincie Flevoland en de provincie Noord-Holland. De OFGV had in 2021 geen verbonden partijen. A.2.7 Grondbeleid Het grondbeleid omvat het gehele instrumentarium dat een gemeente of provincie ter beschikking staat om de vastgestelde ruimtelijke en deels ook economische doelstellingen te realiseren. De OFGV is niet bevoegd om een (eigen) grondbeleid op te stellen. A.2.8 Rechtmatigheid De OFGV heeft zijn bedrijfsvoeringsprocessen op het gebied van financiën, inkoop en HRM beschreven in een Administratieve Organisatie. In de processen zijn beheersmaatregelen opgenomen om mogelijke risico’s te ondervangen.

Regelmatig worden deze processen geëvalueerd en wordt de Administratieve Organisatie geüpdatet. Gedurende 2021 zijn de interne controles uitgevoerd die beschreven zijn in het Interne Controle Plan. Daaruit is gebleken dat de processen worden gevolgd. Bij de interim controle in 2021 heeft de accountant opgemerkt dat de interne beheersing van een hoog niveau is en dat de eventuele aanwezige risico’s tijdig worden opgemerkt en ondervangen. Ten opzichte van eerdere jaren zijn er geen nieuwe constateringen gedaan. Jaarstukken OFGV 2021

31

B. Jaarrekening 2021 B.1 Balans ACTIVA Investeringen met een economisch nut MATERIËLE VASTE ACTIVA

31-12-2021 726.917

TOTAAL VASTE ACTIVA

Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen UITZETTINGEN MET EEN RENTETYPISCHE LOOPTIJD KORTER DAN ÉÉN JAAR Banksaldi LIQUIDE MIDDELEN De voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel, nog te ontvangen van: - Europese overheidslichamen - het Rijk - overige Nederlandse overheidslichamen Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen OVERLOPENDE ACTIVA

31-12-2020 872.750

726.917

872.750

726.917

872.750

586.615

2.991.869

4.246.259 6.766

2.181.402 18.122 4.839.640

199.961

5.191.392 199.964

199.961

199.964

-

13.649

142.216

174.268 142.216

187.917

TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA

5.181.817

5.579.272

TOTAAL ACTIVA

5.908.734

6.452.022

PASSIVA

31-12-2021

31-12-2020

Algemene reserve Bestemmingsreserves

668.600 404.247

619.000 156.263

Resultaat reguliere budgetten Resultaat directe productiekosten Overig resultaat Cumulatief resultaat

153.954 415.845 569.799

304.052 84.044 167.507 555.603

EIGEN VERMOGEN

1.642.644

1.330.865

TOTAAL VASTE PASSIVA

1.642.644

€ 1.330.865

Overige schulden NETTO-VLOTTENDE SCHULDEN MET EEN RENTETYPISCHE LOOPTIJD KORTER DAN ÉÉN JAAR

Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume De voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren, ontvangen van: - Europese overheidslichamen - het Rijk - overige Nederlandse overheidslichamen Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen OVERLOPENDE PASSIVA

263.090

222.281 263.090

1.639.561

222.281

1.337.785

-

108.182 2.255.257

3.561.092 4.003.000

4.898.876

TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA

4.266.090

€ 5.121.157

TOTAAL PASSIVA

5.908.734

€ 6.452.022

Jaarstukken OFGV 2021

32

B.2 Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over het begrotingsjaar a. Reguliere budget

1 BIJDRAGEN DEELNEMERS 1.1 Almere 1.2 Lelystad 1.3 Zeewolde 1.4 Flevoland 1.5 Urk 1.6 Dronten 1.7 Noordoostpolder 1.8 Noord Holland 1.9 Gooise Meren 1.10 Hilversum 1.11 Weesp 1.12 Huizen 1.13 Wijdemeren 1.14 Blaricum 1.15 Laren Subtotaal reguliere bijdrage deelnemers 2 ANDERE BIJDRAGEN 2.6 Overige opbrengsten Totaal reguliere baten

Begroting na wijziging

Begroting voor wijziging

€ € € € € € € € € € € € € € € €

1.636.772 1.341.694 649.642 3.719.040 353.657 1.238.351 1.383.820 582.972 929.812 607.646 331.670 241.998 549.109 125.516 115.027 13.806.727

€ € € € € € € € € € € € € € € €

1.636.772 1.341.694 649.642 3.719.040 353.657 1.238.351 1.383.820 582.972 929.812 607.646 331.670 241.998 549.109 125.516 115.027 13.806.727

€ 1.376.583 € 1.282.256 € 650.334 € 3.723.002 € 354.033 € 1.239.670 € 1.385.294 € 583.593 € 930.803 € 608.293 € 332.024 € 242.256 € 549.694 € 125.650 € 115.149 € 13.498.632

€ € € € € € € € € € € € € € € €

€ €

744.027 14.550.754

€ €

328.182 14.134.909

€ 328.182 € 13.826.814

€ €

Realisatie 2021

Begroting na wijziging

Begroting voor wijziging

€ € € € € € €

10.041.273 98.718 1.420.662 82.462 11.643.113 354.373 282.143

€ € € € € € €

10.002.295 100.000 1.135.283 117.836 11.355.414 392.837 524.549

€ 10.932.209 € € 35.283 € 105.035 € 11.072.527 € 378.833 € 513.345

€ € € € € € €

-38.978 1.282 -285.379 35.375 -287.699 38.464 242.406

€ € €

145.304 40.548 39.819

€ € €

119.144 33.097 45.009

€ € €

119.144 33.097 45.009

€ € €

-26.160 -7.451 5.190

€ € €

96.256 30.018 39.819

€ € € € € € €

308.615 69.143 795.950 79.845 146.998 26.981 48.123

€ € € € € € €

336.474 143.414 710.729 121.352 198.444 27.579 71.707

€ € € € € € €

336.474 143.414 710.729 121.352 198.444 27.579 71.707

€ € € € € € €

27.859 74.272 -85.221 41.508 51.446 598 23.584

€ € € € € € €

301.933 123.402 763.696 98.083 155.641 33.386 48.834

€ €

13.980.955

€ €

55.160 14.134.909

€ 55.160 € 13.826.814

€ €

55.160 153.954

€ 28.443 € 13.336.915

Realisatie 2021

Begroting na wijziging

Begroting voor wijziging

LASTEN REGULIERE BUDGET 1 PERSONEEL 1.1a Salarissen 1.1b Samenwerking bedrijfsvoering 1.1c Flexibele schil 1.1d Inhuur bij ziekte Subtotaal personeelskosten 1.2 Opleidingskosten 1.3 Algemene personeelskosten 3 KAPITAALLASTEN 3.1 Afschrijving ICT 3.2 Afschrijving Meubilair 3.3 Afschrijving Verbouwing 4 INDIRECTE KOSTEN 4.1 Huisvesting (pandgebonden) 4.2 Huisvesting (niet-pandgebonden) 4.3 Informatiemanagement 4.4 Wagenpark 4.5 Diverse kosten 4.6 Accountant 4.7 HRM 5 ONVOORZIEN 5.1 Onvoorzien Totaal reguliere lasten

Verschil realisatie en begroting

Realisatie 2021

BATEN REGULIERE BUDGET

-415.845 -415.845

Realisatie 2020 € 870.274 € 1.495.187 € 745.866 € 3.541.345 € 269.315 € 986.704 € 1.432.664 € 924.833 € 884.289 € 553.010 € 373.215 € 300.351 € 473.623 € 154.187 € 141.577 € 13.146.440 € 662.033 € 13.808.473

Verschil realisatie en begroting

Realisatie 2020 € 9.590.030 € 97.397 € 1.134.745 € 23.629 € 10.845.802 € 495.467 € 276.134

b. Directe productiekosten DIRECTE PRUDUCTIEKOSTEN 6 BATEN DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN 6.1 Directe productiekosten Flevoland 6.2 Directe productiekosten Almere 6.3 Directe productiekosten Gooise Meren 6.4 Directe productiekosten Noord-Holland Totaal baten directe productiekosten 6 LASTEN DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN 6.1 Directe productiekosten Flevoland 6.2 Directe productiekosten Almere 6.3 Directe productiekosten Gooise Meren 6.4 Directe productiekosten Noord-Holland Totaal lasten directe productiekosten

Jaarstukken OFGV 2021

Verschil realisatie en begroting

Realisatie 2020

€ € € € €

145.033 1.309 146.342

€ € € € €

210.048 1.309 12.633 8.507 232.497

€ € € € €

210.048 1.309 12.633 8.507 232.497

€ € € € €

65.015 12.633 8.507 86.155

€ € € € €

241.425 1.286 12.410 8.356 263.477

€ € € € €

145.033 1.309 146.342

€ € € € €

210.048 1.309 12.633 8.506 232.497

€ € € € €

210.048 1.309 12.633 8.506 232.497

€ € € € €

65.015 0 12.633 8.506 86.155

€ € € € €

175.642 1.286 2.505 179.433

33

c. Subsidies Realisatie 2021

SUBSIDIES 2 ANDERE BIJDRAGEN - BATEN SUBSIDIES 2.2 Omgevingsveiligheid 2.7 Diverse subsidies Totaal baten subsidies 7 OVERIGE KOSTEN - LASTEN SUBSIDIES 7.2 Omgevingsveiligheid 7.5 Diverse subsidies Totaal lasten subsidies

Begroting na wijziging

Begroting voor wijziging

Verschil realisatie en begroting

Realisatie 2020

€ € €

19.329 19.329

€ € €

25.008 25.008

€ € €

200.000 200.000

€ € €

5.679 5.679

€ € €

107.316 107.316

€ € €

19.329 19.329

€ € €

25.008 25.008

€ € €

200.000 200.000

€ € €

5.679 5.679

€ € €

107.316 107.316

d. Innovatieprojecten uit reserve

Realisatie 2021

Begroting na wijziging

Begroting voor wijziging

Verschil realisatie en begroting

€ €

52.016 52.016

€ €

238.549 238.549

€ €

-

€ €

186.533 186.533

€ €

104.993 104.993

€ €

52.016 52.016

€ €

238.549 238.549

€ €

-

€ €

186.533 186.533

€ €

104.993 104.993

INNOVATIEPROJECTEN UIT RESERVE 2 ANDERE BIJDRAGEN - ONTTREKKING RESERVES 2.2 Onttrekking reserve Innovatie en Ontwikkeling Totaal baten reserves 7 OVERIGE KOSTEN - INNOVATIEPROJECTEN 7.8 Diverse innovatieprojecten Totaal lasten innovatieprojecten

Realisatie 2020

e. Totaaloverzicht

Totaal baten Totaal lasten exclusief overhead en onvoorzien Totaal overhead Totaal onvoorzien Gerealiseerd saldo van baten en lasten Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

Jaarstukken OFGV 2021

Begroting na Realisatie 2021 wijziging € 14.716.424 € 14.392.414 € 9.949.015 € 9.678.910 € 4.249.627 € 4.896.893 € € 55.160 € 517.783 € -238.549 € 52.016 € 238.549 € 569.799 € 0

Begroting voor wijziging € 14.259.311 € 9.345.558 € 4.858.593 € 55.160 € 0 € € 0

Verschil realisatie en begroting € -324.010 € -270.105 € 647.266 € 55.160 € -756.332 € 186.533 € -569.799

Realisatie 2020 € 14.179.266 € 9.221.629 € 4.478.585 € 28.443 € 450.610 € 104.993 € 555.603

34

B.3 Toelichtingen B.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het betreffende balanshoofd anders is vermeld, zijn de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten zijn slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, zijn in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Balans De materiële vaste activa betreffen overige investeringen met economisch nut. Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden zijn op de desbetreffende investering in mindering gebracht. In die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen zijn vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde.

Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, als deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: Vervoermiddelen: • Kleine handhavingsschepen 15 jaar • Grote handhavingsschepen 30 jaar Machines, apparaten en installaties: • Geluidsmeetsysteem 10 jaar Overige materiële vaste activa: • Verbouwingskosten 10 jaar • Meubilair 10 jaar • Audiovisuele apparatuur 5 jaar • ICT-hardware 2-3 jaar De vorderingen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. De liquide middelen, overlopende activa en overlopende posten zijn opgenomen tegen nominale waarde. De vlottende passiva zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.

Jaarstukken OFGV 2021

35

B.3.2 Toelichting op de balans per 31 december Activa Vaste activa De materiële vaste activa betreffen de kapitaaluitgaven waar tegenover een actief staat met een nuttigheidsduur over meerdere jaren. Er wordt onderscheid gemaakt in investeringen met economisch nut en investeringen met maatschappelijk nut. Investeringen met economisch nut zijn alle investeringen die bijdragen aan de mogelijkheid middelen te verwerven en/of verhandelbaar zijn. Investeringen met maatschappelijk nut zijn investeringen die geen middelen genereren, maar wel duidelijk een publieke taak vervullen zoals wegen. De OFGV heeft geen activa met maatschappelijk nut. Overige investeringen met een economisch nut Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal

Boekwaarde 31-12-2021 491.014 235.904 € 726.917

Boekwaarde 31-12-2020 512.871 359.879 € 872.750

In onderstaand schema is het verloopoverzicht weergegeven van investeringen met economisch nut. Overige investeringen met een economisch nut Vervoermiddelen Mac hines, apparaten en installaties Overige materiële vaste ac tiva: Verbouwing Inventaris Hardware ICT Totaal

Boekwaarde 1-1-2021 512.871 82.822 80.622 196.434 € 872.750

Investeringen 35.408 -

€

17.194 84.502 137.103

Desinvesteringen € -

€

Afschrijvingen 21.857 -

Bijdrage van derden 35.408 -

39.819 40.548 145.304 247.528

€ 35.408

Afwaardering -

€

-

Boekwaarde 31-12-2021 € 491.014 € € € 43.003 € 57.268 € 135.632 € 726.917

In 2021 is € 35.408 geïnvesteerd in de beschoeiing van het steunpunt Elburg ten behoeve van de groene handhaving voor de provincie Flevoland. De bijdrage van Flevoland hiervoor is verantwoord als bijdrage van derden. De investering in inventaris van € 17.194 betreft de levering van geluidsmeetsystemen. Daarnaast zijn in 2021 de mobiele telefoons vervangen voor een totaalbedrag van € 84.502. De telefoons zijn vervangen omdat ze verouderd zijn en de intensiteit van het huidige gebruik niet meer aan kunnen. De nieuwe telefoons zijn daarnaast binnen één veiligheidssysteem gehangen wat niet mogelijk was bij de oude telefoons. De investeringskredieten zijn middels begrotingswijzigingen door het AB beschikbaar gesteld. Er hebben zich geen waardeverminderingen voorgedaan. Vlottende activa In het volgende schema is het overzicht van de uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar weergegeven.

Jaarstukken OFGV 2021

36

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

Boekwaarde 31-12-2021

Vorderingen op openbare lic hamen Uitzettingen in 's Rijks sc hatkist met een rentetypisc he looptijd korter dan één jaar €

Boekwaarde 31-12-2021

Boekwaarde 31-12-2020

586.615

-

586.615

2.991.869

4.246.259

-

4.246.259

2.181.402

6.766

-

6.766

Overige vorderingen Totaal

Voorziening oninbaarheid

4.839.640

€

-

€

4.839.640

18.122 €

5.191.392

De vorderingen op openbare lichamen zijn de aan de deelnemers vooruit gefactureerde bijdrage 1e kwartaal 2021, facturen voor meerwerkopdrachten en opleidingskosten. Het saldo per 31-12-2021 aan vorderingen op openbare lichamen is lager dan in het voorgaande jaar omdat er minder facturen door de partners en andere overheden nog vóór 31-12 zijn betaald. Daarnaast is het resultaat van 2020 overeenkomstig de besloten resultaatbestemming voor een deel toegevoegd aan de reserves en zorgt het positieve resultaat over 2021 voor het hoge saldo van de uitzettingen in ’s Rijks schatkist. Het drempelbedrag voor middelen die buiten ’s Rijks schatkist mogen worden gehouden is € 250.000 voor het 1ste en 2de kwartaal 2021. Vanaf 1 juli 2021 is het drempelbedrag aangepast met een verhoging van de ondergrens van € 250.000 naar € 1 miljoen euro. De rekening-courant bij de Bank Nederlandse Gemeenten roomt dagelijks de middelen boven € 200.000 af. Alle liquide middelen boven het bedrag van € 200.000 zijn aangehouden bij ’s Rijks schatkist. Er zijn geen andere uitzettingen geweest.

Drempelbedrag schatkistbankieren Op dagbasis buiten 's Rijks sc hatkist gehouden middelen Drempelbedrag Ruimte onder drempelbedrag

Kwartaal 1

Kwartaal 2

200.000

200.000

200.000

200.000

250.000

250.000

1.000.000

1.000.000

50.000

50.000

800.000

800.000

-

-

-

-

Oversc hrijding van het drempelbedrag

Kwartaal 3

Kwartaal 4

Onderstaand schema betreft de liquide middelen. Liquide middelen BNG bank lopende rekening BNG bank schatkistbankieren Totaal

Boekwaarde 31-12-2021 199.961 € 199.961

Boekwaarde 31-12-2020 199.964 € 199.964

Het banksaldo betreft het saldo in rekening-courant bij de Bank Nederlandse Gemeenten. De BNG schatkistbankieren rekening is een tussenrekening, bedoeld voor het overboeken van saldi van en naar de rekening bij het Ministerie. In onderstaand schema is een specificatie van de overlopende activa weergegeven.

Jaarstukken OFGV 2021

37

Boekwaarde 31-12-2021

Overlopende activa De voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel, nog te ontvangen van: - Europese overheidslichamen - het Rijk - overige Nederlandse overheidslichamen Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal

Boekwaarde 31-12-2020

-

€

13.649

142.216 142.216

€

174.268 187.917

Het volgende schema betreft het verloopoverzicht van de voorschotbedragen. De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Impuls omgevingsveiligheid Flevoland Impuls omgevingsveiligheid Noord-Holland Totaal

Saldo 1-1-2021 6.400 7.249 13.649

Toevoegingen -

Ontvangen bedragen 6.400 7.249 13.649

Saldo 31-12-2021 -

In 2020 zijn beschikkingen en bijdragen (voorschotten) ontvangen voor Impuls omgevingsveiligheid van provincie Noord-Holland en provincie Flevoland. Het saldo op 31-122020 bestaat uit de nog te ontvangen subsidies over het jaar 2020 (het verschil tussen het toegekende subsidiebedrag en de in de loop van het jaar uitbetaalde voorschot) opgenomen in de balans onder de overlopende activa. Met ingang van 2021 loopt de financiering van omgevingsveiligheid via de gemeenten. De OFGV heeft hiervoor in 2021 geen voorschotbedragen ontvangen. Onderstaand schema bevat de nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen. Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

Boekwaarde 31-12-2021

Boekwaarde 31-12-2020

Huur en servic es

2.935

8.686

Lease voertuigen Verzekeringen

6.150 2.907

7.289 48.895

77.387 52.837 142.216

35.756 73.641 174.268

Opleidingen Overig Totaal

€

€

Het saldo is lager dan op 31-12-2020. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt doordat eenaantal vooruitontvangen facturen die zijn binnengekomen vóór de balansdatum begin januari 2022 zijn betaald. Deze facturen zijn daardoor geëlimineerd op de balans. Passiva Vaste passiva Het in de balans opgenomen “eigen vermogen” bestaat uit de reserves en het resultaat na bestemming. Eigen vermogen Algemene reserve Overige bestemmingsreserves Resultaat na bestemming Totaal

Jaarstukken OFGV 2021

Boekwaarde 31-12-2021 668.600 404.247 569.799 € 1.642.645

Boekwaarde 31-12-2020 619.000 156.263 555.603 € 1.330.865

38

De OFGV heeft op 31-12-2021 twee reserves. De algemene reserve is ingesteld ter dekking van fluctuaties in de exploitatie en het opvangen van tegenvallers in de toekomst. Deze maakt deel uit van het weerstandsvermogen van de OFGV. Er wordt geen rente toegevoegd aan de reserve. Het maximale saldo van de reserve bedraagt 5% van het begrotingstotaal. Het huidig saldo van de algemene reserve bedraagt € 668.600. Deze reserve is in 2021 vanuit het rekeningresultaat 2020 met € 49.600 aangevuld tot het mogelijke maximum. De bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling is ingesteld voor het bekostigen van innovatieve projecten waarmee extra inkomsten, resultaats-en/of kwaliteitsverbetering kunnen worden behaald. Het AB heeft in juni 2017 de volgende spelregels van deze bestemmingsreserve vastgesteld: de reserve wordt aangevuld vanuit het overschot op de overige inkomsten. Hierbij wordt een plafond van maximaal € 300.000 gehanteerd met als peildatum 31 december om te monitoren of dat plafond al dan niet wordt overschreden. Als op 31 december blijkt dat daarmee het plafond van € 300.000 wordt overschreden, dan wordt het meerdere alsnog direct uitbetaald aan de partners. In februari 2020 heeft het AB de spelregels van deze bestemmingsreserve verder geëxpliciteerd door te stellen dat het plafond van € 300.000 betrekking heeft op onbestemde middelen.

Dat betekent dat er op 31-12 een bedrag hoger dan € 300.000 kan resteren in de reserves en dus geen teruggave aan de partners plaatsvindt indien de middelen al zijn bestemd. De uitgaven worden dan in de volgende boekjaren gedaan. In 2021 heeft een aanvulling van € 300.000 van de bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling plaatsgevonden. Voor de diverse innovatieprojecten is in totaal € 52.016 onttrokken. Op 31 december 2021 is het saldo van de bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling € 404.247.

Verloop reserves Algemene reserve Bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling Totaal

Saldo 1-1-2021 619.000 156.263 € 775.263

Mutaties uit hoofde van de bestemming van het resultaat van het voorgaande boekjaar

Mutaties via de resultaatbestemming bij het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening

Toevoeging 49.600 300.000 € 349.600

Toevoeging € -

Onttrekking € -

Saldo Onttrekking 31-12-2021 668.600 52.016 404.247 € 52.016 1.072.846

Het positieve deel van het resultaat 2020 ad € 84.044 dat behaald is op de directe productiekosten, is conform de vastgestelde resultaatbestemming terugbetaald aan de provincies Flevoland en Noord-Holland en de gemeente Gooise Meren. Het resterende resultaat van € 121.959 is terugbetaald aan de partners conform verdeelsleutel. Het rekeningresultaat over 2021 is positief en bestaat uit de volgende resultaten: • op de reguliere budgetten € 153.954; • op de overige inkomsten € 415.845. Met ingang van 2021 worden de overschotten op de directe productiekosten verantwoord onder de overlopende passiva en maken zij geen deel meer uit van de resultaatbestemming. Een voorstel tot resultaatbestemming wordt na vaststelling van deze jaarstukken voorgelegd aan raden en Staten. Nadat zij zienswijzen hebben kunnen indienen, stelt het AB in november 2022 de resultaatbestemming vast. Alle mutaties van de reserves zijn incidenteel. De realisatie is conform de door het AB vastgestelde geraamde toevoegingen en onttrekkingen.

Jaarstukken OFGV 2021

39

Vlottende passiva In onderstaand schema is het overzicht van de schulden met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar weergegeven. Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Sc hulden aan openbare lic hamen Overige sc hulden Totaal

Boekwaarde 31-12-2021 52.729 210.362 € 263.090

Boekwaarde 31-12-2020 26.545 195.736 € 222.281

Het saldo is hoger dan op 31-12-2020. De verschillen tussen de saldi op 31-12-2021 en 31-12-2020 worden vooral verklaard doordat er veel inkoopfacturen in de laatste dagen van het jaar zijn ontvangen en niet vóór eind van het jaar zijn betaald. Het saldo van de schulden aan openbare lichamen is als volgt: Schulden aan openbare lichamen

Boekwaarde 31-12-2021

Gemeente Lelystad samenwerking bedrijfsvoering Overige publiekrechtelijke crediteuren Totaal €

18.426 34.303 52.729

Boekwaarde 31-12-2020

€

19.847 6.697 26.545

De overige schulden betreffen diverse leveranciers. Het saldo is als volgt: Overige schulden aan crediteuren Flexibele sc hil Groene handhavingkosten Opleidingen Informatiemanagement Overige privaatrec htelijke c rediteuren Totaal

Boekwaarde 31-12-2021 169.555 800 19.209 2.451 18.346 € 210.362

Boekwaarde 31-12-2020 127.458 24.455 31.441 3.186 9.196 € 195.736

In onderstaande tabel is de overige overlopende passiva vermeld.

Overlopende passiva

Boekwaarde 31-12-2021

Boekwaarde 31-12-2020

1.639.561

1.337.785

Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume De voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren, ontvangen van:

-

-

- Europese overheidslichamen

-

-

- het Rijk

-

-

108.182

-

- overige Nederlandse overheidslichamen Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen Totaal

Jaarstukken OFGV 2021

2.255.257 €

4.003.000

3.561.092 €

4.898.877

40

In de volgende tabel zijn de verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in 2022 tot betaling komen opgenomen. Dit met uitzondering van de jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een vergelijkbaar volume. Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume

Boekwaarde 31-12-2021

Boekwaarde 31-12-2020

515.017

457.943

590.441 135.551 49.094 7.650 223.376 118.433 1.639.561

573.203 130.796 32.874 16.000 1.750 125.220 1.337.785

BTW Loonheffing Pensioenpremie Inhuur externe deskundigheid Accountantskosten ICT en telefonie Lonen en sociale lasten Overige transitoria Totaal

€

€

Het saldo van de te betalen BTW is hoger dan op 31-12-2020. Dit komt doordat meer meerwerkopdrachten en opleidingen zijn gefactureerd. De gefactureerde meerwerkopdrachten en opleidingen zijn in 2021 hoger dan in 2020. De loonheffing en de pensioenafdrachten vallen hoger uit als gevolg van de groei in het personeelbestand. Onder de nog te betalen lonen en sociale lasten vallen de eenmalige uitkering over 2021 van € 1.200 per fte en de salarisstijging van 1,5% per 1 december 2021 conform de CAO SGO 2021-2022. Het volgende schema betreft het verloopoverzicht van de voorschotbedragen. De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Directe productiekosten Flevoland Directe productiekosten Almere Directe productiekosten Gooise Meren Directe productiekosten Noord-Holland Totaal

Saldo 1-1-2021 € -

Vrijgevallen Ontvangen bedragen of Saldo bedragen terugbetalingen 31-12-2021 332.944 245.902 87.042 1.309 1.309 12.633 12.633 8.507 8.507 € 355.393 € 247.211 € 108.182

De ontvangen bedragen directe productiekosten Flevoland betreffen de begrote bijdrage van Flevoland ad € 210.000, de extra bijdrage van Flevoland voor modernisering grondwatermeetnet ad € 22.000, de legesopbrengsten ad € 95.000 en de vergoeding groene handhaving randmeren ad € 5.000. Gebeurtenissen na balansdatum In januari 2022 is een akkoord gesloten over de CAO SGO 2021-2022. De financiële verplichtingen over 2021 zijn verwerkt in deze jaarrekening. Niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen Een aantal overeenkomsten uit 2021 loopt door naar het jaar 2022. De grootste meerjarige verplichtingen betreffen het huurcontract van het pand (inclusief servicekosten), meubilair, ICT-beheer, VTH-software, inhuur trainees en opleidingen.

Jaarstukken OFGV 2021

41

Aard van de opdracht Huur vleugel provinciehuis inclusief servicekosten Huur meubilair provinciehuis Lease voertuigen ICT beheercontract VTH software Inhuur trainees Onderwijs

Contractduur Huurovereenkomst t/m 2022 Looptijd t/m 2022 Looptijd t/m 2022 Looptijd t/m 2023, optie verlenging t/m 2025 Looptijd t/m 2023, optie verlenging t/m 2025 Looptijd t/m januari 2024 Looptijd t/m 2022, optie verlenging t/m 2024

Bedrag per jaar 313.100 19.000 85.000 545.000 115.600 280.000 446.250

B.3.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over 2021 Hieronder is per budget de afwijking tussen raming en realisatie weergegeven. In de programmaverantwoording onder A.1.3 is een verschillenanalyse op hoofdlijnen weergegeven. De afwijkingen van de begroting zijn incidenteel, tenzij anders vermeld. LASTEN REGULIERE BUDGET 1 PERSONEEL 1.1a Salarissen 1.1b Samenwerking bedrijfsvoering 1.1c Flexibele schil 1.1d Inhuur bij ziekte Subtotaal personeelskosten

€ € € € €

Realisatie 2021

Begroting na wijziging

Begroting voor wijziging

10.041.273 98.718 1.420.662 82.462 11.643.113

€ € € € €

€ 10.932.209 € € 35.283 € 105.035 € 11.072.527

10.002.295 100.000 1.135.283 117.836 11.355.414

Verschil realisatie en begroting € € € € €

-38.978 1.282 -285.379 35.375 -287.699

Realisatie 2020 € 9.590.030 € 97.397 € 1.134.745 € 23.629 € 10.845.802

In 2021 was de formatie van de OFGV 154,39 fte. Op 31-12-2021 was de bezetting met medewerkers in dienst 130,73 fte. De loonkosten van deze bezetting bedroegen € 10 mln. De reguliere loonkosten waren hoger dan in 2020. Dit komt door een stijging van het aantal medewerkers als gevolg van de uitbreiding van het takenpakket en door de salarisstijging en eenmalige uitkering als gevolg van de CAO SGO. De eenmalige uitkering zorgt er voor dat de realisatie hoger is dan het beschikbare budget. De flexibele inhuur is in 2021 hoger dan het beschikbare budget. Hier staan extra opbrengsten uit meerwerkopdrachten tegenover. De inzet van de flexibele schil is in 2021 hoger dan in 2020. Door de krapte op de arbeidsmarkt is het lastig om vacatures als toezichthouder, vergunningverlener en bodemspecialist in te vullen. Daardoor is meer inhuur van personeel nodig geweest. De inhuur bij ziekte past binnen het beschikbare budget door een laag kortdurend verzuim. In 2020 was deze inhuur nog lager omdat taken toen zijn opgevangen door collega’s. Tegenover de overschrijding op het totale budget van de personeelskosten staan opbrengsten. Deze opbrengsten zijn verantwoord aan de batenkant bij de overige opbrengsten. De post overige opbrengsten zijn ruim genoeg om deze overschrijding te kunnen dekken. LASTEN REGULIERE BUDGET 1.2 Opleidingskosten

Realisatie 2021 € 354.373

Begroting na wijziging € 392.837

Begroting voor wijziging € 378.833

Verschil realisatie en begroting € 38.464

Realisatie 2020 € 495.467

In 2021 zijn de basisopleidingen van de Omgevingswet intern gegeven door de hiervoor opgeleide OFGV-medewerkers. Daardoor zijn de kosten in 2021 lager uitgevallen dan het budget en dan in 2020. Bij de lasten van het reguliere opleidingsbudget zijn de lasten van het opleidingscentrum opgeteld. De kosten ad € 133.548 zijn volledig gedekt door de opbrengsten van het opleidingscentrum ad € 210.529. Deze opbrengsten zijn verantwoord aan de batenkant bij de overige inkomsten. Het verschil tussen kosten en opbrengsten van

Jaarstukken OFGV 2021

42

het opleidingscentrum is € 76.981 positief en is te beschouwen als een bijdrage ter dekking van de uren van het interne personeel. LASTEN REGULIERE BUDGET 1.3 Algemene personeelskosten

Realisatie 2021 € 282.143

Begroting na wijziging € 524.549

Begroting voor wijziging € 513.345

Verschil realisatie en begroting € 242.406

Realisatie 2020 € 276.134

Onder het budget algemene personeelskosten vallen de budgetten voor piket en overwerk, belastingheffing werkkostenregeling, vergoeding reiskosten, werkkleding en overige kosten. De totale uitgaven op de personeelskosten vallen net als in 2020 lager uit en blijven binnen het daarvoor beschikbare budget. Voornamelijk gaat het om minder kosten voor woonwerkverkeer omdat de medewerkers vanuit huis werken. Dit overschot is incidenteel. Realisatie 2021

LASTEN REGULIERE BUDGET 3 KAPITAALLASTEN 3.1 Afschrijving ICT 3.2 Afschrijving Meubilair 3.3 Afschrijving Verbouwing

€ € €

145.304 40.548 39.819

Begroting na wijziging € € €

119.144 33.097 45.009

Verschil realisatie en begroting

Begroting voor wijziging € € €

119.144 33.097 45.009

€ € €

-26.160 -7.451 5.190

Realisatie 2020 € € €

96.256 30.018 39.819

In 2021 zijn de verouderde telefoons vervangen. De afschrijvingskosten van ICT middelen vallen daardoor in 2021 hoger uit dan het daarvoor beschikbare budget. Deze overschrijding is incidenteel en geldt alleen voor het boekjaar 2021. In 2021 wordt voor het laatste jaar de activa afgeschreven die voortvloeit uit de ICT aanbesteding uit 2018. Daardoor passen de afschrijvingskosten in het jaar 2022 weer binnen het daarvoor beschikbare budget. De overschrijding in 2021 wordt opgevangen door een onderschrijding op andere budgetten. Ook de afschrijvingskosten voor meubilair en inventaris vallen in 2021 hoger uit dan het daarvoor beschikbare budget. Dit wordt veroorzaakt door de investering in geluidsmeetsystemen. Deze overschrijding is incidenteel en geldt alleen voor het boekjaar 2021. In 2021 wordt voor het laatste jaar de activa afgeschreven die in 2012 is aangeschaft voor de start van de OFGV. Daardoor passen de afschrijvingskosten in het jaar 2022 weer binnen het daarvoor beschikbare budget. De overschrijding in 2021 wordt opgevangen door een onderschrijding op andere budgetten. Realisatie 2021

LASTEN REGULIERE BUDGET 4 INDIRECTE KOSTEN 4.1 Huisvesting (pandgebonden) 4.2 Huisvesting (niet-pandgebonden)

€ €

308.615 69.143

Begroting na wijziging € €

336.474 143.414

Verschil realisatie en begroting

Begroting voor wijziging € €

336.474 143.414

€ €

27.859 74.272

Realisatie 2020 € €

301.933 123.402

De huisvestingskosten zijn lager dan de beschikbare budgetten door lagere variabele kosten die rechtstreeks aan de kantoorbezetting gerelateerd zijn. Daarnaast is het contract met de cateraar opgezegd. Dit verklaart ook het verschil met 2020 voor de niet-pandgebonden kosten. LASTEN REGULIERE BUDGET 4.3 Informatiemanagement

Realisatie 2021 € 795.950

Begroting na wijziging € 710.729

Begroting voor wijziging € 710.729

Verschil realisatie en begroting € -85.221

Realisatie 2020 € 763.696

De kosten voor het informatiemanagement vallen € 85.200 hoger uit dan begroot. Grotendeels is hier sprake van een structurele overschrijding en deels van een incidentele overschrijding. De structurele overschrijding van het informatiemanagement budget heeft te maken het gedwongen thuiswerken en de stijging van de kosten door de aansluiting van het VTH-systeem op het DSO en andere landelijke voorzieningen (inspectieview, LRSO, Jaarstukken OFGV 2021

43

enzovoort). Daarnaast is het VTH-systeem uitgebreid met het bedrijfsvoeringdeel waardoor de licentiekosten zijn gestegen. In de begroting 2022 is het budget voor het informatiemanagement structureel verhoogd met € 50.000. Daarmee wordt het structurele deel van de overschrijding ondervangen. De incidentele overschrijding van het informatiemanagement budget heeft te maken met eenmalige uitgaven om de nodige koppelingen van het VTH-systeem op het DSO en andere landelijke voorzieningen te kunnen realiseren. De overschrijding in 2021 wordt opgevangen door een onderschrijding op andere budgetten. LASTEN REGULIERE BUDGET 4.4 Wagenpark

Realisatie 2021 € 79.845

Begroting na wijziging € 121.352

Begroting voor wijziging € 121.352

Verschil realisatie en begroting € 41.508

Realisatie 2020 € 98.083

De besparing op leasevoertuigen in 2020 is voortgezet door het nogmaals verlengen van het huidige leasecontract in 2021. De ruimte in het budget heeft een incidenteel karakter. LASTEN REGULIERE BUDGET 4.5 Diverse kosten

Realisatie 2021 € 146.998

Begroting na wijziging € 198.444

Begroting voor wijziging € 198.444

Verschil realisatie en begroting € 51.446

Realisatie 2020 € 155.641

De diverse kosten betreffen verzekeringen, kantoorartikelen, communicatie- en portikosten, lidmaatschappen, abonnementen en geluidsmeters. De kosten zijn binnen het daarvoor beschikbaar budget gebleven. Ten opzichte van 2020 zijn minder kantoorartikelen aangeschaft. LASTEN REGULIERE BUDGET 4.6 Accountant

Realisatie 2021 € 26.981

Begroting na wijziging € 27.579

Begroting voor wijziging € 27.579

Verschil realisatie en begroting € 598

Realisatie 2020 € 33.386

De OFGV heeft met ingang van 2021 een andere accountant. De kosten passen binnen het beschikbare budget. LASTEN REGULIERE BUDGET 4.7 HRM

Realisatie 2021 € 48.123

Begroting na wijziging € 71.707

Begroting voor wijziging € 71.707

Verschil realisatie en begroting € 23.584

Realisatie 2020 € 48.834

Onder de HRM-kosten vallen kosten voor Arbo, functiewaardering en werving- en selectie. De kosten zijn binnen het daarvoor beschikbare budget gebleven. De kosten zijn lager dan het beschikbare budget vanwege het lage verzuimpercentage en de daarmee samenhangende lage Arbo kosten. De ruimte in het budget heeft een incidenteel karakter. Realisatie 2021

LASTEN REGULIERE BUDGET 5 ONVOORZIEN 5.1 Onvoorzien

€

-

Begroting na wijziging €

55.160

Verschil realisatie en begroting

Begroting voor wijziging €

55.160

€

55.160

Realisatie 2020 €

28.443

Het budget onvoorzien dient ter dekking van de incidentele financiële risico’s. In 2021 hebben zich geen onvoorziene risico’s voorgedaan waarvoor dekking uit het budget onvoorzien nodig was.

Jaarstukken OFGV 2021

44

Realisatie 2021

DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN 6 LASTEN DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN 6.1 Directe productiekosten Flevoland 6.2 Directe productiekosten Almere 6.3 Directe productiekosten Gooise Meren 6.4 Directe productiekosten Noord-Holland Totaal lasten directe productiekosten

€ € € € €

145.033 1.309 146.342

Begroting na wijziging

Begroting voor wijziging

€ € € € €

€ € € € €

210.048 1.309 12.633 8.506 232.497

210.048 1.309 12.633 8.506 232.497

Verschil realisatie en begroting € € € € €

65.015 0 12.633 8.506 86.155

Realisatie 2020 € € € € €

175.642 1.286 2.505 179.433

De bijdragen van vier deelnemers voor directe productiekosten zijn met ingang van 2021 verantwoord als voorschotbedragen. Lagere uitgaven leiden tot terug te betalen bedragen die opgenomen zijn onder de overlopende passiva. Het budget directe productiekosten van de provincie Flevoland bevat zowel inkomsten als uitgaven. Het verschil bestaat uit de volgende onderdelen: Begroting na DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN PROVINCIE FLEVOLAND Realisatie 2021 wijziging Groene handhaving kapitaallasten vaartuigen € 21.857 € 32.718 Groene handhaving vaartuigen € 34.012 € 59.765 Groene handhaving steunpunten € 72.930 € 53.439 Advertenties milieuwetten € 26.302 € 38.171 Extern advies vergunningverlening € 2.481 € 19.522 Extern advies handhaving € 18.438 € 19.522 Wet hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden5.777 € € 21.812 Beheer grondwatermeetnet € 64.104 € 112.331 Subtotaal € 245.902 € 357.278 Legesheffing vergunningen € 95.869 € 141.777 Vergoeding groene handhaving randmeren € 5.000 € 5.453 Totaal Provincie Flevoland € 145.033 € 210.048

Verschil realisatie en begroting € 10.861 € 25.752 € -19.491 € 11.868 € 17.041 € 1.083 € 16.034 € 48.227 € 111.376 € 45.908 € 453 € 65.016

De directe bijdrage van gemeente Almere bestond uit een bijdrage voor een geluidsmeter en is in 2021 net zoals in de voorafgaande jaren volledig voor dit doel aangewend. Het directe productiekosten Gooise Meren budget is bedoeld voor de externe deskundigheid en specifieke inhuur voor de gemeente Gooise Meren. In 2021 zijn geen kosten gemaakt in het kader van dit budget. Het directe productiekosten Noord-Holland budget is bedoeld voor de advertentie-, onderzoek- en kadasterkosten voor de provincie Noord-Holland. In 2021 zijn geen kosten gemaakt in het kader van dit budget. Realisatie 2021

SUBSIDIES 7 OVERIGE KOSTEN - LASTEN SUBSIDIES 7.2 Omgevingsveiligheid 7.5 Diverse subsidies Totaal lasten subsidies

€ € €

19.329 19.329

Begroting na wijziging

Begroting voor wijziging

€ € €

€ € €

25.008 25.008

200.000 200.000

Verschil realisatie en begroting € € €

5.679 5.679

Realisatie 2020 € € €

107.316 107.316

In 2021 zijn twee projecten uitgevoerd voor omgevingsveiligheid. Deze zijn gesubsidieerd namens het Rijk door de provincie Zuid-Holland en Omgevingsdienst NL. De totale omvang van de toegekende subsidies is in 2021 lager dan in 2020. De financiering van omgevingsveiligheid liep tot en met 2020 middels subsidieregelingen via de provincies. Met ingang van 2021 zijn de middelen voor omgevingsveiligheid gestort in de gemeentefondsen. Mutaties bestemmingsreserves Innovatie en Ontwikkeling 7 OVERIGE KOSTEN - LASTEN RESERVES 7.8 Diverse innovatieprojecten Totaal lasten reserves

Jaarstukken OFGV 2021

Realisatie 2021 € €

52.016 52.016

Begroting na wijziging

Begroting voor wijziging

€ €

€ €

238.549 238.549

-

Verschil realisatie en begroting € €

186.533 186.533

Realisatie 2020 € €

104.993 104.993

45

De innovatieprojecten worden uit de bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling gefinancierd. Met de projecten worden kwaliteitsverbeteringen, efficiencyvoordelen en/of kostenbesparingen nagestreefd. In de onderstaande tabel zijn de kosten en de financiële begroting van de innovatieprojecten gespecificeerd per project. De vier projecten die goedgekeurd zijn op 27 oktober 2021 starten in 2022. Innovatieprojecten Automatisering Bodeminformatie Projectleider innovatieprojecten Circulaire Economie Versterkte Uitvoering 3 App boringsvrije zone Omgevingslab Zelfcontrole bedrijven

Akkoord DB 18 oktober 2017 18 april 2018 6 januari 2021 27 oktober 2021 27 oktober 2021 27 oktober 2021 27 oktober 2021

Totaal diverse innovatieprojecten

Begroot 2021 € 46.116 € 42.432 € 150.000 €0 €0 €0 €0

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dronten.nl/api//v1/meetings/1003/documents/1963