620094a1-6519-4bb9-834f-a71d3ad09f08.pdf
Tekst van het document
Saldo 2022 € 668.600 € 55.988 € 724.588 € 404.247 € 569.799 -€ 248.150 € 725.896 €0 € 469.489 -€ 232.420 € 237.069 € 962.965
De vrij beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt € 724.588. De benodigde weerstandscapaciteit komt uit op € 988.750. De verhouding tussen het vrije beschikbare en benodigde weerstandsvermogen is 0,73 en valt onder de afgesproken bandbreedte van 0,8 tot 1,2. Daarom zal worden voorgesteld de Algemene Reserve uit het rekeningresultaat 2022 maximaal te vullen.
Jaarstukken OFGV 2022
24
Tabel risico’s en benodigd weerstandsvermogen In deze jaarstukken is het model voor risicobeoordeling en -kwantificering aanbevolen door het Ministerie van BZK gehanteerd. Zie hiervoor de Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement 2019. In deze Nota zijn de strategische risico’s onderkend en geanalyseerd. Op de volgende pagina’s is de stand van zaken weergegeven.
Omschrijving risico 1
4
Indexering Digitale stelsel n.a.v. Omgevingswet Omscholing n.a.v. Omgevingswet Ontwikkelingen op arbeidsmarkt
5
Opbrengsten
6
Omvang takenpakket
2 3
8
Taakverandering n.a.v. Omgevingswet Eisen aan de taakuitvoering
9
Ziekteverzuim
7
Effect
Beheersmaatregel
Kostenbesparing inkoop Vacatures niet invullen Incidentele financiering voor de voorbereiding op de Omgevingswet Exploitatieverlies kosten Incidentele financiering voor de voorbereiding op de Omgevingswet Structurele ophoging van de begroting voor de arbeidsmarkt Businessplan opleidingscentrum Exploitatieverlies opbrengsten Inzicht uitvoering takenpakket Wet- en regelgeving volgen Frictiekosten voor partner Flexibele schil Geactualiseerde GR Schaalnadeel Spelregels terugtrekken taken Bestuurlijke afspraken over bodemtaken Productiviteitsverlies
Uniforme uitvoering in PDC Verzuimbeleid Flexibele schil
Financieel
Klasse Impact
Wegingsfactor Klasse Impact Frequentie
Benodigde weerstandscapaciteit
€ 286.300
4
€ 625.000
4
0,75
€ 468.750
€ 100.000
2
€ 75.000
3
0,50
€ 37.500
€0
0
€0
1
0,10
€0
€ 90.000
2
€ 75.000
3
0,50
€ 37.500
€ 340.210
4
€ 625.000
1
0,10
€ 62.500
€0
0
€0
1
0,10
€0
€ 561.859
4
€ 625.000
3
0,50
€ 312.500
€ 219.843
3
€ 175.000
2
0,20
€ 35.000
€ 217.909
3
€ 175.000
2
0,20
Totaal benodigde weerstandscapaciteit
Jaarstukken OFGV 2022
Wegingsfactor Frequentie
€ 35.000
€
25
988.750
1. Indexering In de geactualiseerde Gemeenschappelijke Regeling heeft het AB afspraken gemaakt rondom de indexering van de OFGV begroting. Conform de geactualiseerde Gemeenschappelijke Regeling wordt jaarlijks bij het vaststellen van de begroting voor 80% van de begroting een indexering toegepast, gebaseerd op de Loonvoet sector overheid en voor 20% van de begroting een indexering gebaseerd op de Prijs overheidsconsumptie, netto materieel uit de “Septembercirculaire gemeentefonds” van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Desondanks blijft de OFGV, als gemeenschappelijke regeling, financieel afhankelijk van de deelnemende partijen en beperkt in het mogen aanhouden van reserves. Dat maakt de organisatie extra kwetsbaar als de werkelijke kostenstijging hoger uitvalt dan in de begroting voorzien en loopt de OFGV risico. Stand van zaken 31-12-2022 De kans dat de indexering van de budgetten in 2023 en 2024 voldoende is om de kosten te dekken wordt steeds kleiner. Het salarisbudget is in 2023 met 2,3% geïndexeerd terwijl het principeakkoord van de cao-onderhandelingen uitgaat van een salarisverhoging van 12% voor de lagere salarisschalen en 7% voor de hogere salarisschalen in 2023. Deze structurele salarisstijging kan niet uit de incidentele weerstandscapaciteit worden gedekt.
De OFGV zal daarom zodra het akkoord definitief is, een hoger salarisbudget vragen aan de deelnemers. De materiële budgetten zijn in 2023 met 1,5% geïndexeerd terwijl diverse leveranciers hun tarieven met ongeveer 10% hebben verhoogd. De OFGV heeft het risico van een te lage indexering voor 2023 berekend als 2% van de lasten en de kans verhoogd naar eens in de 12 jaar. Hierdoor stijgt de benodigde weerstandscapaciteit. 2. Digitale stelsel n.a.v. Omgevingswet De aansluiting op het digitale stelsel vergt dat de organisatie volledig digitaal kwalitatief, hoogstaande informatie verzamelt en opmaakt. De digitale voorzieningen van de OFGV dienen flexibel genoeg te zijn om deze ontwikkelingen te kunnen integreren. Stand van zaken 31-12-2022 De OFGV heeft de minimaal benodigde aansluiting op het DSO gerealiseerd (STAM en SWF). Landelijk zijn er echter nog veel onduidelijkheden, storingen en instabiliteit rondom het DSO en de uitwerking daarvan. Hierdoor is testen van en oefenen met de aansluiting op het DSO nog niet goed mogelijk. Het is daarmee ook nog onvoldoende duidelijk of de koppeling met het VTH-systeem voldoende werkt en blijft werken na eventuele landelijke ontwikkelingen in het DSO. Dit kan aanleiding zijn voor noodzakelijke aanpassingen in de huidige systemen van de OFGV. De kans op deze risico’s blijft daardoor hoog. De omvang van het risico is moeilijk te bepalen.
De schatting voor dit risico is € 100.000 en de kans op het risico is gemiddeld. 3. Omscholing n.a.v. Omgevingswet De Omgevingswet vraagt een andere aanpak van vergunningverlening, handhaving en toezicht. Er vindt een verschuiving plaats van vergunningverlening naar het meer aan de voorkant meedenken met initiatiefnemers en handhaving. Deze verandering in het vakgebied vereist een andere manier van denken en werken. Het vergt behalve hogere kwaliteitseisen aan het kennisniveau van medewerkers, andere competenties bij de medewerkers dan voorheen. De medewerkers dienen te worden om- en bijgeschoold. Het risico is dat het daarvoor beschikbare budget niet toereikend is. Stand van zaken 31-12-2022 In aanloop naar de invoering van de wet heeft de OFGV alle medewerkers zowel inhoudelijk als op het gebied van competenties geschoold. De verwachting is dat eind 2023 een opfriscursus Jaarstukken OFGV 2022
26
voldoende is om de kennis weer omhoog te brengen. Deze cursus maakt onderdeel uit van de implementatiekosten voor de Omgevingswet en wordt vanuit de reserve Innovatie en Ontwikkeling gefinancierd. Daarom is het risico op nul gesteld. 4. Ontwikkelingen op arbeidsmarkt Ondanks de eerste zichtbare effecten van de coronapandemie op de economie, blijft het voor de specialistische functies uiterst moeilijk om personeel te werven. Ook het behouden van het huidige personeel bij de huidige arbeidsmarkt vraagt veel aandacht. De blijvende krapte op de arbeidsmarkt in de branche waar de OFGV werkt heeft een reëel gevolg: een mogelijke hogere inschaling voor de specialistische functies. Stand van zaken 31-12-2022 De genoemde risico’s zijn hoog. Zowel op het vinden en behouden van personeel als op de ‘concurrentie strijd’ ingezet door hogere waardering in functies of arbeidsmarkttoelages. Het risico is geraamd op het plaatsen van 10 functies in een hogere schaal, waarmee het risico is geschat op € 90.000. 5. Opbrengsten De begroting van de OFGV bevat de post overige opbrengsten, die jaarlijks door de OFGV wordt ingevuld met het behalen van de overige inkomsten. Deze opbrengsten worden gegenereerd door meer taken voor de deelnemers uit te voeren en door het organiseren van opleidingen voor andere overheden. Het risico is dat de OFGV deze extra opbrengsten niet kan behalen.
Stand van zaken 31-12-2022 Het begrote bedrag voor de overige opbrengsten bedraagt in 2023 € 340.2310. De OFGV heeft ook 2022 voldoende extra inkomsten gegenereerd door meerwerkopdrachten voor de deelnemende partijen uit te voeren en opleidingen te organiseren. Daarom is de kans op het risico laag. 6. Omvang takenpakket De kosten van een taakwijziging als gevolg van een kleinere of grotere opdracht komen conform de Gemeenschappelijke Regeling voor rekening van de veroorzakende deelnemer. Daarom is het risico nihil. 7. Taakverandering n.a.v. Omgevingswet Met de komst van de Omgevingswet in 2024 gaat er veel veranderen op bodemgebied. De gemeente is straks in plaats van de provincie het bevoegd gezag en verantwoordelijk voor de bodemtaken. Dit zijn complexe taken waar specialistische bodemkennis voor nodig is. De OFGV gaat er vanuit dat de gemeenten deze taken door de OFGV laten uitvoeren waardoor deze verandering alleen tot verschuiving in de financiering leidt. Zolang hierover nog geen afspraken zijn gemaakt, loopt de OFGV een risico dat vergelijkbaar is met de waarde van de provinciale bodemtaken. Stand van zaken 31-12-2022 De waarde van de provinciale bodemtaken in de KVS 2024 is € 561.859. Een deel van de bodemtaken zal de OFGV voor de provincies blijven uitvoeren. De beslissing om deze taken te blijven beleggen bij de OFGV ligt afzonderlijk bij elke gemeente.
De OFGV werkt mee aan de ‘warme overdracht’ van de taken vanuit de inhoud en heeft weinig invloed op de verdere invulling van de uitvoering van deze taken door de gemeenten. De kans op het risico is hoog. 8. Eisen aan de taakuitvoering De begroting is gebaseerd op een uniforme VTH-procesgang. Afwijkende situaties per deelnemer (zoals het niet digitaal aanleveren van dossiers of het stellen van afwijkende eisen) zetten de efficiencydoelstellingen onder druk. Jaarstukken OFGV 2022
27
Stand van zaken 31-12-2022 De tegenvallende efficiency wordt geschat op 2% van de loonsom en komt uit op € 219.843 voor 2023. In de Producten- en Dienstencatalogus (PDC) zijn standaard producten en diensten aangeboden die voor alle deelnemende partijen gelijk zijn. Afwijkende eisen zijn toegestaan, maar worden apart geprijsd. De invoering van de Omgevingswet is van invloed op de inhoud van producten. In de mogelijke hervorming van de producten neemt de kans op het risico toe. 9. Ziekteverzuim In de begroting is een budget opgenomen van 1% van de salarissom voor inhuur ter vervanging van langdurig zieken. In geval van een hoger ziekteverzuim is er sprake van productiviteitsverlies. Stand van zaken 31-12-2022 Het risicobedrag is bepaald op 3% van de salarissom minus het beschikbare inhuurbudget en bedraagt in 2023 € 217.909. De OFGV blijft aandacht besteden aan verzuimpreventie door middel van gesprekken, trainingen, het verstrekken van informatie over gezondheid en vitaliteit en het focussen op wat de medewerker nog wél kan bij ziekte. Dit alles om het risico zo veel mogelijk te beperken en laag houden. Kengetallen De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing bevat vijf financiële kengetallen. De berekenwijze van de kengetallen is vastgelegd in een ministeriële regeling.
Mede op basis van deze kengetallen dient de paragraaf een analyse te geven van de financiële positie van de organisatie. De indicatoren zijn een grofmazig instrument om een uitspraak te kunnen doen over de financiële positie van een organisatie.
Kengetallen Netto schuld quote Netto schuld quote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
Indicatoren OFGV Realisatie Begroting Realisatie 2021 2022 2022 -6% 0,3% -13% -6% 0,3% -13% 28% 16% 31% nvt nvt nvt 1,9% 0% 0,9% nvt nvt nvt
Netto schuld quote en netto schuld quote gecorrigeerd voor alle leningen De netto schuld quote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de OFGV ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. De tabel presenteert hiernaast ook de schuldquote gecorrigeerd voor de leningen die de OFGV heeft uitstaan (deze middelen vloeien immers op termijn terug). Omdat bij de OFGV de bezittingen groter zijn dan de schuldenlast, ontstaat een negatieve schuld quote. Op beide indicatoren scoort de OFGV goed, omdat de OFGV geen leningen heeft en dus ook geen rente en aflossingen betaalt. Solvabiliteit De solvabiliteit geeft de mate aan waarin de bezittingen (balanstotaal) zijn gefinancierd uit eigen middelen (eigen vermogen). Dit geeft inzicht in de mate waarin de OFGV in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De OFGV scoort voor 2022 32% op deze indicator. Volgens de VNG-norm is 50% een gezonde indicator, dat wil zeggen dat de helft van de balans uit eigen middelen bestaat. De OFGV scoort lager omdat de OFGV conform het door het AB vastgestelde risicobeleid beperkt is in het aanhouden van reserves.
Jaarstukken OFGV 2022
28
Grondexploitatie Het financiële kengetal 'grondexploitatie' geeft aan hoe groot de investeringen in grondposities (boekwaarde) zijn ten opzichte van de jaarlijkse baten. Deze indicator is niet van toepassing omdat de OFGV geen grondposities heeft. Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting en jaarrekening wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen. Voorbeelden van structurele baten zijn de partnerbijdragen. Bij structurele lasten zijn dat bijvoorbeeld de personeelslasten en kapitaallasten. Wanneer de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten, dan is de organisatie meer flexibel dan wanneer deze gelijk zijn. De indicator 'structurele exploitatieruimte' geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte is. Dit laat zien in hoeverre de OFGV in staat is om structurele tegenvallers op te vangen. Volgens de VNG-norm is 0,6% een gezonde indicator, dat wil zeggen dat er structureel 'geld over' is. De OFGV scoort hieronder omdat structurele lasten gedekt worden uit incidentele inkomsten zoals meerwerkopdrachten, subsidies en reserves. Belastingcapaciteit Het financiële kengetal 'belastingcapaciteit' geeft aan hoe belastingtarieven zich verhouden tot het landelijk gemiddelde.
Deze indicator is niet van toepassing omdat de OFGV geen belastingen heft. A.2.3 Onderhoud kapitaalgoederen De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen bevat op grond van het BBV in ieder geval de volgende kapitaalgoederen: wegen, riolering, water, groen en gebouwen. Voor de OFGV is geen van deze onderdelen van toepassing. Het gebouw waarin de OFGV is gevestigd, is gehuurd. In de toelichting op de balans in paragraaf B.3.2 is een overzicht van de investeringen opgenomen. Het betreffen investeringen met economisch nut in meubilair/inventaris, ICT, de verbouwingskosten van het gehuurde pand en investeringen in handhavingsschepen. Voor deze investeringen is een onderhoudsplan opgesteld. A.2.4 Financiering In de financieringsparagraaf worden conform de Wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden) de ontwikkelingen weergegeven met betrekking tot de kasgeldlimiet, de renterisiconorm, de toe- en/of afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid ten aanzien van treasury. Treasurystatuut De randvoorwaarden waarbinnen de treasury zich kan en mag bewegen zijn geformuleerd in het treasurystatuut. Het treasurystatuut voldoet aan wettelijke kaders zoals gesteld door de Wet FIDO en RUDDO (Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden) en het wettelijk verplichte schatkistbankieren.
Risicobeheer financieringsportefeuille In de onderstaande tabel zijn zowel de risico’s van de financieringsportefeuille weergegeven als de realisatie in 2022. Risico
Omschrijving
Jaarstukken OFGV 2022
Realisatie
29
Koersrisico
Valutarisico
Rente risiconorm Kasgeldlimiet
Het beheersen van de risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen. Het beheersen van risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat op een bepaald moment de waarde van de vreemde valutastromen, uitgedrukt in eigen valuta, afwijkt van hetgeen verwacht werd op het beslissingsmoment. Het beperken van de financiering met langlopende geldleningen tot een maximum van 20% van het begrotingstotaal. Het beperken van de financiering met (duurdere) kortlopende geldleningen tot een maximum van 8,2% van het begrotingstotaal.
De OFGV bezit geen derivaten, daardoor is er geen sprake van koersrisico. De OFGV bezit geen vreemde valuta, daardoor is er geen sprake van valutarisico. De OFGV heeft geen langlopende leningen, daardoor is er geen sprake van renterisico. De OFGV heeft geen kortlopende leningen, daardoor wordt de kasgeldlimiet niet overschreden.
Financieringssystematiek De bijdragen van de deelnemende partijen voor het jaar 2022 zijn berekend op basis van de Kostenverdeelsystematiek 2021-2023 (KVS). Met de KVS wordt de kostenverdeling tussen de deelnemende partijen in overeenstemming gebracht met de werkzaamheden die voor de verschillende partijen zijn uitgevoerd. De afspraken rondom facturatie zijn niet gewijzigd. De OFGV heeft in 2022 de vastgestelde bijdrage van zijn deelnemers conform KVS per kwartaal gefactureerd middels voorschotnota’s. Deze voorschotnota’s zijn steeds een maand voor aanvang van het kwartaal aan de deelnemers verzonden. A.2.5 Bedrijfsvoering Bij bedrijfsvoering gaat het vooral om interne dienstverlening. Interne dienstverlening omvat de activiteiten op het gebied van HRM, Communicatie, Informatiemanagement, Facilitaire zaken en Control. Voor het jaar 2022 zijn de volgende bijzonderheden te melden: In 2022 heeft de OFGV gezamenlijk met de medewerkers en de Ondernemingsraad onderzocht welke manieren van plaats onafhankelijk werken passen bij onze organisatie, ons werk en onze medewerkers. Daarop is een advies voorgelegd aan de directie waarin is aangegeven dat de medewerkers thuiswerken willen behouden (Home Office) en daarnaast behoefte hebben aan een eigen honk als ontmoetingsplek (Meet & Greet).
De OFGV heeft een succesvolle aanbesteding uitgevoerd om een leverancier te vinden die zowel het aanbieden als het leveren van de thuiswerkmiddelen uit handen neemt. De levering van de thuiswerkplek start in 2023. Voor het honk is de OFGV samen met verhuurder provincie Flevoland overeengekomen dat de OFGV met ingang van 2023 twee verdiepingen zal huren. Het huurcontract wordt in 2023 ondertekend waarna een verbouwing zal plaatsvinden om het kantoorpand in te richten voor de nieuwe functionaliteiten. De OFGV heeft gebruik gemaakt van Strategische Personeels Planning (SPP) om teamplannen te maken welke zijn gebruikt voor het masterplan werving en selectie. De SPP helpt bij het maken van strategische personeelskeuzes zoals het inzetten van vacatureruimte en het ontwikkelen van medewerkers. Jaarstukken OFGV 2022
30
In 2022 heeft de OFGV een arbeidsmarktcommunicatiecampagne laten uitvoeren met als doel de OFGV als werkgever via social media meer onder de aandacht te brengen. De OFGV is door deze campagne beter onder de aandacht gebracht van potentiële werknemers. De resultaten van de campagne worden gebruikt om het arbeidsmarktcommunicatieplan voor 2023 bij te stellen. Naar aanleiding van de jaarrekeningcontrole over 2021 heeft de nieuwe accountant Publieke Sector Accountants B.V. geadviseerd om financiële mutaties meer geautomatiseerd te verwerken en bij de interne controle te steunen op systeeminrichting. Op die manier wordt de financiële administratie minder foutgevoelig en zijn minder handmatige controles nodig. De OFGV heeft de eisen en wensen aan het boekhoudpakket in beeld gebracht en voert samen met de softwareleverancier wijzigingen door in 2022 en 2023. De OFGV is de eerste overheidsorganisatie die volgens de EFQM-methode werkt. Dit is de opvolger van het INK-model en wordt als Europese kwaliteitsmanagementstandaard beschouwd. De OFGV heeft een kwaliteitsbeleid gebaseerd op EFQM opgesteld. In oktober hebben een eerste assessment door EFQM gecertificeerde assessoren én een visitatie door peers van andere omgevingsdiensten plaatsgevonden. Hieruit zijn aanbevelingen naar voren gekomen die onder andere betrekking hebben op de doorontwikkeling naar beleidsadvies.
Het huidige VTH-beleidskader, waarin de deelnemers aangeven hoe de OFGV de taken op een uniforme manier in het werkgebied kan uitvoeren, wordt geactualiseerd. De OFGV heeft de teksten aangepast naar de Omgevingswet en nieuwe ontwikkelingen zoals circulaire economie opgenomen in het kader. De branchegerichte risicoanalyses zijn in 2022 uitgevoerd gebaseerd op de milieubelastende activiteiten in het BAL en BKL. Het beleidskader wordt vastgesteld door de colleges van de deelnemende gemeenten en provincies. De gemeenten en provincies hebben aangegeven dat zij het belangrijk vinden dat de nieuwe raadsleden en zittende Statenleden inbreng hebben in dit beleidskader. De bestuurlijke inbreng op het beleidskader, de aanvullingen van gemeenten en provincies en de bestuurlijke vaststelling zal doorlopen in 2023. In 2022 is de Moderne Werkplek succesvol geïmplementeerd. Hierdoor is de ICT-omgeving aangepast naar de noodzakelijke vernieuwingen en toekomstige behoeften op het gebied van thuiswerken. Het werken met servers op het kantoor van de OFGV was onnodig complex en duur. De Moderne Werkplek op de laptops van de medewerkers bestaat onder andere uit Windows 11, Microsoft Office 365 en OneDriveforBusiness. Het werken in de cloud maakt gebruikers zelfstandiger, de beveiliging beter en de afhankelijkheden van hardwarecomponenten lager. Hierdoor is de gevoeligheid voor storingen afgenomen.
A.2.6 Verbonden partijen De gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek (OFGV) is een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Almere, Blaricum, Dronten, Gooise Meren, Hilversum, Huizen, Laren, Lelystad, Noordoostpolder, Urk, Wijdemeren en Zeewolde, de provincie Flevoland en de provincie Noord-Holland. De gemeente Weesp is op 31-12-2021 uit de gemeenschappelijke regeling getreden vanwege de fusie met de gemeente Amsterdam. De OFGV had in 2022 geen verbonden partijen. A.2.7 Grondbeleid Het grondbeleid omvat het gehele instrumentarium dat een gemeente of provincie ter beschikking staat om de vastgestelde ruimtelijke en deels ook economische doelstellingen te realiseren. De OFGV is niet bevoegd om een (eigen) grondbeleid op te stellen.
Jaarstukken OFGV 2022
31
A.2.8 Rechtmatigheid De OFGV heeft zijn bedrijfsvoeringsprocessen op het gebied van financiën, inkoop en HRM beschreven in een Administratieve Organisatie. In de processen zijn beheersmaatregelen opgenomen om mogelijke risico’s te ondervangen. Deze processen worden jaarlijks geëvalueerd en bijgesteld in de Administratieve Organisatie en het Interne Controle Plan. Ook in 2022 zijn interne controles uitgevoerd en verbeteringen doorgevoerd. Daarnaast is een frauderisicoanalyse opgesteld die in februari 2023 met het Algemeen Bestuur is gedeeld. Bij de interim controle in 2022 heeft de accountant opgemerkt dat de interne beheersing van een hoog niveau is en dat de eventuele aanwezige risico’s tijdig worden opgemerkt en ondervangen. Ten opzichte van eerdere jaren zijn er geen nieuwe constateringen gedaan. A.2.9 Openbaarheid Woo Met ingang van de jaarrekening 2022 dient de OFGV net als alle gemeenten en provincies een verantwoording op te nemen inzake de uitvoering van de Wet open overheid (Woo). Omdat de OFGV geen archiefhouder is, wordt een Woo-verzoek altijd doorgestuurd naar het betreffende bevoegd gezag. De OFGV levert de meest recente documentatie aan zodat het bevoegd gezag het Woo-verzoek kan beantwoorden. Het bevoegd gezag draagt zorg voor de passieve openbaarmaking van de documentatie.
De OFGV maakt de agenda’s en verslagen van vergaderingen van het Algemeen Bestuur actief openbaar via de website: Agenda's en verslagen Algemeen Bestuur. In 2022 zijn vijftien Woo-verzoeken afgehandeld. Dit is een stijgende lijn ten opzichte van 2021 toen tien WOB-verzoeken zijn afgehandeld. De Woo-verzoeken zijn voornamelijk ingediend door omwonenden die klachten hebben over specifieke bedrijven. Zij vragen dan alle informatie op over het bedrijf, zoals de vigerende vergunningen, verslagen van uitgevoerde controles, handhavingszaken, klachten en overige correspondentie. In enkele gevallen hebben milieuorganisaties vragen ingediend over specifieke bedrijven.
Jaarstukken OFGV 2022
32
B. Jaarrekening 2022 B.1 Balans ACTIVA Investeringen met een economisch nut MATERIËLE VASTE ACTIVA
31-12-2022 594.060
TOTAAL VASTE ACTIVA
Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen UITZETTINGEN MET EEN RENTETYPISCHE LOOPTIJD KORTER DAN ÉÉN JAAR Banksaldi LIQUIDE MIDDELEN De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen OVERLOPENDE ACTIVA
31-12-2021 726.917
594.060
726.917
594.060
726.917
485.738
586.615
6.356.898 7.611
4.246.259 6.766 6.850.248
500.380
4.839.640 199.961
500.380
-
199.961
-
169.936
142.216 169.936
142.216
TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA
7.520.563
5.181.817
TOTAAL ACTIVA
8.114.623
5.908.734
PASSIVA
31-12-2022
31-12-2021
Algemene reserve Bestemmingsreserves
668.600 962.965
668.600 404.247
Resultaat reguliere budgetten Resultaat directe productiekosten Overig resultaat Cumulatief resultaat
141.299 782.591 923.890
153.954 415.845 569.799
EIGEN VERMOGEN Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's VOORZIENINGEN
2.555.454 23.271
23.271
TOTAAL VASTE PASSIVA Overige schulden NETTO-VLOTTENDE SCHULDEN MET EEN RENTETYPISCHE LOOPTIJD KORTER DAN ÉÉN JAAR
1.642.644 -
2.578.724 1.054.562
€ 263.090
1.054.562
263.090
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
1.002.332
De van het Rijk ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren
342.268
-
De van overige Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren
294.267
108.182
Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen OVERLOPENDE PASSIVA
1.642.644
1.639.561
2.842.470
2.255.257 4.481.337
4.003.000
TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA
5.535.899
€
4.266.090
TOTAAL PASSIVA
8.114.624
€
5.908.734
Jaarstukken OFGV 2022
33
B.2 Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over het begrotingsjaar a. Reguliere budget BATEN REGULIER BUDGET 1 BIJDRAGEN DEELNEMERS 1.1 Almere 1.2 Lelystad 1.3 Zeewolde 1.4 Flevoland 1.5 Urk 1.6 Dronten 1.7 Noordoostpolder 1.8 Noord Holland 1.9 Gooise Meren 1.10 Hilversum 1.11 Weesp 1.12 Huizen 1.13 Wijdemeren 1.14 Blaricum 1.15 Laren Subtotaal reguliere bijdrage deelnemers 2 ANDERE BIJDRAGEN 2.6 Overige opbrengsten Totaal reguliere baten
LASTEN REGULIER BUDGET 1 PERSONEEL 1.1a Salarissen 1.1b Samenwerking bedrijfsvoering 1.1c Flexibele schil 1.1d Inhuur bij ziekte Subtotaal personeelskosten 1.2 Opleidingskosten 1.3 Algemene personeelskosten 3 KAPITAALLASTEN 3.1 Afschrijving ICT 3.2 Afschrijving Meubilair 3.3 Afschrijving Verbouwing 4 INDIRECTE KOSTEN 4.1 Huisvesting (pandgebonden) 4.2 Huisvesting (niet-pandgebonden) 4.3 Informatiemanagement 4.4 Wagenpark 4.5 Diverse kosten 4.6 Accountant 4.7 HRM 5 ONVOORZIEN 5.1 Onvoorzien Totaal reguliere lasten
Begroting na wijziging
Realisatie 2022
Verschil realisatie en begroting
Begroting voor wijziging
Realisatie 2021
€ € € € € € € € € € € € € € € €
1.728.547 1.455.483 646.395 3.698.627 362.535 1.232.200 1.377.101 577.994 925.409 604.914 240.848 546.503 130.685 121.312 13.648.553
€ € € € € € € € € € € € € € € €
1.728.547 1.455.483 646.395 3.698.627 362.535 1.232.200 1.377.101 577.994 925.409 604.914 71.264 240.848 546.503 130.685 121.312 13.719.817
€ € € € € € € € € € € € € € € €
1.820.611 1.410.671 678.971 3.413.047 374.073 1.304.187 1.497.571 73.340 1.035.154 714.399 363.722 268.368 609.863 136.360 129.247 13.829.583
€ € € € € € € € € € € € € € € €
71.264 71.264
€ € € € € € € € € € € € € € € €
1.636.772 1.341.694 649.642 3.719.040 353.657 1.238.351 1.383.820 582.972 929.812 607.646 331.670 241.998 549.109 125.516 115.027 13.806.727
€ €
1.385.696 15.034.249
€ €
603.105 14.322.922
€ €
333.105 14.162.687
€ €
-782.592 -711.328
€ €
744.027 14.550.754
Begroting na wijziging
Realisatie 2022
Verschil realisatie en begroting
Begroting voor wijziging
Realisatie 2021
€ € € € € € €
9.338.263 109.753 1.795.608 29.709 11.273.332 706.306 434.361
€ € € € € € €
9.236.843 125.000 1.994.812 59.341 11.415.996 618.167 421.968
€ € € € € € €
11.136.630 35.812 110.339 11.282.781 403.157 535.959
€ € € € € € €
-101.420 15.247 199.204 29.633 142.664 -88.139 -12.393
€ € € € € € €
10.041.273 98.718 1.420.662 82.462 11.643.113 354.373 282.143
€ € €
93.274 44.371 39.819
€ € €
108.931 45.593 45.684
€ € €
120.931 33.593 45.684
€ € €
15.657 1.222 5.865
€ € €
145.304 40.548 39.819
€ € € € € € €
321.902 53.489 891.614 67.061 124.390 26.966 104.737
€ € € € € € €
325.521 65.565 852.140 123.172 151.421 27.993 64.783
€ € € € € € €
341.521 145.565 772.140 123.172 201.421 27.993 72.783
€ € € € € € €
3.619 12.076 -39.475 56.112 27.031 1.026 -39.954
€ € € € € € €
308.615 69.143 795.950 79.845 146.998 26.981 48.123
€ €
14.181.623
€ €
55.988 14.322.922
€ €
55.988 14.162.687
€ €
55.988 141.299
€ €
13.980.955
b. Directe productiekosten DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN 6 BATEN DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN 6.1 Directe productiekosten Flevoland 6.2 Directe productiekosten Almere 6.3 Directe productiekosten Gooise Meren 6.4 Directe productiekosten Noord-Holland Totaal baten directe productiekosten 6 LASTEN DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN 6.1 Directe productiekosten Flevoland 6.2 Directe productiekosten Almere 6.3 Directe productiekosten Gooise Meren 6.4 Directe productiekosten Noord-Holland Totaal lasten directe productiekosten
Jaarstukken OFGV 2022
Begroting na wijziging
Realisatie 2022
Verschil realisatie en begroting
Begroting voor wijziging
Realisatie 2021
€ € € € €
155.671 1.329 157.000
€ € € € €
233.864 1.329 12.822 8.635 256.649
€ € € € €
213.199 1.329 12.822 8.635 235.984
€ € € € €
78.193 12.822 8.635 99.650
€ € € € €
145.033 1.309 146.342
€ € € € €
155.671 1.329 157.000
€ € € € €
233.864 1.329 12.822 8.635 256.649
€ € € € €
213.199 1.329 12.822 8.635 235.984
€ € € € €
78.193 12.822 8.635 99.650
€ € € € €
145.033 1.309 146.342
34
c. Subsidies SUBSIDIES 2 ANDERE BIJDRAGEN - BATEN SUBSIDIES 2.2 Omgevingsveiligheid 2.7 Diverse subsidies Totaal baten subsidies 7 OVERIGE KOSTEN - LASTEN SUBSIDIES 7.2 Omgevingsveiligheid 7.5 Diverse subsidies Totaal lasten subsidies
Begroting na wijziging
Realisatie 2022
Verschil realisatie en begroting
Begroting voor wijziging
Realisatie 2021
€ € €
202.400 202.400
€ € €
178.668 178.668
€ € €
200.000 200.000
€ € €
-23.732 -23.732
€ € €
19.329 19.329
€ € €
202.400 202.400
€ € €
178.668 178.668
€ € €
200.000 200.000
€ € €
-23.732 -23.732
€ € €
19.329 19.329
d. Reserves Mutaties bestemmingsreserves 2 ANDERE BIJDRAGEN - BATEN RESERVES 2.2 Onttrekking bestemmingsreserve I&O 2.3 Bijdrage gemeente Amsterdam 2.4 Onttrekking bestemmingsreserve Weesp Totaal baten reserves 7 OVERIGE KOSTEN TEN LASTE VAN RESERVES 7.7 Invoeringskosten Omgevingswet 7.8 Diverse innovatieprojecten 7.9 Uittreden gemeente Weesp uit de GR OFGV 7.11 Toevoeging bestemmingsreserve Weesp Totaal lasten reserves
Begroting na wijziging
Realisatie 2022
Verschil realisatie en begroting
Begroting voor wijziging
Realisatie 2021
€ € € €
248.150 469.489 232.420 950.059
€ € € €
305.734 469.489 232.420 1.007.643
€ € € €
-
€ € € €
57.584 57.584
€ € € €
52.016 52.016
€ € € € €
121.287 126.863 161.155 469.489 878.794
€ € € € €
121.287 184.447 232.420 469.489 1.007.643
€ € € € €
-
€ € € € €
0 57.584 71.265 128.849
€ € € € €
52.016 52.016
e. Totaaloverzicht Begroting na wijziging
Realisatie 2022 Totaal baten Totaal lasten exclusief overhead en onvoorzien Totaal overhead Totaal onvoorzien Gerealiseerd saldo van baten en lasten Onttrekkingen reserves Toevoegingen reserves Cumulatief resultaat
Jaarstukken OFGV 2022
€ € € € € € € €
15.863.137 10.316.073 4.634.255 912.809 480.570 469.489 923.890
€ € € € € € € €
15.227.727 10.293.332 4.947.074 55.988 -68.666 538.154 469.489 -
Begroting voor wijziging € € € € € € € €
14.598.671 9.603.316 4.939.368 55.988 -
Verschil realisatie en begroting € 635.410 € 22.742 € -312.818 € -55.987 € 981.474 € -57.584 €
923.890
Realisatie 2021 € € € € € € € €
14.716.424 9.949.015 4.249.627 517.783 52.016 569.799
35
B.3 Toelichtingen B.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het betreffende balanshoofd anders is vermeld, zijn de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten zijn slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, zijn in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Balans De materiële vaste activa betreffen overige investeringen met economisch nut. Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden zijn op de desbetreffende investering in mindering gebracht. In die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen zijn vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde.
Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, als deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: Vervoermiddelen: • Kleine handhavingsschepen 15 jaar • Grote handhavingsschepen 30 jaar Machines, apparaten en installaties: • Geluidsmeetsysteem 10 jaar Overige materiële vaste activa: • Verbouwingskosten 10 jaar • Meubilair 10 jaar • Audiovisuele apparatuur 5 jaar • ICT-hardware 2-3 jaar De vorderingen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. De liquide middelen, overlopende activa en overlopende posten zijn opgenomen tegen nominale waarde. De vlottende passiva zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.
Jaarstukken OFGV 2022
36
B.3.2 Toelichting op de balans per 31 december Activa Vaste activa De materiële vaste activa betreffen de kapitaaluitgaven waar tegenover een actief staat met een nuttigheidsduur over meerdere jaren. Er wordt onderscheid gemaakt in investeringen met economisch nut en investeringen met maatschappelijk nut. Investeringen met economisch nut zijn alle investeringen die bijdragen aan de mogelijkheid middelen te verwerven en/of verhandelbaar zijn. Investeringen met maatschappelijk nut zijn investeringen die geen middelen genereren, maar wel duidelijk een publieke taak vervullen zoals wegen. De OFGV heeft geen activa met maatschappelijk nut. In onderstaand schema is het verloopoverzicht weergegeven van investeringen met economisch nut. Overige investeringen met een economisch nut Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa: Verbouwing Inventaris Hardware ICT Totaal
Boekwaarde 1-1-2022 491.014 43.003 57.268 135.632 € 726.917
Investeringen 45.170 66.464 111.634
€
Desinvesteringen € -
€
Afschrijvingen 21.857 -
Bijdrage van derden 45.170 -
39.819 44.371 93.274 199.321
€ 45.170
Afwaardering -
€
-
Boekwaarde 31-12-2022 € 469.157 € € € 3.184 € 12.897 € 108.822 € 594.060
In 2022 is € 45.170 geïnvesteerd in de beschoeiing van het steunpunt Elburg ten behoeve van de groene handhaving voor de provincie Flevoland. De bijdrage van Flevoland hiervoor is verantwoord als bijdrage van derden. De investering in ICT middelen betreft de vervanging van iPads en de aanschaf van extra laptops voor medewerkers. Het investeringskrediet is door het AB beschikbaar gesteld. Er hebben zich geen waardeverminderingen voorgedaan. Vlottende activa In het volgende schema is het overzicht van de uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar weergegeven. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
Boekwaarde 31-12-2022
Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen Totaal
485.739 6.356.898 7.611 6.850.248
€
Voorziening oninbaarheid
€
Boekwaarde 31-12-2022
Boekwaarde 31-12-2021
-
485.739
586.615
-
6.356.898 7.611 6.850.248
4.246.259 6.766 4.839.640
€
€
De vorderingen op openbare lichamen zijn de aan de deelnemers gefactureerde meerwerkopdrachten en aan andere omgevingsdiensten gefactureerde opleidingskosten. Het saldo per 31-12-2022 aan vorderingen op openbare lichamen is lager dan in het voorgaande jaar omdat er minder facturen door de deelnemers en andere overheden nog vóór 31-12 zijn betaald. Daarnaast is het resultaat van 2021 overeenkomstig de besloten resultaatbestemming voor een deel toegevoegd aan de reserves en zorgt het positieve resultaat over 2022 voor het hoge saldo van de uitzettingen in ’s Rijks schatkist. Het drempelbedrag voor middelen die buiten ’s Rijks schatkist mogen worden gehouden is Jaarstukken OFGV 2022
37
€ 1.000.000. De rekening-courant bij de Bank Nederlandse Gemeenten roomt dagelijks de middelen boven een limiet af. In het 1e en 2e kwartaal was die limiet € 200.000. In het 3e en 4e kwartaal was die limiet € 500.000. Alle liquide middelen boven de limiet zijn aangehouden bij ’s Rijks schatkist. Er zijn geen andere uitzettingen geweest.
Drempelbedrag schatkistbankieren Op dagbasis buiten 's Rijks schatkist gehouden middelen Drempelbedrag Ruimte onder drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
200.000
200.000
500.000
500.000
1.000.000 800.000 -
1.000.000 800.000 -
1.000.000 500.000 -
1.000.000 500.000 -
Onderstaand schema betreft de liquide middelen. Liquide middelen BNG bank lopende rekening BNG bank schatkistbankieren Totaal
Boekwaarde 31-12-2022
€
Boekwaarde 31-12-2021 500.380 199.961 500.380 € 199.961
Het banksaldo betreft het saldo in rekening-courant bij de Bank Nederlandse Gemeenten. De BNG schatkistbankieren rekening is een tussenrekening, bedoeld voor het overboeken van saldi van en naar de rekening bij het Ministerie. In onderstaand schema is een specificatie van de overlopende activa weergegeven. Boekwaarde 31-12-2022
Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal
Boekwaarde 31-12-2021
169.936 169.936
€
142.216 142.216
€
Onderstaand schema bevat de nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen. Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Huur en services Lease voertuigen Verzekeringen Opleidingen Overig Totaal
€
Boekwaarde 31-12-2022
Boekwaarde 31-12-2021
41.068
2.935 6.150 2.907
55.833 73.035 169.936
77.387 52.837 142.216
€
Het saldo is hoger dan op 31-12-2021. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt doordat een aantal vooruitontvangen facturen van bijvoorbeeld verzekeringen 2023 vóór de balansdatum zijn betaald.
Jaarstukken OFGV 2022
38
Passiva Vaste passiva Het in de balans opgenomen “eigen vermogen” bestaat uit de reserves en het resultaat voor bestemming. Eigen vermogen Algemene reserve Overige bestemmingsreserves
Boekwaarde 31-12-2022 668.600 962.965
Boekwaarde 31-12-2021 668.600 404.247
Resultaat voor bestemming Totaal
923.890 € 2.555.454
569.799 € 1.642.645
De OFGV heeft op 31-12-2022 drie reserves. De algemene reserve is ingesteld ter dekking van fluctuaties in de exploitatie en het opvangen van tegenvallers in de toekomst. Deze maakt deel uit van het weerstandsvermogen van de OFGV. Er wordt geen rente toegevoegd aan de reserve. Het maximale saldo van de reserve bedraagt 5% van het begrotingstotaal. Het huidig saldo van de algemene reserve bedraagt € 668.600. De bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling is ingesteld voor het bekostigen van innovatieve projecten waarmee extra inkomsten, resultaats-en/of kwaliteitsverbetering kunnen worden behaald. Het AB heeft in juni 2017 de volgende spelregels van deze bestemmingsreserve vastgesteld: de reserve wordt aangevuld vanuit het overschot op de overige inkomsten. Hierbij wordt een plafond van maximaal € 300.000 gehanteerd met als peildatum 31 december om te monitoren of dat plafond al dan niet wordt overschreden. Als op 31 december blijkt dat daarmee het plafond van € 300.000 wordt overschreden, dan wordt het meerdere alsnog direct uitbetaald aan de deelnemers. In februari 2020 heeft het AB de spelregels van deze bestemmingsreserve verder geëxpliciteerd door te stellen dat het plafond van € 300.000 betrekking heeft op onbestemde middelen.
Dat betekent dat er op 31-12 een bedrag hoger dan € 300.000 kan resteren in de reserves en dus geen teruggave aan de deelnemers plaatsvindt indien de middelen al zijn bestemd. De uitgaven worden dan in de volgende boekjaren gedaan. In 2022 heeft vanuit het rekeningresultaat 2021 een aanvulling van € 569.799 van de bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling plaatsgevonden. Voor de diverse innovatieprojecten is in totaal € 126.863 onttrokken. Voor de implementatiekosten van de Omgevingswet is € 121.287 onttrokken. Op 31 december 2022 is het saldo van de bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling € 725.896. De bestemmingsreserve uittreden gemeente Weesp uit de GR OFGV is in 2022 gevoed vanuit de eenmalige afkoopsom van € 469.489 die betaald is door de gemeente Amsterdam. Uit de reserve wordt de resterende begrote partnerbijdrage 2022 en 2023 van de gemeente Weesp gedekt en eventuele frictiekosten van personeel samenhangend met het terugtrekken van taken. In 2022 is € 232.420 onttrokken aan de reserve. Het saldo van deze bestemmingsreserve is op 31-12-2022 € 237.069.
Jaarstukken OFGV 2022
39
Mutaties uit hoofde van de Mutaties via de bestemming van het resultaatbestemming bij het resultaat van het voorgaande overzicht van baten en lasten in boekjaar de jaarrekening Verloop reserves Algemene reserve Bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling Bestemmingsreserve uittreden gemeente Weesp uit de GR OFGV Totaal
Saldo 1-1-2022 668.600 404.247 € 1.072.846
Toevoeging 569.799 569.799
€
Onttrekking -
€
Toevoeging 469.489 469.489
€
€
Onttrekking 248.150
Saldo 31-12-2022 668.600 725.896
232.420 480.570
237.069 1.631.564
Alle mutaties van de reserves zijn incidenteel. De realisatie is conform de door het AB vastgestelde geraamde toevoegingen en onttrekkingen. Het rekeningresultaat over 2022 is positief en bestaat uit de volgende resultaten: • op de reguliere budgetten € 141.298; • op de overige inkomsten € 782.592. Een voorstel tot resultaatbestemming wordt na vaststelling van deze jaarstukken voorgelegd aan raden en Staten. Nadat zij zienswijzen hebben kunnen indienen, stelt het AB in november 2023 de resultaatbestemming vast. De in de balans opgenomen voorziening betreft de voorziening voor verlofsparen. Met ingang van 2022 mogen medewerkers bovenwettelijke vakantie-uren en verlof uit overwerkvergoeding sparen zonder dat dit verlof verjaart. Bij verlofsparen is sprake van arbeidskostengerelateerde verplichtingen die een onvoorspelbare opbouw en afbouw kennen. Daarom is hiervoor een voorziening gevormd. De toevoeging in 2022 betreft het aantal uur geboekt spaarverlof maal het uurloon inclusief IKB van de betreffende medewerker. Boekwaarde Voorzieningen 1-1-2022 Voor verplichtingen, verliezen en risico's Voorziening verlofsparen Totaal € -
Toevoeging
€
23.271 23.271
Vrijval
€
-
Aanwending
€
-
Boekwaarde 31-12-2022
€
23.271 23.271
Vlottende passiva In onderstaand schema is het overzicht van de schulden met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar weergegeven. Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Schulden aan openbare lichamen Overige schulden Totaal
Boekwaarde 31-12-2022 860.403 194.159 € 1.054.562
Boekwaarde 31-12-2021 52.729 210.362 € 263.090
Het saldo is hoger dan op 31-12-2021. De verschillen tussen de saldi op 31-12-2022 en 31-12-2021 worden vooral verklaard doordat de loonheffing is ingeboekt als crediteur voor balansdatum. Het saldo van de schulden aan openbare lichamen is als volgt: Schulden aan openbare lichamen Gemeente Lelystad samenwerking bedrijfsvoering Belastingdienst loonheffing Overige publiekrechtelijke crediteuren Totaal
Jaarstukken OFGV 2022
Boekwaarde 31-12-2022 10.872 678.421 171.110 € 860.403
Boekwaarde 31-12-2021 18.426 34.303 € 52.729
40
De overige schulden betreffen diverse leveranciers. Het saldo is als volgt: Overige schulden aan crediteuren Flexibele schil Groene handhavingkosten Opleidingen Informatiemanagement Overige privaatrechtelijke crediteuren Totaal
Boekwaarde 31-12-2022 56.959 3.441 92.398 7.437 33.925 € 194.159
Boekwaarde 31-12-2021 169.555 800 19.209 2.451 18.346 € 210.362
In de volgende tabel zijn de verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in 2022 tot betaling komen opgenomen. Dit met uitzondering van de jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een vergelijkbaar volume. Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde Boekwaarde verplichtingen van vergelijkbaar volume 31-12-2022 BTW 625.028 Loonheffing Pensioenpremie Inhuur externe deskundigheid 55.083 Accountantskosten 13.090 ICT en telefonie 102.421 Lonen en sociale lasten 374 Overige transitoria 180.576 Totaal € 976.570
Boekwaarde 31-12-2021 515.017 590.441 135.551 49.094 7.650 223.376 118.433 € 1.639.561
Het saldo van de te betalen BTW is hoger dan op 31-12-2021. Dit komt doordat meer meerwerkopdrachten en opleidingen zijn gefactureerd. De loonheffing is op de balans verantwoord onder de crediteuren. Het volgende schema betreft het verloopoverzicht van de voorschotbedragen van het Rijk. De van het Rijk ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende Saldo begrotingsjaren 1-1-2022 Specifieke Uitkering Interbestuurlijk Programma Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparing Totaal € -
Ontvangen bedragen 150.000
€
338.668 488.668
Vrijgevallen bedragen of terugbetalingen 126.515
€
19.885 146.400
Saldo 31-12-2022 23.485
€
318.783 342.268
De specifieke uitkering Interbestuurlijk Programma (SPUK-IBP) van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat loopt van 2022 tot en met 2023. De specifieke uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparing van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland loopt van 2022 tot en met 2026. De ontvangen bedragen zijn hoger dan de kosten in 2022. Niet uitgegeven middelen schuiven door naar volgende jaren.
Jaarstukken OFGV 2022
41
Het volgende schema betreft het verloopoverzicht van de voorschotbedragen van overige Nederlandse overheden. De van overige Nederlandse overheden ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Directe productiekosten Flevoland Directe productiekosten Almere Directe productiekosten Gooise Meren Directe productiekosten Noord-Holland Energiebesparing meerwerk Lelystad Totaal
Saldo 1-1-2022 87.042 12.633 8.507 € 108.182
Ontvangen bedragen 233.864 1.329 12.822 8.635 292.500 € 549.150
Vrijgevallen bedragen of terugbetalingen 178.413 1.329 12.633 8.507 162.183 € 363.065
Saldo 31-12-2022 142.493 12.822 8.635 130.317 € 294.267
De directe productiekosten van de provincie Flevoland en Noord-Holland en de gemeenten Almere en Gooise Meren zijn verantwoord als voorschotbedrag. Zij besluiten over het resterende saldo per 31-12-2022. De meerwerkopdracht energiebesparing bij bedrijven van de gemeente Lelystad loopt van 2022 tot en met 2025. De ontvangen bedragen zijn hoger dan de kosten in 2022. Niet uitgegeven middelen schuiven door naar volgende jaren. Gebeurtenissen na balansdatum Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum 31-12-2022 die nadere informatie geven over de situatie op balansdatum. Niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen Een aantal overeenkomsten uit 2022 loopt door naar het jaar 2023. De grootste meerjarige verplichtingen betreffen ICT-beheer, VTH-software, inhuur trainees, opleidingen en meubilair thuiswerkplekken. De huurovereenkomst met de provincie Flevoland loopt af in februari 2023. Het te huren vloeroppervlak wordt verlaagd van vier naar twee verdiepingen. Hiervoor tekent de OFGV een nieuw huurcontract in 2023. Aard van de opdracht Huur vleugel provinciehuis inclusief servicekosten Lease voertuigen ICT beheercontract VTH software Inhuur trainees Onderwijs Meubilair thuiswerkplek Juridische dienstverlening aanbestedingsrecht
Jaarstukken OFGV 2022
Contractduur Huurovereenkomst t/m februari 2023 Looptijd t/m 2024, optie verlenging t/m 2028 Looptijd t/m 2023, optie verlenging t/m 2025 Looptijd t/m 2023, optie verlenging t/m 2025 Looptijd t/m januari 2024 Looptijd t/m 2022, optie verlenging t/m 2024 Looptijd t/m 2024, optie verlenging t/m 2026 Looptijd t/m 2024, optie verlenging t/m 2026
Bedrag per jaar 313.100 85.000 545.000 115.600 280.000 446.250 150.000 10.000
42
B.3.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over 2022 Hieronder is per budget de afwijking tussen raming en realisatie weergegeven. In de programmaverantwoording onder A.1.3 is een verschillenanalyse op hoofdlijnen weergegeven. De afwijkingen van de begroting zijn incidenteel, tenzij anders vermeld. a. Baten regulier budget BATEN REGULIER BUDGET 1 BIJDRAGEN DEELNEMERS 1.1 Almere 1.2 Lelystad 1.3 Zeewolde 1.4 Flevoland 1.5 Urk 1.6 Dronten 1.7 Noordoostpolder 1.8 Noord Holland 1.9 Gooise Meren 1.10 Hilversum 1.11 Weesp 1.12 Huizen 1.13 Wijdemeren 1.14 Blaricum 1.15 Laren Subtotaal reguliere bijdrage deelnemers
Begroting na wijziging
Realisatie 2022
€ € € € € € € € € € € € € € € €
1.728.547 1.455.483 646.395 3.698.627 362.535 1.232.200 1.377.101 577.994 925.409 604.914 240.848 546.503 130.685 121.312 13.648.553
€ € € € € € € € € € € € € € € €
1.728.547 1.455.483 646.395 3.698.627 362.535 1.232.200 1.377.101 577.994 925.409 604.914 71.264 240.848 546.503 130.685 121.312 13.719.817
Verschil realisatie en begroting
Begroting voor wijziging € € € € € € € € € € € € € € € €
1.820.611 1.410.671 678.971 3.413.047 374.073 1.304.187 1.497.571 73.340 1.035.154 714.399 363.722 268.368 609.863 136.360 129.247 13.829.583
€ € € € € € € € € € € € € € € €
71.264 71.264
Realisatie 2021
€ € € € € € € € € € € € € € € €
1.636.772 1.341.694 649.642 3.719.040 353.657 1.238.351 1.383.820 582.972 929.812 607.646 331.670 241.998 549.109 125.516 115.027 13.806.727
De bijdragen van de deelnemende partijen zijn in 2022 berekend op basis van de Kostenverdeelsystematiek 2021-2023. Daarnaast zijn de bijdragen van de deelnemende partijen in 2022 gewijzigd vanwege: • de uittreding van de gemeente Weesp uit de Gemeenschappelijke Regeling OFGV in verband met de fusie met de gemeente Amsterdam; • structurele verhoging van de bijdrage van Laren in verband met de uitvoering van het toezicht op asbestsaneringen; • de structurele verhoging van de bijdrage van Blaricum in verband met de uitvoering van het toezicht op asbestsaneringen; • de structurele verhoging van de bijdrage van Lelystad in verband met de behandeling van asbestmeldingen; • de structurele verhoging van de bijdrage van Urk in verband met de behandeling van asbestmeldingen. BATEN REGULIER BUDGET 2 ANDERE BIJDRAGEN 2.6 Overige opbrengsten Totaal reguliere baten
Begroting na wijziging
Realisatie 2022
€ €
1.385.696 15.034.249
€ €
603.105 14.251.658
Verschil realisatie en begroting
Begroting voor wijziging € €
333.105 14.162.687
€ €
-782.592 -782.592
Realisatie 2021
€ €
744.027 14.550.754
De baten zijn in 2022 € 782.592 hoger dan geraamd. De OFGV heeft ten opzichte van de begroting en ten opzichte van 2021 meer meerwerkopdrachten voor de deelnemende partijen uitgevoerd. Daarnaast heeft de OFGV opleidingen verzorgd voor de eigen medewerkers en voor medewerkers van andere overheden. Ook zijn er positieve afwikkelingsverschillen van voorgaande jaren. a. Lasten regulier budget LASTEN REGULIER BUDGET 1 PERSONEEL 1.1a Salarissen 1.1b Samenwerking bedrijfsvoering 1.1c Flexibele schil 1.1d Inhuur bij ziekte Subtotaal personeelskosten
Jaarstukken OFGV 2022
Begroting na wijziging
Realisatie 2022
€ € € € €
9.338.263 109.753 1.795.608 29.709 11.273.332
€ € € € €
9.236.843 125.000 1.994.812 59.341 11.415.996
Verschil realisatie en begroting
Begroting voor wijziging € € € € €
11.136.630 35.812 110.339 11.282.781
€ € € € €
-101.420 15.247 199.204 29.633 142.664
Realisatie 2021
€ € € € €
10.041.273 98.718 1.420.662 82.462 11.643.113
43
In 2022 was de formatie van de OFGV 156 fte. Op 31-12-2022 was de bezetting met medewerkers in dienst 135,58 fte. De loonkosten van deze bezetting bedroegen € 9,3 mln. De reguliere loonkosten waren lager dan in 2021. Dit komt doordat de loonkosten voor subsidieprojecten, innovatieprojecten en frictiekosten uittreding Weesp zijn overgeboekt naar deze subsidies en reservemutaties. De eenmalige uitkering in december als gevolg van afspraken omtrent de cao SGO zorgt ervoor dat de realisatie hoger is dan het beschikbare budget. De inzet van de flexibele schil is in 2022 hoger dan in 2021. Door de krapte op de arbeidsmarkt is het lastig om vacatures van toezichthouders en teamleiders in te vullen. Daardoor is meer inhuur van personeel nodig geweest. De inhuur bij ziekte past binnen het beschikbare budget door een laag kortdurend verzuim. Veelal zijn taken van ziek personeel opgevangen door collega’s. LASTEN REGULIER BUDGET 1.2 Opleidingskosten
Begroting na wijziging
Realisatie 2022 €
706.306
€
618.167
Begroting voor wijziging €
403.157
Verschil realisatie en begroting € -88.139
Realisatie 2021 €
354.373
Bij de lasten van het reguliere opleidingsbudget zijn de lasten van het opleidingscentrum opgeteld. Hierdoor wordt de begroting overschreden. De kosten ad € 332.585 zijn volledig gedekt door de opbrengsten van het opleidingscentrum ad € 522.351. Deze opbrengsten zijn verantwoord aan de batenkant bij de overige inkomsten. Het verschil tussen kosten en opbrengsten van het opleidingscentrum is € 189.766 positief en is te beschouwen als een bijdrage ter dekking van de uren van het interne personeel. Het opleidingscentrum heeft meer opleidingen verzorgd voor de OFGV en andere omgevingsdiensten dan in 2021. LASTEN REGULIER BUDGET 1.3 Algemene personeelskosten
Begroting na wijziging
Realisatie 2022 €
434.361
€
421.968
Begroting voor wijziging €
535.959
Verschil realisatie en begroting € -12.393
Realisatie 2021 €
282.143
Onder het budget algemene personeelskosten vallen de budgetten voor piket en overwerk, belastingheffing werkkostenregeling, vergoeding reiskosten, werkkleding en overige kosten. De totale uitgaven op de personeelskosten vallen in 2022 hoger uit dan in 2021 en overschrijden het budget na wijziging. De oorzaak hiervan is een hogere heffing voor de werkkostenregeling in verband met samenkomsten van personeel buiten het kantoor. LASTEN REGULIER BUDGET 3 KAPITAALLASTEN 3.1 Afschrijving ICT 3.2 Afschrijving Meubilair 3.3 Afschrijving Verbouwing
Begroting na wijziging
Realisatie 2022
€ € €
93.274 44.371 39.819
€ € €
108.931 45.593 45.684
Verschil realisatie en begroting
Begroting voor wijziging € € €
120.931 33.593 45.684
€ € €
15.657 1.222 5.865
Realisatie 2021
€ € €
145.304 40.548 39.819
De afschrijvingen passen binnen de beschikbare budgetten. In 2022 lopen diverse afschrijvingen af die te maken hebben met de verbouwing van het pand bij de start van de OFGV in 2012/2013. LASTEN REGULIER BUDGET 4 INDIRECTE KOSTEN 4.1 Huisvesting (pandgebonden) 4.2 Huisvesting (niet-pandgebonden)
Begroting na wijziging
Realisatie 2022
€ €
321.902 53.489
€ €
325.521 65.565
Verschil realisatie en begroting
Begroting voor wijziging € €
341.521 145.565
€ €
3.619 12.076
Realisatie 2021
€ €
308.615 69.143
De huisvestingskosten zijn lager dan de beschikbare budgetten door lagere variabele kosten die rechtstreeks aan de kantoorbezetting gerelateerd zijn. De pandgebonden kosten zijn hoger dan in 2021 door de indexering van het huurcontract. De niet-pandgebonden kosten zijn lager dan in 2021 door het aflopen van het huurcontract voor meubilair.
Jaarstukken OFGV 2022
44
LASTEN REGULIER BUDGET 4.3 Informatiemanagement
Begroting na wijziging
Realisatie 2022 €
891.614
€
852.140
Begroting voor wijziging €
772.140
Verschil realisatie en begroting € -39.475
Realisatie 2021 €
795.950
De kosten voor het informatiemanagement vallen € 39.000 hoger uit dan begroot. Dit betreft een incidentele overschrijding vanwege de overgang naar de modern workplace. De overschrijding in 2022 wordt opgevangen door een onderschrijding op andere budgetten. LASTEN REGULIER BUDGET 4.4 Wagenpark
Begroting na wijziging
Realisatie 2022 €
67.061
€
123.172
Begroting voor wijziging €
123.172
Verschil realisatie en begroting € 56.112
Realisatie 2021 €
79.845
In 2022 is een nieuw leasecontract aangegaan. De kosten zijn in 2022 lager dan begroot en lager dan in 2021 doordat de levering van de nieuwe leaseauto’s in de loop van 2022 heeft plaatsgevonden. De ruimte in het budget heeft een incidenteel karakter, mede gezien de uitbreiding van het wagenpark in 2023. LASTEN REGULIER BUDGET 4.5 Diverse kosten
Begroting na wijziging
Realisatie 2022 €
124.390
€
151.421
Begroting voor wijziging €
201.421
Verschil realisatie en begroting € 27.031
Realisatie 2021 €
146.998
De diverse kosten betreffen verzekeringen, kantoorartikelen, communicatie- en portikosten, lidmaatschappen, abonnementen en geluidsmeters. De kosten zijn binnen het daarvoor beschikbaar budget gebleven. Ten opzichte van 2021 zijn minder communicatiekosten gemaakt. LASTEN REGULIER BUDGET 4.6 Accountant
Begroting na wijziging
Realisatie 2022 €
26.966
€
27.993
Begroting voor wijziging €
27.993
Verschil realisatie en begroting € 1.026
Realisatie 2021 €
26.981
De kosten voor de accountantscontrole passen binnen het beschikbare budget. LASTEN REGULIER BUDGET 4.7 HRM
Begroting na wijziging
Realisatie 2022 €
104.737
€
64.783
Begroting voor wijziging €
72.783
Verschil realisatie en begroting € -39.954
Realisatie 2021 €
48.123
Onder de HRM-kosten vallen kosten voor Arbo, functiewaardering en werving- en selectie. In 2022 zijn de kosten hoger dan begroot en hoger dan in 2021 doordat de OFGV heeft ingezet op werving en selectie via een mediacampagne, advertenties op externe websites en het inschakelen van werving- en selectiebureaus. LASTEN REGULIER BUDGET 5 ONVOORZIEN 5.1 Onvoorzien
Begroting na wijziging
Realisatie 2022
€
-
€
55.988
Verschil realisatie en begroting
Begroting voor wijziging €
55.988
€
55.988
Realisatie 2021
€
-
Het budget onvoorzien dient ter dekking van de incidentele financiële risico’s. In 2022 hebben zich geen onvoorziene risico’s voorgedaan waarvoor dekking uit het budget onvoorzien nodig was.
Jaarstukken OFGV 2022
45
b. Directe productiekosten DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN 6 BATEN DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN 6.1 Directe productiekosten Flevoland 6.2 Directe productiekosten Almere 6.3 Directe productiekosten Gooise Meren 6.4 Directe productiekosten Noord-Holland Totaal baten directe productiekosten 6 LASTEN DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN 6.1 Directe productiekosten Flevoland 6.2 Directe productiekosten Almere 6.3 Directe productiekosten Gooise Meren 6.4 Directe productiekosten Noord-Holland Totaal lasten directe productiekosten
Begroting na wijziging
Realisatie 2022
Verschil realisatie en begroting
Begroting voor wijziging
Realisatie 2021
€ € € € €
155.671 1.329 157.000
€ € € € €
233.864 1.329 12.822 8.635 256.649
€ € € € €
213.199 1.329 12.822 8.635 235.984
€ € € € €
78.193 12.822 8.635 99.650
€ € € € €
145.033 1.309 146.342
€ € € € €
155.671 1.329 157.000
€ € € € €
233.864 1.329 12.822 8.635 256.649
€ € € € €
213.199 1.329 12.822 8.635 235.984
€ € € € €
78.193 12.822 8.635 99.650
€ € € € €
145.033 1.309 146.342
De bijdragen van vier deelnemers voor directe productiekosten zijn verantwoord als voorschotbedragen. Lagere uitgaven leiden tot terug te betalen bedragen die opgenomen zijn onder de overlopende passiva. Het budget directe productiekosten van de provincie Flevoland bevat zowel inkomsten als uitgaven. Het verschil bestaat uit de volgende onderdelen: