CConstaterende datDrechterland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Peilnotitie WMO 2022 e.v. (2022-04)

Gemeenteraad 28 februari 2022, gemeente DrechterlandBij agendapunt: Vaststellen Peilnotitie Beleidskader WMO 2022 e.v. (2022-04)12.284 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Peilnotitie Wmo beleidskader 2022 en verder

Inhoudsopgave Voorwoord ...................................................................................................................................... 3 1. Inleiding ................................................................................................................................... 4 2. Wat is de Wet maatschappelijke ondersteuning? ..................................................................... 4 3. Visie sociaal domein ‘Thuis in Drechterland’ ............................................................................ 6 3.1 De transformatie ............................................................................................................ 6 3.2 Veranderende rolverdeling tussen inwoners en overheid ............................................... 6 3.3 Vitale samenleving......................................................................................................... 7 3.4 Inclusieve samenleving .................................................................................................. 7 3.5 Normaliseren is de nieuwe norm.................................................................................... 7 3.6 Professionele ondersteuning vanuit de gemeente als het nodig is ................................. 7 4.

Maatschappelijke ontwikkelingen en trends ............................................................................. 9 4.1 Landelijke ontwikkelingen .............................................................................................. 9 4.2 Lokale ontwikkelingen.................................................................................................. 12 5. Centrale inhoudelijke thema’s Wmo-beleidskader ................................................................. 15 5.1 Inclusie (inclusieagenda) ............................................................................................. 16 5.2 Team Inzet .................................................................................................................. 17 5.3 Een sterke basis .......................................................................................................... 19 5.4 Cliëntondersteuning ..................................................................................................... 20 5.5 Mantelzorgondersteuning en vrijwillige inzet ................................................................ 21 5.6 Wonen en zorg ............................................................................................................ 23 5.7 Positieve gezondheid...................................................................................................

26 5.8 Wmo en Jeugdhulp ...................................................................................................... 29 5.9 Aanvullende ondersteuning voor wie dat nodig heeft ................................................... 30 5.10 Een vangnet voor zeer kwetsbare inwoners ................................................................ 32 6. Uitvoeringsplannen ................................................................................................................ 34 7. Evaluatie ................................................................................................................................ 34 8. Financiële beheersbaarheid van de Wmo-uitgaven ............................................................... 35 8.1 Investeren in preventie ................................................................................................ 36 8.2 Niet meer uitvoeren van de bovenwettelijke regelingen ............................................... 36 8.3 Anders werken............................................................................................................. 37 9. Afsluiting ................................................................................................................................ 37

2 / 37

Voorwoord Voor u ligt de peilnotitie Wmo beleidskader 2022 gemeente Drechterland. Een lokale visie op de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Gezien de ontwikkelingen binnen het Sociaal Domein en daarmee ook de Wmo is het van belang een lokaal eigentijds Wmo beleidskader op te stellen. Het Wmo beleidskader is een belangrijk document dat voor de komende jaren de uitgangspunten van de gemeente met betrekking tot de Wmo zal bepalen. Daarom is besloten niet meteen een definitief beleidskader in besluitvorming te brengen maar een zogenoemde ‘peilnotitie’ op te stellen. Deze peilnotitie wordt voorgelegd aan de gemeenteraad en de Adviesraad Samenleving Drechterland1, zodat er gelegenheid is om richting te geven en input te geven op de kaders. Na de consultatie bij de gemeenteraad en de Adviesraad zal een definitieve versie opgesteld worden die definitief in besluitvorming wordt gebracht. De nieuwe gemeenteraad neemt dan een besluit over het meerjarig beleid. Met deze peilnotitie wordt u in de gelegenheid gesteld mee te denken over het toekomstige Wmo-beleid in de gemeente Drechterland. Er is voor gekozen om geen einddatum vast te stellen voor dit beleidskader. De reden is dat een einddatum vooraf lastig te bepalen is. Zo lang het beleidsplan een goed kader biedt voor de uitvoering van de Wmo is een nieuw plan niet nodig.

Wanneer ontwikkelingen vragen om aanpassingen van dit kader wordt een nieuwe beleidskader voorgelegd aan de gemeenteraad. Het opstellen van een beleidskader Wmo doen we als gemeente niet alleen. Meedoen in de samenleving staat centraal. Samen met onze inwoners stellen we de kaders en geven we aan waar we de komende jaren aan gaan werken. Dit beleidskader is een eerste richtinggevende aanzet om te komen tot dat wat we samen met onze inwoners willen bereiken. Dit beleidskader is opgesteld in afstemming met de Adviesraad Samenleving Drechterland en met input van maatschappelijke organisaties die werkzaam zijn in Drechterland. De meest belangrijke gesprekspunten uit de gesprekken zijn uitgewerkt in dit beleidskader. Een aantal punten betreffen uitvoering en komen terug bij het vaststellen van een nieuwe verordening en/of beleidsregels Wmo. Dit beleidskader beschrijft het ‘wat’. Bij de verdere uitwerking van een verordening en/of beleidsregels wordt het ‘hoe’ beschreven. Onze Wmo missie: we bieden ondersteuning door versterking van de zelfredzaamheid en participatie van personen met een beperking of met chronische psychische of psychosociale problemen, beschermd wonen en opvang. We bevorderen de toegankelijkheid van voorzieningen, diensten en ruimten voor mensen met een beperking en dragen daarmee bij aan het realiseren van een inclusieve samenleving.

Als inwoners professionele ondersteuning nodig hebben om mee te doen, biedt de gemeente dit vangnet.

1 De Adviesraad heeft binnen de Wmo een adviserende rol bij het vaststellen van beleidsvoorstellen. (Wmo art. 2.1.3 lid 3)

3 / 37

1.

Inleiding

Conform artikel 2.1.2 van de Wet maatschappelijke ondersteuning dient ‘de gemeenteraad periodiek een plan vast te stellen met betrekking tot het door het gemeentebestuur te voeren beleid met betrekking tot maatschappelijke ondersteuning’. Het huidige Wmo beleidsplan van de gemeente Drechterland is van enkele jaren geleden. In de tussentijd is er veel veranderd binnen het sociaal domein. De kosten van de Wmo stijgen en middelen van het Rijk voor de uitvoering van de Wmo stijgen onvoldoende mee. Ook is er nieuwe jurisprudentie ontstaan die van invloed is op de sturingsmogelijkheden van de gemeente. De gemeente zal de komende jaren scherp aan de wind moeten zeilen en dat vraagt om concrete richting en keuzes van de gemeente. Dit beleidskader bevat een overzicht van keuzes.

2.

Wat is de Wet maatschappelijke ondersteuning?

De Wmo gaat uit van de eigen kracht en het netwerk van mensen. Mensen die door een beperking of psychische problematiek onvoldoende zelfredzaam zijn of onvoldoende in staat zijn tot participatie, kunnen een beroep doen op door de gemeente georganiseerde ondersteuning. Ondersteuning moet zo veel mogelijk via algemene voorzieningen en zo dicht mogelijk bij huis worden geboden. De Wmo legt de nadruk op preventie en op het voorkomen van problemen. Als individuele ondersteuning nodig is om mee te doen aan het sociale leven, wordt deze geboden in het kader van de Wmo. Als langdurige intensieve zorg en blijvende behoefte aan 24 uur per dag zorg en/of permanent toezicht nodig is, valt dit niet onder de Wmo maar onder de Wet langdurige zorg (Wlz2). De Wmo is gericht op het meedoen aan het sociale leven. De Wmo kent drie hoofddoelen: 1. Bevorderen van sociale samenhang, mantelzorg en vrijwilligerswerk, de toegankelijkheid van voorzieningen, de veiligheid en leefbaarheid in de gemeente. Evenals het voorkomen en bestrijden van huiselijk geweld. 2. Ondersteunen van de zelfredzaamheid en de participatie van personen met een beperking of met chronisch psychische of psychosociale problemen, zoveel mogelijk in de eigen omgeving. 3. Bieden van maatschappelijke opvang, vrouwenopvang, beschermd wonen en verslavingszorg.

In de overwegingen van de wettekst van de Wmo is opgenomen dat burgers een eigen verantwoordelijkheid dragen en dat van burgers mag worden verwacht dat zij elkaar daarin naar vermogen bijstaan3. Van inwoners wordt verwacht dat zij hun eigen verantwoordelijkheid dragen voor het deelnemen aan het maatschappelijke leven, dat van inwoners verwacht mag worden dat zij ondersteuning bieden aan kwetsbare mensen in hun omgeving. Aanspraak maken op een Wmo-maatwerkvoorziening is daarmee niet meteen een vanzelfsprekendheid.

2 https://wetten.overheid.nl/BWBR0035917/2022-01-01 3 ‘dat burgers een eigen verantwoordelijkheid dragen voor de wijze waarop zij hun leven inrichten en deelnemen aan het

maatschappelijk leven, en dat van burgers mag worden verwacht dat zij elkaar naar vermogen daarin bijstaan; dat het tevens wenselijk is nieuwe regels te stellen om de rechten en plichten van de burger meer met elkaar in evenwicht te brengen; dat burgers die zelf dan wel samen met personen in hun naaste omgeving onvoldoende zelfredzaam zijn of onvoldoende in staat zijn tot participatie.’

4 / 37

Dit beleidskader bevat het kader voor alle voorzieningen binnen de Wmo. Van de sociale basisinfrastructuur en algemene voorzieningen, welzijn, maatwerkvoorzieningen en vangnetvoorzieningen voor de meest kwetsbare inwoners. Het beleidskader biedt inzicht in de samenhang van deze diverse voorzieningen. Zoals benoemd, het doel van al deze voorzieningen is dat álle inwoners kunnen meedoen in de samenleving, ook wanneer zij een beperking hebben die meedoen bemoeilijkt. Dat wordt ook wel een inclusieve samenleving genoemd. Om dat te bewerkstelligen, is het belangrijk om passende ondersteuning te bieden waar nodig. Dit geldt ook voor de Participatiewet en de Jeugdhulp. Dat is voor iedereen anders. Deze ondersteuningsvormen liggen dichtbij de Wmo en dienen ook in samenhang te worden gezien.

5 / 37

3.

Visie sociaal domein ‘Thuis in Drechterland’

De gemeenteraad heeft in 2020 de Visie Sociaal Domein 2020-2024 ‘Thuis in Drechterland’ vastgesteld. In deze visie staat onder andere dat in ieder onderliggend beleidskader aandacht besteed moet worden aan: - preventie, - de faciliterende rol van de gemeente, - dat de gemeente haar taken en ambities meer integraal en in samenhang zal uitvoeren. Dit beleidskader Wmo is een uitwerking van de uitgangspunten van de visie op het sociaal domein gemeente Drechterland.

3.1 De transformatie In onze visie staat transformatie centraal. Daar waar de eerste jaren van de decentralisaties gericht waren op de inrichting van een samenhangende, effectieve en efficiënte organisatie (transitie) staat nu de transformatie centraal. Met de transformatie richten we ons op de inhoudelijke vernieuwing die de transformatie representeert: een andere manier van werken en een andere manier van omgaan met inwoners. De samenleving verandert door een aantal maatschappelijke ontwikkelingen. Vergaande individualisering, vergrijzing, ontgroening, toenemende migratie, meer kwetsbare inwoners in wijken en dorpen, digitalisering, krapte op de arbeidsmarkt en andere opvattingen over de inzet van ondersteuning (van zorgen voor naar meedoen) spelen daarbij een rol. Ook staat de leefbaarheid en sociale cohesie in bepaalde wijken en dorpen onder druk. Daarnaast is er ook een financiële urgentie. De hoge (stijgende) zorg- en ondersteuningskosten in het Sociaal Domein en daarmee ook de Wmo zijn op termijn niet houdbaar. Als we ervoor willen zorgen dat ondersteuning in de toekomst voor inwoners beschikbaar blijft, dan is verandering en vernieuwing noodzakelijk.

3.2 Veranderende rolverdeling tussen inwoners en overheid We moeten kijken naar de rolverdeling tussen inwoners, maatschappelijke instellingen en de overheid. Inwoners krijgen een grotere eigen rol en verantwoordelijkheid. Gemeenten dragen daaraan bij door het stimuleren van de eigen kracht, de zelfredzaamheid, de participatie en de vitaliteit van inwoners. Dit doen we door te investeren in preventie, passende ondersteuning nabij de woon/leefomgeving van onze inwoners, ondersteuning volgens het principe ‘zo licht als mogelijk, zo zwaar als noodzakelijk’ en voldoende ruimte voor innovaties. Vroegsignalering vinden we belangrijk: hoe eerder we (risico’s op) kwetsbaarheid signaleren des te groter de kans dat we tijdig kunnen ondersteunen. De verandering van het Sociaal Domein is een verandering die nog jaren zal duren. Het vraagt van alle betrokkenen in de samenleving eenzelfde grondhouding om een nieuwe algemene opvatting te realiseren. Een opvatting waarbij het vanzelfsprekend is om voor elkaar te zorgen, meer zelf in zorg te voorzien, vooruit te kijken en alleen op een gemeente terug te vallen als er een vangnet nodig is. Hiervoor is sinds de invoering van de Wmo2015 een belangrijke basis gelegd. In de Wmo2015 is het uitgangspunt dat zelfredzaamheid en meedoen de verantwoordelijkheid zijn van inwoners zelf.

Gemeenten zijn gehouden om beleid te maken ter ondersteuning van mensen die niet volledig zelf kunnen voorzien in hun zelfredzaamheid en participatie, of behoefte hebben aan beschermd wonen of opvang.

6 / 37

3.3 Vitale samenleving Het Sociaal Domein ondergaat een grote verandering: van een verzorgingsstaat (voor iemand zorgen) naar een samenleving waarin mensen mee kunnen doen (zelf- en samen-redzaamheid). We streven naar een situatie waarin de samenleving als geheel en mensen individueel keuzes maken die bijdragen aan gezondheid, zingeving en meedoen, ieder op zijn eigen individuele niveau. Hiervoor is een gemeenschap die een stevig sociaal fundament biedt cruciaal. Dit betekent dat inwoners naar elkaar omkijken. Vrijwilligers en mantelzorgers spelen hierin een belangrijke rol.

3.4 Inclusieve samenleving Een inclusieve samenleving houdt in dat iedereen kan meedoen aan de samenleving, ongeacht zaken als afkomst, overtuigingen, geaardheid en beperkingen. Voor de Wmo ligt de focus in deze voornamelijk bij passende ondersteuning voor mensen met een beperking4. Betekenisvolle participatie in de samenleving is belangrijk. Als mensen zich kunnen inzetten voor hun directe leefomgeving, buurtgenoten of maatschappelijke doelen, draagt dat bij aan zelfontplooiing en het gevoel van eigenwaarde. Ook ontmoet men op deze wijze andere mensen, hetgeen eenzaamheid tegengaat. Goede contacten in de buurt dragen bij aan de kwaliteit van bestaan, maar ook aan het gevoel van veiligheid. Voor kwetsbare inwoners voorkomt sociale samenhang eenzaamheid en sociaal isolement. Voldoende hulp, niet alleen van professionals maar juist ook van het sociale netwerk, betekent dat mensen langer zelfstandig thuis kunnen blijven wonen. Het is belangrijk om een sterke basisinfrastructuur te bieden met toegankelijke algemene voorzieningen.

3.5 Normaliseren is de nieuwe norm Het begrip ‘normaliseren’ verwijst naar de vraag wat normaal is. Dat jeugdigen, ouders en volwassenen in het leven moeilijke perioden doormaken, is normaal. Ieder mens heeft dat. Het is normaal dat het leven gepaard gaat met vallen en opstaan. Normaliseren is ook dat inwoners zelf verantwoordelijk zijn voor het beantwoorden van hun eigen ondersteuningsvraag. Eerst kijken wat inwoners zelf kunnen. Als dat niet lukt, is de gemeente een vangnet. Met normaliseren zetten wij ook in op de beweging ‘dat hulp vragen aan je directe omgeving normaal en vanzelfsprekend is’. Volgens de huidige wetgeving en jurisprudentie is het verwijzen naar normalisatie erg moeilijk, maar daar waar mogelijk wordt dit geprobeerd.

3.6 Professionele ondersteuning vanuit de gemeente als het nodig is We zetten in ons beleid nadrukkelijk in op preventie en vroegsignalering. Dit doen we om te voorkomen dat mensen (op termijn) gebruik moeten maken van zwaardere vormen van langdurige, maatschappelijke ondersteuning. Het is realiteit dat niet iedereen op elk moment in staat is zelfredzaam te zijn, gebruik te maken van zijn eigen mogelijkheden en om hulp te vragen als dat nodig is. Dit betekent dat we kwetsbare inwoners actief benaderen en ondersteunen. Bij ondersteuningsvragen is het perspectief en het talent van de inwoner, en ook van maatschappelijke organisaties, het uitgangspunt. In de Wmo2015 is de term ‘maatwerkvoorziening5’ geïntroduceerd. De maatwerkvoorziening is aanvullend op wat iemand zelf kan bijdragen, en vormt samen met de inzet van eigen kracht of, indien van toepassing, gebruikelijke hulp of mantelzorg een samenhangend ondersteuningsaanbod, ofwel maatwerk. De

4 https://wetten.overheid.nl/BWBR0035362/2021-07-01 5 Artikel 1.1.1 Wmo: maatwerkvoorziening: op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van een persoon afgestemd geheel

van diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen: 1°.ten behoeve van zelfredzaamheid, daaronder begrepen kortdurend verblijf in een instelling ter ontlasting van de mantelzorger, het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen, 2°.ten behoeve van participatie, daaronder begrepen het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen en andere maatregelen

7 / 37

ondersteuning is zo licht en zo kort als mogelijk gericht op een realistisch ontwikkel- en participatieniveau van een cliënt.

8 / 37

4.

Maatschappelijke ontwikkelingen en trends

4.1 Landelijke ontwikkelingen a.

Meer ouderen met een langere levensverwachting De levensverwachting van mensen in Nederland neemt toe. De levensverwachting is in 2019 toegenomen met 4 maanden tot 80,5 jaar voor mannen, en met 3 maanden tot 83,6 jaar voor vrouwen. De toename van de levensverwachting in 2019 is hoger dan gemiddeld in de zeven jaren daarvoor. Tussen 2012 en 2018 steeg de levensverwachting met gemiddeld 2 maanden voor mannen en 1 maand voor vrouwen. (bron: CBS)

b.

Toenemende vergrijzing De bevolking van Nederland is geleidelijk aan het vergrijzen. Vergrijzing houdt in dat het aandeel ouderen in de totale bevolking toeneemt. Er komen meer ouderen en de ouderen worden ook nog eens ouder. In de twintigste eeuw is het aantal 65-plussers in Nederland meer dan vertienvoudigd. Er zijn in Nederland bijna 3,4 miljoen ouderen (2020). Daarnaast is sprake van 'dubbele vergrijzing'. Dit houdt in dat van de groep 65-plussers het deel 80-plussers toeneemt. Op 1 januari 2020 waren er in Nederland bijna 824.000 mensen van 80 jaar en ouder, wat neerkomt op 4,7% van de bevolking. Van de 65-plussers was bijna een kwart ouder dan 80 jaar. Ook in Drechterland is er sprake van vergrijzing.6 Vergrijzing heeft veel invloed op de uitvoering van de Wmo. Zo wordt er een groter beroep gedaan op de zelfredzaamheid van mensen en hun omgeving. Tegelijkertijd zien we dat het aantal kwetsbare mensen waarvoor de gemeente verantwoordelijk is, toeneemt.

c.

Meer oude vrouwen dan oude mannen Van alle 65-plussers was op 1 januari 2020 1,6 miljoen man (46%) en 1,8 miljoen vrouw (54%). Onder de 80-plussers was zelfs 63% vrouw. De oudere bevolking is dus ongelijkmatig samengesteld naar geslacht: hoe hoger de leeftijd, hoe kleiner het aandeel mannen in de bevolking. Dit hangt direct samen met verschillen in sterftekansen naar geslacht: op alle leeftijden hebben mannen een hogere sterftekans dan vrouwen. In de toekomst zullen deze scheve geslachtsverhoudingen vanaf 70-jarige leeftijd wel minder scheef worden, omdat het verschil in levensverwachting tussen mannen en vrouwen kleiner zal worden (Garssen, 2011).

d.

Toename van het aantal ouderen met dementie Het aantal mensen met dementie is door de vergrijzing verzesvoudigd tot op dit moment 290.000 mensen in Nederland. De verwachting is dat het aantal oploopt tot 620.000 in 2050.7 Een dementievriendelijke omgeving wordt belangrijker dan ooit.

e.

De vraag naar zorg en gezondheid neemt toe en het aanbod verandert De VNG heeft een klein onderzoek uitgevoerd naar de effecten van dubbele vergrijzing en toenemende zorgvraag. Door de vergrijzende bevolking neemt de zorgvraag (zoals hulpmiddelen, huishoudelijke verzorging, collectief aanvullend vervoer en begeleiding aan huis) bij gemeenten toe. De gemeenten staan de komende jaren voor een forse uitdaging.8 Ouderen leven langer zelfstandig en wonen minder vaak in een verpleeg- of verzorgingstehuis. Daarnaast is er als gevolg van arbeidsmarktontwikkelingen minder personeel om de stijgende zorgvraag op te vangen. Voor een deel kan de extra zorg- en ondersteuningsvraag worden opgevangen met nieuwe technieken. Deze ontwikkelingen vragen om andere zorgprocessen en vaardigheden, zowel van het personeel als van de cliënten. Mensen zullen door de vergrijzing langer zelfstandig thuis moeten blijven wonen. 6 https://zzww.nl/wp-content/uploads/2021/11/zzww-manifestpreview.pdf 7 https://www.alzheimer-nederland.nl/factsheet-cijfers-en-feiten-over-dementie 8 https://vng.nl/sites/default/files/2019-12/de-gevolgen-van-vergrijzing_20191126.pdf

9 / 37

f.

De oudere bestaat niet Steeds meer maken we de stap naar een samenleving waarin we de waarde inzien van ouder worden. Waarin we inzien dat senioren veerkrachtig zijn en een schat aan ervaring hebben en dat zij een belangrijke bijdrage leveren aan onze samenleving, bijvoorbeeld door het verlenen van mantelzorg en vrijwilligerswerk.

g.

De zorgen ten aanzien van de mentale gezondheid van jongeren nemen toe Er is veel aandacht voor de toenemende druk op het dagelijks leven van jongeren en jongvolwassenen. Diverse maatschappelijke ontwikkelingen spelen hier een rol zoals de ervaren prestatiedruk en de rol van social media.

h.

De omvang van leefstijl-gerelateerde aandoeningen neemt toe Ongezond gedrag zoals roken en te weinig beweging is verantwoordelijk voor 20% van de ziektelast (bron: RIVM: Volksgezondheid Toekomst Verkenningen 2018). Daarnaast neemt het overgewicht toe. We zien ook positieve ontwikkelingen. Over het algemeen leven we langer in goede gezondheid, maar zijn er tegelijk ook groter wordende verschillen tussen mensen met verschillende achtergronden en opleidingsniveaus.

i.

Kwetsbare inwoners Kwetsbare groepen worden vaak nog kwetsbaarder dan zij al zijn. Daarnaast zijn er ’nieuwe kwetsbare groepen’ ontstaan. De onderwerpen die daarbij kunnen spelen zijn eenzaamheid, welbevinden, huiselijk geweld, psychische druk en gezondheid.

j.

Het abonnementstarief Het vaste tarief voor de eigen bijdragen aan Wmo-voorzieningen is ingegaan op 1 januari 2020. De invoering van dit abonnementstarief heeft geleid tot een aanzuigende werking op Wmoondersteuning, vooral bij huishoudelijke hulp.

k.

Stijging tarieven Wmo Verschillende ontwikkelingen hebben de tarieven binnen de Wmo de afgelopen jaren doen stijgen. In de eerste plaats is dat de toepassing van de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) Reële Kostprijs. In de tweede plaats de CAO-stijgingen die als gevolg van de AMvB toegepast moeten worden. En in de derde plaats de jaarlijkse indexering van tarieven.

l.

Extramuralisering en doordecentralisatie Beschermd Wonen Per 1 januari 2022 wordt gestart met de doordecentralisatie van Beschermd Wonen. Ondanks nieuwe regionale samenwerkingsafspraken rondom Bescherm Wonen betekent het ook dat Drechterland zich lokaal moet inzetten voor inwoners die in aanmerking komen voor Beschermd Wonen.

m.

Toename van beroep op vrijwilligers en mantelzorgers Het beroep op vrijwilligers en mantelzorgers neemt toe, terwijl mensen over het algemeen minder tijd hebben voor vrijwilligerswerk omdat ze langer doorwerken en de AOW-leeftijd opschuift. Ook verandert de wijze waarop inwoners invulling (willen) geven aan vrijwilligerswerk.

n.

De Omgevingswet Op 1 juli 2022 treedt de Omgevingswet in werking. Deze wet bundelt (bijna) alle wetten en regels voor ruimte, infrastructuur, wonen, erfgoed, milieu, natuur en water. De fysieke leefomgeving beschermt de gezondheid (zoals schone lucht) en kan de gezondheid bevorderen, door de buitenruimte zo in te richten dat het uitnodigt tot ontmoeten, ontspannen en bewegen. Op grond van de wet is de gemeente verplicht om in 2024 een Omgevingsvisie te hebben. Een veilige en gezonde leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit staan centraal in de Omgevingsvisie.

10 / 37

Regeerakkoord 2021 – 20259 In het nieuwe Regeerakkoord ‘Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst Coalitieakkoord 2021 – 2025’ wordt ook aandacht besteed aan onderdelen van de Wmo: - Langer thuis wonen wordt door het Rijk nog meer gestimuleerd. Ouderen moeten gezond ouder kunnen worden in hun eigen en/of passende omgeving. Dat betekent onder andere inzetten op meer seniorenwoningen, levensloopbestendige woningen, mantelzorg, digitale zorg, domotica en valpreventie. Hierbij is expliciete aandacht voor innovatieve woonvormen. - Van gemeenten wordt verwacht om mogelijk kwetsbare ouderen vroeg in beeld te hebben en langer thuis onen mede te faciliteren. Passende zorg en ondersteuning wordt de norm en moet voor iedereen dichtbij beschikbaar zijn. Verder wordt er gekeken naar bewezen (kosten)effectiviteit in de Wet langdurige zorg (Wlz), Jeugdwet en Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015. - Er wordt gepleit voor het in combinatie inzetten van passende zorg en een praktijkondersteuner bij de huisarts (POH). Hierdoor kan de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) zich meer richten op complexe problematiek en wordt de instroom beperkt. - Met betrekking tot het abonnementstarief wordt geconstateerd dat door een stijgend gebruik van de huishoudelijke hulp de beschikbaarheid van voorzieningen onder de Wmo onder druk is komen te staan.

Het nieuwe kabinet gaat werken aan een eerlijkere eigen bijdrage voor de huishoudelijke hulp met landelijke normen en met oog voor betaalbaarheid van lage- en middeninkomens. Hierdoor blijven hulp en ondersteuning beschikbaar.

o.

p.

Eenzaamheid Eenzaamheid kan toenemen als de groep ouderen groot is. Dit is in hoge mate bepalend voor iemands kwaliteit van bestaan. Een uitstekend recept tegen eenzaamheid is betekenisvolle participatie. Als mensen zich nuttig kunnen inzetten voor hun directe leefomgeving, buurtgenoten of maatschappelijke doelen, dan draagt dat bij aan hun zelfontplooiing en gevoel van eigenwaarde. Hierin spelen factoren als voldoende voorzieningen op het gebied van sport en cultuur ook een belangrijke rol, die dan ook voldoende geborgd moeten zijn binnen onze samenleving.

9 https://www.kabinetsformatie2021.nl/documenten/publicaties/2021/12/15/coalitieakkoord-omzien-naar-elkaar-vooruitkijken-naar-de-

toekomst

11 / 37

4.2 Lokale ontwikkelingen Een aantal lokale maatschappelijke ontwikkelingen en trends zijn van belang bij beleidsontwikkeling voor de maatschappelijke ondersteuning in Drechterland.

a.

Demografische gegevens Drechterland Drechterland heeft 19.838 inwoners (bron: CBS 202110), waarvan 8.270 huishoudens. Van de 19.838 inwoners zijn 5.676 inwoners in de leeftijd van 45-65 jaar (28,6%), en 4.317 inwoners ouder dan 65 jaar (21,8%). Daarvan is 17,5% ouder dan 68 jaar waarvan 8,4% in de leeftijd van 75 jaar en ouder.

(bron: https://gezondnhn.nl/dashboard/Dashboard/BEVOLKING?regionlevel=gemeente15&regioncode=498)

b.

Toenemende vergrijzing Een belangrijke doelgroep die gebruik maakt van de Wmo zijn de oudere inwoners van Drechterland. Belangrijk is om daarbij te realiseren dat veel van de ouderen die in Drechterland wonen de gemeente hebben gevormd naar hoe het nu is. En zij zijn vaak nog lange tijd actief: als vrijwilliger, als betrokken buurman/vrouw, mantelzorger, maatje of grootouder. De bijdrage die ouderen aan onze gemeente leveren, is van onschatbare waarde en biedt een rijkdom aan kennis, ervaring. We zien de vergrijzing daarom ook als kans.

Toelichting op de afbeelding: de beschikbare data voor Drechterland ontbreken omdat het CBS de gegevens alleen beschikbaar heeft bij gemeenten groter dan 50.000 inwoners. Om een goed beeld te schetsen gebruiken wij derhalve de gegevens van Noord Holland.

10 https://www.cbs.nl/nl-nl/visualisaties/dashboard-bevolking/regionaal/inwoners

12 / 37

Met veel van de oudere inwoners van Drechterland gaat het goed. Veel oudere inwoners leiden een goed leven, ontmoeten anderen en zijn maatschappelijk actief. De groeiende groep ouderen kan zich in de derde levensfase in onze gemeente verder ontplooien. Hun kennis, ervaringen en inzet zijn belangrijk. De groep ‘nieuwe ouderen’ is meer divers dan voorheen. Ouderen blijven langer actief en gezond.

c.

Stijging vraag Wmo ondersteuning Landelijk is de afgelopen twee jaar een stijging van vraag naar ondersteuning zichtbaar, dat geldt ook voor Drechterland. Vanaf het tweede halfjaar 2019 zien we het aantal unieke cliënten met een Wmo-voorziening in Drechterland stijgen naar 1.170 unieke cliënten met een maatwerkvoorziening Wmo. We zien vanaf het eerste halfjaar 2020 dat het aantal maatwerkvoorzieningen zich stabiliseert.

(bron: Waar staat je gemeente - ontwikkeling van het aantal inwoners met individuele Wmo-voorzieningen (absoluut), uitgesplitst naar type voorziening en het totaal)

d.

Toename van het aantal kwetsbare inwoners Met de komst van de Wmo in 2015 wordt in toenemende mate een beroep gedaan op de zelfredzaamheid van mensen en hulp van hun omgeving. Tegelijkertijd zien we ook dat het aantal kwetsbare mensen waarvoor de gemeente binnen de Wmo verantwoordelijk is, toeneemt.

e.

Stijging vraag Wmo Begeleiding Door extramuralisering is de afgelopen jaren een toename te zien van ambulante Wmo Begeleiding thuis. Daar waar psychisch kwetsbare inwoners voorheen een beroep konden doen op ondersteuning/begeleiding intramuraal, zien we een toename van psychisch kwetsbare inwoners die thuis wonen met ambulante Wmo Begeleiding. Deze mensen krijgen een maatwerkvoorziening bestaande uit een arrangement. Dit arrangement behelst de noodzakelijke hulp bij het zelfstandig wonen en maatschappelijke participatie en bestaat uit een mix van huishoudelijke hulp, ambulante begeleiding en/of dagbesteding.

f.

Toename van aantal complexe ondersteuningsvragen Naast een toename van het aantal inwoners dat een beroep doet op Wmo-voorzieningen zien we ook een toename van het aantal inwoners met complexe(re) ondersteuningsvragen. Daarbij gaat het niet alleen om de complexere ondersteuningsvragen maar ook om gestapelde zorg of inwoners met meerdere indicaties.

13 / 37

Passende zorg en ondersteuning – behoefte aan passende woonruimte De maatschappelijke ontwikkelingen vragen niet alleen om het regelen van voldoende en passende zorg en ondersteuning, maar ook van voldoende geschikte woningen. In het eerder aangehaalde Regeerakkoord, zie pagina 10 onder o., wordt in het kader van langer thuis wonen expliciet aandacht gevraagd voor seniorenwoningen, levensloopbestendige woningen, mantelzorg, digitale zorg, domotica, valpreventie en innovatieve woonvormen. In de regio Westfriesland is een grote behoefte aan kleinschalige betaalbare woonruimte. Het gaat daarbij om woonruimte voor jongeren, mensen die uit een woonvoorziening als Beschermd Wonen uitstromen en jongeren die in een jongerenvoorziening gehuisvest zijn en vanwege het bereiken van de volwassen leeftijd aangewezen zijn op een eigen woning. Een ander deel van de beschikbare woningvoorraad is bestemd voor de doelgroep inburgeraars.

g.

h.

Kansen We kunnen deze trends en maatschappelijke ontwikkelingen niet tegengaan, maar er wel zo goed als mogelijk op inspelen. De ontwikkelingen bieden namelijk ook kansen. De nieuwe generatie ouderen is bijvoorbeeld in het algemeen hoger opgeleid, welvarender, mobieler en actiever dan de eerdere generatie ouderen. Zij willen gezond en vitaal oud worden, het liefst zo lang mogelijk in hun vertrouwde omgeving.

14 / 37

5.

Centrale inhoudelijke thema’s Wmo-beleidskader

Om onze ambitie van een inclusieve samenleving vorm te geven, benoemen we een aantal centrale thema’s die de basis vormen van onze voorzieningen op het gebied van maatschappelijke ondersteuning. Deze uitgangspunten en thema’s zijn niet nieuw en ook terug te vinden in de ‘Visie Sociaal Domein 2020-2024 Thuis in Drechterland’ en ‘Pact 7.1 Westfriesland’. Ook zijn deze terug te vinden in verschillende (deel)beleidsnota’s en notities. De belangrijkste centrale thema’s zijn: 1. Inclusie 2. De gemeente en Team Inzet 3. Een sterke basis 4. Cliëntondersteuning 5. Mantelzorgondersteuning en vrijwillige inzet 6. Wonen en zorg 7. Positieve gezondheid 8. Jeugd en Wmo 9. Aanvullende ondersteuning voor wie dat nodig heeft 10. Een vangnet voor kwetsbare inwoners We beschrijven in dit hoofdstuk wat we willen bereiken en wat we daar al voor doen. Daar zijn ambities aan toegevoegd voor de komende periode (‘wat kunnen we verder nog doen’). Sommige van deze ambities voeren we uit , andere vragen om nadere uitwerking. Waar nodig en noodzakelijk is ook budget en capaciteit nodig om het uit te voeren. In het definitieve beleidskader wordt dit mede door input op deze peilnotitie, verder uitgewerkt. Per thema benoemen we: - wat we willen bereiken? - wat gaan we er voor doen? - wat kunnen we verder nog doen?

15 / 37

5.1 Inclusie (inclusieagenda) In de Wmo 2015 is opgenomen dat de gemeente in haar beleidskader opneemt hoe zij uitvoering geeft aan het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap. Inclusie gaat hand in hand met het VN Verdrag Handicap11. Iedereen telt mee in de gemeente Drechterland. We streven naar een toegankelijke en inclusieve gemeente. Het doel is dat iedereen zoveel mogelijk naar wens en vermogen mee kan doen en zonder beperkingen kan bewegen, ontwikkelen en genieten. Hierbij houden we er rekening mee dat iedereen gelijkwaardig is. Dat betekent niet dat iedereen gelijk is. Wij waarderen de verschillen tussen mensen. Ook gaan we er van uit dat mensen keuzes hebben. Als we zeggen ‘Iedereen doet mee’ betekent dit, dat iedereen mee doet voor zover hij dat kan en wil. Juist omdat we rekening houden met de verschillen tussen mensen. Onze ambitie is om een toegankelijke en inclusieve gemeente te zijn waar iedereen kan meedoen en waar niemand gediscrimineerd of uitgesloten wordt. Hierbij houden we niet alleen rekening met de groep mensen met een beperking, maar ook andere groepen die om verschillende redenen worden uitgesloten van volwaardige deelname aan de samenleving, denk aan minimuminkomen, schulden, leeftijd, etnische herkomst, seksuele oriëntatie of genderidentiteit.

We willen een inclusieve gemeente zijn, voor mensen met en zonder handicap, beperking of kwetsbaarheid. Meedoen op school, de arbeidsmarkt, bij clubs en verenigingen, of in de buurt. Ook zien we graag dat iedereen een gewaardeerde rol vervult en een bijdrage levert op basis van zijn of haar eigen interesses en talenten. Inwoners voelen zich geaccepteerd en horen erbij. Iedereen heeft dezelfde rechten en heeft de regie over zijn of haar eigen leven. Verschillen worden gezien als mogelijkheden in plaats van als problemen waar een oplossing voor moet worden gezocht. Iedereen is immers anders. Alles begint bij bewustwording en dat doen we samen: gemeente en inwoners. Weten dat iedereen recht heeft om mee te doen.

a.

Wat willen we bereiken? We willen dat activiteiten en voorzieningen zoveel mogelijk toegankelijk zijn voor alle inwoners.

b.

Wat doen we hier al voor? De werkgroep Toegankelijkheid van de Adviesraad Samenleving Drechterland speelt een rol bij het signaleren van beperkingen in de toegankelijkheid van openbare gebouwen en de openbare ruimte. Er is een richtlijn fysieke toegankelijkheid openbare ruimte en een richtlijn fysieke toegankelijkheid gebouwen. De werkgroep wordt samen met andere stakeholders voorafgaand aan projecten in de openbare ruimte betrokken bij de inspraak.

c.

Wat kunnen we verder nog doen? Met de maatschappelijke organisatie ‘Ongehinderd’12 willen we de belangrijkste gebouwen voor de gemeente laten toetsen op toegankelijkheid. Op de website en in de app van ‘Ongehinderd’ wordt voor gebruikers duidelijk wat ze kunnen verwachten aan toegankelijkheid in de gebouwen. Daarnaast krijgt de gemeente daarmee een rapport in handen op basis waarvan de gemeente eventuele verbeteringen kan aanbrengen. Ook willen we samen, gemeente, werkgroep Toegankelijkheid en inwoners, in 2022 een start maken met de ontwikkeling van een eigen Lokale Inclusie Agenda waarmee we de basis leggen van inclusief beleid in onze gemeente. Met die agenda stellen we prioriteiten op het gebied van: onderwijs, ontwikkeling, thuis, werk, inkomen, vrije tijd, vervoer, welzijn, gezondheid, ondersteuning.

11 https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/rechten-van-mensen-met-een-handicap/positie-mensen-met-een-beperking-verbeteren-vn-

verdrag-handicap 12 https://ongehinderd.nl/

16 / 37

5.2 Team Inzet a.

Wat willen we bereiken? Een goed functionerende toegang ook als middel om een verschuiving van specialistische hulp naar laagdrempelige ondersteuning en preventie te realiseren.

b.

Wat doen we hier al voor? Iedere inwoner van Drechterland met een hulp- of ondersteuningsvraag kan zich melden bij onze gemeente. Hier vindt een korte uitvraag plaats van de hulpvraag, waarna de inwoner doorverwezen wordt naar een algemene voorziening of er komt een gesprek met een professional (consulent) om de hulpvraag uitgebreid in kaart te brengen, waarna mogelijk een beschikking wordt afgegeven voor specialistische (jeugd)ondersteuning. Enkelvoudige aanvragen en aanvragen waarvan duidelijk is dat specialistische inzet nodig is, worden door de consulenten afgehandeld. Bij meervoudige of complexe problematiek wordt ook afgestemd bij Team Inzet of kan doorverwezen worden naar Team Inzet. Als Team Inzet ambulante hulpverlening kan bieden, dan hoeft er door de gemeente geen (maatwerk)voorziening te worden ingezet. Team Inzet is als het ware gepositioneerd tussen de eerstelijns en de tweedelijns zorg, de zogenaamde anderhalve-lijn. Inwoners hebben niet rechtstreeks toegang tot de hulp. Een aanmelding bij het team kan via de betrokken hulpverlener of professional, zoals een maatschappelijk werker, het onderwijs, de jeugdverpleegkundige, welzijnsorganisaties, huisartsen, etc.

Het team richt zich bij een stapeling van hulpvragen van cliënten op onder andere de volgende leefgebieden: maatschappelijke zelfredzaamheid, financieel functioneren, dagbesteding/werk, vrije tijd, onderwijs, sociaal/relationeel functioneren, lichamelijk functioneren en psychisch/pedagogisch functioneren. Er is veel kennis op het gebied van veiligheidsvraagstukken en multiprobleemgezinnen. In de situatie dat Team Inzet geen hulpverlening kan bieden, vindt er zo nodig en als mogelijk een toeleiding plaats naar een (maatwerk)voorziening vanuit de Wmo.

c.

Wat kunnen we verder nog doen? Het is onze ambitie om vanuit deze toegang ook de aansluiting naar andere voorzieningen uit het sociaal domein als schuldhulpverlening, werk en inkomen en bijzondere bijstand te stroomlijnen. We richten ons op preventie, signalering, vraagverheldering en kortdurende en lichte ondersteuning. Ondersteuning op maat, dicht bij de inwoners en in de buurt, versterken van eigen kracht en de inzet van het sociale netwerk vormen de basis. Als meer of langduriger ondersteuning nodig is, wordt ervoor gezorgd dat deze wordt ingezet. Dat kan zijn in de vorm van collectieve oplossingen, individuele ondersteuning of specialistische hulp. Er wordt intensief samengewerkt met professionals en vrijwilligers.

17 / 37

Vanuit de preventiegedachte is er in 2021 samenwerking gezocht met verschillende organisaties. Er is gewerkt aan een uitbreiding van een lokale aanpak door expertise in het lokale veld toe te voegen. Deze is aanvullend op de deskundigheid van Team Inzet. Voorbeelden hiervan zijn onder andere: -

-

-

-

Buurtgezinnen; zij werken met vrijwilligers rondom overbelaste gezinnen. Gezinnen die het zwaar hebben (vraaggezinnen) worden door een lokale coördinator gekoppeld aan een stabiel gezin in de buurt (steungezin). Op laagdrempelige, gelijkwaardige en alledaagse wijze krijgen kinderen wat extra aandacht en worden ouders ontlast. Home-start; dit is een erkend opvoedingsondersteuningsprogramma (NJI april 2019), waarbij vrijwilligers uit de omgeving van het gezin betrokken worden om te helpen bij de opvoeding van kinderen. Mediation; zij bieden ouders ondersteuning door hen zorgvuldig op praktisch, juridisch en financieel gebied te adviseren over zaken die bij een scheiding aan de orde komen, terwijl er daarnaast aandacht en ondersteuning is bij een individuele of gezins (psychische, sociale, emotionele) hulpvraag, welke door Team Inzet opgepakt wordt. Jongerenwerk, 18-/18+; dit is aanvullende inzet op de ondersteuningsmogelijkheden van Team Inzet, omdat het begeleiden van deze doelgroep uitdagingen brengt, mede door de overgang van de Jeugdwet naar ander wetgeving. Het gaat om ‘kwetsbare’ individuele jongeren 18-/18+ die veel tijd vergen. Meerdere jongeren met of na een kinderbeschermingsmaatregel krijgen ondersteuning bij dagbesteding, huisvesting, sociale contacten of financiën. Ook houdt men zicht op jongeren met risicovol gedrag die dreigen af te glijden naar criminaliteit.

18 / 37

5.3 Een sterke basis De basis wordt gevormd door de inwoners, mantelzorgers en vrijwilligers. Daarnaast zijn er allerlei algemene voorzieningen, zoals welzijnswerk in de buurt, mantelzorgondersteuning, ontmoetingsactiviteiten en algemeen maatschappelijk werk en vrijwilligers. Het gaat om laagdrempelige activiteiten die de sociale samenhang bevorderen, eenzaamheid tegengaan en ertoe bijdragen dat mensen zich zoveel mogelijk zelf kunnen redden en mee kunnen doen. Daarnaast zijn de locaties waarin activiteiten plaatsvinden van belang als het gaat om algemene voorzieningen, bijvoorbeeld de dorpshuizen.

a.

Wat willen we bereiken? Versterken van de sociaal-culturele basis-infrastructuur om de zelfredzaamheid van inwoners te versterken. Hierdoor hoeft relatief minder vaak gebruik te worden gemaakt van maatwerkvoorzieningen.

b.

Wat doen we hier al voor? Onze welzijnsorganisatie MEE & de Wering organiseert samen met andere (zorg) organisaties activiteiten om de participatie van (kwetsbare) doelgroepen te verhogen. Het welzijnswerk zetten we in om snel en proactief in te kunnen spelen op de veranderingen in de samenleving: meer focus op kwetsbare doelgroepen, meer verbinden in de buurt, meer inspelen op ontwikkelingen om mensen in staat te stellen langer zelfstandig thuis te wonen. We faciliteren maatschappelijke voorzieningen (verenigingen, wijken, hulpverlening, bibliotheken, dorpshuizen, zwembaden, e.d.) en initiatieven, die ontmoeting stimuleren, aansluiten bij de behoefte en vraag van inwoners en die bovendien laagdrempelig en goed (fysiek) toegankelijk zijn. De aansluiting tussen het sociaal domein en het medisch domein wordt steeds belangrijker. Doordat steeds meer kwetsbare mensen in de wijken (blijven) wonen, verandert de rol van de huisarts. Deze wordt steeds meer ‘spin in het web’ als het om zorg gaat. Diverse landelijke projecten in het land laten zien dat samenwerking tussen huisartsen, wijkverpleegkundigen, de lokale GGZ-medewerkers en de Wmo voordelen oplevert voor onze inwoners. De gemeente Drechterland zet reeds in op een preventieve wijkverpleegkundige.

De wijkverpleegkundige heeft een preventieve en signalerende rol in de wijk en is gericht op ondersteuning van de cliënt en zijn cliëntsysteem (bijvoorbeeld mantelzorg). Ze gaat in op signalen als het op gezondheidsgebied en/of op sociaal gebied niet goed gaat met inwoners en gaat kijken wat er nodig is om de inwoner in zijn thuissituatie te ondersteunen. Het gaat hierbij om aspecten die te maken hebben met kwaliteit van leven, het versterken van de zelfredzaamheid en het versterken van de eigen regie. Hierin werkt de wijkverpleegkundige samen met andere (zorg)professionals. De verpleegkundige vormt daarbij de verbinding tussen zorg en welzijn.

c.

Wat kunnen we verder nog doen? Het is onze ambitie om een medewerker van Team Inzet te koppelen aan de huisartsenpraktijken. Ook willen we inzetten op Welzijn op Recept13. Welzijn op Recept is een alternatief voor mensen met psychosociale klachten. In plaats van het ‘traditionele pilletje’ voor te schrijven, verwijst de huisarts deze patiënten door naar welzijnswerk. Welzijn op Recept is in hoge mate ook een vorm van integrale zorg. Integrale zorg is een andere manier van organiseren waarbij de patiënt/inwoner en zijn hele leven centraal staat. Voor Welzijn op Recept betekent dit dat zorg en welzijn nauw met elkaar samenwerken om samen de juiste zorg te kunnen leveren.

13 https://welzijnoprecept.nl/?gclid=CjwKCAiA_omPBhBBEiwAcg7smdo6ROFBogMCQrl785btxr0GZghFXkgj75N8-

BuFqVpH_C4zVw7wlBoC-d4QAvD_BwE

19 / 37

5.4 Cliëntondersteuning De onafhankelijke cliëntondersteuning is geregeld in de Wmo. Artikel 1.1.1. van de Wmo 2015 definieert cliëntondersteuning als: "Onafhankelijke ondersteuning met informatie, advies en algemene ondersteuning die bijdraagt aan het versterken van de zelfredzaamheid en participatie en het verkrijgen van een zo integraal mogelijke dienstverlening op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, preventieve zorg, zorg, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen." Daarmee is in één wet de cliëntondersteuning voor het gehele sociale domein (dus ook voor de Jeugdwet en de Participatiewet) én andere levensgebieden zoals schuldhulpverlening, onderwijs, gezondheidszorg, wonen, werk en inkomen geregeld. De Wmo regelt de cliëntondersteuning bij de toeleiding tot de poort van Wlz (CIZ, zorgkantoor). Vanaf het moment dat een Wlz-indicatie is afgegeven, wordt de cliëntondersteuning vanuit de Wlz geregeld.

a.

Wat willen we bereiken? Inwoners met een hulpvraag kunnen zich laten bijstaan door de onafhankelijke cliëntondersteuning. Deze vorm van ondersteuning is goed toegankelijk en inwoners weten waar ze de onafhankelijke cliëntondersteuning kunnen vinden. De ondersteuner helpt inwoners met het uitvragen van de behoefte aan hulp en ondersteuning en verwijst de inwoners dan door naar de juiste vorm van hulp. Eventueel wordt geholpen met de eerste contacten met de juiste hulpverlening.

b.

Wat doen we hier al voor Er zijn verschillende aanbieders in Drechterland die zich richten op specifieke doelgroepen zodat elke cliënt een ondersteuner kan vinden die bij hem past. Een ondersteuningstraject is maximaal acht uur. Mocht het zo zijn dat door complexiteit meer uren nodig zijn voor een casus, dan kan toestemming gegeven worden voor uitbreiding van uren. Als cliënten een melding doen bij de gemeente voor de Wmo wordt in de ontvangstbevestiging gewezen op de kosteloze inzet van de cliëntondersteuners. Cliënten en hun mantelzorgers kunnen zich dan laten bijstaan in het traject rondom de melding, onderzoek en een eventuele aanvraag op grond van de Wmo.

c.

Wat kunnen we verder nog doen? Er wordt gewerkt aan meer bekendheid rondom onafhankelijke cliëntondersteuning. Het gaat dan om de bekendheid van het bestaan van onafhankelijke cliëntondersteuning en het wijzen op de aanbieders van de ondersteuning en hoe die te bereiken. De aanbieders gaan in gesprek met diverse medewerkers14 om zich te oriënteren op het aanbod van de gemeente, zodat zij inwoners goed bij kunnen staan bij hun hulpvragen en bijvoorbeeld kunnen helpen bij het zoeken naar geschikte woonruimte. Verder is het belangrijk om een goed overzicht van de samenleving met al haar activiteiten te hebben, zodat de aanbieders kunnen kijken of het mogelijk is mensen te helpen via maatschappelijk betrokken organisaties of mogelijk via een preventieve hulpaanbieder waarmee een individuele aanvraag bij de gemeente voorkomen wordt.

14 Met medewerkers van de gemeente die zich bezighouden met de Wmo, de Jeugdwet en minimabeleid en mogelijk ook

schuldhulpverlening en ook met woningcorporaties.

20 / 37

5.5 Mantelzorgondersteuning en vrijwillige inzet Als gevolg van de transformatie binnen de Wmo zal er de komende jaren een steeds groter beroep worden gedaan op mantelzorgers in de ondersteuning van naasten. De gemeente ziet het als belangrijke taak om de mantelzorg en vrijwillige inzet te stimuleren en te bevorderen, de overbelasting bij mantelzorgers tegen te gaan en zorg te dragen voor een waardering voor de inzet van mantelzorgers.

a.

Wat willen we bereiken? Door goede ondersteuning de draagkracht van de mantelzorgers versterken en overbelasting voorkomen zodat zij hun taak zo goed mogelijk kunnen blijven uitvoeren. Gemeente Drechterland wil de participatie van haar inwoners bevorderen. Een belangrijke vorm van participatie is vrijwilligerswerk, of vrijwillige inzet.

b.

Wat doen we hier al voor? De afgelopen jaren heeft de gemeente succesvol ingezet op het in beeld krijgen van zoveel mogelijk mantelzorgers. We voeren de mantelzorgondersteuning uit, onder andere door in te zetten op een individueel maatwerk door een gesprek met een sociaal werker. Deze ondersteuning helpt om de balans tussen zorg, werk en ontspanning te houden of terug te vinden. Door samen te kijken naar voorzieningen of regelingen kan de werkdruk (tijdelijk) worden verlaagd. Ook is het mogelijk gesprekken te voeren om zo zicht te houden op eigen grenzen. Daarnaast kan er gekeken worden naar de mogelijkheid tot respijtzorg zodat de mantelzorger even ontlast wordt van de zorgtaak. Daarnaast subsidiëren we het ‘Kennisplatform Mantelzorg West Friesland’15. Dit platform richt zich op zorg- en welzijnsorganisaties die werken voor mensen die langdurige zorg nodig hebben. Er wordt gestreefd naar een goede onderlinge samenwerking om het ondersteuningsaanbod op elkaar aan te laten sluiten en om de mantelzorgpositie te verbeteren. Het doel is dat elke (zorg)professional in Westfriesland oog heeft voor de mantelzorger en regelmatig vraagt: ‘Hoe gaat het met u? En wat heeft u nodig om de zorg (samen) op een prettige manier te regelen en vol te houden?’ Vanaf 2015 heeft het kabinet extra geld beschikbaar gesteld aan gemeenten: de Huishoudelijke Hulp Toelage (HHT).

In Drechterland wordt de HHT beschikbaar gesteld aan mantelzorgers, zodat zij een deel van hun huishoudelijk werk kunnen uitbesteden om overbelasting te voorkomen. Waardering van mantelzorgers vindt op dit moment plaats in de vorm van een mantelzorgcompliment, een geldbedrag dat aan het einde van het jaar wordt overgemaakt. Daarnaast wordt een lidmaatschap aangeboden op de landelijke vereniging Mantelzorg NL16, de landelijke vereniging die opkomt voor iedereen die zorgt voor een naaste. Mantelzorgers krijgen nuttige informatie direct thuisgestuurd en kunnen gebruik maken van steun, advies en een luisterend oor. In Drechterland zijn diverse organisaties actief die volledig draaien op de inzet van vrijwilligers. Wij steunen deze en andere vrijwilligersorganisaties door middel van subsidies.

15 https://www.ikzorg.nu/ 16 https://www.mantelzorg.nl/

21 / 37

Een belangrijke partner van de gemeente op het gebied van vrijwillige inzet is het ‘Vrijwilligerspunt Westfriesland’17. Ze faciliteren en ondersteunen bij het vrijwilligerswerk in Westfriesland. Ze zorgen dat vrijwilligers leuker, makkelijker en beter hun werk kunnen doen. Daarnaast delen ze kennis, kunde en netwerk met non-profit organisaties, zodat zij effectiever vrijwilligers kunnen aantrekken, inzetten en behouden. Vrijwilligerspunt voert de maatschappelijke stage uit om jonge mensen te stimuleren voor vrijwilligerswerk. De gemeente subsidieert deze stichting. Waardering van de vrijwilligers gebeurt op dit moment via de Westfriese Beursvloer waar elk jaar vrijwilligersattenties worden aangeboden. Daarnaast is er binnen de verleende subsidies ruimte om vrijwilligers te waarderen vanuit hun eigen organisaties. Tot slot heeft de gemeente een vrijwilligersverzekering afgesloten voor vrijwilligers, mantelzorgers en maatschappelijk stagiairs.

c.

Wat kunnen we verder nog doen? We zetten in op een goede en brede communicatie in onze gemeente om meer mantelzorgers te bereiken. Wij willen starten met mantelzorgcafés in de gemeente Drechterland. Een mantelzorgcafé is een ontmoetingsplek voor iedereen die zorgt voor familieleden of vrienden en andere belangstellenden. In het mantelzorgcafé ontmoet men lotgenoten, worden aan de hand van een thema in een ontspannen sfeer ervaringen uitgewisseld en wordt men geïnformeerd over ontwikkelingen op het gebied van mantelzorg. Met betrekking tot het doen van vrijwilligerswerk stimuleren wij onze inwoners om zich in te zetten als vrijwilliger en gaan we vanuit het Vrijwilligerspunt met concrete acties aan de slag om hier vorm aan te geven.

17 https://www.vrijwilligerspunt.com/

22 / 37

5.6 Wonen en zorg Sociaal-demografische ontwikkelingen, zoals vergrijzing en meer kleine huishoudens, hebben invloed op de woning- en zorgmarkt in Nederland. Door de afbouw van de intramurale zorg, afbouw van voormalige verzorgingshuizen, het scheiden van wonen en zorg, de ambulantisering van de GGZ, de transformatie van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis, arbeidsmigratie en de huisvesting van statushouders, ontstaat een grotere druk op de woningmarkt. Mensen ontvangen eerder en langer zorg, behandeling en begeleiding thuis. Daardoor is de vraag naar geschikte woningen toegenomen. Met name voor kwetsbare personen is het vinden van een geschikte woning lastig. Voor hen is het moeilijker een passend huis te vinden, omdat er onvoldoende geschikte, betaalbare woningen zijn. Bovendien zien ouderen vaak op tegen verhuizen naar een kleinere woning en kiezen ze er – soms erg laat – voor om hun woning aan te passen. Dit vraagt om een integrale woonzorgvisie, zodat vanuit verschillende beleidsterreinen naar passende oplossingen wordt gezocht. Door demografische veranderingen – toename van kleine huishoudens door vergrijzing – is er een sterke behoefte aan bijzondere woonvormen. Deze woonvormen zijn een tussenvorm tussen zelfstandig wonen en het wonen in een instelling.

Het begrip tussenvorm kan breed opgevat worden en omvat in principe alle ondersteuningsvormen voor een combinatie van wonen en zorg thuis. Dit zijn geclusterde woonvormen en zij maken het mogelijk om zorg bij kwetsbare inwoners efficiënt te organiseren en eenzaamheid tegen te gaan. Een ander gevolg van de demografische ontwikkelingen en toenemende hulpvraag is de groei van het aantal kwetsbare mensen in de wijk. Enerzijds sluit dit aan bij de wens van veel gemeenten om te komen tot een inclusieve samenleving, anderzijds kan dit leiden tot meer maatschappelijke onrust: bij deze kwetsbare groep is de kans op bijvoorbeeld sociaal ongewenst of onbegrepen gedrag groter. Daarom moet er voldoende aandacht zijn voor de leefbaarheid in de wijk en moet er sprake zijn van goede spreiding, zodat er voldoende draagkracht in de wijken blijft. Voor ouderen of kwetsbare inwoners is hun woon- en leefsituatie bijzonder complex. Ze hebben voor wonen, hulp en ondersteuning te maken met afzonderlijke beleidsterreinen en loketten bij de gemeente. Dit geldt ook voor aanbieders en initiatiefnemers op de woon- en zorgmarkt. De verschillende werkwijzen, regelgeving en financiering zijn vaak leidend en maken het ingewikkeld om tot een aanbod of initiatief te komen.

De gemeente heeft een belangrijke rol als het gaat om de opgave voor wonen, zorg en welzijn, omdat de gemeente als een van de weinige partijen verantwoordelijkheden heeft op zowel de woning- als de zorgmarkt. Daarbij is de gemeente verantwoordelijk voor het formuleren van beleid voor de lokale woningmarkt en voor een deel van de zorg, welzijn en ondersteuning via de Wmo. De gemeente heeft hierdoor goed overzicht van de diverse partijen die op de woning- en zorgmarkt in de praktijk toch vooral los van elkaar opereren.

a.

Wat willen we bereiken? Binnen de gemeente willen we integraal beleid ontwikkelen op het gebied van wonen en zorg. Samenwerking tussen verschillende afdelingen is daarvoor noodzakelijk waarbij de vraag en aanbod voldoende op elkaar zijn afgestemd.

b.

Wat doen we hier al voor? In de regio is een ‘Taskforce Wonen & Zorg’18 in oprichting waarbij we oplossingen onderzoeken voor de zorgwoonopgave. We werken daarin als Westfriese gemeenten samen met zorgaanbieders, woningcorporaties en het zorgkantoor. Samenwerking is essentieel omdat de 18 https://www.taskforcewonenzorg.nl/nieuws/wonen-en-zorg-steeds-hoger-op-de-agenda-maar-we-zijn-er-nog-niet

23 / 37

uitdagingen de individuele organisaties te boven gaat. Dat heeft niet alleen met de omvang te maken, maar ook met onderlinge afhankelijkheden. Langer thuis wonen, ondanks iemands gezondheidsstatus, stelt eisen aan de woning en woonomgeving, onder meer de voorzieningen. Omgekeerd, voor ouderen geschikte, geclusterde woningen zijn alleen op een goede wijze te exploiteren als er voldoende (thuis)zorg voorhanden is. Dat geldt ook voor het versterken van het sociale netwerk en het werken aan een zorgzame buurt, om de druk op de formele zorg te verminderen. We betalen mee aan een gemeentebrede communicatie/bewustwordingscampagne waarbij we onze inwoners in de leeftijd vanaf 45-50 jaar bewust maken dat ouder worden vraagt om na te denken over de toekomstige woonbehoefte. We maken daarbij gebruik van de website: ‘Lekker blijven wonen.’19

c.

Wat kunnen we verder nog doen? De komende jaren zal er een nauwere samenwerking moeten komen tussen diverse afdelingen van de gemeente en met projectontwikkelaars, zorginstellingen en woningcorporaties waarbij ingespeeld wordt op de groeiende vraag naar wonen en zorg. Er moet worden bekeken hoe de bestaande woningvoorraad kan worden aangepast en op welke manier er woningen, (tussen) woonvormen en extra instellingsplekken bij kunnen komen. Een brede blik van de gemeente is hierbij van belang. Die brede blik is alleen nog niet vanzelfsprekend vanwege de strakke scheiding tussen het fysieke domein en het sociaal domein. Wonen ‘hoort’ bij fysiek, zorg bij sociaal. Beoordelingen van woonzorginitiatieven vinden nu nog veelal plaats vanuit ruimtelijke ordening, met een juridisch planologische blik vanuit de mogelijkheden van bestemmingsplannen en vergunningen. Met de komst van de Omgevingswet verdwijnt deze strakke scheiding omdat naar de samenhang tussen de fysieke en de zorgbehoefte-component dient te worden gekeken. De thema’s wonen en zorg zijn in dit verband nauw met elkaar verbonden en zullen voortaan nog meer in samenhang met elkaar worden beoordeeld. Bij zo’n integrale woonzorgbenadering biedt een woonzorgvisie met ambitie, aanbevelingen en uitvoeringsagenda uitkomst. Hierin worden de beleidsterreinen wonen, zorg, welzijn en ruimtelijke ordening met elkaar verbonden.

De woonzorgvisie geeft richting aan het beleid voor wonen en zorg. De woonzorgvisie vormt daardoor ook een afwegingskader en toetsingsinstrument waarmee de gemeente nieuwe plannen – bijvoorbeeld voor gebiedsontwikkeling – kan beoordelen. Door vervolgens vanuit de verschillende beleidsterreinen integraal uitvoering te geven aan de woonzorgopgaven kan de gemeente werken aan echt duurzame oplossingen. Vanuit de nieuwe Omgevingswet is het opstellen van een woonzorgvisie een opdracht aan de gemeenten. In het Regeerakkoord 2021-2025 is onder andere opgenomen meer ruimte te willen creëren voor alternatieve woonvormen. Wij willen daarop inspelen door onderzoek te doen naar verschillende woonvormen. Verschillende woonvormen die onderzocht kunnen worden zijn meer-generatiewonen, het opzetten van een woonzorgzone, erfdelen, groepswonen en wonen met gelijkgestemden: Een meer-generatiewoning kan bijvoorbeeld een kangoeroewoning zijn. Een kangoeroewoning is een (sociale huur-)woning voor een bewoner met een ondersteuningsbehoefte (de buidelwoning) die gekoppeld is aan een woning van iemand die ondersteuning verleent (de hoofdwoning). Beide woningen zijn zelfstandige woningen met een eigen huisnummer maar zijn wel fysiek aan elkaar verbonden. Hiermee kunnen kangoeroewoningen een alternatief zijn voor een verzorgingshuis of beschermd wonen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11114389/1