Bijlage Bestemmingsplan Marktweg Hem versie vastgesteld (2021-02)
Tekst van het document
6.2.2
Erkers
In afwijking van het bepaalde in artikel 6.2.1. sub a, mag de bouwgrens worden overschreden voor het realiseren van een erker, hiervoor gelden onderstaande regels: a. een erker mag maximaal 70% van de voorgevelbreedte en 70% van de zijgevel van een woning
17
b.
c. d. e.
beslaan; hoekerkers zijn mogelijk, mits: 1. het gedeelte van de erker dat aan de voorgevel van de woning is gesitueerd niet breder is dan 70% van de voorgevel en 2. het gedeelte van de erker, dat aan de zijgevel en in het verlengde daarvan voor het verlengde van de voorgevel is gesitueerd niet breder is dan 70% van de zijgevel; de diepte van een erker mag niet meer dan 1,50 m zijn; de afstand tot de perceelsgrens mag niet minder dan 2 m bedragen erkers mogen een hoogte hebben van niet meer dan 0,3 m boven de bovenkant van de van de scheidingsconstructie met de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw.
6.2.3
Bijbehorende bouwwerken en overkappingen
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken en overkappingen gelden de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend op 1 m achter de voorgevelrooilijn worden gebouwd; b. de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken en overkappingen mag niet meer bedragen dan 50% van de oppervlakte van de aansluitende gronden behorende bij het hoofdgebouw, met dien verstande dat: 1. de gronden die bebouwd zijn met een hoofdgebouw niet worden meegerekend bij het bepalen van de oppervlakte van aansluitende gronden behorende bij het hoofdgebouw; 2. de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken en overkappingen mag per woning niet meer bedragen dan 100 m²; c. de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer bedragen dan 3,5 m; d. de bouwhoogte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer bedragen dan 4 m; e. de bouwhoogte van een overkapping mag niet meer bedragen dan 3,5 m; f. in afwijking van het bepaalde in sub c en d is op een aangebouwd bijbehorend bouwwerk een dakopbouw toegestaan, waarvan: 1. de goothoogte niet meer mag bedragen dan 3,5 m; 2. de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 7 m; 3. de oppervlakte van de dakopbouw niet meer mag bedragen dan 30 m²; 4. ten minste 30% van de dakopbouw wordt gebouwd aan de zijgevel van het hoofdgebouw; g.
indien het perceel grenst aan water mag de afstand van bijbehorende bouwwerken en overkappingen tot de bovenkant van het talud niet minder bedragen dan 1 m; h. de afstand van bijbehorende bouwwerken en overkappingen tot openbare verharding, niet zijnde achter- of tussenpaden bij hoofdgebouwen, mag niet minder bedragen dan 1 m.
6.2.4
Overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde
Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: a. er mogen geen paardrijdbakken, tennisbanen en zwembaden worden gebouwd; b. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 1,2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw niet meer mag bedragen dan 2 m; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, mag niet meer bedragen dan 5 m.
18
6.3
Afwijken van de bouwregels
6.3.1
Gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken en overkappingen
Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 6.2.3 onder a.2 in die zin dat de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken en overkappingen bij woningen mag worden vergroot tot maximaal 150 m², mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de milieusituatie, het bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de natuurlijke waarden en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
6.3.2
Afwijkende bouwhoogte bijbehorende bouwwerken
Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 6.2.3 sub c in die zin dat de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken wordt vergroot tot niet meer dan 6 m, mits: a. het bijbehorend bouwwerk vrijstaand is en op niet minder dan 1 m van het bouwvlak staat; b. geen afbreuk kan worden gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden.
6.4
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken in combinatie met bedrijfsdoeleinden anders dan de in lid 6.1 sub a genoemde bedrijvigheid; b. het gebruik van gronden en bouwwerken in combinatie met een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit zodanig dat de vloeroppervlakte ten behoeve van de uitoefening van het beroep of het bedrijf meer bedraagt dan 40 m²; c. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken bij een hoofdgebouw voor permanente en recreatieve bewoning; d. het gebruik van hoofdgebouwen voor meer dan één woning; e. het gebruik van de gronden en bouwwerken voor verblijfsrecreatie; f. het gebruik van gronden voor de bouw en/of de aanleg van een paardrijdbak, tennisbaan of een zwembad met de daarbij behorende bouwwerken; g. het gebruik van woningen voor de huisvesting van buitenlandse werknemers, welke geen huishouden vormen; h. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting, een escortbedrijf en/of (straat-)prostitutie; i. het gebruik van gronden als standplaats voor kampeermiddelen.
6.5
Afwijken van de gebruiksregels
6.5.1
Bed and breakfast
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 6.4 onder e in die zin dat de gronden en gebouwen in combinatie met het wonen worden gebruikt voor logiesverstrekking ten behoeve van recreatieve bewoning in de vorm van bed and breakfast.
19
6.6
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen in die zin dat ter plaatse van de aanduiding "wetgevingzone - wijzigingsgebied 2" de op de verbeelding aangegeven goot- en bouwhoogte gewijzigd wordt naar een maximale goothoogte van 6,5 m en een maximale bouwhoogte van 12 m, mits er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de milieusituatie, de woonsituatie en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
20
Artikel 7 7.1
Wonen - Woongebouw
Bestemmingsomschrijving
De op de verbeelding voor 'Wonen-Woongebouw' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. een woongebouw met de daarbij behorende bergingen;
met daaraan ondergeschikt: b. c. d. e. f.
kleinschalige duurzame energiewinning; wegen en paden; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; water;
met de daarbij behorende: g. tuinen, erven en terreinen; h. parkeervoorzieningen; i. bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde.
7.2
Bouwregels
7.2.1
Hoofdgebouwen
Voor het bouwen van het woongebouw gelden de volgende regels: a. het woongebouw mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. het aantal te bouwen woningen in het woongebouw mag niet meer dan het aangegeven aantal ter plaatse van de aanduiding "maximum aantal wooneenheden" bedragen; c. de goot- en bouwhoogte van woningen mag niet meer dan de aangegeven goot- en bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding "maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)" bedragen;
7.2.2
Bergingen
Voor het bouwen van bergingen gelden de volgende regels: a. de oppervlakte van een berging mag niet meer bedragen dan 15 m²; b. de gezamenlijke oppervlakte van de bergingen mag niet meer bedragen dan 50% van het bij het woongebouw behorende terrein, exclusief de oppervlakte van het woongebouw; c. de bouwhoogte van een berging mag niet meer bedragen dan 4 m.
7.2.3
Overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde
Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 1,2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen direct grenzend aan en haaks op de gevels van rug-aan-rugwoningen niet meer mag bedragen dan 2 m; b. de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 5 m.
21
7.3
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken in combinatie met een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit zodanig dat de vloeroppervlakte ten behoeve van de uitoefening van het beroep of het bedrijf meer bedraagt dan 40 m²; b. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken bij een hoofdgebouw voor permanente en recreatieve bewoning; c. het gebruik van een wooneenheid voor meer dan één woning; d. het gebruik van de gronden en bouwwerken voor verblijfsrecreatie; e. het gebruik van gronden voor de bouw en/of de aanleg van een paardrijdbak, tennisbaan of een zwembad met de daarbij behorende bouwwerken; f. het gebruik van woningen voor de huisvesting van buitenlandse werknemers, welke geen huishouden vormen; g. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting, een escortbedrijf en/of (straat-)prostitutie; h. het gebruik van gronden als standplaats voor kampeermiddelen.
22