CConstaterende datDrechterland
Koppel je AI →
Document · PDF

B3 Toelichting Hemmerbuurt 19a (2024-23)

Gemeenteraad 27 mei 2024, gemeente DrechterlandBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a Hem (2024-23)20.204 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan

Hemmerbuurt 19a te Hem

Status: Ontwerp

Bestemmingsplan "Hemmerbuurt 19a te Hem"

Bestemmingsplan:

Hemmerbuurt 19a Te Hem

IDN:

NL.IMRO.0498.BPHemmerbuurt19a-ON01

Status:

Ontwerp

Datum:

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp

Inhoudsopgave Toelichting Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Wateraspecten

Vigerend beleid Waterparagraaf

Hoofdstuk 7 7.1 7.2 7.3

Milieu- en omgevingsaspecten

Geluid Bodemkwaliteit Luchtkwaliteit Externe veiligheid Milieuzonering Geur Ecologie Archeologie & cultuurhistorie Besluit milieueffectrapportage

Hoofdstuk 6 6.1 6.2

Planbeschrijving

Inleiding Stedenbouwkundig plan Landschappelijke inpassing Beeldkwaliteit Duurzaamheid Verkeer en parkeren

Hoofdstuk 5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9

Huidige situatie

Ontstaansgeschiedenis Huidige situatie plangebied

Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6

Beleid

Inleiding Rijksbeleid Provinciaal beleid Regionaal beleid Gemeentelijk beleid

Hoofdstuk 3 3.1 3.2

Inleiding

Aanleiding Plangebied De bij het plan behorende stukken Vigerend bestemmingsplan Leeswijzer:

Hoofdstuk 2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

5

Juridische aspecten en planverantwoording

Inleiding Opzet van de regels Verantwoording van de regels

Hoofdstuk 8

Economische uitvoerbaarheid

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

5 5 5 5 6 7

9 9 9 13 17 20

23 23 25

29 29 29 30 31 34 34

39 39 40 40 41 42 44 45 47 48

51 51 52

53 53 53 54

57 3

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp

Hoofdstuk 9 9.1 9.2 9.3 9.4

Vooroverleg

59

Vooroverleg Inspraak Participatie Zienswijzen

59 59 59 59

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

4

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp Toelichting

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Aan de Hemmerbuurt 19a in Hem bevindt zich een kassencomplex behorende bij een voormalig tuinbouwbedrijf. Het voornemen is de locatie te herontwikkelen naar woningbouw, waarbij in totaal 18 woningen in een gedifferentieerd programma en bijbehorende voorzieningen worden gerealiseerd. Daarnaast is het voornemen de bestaande bedrijfswoning planologisch naar een reguliere woonbestemming om te zetten. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in de gewenste juridisch-planologische kaders om de beoogde herontwikkeling mogelijk te maken. Hierbij wordt aangetoond dat het voornemen in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.

1.2

Plangebied

Het plangebied ligt in het bebouwingslint aan de Hemmerbuurt tussen de kernen Hem en Venhuizen. In afbeelding 1.1 is de ligging van het plangebied weergegeven. Het plangebied is met rode lijn aangeduid.

Afbeelding 1.1: Ligging plangebied ten opzichte van de directe en verdere omgeving (Bron: PDOK)

1.3

De bij het plan behorende stukken

Het bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem bestaat uit de volgende stukken: verbeelding (tek. nr. NL.IMRO.0498.BPHemmerbuurt19a-ON01) en een renvooi; regels (met bijbehorende bijlagen) Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van een toelichting. De toelichting geeft een duidelijk beeld van het bestemmingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

5

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp

1.4

Vigerend bestemmingsplan

1.4.1

Algemeen

Het plangebied ligt binnen de begrenzing van "Bestemmingsplan Drechterland Zuid" en "Eerste herziening bestemmingsplan Drechterland Zuid", die op respectievelijk 24 juni 2013 en 26 oktober 2015 door de gemeenteraad van Drechterland zijn vastgesteld. De gronden binnen het plangebied hebben de bestemming 'Agrarisch' met in het noordelijke deel een bouwvlak en de functieaanduiding 'glastuinbouw'. Daarnaast is het plangebied van de dubbelbestemmingen 'Waarde - Archeologie 2' (in het noordelijke deel) en 'Waarde - Archeologie 3' (in het zuidelijke deel). In afbeelding 1.2 is een uitsnede van de verbeelding van "Bestemmingsplan Drechterland Zuid" opgenomen. Het plangbebied is indicatief met rode lijn weergegeven. Voor de exacte begrenzing wordt hier en voor het vervolg van deze plantoelichting verwezen naar de verbeelding behorend bij voorliggend bestemmingsplan.

Afbeelding 1.2: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan 'Het Lint 2015' (Bron: Ruimtelijkeplannen.nl) 1.4.2

Beschrijving bestemmingen

De voor 'Agrarisch' aangewezen gronden zijn bestemd voor het agrarisch grondgebruik, bedrijfsgebouwen en overkappingen ten behoeve van de uitoefening van een volwaardig agrarisch bedrijf met een grondgebonden agrarische bedrijfsvoering, bedrijfswoningen en bijgebouwen, glastuinbouwbedrijven, uitsluitend op de gronden ter plaatse van de aanduiding "glastuinbouw" en daarbijbehorende en ondergeschikte voorzieningen. De voor 'Waarde - Archeologie 2' en 'Waarde - Archeologie 3' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden. BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

6

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp 1.4.3

Strijdigheid

Het realiseren van de gewenste 18 woningen en bijbehorende voorzieningen is niet in overeenstemming met de bouw- en gebruiksregels uit het geldende bestemmingsplan. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in de gewenste juridische-planologische kaders om het voornemen mogelijk te maken.

1.5

Leeswijzer:

De toelichting kent de volgende opbouw: Hoofdstuk 2 Beleid: hier is de voorgenomen ontwikkeling aan het beleid van het rijk, de provincie, de regio en de gemeente beschreven; Hoofdstuk 3 Huidige situatie: hier is de historische en bestaande situatie beschreven; Hoofdstuk 4 Planbeschrijving: in dit hoofdstuk wordt ingegaan op de voorgenomen ontwikkeling; Hoofdstuk 5 Milieu- en omgevingsaspecten: bevat een beschrijving en toetsing van alle relevante milieuen omgevingsaspecten; Hoofdstuk 6 Wateraspecten: gaat in op de relevante wateraspecten; Hoofdstuk 7 Juridische aspecten en planverantwoording: hier wordt ingegaan op de beschrijving van de regels en verbeelding; Hoofdstuk 8 Economische uitvoerbaarheid: dit hoofdstuk gaat in op de financiële uitvoerbaarheid; Hoofdstuk 9 Vooroverleg: hier wordt ingegaan op het vooroverleg en inspraak.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

7

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

8

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp

Hoofdstuk 2

Beleid

2.1

Inleiding

2.2

Rijksbeleid

2.2.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

2.2.1.1 Algemeen Nederland staat voor grote uitdagingen die van invloed zijn op onze fysieke leefomgeving. Complexe opgaven zoals verstedelijking, verduurzaming en klimaatadaptatie zijn nauw met elkaar verweven. Dat vraagt een nieuwe, integrale manier van werken waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zorgt voor een gezamenlijke aanpak die leidt tot een duurzaam perspectief voor onze leefomgeving. Dit is nodig om onze doelen te halen en is een zaak van overheid en samenleving. 2.2.1.2 Vier prioriteiten Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten. 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving, waarmee tegelijkertijd de leefomgevingskwaliteit verbeterd kan worden en kansen voor natuur geboden kunnen worden. In 2050 heeft Nederland daarnaast een duurzame energievoorziening. Dit vraagt echter om ruimte. Door deze ruimte zoveel mogelijk te clusteren, wordt versnippering van het landschap voorkomen en wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut.

Het Rijk zet zich in door het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal. 2. Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan ons land zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Er wordt ingezet op een innovatief en sterk vestigingsklimaat met een goede quality of life. Belangrijk is wel dat onze economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair. 3. Sterke en gezonde steden en regio's Er zijn vooral in steden en stedelijke regio's nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio's behouden blijven. Dit vraagt optimale afstemming op en investeringen in mobiliteit. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in steden en regio's geborgd. 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw.

Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. In alle gevallen zetten we in op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is ongewenst en wordt tegengegaan.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

9

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp 2.2.1.3 Afwegingsprincipes De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1.

2.

3.

Combinatie van functies gaan voor enkelvoudige functies. In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Het verschilt tussen gebieden wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling en tussen concurrentiekracht en leefbaarheid. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; Afwentelen wordt voorkomen. Het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie inwoners, zonder dat dit ten koste gaat van toekomstige generaties.

2.2.1.4 Toetsing van het initiatief aan de NOVI De NOVI laat zich niet specifiek uit over dergelijke kleinschalige ontwikkelingen. Het betreft een ontwikkeling waarbij geen nationale belangen in het geding zijn en er is geen sprake van enige belemmering met betrekking tot de prioriteiten zoals verwoord in de NOVI. Geconcludeerd wordt dat de NOVI geen belemmering vormt voor de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling. 2.2.2

Ladder voor duurzame verstedelijking

2.2.2.1 Algemeen De ladder voor duurzame verstedelijking is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Op 1 juli 2017 is de Ladder in het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd. Aanleiding voor de wijziging waren de in de praktijk gesignaleerde knelpunten bij de uitvoering van de Ladder en de wens om te komen tot een vereenvoudigt en geoptimaliseerd instrument. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen 'bestaand stedelijk gebied' en 'stedelijke ontwikkeling'. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur'.

stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.´ Bij het beschrijven van de behoefte dient te worden uitgegaan van het saldo van de aantoonbare vraag naar de voorgenomen ontwikkeling (de komende tien jaar, zijnde de looptijd van het bestemmingsplan) verminderd met het aanbod in planologische besluiten, ook als het feitelijk nog niet is gerealiseerd (harde plancapaciteit). 2.2.2.2 Toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking Wat betreft de “Ladder voor duurzame verstedelijking” wordt opgemerkt dat toetsing noodzakelijk is bij “nieuwe stedelijke ontwikkelingen” (3.1.6 Bro). Er zijn inmiddels meerdere gerechtelijke uitspraken geweest over deze definitie. Uit Afdelingsjurisprudentie blijkt dat de vraag wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in grote mate casuïstisch wordt beantwoord. Zo heeft de Afdeling uitgemaakt dat de bouw van 11 woningen niet BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

10

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp als stedelijke ontwikkeling wordt gezien (ABRvS 16 september 2015; ECLI:NL:RVS:2015:2921). In voorliggend geval worden 18 woningen toegevoegd aan de woningvoorraad, er is dan ook sprake van een ladderplichtige ontwikkeling. De laddertoets dient te worden doorlopen. 2.2.2.2.1 Beschrijving van de behoefte aan de voorgenomen woningbouwontwikkeling Bij de toetsing is het van belang te constateren dat er sprake is van een behoefte c.q. vraag naar de geplande ontwikkeling. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in de kwantitatieve en kwalitatieve behoefte. Naast de kwantitatieve behoefte (in aantallen), die bepaald wordt met woningbehoefteprognoses, kan ook de kwalitatieve behoefte een rol spelen. Zo kan er bijvoorbeeld voornamelijk behoefte zijn aan een specifiek woonmilieu. Bij het bepalen van de behoefte, dient zowel de kwantitatieve als de kwalitatieve behoefte in beeld te worden gebracht. Kwantitatieve behoefte Bevolkingsprognose Noord-Holland 2019-2040 Op basis van het document “Bevolkingsprognose Noord-Holland 2019-2040, Bevolking, huishoudens en woningbehoefte” van de provincie Noord-Holland blijkt dat de provincie hoge bevolkingsgroei kent door een combinatie van buitenlandse migratie, natuurlijke aanwas en de komst van inwoners uit de rest van Nederland.

In de prognose stijgt de bevolking in Noord-Holland van 2,85 miljoen inwoners in 2019 naar bijna 3,25 miljoen in 2040, een toename van circa 390 duizend inwoners. Het aantal huishoudens neemt in dezelfde periode toe met 214 duizend wat zorgt voor een groei van de woningbehoefte van 202 duizend woningen. De woningbehoefte is niet volledig gelijk aan de huishoudensgroei. Een deel van de huishoudens deelt namelijk een woning of woont in een niet-reguliere woning. Een en ander is weergegeven in onderstaande tabel.

Zoals hierboven reeds aangegeven neemt de woningbehoefte in Noord-Holland in de periode 2019-2040 toe met 202 duizend woningen, +18 duizend in Noord-Holland Noord en +184 duizend in Noord-Holland Zuid. In de onderstaand tabel is de ontwikkeling van de woningbouwbehoefte in de periode 2019-2040 en 2019-2030 weergegeven voor de provincie (en de regio West Friesland) en Drechterland in het specifiek.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

11

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp

Uit de bovenstaande tabellen blijkt dat in de regio West Friesland de komende jaren een grote behoefte is aan nieuwe woningen. Door nieuwbouw en vergrijzing ontstaat ruimte om een deel van de druk van de woningmarkt in Noord-Holland Noord op te vangen. Specifiek voor de gemeente Drechterland geldt dat er voor de periode 2019-2025 sprake is van een geprognotiseerde toename van de woningbouwbehoefte met 500 woningen. Voor de gemeente Drechterland geldt dat er op basis van de Kwantitatieve woningbouwprogrammering West Friesland 2019 sprake is van een tekort van 180 woningen. Toetsing kwantitatieve behoefte Met de in dit plan opgenomen aantal woningen (toevoeging van 18 woningen) blijft de gemeente Drechterland ruim binnen de geraamde woningbouwbehoefte. Door op korte termijn nieuwe woningen te bouwen wordt bijgedragen aan het oplossen van het bestaande woningtekort en worden de doorstoommogelijkheden op de woningmarkt bevorderd. Kwalitatieve behoefte Het Regionaal woonprogramma stelt duidelijk dat bij toevoeging van nieuwe wooneenheden aan een kern of buurtschap er duidelijk dient te worden gekeken of een dergelijk initiatief niet leidt tot 'nog meer veel van hetzelfde'. Voorop dient te staan dat er woningbouw komt die bijdraagt aan een verdere differentiatie van de bestaande voorraad.

Eén van de zwaartepunten hierbij ligt bij het creëren van meer woningen om ouderen en hulpbehoevenden langer in hun eigen buurt te kunnen laten wonen, en hiernaast jonge mensen langer op de plek waar zij zijn getogen vast te kunnen houden. Binnen een voorraad die plaatselijk voornamelijk is opgebouwd uit vrijstaande woningen, vormen de beoogde duurzame levensloopbestendige woning een verbreding van de voorraad. Toetsing kwalitatieve behoefte

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

12

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp De gewenste woningbouwontwikkeling richt zich met een gevarieerd woningbouwprogramma op uiteenlopende doelgroepen. De rijwoningen richten zich hoofdzakelijk op senioren. Met de tweekappers en de vrijstaande woning wordt ingespeeld op uiteenlopende doelgroepen en zullen met name de doorstroom in de gemeente Drechterland bevorderen. Hierdoor komen woningen voor starters elders in de gemeente vrij. Geconcludeerd wordt dat voorliggende ontwikkeling aansluit op de kwantitatieve en kwalitatieve woningbouwbehoefte in de provincie Noord-Holland, de regio West Friesland en de gemeente Drechterland. 2.2.2.2.2 Binnen of buiten bestaand stedelijk gebied De ontwikkeling vindt plaats op een inbreidingslocatie ter plaatse van een bestaand glastuinbouwbedrijf die onderdeel uitmaakt van een bestaand bebouwinglint en daarmee binnen bestaand stedelijk gebied. De locatie is reeds bebouwd. Hiermee is sprake van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik, indachtig het doel van de ladder voor duurzame verstedelijking, waarbij wordt gestreefd naar een optimale benutting van de ruimte in stedelijk gebied. Met de ontwikkeling is een passende nieuwe invulling van het plangebied gevonden. Daarnaast zorgt het voornemen voor een stedenbouwkundige afronding van het woningbouwplan Marktweg Hem.

2.2.2.3 Conclusie Ladder voor duurzame verstedelijking De voorgenomen ontwikkeling is in overeenstemming met de Ladder voor duurzame verstedelijking. 2.2.3

Conclusie Rijksbeleid

De voorgenomen ontwikkeling is in overeenstemming met het rijksbeleid.

2.3

Provinciaal beleid

2.3.1

Omgevingsvisie NH2050 en de Provinciale Ruimtelijke Verordening

2.3.1.1 Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 Op 19 november 2018 is door de Provinciale Staten van Noord-Holland de Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 vastgesteld. Hierin is de visie op de fysieke leefomgeving beschreven. De Omgevingsvisie wil zorgen voor balans tussen economische groei en leefbaarheid. Zo kunnen we voor toekomstige generaties het welvaarts- en welzijnsniveau in Noord-Holland op een hoog niveau houden. Dit betekent dat in Noord-Holland een basiskwaliteit van de leefomgeving wordt gegarandeerd; de ruimte voor economische ontwikkeling wordt altijd in samenhang met dit uitgangspunt beschouwd. Duurzame economische ontwikkeling is nodig voor de werkgelegenheid en daarmee voor de bestaanszekerheid van inwoners; de provincie Noord-Holland wil ook in de toekomst een provincie zijn voor iedereen zodat de provincie sociaal-inclusief kan worden gehouden. Maar ook om de grote investeringen op te brengen die nodig zijn voor onder meer de transitie naar een duurzame-energiehuishouding, de overgang naar een circulaire economie en het behoud van het karakteristieke landschap. In de wetenschap dat de wereld waarmee Noord-Holland is verbonden continu verandert, geeft deze visie enerzijds richting en daarmee houvast naar een onbekende toekomst, en anderzijds voldoende ruimte en handelingsperspectief om te anticiperen op nieuwe ontwikkelingen.

Er wordt dus geen eindbeeld voor 2050 gepresenteerd. Deze visie laat in algemene zin wel zien wat onze ontwikkelprincipes zijn voor de hele provincie om een hoge leefomgevingskwaliteit te bieden. Deze principes zijn overkoepelend: ze gelden voor de hele provincie. Hierbij komen de thema's gezondheid, veiligheid, klimaatadaptatie en landschap aan bod, alsook een aantal generieke principes voor het gebruik van de fysieke leefomgeving. Daarnaast worden vijf samenhangende bewegingen geschetst: bewegingen die laten zien hoe wordt omgegaan met opgaven die op de samenleving afkomen en die de provincie wil faciliteren. Dat wordt gedaan door een aantal ontwikkelprincipes en randvoorwaarden mee te geven om de beweging naar de toekomst te kunnen maken. Het gaat om de volgende vijf bewegingen: 1.

Dynamisch schiereiland – hier is het benutten van de unieke ligging leidend waarbij de kustverdediging voorop staat en waar toeristische en recreatieve kansen benut kunnen worden en natuurwaarden worden toegevoegd.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

13

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp 2.

Metropool in ontwikkeling – hierin beschrijven we hoe de Metropoolregio Amsterdam steeds meer als één stad gaat functioneren en dat de reikwijdte van de metropool groter wordt. Door het ontwikkelen van een samenhangend metropolitaan systeem vergroten we de agglomeratiekracht. 3. Sterke kernen, sterke regio's – deze beweging gaat over de ontwikkeling van centrumgemeenten die daarmee het voorzieningenniveau in de gehele regio waarin ze liggen vitaal houden en de kernen hun herkenbare identiteit behouden. 4. Nieuwe energie – in deze beweging gaat het over het benutten van de economische kansen van de energietransitie en circulaire economie. 5. Natuurlijk en vitaal landelijke omgeving – deze beweging gaat over het ontwikkelen van natuurwaarden in combinatie met het versterken van de (duurzame) agrifoodsector. Alle vijf bewegingen hebben een economische drijver. Van de kansen die de kusten bieden voor toeristisch-recreatieve ontwikkeling in Dynamisch schiereiland tot de economische mogelijkheden die de transitie naar duurzame energie bieden voor de 'draaischijven' Den Helder en NZKG. De bewegingen verbinden deze economische kansen aan het versterken van de leefbaarheid, juist met het oog op duurzame economische groei.

Bijvoorbeeld door de ontwikkeling van het metropolitane landschap nadrukkelijk onderdeel te maken van het gehele metropolitane systeem, inclusief de verstedelijking, als om de agrifoodsector te ondersteunen als partner om de biodiversiteit te vergroten. 2.3.1.2 Provinciale Ruimtelijke Verordening Bij de omgevingsvisie hoort een Provinciale Omgevingsverordening. In de omgevingsverordening staan de regels waaraan ruimtelijke plannen in Noord-Holland moeten voldoen. Naar aanleiding van nieuwe wetgeving en/of provinciaal beleid wordt de omgevingsverordening regelmatig aangepast. De laatste aanpassing dateert van 15 juni 2022. Er zijn regels voor het gehele provinciale gebied en regels en regels voor het landelijke gebied, water, groene ruimte e.d. Afhankelijk van de ligging van het plangebied zijn de regels uit de Omgevingsverordening al dan niet van toepassing. Hierna wordt op de relevante artikelen ingegaan. Artikel 6.3 Nieuwe stedelijke ontwikkeling 1. 2.

Een ruimtelijk plan kan uitsluitend voorzien in een nieuwe stedelijke ontwikkeling als de ontwikkeling in overeenstemming is met de binnen de regio gemaakte schriftelijke afspraken. Gedeputeerde Staten stellen nadere regels aan de afspraken bedoeld in het eerste lid.

2.3.1.3 Toetsing van het initiatief aan de Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 en de Provinciale Ruimtelijke Verordening De in voorliggend plan besloten ontwikkeling betreft een nieuwe stedelijke ontwikkeling zoals bedoeld in artikel 6.3 van de Provinciale Ruimtelijke Verordening. Voorliggend plan voorziet in een woningbouwontwikkeling die in overeenstemming is met de kwantitatieve en kwalitatieve woningbouwbehoefte binnen de provincie Noord-Holland en de Regio West Friesland. Doordat er behoefte is aan deze ontwikkeling en er wordt gebouwd op een inbreidingslocatie kan worden geconcludeerd dat sprake is van effectief ruimtegebruik. Daarnaast ligt het plangebied nabij de voorzieningen van de kern Hem en heeft het dus ook een positief effect op de instandhouding van deze voorzieningen. Dit maakt dat het plan een duurzame ontwikkeling is. Al met al wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming met de Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 en de Provinciale Ruimtelijke Verordening is.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

14

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp 2.3.2

Leidraad Landschap en Cultuurhistorie (2018)

2.3.2.1 Algemeen Aandacht voor behoud en ontwikkeling van landschap en cultuurhistorie is sterk verankerd in het ruimtelijk beleid van de provincie Noord-Holland. In de afgelopen jaren is het beleid sterk ontwikkeld en heeft het een duidelijke plek gekregen in de Structuurvisie Noord-Holland 2040. Voor het opstellen van ruimtelijke plannen zoals bestemmingsplannen, beeldkwaliteitsplannen en structuurplannen is de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie (2018) vastgesteld. Ruimtelijke ontwikkelingen in het landelijk gebied zijn alleen mogelijk indien de Leidraad daarbij wordt toegepast. De Leidraad Landschap en Cultuurhistorie 2018 is een provinciale handreiking voor het inpassen van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in het landschap, zoals bebouwing, agrarische bedrijven, infrastructuur of vormen van energieopwekking. De Leidraad geeft gebiedsgerichte en ontwikkelingsgerichte beschrijvingen en biedt zo toepasbare informatie over de manier waarop ruimtelijke ontwikkelingen kunnen bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving. De provincie beoogt met deze Leidraad om samen met bijvoorbeeld gemeenten, ontwikkelaars en initiatiefnemers te werken aan het behouden en versterken van de kwaliteit van het landschap en de cultuurhistorie. Ruimtelijke kwaliteit is lastig te definiëren of kwantificeren. Het gaat niet om mooi of lelijk, of behouden tegenover ontwikkelen.

Ruimtelijke kwaliteit draait om het samenspel van nieuw en oud en de balans tussen behoud en ontwikkeling bij het maken van keuzen over de toekomst van het landschap. Zonder behoud geen verleden, maar zonder ontwikkeling geen toekomst. Kortom ruimtelijke kwaliteit ontstaat als nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen aansluiten op de huidige kwaliteiten van het landschap. Zodat, waar mogelijk, eenieder het landschap in kan, het kan beleven en ervan kan genieten – ook in de toekomst. Volgens de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie (2018) dient bij ruimtelijke plannen verantwoording te worden afgelegd van de manier waarop nieuwe functies rekening houden met de ontwikkelingsgeschiedenis van het landschap, de ordeningsprincipes van het landschap, de bebouwingskarakteristieken en de bestaande kwaliteiten van het gebied. 2.3.2.2 Ambitie De algemene ambitie is om ruimtelijke ontwikkelingen: bij te laten dragen aan het zichtbaar en herkenbaar houden van de landschappelijke karakteristiek; bij te laten dragen aan het versterken van (de beleving van) openheid en helder te positioneren ten opzichte van de ruimtelijke dragers. 2.3.2.3 West-Friesland Oost Het plangebied valt binnen het ensemble West-Friesland Oost. De Westfriese Omringdijk vormt een herkenbare omlijsting van het oude zeekleilandschap van West-Friesland. Hierin liggen diverse droogmakerijen.

In het Westfriese landschap zijn lokale landschappelijke verschillen ontstaan door de ontstaansgeschiedenis, de strijd tegen het water, de ligging en vooral de groei van de steden, de mate van ruilverkaveling en de huidige dynamiek. Het oostelijk deel van West-Friesland heeft landschappelijk gezien veel verwantschap met West-Friesland Midden en West, maar heeft wel deels een eigen ontstaansgeschiedenis en karakteristieken. Dit oostelijk deel vormt tevens de kust van het IJsselmeer en het Markermeer. In dit ensemble herinneren de karakteristieke binnensteden van Medemblik, Enkhuizen en Hoorn aan het Zuiderzee- en VOC-verleden. Deze steden zijn de grotere kernen. De spoorlijnen vanuit Alkmaar en Amsterdam via Hoorn naar Enkhuizen, de snelweg A7, de Houtribdijk en de toekomstige Westfrisiaweg verbinden dit gebied met de omgeving. West-Friesland Oost is een oud zeekleilandschap met de karakteristiek van een veenontginningsgebied. Kenmerken zijn de lange veenlinten en opstrekkende kavels haaks op de linten. De ligging van de linten is afhankelijk van de richting van de ontginningen en vaak sterk gerelateerd aan de ondergrond (de hooggelegen kreekruggen). Waterlopen als de Kadijk, de Gouw, de Groote Vliet en de Molensloot zijn enkele relicten van het ooit waterrijke landschap. De kronkelende dijken en de braken en wielen zijn het resultaat van de lange strijd tegen het buitenwater.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

15

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp Het oostelijke deel is het minst open ensemble van West-Friesland. Het verloor de grootschalige openheid door de aanleg van woongebieden, bedrijventerreinen en agrarische bebouwing en is nu matig open tot gesloten. In het kleinschalige landschap aan de Markermeerdijk, tussen Hoorn en Enkhuizen, is het oorspronkelijke landschap en de openheid het best bewaard gebleven. Aan beide zijden van het lint is het landschap open (de zogenaamde ‘gedeelde ruimte’). De Westfriese Omringdijk vormt door zijn hoogte en herkenbare dijkprofiel een duidelijke begrenzing van de meer open gebieden in West-Friesland (Oost). Verspreid door West-Friesland Oost staan enkele molens als markante objecten in het landschap. In het Westfriese landschap zijn de ontginningsstructuren, vaarten en dijkwegen de belangrijkste lokale structuurlijnen. De lintdorpen zijn beeldbepalend en zijn van oudsher de ruimtelijke dragers van verstedelijking en van stolpenreeksen. De linten zijn vaak gelegen op de kreekruggen (Schellinkhout, Wijdenes, Oosterblokker, Opperdoes) en op oude dijken (Zwaagdijk, Andijk). Linten zijn soms heel uitgestrekt, rechtlijnig en verstedelijkt, bijvoorbeeld tussen Hoorn en Enkhuizen en hebben soms een grilliger verloop, zoals in Schellinkhout en Oosterleek.

In veel van deze linten vindt geleidelijke verdichting en uitbreiding plaats met een mix aan functies van een verschillende omvang (zoals wonen, agrarische functies, handelsbedrijven, recreatieve functies, maneges etc.). Hoe meer het lint verdicht hoe meer divers de functies en de maat en schaal van de bebouwing. Soms is het moeilijk de grens tussen kern (bebouwde kom) en landelijk lint vast te stellen. Verdere groei van bebouwing aan en langs de linten leidt tot verdere verdichting van het landschap en het verdwijnen van doorzichten en open gebieden. Er zijn ook linten die inmiddels zodanig verdicht zijn dat er vanaf het lint weinig tot geen doorzichten naar het landschap meer zijn. Langs enkele linten staan reeksen stolpboerderijen zoals in Schellinkhout, Wijdenes, Oosterblokker, Westwoud en Venhuizen. 2.3.2.4 Toetsing van het initiatief aan de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie (2018) Het plangebied ligt in het landschap: Oude zeekleilandschap met een fijnmazige verkaveling en linten op de hooggelegen kreekruggen. Het plangebied ligt direct ten zuiden van een van deze oude linten met stolpboerderijen, maar maakt er geen onderdeel van uit. Voor het plangebied geldt dat de genoemde verdichting van het lint goed merkbaar is. De openheid van het landschap is in het plangebied niet aanwezig, aangezien hier in de huidige situatie sprake is van een kassencomplex.

Het plan neemt de structuurlijnen uit de omgeving (verkavelingsrichting, wegen, waterlopen) op en draagt daarmee bij aan het zichtbaar en herkenbaar houden van de landschappelijke karakteristiek. Daarnaast zorgt het voornemen voor een stedenbouwkundige afronding van het woningbouwplan Marktweg Hem. De voorgenomen ontwikkeling is in overeenstemming met de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie (2018). 2.3.3

Woonagenda 2020-2025

2.3.3.1 Algemeen De provincie Noord-Holland wil dat er de komende jaren veel betaalbare en duurzame woningen beschikbaar komen. Zij gaat gemeenten met raad en daad helpen om de flinke ambitie op het gebied van wonen waar te maken. De speerpunten van de Provinciale Woonagenda 2020-2050 zijn: De vraag naar passende en betaalbare woningen in de provincie is groot en neemt onder alle doelgroepen toe. De provincie vindt het belangrijk om in de woonbehoefte te voorzien en daartoe de woningbouwproductie aan te jagen. Tegelijk wil de provincie de transitie maken naar een volledig klimaatneutrale, circulaire en klimaatadaptieve bouw én de bestaande woningvoorraad verduurzamen. Een goede ruimtelijke inpassing van woningbouwprojecten, rekening houdend met andere randvoorwaarden voor verstedelijking en beleidsdoelen uit de Omgevingsvisie, is daarvoor essentieel. 2.3.3.2 Speerpunten In de Woonagenda worden de volgende speerpunten benoemd: a.

Een woning voor iedereen: 1. Adaptief en vraaggestuurd programmeren. 2. Productie op peil: aanjagen woningbouwproductie. 3. Kwalitatief, betaalbaar en divers woningaanbod.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

16

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp b.

Gezond, duurzaam en toekomstbestendig wonen in een aantrekkelijke provincie.

2.3.3.3 Richtinggevende principes De richtinggevende principes die de provincie daarbij heeft geformuleerd zijn: 1.

2.

3.

4.

5. 6. 7. 8.

De vraag is leidend. De regionale programmeringen worden bepaald op basis van gegronde onderbouwing van vraag, aanbod en het kwalitatieve en kwantitatieve verschil daartussen voor nu en in de toekomst; Er zijn snel meer woningen nodig. De provincie zet in op het versnellen van de woningbouwproductie en helpt gemeenten hierbij door voortzetting van het Uitvoeringsprogramma Binnenstedelijk Bouwen en Versnellen Woningbouw; De woningbouwprogrammering is regionaal en adaptief. De programmering houdt rekening met fasering en haalbaarheid, zodat de in het woonakkoord af te spreken regionale productiedoelstellingen kunnen worden gehaald. De provincie geeft gemeenten ruimte om bij binnenstedelijke plannen nabij een OV-knooppunt en/of in een groeiregio hogere aantallen woningen te realiseren dan de prognose, om het woningtekort versneld in te lopen. De woningmarkt heeft structureel meer flexibiliteit en betaalbare opties voor alle verschillende doelgroepen van woningzoekenden nodig. Betaalbaar en divers woningaanbod voor alle doelgroepen vraagt regionale afstemming en samenwerking. Vanuit het oogpunt van leefbaarheid en gezondheid bewaakt de provincie de goede balans tussen economie, wonen, mobiliteit, natuur en landschap. Woningbouw heeft een grote impact op het landschap, de natuur en de biodiversiteit, zowel binnen als buiten het bestaand stedelijk gebied.

In de woonakkoorden maken we afspraken om woningbouw zoveel mogelijk klimaatneutraal, klimaatadaptief, actieve mobiliteit (gericht op fietsen en lopen) stimulerend, circulair en natuur- en landschapsinclusief te ontwikkelen en dit vroegtijdig bij de locatiekeuze en planontwikkeling mee te nemen.

2.3.3.4 Toetsing van het initiatief aan de Woonagenda 2020-2025 Het plan voldoet aan de uitgangspunten van de ladder voor duurzame verstedelijking en de behoefte van de regio West-Friesland. Samen met andere in- en uitbreidingslocaties levert het een goede bijdrage aan een evenwichtige en een gevarieerde opbouw van de woningvoorraad in de regio. Het voorgenomen plan is passend binnen de speerpunten van de Woonagenda. Het voornemen sluit aan op de kwaliteiten van de bestaande omgeving, waarin rekening is gehouden met de grote vraag naar betaalbare woningen en zorgt voor een betaalbaar en divers woningaanbod. Daarnaast zorgt het voornemen voor een stedenbouwkundige afronding van het woningbouwplan Marktweg Hem. De voorgenomen ontwikkeling is in overeenstemming met de Woonagenda 2020-2025. 2.3.4

Conclusie provinciaal beleid

De voorgenomen ontwikkeling is in overeenstemming met het provinciale beleid.

2.4

Regionaal beleid

2.4.1

Inleiding

De 7 gemeenten in de regio West-Friesland werken nauw samen op het gebied van woningbouw en volkshuisvesting. In 2017 zijn de Regionale Woonvisie, het Regionaal Actieprogramma Wonen 2017- 2021 (RAP), de kwantitatieve woningbouwprogrammering en het regionaal afwegingskader wonen vastgesteld. De regionale woonvisie bevat de regionale ambities ten aanzien van het wonen in West-Friesland. Het afwegingskader is een regionaal instrument om uitvoering te geven aan de ambities van de regio en om ervoor te zorgen dat nieuwe plannen blijven voorzien in de regionale woningbehoefte.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

17

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp 2.4.2

Regionale Woonvisie West Friesland

2.4.2.1 Algemeen Het woningbouwbeleid is vastgelegd in de regionale Woonvisie West-Friesland 2017. Hierin is de ambitie uitgesproken om tot de top 10 woonregio's van Nederland te gaan behoren en de hoe de woonvisie bijdraagt aan het realiseren van die ambitie. 2.4.2.2 Speerpunten De Westfriese Woonvisie zet in op de volgende speerpunten: Bestaande voorraad: kwaliteit en aantrekkelijkheid op peil houden en uitbouwen; Vitale kernen: richten op kansrijke producten en locaties; Nieuwbouw: vooral inzetten op onderscheidende en complementaire producten; Scheiden wonen en zorg: langer zelfstandig wonen bevorderen; Flexibel kader: houvast voor de regio en ruimte voor marktinitiatieven.

2.4.2.3 Nieuwbouw Het speerpunt voor nieuwbouw, inzetten op onderscheidende en complementaire producten, heeft de volgende uitgangspunten: De vraag staat centraal: naar woning en woonomgeving; Landschappelijk onderscheidend vermogen van West-Friesland benadrukken: 'groen, rust, ruimte, water'; Betreft gemengde woonmilieus met meer aandacht voor bijvoorbeeld duurzaamheid en zelfvoorzienendheid, mengvormen met landelijk wonen en stadslandbouw; Toepassen van nieuwe woonvormen met geïncorporeerde vormen van domotica en 'the internet of things' en een nieuwe bouwopzet van nieuwbouw: seniorenwoningen, collectieve bouw, tiny houses, grote landschapskavels et cetera; Bewoners-initiatieven over vormgeving van zorg voor hun ouders en/of kinderen (familiedomeinen, woongroepen en wonen met gelijkgestemden); Nieuwe vormen van opdrachtgeverschap, zoals (collectief-)particulier opdrachtgeverschap, mede-opdrachtgeverschap en doe-het-zelf planologie. 2.4.2.4 Toetsing van het initiatief aan de Regionale Woonvisie West Friesland In het plan spelen groen, rust, ruimte en water een belangrijke rol. Daarnaast maken duurzaamheid en een klimaatadaptieve inrichting onderdeel uit van de planvorming. Met het realiseren van rij- en hoekwoningen voor senioren wordt er bijgedragen aan woonvormen waar behoefte aan is.

De voorgenomen ontwikkeling van 18 woningen draagt bij aan de kwaliteit van de woningvoorraad waarbij invulling wordt gegeven aan de aanwezige woningbehoefte. Daarnaast is de locatie in de stuctuurvisie aangeduid als woningbouwlocatie. 2.4.3

Regionaal Actieprogramma regio West-Friesland en Afwegingskader wonen West-Friesland 2019

2.4.3.1 Algemeen De uitvoering van de regionale woonvisie vindt plaats via het Regionaal Actieprogramma (RAP). In het RAP staat per speerpunt welk beleid en welke instrumenten hiervoor worden ingezet. Onderdeel van het RAP is een regionale woningbouwprogrammering met een regionaal afwegingskader wonen. Het afwegingskader vormt de basis voor nieuwe woningbouwplannen en licht deze toe. 2.4.3.2 Afwegingskader wonen West-Friesland 2019 Het toepassen van de ladder is in de regio West-Friesland vastgelegd in het Afwegingskader wonen West-Friesland 2019 (AWF 2019). Daarin zijn de minimumvereisten vastgelegd waaraan elk plan moet voldoen (Westfriese basis). Aan de hand van de stappen in deze basis kan worden beoordeeld of een nieuwbouwplan wel of niet kan worden gerealiseerd. Hierin is onder meer van belang dat een plan moet passen in de vastgelegde woningbouwbehoefte. Daarnaast zijn er een aantal vereisten waar minstens voor de helft aan voldaan moet worden (Westfries vooruitdenken).

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

18

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp 2.4.3.3 Westfriese basis De minimumvereisten van de Westfriese basis waaraan elk plan moet voldoen zijn: Het plan past binnen de indicatieve regionale woningbehoefte (incl. de buffer) en blijft in principe binnen de gemeentelijke behoeften; Het plan voldoet aan de voorwaarde dat 70% van de woningbouwplannen in West-Friesland worden gerealiseerd in de krachtige kernen; Er is getoetst of het plan voldoet aan de regionale behoefte: kwantitatief (past binnen de regionale prognose); kwalitatief (woningtype, woonmilieu, kwaliteit etc.); Het plan kan gerealiseerd worden binnen BSG. Wanneer het plan buiten BSG gelegen is, is getoetst of realisatie binnen BSG mogelijk is; Als realisatie past binnen de regionale behoefte, maar realisatie binnen BSG niet mogelijk is, is getoetst of het plan zich binnen een provinciaal beschermingsregime bevindt en multimodaal ontsloten is.

2.4.3.4 Westfries vooruitdenken De ambities voor het Westfries vooruitdenken bestaan uit: Het plan levert een positieve bijdrage aan betaalbaar wonen (huur onder de liberalisatiegrens / goedkope koop < €200.000); Het plan levert een bijdrage aan het langer zelfstandig wonen; Het plan levert een positieve bijdrage aan duurzaamheidsdoelstellingen; Het plan voorziet in woningen in de vrije huursector voor middeninkomens; Nieuwe woningbouw wordt zoveel mogelijk gerealiseerd in de nabijheid van een OV- knooppunt; Het plan draagt bij aan de aantrekkingskracht op woningzoekenden van buiten de regio door het bieden van een aantrekkelijke onderscheidende woonomgeving; Het plan draagt duurzaam bij aan de benodigde versnelling van de woningbouwproductie in Westfriesland en past binnen de woningbehoefte; Het plan vormt een toevoeging vanwege het type woningen waarin het voorziet; Het plan vormt een toevoeging vanwege de doelgroep woningzoekenden waarvoor het wordt gebouwd; Het plan vormt een toevoeging vanwege de onderscheidenheid in samenhang met woonmilieu en programma waarin het voorziet. 2.4.3.5 Toetsing van het initiatief aan het Regionaal Actieprogramma regio West-Friesland en Afwegingskader wonen West-Friesland 2019 De voorgenomen woningbouwontwikkeling is kwalitatief en kwantitatief passend binnen de woningbouwbehoefte van West Friesland.

Daarnaast worden de woningen binnen bestaand stedelijk gebied gerealiseerd, aangezien het plangebied in de huidige situatie is bestemd ten behoeve van glastuinbouw. Hiermee wordt voldaan aan de voorwaarde dat 70% van alle woningbouwplannen in Westfriesland dienen te worden gerealiseerd in krachtige kernen. Het Regionaal woonprogramma stelt duidelijk dat bij toevoeging van nieuwe wooneenheden aan een kern of buurtschap er duidelijk dient te worden gekeken of een dergelijk initiatief niet leidt tot 'nog meer veel van hetzelfde'. Voorop dient te staan dat er woningbouw komt die bijdraagt aan een verdere differentiatie van de bestaande voorraad. Eén van de zwaartepunten hierbij ligt bij het creëren van meer woningen om ouderen en hulpbehoevenden langer in hun eigen buurt te kunnen laten wonen, en hiernaast jonge mensen langer op de plek waar zij zijn getogen vast te kunnen houden. Binnen een voorraad die plaatselijk voornamelijk is opgebouwd uit vrijstaande woningen, vormen de beoogde duurzame levensloopbestendige woning een verbreding van de voorraad. Met het voornemen verdwijnt een bestaande glastuinbouwbedrijf. Hiermee krijgt de kwaliteit van het woonmilieu van de omgeving een verbetering. Daarnaast zijn de woningen zowel voor senioren en voor doorstromers geschikt. Daarmee draagt het plan bij aan de diversiteit van het woningaanbod.

Naast de 5 punten van de Westfriese Basis dient het plan minimaal te voldoen aan 5 van de 10 punten van 'het Westfriese Vooruitdenken'. In dit geval is sprake van een woningbouwontwikkeling waar duurzaamheid een grote rol speelt. Een bestaande glastuinbouwbedrijf zonder toekomstperspectief komt te vervallen en BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

19

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp hiervoor in de plaats worden achttien duurzame woningen gerealiseerd. Er is sprake van een gevarieerd woningaanbod voor verschillende doelgroepen. De (rij)woningen zijn onder meer geschikt voor senioren, waarmee een bijdrage geleverd wordt aan het langer zelfstandig wonen. Daarnaast wordt een versnelling in de woningbouwproductie bewerkstelligd. Al met al wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming met het Regionaal Actieprogramma regio West-Friesland en Afwegingskader wonen West-Friesland 2019 is. 2.4.4

Conclusie regionaal beleid

De voorgenomen ontwikkeling is in overeenstemming met het regionale beleid.

2.5

Gemeentelijk beleid

2.5.1

Structuurvisie Landschap

2.5.1.1 Algemeen De structuurvisie Landschap is op 23 mei 2011 vastgesteld door de gemeenteraad van Drechterland. De structuurvisie is een integrale visie op de gemeente en omvat de hoofdzaken van het ruimtelijk beleid dat de gemeente zal voeren in dit geval omtrent het landschap. In de visie worden drie soorten gebieden onderscheiden: 1. 2. 3.

Gebieden waar het beleid is gericht op het behouden en versterken van de landschappelijke waarden. Gebieden waar het beleid is gericht op het stap-voor-stap veranderen van de landschappelijke waarden waar het versterken van deze waarden noodzakelijk is. Gebieden waar het beleid is gericht op het vernieuwen van het landschap waar dit door ontwikkelingen wenselijk is.

2.5.1.2 Ambitie Het gebied rondom Hem, Venhuizen, De Hout wordt in de visie verbonden aan het ambitieniveau ‘geleidelijk’ transformeren. Deze ambitie is toegekend aan dit gebied omdat de hoofdstructuur in dit gebied bestaande uit wegen, wegbeplanting en vaarten een sterk kader biedt maar dat de in dit gebied voorkomende bebouwing hier niet goed is ingepast. In deze zone ligt grootschalige bebouwing ‘kaal’ in het landschap en is weinig verwantschap aanwezig met de rest van het buitengebied. Daarnaast zijn in dit gebied nog elementen als het bedrijventerrein bij Hem en enkele randen van het dorp Venhuizen die om verbetering vragen. 2.5.1.3 Toetsing van het initiatief aan de Structuurvisie Landschap Het plangebied voegt zich door de inpassing goed in het landschap, het opstrekkend verkavelingspatroon blijft behouden en de richting van de waterstructuur, die al van oudsher als ontwatering van het gebied dient, wordt benadrukt. Daarnaast zorgt de voorgenomen ontwikkeling voor een stedenbouwkundige afronding van het plan Marktweg Hem. Het plangebied draagt zo bij aan de ruimtelijke kwaliteit en past de nieuwe bebouwing goed in binnen het aanwezige sterke kader. De voorgenomen ontwikkeling is dan ook in overeenstemming met de Structuurvisie Landschap. 2.5.2

Woningbouwprogramma 2021 - 2025

2.5.2.1 Algemeen In het woonprogramma staat het woonbeleid beschreven voor de komende vijf jaar, 2021- 2025. Doelstelling van het woonbeleid is het behouden van vitale dorpen, waar mensen prettig kunnen leven, wonen en werken. Woningen staan er voor vele jaren. Per jaar komt er gemiddeld 0,5 - 1% aan nieuwe woningen bij. Dit geeft al aan dat naast nieuwbouwwoningen ook bestaande woningen belangrijk zijn om de doelstellingen te behalen. Dit woonprogramma is opgebouwd aan de hand van zes thema’s die door de raad voorafgaand zijn vastgesteld. Per thema staan de belangrijkste doelstellingen benoemd.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

20

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp 2.5.2.2 Thema's Kwalitatieve woningbouwopgave (type woning) Meer variatie in de woningbouw, complementair aan het huidige bezit. Meer kleinere (60-70 m2 ), toegankelijke woningen, levensloop bestendig en doelgroep neutraal. Stimuleren doorstroming in koop- en huurwoningen zodat meer woningen voor starters beschikbaar komen. Behoefte gestuurd bouwen. Extra aandacht voor betaalbare woningen, doelgroepen en de bijhorende woonwensen. Een passende starterslening. Wonen en zorg Meer passende woningen voor senioren, huur- en koop en meer ruimte voor kleinschalige woon-, zorginitiatieven. Maatwerk en differentiatie per dorp of kern. Duidelijke uitgangspunten om voldoende passende woningen te realiseren die geschikt zijn om zorg te ontvangen. Woningen voor senioren en mensen met een zorgbehoefte vooral in de omgeving van voorzieningen, of met onderlinge ondersteuning in de buurt als deze woningen buiten de kern staan. Evenwichtige wijken en dorpen Gedifferentieerde wijken met een mix en spreiding van koop- en huurwoningen. Problemen in wijken opvangen, zoeken naar alternatieven (koop voor huur en andersom), en afspraken over leefomgeving met corporaties en handhaving. Plan van aanpak met een wijkaanpak voor wijken die extra aandacht behoeven.

Een regionaal beleid op de huisvesting van arbeidsmigranten Voldoende aanbod aan sociale huurwoningen Streven naar een actieve zoekduur van gemiddeld 3 jaar. Meer kansen voor starters (jongeren die het huis uit willen). Jaarlijks actualiseren van de prestatieafspraken via jaarschijven. Kwantitatieve woningbouwopgave (aantal) Versnellen van de woningbouw. Gerealiseerde nieuwbouw leidt tot meer doorstroming. Starters maken meer kans op een huur- of koopwoning. Duurzaamheid Nieuwbouwwoningen in Drechterland worden klimaat adaptief en circulair gebouwd. Bestaande woningen worden zo veel, en zo snel als haalbaar is verduurzaamd. Corporatiewoningen zijn gemiddeld label A in 2025. 2.5.2.3 Toetsing van het initiatief aan het Woningbouwprogramma 2021 - 2025 De voorgenomen ontwikkeling sluit grotendeels aan bij de doelstellingen uit het Woonprogramma 2020-2025. Zo wordt er voorzien in zes tussen- en vier hoekwoningen die voor senioren geschikt zijn. Daarnaast wordt voorzien in vrijstaande woningen en tweekappers, woningen die meer geschikt zijn voor doorstromers. Er is daarmee sprake van een gevarieerd woningbouwprogramma waarbij ook woningen in het betaalbare segment worden gerealiseerd. Duurzaamheid speelt daarnaast een belangrijke rol, aangezien de woningen aan alle duurzaamheidseisen zullen voldoen.

Al met al wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is met het Woningbouwprogramma 2021 - 2025.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

21

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp 2.5.3

Welstandsnota Drechterland

2.5.3.1 Algemeen De gemeenteraad heeft op 27 juni 2011 de Welstandsnota Drechterland vastgesteld. In deze welstandsnota heeft de gemeente haar welstandsbeleid uiteengezet. Dit beleid is erop gericht om de “redelijke eisen van welstand” te waarborgen. De regels in de welstandsnota zijn met name kwaliteitsvoorschriften met betrekking tot het uiterlijk van gebouwen. In de welstandsnota zijn verschillende welstandsgebieden onderscheiden. Afhankelijk van het type gebied zijn er bepaalde voorwaarden gesteld waaraan bouwwerken moeten voldoen, om niet te erg als dissident in die omgeving te worden ervaren. 2.5.3.2 Welstandsgebieden Er zijn verschillende van deze welstandsgebieden, te weten: Karakteristiek buitengebied; Ruilverkaveling; Karakteristieke linten; Linten; Centrumgebieden; Uitbreidingsgebieden met overwegend seriematige bouw; Uitbreidingsgebieden met overwegend individuele bouw; Bedrijventerreinen; Sport en recreatie. 2.5.3.3 Welstandsgebied Karakteristieke linten Naast algemene welstandscriteria, zijn voor deze verschillende welstandsgebieden gebiedsgerichte welstandseisen opgenomen. Het plangebied valt binnen het welstandsgebied Karakteristieke linten. Voor het gebied geldt een aanduiding als bijzonder welstandsgebied, waarbij de nadruk zal liggen op het respecteren en handhaven, en waar nodig versterken van de aanwezige ruimtelijke kwaliteiten.

Voor het plangebied is een beeldkwaliteitsplan opgesteld dat als Bijlage 1 is bijgevoegd. 2.5.3.4 Toetsing van het initiatief aan de Welstandsnota Drechterland Bij de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt het definitieve ontwerp van de woningen en openbare ruimte aan het beeldkwaliteitsplan getoetst. 2.5.4

Conclusie gemeentelijk beleid

De voorgenomen ontwikkeling is in overeenstemming met het gemeentelijke beleid.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

22

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp

Hoofdstuk 3

Huidige situatie

3.1

Ontstaansgeschiedenis

3.1.1

Regio West Friesland

West-Friesland Midden is ontstaan uit grote hoeveelheden sediment die zijn afgezet door het Zeegat van Bergen. Dit getijdebekken, dat tot ver in het binnenland reikte, zorgde voor opslibbing met zand en klei uit zee. Hierop vestigde zich al vroeg een groot aantal mensen in een relatief hoge dichtheid. West-Friesland is dan ook een archeologisch waardevol gebied, met relicten in de bodem van nederzettingen uit Steentijd, Bronstijd, IJzertijd en Romeins tijd. Vanaf de IJzertijd vernatte het gebied waardoor er veenontwikkeling tot stand kwam. Dit maakte het gebied ongeschikt voor bewoning. Vanaf de vroege middeleeuwen werd het gebied opnieuw in ontginning genomen. Om het gebied te ontwateren werden vanuit bestaande veenrivieren parallelle sloten het veen ingegraven. Op de droge toplaag kon men vervolgens wonen en akkers aanleggen. Een deel van de ontginningen werd beperkt door natuurlijke grenzen of bezitsgrenzen maar elders trok men onder druk van de bodemdaling steeds verder het veen in – net als in andere veengebieden. Om droge voeten te houden werden de nederzettingen verplaatst naar de hoogste plaatsen in het landschap, ten oosten van Hoorn en bij Medemblik lagen veel nederzettingen op kreekruggen. Kreekruggen zijn kronkelende zandbanen die op veel plaatsen in West-Friesland voorkomen. De meeste nederzettingen in de veenontginningen kregen de vorm van langgerekte linten.

Door de doorgaande bodemdaling en erosie ontstonden of groeiden verschillende binnenmeren zoals het Wogmeer, het Berkmeer en het Baarsdorpermeer. Daarnaast kregen veel nederzettingen waterstaatkundige problemen. Om droge voeten te houden werden de nederzettingen verplaatst naar de hoogste plaatsen in het landschap, de kreekruggen. Vanaf omstreeks de 11e eeuw begon men ook met het aanleggen van dijken om de veenontginningen tegen inbraken van de zee te beschermen. Vanaf de tweede helft van de 13e eeuw vormden deze dijken een geheel: de Westfriese Omringdijk. Door deze gesloten dijk nam de invloed van de zee sterk af. De Omringdijk onderging na aanleg nog flinke veranderingen door de vele doorbraken en achter zwakke dijken werden inlaagdijken (reservewaterkeringen) aangelegd. Nog altijd vormt de Omringdijk door zijn hoogte de markante begrenzing van het oude zeekleigebied. Na de drooglegging van onder andere de Beemster en de aanleg van de Wieringermeerpolder werd de Westfriese Omringdijk steeds meer de scheiding tussen oud en nieuw land. In dit ensemble doet vrijwel de gehele Westfriese Omringdijk nog dienst als primaire waterkering voor het IJsselmeer en het Markermeer. Het veenpakket dat zich eerder op de kleibodem had ontwikkeld, is inmiddels verdwenen door oxidatie. Het gebied heeft echter wel de ruimtelijke karakteristieken van een veenontginningsgebied behouden.

Doordat de gronden ter weerszijden van de opgevulde getijdegeulen later zijn ingeklonken en het zand in de geulen niet, zijn deze met zand gevulde geulen nu lichte verhogingen in het landschap. De kleine, verspreid liggende meren werden in het begin van de 17e eeuw droogmakerijen, zoals polders de Wogmeer, de Baarsdorpermeer, de Bennemeer en de Berkmeer. Ze zijn herkenbaar aan hun ringsloot en rechthoekige verkaveling. Het gebied kende lang vooral een agrarisch gebruik (akkerbouw en fruitteelt). Het grootste deel van het transport ging over water. Als onderdeel van een groot landinrichtingsproces vonden in het midden van de 20e eeuw grootschalige ruilverkavelingen en daarmee schaalvergroting plaats. Aanleiding was de wens het agrarisch gebied beter aan te laten sluiten bij de moderne eisen van de landbouw. Het landschap werd getransformeerd, maar dat gebeurde niet overal op dezelfde manier of in dezelfde mate. In de vaarpolders is het landschap in de jaren '80 van de vorige eeuw bijvoorbeeld ingrijpend getransformeerd, veel sloten werden gedempt en er werd een wegennetwerk aangelegd. Het agrarisch platteland begint meer de verschijningsvorm van een bedrijventerrein te krijgen. Langs de Markermeerdijk tussen Hoorn en Enkhuizen is het historische landschap nog zichtbaar.

De laatste decennia van de vorige eeuw zijn delen van het landschap flink verstedelijkt, bijvoorbeeld bij Hoorn, Medemblik, Enkhuizen, Hoogkarspel, Bovenkarspel en Wervershoof.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

23

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp 3.1.2

Drechterland

Rond 1850 is in de gemeente Drechterland sprake van een gaaf kleipolderlandschap. De opstrekkende verkaveling met zeer fijnmazige, smalle en diepe, kavels is onaangetast. In Polder het Grootslag en Polder de Drieban is de verkaveling noord-zuid gericht. In Polder Schellinkhout is de verkaveling oost-west gericht. De bewoning van het gebied vindt alleen plaats in lineaire nederzettingen, die zijn ontstaan langs de in het gebied gelegen stroomruggen en kaden. Schellinkhout en Wijdenes zijn op noord-zuid lopende hoger gelegen gronden ontstaan. De overige dorpen, waaronder Hoogkarspel en Westwoud zijn oost-west gesitueerd.

Afbeelding 3.1 Kaart Venhuizen, Hem en omgeving in 1920 (plangebied rood omcirkeld) bron: www.topotijdreis.nl In de tweede helft van de 19e eeuw heeft er in het landschap van de gemeente Drechterland een belangrijke verandering plaatsgevonden, de spoorlijn van Hoorn naar Enkhuizen wordt aangelegd. Verder hebben de veranderingen alleen op detailniveau plaatsgevonden. Het gaat hierbij om de toevoeging van enkele woningen, het verplaatsen van boomgaarden en het samenvoegen of opdelen van percelen. Na 1950 beginnen er grotere veranderingen plaats te vinden in het landschap. In Venhuizen en (vooral) Hoogkarspel ontstaan de eerste planmatige woonuitbreidingen haaks op de linten. In deze periode is ook de toename van de invloed van het verkeer in het landschap zichtbaar. Bij Blokdijk is bijvoorbeeld een duidelijke opwaardering van de route tussen Hoorn en Enkhuizen zichtbaar. Op perceelsniveau worden op diverse plaatsen de oorspronkelijke smalle, diepe kavels samengevoegd tot grotere kavels. In de Houterpolder en Polder de Drieban is dit goed zichtbaar.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

24

bestemmingsplan Hemmerbuurt 19a te Hem ontwerp

Afbeelding 3.2: Kaart Venhuizen, Hem en omgeving in 1990 (plangebied rood omcirkeld) bron: www.topotijdreis.nl In de gemeente Drechterland zijn de dorpen sterk gegroeid. Hoogkarspel, Westwoud en Venhuizen springen hierbij het meest in het oog. De aanleg van de N302 (Drechterlandseweg en Westfrisiaweg) en de ruilverkavelingswegen zijn duidelijk herkenbare veranderingen in de infrastructuur. In Polder het Grootslag en Polder de Drieban hebben vooral ruilverkavelingen plaatsgevonden. In deze polders zijn kavels samengevoegd en nieuwe wegen aangelegd. Ten tijde van de ruilverkaveling veranderde de vaarpolder in een rijpolder. De nieuwe wegen zijn tevens nieuwe bebouwingslinten geworden. 3.1.3

Plangebied

Het plangebied ligt op de grens tussen Venhuizen en Hem. Beide kernen zijn in de middeleeuwen ontstaan bij de ontginning van het veengebied. De plaatsnamen zijn terug te vinden op middeleeuwse kaarten als “Veenhusen” en als “Rottaerdshem”, later ook als “Hem”. In 1414 kregen Venhuizen en Hem gezamenlijk stadsrecht van Hertog Willem IV van Beieren. Hem en Venhuizen vormen sinds het eind van de 19e eeuw een lint dat losjes aaneengesloten door de veenpolders meandert. De opstrekkende verkaveling is daarbij sterk structuurbepalend, niet alleen voor de indeling van het agrarisch landschap, maar ook voor de kavelstructuur in de dorpskern en voor de latere uitbreidingen in de 2e helft van de 20e eeuw.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14086629/1