CConstaterende datDrechterland
Koppel je AI →
Document · PDF

B2.Toelichting BP Venhuizen Centrum-West (2024-37)

Gemeenteraad 25 november 2024, gemeente DrechterlandBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West (2024-37)22.106 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Gemeente Drechterland

Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West Toelichting, regels en analoge verbeelding

December 2023

Kenmerk 0498-05-T01 Projectnummer 0498-05

Inhoudsopgave 1.

Inleiding 1.1. Aanleiding 1.2. Ligging plangebied 1.3. Geldende bestemmingsplannen 1.4. Leeswijzer

1 1 2 2 3

2.

Beleidskader 4 2.1. Rijksbeleid 4 2.1.1. Nationale Omgevingsvisie (NOVI) 4 2.1.2. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening 6 2.1.3. Ladder voor duurzame verstedelijking 6 2.2. Provinciaal beleid 7 2.2.1. Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 7 2.2.2. Omgevingsverordening Noord-Holland 2020 8 2.2.3. Leidraad Landschap en Cultuurhistorie 9 2.3. Regionaal beleid 10 2.3.1. Regionale Woonvisie West-Friesland 10 2.3.2. Woonakkoord 2020-2025 regio Westfriesland en Provincie Noord-Holland 11 2.3.3. Afwegingskader Wonen Westfriesland 2021 12 2.4. Gemeentelijk beleid 14 2.4.1. Structuurvisie landschap 14 2.4.2. Woonprogramma 2021 - 2025 16 2.4.3. Welstandsnota Drechterland 17 2.4.4. Landschapsvisie Polder Drieban 18 2.4.5. Visie op Drechterland en haar kernen 18 2.4.6. Bouwstenen Omgevingsvisie 19

3.

Planbeschrijving 3.1. Geschiedenis 3.2. Bestaande situatie 3.3. Ruimtelijke beschrijving van het plan 3.3.1. Algemeen 3.3.2. Bebouwingsstructuur 3.3.3. Verkeer en parkeren 3.3.4. Groen- en water 3.4. Beeldkwaliteit 3.5. Duurzaamheid - Klimaatadaptatie 3.6. Programmatische beschrijving van het plan

22 22 22 23 23 24 25 28 29 30 30

4.

Randvoorwaarden 4.1. Waterhuishouding

32 32

4.2.

4.3. 4.4.

4.5. 4.6.

4.1.1. Inleiding 4.1.2. Beleidskader 4.1.3. Watertoets Milieuaspecten 4.2.1. Bedrijven en milieuzonering 4.2.2. Geluid 4.2.3. Bodem 4.2.4. Externe veiligheid 4.2.5. Luchtkwaliteit Ecologie Archeologie en monumenten 4.4.1. Archeologie 4.4.2. Monumenten Kabels en leidingen Vormvrije mer-beoordeling

32 32 34 37 37 40 41 45 47 47 50 50 51 51 51

5.

Verklaring van de regels 5.1. Algemeen 5.2. Bestemmingsplan 5.3. Plansystematiek 5.4. Specifieke verklaring van dit bestemmingsplan

54 54 54 54 54

6.

Uitvoerbaarheid 6.1. Financiële uitvoerbaarheid 6.2. Maatschappelijke uitvoerbaarheid 6.2.1. Participatie 6.2.2. Vooroverleg. 6.3. Ontwerp bestemmingsplan

58 58 58 58 58 59

Bijlagen 1. Goudappel, Verkeersonderzoek Ontwikkeling Venhuizen Centrum West, 014274.20230523.R1.03, Deventer, 22 juni 2023 2. Roelofs Groep B.V., Waterstructuurplan Venhuizen Centrum-West, R01-D03-21070223-lwf Definitief/03, Den Ham, 26 september 2023 3. Adromi BV, Spuitzone onderzoek Twijver Venhuizen, wil/R202309/2302b, Hendrik-IdoAmbacht, 26 april 2023 4. M+P raadgevende ingenieurs BV, BP Venhuizen Centrum West te Drechterland, M+P.VBM.23.01.1, revisie 1, Aalsmeer, 7 december 2023 5. Ortageo Noordoost B.V., Verkennend (water)bodemonderzoek NEN 5740, NEN 5707 en NEN 5720 Plangebied centrum west in Venhuizen, 217443/R01, Rolde, 30 november 2022 6. Milieu Advies Noord-Nederland, Verkennend bodemonderzoek Hemmerbuurt 2A te Hem, 2021.228, Menaam, 25 november 2021

7. Landview Bodemonderzoek, Second Opinion bodemonderzoek door Mann op Hemmerbuurt 2a te Hem, 2021668-PP, Hoorn, 14 december 2021 8. Van der Goes en Groot ecologisch onderzoeks- en adviesbureau, Toetsing in het kader van de natuurwetgeving Centrum West te Venhuizen, G&G-advies QS2023-226, 4 augustus 2023Alkmaar, 4 augustus 2023 9. Soundforceone B.V., Stikstofdepositieonderzoek Realisatie 250 woningen Venhuizen centrum Westerkerkweg, Venhuizen, Venh202375 v3.0, Deventer, 23 november 2023 10. BAAC, Gemeente Drechterland Plangebied Centrum West te Venhuizen, Archeologisch bureauonderzoek, BAAC-rapport V-23.0503, 's-Hertogenbosch, 8 september 2023

1

1.

Inleiding

1.1.

Aanleiding Twee marktpartijen hebben een bouwplan ontwikkeld om aan de westkant van de bebouwde kom van Venhuizen een woningbouwplan met ongeveer 250 woningen te realiseren. Bij de nadere planuitwerking is de wens geuit om meer betaalbare kopwoningen te realiseren. Dit lijkt ruimtelijk en financieel haalbaar, mits het aantal te realiseren woningen wordt verhoogd met circa 10%. In de uitwerking van de plannen wordt hier door ontwikkelaars, in overleg met de gemeente nader invulling aan gegeven. Het bestemmingsplan biedt ruimte om in overleg met de gemeente het maximaal aantal te realiseren woningen te verhogen van 250 naar maximaal 280 woningen. Afbeelding 1: Ligging plangebied.

In 2017 is samen met dorpsbewoners van Venhuizen een toekomstvisie opgesteld, het Centrumplan 2017. Hierin staat een ruimtelijk en programmatisch wensbeeld beschreven. De locatie Venhuizen Centrum-West is in juni 2021 door de gemeenteraad van de gemeente Drechterland aangewezen als de eerstvolgende grootschalige uitbreidingswijk voor woningbouw in Venhuizen. Het College van burgemeester en wethouders van Drechterland heeft in navolging hiervan in april 2022 een Ambitiedocument vastgesteld waarin ambities zijn geformuleerd voor deze ontwikkeling. In het Programma van Uitgangspunten Venhuizen Centrum West, dat op 3 juli 2023 door de gemeenteraad is vastgesteld, zijn de randvoorwaarden en uitgangspunten voor de gebiedsontwikkeling benoemd. Deze randvoorwaarden en uitgangspunten vormen de basis

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

2

en het toetsingskader voor de verdere uitwerkingen van Venhuizen Centrum-West. Dit Programma van Uitgangspunten is in overleg met de initiatiefnemers opgesteld. Dit Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West biedt het planologisch-juridisch kader voor de ontwikkeling en realisatie van dit woningbouwplan. Het is een flexibel bestemmingsplan, dat een rechtstreekse bouwtitel biedt voor de realisatie van het plangebied.

1.2.

Ligging plangebied Het plangebied ligt ten westen van de dorpskern van Venhuizen. Het plangebied wordt begrensd door de Westerkerkweg aan de noordkant, de bestaande bebouwing langs de Twijver en de Sint Lucasstraat aan de oostkant en de bestaande bebouwing langs het Westeinde en de Hemmerbuurt aan de zuidkant.

1.3.

Geldende bestemmingsplannen Voor het plangebied vigeert het bestemmingsplan "Drechterland-Zuid" dat op 24 juni 2013 door de gemeenteraad van de gemeente Drechterland is vastgesteld. Het plangebied heeft daarin de bestemming "Agrarisch". In het plangebied is een aantal bouwvlakken gesitueerd waar agrarische bedrijven zijn gevestigd. In één bouwvlak staat een aanduiding die huisvesting van tijdelijke werknemers mogelijk maakt. Aan de noordoostzijde ligt het plangebied op twee plekken gedeeltelijk in een 'veiligheidszone – lpg'. Woningbouw past niet binnen de agrarische bestemming. Afbeelding 2: Fragment verbeelding (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl).

De gronden hebben grotendeels de dubbelbestemming "Waarde – Archeologie 3" en voor een klein deel aan de Hemmerbuurt de dubbelbestemming "Waarde – Archeologie 2". Op grond van die dubbelbestemmingen is archeologisch onderzoek noodzakelijk bij bodemingrepen groter dan 500 m² respectievelijk 100 m² en dieper dan 0,4 meter.

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

3

De gemeenteraad van de gemeente Drechterland heeft op 26 oktober 2015 het bestemmingsplan "Eerste herziening bestemmingsplan Drechterland Zuid" vastgesteld. In dit bestemmingsplan is onder meer een aantal onvolkomenheden in het bestemmingsplan "Drechterland-Zuid" hersteld en is nieuw beleid verwerkt. Voor het perceel Westerkerkweg 105 is met ingang van vrijdag 22 september 2023 gedurende zes weken het wijzigingsplan "Westerkerkweg 105 te Venhuizen" ter visie gelegd. Dit wijzigingsplan wijzigt de bestemming van de agrarische bedrijfswoning naar een reguliere woning omdat de agrarische bedrijfsactiviteiten op het perceel inmiddels zijn beëindigd. Daarnaast wordt het agrarisch bouwvlak van de verbeelding verwijderd.

1.4.

Leeswijzer Deze toelichting bestaat uit zes hoofdstukken. Na dit inleidende hoofdstuk wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving van het relevante rijks-, provinciale en gemeentelijke beleid opgenomen. In hoofdstuk 3 wordt een beschrijving van het gebied gegeven. Hoofdstuk 4 gaat in op de uitgevoerde onderzoeken en de randvoorwaarden van het plan. In hoofdstuk 5 wordt vervolgens ingegaan op de opzet van het plan en de wijze van bestemmen. Tot slot bevat hoofdstuk 6 de financiële en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan, waarbij de uitkomsten van de inspraak en vooroverleg zijn samengevat.

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

4

2.

Beleidskader

2.1.

Rijksbeleid

2.1.1. Nationale Omgevingsvisie (NOVI) De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is op 11 september 2020 vastgesteld. De NOVI vervangt de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (2012). De NOVI is een instrument van de nieuwe Omgevingswet en loopt vooruit op de inwerkingtreding van die wet. Vanwege het uitstel van de inwerkingtreding van de Omgevingswet komt de NOVI als structuurvisie uit onder de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Zodra de Omgevingswet in werking is getreden, zal deze structuurvisie gelden als de Nationale Omgevingsvisie, zoals in de nieuwe wet bedoeld. In de NOVI geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI bestaat uit een visie, toelichting en uitvoeringsagenda. De combinatie van deze drie documenten zorgt voor een toetsing, die leidt tot nationale strategische keuzes en gebiedsgericht maatwerk. De NOVI geeft weer voor welke uitdagingen Nederland staat, wat daarbij de nationale belangen zijn, welke prioriteiten de Rijksoverheid stelt bij de inrichting van Nederland en hoe het Rijk keuzes maakt in de uitvoering daarvan. Keuzes die samenhangen met toekomstbeelden over de fysieke leefomgeving, maatschappelijke opgaven en bijbehorende economische perspectieven.

Steeds duidelijker wordt dat de opgaven alleen goed aangepakt kunnen worden als dat in samenhang gebeurt, het ontwikkelpotentieel van heel Nederland optimaal wordt benut en gezorgd wordt voor een duurzame verbinding van alle delen van Nederland en met de landen om ons heen. Het beleid in de leefomgeving is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de betrokken overheden. De NOVI geeft aan waar het Rijk zich op nationale schaal aan bindt, waar het regie voert richting medeoverheden of waar het juist aan de medeoverheden is om keuzes te maken. Provincies en (samenwerkende) gemeenten zullen in hun omgevingsvisies uiting geven aan hun eigen verantwoordelijkheid en keuzes in de fysieke leefomgeving. Met de NOVI wordt in beeld gebracht waar kansen liggen. Kansen om de kwaliteit van onze leefomgeving te verbeteren. Kansen om sociale samenhang, gezondheid en economisch herstel te bevorderen en kansen om schone, veilige en duurzame technieken, die bijdragen aan de beoogde transitie naar een circulaire samenleving – stevig te verankeren in onze manier van leven en werken. Daartoe zijn 21 nationale belangen in de fysieke leefomgeving en de daaruit voortkomende opgaven beschreven. Die opgaven zijn in feite het verschil tussen de ambitie en de huidige situatie en verwachte ontwikkelingen. Deze nationale belangen komen samen in vier prioriteiten: 1.

Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie 2. Een duurzaam en (circulair) economisch groeipotentieel 3. Sterke en gezonde steden en regio's 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

5

Prioriteit 1 gaat over de ambitie van Nederland om in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust te zijn. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving, bijvoorbeeld voldoende groen en ruimte voor wateropslag in onze steden. Daarnaast gaat het ook over de ambitie van Nederland om in 2050 een duurzame energievoorziening te hebben. Dit vraagt ruimte voor onder meer windmolens en zonnepanelen en voor de bijbehorende energie infrastructuur voor opslag en transport van duurzame energie. Bij prioriteit 2 wordt aangegeven dat de ambitie voor de lange termijn is: het duurzaam en circulair maken van de economie en energievoorziening en het versterken van de kwaliteit van de leefomgeving. Er wordt ingezet op een aantrekkelijke, gezonde en veilige omgeving en een goed vestigingsklimaat, inclusief een goede bereikbaarheid en duurzame mobiliteit. Locaties van nieuwe kantoren, bedrijventerreinen, grootschalige logistieke functies en datacentra moeten passen bij het verkeers- en vervoersnetwerk, goed afgestemd zijn op de vraag van bedrijven én de economische vitaliteit en de kwaliteit en aantrekkelijkheid van stad en land versterken. Er wordt daarbij ingezet op actieve clustering van (grootschalige) logistieke functies op logistieke knooppunten langs (inter)nationale corridors.

Nieuwvestiging van toerisme vindt bij voorkeur plaats buiten de huidige toplocaties en in de nabijheid van OV of bestaande aansluitingen op het hoofdwegennet. Bij prioriteit 3 wordt beschreven dat er wordt ingezet op het bouwen aan sterke, aantrekkelijke en gezonde steden. De ambitie is om een goed bereikbaar netwerk van steden en regio's te realiseren door te werken aan de verdere ontwikkeling van het Stedelijk Netwerk Nederland. De grote actuele woningbehoefte vraagt tegelijkertijd om oplossingen op korte termijn. Hieraan wordt een stevige impuls gegeven. De ontwikkeling vindt plaats in lijn met de ambities van de integrale verstedelijkingsstrategie, zo veel mogelijk in bestaand stedelijk gebied, klimaatbestendig en natuurinclusief. Grote open ruimten tussen de steden houden hun groene karakter. Het aanbod en de kwaliteit van het groen in de stad worden versterkt en de aansluiting op het groene gebied buiten de stad wordt verbeterd. Bij prioriteit 4 wordt ingegaan op het belang van natuurlijke systemen en het landschap. In sommige regio's staan de natuurlijke systemen en het landschap onder druk. Soms is daar sprake van een verzakkende bodem, onder meer door een te laag waterpeil. Als het waterpeil omhooggaat, kan dat gevolgen hebben voor de landbouw en de veeteelt. In sommige gebieden wordt het dan misschien logischer om duurzame energie te produceren in plaats van voedsel.

Tegelijkertijd dienen de kwaliteiten van het landschap te worden behouden om te kunnen recreeren en vanwege het cultureel erfgoed. Voor de vier NOVI-prioriteiten geldt steeds dat zowel voor de lange als de korte termijn maatregelen nodig zijn. Deze maatregelen dienen in de praktijk voortdurend op elkaar in te spelen. Bij de afweging van de belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving centraal voor zowel de boven- als de ondergrond. Ten behoeve van die afweging gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes:

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

6

▪ combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van de ruimte; ▪ kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; ▪ afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties. Vanuit de vier prioriteiten is een duurzame ontwikkeling (met name energievoorziening en natuurinclusief bouwen) het belangrijkste uitgangspunt. De woningbouw in het plangebied zal aan de hedendaagse duurzaamheidseisen voldoen. Een van de 21 nationale belangen is het zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften voor de onderhavige ontwikkeling het meest significant.

De opgave is aansluitend op de woonbehoefte (met name in en bij de stedelijke regio's) tussen 2020 en 2035 circa 1,1 miljoen woningen toe te voegen aan de woningvoorraad en een goede kwaliteit van de woningvoorraad in regio's met bevolkingsdaling te behouden. Daarnaast is er een opgave de gebouwde omgeving in 2050 CO2-arm, klimaatbestendig en natuurinclusief te maken. Geen van de overige 21 nationale belangen heeft specifiek betrekking op de ontwikkeling van een woonwijk aansluitend aan de bebouwde kom van Venhuizen. De planontwikkeling is niet in strijd met de uitgangspunten van de NOVI. 2.1.2. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) is eind december 2011 met uitzondering van enkele onderdelen in werking getreden. Het Barro omvat regels waar bestemmingsplannen aan moeten voldoen voor alle ruimtelijke rijksbelangen die een juridische vertaling dienen te krijgen in bestemmingsplannen. Het gaat om kaders voor onder meer het bundelen van verstedelijking, de bufferzones, nationale landschappen, de Ecologische Hoofdstructuur, de kust, grote rivieren, militaire terreinen, mainportontwikkeling van Rotterdam en de Waddenzee. In het Barro zijn geen rijksbelangen genoemd die betrekking hebben op het onderhavige plangebied. 2.1.3.

Ladder voor duurzame verstedelijking De juridische basis voor de ladder voor duurzame verstedelijking is opgenomen in artikel 3.1.6, lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Indien bij een bestemmingsplan 'een nieuwe stedelijke ontwikkeling' mogelijk wordt gemaakt moet in de toelichting van het plan een verantwoording daarvan plaatsvinden. De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat daartoe een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling (trede 1), en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

7

die behoefte kan worden voorzien (trede 2). In dit geval is sprake van de realisatie van ongeveer 280 woningen. Daarom is de ontwikkeling getoetst aan de ladder. In paragraaf 2.3 is aangetoond dat er behoefte is aan de realisatie van woningen in het plangebied. Gelet op de omvang van het woningbouwprogramma en de compacte opzet van het dorp is het onmogelijk om 280 woningen binnen het bestaand stedelijk gebied te accommoderen. Ook de tweede trede van de ladder is hiermee doorlopen.

2.2.

Provinciaal beleid

2.2.1. Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 Op 19 november 2018 hebben de Provinciale Staten van Noord-Holland de Omgevingsvisie NH2050 vastgesteld. Hierin staat de visie op de fysieke leefomgeving beschreven. Ook werkt de provincie Noord-Holland aan de borging van de Omgevingsvisie in programma's voor de kortere termijn. De provincie wil balans tussen economische groei en leefbaarheid. Dit betekent dat in heel Noord-Holland een basiskwaliteit van de leefomgeving wordt gegarandeerd. Er zijn randvoorwaarden geformuleerd hoe om te gaan met klimaatverandering. De provincie ontwikkelt zoveel mogelijk 'natuurinclusief' en met behoud van (karakteristieke) landschappen, clustert ruimtelijke economische ontwikkelingen rond infrastructuur en houdt rekening met de ondergrond. In de visie zijn 5 bewegingen met ontwikkelprincipes beschreven voor de ontwikkeling van de leefomgeving. 1. Dynamisch schiereiland. Hierin is het benutten van de unieke ligging van Noord-Holland, te midden van water, leidend. 2. Metropool in ontwikkeling. Hierin wordt beschreven hoe de Metropoolregio Amsterdam steeds meer als één stad functioneert. 3. Sterke kernen, sterke regio's, gaat over de ontwikkeling van centrumgemeenten die de gehele regio waarin ze liggen vitaal houden. 4. Nieuwe energie, benut de economische kansen van de energietransitie. 5.

Natuurlijk en vitaal landelijke omgeving, staan het ontwikkelen van natuurwaarden en een economisch duurzame agrarische sector centraal. Voor de onderhavige planontwikkeling zijn met name de bewegingen 'Sterke kernen' en 'Nieuwe energie' relevant. 'Sterke kernen' is van belang voor de leefbaarheid en vitaliteit in de dorpen. Nieuwe ontwikkelingen moeten daarbij klimaatbestendig en waterrobuust zijn. Dat betekent dat de gebouwen zo moeten worden uitgevoerd dat ze een periode met wateroverlast kunnen doorstaan. Verder stuurt de provincie Noord-Holland aan op maximale opwekking van duurzame energie. Om dit te bereiken is een optimale mix nodig van energiebesparing en allerlei vormen van duurzame energie. Door middel van zonnepanelen en de toepassing van warmtepompen zal hierin worden voorzien. De woningen voldoen daarmee tevens aan de beweging 'Nieuwe energie'.

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

8

2.2.2. Omgevingsverordening Noord-Holland 2020 De belangrijkste onderwerpen uit de Omgevingsvisie zijn verankerd in de Omgevingsverordening Noord-Holland 2020, die op 16 november 2020 door Provinciale Staten van Noord-Holland is vastgesteld. De Omgevingsverordening vervangt alle verordeningen die betrekking hadden op de leefomgeving zoals de Provinciale Ruimtelijke Verordening, de Provinciale Milieuverordening, de Waterverordeningen en de Wegenverordening. Door deze integratie loopt de provincie Noord-Holland vooruit op de invoering van de omgevingsverordening als een van de kerninstrumenten van de Omgevingswet, voor zover dat al mogelijk is op basis van de bestaande wetgeving. Eén van de ontwikkelprincipes uit de Omgevingsvisie NH2050 is dat wonen en werken zoveel mogelijk binnenstedelijk worden gerealiseerd en geconcentreerd. Veel van de instructieregels aan gemeenten hebben betrekking op het landelijk gebied. Daarom is in het werkingsgebied landelijk gebied duidelijk gemaakt waar volgens de provincie de grens ligt tussen stedelijk en landelijk gebied. Het plangebied maakt onderdeel uit van het landelijk gebied en is aangeduid als werkingsgebied 'Noord-Holland Noord landelijk gebied'.

Op grond van artikel 6.10, lid 1 kan een ruimtelijk plan ter plaatse van het werkingsgebied 'Noord-Holland Noord landelijk gebied' uitsluitend voorzien in een kleinschalige woningbouwontwikkeling als de ontwikkeling in overeenstemming is met de binnen de regio gemaakte schriftelijke afspraken. Deze bepaling geldt uitsluitend voor locaties die zijn gelegen in of aan kernen of in of aan dorpslinten. In de Monitor Plancapaciteit is de locatie Venhuizen Centrum-West al geruime tijd vastgelegd. Op grond van artikel 6.59 kan een bestemmingsplan voorzien in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling ter plaatse van het werkingsgebied landelijk gebied. Daarbij wordt in het ruimtelijk plan, gelet op de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie: ▪ rekening gehouden met: de ambities en ontwikkelprincipes van het toepasselijke ensemble en van de toepasselijke provinciale structuren; ▪ bij de inpassing betrokken: de kansen zoals beschreven bij de ambities en ontwikkelprincipes; en ▪ bij de inpassing betrokken: de ontstaansgeschiedenis en de kernwaarden van het toepasselijke ensemble en van de toepasselijke provinciale structuren.

In paragraaf 2.2.3 wordt nader op de Leidraad ingegaan In artikel 6.62 van de verordening is opgenomen dat de toelichting van een ruimtelijk plan dat een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling mogelijk maakt beschrijving moet bevatten van de wijze waarop in het plan rekening is gehouden met de risico's van klimaatverandering. In die beschrijving wordt in ieder geval betrokken het risico op wateroverlast, overstroming, hitte en droogte. Uit de waterparagraaf (zie paragraaf 4.1.1) blijkt dat geen wateroverlast ontstaat en dat er geen risico is op overstroming. Ter voorkoming van hittestress wordt ernaar gestreefd de verharding in het plangebied zoveel mogelijk te beperken. In paragraaf 3.3.4 wordt ingegaan op de groen-

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

9

en waterstructuur in het plangebied. Doordat de maatregelen uit het Omgevingsplan Bomen als leidraad worden gebruikt voor de planontwikkeling en door in het landschappelijk raamwerk expliciet ruimte voor wateropvang, geleidelijke waterafvoer en verkoeling op te nemen, wordt een bijdrage geleverd aan het verminderen van hittestress en wateroverlast. De waterstructuur en de beplanting die wordt aangeplant dragen tevens bij aan het vasthouden van water in het plangebied, zodat verdroging wordt voorkomen. Voor het overige omvat de Omgevingsverordening geen bepalingen die de herontwikkeling van het woongebied in de weg staan. Conclusie De bouw van woningen in onderhavig plangebied past daarmee binnen de uitgangspunten van de omgevingsverordening. 2.2.3. Leidraad Landschap en Cultuurhistorie Ruimtelijke kwaliteit ontstaat als nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen aansluiten op de huidige kwaliteiten van het landschap. Zodat, waar mogelijk, eenieder het landschap in kan, het kan beleven en ervan kan genieten – ook in de toekomst. De Leidraad Landschap en Cultuurhistorie 2018 geeft gebiedsgerichte én ontwikkelingsgerichte beschrijvingen en biedt zo toepasbare informatie over de manier waarop ruimtelijke ontwikkelingen kunnen bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving.

De provincie beoogt met deze Leidraad om samen met bijvoorbeeld gemeenten, ontwikkelaars en initiatiefnemers te werken aan het behouden en versterken van de ruimtelijke kwaliteit van het landschap en de cultuurhistorie. De Leidraad sluit nieuwe ontwikkelingen niet uit. Bij een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling in het landelijk gebied dient rekening gehouden te worden met de onder de ensembles en structuren beschreven ambities en ontwikkelprincipes. Hiervan kan, mits goed gemotiveerd, van worden afgeweken. Bij afwijking van de ontwikkelprincipes en bij plannen met grote impact kunnen Gedeputeerde Staten de Adviescommissie Ruimtelijke Ontwikkeling (ARO) om een (vroegtijdige) adviesrol vragen. Het plangebied behoort in de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie 2018 tot het gebied WestFriesland Oost'. De algemene ambitie voor West-Friesland Oost' is om ruimtelijke ontwikkelingen: ▪ bij te laten dragen aan het zichtbaar en herkenbaar houden van de landschappelijke karakteristiek; ▪ bij te laten dragen aan het versterken van (de beleving van) openheid en ▪ helder te positioneren ten opzichte van de ruimtelijke dragers. De ruimtelijke kwaliteit van de zuidelijke kustzone Hoorn-Enkhuizen is gebaat bij het behoud van het kleinschalig en romantisch karakter van het binnendijkse landschap.

De ambities en ontwikkelprincipes voor deze kustzone zijn erop gericht om ruimtelijke ontwikkelingen zorgvuldig in te passen in het kleinschalige landschap en in de linten en om de bijzondere elementen zoals boomgaarden te behouden. De vrije ligging van de linten in het open landschap, zoals bij

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

10

Schellinkhout, dient te worden behouden en het landschap langs de linten niet te worden verdicht. Het regelmatig het zicht op het open en kleinschalige polderlandschap vanaf de (niet geheel dichtbebouwde) linten dient daarbij te worden behouden. De planontwikkeling is op 29 november 2022 en op 16 mei 2023 gepresenteerd aan de ARO. De ARO heeft bij de laatste prestentatie ingestemd met de voorgestelde indicatieve verkavelingsopzet en nog een aantal suggesties gedaan voor de nadere uitwerking daarvan. De planontwikkeling past daarmee binnen de in artikel 6.59 van de Omgevingsverordening NoordHolland 2020 geformuleerde uitgangspunten.

2.3.

Regionaal beleid

2.3.1. Regionale Woonvisie West-Friesland Drechterland maakt onderdeel uit van de regio West-Friesland. De regio heeft in 2017 een Regionale Woonvisie West-Friesland vervaardigd, die door de gemeenteraad van Drechterland is vastgesteld. Deze Woonvisie voor West-Friesland brengt de actuele situatie van de woningmarkt in beeld en geeft het beleid voor de korte termijn (tot 2020) en de middellange termijn (tot 2030) op hoofdlijnen aan. De Woonvisie benoemt welke richting de Westfriese gemeenten met de woningmarkt op willen en waar rekening mee gehouden moet worden. Doel van deze Woonvisie is om de Westfriese bevolking naar wens en tevredenheid te laten wonen en zoveel mogelijk een breed scala aan woonwensen en woningbehoefte van de inwoners binnen de regio te realiseren. West-Friesland wil behoren tot de 10 beste woonregio's van Nederland en wil door deze aantrekkelijkheid ook huishoudens uit andere regio's aantrekken. Dit doen we door vraaggericht complementaire woningen en woonmilieus aan te bieden. De Woonvisie zet in op de volgende speerpunten: ▪ bestaande voorraad kwaliteit en aantrekkelijkheid op peil houden en uitbouwen.

Hieronder valt ook het verbeteren van de kwaliteit van het openbaar gebied, omdat dit een positief effect heeft op de leefbaarheid; ▪ vitale kernen richten op kansrijke producten en locaties; ▪ nieuwbouw vooral inzetten op onderscheidende en complementaire producten. Transformatie van vrijkomend vastgoed wordt gefaciliteerd; ▪ scheiden wonen en zorg: langer zelfstandig wonen bevorderen; ▪ flexibel kader houvast voor de regio en ruimte voor marktinitiatieven. De realisatie van woningen in het onderhavige plangebied draagt bij aan de vitaliteit van Venhuizen. Door het gevarieerde woningaanbod wordt een woonwijk gemaakt voor een diverse groep woningzoekenden.

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

11

2.3.2. Woonakkoord 2020-2025 regio Westfriesland en Provincie Noord-Holland Het Woonakkoord 2020-2025 regio Westfriesland en Provincie Noord-Holland is een akkoord dat is gesloten tussen de 7 gemeenten in de regio West-Friesland. In dit eerste deel van het Woonakkoord zijn de opgaven voor wonen en bouwen geformuleerd. De opgaven zijn in samenhang met andere opgaven bekeken, zoals mobiliteit en klimaat. Uitgangspunt bij het invullen van de woningbouwopgave is binnenstedelijk en rond OV-locaties bouwen. Voor een gevarieerd woonmilieu en het aanbieden van een complementair woningbouwprogramma maken buitenstedelijke plannen, conform de woonagenda van de provincie, ook onderdeel uit van dit woonakkoord. Ook in aanmerking genomen dat de provincie in haar woonagenda heeft opgenomen dat ze de woningbouw wil versnellen en aanjagen. Conform de Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 wordt de woningbouw vooral in of aansluitend op de bestaande verstedelijkte gebieden gepland. Ook de voorzieningen en leefbaarheid in kleine(re) kernen verdienen aandacht, evenals de bescherming en ontwikkeling van het landschap. De nieuwbouw moet toekomstbestendig worden gebouwd. Ook voor het woonakkoord geldt de doelstelling dat de regio tot doel heeft om de inwoners van Westfriesland naar wens en tevredenheid te laten wonen en een breed scala aan woonwensen binnen de regio te realiseren.

Zo kan Westfriesland tot de 10 beste woonregio's van Nederland behoren en ook huishoudens uit andere regio's aantrekken. De regio zet hiertoe in op: ▪ versnelling van de woningbouwopgave met een betaalbaar, aantrekkelijk en duurzaam woonaanbod voor iedere doelgroep; ▪ het op peil houden en uitbouwen van de kwaliteit en aantrekkelijkheid van de bestaande voorraad; ▪ leefbaar en bereikbaar Westfriesland tot in de kern; ▪ onderscheidende en complementaire nieuwbouw producten; ▪ langer zelfstandig wonen bevorderen; ▪ werken met een flexibel kader dat de regio houvast biedt en ruimte laat voor marktinitiatieven. Het doel van Westfriesland sluit ook aan bij de ambities in Noord-Holland Noord (NHN). NHN wil zich verder ontwikkelen als krachtige regio met aantrekkelijke steden, hoogwaardige ovknooppunten, goede verbindingen, unieke landschappen, fijne woondorpen en een sterke economische structuur. De ambitie, zoals onder andere verwoord in de propositie “Wonen in Noord-Holland Noord” en in de Woondeal Noord-Holland Noord, is mede gericht op het vasthouden van huidige bewoners en het verleiden van huidige inwoners van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) om naar de regio NHN te gaan verhuizen. De kwalitatieve aanpak waar Westfriesland aan werkt, sluit hier goed op aan. De provinciale bevolkingsprognose stelt als indicatieve woningbehoefte 7.150 woningen voor de periode 2019-2030.

Hiervoor dienen de komende jaren jaarlijks 800-900 woningen te worden

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

12

gebouwd. De regio gaat jaarlijks minimaal 900 woningen opleveren. De regio heeft 8.000 woningen (hard en zacht) aan plannen tot 2030. Op papier is voldoende plancapaciteit aanwezig om te voldoen aan de woningbehoefte van 7.150 woningen en de jaarlijkse doelstelling van 900 woningen. Hierbij wordt rekening gehouden met vertraging en mogelijk planuitval. Onduidelijk is wanneer zachte plannen hard gemaakt kunnen worden. Het is daarom belangrijk om een relatief grote hoeveelheid zachte plannen in de voorraad te hebben, voldoende zachte plannen op korte termijn tijd hard te maken en de plannen voortvarend tot uitvoer te brengen. In het Woonakkoord wordt onderscheid gemaakt tussen drie type locaties: ▪ buitenstedelijk klein (tot en met 11 woningen); ▪ buitenstedelijk groot (vanaf 12 woningen); ▪ binnenstedelijk. Het plangebied Venhuizen Centrum-West behoort met maximaal 280 woningen tot buitenstedelijk groot (vanaf 12 woningen). Grootschalige woningbouw in het landelijk gebied volgt de Rijksladder voor duurzame verstedelijking. De provincie zet in op voorkantsamenwerking en denkt vroegtijdig mee over nieuwe woningbouwlocaties. Voor deze plannen is ook regionale afstemming nodig. De regio werkt hiervoor met hun afwegingskader woningbouw (2019) of diens opvolger.

Ook voor deze locaties geldt dat ze landschappelijk goed onderbouwd en ingepast moeten worden, bijvoorbeeld met advies van de ARO of PARK. De provinciale Leidraad Landschap en Cultuurhistorie geeft hier richtlijnen voor. De regio past voor de plattelandsgemeenten het vitale kernenbeleid toe. Zo beschermt de regio het landschap en de biodiversiteit. De opgave in het buitenstedelijk gebied is deels voor de eigen bevolkingsgroei en deels voor de groeiambitie. De Monitor Plancapaciteit heeft als doel actueel in beeld te hebben wat de capaciteit in woningbouwplannen is binnen de provincie Noord-Holland en de Metropoolregio Amsterdam. In de Monitor Plancapaciteit zijn voor het onderhavige plangebied 250 woningen opgenomen. De locatie is daarmee regionaal afgestemd. De planontwikkeling voldoet derhalve aan het regionaal Woonakkoord. 2.3.3. Afwegingskader Wonen Westfriesland 2021 Het afwegingskader Wonen Westfriesland 2021 is de basis voor de kwalitatieve en kwantitatieve woningbouwprogrammering. Alle uit te werken harde en zachte woningbouwplannen onderbouwen, beoordelen en stemmen de gemeenten regionaal af aan de hand van de criteria in dit afwegingskader.

De regio Westfriesland geeft met dit Afwegingskader en met de regionale woningbouwprogrammering invulling aan de regionale ambitie (woonvisie en woonakkoord) en maakt hierbij een zorgvuldige afweging van woningbouwplannen (op basis van de uitgangspunten van de ladder voor duurzame verstedelijking). Daarnaast geeft de regio invulling aan provinciaal beleid van regionale afstemming, conform de provinciale omgevingsverordening. In het kader van laddermotivaties wordt verwezen naar de onderbouwing van de criteria uit dit afwegingskader, de regionale woningbouwprogrammering en het bestuurlijk akkoord van de regio (in de VVRE) om aan te geven dat er regionaal is afgestemd.

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

13

Uitgangspunt is dat woningbouw primair binnenstedelijk plaatsvindt, tenzij dit om uiteenlopende redenen niet mogelijk is. De provinciale Omgevingsverordening bevat een kaart met daarop aangegeven het landelijk gebied. In paragraaf 2.2.2 is erop ingegaan waarom het woningbouwprogramma in dit geval niet binnenstedelijk kan worden gerealiseerd. De Westfriese basis De kwantitatieve behoefte zoals genoemd in de basis wordt bepaald door de ambitie van 16.000 woningen aan zachte plancapaciteit. Alle gemeenten dragen bij aan het ontwikkelen en uitvoeren van voldoende plannen. Aansluitend op de regionale structuurschets zetten de gemeenten in op krachtige kernen in de regio. Inzetten op krachtige kernen in de regio betekent dat de gemeenten haar bestaande sterke kernen sterk willen houden. Daarvoor hebben deze kernen een bepaalde massa nodig die een bepaald niveau aan voorzieningen kan garanderen. Daar profiteren omliggende (kleinere) kernen weer van. Het inzetten op krachtige kernen houdt overigens niet in dat er in kleinere kernen niet meer gebouwd mag worden. De gemeenten spreken af dat minimaal 70% van de woningbouwplannen in onderstaande krachtige kernen gebouwd worden. Alleen Venhuizen en Hoogkarspel zijn in Drechterland aangewezen als krachtige kernen.

Het Westfries vooruitdenken Met dit onderdeel van het kader geeft de regio invulling aan haar gezamenlijke ambities uit de regionale woonvisie, het woonakkoord dat we met de provincie zijn overeengekomen en het Pact 7.1 van Westfriesland. De regio wil een kwaliteitsimpuls geven en hebben afgesproken dat een inspanningsverplichting geldt om minimaal 4 van de 8 ambities te realiseren. Die ambities zijn aangegeven in afbeelding 3. Afbeelding 3 Westfriese vooruitdenken. 1

Het plan levert een positieve bijdrage aan betaalbaar wonen.

2

Het plan voorziet in woningen in de vrijehuursector voor middeninkomens. Het plan levert een bijdrage aan het langer zelfstandig wonen. Het plan is circulair en energieneutraal.

3 4 5

Het plan draagt bij aan klimaatadaptatie, een gezonde leefomgeving en verbetering van de natuur en het landschap.

6

Nieuwe woningbouw wordt zoveel mogelijk gerealiseerd in de nabijheid van een OV-knooppunt.

7

Het plan draagt bij aan de versnelling van de woningbouwproductie in Westfriesland. Het plan draagt bij aan de aantrekkingskracht van de regio door het bieden van een aantrekkelijke onderscheidende woonomgeving.

8

√

√

√

√ √

Toelichting, verwijzen naar sociale huur/betaalbare koop (< 85% NHG-grens), score bij minimaal 30% van totale plan Toelichting, verwijzen naar vrije sector huur, score bij minimaal 10% van totale plan Toelichting, score bij minimaal 30% rollatorgeschikte woningen Toelichting, score indien het woningbouwplan voldoet aan elk van de benoemde elementen Toelichting, score bij minimaal 2 maatregelen die aansluiten bij de klimaatstresstest en de locatie qua landschap en (potentiële) natuurwaarden en bijdragen aan de gezondheid van de bewoners Toelichting, score bij binnen een straal van 1,2 km rondom ov-knooppunt of maximaal 10 minuten fietsafstand van OV-knooppunt Toelichting, score bij contractuele afspraken over start bouw binnen 3 jaar na initiatief Toelichting, score bij minimaal 30% innovatieve woonmilieus

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

14

Uit het bouwprogramma (zie paragraaf 3.6) blijkt dat aan de ambities 1 en 3 wordt voldaan. Ook aan ambitie 5 wordt voldaan, zoals blijkt de paragrafen 3.3.4 en 4.1. De initiatiefnemers hebben het voornemen om te starten met de bouwwerkzaamheden zodra onderhavig bestemmingsplan onherroepelijk is. Daarmee wordt ook aan ambitie 7 voldaan. Ten slotte wordt ingezet op passende woonvormen voor senioren en woonzorgconcepten. Daardoor wordt er voldaan aan ambitie 8.

2.4.

Gemeentelijk beleid

2.4.1. Structuurvisie landschap De gemeenteraad van Drechterland heeft op 23 mei 2011 de Structuurvisie Landschap vastgesteld. De structuurvisie biedt op hoofdlijnen de beleidskaders ten aanzien van het landschap in de gemeente Drechterland. De visie dient als kapstok voor uitwerkingen en bestemmingsplannen en dient als basis voor de afweging van initiatieven uit de markt. De structuurvisie omschrijft de ontstaansgeschiedenis, de huidige ruimtelijke situatie en de kwaliteiten en knelpunten van het buitengebied. Op basis daarvan is het buitengebied onderverdeeld in drie deelgebieden/ambitieniveaus: behouden en versterken, geleidelijk transformeren en vernieuwen. Afbeelding 4: Visie Landschap.

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

15

Het plangebied maakt deel uit van het deelgebied met het ambitieniveau 'behouden en versterken'. Deze ambitie is toegekend aan dit gebied omdat de hoofdstructuur in dit gebied bestaande uit wegen, wegbeplanting en vaarten een sterk kader biedt, maar dat de in dit gebied voorkomende bebouwing hier niet goed is ingepast. In deze zone ligt grootschalige bebouwing 'kaal' in het landschap en is weinig verwantschap aanwezig met de rest van het buitengebied. Daarnaast zijn in dit gebied nog enkele randen van het dorp Venhuizen die om verbetering vragen. De Hemmerbuurt en het Westeinde zijn aangeduid als cultuurhistorisch lint. De cultuurhistorische linten met de daarmee samenhangende en nog goed herkenbare verkavelingsstructuur en openheid vormen de kwaliteiten van het landschap. Voor het deelgebied 'geleidelijke transformatie' zijn uitgangspunten geformuleerd (zie afbeelding 5). Deze uitgangspunten zijn in het algemeen gericht op kleinschaliger ingrepen dan een nieuwe woonwijk. Bij het stedenbouwkundig plan voor de nieuwe ontwikkeling is de opgestrekte noord-zuid gerichte verkaveling als belangrijk uitgangspunt gehanteerd. Dit is onder meer afleesbaar uit de water- en groenstructuur in de nieuwe woonwijk en door de oriëntatie van de bebouwing op de verkavelingsstructuur. Afbeelding 5: Uitgangspunten deelgebied geleidelijk transformeren. Landschappelijke karakteristiek

▪

halfopen gebied met door wegbeplanting ondersteunde nieuwe linten en opstrekkend verkavelingspatroon

Openheid

▪

de zichtbaarheid van de opstrekkende verkaveling vanaf de openbare wegen behouden en versterken

Water

▪ ▪ ▪

bestaande krachtige hoofdvaarten behouden opstrekkend verkavelingspatroon behouden en zo mogelijk versterken. nieuw water realiseren door brede kavelsloten in de opstrek vanaf de hoofdvaarten tot de nieuwe linten in de omgeving van Venhuizen en de Gouw

Wegen en dijken

▪

Westfriesedijk met bijbehorende open zone behouden. Aandacht voor het zicht vanaf de dijk: zie beplanting behoud relatief rechtlijnige ruilverkavelingswegen met royale profielen en waterlopen aan weerskanten

▪

Beplanting

▪ ▪ ▪

behoud stevige wegbeplantingen stimuleren beplantingen op erven woningen (solitaire bomen) uitgaan van erfbeplanting bij (agrarische) bedrijfsbebouwing langs zij- en achtergrens.

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

16

Bebouwing in linten

▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Bebouwing op agrarische/bedrijfserven

Bebouwing algemeen

▪

behoud bebouwingpatroon met woningen op door sloten omgeven percelen op afstand van de weg bij invulplekken rooilijnen omgeving respecteren (in rooilijn of erachter bouwen) gerichtheid van bebouwing neutraal of transformeren naar de kavelrichting. Bebouwing in één bouwlaag met kap structurele doorzichten naar achterliggend gebied respecteren voor zover dit door realisering van landschapversterkende groen- en waterelementen een duidelijke meerwaarde heeft voor de omgeving is toevoeging van linten in dit deelgebied mogelijk. Dergelijke linten moeten geënt zijn op de nu aanwezige waterstructuur

▪

verdere schaalvergroting alleen onder voorwaarden van structurele ingrepen in water en groen (opvaarten naar hoofdvaarten in kavelrichting, erfbeplanting langs zij- en achtergrens) nokrichting in de richting van de opstrek

▪

materialen in gedekte aardse kleuren die zich voegen in het landschap

Voor de waterhuishouding geldt als algemeen uitgangspunt dat bij het creëren van waterberging wordt aangesloten bij bestaande kenmerkende waterpatronen van vaarten loodrecht op linten en verzamelvaarten die min of meer parallel aan de linten lopen. Nieuwe vaarten dienen in verbinding te staan met de hoofdvaarten. Ook door het aanleggen van een verlaagde oever die als overloopgebied kan functioneren kan eventueel worden voorzien in waterberging. Ook dit uitgangspunt is gehanteerd bij de vervaardiging van het stedenbouwkundig plan voor de nieuwe woonwijk. Door aan te sluiten bij de karakteristieken van het landschap wordt een woonwijk gerealiseerd die passend is in dit gebied. 2.4.2. Woonprogramma 2021 - 2025 Op 27 september 2021 heeft de gemeenteraad het Woonprogramma 2021-2025 Drechterland 'Prettig wonen in vitale dorpen' vastgesteld. Het woonprogramma beschrijft op hoofdlijnen het woonbeleid voor de periode 2021-2025 van de gemeente Drechterland. Doelstelling van het woonbeleid is het behouden van vitale dorpen, waar mensen prettig kunnen leven, wonen en werken. Daarvoor zijn woningen een belangrijke voorwaarde. Dit woonprogramma start met een analyse van de gemeente en beschrijft vervolgens de belangrijkste zes thema's. Per dorp staat het woonbeleid voor de komende vijf jaar kort samengevat.

Per thema zijn de belangrijkste doelstellingen benoemd: ▪ Thema 1: kwalitatieve woningbouwopgave:  meer variatie in de woningbouw, complementair aan het huidige bezit;  meer kleinere (60-70 m2), toegankelijke woningen, levensloopbestendig en doelgroep neutraal;  stimuleren doorstroming in koop- en huurwoningen zodat meer woningen voor starters beschikbaar komen;

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

17

▪

▪

▪

▪

▪

behoefte gestuurd bouwen. Extra aandacht voor betaalbare woningen, doelgroepen en de bijhorende woonwensen;  een passende starterslening. Thema 2: wonen en zorg:  meer passende woningen voor senioren, huur- en koop en meer ruimte voor kleinschalige woon-, zorginitiatieven;  maatwerk en differentiatie per dorp of kern;  duidelijke uitgangspunten om voldoende passende woningen te realiseren die geschikt zijn om zorg te ontvangen;  woningen voor senioren en mensen met een zorgbehoefte vooral in de omgeving van voorzieningen, of met onderlinge ondersteuning in de buurt als deze woningen buiten de kern staan. Thema 3: evenwichtige wijken en dorpen:  gedifferentieerde wijken met een mix en spreiding van koop- en huurwoningen;  problemen in wijken opvangen, zoeken naar alternatieven (koop voor huur en andersom), en afspraken over leefomgeving met corporaties en handhaving;  plan van aanpak met een wijkaanpak voor wijken die extra aandacht behoeven;  een regionaal beleid op de huisvesting van arbeidsmigranten. Thema 4: voldoende aanbod aan sociale huurwoningen:  streven naar een actieve zoekduur van gemiddeld 3 jaar;  meer kansen voor starters (jongeren die het huis uit willen);  jaarlijks actualiseren van de prestatieafspraken via jaarschijven.

Thema 5: kwantitatieve woningbouwopgave:  versnellen van de woningbouw;  gerealiseerde nieuwbouw leidt tot meer doorstroming;  starters maken meer kans op een huur- of koopwoning. Thema 6: duurzaamheid:  nieuwbouwwoningen in Drechterland worden klimaat adaptief en circulair gebouwd;  bestaande woningen worden zo veel, en zo snel als haalbaar is verduurzaamd;  corporatiewoningen zijn gemiddeld label A in 2025.

Op de programmering wordt ingegaan in paragraaf 3.6 van deze toelichting. 2.4.3. Welstandsnota Drechterland De Welstandsnota Drechterland is op 27 juni 2011 vastgesteld door de gemeenteraad. Het welstandsbeleid geeft de gemeente de mogelijkheid om de cultuurhistorische, stedenbouwkundige en architectonische waarden die in een bepaald gebied aanwezig zijn te benoemen en een rol te laten spelen bij de ontwikkeling en de beoordeling van bouwplannen. Door deze gebiedsgerichte aanpak wil de gemeente de belangrijke karakteristieken van de bebouwing beschermen en zorgen dat nieuwe ontwikkelingen daarop voortbouwen. De gebiedsgerichte aanpak zal eveneens een bijdrage kunnen leveren aan een bewustere omgang met de gebouwde omgeving.

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

18

De welstandsnota bevat geen welstandscriteria voor grotere (her)ontwikkelingsprojecten die de bestaande ruimtelijke structuur en karakteristiek doorbreken. Dergelijke welstandscriteria kunnen namelijk niet worden opgesteld zonder dat er een concreet stedenbouwkundig plan aan ten grondslag ligt. Zodra een dergelijk (her)ontwikkelingsproject aan de orde is, zal de gemeente de welstandscriteria daarvoor, als aanvulling op de welstandsnota, vaststellen. Voor de ontwikkeling van het plangebied Venhuizen Centrum-West zal daarom een beeldkwaliteitplan worden vervaardigd dat als aanvulling op de welstandsnota zal worden vastgesteld. 2.4.4. Landschapsvisie Polder Drieban De Landschapsvisie Polder Drieban is vastgesteld op 29 juni 2020. Deze visie heeft met name betrekking op het zorgvuldig landschappelijk inpassen van groeiende (agrarische) bedrijven en niet op het inpassen van nieuwe woningbouwlocaties. Uit de landschappelijke analyse blijkt dat er sprake is van een diversiteit aan linten (oud, nieuw, spoorlijn, oost-west en noord-zuid). Met name de Omringdijk en de zone daarlangs worden hoog gewaardeerd. Ook zichtlijnen door de linten naar het achterliggende landschap zijn van belang. Onder meer hierdoor heeft het landschap een heldere structuur.

Voor de ontwikkelingsmogelijkheden is het van belang die sterke linten met groene beleving (voorerven, bomen, groene bermen, watergangen) te bewaren en ook om zichtlijnen te behouden vanaf de wegen het land in. 2.4.5. Visie op Drechterland en haar kernen Op 31 mei 2021 heeft de gemeenteraad de Visie op Drechterland en haar kernen vastgesteld. In de visie wordt omschreven hoe het gemeentebestuur de gemeente Drechterland en haar afzonderlijke kernen voor de langere termijn leefbaar en vitaal wil maken en houden. De centrale visie op Drechterland richting 2030 als volgt worden omschreven: "Drechterland, een vitale, aantrekkelijke en duurzame gemeente om in te leven, te wonen en te werken." Voor wat betreft het thema 'Wonen en huisvesten' ontwikkelt Drechterland zich richting 2030 een compleet en divers woonaanbod, met bijzondere aandacht voor starters en senioren, behoud van groene buffers en woonkwaliteit. De bijdrage aan de regionale woningbouwopgave wordt in de (groei)kernen Hoogkarspel en Venhuizen gerealiseerd. In de overige kernen wordt, om bij te dragen aan de leefbaarheid in een kern, hoofdzakelijk voor 'eigen behoefte' gebouwd, waarbij inbreiding voor uitbreiding gaat. Een kwalitatief en kwantitatief woningbouwbeleid draagt ertoe bij dat de lokale en regionale woningbehoefte zo goed mogelijk wordt geaccommodeerd.

De woningmarkt laat voor Drechterland een stijgende woonbehoefte zien tot 2030. De prognose van de provincie Noord-Holland houdt, tot 2030, rekening met een netto uitbreiding van circa 700 woningen in Drechterland voor de eigen woningbouwbehoefte. Daarnaast zijn er regionale afspraken met de provincie gemaakt in het Woonakkoord om te streven naar 16.000 woningen in zachte plancapaciteit tot 2030 op Westfries niveau. Ook Drechterland zal hiervan een deel voor haar rekening moeten nemen.

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

19

Het woningbouwbeleid is gebaseerd op kwaliteit, flexibiliteit en onderscheidenheid. Kwaliteit geldt zowel voor betaalbare (sociale) woningbouw als voor het duurdere segmenten. Bij de schaal van woningbouw wordt rekening gehouden met de menselijke maat en het dorpse karakter van een kern. De gemeente Drechterland durft ruimte te bieden om met vernieuwende en onderscheidende concepten te komen. Drechterland groeit op die manier uit tot een plek waar elke Drechterlander kan wonen, en elke Nederlander wil wonen. Drechterland stimuleert en faciliteert woningbouw om tegemoet te komen aan de woonwensen van de inwoners. Woningbouw doen we zoveel mogelijk vraaggericht en toekomstgericht. Dit betekent dat er gekeken wordt naar de opbouw van de bevolking en de daarbij behorende behoefte. Een gedifferentieerd woningaanbod passend bij de diverse doelgroepen is van belang. Met name levensloopbestendige en duurzame woningen krijgen prioriteit. Flexibel en nabij voorzieningen zijn het uitgangspunt. Hiermee wordt voorzien in de vraag van met name starters en senioren. Daarnaast wordt, gelet op de bevolkingsontwikkeling, een woonaanbod in combinatie met zorg, zodat mensen zo veel mogelijk zelfstandig kunnen (blijven) wonen met de noodzakelijke voorzieningen in de buurt, gestimuleerd. De gemeente vervult een kaderstellende rol en de invulling is aan de markt.

Duurzaam bouwen en verbetering van het woonklimaat zijn uitgangspunten. In 2030 blijft het onderwerp duurzaamheid daarbij een prominente rol op de gemeenschappelijke agenda innemen. Het gemeentebestuur zet in op circulariteit en stimuleren de verduurzaming van mobiliteit. De biodiversiteit wordt op een doordachte manier verbeterd. Inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers worden gestimuleerd en gefaciliteerd om een zo groot mogelijke gedragsverandering te creëren. De realisatie van ongeveer 280 woningen in het plangebied Venhuizen Centrum-West draagt bij aan de het invullen van zowel de lokale als de regionale woningbehoefte. Het programma wordt zowel in kwalitatief als in kwantitatief opzicht afgestemd op de vraag, waarbij een duurzame ontwikkeling voorop staat. De planontwikkeling draagt daardoor bij aan de realisatie van de doelstellingen van de visie. 2.4.6. Bouwstenen Omgevingsvisie Als voorbereiding op de Omgevingsvisie is de nota Bouwstenen Omgevingsvisie op 25 oktober 2021 door de gemeenteraad van Drechterland vastgesteld. In die nota zijn de resultaten van het participatietraject opgenomen, dat de gemeente Drechterland in 2021 heeft gehouden met betrekking tot die te vervaardigen Omgevingsvisie. De antwoorden hebben opvallend veel overeenkomsten. In één zin samengevat: aantrekkelijk wonen in een vitale en duurzame omgeving met rust en ruimte.

De omgevingsvisie gaat over de gehele leefomgeving van Drechterland. Vanwege het diverse karakter van het grondgebied en het gebruik daarvan, hebben is dit in de nota onderverdeeld in vijf deelgebieden. Per deelgebied wordt een toekomstbeeld, een 'verhaal' geschetst. De opga-

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

20

ven ('deelaspecten van de kernopgaven, zoals woningbouw en het stimuleren van sport en recreatie') en aanwezige kernkwaliteiten vormen de basis van de ontwikkelrichtingen en kansen waarop wordt ingezet. Elk verhaal bevat ook een aantal handreikingen voor de uitwerking. Met het verhaal 'Dorps leven' wordt ingezet op het versterken van de aanwezige kwaliteit van wonen en leven in de dorpskernen van Drechterland. Toekomstbestendig, met behoud van ruimtelijke kwaliteit ('indeling') en erfgoed. Met het verhaal over 'Vitale wijken in Drechterland' wordt ingezet op toekomstbestendige woonwijken van de groeikernen Hoogkarspel en Venhuizen. Dit verhaal heeft betrekking op een leefbaar, duurzaam en met een passend woningaanbod. Dit gebeurt door het vitaliseren (upgraden, bijvoorbeeld door vernieuwen, verbeteren of verlevendigen) en transformeren (duurzaam maken) van de bestaande woningen, maar ook door het realiseren van nieuwe woningen. Daarbij wordt ook ingezet op levensloopbestendige woningen. De gemeente Drechterland heeft een eigen toekomstverhaal, en verdient als lokaal gebied maatwerk. Tegelijk kan er veel voordeel worden behaald als we overeenkomsten zoeken met de buren binnen SED (Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland). Samenwerking met buurgemeenten en in regionaal verband biedt kansen om de gemeentelijke doelstellingen beter, sneller, soepeler en goedkoper te bereiken.

De locatie Venhuizen Centrum-West is één van de locaties die wordt genoemd om de woningbouwopgave te realiseren. Daarbij wordt gerefereerd aan de Visie op Drechterland en haar kernen (zie paragraaf 2.4.5) waarin Hoogkarspel en Venhuizen worden aangewezen als locaties die het meest geschikt zijn voor extra woningbouw.

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

21

Afbeelding 6: Historische topografie.

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

22

3.

Planbeschrijving

3.1.

Geschiedenis De gemeente Drechterland is onderdeel van West-Friesland. Door het verbinden van lokale dijken ontstond de enorme dijkenring die we tegenwoordig kennen als de Westfriese Omringdijk. Op een kaart van het Hollands Noorderkwartier uit 1288 komt wordt Venhuizen genoemd als Veenhusen. Samen met Hem kreeg Venhuizen in 1414 een gezamenlijk stadsrecht en een rechtbank voor strafzaken en civiele zaken. Tot in de 20e eeuw was Venhuizen een lintdorp. Het lint Venhuizen-Hem slingert met drie haakse hoeken door de noord-zuid verkavelde polder. De bebouwing staat dan nog overwegend langs de linten. Bij kruisingen dijken / bebouwingslinten en watergangen (die als een raster over de polder liggen) ontstaan bebouwingskernen met centrumfuncties, zoals bij de kruising van de wegen Twijver-Hemmerbuurt/Westeinde en de watergang Hemmerbuurtkadijk waar de huidige dorpskern rondom de katholieke kerk is ontstaan. Noordelijker vormt zich bij de kruising Westerkerkweg-Kerkweg en het kerkwater een tweede kern rondom de protestantse kerk. Het merendeel van het transport van personen en (landbouw) goederen werd tot 1900 via het water georganiseerd. Het oude lint wordt gekenmerkt door monumentale stolpen. In Venhuizen, in de bocht van het Westeinde en de Twijver, staat het Koggehuis. Dit is het oude raadhuis gebouwd medio 18e eeuw. Hier schuin tegenover staat de St. Lucaskerk.

Deze stamt uit 1956 en is in traditionalistische stijl gebouwd. In 1913 werd Venhuizen op de spoorverbinding tussen Hoorn en Bovenkarspel-Grootebroek aangesloten. Er waren drie haltes in het dorp. In 1935 werd de lijn opgeheven vanwege de opkomst van privé autobezit. Vanaf 1950 zijn er kleine buurtjes ten oosten van de Twijver en aan de Kadijk gebouwd. Deze groeiden in de loop der jaren aan elkaar waarmee een dorpskern ontstond. De Westerkerkweg is voor het eerst op de topografische kaart van 1974 aangegeven. Na de aanleg van die weg zijn aan weerszijden van de weg agrarische bedrijven gevestigd.

3.2.

Bestaande situatie Het plangebied ligt ten westen van de bebouwde kom van Venhuizen. Veel voorzieningen (Jozefschool, een dorpshuis, de supermarkt en andere winkels, een bankgebouw, de begraafplaats, een tankstation, enzovoort) van Venhuizen liggen aan de Twijver, de weg tussen de Westerkerkweg en het Westeinde. Het plangebied heeft een omvang van circa 10,5 hectare en bestaat uit een aantal kavels die in agrarisch gebruik zijn. In het plangebied staat vrijwel geen bebouwing. Alleen aan de Hemmerbuurt 2a is een bloembollenselectiebedrijf gevestigd en aan de Westerkerkweg staat de bebouwing van een agrarisch bedrijf. Het plangebied is via de Hemmerbuurt (zuidzijde) en de Westerkerkweg (noordzijde) te bereiken. Aan de westzijde grenst het plangebied aan agrarische (tuinbouw) kavels. Vanaf de Westerkerkweg is het plangebied goed zichtbaar. Met name vanaf het

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

23

noordelijk deel vanaf de Twijver zijn er ook nog enkele doorzichten naar het plangebied. Door de bestaande bebouwing en beplantingsstructuren is daarvan in het zuidelijk deel van de Twijver en vanaf het Westeinde/de Hemmerbuurt geen sprake van. Ook ter plaatse van het perceel Hemmerbuurt 2, de enige plek waar het plangebied aan de Hemmerbuurt grenst, is het open agrarisch gebied niet zichtbaar. Het centrum van Venhuizen ligt, vanuit het overgrote deel van de woningen in het dorp gezien, aan de rand van het dorp. Door de centrale ligging in de nabijheid van de voorzieningen is het plangebied geschikt voor de ontwikkeling van een nieuwe woonwijk. Ondanks de korte afstand tussen het ontwikkelgebied en het centrum van het dorp is de bereikbaarheid van deze voorzieningen nu nog niet vanzelfsprekend. Er zijn nog geen plekken waar met nieuwe paden op aan kan worden gesloten. Er wordt onder meer onderzocht hoe er voor langzaam verkeer aangesloten kan worden op het parkeerterrein van de Vomar en op de Sint Lucasstraat. Afbeelding 7: Bestaande situatie.

3.3.

Ruimtelijke beschrijving van het plan

3.3.1. Algemeen Alle bebouwing in het plangebied zal worden gesloopt. In plaats daarvan worden een nieuwe woonwijk gerealiseerd. De ontwikkeling van het plangebied aan de westkant van het centrum zorgt ervoor dat de dorpskern centraler in het dorp komt te liggen. Het is wenselijk om de nieuwe woonwijk op de dorpskern aan te laten sluiten. Ondanks de korte afstand tussen het plangebied en de dorpskern, is de bereikbaarheid van deze voorzieningen, via een directe verbin-

Ontwerp Gemeente Drechterland – Bestemmingsplan Venhuizen Centrum-West

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14687787/1