CConstaterende datDrechterland
Koppel je AI →
Document · PDF

1.5 Begroting 2027-2030 VRNHN

Gemeenteraad 25 juni 2026, gemeente DrechterlandBij agendapunt: Zienswijzen begroting 2027 en jaarrekening 2025 gemeenschappelijke regelingen (2026-29)22.552 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 25

•

•

Naast deze groep, blijven we aandacht besteden aan personen die betrokken zijn bij huiselijk geweld, radicalisering, mensenhandel, afglijdende jeugd, nazorg ex- gedetineerden en andere complexe zorgen veiligheidscasussen. Met het doorontwikkelen van de kennis en expertise van de procesregisseurs kunnen we advies en voorlichting geven aan professionals. Daarnaast kunnen we trends signaleren, die we door kunnen geven aan de bestuurders van de stuurgroep van het Zorg- en Veiligheidshuis.

2.6.2 WAT GAAN WE DOEN Speerpunt coördineren en samenwerken

Bereikt dat

Programma

het programmateam uitvoering geeft aan het vastgestelde

aanpak

personen

met

onbegrepen gedrag

2027

programmaplan 2026 e.v. voor personen met onbegrepen gedrag. Hierbij wordt de nadruk gelegd op het voorkomen van escalatie middels regionale leertafels, tijdige signalering door integrale bemoeizorgteams en het continueren van de realisatie van woonvoorzieningen.

Blijvend werken aan kwaliteit

een plan voor opleiden procesregisseurs is opgesteld. Dit is het

2026-3

laatste punt uit de visie “blijvend werken aan kwaliteit”. Blijvend werken aan kwaliteit

uitvoering geven aan het opgestelde opleidingsplan. Voor verdere

2027

verdieping is landelijke input noodzakelijk. Gemeentelijk specialist radicalisering

een aanvraag voor structurele financiering van de gemeentelijke

2026-3

specialist radicalisering is opgesteld. Die wordt voor 2023 tot en met 2026 deels betaald uit de versterkingsgelden van de NCTV. De aanvraag is om de uren die er nu aan worden besteed in stand te houden. Regionaal specialist radicalisering

Financiële borging van de regionaal specialist radicalisering is gerealiseerd.

2.6.3 WAT GAAT HET KOSTEN Overzicht van baten en lasten Bedragen x €1.000 PDC

Rekening 2025

Bedragen x € 1.000 Primaire begr. 1e Begr.wijz. 2026 2026

Begroting 2027

Baten Projecten en subsidies Overige baten Interne doorbelastingen Totaal baten

85 1.000 1.085

994 994

994 994

1.055 1.055

Lasten Salarissen Diensten en middelen ICT WKR gerelateerde kosten HRM Verrekeningen / Mutaties voorzieningen Totaal lasten

1.373 9 13 21 203 4 1.623

1.501 3 1 15 114 10 1.644

1.501 3 1 15 114 10 1.644

1.515 3 1 17 117 10 1.663

Gerealiseerde resultaat programma

-538

-650

-650

-608

Toelichting Baten en lasten zijn aangepast (indexatie) aan het verwachte prijsniveau van 2027. Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 26

2027

2.7 PROGRAMMA DEKKINGSMIDDELEN TAAKVELDEN VR 2.7.1 2.7.2 2.7.3

Wat willen we bereiken Wat gaan we doen Wat levert het op

2.7.1 WAT WILLEN WE BEREIKEN De bedoeling is om met de bijdragen van de gemeenten en de vergoeding die wordt verkregen uit de BDuR, naast de te genereren specifieke opbrengsten op de verschillende programma’s, een solide dekking op de lange termijn te creëren voor de activiteiten van de veiligheidsregio.

2.7.2 WAT GAAN WE DOEN De activiteiten die de veiligheidsregio onderneemt zijn vastgelegd in de verschillende programma’s.

2.7.3 WAT LEVERT HET OP Overzicht van baten en lasten

PDC

Bedragen x € 1.000 Primaire begr. 1e Begr.wijz. 2026 2026

Rekening 2025

Begroting 2027

Baten BDUR/Rijk/ministerie Dekkingsmiddelen VR taakveld 1.1

9.843 9.843

8.928 8.928

9.228 9.228

10.138 10.138

Bijdragen gemeenten Dekkingsmiddelen VR taakveld 1.1 Dekkingsmiddelen VR taakveld 1.2 Totaal baten

54.223 53.692 531 64.066

57.355 56.807 548 66.283

57.355 56.807 548 66.583

64.513 63.922 591 74.651

-

-

-

-

64.066

66.283

66.583

74.651

Lasten Totaal lasten Gerealiseerde resultaat programma

Toelichting Er ontbreekt een directe relatie tussen de gemeentelijke bijdragen en BDuR enerzijds en de programma’s anderzijds. Zodra deze directe relatie ontbreekt, kunnen baten niet worden toegerekend op het niveau van programma’s en worden deze “centraal” benoemd. Een splitsing op taakveldniveau is wel te geven. BDUR korting In de decembercirculaire 2025 is bevestigd dat de Brede Doeluitkering Rijk (BDuR) voor de veiligheidsregio in 2026 structureel met 10% (=27,7 miljoen) wordt gekort. Het rijk heeft in de decembercirculaire een structurele extra bijdrage BDUR voor “versterking en intensivering van regionale weerbaarheid” van 8 miljoen in 2026 en 25 miljoen voor 2027 toegezegd. Hierdoor is de korting grotendeels gecompenseerd door het Rijk. De ontwikkeling van het BDUR budget wordt opgenomen in de begroting 2027.

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 27

BDUR versterken weerbaarheid De VRNHN heeft in 2025 een regionaal programma ‘versterken weerbaarheid’ ingericht, waarbij de VRNHN zicht richt op: • versterken van onze eigen continuïteit; • inzet van risico- en crisiscommunicatie; • versterking van ons netwerk, vooral gericht op de samenwerking met gemeenten, inwoners, bedrijven en (maatschappelijke) organisaties; • het inrichten van een netwerk van lokale noodsteun- en coördinatiepunten; • aansluiting op lokale initiatieven en partners. In de Voorjaarsnota heeft het kabinet € 70 miljoen vrijgemaakt voor het versterken van de weerbaarheid van de samenleving. Voor de aanwending hiervan is vervolgens een verdelingsvoorstel uitgewerkt, met daarin twee componenten voor de veiligheidsregio’s. Voor noodsteunpunten vanaf 2027 structureel € 35 miljoen. Voor de aanloopfase in 2025 € 5 miljoen en in 2026 € 10 miljoen.

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 28

2. Paragrafen 2.8 BEDRIJFSVOERING 2.8.1 2.8.2 2.8.3

Wat willen we bereiken Wat willen we realiseren Wat gaat het kosten

2.8.1 Wat willen we bereiken Doel Binnen Bedrijfsvoering en het Stafbureau werken experts, adviseurs en uitvoerende medewerkers op specifieke vakgebieden. Hiermee ondersteunen zij alle andere processen in de kolommen brandweerzorg, ambulancezorg, GHOR, Zorg- en Veiligheidshuis, meldkamer en Crisisbeheersing. Experts, adviseurs en uitvoerders werken samen aan een optimale basis waardoor de kolommen hun eigen werk kunnen doen. Bedrijfsvoering is daarbij een (vaak onzichtbaar) ‘autonoom zenuwstelsel’ van de organisatie. Facturen worden betaald, salarissen geregeld, facilitaire taken gedaan, aanbestedingen gelopen, communicatie gerealiseerd, in- door en uitstroom gefaciliteerd etc, etc. Expertise wordt geleverd op het gebied van ICT, informatiemanagement, Communicatie, HRM, Salarisadministratie, Arbozorg, BI, Financiën, Projectmatig werken, Kwaliteit, Juridische Zaken, Facilitair, Huisvesting, Inkoop, Informatieveiligheid en ondersteuning en advisering aan directie en bestuur. Naast reguliere werkzaamheden is Bedrijfsvoerings- en Stafbureau-expertise noodzakelijk bij de diverse projecten die voortvloeien uit het Meerjarenbeleidsplan, de projectenkalender en bij andere aanpassingen in de organisatie bijvoorbeeld als gevolg van gewijzigde wet- en regelgeving.

Organisatiebrede ontwikkelingen Versterken weerbaarheid en veerkracht van de samenleving Tijdens een ramp of crisis is iedereen in de samenleving nodig om deze staande te houden (weerbaarheid) en om weer terug te veren naar de gewenste situatie (veerkracht). De overheid en hulpdiensten kunnen dit niet alleen en daarom is een samenleving die voor zichzelf en voor elkaar kan zorgen cruciaal. Als Veiligheidsregio willen we bijdragen aan deze weerbaarheid en veerkracht van de samenleving. Hiervoor hebben we in 2025 een regionaal programma ‘versterken weerbaarheid’ ingericht. In 2027 blijven we ons richten op: • versterken van onze eigen continuïteit; • inzet van risico- en crisiscommunicatie; • versterking van ons netwerk, vooral gericht op de samenwerking met gemeenten, inwoners, bedrijven en (maatschappelijke) organisaties; • het inrichten van een netwerk van lokale noodsteun- en coördinatiepunten; • aansluiting op lokale initiatieven en partners. Het ambitieniveau binnen deze thema’s is afhankelijk van de financiële middelen die beschikbaar zijn. Afhankelijk van wat aan middelen nodig is in het netwerk van lokale noodsteunpunten (verantwoordelijkheid gemeente) en coördinatiepunten (verantwoordelijkheid VRNHN) verwachten we dat voor het beheer en onderhoud van de coördinatiepunten binnen facilitair extra capaciteit nodig is. Inrichten is eenmalig, onderhoud is structureel.

Daarnaast vraagt het versterken van onze eigen continuïteit investeringen die afhankelijk van het ambitieniveau binnen het huidige personele en exploitatiebudget opgevangen kunnen worden. Door de taakstelling van de gemeenten vanaf 2026 zijn de middelen beperkt en zullen keuzes gemaakt moeten worden. Indien bestuurlijk een hoger ambitieniveau gevraagd wordt zal een investeringsvraag aan het algemeen bestuur voorgelegd worden. Versterken informatiefundament Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 29

De VRNHN heeft sinds de regionalisering in 2015 alleen het hoognodige geïnvesteerd in informatievoorziening om te voldoen aan de minimale eisen van wet- en regelgeving. Tegelijk is er voor de organisatie veel veranderd. Denk aan positie van de Veiligheidsregio’s vanaf de periode van corona, de asielcrisis en de oorlog in Oekraine met veel meer druk de informatieveiligheid en de archivering van besluiten; de toepassing van nieuwe technieken zoals camerasystemen en drones bij de brandweer met als gevolg dat er meer data wordt gegeneerd en opgeslagen; en de noodzaak de operationele systemen in geval van langdurige crisis redundant uit te rusten. De provincie heeft daarnaast als toezichthouder op de archiefwet haar zorgen geuit over het in beheer komen van de informatievoorziening van VRNHN. Het belang van professionalisering van informatievoorziening is beschreven als collectieve opgave in het beleidsplan 2024-2027. Zonder meer regie op informatiebeheer en informatievoorziening ontstaan er risico’s op datalekken, ontoereikende besluitvorming, onvindbare of onjuiste informatie en juridische kwetsbaarheid en voldoen wij niet meer aan wet- en regelgeving. De (provinciale) archiefinspectie heeft ons vorig jaar onder verzwaard toezicht gesteld.

Omdat een verbeterplan is ingediend en de eerste stappen zijn gezet om dit plan uit te voeren, heeft de inspectie haar vertrouwen uitgesproken en het verzwaard toezicht opgeheven onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat het verbeterplan wordt uitgevoerd. Het verbeterplan loopt van 2025 tot en met 2028. Het belang van professionalisering van informatievoorziening is beschreven als collectieve opgave in het beleidsplan 2024-2027. Voor het versterken van het informatiefundament is een extra investering nodig. Tegelijk komt de aanvraag voor deze noodzakelijke gelden op een vervelend moment gezien de financiële uitdagingen waar gemeenten mee te maken hebben. Om tegemoet te komen aan deze situatie, is in de kadernota 2027 fasering toegepast, met het besef dat VR NHN de komende jaren dus nog niet volledig in control is. Absoluut noodzakelijk is om structureel vanaf 2027 voor € 198.000,- te investeren in een senior systeembeheerder en een senior specialist processen. Kosten die daarmee gepaard gaan bedragen € 198.000. De organisatie start een onderzoek om onafhankelijk te kunnen laten vaststellen of en welke extra capaciteit noodzakelijk is wegens o.a. toenemende wet- en regelgeving. Duurzaamheid De ambitie uit het beleidsplan om meer te investeren in duurzaamheid is in de organisatie onderzocht. Er is een nulmeting gedaan en duidelijk is waar VRNHN de meeste winst kan behalen.

Op dit moment vindt een onderzoek plaats naar haalbaarheid van verduurzaming van het wagenpark. De mogelijkheid van de verduurzaming van de voertuigen zal afhankelijk zijn van het kunnen financieren van de hierboven genoemde extra kosten. Een overstap van diesel naar HVO kost qua brandstof zo’n 10% meer. Ook het overschakelen op deels elektrische voertuigen betekent hogere kosten, waarbij nog nader onderzocht moet worden wat haalbaar is t.a.v. de repressie. Dit vereist uitgebreider onderzoek. Op dit moment vindt een onderzoek plaats naar haalbaarheid van verduurzaming van het wagenpark. De mogelijkheid van de verduurzaming van de voertuigen zal afhankelijk zijn van het kunnen financieren van de hierboven genoemde extra kosten. Implementatie landelijke regeling erkenning en aanspraken PTSS als beroepsziekte Op 14 juli 2025 bereikten werkgevers en vakbonden een akkoord over de ‘Regeling erkenning en aanspraken PTSS als beroepsziekte’. Een belangrijke stap naar een betere en gelijke aanpak van Posttraumatische Stressstoornis in alle veiligheidsregio’s. Tot begin 2026 is tijd nodig om te komen tot een uniforme uitvoering van de Regeling PTSS. Daarom gaat de regeling in op 1 februari 2026. Vanaf deze datum kent de regeling een terugwerkende kracht van 5 jaar. In de kadernota 2026 was er nog onduidelijkheid of het ministerie zou bijdragen in de systeemkosten.

Door een unaniem aangenomen motie in de Tweede Kamer is inmiddels duidelijk dat de systeemkosten door het ministerie worden gefinancierd. Wat elke veiligheidsregio zelf moet financieren zijn de arbeidsongeschiktheidskosten en de aanspraken uit de regeling. Op dit moment heeft VR NHN geen medewerkers met diagnose PTSS. Wij hopen van harte dat dit zo blijft. Mochten toch gevallen ontstaan, dan draagt iedere VR de kosten behorend bij de Regeling PTSS, onder andere voor (psychische) hulp, de kosten voor arbeidsongeschiktheid en vergoeding van de aanspraken (de schadelast) van de Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 30

medewerkers/vrijwilligers. Deze kosten zijn per persoon verschillend, al naar gelang de duur en ernst van de uitval en klachten. Als één medewerker niet meer hersteld en na twee jaar in de WIA belandt, moet in de eerste twee jaar rekening worden gehouden met € 140.000 loonkosten, een jaarlijkse aanvulling WIA tot pensioenleeftijd van € 20.000 en € 10.000 euro per jaar aan aanvullende voorzieningen.

2.8.2 Wat willen we realiseren Speerpunt organisatie breed

Bereikt dat

Medewerkersonderzoek

Het medewerkersonderzoek wordt gehouden en met de

2027

uitkomsten wordt onderzocht waar en hoe door ontwikkeling gerealiseerd kan worden. Meerjarig beleidsplan opstellen en

Het meerjarig beleidsplan 2028-2031 is vastgesteld.

2027

de bezuinigingen zijn conform besluit doorgevoerd in de

2026-3

vaststellen Bezuinigingen

activiteiten van de veiligheidsregio. Efficiencyonderzoek

Efficiencyonderzoek veiligheidsregio organisatiebreed is

2026-2

gerealiseerd Informatiemanagement en

doorontwikkeling van informatiemanagement en informatiebeheer

informatiebeheer

ligt op schema conform het verbeterplan die is ingediend bij de

2026-3

archiefinspectie. Het verbeterplan loopt van 2025-2028. Duurzaamheidsagenda

2.8.3

De duurzaamheidsagenda is conform planning gerealiseerd

Wat gaat het kosten

Inleiding De baten en lasten worden in twee verschillende overzichten weergegeven. Het eerste overzicht betreft het totaal aan overhead zoals dat gepresenteerd dient te worden conform de BBV-richtlijnen. Het tweede overzicht geeft voor de begroting een splitsing naar het programma ambulancezorg, de overige VRprogramma’s en directie/bedrijfsvoering. Hierdoor wordt duidelijk wat bedrijfsvoering betekent voor de omvang van de overhead. Na het eerste overzicht volgen, indien nodig, korte toelichtingen op grote afwijkingen. Het tweede overzicht is informatief opgenomen.

Overzicht van baten en lasten overhead

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 31

2026-3

Bedragen x €1.000 PDC

Rekening 2025

Bedragen x € 1.000 Primaire begr. 1e Begr.wijz. 2026 2026

Begroting 2027

Baten Projecten en subsidies Overige baten Interne doorbelastingen Totaal baten

258 1.255 1.513

916 196 1.112

916 196 1.112

914 196 1.110

Lasten Salarissen Huisvesting Diensten en middelen ICT WKR gerelateerde kosten Wagenpark HRM Financiën Verzekeringen Communicatie Kwaliteit en Informatie Verrekeningen / Mutaties voorzieningen Totaal lasten

12.973 1.340 571 1.887 849 46 1.888 114 247 203 262 344 20.724

14.265 1.335 483 2.576 751 45 1.184 133 299 238 96 161 21.566

14.289 1.335 504 2.411 751 45 1.200 133 299 242 261 161 21.631

14.882 1.361 518 2.313 751 56 1.376 142 306 248 436 161 22.550

Gerealiseerde resultaat bedrijfsvoering/overhead

-19.211

-20.454

-20.519

-21.440

2.618

2.712

2.712

2.835

-16.593

-17.742

-17.807

-18.605

Aandeel ambulancezorg in overhead Resultaat overhead excl. aandeel ov. progr.

Toelichting Bij de salarissen is rekening gehouden met een stijging veroorzaakt door afgesloten cao en enige uitbreiding in relatie tot het MJOP brandweer. Het aandeel van ambulancezorg in de overhead wordt tegenwoordig vastgesteld op 10% van de totale lasten van de ambulancezorg. Op aangeven van de inspecteur Vennootschapsbelasting dient dit wel consistent te worden toegepast bij de toetsing van mogelijke Vpb-plicht voor het programma ambulancezorg.

Splitsing naar onderdelen

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 32

Bedragen x €1.000 PDC Baten Overige baten Interne doorbelastingen Totaal baten

Bedragen x € 1.000 Ambulance- VR-Overige Bedrijfszorg programma's Directie voering

Begroting 2027

-

-

-

914 196 1.110

914 196 1.110

Lasten Salarissen Huisvesting Diensten en middelen ICT WKR gerelateerde kosten Wagenpark HRM Financiën Verzekeringen Communicatie Kwaliteit en Informatie Verrekeningen / Mutaties voorzieningen Totaal lasten

687 28 16 2 733

2.175 378 5 -1 10 2.567

1.911 81 46 25 84 10 2.157

10.109 1.361 437 2.313 299 31 1.371 43 306 248 436 139 17.093

14.882 1.361 518 2.313 751 56 1.376 142 306 248 436 161 22.550

Gerealiseerde resultaat bedrijfsvoering/overhead

-733

-2.567

-2.157

-15.983

-21.440

Aandeel ambulancezorg in overhead

733

-

-

2.102

2.835

Resultaat overhead VR exclusief Ambu

-

-2.567

-2.157

-13.881

-18.605

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 33

2.9 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING 2.9.1 2.9.2 2.9.3 2.9.4 2.9.5 2.9.6

Inleiding Beschikbare weerstandscapaciteit Financiële risico’s Benodigde weerstandscapaciteit Verzekeringen en voorzieningen Kengetallen financiële positie

2.9.1 INLEIDING Het weerstandsvermogen is te definiëren als het vermogen om niet-structurele financiële risico’s op te kunnen vangen ten einde de taken van de organisatie te kunnen voortzetten. Het weerstandsvermogen is van belang voor het bepalen van de gezondheid van de financiële positie van de organisatie. Op grond van artikel 29 van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Noord Holland Noord dragen de gemeenten bij in de lasten van deze organisatie voor zover zij niet worden bestreden uit de opbrengsten van andere vergoedingen. De 16 deelnemende gemeenten vormen als het ware de weerstandscapaciteit. Op basis van de uitgangspunten gemeenschappelijke regelingen is een beperkte algemene reserve toegestaan. Als richtlijn geldt maximaal 2,5% van de exploitatielasten. Dit komt op basis van de jaarstukken 2025 (lasten exclusief ambulancezorg € 70.998.000) neer op een bedrag van € 1.775.000. Bij zwaarwegende argumenten is afwijking van deze richtlijn mogelijk. Daarnaast bestaat binnen de organisatie de Ambulancezorg die niet door de gemeentelijke bijdrage wordt gefinancierd, maar door bijdragen van de zorgverzekeraars (NZa). Door de verbeterde financiering in het algemeen en verruiming van vergoedingen voor de huisvesting in het bijzonder, is het mogelijk om voor dit bedrijfsonderdeel een aparte algemene reserve aan te houden.

Hierdoor wordt ook richting de NZa duidelijker zichtbaar dat geld afkomstig van de zorgverzekeraars ook daadwerkelijk alleen wordt ingezet voor de Ambulancezorg. Deze algemene reserve kent vooralsnog geen beperkingen. Beide algemene reserves maken onderdeel uit van de beschikbare weerstandscapaciteit.

2.9.2 BESCHIKBARE WEERSTANDSCAPACITEIT De beschikbare weerstandscapaciteit op basis van de jaarrekening 2025 bestaat uit: Saldo 1-1-2025 1.523 1.153 2.253 207 5.136

x €1.000 Algemene reserve Veiligheidsregio Algemene reserve Ambulancezorg Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat Totaal reserves Correcties Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves Aan te leggen bestemmingsreserve Gerealiseerde resultaat Beschikbare weerstandscapaciteit

Toevoeging 209 1.186 1.395

Onttrekking 132 239 371

Bestemming resultaat -208 415 -207 -

Bestemde gelden Veiligheidsregio Bestemde gelden Ambulancezorg Bestemde gelden BDuR Vrij besteedbaar Veiligheidsregio (boven 2,5% alg.reserve)

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Saldo 31-12-2025 1.315 1.568 2.330 947 6.160

-200 -2.130 -532 3.298

Pagina 34

2.9.3 FINANCIËLE RISICO’S Een risico is een onzekere gebeurtenis waaruit financiële gevolgen kunnen vloeien, maar waarbij niet duidelijk is of de gebeurtenis gaat gebeuren en hoe groot de financiële gevolgen zullen zijn. Op het moment dat de financiële gevolgen inzichtelijk zijn, worden deze gedekt in de begroting. De mate van risico is opgenomen in 5 klassen: Klasse

%

Waarschijnlijkheid

Toelichting

1.

10%

Zeer klein

Onwaarschijnlijk, kans 1 keer in de 10 jaar.

2.

25%

Klein

Niet waarschijnlijk, kans 1 keer in de 4 jaar.

3.

50%

Middel

Kan beide kanten op, kans 1 keer in de 2 jaar.

4.

75%

Groot

Waarschijnlijk, kan komend jaar voorkomen

5.

95%

Zeer Groot

Zeer waarschijnlijk, zal zich komend jaar voordoen.

De volgende risico’s worden onderkend. Hierbij maken wij de kanttekening dat de gegeven opsomming van risico’s niet limitatief is. Klasse / Financiële Weerstands% impact capaciteit 2 / 25% € 1.500.000 € 375.000

Risico 1. Brandweervrijwilligers van rechtswege overgaan in een arbeidsovereenkomst.

Oorzaak Europese wet-en regelgeving

Gevolg Mogelijk verplichting tot betaling minimum loon, pensioen, betaling bij ziekte, etc.

2. Fiscale naheffing

Niet naleven van fiscale regelgeving

€

500.000 €

250.000

3. Langdurige uitval

PTSS/ Ziekte / ongeval

Mogelijk verplichting tot het 3 / 50% betalen van een fiscale naheffing als gevolg van het niet voldoende naleven van fiscale regelgeving. Hoger dan begrote inhuur 3 / 50% nodig om weggevallen capaciteit op te vangen

€

200.000 €

100.000

4. Langdurige uitval

Posttraumatische Stressstoornis

Medewerker niet meer hersteld en na twee jaar in de WIA belandt.

2/ 25%

€

280.000 €

70.000

Niet kunnen aantrekken Hoger dan geraamde van verpleegkundigen inhuur derden ambulancezorg 6. IT-dreigingen (bijv. virus, IT-beveiliging is Dataverlies en datalekken cyberaanval enz.) onvoldoende tegen alle ITdreigingen

3 / 50%

€

150.000 €

75.000

2 / 25%

€

200.000 €

50.000

7. Materiële en personele schade bij omvangrijke incidenten

Materiële en personele schade bij omvangrijke incidenten

2 / 25%

€

200.000 €

50.000

8. Aanbestedingsclaim

Niet rechtmatig uitvoeren Toewijzen van een van een aanbesteding aanbestedingsclaim

1 / 10%

€

200.000 €

20.000

€

990.000

5. Tekort ambulanceverpleegkundigen

Totaal

Ongedekte uitgaven (niet begroot)

Risico 1. Brandweervrijwilligers van rechtswege overgaan in een arbeidsovereenkomst Burgemeesters Kolff en Depla hebben hun rapport over taakdifferentiatie opgeleverd, waartoe zij in 2018 de opdracht kregen van het Veiligheidsberaad. In het rapport wordt een oplossing geboden om de rechtspositie van brandweervrijwilligers in lijn met Europese wetgeving te brengen, die stelt dat bij gelijk werk gelijke arbeidsvoorwaarden en gelijke betaling geldt, maar ook om het vrijwilligersstelsel te behouden.

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 35

In het rapport wordt voorgesteld om aan de hand van vier bouwstenen een fundamenteel onderscheid te maken tussen brandweervrijwilligers en beroepsmedewerkers. Deze bouwstenen zijn verplichte beschikbaarheid (kazerneren/consigneren), aantal repressieve taken, type taken en vakbekwaam worden en blijven. Het Veiligheidsberaad heeft kennis genomen van het rapport en heeft uitgesproken de komende jaren aan de slag te willen gaan met de implementatie van bouwsteen 1, mits de benodigde financiële middelen vanuit het rijk komen en een aantal knelpunten opgelost wordt. Bouwsteen 1 betreft het opheffen van kazernering en consignatie en stelt dat wanneer er bij een inzet geen sprake is van vrije instroom, maar een medewerker móet opkomen, er gelijke arbeidsvoorwaarden en betaling zou moeten zijn. Dit zal betekenen dat vrijwillige brandweermensen straks niet meer geconsigneerd zijn, maar aangesteld kunnen worden met een deeltijd beroepsaanstelling. Het Veiligheidsberaad is niet akkoord met alle bouwstenen, maar er is draagvlak om te starten met de implementatie van bouwsteen 1. Het veiligheidsberaad en minister JenV hebben op 21 juni 2021 de nieuwe stuurgroep ‘toekomst bestendig brandweerstelsel’ de opdracht gegeven voor de implementatie van de eerste bouwsteen en onderzoek te doen naar andere wenselijke thema’s om toe te werken naar een toekomstbestendig brandweerstelsel.

Alle voorbereidingen voor Bouwsteen 1 ‘verplichtende karakter’ zijn uitgevoerd. Invoering is afhankelijk van de landelijke besluitvorming over de randvoorwaarden (waaronder financiering door het Rijk) alvorens te kunnen starten met de implementatie. Voor zover nu bekend zijn er geen nieuwe ontwikkelingen op dit gebied. Risico 3: Post Traumatisch Stress Syndroom (PTSS) Tot op heden gaan Veiligheidsregio’s verschillend om met medewerkers met PTSS symptomen. Voor Veiligheidsregio’s is een landelijke regeling voor PTSS uitgewerkt. Met deze regeling wordt PTSS door Veiligheidsregio’s als beroepsziekte erkend. Dit in navolging van bijvoorbeeld Defensie en Politie. Een belangrijk onderdeel van de regeling zijn preventieve maatregelen om PTSS te voorkomen. In de regeling is een bepaling opgenomen dat ook erkende PTSS gevallen met terugwerkende kracht rechten kunnen ontlenen aan de regeling. Verder is de minister gevraagd bij te dragen aan de collectieve kosten voor uitvoering van de regeling. Afhankelijk van de parlementaire besluiten over de voorjaarsnota worden hiervoor gelden toegekend.

Bij het ingaan van deze regeling bestaat een (financieel) risico voor toepassing van de regeling met terugwerkende kracht en de mogelijke negatieve uitkomst over de voorjaarsnota waardoor alle inspanningen en de daaruit voorvloeiende financiële consequenties op dit gebied door de eigen VR moeten worden gedragen.

2.9.4 BENODIGDE WEERSTANDSCAPACITEIT Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit € 990.000. De ratio weerstandsvermogen versus weerstandscapaciteit bedraagt op basis van de aanwezige buffer € 3.298.000 / € 990.000 * 100% = 333 %. Dit houdt in dat de Veiligheidsregio in staat is om de onderkende risico’s financieel te dragen.

2.9.5 VERZEKERINGEN EN VOORZIENINGEN Het verzekeringspakket voorziet in het afdekken van de meest gangbare risico’s op personeel en materieel gebied. Met ingang van 1 januari 2024 is de Landelijke regeling aanspraken na Dienstongevallen Veiligheidsregio’s van toepassing. Deze komt in de plaats van de ongevallenverzekering die iedere veiligheidsregio zelfstandig had afgesloten. De regeling wordt landelijk gefinancierd door een sobere

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 36

ongevallenverzekering die is afgesloten door het landelijk Expertisebureau Risicobeheer én een waarborgfonds die door alle veiligheidsregio’s is opgericht. De Veiligheidsregio Noord-Holland Noord brengt jaarlijks een bedrag in. Daarnaast heeft de veiligheidsregio nog een aantal voorzieningen getroffen voor toekomstige verplichtingen. In de toelichting op de balans worden deze nader toegelicht.

2.9.6 KENGETALLEN FINANCIËLE POSITIE Overzicht kengetallen Verloop van de kengetallen

Begroting jaar Kengetallen: Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

JR 2025 0,37 0,37

2026 0,67

2027 0,65

2028 0,63

2029 0,61

2030 0,55

0,67

0,65

0,63

0,61

0,55

0,12

0,07

0,07

0,06

0,07

0,09

0,43%

-0,27%

0,89%

0,70%

-0,26%

-0,19%

Toelichting kengetallen •

• •

Netto schuldquote: netto schuld gedeeld door de inkomsten exploitatie (excl. mutaties reserves) Onder netto schuld wordt verstaan de langlopende en kortlopende schulden minus de langlopende en kortlopende vorderingen en uitzettingen. Solvabiliteitsratio: verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen (eigen vermogen en vreemd vermogen). Structurele exploitatieruimte: saldo van de structurele baten en lasten en saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten (excl. mutaties reserves), uitgedrukt als percentage.

Uitgangspunten Bij het weergeven van de kengetallen voor de financiële positie zijn een aantal uitgangspunten gehanteerd: • De gebruikte balansstanden zijn gebaseerd op ramingen per 1 januari 2026. • Daar waar geen relevante gegevens beschikbaar zijn, worden de balanssaldi van de laatst bekende jaarrekening opgenomen. • Vlottende schuld wordt als sluitpost gehanteerd.

Duiding kengetallen • •

•

Netto schuldquote: algemeen wordt ratio van 1 of lager gekwantificeerd als voldoende. Meerjarig voldoet VR NHN aan deze norm. Solvabiliteit: algemeen wordt een ratio van 1 of hoger gekwantificeerd als voldoende. Bij VR NHN is de ratio beduidend lager wat wordt veroorzaakt door een relatief laag eigen vermogen; als gevolg van een restrictie van maximaal 2,5% van de totale lasten; Structurele exploitatieruimte: deze begroting is gebaseerd op structurele baten en lasten. De structurele exploitatieruimte is derhalve nihil.

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 37

2.10 ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN 2.10.1 Wat willen we bereiken 2.10.2 Wat willen we realiseren 2.10.3 Wat gaat het kosten

2.10.1 WAT WILLEN WE BEREIKEN Doel Veiligheidsregio Noord-Holland Noord is een organisatie die sterk afhankelijk is van de inzet van haar materieel. Uitval kan niet worden gepermitteerd. Het is daarom noodzakelijk om het risico van deze uitval zoveel mogelijk te beperken door garanties en zekerheden te stellen. Eén van de zekerheden wordt ontleend aan het meerjarig in beeld brengen van de onderhoudskosten die gepaard gaan met het operationeel houden van de onderhoudsobjecten. Er mag geen sprake zijn van achterstallig onderhoud. Een andere zekerheid is het weten wanneer het materieel vervangen moet worden. Hiervoor beschikt de Veiligheidsregio over een actueel MJIP (Meerjareninvesteringsplan) waarin alle nu bekende toekomstige investeringen zijn opgenomen. De veiligheidsregio beschikt over diverse soorten kapitaalgoederen die jaarlijks moeten worden onderhouden om het voorzieningenniveau op peil te houden. Dit betreffen o.a. panden, voertuigen en kantoorautomatisering. VR NHN heeft diverse panden in eigendom. Dit zijn panden die worden gebruikt ten behoeve van ambulancezorg. De veiligheidsregio heeft geen brandweerkazernes meer in eigendom. Het pand voor de centrale huisvesting in Alkmaar (Hoofdkantoor) en het pand voor de ambulancedienst op Texel worden gehuurd. De brandweerkazernes worden om niet gehuurd van de gemeenten.

2.10.2 WAT WILLEN WE REALISEREN Gebouwen ambulancedienst In 2019 heeft op basis van de in 2018 uitgevoerde (interne) analyse op de staat van de gebouwen een extern onderzoek plaatsgevonden. Daaruit is naar voren gekomen dat de ambulancevoorzieningen in Hoogkarspel en Den Helder niet langer geschikt zijn voor hun functie en extra ruimte beschikbaar moet komen voor het overdekt stallen van ambulances. Uit onderzoek naar meerdere oplossingsvarianten is de conclusie getrokken dat nieuwbouw voor beide locaties de voorkeur geniet boven een grootschalige renovatie. Het rapport is vertaald in een notitie voor het Lokaal Overleg van maart 2020 waarin de probleemstelling vertaald is naar een advies het beschikbare budget huisvesting te verhogen. In het najaar 2020 is de extra budgetaanvraag gehonoreerd en vindt structurele ophoging plaats. In 2021 is begonnen met de planvorming voor de nieuwbouw. De daarbij afgegeven planningen zijn in de loop van 2023 wederom aangepast (uitloop verkrijgen vergunningen, beschikbaarheid bouwers en materiaal). Oplevering vindt plaats in 2026.

Brandweerkazernes Voor de kazernes worden de volgende uitgangpunten als zodanig gehanteerd en uitgevoerd: 1. Kazernes zijn in eigendom van de gemeenten; 2. Huisvestingslasten maken geen onderdeel uit van de begroting van de VR; 3. Het beheer en onderhoud is een gemeentelijke taak en wordt geborgd in de overeenkomsten voor beheer en onderhoud tussen gemeenten en VR; Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 38

4. Gemeenten berekenen hun facilitaire kosten (schoonmaak, alarmopvolging, e.d.) door aan VR; Het onderzoek, in meerdere jaren uitgevoerd in 2017-2018 naar de toekomstbestendigheid van de bestuurlijke afspraken omtrent de huisvesting van de brandweer heeft niet geleid tot aanpassing van de in 2013 gemaakte afspraken. Het onderzoek heeft geleid tot een verbeterde attentie bij gemeenten dat de huisvesting van de brandweer een verantwoordelijkheid is van gemeenten en Veiligheidsregio samen. Binnen de bestuurlijke uitgangspunten kunnen de knelpunten worden opgelost hetgeen in de praktijk ook daadwerkelijk gebeurt. In meerdere kazernes zijn verbeteringen aangebracht met betrekking tot arbeidshygiëne en er vindt een betere afstemming plaats op de uitvoering van het meerjarenonderhoudsplan. Een aantal gemeenten zijn daadwerkelijk gestart met of er zijn de plannen in voorbereiding voor het vervangen van veelal verouderde brandweerkazernes. In 2026 worden een aantal nieuwe kazernes opgeleverd. In hoeverre de ontwikkeling van het brandweerdekkingsplan naar een brandweerzorgplan effect gaat hebben op deze vervangingen is momenteel nog niet uitgekristalliseerd.

Centrale huisvesting de Hertog Het gebouw aan de Hertog Aalbrechtweg 22 te Alkmaar wordt samen met de GGD Hollands Noorden als hoofdlocatie gebruikt. VR NHN is huurder. Voor het medegebruik door de GGD HN is een overeenkomst voor gemene rekening opgesteld die is goedgekeurd door de Belastingdienst. Op basis hiervan worden de huisvestingskosten op basis van een verdeelsleutel verdeeld tussen de GGD HN en VR NHN zonder dat dit tot extra btw-druk leidt. Met de verhuurder van het pand is een SLA afgesproken waarin het beheer en onderhoud van het pand geregeld is.

Ambulancematerieel In de komende jaren worden de reguliere investeringen gedaan op basis van het MJIP, waaronder vervanging en uitbreiding van ambulances en inbouw van elektrische brancards.

Brandweermaterieel De brandweer beschikt over up-to-date materieel en materiaal. Voertuigen en inventaris worden op basis van het MJIP vervangen. Bij iedere vervanging wordt gekeken of er een technische noodzaak is om te gaan vervangen. Voor reguliere brandweermaterialen zijn er inkoopovereenkomsten beschikbaar en waar nodig worden deze inkoopovereenkomsten rechtmatig verlengd. Op die manier wordt zo efficiënt mogelijk met de beschikbare middelen om gegaan.

Persoonlijke beschermingsmiddelen Brandweer Ook op het gebied van kleding, ademlucht en persoonlijke beschermingsmiddelen is de brandweer volledig up-to-date. Er zijn raamovereenkomsten gesloten voor bluslaarzen en blushandschoenen, waarbij vervangen wordt indien noodzakelijk. Hiermee wordt verspilling voorkomen. De landelijke uitstraling voor bluskleding, die inmiddels is vastgesteld, gaat ons in de toekomst hierbij nog meer helpen.

Kantoorautomatisering De VR beschikt over een visie op informatie-gestuurd werken die op hoofdlijnen de richting voor de toekomst weergeeft. Met de acties in het jaarplan wordt verder invulling gegeven aan deze visie. Voor de VR is een architectuur opgesteld die gericht is op de huidige ontwikkelingen binnen de regio en op landelijk niveau. Het risicobewustzijn van werken bij de veiligheidsregio is toegenomen. Dit vertaalt zich in het veilige gebruik van ICT-voorzieningen, geen datalekken en grip op persoonsgegevens. De benodigde investeringen zijn opgenomen in het MJIP en de kosten hiervan in de (meerjaren)begroting.

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 39

2.10.3 WAT GAAT HET KOSTEN Alle noodzakelijke kosten met betrekking tot het in standhouden van de gebouwen, vervoersmiddelen, materialen en ICT-middelen zijn opgenomen in de begroting en meerjarenraming.

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 40

2.11 FINANCIERING 2.11.1 2.11.2 2.11.3 2.11.4

Inleiding Beleidskaders treasury activiteiten Toerekening (voorgenomen) rentelasten naar taakvelden EMU saldo

2.11.1 INLEIDING De financieringsfunctie ondersteunt de uitvoering van de programma's en omvat de financiering van beleid en het uitzetten van geldmiddelen die niet direct nodig zijn. Op 25 oktober 2024 is door het algemeen bestuur het treasurystatuut 2024 vastgesteld met een ingangsdatum van 1 januari 2024. Het statuut vastgesteld in 2015, is komen te vervallen. In dit statuut zijn de uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten van de treasuryfunctie vastgelegd. Het statuut is gebaseerd op de voorschriften zoals vastgelegd in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet fido) inclusief de daarmee samenhangende wet- en regelgeving. De belangrijkste punten zijn: • Aantrekken van langlopende geldleningen geschiedt door een offerte aan te vragen bij tenminste twee financiële instellingen; • Uitzetten van tijdelijke overtollige financiële middelen vindt uitsluitend plaats bij het Agentschap van het Ministerie van Financiën (schatkistbankieren). Middelen tot de schatkistlimiet mogen worden uitgezet bij financiële ondernemingen die ten minste over een A-rating beschikken en gevestigd zijn in Nederland, of een andere EU lidstaat die beschikt over tenminste een AA rating; • De organisatie maakt geen gebruik van derivaten. • Jaarlijks vindt evaluatie plaats van de gedane treasury activiteiten in de paragraaf ‘Financiering’.

2.11.2 BELEIDSKADERS TREASURY ACTIVITEITEN Kasgeldlimiet (kortlopende geldleningen) Ter beperking van het renterisico heeft de wetgever de hoogte van de netto vlottende schuld voor gemeenschappelijke regelingen op een maximum gezet van 8,2% van de begrote lasten, de kasgeldlimiet. Voor 2027 is deze berekend op € 8,536 miljoen1. Overschrijding kan leiden tot het aantrekken van geld met een looptijd langer dan één jaar. Voor 2027 is de verwachting dat de kasgeldlimiet niet wordt overschreden.

Schatkistlimiet Vanaf december 2013 is het schatkistbankieren van toepassing. Dit betekent dat overtollige geldmiddelen boven schatkistlimiet verplicht moeten worden aangehouden in de schatkist. Dit voorkomt dat decentrale overheden hun middelen kunnen uitzetten bij derden (zoals buitenlandse banken) en draagt bij aan het verlagen van het EMU saldo van de totale Nederlandse overheid. Voor 2027 is de schatkistlimiet2 berekend op € 2.082.000. Gelden boven deze limiet moeten worden aangehouden in de schatkist.

Renterisiconorm Ter beperking van het renterisico heeft de wetgever de renterisiconorm gemaximaliseerd op 20% van het begrotingstotaal. Dit betekent dat het totaal van herfinancieringen en renteherzieningen op de vaste schuld in enig jaar beperkt is tot 20% van het begrotingstotaal. Voor 2027 is de renterisiconorm berekend 1 Op basis van begrotingstotaal lasten (primair) 2 De limiet wordt berekend als 2,0% van het begrotingstotaal lasten (primair) met een ondergrens van € 1.000.000.

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 41

op € 20,8 mln. In het begrotingsjaar vinden geen renteherzieningen plaats. De renterisiconorm wordt naar verwachting niet overschreden.

Financieringsbehoefte (kort-/langlopende geldleningen) In basis is de leningenportefeuille van Veiligheidsregio Noord-Holland Noord afgestemd op het kunnen uitvoeren van de haar gestelde taken. In het verleden zijn kortlopende geldleningen aangetrokken die zijn gebruikt om tijdelijke tekorten in de liquide middelen op te vangen. Mogelijk zullen in 2027 kortlopende geldleningen worden aangetrokken om tijdelijke tekorten op te vangen die kunnen ontstaan. Op basis van de geplande investeringen 2027-2030 wordt meerjarig een financieringstekort verwacht. Om te kunnen investeren, zullen in de periode 2027-2030 (langlopende) geldleningen moeten worden aangetrokken. Het daadwerkelijke afsluitmoment van deze leningen wordt afgestemd op het leverings/betaalmoment van de betreffende investeringen. Door de huidige inflatie en onrust in de wereld zien we de rente behoorlijk stijgen. Hiermee is rekening gehouden in deze begroting, waardoor dit forse consequenties heeft voor de geraamde rentelasten.

Ontwikkelingen leningenportefeuille In 2014 is de omvang van de leningenportefeuille fors toegenomen. Er zijn leningen aangetrokken ter financiering van aangekocht materieel/ kazernes van de gemeenten (aangekocht eind 2013) en de projectkosten regionalisering. In de periode 2019-2024 zijn overgenomen kazernes weer (terug)verkocht aan de betreffende gemeenten. De daarvoor aangetrokken geldleningen zijn in deze periode ook afgelost. De portefeuilleomvang neemt de komende jaren weer toe door het aantrekken van langlopende geldleningen ter (her-)financiering van voorgenomen vervangingsinvesteringen. Daarbij zal de herfinanciering substantieel hoger uitvallen door de sterk gestegen aanschafprijzen.

2.11.3 TOEREKENING (VOORGENOMEN) RENTELASTEN NAAR TAAKVELDEN In onderstaand overzicht wordt inzicht gegeven in de verwachte rentelasten, het renteresultaat en de wijze waarop de rente wordt toegerekend aan investeringen en projecten. 2027 Omschrijving Bedragen x €1 Externe financiering kort en lang Rentelasten -/1.481.210 Rentebaten +/+ 0 Saldo rentelasten en rentebaten 1.481.210 Doorberekening rente aan grondexploitatie Toerekening rente van projectfinanciering aan het betreffende taakveld Toerekening rentebaten van specifieke projectfinanciering aan het betreffende taakveld Aan taakveld toe te rekenen externe rente

-/-/+/+

Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakveld toe te rekenen rente

-/+/+

7.1 Volksgezondheid 1.1 Crisisbeheersing en Brandweer 0.4 Overhead De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

-/-/-/-/-

Renteresultaat op het taakveld Treasury

0 1.481.210

0 1.481.210

424.258 1.022.514 34.438 1.481.210 0

2.11.4 EMU SALDO

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 42

Onderstaand het berekende EMU saldo op basis van deze begroting en meerjarenraming (op basis van artikel 71 lid 3 BBV).

EMU-SALDO EMU-SALDO referentiewaarde Verschil EMU-saldo & referentiewaarde Kapitaalverstrekkingen en leningen Uitzettingen Activa Mutaties Uitzettingen (1 januari Vlottende activa Liquide middelen Overlopende activa tot 31 december) Vaste schuld Vaste Passiva Passiva Vlottende schuld Vlottende passiva Overlopende passiva Eventuele boekwinst bij verkoop effecten en (im)materiële vaste activa Financiële vaste activa

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

2026 -27.282

2027 -4.554

2028 1.251

2029 148

2030 4.342

-27.282

-4.554

1.251

148

4.342

0 0 0 0 0 10.773 16.509 0

0 0 0 0 0 -4.111 8.665 0

0 0 0 0 0 -4.111 2.860 0

0 0 0 0 0 -3.921 3.773 0

0 0 0 0 0 -3.857 -485 0

Pagina 43

2.12 VERBONDEN PARTIJEN 2.12.1 2.12.2 2.12.3 2.12.4 2.12.5 2.12.6 2.12.7

Inleiding Relevante ontwikkelingen Opbrengsten en kosten deelnemingen in relatie tot de begroting Invulling aandeelhouders- en commissarisrol Visie op verbonden partijen Beleidsvoornemens deelnemingen Eigen vermogen en resultaat RAV

2.12.1 INLEIDING Een verbonden partij is een privaat- dan wel publiekrechtelijke organisatie waarin VR NHN een bestuurlijk én een financieel belang heeft. Een financieel belang is aanwezig wanneer een ter beschikking gesteld bedrag niet verhaalbaar is bij faillissement dan wel als financiële aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt (artikel 1 BBV). Bestuurlijk belang is aanwezig indien er zeggenschap bestaat uit hoofde van stemrecht dan wel vertegenwoordiging in het bestuur van de organisatie. In deze paragraaf wordt ingegaan op de visie op verbonden partijen in relatie tot de realisatie van de doelstellingen van de veiligheidsregio. Ook wordt de realisatie van de beleidsvoornemens met betrekking tot de verbonden partijen beschreven. Tevens is opgenomen of en zo ja welke risico’s en problemen ten aanzien van de verbonden partijen zijn te onderkennen.

2.12.2 RELEVANTE ONTWIKKELINGEN Vereniging Ambulancezorg Regio Noord-Holland Noord in coöperatief verband U.A. (RAV NHN) (vestigingsplaats Alkmaar) De RAV NHN is per 10 februari 2010 opgericht met als doel het hebben en exploiteren van een vergunning tot het uitvoeren van ambulancevervoer. Per 1 januari 2013 beschikt de RAV NHN over deze vergunning. RAV NHN kent twee leden: Ambulancezorg Noord-Holland Noord (onderdeel van VRNHN) en Witte Kruis Ambulancezorg. De centrale administratie wordt uitgevoerd door VRNHN en de controlfunctie door WK. Het secretariaat van de RAV wordt door VRNHN gevoerd. Verder gebruiken beide partners één automatiseringspakket waarin de ambulanceritten worden geregistreerd. De ambulanceritten worden door de partners zelf gefactureerd. De partners behouden afzonderlijk de verantwoordelijkheden over het debiteurenbeheer. Beide partners staan bij de zorgverzekeraars bekend als één wettelijk gemachtigde uitvoerende en verantwoordelijke zelfstandige organisatie (coöperatie) die beschikt over één gezamenlijke bankrekening en spaarrekening. De Meldkamer is via een SLA verbonden aan de RAV. Op 1 januari 2021 is de Wet ambulancezorgvoorzieningen (Wazv) in werking getreden. De nieuwe wet geeft zekerheid aan de RAV over haar positie. Om de continuïteit te kunnen waarborgen wil de minister de huidige positie van de RAV’s intact houden.

In de nieuwe wet is opgenomen dat: “Er per veiligheidsregio een monopolist is, die niet alleen het alleenrecht heeft om spoedeisende ambulancezorg te leveren, maar ook de plicht heeft om deze zorg te leveren”. De Nederlandse Zorgautoriteit, de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) houden gezamenlijk toezicht op de naleving van de Wazv. De zorgverzekeraars maken met de RAV jaarlijks afspraken over het budget en de daarvoor te leveren kwaliteit en prestaties.

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 44

Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) (Vestigingsplaats Arnhem) Het NIPV is een bij wet opgerichte zelfstandig bestuursorgaan (ZBO). De positie van het NIPV is vastgelegd in de Wet veiligheidsregio’s. Het NIPV ondersteunt de veiligheidsregio’s bij het versterken van de brandweerzorg en de aanpak op het terrein van de rampenbestrijding en crisisbeheersing. Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland U.A. De regio’s Kennemerland, Noord-Holland Noord en Zaanstreek-Waterland hebben hun krachten op het gebied van vakbekwaamheid gebundeld. Sinds het formele ondertekeningmoment op 11 juli 2019 is er één gezamenlijk opleidingsinstituut: de Brandweerschool Noord-Holland (BWS NH). BWS NH zet in op kwalitatief goed onderwijs, het innoveren van brandweeronderwijs, het voldoen aan landelijk gestelde kwaliteitscriteria en het onderhouden en ontwikkelen van les- en leerstof. Voorlopig richt BWS NH zich in hoofdzaak op de opleidingen basisbrandweerzorg, aangevuld met de opleidingen brandweerchauffeur en instructeur. Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s en Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s De veiligheidsregio´s trachten door middel van het afsluiten van verzekeringen bepaalde financiële risico’s van hun werkzaamheden te beheersen, daaronder begrepen, maar niet beperkt tot, de risico’s die voortvloeien uit persoonlijke ongevallen.

Daarbij was echter geen sprake van een landelijke uniforme regeling voor uitkeringen na dienstongevallen, terwijl in toenemende mate sprake is van interregionale samenwerking in zowel het primaire proces van de brandweer als bij vraagstukken van bedrijfsvoering. Voorts is in de loop der jaren gebleken dat de afgesloten verzekeringen steeds minder risico’s dekken en dat de verschuldigde premies aanzienlijk zijn verhoogd, waardoor afdekking van die risico’s door middel van verzekeringen onder druk is komen te staan. Dit heeft de veiligheidsregio´s ertoe bewogen om onder erkenning dat voor de uitvoering van de aan hen opgedragen publieke taken de inzet van zowel beroepsmedewerkers als brandweervrijwilligers essentieel is, te komen tot een landelijke uniforme regeling voor uitkeringen na incidenten die verband houden met de aan hen opgedragen publieke taken en waarbij sprake is van letsel met tijdelijke of blijvende arbeidsongeschiktheid en/of invaliditeit dan wel overlijden. Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s wordt primair opgericht als expertisebureau voor de veiligheidsregio’s op het gebied van goedwerkgeverschap bij ongevallen en voorziet in ieder geval in de ondersteuning bij de afhandeling van ongevallen en de gezamenlijke inkoop van een ongevallenverzekering.

Ook kan de Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s in opdracht en ten behoeve van de Veiligheidsregio’s bemiddelen bij onder meer (i) het benaderen van derden-verzekeraars,(ii) het sluiten van verzekeringen bij die verzekeraars en (iii) het betrokken worden bij de Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s. Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s De wens om te komen tot de oprichting van een waarborgfonds hangt samen met het besluit van het Veiligheidsberaad d.d. 1 juli 2022 om te komen tot de oprichting van een expertisebureau. Het waarborgfonds is bedoeld om in ieder geval te voorzien in de onverzekerbare aanspraken van de Landelijke Regeling Aanspraken na Dienstongevallen. Het waarborgfonds is bedoeld voor de basisveiligheidsregio (de veiligheidsregio’s zonder aanvullende organisatieonderdelen) met het oog op gelijksoortigheid van het risico; voor de aanvullende organisatieonderdelen is een waarborgfonds ook minder noodzakelijk met het oog op de betere verzekerbaarheid. Voor de oprichting van een waarborgfonds is geen verzekeringsvergunning vereist van De Nederlandse Bank (DNB) onder de volgende voorwaarden: geen winstoogmerk (1) maximale jaarlijkse inleg 5 miljoen euro per jaar (2), een maximale technische reserve van 25 miljoen euro (3) en het instellen van een raad van toezicht met personen die benoemd zijn door dan wel in dienst zijn van de overheid (4).

Deelname van een veiligheidsregio aan het waarborgfonds is vrijwillig. Voor deelname aan het waarborgfonds is deelname Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 45

aan de stichting risicobeheer veiligheidsregio’s een vereiste met het oog op de samenhang van deze voorzieningen; het is mogelijk om deel te nemen aan het expertisebureau zonder deel te nemen aan het waarborgfonds. De minimale deelname aan het waarborgfonds is 5 jaar. Met deze duale structuur wordt beoogd dat Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s zoveel mogelijk de kerndoelstelling als fonds zal uitoefenen en de Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s zal optreden als bemiddelaar, een en ander binnen de kaders van de toepasselijke wet- en regelgeving.

2.12.3 OPBRENGSTEN EN KOSTEN DEELNEMINGEN IN RELATIE TOT DE BEGROTING Vereniging Ambulancezorg Regio Noord-Holland Noord in coöperatief verband U.A. (RAV NHN) Het aandeel VRNHN in de kosten van de RAV NHN maakt onderdeel uit van het programma Ambulancezorg. Nederlands Instituut Publieke Veiligheid Alle veiligheidsregio’s dragen financieel bij aan het NIPV. Deze bijdrage wordt rechtstreeks in mindering gebracht op de BDUR-gelden. Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland U.A. De kosten van opleiden, en dus ook van de BWS NH, zijn opgenomen binnen het programma Brandweer. Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s en Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s Alle veiligheidsregio’s dragen voor een gelijk deel bij de Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s. De inbreng wordt opgenomen binnen het programma Bedrijfsvoering. Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s Alle veiligheidsregio’s dragen bij aan de Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s op basis van het inwonersaantal per veiligheidsregio. De inbreng wordt opgenomen binnen het programma Bedrijfsvoering.

2.12.4 INVULLING AANDEELHOUDERS- EN COMMISSARISROL Vereniging Ambulancezorg Regio Noord-Holland Noord in coöperatief verband U.A. (RAV NHN) De bestuurdersrol is statutair vastgelegd. Twee bestuurders vormen het bestuur. Het voorzitterschap rouleert jaarlijks volgens een vast schema tussen beide bestuurders. Voor 2025 was de directeur ambulancezorg NHN de bestuursvoorzitter, voor 2026 wordt dit de directeur WK. De algemene directeuren van de beide zelfstandige organisaties en de twee bestuurders vormen samen de Algemene Ledenvergadering (ALV). Nederlands Instituut Publieke Veiligheid De voorzitters van de veiligheidsregio’s, verenigd in het Veiligheidsberaad, vormen het algemeen bestuur van het NIPV. De bestuursvoorzitter van VRNHN is lid van het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur benoemt uit zijn midden een voorzitter en een dagelijks bestuur. De voorzitter van het NIPV is tevens voorzitter van het dagelijks bestuur. Het bestuur beslist bij meerderheid van stemmen. Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland U.A.

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 46

Het bestuur wordt gevormd door de directeuren van de veiligheidsregio’s. Daarnaast kent de coöperatie een algemene ledenvergadering. Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s en Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s De directeur-bestuurder van het Expertisebureau Risicobeheer is gelijk aan die van het Waarborgfonds. Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s De directeur-bestuurder van het Waarborgfonds is gelijk aan die van het Expertisebureau Risicobeheer. Er is ook een Raad van Toezicht ingesteld en die bestaat uit een voorzitter en 3 Leden. Het Waarborgfonds is vrijgesteld van toezicht door De Nederlandsche Bank (DNB), omdat aan de voorwaarde is voldaan dat een Raad van Toezicht is geïnstalleerd.

2.12.5 VISIE OP VERBONDEN PARTIJEN Een verbonden partij is voor de veiligheidsregio een instrument om de overgenomen maatschappelijke doelstellingen voor de aangesloten gemeenten te behalen. Bij het aansturen van een verbonden partij is het in ieder geval van belang dat: • Afspraken over taken, bevoegdheden, verantwoordelijkheden, financieel en juridisch beleid worden vastgelegd (bijvoorbeeld in overeenkomsten, statuten); • Afspraken worden gemaakt over de frequentie en inhoud van de verantwoordingsinformatie; • De veiligheidsregio zich realiseert dat andere partijen die betrokken zijn bij de verbonden partij andere belangen kunnen hebben naast het gezamenlijk belang.

2.12.6 BELEIDSVOORNEMENS DEELNEMINGEN Vereniging Ambulancezorg Regio Noord-Holland Noord in coöperatief verband U.A. (RAV NHN) Er zijn bij de RAV NHN geen grote beleidsvoornemens te onderkennen. Nederlands Instituut Publieke Veiligheid De beleidsvoornemens voor de veiligheidsregio’s liggen op het terrein van: - beleids- en bestuursondersteuning van de ambtelijke en bestuurlijke top; - kennis ontwikkelen, makelen en borgen voor de professional in het veld; - opleidingen, trainingen en oefeningen voor vakbekwaam worden en blijven faciliteren en verzorgen; - talent- en leiderschapsontwikkeling bevorderen; - materieel voor de veiligheidsregio's verwerven, beheren en organisatorisch inbedden; - projectmanagement en (organisatie)advies. Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland U.A. Er zijn bij de coöperatie Brandweerschool Noord-Holland U.A. geen grote beleidsvoornemens te onderkennen. Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s en Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s Er zijn bij de Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s en de Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s geen grote beleidsvoornemens te onderkennen.

2.12.7 EIGEN VERMOGEN EN RESULTAAT RAV Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 47

Uit de concept jaarstukken 2025 RAV blijkt dat het eigen vermogen per 31 december 2025 € 0 is. Het exploitatiesaldo 2025 is ook € 0. Dit wordt ook voor 2026 en 2027 voorzien.

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 48

2. Overige informatie 2.13 FISCALITEITEN 2.13.1 Tax Control Framework 2.13.2 Convenant Horizontaal Toezicht 2.13.3 Landelijke activiteiten

2.13.1 Tax Control Framework In 2025 zijn de vorig jaar opgestarte interviews met materiedeskundigen verder verbreed en verdiept om te komen tot een herijking van het TCF in het algemeen en van de fiscale risico’s in het bijzonder. In het TCF worden per belastingsoort ‘gewone’ risico’s (risks) en zogenaamde Key risks benoemd. Ten opzichte van de eerste versie zijn er geen tot weinig nieuwe risico’s geïdentificeerd, maar is een scherper beeld ontstaan over welke risico’s als ‘gewoon’ risico, danwel Key risk moeten worden beschouwd. Tegelijkertijd zijn de beheersmaatregelen die in de praktijk worden uitgevoerd duidelijker in kaart gebracht en vastgelegd. Daarnaast is een duidelijkere koppeling tussen het TCF en de werkzaamheden in de VIC aangelegd. In de eerste versie van het TCF werden de Key risks bepaald op basis van het risico vóór de beschreven beheersmaatregelen en de directe invloed van het risico op een onjuiste, onvolledige of niet tijdige aangifte of afdracht. In de tweede versie zijn de risico’s ingedeeld als Key risk indien er ná het doorlopen van de beheersmaatregelen naar ons inzicht nog steeds een groot risico op fouten bestaat. Het interne besluitvormingsproces ter vaststelling van het Tax Control Framework versie 2.0 is inmiddels opgestart.

2.13.2 Convenant Horizontaal Toezicht Het periodieke bezoek van de Belastingdienst, in het kader van het Horizontaal Toezicht, heeft dit jaar in juni plaatsgevonden. Tijdens dit bezoek hebben wij kennisgemaakt met de nieuwe klantcoördinator. Daarnaast heeft de Belastingdienst aandacht gevraagd voor verbeteringen in de beschrijvingen en monitoring van (beheersmaatregelen op) fiscale risico’s. Tevens zijn enkele concrete ontwikkelingen binnen de fiscale regelgeving besproken. Vanuit de zijde van VRNHN is een update verstrekt over de aanschaf en implementatie van het ritregistratiesysteem op de dienstvoertuigen. Dit registratiesysteem is inmiddels geïmplementeerd en de interne controle daarop dient vanaf heden structureel te worden uitgevoerd, conform de PDCA-cyclus. De Belastingdienst heeft aangegeven dat verlenging van het convenant Horizontaal Toezicht na 2025 alleen mogelijk is wanneer wederom aan alle toetsingscriteria wordt voldaan. De twee genoemde projecten, de update van het TCF en met name de herijking van de key risks met bijbehorende beheersmaatregelen en monitoring zullen daaraan bijdragen.

2.13.4 Landelijke activiteiten De landelijke fiscale werkgroep, onder aanvoering van een vertegenwoordiger van VRNHN, heeft in 2025 een aantal nieuwe leden mogen verwelkomen. Zij komen allemaal uit het Netwerk Finance & Control van de 25 Veiligheidsregio’s. Vooruitlopend op een mogelijk (meer) formele status vanuit de Vakraad Bedrijfsvoering heeft de werkgroep het initiatief genomen tot ontwikkeling van een programma voor permanente educatie op fiscaal gebied. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de kennis en ervaring van een externe fiscaal adviseur. Daarnaast worden actualiteiten met elkaar gedeeld en besproken op toepasselijkheid voor Veiligheidsregio’s. Verdere doorontwikkeling daarvan – om kennisdeling van fiscale expertise onder de leden van het netwerk te bevorderen – staat voor de komende periode op de planning. Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 49

2.14 Privacy 2.14.1 Terugblik 2.14.2 Waar willen we naar toe

2.14.1 TERUGBLIK Vanaf mei 2018 is de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) van kracht waaraan ook Veiligheidsregio Noord-Holland Noord gehouden is. In de afgelopen jaren is aan de compliance gewerkt door onder andere een Functionaris Gegevensbescherming (FG) aan te stellen en de functie van Privacy Officer in te richten binnen de organisatie. Het afgelopen jaar zijn noodzakelijke stappen gezet om privacy waarborgen. Zo hebben we meer juridische kennis op het gebied van de AVG aan ons kunnen verbinden. We hebben nu een vaste formatie die ondersteunt in de advisering en begeleiding op privacy vraagstukken. Incidenteel huren we nog extra specifieke kennis in.

2.14.2 Waar willen we naar toe De directie heeft de ambitie uitgesproken in te zetten op doorgroei van de gehele organisatie richting volwassenheidsniveau 3 van het Privacy volwassenheidsmodel. Om dit niveau te bereiken zijn er door alle teams zogenaamde privacy verbeterplannen opgesteld. Punt op de horizon om aan volwassenheidsniveau 3 te voldoen is 2027. Hier wordt de komende periode onder andere aan gewerkt door de teams zelf meer in hun kracht te zetten. Hierdoor zullen ook vanuit de teams, met hun specifieke bijzonderheden en verwerkingen van persoonsgegevens, stappen kunnen worden gezet.

Concept Begroting 2027 / MJR 2028-2030

Pagina 50

3.

FINANCIËLE BEGROTING

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Overzicht van baten en lasten Uiteenzetting financiële positie en toelichting Meerjarenraming exploitatie Meerjarenraming balans Meerjarenraming investeringen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16994516/1