CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Visie sociaal domein Dordrecht 2030.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 11 maart 2025, gemeente DordrechtBij agendapunt: 24: Raadsinformatiebrief over Uitvoeringsprogramma's Visie sociaal domein Dordrecht 2030 - Raadsinformatiebrief24.758 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Door ouders te betrekken bij activiteiten voor kinderen stimuleren we ook de ouders in hun ontwikkeling van basisvaardigheden en deelname aan de Dordtse samenleving. Naast dat we investeren in kinderen (en hun ouders) investeren we ook in de basisvaardigheden van volwassenen. Hierbij richten we ons voornamelijk op de bevordering van taal en sociale en digitale vaardigheden. We doen dit met de regionale aanpak Laaggeletterdheid ‘Taal is zeg maar niet echt mijn ding’.16 Naast het verbeteren van de basisvaardigheden van onze inwoners is het vereenvoudigen van onze eigen gemeentelijke communicatie een belangrijke pijler binnen deze aanpak.

16

We hebben in Dordrecht relatief (ten opzichte van landelijk) veel inwoners die laaggeletterd zijn (bron: OCD).

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

33

Uitgelicht: het Dordts leerprogramma Binnen de Onderwijsvisie 0-12 jaar hebben we focus aangebracht in de vorm van het Dordts Leerprogramma. Binnen het Dordts Leerprogramma hebben 12 basisscholen (met de meeste leerlingen met een risico op ontwikkelachterstand) subsidie gekregen voor extra onderwijstijd. In deze extra tijd, die buiten de normale schooltijden valt, worden activiteiten georganiseerd die kansenongelijkheid in het onderwijs bij 0-12 jarigen helpen doorbreken.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

34

2.2 Gezondheid Om mee te kunnen doen aan de samenleving, op welke manier dan ook, is het belangrijk dat Dordtenaren niet belemmerd worden door hun gezondheid. Oftewel: een goede gezondheid hebben. Wie zich niet gezond voelt, vindt minder makkelijk werk en loopt een groter risico op baanverlies. Voor jongeren verkleint een minder goede gezondheid vooral de kans op werk na school. We sluiten aan bij het gedachtegoed van Machteld Huber en kijken met een brede, positieve blik naar gezondheid. Gezondheid is in de eerste plaats een verantwoordelijkheid van inwoners zelf. Als gemeente hebben we met name een gezondheidsbevorderende rol. In onze lokale nota publieke gezondheid leggen we uit hoe we de gezondheid van onze inwoners willen verbeteren. Daarnaast zien we hierin een belangrijke rol weggelegd voor sport en cultuur. Hoe we door middel van sport en bewegen werken aan een gezonder Dordrecht, staat beschreven in onze Sportvisie. Voor cultuur staat dit beschreven in de Cultuurnota.

Uitgelicht: Positieve gezondheid Vanuit het gedachtegoed van positieve gezondheid kijken we verder dan alleen naar iemands fysieke en mentale gezondheid. Het gaat ook om zingeving, kwaliteit van leven, meedoen en dagelijks functioneren. We luisteren naar de inwoner door simpelweg de vraag te stellen ‘hoe gaat het met je?’. Zo hoeft een inwoner met een chronische fysieke beperking zich helemaal niet ziek of ongezond te voelen. Integendeel, op verschillende manieren kan hij/zij zich inzetten voor de samenleving en voldoening krijgen.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

35

Fundament 3: Een betaalbare woning Het hebben van een dak boven je hoofd is een eerste basisbehoefte. Het liefst is dat een eigen woning, gekocht of gehuurd. Het behoeft geen uitleg dat de woningmarkt in Nederland complex is. Zo ook in Dordrecht. Krantenkoppen als ‘de woningmarkt zit op slot’ en ‘krapte op de woningmarkt duurt voort’ zijn van alledag. Er is een groot tekort aan woonruimte. In Dordrecht is de bouw van nieuwe woningen de afgelopen jaren op gang gekomen. Er liggen veel plannen klaar voor het bouwen van woningen in alle segmenten. We hebben de ambitie om in Dordrecht 4.000 woningen te bouwen. Van deze 4.000 woningen is 30% te realiseren in het sociale huursegment. Door stijgende bouwkosten, de oplopende rente, het tekort aan vakmensen en dreigende vertragingen door stikstofproblematiek moeten we een flinke inhaalslag maken op de planvorming en bouw van met name betaalbare woningen. Met het blijven toevoegen van nieuwe plannen komen we onze afspraken na die vastliggen in de Woonvisie en de Routekaart Wonen. We willen jongeren aan onze stad binden en Dordtse starters een goede kans geven. We willen betaalbare woningen realiseren voor inwoners met een lager tot modaal salaris, zoals (beginnende) verplegers en onderwijzers. We willen dat Dordtse gezinnen die eraan toe zijn kunnen doorstromen naar een grotere woning.

Daarnaast willen we voor onze ouderen betaalbare woningen realiseren, gecombineerd met aantrekkelijke arrangementen die de doorstroming bevorderen. We denken hierbij aan levensloopbestendige huisvesting en vernieuwende passende woonvormen, maar ook aan het ontzorgen van ouderen wanneer zij willen doorstromen naar een geschikte woning (bijvoorbeeld door ouderen zonder sociaal netwerk te helpen bij een verhuizing). Allemaal onderwerpen die een plek krijgen in onze woonzorgvisie. In de woonzorgvisie leggen we de basis voor verdere prestatieafspraken en een toekomstbestendig uitvoeringsprogramma waarin concreet is vastgelegd welke plannen worden uitgevoerd om te voorzien in wonen, zorg en welzijn voor ouderen en andere doelgroepen in kwetsbare situaties.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

36

Fundament 4: Toegang tot hulp en zorg Het vierde fundament van bestaanszekerheid is ‘toegang tot hulp en zorg’. Als gemeente hebben we hierin een belangrijke rol als het gaat om de hulp waarvoor we zelf verantwoordelijk zijn: hulp onder de Wet publieke gezondheid (jeugdgezondheidszorg en ouderengezondheidszorg)17 en hulp onder de drie wetten (Jeugdwet, Participatiewet en Wet maatschappelijke ondersteuning). Hoe we invulling geven aan de toegang tot deze hulp, staat beschreven in de hoofdstukken ‘algemene voorzieningen’ en ‘passende en tijdige hulp met een integrale blik’. Als het gaat om de medische gezondheidszorg (de ‘curatieve zorg’) dan hebben we als gemeente een veel beperktere rol. De rol die we hebben is vooral gericht op de vindbaarheid en het toegankelijk houden van zorg. Onder andere door onze inwoners de juiste weg te wijzen naar bijvoorbeeld de huisarts of het ziekenhuis. En de fysieke bereikbaarheid te garanderen, via de openbare weg en het openbaar vervoer. Ook bieden we financiële ondersteuning voor inwoners met een laag inkomen. Aan hen bieden we een collectieve zorgverzekering aan met korting, een bijdrage op de maandelijkse premie en (optioneel) het meeverzekeren van het eigen risico. Dit is onderdeel van ons gemeentelijke armoedebeleid. Net zoals de gemeentelijke hulp onder de drie wetten staat de curatieve zorg onder druk.

In het Integraal Zorgakkoord (IZA) en Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) zijn afspraken gemaakt om de curatieve zorg in de toekomst toegankelijk en betaalbaar te houden. Als gemeente dragen we hier met name aan bij door preventieve maatregelen te nemen. Zo zetten we in op een Kansrijke Start, het bevorderen van een gezonde leefstijl, Welzijn op Recept en valpreventie bij ouderen.

17

Vanuit de Wet publieke gezondheid (Wpg) is iedere gemeente in Nederland verantwoordelijk voor de jeugdgezondheidszorg en ouderengezondheidszorg: het volgen van de ontwikkelingen in de gezondheidstoestand van jongeren en ouderen en daarin gezondheidsbevorderende en –bedreigende factoren meenemen. Op basis van deze gegevens moet de gemeente de zorgbehoefte in kaart brengen, werken aan de preventie van specifieke stoornissen (en het aanbieden van vaccinaties aan kinderen/jongeren voorkomende uit het rijksvaccinatieprogramma), voorzien in onder andere voorlichting, advies en begeleiding en maatregelen formuleren ter beïnvloeding van gezondheidsbedreigingen.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

37

Fundament 5: Vertrouwen in de overheid Het vertrouwen in de overheid neemt af, blijkt uit verschillende onderzoeken. Deze daling is het gevolg van een aantal grote crises van de afgelopen jaren, waaronder de kinderopvangtoeslagaffaire, gaswinning in Groningen en stikstofcrisis. Ondanks dat dit landelijke dossiers zijn, heeft dit ook zijn weerslag op ons als lokale overheid. Als gemeente hebben we een steeds grotere uitdaging om onze inwoners betrokken te houden (voor draagvlak voor plannen) en om onze inwoners te bereiken, met name inwoners in de meest kwetsbare situaties die van nature al vaker hulp mijden en lastig te bereiken zijn. We willen dat alle regelingen en voorzieningen die er zijn om de bestaanszekerheid van inwoners te bevorderen, goed vindbaar en bereikbaar zijn en ook daadwerkelijk gebruikt worden door inwoners die het echt nodig hebben. Hiertoe zullen we, nog meer dan voorheen, luisteren naar onze inwoners en de stap die inwoners moeten zetten naar onze dienst-/hulpverlening letterlijk verkleinen door meer mensgericht en vindplaatsgericht te werken op plekken waar inwoners laagdrempelig kunnen binnenlopen, zoals wijkcentra en buurthuizen. Daarnaast vereenvoudigen we onze gemeentelijke communicatie en dienstverlening nog meer en stimuleren we dit bij onze partners door zelf het goede voorbeeld te geven en dit op te nemen in inkoopen subsidievoorwaarden.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

38

Samen voor een sterk sociaal Dordrecht

Elk

4.

a ar helpen

Elkaar helpen

Iedereen maakt, in meer of mindere mate, deel uit van een sociale structuur. Als ouder, broer, zus, buur, vriend(in), verenigingsmaatje, etc. Als iemands draaglast en draagkracht (tijdelijk) niet in evenwicht zijn, willen we in de eerste plaats dat problemen binnen en door de Dordtse samenleving zelf worden opgelost. Oftewel: dat Dordtenaren elkaar helpen. We geloven dat investeren in sociale cohesie de basis legt voor een draagkrachtige Dordtse samenleving.

Sociale cohesie Sociale cohesie gaat om de samenhang in de maatschappij en de wil en het vermogen van inwoners om samen te leven en werken. In deze tijd staat de sociale cohesie onder druk. Dat zien we onder andere aan de toenemende polarisatie in de samenleving. Crisissen, zoals de coronapandemie en Oekraïnecrisis, laten echter ook zien dat de samenleving wendbaar is en veel mensen bereid zijn om elkaar te helpen. We kijken in Dordrecht naar sociale cohesie vanuit verschillende dimensies. Het gaat om gelijkheid, veiligheid, sociale contacten, de leefomgeving en betrokkenheid/vertrouwen.18 Dimensies die samenhangen en elkaar beïnvloeden. Een veilige leefomgeving die uitnodigt tot ontmoeten, stimuleert sociale contacten. Hoe meer gelijkheid, hoe groter de betrokkenheid en het vertrouwen van mensen in elkaar en in de overheid.

18

Geïnspireerd op de indeling van het Verwey Jonker Instituut, 2019.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

40

Sociale cohesie bevordert de leefbaarheid en veiligheid in de stad, wijken en buurten. Inwoners hebben meer steun aan elkaar, letten beter op elkaar en helpen elkaar. Hierdoor blijven vragen of problemen kleiner en wordt er minder snel een beroep gedaan op professionele hulp. Sociale cohesie is iets van de samenleving zelf. Van inwoners. Als gemeente stimuleren we sociale cohesie en hebben we een belangrijke voorwaardenscheppende rol. Hoe stimuleren we sociale cohesie en daarmee een daadkrachtige samenleving? Door in te zetten op de verschillende dimensies van sociale cohesie. Dit doen we als gemeente niet alleen, maar samen met partners. Partners in de volle breedte, zoals het buurt- en jongerenwerk, politie, woningcorporaties, verenigingen, het onderwijs en sociale ondernemers. Sociale cohesie is namelijk niet alleen iets van het sociaal domein, maar ook van andere beleidsterreinen zoals onderwijs, wonen, ruimtelijke ordening, sport, cultuur en veiligheid. We kiezen dan ook voor een integrale aanpak op het stimuleren van sociale cohesie, waarbij we oog hebben voor hoe bepaalde maatregelen in andere beleidsvelden (bedoeld of onbedoeld) een positieve dan wel negatieve invloed hebben op sociale cohesie. De sociale cohesie in Dordrecht verschilt per buurt, wijk en gebied. En daarmee ook onze gemeentelijke inzet.

Hoe we de sociale cohesie per gebied precies stimuleren, geven we verder vorm in te ontwikkelen gebiedsprogramma’s.19 Deze programma’s worden door ons als gemeente, samen met verschillende betrokken (maatschappelijke) partners en inwoners, opgesteld.

19

We spreken hier bewust over ‘gebied’. Een gebied dat steeds een andere schaalgrootte kan hebben: een wijk of buurt.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

41

Uitgelicht: sociale cohesie in cijfers In 2021 had de sociale samenhang in Dordrecht een schaalscore (0-10) van 6,2.20 Dit is lager dan de gemiddelde schaalscore in Nederland van 6,4 (CBS). Uit cijfers van de Monitor Sociaal (2021) van het Onderzoekcentrum Drechtsteden (OCD) blijkt dat drie op de tien volwassen Dordtenaren vinden dat zij onvoldoende sociale contacten hebben. Dit aandeel is gedaald ten opzichte van 2017. Waarschijnlijk (ook) door de coronacrisis. Eén op de zeven volwassenen geeft aan (zeer) eenzaam te zijn. Eén op de tien geeft aan actief te zijn in de buurt, bijvoorbeeld bij het helpen van een eenzame buurtbewoner. 20

Kansengelijkheid In het vorige hoofdstuk hebben we beschreven hoe we de kansengelijkheid van Dordtenaren willen vergroten door de bestaanszekerheid van onze inwoners te vergroten. Onder andere door het bestrijden van armoede, het voorkomen van onderwijsachterstanden en het stimuleren van arbeidsparticipatie. Waar iemands wieg staat, zou niet mogen uitmaken voor de kansen die iemand krijgt in het leven. Iedereen is gelijk. Dit brengt ons tot de volgende dimensie: sociale veiligheid. Sociale veiligheid Iedereen is gelijk, ongeacht iemands afkomst, huidskleur, beperking, leefstijl of seksuele voorkeur. Iedereen mag zichzelf zijn. We streven naar een inclusieve samenleving. Hier geven we invulling aan binnen de opgave ‘Inclusieve stad’. Maar ook binnen andere beleidsvelden, zoals onderwijs, sport, cultuur en veiligheid, speelt inclusiviteit een belangrijke rol.

Uitgelicht: opgave Inclusieve Stad Met de opgave ‘Inclusieve stad’ werken we aan een toegankelijke stad met een inclusieve gemeenschap waar iedereen zich thuis, erkend en verbonden voelt. Waar diversiteit wordt omarmd en sprake is van gelijkwaardige behandeling/ kansen (= inclusie). De opgave kent 4 samenhangende actielijnen: 1. Antidiscriminatiebeleid gericht op alle inwoners van Dordt 2. Stimuleren van diversiteit en inclusie binnen de interne organisatie/ als werkgever 3. Stimuleren van diversiteit en inclusie in de inkoop-, subsidie- en leveranciersketen 4. Stimuleren van diversiteit en inclusie als aanjager en facilitator: een inclusieve gemeenschap 5. in een toegankelijke stad. Binnen de 4de actielijn wordt ingezoomd op drie doelgroepen: LHBTI+ inwoners, inwoners met een migratieachtergrond en inwoners met een beperking.

20

De schaalscore ‘sociale samenhang’ is gebaseerd op zes stellingen. Zie het hoofdstuk ‘Monitoring’.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

42

Daarnaast heeft sociale veiligheid een fysiek aspect. Schone en leefbare buurten en wijken vergroten de sociale veiligheid op straat. Hier werken we aan in ons beleid voor de openbare ruimte, groen en veiligheid. Sociale contacten Zoals eerder gezegd: sociale cohesie is in de eerste plaats iets van inwoners zelf. De ene Dordtenaar heeft meer sociale contacten dan de andere. Mensen verschillen in hun behoefte en ook in de manier waarop zij sociale contacten leggen. Waar de een veel contacten in de buurt heeft, heeft de ander een rijk verenigingsleven. En maakt weer een ander deel uit van een kerkgemeenschap of online community. Verschillen die er mogen zijn. Maar wat als iemand, naar eigen mening, te weinig sociale contacten heeft en geïsoleerd raakt? Als gemeente stimuleren we ontmoeting op ‘natuurlijke’ plekken. In de buurt, wijk en op stadsniveau. Zo subsidiëren we onder andere de bibliotheek, culturele voorzieningen, sport, speeltuin- en amateurkunstverenigingen en ondersteunen we bestaande en nieuwe inwonersinitiatieven waar ontmoeten centraal staat. Een belangrijke partner hierin is het buurt- en jongerenwerk. In de beleidsnotitie ‘Omzien naar elkaar’ staat beschreven hoe we invulling geven aan het stimuleren en faciliteren van ontmoeting tussen Dordtenaren.

Uitgelicht: ontmoetingsplekken voor en door Dordtenaren Buurtbarbecue’s, straatfeesten, bankjes in de openbare ruimte… ze zijn er volop in Dordrecht. Ook zijn er plekken in de stad, voor en door Dordtenaren georganiseerd, die een meer structureel karakter hebben. Voorbeelden zijn: • • • • •

Crabbehoeve Tuin van Sterrenburg ‘t Vogelnest Let’s ruilwinkel De Buitenwacht

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

• • • •

Open Hof DOOR Speeltuin Oosterkwartier Wijkgebouwen, zoals de Koloriet en de Driesprong

43

Leefomgeving Dat de fysieke leefomgeving belangrijk is voor sociale cohesie, is duidelijk. Een schone, leefbare en veilige openbare ruimte die uitnodigt tot ontmoeten stimuleert de sociale cohesie. Zoals gezegd, werken we hieraan in ons beleid voor de openbare ruimte, groen en veiligheid. Er geldt op dit moment in Dordrecht een beleidsregel voor spelen, bewegen en ontmoeten: het streven is dat 5% van het woongebied (exclusief grote infrastructuur) beschikbaar moet zijn voor spelen, bewegen en ontmoeten. Daarnaast werken we aan een netwerk van speel-, beweeg- en ontmoetingsplekken, voor jong en oud, die met elkaar verbonden zijn door groenblauwe routes. Door deze routes stimuleren we het gebruik van ontmoetingsplekken. Een gezonde leefomgeving heeft naast een positief effect op de sociale cohesie ook een positief effect op de mentale en fysieke gezondheid van onze inwoners. Maar liefst 30% van de gezondheid die iemand ervaart, wordt bepaald door de leefomgeving. Betrokkenheid en vertrouwen Het vertrouwen in de overheid is dalende, zo laten verschillende onderzoeken zien. Door inwoners te blijven betrekken bij de ontwikkeling van de stad en de wijk en hen meer vertrouwen te geven, zetten wij in op verbetering van het vertrouwen dat inwoners in de overheid hebben.

Buurt- en jongerenwerkers hebben de opdracht om nog meer in gesprek te gaan met inwoners (onder andere om polarisatie tegen te gaan). Daarnaast geven we een boost aan het vindplaatsgericht werken en vereenvoudigen we onze gemeentelijke communicatie en dienstverlening nog meer.

Vrijwillige inzet Hoe groter de sociale cohesie, hoe groter de bereidheid onder inwoners om elkaar te helpen. Vrijwillige inzet is een vorm van elkaar helpen. Vrijwilligers zetten zich onbetaald en onverplicht in voor een ander of voor de samenleving als geheel. Dat kan in georganiseerd verband, maar dat hoeft niet. Elkaar helpen kan gaan om van alles: van eenvoudige zaken als een praktische vraag, een boodschapje doen als iemand ziek is, de planten water geven tijdens vakantie tot en met intensieve zorg voor iemand die zelf niet veel meer kan (zie Mantelzorg). Door elkaar te helpen doen inwoners minder vaak een beroep op professionele hulp. Daarnaast draagt het bij aan de eigen gezondheid, talentontwikkeling en zingeving van degene die hulp biedt. Vrijwilligers zijn van groot belang voor de Dordtse samenleving; voor verenigingen, scholen, zorginstellingen, buurtinitiatieven, kerken, etc. Dordtse vrijwilligers zijn ‘het cement’ van onze stad. Veel Dordtenaren zetten zich vrijwillig in voor een ander. Wel zien we, helaas en net zoals elders in het land, dat het aantal dalende is. Een vaak genoemde reden is tijd. Het ontbreken van tijd zorgt er voor dat structureel een ochtend of middag in de week vrijwilligerswerk doen voor veel mensen niet meer haalbaar is. Steeds minder Dordtenaren zetten zich daarom langdurig in als vrijwilliger.

De bereidheid om zich flexibel in te zetten “wanneer het uitkomt” is er vaak wel.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

44

Gezien het belang van vrijwillige inzet voor onze Dordtse samenleving is het niet meer dan logisch dat we als gemeente een stevige rol nemen in het stimuleren en faciliteren van vrijwilligers. Eerder gaven we aan dat we willen dat zoveel mogelijk Dordtenaren betaald werk doen (zie Bestaanszekerheid). Dit lijkt op gespannen voet met elkaar te staan, maar dat hoeft zeker niet. Door steeds te kijken naar iemands situatie, aan te sluiten bij iemands vrijwillige energie en beschikbaarheid te matchen met de mogelijkheden die er zijn om zich vrijwillig in te zetten. Want, ook vrijwilligerswerk kan iets groots maar ook iets kleins zijn. De komende jaren zetten we in op twee pijlers: 1. Je vrijwillig inzetten moet voor iedereen mogelijk zijn Vrijwillige inzet is voor iedereen. We zien dat er steeds meer ‘kwetsbare’ vrijwilligers bijkomen die begeleiding nodig hebben of op een aangepaste manier zich vrijwillig kunnen inzetten. We stimuleren vrijwilligersorganisaties om inclusiever te worden door trainingen aan te bieden en hun organisaties open te stellen voor vrijwilligers die iets meer hulp nodig hebben. Op dit moment zijn er 335 participatieplekken beschikbaar (zie ook Bestaanszekerheid). Deze plekken zijn bedoeld voor inwoners in een kwetsbare situatie die (nog) niet zelfstandig kunnen functioneren in een betaalde baan of op een vrijwilligers plek.

Voor de vrijwilligersorganisaties die deze inwoners een plek bieden is een begeleidingsvergoeding beschikbaar. 2. Vrijwillige energie vasthouden Zoals gezegd veranderen de wensen van vrijwilligers. Er is meer vraag naar flexibel vrijwilligerswerk en korte projecten, soms ook bij verschillende organisaties. Daarnaast zien we dat een grote groep ouderen zich vrijwillig wil inzetten op basis van hun kennis. Wij helpen en begeleiden vrijwilligersorganisaties om zich in te richten op deze nieuwe vragen. Zo kunnen zij hun organisatie toekomstbestendig maken en zijn zij beter in staat om in vrijwilligers vast te houden. Voor organisaties is het belangrijk om te investeren in hun vrijwilligers. Vrijwilligers komen hulp brengen én ze komen ook iets halen, zoals ontmoeting, nieuwe contacten, talentontwikkeling, etc. Vrijwillige energie vasthouden is minstens zo belangrijk als nieuwe vrijwilligers werven. Bovenstaande pijlers werken we in 2024 verder uit in een uitvoeringsprogramma ‘Vrijwillige inzet’.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

45

Uitgelicht: Vrijwillige inzet in cijfers In 2021 gaf 24% van de volwassen Dordtse inwoners aan dat ze de afgelopen 12 maanden vrijwilligerswerk hadden gedaan (OCD). Dit is lager dan 2017, toen 34% van de inwoners aangaf dat ze vrijwilligerswerk deden. Een daling die we ook landelijk zien, mede veroorzaakt door de coronacrisis. De meeste inwoners die vrijwilligerswerk doen, doen dit bij een godsdienstige of levensbeschouwelijke organisatie of bij een sportvereniging (respectievelijk 6% en 5% van alle volwassen inwoners).

N.B. Het percentage inwoners dat zich vrijwillig inzet ligt in werkelijkheid hoger, omdat een deel van de vrijwilligers hun activiteiten niet als zodanig definieert.

Mantelzorg Een mantelzorger is iemand die onbetaald en vaak langdurig zorgt voor een chronisch zieke, gehandicapte of hulpbehoevende persoon in zijn/haar omgeving. De hulp kan intensief maar ook minder intensief zijn. Waar vrijwillige inzet een keuze is, is het bieden van mantelzorg dit niet. Het overkomt je. Dat is een groot verschil. Gelukkig gaat het in veel zorgsituaties goed en geeft het bieden van mantelzorg veel voldoening. Mantelzorgers vinden het zorgen voor een naaste vaak iets vanzelfsprekends. Met name waar het gaat om een familielid.21 Niet iedereen die mantelzorg biedt, ziet zichzelf dan ook als mantelzorger.

Uitgelicht: Mantelzorgers in cijfers In Dordrecht geeft 14% van de volwassen inwoners aan in de afgelopen 12 maanden intensief (≥8 uur per week) of langdurig (langer dan 3 maanden) mantelzorg te hebben gegeven (GGD ZHZ, 2022). Dit komt overeen met het aandeel mantelzorgers landelijk en voorgaande jaren. Onder 65-plussers is dit aandeel groter, namelijk 19%. Ook zien we dat vrouwen vaker mantelzorg geven dan mannen: 18% versus 12%. Mantelzorgers bieden met name gezelschap/emotionele steun en/of huishoudelijke ondersteuning. Wat betreft overbelasting: 6% van de mantelzorgers geeft aan enigszins belast te zijn door het geven van mantelzorg, 3% zegt zwaar belast te zijn.

21

Bron: SCP, Mantelzorg in het Vizier (2019)

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

46

Net zoals Dordtenaren die zich vrijwillig inzetten, zijn mantelzorgers van onschatbare waarde voor de Dordtse samenleving. Mantelzorgers vormen een onmisbare schakel in de dagelijkse ondersteuning van inwoners die voor korte of langere tijd zorg nodig hebben. Dankzij hun inzet kan een zorgvrager langer thuis blijven wonen. De inzet van mantelzorgers is echter niet onuitputtelijk. We zien het als onze rol om, daar waar nodig, mantelzorgers te helpen om de eigen draagkracht en draaglast in balans te houden. Zodat zij naast hun zorgtaken volwaardig en naar eigen wens mee kunnen blijven doen in de samenleving. Dordtse mantelzorgers kunnen op onze ondersteuning en waardering rekenen. Met een goede mix aan voorzieningen en het op tijd inzetten daarvan, proberen we overbelasting, uitval en eenzaamheid onder mantelzorgers te voorkomen. Dordrecht is al jaren koploper op het gebied van mantelzorgbeleid in Nederland, onder andere met ons Expertisecentrum Mantelzorg. We voorzagen al langer dat mantelzorg een steeds grotere rol speelt in het leven van inwoners: iedereen krijgt op een dag te maken met mantelzorg (door het te bieden of te krijgen). Door de vergrijzing neemt de vraag naar mantelzorgers toe. Ook zijn er meer mantelzorgers nodig door het tekort aan personeel in de zorg en de landelijke koers dat mensen langer zelfstandig thuis moeten wonen.

De komende jaren verstevigen we de zichtbaarheid van het lokale Expertisecentrum, zodat zij de centrale loket zijn en blijven voor netwerkpartners, werkgevers en inwoners die te maken krijgen met het intensief zorgen voor een naaste. Daarnaast zetten we ons in om de positie van mantelzorgers in de samenleving te versterken en, vanuit de gedachte van normaliseren, de samenleving klaar te maken voor het combineren van zorgtaken voor een naaste met andere taken in het leven zoals werk, sociale contacten en ouderschap.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

47

De komende jaren richten we onze aanpak op drie pijlers: 1. Mantelzorgers preventief ondersteunen We maken de omslag van aandacht en ondersteuning in een (te) laat stadium naar het vroegtijdig positioneren en invlechten van mantelzorg in de dagelijkse praktijk, zoals op school, werk en thuis. 2. Mantelzorgers krijgen meer regie Professionals hebben meer oog voor mantelzorgers, waarbij mantelzorgers meer regie en aandacht krijgen vanuit een gelijkwaardige positie. 3. Domeinoverstijgende samenwerking Vanuit verschillende zorgstelsels en wetten (Wmo, Zorgverzekeringswet en Wet langdurige zorg) houden professionals zich bezig met mantelzorg. Financiële schotten en prikkels belemmeren de samenwerking, terwijl dit voor mantelzorgers juist zo belangrijk is. We zetten ons de komende jaren in voor domeinoverstijgende afspraken, inclusief financiering. Bovenstaande pijlers werken we in 2024 verder uit in een uitvoeringsprogramma ‘Mantelzorg’.

Uitgelicht: samenwerking op landelijk niveau Ook op landelijk niveau wordt er hard gewerkt aan het verbeteren van de ondersteuning aan mantelzorgers.22 Samenwerking hierin is erg belangrijk, zodat we gezamenlijk de middelen die er zijn voor ondersteuning, verlichting en waardering zo effectief mogelijk inzetten. Partners waarmee we als gemeente samenwerken zijn onder andere zorgverzekeraars en zorgkantoren. Hiermee geven we invulling aan een nationale opgave, verwerkt in meerdere nationale akkoorden zoals het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA).

22

22

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Mantelzorgagenda 2023 - 2026

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

48

Samen voor een sterk sociaal Dordrecht

Al

5.

ge

men

e vo orzie ni

ng

en

Algemeen aanbod aan sociale voorzieningen

De kracht van de stad is niet onuitputtelijk. Sommige, vooral complexe, hulpvragen kunnen niet door inwoners zelf of onderling opgelost worden. Wat als er meer nodig is? We vinden het belangrijk dat inwoners kunnen terugvallen op een goed sociaal voorzieningenniveau. Hierbij gaat het allereerst om voorzieningen die voor iedereen toegankelijk zijn; algemene voorzieningen. Pas wanneer deze voorzieningen onvoldoende uitkomst bieden, kijken we of meer specialistische - maatwerkvoorzieningen23 nodig zijn. Zo houden we het sociaal voorzieningenniveau in de stad kwalitatief en financieel op peil. Als gemeente streven we naar een goed aanbod van algemene sociale voorzieningen; voorzieningen waar geen indicatie of beschikking voor nodig is. Dordrecht kent op dit moment al veel algemene voorzieningen. Het gaat hierbij niet alleen om voorzieningen waar inwoners binnen kunnen lopen met een kleine of grote hulpvraag, maar ook om voorzieningen waar inwoners terecht kunnen om anderen te ontmoeten en aan vrijetijdsbesteding te doen. Denk bijvoorbeeld aan sportverenigingen, amateurkunstverenigingen, buurthuizen, de bibliotheek, buurt- en jongerenwerk, vrijwilligersorganisaties, bewonersinitiatieven en het sociaal wijkteam. Algemene voorzieningen verminderen dus niet alleen de druk op maatwerkvoorzieningen maar leiden ook tot meer ontmoeting en sociale cohesie.

We willen dat er in Dordrecht een groter beroep gedaan wordt op algemene voorzieningen in plaats van maatwerkvoorzieningen. Oftewel: dat algemene voorzieningen voorliggend zijn aan maatwerkvoorzieningen. Om meerdere redenen: •

•

•

23

Allereerst verminderen algemene voorzieningen de druk op maatwerkvoorzieningen, die vaak duurder zijn en waar vaker wachtlijsten voor zijn. Niet alleen doordat inwoners minder snel worden doorverwezen naar een maatwerkvoorziening, maar ook doordat inwoners na hulp te hebben gekregen via een maatwerkvoorziening terugverwezen kunnen worden naar een algemene voorzieningen (oftewel: afschalen van hulp). Zo houden we maatwerkvoorzieningen beschikbaar voor inwoners die het echt nodig hebben. Ten tweede gaat van algemene voorzieningen een preventieve werking uit. Doordat inwoners elkaar ontmoeten en kunnen helpen, maar ook doordat vrijwilligers en professionals (werkzaam bij algemene voorzieningen) eerder een hulpvraag signaleren en hierover het gesprek met een inwoner kunnen voeren. Hierdoor blijven kleine hulpvragen vaak klein. Wanneer een hulpvraag (te) groot is en niet met de hulp van een algemene voorziening opgelost kan worden, kan een vrijwilliger of professional een inwoner doorverwijzen naar meer specialistische hulp (zie het hoofdstuk ‘Passende, tijdige hulp met een integrale blik’). Tot slot dragen algemene voorzieningen bij aan normaliseren. Algemene voorzieningen zijn verspreid over de stad en bevinden zich dichtbij inwoners. Algemene voorzieningen zijn daarmee vaak laagdrempeliger, meer vertrouwd en onderdeel van het ‘gewone’ leven.

Ook zijn bij algemene voorzieningen vaak (ook) vrijwilligers en ervaringsdeskundigen actief, wat bijdraagt aan de laagdrempeligheid en kennis van de geboden hulp. Tot slot is er vaak meer ruimte voor out of the box oplossingen.

Voorzieningen waar een indicatie of beschikking voor nodig is en dus niet vrij toegankelijk zijn. Overigens: binnen de Jeugdwet wordt niet gesproken over maatwerkvoorzieningen (= Wmo-term), maar over individuele voorzieningen.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

50

Hoe houden we het aanbod aan algemene sociale voorzieningen in onze stad op peil? En hoe zorgen we ervoor dat algemene voorzieningen voorliggend zijn aan maatwerkvoorzieningen? Het belangrijkste instrument dat we als gemeente hebben om te sturen op algemene voorzieningen is het verlenen van subsidies of het aangaan van inkoopcontracten. Voor een deel van de algemene voorzieningen geldt dat we deze als gemeente volledig (bijvoorbeeld het sociaal wijkteam, buurt- en jongerenwerk, de bibliotheek) of deels (zoals de Buitenwacht, het Vogelnest, stichting Present, stichting Helpende Handen) financieren. Daarnaast zijn er sociale voorzieningen die niet afhankelijk zijn van onze gemeentelijke financiering. Deze sociaal ondernemers24 met een maatschappelijke missie dragen we een warm hart toe. We bevorderen de samenwerking met deze voorzieningen door deze ondernemers te verbinden aan andere initiatieven in de stad en door hen te faciliteren waar mogelijk. Algemene voorzieningen in Dordrecht Dubbeldammers voor Dubbeldammers Ouderplatform ZHZ Arooda scouting

Oud Geleerd Jong Gedaan

Speeltuinverenigingen

Drechtstadboer

Vluchtelingenwerk Via Lumina Hattrick - Toppie Bureau sociaal Raadslieden Wij Crabbehof Da Vinci College

Vogelnest Jong JGZ De Zolderkamer Mantelzorgondersteuning Financieel Hulphuis

Fysiotherapie Balanz

Buddyzorg

Helpende Handen Dordrecht Sociaal Werkshop Vier het leven

Onafhankelijke clientondersteuning Schuldhulpmaatje

INZET078 Het Spectrum Matchingsunit Wijk voor Wijk Slachtofferhulp

Present

Buitenwacht DOOR - No Label Homestart

Hulplijn Dordrecht

De Mantelaar

Resto van Harte

Toelichting: overzicht van algemene voorzieningen die (deels) gefinancieerd worden door de gemeente. Het overzicht is niet volledig.

24

Ondernemers die niet of gedeeltelijk afhankelijk zijn van gemeentelijke financiering.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

51

Bij de door ons (deels) gefinancieerde voorzieningen hebben we aandacht voor: • • • • •

Het maken van keuzes Het stimuleren van samenwerking Meerjarig subsidiëren en inkopen Vindplaatsgericht werken Het invoeren van een eigen bijdrage

Het maken van keuzes Investeren in algemene voorzieningen dwingt ons om heldere keuzes te maken. Het is gewoonweg niet mogelijk om alle initiatieven te financieren en daarnaast ook niet wenselijk. Het risico is dat inwoners ‘door de bomen het bos niet meer zien’. We vinden het belangrijk dat er een goed overzicht is aan algemene voorzieningen en dat we algemene voorzieningen financieren die bijdragen aan onze inhoudelijke uitgangspunten in deze visie: het bevorderen van bestaanszekerheid (en daarmee kansengelijkheid) en sociale cohesie. Daarnaast leggen we in inkoop- en subsidievoorwaarden vast dat algemene voorzieningen moeten bijdragen aan preventie, vroegsignalering, normaliseren en dat medewerkers met een integrale blik naar een situatie moeten kijken. Tot slot willen we groepsaanbod stimuleren. Dit verkort wachtlijsten, is vaak goedkoper en stimuleert bovendien de sociale cohesie onder deelnemers. Bij het maken van keuzes in het aanbod van algemene voorzieningen kijken we ook naar wat nodig is in een wijk of buurt. Daarnaast kiezen we voor algemene voorzieningen waarbij specifieke doelgroepen het meeste baat hebben, uit preventief oogpunt (kinderen en jongeren) of vanwege een bepaalde achterstand of kwetsbaarheid (zoals minima, laaggeletterden en ouderen). In 2024 toetsen we de door ons gefinancieerde algemene voorzieningen aan de uitgangspunten in deze visie.

Centraal hierin staat de vraag of het aanbod van algemene voorzieningen nog past bij de vraag en behoefte van inwoners. Daarnaast kijken we naar dubbelingen in het aanbod en of algemene voorzieningen goed op elkaar en op maatwerkvoorzieningen aansluiten.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

52

Het stimuleren van samenwerking We stimuleren de samenwerking tussen algemene voorzieningen onderling en tussen algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen.25 Dit doen we door gesprekken te voeren met aanbieders gezamenlijk en de samenwerking als voorwaarde vast te leggen in subsidiebeschikkingen en inkoopcontracten. Op deze manier stimuleren we dat er integraal naar een inwoner en diens situatie gekeken wordt en stimuleren we het op- en afschalen tussen algemene en maatwerkvoorzieningen. Door een sociaal makelaar of professional van het sociaal wijkteam mee te laten kijken voordat een indicatie of beschikking wordt afgegeven (is er een algemene voorziening voorliggend en kan deze als alternatief dienen?), stimuleren we het gebruik van algemene voorzieningen boven maatwerkvoorzieningen. Het is erg belangrijk dat professionals en vrijwilligers (werkzaam bij algemene en maatwerkvoorzieningen) van elkaars bestaan en aanbod af weten. Dit valt of staat vaak met persoonlijk contact. Op dit moment zien we dat het nog te veel gescheiden werelden zijn, met de professionals van de toegang (van het sociaal wijkteam en de Sociale Dienst Drechtsteden (SDD)) als schakel er tussen. We zetten in op meer gebiedsgerichte samenwerking en functies zoals sociaal makelaars, die de sociale kaart van Dordrecht goed kennen.

Daarnaast blijven de integrale consulenten van de SDD vindplaatsgericht werken bij alle locaties van het Sociaal Wijkteam, waardoor zij het aanbod van algemene voorzieningen beter in beeld hebben en samen met de professionals van het sociaal wijkteam integraal hulp kunnen bieden.

25

We gebruiken hierbij ook data over het gebruik van voorzieningen, zodat we gericht de samenwerking kunnen stimuleren tussen algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen waar veel gebruik van wordt gemaakt.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

53

Meerjarig subsidiëren en inkopen Veel subsidieverleningen en inkoopcontracten hebben een looptijd van één of twee jaar. Dit zorgt bij veel van onze partners voor onrust. We gaan, daar waar mogelijk, meerjarig subsidiëren en inkopen, zodat partners de ruimte hebben om vanuit een meerjarige visie en strategie te investeren en innoveren. Dit hebben we al gedaan bij de vierjarige opdracht aan Dordrecht Sociaal voor het uitvoeren van het Sociaal Wijkteam, buurt- en jongerenwerk. Vindplaatsgericht werken We willen dat algemene voorzieningen makkelijk te vinden en toegankelijk zijn voor alle Dordtenaren. De stap naar een algemene voorziening moet klein zijn. We weten dat dit niet voor iedereen geldt en daarom nemen we als subsidie- en inkoopvoorwaarde op dat medewerkers van algemene voorzieningen ‘outreachend’ werken en zichtbaar/vindbaar zijn op ‘natuurlijke’ plekken in de stad. Sociaal makelaars, buurten jongerenwerkers zijn hier specifiek in getraind. Zij weten wat er speelt in de wijk of buurt en welke voorzieningen er zijn. Daarmee kunnen zij inwoners laagdrempelig de weg wijzen naar passende hulp, eventueel via het sociaal wijkteam als specialistische hulp nodig is. Dit geldt ook voor vrijwilligers van vrijwilligersorganisaties, zoals De Buitenwacht, die proactief langs de deuren gaan om inwoners te bezoeken. Ook voor online vindplaatsen hebben we aandacht.

Het invoeren van een eigen bijdrage We voeren voor bepaalde algemene voorzieningen, zoals de zorgoppas en de wasservice, een eigen bijdrage in via de integrale verordening sociaal domein, waarbij we rekening houden met de draagkracht-draaglast verhouding van inwoners. Hiermee blijven deze voorzieningen laagdrempelig beschikbaar voor inwoners die het echt nodig hebben en betalen/regelen inwoners met meer draagkracht meer hulp zelf. Belangrijk om hierbij te vermelden is dat de eigen bijdrage nooit hoger zal zijn dan de kostprijs van de voorziening en dat minima kunnen worden uitgezonderd.26

Uitgelicht: Jeugdhulp en Wmo naar voren Hoe kunnen we beter de beweging van maatwerkvoorzieningen naar algemene voorzieningen maken dan door een maatwerkvoorziening ‘naar voren’ te halen en er een algemene voorziening van te maken? Precies. In 2021 zijn we hiermee begonnen bij voorzieningen die onder de Jeugdwet vallen, onder de noemer ‘Jeugdhulp naar voren’. Voorbeelden zijn de praktijkondersteuner Jeugd GGZ en FLITS. Met deze algemene voorzieningen krijgen kinderen en jongeren sneller passendere hulp, omdat er eerder (preventief) hulp geboden wordt en bijvoorbeeld meer gebruik wordt gemaakt van groepsbehandeling of ervaringsdeskundigen. Daardoor is de hulp goedkoper voor ons als gemeente. Met de herijking van de verordening Wmo maken we ook bij de Wmo een grotere stap naar voren. We financieren Jeugdhulp en Wmo naar voren met geld dat we anders kwijt waren geweest aan maatwerkvoorzieningen. We ‘buigen’ dus niet alleen de voorziening om, maar ook de financiën.

26

Voor inwoners die de eigen bijdrage niet kunnen betalen, zoeken we een oplossing via de minimaregelingen.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

54

Samen voor een sterk sociaal Dordrecht

6.

Spe

c ia listis c h e h u l p

Specialistische hulp: passender, tijdiger en integraler

Een groot deel van de hulpvragen van inwoners kunnen beantwoord worden met algemene voorzieningen, maar niet alle. Voor deze vragen is meer specialistische hulp nodig in de vorm van maatwerk- of individuele voorzieningen.27 De druk op deze voorzieningen is groot. Hulpvragen worden complexer en het aantal neemt toe. Daarnaast dreigt een tekort aan personeel. Hierdoor ontstaan wachtlijsten en moet het sociaal wijkteam steeds meer overbruggingszorg bieden, waardoor ook daar de druk toeneemt. Als gemeente moeten we keuzes maken en integraler kijken, zodat specialistische hulp beschikbaar blijft voor inwoners die het echt nodig hebben. Als gemeente hebben we de taak om inwoners de toegang tot specialistische hulp te verlenen en inwoners passend en tijdig te helpen binnen de Jeugdwet, Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en Participatiewet. We kijken echter ook breder naar aanpalende wetgeving, zoals de Zorgverzekeringswet (Zvw), Wet langdurige zorg (Wlz) en Wet passend onderwijs. Bij complexe hulpvragen is vaak hulp uit verschillende wetten nodig. We willen dat inwoners hier zo min mogelijk last van hebben. Eén van de oplossingen om specialistisch hulp in de toekomst beschikbaar te houden voor mensen die het echt nodig hebben, hebben we in het vorige hoofdstuk uitgelegd: de kanteling naar meer algemene voorzieningen. Een andere oplossing zien we in de gemeentelijke toegang.

We kiezen voor een meer integrale vraagverheldering en een strengere toegang. Een andere oplossing zien we in het aanpassen van het huidige hulpaanbod onder de Jeugdwet en Wmo (aanscherpen en innoveren) en strakker sturen op inkoop- en contractafspraken. Tot slot werken we aan meer integrale samenwerking met partners over de verschillende wetten heen.

Gemeentelijke toegang: integraler en strenger We hebben in Dordrecht een integrale, gemeentelijke toegangspoort voor specialistische hulp: het sociaal wijkteam, per 1 januari 2023 uitgevoerd door Dordrecht Sociaal in samenwerking met de SDD.28 29 Het sociaal wijkteam is niet alleen de toegangspoort tot specialistische hulp, maar biedt ook zelf kortstondige hulp en verwijst door naar algemene voorzieningen.

27

Voorzieningen waar een indicatie of beschikking voor nodig is en dus niet vrij toegankelijk zijn. Binnen de Wmo wordt gesproken over maatwerkvoorzieningen, binnen de Jeugdwet wordt gesproken over individuele voorzieningen.

28

Op alle locaties van het sociaal wijkteam zijn integrale consulenten van de Sociale Dienst Drechtsteden werkzaam.

29

De professionals van het sociaal wijkteam geven een advies. De daadwerkelijke beschikking voor specialistische hulp wordt afgegeven door de Serviceorganisatie Jeugd (Jeugdwet) en Sociale Dienst Drechtsteden (P-wet en Wmo).

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

56

Integrale vraagverheldering We willen dat inwoners snel passende hulp ontvangen. Eerder en passender dan nu vaak het geval is. Een goede vraagverheldering, waarbij naar de onderliggende oorzaak wordt gekeken, is hiervoor het startpunt. Vanaf 2024 werken alle professionals van het sociaal wijkteam daarom met een eenduidige integrale klantroute en vanuit de omgekeerde toets (zie kader op de volgende pagina). Dit betekent dat de inwoner, diens hulpvraag en sociale context centraal staan en de professional samen met de inwoner een beoordeling maakt van de draagkracht-draaglast verhouding van de inwoner. Een goede vraagverheldering en goede gesprekken over mogelijkheden en verwachtingen leiden uiteindelijk tot een gedragen plan met realistische doelen en tijdsinzet. Volgens de integrale klantroute: •

•

Worden enkelvoudige en/of relatief eenvoudige hulpvragen kort gescreend en vervolgens direct opgepakt door het sociaal wijkteam of doorverwezen naar een algemene voorziening. Complexe en/of multiproblem vraagstukken doorgezet voor integrale vraagverheldering en in een later stadium toegeleid naar passende hulp: hulp die geboden wordt door het sociaal wijkteam zelf of, met een beschikking, door een specialistische aanbieder.

Bij complexe en/of multiproblem vraagstukken zijn vaak meerdere partijen betrokken. Dit maakt het bieden van passende hulp nog complexer. Integrale, overstijgende triage (lees: beoordeling van de hulpvraag) is erg belangrijk en noodzakelijk. Zo snel mogelijk. Voor een duurzame oplossing is het belangrijk dat alle partners van het begin tot het eind zich bewust zijn van hun eigen rol en het grotere plaatje, de inwoner centraal stellen en out-of-the box denken. Het bevorderen van deze bewustwording en het stimuleren van samenwerking zien we als onze gemeentelijke rol.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

57

De afgelopen jaren hebben we hier al stappen ingezet, maar we zijn er nog niet. We investeren de komende jaren verder in een goede samenwerking met en tussen partners die een rol hebben in de triage, zoals het sociaal wijkteam, de gecertificeerde instellingen (GI’s), Sociale Dienst Drechtsteden en Serviceorganisatie Jeugd ZHZ. Kennis van de verschillende wetten, pgb/zorg in natura, beperkingen (zoals LVB en GGZ)30 en het aanbod aan algemene voorzieningen en specialistisch aanbod is hierbij een vereiste.

Uitgelicht: Omgekeerde toets Bij de omgekeerde toets staat de inwoner centraal en zijn/haar hulpvraag, doel en ambitie. Dit wordt eerst in kaart gebracht, om vervolgens te kijken of het past binnen de verschillende wetten en het financieel kader (de inwoner is het uitgangspunt, niet de wetgeving). Daarna volgt logischerwijs een besluit en plan waarmee de inwoner het meest geholpen is. De aanpak van de omgekeerde toets staat centraal in de nog te schrijven integrale verordening sociaal domein. Daarnaast hebben we bij het beoordelen van een hulpvraag in de integrale verordening onder andere oog voor: • • • • •

30

De draagkracht-draaglast verhouding van een inwoner. De draagkracht-draaglast verhouding van het sociaal netwerk van de inwoner. Het normaliseren van hulpvragen. De afbakening met andere wetgeving, zoals de Wlz en Zvw. Professionele vrijheid om maatwerk te kunnen bieden.

LVB = licht verstandelijke beperking. GGZ = geestelijke gezondheidszorg

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

58

Kostenbewust werken We willen dat de professionals van het sociaal wijkteam strenger zijn op het doorverwijzen naar specialistische hulp onder de Jeugdwet, Participatiewet en Wmo en meer kostenbewust werken. Kostenbewust werken en de beste hulp voor de inwoner. Kan dat samen? Zeker. Door een goede, integrale vraagverheldering en door te kijken naar de draagkracht van de inwoner en zijn/haar sociale context. De best passende hulp hoeft zeker niet altijd specialistische hulp met een beschikking te zijn, maar kan ook in een algemene voorziening worden gevonden. Daarnaast vinden we het belangrijk dat professionals kijken naar (alternatieve) hulp vanuit aanpalende wetgeving, zoals de Zorgverzekeringswet, Wet langdurige Zorg en Wet Passend Onderwijs. Tot slot vinden we dat kostenbewust werken hand-in-hand gaat met normaliseren. Niet alle hulpvragen kunnen volledig opgelost worden. We moeten ons realiseren dat een 6 als eindresultaat ook goed genoeg is en dat niet alles een 9 hoeft te zijn. Samenwerking met andere toegangspoorten Inwoners kunnen voor hulp ook aankloppen bij andere toegangspoorten, zoals huisartsen en gecertificeerde instellingen (GI’s). Daarnaast stellen inwoners vragen bij algemene voorzieningen, zoals de bibliotheek en jeugdgezondheidszorg. Waar inwoners ook aankloppen met een vraag, we willen dat de juiste hulp geboden wordt.

Daarom zijn korte lijnen en goede samenwerking tussen de verschillende toegangspoorten erg belangrijk. Om inwoners snel, passend en op een eenduidige wijze te voorzien van hulp moeten professionals weten wat er allemaal aan hulp te koop is in de stad. Dit werkt beide kanten op. Voor huisartsen en GI’s is het belangrijk om te weten wat het sociaal wijkteam en andere algemene voorzieningen aan hulp kunnen bieden (voordat onnodig doorverwezen wordt naar specialistische hulp). Voor professionals van het sociaal wijkteam is het noodzakelijk om kennis te hebben van algemene voorzieningen en specialistische hulp/expertise om een juiste doorverwijzing te kunnen maken en mogelijk, op een later moment, de hulp te kunnen op- of afschalen. De samenwerking tussen alle partijen kan en moet beter en blijft daarom onze aandacht de komende jaren houden. Om met elkaar meer bewustwording te hebben van en zicht te hebben op de kwaliteit van hulp, de inzet van schaarse middelen en onnodige doorverwijzingen naar specialistische hulp.

Uitgelicht: praktijkondersteuners GGZ Jeugd Om de samenwerking met huisartsen te verbeteren zijn er sinds september 2021 praktijkondersteuners (POH-ers) GGZ Jeugd werkzaam bij verschillende huisartsenpraktijken in Dordrecht. De POH-ers hebben kennis ten aanzien van diagnostiek, begeleiding, behandeling en verwijsmogelijkheden (ook naar algemene voorzieningen) binnen de huisartsenpraktijken gebracht. Daarnaast heeft de inzet van POH-ers geleid tot minder doorverwijzingen vanuit huisartsen naar specialistische hulp. Vanwege de toegenomen kennis, maar ook door meer te normaliseren en demedicaliseren.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

59

Wachtlijsten Zoals gezegd neemt de druk op voorzieningen toe en daarmee ook op de toegang. Steeds vaker zijn er wachtlijsten voor het krijgen van hulp. Hier willen we als gemeente wat aan doen. Zo onderzoeken we of het mogelijk is om inwoners waarbij de draagkracht-draaglast verhouding het meest uit balans is of situaties die dreigen te escaleren, met voorrang kunnen worden geholpen. Daarnaast verkennen we, samen met aanbieders, mogelijkheden om de tijd op een wachtlijst nuttig te besteden. Oftewel: wachtenden tijdens het wachten alvast (lichte) hulp te bieden, bijvoorbeeld in de vorm van een online cursus of voorlichting.

Aanpassingen in het hulpaanbod We zijn wettelijk verplicht om hulp aan te bieden aan onze inwoners vanuit de drie wetten. Omdat we door het tekort aan zorgpersoneel keuzes moeten maken om hulp beschikbaar te houden voor Dordtse inwoners kijken we samen met onze partners naar welke hulp we op welke manier willen blijven bieden en waar we mee gaan stoppen. De vraag is wat we binnen de wettelijke kaders gebruikelijk vinden om als gemeente aan te bieden en wat niet. En welke mogelijkheden zijn er binnen de wettelijke kaders?31 Aanscherpen van hulpaanbod Voor de Jeugdwet geldt dat per 1 januari 2022 nieuwe inkoop- en contractafspraken zijn gemaakt met jeugdhulpaanbieders. Onderdeel van de nieuwe afspraken is een normenkader; een kader waarin voor de meeste jeugdhulpvoorzieningen is aangegeven hoe lang de hulp geboden mag worden (intensiteit en duur) en tegen welk tarief. De implementatie van het normenkader heeft de nodige voeten in de aarde gehad. Inmiddels krijgt de uitvoering van het normenkader steeds meer vorm. Aanbieders weten de weg naar het sociaal wijkteam voor het aanvragen van normoverschrijdingen steeds beter te vinden.

Dit brengt de professionals van het sociaal wijkteam beter in positie: zij beoordelen niet alleen de aanvragen, maar voeren ook met aanbieders het gesprek over de ingezette hulp, of er betere alternatieven zijn in het aanbod aan algemene voorzieningen en of/welke vervolghulp gewenst is. We zijn er echter nog niet. Er zijn veel aanvragen voor overschrijdingen en er is nog geen eenduidige werkwijze voor aanbieders en het sociaal wijkteam. We werken de komende jaren aan een eenduidig en uniform werkproces, lagere administratieve lasten en een heldere evaluatiecyclus. Dit komt de uitvoering van het normenkader ten goede.

31

We beperken ons hier tot het hulpaanbod binnen de Jeugdwet en Wmo. In het hoofdstuk Bestaanszekerheid hebben we de mogelijkheden ten aanzien van het aanbod binnen de Participatiewet beschreven.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

60

De uitvoering van het normenkader biedt ons en professionals veel data en kwalitatieve informatie over de hulp die geboden wordt.32 Data die we op geaggregeerd niveau gebruiken voor contractgesprekken met aanbieders, die we samen met de Serviceorganisatie Jeugd ZHZ voeren. Zo kunnen we beter sturen op de inkoop- en contractafspraken, verbeteren we de kwaliteit van de hulp en zorgen we er gezamenlijk voor dat er minder onnodig gebruik wordt gemaakt van specialistische hulp. Ook binnen de Wmo hebben we voor verschillende maatwerkvoorzieningen samen met Wmo-aanbieders het goede gesprek over prijs, soort hulp en kwaliteit. De Sociale Dienst Drechtsteden (SDD) stuurt op deze afspraken in de contractgesprekken die zij voeren met aanbieders. Ook voor de Wmo geldt dat data hierbij een belangrijke rol speelt om de kwaliteit van de zorg en de financiën op peil te houden. In de komende jaren onderzoeken we, samen met de SDD, welke maatwerkvoorzieningen we met welke kwaliteit willen blijven bieden binnen het wettelijke kader.

Dit betekent dat we beter kijken naar hoe we maatwerkvoorzieningen zoals huishoudelijke ondersteuning en individuele begeleiding beschikbaar kunnen houden voor inwoners die dat echt nodig hebben: hoe houden we wachttijden beperkt en de kwaliteit van de hulp goed? Innoveren van hulpaanbod Naast het normeren van het huidige hulpaanbod zetten we de komende jaren in op het innoveren van het aanbod. We willen onder andere dat er binnen het hulpaanbod meer gebruik wordt gemaakt van ervaringsdeskundigheid. Met hun zelf opgedane ervaringen en kennis voegen ervaringsdeskundigen een ander perspectief toe aan het hulpaanbod en maken de hulp laagdrempeliger. Ook streven we meer groepsaanbod na in plaats van individueel aanbod. Het uitwisselen van ervaringen en tips en het bieden van steun aan elkaar heeft een grote meerwaarde in het hulpverleningsproces. Tot slot verkennen we technologische ontwikkelingen en wat deze te bieden hebben voor het toekomstig hulpgebruik.

32

Op basis van de data kan het nodig zijn om normen aan te passen.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

61

Omzetten van hulpaanbod naar algemene voorzieningen De kanteling van specialistisch hulpaanbod naar algemeen aanbod hebben we in het vorige hoofdstuk beschreven.33 In 2021 zijn we hiermee begonnen bij voorzieningen die onder de Jeugdwet vallen, onder de noemer ‘Jeugdhulp naar voren’. Voorbeelden zijn de praktijkondersteuner Jeugd GGZ en FLITS. Met de herijking van de verordening Wmo maken we ook bij de Wmo een grotere stap naar voren. De pilot wasservice is hier een goed voorbeeld van.34 Uiteraard hebben we hierbij oog voor de balans tussen algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen, zodat specialistische expertise en hulp beschikbaar blijft voor complexe hulpvragen.

Samenwerking: integraler en over de wetten heen Naast investeren in preventie en normaliseren, zijn investeren in integraliteit en het verbeteren van de samenwerking tussen partners twee belangrijke uitgangspunten in deze visie. Eerder gaven we aan dat we willen dat er in de toegang - meer dan voorheen – integraal en in gezamenlijkheid naar een hulpvraag gekeken wordt. Met name wanneer sprake is van multiproblematiek. Dit geldt echter niet alleen voor de toegang, maar gedurende het gehele hulpverleningsproces. De inwoner staat steeds centraal, niet de verschillende wetten. We willen dan ook dat er ‘over de wetten heen’ samengewerkt wordt in het belang van de inwoner. Hier maken we onder andere afspraken over in onze subsidiebeschikkingen en inkoopcontracten. Maar ook met uitvoerders van aanpalende wetgeving maken we afspraken. Steeds wordt gekeken naar de meest passende hulp, waarbij een inwoner zo min mogelijk last heeft van de verschillende wetten en overgangen tussen de wetten. Maatwerk is belangrijk. Investeren in integraliteit en samenwerking kent een lange adem. Het gaat vaak gepaard met langlopende cultuurveranderingen binnen organisaties. Belangrijk hierbij te vermelden is dat zeker niet alles integraal hoeft. Een enkelvoudige hulpvraag kan vaak enkelvoudig opgelost worden.

In Dordrecht kiezen we voor (meer) integraliteit bij de aanpak van aandachthuishoudens en risicojongeren en waar het de samenwerking met aanpalende beleidsvelden (in het bijzonder veiligheid) en aanpalende wetgeving betreft. We beginnen echter met de noodzaak van een eenduidige visie op regie. Een vereiste om goed met elkaar samen te kunnen werken met een integrale blik.

33

Zie het kader op pagina 54. Het gaat hierbij niet enkel om het verplaatsen van de hulp, maar ook om het anders inrichten van de hulp. Bijvoorbeeld door te werken met groepen en ervaringsdeskundigen.

34

De was wordt opgehaald en centraal gewassen. Voorheen deed de huishoudelijke hulp de was.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

62

Visie op regie In principe heeft een inwoner zelf de regie over die hulp die hij/zij krijgt. In meer complexe situaties lukt het een inwoner soms niet om de regie te voeren. In deze situaties neemt een professional de regie tijdelijk over. Als er meerdere professionals betrokken zijn bij een hulpvraag is afstemming over ieders rol, en specifiek de regierol, erg belangrijk. Wie voert casusregie en wie procesregie? En wanneer?35 Samen met verschillende partners in het sociaal en veiligheidsdomein werken we aan een breed gedragen ‘visie op regie’. Denk aan Dordrecht Sociaal, Veilig Thuis en het Zorg- en Veiligheidshuis. De visie resulteert in heldere afspraken, die op casusniveau toegepast kunnen worden. De afspraken zorgen ervoor dat professionals van verschillende organisaties elkaar kunnen aanspreken op ieders verantwoordelijkheid en dat afspraken ook duidelijk gecommuniceerd kunnen worden met inwoners, zodat zij betrokken blijven. Op het moment dat een inwoner zelf weer regie kan voeren, gaat de regie weer terug naar de inwoner.

35

Wanneer er sprake is van complexe multiproblematiek wordt er naast een casusregisseur ook een procesregisseur aangesteld. Deze professional is niet inhoudelijk betrokken bij de casus, maar zorgt ervoor dat alle betrokken partijen goed met elkaar blijven samenwerken en het gezamenlijk opgestelde plan van aanpak uitvoeren.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

63

Aanpak aandachthuishoudens & risicojongeren Bij zo’n 4% van de gezinnen in Dordrecht is sprake van multiproblematiek op meerdere leefgebieden (wonen, financiën, zorg etc.). Dit zijn ongeveer 300 huishoudens die voor 28% van de kosten in het sociaal domein zorgen (± € 34 miljoen in de afgelopen vier jaar). Deze ‘aandachthuishoudens’ vragen bij uitstek om een integrale benadering. We spreken van een aandachthuishouden als er in een huishouden minimaal één ouder en één kind onder de 18 jaar is en er sprake is van meerdere complexe en/ of urgente hulpvragen die gepaard gaan met hoge kosten op verschillende leefgebieden/wetten. De oorzaak van de multiproblematiek ligt vaak niet alleen bij het gezin zelf, maar ook bij de complexiteit van de regelgeving en systemen in de samenleving. Bij aandachthuishoudens zijn vaak veel professionals van verschillende organisaties betrokken. Organisaties die vanuit verschillende domeinen en/of verschillende wetgeving werken met soms conflicterende belangen. Domeinoverstijgende regie wordt vaak gemist en het belangrijkste belang wordt uit het oog verloren: dat van de inwoner.

Uitgelicht: Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) De Wams regelt dat gemeenten de wettelijke mogelijkheid krijgen om tot een gecoördineerde aanpak te komen voor mensen of gezinnen met meerdere problemen. Met het wetsvoorstel kunnen gemeenten en andere betrokken organisaties die deze gezinnen helpen, makkelijker gegevens uitwisselen. Hierdoor kan hulp beter op elkaar worden afgestemd en ook tijdiger. De beoogde inwerkingtreding is door de val van het kabinet nog onzeker.

Visie sociaal domein Dordrecht 2030

64

In Dordrecht werken we al enkele jaren aan een doorbraakaanpak voor aandachthuishoudens. Deze aanpak kent verschillende elementen die we de komende jaren voortzetten en intensiveren: •

•

•

•

36

We hebben een sociaal pontonnier en interventiespecialisten in dienst die maatwerk bieden aan aandachthuishoudens en zo inzetten op een integrale aanpak.36 Zij hebben hiervoor een maatwerkbudget tot hun beschikking. Voorbeelden van maatwerkoplossingen zijn: inzet van bijzondere bijstand, ophoging van een norm, garant staan voor een makelaar, eenmalig borg betalen en een Wmo-beschikking kunnen aanvragen voordat iemand 18 jaar is. De gemeentelijke professionals zijn scherp op het niet te lang ‘pappen en nathouden’ van hulp en dus op het tijdig op- en afschalen van hulp. De systeemfouten die de sociaal pontonnier en interventiespecialisten signaleren, worden opgepakt en zoveel als mogelijk structureel geborgd in beleid en regelgeving. Bij het sociaal wijkteam is een team van doorbraakregisseurs getraind in de doorbraakmethode van het Instituut voor Publieke Waarden. De doorbraakmethode is een beproefde manier van werken langs steeds dezelfde zes processtappen, waarmee doorbraakregisseurs makkelijk en onderbouwd maatwerk kunnen leveren. De regisseurs beschikken ook over een maatwerkbudget. We zijn als gemeente aangesloten bij het landelijke Programma Maatwerk Multiprobleemhuishoudens (PMM).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/896/documents/37814