Vastgestelde notulen DD 6 juli 2022.pdf
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE RAAD DORDRECHT D.D. 6
WU 2 0 2 2 Vergaderkamer 1
Voorzitter: mevr. Vol -van der Hoist Raadsgriffier: mevr. Van Poppel Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Boone (Beter Voor Dordt) Dhr. Damen (PvdA) Dhr. De Feijter (CU/SGP) Dhr. De Vries (SP) Dhr. Hartmeijer (SP) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Dhr. Klerk (CDA) Dhr. Kolkilig (DENK) Mevr. Kruger (GroenLinks) Dhr. Kuhlmann (VVD) Mevr. Pichel (FvD) Dhr. Safranti (DENK) Mevr. Simon -van Waardhuizen (Beter Voor Dordt) Mevr. Stolk (VSP) Dhr. Stolk (VSP) Mevr. Striebeck (VSP) Dhr. Struijk (CU/SGP) Dhr. Van der Linden (CU/SGP) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Portefeuillehouders: wethouder R. van der Linden Insprekers: dhr. Steentjes, dhr. Corts, dhr. Rotteveel, dhr. Huisman, dhr. Van den Hout
1. Vervolggesprek raad, Provincie ZH, Qbuzz en Blue Amigo over dienstregeling 2023
De voorzitter: Ik ga om stilte vragen. Goedenavond allennaal. Welkom. Welkom kijkers thuis, publiek daar achterin. Ik zie de heer Stolk is nog bezig met iedereen gedag zeggen geloof ik. De heer Stolk, gaat u ook zitten. Dank u wel. Het is acht uur, dus we willen heel graag beginnen. Ik denk dat het handig is als we even een rondje doen om even voor te stellen zodat we weten met wie we allennaal te maken hebben. Deze vergadering is een beeldvornnende vergadering weer naar aanleiding van het vorige gesprek op 17 mei. Toen is afgesproken om een vervolggesprek te hebben op deze tijd omdat er veel speelt op dit moment. Ik ga gewoon even links van mij beginnen bij Denise van Poppet zit naast me, die stel ik gewoon even voor. Ik ben zelf Danielle Vol,
1
voorzitter van de avond en ik ga even naar de heren van de ambtelijke ondersteuning. Als u dan het rondje af wil gaan, graag. De heer Huisman: Robin Huisman, Blue Amigo, verantwoordelijk voor de innplementatie voor degenen die er de vorige keer niet bij waren. De heer Steentjes: Remon Steentjes namens Qbuzz en ik was hier 17 mei ook. De heer Corts: Jan Paul Corts ook namens Qbuzz, vervoerkundige, en ik was hier ook op 17 mei. De heer Rotteveel: Kees Rotteveel, Provincie Zuid-Holland, en ook ik was hier op 17 mei en vorig jaar een paar keer. De heer Damen: Leo Damen van de PvdA-fractie. De heer Stolk: Leo Stolk van de VSP. Mevrouw Striebeck: Bernadette Striebeck, VSP. De heer Kleinpaste: Gert Jan Kleinpaste, Gewoon Dordt. De heer Struijk: Leen Struijk, ChristenUnie/SGP. De heer Van der Meer: Frans-Bauke van der Meer, GroenLinks. Mevrouw Kruger: Kitty Kruger, GroenLinks Dordrecht. Mevrouw Pichel: Ruby Pichel, Forum voor Democratie. De heer Hartmeijer: Raymond Hartmeijer, SP. De heer Kuhlmann: Alexander Kuhlmann, Dordtse VVD. De heer Klerk: Albert Klerk, CDA Dordrecht. De heer Kolkilic: Masum Kolkilig, DENK. De heer De Feijter: Bart de Feijter, ChristenUnie/SGP. De heer Van den Hout: Jan van den Hout, reizigersoverleg regio Dordrecht. De voorzitter: Dank u wel. Alleen de mensen achterin, de raadsleden achterin graag nog even.
Dan begin ik even bij daar rechts achteraan en dan gaan we die kant op. De heer Safranti: Mehmet Safranti namens DENK Dordrecht. De heer Boone: Dave Boone, Beter Voor Dordt.
2
Mevrouw Simon -van Waardhuizen: Claudia Simon -van Waardhuizen, Beter Voor Dordt. De heer De Vries: Andre de Vries, VSP. De voorzitter: Dank u wel. Welkonn allemaal. Wij hebben vanavond een inspreker en ... oh, ik vergeet er een. Sorry, achteraan. Of niet? Nee? Oke. Hij heeft geen bordje bij zich ook. De heer Kleinpaste: Voorzitter. De voorzitter: Moment. Zegt u het maar. De heer Kleinpaste: Mag ik een klein puntje van orde maken? Ik bedoel, ik vind het altijd heel plezierig als van iedere partij gewoon iemand in de binnen cirkel aan tafel zit. Beter Voor Dordt zit achter mij. Dat gun ik ze van harte, maar ik vind het onplezierig praten. Het zou heel fijn zijn als van iedere partij gewoon iennand echt aan tafel zit. De volgende vraag is van: het is beeldvormend, je nnag in een partij met meerdere mensen ook vragen stellen? De voorzitter: Nee, de bedoeling was inderdaad minimaal een persoon. De heer Kleinpaste: Minimaal of maximaal? De voorzitter: Mininnaal een persoon van elke partij aan tafel en ik heb inderdaad VSP heb ik inderdaad niet aan tafel gezien of wel? Sorry, Beter Voor Dordt, sorry. Is er niemand van Beter Voor Dordt die hier aan tafel zit? Iemand die zich hierbij wil voegen? Nee, we hebben plek. Oke, het wordt geregeld, dus mevrouw Kruger mag lekker blijven zitten. Oke. Dank u wel. Oke. Nou, geregeld denk ik. Mooi. Dan zijn we er klaar voor.
Dan wil ik welkom heten aan de heer Van den Hout, dat is onze inspreker. Hij krijgt vijf nninuten van ons de tijd. Hij is van het reizigersoverleg en wil even het een en ander vertellen. Gaat uw gang. De heer Van den Hout: Geachte raadsleden, voordat we mochten inspreken zijn we er nadrukkelijk op gewezen dat we alleen iets konden zeggen over de dienstregeling voor 2023, maar ja, kan je de huidige problennen rond de dienstregeling 2022 wel los zien van de poging om toch voor de dienstregeling 2023 een goed resultaat voor de reizigers te bereiken? Wij denken dat dit niet kan. Om als provincie en vervoer een goed openbaar vervoer neer kunnen zetten voor het jaar 2023 zal er aandacht moeten zijn voor hetgeen er nu fout gaat en dat er wat fout gaat is overduidelijk. We zijn in een neergaande spiraal beland en als we niet opletten, strekt hij zich ook uit richting de dienstregeling voor 2023. Het openbaar vervoer in onze regio wordt stukje bij stukje afgebroken. Er worden door de vervoerders verkeerde keuzes gemaakt en de provincie laat dat gebeuren. Gelukkig gaan diverse partijen binnen provinciale staten dit ook inzien. Een aantal van hen heeft schriftelijke vragen gesteld aan gedeputeerde staten. We moeten zien wat zij als reden gaan geven.
We moeten voorkomen dat de besprekingen over de dienstregeling 2023 nog negatiever uit gaat pakken voor de reizigers dan de huidige situatie. Juist nu is het van belang om meer partijen te
3
betrekken bij het realiseren van de dienstregeling. In een recente brief aan de statenleden hebben wij daar ook op aangedrongen. Eenieder die, al is het maar zijdelings, belangen heeft bij een goed openbaar vervoer zou erbij betrokken nnoeten worden. We moeten af van de situatie dat vervoerders een dienstregeling maken en de provincie en reizigersorganisaties bij het kruisje mogen tekenen. Meer partijen hebben baat bij een goede dienstregeling. Voorop staat de reiziger, individueel of via een reizigersbelangenorganisatie. Ook het personeel van de vervoerder moet betrokken worden en natuurlijk ook de lokale politiek. Zij horen als eerste waar hun burgers tegenaan lopen met betrekking tot het openbaar vervoer, maar denk ook aan lokale bedrijven, zeker nu veel bedrijven hun werkzaamheden en werkwijzen gaan veranderen, veel thuiswerken, maar af en toe toch naar het werk. Door hen te betrekken kan er zeker voor de spits een betere resultaten geboekt worden. Kortom, een breder overleg over de dienstregeling moet onderdeel worden binnen iedere concessie. En dan de noodzaak om nog verder af te schalen in de dienstregeling 2023. Het kennisinstituut voor mobiliteitsbeleid verwacht een reizigersherstel van 99 procent ten opzichte van 2019.
In het slechtste geval zou dat toch nog 96 procent kunnen zijn, maar daarvoor dient wel het aanbod en de frequentie op peil te blijven, anders gaan reizigers toch vaker de auto nemen. Om die reizigers op termijn weer terug te winnen zal niet zo gemakkelijk lukken of zelfs onmogelijk worden. Opmerkelijk is dat personeelstekort wordt genoennd als argument voor het afschalen van een dienstregeling, zeker als men bedenkt dat er al sinds 2017 over naderend personeelstekort wordt gesproken. Zijn de vervoerders destijds hard aan de slag gegaan om jongeren op te leiden en een baan aan te bieden? Helaas niet. Voor veel van de huidige chauffeurs is alleen de werkdruk hoger geworden. Is de provincie Zuid-Holland samen met de vervoerders gaan kijken hoe zij het voor de toekomstige werknemers in het openbaar vervoer aantrekkelijker kunnen maken? Helaas niet. Noch de provincie noch de vervoerders hebben al die jaren voldoende inzet getoond om dit probleem op te lossen. Integendeel. Het probleem wordt alsmaar erger. Steeds vaker komen de reizigers voor een voldongen feit te staan dat hun openbaar vervoer verder afgebroken gaat worden. Als provincie wordt het motto elke dag beter Zuid-Holland voor het openbaar vervoer in ieder geval op deze manier een lachertje.
De voorzitter: Ik dank u wel. Ik doel even heel tussendoor de heer Rik van der Linden welkom heten, dat hadden we nog niet gedaan. Dan is er nu gelegenheid om vragen te stellen aan de inspreker als u dat oke vindt. Ik denk het wel. Ik begin bij de heer Kleinpaste zie ik. De heer Kleinpaste: Dank u wel. Ik heb eigenlijk een tweetal vragen als u nnij dat toestaat. Een is dat ik heel erg benieuwd ben wat precies de achterban is van uw reizigersoverleg en hoe u daar contact nnee onderhoudt. Een andere vraag is, ik heb een aantal kritische kanttekeningen gehoord, die kan ik plaatsen, maar heeft u ook aanbevelingen of dingen die de provincie of de vervoerders nu echt zullen doen om zeg maar die neerwaartse spiraal te keren? De heer Van den Hout: Wat betreft de achterban, regelmatig doen wij enquetes onder de reizigers. Wij hebben contact met ze door er ook echt heen te gaan. We hebben een
4
website waar ze eventueel allerlei zaken kunnen nnelden en zich ook aan kunnen nnelden om in een werkgroep per wijk te zitten. We hebben een aantal wijken at waar iemand zeg maar zit die dat regelt, alles wat er binnenkomt. We hebben contacten via de buurthuizen. Ja, zo proberen we dat op te bouwen. We zijn er sinds het begin van het jaar en we zijn nog in een opbouwfase.
De voorzitter: Heeft u voldoende antwoord gehad? De heer Kleinpaste: Het geeft een beetje een beeld hoe dat bereik wordt opgebouwd. Ik was verder benieuwd, ik bedoel, ik ken het reizigersoverleg, dus ik was even nieuwsgierig hoe dan wordt gewerkt aan lets van draagvlak of een echte achterban, dus dank u wel voor het antwoord. De heer Van den Hout: Oke. U had nog een vraag en die ben ik weer vergeten. De heer Kleinpaste Die vraag is gewoon u schetst heel goed een aantal kritische kanttekeningen, die kon ik plaatsen, maar heeft u ook aanbevelingen of tips voor dan wel de provincie dan wel de vervoerders om die negatieve spiraal te keren? De heer Van den Hout: Zoals ik zeg maar aan het einde al meldde, het is nu belangrijk denk ik om in ieder geval met meerdere partijen rondom de tafel te gaan zitten. Vraag ook bedrijven. Ik kan mu j voorstellen zeg maar dat er, daar hebben we ook al tussen haakjes opmerkingen over gekregen toen we bezig waren bij de waterbus, zorg ervoor dat de aankomsttijden beter afgestemd zijn op wanneer dat een bedrijf start. Bedrijven gaan nu zeggen van: we gaan meer thuiswerken. Dat zou betekenen dat het aantal bussen dat vertrekt in de spits minder kan en dat zou je dan weer in kunnen zetten in de rest van de dag, dus er zijn allerlei opties, alleen er wordt in onze optiek in ieder geval niet echt naar geluisterd. De voorzitter: Oke. Dank u wel.
Dan ga ik kijken. Kijk, de heer Damen. De heer Damen: Ja, u had het in uw betoog over foute keuzes die er zijn gemaakt. U heeft het over twee dingen gehad, te weinig overleg en geen personeelswerving. Of tenminste, u veronderstelde dat er geen personeelswerving was. Zijn er nog andere foute keuzes? Want andere dingen heb ik niet echt gehoord van u. De heer Van den Hout: Ja, ik denk dat het belangrijkste is om minder te gaan rijden, dus minder vaak de frequentie die ik ergens genoennd heb. Als je af gaat schalen, dan krijg je toch het idee dat reizigers die gaan dan zeggen van: dan stap ik wel in de auto, dan heb ik daar voor de rest geen last van. De mensen die in die auto stappen en die in die auto gestapt zijn die komen niet meer terug in dat openbaar vervoer. Dat geven ook diverse managers binnen dat OV aan, dus dat is niks nieuws. En ik denk dat dat het grootste probleenn is, je gaat afschalen, mensen denken van: dan ga ik met de auto, dan krijg je minder mensen in de bus. Vervolgens denkt de vervoerder van: ik heb minder mensen in de beurs, dus ik ga nog maar daar knippen en dan wordt het nog minder en op een gegeven moment zit er niemand meer in die bus en dan krijg je het ook niet meer vol.
5
De heer Damen: Maar hij moet uit de lengte of uit de breedte komen toch? De heer Van den Hout: Dat snap ik, maar elke ondernemers zeg maar in heel het land die heeft en een goed jaar en een slecht jaar en in de coronaperiode zeg maar hadden ze een slecht jaar en dat wordt dan wellicht als ze het goed doen straks weer opgevangen door goede jaren. De voorzitter: Oke. Dank u wel. De heer Van den Hout: Dat is inherent denk ik aan het ondernemerschap. De voorzitter: Heeft u voldoende antwoord gekregen? Oke. Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Van der Meer van GroenLinks. De heer Van der Meer: Ja, dank u wel voorzitter. In aanvulling hierop, u heeft het inderdaad over afschalen, heeft u er een beeld van op welke plekken of op welke lijnen of wat dan ook die afschaling op het ogenblik het nneest een probleem oplevert voor de reizigers? Kunt u voorbeelden noennen? De heer Van den Hout: Wij zijn nnonnenteel met een enquete bezig zeg maar onder de reizigers. Die gaat eigenlijk over wat anders, maar daar nemen we dit in nnee. We gaan daar straks uitslagen van bekendmaken, maar dan nemen we echt nnee aan de reiziger van waar dat zij meer vervoer willen en hoe dat ze denken tegen die afschaling, hoe ze daar tegenaan kijken. De voorzitter: Ja, dank u wel. U bent tevreden met het antwoord? De heer Van der Meer: Ik had natuurlijk graag meer willen weten, maar ik wacht graag dat onderzoek af.
De voorzitter: Duidelijk. Dan gaan we naar de heer Kuhlmann van de VVD. De heer Kuhlmann: Dank u wel voorzitter. Ik ben samen met een aantal andere partijen, lang niet alle partijen, waren we op 20 april bij u. Toen had u een bijeenkonnst georganiseerd voor verschillende, voor eigenlijk alle politieke partijen waren welkonn. Toen heeft u ook verteld over de enquetes die u houdt en de gesprekken met reizigers en het staat me bij dat u dan ook vertelde van een van de knelpunten is dat dienstregelingen niet altijd goed op elkaar aansluiten, dat iemand vanuit de bus naar de trein wil gaan die dan mist, iemand die vanuit de bus naar de waterbus wil gaan, dat dat ook wel eens mis gaat. Mijn vraag is: is dat nog steeds een signaal dat u krijgt? Is dat nog steeds een probleem waar aandacht voor nodig is? De heer Van den Hout: Ja, dat krijgen we nog steeds te horen, alleen wij hebben juist omdat we beginnen, we krijgen van de provincie als wel van de vervoerders geen papieren, geen stukken overhandigd, dus dan wordt het al lastig zeg maar om dienstregelingen na te trekken, maar we krijgen die signalen nog steeds, dus nog steeds komen er mensen, ik noem maar wat, bij de waterbus en dan is net de waterbus naar Rotterdam vertrokken terwijI dat zij die nodig hebben voor hun werk om op tijd te
6
komen, dus daar zitten nog dingetjes, maar daar kunnen wij voor de rest niks mee, omdat we hebben de dienstregelingen niet. Tenminste, wij krijgen daar geen voorbeelden of iets van. Straks wel als we eenmaal een stichting zijn, maar momenteel is dat nog niet, want dan zijn ze het gewoon verplicht, dus dan kunnen we daar zeg maar wat dieper op inspelen. Ook wij hebben die gesprekken gehad zeg maar met een aantal raadsleden en er komt binnenkort weer een gesprek over zo breed mogelijk over die dienstregeling na gaan denken. We vragen ook mensen, personeel, we hebben laatst de ondernennersraad bij ons gehad. We willen echt zo breed mogelijk gaan kijken hoe dat we die dienstregeling zo goed mogelijk voor de reizigers kunnen krijgen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kruger had een vraag van GroenLinks. Mevrouw Kruger: Ja, we hebben het nu steeds over dienstregelingen en dergelijke. Zijn er ook bij u vragen binnengekomen over de reiskosten? Want die krijg ik wel eens regelmatig te horen over dat de reiskosten dernnate hoger zijn geworden en dat mensen het lastig vinden om ze te betalen.
De heer Van den Hout: We hadden een het begin toen de waterbus overging van de ene naar de andere, toen hadden we, maar ik denk dat de waterbus dat zelf dat ook weet en volgens mij hebben ze dat opgelost, met een of ander amendennent dat mensen hadden die overstaken van Dordrecht naar Papendrecht en daardoor moesten ze meer gaan betalen, maar volgens mu j is dat innniddels opgelost begreep ik. De voorzitter: Ik denk dat er zo nneteen wel op gereageerd gaat worden. Heeft mevrouw Kruger voldoende antwoord? Oke. Zijn er op dit moment geen vragen meer vanuit raads- en commissieleden? Ik zie allemaal nee-schudders. Dan wit ik graag de heer Kees Rotteveel vragen om als senior beleidsadviseur van de provincie Zuid-Holland van het openbaar vervoer het woord te geven over de huidige stand van zaken, omdat ook noodsteun vanuit het rijk is gekomen begrijp ik. De heer Rotteveel: Ja, goedenavond. Toen twee jaar geleden corona uitbrak en allerlei bedrijven in grote problemen kwamen omdat hun kosten doorliepen en hun inkonnsten sonns helemaal stil vielen, soms in belangrijke mate, zijn er regelingen gekomen vanuit de rijksoverheid om die ondernemingen tegennoet te konnen. Voor het openbaar vervoer is dat de beschikbaarheidsvergoeding OV. Die is een aantal keren verlengd.
De laatste keer dat is dit voorjaar gebeurd, is die verlengd tot 1 januari 2023 en dan hoop je dat in 2023 de reizigers in het openbaar vervoer zo sterk zijn teruggekomen dat Qbuzz in ons geval, maar in andere concessies andere vervoerders, hun kosten voldoende kunnen dekken. Het kennisinstituut mobiliteitsbeleid van het ministerie heeft daar een berekening op losgelaten. Eerst kwamen ze op 97 procent. Twee weken later kwamen ze op 99 procent. Dat is het percentage van de reizigers dat volgens het KIM volgend jaar terug zou zijn. De cijfers van alle vervoerders in Nederland van alle provincies die concessies verlenen geven een heel ander beeld. Wij hebben het beeld, en dat wordt gedeeld door andere provincies en door de stadsregio's, wij hebben het beeld dat iets meer dan tachtig procent van de reizigers terug is, maar dat betekent nog niet dat tachtig procent van de inkomsten terug zijn. De studenten en de scholieren die gaan gewoon weer met de bus, maar die betalen relatief weinig en voor de vervoerders zijn
7
de inkomsten van forensen terug en de meeste nnensen die de nnogelijkheid hebben om thuis te werken zullen dat een gedeelte van de tijd nog steeds doen. In ieder geval zie ik dat op het provinciehuis. De bezetting is bepaald niet wat het voor corona was. Dat betekent dat naar ons idee de inkomsten in 2023 niet in de buurt komen van het oude niveau. Daarmee hebben we een heel groot probleem. Gedeputeerde Zevenbergen en andere gedeputeerden uit andere provincies hebben zich de blaren op de tong gepraat om het ministerie ervan te overtuigen dat de regeling moet worden doorgezet in ieder geval in de vorm van een vangnet. Zevenbergen heeft gezegd: als je er dan zo van overtuigd ben dan 99 procent van de reizigers terugkomt, waarom hangt u dan geen vangnet op? Want dat hoeft dan nauwelijks te worden gebruikt als u gelijk krijgt en als u geen gelijk krijgt, dan hebben we dat vangnet nodig om de kosten te kunnen dekken.
De staatssecretaris heeft van de week gezegd dat ze rond de zomer, geen idee wanneer dat is, dat ze rond de zonner duidelijkheid zal geven of er volgend jaar steun konnt en dat is te laat, want vervoerders moeten nu gaan nadenken over een dienstregeling voor 2023 en we hadden vandaag heel graag de contouren van die dienstregeling aan u willen voorleggen, want dat hebben we anderhalve maand geleden ook zo afgesproken, maar waar wij geen duidelijkheid krijgen van het ministerie dreigt de situatie dat we volgend jaar met een groot tekort zitten, waarschijnlijk twintig procent te weinig reizigers en misschien wel 25 of dertig procent te weinig inkomsten en we weten niet wat we daaraan kunnen doen. En het is in ieder geval veel te laat als de staatssecretaris in september na het zomerreces een el heeft gelegd en gaat zeggen: nou, we doen het toch zus of we doen het zo. We moeten het nu weten.
De voorzitter: Oke. Dank u wel. De heer Damen. De heer Damen: Ja, dan ben ik meteen nieuwsgierig waarom u niet twee of drie scenario's ontwikkelt, wel of geen vangnet. De voorzitter: U mag gelijk reageren hoor. De heer Rotteveel: Ik denk dat die vraag het beste door Qbuzz kan worden beantwoord, want zij nnaken de dienstregelingen en zij kunnen precies aangeven waarom wel of niet met scenario's kan worden gewerkt. De voorzitter: Oke, vindt u het goed als we die nog even parkeren? Een beetle een gek woord. De heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, bij openbaar vervoer hoef je niet te parkeren. Ik had een vraag aan de heer Rotteveel aan de provincie omdat ik graag wat meer helderheid wil hebben over: wat is nou de rol van de provincie met betrekking tot die dienstverlening en de dienstregelingen? En wat is de rol van de vervoerders? Er is een aanbesteding geweest, daarin zijn voorwaarden geformuleerd, die hebben de vervoersbedrijven geaccepteerd. Is het nou een probleem van de provincie of die vergoeding van het rijk niet wordt doorgezet of is dat een probleem voor de vervoerders? Waar ligt de verantwoordelijkheid? Snapt u mijn vraag?
8
De heer Rotteveel: Ik snap uw vraag. Het is een probleem voor de maatschappij, want als de provincie zegt: dit zijn de voorwaarden en daar heeft u op ingeschreven en daar moeten wij aan voldoen, dan is Qbuzz binnen een paar maanden failliet. Dan staat er niet een andere vervoerder te trappelen om het vervoer over te nemen en dan hebben we helennaal niks, dus we moeten wel anticiperen op de situatie dat er nu gewoon te weinig inkomsten zijn. Dat is ook een reden dat we vorig jaar een dienstregeling soberder hebben moeten maken, dit jaar in januari weer. De afschaling in de zomervakantie heeft een andere oorzaak en de provincie overlegt met Qbuzz wat de beste maatregelen kunnen zijn om in deze situatie het openbaar vervoer zoveel mogelijk overeind te houden, maar op een begroting van ongeveer 550 a 600 miljoen euro van de provincie op jaarbasis gaat ongeveer tachtig miljoen naar exploitatiesubsidies voor het openbaar vervoer, niet alleen voor de DMG concessie, maar ook voor Hoekse Waard, Goeree Overflakkee, Zuid-Holland Noord, de waterbus en de treindienst over Gouda. En u begrijpt dat als we bij de concessie van DMG, maar ook die andere concessies en contracten met grote tekorten te maken hebben dat we niet kunnen zeggen van: we maken van die tachtig miljoen wel honderd of 150 miljoen. Dat geld is er gewoon niet. De voorzitter: Dank u wel.
Heeft u voldoende antwoord, de heer Van der Meer? De heer Van der Meer: Ja, dat is op zich een heel duidelijk antwoord. Ik ben heel benieuwd hoe het verder gaat. De voorzitter: Dank u wel. Oh, de heer Boone van Beter Voor Dordt. De heer Boone: Ja, dank u wel voorzitter. Het beeld dat net geschetst werd is dat we iets meer dan tachtig procent van de reizigers terug zullen zijn in 2023. Echter, het KIM schetste dus een beeld van 99 procent en in het slechtste geval 96 procent. Dat komt op nnij over alsof u echt twee verschillende talen spreekt omdat de schattingen zeker gezien de hoeveelheid reizigers dan enorm uiteenlopen. Hoe gaat u toch met elkaar het gesprek voeren om het eens te zijn over die cijfers? De heer Rotteveel: Het is niet de bedoeling om het eens te worden over de cijfers. Het is onze bedoeling dat we steun krijgen voor de situatie waarin die steun nodig is en als het ministerie zegt: wij zijn er heilig van overtuigd dat volgend jaar 99 procent van de reizigers terug is, dan hoeven we ons geen zorgen te maken, maar wij geloven daar niet in, want nu is tachtig procent terug. Dat ligt een paar procent hoger dan een aantal maanden geleden, dus die stijgende lijn na het einde van de loop dan in februari die is voorbij. Dat is nu een bijna horizontale lijn. Dan is het onvoorstelbaar dat dat percentage van 82 procent over vijf maanden op 98 of 99 procent zit.
En wij zeggen: ministerie, als je daar zo van overtuigd bent, geef ons dan een vangnet, want als jullie berekeningen kloppen, dan hoef je dat vangnet niet te gebruiken. Wij hebben daar onze twijfels over en dan hebben we dat vangnet hard nodig. En de besprekingen met het ministerie lopen nog en waarschijnlijk heeft u op andere dossiers in de gemeenteraad wel eens de ervaring dat de dingen op rijksniveau niet altijd rekening houden met het tempo dat op lager niveau nodig is.
9
De voorzitter: Oke. Dank u wel. Is dat voldoende voor u? Oke. Dan ga ik naar de heer Stolk van de VSP. De heer Stolk: Ja, ik wilde nnijnheer Rotteveel vragen, wij als lokale partij staan voor de mensen in Dordrecht, een goed vervoer, maar wat gaat de provincie vertellen aan de inwoners van Dordrecht in deze situatie? Moeten wij dus gaan zeggen: volgend jaar gewoon minder vervoer voor de inwoners van Dordrecht? Of gaan we gewoon zeggen: we zorgen gewoon dat wat er nu is bestaand blijft en dat we dus, hoe heet dat, daarvan verzekerd zijn? Ik vind dat de belangrijkste uitgangspunten. De heer Rotteveel: Dat laatste zou ik graag willen zeggen, maar dat kunnen we niet zeggen, want zoals ik net heb geschetst, dan moeten er tientallen miljoenen bij en dat geld heeft de provincie niet en andere overheden hebben dat ook niet. En de provincie heeft vier concessies, drie busconcessies, een treinconcessie over Gouda en een waterbusconcessie en die tachtig miljoen daar kan wel eens vijftig procent bijkonnen als we met de huidige dienstregelingen doorgaan en tegelijkertijd de tekorten van de vervoerders willen afdekken. Ik zie niet waar op een begroting van 550 miljoen die veertig miljoen vandaan kan konnen. De heer Stolk: Nog even een vraag daarover.
Is het dan niet aan de vervoerders die eigenlijk toch verplicht zijn onn het vervoer te regelen onn daar dus wat geld weg te halen? De heer Rotteveel: Heel ordinair gezegd van een kale kip kun je niet plukken. Qbuzz heeft ... De concessie van Qbuzz is de nneest problematische. En waarom? Omdat er een gedeelte trein in zit en een treinconcessie heeft hoge vaste kosten en je kunt de helft van de treinen niet laten rijden, maar je hebt wel de kosten die gewoon doorlopen. En Qbuzz heeft het probleem dat de concessie nog heel erg nieuw is en meestal is het zo dat een vervoerder rekening houdt met aanloop verliezen in de eerste jaren van zijn concessie, maar met een goed marketingplan is hij ervan overtuigd dat hij in de tweede helft van zijn concessie dat verlies gaat goedmaken. Ja, we zitten nu in het vierde jaar van de concessie en er is nog geen enkel teken dat het vanaf het vijfde jaar winst gaat opleveren. En theoretisch kun je zeggen: we hebben een afspraak en, vervoerder, u moet maar gewoon die afspraak uitvoeren, maar op een gegeven moment treedt er een economische wet in werking en dat is de wet van het faillissennent en dan staan we helemaal met lege handen, en niet alleen in deze concessie, maar ook nog in een paar andere.
Dat kan Zuid-Holland zich niet veroorloven, want het openbaar vervoer is ontzettend belangrijk voor de sociale bereikbaarheid, voor de economische bereikbaarheid, want stel je voor dat al die mensen die nu in de trein en in een R -net bus zitten met de auto zouden gaan, de files zouden langer zijn dan het snelwegennet kan bevatten in Zuid-Holland. Dan staat het gewoon helemaal vast, dus we doen wat we kunnen. We hopen de boel in beweging te houden, maar we zitten wel met handen gebonden aan een beperkt budget en aan een rijksoverheid die niet mee beweegt. De voorzitter: Oke. Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Kleinpaste.
10
De heer Kleinpaste: Ja, voorzitter, nnijn vraag raakt meer weer aan de vraag die de heer Boone ook al stelde en ik haak ook een beetje aan op de laatste zin van de heer Rotteveel wat de rijksoverheid betreft. Ik hoor nannelijk van de heer Rotteveel in zijn betoog vooral ook argumenten die passen bij een onderhandelingsnnodel. Ik hoor hem ook zeggen: we hoeven het over de feiten niet eens te worden. Tenminste, zo verstond ik het. Is het niet veel meer taak dat provincie en rijk dan in dit geval toch de handen ineen slaan en uit het onderhandelingsmodel kruipen en zien dat ze samen tot een goede oplossing komen? Want voor de inwoners van Dordrecht of van de burgers van dit land is de overheid eigenlijk een en ondeelbaar. De heer Rotteveel: Ja, ik zou graag willen dat we het met het rijk eens kunnen worden, maar het Rijk heeft daar fundannenteel andere opvattingen over. Vorige week maandag was ik op de dag van het openbaar vervoer. De staatssecretaris was daar ook. Die werd op een vriendelijke wijze aan de tand gevoeld door de dagvoorzitter en die had het natuurlijk ook over de beschikbaarheidsvergoeding voor het openbaar vervoer in 2023 en de staatssecretaris zei, ik probeer het neutraal te fornnuleren: de openbaar vervoersector mag in zijn handen knijpen, want overal loopt aan het eind van de zonner de coronavergoeding af en jullie krijgen nog vier maanden extra.
Nou, de hele zaal sprong een gat in de lucht. De voorzitter: Oke, dank u wel. Ik ga nu naar mevrouw Kruger en dan stel ik voor dat we daarna naar de heren van het vervoerdersbedrijf gaan. Mevrouw Kruger: Ja, dank u wel. Ik hoorde de heer Rotteveel net zeggen van: er zijn geen andere bed rijven die het eventueel over zouden willen nemen. Is daar wel naar gekeken dat er bedrijven zijn die nnogelijk op een andere manier wel kunnen inspringen in het gat? De heer Rotteveel: In de huidige situatie is er geen enkele vervoerder geYnteresseerd in een concessie die verlies geeft. Mevrouw Kruger: Oke. Dat snap ik. Tenminste, ik zou ook niet iets gaan kopen waar ik verlies nnee lijd tenzij dat mogelijk op den duur toch wel weer goed zal komen, maar ik bedoel, er zijn nog wel andere manieren. Zijn er andere manieren bedacht? Ik bedoel, je kan met een bedrijf wat niet goed loopt, wat vanaf het begin af aan, excuus voor wat ik nu ga zeggen, maar toch ook niet al te florissant heeft gelopen, nnogelijk iennand anders kunnen vinden.
Ik bedoel, zijn er pogingen gedaan? De heer Rotteveel: Nou, dat ligt heel erg lastig, want we zitten volgens de wet personenvervoer hebben we te maken met een concessie systematiek en Qbuzz heeft het alleenrecht gekregen voor het aanbieden van openbaar vervoer in dit concessiegebied en we kunnen niet zomaar als concessieverlener zeggen: nou, Qbuzz, de klanten zijn niet tevreden, we stoppen met u en we gaan naar een ander toe. Dat gaat niet. Mevrouw Kruger: Oke. Ik begrijp het. Een vervelende situatie.
11
De voorzitter: Ik had eigenlijk gezegd dat mevrouw Kruger de laatste vraag was, maar dan schenk ik hem aan u. De heer Kolkilig: Nou, bij elke vraag geeft u eigenlijk aan dat het probleem bij het rijk ligt. Wat doet de provincie samen met de vervoerders eigenlijk om het openbaar vervoer zelf aantrekkelijk en rendabel te nnaken voor de burger? Want mevrouw Kruger heeft het er zelf net ook heel kort over, dus een retourticket met de bus vanuit de Kapteynweg, dat ligt in Sterrenburg, naar het centrum kost voor een gezin van vijf personen 17,77 euro. Denk je dat dat aantrekkelijk is als we kijken naar andere landen zoals Luxemburg die verlaagt de prijzen, in Rotterdam is het bijvoorbeeld voor kinderen onder de 12 jaar nu gratis, ziet u dat niet als oplossing? De heer Rotteveel: Gratis openbaar vervoer kost nog altijd geld, niet voor de reiziger, maar wel voor de maatschappij. Dat moet ergens vandaan komen. Er zijn in Nederland enkele experimenten uitgevoerd met gratis openbaar vervoer, onder andere in ZuidHolland. Dat heeft niet tot een daverend succes geleid. Het is wel zo dat voor bepaalde groepen in de samenleving de prijs van het openbaar vervoer problematisch is en er ligt een rol voor de vervoerder om daar waar hij dat aantrekkelijk vindt om gunstige aanbiedingen te doen.
Ik wil er wel op wijzen dat de tarieven die Zuid-Holland hanteert per kilometer de laagste zijn van heel Nederland. We hebben een opstaptarief, dat is in het hele land gelijk, wat vroeger met de strippenkaart de basisstip was, en daarna bepaal je een tarief per kilometer en dat is nergens zo laag als in Zuid-Holland. En ik snap dat dat voor bepaalde groeperingen nog steeds een fors prijskaartje betekent, maar dan zou je bepaald doelgroepenbeleid moeten gaan voeren. Het rijk stelt zich op het standpunt dat alleen het rijk inkonnenspolitiek mag voeren, dus de provincie is ook wel aan handen en voeten gebonden. Dat te zeggen, de marges die zijn heel beperkt, want er zijn marges zoals dat kilometer tarief, maar we willen geen korting geven aan alle gebruikers, want er zijn genoeg mensen in het openbaar vervoer die het prima kunnen betalen, dus je wil alleen korting geven aan de mensen die dat echt heel hard nodig hebben. Dat is een vorm van inkomenspolitiek en wij mogen dat niet voeren. De voorzitter: Oke. Dank u wel. Voldoende voor u? 3a? Dank u wel. Dan stel ik voor dat we nu naar de heer Steentjes gaan die nog een vraag te beantwoorden heeft over de heer Damen over waarom geen scenario's? Dan kunt u daarna verder met uw verhaal. De heer Steentjes: Laat ik beginnen om te zeggen dat ik het fijn vind om hier aan tafel te schuiven en u in ieder geval nnee te nemen in de processen.
Wij hadden graag inhoudelijk dieper op de dienstregeling voor 2021 ingegaan, maar zoals Kees dat schetste, zitten daar ruime onzekerheden op. Uitstel van het rijk en de situatie rond de cijfers, ook nog even terug naar de KIM cijfers die net al door de heer Rotteveel benoemd zijn, daar zit bijvoorbeeld niet in de laatste verlengde lockdown die we met elkaar gehad hebben, dus het vertrekpunt waarop je start met je herstel was pas nnaart. Zeg maar in maart dit jaar ging Nederland weer open en mochten we met elkaar weer reizen en konden we de reizigers en konden we de reizigers ook pas weer uitnodigen om vooral van het openbaar vervoer gebruik te maken. Kijk, als ik naar de concessie DMG kijk waar Dordrecht in valt, dan zie ik dat wij ongeveer op het landelijk niveau qua aantallen zitten, dus dan zit je nu op zo een twee, drie, 84 procent van de reizigers. Dat
12
schommelt een beetje net waar je zo op vergelijkt. De heer Rotteveel heeft ook al gezegd: dat zijn aantallen reizigers en dat zijn nog niet reizigersopbrengsten. Wat er ook continu gebeurd is dat we kijken terug naar maart 2019.2019 is het referentiejaar, laatste jaar voor de coronacrisis. U moet u voorstellen dat bij de start van een nieuwe concessie dat er in het eerste jaar een behoorlijke reiziger groei zit doordat je een ander systeenn op de weg gaat zetten waarnnee je denkt in jaar twee, drie, vier in ieder geval boven die honderd procent terug te zijn, dus als we vergelijken met 2019 is dat zeker niet het niveau waarop we in 2023 met elkaar hadden willen zijn, dus daar zit ook gewoon nog een gat tussen. Ik konn bij de scenario's, maar toch nog even ook, ik heb ook hier een aantal keer gehoord ondernemersrisico, is het niet gewoon een ondernemersrisico dat dit gebeurt? Dat zit in het OV even wat anders in elkaar. ben de coronacrisis in nnaart begon in 2020, toen hadden wij ongeveer nog tien, vijftien procent van de reizigers in onze bussen, maar het rijk vroeg ons wel om voor negentig, 95 procent onze dienstregeling voort te zetten en daarom hebben wij ook een beschikbaarheidsvergoeding OV gekregen, de BVOV waar de heer Rotteveel ook naar refereert. Daar zijn wij dankbaar voor.
Daar hebben wij ook Nederland voor mobiel kunnen houden en niet alleen wij als Qbuzz, maar de hele openbaar vervoersector en daarmee is het nu wel uiterst wrang dat zeg maar kort voor de eindstreep, want we zijn er allemaal van overtuigd dat mits er geen gekke dingen gebeuren, ik hoor dat de coronabesmettingen weer oplopen, we weten allemaal niet wat het najaar gaat doen, ik durf er ook geen voorspelling op te doen, maar we komen weer een keer uit die dip en daaronn is het nu juist zo zuur dat in 2020, 2021 het Rijk ontzettend veel geld heeft gestoken om Nederland mobiel te houden om het OV overeind te houden, dat er nu zo lang onduidelijkheid is. Dus in termen van ondernemingsrisico, wij hebben die jaren ook niet kunnen ondernemen, want dan ga je niet met negentig procent dienstregeling met vijftien procent reizigers rijden. Ik denk misschien ook wel goed voor de beeldvorming om die hier op deze manier uit te leggen. Dan kom ik nu bij uw scenario's.
Ja, natuurlijk zijn we na aan het denken van: jeetje, wat zal nou een mininnumnetwerk zijn waarmee je ook weer naar de toekomst toe dat herstel kunt accommoderen? Wat heb je nodig om in de spits reiziger te vervoeren? Hoe vaak moet je in die spits rijden om niemand aan de spreekwoordelijke paal te laten staan? Dus ja, wij denken na samen met de opdrachtgever van: wat is nou een nnininnumniveau en hoeveel dienstregeling uren horen daarbij? En wat zou dan nog de financiele kant zijn? Maar de uitslagen zijn op dit moment nog zo groot, tuurlijk denken we erover na, maar eigenlijk zou je er niet over na willen denken wat er gebeurt als er geen BVOV komt. Dan moet je door dat minimumniveau van je netwerk heen en dan moet je echt hele rigoureuze maatregelen nemen, dus ja, er wordt in die termen van scenario's gedacht, alleen dat is nog gewoon te onzeker om hier op lijn, wijk, zelfs corridor niveau met elkaar te bespreken. Ik hoorde dat de heer Van den Hout ook nog een keer zei van: wat doen de bedrijven dan aan personeelswerving? En doen ze daar wel genoeg aan? Ik kan u vertellen dat we alle registers opentrekken om aan mensen te komen, maar juist deze onzekerheid rondom die BVOV vergoeding nnaakt ons vandaag ook niet een hele bijzondere aantrekkelijke sector.
Als je de banen en voor het kiezen hebt, waar kies je dan voor? Voor nog een sector die nnogelijkerwijs volgend jaar er nog een schepje af moet doen? Dus al met al zie je dat het een hele complexe situatie is waarin zaken gewoon ook op elkaar
13
ingrijpen. Dus ik weet niet of dit voldoende aan toelichting is in ieder geval op uw vraag met de scenario's? De voorzitter: Waar zal ik gaan beginnen. Ik begin bij de heer Damen. De heer Damen: Ja, het lijkt mu j juist voor de provincie in haar gesprek met het rijk zo handig als jullie wel het negatieve scenario schetsen en breed uitdragen. Dat zal een hoop maatschappelijke onrust veroorzaken is mijn verwachting. De heer Steentjes: Als ik daarop mag reageren, er wordt op dit moment een breed appel gedaan op het ministerie van I&W en de staatssecretaris, wat de heer Rotteveel al zei. De decentrale overheden hebben uitvoerig geageerd. De sector middels OVNL heeft uitvoerig geageerd in de media, in lobby. De lokale politiek, 400 lokale bestuurders hebben uitgebreid in de krant geageerd. Scholen, scholengemeenschappen die ook zien: hoe konnen onze studenten dadelijk nog op een goede manier op school? Die hebben uitvoerig geageerd. Het overall beeld dat continu geschetst wordt is dat eigenlijk een afschaalscenario van twintig tot dertig procent dreigt. Me dunkt dat je daarvan wakker wordt. De heer Damen: Mensen worden pas wakker op het moment dat ze zien dat de bushalte wordt weggehaald. Dan is het alleen twee jaar te laat. Hoe duidelijker jullie zijn over de consequenties hoe beter.
De voorzitter: Mag ik heel even tussendoor? Het is denk ik nu handiger via de voorzitter omdat er zoveel vragen zijn, dus dat het een beetje onduidelijk wordt. Dus kunt u nog even uw verhaal afmaken, uw vraag? Met nnicrofoon. De heer Damen: Zeg het maar, bij de bestuurders zal wel duidelijk zijn wat de consequenties zijn van geen vangnet, maar op straat is dat veel minder het geval en dan nnoet je heel duidelijk het beeld schetsen van: dan verdwijnt dit en dit aan lijnvoering. Bij scholen zal het wel bekend zijn, maar bij ouders van leerlingen nog te weinig. De voorzitter: Maar u heeft geen vraag nneer dus begrijp ik nu? Oke. Duidelijk. Dan leggen we die neer. Dan ga ik naar de heer Kleinpaste volgens mu. Ik ga nu naar de heer Kleinpaste en dan kom ik bij u terug. De heer Kleinpaste: Ja, ik ben een beetje op zoek hoe ik het nou het handigst formuleer, want wat ik wil vragen raakt ook dat wat de heer Damen ook al aangaf.
U gaf in uw antwoord al een aantal dingen aan, namelijk dat iedere betrokkene in dit knelpunt, in dit echt grote probleenn wel onafhankelijk van elkaar zeg maar zich de blaren op de tong praat en ik ben nog steeds op zoek naar hoe we die krachten kunnen bundelen om wel door te dringen in die laag waar we kennelijk op dit moment nog niet doordringen, dus heeft u ook ideeen over hoe je daar toch in gezamenlijkheid nog net die gamechanger zou kunnen bereiken met elkaar?
14
De heer Steentjes: Ja, ik kan u wel vertellen dat achter de schermen natuurlijk gewoon op alle niveaus sannen wordt gewerkt en opgetrokken wordt, met elkaar opgetrokken wordt richting het nninisterie, dus daar gebeurt best wel heel erg veel, alleen de tijdspanne, we hadden dit al lang willen en moeten weten am hier nu vanavond met elkaar in ieder geval de contouren van een vervoersplan te kunnen schetsen. De voorzitter: Oke. Dank u wel. De heer Kleinpaste: Ik zou bijna aan u willen vragen: wanneer zet u op de snelweg al die bussen stil? De voorzitter: Die laten we oak in het midden dan. De gaan we nu naar de heer Van der Meer van GroenLinks. De heer Van der Meer: Volgens mu j had u beloofd dat de heer Stalk eerst het woord kreeg. De voorzitter: Excuus. De heer Stalk: Dat maakt helemaal niet uit, hoar. De voorzitter: Dat is heel vriendelijk van u. Dan gaan we nu naar de heer Stalk en daarna naar de heer Van der Meer. De heer Stalk: Gert Jan had net van mu j een punt gezegd. Ik vraag me af wanneer jullie inderdaad de bus stil gaan zetten, want uiteindelijk, je ziet het de boeren doen, je ziet het de anderen doen, alleen ik heb het idee dat er erg veel gepraat wordt en door praten gaat de tijd voort en ik denk dat we geen tijd meer hebben am te praten, maar er moet nu, als Rotterdammers zeg ik dat, geen woorden maar daden, dus ik zou u aan willen bevelen van: ga het stopzetten.
De voorzitter: Dat is niet echt een vraag. U geeft advies, maar dat is niet de bedoeling nu op dit moment. We gaan nu verder met vragen. Ik ga nu daar de heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, dank u wel voorzitter. Ik wou het even hebben over een positief scenario veronderstelt dat er wel gelden komen van het rijk conform ongeveer wat jullie nu krijgen. Hoe ziet het er dan uit met de dienstregeling? Ik begrijp een voorbeeld van de heer Van den Hout dat er op het ogenblik afgeschaald is en wordt. Mijn vraag is A, wat voor consequenties heeft dat voor het aantal reizigers dat met het OV gaat? Dat heeft niks meer met corona te maken, maar met de frequentie van de dienstverlening. De tweede vraag is: wat voor perspectief kunt u bieden bij doorgaan van de ondersteuning door het rijk laten we zeggen tot het aantal reizigers weer minstens 99 procent is, wat voor perspectief kunt u dan bieden voor de dienstregeling van 2023? De heer Steentjes: Nou, bij gelijkblijvende budgetten hoop ik in ieder geval dat we op wat klein onderhoudswerk na op de dienstregeling de boel intact kunnen houden, dus een status quo kunnen realiseren, maar dan moeten er wel gelijkblijvende budgetten
15
minimaal zijn. U refereert ook aan de afschaling in het hier en nu. In het hier en nu, we rijden nu een zomerdienstregeling en die hebben we ook extra nog wat nnoet een afschalen in verband met personeelstekorten. Daar staan wij niet alleen in, dat is breed binnen onze sector, maar ik zou bijna zeggen: daar heeft de hele BV Nederland op dit moment last van. Wat wij zagen dat wij een onvoorspelbare dienstregeling op de weg Er viel te veel ad hoc uit als gevolg van personeelsuitval. Wat je niet wil, is een onbetrouwbare dienstregeling. Daarvoor hebben wij ervoor gekozen om in ieder geval in de zomerdienstregeling even net wat verder af te schalen om zo in ieder geval een betrouwbare dienstregeling voor onze reizigers te hebben en ook een betrouwbare dienstregeling in onze reizigersinformatiesystemen te hebben. De voorzitter: Oke. Dank u wel. Een korte vraag nog. De heer Van der Meer: Nou ja, ik heb hier eigenlijk een vervolgvraag op en die is nnisschien meer richting de provincie, namelijk of die afschaling nu wel of niet in overeenstemming is met de afspraken die de provincie met de vervoerder heeft gemaakt. De voorzitter: De gaan we even naar de heer Rotteveel vermoed ik. De heer Rotteveel: Er is sprake van een beperkte afschaling op dit moment. De trein tussen Geldernnalsen, nee, tussen Dordrecht en Gorinchem rijdt een keer in het half uur.
Nornnaal gesproken was dat maandag tot en met zaterdag tot ongeveer half acht 's avonds elk kwartier. De R -net bussen die rijden normaal gesproken overdag elk kwartier en dat is vernninderd tot een half uursdienst, maar in de spits rijden ze gewoon elk kwartier, dus de forens die bij de bushalte staat, die wordt niet teleurgesteld. Dat is niet in overeenstennming met de afspraken die de provincie met de vervoerders heeft gemaakt en ik zeg meervoud, vervoerders, want het probleenn doet zich in bepaalde mate ook voor in onze andere concessiegebieden, maar wij zien ook dat de vervoersbedrijven met de rug tegen de muur staan, dat het personeel niet aan te trekken is, dat het personeel dat nog wel beschikbaar is aanloopt tegen vertragingen bij bijvoorbeeld de inspectie van leefomgeving en transport die vergunningen moeten afgeven, maar dat doet de inspectie met vertraging omdat ook daar personeelstekort is en als de provincie ziet, ja, een vervoerder kan gewoon in deze onnstandigheden niet aan die voorwaarden voldoen, dan moeten we realistisch zijn en daar afschalen waar het het minste pijn doet. De treinen die er rijden zijn verlengd, dus elke reiziger die op het perron staat kan nnee in de zomervakantie. Dat geldt ook voor de bussen.
Ze kunnen mee en dan rekenen we op Qbuzz als vervoerder die de dienstregeling zo goed mogelijk in elkaar zet en ook daar afschalen waar het het minste pijn doet. Er blijft in ieder geval altijd op die uren die ik net noemde een half uursdienst beschikbaar. De voorzitter: Oke. Dank u wel. Dan ga ik door naar de heer Kuhlmann van de VVD. De heer Kuhlmann: la, dank u wel voorzitter. Ik heb een vraag voor de heren van Qbuzz. Als ik het goed heb, dan is uw grootste probleem op dit moment dat er te weinig forensen meerijden met de bus, betalende reizigers. Uw hoopt natuurlijk dat dat gat wordt opgevangen door de rijkssubsidieverlenging, maar het liefste heeft u natuurlijk
16
meer forensen in de bus. Nu is het zo dat u natuurlijk geen overheidsorganisatie bent, geen logge club waar alles over honderd schijven hoeft te gaan en ik neem aan dat u niet met uw armen over elkaar zitten wachten tot die reizigers, die forensen een keer zelf de bus instappen. Daar heeft u natuurlijk marketing voor. Daar gaat u enthousiast mee aan de slag en dan ben ik benieuwd welke kansen u pakt. Ik zie bijvoorbeeld een kans, we hadden het daar toevallig gisteren in onze raad over, de nnoeite die de werkgevers op het Gezondheidspark hebben met het goed faciliteren van het woonwerkverkeer voor hun werknenners. Dat zorgt onder meer voor parkeeroverlast in aangrenzende wijken.
De voorzitter: Kunt u nu tot uw vraag komen? De heer Kuhlmann: Ja, ja, ik konn daar bij. Ik denk dat daar een enorme kans ligt. Die werkgevers daar die moeten daar natuurlijk wat mee. U heeft wat te bieden, want laat nou net de omgeving van het Gezondheidspark het ziekenhuis zijn waar ook meerdere buslijnen stoppen, dus ik ben benieuwd op dit concrete vlak, maar u heeft vast ook wet andere voorbeelden, wat doet u om die forensen terug te krijgen? De heer Steentjes: Dank u wet voor deze vraag en ook het inspirerende voorbeeld. Wij doen er met at onze collega's natuurlijk alles aan om die reiziger, niet alleen de forensen maar Oberhaupt de reiziger terug te krijgen, maar nadrukkelijk ook de forensen. Wij hebben daar een concurrentieslag onder andere ook met de auto te doen. Daar helpt ons nu wellicht de brandstofprijzen die de pan uit zijn gerezen, want wat wij wet hebben gezien is dat er toch wet een deel van de reizigers de veiligheid van hun eigen ik noem het maar cocon c.q. auto heeft gekozen en uit het OV is gegaan. Een andere factor is gewoon, en dat gaf de heer Rotteveel ook at aan, is het intreden van het thuiswerken.
We hebben met de coronacrisis allennaal gezien dat een Teams overleg prima gaat, dus er zal ook gewoon een ander blijvend reispatroon zijn, dus die gaten die daarin vallen die probeer je wet weer met nieuwe reizigers op te vullen, maar dat is ook wet een proces niet van vandaag op nnorgen. Daar nnoet je mee overtuigen. Daar moet je bijvoorbeeld fileproblennatiek, de heer Rotteveel gaf het at aan, heel de regio komt stil te staan, maar dan moeten reizigers eerst weer ervaren die niet tweede auto heeft gekocht dat toch die bus veel interessanter is om daarnnee langs de file op zijn werk te komen. Dat soort campagnes zetten we natuurlijk volop in. De voorzitter: Oke. Dank u wet. De heer Kuhlmann: Heel kort, ik denk zeker als het gaat om het ziekenhuis dat het goed zou zijn als u daar probeert om daar direct mee in contact te komen. Laat dat nou precies ook mensen zijn die niet zo heel makkelijk kunnen thuiswerken. Datzelfde geldt natuurlijk ook voor de politie, een redelijk grote werkgever op dat terrein. De heer Steentjes: Ik heb uw tip genoteerd en we gaan graag met iedereen in gesprek. De voorzitter: Dank u wet. Ik nnoet even een klein puntje van orde gaan doen, want er zit nog een meneer daar van Blue Amigo die ook nog even een verhaal wit doen
17
waarschijnlijk, dus ik stel voor dat nnevrouw Kruger en mijnheer Hartmeijer nog een korte vraag stellen aan Qbuzz. Ja? Mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Ja, wat ik nu allemaal hoor, is ik krijg toch het gevoel van het kip of het el, want eigenlijk voor corona op het moment van het intreden van Qbuzz was er at een afschaling van dienstregelingen, zelfs van hele lijnen lokaal en toen hadden wij ook al gewaarschuwd van: jongens, doe dat nou niet, want de reizigers vinden dat niet zo leuk en die worden niet echt warm om het openbaar vervoer te kiezen. Die gaan andere middelen nemen. Dat hebben we ook gemerkt in de stad. Er werd inderdaad toen at meer gebruik gemaakt van de auto. Nu hoor ik het eigenlijk weer zo: we moeten afschalen, afschalen en daarom wat de heer Koelman zegt vind ik een hele interessante buiten het felt dat ik me afvraag: personeelstekort, dat is in alle sectoren, ook in de gezondheidszorg, overal is personeelstekort, maar ook daar wordt gewerkt. Daar gaan we door. Daar worden andere mensen gezocht of andere manieren gezocht om het werk door te laten gaan. Je kan niet afschalen in de zorg. Ja, in een ziekenhuis, maar op een bepaalde nnanier ook niet, dus mijn vraag is, sorry, hoe kan het zijn dat we voor corona al aan het afschalen waren en dat dat nu alleen nog maar verder gaat? Ik geloof niet zo alleen in dat corona verhaal.
De heer Steentjes: Kijk, u kijkt terecht heel lokaal, want daar zit u voor. U zit voor de inwoners van Dordrecht. Wij hebben de vorige keer ook gezegd van: wij moeten kijken naar een evenwichtig lijnennet, netwerk, dienstregeling, urenverdeling over een veel groter concessiegebied en ja, daar hoort dus Dordrecht bij, maar daar hoort ook zeg maar het buitengebied de Molenlanden bij en wij moeten ook in Gorinchem het openbaar vervoer verzorgen, dus wij proberen zo nauw en zo evenwichtig mogelijk lijnennet te werken. Wat u zegt over het personeelsvlak, onze mensen werken dag in dag uit ontzettend hard om het openbaar vervoer hier in de regio overeind te houden. Ik heb ook enorm veel respect voor at onze mensen die in enorme hoeveelheid aan flexibiliteit hebben getoond, overuren maken, diensten ruilen, noem maar op om dienstbaar te zijn voor at onze reizigers, dus in ieder geval dat gezegd hebbende dat daar ook at een groot beroep op wordt gedaan, maar daar is ook wet een keer de rek ult. De voorzitter: Oke. Dank u wet. We laten het even hierbij voor mevrouw Kruger. Dan gaan we naar de heer Hartmeijer van de SP. De heer Hartmeijer: Een korte vraag.
Ik proef denk ik at beetje het antwoord, maar heb ik het goed begrepen dat als we het hebben over scenario's dat er vooral gekeken wordt naar frequentie van bussen en niet naar het schrappen van lijnen? Want dat laatste is denk ik wat je toch echt niet wit. De heer Corts: Nee, in de basis zullen wij in eerste instantie kijken naar frequenties en
mogelijk dat je bijvoorbeeld kijkt naar de een na laatste rit eruit halen. Ik wit altijd bij de laatste rit wit je het liefst wegblijven natuurlijk. Het schrappen van lijnen is inderdaad wet het laatste wat je wit en dat zal alleen in hele zware scenario's gaan gebeuren, maar in de basis zal het inderdaad eerder frequentie zijn of wat we gedaan hebben vorig jaar met '...' dat we op het drukke gedeelte wet de frequentie overeind houden en het op de eindtakken lets lager doen, maar in principe opheffen is niet de bedoeling, maar ik kan
18
geen garantie geven dat het niet gebeurt. Dat hangt er een beetje vanaf hoe diep we moeten gaan. De voorzitter: Dank u wel de heer Corts namens Qbuzz. De heer Boone die had ook nog een vraag, maar ik stel voor dat hij die ook even bewaart, want dan wil ik even mijnheer Huisman van Blue Amigo nu het woord geven. De heer Huisman: Dank u wel. Ja, in het kort, er is al heel veel gras voor mijn voeten weggemaaid. Ook wij zijn een OV-bedrijf, ook wij moeten toekomstplannen maken en ook wij zitten in dezelfde onzekerheid zoals al is toegelicht door de heer Rotteveel en Steentjes. Wat voor ons belangrijk is, wij zijn natuurlijk in januari gestart op basis van een plan dat pre -corona is gemaakt heel ambitieus en waar we ook erg veel zin in hebben, nog steeds zeg ik nadrukkelijk, om dat plan te verwezenlijken. Het feit is dat wel als het gaat om het oorspronkelijke onderwerp, de dienstregeling van 2023 is het voor ons belangrijk dat wij aan de ene kant dit vraagstuk en de onzekerheid hebben van: wat kunnen we doen in 2023 als het gaat om een stukje ondersteuning? Daarnaast hadden we nog een ambitie en een ontwikkelplan in onze inschrijving zitten, het moge logisch zijn dat is een ontwikkelplan pre -corona, als je dat nu weer tegen het licht houdt, moet je dat herijken op de nieuwe situatie.
Het is misschien even heel kort, maar ik hoor dat we snel eigenlijk teruggaan naar argunnenten van: is dat niet gewoon ondernemingsrisico? En negen van de tien keer zou je in een nornnale situatie daar ook wel gewoon een deel ja op kunnen zeggen, maar de situatie voor en na corona is essentieel anders, zeker voor concessiehouders. Dus voor ons, wat ik kan zeggen is dat voor ons de ambitie die wij in ons oorspronkelijke plan hebben/hadden, dat die nog steeds staat. Wij zijn gebaat bij veel varen en veel reizigers. De voorwaarde is wel dat je die reizigers gaat halen. Daar zijn diverse methodes voor om dat te halen, maar wij moeten ook voorzichtig zijn met de inschatting en de snelheid waarop je op dat niveau van 2019 zou kunnen bewandelen. Dus vanuit die onzekerheden zitten wij zelf ook in de plannen makerij met een aantal afhankelijkheden waar we in ieder geval rekening mee houden. Als het gaat om scenario's, ja, wij denken zeker in scenario's. Nogmaals, die ambitie die staat, dus ons hoofdscenario waar wij voor gaan is bij voorkeur die ambitie waarnnaken, maar er zitten economisch gezien gewoon een aantal voorwaarden aan en wij zijn al vanaf januari data aan het ontvangen waarin wij kunnen gaan meten van: hoe is het nou eigenlijk de oorspronkelijke businesscase en wat is het nu? En eigenlijk doe je dat het liefste met jaren vergelijken.
Wij zijn nu nog maanden aan het vergelijken waar de eerste drie nnaanden in corona waren, dus alle data zijn nieuw en eigenlijk al niet vergelijkbaar met eerdere data die we wel hebben of waarover wij beschikken als referentiedata van 2019. Een kleine toevoeging als het gaat om, want die zal toch komen, afschaling, ook wij hebben een personeelstekort. Ik was niet op de hoogte, maar ik hoor net een soort echo van mijn eigen argunnenten. Wat gebeurt er? Je krijgt eerst te nnaken met personeelstekort. Dan krijg je ad hoc uitval of ziekmeldingen. Wij hebben twee dingen, een stukje personeelstekort door een aantal opzeggingen, transities. We nnaken mee dat sonnmige nnensen toch kiezen voor een ander pad. Dat mag. Dat is ook een inschatting geweest, maar ook een heel hoog, buitengewoon hoog ziekteverzuim en dat maakt dat je ad hoc uitval krijgt. Ad hoc uitval is betrouwbaarheid van je dienstregeling gaat er doorheen en er is maar een mogelijkheid om zo snel mogelijk die
19
betrouwbaarheid terug te krijgen en dat is minimaal zorgen dat je bezetting hebt op datgene wat je belooft aan de reiziger. En als je dat niet meer kan en je krijgt overal en nergens zomaar dat er dingetjes uitvallen, dan is hele dienst onbetrouwbaar, dus ik wil zo snel mogelijk toe naar een dienstregeling die dus voor de reiziger in ieder geval betrouwbaar is en of dat dan een kwartier naar een half uur is of iets dergelijks, daar zijn keuzes, maar als je de zekerheid hebt dat hij gaat, dat is tien keer belangrijker dan dat hij nneer gaat. Die keuze hebben wij gemaakt, maar dat staat eigenlijk los van de hele coronaproblematiek. Het is wel zo dat dat natuurlijk meeweegt in hoe snel wil je op schalen? Ja, zo snel mogelijk, alleen je hebt ook de mensen nodig die het dan gaan uitvoeren. Daar wou ik het even bij laten. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga eerst even naar de heer Boone van Beter Voor Dordt. De heer Boone: Ja, dank u wel voorzitter. Even in het verlengde van een vraag die mijnheer Van der Meer net stelde aan de heer Rotteveel, maar het is eigenlijk ook een vraag voor de andere heren van Qbuzz en onze waterbus, u sprak net, mijnheer Rotteveel, over het afschalen tegen de afspraken in en daarbij refereert u aan het principe van: we gaan alleen daar afschalen of schrappen daar waar het het minst pijn doet. Nou is dat behoorlijk ter interpretatie vatbaar.
Voor een scholier is dat weer anders dan voor een forens. Voor een dagjesreiziger is het weer anders dan voor een scholier en voor ouderen is het weer anders dan voor een scholier bijvoorbeeld. Mijn vraag aan u is: wat is precies uw definitie van schrappen daar waar het het minst pijn doet? En hoe gaat u met de doelgroepen in gesprek om te bepalen waar u het makkelijkste en het beste kunnen schrappen waar het het minst pijn gaat doen? De heer Rotteveel: Is dat een vraag aan de provincie of aan de vervoerders? De heer Boone: Voorzitter, dat is een vraag aan de provincie, maar ook aan de vervoerders. De heer Rotteveel: Dan begin ik. Goed openbaar vervoer is snel openbaar vervoer, is ook frequent openbaar vervoer en daarvan zegt de provincie: wij vinden een half uursdienst een minimum, in ieder geval in de stad en op een spoorlijn, dus onder die grens wil je niet komen. En ik heb uitgelegd bij R -net heeft Qbuzz ervoor gekozen om in de spitsuren een kwartierdienst te blijven rijden en overdag een half uursdienst. Ja, dat is niet wat we eigenlijk willen met R -net, maar ik heb eerder uitgelegd, als het personeel er gewoon niet is, dan moet je daar naar handelen en dan nnoet je daar afschalen waar het het minste pijn doet. En natuurlijk is het heel mooi om te overleggen met de verschillende doelgroepen, maar die tijd ontbrak gewoon.
De voorzitter: Voldoende beantwoord? De heer Boone: Ik wil even doorvragen als het mag, voorzitter. De voorzitter: U mag nog een vraag stellen.
20
De heer Boone: Super, dank u wel. Net werd vanuit Qbuzz het beeld geschetst dat nnisschien tot dertig procent volgend jaar geschrapt zou moeten worden in het nneest slechte scenario. Ja, u heeft in principe tot die tijd om na te denken over dat dilemma van waar het het minst pijn doet. Bent u al aan het nadenken over protocollen waar je het nnes erin zou moeten gaan zetten? De heer Rotteveel: Nee. De voorzitter: Dat is een duidelijk antwoord. Kort en bondig. Dank u wel. Dan ga ik nu naar de heer Struijk van ChristenUnie/SGP. De heer Struijk: Dank u wel, voorzitter. Ik heb even toch een vraag aan de meneer van Blue Amigo. Wij zijn volksvertegenwoordigers, dus wij praten niet voor ons zelf en ook niet uit eigen ervaringen, maar je hoort natuurlijk wel eens wat van eigen nnensen. Nu zei u net: we hebben een buitengewoon hoog ziekteverzuim. Dat heeft vaak een oorzaak. Ik heb van nogal wat klanten gehoord dat het personeel niet goed in zijn vel zit, dat ze nnopperen dat de kwaliteit van het materiaal niet goed is. Bij geval ben ik vorige week een keer overgevaren naar Papendrecht en het apparaat deed het niet en ik hoorde direct om mu j heen: dat is heel vaak het geval. Als het zo doorgaat dan konn je in een neerwaartse spiraal en dan wordt het ziekteverzuim misschien nog wel hoger, maar wordt het ook heel moeilijk om nieuw personeel te krijgen.