CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Tweede burap 2025 GR DGJ.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 26 mei 2026, gemeente DordrechtBij agendapunt: 34: Raadsinformatiebrief over Tweede bestuursrapportage 2025 GR DG&J - Raadsinformatiebrief12.673 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

2e burap 2025 GR DG&J

16 oktober 2025

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

2

Inhoudsopgave 1

Inleiding en voorwoord

4

2

Financiële voortgang

5

3

Overzicht van inhoudelijke voortgang

15

4

Risicobeheersing

26

5

Bestuurlijke besluitvorming

32

Bijlage 1 Voorgestelde begrotingswijzigingen

33

Bijlage 2 Inwonerbijdrage na voorgestelde begrotingswijzingen

34

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

3

1 Inleiding en voorwoord Voor u ligt de tweede bestuursrapportage 2025 van de Dienst Gezondheid & Jeugd ZuidHolland Zuid (DG&J). De bestuursrapportage heeft als doel om te informeren over afwijkingen ten opzichte van de vastgestelde begroting en het Uitvoeringsprogramma MJP 2024-2028. En om - indien noodzakelijk - bijsturingsmaatregelen voor te leggen. Daarnaast wordt, op basis van de eerste acht maanden van 2025, een financiële prognose voor 2025 gegeven. Serviceorganisatie Jeugd De kosten van jeugdhulp nemen ten opzichte van de 1e burap licht af en lijken te stabiliseren. Het beeld per gemeente verschilt. Een aantal gemeenten heeft al eerder besparende maatregelen getroffen die inmiddels tot lagere kosten leiden. Vóór de zomer zijn de maatregelen uit het Verbeterprogramma betaalbare en beschikbare jeugdhulp doorgerekend. Voor de SOJ en gemeenten die dat hebben aangegeven, zijn de doorgerekende besparingen van de maatregelen die zij treffen, al verwerkt in de begroting 2026. Het effect van de maatregelen uit het gezamenlijke Verbeterprogramma van gemeenten en SOJ zal de komende jaren zichtbaar moeten worden. In april 2025 is het rechtmatigheidsproject van start gegaan binnen de Serviceorganisatie. In de afgelopen maanden zijn de interne processen die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van rechtmatigheidsonderzoeken geïmplementeerd.

Het doel van dit project is om de rechtmatigheid en doelmatigheid van de zorguitgaven te vergroten, risico’s beter te beheersen en gemeenten meer inzicht te geven in de kwaliteit en juistheid van de ingekochte zorg. Onrechtmatig gedeclareerde zorg wordt teruggevorderd. Verder boekt de Serviceorganisatie dit jaar wederom resultaat op het woonplaatsbeginsel. Dit leidt tot reducering van kosten voor gemeenten. De komende periode blijft in het teken staan van samenwerking met gemeenten, aanbieders en ketenpartners om de balans tussen toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid van de jeugdhulp te behouden. De Serviceorganisatie blijft zich inzetten voor data gedreven sturing, transparantie en het ondersteunen van gemeenten bij hun regierol. Tot slot wordt de komende periode ook samen met gemeenten gewerkt aan de versterking en implementatie van het normenkader, met als doel meer grip te krijgen op zorgtoewijzingen en kostenontwikkeling.

GGD In de eerste maanden van 2025 is de druk op de dagelijkse uitvoering van taken en de toekomstgerichte ontwikkeling van de GGD ZHZ toegenomen, vanwege een stapeling van financiële maatregelen vanuit het Rijk en gemeenten. De GGD ZHZ zet zich onverminderd in om de dienstverlening richting inwoners op niveau te houden en de publieke gezondheid te bewaken, beschermen en bevorderen. Zo is te allen tijde bijvoorbeeld de TBC bestrijding in toenemende mate onder de aandacht geweest en is rondom Covid een najaarscampagne gestart. Daarnaast maakt de GGD ZHZ gerichte keuzes voor interventies. Zo rollen we nieuwe vormen van wijkgericht werken uit en door middel van (participatief actie-)onderzoek en organiseren we een tour door gemeenten vanuit het team infectieziektebestrijding.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

4

Tegelijkertijd is GGD ZHZ genoodzaakt specifieke diensten terug te schroeven, binnen bijvoorbeeld gezondheidsbevorderende thema's als de aanpak van overgewicht en kansrijke start. Tevens wordt er vanaf 2026 bezuinigd op het thema seksuele gezondheid en zijn er landelijke plannen om de vaccinatiegraad te verhogen via fijnmazig vaccineren, zonder dat daar financiële middelen tegenover staan. In deze uitdagende context stemmen we onze inzet en werkwijze zoveel als mogelijk af op de veranderende behoefte van onze opdrachtgevers, partners en inwoners.

Veilig Thuis De capaciteit van Veilig Thuis knelt als gevolg van het hoge aantal meldingen en adviezen. Hierdoor lopen de werkvoorraad (wachtlijst) en doorlooptijden sterk op. Het lukt Veilig Thuis niet om dit in te lopen. De medewerkers van Veilig Thuis ervaren hierdoor een hoge werkdruk. Bovendien neemt het risico toe dat wachtende meldingen escaleren naar spoed of crisis. Tegelijkertijd is de met gemeenten afgesproken vermindering van het aantal meldingen bij Veilig Thuis, nog niet zichtbaar. Gemeenten, lokale teams en ketenpartners zoals de politie, hebben meer tijd nodig om de benodigde beweging in gang te zetten. Er worden stappen gezet, maar het zal nog enige tijd duren voordat de effecten daarvan zichtbaar zijn. Een bijzondere ontwikkeling die ook nog speelt, is de forse groei van het aantal Tijdelijk Huisverboden. Dit komt voort uit het feit dat de burgemeesters in de regio aandacht hebben gevraagd van de politie voor de toepassing van dit instrument. Dit trekt echter een stevige wissel op de al onder druk staande capaciteit van Veilig Thuis. Bovendien zorgt deze groei voor een gat in de begroting, omdat Veilig Thuis de inzet van Fivoor bij een Tijdelijk Huisverbod vergoedt. Als er meer Huisverboden zijn, nemen de kosten van Fivoor toe. Dit is niet voorzien in de begroting.

Veilig Thuis is in overleg met burgemeesters, politie en OM over de gestegen inzet van Tijdelijk Huisverboden. Bij de crisisdienst doet zich een forse stijging voor van crisisinterventies en risicotaxaties voor huisverboden buiten kantooruren. Daarnaast lukt het bij 20% van de casuïstiek niet om deze binnen de afgesproken 48 uur over te dragen naar het lokale veld. Ook deze ontwikkelingen zorgen voor extra druk op Veilig Thuis.

Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten Bij Leerplicht zijn de aantallen meldingen van relatief verzuim en vrijstellingen hoger dan begroot. Het aantal meldingen van relatief verzuim lijkt op dit hogere niveau te stabiliseren. Het aantal vrijstellingen stijgt nog steeds. De prognose overschrijdt de begrotingsnorm die is gebaseerd op de beschikbare financiële middelen. De basisdienstverlening van Leerplicht staat hierdoor onder druk. Concreet betekent dit dat Leerplicht meer kennisgevingsbrieven verstuurt in plaats van het voeren van gesprekken en dat de doorlooptijden van alle processen oplopen. Vanwege de uitkomst van de bestuursopdracht die is uitgevoerd onder regie van gemeenten, moet de formatie van Leerplicht in 2026 worden teruggebracht naar 15,5 fte. Voorwaarde is dat ook het aantal meldingen bij Leerplicht daalt. Hierover is Leerplicht in gesprek met de samenwerkingsverbanden en gemeenten. Leerplicht zal in elk geval per 1 januari 2026 de preventieve taken die onderdeel zijn van de Methodische Aanpak Schoolverzuim, grotendeels afschalen. Wanneer de aantallen verzuimmeldingen en vrijstellingen zo hoog blijven als in prognose in deze bestuursrapportage, dan zal

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

5

Leerplicht een nog groter deel van de in het MJP-uitvoeringsprogramma genoemde basisdienstverlening moeten afschalen. Het aantal plaatsingen door de doorstroomcoaches (voorheen MatchMakers) van het Doorstroompunt, is sterk gestegen. Dit is het gevolg van uitbreiding en professionalisering van het team, een efficiëntere werkwijze en versterking van de regionale samenwerking. De toename van de rijksmiddelen in aanloop naar de inwerkingtreding van de Wet van school naar duurzaam werk per 1 januari 2026, heeft dit mogelijk gemaakt.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

6

2 Financiële voortgang GGD, Veilig Thuis en LVS De prognose van de 2e burap laat, net als bij de 1e burap 2025, een financieel neutraal beeld zien. Het resultaat is met name het resultante van de CAO die lager uit valt en het resultaat op de rente. Het verwachte saldo per jaar einde € 737.000 positief zal bedragen. Dit is circa € 131.000 lager dan wat bij de 1e burap 2025 was voorzien. Dit voornamelijk het gevolg van personele ontwikkelingen (verlengen inhuur vanwege ziekte, dotatie aan voorziening verlofsparen).

(bedragen x € 1.000) Programma Programma 1 Publieke Gezondheid Programma 2 Veilig Thuis Programma 3 Onderwijs Programma 4 Jeugdgezondheidszorg Programma 5 Kennisprogramma Overhead/alg. dekk. (excl. SOJ-deel) Geraamd resultaat voor mutatie reserve Mutatie reserve Geraamd resultaat na mutatie reserve

Bijgestelde begroting 2025 Lasten 14.344 8.452 3.966 14.701 1.380 8.825 51.667 0 51.667

Baten 14.669 8.490 3.375 14.729 1.481 8.805 51.549 986 52.535

Prognose 2e burap 2025

Saldo Lasten Baten 325 14.038 14.450 38 8.531 8.551 -591 4.041 3.411 29 14.718 14.729 101 1.389 1.472 -19 8.869 8.745 -118 51.586 51.359 986 0 965 868 51.586 52.323

Saldo 412 20 -630 11 83 -124 -228 965 737

Begrotingswijziging 2e burap 2025 GGD, LVS en VT Lasten Baten Saldo 306 -219 87 -79 62 -18 -75 36 -39 -17 0 -17 -9 -9 -18 -44 -60 -104 80 -190 -110 0 -22 -22 80 -212 -131

Publieke Gezondheid (onderdeel van GGD) (bedragen x € 1.000) Product Programma 1 Publieke Gezondheid Infectieziekten Soa/sense Tuberculosebestrijding Reizigers Gezondheid en Milieu Toezicht Kinderopvang Toezicht WMO Gezondheidsbevordering Crisisorganisatie OGGZ Covid-19 Subtotaal programma 1

Bijgestelde begroting 2025 Lasten Baten Saldo 2.452 689 480 1.097 575 1.274 203 2.268 268 3.513 1.525 14.344

2.493 739 572 1.121 571 1.249 215 2.302 293 3.589 1.525 14.669

2e burap 2025 Lasten Baten Saldo

41 2.368 2.407 50 720 804 92 479 569 24 1.182 1.269 -3 564 571 -25 1.260 1.254 11 195 215 34 2.289 2.302 25 244 293 76 3.449 3.476 0 1.290 1.290 325 14.038 14.450

39 84 91 87 7 -6 20 13 49 27 0 412

Begrotingswijziging Lasten Baten Saldo 84 -30 2 -85 11 14 8 -21 24 64 235 306

-86 65 -2 148 0 5 0 0 0 -114 -235 -219

-2 34 -1 64 11 18 8 -21 24 -49 0 87

Ten opzichte van de 1e burap 2025 zullen de lasten naar verwachting circa € 306.000 lager bedragen en zullen daarmee naar verwachting € 14,0 miljoen bedragen. De prognose van de baten wordt met € 219.000 negatief bijgesteld naar € 14,5 miljoen. Per saldo laat de prognose een verwacht resultaat van € 412.000 positief zien en is daarmee € 87.000 hoger dan bij de 1e burap 2025. De bijstellingen van zowel de baten als de lasten is voornamelijk het gevolg van: • Een verdere toenemende vraag naar het plaatsen van Reizigersvaccinaties. Hiermee zal naar verwachting circa € 148.000 extra aan inkomsten worden gerealiseerd. Hier staat circa € 85.000 aan extra lasten tegenover. • De baten van de OGGZ vallen lager uit als gevolg van een lagere subsidiebeschikking die door de gemeente Dordrecht is afgegeven. Als gevolg hiervan is ook minder capaciteit aangetrokken en vallen de lasten lager uit. • Gewijzigde financieringssystematiek met betrekking tot de coviduitvoeringsorganisatie op zowel de baten als lasten, met in totaal € 235.000 minder dan voorzien. Hierbij vergoedt VWS een prijs per prik, met een garantie van minimaal 85% van de prikken die in de regio zijn begroot.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

7

Veilig Thuis (bedragen x € 1.000) Product Programma 2 Veilig Thuis VT Volwassenen VT Jeugd Crisisdienst Subtotaal programma 2

Bijgestelde begroting 2025 Lasten Baten Saldo 1.452 5.913 1.087 8.452

1.442 5.971 1.077 8.490

-10 58 -10 38

2e burap 2025 Lasten Baten Saldo 1.504 5.791 1.237 8.531

1.504 5.971 1.077 8.551

0 181 -160 20

Begrotingswijziging Lasten Baten Saldo -52 122 -150 -79

62 0 0 62

10 122 -150 -18

De totale lasten voor Veilig Thuis worden geprognosticeerd op circa € 8,5 miljoen, en zijn daarmee circa € 79.000 hoger dan wat bij de 1e burap was voorzien. Doordat de hogere lasten voor Veilig Thuis Volwassenen verlegd zullen worden naar de gemeente Dordrecht en Hoeksche Waard als gevolg van de centrumgemeente verantwoordelijkheid die zij hebben voor dit deel van Veilig Thuis, stijgen de baten voor Veilig Thuis volwassenen met € 62.000. Voor diverse (specialistische) functies binnen Veilig Thuis Jeugd staan vacatures uit. We zien door verandering op de arbeidsmarkt dat het lastiger is om deze in te vullen, waardoor naar verwachting de lasten van Veilig Thuis Jeugd € 120.000 lager zullen uitvallen. Door enerzijds langdurig ziekteverzuim waardoor aanvullend capaciteit wordt aangetrokken en anderzijds toegenomen aantal huisverboden laat de prognose van de 2e burap een negatief resultaat zien van circa € 150.000 bij de crisisdienst.

Onderwijs (LVS) (bedragen x € 1.000) Product Programma 3 Onderwijs Leerplicht Doorstoompunt - VSV Subtotaal programma 3

Bijgestelde begroting 2025 Lasten Baten Saldo 2.338 1.628 3.966

1.747 1.628 3.375

-591 0 -591

2e burap 2025 Lasten Baten Saldo 2.356 1.684 4.041

1.726 1.684 3.411

-630 0 -630

Begrotingswijziging Lasten Baten Saldo -19 -56 -75

-20 56 36

-39 0 -39

De totale lasten bij de 2e burap van LVS bedragen ongeveer € 4,0 miljoen en de totale baten € 3,4 miljoen. De prognose van de 2e burap 2025 laat een beperkte afwijking zien ten opzichte van de 1e burap 2025. De negatieve ontwikkeling is het gevolg van overbezetting bij langdurig ziekte. Daar waar mogelijk wordt binnen DG&J getracht om (tijdelijk) personele problemen op te vangen tussen de organisatie onderdelen. Echter is dit, gezien de vele specialistische functies, niet altijd haalbaar. De hogere lasten bij leerplicht worden gedekt middels de bij de jaarstukken 2024 gevormde bestemmingsreserve (€ 435.000). Deze reserve zal, conform afspraken, volledig worden aangewend.

Jeugdgezondheidszorg (onderdeel van GGD) (bedragen x € 1.000) Product Programma 4 Jeugdgezondheidszorg Jeugdgezondheidszorg Totaal Jeugdgezondheidszorg

Bijgestelde begroting 2025 Lasten Baten Saldo 14.701 14.701

14.729 14.729

2e burap 2025 Lasten Baten Saldo

29 14.718 14.729 29 14.718 14.729

11 11

Begrotingswijziging Lasten Baten Saldo -17 -17

0 0

-17 -17

De totale baten en lasten bedragen circa € 14,7 miljoen. De prognose van de 2e burap 2025 laat een beperkte afwijking ten opzichte van de 1e burap 2025 zien.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

8

Kennisprogramma (onderdeel van GGD) (bedragen x € 1.000) Product Programma 5 Kennisorganisatie Kennisorganisatie Totaal Kennisprogramma

Bijgestelde begroting 2025 Lasten Baten Saldo 1.380 1.380

1.481 1.481

2e burap 2025 Lasten Baten Saldo

101 101

1.389 1.389

1.472 1.472

83 83

Begrotingswijziging Lasten Baten Saldo -9 -9

-9 -9

-18 -18

De totale lasten van het kennisprogramma bedragen circa € 1,4 miljoen en de baten bedragen € 1,5 miljoen. De prognose van de 2e burap 2025 laat een beperkte afwijking zien ten opzichte van de 1e burap 2025.

Overhead, algemene dekkingsmiddelen (GGD, LVS en VT) (bedragen x € 1.000) Product Algemene dekkingsmiddelen, reserve Overhead Totaal overhead/algem. Dekkingsmiddelen Mutatie reserve Totaal na mutatie reserve

Bijgestelde begroting 2025 Lasten Baten Saldo 8.825 8.825 0 8.825

8.805 8.805 986 9.792

2e burap 2025 Lasten Baten Saldo

-19 -19 986 967

8.869 8.869 0 8.869

8.745 8.745 965 9.710

-124 -124 965 841

Begrotingswijziging Lasten Baten Saldo -44 -44 0 -44

-60 -60 -22 -82

-104 -104 0 -104

De prognose bij de 2e burap laat zien dat naar verwachting de lasten per einde jaar € 8,9 miljoen zullen bedragen en de baten (voor mutatie reserve) € 8,7 miljoen. Hiermee vallen de lasten circa € 44.000 hoger uit dan bij de 1e burap en de baten circa € 60.000 lager. Als gevolg van verlenging van inhuur, bijstelling van de voorzieningen rondom verlof en hogere opleidingskosten, vallen de lasten beperkt hoger uit dan wat bij de 1e burap was begroot. De baten vallen lager uit als gevolg van een bijstelling van de rentebaten. Voor de jaren 2025, 2026 en 2027 is vanuit de niet ingezette middelen voor het opvangen van de frictie als gevolg het vertrek van de gemeenten Leerdam en Zederik een bestemmingsreserve Vitaliteit gevormd. Voor 2025 gaat het om circa € 112.000. Naar verwachting zal circa € 22.000 niet worden uitgegeven in 2025, omdat het programma iets later is gestart dan was voorzien. Serviceorganisatie Jeugd Prognose € 1,1 miljoen (0,7%) lager dan 1e burap De prognose van de kosten 2025 neemt ten opzichte van de 1e burap licht af. Het beeld per gemeente varieert. De gemeentelijke bijdragen dalen met € 1,1 mln. (0,7%). In onderstaande tabel is de afname van de gemeentelijke bijdragen op regioniveau gespecificeerd. Bedragen * € 1.000

Gemeentelijke bijdragen eerste bestuursrapportage 2025

163.074

% van burap I

Latere realisatie rechtmatigheidsproject in 2025

300

0,2%

Verlaging prognose rentebaten 2025

83

0,1%

Realisatie woonplaatsbeginsel voorgaande jaren

-706

-0,4%

Kosten SOJ lager

-100

-0,1%

Afname jeugdhulp met verblijf

-477

-0,3%

Afname jeugdbescherming en jeugdreclassering

-235

-0,1%

Aantal jeugdigen en budget PGB neemt verder af

-224

-0,1%

Toename ambulante jeugdhulp

216

0,1%

Daling LTA

-255

-0,2%

Daling vervoer

-103

-0,1%

Overige

385

0,2%

161.957

-0,7%

Gemeentelijke bijdragen tweede bestuursrapportage 2025

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

9

Realisatie rechtmatigheidsproject in 2025 In de 1e burap was een realisatie van € 600.000 opgenomen als resultaat uit het rechtmatigheidsproject in 2025. Deze is in de 2e burap verlaagd met €300.000. Het verwachte resultaat blijft € 600.000, maar een deel hiervan zal gerealiseerd worden in komende jaren. Verlaging prognose rentebaten 2025 De raming van de rentebaten is neerwaarts bijgesteld van € 282.500 naar € 200.000 (€ 82.500). Op basis van de actuele realisatie en lagere gemiddelde liquiditeitspositie dan verwacht in de 1e burap, vallen de renteopbrengsten lager uit. Dit leidt tot een hogere gemeentelijke bijdrage van circa € 83.000 in 2025. Resultaat woonplaatsbeginsel voorgaande jaren In 2025 zal de Serviceorganisatie opnieuw een positief resultaat behalen op het woonplaatsbeginsel. Op dit moment is de tussenstand +€ 1,4 mln. Doordat het resultaat in de komende maanden nog positief of negatief kan wijzigen, is er voor gekozen om vanuit een voorzichtigheidsprincipe 50% van het huidige resultaat van € 706.000 op te nemen in de 2e burap. Kosten SOJ lager De kosten vallen iets lager uit dan in de 1e bestuursrapportage (€ 100.000). Afname jeugdhulp met verblijf Jeugdhulp met verblijf valt per saldo € 477.000 lager uit dan in de 1e burap. De grootste daling zit op de onderdelen verblijf met behandeling en pleegzorg.

Afname jeugdbescherming en jeugdreclassering Jeugdbescherming en jeugdreclassering laten ten opzichte van de 1e burap een lagere raming zien van € 235.000. Dit wordt hoofdzakelijk verklaard door een lager aantal jeugdigen met een maatregel. Door deze volumekrimp vallen de P×Q-kosten over 2025 lager uit dan eerder geraamd. Aantal jeugdigen en budget PGB neemt verder af Ten opzichte van de 1e burap neemt het PGB verder af. Het aantal jeugdigen met een PGB daalt. De raming voor 2025 is met €224k naar beneden bijgesteld (van € 6,2 mln. naar € 6,0 mln.). Deze afname hangt waarschijnlijk deels samen met een verschuiving van PGB-dossiers naar een regionale zorgmarkt-voorziening. Stijging ambulante jeugdhulp Ambulante jeugdhulp valt in de 2e burap per saldo € 216k hoger uit dan in de 1e burap. De groei zit vooral in behandeling, begeleiding en diagnostiek. Er is sprake van een verschuiving binnen het ambulante domein richting meer (en zwaardere) behandeling en dagbesteding. Daling LTA Bij LTA is de raming ten opzichte van de 1e burap € 255.000 lager. Dit komt vooral door een lager aantal jeugdigen De volumekrimp leidt tot minder ingezette etmalen/trajecten en dus lagere P×Q-kosten voor 2025. Deze schommelingen vallen binnen de reguliere fluctuaties die binnen LTA plaatsvinden. Overige Dit betreft onder meer taakgerichte bekostiging. Kostenstijging t.o.v.

2024 Ten opzichte van 2024 stijgen de kosten in 2025 met € 11,3 mln. (+7,5%). In onderstaande figuur is de procentuele kostenstijging in 2025 ten opzichte van 2024 uitgesplitst naar de verschillende oorzaken.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

10

Opbouw stijging kosten 2025 t.o.v. 2024 5,0% 4,0% 3,0% 2,0% 1,0% 0,0% -1,0%

Oorzaak kostenstijging Indexatie Rentebaten 2025 Tariefwijziging JBJR, gesloten plaatsing, pand 8 Apparaatkosten SOJ Realisatie rechtmatigheidsonderzoeken Resultaat woonplaatsbeginsel 2024 Groei jeugdhulp Totaal

Stijging Toelichting 4,6% Indexatie 2025 0,1% Lager prognose rentebaten 2025 1,0% Tariefaanpassing JBJR door vervallen korting en toevoeging pupilkosten. 0,6% Stijging o.a. door rechtmatigheidsproject, inhuur en formatie/bezettingswijzigingen. -0,2% Verwacht resultaat rechtmatigheidsonderzoek in 2025 0,6% Realisatie WPB in 2025 lager dan in 2024 0,8% Groei jeugdhulp, met name in intensieve, specialistische en verblijfvormen. 7,5%

Kostenstijging meerjarig bezien In onderstaande grafiek is de groei van de kosten in onze regio opgenomen. Voor een goede vergelijking zijn de kosten voor jeugdteams en Jeugdhulp aar voren uitgezonderd.

Ontwikkeling kosten * € 1 mln. 170 160 150 140 130 120 110 100 90 80 2018

2019

2020

Totale kosten

2021

2022

2023

2024

2025P

Totale kosten exclusief indexatie

Regionale versus landelijke kostenontwikkeling Er zijn geen nieuwe onderzoeken over de landelijke kostenontwikkeling jeugdhulp beschikbaar gekomen. Eerdere onderzoeken uit 2023 hebben laten zien dat de kostenontwikkeling in onze regio aanzienlijk gunstiger is geweest dan het landelijk gemiddelde (accountantskantoor BDO). De kostenefficiency in onze regio is relatief hoog (Stichting Instituut Publieke Sector Efficiëntie Studies).

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

11

Programma verantwoording financieel

Regionale Zorgmarkt

Realisatie t/m augustus obv declaraties 76.406 74.234

130.981

141.416

140.796

-620

131.490

LTA

5.708

4.563

9.786

10.250

9.995

-255

8.248

PGB

4.873

1.516

8.353

6.240

6.016

-224

7.015

Serviceorganisatie

3.442

2.501

5.900

5.450

5.350

-100

4.242

Toekomstscenario

-

-

-

164

164

Totaal lasten

90.429

82.815

155.021

163.356

162.321

-1.035

150.994

Gemeentelijke bijdragen

Bedragen * € 1.000,-

Begroting t/m augustus

Primaire begroting 2025

Prognose 1e burap

Prognose 2e burap

Prognose burap 2 vs burap 1

Realisatie 2024

-

90.429

82.815

155.021

163.074

161.957

-1.116

150.548

Rentebaten

-

-

-

283

200

-83

446

Mutatie reserve

-

-

-

-

164

164

Totaal baten

90.429

82.815

155.021

163.356

162.321

-1.035

150.994

-

-

-

-

-

-

-

Saldo baten -/- lasten

-

Regionale zorgmarkt Kostenstijging zet door, jeugdhulpgebruik blijft stijgen De kosten van de post regionale zorgmarkt dalen licht met € 0,6 mln. (0,4%) ten opzichte van de 1e burap 2025. Het aantal jeugdigen groeit met 27 van 8.176 naar 8.203 (0,3%). De belangrijkste ontwikkelingen ten opzichte van de begroting zijn samengevat in onderstaande tabel. Bedragen * € 1.000

Zorgcategorie (bedragen * € 1.000) Ambulante jeugdhulp Behandeling, begeleidng, diagnostiek Jeugd GGZ Dagbesteding en dagbehandeling Basis GGZ ED (dyslexie) Ambulant overig Subtotaal ambulante jeugdhulp Jeugdhulp met verblijf Verblijf met behandeling Pleegzorg Gesloten jeugdhulp Gezinshuizen Verblijf SGGZ HIC (high intensive care) Wonen met begeleiding Logeren Subtotaal jeugdhulp met verblijf Jeugdbescherming en jeugdreclassering Jeugdhulp taxivervoer Besparingen Vrijval oude jaren Besparingen rechtmatigheid Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming Resultaat woonplaatsbeginsel Overige zorgcategoriën en taakgerichte bekostiging Totaal

Prognose 1e Prognose 2e burap burap

Verschil in vergelijkbare prijzen

Jeugdigen Jeugdigen prognose 1e prognose 2e Verschil burap burap

%

%

26.397 26.111 13.497 2.043 3.059 4.092 75.200

26.851 25.595 13.616 2.002 3.109 4.243 75.416

453 -516 118 -41 50 151 216

1,7% -2,0% 0,9% -2,0% 1,6% 3,7% 0,3%

2.848 3.278 606 1.087 806 1.372 7.564

2.882 3.249 625 1.083 827 1.526 7.641

34 -29 19 -4 21 154 77

1,2% -0,9% 3,1% -0,4% 2,6% 11,2% 1,0%

16.535 7.506 2.266 7.397 880 15.347 1.460 51.391 10.800 2.736 -1.190 -600

15.999 6.995 2.222 7.579 1.082 15.268 1.769 50.914 10.565 2.633 -1.190 -300 164 -706 3.468 140.796

-536 -511 -44 182 202 -79 309 -477 -235 -103 300 164 -706 389 -620

-3,2% -6,8% -1,9% 2,5% 23,0% -0,5% 21,1% -0,9% -2,2% -3,8%

105 444 12 98 12 125 100 841 805 417

109 415 7 104 8 118 97 810 765 394

4 -29 -5 6 -4 -7 -3 -31 -40 -23

3,8% -6,5% -41,7% 6,1% -33,3% -5,6% -3,0% -3,7% -5,0% -5,5%

-0,4%

8.176

8.203

27

0,3%

3.079 141.416

NB: jeugdigen betreft aantal op peildatum 1e en 2e burap en kunnen in meerdere categorieën voorkomen.

Hieronder worden de grootste afwijkingen uit bovenstaande tabel toegelicht.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

12

Ambulante jeugdhulp Binnen de ambulante jeugdhulp is sprake van een stijging van €0,2 mln (+0,3%) ten opzichte van de 1e burap, bij een groei van het aantal jeugdigen van 7.564 naar 7.641 (+77). De toename komt vooral door behandeling, begeleiding en diagnostiek (+€ 453k; +34 jeugdigen). Ook dagbesteding en dagbehandeling (+€118k; +19 jeugdigen) en ambulant overig (+ € 151k; +154 jeugdigen) nemen toe; in die laatste categorie zit de groei hoofdzakelijk in categorie 53 (kindergeneeskunde) en deels categorie 50 (jeugdhulp op school). Daartegenover staan lagere uitgaven bij Jeugd GGZ (-€ 516k) en basis GGZ (-€ 41k). Jeugdhulp met verblijf Jeugdhulp met verblijf neemt per saldo met €477k (+0,9%) af, bij een afname van het aantal jeugdigen van 841 naar 810 (-31, -3,7%). Onderliggend daalt verblijf met behandeling (-€536k) ondanks +4 jeugdigen. Pleegzorg neemt af (-€511k; -29 jeugdigen), wat samenhangt met de beperkte beschikbaarheid van pleeggezinnen en mogelijk een verschuiving richting gezinshuizen (+€182k, +6 jeugdigen). Verblijf SGGZ HIC stijgt in kosten (+€202k) ondanks minder jeugdigen omdat we nu uitgaan van het normale aantal verblijfsdagen; de eerdere raming was gebaseerd op een maand met minder verblijf, waardoor de kosten nu hoger uitkomen.

Logeren neemt toe (+€309k) door de overgang naar de harmonica-voorziening: we rekenen nu P×Q (per etmaal) af in plaats van taakgericht/lumpsum. Daardoor verschuift een deel van de lasten van het taakgerichte deel naar P×Q. Jeugdbescherming en jeugdreclassering De kosten voor jeugdbescherming en jeugdreclassering dalen met €235k (-2,2%). Het aantal jeugdigen met een maatregel loopt terug van 805 naar 765 (-5,0%), wat rechtstreeks doorwerkt in lagere P×Q-kosten. Overige Jeugdhulp taxivervoer wordt €103k (-3,8%) lager geraamd onder andere door daling van het aantal jeugdigen. De overige zorgcategorieën nemen per saldo toe met €389k. De besparing rechtmatigheid is bijgesteld van +€600 naar +€300k in 2025. Dit betekent niet dat er een lager resultaat wordt verwacht in dit project, maar doordat een deel van het resultaat in 2026 gerealiseerd zal worden. Daarnaast is uit de bestemmingsreserve Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming is een bedrag van € 163.928 toegekend voor een projectleiding, organisatie leerwerksessies en inhoudelijk kartrekker ten behoeve van het programma Toekomstscenario ZHZ 2025. Het overblijvende deel uit deze bestemmingsreserve van € 36.033 laten we vrijvallen. Verder is er op basis van het positieve resultaat op het woonplaatsbeginsel in 2025 van €1,4 mln. al -€706k als correctie meegenomen.

Dit is 50% van het huidige resultaat doordat in de laatste maanden van 2025 dit resultaat nog positief of negatief zou kunnen wijzigen.

Landelijk Transitie Arrangement (LTA) Ten opzichte van de 1e burap 2025 dalen de kosten voor het Landelijke Transitie Arrangement (LTA) met € 0,3 mln. (2,5%). Vergeleken met de realisatie in 2024 bedraagt de stijging € 1,7 mln. (+21,2%). Deze stijging wordt met name veroorzaakt door hogere inzet van enkele dure casussen en een lichte stijging van het aantal jeugdigen dat gebruikmaakt van LTA-voorzieningen. De sturingsmogelijkheden van de SOJ en gemeenten op het uitzonderlijk zorgaanbod dat op basis van het LTA landelijk wordt gecontracteerd, zijn beperkt. Doordat het een doorgaans een kleine groep jeugdigen betreft met hoge kosten per jeugdigen, kunnen de

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

13

lasten sterk fluctueren. De Serviceorganisatie monitort de inzet en kostenontwikkeling en brengt de uitnutting per gemeente periodiek in beeld.

Persoonsgebonden budget (PGB) Ten opzichte van de 1e burap 2025 dalen de kosten van het PGB met € 0,2 mln. (-3,6%). Ook ten opzichte van de realisatie in 2024 is sprake van een daling (€ 1,0 mln. -14,2%). De tariefstijging bedraagt 4,63%, waardoor in reële termen de post PGB een significante daling laat zien. Deze daling wordt voornamelijk verklaard door een afname van het aantal jeugdigen met een PGB. Daarnaast is in de regio een strengere toetsing van aanbieders doorgevoerd, waarbij contracten met aanbieders die niet aan de kwaliteitsvoorwaarden voldoen zijn beëindigd. Hierdoor is een verschuiving naar zorg in natura (ZIN) zichtbaar. Verder blijkt uit analyse dat in eerdere jaren relatief hoge budgetten werden vastgesteld (gemiddeld circa 35% boven de gedeclareerde waarde), wat leidde tot onderbenutting en risico op ondoelmatige uitgaven. Inmiddels wordt actiever gestuurd op de hoogte van de budgetten en de toekenning hiervan door de lokale teams. Dit is belangrijk om grip te houden op de toewijzing en de besteding van middelen. Hoewel de kosten dalen, blijft het PGB een aandachtspunt in het kader van rechtmatigheid en doelmatigheid, met name bij de beoordeling van maatwerkvoorzieningen en de inzet van niet-gecontracteerde aanbieders.

Serviceorganisatie In de 2e bestuursrapportage 2025 dalen de uitvoeringskosten van de Serviceorganisatie met € 0,1 mln. Dit niveau ligt €0,6 mln. (9,3%) lager dan de primaire begroting 2025. De neerwaartse bijstelling wordt nog steeds vooral verklaard door een lagere raming van ICT-kosten door de keuze voor een nieuwe backofficeapplicatie. Op overige kostensoorten – personeel, inhuur en dienstverlening – zijn beperkte verschuivingen zichtbaar, maar deze vallen per saldo binnen het bestaande budget.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

14

3 Overzicht van inhoudelijke voortgang In de 2e bestuursrapportage van 2025 worden inhoudelijke afwijkingen geduid. Om deze inzichtelijk te maken, wordt er gebruik gemaakt van onderstaande emoji's. Wanneer er (ernstig) achter gelopen wordt op de norm, wordt dit tekstueel nader toegelicht.

 Realisatie loopt ernstig

 Realisatie loopt achter op  Realisatie conform of

achter op de norm

de norm

boven op de norm

Programma 1 Publieke Gezondheid

Infectieziektenbestrijding en Technische hygiënezorg

Indicator Bezetting artsen en verpleegkundigen op orde

Norm 100% van de formatie

Aantal voorlichtingen en trainingen verzorgd

15

Vergunningsaanvragen tattoo, piercing PMU binnen 8 weken afgehandeld Certificaataanvraag shipsanitation binnen 24 uur in behandeling genomen

Prognose 100%

Augustus

April

15

12

6

100%

100%

100%

100%

Landelijk is nog steeds een tekort aan artsen Maatschappij en Gezondheid (M+G), welke eindverantwoordelijk zijn voor de medische processen binnen de GGD. Als gevolg hiervan is hun betrokkenheid niet volledig te borgen bij een grote uitbraak van een infectieziekte of uitval van artsen. Inhuur van basisartsen blijft daarom noodzakelijk. Wel is recentelijk een nieuwe arts M+G aangenomen, die start in het laatste kwartaal van 2025. Ondertussen is vanuit het rijk gecommuniceerd dat de financiële middelen voor Pandemische Paraatheid tot en met 2027 beschikbaar zullen zijn. Daarop zijn huidige tijdelijke contracten verlengd en kunnen de ingezette activiteiten volgens het uitvoeringsplan worden voortzet.

Seksuele gezondheid Aanvullende Seksuele Gezondheidsregeling Doordat twee verpleegkundigen dit jaar en deels volgend jaar de voor het CSG verplichte trainingen volgen, kunnen zij minder spreekuren en andere programma-activiteiten uitvoeren. Op de Aanvullende Seksuele Gezondheidsregeling (SPUK-ASG-PrEP), waaruit een groot deel van de activiteiten van het Centrum Seksuele Gezondheid (CGZ) bekostigd worden, is voor 2026 een eenmalige bezuiniging van minimaal 10% doorgevoerd. Dit heeft forse consequenties voor de uitvoering. De afgelopen maanden heeft de GGD in samenspraak

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

15

met de twee andere GGD-en die tot CSG Zuid-Holland behoren afspraken gemaakt over het takenpakket en bijbehorend dienstverleningsniveau.

Nu Niet Zwanger Er is een geschat tekort van € 47.000, dat eenmalig wordt gedragen door de GGD, vanwege het grote belang dat samenwerkingspartners aan dit programma hechten en de intentie om het te continueren als standaarddienst van de GGD. Met de gemeenten is ondertussen afgesproken dat de dienstverleningsovereenkomst (DVO) in Q3 wordt ondertekend. Binnen de DVO wordt uitgezocht welke middelen (Gezond en Actief Leven Akkoord en Integraal zorgakkoord) beschikbaar zijn om de begroting vanaf 2026 duurzaam te dragen, in samenhang met het dienstpakket van de gehele GGD.

Tubercolose (TBC) bestrijding Indicator Aantal TBC patiënten Aantal geregistreerde TBI gevallen

Norm < 15 < 25

Prognose <15

Augustus

April

<25

12

5

56

42

Stijging TBC- en TBI-meldingen Er is een (lichte) stijging van het aantal nieuwe Tbc-patiënten en een substantiële toename van de TBI-meldingen in de eerste zeven maanden van 2025. Dit is te verklaren door de landelijke trend van stijgende TBC- en TBI (Tuberculose infectie) cijfers en daarnaast specifieke interventies binnen de regio Zuid-Holland, waaronder een grootschalig bron- en contactonderzoek (BCO) in de aangrenzende regio RotterdamRijnmond. Ook werden meerdere kleinere BCO-acties uitgevoerd binnen ZHZ. De TBC-basistaken van de GGD ZHZ zijn zonder significante beperkingen uitgevoerd; de continuïteit van de TBC-infrastructuur bleef gewaarborgd. De toegenomen druk vraagt echter wel om extra alertheid: blijvende aandacht voor capaciteit in de uitvoering, intensievere regionale samenwerking (Regionaal Expertise Centrum) en flexibiliteit in de opschaling van TBC-activiteiten bij plotselinge toename van casuïstiek.

Reizigersadvisering en Hepatitis B vaccinaties beroepsgroepen Indicator

Norm

Aantal reizigersconsulten

6.500

Beroepsgroepen en vaccinaties op maat

400

Vervolgconsulten reizigers en beroepsgroepen en bloedafname

Prognose 100% 100% 100%

9.000

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

Augustus

April

4.488

1.747

635

218

7.962

2.956

16

Gezondheid en Milieu Indicator Klanttevredenheid gemeente over adviseurs en adviezen

Norm 7,0

Prognose 7,0

Augustus

April

(Nog niet uitgevoerd)

(Nog niet uitgevoerd)

In het tweede kwartaal van 2025 is, conform opdracht, verder gebouwd aan intensivering van de gezondheidskundige inbreng van de GGD binnen het dossier PFAS en industriële vervuiling. De focus lag daarbij specifiek op de volgende drie onderdelen: 1. Versterking samenwerking inwoners Om de dienstverlening vanuit de GGD goed aan te laten sluiten bij hetgeen inwoners uit de regio nodig hebben en wensen is regulier overleg met enkele vertegenwoordigers gestart. De eerste gesprekken zijn gevoerd en zijn open en eerlijk, zoekend naar ieders rol en verantwoordelijkheid. 2. Monitorgegevens zorgen over PFAS In april zijn de landelijke gezondheidsmonitor gegevens gepubliceerd. Specifiek voor de regio Zuid Holland Zuid zijn drie vragen toegevoegd die peilen in hoeverre PFAS vervuiling bij inwoners speelt en of men zich zorgen maakt. Uit de cijfers blijkt oa. dat 70% van de inwoners zich in meer of mindere mate zorgen maakt om de gevolgen van PFAS op de gezondheid en het milieu. 3. Publicatie Opiniemakers Om nieuwe inzichten te kunnen benutten zijn een tiental gesprekken gevoerd met zogenaamde opiniemakers: denkers, experts en makers uit uiteenlopende vakgebied. Enkele inzichten die dit heeft opgeleverd zijn verwoord in een publicatie. Er is voor Q2 geen afwijking van de begroting voor het programma PFAS.

Toezicht Kinderopvang

Indicator Percentage inspecties dat is uitgevoerd binnen de wettelijke termijn Percentage verplichte jaarlijkse inspecties kinderopvang (KDV, BSO, GOB) uitgevoerd Percentage wettelijk verplichte jaarlijkse inspecties bij gastouders uitgevoerd

Norm 100%

Prognose 100% 100%

100% 100% 50%

Augustus

April

100%

100%

62,1%

48,7%

65%

48,3%

Het percentage onderzoeken bij gastouders is met ongeveer 17% gestegen, ondanks het feit dat er in de zomerperiode minder gastouders werden bezocht (aangezien gastouders dan vaak niet thuis zijn bij onaangekondigde bezoeken).

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

17

Toezicht WMO Indicator

Norm

Percentage opdrachten dat is uitgevoerd

100%

Percentage gemelde calamiteiten is onderzocht

100%

Prognose 100%

Augustus

April

 

100%

 

Per tweede helft juli is het volgende uitgevoerd/lopend: Opdrachtgever

Principeafspraak

Centrumgemeente Dordrecht

4 proactieve onderzoeken 3 reactieve onderzoeken 0 calamiteitenmeldingen voorlichting 3 proactieve onderzoeken 5 reactieve onderzoeken 10 screenings pgb 4 calamiteitenmeldingen voorlichting 3 proactieve onderzoeken 4 reactieve onderzoeken 2 pré-contractueel onderzoek 1 calamiteitenmelding 2 voorlichtingen

Sociale Dienst Drechtsteden

Gorinchem/ Molenlanden

Opdracht specifiek gemaakt/ benodigde info aangeleverd 50%

Lopend/ uitgevoerd

Totaal lopend/ uitgevoerd

50%

33%

0%

50%

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t. 33%

100% 33%

20%

20%

41%

50% n.v.t.

50% 100%

n.v.t. 33%

0% 33%

0%

0%

47%

0%

0%

n.v.t.

100%

n.v.t.

100%

De toezichthouders zijn afhankelijk van de opdrachtgevers wanneer zij een onderzoek kunnen uitvoeren. Al jaren kunnen er in de eerste maanden bijna geen onderzoeken gepland kunnen worden, waarna het in de tweede helft van het jaar drukker wordt. De verwachting is dat dit ook in 2025 het geval is.

Gezondheidsbevordering Indicator Realiseren van doelstellingen van het programma dat voortkomt uit de lokale nota volksgezondheid 2024-2027

Norm Volgens jaarlijkse verantwoording die per gemeente wordt opgesteld

Prognose

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

Augustus

April

 Doelstellingen van het MJP staan onder druk door aankomende bezuinigingen

18

Tevredenheid gemeenten

8,0

Tevredenheid ketenpartners

8,0

 Verbeterpunten KTO 2024 worden opgepakt in het jaarplan van GB

 Verbeterpunten KTO 2024 worden opgepakt in het jaarplan van GB

De GGD zet extra in op wijkgerichte aanpakken zoals bijvoorbeeld het Nationaal Programma Dordt West, Veerkrachtige Buurten in Zwijndrecht en de Wonen Welzijn Zorg Alliantie in de Hoeksche Waard. We leveren data (kwantitatief en kwalitatief) en brengen partijen samen rondom gezondheidsbevordering. In de tweede helft van 2025 worden zowel intern binnen de GGD als met gemeenten concretere afspraken verkend, met betrekking tot het implementeren van integrale maatwerk interventies op wijkniveau. Dit is een inhoudelijke ontwikkeling met betrekking tot wijkgericht werken die voorlopig geen afwijkingen op de begroting inhoudt. Crisisorganisatie Indicator Realiseren optimale bezetting van de (piket) poule voor uitvoering van de taken van de GGD ZHZ in crisissituaties

Minimaal 1 OTO (opleiden, trainen en oefenen) activiteit per werkproces per jaar.

Norm 4x (wnd.) Directeur Publieke Gezondheid 4 x procesleider Psychosociale Hulpverlening 4 x procesleider Infectieziektebestrijding 4x procesleider communicatie 4x procesleider geneeskundig onderzoek

Prognose Conform norm

Augustus

April

Conform norm

Prognose 2343 (nm) 4446 (up)

Augustus

1.686 (nm) 2.670 (up)

721 (nm) 1.368 (up)

> 296 dgn > 644 dgn

> 296 dgn

> 296 dgn

100 %

OGGZ Indicator Aantal nieuwe meldingen Meldpunt Z&O (initieel) Doorlooptijd en formatieve inzet GGD

Norm 3.250 (marge 10%)

Huur < 296 dagen Koop < 644 dagen

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

April

19

verminderen bij trajecten woningvervuiling, bij huur en koopwoningen

> 644 dgn

> 644 dgn

Aantal meldingen Deze tabel laat zien over hoeveel personen in 2025 een eerste melding is gedaan. Echter zijn het juist de herhaalde meldingen, dus over personen die reeds in beeld zijn, die een groot deel van de werkzaamheden bij het Meldpunt Zorg en Overlast (MZO) omvatten. Het gaat hierbij om het duiden van de meldingen en het toeleiden van de personen naar de juiste ondersteuning of hulpverlening. De cijfers doen op deze manier dus geen recht aan de praktijk van MZO. Ook is in de huidige prognose geen rekening gehouden met het aantal externe contacten (met hulpverleners, burgers en cliënten) die weliswaar niet tot een geregistreerde melding leiden, maar waarbij MZO wel een vraag- en adviesfunctie bekleedt bij zorgelijke en overlast gevende situaties. Doorlooptijd Uit analyse blijkt dat de doorlooptijd van casuïstiek afwijkt van de gestelde norm, vooral wanneer sprake is van extreme woningvervuiling. De langere doorlooptijd lijkt te ontstaan door: 1. Het ontbreken van concrete werkafspraken tussen medewerkers van de GGD en gemeentelijke collega's, waardoor in de praktijk onduidelijkheden ontstaan en doorzettingsmacht ontbreekt; 2. Langere wachttijden voor WMO beschikkingen en bij zorgaanbieders; 3. Toenemende complexiteit van de doelgroep.

Covid-uitvoeringsorganisatie Indicator Covidcampagne

Norm Volgens landelijke opdracht uitgevoerd

Prognose

Augustus

April

Eerder dit jaar werd duidelijk dat DG&J voor het eerst een vergoeding zal ontvangen per gezette vaccinatie. Deze nieuwe wijze van bekostiging leidt tot nu toe echter niet tot financiële veranderingen.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

20

Programma 2 Veilig Thuis

Volwassenen & Jeugd Indicator Aantal meldingen

Norm 4.600

Prognose 4.878

Augustus 3.252

Doorlooptijden triage (binnen 5 werkdagen)

95-100%

70%

70%

68%

Doorlooptijden onderzoek (binnen 10 weken)

85-100%

60%

60%

62%

Aantal directe overdrachten van meldingen

3.900

4.420

2.947

1.423

Aantal overdrachten met ondersteuning

600

286

167

96

Aantal onderzoeken

600

564

329

189

Aantal adviesaanvragen

3.300

3.514

2.343

1.153

Klanttevredenheid

7,5

7,5

       

April 1.650

       

Het aantal meldingen en adviezen blijft hoger dan begroot voor deze tijd van het jaar, maar lijkt te stabiliseren. Tegelijkertijd blijkt de binnenkomst van meldingen grillig te verlopen. In juli ontving Veilig Thuis het hoogste aantal meldingen in één maand over de afgelopen 5 jaar. Omdat het aantal meldingen en adviezen hoger is dan wat Veilig Thuis aan kan met de beschikbare middelen, overschrijden de doorlooptijden de wettelijke termijnen. De gemiddelde doorlooptijd voor triage van meldingen bedraagt 6 werkdagen en voor onderzoeken 77 dagen. Naast beschikbare capaciteit zorgen ook de complexiteit van de casuïstiek en wachtlijsten bij ketenpartners voor oplopende doorlooptijden. Het niet halen van de wettelijke termijnen heeft op dit moment nog geen gevolgen voor het direct oppakken van crisis- en spoedzaken. Wel loopt vanwege het hoge aantal meldingen en adviezen, de werkvoorraad (wachtlijst) sterk op. Eind juli bedroeg de werkvoorraad 250 te triëren meldingen en 19 te onderzoeken dossiers. De werkvoorraad en doorlooptijden zullen de komende tijd verder oplopen, vanwege de binnenkomst van nieuwe meldingen. Het lukt Veilig Thuis niet om dit in te lopen. De medewerkers van Veilig Thuis ervaren hierdoor een hoge werkdruk. Bovendien neemt het risico toe dat wachtende meldingen escaleren naar spoed of crisis.

Tegelijkertijd is de met gemeenten afgesproken vermindering van het aantal meldingen bij Veilig Thuis, nog niet zichtbaar. Gemeenten, lokale teams en ketenpartners zoals de politie, hebben meer tijd nodig om de benodigde beweging in gang te zetten. Er worden stappen gezet, maar het zal nog enige tijd duren voordat de effecten daarvan zichtbaar zijn. Tot slot ziet Veilig Thuis dat het aantal Tijdelijk Huisverboden fors groeit. Dit komt voort uit het feit dat de burgemeesters in de regio aandacht hebben gevraagd van de politie voor de toepassing van het instrument Tijdelijk Huisverbod. Dit trekt echter een stevige wissel op de al onder druk staande capaciteit van Veilig Thuis.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

21

Bovendien zorgt deze groei voor een gat in de begroting van Veilig Thuis, omdat Veilig Thuis de inzet van Fivoor bij een Tijdelijk Huisverbod vergoedt. Als er meer Huisverboden zijn, nemen de kosten van Fivoor toe. Dit is niet voorzien in de begroting. Veilig Thuis is in overleg met burgemeesters, politie en OM over de gestegen inzet van Tijdelijk Huisverboden.

Crisisdienst Indicator

Norm

Prognose

Augustus

April

Aantal crisisinterventies (doelgroep 0– 100 jaar)

400-500

767

511

227

Percentage direct overgedragen casuïstiek aan lokale teams binnen 48 uur Aantal risicotaxaties voor huisverboden buiten kantooruren

100%

80%

80%

80%

35

105

63

35

  

  

Op basis van het aantal crisisinterventies in de eerste acht maanden van 2025, wordt het begrote aantal voor heel 2025 naar verwachting met ruim 50% overschreden. De crisisdienst kan 20% van de casuïstiek niet binnen de afgesproken 48 uur overdragen aan lokale teams. De crisisdienst moet hierdoor noodgedwongen langer betrokken blijven bij de casuïstiek. Op basis van het aantal risicotaxaties voor huisverboden buiten kantooruren in de eerste acht maanden van 2025, wordt het begrote aantal voor heel 2025 naar verwachting met 200% overschreden. Gezien het crisiskarakter zorgen deze ontwikkelingen voor extra druk op Veilig Thuis.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

22

Programma 3 Onderwijs en aansluiting arbeidsmarkt

Leerplicht Indicator Aantal afgehandelde meldingen van relatief verzuim

Norm 2.500

Prognose 2.800

Augustus 2.045

Aantal afgehandelde meldingen van absoluut verzuim

500

500

272

122

Aantal afgehandelde meldingen verzuim 18+

700

700

462

260

Aantal thuiszitters (doel: verminderen)

40

40

9

26

Aantal behandelde vrijstellingen

650

900

670

148

Aantal verleende vrijstellingen (doel: verminderen)

500

775

576

107

Alle leer- en kwalificatieplichtige kinderen en jongeren staan ingeschreven op een school

100%

100%

100%

100%

      

April 1.166

      

Het aantal meldingen van relatief verzuim blijft hoger dan begroot voor deze tijd van het jaar, maar lijkt te stabiliseren. Het aantal vrijstellingen is ook hoger dan begroot voor deze tijd van het jaar en blijft nog steeds stijgen. Als belangrijke oorzaak voor de hogere aantallen zien we problemen met de mentale gezondheid van jongeren. De prognose is gebaseerd op pieken in de instroom in het voorgaande jaar. De prognose overschrijdt de begrotingsnorm die is gebaseerd op de beschikbare financiële middelen. De basisdienstverlening van Leerplicht staat hierdoor onder druk. Concreet betekent dit dat Leerplicht meer kennisgevingsbrieven verstuurt in plaats van het voeren van gesprekken en dat de doorlooptijden van alle processen oplopen. Doorstroompunt Indicator Aantal vsv’ers in de regio (doel: verminderen)

Norm 840

Prognose < 840

Augustus 863

Percentage uitgevallen jongeren dat een jaar later terugkeert naar onderwijs of werk (doel: verhogen) (jaarcijfers DUO schooljaar 2022/2023) % nieuwe voortijdige schoolverlaters (jaarcijfers DUO schooljaar 2023/2024)

61,97%

± 60%

60,07%

60,07%

2,32%

< 2,32%

2,12%

2,12%

Jongeren die geen onderwijs volgen en geen werk en dagbesteding hebben, zijn in beeld % vsv'ers dat een jaar later terug gaat naar onderwijs (jaarcijfers DUO schooljaar 2022/2023) % vsv'ers dat een jaar later werk heeft (jaarcijfers DUO schooljaar 2022/2023)

100%

100%

100%

100%

19,52%

± 19%

18,74%

18,74%

42,45%

± 41%

41,33%

41,33%

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

 

   

April 310

 

   

23

Indicator Plaatsingen Matchmakers

Norm 150

Prognose > 150

Augustus 214

April 130

Het aantal plaatsingen door doorstroomcoaches (voorheen MatchMakers) is sterk toegenomen. Dit is het gevolg van uitbreiding en professionalisering van het team, een efficiëntere werkwijze en versterking van de regionale samenwerking. De toename van de rijksmiddelen in aanloop naar de inwerkingtreding van de Wet van school naar duurzaam werk per 1 januari 2026, heeft dit mogelijk gemaakt.

Programma 4 Jeugdgezondheidszorg Indicator De JGZ verricht de uitvoering van het regionaal basispakket JGZ en het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) conform het Uitvoeringskader JGZ en de jaarlijkse geactualiseerde richtlijn uitvoering RVP.

Norm Overzicht met KPI's is opgenomen in uitvoeringskader JGZ. Deze KPI's zijn in een stoplichtenmodel opgenomen en zijn onderdeel van de jaarverantwoording JGZ.

Prognose

Augustus

April

Door de minister is op advies van de Gezondheidsraad besloten een schemawijziging door te voeren ten aanzien van het RVP. Deze veranderingen zijn bedoeld om kinderen nog beter te beschermen tegen de mazelen, kinkhoest, difterie en tetanus en om beter aan te sluiten op de Europese standaarden. Voor de uitvoering hiervan vraagt Jong JGZ een bedrag aan dat zowel incidenteel als structureel afwijkt van het verwachte bedrag dat de gemeenten in ZHZ hiervoor via het Gemeentefonds ontvangen. Dit vraagstuk is op dit moment onderwerp van gesprek tussen gemeenten (opdrachtgever), DG&J (gedelegeerd opdrachtgever) en JongJGZ (opdrachtnemer). Ondertussen is de uitvoering gestart.

Programma 5 Kennisprogramma Indicator Het online GGD dashboard www.hoegezondiszhz.nl is geactualiseerd op basis van de gezondheidsmonitors Kinderen, Jeugd en Volwassenen & Ouderen

Norm

De gezondheidsmonitoren en de specifieke ontwikkellijnen van het Kennisprogramma zijn conform plan uitgevoerd

Voor het jaar 2025 staat de gezondheidsmonitor Volwassenen en ouderen op het programma (resultaten in 2025)

Prognose Conform planning

Augustus

April

Conform planning

100%

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

24

Op 10 juli jl. is het programmavoorstel Mentale Gezondheid vastgesteld door het Algemeen Bestuur. Hieraan wordt vanaf het 2e halfjaar 2025 invulling en uitvoering gegeven, in goed overleg met de schoolbesturen en andere betrokkenen.

Programma 6 Serviceorganisatie Jeugd

Indicator

Norm

Het contractmanagement is volgens plan uitgevoerd

• 4 ontwikkeltafels • 4 bestuurlijke tafels • 3 gesprekken per strategische partner • Samen Sturen met gemeenten is operationeel • Actueel regionaal dashboard jeugdhulp • Maandelijkse rapportages met kostenverloop en prognose • Deelname SOJ aan AOJ, Netwerk MT en PFO • Deelname SOJ aan relevante lokale overleggen

Informatie, kennis en expertise over jeugdhulp wordt gedeeld met gemeenten

Prognose 2025

Augustus

April

100% 

100% 

100% 

100% 

100% 

100% 

De genoemde dialoogbijeenkomsten (ontwikkel- en bestuurlijke tafels) vinden plaats conform planning. Er is vorig jaar reeds gekozen om van 4 naar 3 overleggen gegaan om de regeldruk te verminderen.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

25

4 Risicobeheersing Weerstandvermogen en risicobeheersing Kaders In de vergadering van het Algemeen Bestuur van 22 december 2022 is de nota risicomanagement en weerstandvermogen vastgesteld. Hierin is vastgelegd hoe risico's binnen de Dienst Gezondheid en Jeugd worden geïnventariseerd, gekwalificeerd beheerst en waar nodig gekwantificeerd. De paragraaf wordt steeds geactualiseerd bij elk volgend P&C document, zo ook in deze 2e burap 2025. Risicobeheersing Voor het bepalen van een gewenst weerstandsvermogen is inzicht nodig in de omvang en in de achtergronden van de risico’s en de risicobeheersing. De actuele en relevante inzichten omtrent de risicobeheersing zijn als volgt omschreven: - Risicobeheersing jeugdhulp SOJ - Risicobeheersing GGD, VT, LVS, apparaatskosten SOJ en bedrijfsvoering GR

Risicobeheersing jeugdhulp SOJ Weerstandsvermogen Voor jeugdhulp is er geen weerstandsvermogen/algemene reserves. Zoals opgenomen in de bijdrageverordening komen tegenvallers en meevallers ten opzichte van de begroting, ten laste respectievelijk ten gunste van de deelnemende gemeenten. Risico's gerelateerd aan jeugdhulpgebruik Deze financiële risico's richten zich vooral op de ontwikkeling van de kosten van jeugdhulp in relatie tot de begroting en de daling van de rijksbijdragen voor jeugdhulp. In 2025 laat het gebruik van jeugdhulp een kleine stijging zien. De ontwikkeling van de kosten voor jeugdhulp fluctueert en verschilt per gemeente. In de Hervormingsagenda zijn een aantal programmalijnen opgenomen die moeten leiden tot een forse afname van de kosten. In lijn hiermee worden de rijksbijdragen afgebouwd. Deze afname is minder sterk dan aanvankelijk gepland. Als het niet lukt de kosten te laten dalen, ontstaat er een tekort tussen rijksbijdragen en kosten jeugdhulp. Gemeenten en Serviceorganisatie nemen de uitvoering van de maatregelen gezamenlijk ter hand. Hiertoe is het Verbeterprogramma inkoop jeugdhulp opgesteld. De uitwerking en implementatie van de maatregelen is onderhanden. Risico vanwege hogere inflatie en indexatie Onzekerheden in de ontwikkeling van de inflatie kunnen de indexatie van tarieven doen oplopen. Voor 2026 worden de tarieven met 5,13% geïndexeerd.

Dit is 1,85% hoger dan waarmee in de begroting rekening is gehouden. Bij het opstellen van kaderbrief en begroting is het OVA percentage nog niet bekend en worden indexcijfers uit de septembercirculaire gebruikt. Dit levert een forse stijging op van de lasten ten opzichte van de begroting van circa € 3,0 mln. De tarieven worden geïndexeerd volgens de landelijk overeengekomen OVA-methodiek. Hiermee wordt ook het gemeentefonds voor

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

26

het onderdeel jeugdhulp geïndexeerd. Gemeenten ontvangen dus middelen voor de indexatie van de tarieven jeugdhulp. Met terugwerkende kracht declareren van PGB-budgetten Van de verstrekte PGB-budgetten wordt circa 65% daadwerkelijk besteed. In de huidige gemeentelijke verordeningen en beleidsregels zijn geen beperkingen opgelegd aan het met terugwerkende kracht over oude jaren indienen van declaraties. Wel geldt de algemene wettelijke regel dat dit na 5 jaar niet meer kan. Over de jaren 2020 tot en met 2024 zou nog een bedrag van € 16,1 mln. gedeclareerd kunnen worden. De ervaring leert dat hier zeer beperkt gebruik van wordt gemaakt. Continuïteitsproblemen van aanbieders die gesloten jeugdhulp leveren (JeugdzorgPlus) Er zijn in de provincie Zuid-Holland twee aanbieders die gesloten jeugdhulp leveren. Deze zijn financieel in de problemen gekomen als gevolg het ingezette beleid het gebruik van gesloten jeugdhulp af te bouwen en vanwege overige bedrijfsvoeringsproblemen. Beide aanbieders hebben continuïteitsplannen opgeleverd. Hieraan is een behoorlijk kostenplaatje van circa € 23 mln. gekoppeld. Tegelijkertijd worden door de accounthoudende regio's afdoende SPUK-middelen van het Rijk ontvangen van waaruit de uitvoering van de continuïteitsplannen bekostigd kunnen worden. De accounthoudende regio's nemen de afwikkeling hiervan verder ter hand.

Naar verwachting zijn er geen verdere bijdragen vanuit onze regio nodig. Zeker is dit echter nog niet. Financiële problematiek Jeugdbescherming West Het aantal jeugdbeschermingsmaatregelen in het verzorgingsgebied van Jeugdbescherming West is sterk afgenomen en neemt mogelijk nog verder af. Als gevolg hiervan staat de exploitatie sterk onder druk en moeten de regio's mogelijk financiële ondersteuning bieden middels een instandhoudingbijdrage. Inmiddels is hierover een bestuurlijk akkoord gesloten. De geschatte omvang van dit risico bedraagt maximaal € 2,6 mln. bij 10 procent krimp per jaar van het aantal maatregelen. In dat geval dalen de kosten van de uitvoering van de maatregelen ook. Dit effect is groter dan de instandhoudingsbijdrage. Risico herbeoordeling toereikendheid tarieven Bij de contractverlening van jeugdhulp per 1 januari 2026 is het wettelijk verplicht opnieuw te boordelen of de tarieven toereikend zijn voor de kosten die zorgaanbieders moeten maken om de diensten uit te voeren. Dit onderzoek is onderhanden. De impact kan mogelijk tot circa 3 procent kostenstijging leiden. Dit kan per dienst en daarmee per gemeente variëren.

Rentabiliteit en beschikbaarheid kleinschalige woonvoorzieningen en gesloten jeugdhulp De rentabiliteit van kleinschalige woonvoorzieningen is kwetsbaar en het aanbod moet voldoende zijn in het kader van de voorgenomen afbouw van gesloten plaatsingen. Er is een risico is dat aanvullende vergoedingen moeten worden verstrekt en moet worden bijgesprongen bij bestaande en toekomstige kleinschalige woonvoorzieningen. Claim jeugdhulpaanbieder Een kleine jeugdhulpaanbieder claimt nog geld tegoed te hebben van de SOJ uit voorgaande jaren. Het gaat om circa € 60.000.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

27

Risicomatrix In onderstaande tabel is de impact van de risico's gekwantificeerd die niet zijn meegenomen in de begroting/prognose.

Risico: Hogere inflatie en inhaalindexatie (Continuïteit) JeugdzorgPlus Financiële problematiek Jeugdbescherming West

Beoordeling toereikendheid tarieven bij verlening jeugdhulp per 1 januari 2026 Claim zorgaanbieder

Omvang jeugdhulp in gemeente in €mln. 5 tot 10 10 tot 15 15 tot 20 >40 Risicomarge Opmerking: 1,85% 1,85% 1,85% 1,85% Voor 2026, kosten worden vergoed in het gemeentefonds 0,4% 0,4% 0,4% 0,4% Verwachting is dat SPUK toereikend is voor continuïteit 1,6% 1,6% 1,6% 1,6% Maximaal cumulatief in 2029, exclusief (grotere impact) lagere kosten maatregelen 3,0%

3,0%

3,0%

3,0%

0,04%

0,04%

0,04%

0,04%

Rentabiliteit en beschikbaarheid kleinschalige verblijfszorg pm pm pm pm Subtotaal 6,9% 6,9% 6,9% 6,9% Correctiefactor risico's doen zich niet gelijktijdig voor (50%) 3,4% 3,4% 3,4% 3,4% Risico op hogere kostenontwikkeling jeugdhulp / dure jeugdigen 10% 7,5% 5% 2,5% Totaal

13,4%

10,9%

8,4%

5,9%

Risicobeheersing GGD, VT, LVS en bedrijfsvoering GR Op basis van het model voor het rangschikken van risico's van de GR zijn in onderstaande tabel de geïnventariseerde risico’s weergegeven m.b.t. de GGD, VT, LVS en bedrijfsvoering van de GR. Ook is aangegeven of het risico incidenteel dan wel structureel is. Deze risico's omvatten slechts dat deel van de totaal door de GR DG&J in kaart gebrachte risico's welke gekwantificeerd kunnen worden en 'resteren' na het nemen van beheersmaatregelen. Risico

Omschrijving

Kans

Omvang

1 2

Batenraming Taakstellende begroting bij groeiend beroep op de dienstverlening RVP en Uitvoering Jong JGZ Claims Loon- en prijsstijging Transitie BD en informatiebeveiliging COVID-19 Organisatieontwikkeling en bedrijfsvoering Psychosociale hulpverlening aan Oekraïners Terughalen taken door gemeenten Renteontwikkeling

2 3

2 3

Incidenteel/ structureel S S

3 1 1 3

2 2 2 2

S S S S

€ 250.000 € 750.000 en /of kwaliteit en imago risico € 250.000 € 150.000 p.m. € 400.000

3 1

2 2

S I

€ 200.000 p.m.

2

2

I/S

2

2

S

€ 110.000 € 400.000 € 200.000

2

2

I Totaal

p.m. € 2.310.000 -

3 4 5 6 7 8 9 10 11

Risicobedrag

2.600.000

Hieronder volgt een toelichting op de in de tabel benoemde risico's.

Dienst Gezondheid & Jeugd | 2e burap 2025 GR DG&J |

28

Batenraming De producten van de DG&J worden hoofdzakelijk gefinancierd uit inwoner- en directe gemeentelijke bijdragen. Een deel van de inkomsten heeft echter een fluctuerend karakter, zoals de subsidies in het kader van Veilig Thuis en de opbrengst van de polikliniek voor onder meer reizigersvaccinaties. In de begroting zijn verder ramingen opgenomen voor onder meer OGGZ, WMO toezicht en kinderopvang waarvoor jaarlijks een traject met gemeenten wordt doorlopen over de omvang vergoeding van het takenpakket (in de vorm van offertes/DVO's). Hierdoor is er een risico dat de realisatie van deze baten afwijkt van de raming. Het risico is gehandhaafd op € 250.000. Taakstellende begroting bij een groeiend beroep op dienstverlening Het beroep op de dienstverlening bij Veilig Thuis, OOGZ en Leerplicht is sterk gestegen. DG&J heeft middels de impactanalyses aangegeven meer middelen nodig te hebben om de stijgende vraag af te handelen danwel dat het aantal meldingen naar beneden moet worden gebracht. Bij bespreking van de kadernota en de impactanalyses op 19 december 2024 heeft het AB besloten de begroting 2025 als kaderstellend voor 2026 te hanteren. Gemeenten kunnen geen aanvullende middelen beschikbaar stellen voor 2025 en 2026, terwijl de aantallen sterk gegroeid zijn en een stijgende lijn laten zien.

DG&J heeft een opdracht gekregen aan te geven hoe met de beschikbare middelen de werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd en wat DG&J daarvoor nodig heeft van gemeenten en andere partijen. Bij niet (voldoende) invullen van de benodigde randvoorwaarden en onvoldoende effect van de bijsturingsmaatregelen kan mogelijk niet op een verantwoorde manier invulling aan de werkzaamheden worden gegeven en moeten mogelijk alsnog extra kosten worden gemaakt. Het risico wordt gehandhaafd op € 750.000 op jaarbasis. RVP en Uitvoering Jong JGZ Wijzigingen in het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) leiden tot extra kosten, welke significant hoger zijn dan de vergoeding die gemeenten hiervoor ontvangen. De impact voor 2026 en 2027 wordt thans ingeschat op circa € 250.000 per jaar. Claims De DG&J kent een grote verscheidenheid aan producten. Om de kwaliteit hiervan te borgen worden de nodige inspanningen geleverd, mede in het kader van de HKZcertificatie (Harmonisatie Kwaliteitsbeoordeling in de Zorgsector). Risico's op fouten (miscommunicatie, foutieve registraties) en hieruit mogelijk voortkomende schadeclaims zijn echter nooit in zijn geheel uit te sluiten. Het algemene risicobedrag voor claims handhaven we op € 150.000. Loon- en prijsstijgingen Conform de notitie kaderstelling op de GR-en houdt de DG&J rekening met een loon- en prijs indexatie bij het opstellen van de begroting.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/1102/documents/47754