CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Rli Advies "Goed gefundeerd".pdf

Gemeenteraad Dordrecht 15 oktober 2024, gemeente DordrechtBij agendapunt: 10: Raadsinformatiebrief over Bodemdaling en Funderingsproblematiek - Raadsinformatiebrief34.187 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

In het interbestuurlijke programma zal moeten worden vastgelegd welke

zaamheden (inclusief de afweging om over te gaan tot sloop-nieuwbouw)

activiteiten de verschillende overheden op zich nemen en welke activiteiten

als de bijbehorende kosten. Wij pleiten daarom voor het invoeren van

zullen worden neergelegd bij de uitvoeringsorganisatie van de nationaal

verplichte certificering voor bedrijven die funderingsonderzoek doen

coördinator. De nationaal coördinator voorziet in de verdeling van de finan-

en herstelplannen opstellen, als voorwaarde voor subsidieverlening.

ciële middelen. Decentrale overheden hebben een belangrijke rol bij het

De ­nationaal coördinator zorgt in samenspraak met de branche voor de

opstellen van preventieplannen, de organisatie van gebiedsgericht onder-

totstand­koming van een systeem van certificering.

zoek en de zorg voor het betrekken van gebouweigenaren daarbij. Er moet

GOED GEFUNDEERD | DEEL 1: ADVIES | HOOFDSTUK 5

PRINT

54

Een belangrijk uitgangspunt in de aanpak, en dus ook voorwaarde voor

Aanbeveling 5.4 Bevorder opschaling en innovatie

de certificering van funderingsonderzoeksbureaus, is dat de bureaus hun onderzoek een maximale reikwijdte geven. De onderzoeken moeten zo zijn

De branche die op dit moment funderingsonderzoek en -herstel uitvoert

ingericht dat er uitspraken kunnen worden gedaan over de hele bouwkun-

is nog vrij klein. Op jaarbasis worden in heel Nederland nu slechts onge-

dige eenheid en niet alleen over een individueel pand. Verder moet een

veer 1.000 funderingen hersteld. De door ons voorgestelde invoering van

gecertificeerd onderzoeksbureau betrouwbaar vaststellen (op basis van

een informatieplicht voor eigenaren die hun pand verkopen zal met zich

met de funderingsbranche af te spreken normen) welk soort onderzoek

meebrengen dat er een grotere behoefte ontstaat aan gespecialiseerde

nodig is. In volgorde van oplopende complexiteit kan het daarbij gaan om:

bedrijven die funderingsonderzoeken kunnen uitvoeren. Ook zal er een

archiefonderzoek naar relevante documenten, onderzoek ter plekke zonder

grotere vraag ontstaan naar bedrijven die gespecialiseerd zijn in funderings-

grondverzet en funderingsonderzoek met grondverzet.

herstel. Het is dus zaak dat de funderingsbranche opschaalt om te kunnen voldoen aan deze vraag.

Bedrijven die vervolgens herstelplannen opstellen zullen betrouwbare keuzes moeten maken over welke werkzaamheden nodig zijn. Ook hier is het

De opschaling die wij bepleiten zal moeten samengaan met standaardisatie

belangrijk om met de funderingsbranche duidelijke afspraken te maken – in

van processen, methoden en technieken en met technologische innovatie.

dit geval over welke type werkzaamheden in welke situatie moeten worden

Deze kunnen immers de kosten van funderingsherstel verlagen en tegelij-

toegepast en welke kosten daaraan zijn verbonden. Dit kan bijvoorbeeld

kertijd het werktempo in de sector verhogen. De kosten van funderingsher-

worden vastgelegd in een ‘standaardcatalogus funderingswerkzaamheden’.

stel zijn de laatste jaren fors opgelopen, terwijl de gebruikte technieken zich

Gecertificeerde bureaus die herstelplannen opstellen, zullen te werk moeten

in de tijd nauwelijks hebben ontwikkeld.

gaan volgens deze afspraken. De door het KCAF geformuleerde eisen voor de erkenning van onderzoeks-

De Nationaal Coördinator Funderingsherstel zal afspraken moeten maken

en adviesbureaus bieden een goede basis om te komen tot certificering. Het

met de funderingsbranche over standaardisatie, kwaliteitsborging, opscha-

is van belang dat de certificeringsmethodiek op zo kort mogelijke termijn

ling en innovatie. De afspraken zoals die gemaakt zijn met de installatie-

beschikbaar komt. De nationaal coördinator moet er voor zorgdragen dat

branche over opschaling van de installatie van warmtepompen kan daarbij

bedrijven blijven voldoen aan de eisen van de certificering.

inspiratie bieden. Catalogisering en standaardisering van oplossingen inclusief de noodzakelijke kwaliteitsborging moet een belangrijk onderdeel zijn van deze afspraken. Wij pleiten ervoor om ook woningcorporaties te

GOED GEFUNDEERD | DEEL 1: ADVIES | HOOFDSTUK 5

PRINT

55

betrekken bij deze afspraken, omdat bij hen mogelijkheden liggen om op grote schaal funderingsherstel op te pakken. Daarnaast is het van groot belang dat innovatie plaatsvindt om de nood­ zakelijke opschaling van funderingswerkzaamheden mogelijk te maken. Innovatie kan de uitvoerbaarheid bevorderen door nieuwe, slimmere werkwijzen en technieken toepasbaar te maken én kan bijdragen aan kosten­ verlaging. Wij pleiten er daarom voor om 3% van het geraamde budget voor de uitvoeringskosten van de nationale aanpak te benutten voor innovatieve pilots en experimenten.16

16 Hiermee refereren we aan het streven uit de Kamerbrief met Actieplan innovatie en valorisatie (EZK, 2022) om 3% van het BBP te besteden aan Research & Development.

GOED GEFUNDEERD | DEEL 1: ADVIES | HOOFDSTUK 5

PRINT

56

6 FINANCIERING EN FASERING In hoofdstuk 5 hebben wij de contouren geschetst van de nationale aanpak van de funderingsproblematiek die wij het kabinet aanbevelen. In dit hoofdstuk werken wij een raming van de jaarlijkse kosten per onderdeel van de aanpak nader uit en schetsen de fasering van de uitvoering. Een dergelijke concrete invulling van onze aanbevelingen maakt onze advisering gedetailleerder van opzet dan gebruikelijk voor de Rli. Hiermee willen wij aansluiten bij de vraag van de ministers van BZK, IenW en LNV, die ons hebben verzocht een uitgewerkte aanpak te presenteren. Wij vinden overigens dat de urgentie van het funderingsvraagstuk inderdaad vraagt om een concreet ingevulde aanpak die snel ter hand kan worden genomen.

6.1 Financiën Wij hebben een indicatieve raming gemaakt van de kosten van onze aanbevelingen voor de rijksoverheid. Hiertoe hebben we samen met KPMG een rekenmodel ontwikkeld op basis van onze aannames en uitgangspunten (zie hoofdstuk 9 van deel 2). Het vormgeven van de nationale aanpak funderingsproblematiek vraagt een totaalbudget van ruim € 12 miljard over de periode 2024 tot en met 2035. Dit bedrag betreft nadrukkelijk een indicatieve raming.

PRINT

57

In onderstaande tabel geven wij een indicatie van de verdeling van de

Wij stellen dus voor dat de rijksoverheid de kosten draagt van de voorge-

kosten per jaar (in miljoenen euro’s). De onderbouwing daarvan is nader

stelde subsidieregelingen en niet de decentrale overheden. Een taakver-

uitgewerkt in hoofdstuk 9 van deel 2.

zwaring zal bij veel van hen leiden tot een tekort op de begroting, dat via de rijksoverheid zal moeten worden aangevuld. Directe financiering vanuit de rijksbegroting is dan effectiever. Betrokkenheid van de decentrale overheden is bovendien al gewaarborgd via het interbestuurlijke programma.

Tabel 1: Indicatieve raming van de jaarlijkse kosten per aanbeveling, 2024-2035 (in miljoenen euro’s) Aanbeveling

Kosten in mln €

2024

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2033

2034

2035

1.1

Openbare funderingsdatabase

56

6

6

6

6

4

4

4

4

4

4

4

4

1.2

Gebiedsgericht funderingsonderzoek

24

0

6

6

6

6

0

0

0

0

0

0

0

1.3

Subsidie funderingsonderzoek

1.379

0

207

207

207

207

79

79

79

79

79

79

79

1.4a Informatieplicht funderingsschade

3

1

1

1

0

0

0

0

0

0

0

0

0

1.4b Informatiecampagne

3

0

0

1

1

1

0

0

0

0

0

0

0

2.1

Opstellen preventieplannen

16

3

3

3

3

3

0

0

0

0

0

0

0

2.2 Voorkom schade bij nieuwbouw

6

2

2

2

0

0

0

0

0

0

0

0

0

3.1

23

2

2

2

2

2

2

2

2

2

2

2

2

3.2a Gebiedsgerichte aanpak schadeherstel

76

0

19

19

19

19

0

0

0

0

0

0

0

3.2b Modelverordening aanschrijfbevoegdheid

2

0

1

1

0

0

0

0

0

0

0

0

0

885

0

44

44

89

101

101

101

101

101

101

101

0

9.559

0

0

478

478

956

1.092

1.092

1.092

1.092

1.092

1.092

1.092

4.3 Optimale ontzorging door FDF

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

5.1

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

5.2 Nationaal coördinator funderingsproblematiek

46

4

4

4

4

4

4

4

4

4

4

4

4

5.3 Introduceer certificering

20

5

5

5

5

0

0

0

0

0

0

0

0

5.4 Bevorderen opschaling en innovatie

360

0

36

36

36

36

36

36

36

36

36

36

0

12.457

23

336

815

855

1.339

1.318

1.318

1.318

1.318

1.318

1.318

1.181

4.1

Funderingsloket

Subsidie herstelplan

4.2 Subsidie schade- en funderingsherstel

Coördinerend minister

Totaal

GOED GEFUNDEERD | DEEL 1: ADVIES | HOOFDSTUK 6

PRINT

58

Verdelingseffecten

6.2 Fasering

Om te komen tot een doeltreffende aanpak pleiten wij voor een eenvoudige

Wij hebben verkend welke fasering nodig is om te komen tot een doeltref-

regeling die (a) de gevolgen van de transparantie voor gebouweigenaren

fende aanpak van de funderingsproblematiek. Voor gebouweigenaren is het

verzacht, (b) eigenaren activeert om aan de slag te gaan met het noodzake-

belangrijk dat op korte termijn helderheid komt over de vraag of het kabinet

lijke herstel en (c) verdere juridisering zoveel mogelijk voorkomt. Daarmee

inderdaad zal besluiten tot een nationale aanpak waarmee wordt toege-

achten wij financiële solidariteit met de gedupeerde woningeigenaren

werkt naar (a) landelijke transparantie over de staat van funderingen van

noodzakelijk. Die keuze heeft zoals dat technisch heet verdelingseffecten.

gebouwen die te koop staan, (b) serieuze preventie van funderingsschade

Sommigen zullen het onrechtvaardig vinden dat alle Nederlanders moeten

en (c) ontzorgen plus (tijdelijke) financiële ondersteuning van gedupeerden.

meebetalen aan het herstel van funderingen van woningeigenaren. Te

De lopende kabinetsformatie vormt een passend moment om hierover

meer omdat die eigenaren in sommige – maar zeker niet alle – gevallen

afspraken te maken. Wij zijn er daarom bij het maken van onderstaande

vermogend zijn. Elke keuze die wordt gemaakt om bepaalde groepen wel en

fasering van uitgegaan dat er bij de kabinetsformatie duidelijkheid komt

andere niet financieel te ondersteunen, heeft zijn eigen effecten en groepen

over de uitvoering van de in dit advies geschetste aanpak.

die er financieel door geraakt worden. In het verleden is vaak geprobeerd om de verdelingseffecten te ondervangen binnen de beleidsaanpak. De praktijk laat zien dat dit resulteert in complexe regelingen, hoge uitvoeringskosten én afname van de doeltreffendheid. Doordat het probleem dan niet of niet snel genoeg wordt opgelost komen de opgelopen maatschappelijke kosten en de onvrede over de aanpak niet zelden als een boemerang terug bij de overheid. Wij pleiten er daarom voor om de verdelingseffecten van de door ons voorgestelde maatregelen goed in kaart te brengen, maar om deze vervolgens binnen het gehele belastingpakket te wegen. In het jaarlijkse belastingplan moeten eventuele correcties van herverdelingseffecten doorgevoerd worden en niet binnen de nationale aanpak van de funderings­problematiek zelf.

GOED GEFUNDEERD | DEEL 1: ADVIES | HOOFDSTUK 6

PRINT

59

Gebiedsgerichte aanpak schadeherstel

Infographic met overzicht van aanbevelingen in de tijd

3.1 2

Funderingsloket

5 202 024

203 4

202

203 5 Loket helpt burger bij alle aspecten zodat zij wordt ontzorgd.

3.2a 3.2ª

Gemeenten pakken schadeherstel zoveel mogelijk gebiedsgericht aan, integraal met stedelijke vernieuwing

3.2b evaluatie

Gebiedsgericht funderingsonderzoek

Gebiedsgerichte aanpak schadeherstel Bevorderen opschaling en innovatie

203 3

evalu atie 203 4

203 5

1.2

Voor grote aantallen panden in hoog tempo de noodzakelijke informatie beschikbaar met ontzorging bewoners Na 2035 goed functionerende informatiemarkt; eigenaar betaalt vanaf dan zelf het onderzoek

1.4ª

2

2.1

1.4b

2 024

3.1

Subsidie herstelplan

4.1

Subsidie schade- en funderingsherstel

4.2

Optimale ontzorging door FDF

6 202

28 7 20 202

2029

2030

2031

2032

203 3

203 4

203 5

Voorkomen en beperken funderingsschade in de gebouwde omgeving

6 202

28 7 20 202

2029

2030

2031

2032

203 3

203 4

5 202 024

2028 027

2029

2029

2030

2030

2031

2031

2

2032

2032

203 3

203 3

203 4

203 4

203 5

Op gang brengen en houden herstel funderingen in matige, onvoldoende of slechte staat Op gang brengen en houden herstel funderingen in matige, onvoldoende of slechte staat

203 5

203 Iedereen kan overgaan tot schade- of funderingsherstel

6 202

28 7 20 202

2029

2030

2031

2032

203 3

203 4

203 5

5.1

Nationaal coördinator funderingsproblematiek

5.2

Gecoördineerde en doeltreffende samenwerking tussen overheden

Introduceer certificering

5.3

Betrouwbaar funderingsonderzoek

Bevorderen opschaling en innovatie

024

4.3

024

6

02 5 2 202

28 7 20 202

Coördinerend minister

Voorkomen funderingsschade in de gebouwde omgeving

5 202

5 202

6 202

Goed functionerende informatiemarkt: verkopers en verhuurders verstrekken funderingsinformatie

2.2

2

Funderingsloket

2

2032

6

Voorkom schade bij nieuwbouw

2031

Er is betrouwbare en eenduidige informatie over het risico op funderingsschade op pandniveau

025

Opstellen preventieplannen

2030

1.3

Subsidie funderingsonderzoek

Informatieplicht

2029

2

1.1 2

Openbare funderingsdatabase

024

5 202

6 202

2028 027

2

evaluatie

5.4a

Samenhangende rijksinzet

Kostenreductie en tempo

5.4b

203 5 Loket helpt burger bij alle aspecten zodat zij wordt ontzorgd.

frédérik ruys, vizualism 2024.02.20

3.2a 3.2ª

Gemeenten pakken schadeherstel zoveel mogelijk gebiedsgericht aan, integraal met stedelijke vernieuwing

3.2b

frédérik ruys, vizualism 2024.02.20 6

02 5 2 202

4.1

2028 027

2029

2030

2031

2

Subsidie GOED GEFUNDEERD | DEEL 1: ADVIES | HOOFDSTUK 6 herstelplan

2032

203 3

203 4

203 5

Op gang brengen en houden herstel funderingen in matige, onvoldoende of slechte staat

PRINT

60

Belangrijke data in de door ons voorgestelde aanpak zijn de invoering van

organisatie rond de uitvoering, (4) een ongelijke verdeling van kosten en

de informatieplicht op 1 januari 2029 en het beëindigen van de subsidie­

baten en (5) structurele schaarste aan menskracht.

regelingen op 31 december 2035. Het is van belang om voorafgaand aan deze data de voortgang van de nationale aanpak te evalueren en te bepalen

Veel van deze belemmeringen kunnen zich ook voordoen bij het herstel van

of aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn. Dit kan bijvoorbeeld aan de

funderingsschade. Nadere toetsing op uitvoerbaarheid en haalbaarheid

orde zijn als er onvoldoende aanbod is van capaciteit bij gecertificeerde

is dus noodzakelijk, maar het mag wat ons betreft niet leiden tot uitstel.

bureaus voor funderingsonderzoek of bij erkende aannemers voor het

Wachten betekent namelijk: meer maatschappelijke zorgen, meer onrust en

uitvoeren van funderingsherstel. Aanvullend stellen wij een evaluatie voor

oplopende kosten door toenemende schade. Vandaar dat wij een aanpak

in 2030. Ons voorstel is om op dat moment in beeld te brengen in hoeverre

voorstellen waarin de doeltreffendheid vooropstaat!

de funderingsproblematiek al is verwerkt in de prijzen op de vastgoedmarkt, verankerd in het bewustzijn van kopers en verkopers en vertaald in opgeschaalde uitvoeringscapaciteit. Als dat alle drie het geval is kunnen wij ons voorstellen dat de door ons genoemde subsidiepercentages stapsgewijs worden afgebouwd (bijvoorbeeld met 5% per jaar). Met ingang van 2025 zou het interbestuurlijke programma van start moeten gaan. Voor die tijd zal de uitvoerbaarheid en juridische haalbaarheid van de door ons voorgestelde aanpak diepgaander moeten worden getoetst dan wij konden doen binnen de tijd waarin dit advies moest worden geschreven. Het toetsen van de uitvoerbaarheid en haalbaarheid is noodzakelijk omdat tijdens de nationale aanpak tal van belemmerende factoren kunnen opdoemen die de uitvoering bemoeilijken en vertragen. In ons recente advies De uitvoering aan zet (Rli, 2023) hebben wij vijf van dergelijke potentiële ‘spaken in het wiel’ beschreven: (1) stapeling van beleid, (2) terughoudendheid bij bestuurders om stappen te zetten, (3) een ontoereikende

GOED GEFUNDEERD | DEEL 1: ADVIES | HOOFDSTUK 6

PRINT

61

DEEL 2 | TOELICHTING EN VERDIEPING

PRINT

62

1 LEESWIJZER VOOR DIT DEEL 2 In dit deel 2 van ons advies voorzien we onze bevindingen uit deel 1 van een nadere onderbouwing. We doen dit als volgt: • In hoofdstuk 2 richten we om te beginnen ons vizier op de mensen om wie het draait bij de funderingsproblematiek: de gedupeerde eigenaarbewoners. Krijgen zij voldoende ondersteuning? Wat zou er beter kunnen als we kijken naar hoe de overheid hen bejegent? • In hoofdstuk 3 gaan we in op de technische kant van funderingsschade: wat is het precies en hoe ontstaat het? • In hoofdstuk 4 schetsen we de huidige omvang van de funderingsproblematiek: waar en hoe vaak komt funderingsschade voor in Nederland? We belichten ook vier factoren die van invloed zullen zijn in de toekomst: klimaatverandering, vernatting van veenweidegebieden, vernieuwing van gebouwen en kennisontwikkeling. • In hoofdstuk 5 geven we een overzicht van de maatregelen en technieken die op dit moment beschikbaar zijn voor preventie en herstel van funderingsschade. • In hoofdstuk 6 staat de beoordeling van technische restlevensduur van funderingen centraal. We beschrijven het proces dat moet worden doorlopen om vast te stellen hoe lang een bestaande fundering nog voldoet aan de gestelde eisen.

PRINT

63

• In hoofdstuk 7 volgt een beschouwing van de juridische context van de funderingsproblematiek. Aan bod komen de rechten en plichten van (particuliere) pandeigenaren, de taken en bevoegdheden van overheden en de schadeverhaalmogelijkheden. • In hoofdstuk 8 gaan we in op de verschillende nationale, gemeentelijke en provinciale regelingen die tot nu toe her en der in Nederland zijn toegepast om de funderingsproblematiek aan te pakken. • In hoofdstuk 9 ten slotte, geven we een toelichting op de aannames en uitgangspunten bij onze financiële paragraaf. De analyses uit de hoofdstukken 3, 4, 5 en 6 zijn geschreven in samen­ werking met Deltares en TNO. Hoofdstuk 7 is gebaseerd op onderzoek van juridisch bureau AKD. Voor hoofdstuk 8 en 9 hebben we gebruik gemaakt van bouwstenen zoals opgesteld door adviesbureau KPMG.

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 1

PRINT

64

2 ONDERSTEUNING GEDUPEERDEN FUNDERINGSPROBLEMATIEK: HOE DOE JE HET GOED ALS OVERHEID? Burgers die te maken hebben met schadeafhandeling waarbij de overheid is betrokken, zijn dikwijls ontevreden over de ondersteuning die ze krijgen en over hoe ze worden behandeld (Nationale ombudsman, 2023). Het lukt overheden op de een of andere manier niet om in hersteltrajecten17 aan te sluiten bij de behoeften van gedupeerden (Nationale ombudsman, 2023). Wij vinden het belangrijk om in dit advies nader in te gaan op dit gegeven – zeker gezien het afnemende vertrouwen in de overheid en de politiek in Nederland. In de nationale aanpak van de funderingsproblematiek die wij in dit advies voorstellen, zal een goede bejegening van gedupeerden de nodige aandacht moeten krijgen.

17 Onder een hersteltraject verstaan wij, in navolging van de Nationale ombudsman: ‘een traject dat de overheid opzet en uitvoert om groepen burgers en ondernemers een vergoeding, een tegemoetkoming of een andere vorm van herstel te bieden voor geleden materiële of immateriële schade, omdat de overheid verantwoordelijk is voor het ontstaan van de schade of omdat de overheid zich verantwoordelijk voelt om deze burgers en ondernemers te helpen’ (Nationale ombudsman, 2023).

PRINT

65

Maar wat is in dit verband ‘goed’? Welke lessen zijn er concreet voor de

behoefte aan een overheid die betrouwbaar optreedt en die vertrouwen

overheid te trekken uit wat er misging in eerdere hersteltrajecten? Wat zijn

stelt in de burger. Gedupeerden willen dat de overheid ervan uitgaat dat

precies de behoeften van burgers en hoe kan de overheid daar rekening

hun verhaal klopt, zonder dat ze alles tot in detail moeten onderbouwen en

mee houden? Over die vragen gaat dit hoofdstuk.

bewijzen. Verder verwachten ze van de overheid dat deze zich betrokken opstelt en geen loze beloftes doet. Tot slot vinden gedupeerden het bij de afhandeling van schade belangrijk dat er ruimte is voor persoonlijk contact,

2.1 Behoeften van gedupeerden in hersteltrajecten

dat het proces vlot en met goede begeleiding verloopt en dat zij een

In hersteltrajecten is er vaak een aanzienlijke groep gedupeerden die

passend bedrag ontvangen, afgestemd op de werkelijke schade (Nationale

ontevreden is met het geboden herstel. Zij hebben het gevoel dat de

ombudsman, 2023).

betrokken overheidsinstantie te weinig rekening houdt met hun behoeften.

Op basis van zijn onderzoek komt de Nationale ombudsman tot de conclusie

De Nationale ombudsman onderzocht in 2023 tien hersteltrajecten: door

dat de overheid de zojuist beschreven behoeften van gedupeerde burgers

overheidsinstanties georganiseerde financiële en/of emotionele ondersteu-

te weinig centraal stelt. Waarom doet zij dat niet? Goed aansluiten bij de

ning voor burgers die de dupe waren geworden van een calamiteit. Tot

behoeften van gedupeerden wordt volgens de Ombudsman belemmerd

de onderzochte hersteltrajecten behoorden onder meer de ondersteuning

doordat overheidsinstanties bij schadeafhandeling niet afwijken van vaste

van slachtoffers van de vuurwerkramp in Enschede, de afhandeling van de

structuren en standaardwerkwijzen. Bovendien leren overheidsinstanties tot

verzakkingsschade aan woningen bij de aanleg van de Noord-Zuidlijn in

nu toe nauwelijks van ervaringen uit eerdere hersteltrajecten.

Amsterdam, de immateriële schadevergoedingsregeling voor de aardbevingsschade aan woningen in Groningen en de schadeafhandeling na de

Ook wij hebben tijdens ons onderzoek voor dit advies opgemerkt dat over-

overstromingen in Zuid-Limburg en Brabant van 2021. Deze calamiteiten

heidsinstanties bij calamiteiten niet primair gericht zijn op het verlichten

zijn verschillend van aard. Toch laten de behoeften van de betrokken gedu-

van de noden van gedupeerden. Vaak worden problemen in eerste instantie

peerden veel overeenkomsten zien.

ontkend of gebagatelliseerd. Pas wanneer handelen niet langer kan worden

Een van de belangrijkste behoeften van gedupeerden is erkenning van

uitgesteld, is men geneigd om in ‘crisisstand’ te gaan en (te) snel te acteren.

hun leed. Zij willen dat hun stem wordt gehoord en dat ze serieus worden

Maar dat doet de overheid dan weer zó snel, dat ze verzuimt om eerst de

genomen. Excuses van de overheid kunnen daarbij helpen, mits ze relevant

gedupeerde burgers te vragen naar hun behoeften.

en oprecht zijn. Daarnaast is duidelijkheid van belang: een simpel proces, duidelijke en eerlijke communicatie, goede informatieverstrekking. Er is ook

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 2

PRINT

66

De Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS , 2021) wijst in dit

2.2 Ervaringen uit werkbezoeken en gesprekken

verband op het gevaar dat de overheid te sterk uitgaat van een vooringe-

Diverse lokale overheden in Nederland hebben de afgelopen jaren herstel-

nomen mensbeeld (de calculerende consument) en aannames over de capa-

trajecten in gang gezet voor mensen met funderingsschade. De details van

citeiten van mensen (goed in staat om voor zichzelf te zorgen). Wantrouwen

een aantal bestaande regelingen staan beschreven in hoofdstuk 8 van dit

en een geloof in de zelfredzame burger zijn al decennia dominant in de

deel 2. Hier richten we ons op de vraag hoe gedupeerde burgers de manier

logica van de Nederlandse overheidsbureaucratie. Het zijn ingesleten denk-

waarop de overheid omgaat met funderingsproblematiek en eventuele

beelden die hebben bijgedragen aan bijvoorbeeld het toeslagenschandaal.

ondersteunende regelingen die voor hen in het leven worden geroepen

De gedupeerden waren in werkelijkheid juist hulpbehoevend en hadden het

ervaren. Sluit de overheid hiermee aan bij hun behoeften?

vertrouwen van de overheid nodig. Het is volgens de Nationale ombudsman bij hersteltrajecten van belang om

Om antwoord te krijgen op deze vraag bezochten wij de Rotterdamse wijk

als overheid in een vroeg stadium met gedupeerden in gesprek te gaan, te

Bloemhof en de Groote Veenpolder in de Friese veenweiden, waar we met

luisteren en gedurende het traject in gesprek te blijven. De vraag wat de

getroffen bewoners in gesprek gingen. Hun woningen hadden ernstige

betrokkenen nodig hebben zou vooraf moeten gaan aan de vraag wat je

verzakkingsschade. Ook in een aantal andere regio’s met funderingsproble-

als overheid in een bepaalde situatie kunt bieden. Vervolgens moet je als

matiek, zoals het gebied rond het kanaal Almelo-De Haandrik in Overijssel,

overheid ook durven de aanpak aan te passen en een hersteltraject ánders

hebben we met gedupeerden gesproken.

uit te voeren dan je gewend bent. Te vaak houdt de overheid bij de opzet en

De verhalen die wij optekenden gingen niet alleen over de technisch-

uitvoering van hersteltrajecten vast aan de structuren en werkwijzen die zij

inhoudelijke aspecten van schades en herstel of over juridische en financiële

ook voor het reguliere werk gebruikt.

vraagstukken. De bewoners lieten ons weten dat het hen ook (misschien

In een vroeg stadium in gesprek gaan over de behoeften van burgers en

wel: vooral) ging om serieus te worden genomen en om erkenning te

je werkwijze daarop aanpassen, zijn allebei van belang om als overheid bij

krijgen.

hersteltrajecten te voorkomen dat burgers nog meer beschadigd raken in plaats van dat er iets wordt hersteld (Nationale ombudsman, 2023).

Funderingsproblematiek kan een enorme impact hebben op bewoners. Opeens zijn allerlei zaken die gisteren nog vanzelfsprekend leken, onzeker geworden. Ben ik wel veilig in mijn huis? Bij wie kan ik terecht voor hulp? Kan ik hier nog blijven wonen? Hoe moet dit financieel? Het zijn vragen die bij getroffenen kunnen leiden tot stress en gezondheidsproblemen. Burgers

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 2

PRINT

67

hebben dan behoefte aan een overheid die naast ze gaat staan, naar ze luis-

Funderingsschade in Overijssel en Fryslân

tert en ze ondersteunt.

• Tussen 2011 en 2016 werd in Overijssel het kanaal Almelo-De Haandrik uitgediept. Tijdens de werkzaamheden, maar vooral in de periode erna,

Wij signaleren dat in de hersteltrajecten die de afgelopen jaren her en der

bleek dat diverse nabijgelegen woningen waren verzakt. In sommige

zijn opgestart rond funderingsproblematiek, het nodige is misgegaan. De

gevallen was de schade zo ernstig, dat de bewoners tijdelijk moesten

betrokken overheden zijn in verschillende valkuilen gestapt. Tegelijkertijd

verhuizen.

waren er soms ook vermeldenswaardige positieve ontwikkelingen, waarbij

In oktober 2021 trad er een schaderegeling in werking. De hoogte

overheden hun werkwijze aanpasten aan de behoeften van gedupeerden.

van de voorgestelde vergoedingen viel de bewoners echter tegen. Ze voelden zich in de steek gelaten.

Zowel in de Friese veenweiden als rond het kanaal Almelo-De Haandrik

• In het Friese veenweidegebied zijn diverse gebouwen ernstig verzakt

(zie kader hierna) stelden de overheden in eerste instantie de juridische

door beschadigde funderingen. De schade wordt mede veroorzaakt

aspecten rond de ontstane funderingsproblemen centraal: ze keken wie er

door de ontwatering die het waterschap toepast om de landbouw in

aansprakelijk kon worden gesteld. Daarmee volgden zij de dominante werk-

het gebied mogelijk te maken. In sommige gevallen zijn de problemen

wijze van overheden: zoeken naar een oplossing vanuit het oogpunt van

hoogst urgent. De Friese overheden boden de gedupeerden in eerste

rechtmatigheid. Maar wat rechtmatig is, is niet altijd ook rechtvaardig, zoals

instantie geen financiële ondersteuning voor funderingsherstel. Ze

de later aangestelde bemiddelaar voor de verzakkingen rond het kanaal

wilden de problematiek aanpakken via een aansprakelijkstelling en een

Almelo-De Haandrik vaststelde (Keijzer, 2023). In beide casussen betekende

gang naar de rechter. In 2022 werd toch besloten tot een subsidierege-

de juridische benadering van de overheidsaanpak dat het probleem voor de

ling voor funderingsherstel (die nog moet worden ingevoerd), subsidie

gedupeerden niet werd opgelost. Integendeel; het optreden van de overheid

voor funderingsonderzoek, het openen van een funderingsloket en

leidde in beide casussen tot een gevoel van onrechtvaardigheid en tot het

extra hulp voor bestaande code rood gevallen.

(verder) afbrokkelen van het vertrouwen in de overheid. De getroffen bewoners rond kanaal Almelo-De Haandrik waren aanvankelijk blij met de belofte van de provincie om met een ruimhartige regeling te komen. De teleurstelling was bij een deel van hen groot toen bleek dat er veel minder werd gecompenseerd dan zij hadden verwacht. Zoals we vaker

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 2

PRINT

68

zien in hersteltrajecten, was dit niet uitkomen van gewekte verwachtingen

Funderingsschade in Rotterdamse wijk Bloemhof

funest voor het vertrouwen van de bewoners in de overheid.

In de Rotterdamse wijk Bloemhof staan ongeveer 2.700 woningen

Bemiddelaar Mona Keijzer voerde open gesprekken met de bewoners.

met ernstige funderingsproblemen. In de afgelopen honderd jaar zijn

Daarmee slaagde zij erin om, hoewel er niet direct een oplossing op tafel

sommige huizen al 80 centimeter gezakt. Dat heeft ingrijpende gevolgen:

kwam, de bewoners te laten ervaren dat zij serieus werden genomen. Het was

scheve vloeren, scheve stoepen, scheuren in gevels, stank en schimmel,

een belangrijke eerste stap die op waardering van de bewoners kon rekenen.

lekkages en wateroverlast bij hevige regen. Veel van de eigenaar-bewoners in Bloemhof kunnen de kosten van

Ook de funderingsproblemen in de Friese veenweiden werden in de beleving

funderingsherstel niet dragen. Er leven bij hen grote zorgen. Er ligt op

van de gedupeerde eigenaar-bewoners in eerste instantie te veel benaderd

dit moment nog geen concreet plan voor de aanpak van de funderings­

vanuit het oogpunt van aansprakelijkheid. Deze werkwijze is inmiddels

problematiek in de wijk.

omgebogen; de Friese overheden hebben zich gecommitteerd aan een subsidieregeling. Daarmee lijkt de relatie tussen de bewoners en de overheden te verbeteren. Maar dat proces heeft veel voeten in de aarde gehad. De

Uit de gesprekken die wij voerden met gedupeerde eigenaar-bewoners in

provincie had bewoners een stem gegeven door een ‘funderingstafel’ in te

de Rotterdamse wijk Bloemhof (zie kader hierboven) kwam eveneens naar

stellen. Op zichzelf een goede stap, maar de adviezen van die tafel werden

voren dat het vertrouwen in de gemeente broos is. In dit geval komt dat niet

– in de ogen van de deelnemers – onvoldoende serieus genomen. Sommige

door de gemeentelijke aanpak van de funderingsproblematiek (die staat voor

adviezen werden wel overgenomen, maar niet alle. Het instellen van de

deze wijk nog niet vast), maar vooral door eerdere gebeurtenissen.

funderingstafel had duidelijk hogere verwachtingen bij de bewoners gewekt

Zo is er sprake van sluimerende onvrede over een eerder stads­

dan de overheden waarmaakten.

vernieuwings­project in de naastgelegen Tweebosbuurt. Het verloop van dit

Actieve bewoners zochten de media en begonnen een lobbycampagne, die

project heeft de bewoners van Bloemhof wantrouwig gemaakt. Dat bemoei-

eraan bijdroeg dat de Provinciale Staten van Fryslân en het a ­ lgemeen bestuur

lijkt het gesprek over de toekomst van de wijk. De argwaan is dusdanig

van het Wetterskip Fryslân alsnog moties aannamen voor een ruimhartigere

groot, dat sommige bewoners denken dat de gemeente de funderingspro-

bijdrage aan de kosten van het funderingsherstel. De algemene subsidierege-

blematiek heeft verzonnen om een lagere opkoopsom te hoeven betalen

ling voor funderingsherstel moet nog worden vastgesteld en uitgevoerd.

bij stadsvernieuwing. Verder zijn de bewoners van Bloemhof bang dat de

Wel is er al subsidie beschikbaar gesteld voor funderingsonderzoek en wordt

oorspronkelijke bewoners na de stadsvernieuwing niet zullen kunnen terug-

specifieke hulp geboden aan code rood gevallen.

keren en dat de sociale gemeenschap in de wijk zodoende verloren zal gaan.

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 2

PRINT

69

De gemeente zal het vertrouwen moeten zien te herstellen om samen met

Groningen worden verschillende fouten beschreven die de betrokken over-

de bewoners en woningcorporaties te kunnen komen tot een goede aanpak

heidsinstanties hebben gemaakt, zoals:

van de funderingsproblematiek. Dat moeilijke proces is in gang gezet, om te

• de keuze om budget leidend te laten zijn boven doeltreffendheid;

beginnen door verbetering van de informatievoorziening. Burgers kunnen

• de keuze om combinaties met andere soorten woningverbetering (zoals

terecht bij het gemeentelijke funderingsloket en in de wijk worden informa-

verduurzaming) te verbieden;

tiebijeenkomsten georganiseerd. Het is een pril proces in Bloemhof, maar

• de keuze om geen onafhankelijke uitvoeringsorganisatie in te richten; en

het kan helpen.

• de keuze om onvoldoende ruimte te bieden voor gebiedsgericht maatwerk.

We zien ook bij andere gemeenten met een goed werkend informatieloket voor funderingsproblemen dat heldere informatievoorziening wordt gewaar-

Deze verkeerde keuzes hebben tot gevolg gehad dat de betrokken bewoners

deerd door bewoners. Voorbeelden in dit verband zijn Schiedam, Gouda,

en ondernemers lang in onzekerheid zaten en zich niet erkend voelden in

Zaanstad en Haarlem. Eerlijke communicatie en duidelijke informatie vanuit

hun zorgen. Ook konden uitvoerende partijen niet gericht opschalen omdat

de overheid vormen belangrijke behoeftes van gedupeerden in hersteltra-

zij niet wisten wanneer er moest worden geleverd. De uitvoeringskosten

jecten, zoals ook de Nationale ombudsman (2023) benadrukt.

gingen daardoor meermaals over de kop. Kortom, zowel de maatschappelijke als de financiële kosten van het herstel werden in het Groningse

Hersteltraject aardbevingsschade leert: problemen groeien als

aardbevingsschadedossier uiteindelijk veel hoger dan nodig was geweest.

­doeltreffende aanpak uitblijft

Ook in het funderingsdossier kan het uitblijven van een doeltreffende

Het is belangrijk dat hersteltrajecten tijdig en doeltreffend worden opgezet

aanpak leiden tot een accumulatie van problemen. Wat begint met funde-

en uitgevoerd. Als dat niet gebeurt, kunnen problemen van individuele

ringsproblemen bij individuele panden, kan op termijn leiden tot verloe-

burgers en woningen, die in principe goed oplosbaar zijn, uitmonden in

dering van hele wijken. Eigenaren investeren vaak niet meer in hun pand

maatschappelijke ontwrichting op landelijk niveau. Dat leren we onder

in afwachting van funderingsherstel. De waarde van het vastgoed in de

andere uit de gesprekken die we voor dit advies hebben gevoerd met

hele wijk kan daardoor dalen. Zeker in wijken die toch al kwetsbaar zijn op

gedupeerden van de aardbevingsschade in Groningen. Daar is de aanpak

sociaal-economisch gebied, kan funderingsproblematiek uiteindelijk het

om verschillende redenen te laat gekomen en niet doeltreffend geweest.

welzijn van alle bewoners raken.

In het rapport van de parlementaire enquêtecommissie Aardgaswinning

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 2

PRINT

70

2.3 Leerpunten voor een nationale aanpak van

de boventoon. We hebben in eerdere hersteltrajecten gezien waar dit toe

funderingsproblematiek

leidt: langdurige, complexe processen die niet alleen hoge kosten met zich

Wij hebben de hierboven beschreven lessen uit eerdere hersteltrajecten

meebrengen, maar ook de gedupeerden onnodig lang in onzekerheid laten

gebruikt om ons advies voor een nationale aanpak van de funderings­

en vaak geen passende uitkomst opleveren.

problematiek vorm te geven. We concludeerden al vroeg in ons adviestraject dat de juridische route, Om te beginnen hebben we ervoor gekozen om de behoeften van de

waarbij de mate van aansprakelijkheid voor funderingsschade bepalend is

eigenaar-bewoners centraal te stellen in de uitgangspunten van een nati-

voor de mate van compensatie die de overheid aan gedupeerden toekent,

onale aanpak. Gedurende het adviestraject zijn we in gesprek gegaan met

geen uitkomst biedt (zie ook hoofdstuk 7 van dit deel 2). Het is onwenselijk

verschillende gedupeerden van funderingsschade, om een beeld te krijgen

dat elk afzonderlijk geval tot in de details moet worden ontleed en betwist

van de problemen die zij ervaren en de verwachtingen die zij hebben van

alvorens eventueel tot herstel wordt overgegaan. Dat is een recept voor

de overheid. Daaruit hebben wij geconcludeerd dat het van belang is om

slepende conflicten en ontevreden burgers, die toch al weinig vertrouwen

funderingsproblematiek niet uitsluitend te benaderen als een technisch en

hebben in de overheid. Bovendien blijkt het, gegeven de complexiteit

financieel probleem, maar vooral ook als een maatschappelijk probleem.

van de geologische processen in de bodem en de watersystemen vrijwel

Het individuele leed van gedupeerden en ook het potentiële maatschappelijk

onmogelijk om een eenduidige oorzaak van funderingsschade aan te wijzen

ontwrichtende effect van cumulatieve funderingsproblematiek verdienen

(zie ook hoofdstuk 3 van dit deel 2). Wij hebben daarom gekozen voor een

aandacht.

aanpak die is gebaseerd op wederzijds vertrouwen en welwillendheid. Wie te maken heeft met funderingsproblematiek moet – zonder zware bewijs-

Aan het begin van ons adviestraject hebben we vier leidende principes

last ten aanzien van de oorzaak – procesmatige ondersteuning kunnen

gedefinieerd die de basis moeten vormen van de aanpak van de funde-

krijgen vanuit het door ons voorgestelde funderingsloket. Daarnaast pleiten

ringsproblematiek: doeltreffendheid, rechtvaardigheid, uitvoerbaarheid en

wij voor financiële ondersteuning van gedupeerden zolang er nog geen

doelmatigheid. We hebben het principe doeltreffendheid bewust voorop

sprake is van een vastgoedmarkt waarin de kans op funderingsschade naar

gesteld. Het belangrijkste is immers dat de funderingsproblematiek wordt

behoren is verwerkt in de prijs van woningen.

opgelost. Door dit als primair uitgangspunt te hanteren, wijken we af van de manier waarop de overheid doorgaans te werk gaat. In de overheids-

Wij schetsen in ons advies de contouren van een eenvoudige regeling, die

aanpak van problemen voeren doelmatigheid en rechtmatigheid standaard

voor iedereen begrijpelijk en toegankelijk is. De regeling moet een proces

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 2

PRINT

71

mogelijk maken waarin burgers worden ontzorgd en begeleid. Het centrale

de burger zoveel mogelijk te ontlasten en de aanpak zo effectief mogelijk te

funderingsloket dat wij voorstellen zal cruciaal zijn om burgers te voorzien

laten verlopen.

in hun behoefte aan duidelijke communicatie en informatie. De manier waarop de communicatie en informatievoorziening concreet vorm krijgt, zal bepalend zijn voor de beleving van de burger. Het is van belang dat burgers daarbij het gevoel hebben dat zij grip op de situatie en op hun eigen leven hebben. Dat vraagt om het vroegtijdig betrekken van burgers bij het probleem en de oplossing en het voorkomen van een situatie waarin een regeling eenzijdig over hen wordt uitgerold door de overheid. Dit verdient in de uitwerking dan ook bijzondere aandacht. Daarnaast stellen wij voor dat de overheid, zolang er nog geen informatieplicht voor huisverkopers geldt inzake de staat van de fundering, zich inspant om de funderingsproblematiek in Nederland zoveel mogelijk in beeld te brengen. Hiermee worden veel burgers die een huis willen kopen of verkopen, ontlast. Zij hoeven dan niet zelf onderzoek naar de fundering te laten verrichten. De nationale aanpak van de funderingsproblematiek die wij voorstellen is stevig. Wij zijn ervan overtuigd dat dit nodig is om de problematiek doeltreffend op te lossen. De ervaringen met eerdere hersteltrajecten leren ons dat een halfzachte aanpak in de praktijk niet werkt en uiteindelijk fors duurder kan uitpakken. Voorwaarde voor een doeltreffende aanpak is wel een doordachte en effectieve uitvoering.

Het verleden leert dat het niet helpt als de overheid verwachtingen wekt die ze vervolgens niet waarmaakt. De burger is pas geholpen als een aanpak succesvol wordt uitgevoerd. Wij hebben een voorstel gedaan voor een uitvoering waarin overheden samenwerken om

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 2

PRINT

72

3 AARD FUNDERINGS­PROBLEMATIEK Veel factoren hebben invloed op funderingsproblematiek. De verbanden kunnen als volgt worden weergegeven (zie figuur 4): Figuur 4: Oorzaak-gevolgrelaties bij funderingsproblematiek

Veranderingen in de omgeving (§ 3.1)

Processen in de ondergrond en watersysteem (§ 3.2)

Gevolgen voor gebouwen (§ 3.4) Gevolgen voor infra en openbare ruimte (§ 3.5)

Schadeprocessen in funderingen (§ 3.3)

De veranderingen in de omgeving die aanleiding geven tot processen in de ondergrond (waar zich funderingen bevinden), beschrijven we in § 3.1. De processen in de ondergrond die kunnen volgen uit deze veranderingen in de omgeving, komen aan de orde in § 3.2. De fundering van een gebouw kan meer of minder gevoelig zijn voor de effecten vanuit de ondergrond. Een constructie die op lange betonnen palen staat in een stevige diepe zandlaag, zal weinig gevoelig zijn voor veranderingen. Terwijl kortere, ondiepere en/of houten palen juist wél worden

PRINT

73

beïnvloed. De interacties tussen de bodemprocessen en de fundering

handelen, maar deze spelen een verwaarloosbare rol in de hier beschreven

bepalen of er schade kan ontstaan; deze interacties lichten we nader toe

funderingsproblematiek.

in § 3.3. Zowel de processen in de ondergrond en het watersysteem als de schade­

Geschiedenis van menselijke ingrepen in Nederlands landschap en

processen in de funderingen kunnen gevolgen hebben voor constructies:

grondgebruik

gebouwen, infrastructuur en de openbare ruimte. De gevolgen voor

In de afgelopen eeuwen is het overgrote deel van Nederland ontwaterd om

gebouwen staan beschreven in § 3.4. De gevolgen voor infrastructuur en

de draagkracht van de bodem te verhogen en drogere omstandigheden te

de openbare ruimte staan beschreven in § 3.5.

krijgen. Hiermee werden gebieden geschikt gemaakt voor bebouwing en

Figuur 4 laat zien dat het een schakeling van factoren is die bepaalt of er

landbouw. Het oppervlaktewaterpeil in de laaggelegen delen van Nederland

schade aan constructies optreedt. Veel factoren zijn van invloed op de

wordt dus al eeuwenlang door de mens geregeld. Dit gebeurt onder meer

uiteindelijke schade. En die factoren zelf zijn constant aan verandering

met een stelsel van sloten en met gemalen. Ook in sommige hoger gelegen

onderhevig. Het is daarom in de meeste gevallen ondoenlijk om de relatieve

delen van het land zijn gebieden waar het oppervlaktewaterpeil wordt gere-

invloed van factoren exact uit te splitsen. Bijvoorbeeld: klimaatverandering

geld met stuwen in sloten en beken.

zorgt voor droogte, maar tegelijkertijd kan er sprake zijn van oppervlakte-

Parallel aan het ontwateren zijn er gebieden opgehoogd met een puin- of

waterpeilverlaging of grondwateronttrekking. In § 3.6 gaan we dieper in op

zandlaag. Op die laag werd vervolgens gebouwd.

deze multicausaliteit.

Al deze maatregelen maakten de grond droger en steviger. Maar ze hadden ook tot gevolg dat de bodem daalde. Vooral door de ontwatering van veenen kleigebieden is er bodemdaling opgetreden.

3.1 Veranderingen in de omgeving

En ook het belasten van slappe grond met een ophooglaag heeft gezorgd

In deze paragraaf wijzen we de meest relevante veranderingen in de

voor bodemdaling.

omgeving aan die een rol spelen in de funderingsproblematiek. De meeste

Als gevolg van de bodemdaling kwam het maaiveld weer dichter bij de

veranderingen komen voort uit menselijk handelen. Dit menselijk handelen

grondwaterstand te liggen, wat het landgebruik hinderde. In reactie daarop

is niet iets van de laatste decennia; al eeuwen wordt het Nederlandse

zijn deze gebieden nog dieper ontwaterd of opnieuw opgehoogd. Dit had

landschap en grondgebruik door menselijk handelen beïnvloed. Daarnaast

opnieuw bodemdaling tot gevolg.

zijn er processen in de ondergrond die onafhankelijk zijn van menselijk

Deze cyclus is de afgelopen duizend jaar diverse keren doorlopen, met als resultaat dat de veengebieden gemiddeld genomen bijna twee meter zijn

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 3

PRINT

74

gedaald en dat in de stedelijke gebieden tot meters dikke ophooglagen

Figuur 5: Veranderingen in de omgeving die bodemprocessen in gang

voorkomen. Het gevolg is ook dat met name in het landelijk gebied de

kunnen zetten of kunnen versnellen

oppervlaktewaterpeilen en de grondwaterstanden de afgelopen duizend jaar steeds lager zijn komen te liggen, terwijl ook het maaiveld is gedaald. Ook in de hoger gelegen gebieden van Nederland zorgt de ontwatering voor diepere grondwaterstanden. In deze landschappen is minder bodemdaling opgetreden, maar het landschap is er wel veel droger dan in de uitgangsituatie.

Veranderingen in omgeving: - Grondwaterstandsverlaging/verhoging - Aanleg/aanpassing infrastructuur - Trillingen - Mijnbouw/ delfstoffenwinning

Processen in bodem: Bodemdaling door: - Consolidatie en kruip - Oxidatie (veenafbraak) - Krimp / zwel (bodemdaling en stijging)

Schadeprocessen in funderingen:

Gevolgen in gebouwen:

- Aantasting van houten funderingen - Negatieve kleef

- Scheefstand en scheurvorming

- Verschilvervorming - Verlies van draagkracht

- Vochtproblematiek - In het ergste geval kan een gebouw onveilig worden

- Schade door werkzaamheden

Huidige menselijke ingrepen met effecten op fundering van gebouwen Tot op de dag van vandaag vinden er onder invloed van menselijk handelen veranderingen plaats op en in de Nederlandse bodem. Sommige van de veranderingen resulteren in effecten vanuit de ondergrond waarvoor gebouwen en andere constructies gevoelig zijn. De veranderingen die we hierna opsommen kunnen indirect aanleiding geven tot funderingsproblematiek, doordat ze bodemprocessen in gang zetten of versnellen (zie § 3.3). Ze kunnen ook direct aanleiding geven tot schade aan funderingen (zie § 3.4). • Grondwaterstandverlagingen De stand van het grondwater kan dalen door: - droogte als gevolg van sterke verdamping en neerslagtekort (de voorspelling in de KNMI-scenario’s 2023 is dat droogteperioden langduriger en extremer zullen worden bij een verder opwarmend klimaat; niet

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 3

PRINT

75

alleen de grondwaterstand wordt hierdoor lager, maar ook het bodemvochtgehalte neemt af door sterke verdamping);

• Trein-, wegverkeer of heiwerkzaamheden: Zwaar verkeer en bouwwerkzaamheden kunnen zorgen voor trillingen in

- oppervlaktewaterpeilverlagingen (oppervlaktewaterpeilen worden

de ondergrond. Door deze trillingen kan een fundering of gebouw schade

veelal verlaagd in reactie op bodemdaling, om de draagkracht te

oplopen. Verder leiden deze trillingen mogelijk lokaal tot verdichting van

behouden);

de bodem en daarmee tot zettingsverschillen.

- grondwateronttrekking (bij het onttrekken van grondwater, bijvoor-

• Mijnbouw en delfstoffenwinning:

beeld voor drinkwater of voor beregening, kan de grondwaterstand of

Het onttrekken van materialen aan de bodem zorgt voor bodemdaling in

grondwaterdruk in de directe omgeving van de winning of bronnering

de diepe ondergrond via processen zoals samendrukking (consolidatie)

dalen);

en kruip. Indirect kan deze bodemdaling aanleiding geven tot oppervlak-

- de aanwezigheid van bomen (met name in droge periodes kunnen

tewaterpeilverlagingen (zie hierboven).

bomen zorgen voor extreem lage grondwaterstanden doordat wortels bodemvocht en grondwater onttrekken); - de aanwezigheid van drainerende elementen (dit betreft bijvoorbeeld drainagebuizen die nieuw worden aangelegd of vervangen, maar er zijn ook voorbeelden van lekkende riolering die drainerend werkt en zorgt voor grondwaterstandverlaging). • Grondwaterstandverhoging De stand van het grondwater kan stijgen bij vernattingsprojecten of bijvoorbeeld na vervanging van riolering of kademuren.

Er zijn ook nog autonome processen die aanleiding kunnen geven tot bodemdaling. Hierbij gaat het om: • Tektoniek of beweging van aardplaten (bijvoorbeeld de kantelende beweging van het Noordzeebekken). • Isostasie door belasting of ontlasting van de aardplaat door ijs, sediment of water. • Autocompactie van afzettingen (samendrukking onder invloed van het eigen gewicht).

• Aanleg of aanpassing van infrastructuur of objecten Bij aanleg van nieuwe infrastructuur of inrichting van openbare ruimte op

Dit soort inklinkingsprocessen spelen in heel Nederland, maar ruimtelijk

slappe grond wordt vaak een ophooglaag aangebracht die een belasting

verschilt de bijdrage ervan. De resulterende bodemdaling is echter klein

vormt voor de ondiepe ondergrond. Bij vervanging of renovatie van infra-

(veel minder dan 1 mm per jaar). De invloed van deze processen op de

structuur of herinrichting van openbare ruimte kunnen de belastingen

funderingsproblematiek in Nederland is verwaarloosbaar.

op de ondergrond worden verhoogd als nieuwe ophooglagen worden aangebracht ter compensatie van bodemdaling.

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 3

PRINT

76

3.2 Processen in ondergrond en watersysteem

Figuur 6: Het ontstaan van processen in de bodem ten gevolge van

De hiervoor besproken veranderingen in de omgeving kunnen processen

veranderingen in de omgeving

in de bodem in gang zetten die leiden tot bodemdaling of bodembeweging (bijvoorbeeld krimp/zwel-gedrag van de bodem). In deze paragraaf geven we een nadere beschrijving van deze processen. Voor de volledigheid merken we op dat bodemdaling slechts één van de factoren is die een rol speelt bij het ontstaan van funderingsproblematiek.

Veranderingen in omgeving: - Grondwaterstandsverlaging/verhoging - Aanleg/aanpassing infrastructuur - Trillingen - Mijnbouw/ delfstoffenwinning

Zoals besproken in hoofdstuk 1 kunnen immers grondwaterstandverla-

Processen in bodem: Bodemdaling door: - Consolidatie en kruip - Oxidatie (veenafbraak) - Krimp / zwel (bodemdaling en stijging)

Schadeprocessen in funderingen:

Gevolgen in gebouwen:

- Aantasting van houten funderingen - Negatieve kleef

- Scheefstand en scheurvorming

- Verschilvervorming - Verlies van draagkracht

- Vochtproblematiek - In het ergste geval kan een gebouw onveilig worden

- Schade door werkzaamheden

gingen ook rechtstreeks leiden tot funderingsschade. Datzelfde geldt voor trillingen in de bodem als gevolg van bijvoorbeeld werkzaamheden of zwaar verkeer. Niet alle funderingsschade komt dus door bodemdaling. En bodemdaling heeft méér gevolgen dan alleen funderingsschade. In veel beleidstrajecten zijn de dossiers bodemdaling en funderingsproblematiek niettemin aan elkaar gekoppeld. En ook onderzoeksmatig is er grote overlap. Bodemdaling Processen in de bodem die kunnen leiden tot bodemdaling en funderingsproblemen zijn: • consolidatie en kruip; • oxidatie van organisch materiaal (veenafbraak); • krimp. We lichten hierna de werking van deze processen toe.

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 3

PRINT

77

Consolidatie treedt op in verzadigde grond onder de grondwaterstand. Het

De hoeveelheid consolidatie en kruip hangt af van de samendrukbaarheid

wordt in gang gezet bij het belasten van de ondergrond, bijvoorbeeld door

van de ondergrond. In zand is de samendrukbaarheid en kruip laag en gaat

het aanbrengen van een ophooglaag en/of bij grondwaterstandverlagingen.

consolidatie snel. Veen en klei zijn veel meer samendrukbaar; consolidatie

Ook het winnen van delfstoffen kan leiden tot consolidatie (en kruip; zie

en kruip verlopen hierin langzaam. De samendrukking die optreedt als

hierna) op grotere diepte. De ondergrond wordt dan samengedrukt onder

gevolg van consolidatie en kruip is onomkeerbaar.

invloed van het uitstromen van grondwater uit de poriën. Het is te vergelijken met het uitknijpen van een spons. De snelheid waarmee dit proces

Oxidatie (afbraak) van organisch (planten)materiaal is een proces dat

optreedt hangt af van de doorlatendheid van de grondsoort.

in lagen rondom en boven de grondwaterstand kan plaatsvinden. Veen bestaat hoofdzakelijk uit organisch materiaal. Het wordt langzaam afge-

Kruip ontstaat door een langzaam optredende herschikking van het korrel-

broken door micro-organismen (bacteriën en schimmels). De invloed van

skelet. Kruip treedt tegelijk met consolidatie op, maar kan nog lange tijd

zuurstof versnelt dit proces. Bij het afbreken van het organisch materiaal

doorgaan nadat de consolidatie voltooid is.

wordt de organische stof (uiteindelijk) omgezet in onder andere water en het broeikasgas CO2; zie figuur 8.

Figuur 7 brengt de werking van consolidatie en kruip vereenvoudigd in beeld.

Figuur 8: Vereenvoudigde weergave van de werking van oxidatie

Figuur 7: Vereenvoudigde weergave van de werking van consolidatie

Zuurstof

en kruip CO2 Belasten ondergrond Na consolidatie

Na kruip

Figuur 2.5 Werking van oxidatie

Figuur 2.4 Werking van consolidatie en kruip

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 3

PRINT

78

Bij de afbraak verliest het veen sterkte en dit kan leiden tot samendruk-

Figuur 9: Vereenvoudigde weergave van de werking van krimp-zwel

king en bodemdaling. Veenafbraak en de resulterende bodemdaling zijn onomkeerbaar. De mate en snelheid van veenafbraak is afhankelijk van

Zwel Water

de beschikbaarheid van voedingsstoffen in de bodem, de hoeveelheid en

Krimp Water

toestand van de organische stof, de pH (zuurgraad) van de bodem, het bodemvochtgehalte, de bodemtemperatuur en vooral de aanwezigheid van zuurstof. Bij verlaging van de grondwaterstand komt het veen meer in contact met zuurstof. Daarom is grondwaterstandverlaging een bepalende parameter voor het optreden van veenafbraak. Krimp is een proces van bodemdaling dat optreedt als het vochtgehalte van

Figuur 2.6 Werking van krimp - zwel

de grond afneemt boven de grondwaterstand. De krimpbeweging is meestal omkeerbaar (zwel, zie § 3.2), maar soms ook (in meer of mindere mate)

Omdat uitdroging naast een gebouw en onder een gebouw over korte

onomkeerbaar. Dat laatste draagt bij aan permanente bodemdaling. Krimp

afstand sterk kan verschillen, geldt dat ook voor de krimpbeweging. Dit

neemt toe bij ontwatering, drainage en grondwaterstandverlagingen, maar

gegeven draagt sterk bij aan schaderisico’s als gevolg van krimp (en zwel)

met name bij sterke verdamping en een neerslagtekort (uitdroging van klei).

(zie ook § 3.3 over verschilvervorming).

Verdamping door vegetatie speelt een belangrijke rol bij krimp, doordat wortels vocht aan de grond onttrekken. Bij sterke krimp kan scheurvorming

Bodemstijging

optreden, waarbij via de scheuren zuurstof dieper de bodem in kan komen.

De tegenhanger van krimp is zwel. Dit is een proces dat leidt tot bodemstij-

Dat leidt dan mogelijk weer tot veenafbraak (zie hierboven). Zie figuur 9.

ging. Zwel treedt normaliter op na krimp, in zogenoemde krimp-zwelcycli over de seizoenen. Seizoenmatige krimp-zwelbewegingen van het maaiveld kunnen gemakkelijk verscheidene centimeters bedragen. Los van de krimp-zwelcycli kan zwel ook structureel zijn. Dit is aan de orde wanneer de ondiepe bodem door veranderingen in de omgeving blijvend natter wordt. Doordat de Nederlandse bodem als gevolg van intensieve en

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 3

PRINT

79

efficiënte drainage/ontwatering sterker uitdroogt en doordat de kans op

Figuur 10: Factoren waarmee rekening gehouden moet worden in krimp-

(sterkere) droogte toeneemt, groeit in natte tijden (als de bodem weer natter

zwelgevoelige gebieden

wordt) de kans op sterke zwel. In landen met een droog klimaat komt zwelschade op uitgebreide schaal voor. In Nederland is krimpschade zeer waarschijnlijk dominant, omdat vooral lagen die voorheen verzadigd waren, nu droger worden. Over dit krimp-zwelproces is in Nederland nog relatief weinig bekend. In het buitenland, onder meer in de Verenigde Staten, Australië, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk, wordt al langer aandacht gegeven aan het voorkómen van schade door dit fenomeen (zie figuur 10). Er wordt rekening mee gehouden bij constructies en er worden bijvoorbeeld adviezen gegeven over de afstand van bomen ten opzichte van bebouwing.

Bron: Stuurman et al., 2021; voor Nederlandse situatie aangepaste figuur van Franse Geologische Dienst

Uit buitenlandse literatuur blijkt dat krimp-zwelgedrag in kleigronden sterk wordt bepaald door het type kleimineraal waar de klei uit bestaat. In Nederland zijn ook kleien aangetroffen die sterk krimp-zwel gedrag

Deltares (2021) heeft bij het in kaart brengen van de gevoeligheid voor

vertonen. Dit werd ook al duidelijk door de optredende schadegevallen

krimp/zwel gebruikgemaakt van de kleidikte tussen de toplaag (0,5 meter

gedurende de droge zomers in afgelopen jaren. De kans op sterk krimp-

onder maaiveld, diepte van de fundering) en de GLG-waarde (GLG: gemid-

zwelgedrag is afhankelijk van de dikte van de kleilaag in de bodemlaag

deld lage grondwaterstand). Hoe dikker de klei in deze zone, hoe groter de

tussen maaiveld en het grondwater. In de Nederlandse ondergrond komen

gevoeligheid voor mogelijk krimp/zwelgedrag; zie figuur 11.

dikke kleilagen veelvuldig boven de grondwaterstand.

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 3

PRINT

80

Figuur 11: Kleidikte in de Nederlandse bodem tussen toplaag en

Opvallend op deze kaart is dat de kleilagen niet alleen voorkomen in het

GLG-waarde

traditionele bodemdalingsgebied (grofweg Zuid-Holland, Noord-Holland, westelijk Utrecht, laag Overijssel, Fryslân en Groningen), maar ook daarbuiten: de (zee)kleipolders in Zeeland en Flevoland, de rivierkleigronden in Gelderland en het oosten van Utrecht en kleiafzettingen in Drenthe, Twente, de Achterhoek, Noord-Brabant en Limburg.

3.3 Schadeprocessen in funderingen Of de in § 3.2 genoemde processen in de bodem en het watersysteem invloed hebben op gebouwen, hangt af van de interactie met de fundering. Bijna altijd is er sprake van een combinatie van invloeden én van een lange ontwikkeling van de processen over de tijd. De belangrijkste fysieke mechanismen/processen die kunnen leiden tot schade zijn samengevat in de nu volgende subparagrafen. Of deze schade ook echt zal optreden, hangt onder andere af van het ontwerp van de fundering, de belastingen en de mate van veranderingen in de omgeving die optreden.

GOED GEFUNDEERD | DEEL 2: TOELICHTING EN VERDIEPING | HOOFDSTUK 3

PRINT

81

Figuur 12: Het ontstaan van schade aan de fundering als gevolg van

droogstand van twee tot vijf jaar kunnen de eerste vervormingen al

processen in de bodem veroorzaakt door veranderingen in de omgeving

optreden.

Veranderingen in omgeving: - Grondwaterstandsverlaging/verhoging - Aanleg/aanpassing infrastructuur - Trillingen - Mijnbouw/ delfstoffenwinning

Processen in bodem: Bodemdaling door: - Consolidatie en kruip - Oxidatie (veenafbraak) - Krimp / zwel (bodemdaling en stijging)

Schadeprocessen in funderingen:

Gevolgen in gebouwen:

- Aantasting van houten funderingen - Negatieve kleef

- Scheefstand en scheurvorming

- Verschilvervorming - Verlies van draagkracht

- Vochtproblematiek - In het ergste geval kan een gebouw onveilig worden

- Schade door werkzaamheden

Door schimmelaantasting wordt de dragende doorsnede van de paal, die bepaalt hoeveel gewicht deze kan dragen, kleiner. Als de doorsnede van een paal kleiner wordt, zal deze meer vervormen (korter worden) door het gewicht wat erop staat. Dit proces kan lange tijd door blijven gaan, wat uiteindelijk zorgt dat óf de funderingsbalk bezwijkt, óf (grote) scheuren in de muren ontstaan. Schimmelaantasting stopt zodra de paal onder water komt te staan en gaat verder bij nieuwe droogstand. In totaal is er een totale periode van zo’n tien tot twintig jaar droogstand nodig om een fundering volledig te laten bezwijken. Aantasting van funderingshout door bacteriegroei (bij grenenhouten funderingspalen) is een veel trager proces, dat over de gehele hoogte van de paal optreedt. Het gaat ook door als palen onder water staan. Het duurt verscheidene decennia voordat de draagkracht zover is afgenomen dat de fundering bezwijkt.

Aantasting van houten funderingen

In beide processen hangt de snelheid van de aantasting af van vele factoren,

Het (effectieve) draagvermogen van houten palen kan afnemen als

waardoor we hierover geen algemene conclusie kunnen geven.

gevolg van aantasting van de houten paal door schimmels of door bacteriën (dit laatste is voornamelijk bij grenenhouten palen een probleem).

Schimmelaantasting komt vooral in Zuid- en Noord-Holland voor. Bekende

Schimmelvorming in houten palen ontstaat als het funderingshout (tijdelijk

probleemgebieden zijn Rotterdam, Gouda, Dordrecht, Haarlem, Schiedam,

of permanent) droog komt te staan, bijvoorbeeld door verlaging van de

Amsterdam en Zaanstad. Grenenhouten palen, die gevoelig zijn voor

grondwaterstand of door droogte.

bacterieaantasting, zijn met name gebruikt in Noord- en Zuid-Holland

Schimmelaantasting begint vaak aan de bovenzijde van de houtconstructie.

(bijvoorbeeld in de Zaanstreek, Haarlem en Gouda) en rond het IJsselmeer

Dit betekent dat eerst de kespen en het langshout worden aangetast en

en Fryslân.

daarna de palen. Dit proces kan vrij snel verlopen; bij een optellende

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/774/documents/35348