CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2020.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 26 januari 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 28: Raadsinformatiebrief over Perspectiefnota 2020 - Raadsinformatiebrief17.900 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

•

In een nieuwe Omgevingsvisie, passend bij de Omgevingswet, kijken we integraal naar alle facetten van de leefomgeving. Kwaliteit en groei gaan daarin hand in hand: de samenhang tussen de bouw van extra woningen, bereikbaarheid, gezondheidseffecten, groen en water.

In de Omgevingsvisie worden alle bestaande visies op het gebied van de fysieke leefomgeving vervangen en geïntegreerd, waarbij ze in programma’s zijn uitgewerkt. Een belangrijk onderdeel van de Omgevingsvisie is daarbij de sturingsfilosofie: we streven naar een samenhangende benadering van initiatieven en opgaven in de fysieke leefomgeving. We hanteren daarvoor onze leidende principes zoals ook hier in de Perspectiefnota benoemd, waarbij we meer ruimte bieden aan initiatieven (het ‘ja, mits-principe’). Centraal in de Omgevingsvisie staan de twee groeiopgaven, het realiseren van de woningbouw en banen ambities om onze stad sociaal-economisch sterker

Perspectiefnota 2020

te maken. Om daar te komen beschrijven we een zevental doelen met bijbehorende programma’s. De doelen worden daarbij beschreven als: Dordt is.. 1. 2. 3. 4.

een aantrekkelijke stad; een bereikbare stad; een gezonde stad; een stad met een aantrekkelijk vestigingsklimaat; 5. in 2035 klimaatbestendig; 6. in 2050 energieneutraal; 7. beschermend en bevorderend voor biodiversiteit.

48

Dordrecht Geeft ruimte

Daarnaast willen we beter aansluiten op maatschappelijke doelstellingen door minder regels op te stellen en een betere dienstverlening te leveren. Ook geven we bij de diverse ruimtelijke ontwikkelingen aan welke rol we als gemeente willen innemen: kaderstellend, samenwerkend, ondersteunend en/of overlatend aan de samenleving. Afgelopen twee jaar zijn er diverse momenten geweest waarop we de raad, maatschappelijke organisaties en de samenleving hebben betrokken bij de totstandkoming van de concept Omgevingsvisie. Na zorgvuldige afwegingen is al deze opgehaalde input verwerkt in

•

Participatie in opgaven: Wij maken Dordt Naast de Omgevingsvisie waarin het toekomstige kader voor initiatieven wordt vormgegeven, hebben we aan de start van de coalitie ons voorgenomen om de kracht van de inwoners en daarmee burgerparticipatie beter en breder te benutten. We hebben daarvoor een afspraak opgenomen in het coalitieakkoord onder het hoofdstuk Verbindende Stad:

We initiëren en dagen uit tot het inzetten van nieuwe werkvormen, gericht op het vroegtijdig en laagdrempelig betrekken van mensen en organisaties en het versterken van de realisatiekracht in de stad. Denk hierbij aan het periodiek organiseren van kleinschalige, thematische gesprekstafels, waarmee we tijdens het formatieproces al ervaring opdeden. Maar ook aan methoden waarmee tijdens Nieuw Dordt Peil ervaring is opgedaan (van broedgroepen tot diners in wijkcentra, van tentoonstelling tot shoutbox).

Steeds meer en steeds beter werken wij –lerende weg- met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties gezamenlijk aan de doelen van de stad. Wij noemen dit ‘”Werken volgens de bedoeling” en “Van buiten naar binnen werken”. Geen holle zinnen, maar een attitude die we ons hebben eigen gemaakt. Sinds de organisatieverandering die de gemeente in 2017-2018 heeft ondergaan, staat het werken in opgaven daarbij centraal. Zo zijn we steeds beter in staat om sneller en

49

een eerste concept Omgevingsvisie voor Dordrecht. Voor eind 2020 leggen we het concept voor inzage voor aan de raad en de stad.

De acht inhoudelijke opgaven zoals ze in deze Perspectiefnota al verschillende malen naar voren zijn gekomen, zorgen ervoor dat er wordt gewerkt aan focus en versnelling binnen opgaveteams. Zij betrekken daarbij regelmatig inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties onder het motto “Wij maken Dordt...”. Afhankelijk van het onderwerp betrekken de opgaveteams de stad zo in wisselende werkvormen. Zo houdt opgave Bouwende Stad met enige regelmaat bestuurlijke overleggen met ontwikkelaars om het commitment te bespreken en samen de groeiambities te kunnen realiseren. Daarnaast worden per concreet bouwproject inwoners betrokken om mee te denken en om feedback op te halen. De opgave Groenblauwe Stad houdt met inwoners in weer een andere vorm gesprekstafels rond thema’s als ‘waterveiligheid bewustzijn’ en het ‘vergroenen van tuinen’, maar bijvoorbeeld ook met partners als Rijkswaterstaat, het Waterschap, Staatsbosbeheer en de provincie over klimaatadaptatie, de Dordtwijkzone en het bespreken en concretiseren van doelen voor onze

ambities op groen en blauw. Vanuit de opgave Ondernemende Stad worden op weer een andere manier thema bijeenkomsten georganiseerd, zoals bijvoorbeeld het klankbord voor ondernemers, maar ook de MKB dag Dordrecht. Aan de andere kant richt opgave Veilige Stad zich voornamelijk op thema’s als ondermijning (drugspanden, hennepkwekerijen), ernstige overlast en sociale stabiliteit en houdt hierbij regelmatig overleggen met politie, brandweer, inwoners en woningbouwcoöperaties. Maar er wordt ook ingezet op relatief nieuwe thema’s zoals cybercriminaliteit, zo zijn voorlichtingsbijeenkomsten voor het MKB gehouden op de Dag van ondernemers in 2019 en is het Cybercongres Drechtsteden georganiseerd waarbij meer dan 300 deelnemers aanwezig waren. Ook andere mondiale urgente onderwerpen raken uiteraard onze stad, zoals verduurzaming en circulariteit, waarbij het van belang is om samen naar oplossingen te zoeken. Zo wordt in de opgave Duurzame Stad veelvuldig opgetrokken met bijvoorbeeld

doelgerichter aan maatschappelijke opgaven te werken (volgens de bedoeling). En zetten we niet onze organisatie, maar de doelen en de maatschappij centraal (van buiten naar binnen). Het van buiten naar binnen werken passen we ook toe in onze evaluaties, waar we met de betrokken partners evalueren. Zo leerden we bij de evaluatie van zogenaamde ‘placemaking projecten’, dat er bijvoorbeeld nog kansen zijn op het gebied van communicatie om beter in te spelen op de behoefte van participerende burgers.

Perspectiefnota 2020

50

Dordrecht Geeft ruimte

HVC en woningbouwcoöperaties om de aanleg van het Warmtenet door grote delen van de stad te realiseren. Maar op een lokale schaal, zoals bij de duurzame wijkaanpak in Crabbehof, worden inwoners weer direct betrokken. Daarnaast zijn we in gesprek met het lokale bedrijfsleven om meer zonnepanelen op bedrijfsdaken te bewerkstelligen en organiseren we ‘grondstoffentafels’, waarmee we bedrijven bij elkaar brengen om gezamenlijk circulaire ketens op te zetten, zoals een circulaire betonketen. Initiatiefnemers weten ons goed te waarderen Bovenstaande voorbeelden zijn een greep uit de verschillende gesprekstafels en werkvormen, die door de opgaveteams worden georganiseerd om samen met de stad gezamenlijke ambities te realiseren. Daarnaast weten inwoners als actieve initiatiefnemers ons ook steeds beter te vinden. Vaak gaat het dan om onderwerpen die dicht bij inwoners staan, zoals verkeer (onderhoud van wegen), veiligheid, aanleg en onderhoud van groen, bomen en parken, duurzaamheid (lucht, milieu, water

en klimaat) en wonen (woningbouw en ruimtelijke ordening). Om te zien hoe wij als organisatie omgaan met de initiatieven van betrokken inwoners, hebben we het Onderzoekcentrum Drechtsteden (OCD) gevraagd onafhankelijk onderzoek uit te voeren. Uit hun jaarlijkse rapportage3 blijkt dat initiatiefnemers ons goed waarderen, met een rapportcijfer 7,6 (2020) voor de wijze waarop we met initiatieven omgaan. De grootste succesfactoren zijn daarbij logischerwijs een goede samenwerking, maar ook het onderkennen van maatschappelijk nut en duidelijkheid geven over eventuele beschikbare financiering. Het sterkt ons dat we -naast dat we het zelf ervaren en regelmatig horen- ook door dit onderzoek worden bevestigd dat we op de goede weg zijn. Samen met wethouders Marco Stam (onder meer Openbare Ruimte) en Maarten Burggraaf (onder meer Omgevingswet & Bestuurlijke Vernieuwing) zoomen we in op hoe we met participatie en initiatief omgaan en inzetten in de wijken, en ook concreet hoe we daar tijdens de coronacrisis mee zijn omgegaan.

Hoe staat het met participatie en initiatief uit de stad, met betrekking tot het leidende principe Dordrecht Geeft Ruimte? “Je ziet dat participatie en initiatief vooral aanslaat bij onderwerpen die dicht bij onze inwoners staan. Een goed en concreet voorbeeld is daarbij het groenbeheerplan. Eigenlijk gaat dit over het groene onderhoud in de hele stad. Denk aan het onderhoud van hagen, of juist het stimuleren van ecologische bermen. Wij willen als gemeente van onze inwoners weten wat zij nu belangrijk vinden en hoe het groen er volgens hen uit mag zien. Deze vraag stellen we in principe al jaren via fysieke bijeenkomsten, alleen hebben we door het coronavirus even moeten schakelen. We hebben een online enquête opgesteld en via social media daarvoor aandacht gevraagd. Daarbij hebben we aan het eind van de enquête de deelnemers gevraagd of ze wilden meedoen met een online bijeenkomst. Op die manier hebben we als gemeente toch een sessie kunnen organiseren, zodat bewoners extra input konden gegeven. In totaal hebben ruim 6000 inwoners meegedaan aan de enquête. Ook hebben we als gemeente voor de ‘Bomenprikker’ online aan bewoners om hun mening gevraagd. Het idee van de Bomenprikker komt daarbij voort uit het coalitieakkoord. Voor elke 1000 nieuwe inwoners worden er 100 bomen gepland. Vanuit de gemeente hebben we bekeken hoe bewoners hier inspraak op konden krijgen.

Daarom is er gekozen voor een interactieve kaart. Het idee is simpel. Heb je als bewoner een plek in de stad waar je een boom zou willen, geef dit dan aan door een prikker te prikken op de interactieve digitale kaart. Als gemeente gaan we die beoordelen, en als het kan, planten we de boom. Hiervoor is ook aandacht gevraagd via sociale media en met succes, binnen een paar dagen waren er genoeg bomen geprikt.”

“Je ziet dat participatie en initiatief vooral aanslaat bij onderwerpen die dicht bij onze inwoners staan.”

3) Monitor Dordtse initiatieven

51

Perspectiefnota 2020

52

Dordrecht Neemt Verantwoordelijkheid voor de toekomst: een slagvaardig en doelgericht bestuur

53

Perspectiefnota 2020

54

Dordrecht Neemt Verantwoordelijkheid voor de toekomst

6. Dordrecht Neemt Verantwoordelijkheid voor de toekomst: een slagvaardig en doelgericht bestuur Uit het coalitieakkoord: Er komen cruciale en tevens urgente keuzes op ons af, waarbij de beslissingen van nu bepalend zijn voor de volgende generatie(s). Dit geldt bijvoorbeeld voor woningbouw, bereikbaarheid en mobiliteit. Maar ook voor energiegebruik, zorgaanbod, onderwijs, milieu en financiële verplichtingen. Een aantal keuzes die we komende periode gaan maken, kunnen we niet meer terugdraaien. Zeker op die onderwerpen is een breed gedragen, meerjarige, toekomstbestendige aanpak noodzakelijk. De missie is dat te verenigen met snelheid van uitvoering. Met het oog op de sociaaleconomische urgentie willen we die keuzes slagvaardig maken en is een daadkrachtige samenwerking noodzakelijk. Dordrecht neemt het voortouw en de verantwoordelijkheid, haakt mede-overheden en instanties aan die nodig zijn om dat goed voor elkaar te krijgen en neemt afstand van constructies die leiden tot vertragende bestuurlijke drukte.

55

We hebben ons vanaf de start van de coalitie goed gerealiseerd dat we solide, slagvaardige en duidelijke samenwerkingsvormen nodig hebben om de groeiambities voor de stad te kunnen realiseren. Samenwerkingsvormen zoals we die bijvoorbeeld via opgaven met inwoners, maatschappelijke organisaties en bedrijven hebben georganiseerd (zie leidend principe “Dordrecht Geeft Ruimte”) maar ook op publiek bestuurlijk niveau, met andere regionale en provinciale overheden. Afspraken Verbindende Stad Conform deze gedachte hebben we daarom in het hoofdstuk Verbindende Stad uit het coalitieakkoord een aantal afspraken opgenomen over deze samenwerkingsvormen, waarbij we drie afspraken nader bekijken.

Afspraken Verbindende Stad: •

Dordrecht neemt een leidende rol in het concretiseren van de Groeiagenda 2030 voor Dordrecht en de Drechtsteden. We kiezen voor een uitnodigende aanpak in grote verbondenheid met Rotterdam en de Provincie Zuid-Holland en de daarbij benodigde huidige en andere partners.

•

Dordrecht is toonaangevend binnen de Drechtsteden en Zuid-Holland Zuid: met een warme aansluiting op provinciale, landelijke en Europese ontwikkelingen. En daar profiteert ook de regio van.

•

We vormen gelegenheidsallianties met partners binnen en buiten de regio. Partners die een gezamenlijke noodzaak of ambitie voelen op één van de voorliggende opgaven en met wie we deze opgave in gezamenlijkheid met meer kwaliteit, investeringskracht en/of draagvlak kunnen oppakken en uitvoeren.

Als college hebben we onze leidende rol opgepakt door belangrijke doelen uit de Groeiagenda Drechtsteden 2030 voor Dordrecht te concretiseren, bijvoorbeeld met de inzet op de bouw van 10.000 woningen (van de 25.000 in de regio), zoals eerder beschreven in het leidende principe Dordrecht Groeit. Maar ook ten aanzien van de pijlers werk (4.000 banen), bereikbaarheid (lobby en investeringen in het OV) en de energietransitie (o.a. het Warmtenet en zonneparken) hebben we een leidende rol genomen. Toonaangevend zijn we als gemeente en stad daarnaast niet alleen Drechtstedelijk, maar ook (inter)nationaal als het gaat om klimaatadaptatie en waterveiligheid. Thema’s die ons eiland in de rivierdelta juist zo kenmerken en van groot belang

Perspectiefnota 2020

zijn voor de toekomst van de stad. Wonen in een huis met natte voeten vindt immers niemand leuk, zoals we al eerder in deze Perspectiefnota beschreven. We zoeken daarom vanuit de opgave Groenblauwe Stad samenwerking met andere gemeenten, de provincie en de Rijksoverheid en hebben zo onder meer door onze City Deal Klimaatadaptatie, ambtelijk goed aansluiting gevonden in Den Haag. Zo zitten we in dit netwerk met andere koplopers uit het land aan tafel, ieder met eigen specifieke kennis. We delen informatie en bespreken hoe je bijvoorbeeld het overstromingsrisico in een gebied kunt meenemen in de ruimtelijke afwegingen.

56

Dordrecht Neemt Verantwoordelijkheid voor de toekomst

Herijking samenwerking Gemeenschappelijke Regeling Drechtsteden We hebben ook verantwoordelijkheid voor de toekomst genomen door opdracht te geven om, in afstemming met de andere Drechtsteden gemeenten, onze onderlinge samenwerking te evalueren zoals we die hebben vastgelegd in de Gemeenschappelijke Regeling Drechtsteden (GRD). De samenwerking met onze buurgemeenten heeft ons allen veel gebracht, van kleine informele samenwerking tot de geïnstitutionaliseerde samenwerking binnen de GRD sinds 2006. En waar samenwerking start vanuit het idee elkaar sterker en slagvaardiger te maken, moet je ook met die bril naar de samenwerking durven blijven kijken als dit uitgangspunt niet altijd meer lijkt op te gaan. We hebben dan ook afgesproken dat nadrukkelijk de inhoudelijke opgaven en de te behalen resultaten voor ons leidend zijn in de vormgeving van onze samenwerkingsrelaties. In het daarop door adviesbureau Berenschot in 2018 uitgebrachte rapport Verstandig Versterken, luidde de conclusie dat er onvoldoende slagkracht is op verschillende schaalniveaus om de sociaal-economische status van de inwoners van Dordrecht en de andere Drechtsteden te verbeteren. Waar samenwerking op Drechtstedenniveau wel waarde levert op bijvoorbeeld het gebied van gezamenlijke bedrijfsvoering, is anderzijds sprake van een te grote fundamentele disbalans in het ruimtelijkeeconomische terrein.

Het zoeken naar continue overeenstemming en dito overleg

tussen de Drechtsteden gemeenten, heeft er namelijk voor gezorgd dat de balans in de samenwerking is doorgeslagen naar (informele) legitimiteit boven doeltreffendheid4. Het gevolg hiervan is dat er slechts in beperkte mate waarde-creatie heeft plaatsgevonden binnen het ruimtelijkeconomisch domein, waarvan met name Dordrecht en Zwijndrecht hinder hebben ondervonden. Van “one-size-fits-all” naar flexibele netwerksamenwerkingen Naar aanleiding van het advies uit het rapport voor herinrichting van het regionaal arrangement, om daarmee slagkracht te vergroten en de opgaven te kunnen realiseren, hebben we de ruimtelijkeconomische agenda weer lokaal belegd bij de gemeenten. Door de uitvoering op deze wijze (meervoudig) lokaal te beleggen bij de zeven Drechtsteden gemeenten, kan gerichter aan specifieke thema’s worden gewerkt, zoals; wonen, werken, mobiliteit en de energietransitie. We kiezen dus voor een flexibele netwerksamenwerking in wisselende coalities in plaats van “one-size-fits-all”. Zo gaan we samenwerkingen aan waar deze het meest logisch en urgent zijn. De ontvlechting uit de bevoegdheid en financiën van de GRD is inmiddels in gang gezet, waarbij de uitvoeringsorganisatie per 2020 is ondergebracht bij de gemeente Dordrecht. En de ontvlechting werkt.

Zo hebben we samen met gemeente Zwijndrecht en de provincie Zuid-Holland een ambitiedocument opgesteld voor de Spoorzone en werken we hard aan het creëren van nieuwe woningen en banen in deze 7,5 km lange zone.

Een plek waar veel van onze groeiambities -en daarmee dus ook van de regionale Groeiagenda- de komende jaren zullen worden gerealiseerd. Daarnaast is de recent gesloten Regiodeal met het Rijk een goed voorbeeld van het slagvaardiger kunnen opereren. Samen met de regionale uitvoeringsorganisatie hebben wij veel inzet gepleegd op het indienen van een goede propositie. Dit heeft geleid tot een Regiodeal van €22,5 miljoen, geld dat we als regio van het Rijk krijgen om in te zetten op projecten gericht op de thema’s: innovatie, onderwijs & arbeidsmarkt en de ontwikkeling van rivieroevers. Medio 2020 heeft een concrete vertaalslag geleid tot afspraken met zes ministeries, waarbij voor Dordrecht belangrijke ontwikkelingen zoals de Dordrecht Academy en de Maakfabriek mede worden bekostigd door financiering uit deze Regiodeal. Herijking samenwerking in het Sociaal Domein Ook in het sociaal domein is de door Berenschot (2018) de gesignaleerde behoefte aan flexibiliteit, maatwerk en integrale sturing vanaf eind 2019 toegenomen door oplopende financiële tekorten en een toegenomen vraag naar zorg. We werken daarom in 2020 aan het anders inrichten van de sturingsrelaties en aan een hernieuwde balans in de onderlinge solidariteit binnen de Drechtsteden.

Wij hebben daarom op verzoek van de Raad (motie Samenwerking in de Drechtsteden) het initiatief genomen om in gesprek met andere gemeenten de grotere onderliggende samenwerkingsvraagstukken

op te pakken. Deze thema’s zoals maatwerk, governance, cultuur en structuur, verkennen we met elkaar en we werken toe naar een model waarmee we een flexibele en effectieve regionale samenwerking kunnen aangaan die past bij de opgaven en de tijdgeest. Meerder conferenties met alle colleges van B&W van de Drechtsteden gemeenten zijn daarop al gehouden, waarbij de noodzaak tot doorontwikkeling gezamenlijk is onderkend. Vanuit de filosofie dat de samenwerkingsvorm de inhoudelijke opgave volgt, wordt dan ook gewerkt aan een gezamenlijke voorkeursvariant die past binnen de door de Dordtse raad meegeven bandbreedte en die kan worden voorgelegd aan de raden. In gesprek met burgemeester Wouter Kolff (onder meer Integrale Veiligheid, Bestuurlijke Betrekkingen en Regionale Zaken) bespreken we nader wat er tot nu toe goed gaat in relatie tot het leidende principe Dordrecht Neemt Verantwoordelijkheid voor de toekomst, wat er belangrijk en bereikt is en waar de uitdagingen liggen.

4) Uit “Hoofdconclusie 2.1”, pagina 10 van het rapport Verstandig Versterken

57

Perspectiefnota 2020

58

Dordrecht Neemt Verantwoordelijkheid voor de toekomst

“Dordrecht is een stad van kansen, voor inwoners én ondernemers. Een stad waarin iedereen prettig moet kunnen wonen, een stad met een goed en eerlijk ondernemersklimaat en vooral ook een stad waar mensen zich veilig moeten voelen. Veiligheid en leefbaarheid zijn dan ook speerpunten en onvoorwaardelijke randvoorwaarden voor de groei van de stad. Dit is ook het fundament voor een aantrekkelijke, veerkrachtige en weerbare samenleving. We zetten dan ook blijvend in op het aanpakken van ondermijning, ernstige overlast en cybercrime. Zeker ook voor de groei die we als stad de komende jaren zullen gaan maken, moeten we zorgen dat de zaken op orde zijn en sociale stabiliteit is gewaarborgd. Onze aanpak hierop hebben we voor de komende jaren vastgelegd in het Integrale Veiligheidsplan, waarbij we actieve betrokkenheid, buurtpreventie en participatie van inwoners stimuleren. Ook in de regio zijn we samen met de Drechtsteden gemeenten bezig om zaken op orde brengen, om zo gezamenlijk de regionale Groeiagenda te kunnen realiseren. Te lang leverde de oude samenwerking binnen de Gemeenschappelijke Regeling Drechtsteden namelijk mooie woorden op, maar te weinig daden. We hebben daarom bureau Berenschot ons samenwerkingsverband laten onderzoeken, waaruit bleek dat er veel goed gaat maar ook veel beter kon.

Als regio bleek dat we vooral op het ruimtelijk-economisch gebied wel plannen maakten, maar de uitvoering daar nogal bij achterbleef. Het verlengde Drechtstedenbestuur zoals dit was georganiseerd, zorgde daarbij voor verwarrend eigenaarschap. Omdat we nu de ruimtelijk-economisch taken uit de GRD hebben gehaald en weer zijn belegd bij de gemeenten, zijn we beter in staat om samen te werken in gelegenheidscoalities. We blijven dus zeker wel samenwerken maar nu beter gericht op thema’s zoals wonen, economie, bereikbaarheid, duurzaamheid en energie. Zo kiezen we voor flexibele netwerksamenwerking en laten het “onesize-fits-all” paradigma los. We hoeven dus niet alles altijd met iedereen te doen; de samenwerking tussen Dordrecht en Zwijndrecht op gebied van de Spoorzone is daarvan een mooi voorbeeld. Het gaat ons dus niet zozeer om mooie bestuursmodellen als deze niet bijdragen aan de realisatie van maatschappelijke opgaven. We zijn als gemeente scherper geworden op wat we willen bereiken, waar we waarde willen toevoegen en hoe we de inhoud daarbij voorop kunnen zetten. Ik ben er trots op dat we deze verandering met elkaar hebben kunnen inzetten”.

59

Perspectiefnota 2020

60

Rode draden

Rode draden: Doen we de dingen goed? De centrale vraag in deze Perspectiefnota luidt: doen we de dingen goed? Op hoofdlijnen kunnen we concluderen dat de ingezette koers op stoom is en veel zaken goed gaan, zoals we hiervoor in de leidende principes hebben kunnen constateren. Op de vele verschillende beleidsterreinen wordt samen met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties aan een toekomstbestendige en sociaal-economisch sterkere stad gebouwd. Er zijn ook verbeterpunten: we kunnen meer bereiken als we de opgaven nog meer verbinden en soms slagvaardiger opereren. Verder zijn omgevingsfactoren soms van invloed op de snelheid van uitvoering, zoals we bij de woningbouw opgave hebben moeten constateren en heeft ook de coronacrisis een soms nog ongewisse impact op het behalen van de doelen. Desalniettemin is de stad in beweging en houden we als gemeente koers. Dordrecht in beweging Dordrecht wordt steeds aantrekkelijker als woonstad. De verkoop van woningen stijgt, de veiligheid neemt toe en de (binnen)stad is flink levendiger geworden, met meer reuring en evenementen. Helaas hebben we door de coronacrisis de viering van 800 jaar stad dit jaar moeten uitstellen, maar zijn we innovatief en doen wat naar omstandigheden mogelijk is, zoals met onder meer de museumtuinconcerten.

Verder neemt het aantal plekken waar je overdag voor koffie, ontbijt en lunch terecht kunt de laatste jaren toe.

Dordtenaar mee te kunnen laten doen. De samenwerking met de stad is daarbij van groot belang. Bij alle opgaven waar we aan werken hebben we veel geïnvesteerd in samenwerking met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Dit betaalt zich nu uit, er is veel intrinsieke betrokkenheid en samen werken we aan maatschappelijke vraagstukken en brengen verbindingen aan tussen beleid, praktijk en uitvoering. Slagvaardig Bestuur Als centrumstad in de regio hebben we het voortouw genomen om slagvaardig te kunnen opereren. We hebben ons goed gerealiseerd dat we solide en duidelijke samenwerkingsvormen nodig hebben om de groeiambities voor de stad te kunnen realiseren. Daarom ook hebben we in afstemming met de andere Drechtsteden gemeenten, onze onderlinge samenwerking in de GRD geëvalueerd en ingezet op een herijking. Want de samenwerking met onze buurgemeenten heeft iedereen veel gebracht, maar het doel moet altijd boven het middel blijven staan. In flexibele netwerksamenwerkingen zullen we beter in staat zijn om aan de doelen en maatschappelijke opgaven te werken. Ook zoeken we daarvoor vaker partnerschappen op provinciale en landelijke schaal. Voorbeelden hiervan zijn de samenwerking binnen Zuid-Holland met de Metropool Regio Rotterdam Den Haag (MRDH), de stad Rotterdam, de provincie en de Haagse en Leidse regio.

Verder nemen we ook het voortouw in de samenwerking in zuidelijk Zuid-Holland (van Gorinchem tot GoereeOverflakkee), wat naast de inhoudelijke opgaven ook lobbykracht met zich meebrengt. Impact van de Covid-19 pandemie De Covid-19 pandemie –ofwel het coronavirus- brengen een volksgezondheids-, economische én sociaal-maatschappelijke crisis met zich mee. Dit heeft directe gevolgen voor de toekomst van mensen en raakt uiteraard ook het gemeentelijk beleid. De zorg en inzet voor de kwetsbare inwoners en bedrijven vragen veel van ons en onze organisatie.

De inzet op innovatie, nieuwe bedrijvigheid en nieuwe ontwikkellocaties maakt een belangrijk onderdeel uit van het regionale en stedelijke beleid. De Dordrecht Academy, de campusontwikkelingen op het Leerpark en de initiatieven vanuit het bedrijfsleven en de onderwijsinstellingen versterken het innovatieve klimaat van de stad. Ook de duurzaamheidsopgave is daarnaast letterlijk zichtbaar. Een groot aantal woningen is en wordt aangesloten op het warmtenet en verder zorgen ook zonnepanelen, laadpalen, elektrische auto’s en verbeterde fietspaden letterlijk voor een fysiek zichtbare verandering. Op het gebied van een zorgzame stad krijgen gezinnen met een complexe problematiek een gerichte aanpak, en samen met partners doen we er alles aan om de (hulp) behoevende

61

Perspectiefnota 2020

62

Rode draden

De economische crisis –nu nog niet altijd voelbaar- kan de nationale en regionale economie gaan ontwrichten. De kwetsbaarste ondernemers en groepen inwoners worden hierbij het hardst geraakt. Het is op dit moment nog moeilijk om te duiden wat de uiteindelijke impact van de coronacrisis op de stad en de regio zullen zijn, maar wel zien we dat grofweg 80% van de branches door de crisis wordt geraakt. Ook op de gemeentelijke financiën heeft de coronacrisis impact. Waar de financiën net als in veel andere gemeenten al onder druk stond, zorgen de extra uitgaven en terugvallende inkomsten voor een vergroting van deze druk. Op Koers De ambities en doelen uit het coalitieakkoord hebben we geconcretiseerd en uitgewerkt in uitvoeringsplannen, en zijn voor een groot deel in uitvoering. Voor een aantal opgaven is de oorspronkelijke planning vanwege omgevingsfactoren echter niet volledig haalbaar. Een voorbeeld hiervan is de geplande woningbouwopgave. De planvoorraad van de eerste 2.000 woningen die gebouwd kunnen worden hadden we binnen twee jaar willen realiseren. De daadwerkelijke bouw duurt echter langer dan we vooraf hadden geprognotiseerd, want in de weerbarstige praktijk blijkt dat het tot drie jaar kan duren in verband met verkoop- en bouwtijd.

Ondanks dat we het plan- en besluitvormingsproces 60% sneller hebben gemaakt dan gemiddeld in Nederland, zullen er in 2022 dus nog geen 4.000 nieuwe woningen volledig staan, maar zijn zij deels gerealiseerd en deels in aanbouw. Verbeterpunten Het is nodig om de koers die is ingeslagen met de leidende principes vast te houden en hiervoor de beschikbare capaciteit en middelen in te blijven zetten. Bijstellingen door externe omgevingsfactoren (zoals Rijksbeleid in verband met de Coronacrisis) zijn soms nodig en een nieuw Rijks regeerakkoord kan hier volgend jaar mogelijk meer duidelijkheid op geven. In 2022 -aan het einde van deze raadsperiode- staan we echter nog steeds relatief aan het begin van de Groeiagenda Dordrecht 2030. Het blijven inzetten en werken aan de uitgestippelde koers is daarbij onze insteek. We zien wel verbeterpunten in het nog slagvaardiger kunnen opereren door organisatie en bestuur, door nog meer verbindingen en synergie aan te brengen in de plannen en uitvoering. Ook het meer sturen op agenda’s van anderen in de regio, provincie, Rijk en Europa biedt extra kansen zoals we met de Regiodeal hebben gezien. We willen daarom meer strategischer opereren en agenda zettend zijn. De komende twee jaar gaan we deze verbeteringen aanbrengen.

63

Perspectiefnota 2020

64

Trends en ontwikkelingen

Trends en ontwikkelingen van impact op de Stad Op basis van landelijke rapporten en (lokale) analyses5 nemen we u mee in de trends en ontwikkelingen om ons heen. Op basis hiervan en de tussenstand van het coalitieakkoord, schetsten we een perspectief van trends en ontwikkelingen die de stad raken, voor overweging in toekomstige keuzes. 1. Demografische trends en ontwikkelingen De Nederlandse bevolking -bijna 17,5 miljoen mensen groot- groeit de komende drie decennia naar verwachting door, maar wel in een lager tempo dan dit afgelopen decennia is gebeurd. Deze groei slaat vooral neer in de Randstad. Het aandeel AOW-gerechtigden in de bevolking neemt overal toe. Het aantal hoogbejaarden (85-plus) loopt sterk op in de toekomst en vooral in de grote steden. Het aantal mensen op de werkzame leeftijden groeit eerst nog licht (samenhangend met het opschuiven van de AOW-gerechtigde leeftijd), maar gaat na 2030 toch dalen. Het aandeel mensen in de werkzame leeftijden op de totale bevolking neemt echter overal af. Het aantal huishoudens blijft verder groeien. Hierdoor is er tot 2035 extra woonruimte nodig voor driekwart miljoen huishoudens. Deze toename van het aantal huishoudens geldt voor bijna elke regio.

De demografische dynamiek in Dordrecht volgt bovenstaande trend en laat daarmee een groei van het aantal inwoners zien, al is deze groei relatief laag ten opzichte van andere steden in de Randstad. Voor de komende jaren tot 2030 wordt een lichte bevolkingsgroei verwacht tussen de 2,5 en 5%. De bevolkingskrimp die zich vanaf 2003-2005 langzaam aandiende (het laatste jaar dat er meer dan 120.000 inwoners in de stad waren geregistreerd) lijkt daarmee structureel te zijn gekeerd. Na twee opeenvolgende jaren van groei is het de verwachting dat deze grens van 120.000 inwoners eind 2020 weer wordt gepasseerd en daarna doorzet. Een dergelijke groei is voor het laatst waargenomen in de jaren ‘90 van de

vorige eeuw, toen de bevolking gemiddeld met duizend inwoners per jaar steeg (van 109.000 inwoners in 1990 naar 120.000 inwoners in 2001). Het gezinsaandeel in de huishoudens in Dordrecht is daarbij bovengemiddeld met vergelijkbare gemeenten. 2. Sociale trends en ontwikkelingen De verwachting is dat binnen steden de welvaart zich in verschillende snelheden voltrekt; in sommige wijken van steden tekenen zich echter concentraties af van kwetsbare bewoners, waaronder minder zelfredzame ouderen en mensen met psychische beperkingen. In combinatie met een toenemende culturele diversiteit, verminderen hierdoor de sociale samenhang en het onderlinge vertrouwen in deze wijken. Ook zijn er bewonersgroepen die negatieve effecten ervaren van globalisering, technologische ontwikkelingen en flexibilisering van de arbeidsmarkt. Dit vergroot de kloof tussen wel én niet kwetsbare groepen, met risico op sociale uitsluiting en eenzaamheid. Burgers maken zich daarnaast ook zorgen over hun bestaanszekerheid; de zorgpremie stijgt, de btw is omhooggegaan, wonen wordt steeds duurder, pensioenen staan onder druk en er komen kosten aan voor de energietransitie. Verder zijn sinds 1 januari 2015 de gemeenten verantwoordelijk voor een groot aantal decentralisaties in het sociaal domein, die van het Rijk naar gemeenten zijn belegd.

Dit heeft betrekking op mensen en groepen die terug moeten vallen op (tijdelijke) ondersteuning om het hoofd boven water te houden via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), maar ook voor de participatie van mensen met afstand tot de arbeidsmarkt (de Participatiewet) én voor de Jeugdzorg. Gemeenten staan nu op het punt van transitie van deze decentralisaties naar transformatie. Het gaat daarbij om het verhogen van participatie, het inrichten van integraal en samenhangend beleid en uitvoering, en een verschuiving van de tweede- naar de eerstelijnszorg: het versterken van de eigen kracht en zelfredzaamheid en het normaliseren van de zorgvraag. Deze (noodzakelijke) cultuuromslag heeft betrekking op alle spelers in het sociale domein, van gemeenten (bestuurders en het ambtelijk apparaat), maatschappelijke organisaties en professionals en inwoner- en cliëntenorganisaties. Bij de transformaties is het perspectief van de burger leidend. De trend zal hierin verschuiven van aanbodsturing naar vraagsturing, van curatieve zorg naar preventief. Van te laat en dus vaak heel zware zorg, naar vroegtijdig en vaak nog wat lichter. Van minder intramuraal naar vaker en langer zorg aan huis. Van alleen professionele zorg, ook naar zorgen voor elkaar. Mede door de complexiteit van het zorgdomen, zal dit een grote opgave voor gemeenten worden.

5) Zie bijlage voor bronvermelding.

65

Perspectiefnota 2020

66

Trends en ontwikkelingen

Voor Dordrecht geldt daarnaast dat de sociaal-economische positie van de stad zich onder het landelijk gemiddelde bevindt. Met een 42ste plaats in de Atlas voor 50 grootste Gemeenten in 2019. Dit is in historisch perspectief een relatief stabiele plek, vergelijkbaar met de laatste tien jaar. Vooral het groter dan gemiddelde aandeel in laagopgeleiden, het relatief grote aandeel bijstandsgerechtigden (een kleiner aandeel dan de grote steden Rotterdam en Den Haag, maar wél hoger ten opzichte van vergelijkbare steden als Delft, Gouda en Breda) en een kleiner dan gemiddeld aandeel inwoners in de beroepsbevolking, verklaren deze plek. Voor het welzijnsniveau is dit anders, over het algemeen voelen inwoners zich goed en wonen zij graag in Dordrecht. De woonaantrekkelijkheid in de stad wordt goed gewaardeerd (plaats 15 van de 50 in 2019), er zijn veel voorzieningen en het gevoel van veiligheid is gemiddeld aan andere middelgrote steden. Het aantal inwoners dat afhankelijk is van zorg, met betrekking tot een Wmo-arrangement, is in Dordrecht ook gemiddeld ten opzichte van vergelijkbare gemeenten. Het aandeel jongeren in de jeugdzorg is echter groot. Naast het beheersen van de budgettaire groei van de zorgkosten, staan gemeenten voor de opgave om de zorg in wijk, buurt en kern goed, en met de menselijke maat te organiseren.

Vooral voor de sterk groeiende groep zorgbehoeftige ouderen, de meest kwetsbare inwoners en voor mensen met chronische aandoeningen. De druk op mantelzorgers zal daarbij toenemen en hun aantal op termijn afnemen.

3. Economische trends en ontwikkelingen De economie verandert. Enerzijds doordat het speelveld verandert door internationalisering, ingrijpende technologische ontwikkelingen en disruptieve nieuwe economische organisatievormen zoals Airbnb, Uber, etc. Anderzijds ook omdat we ons anders organiseren en anders zijn gaan werken, denk aan meer flexibele contracten, meer zzp’ers, tijd- en plaats onafhankelijk werken, hybride banen en functiemenging. Daarbij heeft de uitbraak van de Covid-19 pandemie dit voorjaar geleid tot een versterking van deze andere manieren van werken. Nu al werken meer mensen met een kantoorberoep thuis dan ooit tevoren en het is de verwachting dat een (groot) deel van deze thuiswerkers dit ook na de coronacrisis zal blijven doen. De gevolgen van de Covid-19 pandemie voor de economie zijn echter op meerdere vlakken groot. De impact van de uitbraak –mondiaal- en de maatregelen die genomen zijn om de volksgezondheid te beschermen en de druk op de gezondheidszorg te verlichten, raken vele branches in het hart. Vooral de horeca, het toerisme en de evenementenbranches voelen de maatregelen zwaar wegen. De onzekerheid over de duur van de maatregelen en daarmee de economische gevolgen, gaan samen met de mate waarin de Covid-19 pandemie onder controle is. Dit maakt dat economische verwachtingen voor de nabije toekomst met een grote onzekerheid moet worden aanschouwd.

In deze context heeft het Centraal Planbureau (CPB) een groeiverwachting afgegeven van 3,5% voor 2021 en 1,5% tot 2% groei in de jaren daarna. De onzekerheid wordt echter ook gevoed door mondiale ontwikkelingen zoals de Brexit, handelsconflicten tussen de VS en onder meer China en economische spanningen binnen de EU. 4 . Technologische trends en ontwikkelingen Ontwikkelingen op het gebied van technologie beïnvloeden producten, diensten, sectoren én de stad ingrijpend. De komende jaren zal sprake zijn van een versnelling in de technologische ontwikkeling en zullen innovaties tot stand komen op het snijvlak van meerdere kennisgebieden zoals de nanotechnologie, biotechnologie, informatietechnologie en cognitieve wetenschappen. De fysieke wereld wordt daarbij één groot communicatiesysteem dat zorgt voor koppeling tussen digitale diensten en producten, denk hierbij onder andere aan de mogelijkheden van 5G. Digitalisering heeft veel te bieden, maar maakt de samenleving ook complexer. Privacy en identiteitsfraude vragen hierin bijvoorbeeld publieke aandacht. Verschillen worden ook groter tussen wie wel en wie niet digitaal kundig zijn. Voorbeelden van technologische trends die de samenleving beïnvloeden zijn: 3D-printing, machine learning, voorspellingen met algoritmen, robotisering, virtual reality, kunstmatige intelligentie, internet of things, blockchain en zelfrijdende auto’s.

Deze trends zullen onze omgeving de komende jaren in hoog tempo doen veranderen. Via kunstmatige intelligentie kan -mits gericht toegepast(deels) menselijke arbeid bijvoorbeeld worden overgenomen en zelfstandig vliegende drones zullen het straatbeeld doen veranderen.

67

Perspectiefnota 2020

68

Trends en ontwikkelingen

Op mondiaal gebied is tevens een data gedreven economie ontstaan, door het toepassen van algoritmes (denk aan gebruik van sociale media) en technologieën zoals sensoren. De bewerking en verwerking van deze data vormt de basis voor veel nieuwe bedrijvigheid en nieuwe spelers op de markt, dit speelt met name op drie punten: Bestuur: voor overheden en andere organisaties gaat het allang niet meer om informatie- en communicatietechnologie (ICT) alléén. Door combinatie van technologieën ontstaan in hoog tempo nieuwe mogelijkheden en daardoor nieuwe maatschappelijke vragen, bijvoorbeeld op het gebied van regulering en van privacy. Tegelijkertijd helpen digitale middelen en data ons maatschappelijke vraagstukken op een innovatieve manier aan te pakken. Mobiliteit: slimme mobiliteit, toegenomen connectiviteit en data-uitwisseling gaan zorgen voor nieuwe dienstverleningsconcepten in de mobiliteit en voor efficiënter weg-, wateren spoorgebruik voor goederen- en personenvervoer en mogelijk voor minder aanleg en uitbreiding van wegen. Economie en Arbeidsmarkt: Het wegvallen van functies door digitalisering en het ontstaan van nieuwe functies (vooral Mbo+ niveau) zal impact hebben op de arbeidsmarkt.

Tevens wordt er in het land en ook in Dordrecht gewerkt aan de verbetering van de beschikbare infrastructuur (5G, glasvezel), waardoor steeds meer initiatieven zullen ontstaan op het gebied van digitalisering met economische ontplooiing tot gevolg. In het midden van deze technologische wervelstorm proberen inwoners zich staande te houden en grip te krijgen op de ontwikkelingen. Niet iedereen wil of kan met dezelfde adoptiesnelheid mee. Het goede nieuws is dat de mensheid als collectief wendbaar is en de kansen van technologie sneller bereid is om aan te nemen. Dit draagt echter niet automatisch bij aan maatschappelijke doelen zoals duurzaamheid, solidariteit, inclusiviteit en goede omgangsvormen. Zo is – als praktische voorbeeld – voor het gebruik van smartphones tijdens vergaderingen de etiquette nog niet uitontwikkeld en is het gebruik ervan in de auto bijna niet tegen te gaan, dit vraagt in de toekomst om gerichte handelingswijze van overheden.

In lijn met de demografische en sociale ontwikkelingen (lees: vergrijzing en het langer thuis blijven wonen) zal ook rekening moeten worden gehouden met een passend woonaanbod voor deze steeds groter wordende groep. Dit is tevens van belang voor de doorstroming in de woningmarkt van andere groepen, zodat ouderen hun te grote gezinswoning (koop en huur) op den duur kunnen verruilen voor een kleinere woning of appartement. Jonge (aanstaande) gezinnen kunnen zo doorgroeien en maken weer ruimte vrij voor starters. Maar ook andere factoren spelen mee in een veranderende woningmarkt. De duurzaamheidsopgave en het realiseren van een meer circulaire economie maken meer integrale gebiedsontwikkelingen en transformaties bijvoorbeeld wenselijk. Maar ook ontstaat er meer behoefte aan functiemenging tussen wonen, werken en recreatieve voorzieningen. En stijgt de waardering voor het behoud van industrieel erfgoed en historische gebiedsidentiteiten. Met betrekking tot mobiliteit is de verwachting dat het autogebruik globaal gezien zal toenemen en het gebruik van openbaar busvervoer zal dalen. Het gebruik van treinverkeer neemt naar verwachting echter wel toe, doordat er meer treindiensten zullen zijn. Steeds meer eist ook de (elektrische) fiets haar plek op in stad en regio. Dit heeft gevolgen voor de infrastructuur, verkeersveiligheid en de openbare ruimte.

5. Ruimtelijke trends en ontwikkelingen De economische en sociale verschillen tussen regio’s en steden nemen toe. Voor een groot gedeelte komt dit door de (beperkte) beschikbaarheid aan woningen. De betaalbaarheid en beschikbaarheid van het wonen komt de komende jaren verder onder druk te staan. De kloof tussen huur en koop wordt groter, en de betaalbaarheid wordt problematisch voor specifieke groepen: tussen zittende en toekomstige bewoners, zowel in de huur- als de koopsector, en tussen gebieden met een krappe en ruime woningmarkt. Ook in Dordrecht is deze trend gaande, de verkoopprijs van woningen steeg de laatste jaren sterk –net als overal in de Randstad- en het aanbod van woningen nam af.

69

Perspectiefnota 2020

70

Trends en ontwikkelingen

6. Duurzame trends en ontwikkelingen De duurzaamheidsopgaven en de daarmee samenhangende ingrijpende transities vragen om structurele aanpassingen: anders werken, consumeren, verplaatsen, energie gebruiken en recreëren. De transitie naar een duurzame economie en samenleving is een ingrijpende opgave. Om de opwarming van de aarde te beperken tot maximaal twee graden Celsius moeten de emissies van broeikasgassen in 2050 met 80 tot 95 procent dalen ten opzichte van de uitstoot in 1990. Dé grote opgave hierin is met name de ruimtelijke inpassing van de energie- en duurzaamheidstransitie. De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) verwacht dat de vier duurzaamheidsopgaven op regionaal niveau steeds meer inhoudelijk met elkaar moeten gaan samenhangen, te weten: de energietransitie, de voedseltransitie, transitie naar een circulaire economie en klimaatadaptatie. In Dordrecht streven we naar een energieneutrale stad in 2050. We houden daarbij het perspectief op de landelijke tussendoelstelling voor 2030. Door nu spijtvrije stappen te zetten op weg naar het eerste tussendoel, 49% CO2 reductie, dragen we bij aan het behalen van dat doel en laten we ruimte voor innovatie en ontwikkeling. 7 . Veiligheidstrends en ontwikkelingen Veiligheid, criminaliteit, overlast en gevoelens van onveiligheid zijn op landelijke schaal belangrijke thema’s.

Andere trends en ontwikkelingen (demografie, internationalisering, migratie, economie en technologie) beïnvloeden het gevoel van veiligheid daarop in belangrijke mate. Veiligheid is daarom een breed begrip en heeft betrekking op allerlei vormen van onveiligheid, zoals criminaliteit, fraude, ondermijning, verkeersveiligheid, de aanpak van radicalisering en overlast in de leefomgeving. Om de trends en ontwikkelingen in veiligheidsbeleving van inwoners te meten worden zij op allerlei wijze geregistreerd. Bijvoorbeeld via de geregistreerde criminaliteit door de politie of door middel van enquêtes over slachtofferschap en (on)veiligheidsgevoelens. Sinds 2005 vertonen belangrijke indicatoren rond criminaliteit en onveiligheid een dalende trend. Landelijk gezien daalt het percentage van de bevolking dat zich wel eens onveilig voelt. Het aantal burgers dat slachtoffer wordt van één of meerdere delicten (straatroof, inbraak, overvallen, geweld) daalt ook. De daling van criminaliteit verstrekt zich in de samenleving alleen niet gelijkmatig, Er zijn zogenaamde ‘hot offenders’, ‘hot victims‘, ‘hot sectors’ en ‘hot places’ waar bovengemiddeld meer criminaliteit voorkomt. Zo neemt 3% procent van de detailhandelsvestigingen meer dan 50% van het geschatte slachtofferschap voor zijn rekening.

En er zijn in steden wijken en locaties, zoals bedrijventerreinen, waar criminaliteit zich bovengemiddeld voordoet. Ook wordt daarnaast een stijgende trend in cybercriminaliteit gesignaleerd waarvan burgers en ondernemers het slachtoffer zijn.

71

Bovengenoemde trends zijn ook in Dordrecht waar te nemen. De geregistreerde criminaliteit is namelijk over de volle breedte gedaald: overvallen, straatroven en woninginbraken, de zogenaamde High Impact Criminaliteit, zijn de afgelopen jaren met de helft afgenomen. In het Integrale veiligheidsplan (IVP) voor de periode 2019-2022 concentreren we ons daarom op de thema’s die de Dordtenaren het meest frustreren of hun gevoel voor veiligheid aantasten. 8. Bestuurlijke trends en ontwikkelingen Er vindt een ontwikkeling plaats naar de nieuwe sturingsparadigma’s van een ‘samenwerkende’ en ‘responsieve’ overheid. In het traditionele sturingsparadigma van een ‘rechtmatige overheid’ staat de overheid boven de andere partijen en stuurt de andere partijen paternalistisch in de politiek gewenste richting. De ‘presterende overheid’ kwam begin deze eeuw op onder de naam van Nieuw Publiek Management en introduceerde aanpakken uit in het bedrijfsleven (resultaten, prestatiecontracten). Bij de ‘samenwerkende overheid’ staat echter netwerksturing centraal. De overheid werkt met andere partijen samen om de maatschappelijke opgaven te realiseren. Dit gebeurt door middel van contracten, Publiek Private Samenwerkingen (PPS-constructies), samenwerkingsafspraken, Triple Helix samenwerkingen en convenanten. De ‘responsieve overheid’ is geïnspireerd op ideeën van de Big Society en burgerparticipatie.

Het gaat uit van een actieve samenleving waarin burgers en andere partijen allerlei initiatieven ontplooien. De overheid speelt daarop in en stuurt door uit te nodigen tot initiatief, door publieke randvoorwaarden te definiëren en door initiatieven binnen kaders te faciliteren en te stimuleren. In Dordrecht en de regio vertaalt dit zich op de nieuwe wijze hoe we in de regio ruimtelijkeconomisch samenwerken (meervoudig lokaal) en hoe we de samenwerking in het sociaal domein organiseren. Ook wij werken als ‘responsieve overheid’ lerende weg met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties gezamenlijk aan de doelen van de stad. Zoals eerder beschreven noemen we dit ‘”Werken volgens de bedoeling” en “Van buiten naar binnen werken”. Sinds de organisatieverandering die in 2017-2018 heeft plaatsgevonden, staat het werken in opgaven daarbij centraal. Zo zijn we steeds beter in staat om sneller en doelgerichter aan maatschappelijke opgaven te werken (volgens de bedoeling). En zetten we niet onze organisatie, maar de doelen en de maatschappij voorop (van buiten naar binnen).

Perspectiefnota 2020

72

Vooruitblik

Vooruitblik: Perspectief voor Dordrecht Vanuit het sturen op de leidende principes staat de maatschappelijke impact en het resultaat centraal. Het gaat ons erom dat het handelen voelbaar en merkbaar is voor de Dordtenaar. Trends en ontwikkelingen die her en der al zichtbaar zijn, leiden tot urgente vragen en benadrukken dat zich nieuwe keuzes gaan aandienen en handelingsperspectief nodig is. Denk bijvoorbeeld aan de detailhandel waar de leegstand toeneemt met het faillissement van weer een winkelketen en de horeca die door coronamaatregelen een moeilijke tijd heeft. Maar denk ook aan de trek van de jongeren en hoger opgeleide beroepsbevolking naar de grotere steden, waar ook de economische dynamiek zich concentreert. Of aan specialistische bedrijven en voorzieningen die via fusies, met hun werkgelegenheid, wegtrekken naar de Rotterdamse regio. Tegelijkertijd zijn we allemaal mobieler geworden, groeien sociaal-culturele verschillen in de samenleving, willen we werken aan een duurzamere samenleving, bieden technologische innovaties nieuwe mogelijkheden en zijn er immer actuele vraagstukken zoals immigratie en polarisatie. Daarnaast verandert de participatiesamenleving ook de verhouding tussen overheid en maatschappij en stelt dit ons, samen met de transformaties op het gebied van zorg, werk en inkomen, soms voor een lastig takenpakket.

Handelingsperspectief Met de groeiambities en de leidende principes die we hebben vastgelegd in het coalitieakkoord, zijn we op weg om de effecten van trends en ontwikkelingen de goede kant op te regisseren. In de nabijheid van Rotterdam en onze ligging in dit economisch kerngebied van Nederland, willen we niet meer ‘in de schaduw van’ opereren, maar zelf een stevige solitaire partner zijn met een krachtige regio. Als stad werken we samen met onze inwoners en bedrijven en spelen in op de uitdagingen en kansen die op ons af komen. De benodigde slag- en organisatiekracht zijn we daarom aan het uitbouwen. Door de leidende principes te blijven hanteren en de koers op Dordrecht 2030 vast te houden en hierbij in te spelen op de kansrijke trends- en ontwikkelingen, streven we naar een vliegwiel om onze doelen te realiseren. Dit vraagt koersvastheid, maar daarbinnen ook flexibiliteit en aanpassingsvermogen om onze gezamenlijke doelen te realiseren.

73

Sturen op verstedelijking: wonen als vliegwiel Voor de komende jaren is de koers uitgezet en het vasthouden hiervan is van belang. Het sturen op onze verstedelijkingsplannen en de groei van de stad wordt steeds meer pregnant. Ook het sturen op het mobiliteitsvraagstuk en de (her)ontwikkeling van de stations Leerpark, Amstelwijck en Dordrecht CS is hierin cruciaal. Deze vervoersknooppunten met hoogwaardige OV-verbindingen zorgen voor een goede aansluitingen op het (inter)nationale net vanuit de Randstad naar België én verstevigd daarmee de aantrekkingskracht van Dordrecht en de regio. Mensen en bedrijven willen zich immers vestigen op goed bereikbare woon- en werklocaties, en een goede koppeling aan een hoogwaardig OV-systeem draagt daaraan dus bij. Sturen op innovatie Dankzij de Regiodeal zijn we bezig met de ontwikkeling van roadmaps voor toegepast innovatie. Consortia van bedrijven profiteren van de nabijheid van andere bedrijven die in dezelfde sector actief zijn. Regionale concentratie van bedrijven in dezelfde sector geeft voordelen, omdat dat bijvoorbeeld bijdraagt aan een gespecialiseerde arbeidsmarkt of gespecialiseerde toeleveranciers. In economische strategieën wordt gesproken over kansen voor kennisspillovers; kennis uit de ene sector wordt succesvol toegepast in andere sectoren.

Dit draagt bij aan het innovatievermogen van de regio, en daarmee ook weer aan regionale veerkracht. Sturen op financiën Voor het jaar 2021 kent de gemeente Dordrecht nog een sluitende begroting. Voor de jaren vanaf 2022 is dit (in relatief beperkte mate) niet meer het geval, net zoals bij veel andere gemeenten in het land. Tegelijk is de periode vanaf 2022 financieel bijzonder onzeker. Denk aan een aantal belangrijke externe financiële onzekerheden zoals de herijking van de Algemene Uitkering per 2022. Maar ook aan wijzigingen in het woonplaatsbeginsel bij de Jeugdzorg, de overgang van een deel van de cliënten onder Beschermd Wonen naar de Rijks gefinancierde WLZ, en ontwikkelingen in de dividendcapaciteit van netwerkbeheerder Stedin. Het belangrijkste is echter de positie die een nieuw kabinet volgend jaar inneemt richting gemeenten; stellen zij gemeenten in staat om samen met het Rijk als één overheid daadwerkelijk anticyclisch te investeren, en bezuinigingen of lastenverhogingen in crisistijd achterwege te laten? In praktische zin betekent dit dat het Rijk minimaal moet besluiten over het al dan niet laten vervallen van de nog steeds oplopende opschalingskorting op de Algemene Uitkering en over structureel voldoende compensatie op de oplopende uitgaven rond Jeugdzorg, WMO en Bijstand.

Maar ook de verruiming van het lokaal belastinggebied behoort tot de mogelijkheden in dit kader.

Perspectiefnota 2020

74

Vooruitblik

Tegelijkertijd kent Dordrecht al jarenlang een aanzienlijke reservepositie. De verhouding tussen eigen en vreemd vermogen is in verhouding zeer gunstig. En met de recente verkoop van de Eneco-aandelen is de reservepositie alleen nog maar meer versterkt. Ook de risico’s op de huidige grondexploitatie-projecten zijn in vergelijking met veel andere gemeenten in Dordrecht beperkt. Bovenstaande geeft de financiële noodzaak aan om de beschikbare incidentele middelen zo veel mogelijk te besteden aan investeringen die de balans tussen structurele inkomsten en uitgaven blijvend versterken. Met onder andere de ambities en middelen vanuit (de reserve) Agenda Dordt 2030 en de reserve dividend compensatie, zullen komende stadsbesturen de plannen tot daadwerkelijke realisatie moeten kunnen brengen. Coronaeffecten en gevolgen van maatregelen De Codvid-19 pandemie heeft allerlei directe en indirecte gevolgen voor inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties in de stad en regio. De omvang van de economische crisis, als het gevolg van de genomen maatregelen om de pandemie in te dammen, is ongewis en de ernst van de economische en maatschappelijke gevolgen zijn dan ook nog moeilijk in te schatten. Wel weten we dat de kosten aan corona gerelateerde maatregelen flink oplopen.

Het gaat dan om bijvoorbeeld handhaving van de coronaregels, maar ook meer werk voor de GGD en steunaanvragen van zelfstandigen via de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo). Verder zorgt de inrichting van noodfondsen, en een groter beroep op de Bijstand, schuldhulpverlening en Wmo, voor extra uitgaven. Niet in de laatste plaats zal het overeind houden van de retail en horeca en de bestaande infrastructuur aan cultuur en evenementen een grote uitdaging vormen.

Tot slot: Groeiagenda Dordrecht 2030 Ondanks de uitdagingen die de Coronacrises met zich meebrengt en de vraagstukken die op korte termijn onze aandacht vragen, is het van groot belang dat we ons vizier blijven richten op de langetermijnagenda voor de stad. Met de Groeiagenda en bijbehorende investeringen streven we na dat onze stad in 2030 een nog betere versie van zichzelf is: een groene, levendige stad die beweegt naar 140.000 inwoners, met een veerkrachtige bevolking en een hoger welvaartsniveau, die sociaal-economisch in balans is. Daarbij hebben we onze unieke positie langs de weg, het water en het spoor maximaal benut. Als gevolg daarvan hebben logistieke bedrijven zich in Dordrecht en de Drechtsteden gevestigd en is de bedrijvigheid in de zakelijke en financiële dienstverlening, maakindustrie, toerisme en recreatie, fors toegenomen. Het aanbod van werk op beroepsgerichte en hoger opgeleiden heeft ook de aandacht getrokken van HBO’s die hier specifieke opleidingen zijn gestart. In 2030 is Dordrecht met haar topklinisch ziekenhuis een belangrijk speler in de gezondheidszorg. De groei van de stad en de verbondenheid met de metropoolregio biedt ondernemers en inwoners volop kansen op werk. Meer werk betekent ook minder armoede, minder laaggeletterdheid en minder eenzaamheid.

Dordrecht is in 2030 een stad waar inwoners voor zichzelf een positief toekomstperspectief zien, waar meer mensen méédoen en in staat zijn om goed met fysieke, emotionele en sociale uitdagingen in het leven om te gaan. Kortom: De komende tien jaar staan in het teken van groei. Groei van de stad én van het welzijn van haar inwoners.

Vanaf het begin van de pandemie hebben Rijk en medeoverheden echter als één overheid opgetreden om het coronavirus en de economische en sociale gevolgen hiervan te bestrijden. Het kabinet blijft tot op heden de boodschap herhalen dat de rekening van de nationaal genomen crisismaatregelen ook nationaal betaald moet worden. De financiële situatie van gemeenten mag door deze crisis niet (verder) verslechteren. De komende periode zal blijken of het Rijk inderdaad alle extra kosten of gemiste opbrengsten van gemeenten gaat vergoeden. In het sociaal domein blijven de (financiële) risico’s op met name de Jeugdzorg en de WMO aanzienlijk; hiervoor reserveren wij dan ook een deel van ons weerstandsvermogen. Mede via de VNG blijven wij bij het Rijk aandacht vragen voor een reële tegemoetkoming voor de toenemende kosten in het sociaal domein. Daarnaast zullen wij via de VNG en G40 bij het Rijk druk blijven zetten op volledige compensatie van de kosten en gederfde inkomsten als gevolg van de coronacrisis. In algemene zin streven wij naar gezonde financiële verhoudingen tussen Rijk en gemeenten, onder meer via verruiming en herijking van het gemeentefonds.

75

Perspectiefnota 2020

76

Bijlage: bronnen trends en ontwikkelingen Atlas voor Gemeenten Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) Centraal Planbureau (CPB) Gemeente Dordrecht Onderzoekscentrum Drechtsteden (OCD) Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) Platform 31 Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur (Rli) Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) Waarstaatjegemeente.nl

77

Perspectiefnota 2020

78

Perspectiefnota 2020 Uitgave Gemeente Dordrecht, oktober 2020 Vormgeving Impuls. - Grafisch ontwerpbureau impulsontwerpt.nl Fotografie Gemeente Dordrecht, e.a.

79

Perspectiefnota 2020

80

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/217/documents/6977