CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen Commissie Fysieke Leefomgeving 14 december 2021 - getekend.pdf

Commissie Fysieke Leefomgeving Dordrecht 14 december 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 31: Vastgestelde Besluitenlijst en Notulen Commissie Fysieke Leefomgeving27.915 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE COMMISSIE FYSIEKE LEEFOMGEVING DORDRECHT D.D. 14 DECEMBER 2021

Voorzitter: dhr. Soy Commissiegriffier: dhr. Den Boer Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Chapel (CDA) Dhr. Gundogdu (Beter Voor Dordt) Dhr. Hartog (PVV) Mevr. Jager (Fractie Jager) Dhr. Jansen (PvdA) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Dhr. Kuhlmann (VVD) Dhr. Tabak (D66) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Dhr. Nederhof (Beter voor Dordt) Dhr. Noldus (VVD) Dhr. Oostenrijk (CDA) Dhr. Soy (Beter Voor Dordt) Dhr. Stolk (VSP) Dhr. Struijk (CU/SGP) Portefeuillehouders: wethouder R. van der Linden

1. Opening, mededelingen en vaststellen agenda De voorzitter: Goedenavond, dames en heren. Welkom bij de vergadering van de connmissie fysiek van 14 december 2021. Voordat ik begin wil ik de griffier even vragen om alle namen van de mensen die momenteel aan de vergadering deelnemen op te noemen, zodat we dat voor het verslag kunnen vastleggen. Mark, zou je dat willen doen? De heer Den Boer: Ja, goedenavond. In de vergadering zijn aanwezig mijnheer Kuhlmann van de VVD, mijnheer Tabak van D66, mijnheer Hartog van de PVV, mijnheer Chapel van het CDA, mijnheer Van der Meer van GroenLinks, mijnheer Nederhof van Beter voor Dordt, mijnheer Kleinpaste van Gewoon Dordt, mijnheer GOndogdu van Fractie Nijhof, mevrouw Jager van de Fractie Jager, mijnheer Jansen van de Partij van de Arbeid, mijnheer Struijk van de ChristenUnie/SGP, mijnheer Stolk van de VSP, mijnheer Noldus van de VVD, mijnheer Soy is de voorzitter vanavond, en als laatste mijnheer Oostenrijk van het CDA. De voorzitter: Ja, dank u wet, Mark. Inderdaad, mijn naam is Osman Soy, ik ben voor vanavond jullie voorzitter. Wat ik at zei: de commissie fysieke leefomgeving van 14

1

december 2021. De agenda. Er is vooraf een agenda bekendgemaakt. Kan de commissie instemmen met de agenda zoals deze nu voorligt? Ik zie niks verschijnen, daar ga ik dan vanuit. Mededelingen. Er zijn vooraf geen mededelingen aangemeld. Is er nog iennand die vanuit de commissie of het college een mededeling wil doen? Ik kijk even in de chat. Als dat het geval is, graag dat soort reacties via de chat, dan krijgt u van mu j het woord. Ik zie niks binnenkomen.

3. Vragen aan het College De voorzitter: Dan komen we bij agendapunt 3, vragen aan het college. De heren Struijk, ChristenUnie/SGP, en mijnheer Kleinpaste van Gewoon Dordt hebben vragen aangemeld over het plan van Rijkswaterstaat om het Wantijpark deels onder water te zetten. Het woord is allereerst aan mijnheer Struijk, daarna kan mijnheer Kleinpaste aanvullen. Ik wit er wel even bij opmerken, normaliter betreft dit de portefeuille van portefeuillehouder Marko Stam, nnaar wethouder Stam die zit momenteel in de commissie sociaal. Dus wellicht dat een ander collegelid de vragen kan beantwoorden. En anders dan kijken we wel even of het nnisschien later op de avond. Maar gaat uw gang, mijnheer Struijk. De heer Struijk: Dank u wel, voorzitter. In diverse media was de afgelopen dagen te lezen dat Rijkswaterstaat plannen heeft om naast de Heil- en Zuiderpolder ook een deel van het Wantijpark onder water te zetten voor meer getijdenatuur. Als gevolg hiervan zullen tientallen oude bonnen gekapt moeten worden, onder andere in het deel van het park waar de gemeente begin dit jaar de bijna honderd jaar oude populier van kap wist te redden. Boombeheerders zijn begrijpelijk volslagen verrast, net als de bewoners van Plantij. En dat geldt ook voor ons.

Het nieuws is naar buiten gebracht door het stichting het Wantij, dat in een overleggroep zit van Rijkswaterstaat, waarin ook de gemeente Dordrecht heeft mogen nneepraten. Volgens het Wantij zijn ook de vertegenwoordigers van de gemeente voorstander van dit plan. En de ChristenUnie/SGP heeft hierbij daarom de volgende vragen. De eerste vraag: klopt het dat de gemeente voorstander is van dit plan, waarbij dus naast de Heil- en Zuiderpolder ook delen van het Wantijpark afgegraven zullen worden? En graag een toelichting als de gemeente voorstander is waaronn. De tweede vraag: kan het college aangeven hoe de zeggenschapsverhoudingen liggen in de zeggenschap over dergelijke gebieden die toch Dordts grondgebied zijn. En de derde vraag: mogen we ervanuit gaan dat dergelijke voorstellen voor besluitvornning naar de raad komen? Tot zover onze vragen, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Struijk. Mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik sluit daarop aan en ik ga niet zozeer in op de inhoud, maar wel op het feit dat het ons verrast heeft. Omdat ik dat gewoon echt vervelend vind. Het college zou aan actieve informatieplicht moeten voldoen en de lokale politiek tijdig moeten informeren.

Dus ik zou daarover aan het college willen vragen: waarom moeten we dit uit de krant vernemen? Waarom zijn we hier niet over geInfornneerd in een eerder stadium? En daaraan gekoppeld de vraag: vanuit welke kaders heeft het college dan in dit overleg aan tafel gezeten? Want we hebben het er

2

voor zover ik weet politiek niet over gehad. Dus dat zou ik graag helder hebben. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, beide heren. Volgens mij heb ik wethouder Rik van der Linden in de chat gezien, die is er hier vanavond aanwezig. Wethouder Van der Linden, kunt u nannens het college deze vragen beantwoorden of schuiven we hem door naar Mark Stam om eventueel schriftelijk te beantwoorden of later op de avond. Wat heeft uw voorkeur? Rik van der Linden. De heer Van der Linden: Ja, het zou fijn zijn als het vanavond door een wethouder namens het college beantwoord kan worden. De voorzitter: Wethouder Van der Linden komt niet tevoorschijn. Is er nog iemand anders? Mijnheer Burggraaf heb ik volgens mu j ook gezien. Wethouder Burggraaf. Ja, sorry heren, ik moet deze vraag dan even parkeren. En dan hopen we dat wethouder Stam later deze avond aansluit. En anders dan denk ik dat deze vraag schriftelijk beantwoord moet worden. Dan ga ik door naar de volgende vraag aan het college. En die zal gesteld worden door mijnheer Stolk van VSP. Mijnheer Stolk, u heeft het woord. De heer Stolk: Ja, goedenavond. Ik heb wat vragen over de advertentie die in de krant heeft gestaan, of het stukje wat er in de krant heeft gestaan, van Leen Bakker. Dat het proces een jaar uitgesteld is en dat zou komen doordat het bestemnningsplan gewijzigd moet worden.

Nou, ik ben wat sceptisch en ik zie dus eigenlijk een bestennmingsplan wat gewijzigd moet worden. Had dat al niet eerder op de rol kunnen staan, zodat dit project toch eerder gebouwd kan gaan worden? Er staat dus ook bij dat eind 2022 de verkoop pas gaat starten. En dat vind ik eigenlijk ook laat, want dat zou dan erop neer kunnen komen dat het pas half 2023 de eerste palen in de grond gaan. Ik wit aan de wethouder vragen hoe die daar tegenaan kijkt en of daar toch een bespoediging in kan komen. En dan heb ik de andere vraag en die hoort er eigenlijk gelijk bij, die heb ik gesteld bij de grote projecten. Wat is de verlenging? Ik heb gevraagd aan het college hoe zij keken tegen de inflatie ten opzichte van de woningbouw. Zo'n 5,2 procent werd nu gemeld. En wat zou dat voor invloed kunnen hebben op de verkoop van de duurdere woningen? Het bouwbedrijf die dus dit moeten gaan bouwen, die zie je dus eigenlijk al wat terugkrabbelen. En ja, ze raken ze niet hierdoor failliet, dat die prijzen zo hoog zijn dat ze het niet meer kunnen bouwen voor die prijs. En het derde is ook wat zichtbaar is, dat zelfs bouwbedrijven de koop niet meer door laten gaan, dat ze ontbinden. Om daarna dus weer het project weer op de kaart te zetten voor duurdere prijzen.

Dus mijn vraag is eigenlijk, naar aanleiding ook van vorige week van grote projecten: hoe ziet het college nu de toekonnst tegemoet, buiten dat de grote projecten duidelijk llet zien dat het wel positief is. 830 werkelijk gebouwde woningen. En als je dus nu dit ziet, dan denk ik: komen we er wel aan en wordt alles wel gebouwd wat we nu als harde voorraad in de pen staat? Dat was het. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stolk. Ook voor uw vragen geldt dat ik hoop dat er iennand van het college aanwezig is die de vragen kan beantwoorden. Dus ik wacht nog heel even. Ik zag net twee wethouders en nnomenteel zit er volgens mu j een in deze commissie. Niemand neemt het woord vanuit het college, dus uw vragen gaan we even

3

parkeren. En dan mijnheer Van der Meer, u wil een opmerking over dit agendapunt. Maar we zijn niet inhoudelijk aan het behandelen, dit zijn vragen aan het college. Dus daar wil ik toch voor waken. De heer Van der Meer: Ik heb ook geen inhoudelijke opmerking, voorzitter. Ik wilde alleen opmerken dat ik ervan uit ga dat deze vragen vooraf aangemeld zijn. En ik vind het een beetje een ongemakkelijke situatie dat er dan niemand van het college is om antwoorden te geven. Eerder hebben we in dit soort gevallen wel eens de vragen naar later in de vergadering verschoven. Maar ik denk toch dat het heel erg gewenst is dat dit van tevoren kortgesloten wordt met het college en dat er gewoon antwoord gegeven kan worden. Anders kunnen we dit agendapunt wel opheffen en dat lijkt me niet de bedoeling. De voorzitter: Nee, dat is zeker niet de bedoeling. En bij de eerste vraag had ik al van tevoren aangegeven dat wethouder Stam in een andere commissie zit. En ja, ik heb mijn best gedaan om vanuit het college iemand anders te vragen om antwoorden te krijgen. De griffier die seint al in dat de vragen wel van tevoren zijn aangemeld, dus in principe kan het college daar al kennis van genomen hebben. En dan wachten we het even af en we gaan het zien. Misschien dat vanavond, zoals ik eerder al voorstelde, dat vanavond later op de avond en anders schriftelijk. We gaan het afwachten.

In al mijn enthousiasme ben ik agendapunt 2 vergeten. Ik dacht al, wat zijn we nou bij agendapunt 3.

2. Vaststellen besluitenlijst adviescommissie van 30 november 2021 De voorzitter: Maar agendapunt 2, vaststellen besluitenlijst adviescommissie 30 november 2021. Dat moeten we formeel nog wel vaststellen. Er zijn vooraf geen wijzigingsvoorstellen ingediend. Kan de commissie instemmen met de besluitenlijst zoals opgenomen onder agendapunt 2. Ik kijk in de chat. Als dat niet het geval is, dan graag via de chat vermelden. Ik zie niks binnenkonnen via de chat, dan is hierbij agendapunt 2 en daarmee ook de besluitenlijst van de adviescommissie 30 november 2021 vastgesteld.

4. Insprekers over niet-geagendeerde onderwerpen De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 4. Dat betreft agendering, althans het vrijmaken van tijd voor een inspreker over een niet-geagendeerd onderwerp. Het komt niet heel vaak voor, maar dat behoort wel tot de mogelijkheden. Mevrouw Braanker, u bent al in beeld, welkonn. Mevrouw Braanker heeft zich aangemeld om in te spreken over de stedenbouwkundige bepalingen van de bouwverordening Dordrecht. Mevrouw Braanker, ik weet niet of dat u vooraf al bent ingelicht, maar de spelregels zijn dat u vijf minuten de tijd krijgt om uw inbreng te doen. En gezien de drukke agenda nnoet ik daar toch echt streng in zijn. Soms laat de agenda het toe om lets !anger de tijd te nemen, maar vanavond kan dat helaas niet. Dus u krijgt vijf minuten de tijd, waarna de commissieleden eventueel vragen aan u kunnen stellen. U heeft nu het woord.

4

Mevrouw Braanker: Geachte voorzitter, ik had me daarover al verstaan met de griffier. Daarnaast had ik ook sheets te presenteren. Ik zou graag de mogelijkheid krijgen om die sheets ook te presenteren bij de presentatie. De voorzitter: Volgens mij gebeurt dat nu. Ja, de presentatie is in beeld. Gaat uw gang. Mevrouw Braanker: Wacht even hoor, dat is uw presentatie. Ik wou hem zelf presenteren, want ik heb in verband met omstandigheden zelf een bewerking daarin. De voorzitter: Misschien kunt u uw beeldscherm delen met ons, is dat een optie? Mevrouw Braanker: Ik krijg assistentie hierin. Ja. De voorzitter: Ja, oke, we zijn er. Gaat uw gang. Lukt het, mevrouw Braanker? Mevrouw Braanker: Ik weet het eventjes niet. Ik weet nog niet wat ik in het beeld heb. Inhoud delen op de achtergrond. Bezig met delen presentatie, heb ik. De voorzitter: Wij zien nu vergadering van de commissie fysieke leefomgeving, inspreekrecht Mw. Braker. Dus ik ga ervanuit dat dat uw sheets zijn. Kunnen we niet anders met een presentatie die bij ons bekend is. Wij zijn nu bij de tweede sheet, omgevingsvisie. Mevrouw Braanker: Mag ik even wat vragen. Hoort u audio? De voorzitter: la, wij horen u. Mevrouw Braanker: Hoort u de audio van de presentatie? De voorzitter: Nee, wij horen u alleen. Mevrouw Braanker: Ja, ik heb namelijk een beperking waardoor ik zelf niet kan spreken, zo'n lange duur.

Dus ik had het op een andere manier ondervangen. De voorzitter: Oke, ik kijk even de griffie aan. Kan daarin ondersteund worden, Mark? Mevrouw Braanker: Sorry. De voorzitter: Misschien kunt u de audio via uw telefoon aanzetten en het beeld via uw corn puter. Mevrouw Braanker: Nou, mag ik voorstellen dat u anders even met uw agendapunten doorgaat, dat wij eventjes hier intern uitzoeken hoe we dit kunnen ondervangen. Want normaal gesproken heb ik een beheermogelijkheid en dat lukt dus nu niet. De voorzitter: Dat vind ik een prima voorstel. Dan gaan wij verder met het volgende agendapunt. En als u zover bent, dan moet u maar even uw beeldscherm aanzetten en

5

dan zie ik u vanzelf in beeld komen. Dan gaan we het zo doen, tot straks. Oke, dan gaan we agendapunt 4 gaan we even parkeren.

5. Aanpassen bebouwde komgrens Wet natuurbescherming — Raadsvoorstel De voorzitter: En dan gaan we verder met agendadeel 5 tot en met 19, nieuwe behandelvoorstellen. Er zijn deze keer veertien nieuwe behandelvoorstellen. Ik noem alleen de stukken waarop vooraf een behandelverzoek is aangekondigd. Voor de overige stukken ga ik ervanuit dat u instemt met het behandeladvies van de griffie. En anders verneenn ik dat graag zo snel mogelijk, nadat ik de vooraf aangekondigde punten heb gehad. Dat betreffen agendapunt 5, aanpassen bebouwde komgrens wet natuurlijke beschernning. Dat betreft een raadsvoorstel. Mijnheer Van der Meer van GroenLinks die wil hierover graag het woord, heb ik begrepen. Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, dank u wel, voorzitter. Wij hebben over dit onderwerp technische vragen gesteld, met name of het klopt dat landgoed Dordtwijk op dit moment nog valt onder de wet natuurbescherming en straks bij de wijziging van de bebouwde komgrens niet meer. Dat blijkt het geval te zijn. En dat is voor ons aanleiding om nog nadere vragen te willen stellen over wat nou de regels zijn die voor het landgoed gelden. En de consequenties die dat heeft voor de beschernning van bomen en andere vegetatie op dat terrein. Dus mijn verzoek is om het aan te houden tot wij die vragen hebben kunnen stellen en daar antwoord op gegeven is.

De voorzitter: Duidelijk, dat laatste wilde ik inderdaad gaan vragen wat u met dit behandelvoorstel wil doen. U wil hem even aanhouden totdat uw aanvullende vragen zijn beantwoord. Daar kunnen wij in voorzien en dat gaan we ook doen.

7. Raadsinformatiebrief raamwerk monitoren en volgen Agenda 2030 — Raadsinformatiebrief De voorzitter: Dan gaan we naar het volgende agendapunt, daarover wilde u ook het woord. Dat betreft agendapunt 7, raadsinformatiebrief raamwerk monitoren en volgen agenda 2030. Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, we hebben daar een politiek vraagje over, namelijk of er met betrekking tot het onderwerp onderwijs wel de juiste indicator hanteren. Die indicator is nu het aantal studenten wat een hogere onderwijs opleiding volgt. Ik weet niet of dit tot de behandeling van deze raadsinformatiebrief moet leiden en een bespreking in een andere commissie, omdat het over onderwijs gaat, ligt misschien meer voor de hand. Maar ik wil het aandachtspunt wel even meegeven. Het is ook voor onze comnnissie van belang, omdat ik denk dat voor agenda 2030 het voorbeeld heel erg van belang zijn is dat er voldoende technici worden opgeleid. En dat zou ik dus ook een belangrijke indicator vinden en dat wil ik graag aan het college meegeven en eventueel ook aan andere commissies, als dit punt daar wordt besproken. Dus ik wil niet voorstellen om het hier te bespreken, maar ik wil het ook niet zonder meer laten passeren als hamerstuk.

6

De voorzitter: U heeft er een opnnerking over gemaakt, waarbij u hoopt dat die opmerking wordt opgepakt. En inhoudelijk kan het gewoon door zoals het wordt voorgesteld in het behandeladvies. Duidelijk.

10. Raadsinformatiebrief terinzagelegging ontwerp uitwerkingsplan 'Rogamlocatie2' — Raadsinformatiebrief De voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt 10, raadsinformatiebrief ter inzagelegging ontwerp uitwerkingsplan Rogamlocatie 2. En daarover heeft nnijnheer Nederhof van Beter voor Dordt het woord gevraagd. Mijnheer Nederhof. De heer Nederhof: Dank u wel, voorzitter. Ja, het is een mooi plan op deze locatie, daar zijn we blij mee. En natuurlijk is het voor kennisgeving aangenomen, zodat het snel gebeurt. Ik had een vraagje eigenlijk, maar er is geen wethouder. De gronden zijn eigendom van de genneente en die worden verkocht. Zijn die gronden van Rogamlocatie 1 ook van de gemeente? Of zijn die ook verkocht en wanneer? Dat is eigenlijk de vraag, laat ze dan nnaar schriftelijk beantwoorden hopelijk, mijnheer de griffier. Dan ben ik tevreden, dus dat wilde ik even weten. De voorzitter: Ja, dat wilde ik ook voorstellen. Want dit zijn behandelvoorstellen en als u nog technische vragen heeft, dan kunt u er ook voor kiezen om het college een mail te sturen waarop u uw antwoord kan krijgen. Maar ik hoop dat de griffier uw vraag ook kan overbrengen aan het college, dan komt het ook goed. De heer Nederhof: Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: U ook bedankt.

11. Raadsinformatiebrief over voortgang uitwerking verkeerstructuurplan Spuiboulevard e.o. — Raadsinformatiebrief De voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt 11, raadsinformatiebrief over voortgang uitwerking verkeerstructuurplan Spuiboulevard en omgeving. Mijnheer Kuhlmann, u bent al in beeld. U heeft het woord. De heer Kuhlmann: Dank u, voorzitter. Ja, we willen dit punt graag agenderen voor bespreking. Het gaat dan heel specifiek om de volgordelijkheid van de parkeergarages. Er wordt er eentje gesloopt en een andere wordt verbouwd, daar komen plekken bij. Maar er zit een overlap in en dat betekent tien maanden lang dat we met heel veel minder plekken zitten. Wij voorzien dat dat problennen gaat geven en willen dat graag bespreken dat we dat op een goede manier gaan oplossen. We hopen op steun van de andere partijen om dat te bespreken. De voorzitter: Oke, even als achtergrondinfornnatie. U heeft eerder al gevraagd om dit punt op de agenda te krijgen, uw vragen waren toen te technisch van aard. En u zou nog aanvullende vragen stellen, die vragen zijn gesteld. En hierbij ook beantwoord. Dus het is nu aan de commissie of dat zij samen met u dit op de agenda willen zetten. Dus ik

7

kijk in de chat, ik zie dat mijnheer Oostenrijk ook het woord wil over punt 11. Dus nnisschien dat dat een bijval is en anders een aanvulling. Mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Ja voorzitter. Ja, onze fractie is geschrokken bij het antwoord nummer twee door de VVD gestelde vragen over de parkeergarages. Ik zeg het maar even ronduit: het kan toch niet zo zijn dat als we het antwoord lezen, dat er besloten is dat de beide parkeergarages ongeveer een jaar beide gesloten gaan worden. Dat wil er bij ons niet in. Nou, dus er is alle reden om het daarover te hebben, want we kunnen het niet hebben dat een jaar lang een parkeerstagnatie krijgen. Los even van het punt dat ik totaal niet geloof dat die uitvoering in die tijdspanne gaat plaatsvinden. Dus er is alle reden om de wethouder hier danig aan de tand te voelen. De voorzitter: Ja, voordat we al te diep in de daadwerkelijke bespreking gaan. Maar ik merk al dat u eigenlijk het behandelvoorstel van mijnheer Kuhlmann ondersteunt, ongeveer in dezelfde richting. Twee partijen die het zouden willen bespreken met de politieke vraag waarbij ze hun zorgen uiten over de sluiting van een parkeergarage en hoe om te gaan met de onderliggende periode. Dan kijk ik nog heel even in de chat. Is er steun om dit onderwerp te bespreken? Mark, hoeveel partijen hebben we daarvoor nodig.

Zeven fracties hebben we daarvoor nodig, dit zijn er al twee. Ik kijk in de chat of het zo blijft. Mijnheer Stolk, dat is nummer 3. Mijnheer Gundogdu, nummer 4. 5 en 6. Nog eentje en dan kunnen we het bespreken, en anders. Ik zie mijnheer Kuhlmann al kijken vol spanning. Nee, helaas. Ja, toch nog. De PVV steunt het nog. Dus we hebben nu, oh, zeven en acht inmiddels. Acht partijen die ondersteunen om dit onderwerp te behandelen. Dus dat gaat geagendeerd worden. ik heb mijn best voor u gedaan. De heer Kuhlmann: Dank u. De voorzitter: Alstublieft.

18. Antwoordbrief aan AVR Afvalverwerking inzake zorgen over afvalverwerker HVC (incl. brief HVC gericht aan AVR) De voorzitter: Dan komen we bij het volgende behandelvoorstel waar vooraf een vraag althans een opmerking over is gemaakt. En dat betreft agendapunt 18, antwoordbrief aan AVR afvalverwerking inzake zorgen over afvalverwerker HVC. Inclusief brief HVC gericht aan AVR. Mijnheer Nederhof van Beter voor Dordt. De heer Nederhof: Ja, dank u, voorzitter. Voorzitter, er ligt ook een antwoordbrief voor vrijdag. De voorzitter: Mijnheer Nederhof, u ruist enorm. Kijk, nu bent u heel kort aan het woord, maar straks ga ik ervanuit dat u ook deelneemt aan de discussie. U ruist enorm. Misschien uw microfoon, ik weet niet, staat er iets tegenaan. De heer Nederhof: Even kijken, ietsje zachter misschien. Even proberen. De voorzitter: Dit is al beter.

8

De heer Nederhof: Oke, goed. Punt 18 hadden wij dus de antwoordbrief van HVC aan AVR, die zat dus niet bij de stukken. Dat vonden wij een beetje vreemd. Nu wel gelukkig. Waarin het college eigenlijk zegt: in dit stuk gennakshalve zijn ze het dus eens met het antwoord van HVC. Maar volgens Beter voor Dordt is de aantijging van AVR voor het college als belangrijk aandeelhouder hiermee afgedaan. Maar wie heeft gelijk, AVR of HVC? Of volgt er nog een juridische strijd? Ja, ik wil eigenlijk toch er of een schriftelijke reactie, het voorstel aanhouden. Dan hoeft het niet besproken te worden, maar eerst die schriftelijke reactie zou ik al genoegen mee nemen. Om uit te leggen dat ze eigenlijk zeggen, ik voel een beetje dat ze er zich van distantieren. Dus dat wil ik graag even mededelen. De voorzitter: Uw vraag is genoteerd door de griffier. En wij zullen erin voorzien dat dit agendapunt even wordt geparkeerd. We zullen hem aanhouden, zoals dat heet. En dan komt die ten zijner tijd weer terug. Dank u wel, mijnheer Nederhof. Mijnheer Gundogdu. De heer Gundogdu: Mag ik misschien aanvullend op dit punt? De voorzitter: Ja, gaat uw gang. De heer Gundogdu: ik had ten tijde van de agendering een aantal weken geleden expliciet gevraagd om een antwoordbrief van het Dordtse college op deze brief van AVR, en niet van HVC.

HVC heeft weliswaar nu beantwoord, want daar hebben ze kennis van kunnen nemen. Maar we willen expliciet een antwoord, zoals mijnheer Nederhof dat ook al aangeeft, van het Dordtse college. En ons verzoek zou ook zijn om AVR, want dat zijn behoorlijke aantijgingen richting het adres van HVC, om hen in deze commissie uit te nodigen om bun zijde van het verhaal aan te horen. Dat zou ik u graag willen meegeven. De voorzitter: Ook dat is genoteerd. Dank u wel, mijnheer Gundogdu. Dan ga ik naar mijnheer Kleinpaste, die zich gepasseerd voelt. Maar dat was absoluut niet het geval. De heer Kleinpaste: Nou ja, in die zin dat ik drie keer om het woord vroeg bij het vorige punt, wat door de VVD werd ingebracht. Dat ik toch wel behoefte heb, ik bedoel, er zijn voldoende mensen die het willen bespreken, klaar. Maar ik heb wel behoefte aan een duidelijkere politieke vraag dan alleen eentje die over de uitvoering gaat. De voorzitter: Volgens nnij is de politieke vraag gesteld. Dat u het daar niet mee eens bent, dat is een andere. Maar er zijn voldoende partijen die het wel hebben ondersteund met die politieke vraag. De heer Kleinpaste: Wil u de politieke vraag voor mu j samenvatten? De voorzitter: Ja, dan moet ik even terugkijken.

Dat ging over de parkeergarage toch? Even kijken, volgens mu j ging het over de zorgen van de sluiting van de parkeergarage tegelijkertijd en wat dat voor effect heeft op de parkeerdruk in de binnenstad en hoe het college dat ziet of hoe de raad dat ziet.

9

De heer Kleinpaste: En wat is daar politiek aan? De voorzitter: Ja, nnijnheer Kleinpaste. Die discussie ga ik met u nu niet aan. Hij is geagendeerd. De heer Kleinpaste: Ik kom erop terug. De voorzitter: U mag erop terug komen wanneer u wil. Maar er is voldoende steun, dus ik ga die discussie met u nu niet aan. Dank u wel. Dan hebben we hiermee alle behandelvoorstellen gehad.

20. Termijnagenda commissie Fysiek De voorzitter: Dan wil ik nog heel snel de termijnagenda doen, voordat ik terugkeer naar mevrouw Braanker. 0, mevrouw Braanker steekt al haar hand op. ik doe heel even de termijnagenda, mevrouw Braanker, en dan konn ik terug bij u. De termijnagenda commissie fysieke leefomgeving. Kan de commissie zich vinden in de termijnagenda? Ik kijk in de chat. Ik zie niks in de chat binnenkomen, dan is dat het geval. Dan is de termijnagenda ook vastgesteld. Dan ga ik terug naar mevrouw Braanker voor agendapunt 4.

4. Insprekers over niet-geagendeerde onderwerpen. De voorzitter: Mevrouw Braanker, heeft u al een oplossing weten te vinden? Wij horen u nu niet meer. Mevrouw Braanker: Nee, nu moet u ons wel horen. Ja? De voorzitter: Ja, ik hoor u. En ik hoop uw presentatie ook. Mevrouw Braanker: Ja, dat hoop ik ook. Nauwlettend horende wat u aangaf, het bestek waarbinnen gesproken kan worden. De eerste zes pagina's van de sheet geef ik u mee ter kennisname en ter introductie op het verhaal. Waar het in het bijzonder om gaat, dat is hetgeen, de kern die zich vanaf pagina 7, dus sheet nunnmer 7, laat vertalen. Het gaat onn de stedenbouwkundige bepalingen die ik graag wil bespreken. Onder meer ook met het college in vragen daarop. Zoals die ook aan het college zijn voorgelegd door Gewoon Dordt. Dus ik ga even door naar de sheet. Als het goed is heeft u nu de sheets in beeld. De voorzitter: Nog niet. Mevrouw Braanker: Ik heb het nog nooit meegemaakt dat het zo verloopt. De voorzitter: Ja, nu zijn ze in beeld. Mevrouw Braanker: Wil u even knikken als u ook dadelijk de audio nneekrijgt hiervan? De voorzitter: Dat is nog niet het geval.

10

Mevrouw Braanker: Ik beloofde u naar pagina 7 te gaan, dat doe ik ook bij deze. Hij weigert. De voorzitter: Hij deed het wel. Mevrouw Braanker: kan er ook geknipt worden in deze uitzending? De voorzitter: Ik denk dat er niet heel veel mensen zullen terugkijken. Mevrouw Braanker: Daarmee kom ik dan ook te spreken over de stedenbouwkundige bepaling van de bouwverordening. Waarop overigens ook de artikel 39-vragen van Gewoon Dordt zijn gesteld. Van oudsher heeft Dordrecht deze stedenbouwkundige bepalingen gekend. Niet in je gaststeden rode lijnen en de maximale bouwhoogte, nnaar bovenal verzocht zij ook concreet op de stedenbouwkundige inpassing van het bouwwerk in de directe omgeving. Dit door voorschriften met betrekking tot het bouwen op de voorgevel rode lijn, met het verbod tot overschrijding van deze rode lijn door de afscheiding van straathoeken. En meer in het bijzonder ook door de bouwhoogte van het bouwwerk af te zetten ten opzichte van de afstand van de nevengelegen gebouwen. Dat wil zeggen, de afstand tot de voor-, achter- en zijgevel rode lijnen van deze nevengelegen gebouwen. Dit voorsch rift leent zich bij uitstek voor een nadere beschouwing in het kader van de gevoelde behoefte aan een nadere differentiatie in bouwhoogte en vornnen. Hiervoor heb ik hierbij dan ook ingevoegd figuur 12, uit de toelichting op de bouwvoorschriften van de bouwverordening.

Figuur 12 ziet op de bouwhoogte in voor- en achtergevel rode lijn en daartussen. Ik kan u deze getallen geven aan de hand van het navolgende te vergelijken terwijI ik het heb ingevoegd. Eerst ziet u daarbij een tekening op grond van een bestemmingsplan, waarbij een maximale bouwhoogte wordt gekend van tien meter. De dak hoed wordt daarbij hooguit verzocht op grond van de welstandsnota. Als we dan de tekening daaronder zien, dat is de tekening op basis van de aanvullende werking van de bouwverordening, geeft de differentiatie een geheel ander beeld. Duidelijk blijven er zichtlijnen op de bebouwing. Daarbij wordt ook rekening gehouden met de afstand van de te bouwen zijgevel, ten opzichte van de reeds bestaande bebouwing. Aldus krijg je een soort trapezium, naarnnate de afstand vanaf de bebouwing groter wordt. Waarom ik dit u wit illustreren is vanwege het effect. Vanwege hun concreetheid bieden deze stedenbouwkundige bepalingen gelijk ook rechtszekerheid als wel rechtsbescherming voor zowel de projectontwikkelaar als voor de direct onnwonende belanghebbende. De initiatiefnemer heeft er bovendien belang bij om vrijwillig de omwonende belanghebbenden te betrekken in participatie. Waarbij water bij de wijn aan beide zijden ook binnen de nnogelijkheden ligt. En vanwege de ontheffingsmogelijkheden bieden ze ook de ruinnte voor de gemeente ten behoeve van de beleidsspeerpunten.

Als een afwijking c.q. ontheffing wordt overwogen, dan heeft ze daarbij ook de belangen mee te wegen van de direct belanghebbenden. En besluitend is van belang op te merken dat onder die stedenbouwkundige bepaling de gulden regel was dat als de initiatiefnemer een ontheffing toegewezen krijgt, deze dan ook de planschade heeft te dragen. Althans in ieder geval die van de onnwonende belanghebbenden. Daarvoor wit ik regelnnatig bij voorwaarde planschadeovereenkomsten als eis gesteld. En een dergelijk geval verliep dan altijd dan ook budgetneutraal in ieder geval voor de gemeente. Deze

11

stedenbouwkundige bepalingen zijn ook in ruimtelijk effect relevant. Ze zijn namelijk juist ook vormend geweest voor de Dordtse straatwanden met de cultuurhistorische betekenis. Het stratenpatroon, de verkaveling, het bebouwingsbeeld en de bouwschaal. Niet alleen was zij daarmee de voorloper op het beeldkwaliteitsplan en de bestemmingsplannen, maar ook op de latere welstandsnota 2021. Waarbij laatst genoemde in het geval van de historische binnenstad en de 19e-eeuwse schil juist aansluiting zoekt bij de Dordtse straatwanden met cultuurhistorische betekenis, het stratenpatroon, et cetera. Gelet op deze relevantie in concreetheid was het ook dat Gewoon Dordt naar deze stedenbouwkundige bepalingen vroeg. Het antwoord op haar vragen verhult daarbij dat deze stedenbouwkundige bepalingen niet alleen golden in geval er geen bestemmingsplan was, maar ook aanvullend golden op het bestemmingsplan. Dit op grond van artikel 9, eerste lid van de woningwet. Dit artikel bepaalde namelijk dat er sprake was van een aanvullende werking op het bestemmingsplan als, 1, het bestemmingsplan niet in een voorschrift verzag dat wel in de bouwverordening werd gereguleerd. 2, de aanvullende werking ten aanzien van dat desbetreffende onderwerp niet expliciet was uitgesloten in het bestemmingsplan. En 3, werd niet de gebruiksmogelijkheid die het bestemmingsplan biedt geheel of nagenoeg geheel teniet doet.

Niet het voorschrift nog niet was vastgelegd in het bestemmingsplan, heeft willekeurig elk stedenbouwkundig voorschrift uit de bouwverordening in ieder geval tot 1 juli 2018 een aanvullende werking gekend op het bestemmingsplan. Dat impliceert dan ook dat deze aanvullende werking ook gold ten tijde van de totstandkoming van de bestemmingsplannen historische binnenstad en 19e-eeuwse schil. De direct belanghebbenden toenmalig hoefden dus bij deze bestemmingsplannen niet meer te bepleiten dan alleen al door deze bouwverordening werd voorzien. De toenmalige bestemmingsplannen zijn indachtig deze aanvullende werkende stedenbouwkundige bepalingen democratisch en na inspraak vastgesteld. Opmerkelijk of in ieder geval op zijn nninst onzorgvuldig is dan wel dat de welstandnota uit 2021 nog steeds naar deze stedenbouwkundige voorschriften van de bouwverordening verwijst. Ik verwijs u daarvoor naar pagina 8, waarbij ik citeer: vernneld ook de stedenbouwkundige voorschriften van de bouwverordening konnen voor de welstandseisen. En ook de Rijksoverheid wijst bij bouwplannen op de toepasselijkheid van deze stedenbouwkundige voorschriften. En zelfs in de actuele bouwverordening die van 2017 zijn nog thans die stedenbouwkundige voorschriften in paragraaf 5 opgenonnen en gepubliceerd.

Wellicht, geachte voorzitter, kan het college hier nader De voorzitter: Mevrouw Braanker, ik zie nog heel veel tekst. Mevrouw Braanker: Nee ik heb de laatste pagina's alleen maar op de hoofdlijnen. De voorzitter: Ja, u zit al op ruim zeven minuten. En we hebben ook heel veel tijd daarvoor zeg maar beschikbaar gesteld onn te komen tot deze presentatie. Maar we zitten nu al ruim boven de tien nninuten met alles. En als ik zie, hoeveel zijn het er nog? Mevrouw Braanker: Nee, het zijn heel veel stukken. Ten eerste zijn er drie pagina's of twee pagina's noten voor uw commissie. Kijk, we kunnen er heel lang over praten, maar ik kan u verzekeren dat het nog minder dan een minuut is als ik nu even dit af kan laten spelen.

12

De voorzitter: Oke, is goed. Mevrouw Braanker: Oke, dank u wel. Daarmee kom ik dan ook te spreken over de stedenbouwkundige bepaling van de bouw. Wellicht, geachte voorzitter, kan het college hier nader uitleg op geven. Want is hierbij sprake van een toepasselijke overgangsbepaling? Of zijn de stedenbouwkundige bepalingen toch komen te vervallen? Eerste scenario is wel technisch ingewikkeld en vergt nader onderzoek, ook door het college neem ik aan. Maar het tweede scenario, als dat ze toch zouden zijn vervallen, doet toch vragen rijzen. Zal er geen overgangsregeling van toepassing zou zijn, dan zou de gemeente namelijk voor 1 juli 2018 deze aanvullende stedenbouwkundige bepalingen uit haar bouwverordening moeten hebben opgenomen in haar bestemmingsplannen. Aldus het college ook zelf in haar brief van 4 april 2017, dit bij het voorstel tot vaststelling van de bouwverordening 2017. Ik citeer: voor juli 2018 dient de bouwverordening weer aangepast te worden. Vanaf 1 juli 2018 dienen stedenbouwkundige randvoorwaarden die nu nog in de bouwverordening zijn opgenomen in de bestennnningsplannen opgenomen te zijn. Hoewel de VNG laatst de gemeente hier nog in april 2018 waarschuwend op wees, volgt uit een zeer grondige zoekslag dat dit vergaderstuk nooit nneer op de agenda van uw raad is gezet.

En ook de kennisgeving aan de inwoners, zoals eveneens geadviseerd door de VNG, is nooit uitgegaan. Aandacht verdient daarom De voorzitter: Mevrouw Braanker. Mevrouw Braanker: Voor zover deze planschade betreft rest er de vraag of uw college ... Dank u wel voor uw aandacht. De voorzitter: Graag gedaan. Ik heb uw ruimschoots de tijd gegeven, alleen de agenda van de commissie fysieke leefomgeving die is behoorlijk gevuld. En de comnnissieleden die worden ook zenuwachtig. Dus vanuit de commissie Mevrouw Braanker: Ja, ik besef dat er hele belangrijke dingen te bespreken zijn. De voorzitter: Dus misschien een tip voor de volgende keer. Misschien kunt u uw sheets aan de voorkant mailen naar de commissie, dat de commissie daar kennis van kan nemen. En dat u heel beknopt nnisschien toch in een paar zinnen uw inbreng doet. En dat daarna vragen kunnen gesteld worden. Maar bijvoorbeeld voor nu is er een commissielid die een vraag heeft aan u en dat betreft mijnheer Kleinpaste. Mijnheer Kleinpaste, u heeft het woord. De heer Kleinpaste: Ja, dank u wel. Ja, een korte vraag. Mevrouw Braanker ging ook in op risico's van planschade.

Is het nou zo dat in haar ogen de gemeente op dit moment, as we speak, een groter risico op planschade heeft dan aanvankelijk werd voorzien? Met andere woorden, is er door het wegvallen van bepalingen nu een reeel risico ontstaan? Daar zou ik graag een antwoord op willen hebben. Mevrouw Braanker: Ja. Door het wegvallen van stedenbouwkundige bepalingen zijn de bouwmogelijkheden opgelegd tot een maxinnale bouwhoogte van de

13

bestennmingsplannen. Daarmee is de gemeente schadeplichtig ten opzichte van elk benadeelde burger, ongeacht de vraag of er een bouwplan loopt. Tegenovergesteld is het goed voor de gemeente om wel stedenbouwkundige bepalingen te hebben, omdat zoals ik ook al aangaf in de presentatie ontheffingen dan ten koste komen van de projectontwikkelaar.

De voorzitter: Is hiermee uw vraag beantwoord, mijnheer Kleinpaste? De heer Kleinpaste: Ja, dank u wel. De voorzitter: Als er voor de rest geen vragen nneer zijn vanuit de commissie. Mevrouw Braanker: Nee, dat lijkt me sterk met dit. Lees het maar rustig door. De heer Kleinpaste: Voorzitter, ik heb niet zo zeer een vraag, maar wel behoefte aan een agenderingsverzoek. De voorzitter: Ja, begrijp ik. Even kijken. Kan dat aan de hand van een inbreng? Ik kijk even naar mijnheer van de griffie. Ja, mijnheer Kleinpaste, had u een politieke vraag bij dit agendapunt, dan kunnen we kijken of dat er ondersteuning is vanuit andere commissieleden. Gaat uw gang. De heer Kleinpaste: Ik vooralsnog nog geen politieke vraag, maar ik heb wel heel sterk de behoefte om een expertmeeting te organiseren om dieper op deze materie in te gaan, om te voorkomen dat ik allerlei politieke vragen ga stellen. Want ik vind dat we dit echt wel heel grondig zouden moeten uitzoeken met elkaar. De voorzitter: Oke. Mijnheer Oostenrijk, u heeft een ordevoorstel. De heer Oostenrijk: Ja, voorzitter. Ik heb kennis genomen van het hele verhaal. Maar het lijkt me veel verstandiger dat het college hierop gaat reageren. Want dit lijkt me een problematiek die weinig zinvol is dat we die als commissie gaan bespreken als we niet een onderbouwing hebben vanuit het college.

Want ik voel me naar aanleiding van dit hele betoog nauwelijks aangesproken als het gaat om de politieke zaak ervan. Het heeft een hoog technisch gehalte, ik zou best in een later stadium erop willen reageren, maar dan wel aan de hand van een reactie van het college. De voorzitter: Dat is een andere smaak. Mevrouw Jager is het eens met het agenderingsverzoek van mijnheer Kleinpaste. De heer Van der Meer: Voorzitter, ik had u ook nog even het woord hierover gevraagd. De voorzitter: 0 sorry, mijnheer Van der Meer. Gaat uw gang. De heer Van der Meer: Nee, geeft niet. Ik vind het inderdaad heel erg lastig om het in een keer nu goed te doorgronden. Mijn voorstel zou zijn om even de tijd te geven het stuk van mevrouw goed door te nemen en dan te besluiten wat we ermee gaan doen. Want ik kan nu eerlijk gezegd niet goed overzien of er een politieke vraag aan zit of niet.

14

Of dat het een technische vraag is die het college moet beantwoorden. Ik zou daar graag even naar willen kunnen kijken.

De voorzitter: Dan wil ik het volgende voorstellen. Mevrouw Braanker, als u uw presentatie mailt naar de commissiegriffier. 0, de commissiegriffier heeft hem al, hoor ik. De comnnissiegriffier zorgt dat uw presentatie terecht komt bij alle commissieleden, die nennen daar kennis van. En dan komt die presentatie volgende keer weer terug op de agenda en dat we dan op dat moment bepalen wat we gaan doen. Gaan we dit onderwerp breed agenderen of gaan we het aan de hand van een politieke vraag? Maar dan komt dat de volgende keer terug op de lijst van nieuwe behandelvoorstellen. Mevrouw Braanker: Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Graag gedaan. Dan gaan we het op die manier doen. Als u uw beeldschernn weer wil uitzetten, want ik zie mezelf drie keer. Als u uw camera, ja, dank u wel. Mijnheer Van der Meer, als u ook uw camera en microfoon uitzet. Dank u wel. Dan mijn excuus dat het even romnnelig verloopt, maar ik zag ook dat nnevrouw behoorlijk aan het struggelen was om haar boodschap over te brengen, vandaar dat ik haar iets meer tijd heb gegeven dan normaal. Want ze had zo haar best gedaan er op zag ik en dan zat het even niet mee met de techniek. Dus mijn excuses dat het iets langer heeft geduurd. Het komt nog een keer terug. Dan gaan we door met het volgende agendapunt en dat betreft agendapunt 21, stand van zaken moties.

21. Stand van zaken Moties De voorzitter: Mijnheer Struijk die had iets over de motie zwerfafval, motie M8. Mijnheer Struijk. De heer Struijk: Dank u wel, voorzitter. Ik vind het een beetje merkwaardig dat er een statusvoorstel afvoer bestaat. En ja, de kolonn daarnaast staat niets. Bij alle andere moties wordt er altijd aangegeven waarom iets afgevoerd wordt. Ja, ik heb eigenlijk niet het idee dat er heel veel gebeurd is. Dus mijn voorstel is: hou hem nog maar eventjes aan en laat de wethouder maar aangeven van wat er met deze motie is gebeurd. De voorzitter: Duidelijk, daarin kunnen wij voorzien. Even kijken, mijnheer Jansen, Alexander Jansen. U had het woord gevraagd twee nninuten geleden. De heer Jansen: Ja, voorzitter. Dat was eerlijk gezegd nog toen we in de discussie zaten met nnevrouw Braanker. De voorzitter: Ja, sorry. De heer Jansen: Om het agenderingsvoorstel van mijnheer Kleinpaste te combineren met de vraag van mijnheer Oostenrijk, namelijk die expertsessie. En daarbij meenemen de reactie van het college van tevoren. Gewoon om meteen vast die stap te nemen om weer een avond te discussieren over iets waar wij van weten waar we toch over gaan praten.

15

De voorzitter: Wellicht dat inderdaad, misschien is het verstandig dat het college eerst een reactie geeft en dat we die dan cornbineren met de presentatie van nnevrouw Braanker. En dat het dan als setje helemaal nog een keer terugkomt in de commissie, dat we dan met zijn allen bepalen wat we daarmee gaan doen. Dat laat ik even aan de griffier, hi] schrijft mee. Dus dat wordt gevolgd, mijnheer Jansen. Dank u wel. Mijnheer Struijk, uw opnnerking over motie M8 is ook genoteerd, dus daar gaan wij in voorzien. De heer Struijk: Dank u wel. De voorzitter: Graag gedaan. Mijnheer Van der Meer, GroenLinks. U had een opmerking over motie M3a, ook de motie 30 en 3. Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, een soortgelijk verzoek als mijnheer Struijk. Kijk, we hebben in november besloten om de RIB, die naar aanleiding van deze motie is uitgebracht, om die nog even aan te houden in afwachting van aanvullende vragen die wij daarover gesteld hebben en een technische sessie die daarover zou plaatsvinden. Hangende die discussie lijkt het mu j vreemd om die motie nu al af te voeren. Dus ik zou ook die graag nog eventjes als in behandeling willen hebben staan. Dank u wel. De voorzitter: Prima. Dat staat ook genoteerd. Daar gaan wij in voorzien. En voor het overige ga ik ervanuit dat het akkoord is, het overzicht. Want we hebben voor de rest geen opmerkingen vooraf ontvangen.

Dus overal waar afvoer wordt voorgesteld wordt ook afgevoerd van het overzicht. Dat gezegd hebbende.

22. Stand van zaken Toezeggingen De voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt 22, stand van zaken toezeggingen. Eigenlijk hetzelfde. Uit het overzicht met toezeggingen daar zijn vooraf geen wijzigingsvoorstellen aangemeld. Tenzij er nu nog iemand het woord daarover wil voeren, misschien iets vergeten of een nabrander. Ik kijk in de chat. Dat is niet het geval. Dan ga ik ervanuit dat de commissie akkoord gaat met het overzicht. En ook daarbij geldt: overal waar afvoeren wordt voorgesteld, dat dat ook als afgedaan wordt gezien. En dat het overzicht hiermee wordt aangepast. Dan hebben we agendapunt 22 gehad.

23. Vaststellen bestemmingsplan 7e herziening Schil, locatie Crownpoint — Raadsvoorstel De voorzitter: Agendapunt 23, bespreken van vaststellen bestemmingsplan 7e herziening schil, locatie Crownpoint. Op dit bestemmingsplan is een tweetal zienswijzen ingediend. De indieners zijn uitgenodigd hun zienswijze tijdens spreken nader toe te lichten. Daarvoor heeft zich niemand gemeld. Daarmee kunnen we het sprekersplein dus afsluiten. Daarmee heb ik wel een vraag aan de commissie. De commissie, of dat het bestemnningsplan. Mijn excuus. Of dat het bestemmingsplan op een later moment nog inhoudelijk in de commissie wil bespreken. En zo ja, over welke punten de commissie dan nog wil spreken. En als de commissie het niet meer hoeft te bespreken, is de commissie ermee akkoord dat die bestemmingsplan dan gelijk als hamerstuk naar de raad gaat? Reacties via de chat alsjeblieft. Dus wil u het nog inhoudelijk bespreken of

16

kan het afgehamerd worden? Hamerstuk, hamerstuk, hamerstuk. Oke, dan gaan we dat afhanneren. En daarmee is het sprekersplein ook afgehandeld. En dan hebben we op de agenda tijd gewonnen dat we weer op schema lopen, dat is mooi.

24. Beantwoorden artikel 40-vragen GroenLinks en CU/SGP Geluid Antwoord brief artikel 40/41 25. Beantwoorden artikel 40-vragen VVD Dordtse VVD wil lawaaiflitsers Antwoord brief artikel 40/41 26. Beantwoorden motie 200415/M1 'meting geluidsoverlast N3' (fase 1) — Raadsinformatiebrief De voorzitter: Dan komen we bij de themabespreking geluid. Daaronder vallen een aantal agendapunten. 24, beantwoorden artikel 40-vragen GroenLinks en CU/SGP over geluid. Beantwoorden artikel 40-vragen VVD, Dordtse VVD wit lawaaiflitsers. En beantwoording motie 200415/M1. Meting geluidsoverlast N3, fase 1. Deze drie agendapunten zullen gezamenlijk besproken worden. een korte inleiding, op 30 november is uitgebreid in de connmissie gesproken over allerlei geluidsthema's door stiller asfalt, snelheidsverlaging, handhaving en lawaaiflitsers. Aan het einde sprak u af in de commissie, aan het einde sprak u af in de comnnissie het terug te laten komen en dan alleen nog te spreken over conceptmoties. Vooraf zijn twee concept nnoties gedeeld. De motie gezond geluid van GroenLinks en de motie lawaaiflitsers tegen herriebakken van de VVD. Ik geef zo eerst het woord aan deze twee fracties om hun moties toe te lichten. Daarna maken we een ronde langs alle fracties. Ook GroenLinks en VVD krijgen dan weer het woord om op elkaars motie te kunnen reageren. Ik geef eerst GroenLinks het woord.

Mijnheer Van der Meer, neem ik aan. De heer Van der Meer: Dank u wel, voorzitter. In onze conceptnnotie is geprobeerd om de suggesties te bundelen die de vorige keer in onze bespreking zijn gedaan. Om de geluidsoverlast en de daardoor optredende gezondheidsschade zo veel mogelijk te beperken, voor zover die aan verkeerslawaai gekoppeld is. Deze oplossingsrichtingen worden in de motie als te onderzoeken richtingen meegegeven aan het college, die heeft aangekondigd in 2022 met nadere voorstellen over bijstelling van het geluidsbeleid te komen. Dus het is een poging om te bundelen wat we vorige keer at gesuggereerd hebben in de richting van de wethouder. En ik hoop dat daar voldoende steun voor is om dat aan de wethouder mee te geven. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Meer. Mijnheer Kuhlmann van de VVD. De heer Kuhlmann: Dank u wel, voorzitter. Anderhalf jaar geleden heb ik nannens de Dordtse VVD opgeroepen om lawaaiflitsers te introduceren in onze stad. Nou, we hebben natuurlijk twee weken geleden daar de inspreker gezien. De krant kopt ook: de stad wacht met smart op lawaaiflitsers. Helaas, die dingen die staan er nog niet, vandaar deze motie om te zorgen dat ze er wel gaan komen. En wat ons betreft ook voor het einde van volgend jaar.

17

De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Oostenrijk, ik zie u rustig zitten. Maar ik wil eerst even de heren hun woord laten doen. Mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Ja voorzitter, ik heb een simpel voorstel onn het commentaar of de discussie rond de twee moties gesplitst te houden. Anders loopt alles door elkaar. Dus mijn voorstel zou zijn het eerst te hebben over de motie van GroenLinks, die afronden en daarna over de motie van de VVD. Dat werkt veel prettiger. De voorzitter: Prima, daar kan ik in voorzien en ik vind dat ook achteraf gezien wel logisch. Dan gaan we dat zo doen. Dan gaan we eerst reageren op de motie van GroenLinks. Wie wil daarover het woord? Ik kijk in de chat. Mijnheer Struijk, gaat uw gang. De heer Struijk: la, dank u wel, voorzitter. Nou, wij vinden het een sympathieke motie, maar een paar kanttekeningen hebben we wel. Om te beginnen met die snelheidsverlaging, zo veel mogelijk 30 kilometer wegen en straten en 80 op de N3. Nou, dat laatste laat ik maar even rusten, want dat is helaas niet onze aangelegenheid. Maar die 30, mijnheer Van der Meer die weet ongetwijfeld dat voor 30 kilometer wegen er geen geluidsnormen gelden. Want de overheid gaat ervanuit dat er dan 30 gereden wordt, maar dat is heel vaak niet zo. Daarom graag aandacht voor bestrating op die wegen. Ik denk dat je dat moet combineren met die 30.

Dus graag in de regelgeving zien wij opgenonnen dat Dordrecht in principe kiest voor de stilste vorm van bestrating. Als het gaat over maximaal stimuleren en versnellen van overgang elektrisch vervoer. Ja, hoe groot is onze invloed in deze vroegen wij ons even af. Dit lijkt vooral een kwestie van landelijk beleid. Zero emissie in de binnenstad, dat lijkt ons voorlopig het maximaal haalbare. De volgende, daar zijn we het helennaal mee eens, beleid om automobiliteit te beperken. Stiller asfalt en bestrating, ik denk in ieder geval als er een weg op de schop gaat, dan moet daar naar gekeken worden. Alles nu aanpassen, dat is denk ik onbetaalbaar. Het volgende punt, daar zijn we het helennaal mee eens over die gevels, daar hebben we het ook al vaker over gehad. En de laatste, die effectieve handhaving, heel graag. Maar we vrezen wel dat het in de praktijk niet eenvoudig is. En dan is de vraag natuurlijk: hoeveel hebben wij ervoor over? Ik vermoed dat de wethouder dat ook gaat vragen. Ik dank u wel. Maar we staan sympathiek tegenover deze motie. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Struijk. Mevrouw Jager. Mevrouw Jailer: Op zich een sympathieke motie. Aileen ja, net als mijnheer Struijk, ik ben ervan overtuigd, 80 op de N3, dat heeft Rijkswaterstaat nog nooit gewild. Dus het lijkt me sterk dat ze dat nu wel zouden gaan willen.

Dordrecht kan erom verzoeken, maar we hebben er geen zeggenschap over. Stil asfalt, stille bestrating. Leuk, maar als die motoren zelf herrie aan het nnaken zijn, dan helpt stil asfalt daar echt helemaal niks tegen. Verder hebben we volgens mij niet zoveel last van scooters, die ma ken niet zo'n herrie over het algenneen. Maar waar wij wel last van hebben is van motoren en vooral van quads. En ik woon langs een van de wegen die mijnheer Van der Meer met name noemt. En ik kan u verzekeren dat vooral in de zomer motoren en quads voor echt veel grotere boosdoeners zijn dan andere zaken, dan auto's en scooters. Dus ik denk dat het

18

raadzaam zou zijn om daar toch iets in te veranderen, in de motie. En dat waren mijn opmerkingen zo'n beetje. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Jager. Dan kom ik bij mijnheer Jansen van de PvdA. De heer Jansen: Ja, ik kan het heel kort houden. Want eigenlijk is alles al gezegd wat ik wilde zeggen. Ik had dezelfde opnnerking over de N3. Heel goed dat we daar om blijven roepen, maar het is wel een kansloze exercitie, want daar hebben we al heel vaak om gevraagd. En dat wil Rijkswaterstaat gewoon niet. Voor de rest een sympathieke motie. En ik zal niet alles herhalen wat mijn voorgangers al gezegd hebben. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Jansen. Mijnheer Kleinpaste, kort. De heer Kleinpaste: Ja, voorzitter. Er is al heel veel gezegd waarbij ik me kan aansluiten. Ook ik vind het best synnpathiek wat hier verwoord wordt, maar ik vind het ook overbodig. Dus we gaan die motie ook niet steunen, dat zeg ik dan ook maar klip en klaar. Dat is voor een deel vertraagd naar maatregelen waar in andere moties al eerder over gesproken en om verzocht. En deels is het zo algemeen dat je er nul kaders in meegeeft voor een college. En den vind ik dat we ons eigen werk gewoon niet goed genoeg doen. De voorzitter: Duidelijk, dank u wel. Mijnheer GLindogdu. De heer Gundogdu: Voorzitter, dank u wel.

Ik ga ook niet herhalen, maar wil wel mijnheer Kleinpaste even bijvallen over kaders nneegeven richting het college. Het is een hele sympathieke motie, om daarmee te beginnen. Maar als we het hebben over snelheidsverlaging en daar staat tussen haakjes: zo veel mogelijk 30 kilometer wegen. Daar kunnen wij uiteraard in meegaan. Maar vanuit kader stellend orgaan denken wij dat we dat zeg maar wat nader nnoeten duiden. Want ik heb zo wel het idee wat voor reactie vanuit het college komt als je dit zo ruim aangeeft als verzoek richting het college. Dan vrees ik dat daar nihil of weinig van terecht komt. Dus mijn verzoek aan mijnheer Van der Meer zou zijn, los van de onderstaande punten, om die snelheidsverlaging wat nader te duiden in deze motie. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel voor uw aanvullingen. Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ja, dank u, voorzitter. Wij hebben eigenlijk twee punten, laat ik even synnpathiek beginnen. Het laatste onderdeel in de motie effectieve handhaving tegen verkeersasocialen, dat steunen we natuurlijk. Ik denk wel, en dat is in navolging van mijnheer Kleinpaste en andere sprekers, dat is wel erg algemeen. Wat ons betreft maken we dat wat concreter. Daar komen we straks op hoe dat kan. Voor het overige zijn er eigenlijk twee punten die ik wil maken. Het is een beetje van alles een beetje, heel algemeen.

En dat maakt dat in onze ogen over het hoofd gezien wordt dat er toch wel een vornn van verkeersgeluid er echt uitspringt. Dat zijn die herriebakken, die patsers met hun uitlaten. Dat is wat echt expres wordt gemaakt om het lawaai. Qua geluid er ook enorm uitspringt. En wat ik zelf vind, en ook van heel veel mensen in de

19

stad hoor, ook wel ergernis daaruit springt. Wat ons betreft eentje om echt aan te pakken. Waarom noenn ik dat zo nadrukkelijk? Ik vergelijk maar wanneer je een leeuw in de stad hebt rondlopen. Wat ons betreft stuur je dan tien man erop uit, het hele team, om die leeuw te vangen. Wat hier gebeurt lijkt een beetje alsof we een mannetje eruit wordt gedaan om die leeuw te vangen, een andere die gaat richting die meeuwen voor het meeuwenpoepprobleem, weer een andere die kijkt naar de muizen en hoe het zit met de overlast bij de bakker. Kortom, het is heel erg gespreid. Wat ons betreft focus je. En het tweede punt met deze motie, een aantal mensen hebben gezegd: ja, het is sympathiek. Ik vind hem eigenlijk niet zo sympathiek, omdat waar het gaat om het verkeerslawaai worden niet degenen gepakt die juist iedereen, hoe heet het, worden niet degenen gepakt die die enorme herrie maken, die het verpesten voor anderen. Maar wat betreft GroenLinks, en dat past een beetje bij de droom zoals ik die eerder heb gehoord van mijnheer Van der Meer, namelijk: eigenlijk iedereen elektrisch en zo snel mogelijk. En ook het liefst helemaal geen auto's of gennotoriseerd verkeer, iedereen op de fiets. Op deze manier wordt ook de goedwillende automobilist of de goedwillende motorrijder gestraft. Dat is een verkeerd, wat ons betreft is het net als in de klas. De etterbakken, die geef je straf.

Maar je stuurt niet de hele klas naar huis omdat het mis gaat. Dus dat is hoe we nu tegen die motie aankijken. Er zitten gewoon een aantal onderdelen in die ons niet zo aanstaan. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kuhlmann, voor uw inbreng. Even kijken, wie is er dan aan de beurt? Mijnheer Oostenrijk, CDA. De heer Oostenrijk: Ja, voorzitter. De CDA-fractie kan zich in hoge mate vinden in de argunnentatie van mijnheer Kleinpaste. De sympathiekheid zit hem in de onderdelen waar al bestaand beleid is of dat er al uitspraken door de raad zijn genomen in diezelfde richting. Dus daarmee vervalt de sympathiekheid. En hij is zo voorkeursloos dat je er dus eigenlijk een kant mee uit kunt. Derhalve wij zullen deze motie niet steunen. De voorzitter: Oke, dat gezegd hebbende. Dank u wel, mijnheer Oostenrijk. Dan kom ik bij mijnheer Tabak, D66. De heer Tabak: Dank u wel. Voorzitter, wij zijn het ook eens met mijnheer Kleinpaste. Een synnpathieke motie en met heel veel punten kunnen we het inderdaad eens zijn. Maar hij is eigenlijk overbodig. De connmissie is volgens mij weer aan zet bij het nieuwe actieplan geluid, wat in 2022-2023 wordt vormgegeven. Laten we dan deze punten in dat plan meenemen en niet die nu al vast gaan stellen. De voorzitter: Duidelijk, dank u wel. Mijnheer Nederhof, Beter voor Dordt. De heer Nederhof: Ja, dank u, voorzitter. Er is heel veel gezegd.

Wij vinden hem ook overbodig. Het enige wat er uit schiet is dan die dertig kilometer zone. Ja, waar het kan begin er mee. En ik denk dat dat het enige is. En verder vinden wij hem erg algenneen, dus wij steunen het ook niet. Dank u wel. De voorzitter: Oke, u ook bedankt. Dan hebben we alle opmerkingen en aanvullingen op de motie van GroenLinks gehad. En ik kijk even of dat er iennand vanuit het college

20

aanwezig is om ook een eerste reactie te geven op de motie van GroenLinks. Kijk, we zien eindelijk iemand vanuit het college. Het is niet waar. De heer Van der Linden: Goedenavond, iemand van het college. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Ja, welkom. De heer Van der Linden: Ik haak wat later aan. Ik begreep dat er in de vergadering ook mondelinge vragen zijn gesteld. Dat wist ik niet. Maar ik kan daar eventueel kort op ingaan als u dat wenst ergens in de vergadering nog. De voorzitter: Ja, laten we dat na dit agendapunt gelijk even oppakken. De heer Van der Linden: Ja, prima. De motie van GroenLinks. Nou, er wordt gevraagd om een aantal dingen die we ook hebben besproken vorige week. Dingen ook als het gaat om 30 kilometer die ook in andere RIBs zijn verwoord waar nog op teruggekomen wordt volgens uw agenda. Het klopt dat het college volgend jaar begint met het opstellen van een afterplan geluid. Dat zou in 2023 klaar moeten zijn. Nou, dan konnen al deze elementen terug. Ik hoor een aantal van u zeggen: ja, eigenlijk is deze motie overbodig. Een aantal anderen van u zegt: nou, misschien is dit wel een stimulans om hier extra aandacht voor te vragen. Nou, dat sowieso natuurlijk. Bij het opstellen van het actieplan geluid komt dit zeker terug.

Dus in die zin, ik stel voor dat u zelf besluit wat u stemt, dat doet u altijd, maar als die aangenomen wordt zou ik hem beschouwen als een steun in de rug van het opstellen van een actieplan geluid. Waarin we dan ook worden uitgenodigd door de raad om ons uit te spreken over bijvoorbeeld dertig kilometer per uur en ook het stimuleren van geluidlozer vervoer. Tot zover. Het kader is dus wat ons betreft het actieplan geluid, eerst de geluidsbelastingkaart en daarna het actieplan geluid wat in de volgende periode tot stand zou konnen. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Van der Linden. Mijnheer Van der Meer, wil u nog als laatste reageren op alle reacties die u op uw motie heeft gehad? De heer Van der Meer: Ja, ik heb goed geluisterd. En ik begrijp heel goed dat er allerlei dingen die in de motie staan nog niet in detail zijn uitgewerkt. Een aantal daarvan zijn andere moties over aangenomen en over een aantal gaan we nog verder met elkaar over in discussie, bijvoorbeeld over de dertig kilometer. Ik heb ook goed nota genomen van de uitspraak van de wethouder dat die al deze punten gaat betrekken in de planvornning over het geluidsbeleid in het volgende jaar. Nou, daar ben ik heel blij nnee, dat was een belangrijke visie van deze motie.

En ik zal overwegen of dat betekent dat we de motie kunnen intrekken of dat we hem als ondersteuning van het voornemen van de wethouder alsnog indienen. Een paar opnnerkingen over de kritische kanttekeningen die gemaakt zijn. Natuurlijk betekent alleen de snelheidsverlaging op zich niet voldoende. Natuurlijk betekent stiller wegdek niet de oplossing van het probleem als er ook verkeersasocialen zijn. Waar het ons om gaat is dat juist al deze aspecten tegelijkertijd in de beschouwing worden genonnen. Het is eigenlijk een oproep tot een integrale aanpak van die verkeer-gerelateerde geluidsproblematiek. En dat hebben we willen doen in het geheel. En ik vind het dan erg jammer als met name mijnheer

21

Kuhlmann suggereert alsof het probleem die verkeersasocialen zijn. Natuurlijk is dat een groot probleem en wij zullen hem straks ook volop steunen in het bestrijden daarvan. Maar dat moet je niet de ogen doen sluiten voor het felt dat sowieso overal in Dordt, of bijna overal in Dordt, het geluidsniveau ruim boven de voorkeursnorm van de gezondheidsorganisatie is. En dat probleem moet echt goed onder ogen worden gezien. Dat hebben we nog een keer willen onderstrepen met deze motie. Dank u wel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/360/documents/15561