CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6. Akoestisch onderzoek.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 21 september 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 13: Vaststellen bestemmingsplan 3e herziening Krispijn, locatie Nieuweweg 4 - Raadsvoorstel29.133 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Akoestisch Onderzoek Nieuwbouwplan Nieuweweg 4 in Dordrecht

Akoestisch Onderzoek Nieuwbouwplan Nieuweweg 4 in Dordrecht

Projectnummer

: VL.2060.R01

Revisie

:2

Rapportdatum

: 28 april 2021

Auteur

: P. Kraaij

Opdrachtgever

: De heer J. Driesprong Krommedijk 177 3313 LD Dordrecht

Contactpersoon

: De heer J. Driesprong De heer B. Dekker (Stijl Architectuur)

Kraaij Akoestisch Adviesbureau Frisodonk 5 4707 VG Roosendaal T: 0165-544833 M: 06-10078854 E: info@kraaijbv.nl

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING .................................................................................................................................................. 5

2

WETTELIJK KADER ..................................................................................................................................... 7 2.1 ALGEMEEN ................................................................................................................................................... 7 2.2 WEGVERKEERSLAWAAI.................................................................................................................................... 7 2.2.1 Nieuwe situaties ................................................................................................................................ 8 2.2.2 30 km/u wegen .................................................................................................................................. 9 2.3 REKEN- EN MEETVOORSCHRIFT GELUID 2012...................................................................................................... 9 2.4 RAILVERKEERSLAWAAI................................................................................................................................... 10 2.5 CUMULATIE ................................................................................................................................................ 10 2.6 GEMEENTELIJK GELUIDBELEID ......................................................................................................................... 11

3

UITGANGSPUNTEN GELUIDBELASTING .................................................................................................... 13 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

4

ALGEMEEN ................................................................................................................................................. 13 VERKEERSGEGEVENS ..................................................................................................................................... 14 SPOORGEGEVENS ......................................................................................................................................... 15 REKENMETHODE .......................................................................................................................................... 15 MODELLERING ............................................................................................................................................ 16

REKENRESULTATEN EN BEOORDELING GELUIDBELASTING ...................................................................... 19 4.1 GELUIDBELASTING VANWEGE DE GELUIDGEZONEERDE WEGEN .............................................................................. 19 4.1.1 Laan der Verenigde Naties............................................................................................................... 19 4.1.2 Dubbeldamseweg Zuid .................................................................................................................... 19 4.1.3 Leerparkpromenade ........................................................................................................................ 20 4.1.4 N3 .................................................................................................................................................... 21 4.1 GELUIDBELASTING VANWEGE SPOORWEGLAWAAI ............................................................................................... 22 4.2 CUMULATIE VAN GELUID ............................................................................................................................... 23

5

CONCLUSIE .............................................................................................................................................. 25 5.1 ALGEMEEN ................................................................................................................................................. 25 5.2 TOETS AAN DE WET GELUIDHINDER ................................................................................................................. 25 5.2.1 Laan der Verenigde Naties (en gezoneerd deel Nassauweg)........................................................... 25 5.2.2 Dubbeldamseweg Zuid .................................................................................................................... 25 5.2.3 Leerparkpromenade (incl. Prof. Waterinklaan en Eemsteynstraat) ................................................ 26 5.2.4 Rijksweg N3 ..................................................................................................................................... 26 5.2.5 Spoorlijnen Dordrecht – Gorinchem en Rotterdam – Roosendaal/Breda ........................................ 26 5.3 AKOESTISCH WOON- EN LEEFKLIMAAT / GOEDE RUIMTELIJKE ORDENING ................................................................. 26

6

MAATREGELENONDERZOEK .................................................................................................................... 28 6.1.1 6.1.2 6.1.3

Bronmaatregelen ............................................................................................................................. 28 Overdrachtsmaatregelen ................................................................................................................. 28 Maatregelen bij de ontvanger ......................................................................................................... 29

7

UITWERKING GEKOZEN SCHERMMAATREGEL ......................................................................................... 31

8

GEMEENTELIJK BELEID HOGERE GRENSWAARDEN .................................................................................. 33

9

ADVIES .................................................................................................................................................... 34

VL.2060.R01_rev2

pagina 3

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

Bijlagen Bijlage I : Bijlage II : Bijlage III : Bijlage IV : Bijlage V : Bijlage VI : Bijlage VII: Bijlage VIII: Bijlage IX :

Modelgegevens Rekenresultaten geluidbelasting vanwege de Laan der Verenigde Naties Rekenresultaten geluidbelasting vanwege de Leerparkpromenade Rekenresultaten geluidbelasting vanwege de Dubbeldamseweg Zuid Rekenresultaten geluidbelasting vanwege de rijksweg N3 Rekenresultaten geluidbelasting vanwege spoorweglawaai Gecumuleerde rekenresultaten wegverkeerslawaai Vergelijkingstabel geluidbelasting spoorweglawaai met maatregelopties Kostenraming toepassing schermmaatregel optie 1

Figuren Figuur 1 : Figuur 2 : Figuur 3 :

VL.2060.R01_rev2

Overzicht modellering wegverkeerslawaai Overzicht modellering railverkeerslawaai Detailweergave model met inzoom op ligging toetspunten

pagina 4

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

1

INLEIDING

In opdracht van de heer J. Driesprong is door Kraaij Akoestisch Adviesbureau een akoestisch onderzoek verricht voor een nieuwbouwplan op een perceel aan de Nieuweweg 4 in Dordrecht. Het voornemen is om op het terrein twee vrijstaande nieuwbouwwoningen op te richten met een bouwhoogte van maximaal 10 meter. In het geldend bestemmingsplan heeft de planlocatie nog een bedrijfsbestemming met functie tuincentrum en een maximum bouwhoogte van 5 meter. Om het nieuwbouwplan mogelijk te maken, dient de huidige bestemming dus te worden gewijzigd naar een woonbestemming (voor twee woningen) en de maximum bouwhoogte te worden aangepast. Dit wordt middels een ruimtelijke procedure geregeld. Op basis van de Wet geluidhinder moet bij een bestemmingsplanwijziging waarbij nieuwe geluidgevoelige bestemmingen mogelijk worden gemaakt, de geluidbelasting op deze nieuwe bestemmingen, als zij binnen de geluidzone van een (spoor)weg of industrieterrein zijn gelegen, worden bepaald. Een nieuwe woning wordt daarbij gezien als een nieuwe geluidgevoelige bestemming. De planlocatie bevindt zich binnen de bebouwde kom van Dordrecht en voor wat betreft verkeerslawaai binnen de geluidzone van de Laan der Verenigde Naties, de Leerparkpromenade, de Dubbeldamseweg Zuid, de rijksweg N3, de spoorlijn van Rotterdam via Dordrecht naar Breda/Roosendaal en de spoorlijn van Dordrecht naar Gorinchem.

De planlocatie bevindt zich niet binnen de geluidzone van een industrieterrein. De Wet geluidhinder is dus van toepassing voor zowel wegverkeerslawaai als spoorweglawaai, maar niet voor industrielawaai. In de directe nabijheid van de planlocatie is de Nieuweweg de enige weg met een maximale rijsnelheid van 30 km/u gelegen. Dergelijke wegen hebben volgens de Wgh geen geluidzone en formeel dus ook geen toetsingsplicht aan de Wgh. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is het echter wel wenselijk de geluidbelasting van dergelijke wegen te beschouwen als de geluidbelasting vanwege de wegen relevant geacht wordt voor de beoogde ontwikkeling. In voorliggende situatie is de planlocatie direct aan de Nieuweweg gelegen. De verkeersintensiteit op deze weg wordt echter dusdanig laag geschat (< 300 mvt) dat deze weg niet van invloed is op de planlocatie. Het akoestisch onderzoek heeft zodoende tot doel de geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai en spoorweglawaai te bepalen en deze te toetsen aan de normen uit de Wet geluidhinder. Daarnaast wordt, in het kader van een goede ruimtelijke ordening, in onderhavig onderzoek ook inzicht gegeven in de aanwezigheid van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.

Voor onderhavig onderzoek is gebruikt gemaakt van de volgende informatie: • Digitale ondergrond van het onderzoeksgebied, gedownload via het kadaster/Nationaal Georegister; • Situatietekening definitief van de nieuwbouw (pdf van 3e herziening dd. 1-3-2020), geleverd door de opdrachtgever; • Google Earth/Streetview; • AHN-viewer; • Data van objecten, bodemgebieden en hoogtelijnen, verkregen via 3DDataLab van DGMR; • Verkeersgegevens gemeentelijke wegen, afkomstig van de RVMK Drechtsteden 2018, geleverd door de OZHZ; • Verkeersgegeven rijksweg, afkomstig van het Geluidregister; • Brongegevens van de N3, afkomstig van het Geluidregister wegen en gedownload van de website van Rijkswaterstaat; • Brongegevens van de spoorlijnen Rotterdam-Roosendaal en Dordrecht-Gorinchem, afkomstig van het Geluidregister spoor en gedownload van de site van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. De genoemde geluidbelastingen in dit rapport zijn voor wat betreft het aspect wegverkeerslawaai inclusief aftrek ingevolge artikel 110g van de Wet geluidhinder, tenzij anders is vermeld. Deze aftrek is geregeld in artikel 3.4 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012.

VL.2060.R01_rev2

pagina 5

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

Leeswijzer In hoofdstuk 2 van deze rapportage wordt ingegaan op het wettelijk kader. Vervolgens worden in hoofdstuk 3 de uitgangspunten voor het onderzoek besproken. In hoofdstuk 4 worden de resultaten en de beoordeling hiervan behandeld. Hoofdstuk 5 bevat de conclusie van het akoestisch onderzoek. Vanwege de overschrijding van de voorkeursgrenswaarde vanwege railverkeerslawaai is een maatregelenonderzoek uitgevoerd. Het maatregelenonderzoek is opgenomen in hoofdstuk 6. In hoofdstuk 7 is de toetsing van de rekenresultaten aan het gemeentelijke beleid opgenomen. Hoofdstuk 8 bevat tenslotte het advies.

VL.2060.R01_rev2

pagina 6

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

2

WETTELIJK KADER 2.1

Algemeen

De regels (grenswaarden) met betrekking tot de (maximaal) toelaatbare hoeveelheid geluid afkomstig van een industrieterrein, weg of spoorweg, zijn opgenomen in de Wet geluidhinder (Wgh). Voor industrielawaai is hoofdstuk V van de Wgh van toepassing, voor wegverkeerslawaai is hoofdstuk VI van de Wgh van toepassing en voor spoorweglawaai is hoofdstuk VII van de Wgh van toepassing. De Wet geluidhinder is alleen van toepassing binnen een conform deze wet geldende geluidszone. De grenswaarden (voorkeursgrenswaarde en ten hoogste toelaatbare waarde) uit de Wet geluidhinder zijn van toepassing op de geluidsbelasting op de gevel van woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen en terreinen (o.a. woonwagenstandplaatsen, ligplaatsen in het water, scholen, kinderdagverblijven, ziekenhuizen, verpleeghuizen en andere gezondheidszorggebouwen). In artikel 1 en artikel 1b lid 4 van de Wet geluidhinder is de volgende definitie opgenomen voor het begrip gevel: de bouwkundige constructie die een ruimte in een woning of gebouw scheidt van de buitenlucht, daaronder begrepen het dak. In afwijking van artikel 1 wordt onder een gevel in de zin van deze wet en de daarop berustende bepalingen niet verstaan: a.

een bouwkundige constructie waarin geen te openen delen aanwezig zijn en met een in de NEN 5077 bedoelde karakteristieke geluidwering die ten minste gelijk is aan het verschil tussen de geluidsbelasting van die constructie en 33 dB onderscheidenlijk 35 dB(A), alsmede een bouwkundige constructie waarin alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits de delen niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte.

b.

Daarnaast gelden voor de verschillende geluidgevoelige ruimten in de verschillende geluidgevoelige bestemmingen, afhankelijk van het gebruik van de ruimte, afwijkende normen met betrekking tot de toelaatbare geluidbelasting binnen deze ruimten. 2.2

Wegverkeerslawaai

De regels en normen die gelden voor wegverkeerslawaai zijn opgenomen in hoofdstuk VI “Zones langs wegen” van de Wet geluidhinder. De regels en normen uit de Wet geluidhinder (Wgh) gelden binnen de wettelijk vastgestelde zone van een weg. De breedte van de zone van een weg is geregeld in afdeling 1 “Omvang geluidzones” van genoemd hoofdstuk. Op grond van artikel 74 van de Wet geluidhinder heeft elke weg een geluidzone, met uitzondering van de volgende wegen: 1. 2.

wegen gelegen binnen een als woonerf aangeduid gebied; wegen waarvoor een maximumsnelheid van 30 km/uur geldt.

De breedte van een zone is, op grond van artikel 74 van de Wet geluidhinder, afhankelijk van de ligging in stedelijk 1 of buitenstedelijk 2 gebied en van het aantal rijstroken. De afstanden, genoemd in artikel 74, eerste lid, worden aan weerszijden van de weg gemeten vanaf de buitenste begrenzing van de buitenste rijstrook.

1 Onder stedelijk gebied wordt verstaan, het gebied binnen de bebouwde kom, doch, voor toepassing van hoofdstuk VI

(“Wegen”) van de Wet geluidhinder, met uitzondering van het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens. 2 Onder buitenstedelijk gebied wordt verstaan, het gebied buiten de bebouwde kom alsmede, voor toepassing van hoofdstuk VI (“Wegen”) van de Wet geluidhinder, het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens.

VL.2060.R01_rev2

pagina 7

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

In de volgende tabel staan de zones langs wegen weergegeven. Tabel 2.1: Zonebreedtes wegen Aantal rijstroken 1 of 2 rijstroken

Zone in stedelijk gebied 200 meter

Zone in buitenstedelijk gebied 250 meter

3 of 4 rijstroken

350 meter

400 meter

5 of meer rijstroken

350 meter

600 meter

Aan de uiteinden van een weg loopt de zone door over een afstand gelijk aan de breedte van de zone ter hoogte van het einde van de weg. De zone loopt door langs een lijn die is gelegen in het verlengde van de wegas. Zij behoudt de breedte die zij had ter hoogte van het einde van de weg. In de directe omgeving van de onderzoekslocatie liggen de geluidgezoneerde Laan der VN, Nassauweg, Leerparkpromenade, Dubbeldamseweg Zuid, Mariastraat en rijksweg N3. Alle wegen, behalve de N3, liggen in stedelijk gebied. De Laan der VN ligt in stedelijk gebied en bestaat grotendeels uit vier of meer rijstroken, waarmee de zonebreedte 350 meter bedraagt. De rand van de planlocatie bevindt zich op circa 340 meter van de rand van de Laan der VN en ligt daarmee net binnen zijn geluidzone. Deze weg dient dus meegenomen te worden in de toetsing aan de Wet geluidhinder. Alle overige gemeentelijke wegen rond de onderzoekslocatie bestaan uit twee (gescheiden) rijstroken. De zonebreedte van deze wegen is daarom 200 meter. De (rand van de ) onderzoekslocatie bevindt zich op circa 140 meter afstand tot de rand van de Leerparkpromenade en circa 190 meter van de rand van de Dubbeldamseweg Zuid. De afstand tot de overige gemeentelijke wegen met maximaal twee rijstroken bedraagt meer dan 200 meter.

Voor de toetsing aan de Wgh zijn daarvan dus alleen de Dubbeldamseweg Zuid en de Leerparkpromenade meegenomen in het onderzoek. De geluidbelasting vanwege de Nassauweg en de Mariastraat is buiten beschouwing gelaten, omdat deze wegen, los van de afstand tot de planlocatie, ook een lagere verkeersintensiteit hebben en daarom ook nog minder invloed uitoefenen op de planlocatie. De rijksweg N3 loopt weliswaar door stedelijk gebied, maar wordt als buitenstedelijk beschouwd omdat het een autoweg betreft. De N3, inclusief op- en afritten, bestaat ter hoogte van de planlocatie uit meer dan vijf rijbanen. De zonebreedte van deze rijksweg bedraagt daarmee 600 meter. Aangezien de planlocatie zich op circa 460 meter afstand van een afrit en circa 510 meter tot de hoofdrijbaan bevindt, ligt deze nog binnen zijn geluidzone. Volgens de Wgh is toetsing aan deze weg dus noodzakelijk. In de Wet geluidhinder wordt voor wegverkeerslawaai onderscheid gemaakt in nieuwe situaties, bestaande situaties en reconstructies. De grenswaarden en regels die hierbij gelden zijn opgenomen in de onderstaande afdelingen (artikelen) van hoofdstuk VI “Zones langs wegen” van de Wet geluidhinder: • • •

afdeling 2 “Maatregelen met betrekking tot nieuwe situaties in zones” (artikel 76 t/m 87i); afdeling 3 “Bestaande situaties” (artikel 87j t/m 90); afdeling 4 “Reconstructies” (artikel 98 t/m 100b).

Voor onderhavige situatie is de afdeling 2 van toepassing. 2.2.1 Nieuwe situaties Conform de Wet geluidhinder worden bij de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan de waarden van de geluidbelasting van de gevel van woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en van geluidsgevoelige terreinen binnen die zone in acht genomen. Door de gemeente Dordrecht is aangegeven dat vanwege de omzetting in bestemming, uitgegaan dient te worden van een ‘nieuwe situatie’. Op grond van artikel 82 bedraagt de ten hoogst toelaatbare geluidbelasting vanwege een weg 48 dB. In afwijking hierop kan op grond van de artikelen 83 tot en met 85 een hogere waarde worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde voor woningen in buitenstedelijk gebied de 53 dB niet te boven mag gaan en voor woningen in stedelijk gebied de 63 dB niet te boven mag gaan.

VL.2060.R01_rev2

pagina 8

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

In onderhavige situatie is de ontwikkellocatie gelegen in stedelijk gebied en is uitgegaan van een ontheffingswaarde van maximaal 63 dB voor de gemeentelijke wegen en een ontheffingswaarde van 53 dB voor de buitenstedelijk gelegen autoweg N3. 2.2.2 30 km/u wegen Op basis van jurisprudentie dient, in het kader van een goede ruimtelijke ordening, de aanvaardbaarheid van het akoestisch woon- en leefklimaat ook bij niet geluidgezoneerde 30 km/uur wegen te worden onderbouwd. Ter onderbouwing van de aanvaardbaarheid van de geluidsbelasting vanwege 30 km/u wegen wordt aangesloten bij de benaderingswijze die de Wgh hanteert voor gezoneerde wegen. Vanuit dat oogpunt worden de voorkeursgrenswaarde en de uiterste grenswaarde als referentiekader gehanteerd. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB geldt hierbij als richtwaarde en de maximale ontheffingswaarde van 63 dB volgens de Wgh als maximaal aanvaardbare waarde. Hierbij wordt eveneens een aftrek van 5 dB in lijn met artikel 110g van de Wgh in acht genomen. De Nieuweweg ligt weliswaar in de nabijheid van de planlocatie en heeft een 30 km/u regime. Van deze weg zijn geen verkeersgegevens opgenomen in de RVMK Drechtsteden.

De verkeersintensiteit op deze doodlopende weg voor uitsluitend bestemmingsverkeer wordt zodanig laag geschat (<300 mvt), dat deze geen invloed zal uitoefenen op de planlocatie en daarom niet wordt meegenomen in het onderzoek. Buiten de Nieuweweg zijn binnen een straal van 200 meter geen andere 30 km/u wegen aanwezig die van invloed kunnen zijn op de planlocatie.

2.3

Reken- en meetvoorschrift Geluid 2012

Met ingang van 20 mei 2014 is het Reken- en meetvoorschrift Geluid gewijzigd. Deze wijziging is tijdelijk van kracht en betreft een verruiming van de aftrek bij wegen met een snelheid van 70 km/ uur en hoger. De wijziging voorkomt tijdelijke extra belemmeringen voor woningbouwplannen. In onderhavige situatie is de maximale snelheid op de gemeentelijke wegen die in het onderzoek betrokken zijn weliswaar 50 km/uur, maar het snelheidsregime op de N3 bedraagt 100 km/u, waardoor deze verruiming dus alleen bij de N3 van toepassing is. De aftrek is als volgt geregeld: Artikel 3.4 lid 1 De ingevolge artikel 110g van de Wet geluidhinder toe te passen aftrek op de geluidsbelasting vanwege een weg, van de gevel van woningen of van andere geluidsgevoelige gebouwen of aan de grens van geluidsgevoelige terreinen bedraagt tot 1 juli 2018: a. 3 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en de geluidsbelasting vanwege de weg zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 56 dB is; b. 4 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en de geluidsbelasting vanwege de weg zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 57 dB is; c.

2 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en de geluidsbelasting afwijkt van de onder a en b genoemde waarden; d. 5 dB voor de overige wegen; e. 0 dB bij toepassing van de artikelen 3.2 en 3.3 van het Bouwbesluit 2012 en bij toepassing van de artikelen 111b, tweede en derde lid, 112 en 113 van de Wet geluidhinder. De in artikel 3.5 geregelde aftrek voor ‘stille banden’ is eveneens alleen van toepassing voor wegen met een snelheid van 70 km/uur of hoger en is in onderhavig onderzoek dus eveneens van toepassing op de rijksweg N3. Deze wegdekcorrectie wordt automatisch toegepast in het rekenprogramma en is bij de rekenresultaten inbegrepen.

VL.2060.R01_rev2

pagina 9

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

2.4

Railverkeerslawaai

In het Besluit Geluidhinder van 1 juli 2012 is het wettelijk kader van geluidhinder vanwege spoorwegen opgenomen. Op grond van artikel 1.4a is de zonebreedte van de trajecten in Nederland vastgesteld. De zonebreedte is afhankelijk van het vastgesteld geluidproductieplafond op het betrokken referentiepunt en strekt zich uit vanaf de as van de spoorweg tot de breedte naast de spoorweg, gemeten vanuit de buitenste spoorstaaf, als aangegeven in onderstaande tabel. Tabel 2.2: Zonebreedtes spoorwegen Hoogte geluidproductieplafond (gpp) Kleiner dan 56 dB

Breedte zone 100 meter

Gelijk aan of groter dan 56 dB en kleiner dan 61 dB

200 meter

Gelijk aan of groter dan 61 dB en kleiner dan 66 dB

300 meter

Gelijk aan of groter dan 66 dB en kleiner dan 71 dB

600 meter

Gelijk aan of groter dan 71 dB en kleiner dan 74 dB

900 meter

Gelijk aan of groter dan 74 dB

1200 meter

De gpp’s zijn op 1 juli 2012 door een wetswijziging van de Wet milieubeheer voor hoofdspoorwegen van kracht geworden. Gpp’s zijn berekende waarden op referentiepunten en stellen een heldere grens over de toelaatbare hoeveelheid geluid en voorkomen een onbelemmerde groei van het geluid door toenemend verkeer. Deze referentiepunten liggen om de 100 meter op 4 meter boven lokaal maaiveld, op een vaste afstand van 50 meter aan weerszijden van het spoor. De gpp’s, brongegevens en relevante besluitinformatie zijn opgenomen in het zogenaamde geluidregister. Dit register is openbaar, elektronisch toegankelijk en te vinden via de website van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het plangebied ligt het meest in de buurt van de referentiepunten 31999 t/m 32010 (spoor Dordrecht – Breda/Roosendaal) en 51992, 51991 t/m 52011 (oneven) en 31777 t/m 31787 (oneven) (zuidzijde spoor Rotterdam – Dordrecht – Gorinchem). De gpp’s van deze referentiepunten bedragen respectievelijk 56 – 71 dB en 53 – 66 dB. Dit betekent dat de spoorlijn van Dordrecht naar Roosendaal/Breda conform artikel 1.4a van het Besluit Geluidhinder een zonebreedte heeft van 200 tot 600 meter en van Rotterdam naar Gorinchem een zonebreedte van 100 tot 600 meter.

De planlocatie ligt op een afstand van circa 550 meter ten zuiden van de spoorlijn Rotterdam/Dordrecht - Gorinchem en direct ten westen van de spoorlijn Rotterdam/Dordrecht – Breda/Roosendaal en valt daarmee binnen beide geluidzones. De ten hoogst toelaatbare geluidsbelasting vanwege een spoorweg mag conform artikel 4.9 van het Besluit Geluidhinder niet meer bedragen dan 55 dB. Onder voorwaarden kan een hogere waarde worden vastgesteld op grond van artikel 4.10 van het Besluit Geluidhinder van ten hoogste 68 dB.

2.5

Cumulatie

Indien er blootstelling plaatsvindt aan meer dan één geluidbron, dient de gecumuleerde geluidbelasting te worden berekend conform bijlage I, hoofdstuk 2 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. De methode berekent de gecumuleerde geluidbelasting, rekening houdende met verschillen in dosis-effectrelaties van de verschillende geluidbronnen en geeft inzicht in het woon- en leefklimaat. De geluidbelasting van verschillende geluidbronnen wordt alleen gecumuleerd als er sprake is van een relevante blootstelling aan meerdere geluidbronnen. Dit is alleen het geval indien de zogenaamde voorkeurswaarde van die onderscheiden bronnen wordt overschreden. Hierbij wordt bij de geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai geen aftrek ingevolge artikel 110g van de Wgh toegepast. Voor de beoordeling van het woon- en leefklimaat wordt de MilieuKwaliteitsMaat volgens de methode ‘Miedema’ gehanteerd, zoals in onderstaande tabel is weergegeven.

VL.2060.R01_rev2

pagina 10

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

Tabel 2.3: Milieukwaliteitsmaat gecumuleerde geluidbelasting (bron: RIVM) Geluidbelasting Kwalificatie < 45 dB

2.6

Zeer goed

46 – 50 dB

Goed

51 – 55 dB

Redelijk

56 – 60 dB

Matig

61 – 65 dB

Tamelijk slecht

66 – 70 dB

Slecht

>70 dB

Zeer slecht

Gemeentelijk geluidbeleid

De gemeente Dordrecht heeft in 2007 beleidsregels opgesteld. Hierin staat vermeld onder welke voorwaarden hogere waarden vastgesteld mogen worden. Doel van deze beleidsregels is het leveren van een bijdrage aan een goed akoestisch klimaat in Dordrecht en geluidhinder door verkeer, industrie en spoor zoveel mogelijk voorkomen. Desondanks is geluid in het stedelijk gebied en langs infrastructuur onvermijdelijk. Een juiste afweging is dan ook op zijn plaats. Daarom dient bij het vaststellen van een hogere waarde, naast de eisen uit de Wgh, ook aan het gemeentelijk beleid te worden voldaan. Dit beleid is gericht op twee pijlers, namelijk ten eerste de wettelijk vereiste afweging van mogelijke maatregelen en ten tweede de gemeentelijke eisen aan een aanvaardbaar akoestisch klimaat. In het beleid wordt onderscheid gemaakt naar de mate van overschrijding van de voorkeursgrenswaarde.

Daarbij is van drie geluidsklassen uitgegaan: • Een onrustig geluidsklimaat: beperkte overschrijding van de voorkeursgrenswaarde ( < 53 dB vanwege wegverkeerslawaai, < 58 dB door spoorweglawaai en < 52 dB(A) door industrielawaai); • Een zeer onrustig geluidsklimaat: gemiddelde overschrijding van de voorkeursgrenswaarde, maar er ontstaan geen nieuwe saneringssituaties (53-58 dB vanwege wegverkeerslawaai, 58-63 dB vanwege spoorweglawaai en 5255 dB door industrielawaai) • Een lawaaiig geluidsklimaat: grote overschrijding van de voorkeursgrenswaarde, de geluidbelasting overstijgt de drempelwaarde voor saneringssituaties (58-63 dB vanwege wegverkeerslawaai en 63-68 dB vanwege spoorweglawaai). Naarmate de overschrijding van de voorkeursgrenswaarde groter is of er meerdere mogelijkheden voor de ruimtelijke inrichting van de betreffende locatie mogelijk zijn, wordt een beter onderbouwde afweging vereist van: • Mogelijke maatregelen om de geluidbelasting aan de gevels van woningen te beperken; • De wijze waarop een aanvaardbaar akoestisch klimaat kan worden gegarandeerd.

Het vaststellen van een hogere waarde is alleen mogelijk indien: • De toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting van de gevel van de woningen onvoldoende doeltreffend is, of; • De toepassing van maatregelen stuit op overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeers- of vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard; • Een aanvaardbaar akoestisch klimaat wordt gerealiseerd door de aanwezigheid van een geluidsluwe zijde, een geluidsluwe buitenruimte, een goede woningindeling en gebruik van de woning of een afschermende werking; • Cumulatie van geluid(bronnen) niet leidt tot een onaanvaardbare geluidbelasting, waarbij wordt gesteld dat: o Indien de geluidbelasting van tenminste één bron in de hoogste geluidsklasse ‘lawaaiig’ valt, dan worden de geluidbelastingen van alle bronnen en bronsoorten gecumuleerd; o Indien geen van de geluidbelastingen in de hoogste geluidsklasse vallen, maar tenminste één geluidbelasting in de klasse ‘zeer onrustig’, dan worden de geluidbelastingen alleen per bronsoort gecumuleerd; o Indien alle geluidbelastingen in de laagste geluidsklasse ‘onrustig’ vallen, dan is geen inzicht in de gecumuleerde geluidbelasting vereist.

VL.2060.R01_rev2

pagina 11

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

Specifieke uitzonderingen vormen niet zelfstandige woonruimten (bejaardenwoningen, studentenwoningen). Hierbij zijn de richtlijnen voor de woningindeling niet van toepassing. Wel dient op gebouwniveau ten minste 50% van de woningen te zijn gesitueerd aan een gevel met een geluidsbelasting van maximaal 5 dB boven de voorkeursgrenswaarde.

VL.2060.R01_rev2

pagina 12

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

3

UITGANGSPUNTEN GELUIDBELASTING 3.1

Algemeen

Het onderzoek richt zich op de nieuwbouw van twee woningen op het terrein van een voormalig tuincentrum aan de Nieuweweg 4 in Dordrecht. Het voornemen is het perceel in twee kavels op te splitsen. Per kavel zal een vrijstaande woning worden opgericht met een bouwhoogte van maximaal 10 meter. De woningen zullen beide met de voorgevel naar de Nieuweweg worden gericht, zodanig dat één woning in dezelfde rooilijn als de bestaande woningen aan de Nieuweweg 16 t/m 24 wordt gepositioneerd en op het kavel in de bocht komt te staan. De andere woning wordt ten noordoosten daarvan gepositioneerd, met de voorgevel noordwestwaarts gericht. De planlocatie bevindt zich binnen de bebouwde kom van Dordrecht, ten zuidoosten van de wijk Nieuw-Krispijn en direct ten westen van de spoorlijn Dordrecht – Lage Zwaluwe – Roosendaal/Breda. De planlocatie ligt direct aan de Nieuweweg, een doodlopende erftoegangsweg waarvan uitsluitend bestemmingsverkeer gebruik maakt. De Nieuweweg vormt de begrenzing van de planlocatie aan de zuid- en westzijde. Aan de westzijde van de Nieuweweg bevindt zich tegenover de planlocatie een begraafplaats, evenals direct ten noorden van de planlocatie. Verderop noordwaarts ligt de Dubbeldamseweg Zuid. Verder naar het zuiden ligt de Laan der Verenigde Naties en verder naar het oosten de rijksweg N3.

De kadastrale situatie en de huidige bestemming van het perceel op de planlocatie is weergegeven in onderstaande figuur.

Figuur 3.1 Kadastrale situatie en huidige bestemming planlocatie en directe omgeving.

De omgeving van de planlocatie kenmerkt zich als de rand van een woonwijk in stedelijk gebied met langs de spoorlijn aan de oostzijde bedrijvigheid. In onderstaande figuur is het onderzoeksgebied weergegeven, met daarin (globaal) aangegeven de ligging van de onderzoekslocatie.

VL.2060.R01_rev2

pagina 13

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

Onderzoekslocatie

Figuur 3.2 Weergave onderzoeksgebied en globale ligging onderzoekslocatie (bron: PDOK)

3.2

Verkeersgegevens

Voor de berekening van de geluidbelasting ten gevolge van wegverkeerslawaai is het noodzakelijk de samenstelling van het verkeer (lichte-, middelzware- en zware motorvoertuigen) en de verdeling van het verkeer over de dag- (07.00 - 19.00 uur), de avond- (19.00-23.00 uur) en de nachtperiode (23.00 - 07.00 uur) te kennen. In het rekenmodel is uitgegaan van verkeerscijfers voor het prognosejaar 2031, minimaal 10 jaar na realisatie van de ontwikkeling. Alle in het onderzoek betrokken wegen worden beheerd door de gemeente Dordrecht, behalve de N3. Deze laatste weg betreft een autoweg die beheerd wordt door Rijkswaterstaat. De verkeersgegevens van de gemeentelijke wegen zijn geleverd door de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) en zijn afkomstig uit de Regionale Verkeers- en Milieukaart Drechtsteden 2018 (RVMK DS 2018). De verkeerscijfers uit de RVMK betreffen weekdaggemiddelde etmaalintensiteiten en voertuigverdelingen voor het prognosejaar 2030. Deze verkeersdata is geïmporteerd in het rekenmodel.

De volgende wijzigingen zijn nadien aangebracht:  De etmaalintensiteiten van de gemeentelijke wegen zijn met een autonome verkeersgroei van 1,5 % opgehoogd naar de etmaalintensiteit in het prognosejaar 2031 en afgerond op een heel getal  De wegen zijn per weg in een aparte groep geplaatst  Voor de leesbaarheid van het model zijn gelijke wegvakken samengevoegd, hetgeen geen invloed heeft op de berekening  Twee wegvakken met de naam Vreedonklaan, gelegen op de Nassauweg bij de aansluiting op de Laan der VN, zijn als ‘Nassauweg’ hernoemd en in deze groep toegevoegd en samengevoegd met het andere wegvak van de Nassauweg  Het geluidgezoneerd deel van de Nassauweg is (zekerheidshalve) bij de groep ‘Laan der VN’ gevoegd In onderstaande tabel zijn de verkeersintensiteiten per wegvak uit de RVMK en de gehanteerde prognosecijfers in het rekenmodel weergegeven.

VL.2060.R01_rev2

pagina 14

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

Tabel 3.1: Etmaalintensiteiten uit de RVMK DS 2018 en extrapolatie naar prognosejaar 2031 Wegvak

Omschrijving

Totaal aantal 2030 (RVMK)

Totaal aantal 2031 (rekenmodel)

123

Laan der Verenigde Naties

11774,7

11951

124

Laan van Verenigde Naties

10055,75

10207

125

VN tunnel

14277,96

14492

126

VN tunnel

15115,07

15342

127

Laan der VN

17726,35

17992

128

Laan der VN

9430,71

9572

129

Dubbeldamseweg Zuid

4820,84

4893

130

Dubbeldamseweg Zuid

3654,88

3710

131

Nassauweg

4281,04

4345

132

Nassauweg

3479,2

3531

133

Leerparkpromenade

327,22

332

134

Leerparkpromenade

268,48

273

135

Prof. Waterinklaan

1112,85

1130

136

Prof. Waterinklaan

1251,62

1270

137

Eemsteynstraat

5286,2

5365

138

Eemsteynstraat

4255,36

4319

De N3 wordt beheerd door Rijkswaterstaat (West-Nederland Zuid District Zuid). Sinds juli 2012 dient voor de verkeersdata van rijkswegen (in de toekomstige situatie) gebruik gemaakt te worden van het Geluidregister voor wegen. Dit geluidregister is terug te vinden op de website van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Voor de N3 is de verkeersdata van deze website gedownload en ongewijzigd overgenomen in het rekenmodel. De etmaalintensiteit van de N3 op de beide hoofdrijbanen samen bedraagt 62.064 mvt. ten noorden van de Laan der VN en 42.092 mvt ten zuiden daarvan. Alle verkeersgegevens zijn in numerieke vorm opgenomen in bijlage I van het rapport. 3.3

Spoorgegevens

De spoorlijn Rotterdam - Dordrecht – Roosendaal/Breda en Rotterdam – Dordrecht – Gorinchem wordt beheerd door ProRail. Sinds juli 2012 dient voor gegevens van spoorverkeer gebruik gemaakt te worden van het geluidregister voor spoorwegen. Om over deze gegevens te beschikken zijn de relevante bestanden gedownload van de website van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. De gegevens zijn rechtstreeks en ongewijzigd in Geomilieu geïmporteerd. 3.4

Rekenmethode

De in deze rapportage opgenomen geluidbelastingen voor het prognosejaar zijn berekend volgens standaardrekenmethode II uit het “Reken- en meetvoorschrift geluid 2012” (RMV 2012), als bedoeld in artikel 110 van de Wet geluidhinder. Bij de berekening van de geluidbelastingen volgens standaard-rekenmethode II is gerekend met één reflectie en een sectorhoek van twee graden.

VL.2060.R01_rev2

pagina 15

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

3.5

Modellering

Ten behoeve van de berekeningen zijn twee driedimensionale computersimulatie modellen opgesteld (een model voor wegverkeerslawaai en een kopie van dat model voor railverkeerslawaai). Hierbij is gebruik gemaakt van het door DGMR Raadgevende Ingenieurs B.V. ontwikkelde computerprogramma "GEOMILIEU”, versie 2020.2. Voor het tot stand komen van het model is gebruik gemaakt van kadastrale kaarten uit het Georegister, informatie van de opdrachtgever en Google-Earth/Streetview. Alle gebouwen zijn als reflecterende objecten ingevoerd (reflectiefactor = 0,8). De gebouwen in de directe omgeving van de onderzoekslocatie zijn direct geïmporteerd uit het 3D-datamodel met DGMR. Dit datamodel is gebaseerd op informatie van BAG en AHN. De nieuwbouw op de planlocatie is hieraan toegevoegd op basis van de maatvoeringen in de aangeleverde definitieve situatietekening (pdf-bestand) met kenmerk ‘Nieuweweg 4 Driesprong situatie definitief’. De twee nieuwbouwwoningen hebben een afmeting van 9m x 13 m en een hoogte van 10 meter. De voorgevel van woning 1 is op de rooilijn gepositioneerd, zoals deze ook uit het bestemmingsplan blijkt. Voor de afstand tot de zijdelingse kavelgrens van woning 1, aan de zijde van de bestaande woningen (zuidoostzijde), is 7 meter aangehouden.

Voor woning 2 is een afstand van 3 meter tot de voorste rooilijn in acht genomen en 6 meter tot de kavelgrens aan de zuidwestzijde van woning 2 (erfscheiding tussen beide kavels van planlocatie). Op de tekening zijn geen bijgebouwen ingetekend en dus ook niet opgenomen in het rekenmodel. In onderstaande figuur is de verkaveling van de nieuwbouw in beeld gebracht. Woning 1 is in het rekenmodel de woning in de bocht (meest (zuid)westelijk gelegen), woning 2 ligt het meest noordoostelijk.

Figuur 3.3: Situatietekening nieuwbouwplan, definitief (3e herziening, twee kavels).

Verdeeld over de zijden van de nieuwbouwwoningen zijn rekenpunten ingevoerd. Deze zijn centraal op de gevelzijden geplaatst, zonder rekening te houden met de indeling van de woningen.

VL.2060.R01_rev2

pagina 16

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

De eerste toetshoogte ligt op 1,5 meter boven maaiveld, overeenkomend met stahoogte op de begane grond. Vervolgens is nog een toetshoogte ingevoerd op stahoogte vanaf elke verdiepingsvloer. Hierbij is rekening gehouden met een hoogte van 3 meter per bouwlaag. Rekening houdend met een hoogte van maximaal 10 meter, kunnen de nieuwbouwwoningen beschikken over drie bouwlagen met geluidgevoelige ruimten. Zodoende is bij de nieuwbouw gerekend met toetspunten op 1,5 meter, 4,5 meter en 7,5 meter boven maaiveld. Op deze manier is het verloop in geluidbelasting op de gevels van de nieuwe woningen inzichtelijk gemaakt. Ondanks het stedelijk karakter van het onderzoeksgebied is de bodemfactor van het rekenmodel standaard op een zachte, absorberende ondergrond (Bf=1,0) gezet. De (half) harde bodemgebieden in de omgeving van de planlocatie zijn geïmporteerd uit het 3D-datamodel van DGMR. In de omgeving van de planlocatie zijn wegen en andere verhardingen als harde bodemgebieden aanwezig en in het rekenmodel opgenomen met een bodemfactor 0 (geheel hard, reflecterend gebied). Uitzondering hierop is het bodemgebied ter plaatse van de N3, waarbij volgens het Reken- en meetvoorschrift geluid vanwege de ZOABwegdekverharding een bodemfactor van Bf=0,5 gehanteerd dient te worden.

Het erf rondom woningen en de nieuwbouw is in het rekenmodel met een bodemfactor van 0,5 opgenomen vanwege de combinatie van bestrating en tuinen. Daar waar geen bodemgebied is gemodelleerd, is sprake van een zachte, absorberende ondergrond, zoals zand of gras. De relevante wegen zijn als rijlijnen in het rekenmodel ingevoerd. Hiermee wordt de geluidemissie als gevolg van de voertuigen op de weg berekend. De bronhoogte van de weg is 0,75 meter. De rotondes op de kruising van de Dubbeldamseweg Zuid met de Mariastraat en de Prof. Waterinklaan zijn als zodanig in het rekenmodel ingevoerd. Hiermee wordt de correctiefactor berekend als gevolg van het afremmend en optrekkend verkeer aldaar. De rotonde op de kruising van de Mariastraat met de Nassauweg is wel ingevoerd in het rekenmodel, maar deze heeft geen invloed op de berekening, aangezien er geen kruisende rijlijnen zijn gemodelleerd. De planlocatie ligt namelijk buiten de geluidzone van deze wegvakken. De kruispunten op de Laan der VN met de Nassauweg en met de op- en afrit van de N3 zijn geregeld met een VRI (verkeerslichteninstallatie). Deze is ook als zodanig in het rekenmodel ingevoerd. Hiermee wordt een correctie toegepast ten gevolge van optrekkend en afremmend verkeer. De correctiewaarde is 0, 1/2, 2/3 of 1. Bij een ongeregeld kruispunt wordt geen kruispunttoeslag in rekening gebracht (correctiewaarde q is 0).

Het type kruispunt wordt bepaald met de volgende criteria: • Een kruispunt is van de eerste orde als tenminste drie, en van de tweede orde als twee van de op het kruispunt aansluitende weggedeelten een totale intensiteit van 2500 motorvoertuigen per etmaal hebben. • Als verkeerslichten afwezig of niet in werking zijn, is er sprake van een ongeregeld kruispunt, in andere gevallen van een geregeld kruispunt. • Als de intensiteitsverhouding van de kruisende verkeersstromen tussen de 1/3 en de 3 ligt, is er sprake van een gelijkwaardig kruispunt, in andere gevallen van een ongelijkwaardig kruispunt. Een voorrangskruising is altijd ongelijkwaardig. Tabel 3.2: Kruispuntkental Orde van het kruispunt Eerste Tweede

Gelijkwaardig kruispunt 1 1 (2/3*)

Ongelijkwaardig kruispunt 2/3 (1/2*) ½**

* in geval van een groene golf ** hierin zijn ook met verkeerslichten beveiligde voetgangersoversteekplaatsen begrepen. De spoorlijnen zijn als banen in het rekenmodel ingevoerd. Hiermee wordt de geluidemissie als gevolg van de treinen berekend. De bronhoogte is ongewijzigd overgenomen uit het register. Onder het spoor is overeenkomstig het gestelde in het Reken- en meetvoorschrift geluid een zacht bodemgebied gemodelleerd. Het hoogteverschil van de omgeving van het onderzoeksgebied is gemodelleerd met hoogtelijnen. Hiervoor is het 3Ddatamodel van DGMR wederom als leidraad genomen, welke de NAP-hoogte van de omgeving weergeeft. Het rekenmodel heeft standaard een maaiveldhoogte van 0 meter, hetgeen globaal overeenkomt met de NAP-hoogte van een groot deel van de onderzoeksomgeving. Uit de informatie van het AHN blijkt dat de planlocatie eveneens op circa 0 meter NAP ligt.

VL.2060.R01_rev2

pagina 17

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

De hoogteligging van de spoorlijn en de N3 is gebaseerd op de informatie uit het Geluidregister. Deze hoogteligging is eveneens ten opzichte van NAP gemodelleerd. Langs het spoor en de N3 zijn geluidschermen en/of aarden wallen aanwezig. Deze zijn opgenomen in het Geluidregister en ongewijzigd geïmporteerd in het rekenmodel. De schermen die niet in het geluidregister zijn opgenomen, zijn achterwege gelaten. Ook de perrons van het station zijn als schermen gemodelleerd met een hoogte van 1 meter. De tunnelbak en viaducten bij het spoor zijn inzichtelijk gemaakt met hulplijnen. Het perceel van de planlocatie is middels een hulpvlak inzichtelijk gemaakt. Een hulpvlak bevat, net als een hulplijn, geen verdere informatie en is dus niet van invloed op de rekenresultaten. Figuur 1 geeft een overzicht van de modellering van de wegen, schermen/aarden wal, (half) harde bodemgebieden en hoogtelijnen in de directe omgeving weer (wegverkeerslawaai-model). In figuur 2 is een overzicht van de modellering van het railverkeersmodel weergegeven. In figuur 3 is ingezoomd op de planlocatie en is een weergave van de ligging van de toetspunten opgenomen. In de volgende figuur is een 3D-verbeelding van de modellering (wegverkeerslawaai-model) weergegeven.

Figuur 3.3: Modellering in 3D-weergave vanuit zuiden gezien (de nieuwbouw is in rood weergegeven)

In bijlage I zijn alle modelgegevens in numerieke vorm opgenomen voor wat betreft wegen, schermen, kruisingen en toetspunten. Het model heeft voor wat betreft de objecten, bodemgebieden, hoogtelijnen en spoorgegevens een zodanig grote omvang, dat een uitdraai van de numerieke informatie resulteert in een bijlage van meer dan 500 pagina’s. Vanwege de grote omvang is deze data niet in bijlage I bijgevoegd. Desgewenst is het rekenmodel in digitale vorm opvraagbaar bij de akoestisch adviseur.

VL.2060.R01_rev2

pagina 18

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

4

REKENRESULTATEN EN BEOORDELING GELUIDBELASTING 4.1

Geluidbelasting vanwege de geluidgezoneerde wegen

4.1.1 Laan der Verenigde Naties Een compleet overzicht van de berekende geluidbelastingen op de planlocatie als gevolg van de Laan der VN (inclusief het deel van de Nassauweg wat geluidgezoneerd is en uitkomt op de Laan der VN) is opgenomen in bijlage II. De geluidbelasting is weergegeven in Lden en inclusief aftrek van 5 dB ingevolge artikel 110g van de Wet geluidhinder. In onderstaande figuur zijn de berekende geluidbelastingen per toetspunt weergegeven, inclusief 5 dB aftrek.

Figuur 4.1: Rekenresultaten vanwege de Laan der VN, inclusief aftrek ingevolge art. 110g Wgh.

Uit de rekenresultaten blijkt dat de geluidbelasting op de gevels van de nieuwbouw ten hoogste 41 dB bedraagt en daarmee vanwege deze weg op alle gevels van de twee nieuwe woningen voldaan wordt aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Omdat de voorkeursgrenswaarde niet wordt overschreden, is nader onderzoek naar geluidreducerende maatregelen niet noodzakelijk en is op de planlocatie geen sprake van relevante blootstelling aan geluid vanwege de Laan der VN (en de Nassauweg). 4.1.2 Dubbeldamseweg Zuid Een compleet overzicht van de berekende geluidbelastingen op de planlocatie als gevolg van de Dubbeldamseweg Zuid is opgenomen in bijlage III. De geluidbelasting is weergegeven in Lden en inclusief aftrek van 5 dB ingevolge artikel 110g van de Wet geluidhinder. In onderstaande figuur zijn de berekende geluidbelastingen per toetspunt weergegeven, inclusief 5 dB aftrek.

VL.2060.R01_rev2

pagina 19

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

Figuur 4.2: Rekenresultaten vanwege de Dubbeldamseweg Zuid, inclusief aftrek ingevolge art. 110g Wgh.

Uit de rekenresultaten blijkt dat de geluidbelasting op de gevels van de nieuwbouw ten hoogste 38 dB bedraagt en daarmee vanwege deze weg op alle gevels van de twee nieuwe woningen voldaan wordt aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Omdat de voorkeursgrenswaarde niet wordt overschreden, is nader onderzoek naar geluidreducerende maatregelen niet noodzakelijk en is op de planlocatie geen sprake van relevante blootstelling aan geluid vanwege de Dubbeldamseweg Zuid. 4.1.3 Leerparkpromenade Een compleet overzicht van de berekende geluidbelastingen op de planlocatie als gevolg van de Leerparkpromenade (en de in het verlengde daarvan gelegen Prof. Waterinklaan en Eemsteynstraat) is opgenomen in bijlage IV. De geluidbelasting is weergegeven in Lden en inclusief aftrek van 5 dB ingevolge artikel 110g van de Wet geluidhinder. In onderstaande figuur zijn de berekende geluidbelastingen per toetspunt weergegeven, inclusief 5 dB aftrek.

VL.2060.R01_rev2

pagina 20

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

Figuur 4.3: Rekenresultaten vanwege de Leerparkpromenade, inclusief aftrek ingevolge art. 110g Wgh.

Uit de rekenresultaten blijkt dat de geluidbelasting op de gevels van de nieuwbouw ten hoogste 27 dB bedraagt en daarmee vanwege deze weg op alle gevels van de twee nieuwe woningen voldaan wordt aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Omdat de voorkeursgrenswaarde niet wordt overschreden, is nader onderzoek naar geluidreducerende maatregelen niet noodzakelijk en is op de planlocatie geen sprake van relevante blootstelling aan geluid vanwege de Leerparkpromenade. 4.1.4 N3 Een compleet overzicht van de berekende geluidbelastingen op de planlocatie als gevolg van de N3 is opgenomen in bijlage V. De geluidbelasting is weergegeven in Lden en inclusief aftrek van 2 dB ingevolge artikel 110g van de Wet geluidhinder. In onderstaande figuur zijn de berekende geluidbelastingen per toetspunt weergegeven, inclusief 2 dB aftrek.

VL.2060.R01_rev2

pagina 21

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

Figuur 4.4: Rekenresultaten vanwege de rijksweg N3, inclusief aftrek ingevolge art. 110g Wgh.

Uit de rekenresultaten blijkt dat de geluidbelasting op de gevels van de nieuwbouw ten hoogste 47 dB bedraagt en daarmee vanwege deze weg op alle gevels van de twee nieuwe woningen voldaan wordt aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Omdat de voorkeursgrenswaarde niet wordt overschreden, is nader onderzoek naar geluidreducerende maatregelen niet noodzakelijk en is op de planlocatie geen sprake van relevante blootstelling aan geluid vanwege de N3. 4.1

Geluidbelasting vanwege spoorweglawaai

Een compleet overzicht van de berekende geluidbelastingen op de planlocatie als gevolg van de spoorlijnen Rotterdam Roosendaal/Breda en Dordrecht - Gorinchem is opgenomen in bijlage VI. De geluidbelasting is weergegeven in Lden. In onderstaande figuur zijn de berekende geluidbelastingen per toetspunt weergegeven.

VL.2060.R01_rev2

pagina 22

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

Figuur 4.5: Rekenresultaten vanwege de spoorlijnen Rotterdam – Roosendaal/Breda en Dordrecht - Gorinchem.

Uit de rekenresultaten blijkt dat de geluidbelasting vanwege spoorweglawaai op de gevels van woning 1 55 – 65 dB bedraagt en op de gevels van woning 2 55 – 69 dB. De voorkeursgrenswaarde van 55 dB wordt hiermee bij nagenoeg alle rekenpunten overschreden. De enige rekenpunten waarbij geen overschrijding plaatsvindt liggen op de begane grondhoogte aan de voorgevelzijden van beide woningen en de linker zijgevel van woning 1. Omdat de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden, is onderzoek naar verdere maatregelen om de geluidbelasting vanwege de spoorlijnen te reduceren dus noodzakelijk. Naast de voorkeursgrenswaarde wordt bij de noordelijke woning (W2) tevens de maximale ontheffingswaarde van 68 dB voor het aanvragen van een hogere grenswaarde overschreden. Deze overschrijding vindt plaats op de tweede verdiepingshoogte aan de zuidoostelijke gevelzijde en op beide verdiepingshoogten aan de noordoostelijke gevelzijde en bedraagt in alle gevallen 1 dB. 4.2

Cumulatie van geluid

Aangezien de voorkeursgrenswaarde alleen vanwege spoorweglawaai wordt overschreden, is op basis van de Wgh geen sprake van relevante blootstelling aan meerdere geluidbronnen en is geen cumulatieberekening noodzakelijk. Volgens het gemeentelijk geluidbeleid is een cumulatieberekening van het geluid wel noodzakelijk om te kunnen bepalen of er sprake is van een aanvaardbaar akoestisch woon- en leefklimaat. Deze cumulatieberekening kan tevens als uitgangspunt dienen voor het bepalen van de geluidwering van de uitwendige gevelconstructies voor de nieuwbouw. Hiervoor zijn in de cumulatieberekening alle geluidbronnen van het wegverkeer en de geluidbronnen van de spoorwegen betrokken. In bijlage VII van het rapport zijn de rekenresultaten van de cumulatie van geluid van het wegverkeerslawaai opgenomen. In de onderstaande tabel zijn de rekenresultaten vanwege de cumulatie van geluid opgenomen. Hierbij is geen aftrek voor het wegverkeer meer toegepast volgens artikel 110g van de Wgh.

VL.2060.R01_rev2

pagina 23

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

Tabel 4.1: Rekenresultaten en woon- en leefklimaat Naam Omschrijving LRL Woning 1 – Begane grond

L*RL

LvL

Lcum

Kwalificatie Woon- en leefklimaat

Voorgevel (zw)

55

51

48

53

Redelijk

60

56

48

56

62

58

43

58

55

51

42

51

Redelijk

57

53

50

55

Redelijk

62

58

50

58

Matig

64

59

46

60

Matig

56

52

44

52

Redelijk

57

53

50

55

Redelijk

63

58

51

59

Matig

T_01 T_02 T_03

Re- zijgevel (zo) Achtergevel (no)

Li-zijgevel (nw) T_04 Woning 1 – Eerste verdieping T_01 T_02 T_03

Voorgevel (zw) Re- zijgevel (zo) Achtergevel (no)

Li-zijgevel (nw) T_04 Woning 1 – Tweede verdieping T_01 T_02 T_03

Voorgevel (zw) Re- zijgevel (zo) Achtergevel (no)

Li-zijgevel (nw) T_04 Woning 2 – Begane grond T_05 T_06 T_07

Voorgevel (nw) Re- zijgevel (zw) Achtergevel (zo)

Li-zijgevel (no) T_08 Woning 2 – Eerste verdieping T_05 T_06 T_07

Voorgevel (nw) Re- zijgevel (zw) Achtergevel (zo)

Li-zijgevel (no) T_08 Woning 2 – Tweede verdieping Voorgevel (nw) T_05 T_06 T_07 T_08

Re- zijgevel (zw)

Achtergevel (zo) Li-zijgevel (no)

Matig Matig

65

60

46

61

Tamelijk slecht

56

52

42

52

Redelijk

55

51

42

51

Redelijk

57

53

43

53

Redelijk

66

61

44

61

Tamelijk slecht

67

62

43

62

Tamelijk slecht

56

52

43

52

Redelijk

58

54

45

54

Redelijk

68

63

47

63

Tamelijk slecht

69

64

46

64

Tamelijk slecht

57

53

44

53

Redelijk

59

55

46

55

Redelijk

69

64

48

64

Tamelijk slecht

69

64

47

64

Tamelijk slecht

Uit de rekenresultaten blijkt dat het woon- en leefklimaat vanuit akoestisch oogpunt bij woning 1 overwegend als redelijk tot matig kan worden beoordeeld, hetgeen in een binnenstedelijke situatie aanvaardbaar wordt geacht. Bij één geveldeel wordt de geluidbelasting als tamelijk slecht beoordeeld. Het woon- en leefklimaat wordt vanuit akoestisch oogpunt bij woning 2 overwegend als redelijk tot tamelijk slecht beoordeeld, hetgeen in een binnenstedelijke situatie nog net aanvaardbaar wordt geacht. Bij de helft van de geveldelen wordt het klimaat als tamelijk slecht beoordeeld, de andere helft heeft een redelijk klimaat.

VL.2060.R01_rev2

pagina 24

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

5

CONCLUSIE 5.1

Algemeen

In opdracht van de heer J. Driesprong is door Kraaij Akoestisch Adviesbureau een akoestisch onderzoek verricht voor een nieuwbouwplan op een perceel aan de Nieuweweg 4 in Dordrecht. Het voornemen is om op het voormalig terrein van het tuincentrum twee vrijstaande nieuwbouwwoningen op te richten met een bouwhoogte van maximaal 10 meter. In het geldend bestemmingsplan heeft de planlocatie nog een bedrijfsbestemming met functie tuincentrum en een maximum bouwhoogte van 5 meter. Om het nieuwbouwplan mogelijk te maken, dient de huidige bestemming dus te worden gewijzigd naar een woonbestemming (voor twee woningen) en de maximum bouwhoogte te worden aangepast. Dit wordt middels een ruimtelijke procedure geregeld. Op basis van de Wet geluidhinder moet bij een bestemmingsplanwijziging waarbij nieuwe geluidgevoelige bestemmingen mogelijk worden gemaakt, de geluidbelasting op deze nieuwe bestemmingen, als zij binnen de geluidzone van een (spoor)weg of industrieterrein zijn gelegen, worden bepaald. Een nieuwe woning wordt daarbij gezien als een nieuwe geluidgevoelige bestemming.

De planlocatie bevindt zich binnen de bebouwde kom van Dordrecht en voor wat betreft verkeerslawaai binnen de geluidzone van de Laan der Verenigde Naties, de Leerparkpromenade, de Dubbeldamseweg Zuid, de rijksweg N3, de spoorlijn van Rotterdam via Dordrecht naar Breda/Roosendaal en de spoorlijn van Dordrecht naar Gorinchem. De planlocatie bevindt zich niet binnen de geluidzone van een industrieterrein. De Wet geluidhinder is dus van toepassing voor zowel wegverkeerslawaai als spoorweglawaai, maar niet voor industrielawaai. In de directe nabijheid van de planlocatie is de Nieuweweg de enige weg met een maximale rijsnelheid van 30 km/u gelegen. Dergelijke wegen hebben volgens de Wgh geen geluidzone en formeel dus ook geen toetsingsplicht aan de Wgh. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is het alleen wenselijk de geluidbelasting van dergelijke wegen te beschouwen als de geluidbelasting vanwege de wegen relevant geacht wordt voor de beoogde ontwikkeling. In voorliggende situatie is dit, gezien de verwachte lage verkeersintensiteit op deze weg (< 300 mvt), niet het geval. Daarom is de Nieuweweg niet meegenomen in het onderzoek. Binnen een straal van 200 meter tot de planlocatie zijn geen andere 30 km/u wegen aanwezig.

Het akoestisch onderzoek heeft zodoende tot doel de geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai en spoorweglawaai te bepalen en deze te toetsen aan de normen uit de Wet geluidhinder. Daarnaast wordt, in het kader van een goede ruimtelijke ordening, in onderhavig onderzoek ook inzicht gegeven in de aanwezigheid van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. 5.2

Toets aan de Wet geluidhinder

5.2.1 Laan der Verenigde Naties (en gezoneerd deel Nassauweg) Vanwege deze weg is de berekende geluidbelasting op de gevels van de nieuwbouw ten hoogste 41 dB. Hieruit kan worden geconcludeerd dat op alle gevels van de nieuwbouwwoningen wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Onderzoek naar verdere maatregelen om de geluidbelasting te reduceren is dus niet noodzakelijk, evenals het aanvragen van een hogere waarde. 5.2.2 Dubbeldamseweg Zuid Vanwege deze weg is de berekende geluidbelasting op de gevels van de nieuwbouw ten hoogste 38 dB. Hieruit kan worden geconcludeerd dat op alle gevels van de nieuwbouwwoningen wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB.

VL.2060.R01_rev2

pagina 25

28-04-2021

Akoestisch onderzoek nieuwbouwplan Nieuweweg 4, Dordrecht

Onderzoek naar verdere maatregelen om de geluidbelasting te reduceren is dus niet noodzakelijk, evenals het aanvragen van een hogere waarde. 5.2.3 Leerparkpromenade (incl. Prof. Waterinklaan en Eemsteynstraat) Vanwege deze weg is de berekende geluidbelasting op de gevels van de nieuwbouw ten hoogste 27 dB. Hieruit kan worden geconcludeerd dat op alle gevels van de nieuwbouwwoningen wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Onderzoek naar verdere maatregelen om de geluidbelasting te reduceren is dus niet noodzakelijk, evenals het aanvragen van een hogere waarde. 5.2.4 Rijksweg N3 Vanwege deze weg is de berekende geluidbelasting op de gevels van de nieuwbouw ten hoogste 47 dB. Hieruit kan worden geconcludeerd dat op alle gevels wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Onderzoek naar verdere maatregelen om de geluidbelasting te reduceren is dus niet noodzakelijk, evenals het aanvragen van een hogere waarde. 5.2.5 Spoorlijnen Dordrecht – Gorinchem en Rotterdam – Roosendaal/Breda Vanwege het spoorwegverkeer bedraagt de geluidbelasting op de gevels van nieuwbouwwoning 1 ten hoogste 65 dB en op de gevels van woning 2 ten hoogste 69 dB. Daarmee wordt niet overal voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 55 dB. De overschrijding vindt bij woning 1 op alle gevels plaats, behalve de voorgevel (zw) en de linker zijgevel (nw) op de begane grond.

Bij woning 2 vindt de overschrijding op alle gevels plaats, behalve de voorgevel (nw) op de begane grond. Onderzoek naar verdere maatregelen om de geluidbelasting vanwege spoorweglawaai te reduceren is daarmee noodzakelijk, evenals de aanvraag voor een hogere waarde in het geval maatregelen niet doeltreffend zijn of stuiten op overwegende bezwaren. Voor woning 2 geldt dat de hoogste geluidbelasting boven de maximale ontheffingswaarde van 68 dB uitkomt en voor de betreffende geveldelen dus niet zondermeer een hogere waarde kan worden aangevraagd. Dit betekent dat de gevels op de tweede verdieping aan de zuidoostelijke achterzijde en op de eerste en de tweede verdieping aan de noordoostelijke (linker) zijgevel, in het geval er geen bron- of overdrachtsmaatregelen getroffen kunnen worden, mogelijk als dove gevel 3 moeten worden uitgevoerd als er geluidgevoelige ruimtes direct aan deze gevels grenzen. 5.3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/317/documents/12222