CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

3.6 2023.03.21 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 3 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 11 april 2023, gemeente DordrechtBij agendapunt: 3: Vaststellen van de notulen van Gemeenteraad 14 maart en Dordtse Dinsdag 7 en 21 maart 2023 Vergaderzalen 1,3,528.001 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

We hadden het net ook over de intentie, en ik denk dat het ook gewoon belangrijk is om gewoon de gedachte te veranderen, want als we op basis van de huidige manier en de marktsituatie en de marktontwikkelingen blijven bouwen dan komen we er simpelweg niet uit. Dat is gewoon enorm duur. Dat erken ik ook. En daarom moeten we gewoon op andere manieren proberen te denken over het bouwen van huizen en op zoek gaan naar alternatieve woonvormen. En dat vereist dus ook dat we goed moeten overleggen met alle partijen die dus betrokken zijn om een woning tot project te realiseren, dus met woningbouwcorporaties met marktpartijen, bouwbedrijven, waterbedrijven, netbedrijven, noemt het allemaal maar op. En ik denk als we dus de intentie uitspreken om dat wel te doen dat we die switches ook wel degelijk kunnen maken. De voorzitter: Oké. Ik wil graag verder gaan. Mijnheer Kleinpaste.

34

De heer Kleinpaste: Ja dank u wel, voorzitter. Laat ik eerst aansluiten bij een aantal sprekers die al geweest zijn omdat ik het met hun pleidooi wel eens was. Dat betreft het pleidooi van de heer Noldus over de middenhuur wat ik graag steun, en wat heel belangrijk is om daar veel aandacht voor te hebben omdat dat ook voor de betaalbaarheid voor de mensen die aan het zoeken zijn heel positief uitwerkt. Ik sluit me graag aan bij de oproep van de heer De Feijter om ook naar creatieve instrumenten en voorzieningen te zoeken om te kijken of je de doorstroming in die woningmarkt vlot kunt trekken. Ik denk daarbij ook bijvoorbeeld aan senioren in een groot huis die heel graag naar een comfortabel klein huis willen verhuizen, maar die heel vaak denken: dan ga ik kleiner zitten, dan ben ik veel meer geld kwijt, dus ik blijf maar zitten waar ik zit. Zijn er geen instrumenten denkbaar om hen er toch toe te bewegen of toch toe te verleiden dat ze die stap voor hen logischer gaat voelen en ze daarmee ook goede beschikbare huizen achterlaten voor mensen die daar weer naar op zoek zijn? Dus dat zou ook een lief ding waard zijn. Ik vond het wat jammer, of Gewoon Dordt vond het wat jammer in de informatie die verstrekt is dat er wel allerlei prijscategorieën worden genoemd. GroenLinks noemde ook al misschien moeten we naar creatieve bouwvorm kijken.

Het zou mij een lief ding waard zijn dat er ook echt een paragraaf in opgenomen was geweest over de Knarrenhofjes, over particulier opdrachtgeverschap, over ruimte voor Tiny Houses, want er zijn er ook echt mensen die heel graag willen ontspullen en een groot huis willen achterlaten omdat ze in een Tiny House willen gaan zitten. Dus kijk ook naar dat soort creatieve woonvormen, omdat dat ook de doorstroming in die bestaande huizen heel erg zou kunnen bevorderen. Dus ik ben benieuwd hoe het college op dat soort aspecten nog net wat meer creativiteit zou kunnen tonen en hoe ze daarover denkt. Verder, als ik afga op de tijd die dan nog nodig is om tot overeenstemming te komen over van alles en nog wat, of tot overeenstemming komen om de prijs van huizen te zien, te drukken in allerlei overlegsessies. Degenen die nu wachten, met name starters, omdat ze graag hun vleugels willen uitslaan, kunnen dan echt nog jaren wachten. Dus Gewoon Dordt heeft het al eens eerder bepleit, ik zou het nog een keer willen bepleiten. Ik denk dat er ook gedacht moet worden aan tijdelijke voorzieningen, aan flexbouw, aan complexen die je voor 15 jaar neerzet waarbij ze dan geen ideale woonsituatie treffen, maar wel de woonsituatie kunnen treffen op zoek en als opstap naar wel die doorstroom die reguliere markt in.

Maar waardoor ook starters die nu soms tot hun 28 jaar, 29 jaar thuis moeten blijven wonen, terwijl ze echt heel graag willen uitvliegen, ruimte krijgen, kans krijgen om toch echt hun vleugels uit te slaan. Dus wij bepleiten ook om na te denken waar een flexbouw en tijdelijke voorzieningen zoals bijvoorbeeld ook op het Leerpark onlangs is gerealiseerd, maar daar zijn ook andere vormen, iets grotere vormen denkbaar om daar werk van te maken. Ik ben benieuwd hoe het college daartegen aankijkt. Dat zijn ook dingen om buiten die traditionele bouw eens na te denken over hoe je op andere manieren - dat sprak dan ook inderdaad echt aan in het verhaal van mijnheer De Feijter - beweging kunt forceren in die woningmarkt die veel te veel op slot zit. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Gündogdu. De heer Gündogdu: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, toch even van de gelegenheid gebruikmaken om iedereen die hier aan tafel zit te bedanken. Eenvoudigweg omdat ieder vanuit zijn of haar eigen perspectief kijkt naar het woningbouwprogramma en ambities van deze stad. Voorzitter, de afgelopen tijd, jaren, heeft ons laten zien dat we weliswaar goed in beeld hebben gebracht wat we willen, maar de manier waarop we dat hadden moeten uitvoeren eigenlijk niet meer past in deze tijd.

De markt heeft ervoor gezorgd dat al onze plannen zo ongeveer niet zijn behaald, alleen maar al lezend dat we de PALT-afspraken - de prestatieafspraken die we maken met de coöperaties - niet

35

worden behaald, maar ook dat er wordt gezegd: we gaan meer voor de kwaliteit dan voor de kwantiteit. Terwijl we altijd hebben gezegd we willen x aantal duizenden woningen gaan bouwen, en dat is prioriteit. Dat geeft al inzage dat we eigenlijk ons allen de consument, de corporatie, de gemeente, eigenlijk onszelf hebben rijk gerekend. De primaire levensbehoefte, voorzitter, en dat is wonen überhaupt, ja, dat is echt zwaar in het geding gekomen de afgelopen jaren. En we slagen er niet in, en dat is niet alleen een Dordts probleem maar landelijk, geen antwoord daarop te dichten. Vandaar voorzitter, ik ga me niet uitspreken over de prijzen en dergelijke, daar hebben we de afgelopen jaren genoeg discussies over gevoerd en voor wie gaan bouwen. Maar wij hadden van het college verwacht met dit in het achterhoofd dat we er eigenlijk niet in slagen om te voldoen aan de wensen van de Dordtenaren van wat gaan we nu extra doen of wat gaan we anders doen op basis van de ervaring van de afgelopen jaren? Nou, dat lezen wij helaas niet terug. In ieder geval, voorzitter, kan ik melden dat Op Ons Eiland met een initiatiefvoorstel bezig is op dit moment om te komen met actief grondbeleid. Dat kondig ik nu al aan en dat gaat richting uw raad komen, want wij vinden dat het college daar echt tekort inschiet.

En een tweede is, wat wij ook in ons verkiezingsprogramma hebben opgenomen, waarom het college niet gebruikmaakt van erfpacht, uitgifte van gronden, ondanks dat dat, met de wetenschap dat dat een onrendabele top heeft, dat het geld kost voor de gemeenschap, maar we hebben te maken met een urgent en een groot probleem en daarvoor heb je de gemeente hard nodig. Dus dit is mijn bijdrage, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Wringer. De heer Wringer: Ja dank, voorzitter. Er is al heel veel gezegd, dus ik hou het kort. Dit is een Routekaart. Gelukkig wordt die via een Realisatiemonitor gemonitord, driemaandelijks, dus we kunnen altijd een beetje bijsturen. Ik heb eigenlijk één vraag aan het college. Het is al een beetje aangestipt door de VVD, de sociaaleconomische positie van Dordrecht. Op dit moment zijn we als nummer zeven als het meest aantrekkelijke staat om te wonen. We hebben een ambitie om de top tien sportiefste stad te komen, top vijf MKB-stad, maar we staan op plek veertig van de vijftig, sociaaleconomische. Gaat deze woonvisie helpen om ons te stijgen op deze ranglijst? Daar wil ik het bij laten. Dank u. De voorzitter: Mijnheer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Dank u wel, voorzitter.

Voorzitter, als je naar deze Routekaart kijkt en de informatiebrieven die erbij zitten, zien wij als CDA een goede beweging om de ambitie te vergroten om in de lagere huur en in de lagere koopprijzen de ambities, de doelstellingen te vergroten. Dat is in ieder geval een beweging de goeie kant op en ook hard nodig. De vraag is: wat is betaalbaar? Volgens ons verandert de wereld daar harder dan wij ambities en visies kunnen maken. Een jaar geleden kon je nog financieren tegen één procent rente en ondertussen ben je een veelvoud kwijt. We hadden huizenprijzen, die stijgen ongeveer met – ik zei het net al - rond de 20 procent per jaar. Hebben we jaren gehad. Het is nu gelukkig iets gedempt en de bouwprijzen stijgen ook hard. Uiteindelijk, wat is betaalbaar? Dat is wat je van je maandlasten kunt betalen. En wat het CDA constateert is dat starters bijvoorbeeld, of ook beginnende tweeverdieners van hun maandsalaris kunnen betalen in geen verhouding meer staat wat ondertussen de bouwprijzen zijn. Dus daar gaan we met elkaar niet uitkomen. Wij hebben gezien dat je als starter op het moment beter een bestaande woning kunt kopen, betaalbaarder, dan een nieuwbouwwoning.

36

Als je in Stadspolders, de wijk waar ik woon, kijkt kun je daar appartementen kopen voor 230.000 euro, en eengezins tussenwoningen rond de 280.000 euro. Dat is een eind onder die 350.000 euro. Die woningvoorraad is er, en die staat ook gewoon op Funda. Dus volgens mij moeten we ook niet de ambitie hebben met het toevoegen van woningvoorraad die allereerste starters te kunnen bedienen, want die kunnen veel beter in de bestaande woningvoorraad terecht. Als je het hebt over betaalbaarheid missen wij een heel belangrijk punt. En we hebben het nog geen enkele partij horen noemen, er wordt af en toe wat schamper gesproken over de sociale huurvoorraad die alleen maar vervangen wordt. Er wordt gesloopt en er wordt weer teruggebouwd en we voegen niets toe. Dat is overigens waar. Als je naar aantallen kijkt, we lopen er zelfs op achter, dus we hebben inhaalslag te doen. Ben ik met alles en iedereen eens. Maar het is wel een enorme kwalitatieve verbetering. En als je kijkt naar betaalbaarheid hebben we naast de wooncrisis ook een energiecrisis. En die oude woningen die we slopen dat waren naoorlogse woningen die je ook wel doorwaaiwoningen noemen, en die vervangen we door woningen met een A++ weet ik wat energielabel met stukken lagere energielasten. Dus als je het qua betaalbaarheid hebt is dat echt een enorme verbetering voor deze doelgroep.

En daar gaat alles en iedereen naar voorbij, maar dat is echt geweldig dat we dat aan het doen zijn, dus laten we er ook eens positief over praten. Wat het CDA betreft is 30 procent sociale huurvoorraad in Dordrecht een mooi streefgetal. En we zitten daar dichtbij, en we bewegen in die richting. Dus een prima stuk. Voorzitter, een laatste punt en dat gaat ook over bijvoorbeeld de motie die de Partij van de Dieren noemde: moet je nu ook nog kijken - er is veel over gepraat - naar woningen die een eindje onder de drieënhalve ton liggen, en kan dat? Dan kunnen we wel een motie gaan indienen van dat dat moet, maar wellicht is het handiger om een motie in te dienen waarbij we het college vragen om eens in kaart te brengen wat er op dat vlak kan, en dat niet alleen het college te vragen maar ook eens aan degenen die het moeten realiseren en bouwen of dat kan. Want wij zijn er ook wel benieuwd naar. Volgens mij willen we het allemaal. Wij gunnen elke starter een woning van tweeënhalve ton of iets lager die hij kan betalen van zijn startsalaris, maar of het kan, daar hebben we een groot vraagteken bij, maar ik zou wel graag het antwoord willen weten. Voorzitter, dat als bijdrage van het CDA. De voorzitter: Mijnheer Uysal, die was net een fractie eerder. De heer Uysal: Dank, voorzitter.

Ja, een vraag aan de heer Van der Kruijff over starters die dan voorzien kunnen worden in hun behoefte in de bestaande woonvoorraad. Maar als je even op Funda kijkt dan zie je eigenlijk dat die aantal woningen op een handje te tellen zijn voor starters. Dus hoe kijkt de heer Van der Kruijff daarnaar met betrekking dus tot ook nieuwbouw voor de starters? De heer De Feijter: Voorzitter, zou ik er direct iets aan toe mogen voegen? De voorzitter: Natuurlijk. De heer De Feijter: Mijn vraag ging eigenlijk over hetzelfde, dus het is heel fijn dat de heer Uysal van GroenLinks daar ook over vertelt. Daarnaast hebben we ook gewoon een onderzoeksrapport liggen, een analyse van vraag en aanbod en daar blijkt gewoon die mismatch. Er is gewoon vraag naar meer betaalbare woningen. En de heer Van der Kruijff noemt specifiek starters. Maar goed, er zijn buiten starters om meer mensen en meer doelgroepen die op zoek zijn naar betaalbare woningen. Dus hoe kijkt de heer Van der Kruijff daarnaar?

37

De heer Van der Kruijff: Voorzitter, ik dacht dat helder uitgelegd te hebben, maar ik zal proberen in iets andere woorden te doen. Wat wij betogen is dat het voor de starter haalbaarder is om een bestaande woning te kopen dan een nieuwbouwwoning als je naar de prijsklasse kijkt. En natuurlijk is daar ook weinig aanbod maar er is wel aanbod. En als je op Funda kijkt zie je inderdaad misschien maar in Stadspolders twee of drie appartementen van 220.000 die ook nog onder bod zijn. Maar als je dat een paar maanden volgt, zijn er niet steeds dezelfde woningen. Oftewel, er gaan eraf en er komen erbij, en er is wel gewoon beweging. En dat zal te weinig zijn, maar dat is voor de starters het meest haalbaar. Dus heb niet de illusie dat je dat probleem gaat oplossen met nieuwbouwwoningen. Dat betogen we vooral. De voorzitter: Mijnheer Hartmeijer. De heer Hartmeijer: Dank voorzitter. Ik ben wel benieuwd, er wordt heel veel gesproken over regie van de overheid, ook CDA-minister en in alle overheidslagen eigenlijk.

Ik ben eigenlijk wel benieuwd wat het CDA Dordrecht daaronder verstaat onder regie op de woningmarkt, huur en koop? Is het alleen grond, of zijn dat ook andere dingen in de huursector, bijvoorbeeld? De heer Van der Kruijff: Voorzitter, in de huursector is dat vooral de afspraken die je met wooncorporaties maakt en die je met projectontwikkelaars kunt maken bij de grote projecten. En wij denken echt als je in het betaalbare segment wil bouwen dat je echt met een paar grote ontwikkelaars grote ontwikkelingen moet doen, omdat het voor ontwikkelaars pas doenbaar is om ook wat betaalbaardere woningen, of het nu koop of huur is, te realiseren in een groot project. Als je een project hebt van 20 woningen lukt dat niet. Mogelijk in een programma van een paar honderd woningen kun je dat met onderling verschuiven in zo'n programma dat wel voor elkaar krijgen. Dus dat denken we dat we dat binnen Dordrecht moeten doen qua regie. De voorzitter: Ik zie niemand op de tafel springen. Dan denk ik dat het tijd is om naar de wethouder te gaan. De heer Burggraaf: Ja dank u wel, voorzitter. En ik heb het voor mezelf maar even in twee blokjes verdeeld. Het sociale huursegment en het te koopdeel.

En ik hoop dat ik dan binnen die blokjes inderdaad alle vragen beantwoord heb, maar als ik nog wat oversla dan hoor ik dat vanzelf, maar ik denk dat dat wat meer structuur geeft dan als ik de vragen per partij afga. Allereerst wat vragen rondom wat is nu de sociale huurvoorraad in Dordrecht. Een ding is zeker, 28 procent is in bezit van de corporaties, en er zit een deel bij wat van de particuliere huurvoorraad is wat onder die sociale huurgrens zit, dat is negen procent. Dat komt uit het RIGO-onderzoek. Tegelijkertijd wordt vanuit de VVD gevraagd: geef ons eens even inzicht wat daar nu de samenstelling van is. En ik hoor de Partij van de Arbeid de vraag stellen: is dat nu echt beschikbaar? U leest ook terug in de Woonbrief dat we hebben gezegd dat wij, zelf het college ook graag wat meer inzicht wil hebben in wat voor type eigenaren dat dan zijn, wat voor type sociale huurwoningen dat zijn. Dus dat gaan wij onderzoeken, en dat inzicht zullen wij verschaffen aan u ook op moment dat we terugkomen rondom de PALT-afspraken, zodat we wat meer beeld hebben wat die negen procent rondom die particuliere voorraad is. Dan een ander aspect. Wat velen constateren is dat er veel sociale woningen, huurwoningen, zijn gesloopt in de afgelopen jaren. Maar dat is een feit.

Het is ook een feit dat de afgelopen jaren gezien hebben dat de productie van het terugbouwen van die sociale huurwoningen erg langzaam op gang kwam. En dat is ook de reden dat in deze bestuursperiode is vastgelegd dat we hebben gezegd: we willen geen sloop meer als er niet ook wat nieuw teruggebouwd wordt. En we gaan met de corporaties in gesprek om

38

met elkaar een hechtere samenwerking aan te gaan om te zorgen dat die nieuwbouwproductie ook echt op gang komt. Ik hoor terecht het CDA zeggen: er komt vervolgens wel, voor wat je nieuw bouwt, kwalitatief hoogwaardig veel terug. U ziet ook heel veel wat niet gesloopt wordt maar wel ook weer verduurzaamd wordt in het corporatiebezit, en daarmee inderdaad de betaalbaarheid van de woningen verder vergroot. Wat overigens, dat heeft u ook in de cijfers gezien, in Dordrecht die betaalbaarheid van de woonlasten - even afgezet tegen de rest van Nederland - gewoon goed te noemen is. Maar elke slag die je daar verder in kan verbeteren is natuurlijk altijd goed. Dus we voeren het Pas op de plaats-beleid en we sturen op. Nou ja, het versnellen van nieuwbouw, en dat was een vraag onder andere van SP, hoe voeren we daar nu regie op, op dat terugbouwen? Nou, dan ziet u dat het wel degelijk ook zo is dat op die plekken waar het nieuw gebouwd wordt er ook meer wordt teruggebouwd. Het Witte Dorp werd genoemd. Ja, er worden 80 sociale huurwoningen gesloopt maar er komen er 124 voor terug, dus op hetzelfde stuk worden er meer sociale woningen teruggebouwd dan dat er weggehaald worden, en dan komen inderdaad ook 14 koopwoningen in dat gebied. Dat is ook goed voor de verdeling, voor de mix in de wijk. En dat is hetzelfde bij de Charlotte Bourbonstraat, daar gebeurt hetzelfde.

Er wordt ook meer teruggebouwd, en dan is het ook de kunst om vervolgens te kijken hoe je daarin ook de kwaliteit van de ruimte tegelijkertijd ook behoud en voldoende groen hebt et cetera. Dus dat is de inzet, en daar voeren we regie op. En in dat kader gaan we ook verder kijken - dat is ook aangekondigd - in een verdichting studie, om te kijken waar kunnen we onder andere, de ambitie die we hebben geformuleerd om er deze periode 150 extra te gaan bouwen, op welke plekken kunnen we dat gaan vinden? Dat gaan we in die studie onderzoeken, en dat komen we nog bij u op terug welke plekken dat zijn. En we hebben gezegd dat we daar waar particuliere sociale huurwoningen al in de bouwvoorraad staan met de 100 extra … Of eigenlijk daarvan, die zouden 100 in de particuliere worden gebouwd, maar in hoeverre we die zouden kunnen laten bouwen door de corporaties. De heer Damen: Ja voorzitter, we hebben pas gesproken over de Spuiboulevard. Daar zou een buitengewoon gering aantal van sociale huurwoningen komen, tien procent. Dat was toch een uitgelezen kans om een plek te vinden om meer sociaal te bouwen? Dan is 150 extra bouwen een buitengewoon bescheiden inzet. De heer Burggraaf: Ja voorzitter, ik zou zeggen: wacht gewoon echt even die verdichtingsstudie af, want zo eenvoudig als u het schetst, is het niet.

En vervolgens, wat we daar ook hebben gezegd is het vooral met elkaar belangrijk dat we goed de totaal doelstelling in het oog hebben en per gebiedsontwikkeling kijken wat daar het beste past, en wat daar kan. U weet ook dat bijvoorbeeld in Wielwijk en Crabbehof juist de ambitie is om uiteindelijk minder sociale huurwoningen daar terug te krijgen, om te zorgen dat daar gewoon een gezondere verdeling ook in de wijk komt, wat ook bijvoorbeeld ten goede komt aan de winkelvoorzieningen die er zijn. De voorzitter: Mijnheer Damen. De heer Damen: Ja, daar zit nu net de pijn, wat wethouder noemt. En hij zegt in Wielwijk, dadelijk in Crabbehof, in Vogelbuurt. Het zou best wat meer gemixt kunnen worden, minder socialer en wat meer koop in verschillende vormen. Het probleem zit hem in het feit dat op andere plekken er geen sociale woningen bijgebouwd worden. Dat betekent toch dat de sociale woningen steeds meer geconcentreerd worden in Dordrecht-West, en in andere wijken er nauwelijks toevoegingen zijn. De heer Burggraaf: Ja voorzitter dat is, als je naar die cijfers kijkt die ik net noemde, is dus niet het geval, want het is wel degelijk zo, en dat heeft u ook bij die technische

39

vraag gezien, dat er meer sociale woningen worden teruggebouwd dan dat er wordt gesloopt. Dus die groei komt eraan. Wat wel zo is als je gewoon terugkijkt naar de afgelopen paar jaar is dat er meer gebouwd is dan teruggebouwd, dat daar een krimp is. En daarom maken we nu die inhaalslag om te zorgen dat er netto ook weer sociale huurwoningen bijkomen. Dan werd de vraag gesteld over de definitie rondom de sociale huurwoningen. En dat klopt, daar is nu een wetsvoorstel Regie op de Volkshuisvesting, die voorligt bij de Kamer, die nog behandeld moet worden, waarin ook wordt gezocht naar een definitie, en ook gekeken wordt: doe je die vijftien of vijfentwintigjarig instandhoudingsplicht. GroenLinks verwees naar de Regionale Realisatieagenda, de woondeal die met de provincie is gesloten. Daar wordt inderdaad verwezen naar die definitie in die Wet Volkshuisvesting, de verbeterde Regie Volkshuisvesting. Maar er wordt ook gezegd dat dat nog een traject vraagt. Die wet is er nog niet, het is nog een wetsvoorstel. Dus tot het moment dat het is vastgesteld gaat de definitie ook in die afspraken gelden zoals die dan bij dat wetsvoorstel uiteindelijk wordt aangenomen. Nou, dat gaan we zien. Dat is de verwachting dat dat in de loop van dit jaar, misschien begin volgend jaar wordt vastgesteld, en dat dan die definitie landelijk bekend is voor het sociale woonsegment.

Dan waren er wat vragen over het koopsegment. En ja, ik herken sowieso wat iedereen stelt dat het natuurlijk gewoon een markt is, dat zien we overal in Nederland, waar er schaarste is, waar er flinke prijsstijgingen zijn geweest. Dat is in Dordrecht niet anders. Tegelijkertijd constateer ik ook dat als je naar de Dordtse koopmarkt kijkt dat van de woonvoorraad een derde van de koopwoningen in Dordtrecht onder de twee ton is. Dus er is echt wel een flink aandeel beschikbare goedkopere koopwoningen. En als je kijkt naar de cijfers… De voorzitter: Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Toch één vraag. Als de wethouder dat zegt, bedoelt hij dan de WOZ-waarde? Want er wordt bijna geen huis gekocht tegen WOZ-waarde, of bedoelt hij gewoon bij door de makelaars genoteerde verkoopprijzen? De heer Burggraaf: Ja, als je het over de verkoopmarkt hebt dan zie je dat als je van 2018 tot 2022 kijkt, dat ziet u ook in de Bouwbrief, dat ongeveer 5.500 woningen zijn verkocht en dat daarvan 2.000 woningen onder de twee ton waren, en 2.500 woningen tussen de twee ton en 355.000 euro. Oftewel waren maar 1.000 koopwoningen boven de 355.000 euro in het in het duurdere segment. Dus ook daar zie je dat wel degelijk het aantal koopwoningen wat actief verkocht wordt ook in die goedkopere categorie beschikbaar is.

Vervolgens zie je hier ook in de doorstroommarkt dat het echt niet zo is dat het grootste deel van die nieuwbouwwoningen worden betrokken door mensen die van buiten Dordrecht komen. We hebben daar onderzoek naar gedaan, in Amstelwijck zie je het ook, dat echt 60 tot 70 procent van de woningen die verkocht worden gekocht worden door Dordtenaren, dus die laten uiteindelijk ook weer een woning achter. En daarmee krijg je vijf verhuisbewegingen, dat is vastgesteld. Is daarmee het hele probleem opgelost? Natuurlijk niet, want het is nog steeds zo dat we gewoon in een huidige markt zitten waar ineens de rente enorm hard gestegen is, de kostprijs enorm hard gestegen is. Dus het valt niet te ontkennen dat we in een gewoon hele lastige woningmarkt zitten, maar ja dat is ook een landelijk fenomeen. Het is iets waar je maar beperkt invloed op kan uitoefenen. Maar goed, in het kader van die lastige markt, ChristenUnie/SGP vroeg: wat kunnen we dan nog doen voor starters? Gebruiken we al die instrumenten, kunnen we nog andere instrumenten gebruiken? Nou, binnenkort komt er een evaluatie uw kant op van de starterslening, een raadsinformatiebrief, en daar zullen we dan ook nog even evalueren van hoe werkt dat nu, hoe gaan we dat eventueel

40

voortzetten, en welke andere instrumenten zouden er eventueel zijn, en in hoeverre is het nodig om die wel of niet in te zetten? Dus daar kunnen we bij die RIB in voorzien. De heer Kleinpaste: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Is het denkbaar dat als die informatie komt dat er dan ook een gedacht aan wordt gevoegd of er een instrument ontwikkeld kan worden om senioren te verleiden om makkelijker te kunnen verhuizen? De heer Burggraaf: Ja voorzitter, het is zo dat voor senioren bekent dat er een deel is die graag elders zou willen wonen, dat ze de woning niet kunnen vinden, en wat ze achterlaten weer geschikt zou zijn voor een voor een gezin, dus dat je daarmee ook doorstroming op gang kan brengen. Dat is ook wel degelijk een doelgroep die we ook echt in het oog hebben, en kijken hoe we daar ook die doorstroming op gang kunnen brengen. Dan even de conceptmotie die er ligt van de Partij voor de Dieren. Die vraagt: goh, kijk nu eens even naar die 1.500 betaalbare koopwoningen die we gaan programmeren. Nou, daarvan hebben we dus ook in het programma geconstateerd dat we daar echt nog een slag te maken hebben om die nog bij te programmeren. Een deel, moet ook gezegd worden, was in het verleden wel degelijk geprogrammeerd maar door de markt ook wel gewoon in die categorie boven de categorie uitgestegen.

Dus het is ook niet zo dat we daar helemaal niet in hebben gestuurd of gehandeld. Maar goed, ook daar heeft de markt wel een deel van dat segment een andere kant op laten bewegen. Kijk, het is een feit met de huidige bouwprijzen en de stichtingskosten dat het niet realistisch is om voor een bedrag onder die tweeënhalf ton woningen te gaan realiseren en te gaan bouwen. Aan de andere kant heb ik u ook gezegd veel van de bestaande voorraad die te koop staat is toch wel degelijk wel binnen die prijscategorie beschikbaar. Maar vragen om binnen die 355.000 euro heel veel woningen neer te gaan zetten die onder die prijs zit, dat is niet realistisch. Daar krijg je geen bouwprojecten van de grond. En uiteindelijk wil je ook graag kwaliteit gaan bouwen, dat betekent gewoon een minimale omvang van je woning. Dat betekent vierkante meters, het betekent kwaliteit ook in de gebouwde omgeving. En ja, daar is hetgeen wat de motie oproept dat is dan geen realistische... De voorzitter: Sorry mijnheer Uysal, ik geef u helemaal het woord niet. Eerst mevrouw Van Herwijnen. Mevrouw Van Herwijnen: Dank je wel, voorzitter. De wethouder geeft aan dat hij geen mogelijkheden ziet voor het bouwen van woningen tot die 250.000.

Dan heb ik toch wel de volgende vraag: goh, wat ziet de wethouder dán als een meer betaalbare woning onder die 355.000 euro? En kan er nog onderzocht worden of er met bijvoorbeeld meerwaardebeding - de grondprijs doorrekenen naar de tweede koper - of andere methoden als bouwmethodes gekeken worden dat er onder die prijs kan worden gebouwd? De heer Burggraaf: Ja kijk voorzitter, wat we uiteindelijk moeten doen in deze tijden is dat we in ieder geval alles doen wat je kan in het proces waar je invloed op hebt om dat ze goed mogelijk te organiseren. En daarvoor hebben we ook al in de regio gezegd, en dat lees je ook terug in de Regionale Realisatieagenda, gaan we werken met Bouwtafels. We hebben er eentje in de regio nu waarbij de corporaties zitten, waarbij ook makelaars aan tafel zitten, waarbij ontwikkelaars, bouwers aan tafel zitten, waarbij de gemeente in de regio aan tafel zit, de regio Drechtsteden. En aan die tafel hebben we afgesproken

41

dat we goed met elkaar kennis en ervaringen uitwisselen, maar dat we ook echt gaan werken aan versnelling van die bouw. En dat betekent dat je je processen zo goed mogelijk op elkaar afstemt, en dat je daar ook gaat kijken waar kunnen innovaties helpen om die bouw zo efficiënt mogelijk te maken? Nou, dat zijn allemaal stappen om te zorgen dat je in zo'n traject in ieder geval voor zo'n laag mogelijke kostprijs iets goed neer kan zetten. Dat is in ieder geval één ding wat je altijd moet doen. Ik denk dat je verder altijd - en dat hoorde ik ook andere partijen roepen - gaat het college kort op de bal zitten. We zitten kort op de bal. Alles wat door het rijk of andere instrumenten die er zijn, provincies met subsidies, worden aangeboden om daarin ook financieel te helpen. We hebben niet voor niets al heel veel WBI-aanvragen ook rondom het ontwikkeling Spuiboulevard, rondom de ontwikkeling van de Spoorzone binnengehaald om te zorgen dat daarmee ook de kosten van die gebiedsontwikkeling gedrukt kan worden. En richting de sociale huurwoningen of corporaties hebben we ook natuurlijk gewoon sociale grondprijzen afgesproken. Daar wordt een flinke korting op de grondprijs gegeven. Dus dat zijn allemaal instrumenten. Ik hoorde u roepen: erfpacht.

Nou ja, dat zit niet in ons beleid om dat voor woningen te doen, maar mocht er een keer een project zijn waarvan je vaststelt van we willen bouwen, maar dat is nu net het zetje die je nodig hebt om het te realiseren, dan zullen we daar natuurlijk serieus naar kijken. Alles om die realisatiekracht deze periode zo optimaal mogelijk te benutten. De voorzitter: Mevrouw Van Herwijnen heeft een aanvullende vraag. Daarna ga ik naar mijnheer Uysal, daarna naar mijnheer De Feijter. Mevrouw Van Herwijnen: Ik wilde toch nog eventjes horen of de wethouder kon aangeven welke prijs hij betaalbaar acht onder die 355? 250 was voor hem niet mogelijk, maar is er dan een andere prijs die hij voor ogen heeft? De heer Burggraaf: Ja. Voor welke prijs je woningen überhaupt kan realiseren bedoelt u? Ja, dat hangt er maar net vanaf hoeveel vierkante meter woning je neerzet, dus ik kan daar niet een exact bedrag aan vastplakken. Ik constateer alleen wel dat wil je een woning van goede kwaliteit neerzetten, als ik daar een beetje de stichtingskosten, cijfers van zie, ja, dat dat voor tweeënhalve ton echt niet gaat lukken. En we hanteren de norm die het rijk stelt voor betaalbare woningen. Dat is die 355,000, dus dat is maximaal precies. En ja, dat hoorde ik ook wel hier zeggen. Kijk, het is ook niet zo dat in de programmering we dus overal zeggen: zoek de maximale grens op.

Je probeert gewoon een goed woningprogramma te maken waarin je diversiteit aan woonaanbod hebt voor meerdere doelgroepen. Ja, en nogmaals, dat wat ik hiervoor schetste, daar moeten we voor zorgen dat we alle instrumenten goed benutten. Daar kan ook wel voor helpen bij een gebiedsontwikkeling, want het is nu niet zo dat de gemeente iets bouwt of ontwikkelt, uiteindelijk de ontwikkelaar die iets neerzet. En het bestemmingsplan kan je pas aannemen op moment dat je ook de kosten van de ontwikkeling worden gedekt uit de ontwikkeling, dat je dat kan bewijzen. Dus daar kan het wel degelijk ook zo zijn dat je goed in de gaten moet houden dat je voor ontwikkelingen ook voldoende duurdere woningen erin hebt zitten, want die zijn ook voor de totale ontwikkeling een bijdrage leveren aan de ontwikkelkosten. Dus dat zijn allerlei aspecten die van belang zijn om uiteindelijk die realisatie op gang te brengen. De voorzitter: Mijnheer Burggraaf, die verzorgt ook lasagne recepten en alles. Ik bedoel, het gaat aan één stuk door. We gaan wel langzaam richting een afronding. Maar mijnheer Uysal, u stond nog op mijn lijstje.

42

De heer Uysal: Ja dank, voorzitter. Een korte vraag. Ik proef een beetje uit de antwoorden van de wethouder dat het gewoon onrealistisch en helemaal niet haalbaar is om goedkoop te bouwen onder de drie ton, drieënhalve ton. Maar hoe voorziet de wethouder dan wel om te bouwen en om te voorzien in de behoefte van bijvoorbeeld politieagenten of leraren en verpleegkundigen, waar we het eerder over hadden? En hij geeft ook aan, voorzitter, bij het bouwen van woningen dat er dan ook een kwaliteitsimpuls aan vastzit, en daarbij koppelt hij ook meteen het aantal vierkante meters. Maar het is toch niet per se zo dat het aantal vierkante meters ook gelijk staat aan de kwaliteit van de woning? We kunnen toch ook kleiner bouwen, en op die manier dus ook ruim onder die drieënhalve ton zitten. Is de wethouder het daarmee met mij eens? De voorzitter: Goed. Ik zou gewoon ja of nee zeggen. De heer Burggraaf: Nee voorzitter, absoluut met kwaliteit is niet alleen vierkante meters, ook andere aspecten. En kijk, wat vooral in de motie ook toe wordt opgeroepen is: ja, er is een woonbouwprogramma van 1.500 binnen het betaalbaar segment, en daarvoor moeten er 500 onder de 250.000. Ja, dat is niet in dat soort aantallen. Op zo'n programma is dat gewoon niet een realistisch haalbaar verzoek.

Natuurlijk, als je wat minder vierkante meters ergens in een programma hebt zitten kan je ook wat goedkopere woningen aanbieden, maar ja, nogmaals, daar wil je ook een mix op hebben. Dan moet je ook echt goed kijken naar de bestaande voorraad die je al hebt in je stad, omdat uiteindelijk - en dat was iemand, volgens mij Beter voor Dordt die dat vroeg - dat ook de doelstelling is om de sociaaleconomische positie van je stad te verbeteren, of aan te werken. En dat zit op een goede mix van je programmering, en dat zit in investeren in je bestaande woonvoorraad. Dus dat betekent ook in naar die corporatiewoningen met de EFG-labels, daarin investeren en daarmee de betaalbaarheid voor je bestaande inwoners verbeteren, en daarmee ook de sociaaleconomische positie van je stad verder te verbeteren. De voorzitter: Mijnheer De Feijter.

De heer De Feijter: Dank u wel, voorzitter. Ja, de heer Uysal en ik zitten vanavond veel op één lijn, want mijn vraag ging ook over de koppeling van kwaliteit van woningen aan het aantal vierkante meters. En ik ben ook benieuwd of het onderzocht is wat de vraag is naar een minimumaantal vierkante meters, want ons bereiken namelijk hele andere signalen dat mensen best tevreden zijn met wat minder, als ze maar gewoon een woning kunnen vinden. Ja, dat eigenlijk. De heer Burggraaf: Nee voorzitter, natuurlijk. Alleen, je moet zorgen … Nu kom ik even terug bij die woningvoorraad dat het uit een gezonde balans bestaat. Dus het kan zijn in bepaalde levensfasen dat je met wat minder vierkante meters prima afkan, maar dat je later als de kinderen komen en je wil uitbreiden, dat je meer meters wil hebben. En dat is een deel eigenlijk, zo moet u het een beetje zien, die vierkante meters die u ook in de Bouwbrief ziet, die wordt dan als een norm gehanteerd om te laten zien hoe de kwaliteit zich ontwikkelt van de totale woonvoorraad. Ja, en die zich afleidt van hoeveel woningen heb je, en hoeveel gemiddelde vierkante meters. En dan kom je ook weer terug op wat ik daarvoor zei: een derde van de bestaande woonvoorraad is onder de twee ton. En waarom is dat? Omdat het ook veel kleine vierkante meter woningen zijn.

Dus je moet echt goed kijken naar je totale woonvoorraad en de kwaliteit die je daarin wil toevoegen,

43

en daar de goeie balans mee hebt. En dan zit het gewoon niet in grote aantallen woningen van een kleine omvang, want daar hebben we er gewoon relatief al veel van. De voorzitter: Mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ja voorzitter, ik hoorde de wethouder zeggen dat voor woningcorporaties geldt dat korting op de grondprijs af en toe wordt toegepast. En ik vroeg mij af of ook bij collectieve opdrachtgeverschap of bij burgers die hun eigen corporatie beginnen een soortgelijke korting zou kunnen helpen om ook de doorstroming te bevorderen? Dus wellicht heeft hij daar nog gedachten bij. En ik vraag me of de wethouder nog iets gaat zeggen over dat wat wij hebben gevraagd over tijdelijke voorzieningen en flexbouw? De heer Burggraaf: Jazeker voorzitter, ik was nog niet klaar met alle vragen beantwoorden. Voor de flexbouw, dat leest u ook in de Woonbrief, hebben we geconstateerd dat we gewoon vooruitlopen op de landelijke ambitie die is gesteld. Bouw wat meer ook in flexwoningen. Nou, dat is met de Leerpark 2F is daar ruimhartig in voorzien. Dus wij zijn niet voornemens om nog voorraad aan flexbouw toe te voegen. U noemde een aantal concepten als Knarrenhof, Tiny Houses, particulier opdrachtgeverschap. Ja, dat zijn zeker dingen die wel plaatsvinden. Ik weet bij de Amstelwijck-ontwikkeling zit ook wel particulier opdrachtgeverschap in.

Nou, Knarrenhof, heeft u onlangs het college gevraagd om met die partijen in gesprek te gaan, dus dat gaan we doen. En tegelijkertijd willen we dat wel wat beperken in de capaciteit die we ervoor inzetten, want het zijn zaken die ook enorm arbeidsintensief zijn, en de realiteit ook is alle tijd die je daarin zit dat je die niet in de grotere projecten kan steken waar veel grotere aantallen woningen vandaan komen. Dus dat is wel de nuance die ik van het college mee wil geven dat we zeker aan ook andere woonconcepten meewerken, maar we daar ook heel kritisch en alert zijn op hoeveel capaciteit we daarop inzetten. Omdat als je dat te veel doet, is onze ervaring ook met particulier opdrachtgeverschap in het verleden, dan kost het zoveel tijd dat je echt op andere projecten gewoon de capaciteit niet hebt waar wel grotere aantal woningen gerealiseerd kunnen worden. Verder Op Ons Eiland gehoord nog over de actief grondbeleid. Ja, ik zou zeggen wacht even de nieuwe grondbeleid af, want daar staat die aanpassing al in. In de vorige raadsperiode hebben we ook al in een RIB aan de raad laten weten dat we daar een aanpassing gingen doen op meer actief grondbeleid. En dat ziet u ook in de praktijk al gebeuren, want het Maasterras en de ontwikkeling daar, ja, daar zit een Wvg op.

Er worden nu regelmatig ook woningen gekocht daar, grondposities ingenomen door de gemeente, dus dat actievere grondbeleid dat voeren we. Maar ook daar moet je heel kritisch zijn waar je het inzet, dus doe dat gewoon in de gebiedsontwikkeling want het zijn hele complex opgaven met ook grote risico's. Dus dat moet je ook echt alleen op de plekken doen waar je binnen je organisatie een sterk projectteam hebt staan, een goede capaciteit hebt zitten die van wanten weet in dat soort trajecten, en kies daar ook de focus, want als je dat te ruimhartig gaat doen dan kom je in de ongelukken terecht waarbij je later weer allerlei afboeken moet doen. Dus doe het vooral met focus en inzet, en dan doen we dat actief grondbeleid wel degelijk. De voorzitter: Dank u wel. Nu moet ik officieel nog vragen of iemand nog wat heeft. Tweede termijn of zo, leuk, nog anderhalf uur erachteraan. Nee, zullen we dat maar niet doen? Dan ga ik even aan u voorstellen. Tenminste, aan u vragen wat we met dit raadsvoorstel kunnen doen? Hameren? Grapje. Ik ga ervan uit dat … Ja, maar bedoel dit is sowieso een onderwerp waarvan ik denk dat we als raad moeten willen om dat in de raad te bespreken. Dus in die zin is een motie altijd goed. Maar goed, ik ga er niet over.

44

U bent de commissie, dus kunnen we, voordat we allemaal wat anders doen en aan het bier gaan, even gewoon nog focussen op wat we met dit raadsvoorstel doen? Ik neem aan dat dat als bespreekstuk naar de raad kan, sowieso omdat er een motie is aangekondigd. Het kan ook nog zijn dat die helemaal niet ingediend wordt uiteindelijk, dus wat dat betreft. En vijf minuten doen? Ja, het hoeft voor mij niet. Het mag van mij ook gewoon helemaal … Maar even kijken. Mijnheer Noldus. De heer Noldus: Ik wou eigenlijk het voorstel doen. Ik kan me voorstellen dat als partijen met een motie komen dat we het bespreken aan de hand van de motie. Tegelijkertijd, is het een raadsvoorstel met een hoge raadsinformatiebrief-gehalte en een procesvoorstel waar we vanavond uitgebreid over gesproken hebben, dus tenzij partijen met motie of een amendement komen, zou het wat mij betreft zelf als hamerstuk naar de raad kunnen. De voorzitter: Mijnheer Damen. De heer Damen: Voorzitter, ik overweeg wel een motie te gaan opstellen over het percentage sociale woningbouw dat we nastreven. De voorzitter: Ja, er liggen er nog een heleboel, dus misschien kan u gewoon eentje uit het verleden gebruiken. Mijnheer Portier? De heer Portier: Nou, misschien even eentje uit het verleden een beetje aanpassen, maar dan met nog wat extra zaken.

De voorzitter: Ja, zodra het over wonen gaat is de sociale woningbouw percentage altijd aan de orde. Oké, we spreken af dat we het bespreken aan de hand van de moties en twee minuten? Deal? Oké. Dan dank ik u hartelijk voor uw inbreng, en wel thuis. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van …… 2023.

De griffier,

De voorzitter,

A.E.T. Wepster

A.W. Kolff

45

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/552/documents/23091