3.2 2023.03.07 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf
Tekst van het document
Eventjes in twee zinnen gezegd, veel te lang op de pof hebben geleefd als het gaat om onze publieke gezondheid, als het gaat om onze weerbaarheid en als het gaat om onze pandemische paraatheid. Dat gaat ook over de beschikking van voldoende infectieziektebestrijdingsartsen bijvoorbeeld. Ik heb ook weleens volgens mij hier geschetst dat twee maanden voordat de pandemie uitbrak, volgens mij, als ik het ... De heer Van Hattem corrigeert mij meteen als ik een echte leugen vertel. Maar orde grote hadden wij destijds acht man zitten op infectieziektebestrijding. Drie maand later waren het er een paar honderd en nog twee maanden later waren er elfhonderd. Dan kun je natuurlijk niet op programmeren. We kunnen nu niet zeggen, we gaan nu factor dertig of veertig alvast klaarzetten. Maar ik denk dat pandemische paraatheid een thema is waar we ons veel meer mee bezig moeten houden, net zoals we ons moet bezighouden met de beschikbaarheid van geneeskundige capaciteit op dit terrein? Net zoals we ons
61
moeten bezighouden met de vraag, willen wij jeugdgezondheidszorg? Dat is een heel andere vraag hoor, maar wel eentje die daarmee vergelijkbaar is. Nu hebben we dat eigenlijk ingekocht, op de markt gezet, ingekocht. Heel goed, werkt hartstikke goed, werkt heel goed samen ook met de GGD. Maar eigenlijk kun je je best de vraag stellen, moeten wij niet vinden, dat is niet de vraag die je nu moet beantwoorden, dat dat gewoon in het publieke domein sec thuishoort? Is een hele goede vraag om eens over na te denken. Daar hebben we ook tijd voor. Maar ik vind dat we daar goed over moeten nadenken. De heer Van Dam Timmers: Dit is een mooi, concreet en ontwijkend antwoord. De voorzitter: Misschien geeft dit aanleiding om nog eens even nader op dit onderwerp in te gaan. Beste collega's, omwille van de tijd, ik kan nog een laatste vraag ... Ik zie gelijk twee vingers. Mijnheer Stam wil ik nog even ... Een korte vraag alsjeblieft. De heer Stam: Dit is eigenlijk geen vraag, meer een bevestiging. Mevrouw Smid heeft aangegeven van, de verordening is vastgesteld. Daarvoor was de toezegging dat die informatie geleverd kon worden. Ik neem aan dat die gebaseerd is op die verordening? Als die informatie er al is, mag u mij ook de pagina's mailen waar het staat, want mijn collega doet sociaal. Misschien dat ik daar iets mis.
Maar als die relatie is te leggen met die verordening, dan ben ik wel tevreden. De voorzitter: Kan dat, mevrouw Marsman? Ja. Mevrouw Schnabel, laatste vraag. Mevrouw Schnabel: Een hele korte vraag. Dat gaat nog even over de cijfers. Want u geeft hier aan inderdaad dat u ons die wil toesturen. Wanneer kunnen we die cijfers verwachten? De voorzitter: De heer Van Hattem. De heer Van Hattem: Heel smart. Ik denk dat dat moet kunnen volgende week dat u die cijfers ... Mevrouw Schnabel: Volgende week zou fantastisch zijn. Dank u wel. De heer Van Hattem: Dat is geen probleem. De voorzitter: Mevrouw Schnabel is dan enorm blij. Beste collega's, bedankt voor uw deelname aan dit beeldvormend gesprek. Is er voldoende uitgewisseld over de werking van Dienst Gezondheid en Jeugd? Die vraag leg het nu even op tafel. Kijk ik ook even rond. Ik zie allemaal blije gezichten, zou ik zeggen. Vervolgens ook de vraag, we hebben ook een raadsinformatiebrief over het Programma Jeugd, kan dit ter kennisgeving naar de raad of zou u dit nog willen bespreken? Mevrouw Schnabel. Mevrouw Schnabel: Het is nu het einde, of de tijd is ... Het is tijd. Wij hadden er nog wel een paar vragen over. Wij zouden dat nog wel willen bespreken. De voorzitter: Mevrouw Boom.
62
Mevrouw Boom-Vos: Voorzitter, wij hadden geen vragen er meer over. Van ons mag het door. De voorzitter: Ik kijk even. De heer Boersma: Voorzitter, wij hadden ook geen vragen meer. Ik kan me voorstellen als er gewoon nog een paar vragen zijn dat dat ook schriftelijk kan. Ik denk niet dat mevrouw Schnabel acht fracties gaat redden. De voorzitter: Dat wilde ik ook inderdaad voorstellen. Mevrouw Schnabel, is het ook mogelijk dat u uw vragen stelt en dat u daar schriftelijk antwoord op krijgt? Mevrouw Schnabel: Dat is Prima. De voorzitter: Mooi. Dank u wel. Ik wil de vergadering hierbij beëindigen, maar ho, ik wil uiteraard de gasten bedanken. Nog in het bijzonder, er is ook een heel bijzonder moment, want we gaan afscheid nemen van mijnheer Boersma. Die willen we natuurlijk even in het zonnetje zetten. Mijnheer Boersma, ik kijk even u aan. Het is al elf uur geweest. We willen u in ieder geval namens deze commissie, maar ook uiteraard de raad, van harte bedanken voor de jarenlange inzet voor het Sociaal Domein, maar überhaupt voor de raad. Op 14 maart krijgt u nog een prachtig mooi afscheid, zou ik zeggen. Maar in ieder geval enorm bedankt dat u de afgelopen jaren uw inzet heeft gepleegd voor deze stad. Een fijne avond. De heer Boersma: Voorzitter, dank u wel. Ik heb het met plezier gedaan. Als ik ergens grijze haren een beetje van gekregen heb, is het van het Sociaal Domein.
Maar goed, dat siert mijn leeftijd.
Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van …… 2023.
De griffier,
De voorzitter,
A.E.T. Wepster
A.W. Kolff
63