CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2a Toelichting - Bijlage 4 Bouwhistorisch onderzoek Weeskinderendijk 213.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 6 februari 2024, gemeente DordrechtBij agendapunt: 9: Raadsinformatiebrief over Ontwerpbestemmingsplan Maasterras 2023 - Raadsinformatiebrief11.807 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De binnenwand in het kantoor die bovendaks uitsteekt.

Bouwhistorisch onderzoek • Weeskinderendijk 213 te Dordrecht • 20 juni 2023

Fase 2 1947 In 1947 werd door A. Boogertman te Dordrecht een vergunning aangevraagd voor de bouw van een garage met daarachter een 23 m lange open houtloods aan de Weeskinderendijk. Deze diende voor het opslaan en drogen van meubelhout. De volgende elementen worden tot deze bouwfase gerekend: • De grenen houten constructie van de houtloods; • De dakafwerking met de rode Mulden pannen. Fase 3 1948 Na de verwoestende brand van zaterdag 22 mei 1948 werd de huidige zagerij volledig nieuw gebouwd. Deze was kleiner dan de voorgaande en werd enigszins verplaatst. Het was opnieuw A. Boogertman die het ontwerp indiende voor de bouwvergunningaanvraag. Tegelijkertijd bleek dat de open houtloods te klein geworden was en werd een aanvullende vergunning aangevraagd voor het verlengen van de loods met vier balkvakken. In de huidige situatie resteren de volgende elementen en structuren van deze bouwfase: • De vier buitengevels van de zagerij; • De gevels en indelingen van de zagerij, met uitzondering van de dubbele deuren in de zuidgevel; • De betonnen vensters in de gevels van de zagerij; • De stalen deuren aan de oost- en westgevel van de zagerij; • De toiletruimte in de zagerij; • De binnendeur naar het toilet; • De betonnen kelder in de zagerij; • • • • •

De betonnen lorriebaan langs de noordgevel in de zagerij; De rails van de bovengenoemde lorriebaan; De houten vloer op de kelderbak van de zagerij; De hijskraan aan de noordzijde in de zagerij; De laatste vier balkvakken van de houtloods.

Bouwhistorisch onderzoek • Weeskinderendijk 213 te Dordrecht • 20 juni 2023

81

Fase 4 1959 In 1959 vroeg aannemersbedrijf A. van Herwijnen uit Dordrecht vergunning aan voor de firma C. Berger en Zn. om enkele binnenwanden in het kantoor te verwijderen en een overkapt bordes met een trap te plaatsen aan de noordgevel. De hoofdentree in de zuidgevel kwam hierbij te vervallen. Ook werden de eerste drie vakken van de open houtloods achter de garage dichtgemaakt.

82

Fase 5 XXB Vanaf de jaren ‘70 zijn de panden nog verschillende keren gewijzigd. De kantoorruimte heeft, afgezien van de enkele binnenwand, geen indeling meer en kreeg een nieuwe trap naar de zolderverdieping. De houtloods werd in verschillende fasen verder dichtgezet, en voorzien van een aanbouw aan de oostgevel en garagedeuren in de westgevel. De zagerij werd verschillende keren gewijzigd, mogelijk als gevolg van een veranderend houtbewerkingsproces, waarvoor ook geen balkengat meer nodig was. Dit werd rond 1967 gedempt, waarna het complex werd uitgebreid met grote loodsen. In deze periode werden tevens een extra vrijstaand kantoor en een mothok gebouwd. Uiteindelijk werd de houtzagerij in 2021 gesloten en kwam het complex leeg te staan.

Bouwhistorisch onderzoek • Weeskinderendijk 213 te Dordrecht • 20 juni 2023

6 88

WAARDESTELLING 6.1 A lgemeen In de voorgaande hoofdstukken is de bouwgeschiedenis van het onderzochte pand inzichtelijk gemaakt. In dit hoofdstuk wordt een waardering gegeven aan de bouwhistorische elementen ervan. Deze waardering volgt de Richtlijnen voor bouwhistorisch onderzoek 2009, zoals opgesteld door, onder andere, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE), de Stichting Bouwhistorie Nederland (SBH) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). In de onderstaande paragrafen worden zowel de contextuele (externe) als de interne (bouwhistorische) waarden van het object aangegeven. De contextuele (externe) waarden worden bepaald aan de hand van verschillende deelwaarden waarbij de onderzochte objecten worden vergeleken met andere, vergelijkbare objecten binnen de plaats, de regio of op landelijk niveau. Als het object een beschermd gemeentelijk of rijksmonument is, wordt de redengevende omschrijving daarvan als uitgangspunt genomen. Verder vindt waardering plaats aan de hand van vijf aspecten: • Algemene historische waarden; • Ensemblewaarden; • Architectuurhistorische waarden; • Bouwhistorische waarden; • Gebruikshistorische waarden.

De interne (bouwhistorische) waarden worden bepaald door de nog aanwezige bouwhistorische aspecten, zoals materialen, massa’s, ruimtelijke indelingen of af- en bewerkingen, die inzicht geven in het ontstaan en de ontwikkeling van het object. Bij deze verfijning van de cultuurhistorische waarden wordt uitsluitend gekeken naar de gaafheid (authenticiteit) en de zeldzaamheid van de fysieke elementen die bijdragen aan het historische karakter, waarbij het object zelf als uitgangspunt wordt genomen. Bij de interne waarden wordt onderscheid gemaakt tussen de volgende categorieën:

Bouwhistorisch onderzoek • Weeskinderendijk 213 te Dordrecht • 20 juni 2023

•

•

•

Een hoge cultuurhistorische waarde wordt gegeven aan de onderdelen die van cruciaal belang zijn voor de structuur en/of betekenis van het object. Een positieve cultuurhistorische waarde wordt toegekend aan elementen die van belang zijn voor de structuur en/of betekenis van het object. Een indifferente cultuurhistorische waarde wordt toegekend aan onderdelen die van weinig of geen belang zijn voor de structuur en/of betekenis van het object.

Ter verduidelijking van de teksten zijn waardestellingstekeningen opgenomen. Op deze tekeningen wordt met verschillende kleuren een overzicht gegeven van de aanwezige historische waarden. Onderdelen die van hoge bouwhistorische waarde zijn worden in blauw aangeduid, onderdelen met een positieve waarde in groen en elementen met een indifferente waarde in geel. NB: Met nadruk wordt erop gewezen dat de tekeningen niet los van de tekst van dit hoofdstuk kunnen worden gelezen of geïnterpreteerd. Het bouwhistorisch onderzoek is onafhankelijk en objectief uitgevoerd. De bouwtechnische toestand van het object, gebruikersbelangen, ontwerpoverwegingen of eventuele financiële aspecten spelen in het onderzoek geen rol en komen in vervolgfasen van de planvorming aan de orde. Hierdoor kan de waardestelling dan ook niet worden beschouwd als een dictaat. Wel dient men er rekening mee te houden dat aantasting van bouwhistorisch waardevolle aspecten in de meeste gevallen onomkeerbaar is. Naarmate de waarden hoger zijn, zal men daarom met meer kracht van argumenten moeten verdedigen waarom men ze wil aantasten. De uiteindelijke beslissing hierover berust bij de bevoegde overheidsinstanties.

Bouwhistorisch onderzoek • Weeskinderendijk 213 te Dordrecht • 20 juni 2023

89

6.2 C ontextuele wa ardestelling 1) De algemene historische waarde wordt bepaald door het belang van een object als uitdrukking van bijvoorbeeld een culturele, sociaaleconomische, geografische, technische of typologische ontwikkeling, maar ook wegens de innovatieve waarde of het pionierskarakter. Hoewel de tegenwoordig nog aanwezige gebouwen uit een recentere periode dateren herinneren het complex en het betreffende gebied in belangrijke mate aan de rijke en lange geschiedenis van de Dordtse houthandel. Deze bedrijvigheid was, mede door het zogenoemde stapelrecht dat Dordrecht was toegekend, een belangrijk economisch aspect voor de stad en zijn inwoners. Daarmee heeft het complex een hoge algemene historische waarde.

90

2) De ensemblewaarde heeft betrekking op het belang van panden als onderdeel van een groter geheel dat cultuurhistorische betekenis heeft, maar ook wegens het aanzien van en de verbondenheid met de ontwikkeling van dit gebied. Het terrein, het kantoor, de houtzagerij en de houtloods zijn nauw verbonden met de stedenbouwkundige situatie door hun ligging aan de Weeskinderendijk. Het bijbehorende gebied kwam in de 16e eeuw tot stand als balkhaven waar zich in de 17e eeuw een groot deel van de Dordtse houtzagerijen vestigde. Ook de structuur van het grondgebied met een hoge ligging van de hier genoemde bouwwerken en het veel lager gelegen erf verwijst naar het historische ligging van de dijken en het gebruik van de balkengaten waarin de houten boomstammen werden gewaterd voordat zij gezaagd, gedroogd en verhandeld werden. Daarom is er sprake van een hoge stedenbouwkundige waarde. Het ensemble aan gebouwen heeft een geringere cultuurhistorische waarde. De gebouwen dateren uit een vrij recente periode en met de vele nieuwe bouwwerken eromheen is de gaafheid ervan sterk gereduceerd. Er is hooguit sprake van een positieve ensemblewaarde, aangezien de drie gebouwen: het kantoor, de houtloods en de zagerij nog wel een belangrijke functionele verbinding met elkaar hebben.

Bouwhistorisch onderzoek • Weeskinderendijk 213 te Dordrecht • 20 juni 2023

3) De architectuurhistorische waarde heeft betrekking op het belang van het pand voor de geschiedenis van de architectuur, het hoogwaardige esthetische ontwerp, de ornamentiek en de interieurafwerking (in samenhang met het exterieur). Er is geen sprake van een hoogwaardig esthetisch ontwerp, hoogwaardige ornamentiek of een hoogwaardige interieurafwerking. Wel kan gesproken worden van een zogenoemde ‘waarheid en karakter’ van de bouw. De toegepaste bouwmaterialen passen bij de afleesbaarheid van de functie van de gebouwen en de bouwperiode van de jaren ’30 en ’40. Mede door de gaafheid en relatieve zeldzaamheid van deze bouwwerken is er sprake van een positieve architectuurhistorische waarde. 4) De bouwhistorische waarde heeft betrekking op de geschiedenis van de bouwtechniek, de historische gelaagdheid en het materiaalgebruik. De materialen en bouwwijze van het kantoor en de houten loods hebben, mede door de geringe ouderdom, een indifferente bouwhistorische waarde. De zagerij heeft een belangrijke mate van gaafheid en zeldzaamheid als onderdeel van een industrieel complex van kort na de Tweede Wereldoorlog. Het gaat hierbij vooral om de spantconstructie met de betonnen daken, de lorriebanen, de stalen deuren en de betonnen ramen in de gevels. Deze elementen rechtvaardigen het toekennen van een hoge bouwhistorische waarde aan de zagerij.

5) De gebruikshistorische waarde geeft met de inrichting van een object passend bij de historische functie/het gebruik het belang weer evenals de historische functie zelf en de herinnering aan een historische gebeurtenis en/of prominente bewoner. Zowel de houtloods ten behoeve van het drogen en bewaren van het gezaagde hout als de zagerij verwijzen nog in belangrijke mate naar de historische functie van de houthandel op dit terrein en in dit gebied, waardoor zij een hoge gebruikshistorische waarde hebben.

Bouwhistorisch onderzoek • Weeskinderendijk 213 te Dordrecht • 20 juni 2023

91

6.3 I nterne wa ardestelling Algemeen Uit de contextuele waardestelling blijkt dat de cultuurhistorische waarde van het complex wordt bepaald door de elementen, structuren en bouwwerken die bijdragen aan de afleesbaarheid van de geschiedenis van het gebied als onderdeel van de Dordtse houtindustrie. Deze geschiedenis gaat ver terug in de tijd en heeft zich lange tijd rondom het Papegat afgespeeld. De latere aanpassingen aan de gebouwen of het terrein zijn dusdanig recent dat zij geen grote invloed hebben op deze historische ontwikkeling, waardoor zij een indifferente cultuurhistorische waarde hebben.

92

Terrein De verschillende niveaus met de hoge, bebouwde delen langs de dijk en het lager gelegen terrein waar het balkengat was gelegen dragen in belangrijke mate bij aan de historische afleesbaarheid van het complex als houtzagerij. Daarom wordt aan de niveauverschillen een hoge cultuurhistorische waarde toegekend. Eveneens van hoge cultuurhistorische waarde zijn het kantoor, de zagerij en de houtloods als verwijzing naar de houtbewerking ter plaatse die teruggaat tot de 16e eeuw. Deze elementen kunnen als object in hun geheel eveneens als hoog cultuurhistorisch waardevol worden beschouwd. De toegang tot het terrein, de verdichting van het balkengat en de bouw van de grote loodsten doen afbreuk aan de historische context en hebben een indifferente cultuurhistorische waarde. Bouwmassa’s Het kantoor (1938), de houtloods (1947/1948) en de zagerij (1948) hebben hun oorspronkelijke massa behouden en zijn daarmee van hoge cultuurhistorische waarde. De aanbouwen dateren van een latere fase en hebben een indifferente waarde.

Bouwhistorisch onderzoek • Weeskinderendijk 213 te Dordrecht • 20 juni 2023

Gevels kantoor De gevels dragen in belangrijke mate bij aan de verschijningsvorm en de bouwmassa, en hebben een hoge cultuurhistorische waarde. Aangenomen wordt dat zich achter de luiken en aftimmeringen nog vensters van 1938 bevinden die eveneens een hoge waarde hebben. Van indifferente waarde zijn de aanpassingen in de zuidgevel waarbij de deuren hebben plaatsgemaakt voor kozijnen en aan de noordgevel waar een trap met een bordes en een overkapping werd toegevoegd (1958). Gevels houtloods Met uitzondering van de stijlen, die onderdeel zijn van de constructie, hebben de gevels een indifferente waarde. De loods was bedoeld voor het opslaan en drogen van het hout en waren oorspronkelijk volledig open. Gevels zagerij De gevels dragen in belangrijke mate bij aan de industriële context van het terrein en het gebied; tevens verwijzen zij naar de houtzagerij(en) uit het verleden. De gaafheid en de relatieve zeldzaamheid ervan is groot, waardoor de gevels, inclusief de openingen, een hoge cultuurhistorische waarde hebben. Indifferent van waarde zijn de dubbele deuren in de zuidgevel, evenals de dichtgezette openingen in de oostgevel. Daarnaast worden ook de wanden van de slijperij als indifferent beschouwd. Het grootste deel van deze gevels is vrij recent aangebracht en de gaafheid van de nog aanwezige historische elementen is te beperkt om ze hoger te kunnen waarderen.

Dak en -afwerking Het type daken en de afwerkingen behoren tot de bouwperiode waarin de bouwwerken tot stand kwamen en hebben daarmee een hoge cultuurhistorische waarde. Constructie Vrijwel alle constructies dateren uit de oorspronkelijke bouwfasen en hebben een hoge cultuurhistorische waarde.

Bouwhistorisch onderzoek • Weeskinderendijk 213 te Dordrecht • 20 juni 2023

93

Interieur De cultuurhistorische structuren en elementen van het interieur beperken zich slechts tot de zagerij. De volgende elementen en afwerkingen in dit gebouw worden als hoog cultuurhistorisch waardevol beschouwd omdat zij bijdragen aan de geschiedenis van de Dordtse houthandel: • De betonnen kelder; • De betonnen lorriebaan langs de noordgevel; • De rails van de bovengenoemde lorriebaan; • De restanten van de lorriebaan aan de zuidzijde; • De houten vloer op de kelderbak; • De hijskraan aan de noordgevel. In geringere mate dragen de volgende elementen/structuren bij aan de geschiedenis van de houthandel; ze worden als positief cultuurhistorisch beschouwd: • De toiletruimte; • De binnendeur naar het toilet. 94

Bouwhistorisch onderzoek • Weeskinderendijk 213 te Dordrecht • 20 juni 2023

100

8

AFBEELDING: Een gekleurd briefhoofd met reclame van houthandel C. Berger & Zonen Bron: SAR; 4080_1972-225-01

TOT SLOT De economische ontwikkeling van de stad Dordrecht is mede bepaald door de houthandel, die vanaf de toekenning van het stapelrecht voor hout in 1304 steeds verder groeide. Dordrecht had dit recht als enige in het gewest Holland, wat leidde tot een grootschalig houttransport via de Merwede en de Oude Maas en de bijbehorende bedrijvigheid op het Eiland van Dordrecht. De voormalige balkhaven die lange tijd bekend stond als het Papegat was een belangrijk onderdeel van deze bedrijvigheid. Hoewel de balkengaten, die kenmerkend waren voor de traditionele houtindustrie, niet meer aanwezig zijn, is de structuur van het landschap nog duidelijk zichtbaar. Ook de gebouwen langs de dijk van de voormalige houthandel C. Berger en Zn. verwijzen nog naar de geschiedenis van de houthandel in Dordrecht. Aanbevolen wordt om de historische structuren en gebouwen mee te wegen in de herontwikkeling van het onderzochte gebied.

Bouwhistorisch onderzoek • Weeskinderendijk 213 te Dordrecht • 20 juni 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/734/documents/29675