2021 - Welstandsnota Dordrecht.pdf
Tekst van het document
Welstandsnota Begin met lezen
>
Voorwoord Over smaak valt niet te twisten, maar over bouwwerken hebben we allemaal een mening.Om Dordrecht mooi te houden, of liever nog mooier te maken, is het goed dat we een welstandsnota hebben. Daarin staat per gebied beschreven aan welke eisen bouwplannen moeten voldoen, of het nu gaat om nieuwbouw of verbouw. Daarbij maken we wel onderscheid. In de prach ge binnenstad, die in al haar schoonheid ook kwetsbaar is, gelden hogere eisen dan in een buitenwijk. Het Stadsberaad hee nog eens bewezen hoeveel waarde Dordtenaren hechten aan de kwaliteit van de binnenstad. Om die reden hebben we al eerder een Beeldkwaliteitplan opgesteld, dat onderdeel uitmaakt van deze welstandsnota. Toch willen we ook meer vrijheid geven. Er komen welstandsvrije gebieden, zoals op bestaande bedrijventerreinen. Maar ook in woonwijken, als bewoners daar zelf voor kiezen. En de groeiende groep zel ouwers willen we ook le erlijk ruimte geven. Waar we wel welstandseisen stellen, willen we het mensen wel gemakkelijker maken. Door duidelijke criteria per gebiedstype aan te geven, maar ook door de welstandsnota beter te ontsluiten, met behulp van de digitale mogelijkheden. Met één druk op de knop kunnen eigenaren voortaan weten welke eisen voor hun pand gelden. Een belangrijke rol is weggelegd voor de Welstandsen Monumentencommissie, die bouwplannen aan deze nieuwe welstandsnota zal toetsen. Ook bij deze
commissie gaat zorg voor de kwaliteit van de stad samen met een welwillende houding om ini a efnemers te helpen hun plannen te verwezenlijken. Deze welstandsnota zal geen einde maken aan discussies over gebouwen. En dat is maar goed ook. Ten eerste kunnen juist uit die discussies ook weer nieuwe inzichten ontstaan, belangrijk in een stad die het verleden koestert maar ook open staat voor vernieuwing. Ten tweede omdat die discussie juist toont hoe groot de betrokkenheid bij de stad is. Ik zou me meer zorgen maken als we ons in Dordrecht niet meer druk maken over onze omgeving. Piet Sleeking Wethouder
Inhoud 1 Algemeen 1.1 Welstand in Dordrecht 1.2 Opbouw van de welstandsnota 1.3 Rechten en plichten 1.4 Monumenten en beschermd stadsgezicht 1.5 Gebruik van de welstandsnota
2 Welstandsniveaus 2.0 Welstandsniveaus 2.1 Welstandsniveau intensief 2.2 Welstandsniveau ontwikkeling 2.3 Welstandsniveau regulier 2.4 Welstandsniveau welstandsvrij
1 3 5 7 11 15
17 18 19 20 21 22
3 Basiscriteria
25
3.1 Basiscriteria
26
4 Kleine bouwwerken 4.0 Sneltoetscriteria 4.1 Aanbouwen 4.2 Kozijn- en gevelwijzigingen 4.3 Dakkapellen 4.4 Dakopbouwen 4.5 Nokverhogingen 4.6 Erfafscheidingen 4.7 Installa es 4.8 Rolluiken 4.9 Objecten langs auto(snel)wegen 4.10 Reclame 4.11 Geluidschermen
29 30 32 33 34 36 37 38 38 39 39 40 42
5 Gebiedsgerichte criteria 5.0 Inleiding gebiedsgerichte welstandscriteria 5.1 Historische binnenstad 5.2 Historische linten en kernen 5.3 19e-eeuws stedelijk weefsel 5.4 Tuinwijken 5.5 Wederopbouw - Stempelwijken 5.6 Wederopbouw - Stratenwijken 5.7 Randen van de 19e-eeuwse Schil-west 5.8 Woonerfwijken 5.9 Woonwijken na 1990 5.10 Dijklinten 5.11 Industriegebieden- en bedrijfsterreinen 5.12 Landgoederen en buitenplaatsen 5.13 Stedelijke groengebieden 5.14 Buitengebied 5.15 Ontwikkelgebieden
6 Begrippenlijst
45 47 51 59 63 71 75 79 83 87 91 95 99 103 107 111 115
131
Algemeen
1
2
Weeellsta W lsta ls tand ndsn sn o otta ta Do Dord dre rech cht
1.1 Welstand in Dordrecht In de gemeente Dordrecht gelden er regels voor welstand. De regels staan in deze Welstandsnota en zijn er voor het maken van gebouwen en ac viteiten aan bouwwerken. Nieuw is dat de gemeente gebieden hee aangewezen waar geen welstandstoets nodig is. Welstandsnota Dordrecht Deze herziene nota is digitaal toegankelijk via de website www.ruimtelijkeplannen.nl. Een klik op de kaart zorgt voor een koppeling naar de regels die voor de specifieke plek gelden. De gehele nota staat ook op de website van de gemeente Dordrecht: www.dordrecht.nl/welstand. In de Welstandsnota Dordrecht staan de achtergronden van het gemeentelijk welstandsbeleid en de gegevens die nodig zijn voor de welstandstoets: de welstandniveaus per gebied en criteria voor het toetsen van bouwwerken. In de bijlage staan beschrijvingen van de geschiedenis van het Eiland van Dordrecht, de stedenbouwkundige en architectonische opbouw, de kenmerken van de wijken en soms de verwachten ontwikkelingen. De ontwerper kan de informa e in de bijlage gebruiken ter inspira e en voor zijn analyse van de loca e waarvoor hij het ontwerp maakt. In de Welstandsnota Dordrecht gee de gemeente aan hoe ze de bestaande beeldkwaliteiten van de stad waardeert. De nota is er voor de aanvrager van een bouwvergunning, maar ook voor degene die de aanvraag moet beoordelen.
De nota is bedoeld ter voorlich ng en inspira e van aanvragers van bouwvergunningen. Dat kunnen par culieren, projectontwikkelaars of architecten zijn. De nota is de basis voor beoordeling van bouwaanvragen en voor het advies dat de Welstands-
en Monumentencommissie daarover aan het college uitbrengt. Open en duidelijk De gemeente wil met de welstandsnota het toezicht op welstand niet alleen effec ef en klantvriendelijk maken, maar ook open en duidelijk. Opdrachtgevers en ontwerpers nemen al in een vroeg stadium kennis van de toetsingscriteria voor de beoordeling van een aanvraag. Beleggers en eigenaren krijgen de garan e van ruimtelijke kwaliteit in hun gebouwde omgeving. Belang welstandsbeleid De gemeente Dordrecht vindt een goede leefomgeving belangrijk. De verantwoordelijkheid voor een goede leefomgeving dragen we samen: eigenaren, bewoners, beleggers en gemeente. De gemeente behar gt het publieke belang. Hierbij weegt de gemeente de individuele vrijheid van de burger of ondernemer af tegen de ruimtelijke kwaliteit in het algemeen. Bepalend voor de ruimtelijke kwaliteit zijn onder meer het uiterlijk van individuele gebouwen en bouwwerken, het beeld van de gebouwen gezamenlijk, de erfinrich ng en de inrich ng van de openbare ruimte. De welstandstoets is daarbij van belang om te sturen op de kwaliteiten van bouwwerken. Met de welstandstoets wordt het gebouw getoetst in rela e tot zijn omgeving en het gebouw zelf.
cultuurhistorische waarde. Denk aan de historische binnenstad en plekken waar veel mensen komen, zoals doorgaande wegen, winkelcentra en pleinen. Op minder drukke plekken is meer ruimte voor individuele wensen. De gemeente Dordrecht hee daarom gebieden aangewezen waar geen welstandstoets nodig is, bijvoorbeeld in een groot deel van het bedrijvengebied. Deze gebieden zijn welstandsvrij. Welstandstoezicht De Welstands- en Monumentencommissie toetst bouwaanvragen in Dordrecht aan het welstandsbeleid. Hierbij bekijkt zij of de bouwaanvraag voldoet aan redelijke eisen van welstand, zoals die voor deze bouwaanvraag gelden. De gemeente maakt een onderscheid in kleine en grote bouwwerken. Kleine bouwwerken zijn bijvoorbeeld aanen uitbouwen, bijgebouwen, kozijn- en gevelwijzigingen, dakkapellen, erfafscheidingen, dakramen, zonnepanelen, rolhekken en rolluiken. Hiervoor zijn aparte, algemene criteria opgesteld. De toets is eenvoudig, omdat het bijna allemaal meetbare criteria zijn. Ze worden daarom sneltoetscriteria genoemd. Bij kleine bouwwerken kijkt de aanvrager eerst zelf of de bouwaanvraag voldoet aan de redelijke eisen van welstand. Een ambtenaar van de gemeente handelt de aanvraag af. Voldoet het plan niet aan de sneltoetscriteria, dan toetst de Welstandsen Monumentencommissie de bouwaanvraag aan de basiscriteria en gebiedsgerichte criteria.
Het welstandsbeleid telt niet overal even zwaar. Toezicht op de ruimtelijke kwaliteit en beeldkwaliteit van bouwwerken is vooral belangrijk op plekken met Welstandsnota Dordrecht
3
De Welstands- en Monumentencommissie toetst grotere bouwwerken al jd, behalve als deze in welstandsvrije gebieden liggen. Denk bij grotere bouwwerken aan grote veranderingen en volledige nieuwbouw. De commissie toetst deze bouwwerken aan de basiscriteria en aan de gebiedsgerichte criteria. Keuzes In de Welstandsnota Dordrecht is gekozen voor behoud en samenhang op grond van cultuurhistorische, stedenbouwkundige en landschappelijke waarden. De pla egrond van het Eiland van Dordrecht is als een mozaïek: wijken, buurten en polders zijn de vlakken met elk een eigen kleur en karakter. De rivieren, dijken, wegen, spoorlijnen en groenzones vormen als het ware de specie die alles aan elkaar verbindt. Deze netwerken bepalen de structuur van de stad. De kleuren van het mozaïek worden vooral bepaald door de stedenbouwkundige en architectonische opva ngen uit de verschillende perioden van de stad, meestal ondersteund door een bepaalde dominerende func e. Op basis van dat palet zijn er – naast vijf basiscriteria die voor de hele stad gelden – specifieke criteria opgesteld voor de verschillende gebieden. Deze gebiedsgerichte criteria zijn een uitwerking van de basiscriteria, per gebied. De gemeente kan daarmee toetsen of plannen passen binnen de karakteris ek van de verschillende iden teiten die de stad rijk is. Deze gebiedsgerichte aanpak is een belangrijke pijler van het welstandsbeleid.
Verder zijn er verschillende welstandsniveaus voor verschillende delen van het Eiland van Dordrecht. Er zijn gebieden met hoge kwaliteitseisen en een intensieve toets tot gebieden waarvoor geen toets nodig is. Er zijn vier welstandsniveaus: intensief, ontwikkeling, regulier en welstandsvrij.
4
Welstandsnota Dordrecht
Flexibiliteit Opva ngen over welstandsbeleid veranderen. Daarnaast komen er nieuwe buurten en gebouwen bij en verandert de structuur van wijken. De Welstandsnota Dordrecht is daarom een dynamisch document waarop soms herzieningen en aanvullingen nodig zijn. De gemeente vindt ook dat afwijkingen van het welstandsbeleid mogelijk zijn, mits goed gemo veerd en posi ef beoordeeld door de Welstands- en Monumentencommissie. Hierbij denkt de gemeente aan bijzondere ruimtelijke ontwikkelingen of vernieuwende bouwconcepten. De criteria geven hiervoor ruimte. De gemeente bevordert op die manier de bouw van bijzondere bouwwerken die een verrijking voor de stad zijn. Structuurvisie Dordrecht 2040 De gemeente hee de hoofdlijnen voor het ruimtelijk beleid vastgelegd in de Structuurvisie Dordrecht 2040 (2013). Hierin beschrij de gemeente de ambi e van Dordrecht als aantrekkelijke, complete centrumstad in de regio; een stad met een sterke sociale, culturele en economische func e voor de Drechtsteden. Een mooie stad, waarin het pre g wonen en werken is. Dordrecht wil een schone en veilige stad zijn, waarvan de inwoners tevreden zijn over hun leefomgeving. De beeldkwaliteit van de gebouwen en de inrich ng van de openbare ruimte hebben grote invloed op de schoonheid van die leefomgeving.
Het welstandsbeleid draagt bij aan een aantrekkelijke woon- en werkstad Ontwerphandboeken Kwaliteit Openbare Ruimte De gemeente Dordrecht hee een aantal handboeken Kwaliteit Openbare Ruimte. In deze handboeken beschrij de gemeente de standaardkwaliteit voor de inrich ng van de buitenruimte en de daarbij horende inrich ngselementen. Op die manier zorgt de gemeente
voor een duidelijke en aantrekkelijke inrich ng van de openbare ruimte. De handboeken zijn het toetsingskader voor aanpassingen in de openbare ruimte en vullen het welstandsbeleid aan.
1.2 Opbouw van de welstandsnota In de Woningwet staat dat de gemeente bouwplannen alleen op redelijke eisen van welstand mag toetsen als vooraf criteria zijn opgesteld. De gemeente Dordrecht hee deze criteria opgenomen in de Welstandsnota Dordrecht. In de bijlage ‘Wijkbeschrijvingen’ is de ontwikkeling van het Eiland van Dordrecht en die van de verschillende wijken beschreven. Hierin staan de historie, kenmerken en visie per wijk of stadsdeel. De wijkbeschrijvingen geven inzicht in de stedenbouwkundige en architectonische opbouw van de stad en zijn een nu g middel om de ‘genius loci’, de geest en het verhaal van de plek, beter te leren kennen. Welstandsniveaus De gemeente Dordrecht is verantwoordelijk voor de beeldkwaliteit van de stad, samen met bewoners, eigenaren en ondernemers. De gemeente richt haar aandacht voornamelijk op structuren en gebieden die van belang zijn voor het gehele Eiland van Dordrecht. Het welstandstoezicht is intensiever als het gaat om gebieden die het beeld van de stad bepalen. Hier komen immers meer mensen langs. De gemeente verlangt voor deze gebieden van de opdrachtgevers en ontwerpers een meer dan gemiddelde kwaliteit. In de woongebieden ligt de verantwoordelijkheid voor de beeldkwaliteit vooral bij de eigenaren. Het welstandstoezicht richt zich hier vooral op het behoud van de bestaande ruimtelijke kwaliteit.
Voor enkele gebieden legt de gemeente de verantwoordelijkheid voor de beeldkwaliteit van de bebouwing geheel bij anderen. In deze gebieden gelden wel de regels van bestemmingsplan en eventueel een
beeldkwaliteitplan, maar vindt er geen welstandstoets plaats. De vier welstandsniveaus intensief, regulier, ontwikkeling en welstandsvrij worden beschreven in hoofdstuk 2.
architectonisch ontwerp. Bij deze toets kijkt de commissie naar de esthe sche kwaliteiten van het bouwwerk, in het bijzonder de goede maatverhoudingen, opbouw, detaillering en het materiaal- en kleurgebruik.
Welstandscriteria De gemeente toetst bouwwerken waarvoor een bouwvergunning verplicht is aan basiscriteria, sneltoetscriteria en/of gebiedsgerichte criteria. De sneltoetscriteria gelden voor kleine bouwwerken en niet in gebieden waarin een intensief welstandsniveau geldt of voor monumenten. In de sneltoetscriteria staan onder meer de maximale afme ngen van een dakkapel. Ze zijn eenduidig en objec ef toetsbaar. De basiscriteria en de gebiedsgerichte criteria zijn beschrijvend en a ankelijk van de omgeving en daardoor meer subjec ef. Aanvragers van bouwvergunning moeten deze criteria zelf vertalen naar hun ontwerp. De aanvrager kan die vertaling afstemmen met de Welstands- en Monumentencommissie, in een vooroverleg.
Sneltoetscriteria Bij kleine bouwwerken kijkt de aanvrager eerst zelf of de bouwaanvraag aan de sneltoetscriteria voldoet. In deze sneltoetscriteria zijn de plaats, de vorm, de maat, het materiaal en de kleur van het bouwwerk vastgelegd. Daarna toetst een deskundige ambtenaar de bouwaanvraag aan de sneltoetscriteria. Voldoet het plan niet aan de sneltoetscriteria, dan moet het aan de basiscriteria en gebiedsgerichte criteria voldoen. De Welstands- en Monumentencommissie toetst dan de aanvraag.
Basiscriteria Elk nieuw gebouw of elke wijziging daaraan moet voldoen aan de basiscriteria. De Welstands- en Monumentencommissie gebruikt deze algemene criteria om te toetsen hoe het gebouw in zijn stedelijke of landelijke omgeving past en hoe het gebouw er op zichzelf uitziet. De commissie toetst of het bouwwerk wat vorm, groo e en opbouw van de bouwmassa betre past binnen de stedenbouwkundige structuur of het landschap, bij de omliggende gebouwen en in het openbaar gebied. De commissie toetst het bouwwerk zelf op composi e, uitdrukkingskracht en het
Kleine veelvoorkomende bouwwerken zijn: aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen, kozijnen gevelwijzigingen, dakkapellen, erfafscheidingen, rolhekken, rolluiken, airco-units en reclame. De sneltoetscriteria worden niet toegepast in gebieden met een intensief welstandsniveau of voor monumenten. Gebiedsgerichte criteria Het welstandsbeleid is gebiedsgericht. De gemeente hee voor het Eiland van Dordrecht vij ien gebiedstypen beschreven. Een gebiedstype is herkenbaar door overeenkomsten in ontstaansgeschiedenis, func onele, stedenbouwkundige en architectonische kenmerken. Per gebiedstype zijn de basiscriteria uitgewerkt naar gebiedsgerichte welstandscriteria. De gebiedsgerichte Welstandsnota Dordrecht
5
criteria zijn gebaseerd op de stedenbouwkundige en architectonische karakteris ek van het betreffende gebied. Deze criteria zijn een aanvulling op de basiscriteria waaraan het bouwwerk moet voldoen. Daarnaast geven de criteria aan welke gewaardeerde karakteris eken uit de omgeving in het ontwerp kunnen worden gebruikt.
Indeling in gebiedstypen yp Historische binnenstad Historische linten en kernen 19e-eeuws stedelijk weefsel Tuinwijken Wederopbouw - stempelwijken
Gebiedstypen
Ontwikkelgebieden zijn gebieden die ruimtelijk ingrijpend veranderen en waar veel nieuwbouw komt. De gemeente toetst bouwplannen voor ontwikkelgebieden aan de basiscriteria. Of aan het beeldkwaliteitplan, als de gemeente dat voor het gebied hee vastgesteld.
Historische binnenstad Historische linten en kernen 19e-eeuws stedelijk weefsel
Wederopbouw - stratenwijken Randen van de 19e-eeuwse schil - west Woonerfwijken
Tuinwijken Wederopbouw - stempelwijken Wederopbouw - stratenwijken Randen van de 19e-eeuwse schil - west Woonerfwijken
Wijken na 1990 Dijklinten Industriegebieden en bedrijventerreinen
Wijken na 1990 Dijklinten
Landgoederen en buitenplaatsen
Industriegebieden en bedrijventerreinen Landgoederen en buitenplaatsen Stedelijke groengebieden Buitengebied Ontwikkelgebieden
Stedelijke groengebieden Buitengebied Ontwikkelgebieden
Beschermd stadsgezicht
Beschermd stadsgezicht
Welstandsniveaus intensief welstandsniveau regulier welstandsniveau ontwikkeling welstandsvrij hoofdroutes
Welstandsniveaus intensief welstandsniveau regulier welstandsniveau ontwikkeling welstandsvrij hoofdroutes
6
Welstandsnota Dordrecht
1.3 Rechten en plichten Dit hoofdstuk beschrij de procedures rond de welstandstoets en de rol van de verschillende par jen. De samenstelling en werkwijze van de Welstands- en Monumentencommissie is uitvoerig beschreven in de nota Welstand in Ontwikkeling, die in 2014 door de Gemeenteraad is vastgesteld. Welstandsbeoordeling Het college van burgemeester en wethouders is verantwoordelijk voor het verlenen of weigeren van een vergunning voor bouwac viteiten. De gemeente toetst de aanvraag op een aantal aspecten. Een van de aspecten is welstand: past een gebouw in zijn omgeving en voldoet het gebouw op zich aan ’redelijke eisen van welstand’. De criteria waaraan een plan moet voldoen zijn beschreven in de welstandsnota. Om te kunnen beoordelen of een bouwwerk voldoet aan redelijke eisen van welstand vraagt het college advies aan de Welstandsen Monumentencommissie. Sinds 1 maart 2013 is het college niet langer verplicht een welstandsadvies te betrekken van een ona ankelijke commissie, maar in Dordrecht hee het gemeentebestuur besloten dit in beginsel wel te doen. Afwijken welstandsadvies Het college neemt in de meeste gevallen het advies van de Welstands- en Monumentencommissie over. Het college kan van het advies afwijken, als het van mening is dat de commissie de criteria niet juist hee geïnterpreteerd of niet de juiste criteria hee toegepast.
Het college kan ook om andere redenen, bijvoorbeeld van economische of maatschappelijke aard, van het advies afwijken.
In alle gevallen moet het college zijn besluit mo veren. Als het college aan het welstandsadvies twijfelt, kan het een second opinion vragen aan een andere Welstandsen Monumentencommissie.
alleen voor alle nieuwe gebouwen en verbouwingen waarvoor een bouwvergunning verplicht is, maar ook voor bouwwerken waarvoor een bouwvergunning niet verplicht is.
Uitzonderingsclausule Zowel het college als de Welstands- en Monumentencommissie hee de mogelijkheid om, in uitzonderlijke gevallen, af te wijken van de gebiedsgerichte welstandscriteria. Deze afwijkingen zijn uitzonderingen en dienen schri elijk te worden gemo veerd. Het gaat bijvoorbeeld om een gebouw met een bijzondere publieke func e, dat niet voldoet aan de gebiedsgerichte criteria, maar een zodanige kwaliteit hee , ook naar het oordeel van de Welstandsen Monumentencommissie, dat de gemeente toch wil dat het wordt gebouwd. De gemeente beoordeelt een gebouw dat valt onder de uitzonderingsclausule, alleen op grond van de basiscriteria. Onder de uitzonderingsclausule vallen gebouwen met een bijzondere waarde, zoals een unieke verschijning, een bijzondere func e of bijzondere architectonische waarde. Het niveau van ‘redelijke eisen van welstand’ ligt in deze gevallen uiteraard hoog. De gemeente vindt het redelijk om hogere eisen te stellen aan de zeggingskracht en het architectonische kwaliteit van een gebouw, naarmate het zich sterker onderscheidt van de omgeving.
Het is een exces als een bouwwerk of een deel daarvan op overduidelijke wijze - dus ook voor niet-deskundigen - in erns ge mate in strijd is met ‘redelijke eisen van welstand’. Het gaat dan al jd om erns ge ontsiering van een gebouw of een gedeelte daarvan in rela e tot de omgeving. Van erns ge ontsiering kan sprake zijn als: • een bouwwerk of een gedeelte daarvan in extreme staat van verwaarlozing verkeert • een bouwwerk of een gedeelte daarvan door het gebruik van sterk met de omgeving contrasterende kleuren en/of versieringen van de gevel, waaronder reclame, de samenhang van het straatbeeld erns g verstoort • een bouwwerk zich visueel of fysiek afsluit voor zijn omgeving • een bouwwerk of gebouw gedeeltelijk is afgebrand • een bouwwerk een te grove inbreuk is op wat in de omgeving gebruikelijk is (zie hiervoor de gebiedsgerichte welstandscriteria) • bij aanpassing van een bouwwerk architectonische bijzonderheden worden vernie gd dan wel ontkend • er kwalita ef laagwaardig materiaal is gebruikt, waardoor op korte termijn verval zal optreden of is opgetreden.
Excessenregeling en handhaving Het college van B&W hee de mogelijkheid om repressief tegen welstandsexcessen op te treden. Dit geldt niet
In een gebied met een intensief welstandsniveau is eerder sprake van een exces dan in een gebied met het reguliere welstandsniveau. De Welstands- en Welstandsnota Dordrecht
7
Monumentencommissie toetst of een bouwwerk onder de excessenregeling valt. Andere kaders voor bouwwerken dan de Welstandsnota Dordrecht Bestemmingsplan (Omgevingsplan) Het bestemmingsplan is het we elijke instrument dat op basis van de Wet ruimtelijke ordening aan gronden een bestemming gee , plus de daarbij behorende bebouwings- en gebruiksmogelijkheden. In de Woningwet (ar kel 12 derde lid) is bepaald dat het bestemmingsplan voorrang hee op de welstandseisen. Ook de stedenbouwkundige voorschri en van de bouwverordening komen voor de welstandseisen. In het ar kel is vastgelegd dat de Welstands- en Monumentencommissie deze voorrangsregeling moet toepassen bij haar advisering. Een welstandstoets mag dus geen bouwmogelijkheden in de weg staan, die in het bestemmingsplan aan de loca e zijn toegekend. Bouwbesluit Het Bouwbesluit regelt niets over welstandseisen en -toetsing, maar hee wel invloed op de vorm en ruimte van een bouwwerk. In het Bouwbesluit staat bijvoorbeeld dat een balkonhek één meter hoog moet zijn en niet overklimbaar. In dat geval kan het zijn dat er geen horizontale spijlen in het balkonhek mogen. Structuurvisie (Omgevingsvisie) De gemeente Dordrecht hee de ruimtelijke structuren en ontwikkelingskaders voor de stad en zijn wijken vastgelegd in de Structuurvisie Dordrecht 2040 (2013). 8
Welstandsnota Dordrecht
In de Structuurvisie staan rich ngen en hoofdlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling van het Eiland van Dordrecht voor de periode tot 2040. Het gemeentebestuur gebruikt de structuurvisie als toetsingskader voor beslissingen over de ruimtelijke inrich ng van het Eiland van Dordrecht. In de structuurvisie komen de stads-, verkeers-, water- en landschapsstructuur aan de orde. Monumentenzorg en Archeologie Cultuurhistorie is belangrijk voor de iden teit en de stedelijke ontwikkeling van Dordrecht. De gemeente hee haar visie op monumenten en archeologie vastgelegd in de nota Dordrecht maakt geschiedenis (2004-2010). De gemeente stree naar duurzame instandhouding van cultuurhistorische waarden, geplaatst in rela e tot de hedendaagse en toekoms ge stad. Het rijk hee in Dordrecht twee beschermde stadsgezichten aangewezen: de historische binnenstad en een deel van de negen ende-eeuwse schil. De Welstandsen Monumentencommissie toetst wijzigingen aan monumenten of in beschermd stadsgezicht en bekijkt of de monumentale waarden voldoende in stand blijven. Op www.monumentenzorgdordrecht.nl staat de restaura ehandleiding met daarin de toetsingscriteria. Ruimtelijk beleid voor specifieke onderwerpen De nieuwe Welstandsnota Dordrecht vervangt de welstandsnota uit 2004. Andere nota’s die betrekking hebben op welstand blijven van kracht.
Het betre bijvoorbeeld de nota’s over dijken, het reclamebeleid en de beeldkwaliteitplannen. De toetsingscriteria voor welstand staan in de welstandsnota. In geval van twijfel volgt de Welstands- en Monumentencommissie
de Welstandsnota Dordrecht. Voor de historische binnenstad staan de belangrijkste toetsingscriteria voor welstand in het Beeldkwaliteitplan Binnenstad (2014). Deze is dan ook integraal onderdeel van de Welstandsnota Dordrecht. Wel of geen vergunning Een bouwplan moet voldoen aan diverse regels, onder andere regels voor veiligheid en beeldkwaliteit. Het bouwplan moet ook passen binnen de regels van het bestemmingsplan. De aanvraag omgevingsvergunning is sinds oktober 2010 onderdeel van een Wabo-aanvraag (Wabo = Wet algemene bepalingen omgevingsrecht). Ook de monumentenaanvraag is onderdeel van de Waboaanvraag. Het bouwplan is: • Vergunningvrij of • Vergunningplich g met reguliere voorbereidingsprocedure of • Vergunningplich g met uitgebreide voorbereidingsprocedure. Voor sommige bouwwerken is geen bouwvergunning nodig. Dit kunt u checken met de Vergunningcheck op het Omgevingsloket online. Via het Omgevingsloket online kunt u ook uw vergunning aanvragen. De gemeente toetst bouwvergunningvrije plannen vooraf niet op redelijke eisen van welstand. Op basis van de excessenregeling kan de gemeente wel ingrijpen, nadat het bouwwerk is gemaakt. Zorg dus dat uw gebouw in ieder geval aan de basiscriteria voldoet.
Bouwwerken waarvoor een vergunning verplicht is, moeten voldoen aan de welstandscriteria in de Welstandsnota Dordrecht. Taak Welstands- en Monumentencommissie Hoofdstuk 9 van de gemeentelijke bouwverordening (2017) handelt over samenstelling, inrich ng en werkwijze van de Welstands- en Monumentencommissie. Uitgebreide informa e over de samenstelling en werkwijze van de commissie staat in de nota Welstand in Ontwikkeling (2014). De Welstands- en Monumentencommissie toetst bouwwerken waarvoor een bouwvergunning is vereist. De commissie baseert haar advies op de criteria die in de welstandsnota staan. Daarnaast adviseert de commissie bij wijzigingen aan monumenten. De commissie baseert haar advies voor monumenten zowel op de Welstandsnota Dordrecht als op de Erfgoedverordening Dordrecht. De ambtelijk secretaris van de Welstands- en Monumentencommissie toetst kleine bouwwerken aan de sneltoetscriteria en de restaura ehandleding. Als een klein bouwwerk niet voldoet aan de sneltoetscriteria, toetst de Welstands- en Monumentencommissie het bouwplan aan de gebiedsgerichte criteria. Supervisie Opdrachtgevers werken bij grote ontwikkelingsprojecten vaak met een supervisor of andere planbegeleiders, zoals een kwaliteitsteam.
De opdrachtgever dient in zo’n geval de afstemming tussen de planbegeleiders en de Welstands- en Monumentencommissie zorgvuldig te regelen, zodat de commissie haar rol zo goed mogelijk kan vervullen.
Openbaarheid vergaderingen commissie De Welstands- en Monumentencommissie vergadert openbaar. Iedereen kan de toetsing van de bouwplannen door de commissie bijwonen. De voorzi er van de commissie beslist of iemand ook het woord mag voeren. De aanvrager of zijn adviseur mag al jd een toelich ng geven op zijn bouwplan. Vaak vraagt de commissie een toelich ng aan ambtelijke deskundigen op het gebied van stedenbouw of monumentenzorg. Van de vergadering wordt een verslag gemaakt en versterkt aan de aanvrager. Vooroverleg De aanvrager kan verzoeken of hij zijn bouwplan aan de commissie mag voorleggen, voordat de vergunning formeel is aangevraagd. Dit vooroverleg is in principe openbaar, maar de voorzi er kan beslissen, op uitdrukkelijk verzoek van de indiener van het bouwplan, om privacy redenen, het bouwplan besloten te behandelen. Ook van het vooroverleg wordt een verslag gemaakt. Samenstelling commissie De Welstands- en Monumentencommissie bestaat momenteel uit vijf leden: een voorzi er tevens stedenbouwkundige, een burgerlid, een architect, een restaura edeskundige en een bouwhistoricus. De leden zijn ona ankelijk van het gemeentebestuur en zi en maximaal zes jaar in de commissie. Een ambtenaar ondersteunt de commissie als secretaris. Deze secretaris is contactpersoon voor de commissie, maakt het verslag van de vergaderingen en toetst kleine bouwwerken aan de sneltoetscriteria.
Zie voor meer informa e de nota Welstand in Ontwikkeling (2014) Aanvraag De opdrachtgever is erbij gebaat een architect in de arm te nemen voor het maken van een ontwerp. Een architect hee ervaring met het maken van ontwerpen en de presenta e ervan en van het indienen van bouwplannen. Bovendien kent de architect het bouwproces. Voorafgaand aan een ontwerp voor nieuwbouw maakt de architect een analyse van de omgeving en gee aan hoe hij hiermee is omgegaan. De aanvraag bestaat uit: • een aanvraagformulier • duidelijke tekeningen op schaal, waarbij het bouwplan is ingetekend in zijn omgeving • bij nieuwbouw een analyse van de omgeving en toelich ng wat hiermee is gedaan • ander toelichtend materiaal, zoals foto’s, eventueel een maque e, detailtekeningen, materiaal- en kleurmonsters e.d. De tekeningen moeten duidelijk zijn, meerdere kanten van het plan toelichten en op schaal gemaakt. De maatvoering moet op tekening zijn aangegeven. De aanvrager moet de volgende tekeningen indienen: pla egrond van de loca e in zijn omgeving met noordpijl, pla egronden van het gebouw (bij een verbouwing voor en na de wijzigingen), Welstandsnota Dordrecht
9
-
geveltekeningen (bij een verbouwing voor en na de wijzigingen), doorsneden (bij een verbouwing van voor en na de wijzigingen).
Op het aanvraagformulier moeten ook de kleuren en materialen worden aangegeven. De eisen voor indiening zijn verder te vinden op het Omgevingsloket online. Evalua e welstandstoetsing De Welstands- en Monumentencommissie maakt jaarlijks een verslag voor de gemeenteraad. Hierin beschrij de commissie wat er in dat jaar in de commissievergaderingen is gebeurd. In het jaarverslag legt de commissie ook uit waarom in bepaalde gevallen van het welstandsbeleid is afgeweken (uitzonderingsclausule). De commissie kan in het jaarverslag verder aanbevelingen doen voor het gemeentelijke ruimtelijke kwaliteitsbeleid en de welstandsnota. Ook het college van burgemeester en wethouders legt minimaal eens per jaar verantwoording af. In dit verslag aan de gemeenteraad zet het college onder andere uiteen, hoe is omgegaan met de adviezen van de Welstands- en Monumentencommissie en of de excessenregeling is toegepast. Ook vermeldt het college het aanvragen van second opinions. Deze gegevens kunnen ook worden opgenomne in het jaarverslag van de commissie. De gemeenteraad kan naar aanleiding van het jaarverslag opdracht geven om het welstandsbeleid aan te passen.
10
Welstandsnota Dordrecht
Het jaarverslag is voor de gemeente een middel om te toetsen of de Welstandsnota Dordrecht nog voldoet als leidraad voor beleid.
1.4 Monumenten en beschermd stadsgezicht 1.4.1 Monumenten De meeste mensen denken bij een monument aan een waardevol en oud bouwwerk, zoals een kasteel, kerk of een fraai woonhuis. Een monument kan echter meer zijn. Ook eenvoudige arbeiderswoningen, lantaarnpalen, sluizen of fabrieksgebouwen kunnen het zijn. Een monument kan één gebouw zijn, maar ook een complex van meerdere bij elkaar horende objecten met hun omgeving. En het kan ook een onbebouwd terrein zijn, zoals een park, een tuin of een dijkstructuur. Er is onderscheid tussen rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten. Een rijksmonument is een object of complex dat, zoals de Erfgoedwet (2017) stelt, van algemeen belang is wegens schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde. De waarden voor rijksmonumenten worden bepaald aan de hand van wat er in Nederland aan monumenten te vinden is. Een rijksmonument is beschermd vanaf het moment dat het door de minister is ingeschreven in het register van beschermde monumenten, ook wel de rijksmonumentenlijst genoemd. Een gemeentelijk monument is, zoals de Erfgoedverordening Dordrecht stelt, van algemeen belang wegens schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde. Dit zijn dus dezelfde waarden als bij rijksmonumenten, maar bepaald aan de hand van wat er op het Eiland van Dordrecht allemaal te vinden is.
Een gemeentelijk monument is beschermd vanaf het moment dat burgemeester en wethouders hebben besloten.
Aanwijzing van monumenten Voor de aanwijzing van een rijksmonument neemt het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), dan wel de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (RCE) het ini a ef. De minister van OCW beslist over de aanwijzing van een rijksmonument, nadat het college van B&W advies hee uitgebracht. Ten behoeve van de totstandkoming van het advies vraagt de gemeente advies aan de Welstands- en Monumentencommissie. Aanwijzing van gemeentelijke monumenten vindt plaats op ambtelijk voorstel of op verzoek van belanghebbenden. Burgemeester en wethouders nemen het besluit tot aanwijzing. De gemeente hoort de eigenaar en de verzoeker en vraagt advies aan de Welstands- en Monumentencommissie. Criteria De aanwijzing is gebaseerd op criteria, die landelijk en plaatselijk in principe gelijk zijn, maar beoordeeld worden vanuit een andere context. De criteria betreffen de cultuurhistorische, architectonische, stedenbouwkundige en archeologische waarde en verder zeldzaamheid en gaa eid. De criteria voor gemeentelijke monumenten zijn nader uitgewerkt in de gemeentelijke beleidsregel ‘Selec ecriteria aanwijzing gemeentelijke monumenten’ (2010). Wat bijzonder is op plaatselijk niveau, hoe dit op landelijk niveau niet te zijn. Denk bijvoorbeeld aan een pand in Amsterdamse School-s jl, veel voorkomend in Amsterdam, maar schaars in Dordrecht.
Het is dus niet waarschijnlijk dat een Dordts pand in Amsterdamse School s jl hoog genoeg scoort om voor plaatsing op
de lijst met rijksmonumenten in aanmerking te komen, maar gezien de schaarste in Dordrecht maakt het wel kans om op de gemeentelijke lijst te komen. De monumentenbeschrijvingen van Dordrecht en een monumentenkaart staan op de website: www. monumentenzorgdordrecht.nl. Wijzigingen aan monumenten Voor het wijzigen van een monument is een Wabovergunning verplicht. De wijziging mag de monumentale waarde van het monument niet onevenredig aantasten. Voor de wijziging van monumenten gelden vaak voor de buitenkant dezelfde eisen als voor wijzigingen van andere gebouwen. Voor monumenten is echter het behoud van het nog aanwezige oorspronkelijke en unieke materiaal en vormgeving van belang. Vooral als het materiaal en die vormgeving mede de monumentale waarde van het pand bepalen. Een ander verschil is dat bij monumenten vaak ook het casco en het interieur waardevol zijn. De gemeente vraagt de aanvrager om voor te wijzigen onderdelen een bouwhistorische verkenning te laten doen. Op basis van de bouwhistorische verkenning kan de gemeente concluderen dat nader onderzoek nodig is. Procedureel is het belangrijkste verschil met een gewoon pand, dat voor de meeste wijzigingen een vergunning nodig is, de Wabo-vergunning. Voor wijzigingen aan rijksmonumenten is in bepaalde gevallen (func onele wijziging, wijziging van de interne structuur, gedeeltelijke Welstandsnota Dordrecht
11
AA T TR DS
DA
NH AV E
Papendrecht
PA D
TH
AN
HE
OL
M
DA
ER
VA N
FD
SC
HA
IKS
TR
AA T
BENEDEN MERWEDE MERW
D PA
EKAD
N
HA VE
AV E SH
DE
JK
AT
DI
TRA
RIE
ERS
TIJ
K
SIN HA SC
VE
SW
ENED
HO
G.
UT
EG
IJK
ST
RI
AT N
EL
GRO
KR
HA VE
ING
UI
BA GI JN HO F
LCK
EN
EG
NS RA TE ST
VR
VARD
IES
EW
EG
EG
SPUIW
IN
IJK
GE
SD
L
ER
RIJSIN
LS
ISW
ST . JO
EK
SLU
RA
BL
VAN S T
ST
HO
OULE
W
S. V AN
SPUIB
EU
OG
ACHT E
RS
KE
AK
RH
NI
SP
ROM
SEN PRIN
N
KA
NDIJ
LOO T
S
BOOGJES
LK
HA VE
TIJ
OM
IS AR
AT
STRA
AT
G AN
G
RA
VOORSTRA
ST
AT
VIS
KA
RAA T
STATENPLEIN
N
N
AC
RDE
ERS
SCHEFFERSPLEIN
AV E
HA VE
E HT
IJN
NST
GOV
EH
M
Een stadsgezicht kan bijvoorbeeld een oude stad binnen de stadsmuren of singels zijn, zoals de binnenstad van Dordrecht, die nog grotendeels zijn oorspronkelijke middeleeuwse structuur hee . Maar het kan ook een woonwijk zijn, die gebouwd is volgens een bepaald stedenbouwkundig plan.
NOO
STEE
UV
BO
WA N
EW AN
KT
AR
NM
KE
R VA
H
LE
N
N AV E
IEU
NG
GROTE MARKT
N
WE
N
OO
LA
L
A IK
T
VE HA
BLAUW POORTS PLEIN
DE
AT
GE
N
ES
RA
ORD
ITE
EV
ST
E OTTO DICKEPLEIN
NO
BU
AL W
EN
VEST
1.4.2 Beschermd stadsgezicht De Monumentenwet van 1988 beschrij het stadsgezicht als een groep van onroerende zaken die van algemeen belang zijn wegens hun schoonheid, hun onderlinge ruimtelijke of structurele samenhang, dan wel hun wetenschappelijke of cultuurhistorische waarde. In de groep moeten zich wel één of meer monumenten bevinden.
SH
OU
EI
WIJ
OM N Z
PL
ER
ER
ER
TO R
A
M DE
T
S LU
VE
AS
W
AS
MA
EV
EG
OL W
EW
W
MS
DI
DA
NG
ER
JK
Zwijndrecht
IN
YPSIN
RD
RT CU
GEL
HAVE
Beschermde stadsgezichten worden aangewezen door de minister van Onderwijs, Cultuur en Welzijn (OCW) en de minister van Infrastructuur en Milieu (IM).
NSTR
STATIONS WE
G
ALBE
AN
D
BO
GEL
FE
RO TT
VE
MERWEHOO
RI
Als u met een monument aan de slag wil, is het aan te raden om zo snel mogelijk contact op te nemen met het gemeentelijk vakteam Erfgoed. Deze monumentenzorgers kunnen u adviseren over het omgaan met bouwtechnische mankementen aan uw monument, over subsidiemogelijkheden en de procedure voor de Wabo-vergunning. Als u de plannen goed voorbereidt, verloopt de formele procedure soepeler en wordt de termijn vaak verkort.
OO
AN
AV I
BU
RG
. SL OB
BE
LA
NOORDPARK
EIL
AN
OORD
sloop en reconstruc e) bovendien een advies van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed vereist.
AAT
DE RAA
OR
DTSING
AN
JE
R PA
K
ON UL TO
SE
LA
AN
RE
EW
EG
ST
SK EE
TRANSV AALSTR
AAT
JK
N
DI
A TLA OO
ME
IN
OM
DE
KR
W
OO
EL
RE
ND
IJK
BURG.
NICOLAAS MAESSINGEL
Beschermde stadsgezichten: historische binnenstad en deel negen ende eeuwse Schil
12
Welstandsnota Dordrecht
Eind 1987 is de gehele historische binnenstad van Dordrecht aangewezen als beschermd stadsgezicht. In 2013 is een groot deel van de negen ende-eeuwse schil van Dordrecht aangewezen als beschermd stadsgezicht. De gemeente kan binnen een beschermd stadsgezicht beeldbepalende panden aanwijzen, al dan niet op verzoek. Beeldbepalende panden leveren een duidelijk aandeel aan het karakteris eke beeld van het beschermd stadsgezicht. Om te beoordelen of een pand beeldbepalend is kijkt de gemeente naar de maatverhoudingen van het pand in rela e tot de omgeving, de gevelindeling, de verhouding tussen open en gesloten vlakken in de gevel, de detaillering en het materiaal- en kleurgebruik. Aanwijzingsprocedure beschermd stadsgezicht De ministers van OCW en IM wijzen in Nederland beschermde stads- en dorpsgezichten aan. Het doel van de aanwijzing is het behoud van de historische karakteris eken van een gebied en de zorg dat, via een beschermend bestemmingsplan, de karakteris eken onderdeel uit blijven maken van de toekoms ge ontwikkelingen. Ook kan de aanwijzing voor de gemeente aanleiding zijn om sturend op te treden ten aanzien van de architectonische vormgeving. De bescherming hee nadrukkelijk niet als doel om de bestaande situa e te bevriezen. Veranderingen blijven nodig en mogelijk.
In een beschermd stadsgezicht is de samenhang tussen de structuur van de bebouwing en de openbare ruimte beschermd, niet de individuele panden. Die worden beschermd door aanwijzing tot monument. De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed nam in het verleden het ini a ef voor een aanwijzing tot beschermd stadsgezicht.
Inmiddels hee het rijk besloten om in principe geen nieuwe beschermde stadsgezichten meer aan te wijzen. Nieuwe wetgeving maakt het mogelijk om cultuurhistorische waardevolle structuren, en zelfs gebouwen, te beschermen via het bestemmingsplan. Criteria De criteria voor aanwijzing tot beschermd stadsgezicht zijn de aanwezigheid van intrinsieke stedenbouwkundige kwaliteit, bijzondere historische betekenis, stedenbouwkundige betekenis in ruimere omgeving en de gaa eid en zeldzaamheid van de genoemde kwaliteiten. Wijzigingen binnen beschermd stadsgezicht Over alle wijzigingen binnen een beschermd stadsgezicht brengt het vakteam Erfgoed advies uit. In de Wabo is bepaald dat het in beschermde stadsgezichten verboden is bouwwerken geheel of gedeeltelijk te slopen zonder vergunning van het College van Burgemeester en Wethouders. Doorgaans verleent de gemeente de sloopvergunning pas, als er een goedgekeurd nieuwbouwplan ligt. Deze regel dient ter voorkoming van de aantas ng van het beschermd stadsgezicht door grote gaten in de vaak karakteris eke gesloten gevelwanden. Wijzigingen en nieuwe toevoegingen moeten passen binnen de stedenbouwkundige structuur van het gebied, zowel qua rooilijn, hoogte, massa, verpanding en verkavelingsrich ng. De gemeente formuleert voor nieuwbouwini a even doorgaans ruimtelijke randvoorwaarden (nadere eisen). Het bestemmingsplan maakt dit mogelijk.
Nadat de Welstands- en Monumentencommissie advies over deze ruimtelijke randvoorwaarden hee uitgebracht, stellen de
Een monument in de 19e-eeuwse schil: Rozenhof
Welstandsnota Dordrecht
13
verantwoordelijk wethouder ze vast. De gemeente hee voor het beschermd stadsgezicht binnenstad in 2014 het Beeldkwaliteitplan Binnenstad vastgesteld. Dit is een integraal onderdeel van deze welstandsnota. Inventarisa e en waardering Het na onale monumenten inventarisa eproject 1850– 1940 hee een vervolg gekregen in de vorm van een inventarisa e van architectuur en stedenbouw uit de periode 1940–1965, de wederopbouwperiode. Uit de laatste inventarisa e hee de minister van OCW een top 100 vastgesteld. In de gemeente Dordrecht staan geen top 100 monumenten. De gemeente hee zelf wel oog voor het belang van haar naoorlogs erfgoed, met name bij de aanwijzing van gemeentelijke monumenten. De gemeente vindt het belangrijk om de kennis over en de waardering van de wederopbouwgebieden te vergroten. Betrokken par jen, zoals woningbouwcorpora es en andere eigenaren, bewoners, maar ook ontwikkelaars en stedenbouwkundigen zijn verantwoordelijk voor een cultuurhistorisch geïnspireerde planontwikkeling in deze gebieden. Het gaat de gemeente niet alleen om het behoud van objecten en complexen, maar ook van stedenbouwkundige of landelijke structuren. De gemeente hee bijvoorbeeld voor geheel Dordrecht West een cultuurhistorische analyse laten maken ter inspira e van de herstructurering in dat gebied. En voor het landelijk gebied is de gemeente medeopdrachtgever van de cultuurhistorische atlas.
14
Welstandsnota Dordrecht
Lijst met monumenten De meeste rijksmonumenten in Dordrecht staan in de historische binnenstad en de negen ende-eeuwse schil. Hier staan ook de meeste gemeentelijke monumenten. Inmiddels zijn er ook gemeentelijke monumenten in Dubbeldam en het landelijk gebied en de gemeente werkt nog verder aan de uitbreiding van de gemeentelijke monumentenlijst. Dakenlandschap Het dakenlandschap bepaalt in belangrijke mate het monumentale stadsbeeld in de beschermde stadsgezichten van de historische binnenstad en negen ende-eeuwse schil. De gemeente besteedt hieraan bij de gebiedsgerichte criteria voor deze gebieden extra aandacht.
1.5 Gebruik van de welstandsnota In het op de volgende pagina afgebeelde schema kunt u zien welke welstandseisen voor uw bouwwerk van toepassing zijn. Of u een vergunning nodig hee voor uw bouwwerk kunt u nakijken op de Vergunningcheck van het Omgevingsloket online. Er zijn drie typen bouwwerken: • Vergunningvrije bouwwerken (arƟkel 2, bijlage II van het Bor) Het gaat om kleinschalige bouwwerken in het achtererfgebied en het plaatsen van dakramen, zonnepanelen en dergelijk. In alle gevallen zijn er echter op grond van het Besluit Omgevingsrecht (Bor) voorwaarden aan verbonden, met name over de omvang. Het bestemmingsplan vormt voor deze categorie bouwwerken geen toetsingskader. Ook gelden er geen welstandscriteria. Wel zijn het Bouwbesluit en de excessenregeling van kracht. • Vergunningvrije bouwwerken onder voorwaarden (arƟkel 3, bijlage II van het Bor) Het gaat om bouwwerken waar geen vergunning voor nodig is, als ze voldoen aan de voorwaarden uit ar kel 3, bijlage II van het Bor en passen binnen de regels van het geldende bestemmingsplan (of andere planologische regeling). De gemeente toetst dergelijke bouwplannen vooraf niet op welstand (met uitzondering van dakkapellen in het voordakvlak). Op verzoek kan de Welstands- en Monumentencommissie het plan wel toetsen.
De regels met betrekking tot onder meer veiligheid en gezondheid uit het Bouwbesluit en het burenrecht, zoals vastgelegd in het Burgerlijk Wetboek,
gelden ook nog steeds. De aanvrager moet er zelf voor zorgen dat aan deze regels wordt voldaan. • VergunningplichƟge bouwwerken Is uw plan niet vergunningvrij, dan moet u een Wabovergunning aanvragen voor uw bouwwerk. De gemeente toetst uw plan aan verschillende beleidsdocumenten en wet- en regelgeving. Vooral het bestemmingsplan is een belangrijk document. Daarnaast toetst de gemeente het bouwplan aan de sneltoetscriteria voor kleine bouwwerken of grote bouwwerken aan de basiscriteria en de gebiedscriteria uit de Welstandsnota Dordrecht.
Gemeente Dordrecht Spuiboulevard 300 3311 GR Dordrecht secretariaatWMC@dordrecht.nl 078 – 770 49 50
Digitale toegankelijkheid Op de website www.dordrecht.nl/welstand wordt de gehele welstandsnota aangeboden als pdf-bestand. Via de website www.ruimtelijkeplannen.nl krijgt u toegang tot de kerninforma e uit de welstandsnota voor elke specifieke plek in de gemeente. Op de pla egrond van het Eiland van Dordrecht klikt u uw loca e aan of u typt uw adres in. Daarna verschijnt er informa e over het welstandsniveau en de welstandscriteria voor de aangegeven loca e. U kunt er tevens de voor u relevante delen uit de welstandsnota downloaden. Als u vragen hee kunt u via het onderstaande e-mailadres of telefoonnummer contact opnemen met de secretaris van de Welstands- en Monumentencommissie. Met de secretaris kunt u ook een afspraak maken voor de toetsing van uw bouwplan door de Welstands- en Monumentencommissie.
Welstandsnota Dordrecht
15
tĞůŬĞǁĞůƐƚĂŶĚƐĞŝƐĞŶnjŝũŶǀŽŽƌƵǀĂŶƚŽĞƉĂƐƐŝŶŐ͍ 'ĂĞĞƌƐƚŶĂŽĨƵǀŽŽƌƵǁ;ǀĞƌͿďŽƵǁƉůĂŶŶĞŶĞĞŶǀĞƌŐƵŶŶŝŶŐŶŽĚŝŐŚĞĞŌ͗ŬŝũŬŽƉĚĞ ŝŶĨŽƌŵĂƟĞƉĂŐŝŶĂǀĂŶĚĞƌŝũŬƐŽǀĞƌŚĞŝĚŽĨĚŽĞĚĞĐŚĞĐŬŽƉ Ě www.omgevingsloket.nl. ^ƚĂƌƚ
,ĞĞŌƵĞĞŶǀĞƌŐƵŶŶŝŶŐŶŽĚŝŐ͍
NEE ^ƵĐĐĞƐ͊ hŵĂŐƵǁƉůĂŶƵŝƚǀŽĞƌĞŶ͘DŽŐĞůŝũŬ toetst de Welstands- en MonumenƚĞŶĐŽŵŵŝƐƐŝĞŚĞƚĂĐŚƚĞƌĂĨĂĂŶĚĞ ĐƌŝƚĞƌŝĂŝŶĚĞĞdžĐĞƐƐĞŶƌĞŐĞůŝŶŐ (Welstandsnota, hs1.3)
JA
<ŝĞƐƵǁƐŝƚƵĂƟĞ De Welstands- en Monumentencommissie toetst (ver)bouwplannen aan vaste criteria. Ga na welke welstandseisen voor uw ƐŝƚƵĂƟĞŐĞůĚĞŶ͘ ĞƉĂĂůƵǁƐŝƚƵĂƟĞĂĂŶĚĞŚĂŶĚ ǀĂŶĚĞŐĞďŝĞĚĞŶ͘ŝĞǁĞůƐƚĂŶĚƐŶŽƚĂ͕ŚŽŽĨĚƐƚƵŬϮ͘ ŝĞŶƵǁĂĂŶǀƌĂĂŐŝŶŽƉ www.dordrecht.nl/antwoord d ŽĨ op www.omgevingsloket.nll bij ‘Vergunning aanvragen’.
MONUMENT
INTENSIEF Gebied van bijzonder ďĞůĂŶŐ͘
ONTWIKKELING 'ĞďŝĞĚĚĂƚŶŽŐŶŝĞƚ ŐĞŚĞĞůďĞďŽƵǁĚŝƐ͘
REGULIER Gebied zonder ŐƌŽŽƚƐĐŚĂůŝŐĞŽŶƚǁŝŬŬĞůŝŶŐ
WELSTANDSVRIJ Gebied van minder ruimtelijk en openďĂĂƌďĞůĂŶŐ͘
tĞůƐƚĂŶĚƐʹĞŶDŽŶƵŵĞŶƚĞŶĐŽŵŵŝƐƐŝĞƚŽĞƚƐƚĂĂŶ ͻĂƐŝƐĐƌŝƚĞƌŝĂ(Welstandsnota, hs3). ͻ'ĞďŝĞĚƐŐĞƌŝĐŚƚĞĐƌŝƚĞƌŝĂ(Welstandsnota, hs5) ͻZĞƐƚĂƵƌĂƟĞĐƌŝƚĞƌŝĂ ͻDŽŶƵŵĞŶƚĞŶďĞƐĐŚƌŝũǀŝŶŐ
tĞůƐƚĂŶĚƐʹĞŶDŽŶƵŵĞŶƚĞŶĐŽŵŵŝƐƐŝĞƚŽĞƚƐƚĂĂŶ ͻĂƐŝƐĐƌŝƚĞƌŝĂ(Welstandsnota, hs3). ͻ'ĞďŝĞĚƐŐĞƌŝĐŚƚĞĐƌŝƚĞƌŝĂ(Welstandsnota, hs5) ŽĨ ͻĞĞůĚŬǁĂůŝƚĞŝƚƉůĂŶŝŶŶĞŶƐƚĂĚ(www.dordrecht.nl)
/ƐƵǁƉůĂŶŐƌŽŽƚŽĨŬůĞŝŶ͍ <ůĞŝŶ͗Ambtenaar toetst aan ͻ^ŶĞůƚŽĞƚƐĐƌŝƚĞƌŝĂ (Welstandsnota, hs4) 'ƌŽŽƚŽĨďŽƵǁƉůĂŶƉĂƐƚŶŝĞƚďŝŶŶĞŶƐŶĞůƚŽĞƚƐĐƌŝƚĞƌŝĂ͍ Welstands– en Monumentencommissie toetst aan ͻĂƐŝƐĐƌŝƚĞƌŝĂ (Welstandsnota, hs3) ͻĞĞůĚŬǁĂůŝƚĞŝƚƉůĂŶ (www.dordrecht.nl) KĨƵǁƉůĂŶŐƌŽŽƚŽĨŬůĞŝŶŝƐǀŝŶĚƚƵŝŶĚĞtĞůƐƚĂŶĚƐŶŽƚĂ͕ŚƐϰ
tĞůƐƚĂŶĚƐʹĞŶDŽŶƵŵĞŶƚĞŶĐŽŵŵŝƐƐŝĞƚŽĞƚƐƚŵŽŐĞůŝũŬ ĂĐŚƚĞƌĂĨĂĂŶĐƌŝƚĞƌŝĂŝŶĚĞĞdžĐĞƐƐĞŶƌĞŐĞůŝŶŐ (Welstandsnota, hs1.3) >ĞƚŽƉ͗ǁĞůƐƚĂŶĚƐǀƌŝũŝƐŶŝĞƚŚĞƚnjĞůĨĚĞĂůƐǀĞƌŐƵŶŶŝŶŐƐǀƌŝũ͊
16
Welstandsnota Dordrecht
Welstandsniveaus
2
2.0 Welstandsniveaus De gemeente Dordrecht hee een verantwoordelijkheid voor de beeldkwaliteit van de stad, samen met bewoners, eigenaren en ondernemers. Ze richt haar aandacht voornamelijk op structuren en gebieden die van belang zijn voor het gehele Eiland van Dordrecht. Het welstandstoezicht is intensiever in gebieden die het beeld van de stad bepalen, zoals de beschermde stadsgezichten en monumenten. De gemeente verlangt voor deze gebieden meer dan gemiddelde kwaliteit van opdrachtgevers en ontwerpers. Ze stelt daar hogere eisen voor nieuwe bouwwerken en wijzigingen van bestaande bebouwing. In de woongebieden ligt de verantwoordelijkheid voor de beeldkwaliteit vooral bij de eigenaren. De gemeente verzorgt meestal de inrich ng en het onderhoud van de openbare ruimte. Maar waar het gaat om het bouwen aan en om de eigen woning, is vooral de eigenaar verantwoordelijk om er iets goeds van te maken. Het welstandstoezicht richt zich hier vooral op het behoud van de bestaande ruimtelijke kwaliteit. Voor enkele gebieden legt de gemeente de verantwoordelijkheid voor de beeldkwaliteit van de bebouwing geheel bij anderen. In deze gebieden gelden wel de bestemmingsplanregels en eventueel een beeldkwaliteitplan, maar vindt er geen welstandstoets plaats. De gemeente maakt ook welstandsvrije gebieden mogelijk.
De gemeente hee de industrieen bedrijfsterreinen grotendeels aangewezen als welstandsvrij. Uitgezonderd de bedrijfsbebouwing die langs belangrijke (vaar)wegen ligt. De gemeente vindt niet alle gebieden even belangrijk voor de ruimtelijke kwaliteit en het aanzien van het Eiland van Dordrecht. Daarom is er in de Welstandsnota Dordrecht een onderscheid gemaakt in welstandniveaus. Op de welstandniveaukaart is aangegeven welk niveau op een bepaalde loca e van toepassing is. Er zijn op het Eiland van Dordrecht vier welstandsniveaus: intensief, regulier, ontwikkeling en welstandsvrij. 18
Welstandsnota Dordrecht
Welstandsniveaus intensief welstandsniveau regulier welstandsniveau ontwikkeling welstandsvrij hoofdroutes
2.1 Welstandsniveau intensief Het intensieve welstandniveau geldt voor de beschermde stadsgezichten van de historische binnenstad en de negen ende-eeuwse schil, rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en enkele andere plekken met een bijzondere betekenis. Het gaat al jd om gebieden met hoog gewaardeerde cultuurhistorische, architectonische en/of landschappelijke kwaliteiten of een beeldbepalende posi e in de stad. In deze gebieden houden ‘redelijke eisen van welstand’ een hoogstaande architectuur in. Er gelden geen andere criteria voor bouwwerken, maar de criteria worden kri scher toegepast. Bij de presenta e en beoordeling van bouwplannen speelt de omgeving een prominente rol. De Welstands- en Monumentencommissie toetst bouwplannen aan de basiscriteria en de gebiedsgerichte criteria. Voegt het nieuwe gebouw of de verbouwing van een bestaand gebouw zich overtuigend en vanzelfsprekend in de omgeving en is het bouwwerk zelf goed genoeg wat betre composi e, materiaalkeuze, kleur en detaillering. De sneltoetscriteria gelden niet in gebieden met het intensieve welstandsniveau.
Welstandsniveaus intensief welstandsniveau regulier welstandsniveau ontwikkeling welstandsvrij hoofdroutes
Als u een bouwplan hee voor een gebied met een intensief welstandniveau adviseert de gemeente om in een vroeg jdig stadium (de schetsfase) in vooroverleg te gaan met de Welstands- en Monumentencommissie.
Welstandsnota Dordrecht
19
2.2 Welstandsniveau ontwikkeling De gemeente stelt doorgaans beeldkwaliteitplannen vast voor gebieden die in ontwikkeling zijn en dus nog niet (geheel) bebouwd. Deze gebieden vallen onder het welstandsniveau ‘ontwikkeling’. In de ontwikkelgebieden is doorgaans sprake van een omvangrijk bouwplan, waardoor de omgeving ingrijpend verandert. De gemeente vindt voor deze gebieden een beeldkwaliteitplan nodig om een goede en specifieke ruimtelijke kwaliteit te waarborgen. De criteria in een beeldkwaliteitplan richten zich hierop. Op het Eiland van Dordrecht hebben de volgende ontwikkelgebieden een vastgesteld beeldkwaliteitplan: Bedrijvenpark Amstelwijck, Stadswerven, Leerpark, Gezondheidspark, Logis ek Park Dordtse Kil IV en de Zeehaven. Wilgenwende is een woonwijk in ontwikkeling, waarvoor geen beeldkwaliteitplan beschikbaar is. In deze gebieden houden ‘redelijke eisen van welstand’ in dat er sprake moet zijn van kwalita ef goede architectuur, die aansluit bij de in het beeldkwaliteitplan beoogde nieuwe situa e. De gemeente richt haar welstandstoezicht in deze gebieden op de realisa e van een goede ruimtelijke kwaliteit. Als u een bouwplan hee voor een gebied met het welstandniveau ‘ontwikkeling’ adviseert de gemeente om in een vroeg jdig stadium (de schetsfase) in vooroverleg te gaan met de Welstands- en Monumentencommissie.
De gemeente toetst bestaande bebouwing in deze ontwikkelgebieden, die geen deel uitmaakt van de ontwikkelopgave, binnen het reguliere welstandniveau.
20
Welstandsnota Dordrecht
2.3 Welstandsniveau regulier Voor bestaande gebieden waar geen grootschalige ontwikkelingen te verwachten zijn, geldt het welstandniveau regulier. Het ruimtelijk beeld van deze gebieden ligt min of meer vast en kleine veranderingen in de bebouwing zijn nauwelijks van invloed op het totaalbeeld van deze gebieden. Voor bouwwerken die het beeld bepalen vanaf grotere (water)wegen (rivierfronten, stedelijke hoofdontslui ngen, bovenlokale wegen, spoorlijnen en dijken) geldt eveneens een regulier welstandniveau. Het is voor de stad van belang dat de ruimtelijke kwaliteit hiervan goed is. Veel mensen beleven de stad immers vanaf deze routes. Het reguliere welstandniveau beslaat het overgrote deel van het Eiland van Dordrecht. Het betre alle woonwijken, voor zover geen beschermd stadsgezicht, de stedelijke groengebieden, het buitengebied, de hoofdroutes, rivierfronten, spoorlijnen en dijken. In deze gebieden houden ‘redelijke eisen van welstand’ een zorgvuldige vormgeving in. De gemeente toetst de kleine bouwwerken aan de sneltoetscriteria en de grotere bouwwerken aan de basis- en gebiedsgerichte criteria. De gemeente richt haar welstandstoezicht in deze gebieden op het behoud van de bestaande ruimtelijke kwaliteit.
Als u een groter bouwplan hee voor een gebied met het welstandsniveau ‘regulier’ adviseert de gemeente om in een vroeg jdig stadium in vooroverleg te gaan met de Welstands- en Monumentencommissie. Welstandsnota Dordrecht
21
2.4 Welstandsniveau welstandsvrij Geconstateerd is dat niet alle plekken op het Eiland van Dordrecht een even groot ruimtelijk en publiek belang hebben. De gemeente ziet daarom gelegenheid om de komende jaren te experimenteren met welstandsvrije gebieden. In welstandsvrije gebieden toetst de Welstands- en Monumentencommissie bouwplannen niet op redelijke eisen van welstand. In welstandsvrije gebieden blijven de regels uit de bestemmingsplannen wel gelden. Ook geldt in deze gebieden de excessenregeling. Voor vergunningvrije bouwwerken (bijvoorbeeld een dakkappel aan de achterzijde van de woning) hoe geen omgevingsvergunning te worden aangevraagd. Voor dit soort bouwwerken vindt ook geen welstandstoets plaats. Ook voor deze vergunningvrije bouwwerken geldt de excessenregeling. Welstandsvrije gebieden De gemeente experimenteert de komende jaren met welstandsvrije gebieden. De gemeente wil minder regels en minder kosten voor de overheid en bedrijven en burgers. De gebieden die voor welstandsvrij in aanmerking komen zijn: • Industriegebieden en bedrijfsterreinen. • Welstandsvrije woonbuurten op verzoek. • Zel ouwloca es. Bouwwerken langs grotere (water)wegen, rivierfronten, stedelijke hoofdontslui ngen, bovenlokale wegen en spoorlijnen vallen niet onder het welstandsniveau welstandsvrij. Het is voor de stad namelijk van belang dat de ruimtelijke kwaliteit hiervan beter geborgd is.
22
Welstandsnota Dordrecht
Veel mensen beleven de stad immers vanaf deze routes. Daarom geldt voor de bebouwing in de zones van 50 meter vanaf de hoofd(water)wegen en het spoor het reguliere welstandniveau. Voor grote bouwenwerken , die zowel in de 50 meter zone met regulier welstandsniveau als in de welstandsvrije zone zijn gesitueerd, geldt dat ze volledig vallen onder het reguliere welstandsniveau en dus worden getoetst door de Welstands- en Monumentencommissie.
2.4.1 Aangewezen industriegebieden en bedrijfsterreinen De volgende werkgebieden zijn welstandsvrij: • Dordtse Kil I, II en III en Amstelwijck-West, voor zover de bebouwing niet valt binnen 50 meter vanaf de A16, N3, Mijlweg, Rijksstraatweg en Dordtse Kil; • het gebied op de Staart tussen de Papendrechtsestraat, Merwedestraat-Baanhoekweg en de rivier, voor zover de bebouwing niet valt binnen 50 meter van de N3, de Baanhoekweg, de Beneden Merwede en het spoor; • het gebied begrensd door de bus- en taxiverbinding tussen Baanhoekweg en Wielingenstraat, de Baanhoekweg, het spoor, het Spaarbekken en Westergoot, voor zover niet binnen 50 meter van de Baanhoekweg en het spoor; Voor de doorontwikkeling van het Zeehavengebied hee het Havenbedrijf Ro erdam een beeldkwaliteitplan opgesteld. Ten zuiden van de Wieldrechtse Zeedijk wordt een nieuw bedrijventerrein ontwikkeld. Hiervoor is het Beeldkwaliteitsplan Logis ek park Dordtse Kil IV
vastgesteld. Deze bedrijventerreinen vallen onder het welstandniveau Ontwikkeling.
2.4.2 Welstandsvrije woonbuurten op verzoek Een woonbuurt bestaat voor negen g procent uit wonen. Op ini a ef van een meerderheid van de huishoudens in een buurt, kan een buurt met een duidelijke begrenzing (zie de buurtenkaart), welstandsvrij worden. Inwoners nemen het ini a ef met een handtekeningenac e en de gemeente verricht vervolgens een draagvlaktoets. Voorwaarde is dat zeven g procent van de huishoudens in de buurt zelf (bij een respons van tenminste 25 procent) én de huishoudens in het direct aangrenzende gebied (’met uitzicht op’) het voorstel steunen. De bebouwing die direct aan de hoofdroutes ligt, wordt niet welstandsvrij. Hier blij het reguliere welstandniveau van kracht.
2.4.3 Zel ouwloca es College van B&W hee de bevoegdheid om onder voorwaarden zel ouwloca es aan te wijzen als welstandsvrije gebieden. Voorwaarden zijn: • •
dat de bebouwing niet direct grenst aan de grotere (water)wegen en het spoor dat er sprake is van een degelijke stedenbouwkundige structuur, die is verankerd in een bestemmingsplan en kavelpaspoort (bouwregels)
Opdrachtgevers en architecten dragen in welstandsvrije gebieden de verantwoordelijkheid voor de beeldkwaliteit van de bebouwing.
B&W hebben de bevoegdheid om deze buurten, op verzoek van de bewoners na een handtekeningenac e, aan te wijzen als welstandsvrij gebied. De gemeente verricht nog wel zelf een onderzoek naar het draagvlak. Niet welstandsvrij wordt bebouwing in de volgende gebiedstypen: dijklinten, historische linten en kernen, landgoederen en buitenplaatsen. Dit hee te maken met de cultuurhistorische waarde en de aanwezigheid van monumenten. Hier blijven de welstandsniveau’s ‘regulier’ of ‘intensief’ gelden.
Welstandsnota Dordrecht
23
Overzicht van de welstandsvrije woonbuurten op verzoek
24
Welstandsnota Dordrecht
Basiscriteria
3
3.1 Basiscriteria Elk nieuw gebouw of elke wijziging aan een gebouw in Dordrecht moet voldoen aan de basiscriteria. De Welstands- en Monumentencommissie gebruikt deze algemene criteria om te toetsen hoe het gebouw in zijn stedelijke of landelijke omgeving past en hoe het er op zichzelf uitziet. De commissie toetst of het bouwwerk wat de vorm, groo e en opbouw van de bouwmassa betre past binnen de stedenbouwkundige structuur of het landschap, bij de omliggende gebouwen en in het openbaar gebied. De commissie toetst het bouwwerk zelf op composi e, uitdrukkingskracht en het architectonisch ontwerp. Bij deze toets kijkt de commissie naar de esthe sche kwaliteiten van het bouwwerk, in het bijzonder de goede maatverhoudingen, opbouw, detaillering en het materiaal- en kleurgebruik. De gemeente hee voor de verschillende gebiedstypes die voorkomen op het Eiland van Dordrecht de basiscriteria verder uitgewerkt naar gebiedscriteria. Als de gebiedscriteria voor een bepaalde loca e of bouwwerk niet te gebruiken zijn, toetst de Welstandsen Monumentencommissie aan de basiscriteria. Verspreid in de stad komen op beperkte schaal bouwwerken voor, zoals woonwagens, woonboten, civiele kunstwerken (tunnels en bruggen), GSMmasten, geluidschermen en kunst in de openbare ruimte. Dit soort objecten zijn niet specifiek voor een gebied.